drukte van vrachtauto’s bij de douanekantorenaan de grens. Ondanks de Benelux-akkoorden uit1946 duurde het nog tot 3 september 1959, voordater een gezamenlijk douanekantoor met eenaparte loods voor de controle van stukgoederenwerd geopend. Op dat ogenblik reden er per dagal zo’n 1800 vrachtauto’s door de <strong>Essen</strong>se Nieuwstraat.Langs deze weg waren ook tal van expediteursen douaneagentschappen actief met hetverzorgen van de papieren rompslomp voor detransportbedrijven. Vanaf 1967 mochten sommigedouanehandelingen ook op het terrein van deafzender geschieden, zodat de druk van hetvrachtverkeer aan de grens werd verminderd.Kort daarna was het dan ook gedaan met de veleexpeditiefirma’s.Een halve oplossing om het zware verkeer uit dedorpskommen van Nispen en <strong>Essen</strong> kwijt te raken,werd in 1981 geschapen door het in gebruiknemen van een nieuwe weg van Roosendaal totvoorbij <strong>Essen</strong>. Omdat krachtens de Benelux-verdragener geen nieuwe douanekantoren meermochten worden gevestigd, werd voorlopig volstaanmet een post met beperkte bevoegdheden.Het oude kantoor aan de Nieuwstraat bleef indienst, zodat het Nispense Kerkplein min of meerwerd opgeofferd aan het doorgaand vrachtverkeer,dat het dorp hierlangs binnenreed. Het waspas echt afgelopen in 1989, toen de infrastructuuren de bevoegdheden van het kantoor aan denieuwe weg werden uitgebreid. Omdat het meesteverkeer inmiddels al langs de E 19 over Bredaging, passeerden er nog maar zo’n 650 vrachtauto’sper dag. In 1993 werd het hele douanegebeurenaan de grens zelfs volledig geschiedenis.Particulier vervoerNa 1950 werd ook de fiets gemotoriseerd, aanvankelijkin de vorm van een ‘Solex’-brommertjevoor de ouderen, later als een ‘buikschuiver’ vanhet merk Berini, Kreidler of Zündapp voor dejeugd. De gigantische uitbreiding van het wegennetin de jaren zestig en zeventig gaf volop ruimteaan een eigen auto. Het reizen werd van middeltot doel verheven en schiep een nieuwe levensbehoefte.De trein raakte op de achtergrond. Hettoenemend gebruik van de auto leidde tot files opvele wegen en verstoppingen in steden en dorpen.De ‘heilige koe’ bleek toch niet alle oudevervoermiddelen te kunnen vervangen... ◄Bronnen Notulen van de gemeenteraden en ingekomenstukken van de gemeentebesturen in <strong>Essen</strong>,<strong>Kalmthout</strong> en Roosendaal.Literatuur M.C.J. Broos, Geschiedenis der spoorwegenin en om Roosendaal, 1850-1880, Roosendaal1984). E. Keutgens, Een eeuw mobiel met tram enbus. Honderd jaar buurtspoorwegen in de provincieAntwerpen (Antwerpen 1985). M.C.J. Broos, Oorsprong en ontwikkeling vaneen West-Brabants spoorwegknooppunt, 1840-1910, in: Jaarboek Oudheidkundige Kring DeGhulden Roos, 51 (1991), blz. 144-181. J. Bastiaensen, Geschiedenis van <strong>Kalmthout</strong>(<strong>Kalmthout</strong> 1996). M.C.J. Broos, 700 jaar West-Brabant, de West-Brabanders en hun verkeer en vervoer, in: AchLieve Tijd, deel 10 (Zwolle 1995), blz. 221-244. M.C.J. Broos, Ontwikkelingen in het goederenvervoerin West-Brabant, 1851-1930, in: JaarboekOudheidkundige Kring De Ghulden Roos,58 (1998), blz. 116-144. M.C.J. Broos, Een gemiste kans, Opkomst enneergang van Roosendaal als grensstation eninternationaal spoorwegknooppunt, 1854-1996,in: Jaarboek Oudheidkundige Kring De