Alphen

westmaasenwaal.nl

Bijlage 5 : Alphen herontwikkeling Valksestraat/Driehuizenstraat ...

Alphen

Herontwikkeling

Valksestraat/Driehuizenstraat

Geohydrologisch onderzoek en advies

Gemeente West Maas en Waal

mei 2009

defintief


Alphen

Herontwikkeling

Valksestraat/Driehuizenstraat

Geohydrologisch onderzoek en advies

dossier : B8624-01-001

registratienummer : ON-D20081867

versie : 2

Gemeente West Maas en Waal

mei 2009

defintief

© DHV B.V. Niets uit dit bestek/drukwerk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt d.m.v. drukwerk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande

schriftelijke toestemming van DHV B.V., noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

Het kwaliteitssysteem van DHV B.V. is gecertificeerd volgens ISO 9001.


DHV B.V.

INHOUD

BLAD

1 INLEIDING 2

1.1 Aanleiding 2

1.2 Doel 2

1.3 Onderzoeksmethode 2

2 VALKSESTRAAT/DRIEHUIZENSTRAAT, WEST MAAS EN WAAL 3

2.1 Ligging 3

2.2 Ontwikkelingen 4

2.3 Verhard oppervlak neemt toe 4

3 GEOHYDROLOGISCH ONDERZOEK 6

3.1 Maaiveldhoogten en afwatering 6

3.2 Bodem 6

3.3 Grondwater 7

3.4 Conclusie/samenvatting 8

4 GEOHYDROLOGISCH EN WATERHUISHOUDKUNDIG ADVIES 9

4.1 Ontwateringsnormen nieuwbouw 9

4.2 Beleid 9

4.3 Waterhuishouding nieuwe situatie 10

5 SAMENVATTING 12

6 COLOFON 13

BIJLAGEN

1 Boorlocaties

2 Boorprofielen

3 Overzicht huidige putdekselhoogtes

4 Foto’s plangebied

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 1 -


DHV B.V.

1 INLEIDING

1.1 Aanleiding

Het huidige terrein aan de Valksestraat en Driehuizenstraat wordt herontwikkeld. Ten behoeve van het

nieuw op te stellen bestemmingsplan dient de watertoets doorlopen te worden. Als onderdeel van deze

toets, moet een geohydrologisch onderzoek en advies opgesteld worden. De resultaten van het

geohydrologisch onderzoek en het advies worden uitgewerkt in de waterparagraaf. De gemeente West

Maas en Waal heeft DHV B.V. gevraagd om dit geohydrologisch onderzoek uit te voeren.

1.2 Doel

Dit geohydrologisch onderzoek is bedoeld als onderdeel van de te doorlopen watertoets en daarnaast

dient het ter onderbouwing van de waterparagraaf zoals deze nodig is voor het wijzigen van de

bestemming van het gebied.

1.3 Onderzoeksmethode

Ten einde een advies te geven over de toekomstige ontwatering en de omgang met hemelwaterafvoer in

het projectgebied, is een literatuurstudie en een veldonderzoek uitgevoerd. De literatuurstudie beschrijft de

situatie op basis van beschikbare bronnen. Hiervoor worden de grondwaterkaart, bodemkaart en mits

beschikbaar in het plangebied, de peilbuisgegevens geraadpleegd.

Het veldwerk bestaat uit een geohydrologisch onderzoek. Het geohydrologisch onderzoek bestaat uit 3

boringen. Waarvan 2 peilbuizen geplaatst zijn voor het bepalen van de grondwaterstand (zie boring nr.

03). Daarnaast zijn de boringen gebruikt om de bodemsamenstelling te bepalen. Tijdens het

geohydrologisch onderzoek zijn de boorlocaties in de X- en Y-richting en ten opzichte van NAP ingemeten.

De resultaten hiervan zijn opgenomen in hoofdstuk 3.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 2 -


DHV B.V.

2 VALKSESTRAAT/DRIEHUIZENSTRAAT, WEST MAAS EN WAAL

2.1 Ligging

De projectlocatie is gelegen in Alphen. De globale ligging van het plangebied is weergegeven in Figuur 1.

Het gehele terrein bestaat uit 4 percelen die heringericht worden. In Figuur 2 is een overzicht weer

gegeven van de nieuwe situatie.

