Beheerkwaliteitsplan

leidschendam.voorburg.nl
  • No tags were found...

Beheerkwaliteitsplan - Gemeente Leidschendam-Voorburg

Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 2

Inhoud

Hoe schoon en netjes moet het buiten zijn? 3

Wat betekent dat voor mijn buurt? 6

Hoe meten we of het schoon en netjes is? 7

Wat doet de gemeente met de resultaten van de schouwen? 9

Jargon en afkortingen - een begrippenlijst 11


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 3

Hoe schoon en netjes

moet het buiten zijn?

Iedereen wil graag wonen in een goed onderhouden en prettige straat.

Ook u stelt bepaalde eisen aan de openbare ruimte. U wilt niet

struikelen over opstaande tegels en u wilt dat de beplanting in uw straat

gezond en groen is. Bovendien verwacht u dat de straat netjes en

schoon is. Kortom, u vraagt een bepaalde kwaliteit van de openbare

ruimte.

De gemeente probeert kwaliteit te leveren met het budget dat zij tot

haar beschikking heeft. De gemeente kan echter niet in elke straat een

plantenbak neerzetten. Zij kan ook niet de bermen buiten de bebouwde

kom net zo vaak maaien en onderhouden als het gazon voor het

gemeentehuis in Leidschendam, waar veel trouwfoto’s worden

gemaakt. Het maken van keuzes is onvermijdelijk.

Om deze keuzes goed te kunnen maken heeft de gemeente

Leidschendam-Voorburg een Beheerkwaliteitsplan opgesteld. Met het

Beheerkwaliteitsplan voor de openbare ruimte geeft de gemeente

antwoord op de vraag: welke kwaliteit willen we waar?

De basis: beeldmeetlatten

De vraag ‘Welke kwaliteit willen we waar?’ geeft al aan dat je iets

nodig hebt om te kunnen bepalen wat kwaliteit nou precies is:

een meetinstrument. Het Beheerkwaliteitsplan heeft zo’n meetinstrument.

Het meetinstrument in het Beheerkwaliteitsplan is niet uit de losse pols

ontwikkeld: zo’n instrument moet voldoen aan bepaalde eisen. Ten

eerste is het belangrijk dat ook niet-vakmensen dit meetinstrument

kunnen begrijpen en toepassen. Alleen dan is een gelijkwaardig gesprek

over kwaliteit mogelijk.

Ten tweede heb je te maken met verschillende meningen over kwaliteit

in de openbare ruimte. Wat de één als goed onderhouden beoordeelt,

is voor een ander iets waar nodig eens iets aan moet worden gedaan.

Meningen over de mate van onderhoud en schoonmaak zijn nu

eenmaal per definitie subjectief. Het meetinstrument moet echter

objectief zijn.

Een instrument dat zowel duidelijk als objectief is, is de beeldmeetlat.

De term ‘beeldmeetlat’ klinkt heel technisch en ingewikkeld, maar is in

feite heel eenvoudig. Een beeldmeetlat is een serie van vijf foto’s. Op de

eerste foto is het onderhoud perfect. Dit is kwaliteit A. Op de vijfde

foto is het onderhoud onaanvaardbaar, zodanig dat het ernstige overlast

geeft en zelfs gevaarlijk is voor de gebruiker. Dit is kwaliteit E.

De beeldmeetlat

Door de vijf foto’s van de beeldmeetlat kan snel gezien worden of het onderhoud perfect, goed, redelijk, slecht of onaanvaardbaar is.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 4

De andere drie liggen daar tussenin. Bij elke foto staat een technische

omschrijving voor vakmensen en een duidelijke tekst voor nietvakmensen.

Met de foto’s en de bijpassende omschrijvingen in de hand

maakt het niet meer uit of je vakman of leek bent: iedereen kan heel

eenvoudig beoordelen of de stoeptegels in een straat van kwaliteit A, B,

C, D of E zijn. Het is simpelweg een kwestie van kijken en vergelijken.

Dankzij de beeldmeetlatten spreken bewoners, onderhoudsmedewerkers,

beleidsmakers en bestuurders dezelfde taal.

Er zijn beeldmeetlatten opgesteld voor de belangrijkste onderdelen in

de openbare ruimte. Het zijn er op dit moment zeventien, variërend van

het gazonbeheer tot de staat van de straatbanken en de maximale

hoeveelheid zwerfvuil op straat of in de struiken. Met deze beeldmeetlatten

kun je vervolgens niet alleen bepalen welke kwaliteit je waar wilt

hebben, maar ook of je die kwaliteit haalt of niet.