GhuldenRoos, 62 (2002), blz. 120-156. M.C.J. Broos, Roosendaal, een spoorwegknooppuntals 's lands voorportaal in het zuiden,1854-1996 (Rosmalen 2004). M.C.J. Broos, Het station <strong>Essen</strong> als 's landsvoorportaal in een internationale spoorwegverbinding,1854-2004, in: Jaarboek HeemkundekringDe Spijcker, <strong>Essen</strong>, 61 (2004), blz. 54-78.Noten1.Vanuit <strong>Kalmthout</strong> steeg het aantal treinforensenvan 14 in 1896 naar 175 in 1906. In 1910 warener al 258 pendelaars, te verdelen in 119 fabrieksarbeiders,123 dokwerkers en spoorwegmannenen 16 kooplieden en bankbedienden. Tachtig procentvan hen reisden uitsluitend naar en van Antwerpen.2.Dit waren een vrachtkar van Steenbergen, drievan Roosendaal, twee van Oudenbosch, een vanZevenbergen en een van <strong>Essen</strong>.3.Tussen Moerdijk en Rotterdam onderhield deAR een eigen bootdienst. Aan de bouw van bruggenover het Hollandsch Diep, de Oude en deNieuwe Maas viel toen nog niet te denken. Nietalleen was men bang voor de hoge kosten, maarook voor de beschadiging van de pijlers doorsterke stromingen en ijsgang in de winter.18
4.Dit waren een loods voor twee locomotieven,een voorziening voor steenkolen en water, eendraaischijf en een gebouwtje voor het gereed makenvan warmwaterstoven en lampen.5.Het uiterlijk van het oude stationsgebouw van<strong>Essen</strong> is niet bekend. Het was in een classicistischestijl gebouwd en bestond uit een hoog middendeelvan 12 meter lengte met aan weerszijdeneen laag gedeelte van elk 15 meter lengte.Het gebouw had met pannen gedekte zadeldakenen was 12 meter breed.6.Anders dan in Roosendaal had het <strong>Essen</strong>segemeentebestuur geen enkele inbreng bij de uitbreidingenvan het stationscomplex. Het Departementvan Posterijen, Telegrafie en Spoorwegenhad volledige vrijheid van handelen. Zij hoefdealleen verantwoording af te leggen aan de Minister.Over het station en de spoorwegen is danook niets in de <strong>Essen</strong>se raadsnotulen te vinden.De <strong>Essen</strong>se gemeenteraad bestond veelal uitlandbouwers en kleine zelfstandigen. Zeldenduurde een vergadering langer dan een uur. Dikwijlstelde de agenda maar drie punten. Alle besluitenwerden ‘eenpariglijk’ genomen. Er wasnauwelijks of geen discussie. Dit was wel inschrille tegenstelling met Roosendaal.7.Pas na de Eerste Wereldoorlog werden in Belgiëinvoerrechten op allerlei goederen en ook oplevend vee geheven. Onder toezicht van de douanewerden in de quarantainestallen alle dierengewogen en van een oormerk voorzien.ColofonDit artikel is eerder gepubliceerd onder de gelijknamigetitel ‘Verkeer en vervoer in <strong>Essen</strong>, <strong>Kalmthout</strong>en Roosendaal’ in de bundel ‘GrenzeloosGeheugen. Aspecten van de geschiedenis vanRoosendaal, <strong>Essen</strong> en <strong>Kalmthout</strong>’ (Roosendaal2000), blz. 70-87. In deze versie zijn redactionelewijzigingen en geschiedkundige aanvullingenaangebracht.Uitgave, tekst en samenstelling,lay-out en opmaak:Marius Broos, Roosendaal, augustus 2015,e-mail: info@mariusbroos.nl© Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigden/of openbaar gemaakt door middelvan fotokopie, microfilm, op digitale of op welkeandere wijze dan ook, zonder voorafgaandeschriftelijke toestemming van auteur enuitgever.19