Figuur 1 Topografische ligging projectgebied in Alphen

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 3 -


DHV B.V.

Figuur 2 Overzicht van de herinrichting

2.2 Ontwikkelingen

De bestaande bebouwing is gesloopt. Voor het terrein is een nieuwbouwplan ontwikkeld voor 18

appartementen die de uitstraling krijgen van geschakelde woningen. In het plangebied komen 30

parkeerplaatsen.

2.3 Verhard oppervlak neemt toe

Het verharde oppervlak neemt toe in de nieuwe situatie. Tabel 1 geeft een overzicht van de oude en de

nieuwe situatie. De oppervlakken zijn bepaald op basis van de GBKN en de aangeleverde schets van

Waterborgh wonen van 29 november 2006. De schets is gegeorefereerd aan de hand van de GBKN.

Bij het bepalen van de hoeveelheid verharding van de oude situatie is gebruik gemaakt van “Google

Earth”. Door de kwaliteit hiervan is niet alles duidelijk te zien. Hierdoor is er een type verharding

“onbekend” genoemd. Dit kunnen daken of elementen verharding zijn. Er is een toename van 420 m 2 dit

zit hem voornamelijk in het dak oppervlak dat toeneemt.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 4 -


DHV B.V.

Type verharding Oude situatie Nieuwe situatie Toename

Dak oppervlak [m 2 ] 437 966 529

Verharding oppervlak [m 2 ] 193 636 443

Overig verhard [m 2 ] 552 0 -552

Totaal [m 2 ] 1182 1602 420

Tabel 1 Overzicht toename verhard oppervlak

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 5 -


DHV B.V.

3 GEOHYDROLOGISCH ONDERZOEK

3.1 Maaiveldhoogten en afwatering

Het huidige maaiveld ligt op een niveau van circa 5,00 m +NAP (zie Figuur 3). Aan de noordzijde van het

plangebied ligt een afwateringssloot. Aan het bovenstroomse eind van deze sloot, bij de Driehuizenstraat

kwam in het verleden een riooloverstort uit, deze is dicht gezet.

Volgens het peilbesluit, is het streefpeil van de afwateringssloot ten noorden van het plangebied 3,40 m

+nap in de zomer en 3,10 m +nap in de winter. De sloot valt in de zomer droog.

Figuur 3 Overzicht AHN

Om een indruk te krijgen van de maaiveldhoogtes van het omliggende gebied zijn de putdekselhoogtes

bekeken. Hieruit is op te maken dat deze lager liggen dan de maaiveldhoogtes die gemeten zijn tijdens het

geohydrologische onderzoek. De putdekselhoogtes van de Valksestraat liggen tussen de 4,60 m+nap en

de 4,96 m+nap (zie bijlage 3). Het terrein ligt hoger dan de wegen er om heen.

De bestaande verharding in het plangebied was in de oorspronkelijke situatie aangesloten op een

gemengd rioolstelsel.

3.2 Bodem

3.2.1 Lokale bodemopbouw en doorlatendheden

Met het veldwerk, dat is uitgevoerd op 22 september 2008, is de bodemopbouw verkend tot een diepte

van 8 meter -mv (zie bijlage 1 voor de boorlocaties en bijlage 2 voor de boorprofielen).

Bodem opbouw is als volgt:

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 6 -


DHV B.V.

3.3 Grondwater

• De toplaag bestaat uit klei met een doorlatendheid variërend van 0,01 tot 0,6 m/dag. De dikte van

de kleilaag varieert en is gemiddeld 4 meter dik. In boring 1 is tot de verkende diepte van 5 m –

mv klei aangetroffen. In boring 2 ook, maar wordt de kleilaag onderbroken door zand van 3 tot 4

m –mv. In boring 3 bestaat de toplaag uit 4 meter klei.

• Onder de toplaag komt zandig materiaal voor variërend van matig fijn tot matig grof zand met een

k-waarde van 0,8 tot 16 m/dag.