Welke kwaliteit waar?

Om te kunnen kiezen voor verschillende kwaliteiten op verschillende

plaatsen is het grondgebied van de gemeente verdeeld in vier

zogeheten beheerniveaus: intensief, aandacht, basis en extensief. 1

Die verdeling is gemaakt op basis van de functie van gebieden. In het

beheerniveau ‘intensief’ zijn bijvoorbeeld alle centrumgebieden

gebundeld, zoals de Herenstraat in Voorburg en winkelcentrum

Leidsenhage. Deze gebieden vragen allemaal om een intensief

onderhoud. Aan het andere eind van het spectrum zijn er de extensieve

gebieden, zoals de strook langs de spoorlijn en Vlietland, die minder

onderhoud vragen.

Aan de vier typen gebieden zijn de kwaliteitsnormen A t/m E van de

beeldmeetlatten gekoppeld. Hiermee is dus bepaald welke kwaliteiten

in de verschillende gebieden worden nagestreefd.

• De gebieden die intensief beheerd worden, moeten in principe de

kwaliteitsnorm ‘perfect’ (A) halen. Plaatselijk zal de kwaliteit af en toe

echter op ‘goed’ (B) uitkomen.

• De gebieden die het beheerniveau aandacht moeten halen, dienen

gemiddeld in het overgangsgebied tussen ‘perfect’ en ‘goed’ (A en B)

te zitten qua onderhoud. Het kwaliteitsniveau ‘redelijk’ (C) mag niet

voorkomen.

• De gebieden die het beheerniveau basis moeten halen, dienen

gemiddeld volgens het kwaliteitsniveau ‘goed’ (B) beheerd te

worden. Kwaliteitsniveau ‘redelijk’ (C) mag her en der voorkomen,

kwaliteitsniveau ‘perfect’ (A) natuurlijk ook, maar er moet absoluut

ingegrepen worden zodra de kwaliteit richting ‘slecht’ (D) gaat.

• De gebieden die extensief beheerd worden, moeten gemiddeld het

kwaliteitsniveau ‘redelijk’ (C) halen. Het kwaliteitsniveau ‘slecht’ (D) is

hier op sommige plekken acceptabel, maar lager (kwaliteitsniveau

‘onaanvaardbaar’, E) niet.

Het zal duidelijk zijn dat de eisen aan een intensief beheerd gazon

hoger liggen dan een grasveld dat gemiddeld de norm ‘basis’ moet

halen. In het volgende hoofdstuk wordt toegelicht wat dit betekent voor

uw buurt.

Werken aan een resultaat

Wanneer je in de basisgebieden streeft naar een kwaliteit B, dan zul je

een bepaalde hoeveelheid onderhoud moeten plegen om die kwaliteit

te halen. Om op de meetlat ‘onkruid in beplanting’ kwaliteit B te behalen

moet je bijvoorbeeld minimaal 7x per jaar schoffelen.

De volgende stap is daarom het maken van een koppeling tussen de

gevraagde kwaliteit en de hoeveelheid werk die de gemeente daarvoor

uitvoert. Zo is voor de gemeente duidelijk wat ze minimaal moet doen

om de gevraagde kwaliteiten te behalen.

Omdat bekend is wat de gemeente voor het behalen en behouden van

elke kwaliteit moet doen, kan ook berekend worden hoeveel dat kost.

De gemeente kan verbanden leggen tussen de keuze voor een bepaalde

kwaliteit, het onderhoud dat daarvoor gepleegd moet worden en de

kosten die dat met zich brengt.

Waarop beoordelen we de

openbare ruimte?

De gemeente Leidschendam-Voorburg heeft meetlatten vastgesteld

voor 17 verschillende werkzaamheden bij het beheren van de

openbare ruimte:

Groen:

Staat gazon - kale plekken

Staat gazon - graskanten

Staat sierheesters - kale plekken

Snoei beplantingsranden

Onkruid in boomspiegels (aan de voet van bomen)

Onkruid in beplanting

Verharding:

Staat asfalt

Staat elementenverharding (klinkers en tegels)

Straatmeubilair:

Staat papierbakken

Staat banken

Staat en scheefstand paaltjes en fietssluizen

Reiniging:

Zwerfvuil op straat

Zwerfvuil in beplanting

Drijfvuil in het water

Onkruid op straat en rond obstakels

Graffiti en aanplakbiljetten

Hondendrollen


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 5

Hierdoor is het nu mogelijk om te kijken wat de gevolgen zijn van

keuzen. De politiek kan bijvoorbeeld kiezen voor een hogere of lagere

kwaliteit en gelijk zien wat de financiële gevolgen zijn. Of er kan bij

bezuinigingen gelijk worden geïnformeerd wat dat betekent voor de

kwaliteit buiten. Ook kunnen accenten worden verlegd en wordt

zichtbaar wat de gevolgen zijn voor het totaal wanneer een specifiek

probleem tijdelijk meer inzet vraagt.