Voor de toekomstige maaiveldhoogte is het met name van belang inzicht te krijgen in de maximale

grondwaterstanden. Inzicht in minimale grondwaterstanden kan van belang zijn voor het risico van

zettingen. Zettingen kunnen plaatsvinden als het grondwater wordt verlaagd (bijvoorbeeld ten behoeve

van een bemaling) onder de gemiddeld laagste grondwaterstand. Daarnaast kan het van belang zijn bij de

aanleg van waterpartijen die te allen tijde watervoerend moet zijn.

Tijdens het veldwerk is de actuele grondwaterstand waargenomen. De GHG en de GLG zijn ingeschat aan

de hand van bodemeigenschappen en kenmerken die gevonden zijn tijdens het veldwerk.

In Tabel 2 zijn de resultaten van het veldwerk weergegeven.

Boring nr. + mv hoogte

in m +nap

Grondwaterstand

September '08

GHG

GLG

m +nap

m +nap

01 – 5,02 4,50 Ca. aan maaiveld 2,02

02 – 5,00 4,25 Ca. aan maaiveld 3,00

03 – 5,16 4,55 Ca. aan maaiveld 2,96

Tabel 2 Gegevens gemeten grondwaterstanden

De GHG is ingeschat aan het maaiveld. Dit zou betekenen dat de grondwaterstanden in een gemiddeld

jaar tot aan het maaiveld stijgen. Op deze locatie hebben echter woningen gestaan. Aangezien er geen

klachten bekend zijn, is het niet waarschijnlijk dat de grondwaterstanden jaarlijks aan maaiveld hebben

gestaan.

De fluctuatie van de grondwaterstanden over het jaar is circa 2 meter.

Uit de “Wateratlas” van de provincie Gelderland blijkt dat het plangebied niet in een

grondwaterbeschermingsgebied ligt.

In de directe nabijheid van het plangebied is geen peilbuis van TNO aanwezig. Op circa 600 meter ten

noorden van het plangebied zijn wel meetgegevens van een TNO peilbuis beschikbaar. Deze meting is

niet representatief voor het plangebied.

3.3.1 Invloed van de Maas op het plangebied

Het dorp Alphen is gelegen aan de rivier de Maas. De Maas heeft direct invloed op de stijghoogte in het

watervoerende pakket (het zandpakket onder de kleilaag) en heeft indirect invloed op de freatische

grondwaterstanden (de grondwaterstanden in de kleilaag). De grote fluctuatie van het grondwater in het

plangebied wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de fluctuatie van de Maas.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 7 -


DHV B.V.

Uit boring 03 in bijlage 2 blijkt dat de stijghoogte in het watervoerend pakket groter is dan de

grondwaterstand in de kleilaag. Dit duidt op een kweldruk.

De kwel is berekend met de formule van Mazure (zie tabel 3). Hierbij zijn de volgende aannames gedaan:

• Doorlaatvermogen conform REGIS;

• Weerstand deklaag: [(polderpeil - onderkant deklaag) / verticale doorlatendheid]

• Verticale doorlatendheid is 0,00124 m/d (gemiddelde van categorie 4 en 5 uit “Modeling hydraulic

conductivity of a complex confining layer at various spatical scales”);

• T=10 hoogwaterpeil conform www.waternormalen.nl

Gegevens plangebied

doorlaatvermogen watervoerend pakket 850 m 2 /dag

weerstand deklaag 3225 Dag

streefpeil winter 3,1 m t.o.v. NAP

Rivierpeil T=10 hoogwatergolf 5,9 m t.o.v. NAP

Afstand plangebied tot rivier 300 M

Berekende waarden volgens Mazure

Labda 1656 M

Stijghoogte plangebied 5,4 m t.o.v. NAP

Kwel ter plekke van plangebied 0,72 mm/dag

Tabel 3 Kwelberekening huidige situatie volgens Mazure

Bij hoogwater in de Maas kan de stijghoogte in het plangebied stijgen tot boven maaiveldniveau, maar

vanwege de hoge weerstand van de deklaag is de kwel ter plekke van het plangebied beperkt.