‘Gemiddelde kwaliteit’

Als je het hebt over kwaliteit dan gaat het altijd over een gemiddelde.

Het onderhouden van de openbare ruimte is namelijk altijd een

momentopname. Een straat die net een grote onderhoudsbeurt heeft

gehad, kan er vijf minuten later weer slecht uitzien als gevolg van

bijvoorbeeld een ongeluk of vandalisme. Met andere woorden, de

kwaliteit kan plaatselijk vrij snel van perfect (A) naar onaanvaardbaar (E)

gaan, zonder dat de gemeente daar iets aan kan doen.

De kernvraag is dan: hoe snel reageert de gemeente daarop? Het

antwoord: kwaliteit E wordt in Leidschendam-Voorburg niet geaccepteerd.

Alle gebreken worden dan binnen de gestelde termijn hersteld.

Zulke gebeurtenissen zijn gelukkig een uitzondering: een score D of E is

een uitschieter, een uitzondering op het gemiddelde. De beeldmeetlatten

zijn een middel om zulke uitschieters op te sporen en aan te

pakken, net als het Meldpunt Openbare Ruimte en de ogen en oren van

de wijkteams.

De kwaliteit nu

Tijdens de voorbereiding van het werken met beeldmeetlatten is het

grondgebied van de gemeente globaal opgenomen, ‘geschouwd’. Deze

situatieschets wordt gebruikt om toekomstige resultaten mee te

vergelijken en zo de ontwikkeling van de kwaliteit over meerdere jaren

in de gaten te kunnen houden.

Uit de ‘schouw’ bleek dat de gemiddelde kwaliteit in de gemeente op

B ligt. Dit is een bemoedigend resultaat. Aan de andere kant bleek de

kwaliteit plaatselijk af en toe slecht (D) en op een enkele plek zelfs

onaanvaardbaar (E) te zijn. Als de normen van de beheerniveaus gehaald

moeten worden, mag dit niet het geval zijn.

Het wijkplatform beoordeelt jaarlijks hoe het staat met het onderhoud van de wijk.

1) Deze indeling is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met het bedrijf Cyber,

adviseurs voor buitenruimte en organisatie.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 6

Wat betekent dat

voor mijn buurt?

In het vorige hoofdstuk is aangegeven dat de gemeente is verdeeld in

vier beheerniveaus. Hiermee is aan te geven hoe de verschillende

gebieden worden onderhouden. In dit hoofdstuk leest u wat dat

concreet betekent voor uw buurt.

Intensief

De intensief beheerde gebieden worden drukbezocht en zijn belangrijk

voor de uitstraling van de gemeente; ze hebben een ‘representatieve

functie’. Het gaat hier om de winkelcentra Leidsenhage en Koningin

Julianaplein, station Voorburg, het Bestuurscentrum (gemeentehuis

Leidschendam) en de cultuurhistorische centra rond de Herenstraat en

de Sluis.

Deze gebieden moeten er aantrekkelijk, verzorgd en schoon uitzien. Dat

betekent: weinig tot geen onkruid en zwerfvuil, goed onderhouden

groen, geen oneffenheden in de verharding en nauwelijks schade aan

banken, verkeersborden en ander straatmeubilair.

Op de meetlatten is dit vertaald in de kwaliteitsnorm ‘perfect’ (A).

Plaatselijk zal af en toe de kwaliteit op ‘goed’ (B) uitkomen.

Aandacht

Gebieden die beheerd worden volgens het kwaliteitsniveau ‘aandacht’

zijn niet zo representatief of karakteristiek als de intensief beheerde

gebieden, maar ook niet zo ‘gewoon’ als de woonwijken en andere

gebieden die beheerd worden volgens het kwaliteitsniveau ‘basis’. Het

gaat hierbij bijvoorbeeld om begraafplaatsen, de grote doorgaande

wegen en middelgrote winkelcentra.

Deze gebieden zien er nèt wat verzorgder en schoner uit dan de

gebieden die volgens het kwaliteitsniveau ‘basis’ onderhouden worden.