3.4 Conclusie/samenvatting

Het geohydrologisch onderzoek kan als volgt samengevat worden:

• De maaiveldhoogte in het plangebied is circa 5,0 +NAP en de putdekselhoogtes in de Valksestraat

liggen tussen 4,6 en 5,0 m +NAP;

• De toplaag bestaat uit circa 4 meter klei;

• Onder de toplaag ligt een goed doorlatend zandpakket;

• De GHG is ingeschat aan maaiveld;

• De jaarlijkse fluctuatie van grondwaterstanden is circa 2 meter;

• In het gebied is kweldruk aanwezig.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 8 -


DHV B.V.

4 GEOHYDROLOGISCH EN WATERHUISHOUDKUNDIG ADVIES

4.1 Ontwateringsnormen nieuwbouw

Onder de ontwatering wordt verstaan het verschil tussen maaiveld/aanleghoogte en het grondwaterniveau.

Het plangebied wordt bestemd voor wonen. Voor deze functies wordt als norm een ontwatering van 0,8 m-

mv of 1,0 meter beneden vloerpeil vereist.

4.2 Beleid

4.2.1 Wensen en eisen van de gemeente

De gemeente West Maas en Waal is nauw betrokken bij de herinrichting van het plangebied. Hierbij heeft

zij haar wensen als het gaat om het afvoeren van hemelwater. Deze wensen dienen ervoor dat er minder

hemelwater naar het rwzi gaat en dat er zoveel mogelijk water geborgen wordt in het plangebied.

Om dit te realiseren heeft de gemeente de volgende eisen:

• Er dient zoveel mogelijk hemelwater afgekoppeld te worden;

• Zoveel mogelijk hemelwater bergen in het plangebied;

• Gescheiden aanleg op eigen terrein;

Wensen en eisen specifiek voor het plangebied:

• Het hemelwater van de achterkant en bij voorkeur ook de voorkant van de daken afvoeren naar

oppervlaktewater.

• Indien het hemelwater van de voorkant van de daken niet afgevoerd kan worden naar het

oppervlaktewater aan de achterkant dan minimaal gescheiden aanbieden aan de perceelsgrens

(in de toekomst heeft de gemeente plannen gescheiden riolering aan te leggen waarop

aangesloten kan worden).

Gemeente West Maas en Waal heeft in het afkoppelbeleidsplan vastgelegd dat in nieuwbouwplannen met

een verhard oppervlak groter dan 500 m 2 waarbij de toename aan verhard oppervlak maximaal 500 m 2 is,

20 mm waterberging over het totale verharde oppervlak gerealiseerd dient te worden binnen het

plangebied (zie Afkoppelbeleidsplan versie d2 met kenmerk ON-D20080743, september 2008). Deze

inbreiding valt in deze categorie.

4.2.2 Wensen en eisen van de waterschap

De wensen en eisen van waterschap Rivierenland sluiten aan bij dat wat in paragraaf 4.2.1 beschreven

staat. Aanvullend nog het volgende:

• De afwateringssloot is een A-watergang die door waterschap Rivierenland beheerd moet kunnen

worden. Er dient rekening gehouden te worden met een onderhoudsstrook van 4 meter langs de

afwateringssloot.

• Het water van daken kan rechtstreeks geloosd worden op oppervlaktewater. Het water van

wegen moet via een filter zoals bijvoorbeeld een bodempassage.

• Het water zoveel mogelijk zichtbaar afvoeren naar oppervlaktewater.

• Een eventuele toename aan kwel moet gecompenseerd worden. De extra kwel bij T=10

hoogwater gedurende 10 dagen moet gecompenseerd worden met de realisatie van extra ruimte

in het watersysteem.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 9 -


DHV B.V.

4.3 Waterhuishouding nieuwe situatie

4.3.1 Vuilwaterafvoer

De vuilwaterafvoer blijft in de toekomst aangesloten op het riool in de Valksestraat.

4.3.2 Hemelwaterafvoer

Het hemelwater van voor- en achterzijde wordt bij voorkeur afgevoerd naar de achterzijde en aangesloten

op de afwateringssloot. Het water mag direct op deze sloot geloosd worden.

Conform het afkoppelbeleid zou binnen het plangebied waterberging gerealiseerd moeten worden met een

inhoud van 20 mm berging over het gehele verharde oppervlak. 20 mm x 1600 m 2 is 32 m 3 .

Uit het geohydrologische onderzoek blijkt dat de situatie niet geschikt is voor het infiltreren van

hemelwater, omdat de bodem slecht doorlatend is en omdat de grondwaterstand te hoog is.