Zeer weinig onkruid en zwerfvuil, nauwelijks oneffenheden in de verharding

en nauwelijks schade aan straatmeubilair.

Op de meetlatten betekent dit dat de gebieden wat betreft onderhoud

gemiddeld in het overgangsgebied tussen ‘perfect’ en ‘goed’ (A en B)

moeten zitten. Het kwaliteitsniveau ‘redelijk’ (C) mag niet voorkomen.

Basis

Zo’n tachtig procent van de gemeente valt onder het beheerniveau ‘basis’.

Het gaat hierbij onder andere om woonwijken, parken, industriegebieden

en sportcentra. De openbare ruimte wordt hier normaal gebruikt.

Deze gebieden zien er in grote lijnen verzorgd, schoon en verkeersveilig

uit. Binnen zekere grenzen zal er wel wat onkruid en zwerfvuil te zien zijn.

Ook kan hier en daar een paaltje scheef staan, een stoeptegel opgeduwd

worden door wortels en een papierbak enigszins zijn beschadigd.

Op de meetlatten betekent dit dat de gebieden gemiddeld volgens het

kwaliteitsniveau ‘goed’ (B) beheerd dienen te worden. Kwaliteitsniveau

‘redelijk’ (C) mag her en der voorkomen, kwaliteitsniveau ‘perfect’ (A)

natuurlijk ook, maar er moet absoluut ingegrepen worden zodra de

kwaliteit richting ‘slecht’ (D) gaat.

Extensief

De groengebieden buiten de bebouwde kom worden minder intensief

onderhouden dan de gebieden binnen de bebouwde kom. We spreken

hier van ‘extensief’ beheer. Het gaat bijvoorbeeld om de groene strook

langs de A4 en recreatiegebied Vlietland.

In deze gebieden wordt geaccepteerd dat het er iets minder schoon en

verzorgd uitziet dan binnen de bebouwde kom. Onkruid wordt minder

bestreden, een zekere hoeveelheid zwerfvuil toegestaan, net als een

bepaalde mate van oneffenheid in de verharding en enige schade aan

het straatmeubilair.

Op de meetlatten is dit vertaald in gemiddeld het kwaliteitsniveau

‘redelijk’ (C). Het kwaliteitsniveau ‘slecht’ (D) is hier beperkt acceptabel,

maar lager dan dat (kwaliteitsniveau E) is ‘onaanvaardbaar’.

Waar welk onderhoud?

De indeling in beheerniveaus betekent in de gemeente

Leidschendam-Voorburg concreet het volgende:

Intensief

Drukbezochte plaatsen (stationsgebied Voorburg, de winkelcentra

Leidsenhage en De Julianabaan, Bestuurscentrum, Damplein)

Cultuurhistorische centra (Oud-Voorburg, Herenstraat, Oud-

Leidschendam, de Sluis)

Aandacht

Grote doorgaande wegen

Stations Laan van NOI en Mariahoeve

Middelgrote winkelcentra (zoals de Damlaan)

Ingangen van Leidsenhage

Plaatsen met een bijzondere functie (zoals begraafplaatsen)

Cultuurhistorische centra (zoals de 'oude straat' van Stompwijk)

Basis

Woonwijken

Parken

Winkelcentra buurtniveau

Monumenten

Sportcentra

Industriegebieden met bedrijven en kantoren

Extensief

Recreatie- of ecologische gebieden

Buitengebied


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 7

Hoe meten we of

het schoon en netjes is?

De beeldmeetlatten zijn bedoeld om gemakkelijk te kunnen beoordelen

of de openbare ruimte er goed uitziet of niet. In dit hoofdstuk zullen we

dieper ingaan op het werken met de beeldmeetlatten. Daarbij komt ook

ter sprake hoe de wijkplatforms er concreet mee aan de slag kunnen.

Wijkplatforms

Dat bewoners en de gemeente dezelfde taal kunnen spreken,

garandeert op zich nog niet dat er ook daadwerkelijk gecommuniceerd

wordt en dat er iets wordt gedaan met de constateringen van

vakmensen en burgers. De gemeente wil dat echter zeer nadrukkelijk

wèl en heeft dan ook het initiatief genomen een netwerk van wijkplatforms

op te zetten. In een wijkplatform zitten bewoners van een

wijk die zich op uiteenlopende terreinen inzetten voor hun wijk.

De jaarlijkse beoordeling hoe het staat met het onderhoud van de wijk

is een van de taken van het wijkplatform.

Dit beoordelen van het onderhoud in de wijk gebeurt tijdens een

zogeheten ‘bewonersschouw’. De leden van het wijkplatform gaan dan

naar een aantal plaatsen in hun wijk. Binnen een straal van 50 meter

nemen zij op wat de kwaliteit is, met behulp van een boekje waarin alle

beeldmeetlatten staan en een schouwformulier. Zij bepalen of de

grasvelden er goed bij liggen, of de papierbakken in orde zijn en of er

paaltjes scheef staan en zo ja, hoe scheef.

Uiteraard kunnen niet op alle ‘schouwplaatsen’ al de verschillende

onderdelen van het formulier ingevuld worden. Niet overal zijn immers

grasvelden, sloten of banken. Vandaar ook dat er op verschillende

plaatsen in een wijk moet worden geschouwd.

Naast het objectief meten met de meetlatten geven de platforms een

algemeen, meer gevoelsmatig cijfer voor de kwaliteit. Onderaan de

schouwformulieren kunnen ze ook nog aanvullende klachten,

suggesties of commentaar kwijt, ook over andere onderwerpen dan het

onderhoud.

Overigens zullen niet alleen de wijkplatforms schouwen; ook de

gemeente zelf zal regelmatig een schouw uitvoeren. Dergelijke

schouwen worden uitgevoerd om bijvoorbeeld de resultaten van de

wijkplatforms nog eens te toetsen, om slechte scores en oorzaken

nader te onderzoeken en/of om bepaalde vaktechnische informatie te

verkrijgen.

Het meten van de kwaliteit met de meetlat.

Dankzij de beeldmeetlatten kan iedereen heel eenvoudig beoordelen in hoeverre de stoeptegels in een straat beschadigd zijn.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 8

Wijkmanagers

In hun contacten met de gemeente zullen de wijkplatforms voornamelijk

te maken hebben met de wijkmanagers. Dat zijn medewerkers

van de afdeling Beheer Openbare Ruimte (BOR), die fungeren als

verbindingspersoon tussen de vakafdelingen en de wijkplatforms/

bewoners.

Het schouwformulier

Wijkmanagers hebben als taak problemen en suggesties uit de wijk neer

te leggen op het juiste bureau binnen de gemeentelijke organisatie. Zij

zullen er ook achteraan zitten als het oplossen van bepaalde problemen

echt te lang dreigt te gaan duren en ze koppelen terug naar de wijkplatforms.

De wijkmanager zal het wijkplatform melden hoe de gemeente

omgaat met knelpunten. Hij/zij zal daarbij uiteenzetten wat de mogelijkheden

zijn, welke stappen worden gezet en wanneer.

De wijkmanagers zijn uiteraard

ook nauw betrokken bij de bewonersschouw.

Ten eerste begeleiden

ze de wijkplatforms bij de

schouw en zorgen ze voor de verwerking

van de schouwgegevens.

Ten tweede zorgen zij in samenwerking

met verantwoordelijke

beheerders van de afdeling BOR

en teamleiders van de afdeling

Wijkbeheer voor de analyse van

de schouwgegevens. Ten derde

melden de wijkmanagers de resultaten

terug naar de platforms en

zorgen zij voor de verwerking van

de gegevens in het wijkjaarplan.

Het wijkjaarplan wordt in het

volgende hoofdstuk toegelicht.

Op deze formulieren kunnen de wijkplatforms hun oordeel over het onderhoud in hun wijk kwijt.

Bij het invullen maken zij gebruik van een boekje waar alle beeldmeetlatten instaan.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 9

Wat doet de gemeente

met de resultaten

van de schouwen?

Het onderstaande hoofdstuk geeft een voorbeeld van hoe de gemeente

om wil gaan met de resultaten van de schouw. Het voorbeeld is fictief

en heeft geen gelijkenis met welke wijk in Leidschendam-Voorburg dan

ook.

Stap 1: analyse schouwresultaten

Uit de verschillende schouwen komt een grote hoeveelheid gegevens

over de kwaliteit, gerangschikt per wijk. Deze gegevens zijn verwerkt in

een spreadsheet, grafieken en bijzonderheden, maar zijn nog niet op

hun waarde beoordeeld. Deze analyse wordt bij de gemeente uitgevoerd.