Het realiseren van oppervlaktewater binnen het plangebied zou kunnen door de bestaande

afwateringssloot te verbreden. Dit is echter vanuit waterkwaliteitsoogpunt niet wenselijk, omdat dit

gedeelte van de sloot een kopsloot is. Door het wateroppervlak hier te vergroten ontstaat een grotere

waterpartij met stagnant water.

Om bovenstaande reden wordt er niet voor gekozen om waterberging op eigen terrein te realiseren. Het

hemelwater wordt aangesloten op de afwateringssloot. De bergingsopgave wordt meegenomen in het

waterstructuurplan voor heel Alphen dat op korte termijn opgesteld wordt. Het water zal geborgen worden

in een centrale waterberging benedenstrooms van Alphen.

4.3.3 Ontwatering

De GHG (gemiddeld hoogste grondwaterstand) ter plekke van het plangebied is geconstateerd aan het

maaiveld. Op basis daarvan is de ontwatering onvoldoende voor de functie woningbouw.

Er zijn maatregelen nodig ten behoeve van de ontwatering van het plangebied. Aangezien het plangebied

omsloten is door bestaande bebouwing is het niet wenselijk voor de omgeving om het maaiveld 0,8 meter

op te hogen.

De Valksestraat ligt (op basis van de puthoogtes) ongeveer op 4,70 m +NAP. De hoogte van deze

bestaande straat ligt vast. Het voorstel is om voor de nieuwbouw een vloerpeil van 5,2 m +NAP aan te

houden. Het hoogteverschil van 0,5 meter kan opgevangen worden door hoogteverschil aan te brengen in

de groenstroken tussen de weg en het trottoir en tussen het trottoir en de gebouwen. Een hoogteverschil

groter dan 0,5 meter is niet wenselijk.

Het huidige maaiveld van het plangebied en omliggende bebouwing ligt ongeveer op 5,0 m +NAP. Doordat

het vloerpeil van de gebouwen hoger ligt dan het terrein zal de hoogte van het terrein niet veranderen en

blijft een goede aansluiting op omliggende bebouwing gewaarborgd.

Uitgaande van een GHG van 5,0 meter +NAP (aan huidig maaiveld) is de ontwatering bij een toekomstig

vloerpeil van 5,2 m +NAP onvoldoende. Door drainage aan te leggen en deze op een niveau van 4,5

meter +NAP te laten afvoeren in combinatie met kruipruimteloos bouwen wordt voldoende ontwatering

verkregen. De drainage kan afvoeren via de huidige sloot.

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 10 -


DHV B.V.

Door aanleg van drainage zal de afvoer van kwel via het gebied toenemen. In tabel 4 is een

kwelberekening van de toekomstige situatie weergegeven. Het verschil met de berekening van de kwel in

de huidige situatie is dat de dikte van de weerstandbiedende kleilaag waarmee rekening gehouden wordt

in de toekomstige situatie geen 4,0 maar 3,5 meter is.

Gegevens plangebied

doorlaatvermogen watervoerend packet 850 m 2 /dag

weerstand deklaag 2822 dag

streefpeil winter 3,1 m t.o.v. NAP

Rivierpeil T=10 hoogwatergolf 5,9 m t.o.v. NAP

Afstand plangebied tot rivier 300 m

Berekende waarden volgens Mazure

Labda 15491 m

Stijghoogte plangebied 5,4 m t.o.v. NAP

Kwel ter plekke van plangebied 0,82 mm/dag

Tabel 4 Kwelberekening nieuwe situatie volgens Mazure

De kwel neemt toe van 0,72 naar 0,82 mm/dag bij een T=10 hoogwatersituatie in de Maas. Het verschil

moet gedurende 10 dagen geborgen worden. Het gaat om 0,1 mm maal 10 dagen maal 0,3 hectare is 3

m 3 .

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 11 -


DHV B.V.

5 SAMENVATTING

In West Maas en Waal vindt herontwikkeling plaats van een aantal woningen aan de Valksestraat en

Driehuizenstraat. Op de locatie is de bestaande bebouwing gesloopt en wordt nieuwbouw ontwikkeld. Het

verhard oppervlak binnen het plangebied neemt toe met 420 m 2 .