In deze fictieve situatie zijn de verschillende aspecten van de openbare

ruimte op twintig plaatsen in de voorbeeldwijk geschouwd met de

beeldmeetlatten. Deze resultaten zijn weergegeven in tabelvorm en in

een grafiek. In de tabel en de grafiek vinden we de volgende uitslag op

de beeldmeetlatten:

De uitslagen op de beeldmeetlatten zijn over het algemeen in overeenstemming

met het beheerniveau in de voorbeeldwijk (B), met uitzondering

van de meetlat ‘staat van banken’ (D) en de meetlat ‘graskanten

langs verharding en beplanting’ (C).

De teamleider geeft aan dat de tien banken in de wijk sterk verouderd

zijn en dat vervanging aan de orde is. Het blijkt dat er in het programma

van het volgend jaar nog ruimte is om de vervanging ineens op te

vangen. De teamleider zorgt er intussen in overleg met de beheerder

voor dat er extra aandacht komt voor de banken in Proefwijk zolang

deze er nog staan. Men doet bijvoorbeeld een aanvullende schoonmaakronde

of voert klein schilderwerk uit om de kwaliteit tijdelijk weer op

een aanvaardbaar niveau te krijgen.

De meetlat ‘graskanten langs verharding en beplanting’ wijst uit dat er

een achterstand in het kantensteken is in deze wijk. De teamleider geeft

aan dat de teams tijdelijk extra zijn ingezet op onkruidbestrijding, maar

dat het kantensteken op de planning staat voor de komende maand. In

de groei van het voorjaar vindt jaarlijks een piek plaats, die tijdelijk is en

in de loop van mei is weggewerkt. De score is in dit geval dus een toevallige

momentopname die eenvoudig te verklaren is.

Naast de score op meetlatten zijn er opmerkingen geplaatst, zoals te

zien in het voorbeeld geeft van een ingevuld schouwformulier. Hierop is

bijvoorbeeld aangegeven dat er in de Wijkstraat een dode boom staat.

Op een ander formulier staat dat er een winkelwagentje ligt in de vijver

naast het postkantoor. Dergelijke opmerkingen zijn in wezen niet anders

dan meldingen. Ze worden daarom doorgegeven aan het Meldpunt

Openbare Ruimte zodat ze via de gebruikelijke procedure worden afgehandeld.

Voorbeeld tabel resultaat schouw.

Wanneer we de eerste algemene indruk (gemiddeld C) vergelijken met

het gemiddelde van de beeldmeetlatten (B) valt op dat dit niet overeenkomt.

De mensen geven op gevoel een C, terwijl uit de objectieve

meting blijkt dat het onderhoud op een B-niveau zit. Er moet dus iets

anders aan de hand zijn.

Opmerkingen als ‘fout parkeren’ en ‘teveel blik’ komen opvallend vaak

terug op de ingevulde schouwformulieren. De slechte parkeersituatie

kan een oorzaak zijn van de relatief negatieve beoordeling van de wijk.

De parkeersituatie is echter een probleem dat niet zomaar is opgelost.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 10

Bij de oplossing van deze

problemen zijn de politiek en

meerdere afdelingen betrokken,

waardoor dit meer tijd en energie

vraagt. De schouw geeft een extra

impuls aan de aanpak van dergelijke

problemen.

Voorbeeld tabel

resultaat schouw.

Er zijn ook opmerkingen gemaakt

over de verouderde beplanting in

het parkje bij schouwpunt

nummer 4 in de wijk. Uit navraag

blijkt dat het niet helemaal

duidelijk is wat de oorzaak is van

dit beeld. De beheerder besluit tot

een toetsschouw om er achter te

komen of het hier werkelijk de inrichting betreft of dat het misschien

een snoeiachterstand of verkeerd gebruik is. Uit deze toetsschouw blijkt

dat de betreffende beplanting in het park inderdaad een achterstand in

snoei vertoont, waardoor het door de teamleider wordt meegenomen

in de eerstkomende snoeibeurt.

Stap 2: terugmelding aan wijkplatform

Wanneer duidelijk is welke acties er worden genomen, kan de wijkmanager

de wijkplatforms informeren. Deze terugmelding bestaat uit een

presentatie van de resultaten van de betreffende schouw en een

overzicht van de acties die hieruit voortvloeien of nog openstaan.

Het is duidelijk dat de acties die uit de schouw voortkomen zeer divers

van aard kunnen zijn. Sommige knelpunten zijn vrijwel direct op te

lossen, terwijl andere acties moeten wachten tot er budget is vrijgemaakt.

Dit kan bijvoorbeeld leiden tot een fasering over meerdere jaren

of tot plaatsing op de meerjarenplanning. De wijkmanager heeft als taak

deze diverse omstandigheden ook te melden aan het wijkplatform, al

dan niet met de hulp van de betrokken beheerder, teamleider of vertegenwoordiger

van een andere afdeling.

Stap 4: het wijkbeheerplan

Naast het wijkjaarplan is er ook een wijkbeheerplan. Het verschil tussen

de twee is dat het wijkjaarplan één jaar en het wijkbeheerplan meerdere

jaren bestrijkt. In het wijkbeheerplan kun je bijvoorbeeld informatie

vinden over geplande grotere projecten in de komende jaren. Ook kan

het wijkbeheerplan een verslag bevatten van wat er de afgelopen jaren

in de wijk speelde, of een plan van aanpak bevatten voor de aanpak van

grotere knelpunten in de wijk. Tenslotte is in het wijkbeheerplan een

vergelijking tussen de schouwresultaten van verschillende jaren

opgenomen. Kortom, in het wijkbeheerplan is aangegeven hoe de wijk

zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld, hoe het verder zal gaan met

de wijk en wat de gemeente daar van vindt en mee doet.

Voorbeeld ingevuld schouwformulier

Stap 3: het wijkjaarplan

De wijkmanager heeft verder de taak de resultaten en de belangrijkste

acties te verwerken in een zogeheten wijkjaarplan. In een wijkjaarplan

zijn alle projecten en acties op een rij gezet die in de wijk binnen het

lopende jaar uitgevoerd gaan worden. Het wijkjaarplan bevat daarnaast

een overzicht van de schouwresultaten van het afgelopen jaar en een

overzicht van wat er met die resultaten is gedaan. Het plan wordt

jaarlijks voor elke wijk in de gemeente opgesteld.

De bewoners kunnen op verschillende manieren kennis nemen van het

wijkjaarplan. Het wijkjaarplan is verkrijgbaar bij de servicecentra in de

stadskantoren en is digitaal te vinden bij de wijkinformatie op de gemeentelijke

internetsite www.leidschendam-voorburg.nl.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 11

Jargon en afkortingen

een begrippenlijst

De gemeente probeert ambtelijke taal en technische termen zoveel

mogelijk te vermijden. Dit is echter niet altijd eenvoudig. In deze samenvatting

van het Beheerkwaliteitsplan zetten wij dan ook relevante

afkortingen en veelvoorkomend jargon op het gebied van het beheer

van de openbare ruimte nog even op een rijtje. De begrippenlijst is

bedoeld als naslagwerk. Uiteraard is hij ook nuttig voor mensen die de

originele beleidsstukken van de gemeente (op internet bijvoorbeeld)

erbij willen pakken. Voor de woorden die in de tekst cursief zijn

afgedrukt vindt u de verklaring elders in deze woordenlijst.

Beeldkwaliteit

Dit is het antwoord op de vraag: is het hier schoon en netjes? Het gaat dus om de

indruk die een bepaald gebied (straat, plein, winkelcentrum, park, et cetera)

achterlaat. De beeldkwaliteit wordt volgens een systematiek van beeldmeetlatten

uitgedrukt met een letter, van A voor perfect tot E voor onaanvaardbaar. De

beeldkwaliteit wordt gemeten aan de hand van een schouw.

dat gebied/gebouw. Het gaat dan bijvoorbeeld om wonen, werken, winkelen,

recreëren, et cetera.

Opnameformulier

Zie: schouwformulier

Schouw

Het op een aantal punten in de wijk aan de hand van beeldmeetlatten bekijken

hoe het staat met het onderhoud en dus met de kwaliteit van de openbare

ruimte. Dit kan gebeuren door de gemeente, maar ook door bewoners verenigd

in wijkplatforms.

Schouwformulier

Het formulier waarop de deelnemers aan de schouw aan de hand van de

verschillende beeldmeetlatten kunnen aangeven hoe het staat met het

onderhoud. Ook wel opnameformulier genoemd.

Beeldmeetlat

Een serie van vijf foto’s van het onderwerp dat wordt beoordeeld, zoals bijvoorbeeld

de kwaliteit van het gazon, de onkruidbestrijding, de betegeling, de speeltoestellen,

de beplanting, de paaltjes, het zwerfvuil, de verlichting, et cetera. De

eerste foto (A) laat de toestand in perfecte omstandigheden zien. Op de laatste

foto (E) is het onderhoud onaanvaardbaar. De andere drie liggen daar in

afnemende kwaliteit tussenin. De beeldmeetlatten worden gebruikt tijdens de

schouw.