Aan de noordzijde van het plangebied ligt een afwateringsloot.

Uit geohydrologisch onderzoek blijkt dat de toplaag van de bodem bestaat uit een kleipakket. Daaronder

ligt een zandpakket. De doorlatendheid van de eerste 4 meter van de bodem is onvoldoende voor

infiltratie. De grondwaterstand stond tijdens het veldwerk (09-2008) circa 0,5 m-mv. De GHG is ingeschat

aan het maaiveld.

De hemelwater afvoer wordt zo veel mogelijk afgekoppeld van het gemengde rioolstelsel en aangesloten

op de afwateringssloot. Het afvalwater wordt in ieder geval gescheiden aangeleverd aan de

perceelsgrens.

De waterbergingsopgave over het gehele verharde oppervlak is 32 m 3 .

De ontwatering wordt gerealiseerd door kruipruimteloos te bouwen en het toepassen van drainage.

Ophogen is niet mogelijk, omdat het plangebied ‘ingeklemd’ is tussen bestaande bebouwing.

Als gevolg van de aanleg van drainage wordt in de toekomstige situatie meer grondwater afgevoerd. Om

dit te compenseren dient 3 m 3 waterberging gerealiseerd te worden.

De benodigde waterberging wordt niet binnen het plangebied gerealiseerd, omdat dit vanuit

waterkwaliteitsoogpunt niet wenselijk is. De opgave wordt meegenomen in het waterstructuurplan van heel

Alphen. De totale opgave voor dit plangebied is 35 m 3 .

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 12 -


DHV B.V.

6 COLOFON

Gemeente West Maas en Waal/Alphen

ON-D20081867

Opdrachtgever

: Gemeente West Maas en Waal

Project

: Watertoets Valksestraat/Driehuizenstraat

Dossier

: B8624-01-001

Omvang rapport

: 13 pagina's

Auteur

: Rutger Traag

Interne controle

: Evert de Lange

Projectleider

: Evert de Lange

Projectmanager

: Stephan Jansen

Datum : 4 mei 2009

Naam/Paraaf :

Gemeente West Maas en Waal 4 mei 2009, versie 2

ON-D20081867 - 13 -


DHV B.V.

Ruimte en Mobiliteit

Verlengde Kazernestraat 7

7417 ZA Deventer

Postbus 927

7400 AX Deventer

T (0570) 63 93 00

F (0570) 63 93 01

E deventer@dhv.com

www.dhv.nl


BIJLAGE 1

Boorlocaties

Gemeente West Maas en Waal bijlage 1

ON-D20081867 - 1 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 1

ON-D20081867 - 2 -


BIJLAGE 2

Boorprofielen

Gemeente West Maas en Waal bijlage 2

ON-D20081867 - 1 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 2

ON-D20081867 - 2 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 2

ON-D20081867 - 3 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 2

ON-D20081867 - 4 -


BIJLAGE 3

Overzicht huidige putdekselhoogtes

Gemeente West Maas en Waal bijlage 3

ON-D20081867 - 1 -


3.58 3.40

400

3.30 3.18

400

3.35 3.41

4020

5.01

300

4021

4.65

4013

4.96

3.40 3.24

400

3.18 3.20

300

4022

4.51

4014

4.85

3.24 3.14

400

3.20 3.08

300

4023

4.41

4015

4.67

300

3.14 3.03

400

3.08 2.98

4024

4.32

4016

4.60

300

3.03 2.96

400

2.98 2.92

400

2.92 2.94

400

4025

4.22

4018A

4.69

4017

4.86

4018

4.80

2.92 2.82

2.96 2.84

300

2.82 2.74

4019

4.57

400

4026

4.49

Gemeente West Maas en Waal bijlage 3

ON-D20081867 - 2 -


BIJLAGE 4

Foto’s plangebied (na sloop)

Gemeente West Maas en Waal bijlage 4

ON-D20081867 - 1 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 4

ON-D20081867 - 2 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 4

ON-D20081867 - 3 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 4

ON-D20081867 - 4 -


Gemeente West Maas en Waal bijlage 4

ON-D20081867 - 5 -

More magazines by this user
Similar magazines