Beheerkwaliteitsplan

Het plan waarin de gemeente uiteenzet welke gebieden op welke wijze schoongemaakt

gaan worden en welke kosten daar tegenover staan.

Beheerniveau

De mate waarin een bepaald gebied schoongemaakt moet worden. Een winkelcentrum

en een begraafplaats moeten bijvoorbeeld beter onderhouden worden

dan een gemiddelde woonwijk of een buitengebied als recreatiegebied Vlietland.

Er zijn vier beheerniveaus: intensief, aandacht, basis en extensief.

BOR

De afdeling Beheer Openbare Ruimte (BOR) van de gemeente is verantwoordelijk

voor al het beleid dat te maken heeft met de openbare ruimte. Het gaat daarbij

onder andere om het maken van plannen voor riolering, openbare verlichting,

wijkbeheer, groot onderhoud en herstrating. Grote onderhoudswerken worden

door de gemeente uitbesteed. De afdeling BOR bereidt dit voor en houdt toezicht

op de uitvoering. De afdeling BOR valt onder de directie Wijkzaken.

Entrees

De plaatsen waar men de gemeente binnenkomt, zoals bij de Noordsingel, bij

station Mariahoeve of bij station Voorburg. De eerste indruk op dat moment

bepaalt mede het beeld van de hele gemeente.

Functie

Datgene wat er in een bepaald gebied of gebouw gebeurt, bepaalt de functie van

Straatmeubilair

Alles wat de gemeente, naast het groen en het plaveisel, op straat neerzet en

beheert. Het gaat onder andere om papierbakken, banken, verkeersborden,

straatnaamborden, paaltjes, fietssluizen, verkeerslichten, lantaarnpalen,

verlichting, et cetera.

Verkeersmeubilair

Straatmeubilair dat met het verkeer te maken heeft, zoals verkeersborden,

paaltjes, fietssluizen, verkeerslichten, lantaarnpalen, et cetera.

Wijkbeheer

De afdeling binnen de directie Wijkzaken die verantwoordelijk is voor de feitelijke

uitvoering van de dagelijkse werkzaamheden (klein onderhoud) op het gebied

van straat- en groenbeheer. Grote onderhoudsprojecten, zoals renovaties en

rioleringswerken, worden door de gemeente uitbesteed. Hiervoor is de afdeling

Beheer Openbare Ruimte verantwoordelijk.

Wijkmanager

Medewerker van de afdeling BOR die verantwoordelijk is voor de doorlopende

contacten met de burger over alles wat met de openbare ruimte te maken heeft.

De wijkmanager is de schakel tussen de wijkplatforms/burger en de gemeentelijke

organisatie. Er zijn drie wijkmanagers, die ieder vier wijken in de gemeente

onder hun hoede hebben.

Wijkplatform

Een groep bewoners die zich op uiteenlopende terreinen inzetten voor hun wijk.

Het wijkplatform bespreekt en beoordeelt samen met de verantwoordelijke

wijkmanager onder andere de kwaliteit van het onderhoud van de openbare

ruimte in hun wijk.

Wijkzaken

De directie binnen de gemeentelijke organisatie van Leidschendam-Voorburg die

verantwoordelijk is voor het beheer en het onderhoud van de openbare ruimte.

De afdelingen BOR en Wijkbeheer vallen onder de directie Wijkzaken.


Samenvatting Beheerkwaliteitsplan

Pagina 12

Colofon

Dit is een uitgave van de gemeente Leidschendam-Voorburg

Postbus 905, 2270 AX Voorburg

Telefoon (070) 300 9000, fax (070) 320 1302

e-mail: info@leidschendam-voorburg.nl

website: www.leidschendam-voorburg.nl

Vormgeving en opmaak: Reprografische dienst Leidschendam-Voorburg

Tekst: Elwin Lammers en Cyber, adviseurs voor buitenruimte en organisatie

Fotografie: Sacha Romantschenko, André van den Bos en gemeente Leidschendam-Voorburg

Druk: De Groot Drukkerij bv, Goudriaan

Oplage: 1000

April 2006

De gemeente Leidschendam-Voorburg heeft aan de samenstelling van deze uitgave uiterste

zorg besteed. Het is evenwel niet uit te sluiten dat gegevens inmiddels zijn achterhaald of

verwachtingen wekken. Aan deze publicatie kunnen dan ook geen rechten worden ontleend.

More magazines by this user
Similar magazines