Jeugdwerk 1

lds.org

Jeugdwerk 1

90

• Wat zeggen we aan het begin van een gebed?

• Wat zeggen we aan het eind van een gebed?

• Wat moet iedereen doen als er gebeden wordt?

Leg uit dat ‘Amen’ aan het eind van het gebed betekent dat we het eens zijn met wat in het

gebed is gezegd.

Laat plaat 1-15, Zegen over het voedsel vragen, zien. Leg uit dat het ook een gezinsgebed is

als we een zegen vragen over het voedsel.

• Wat zeggen we als we een zegen over het voedsel vragen? (We bedanken onze hemelse

Vader voor het voedsel en vragen Hem het te zegenen.)

• Wie kunnen onze hemelse Vader vragen om een zegen over het voedsel?

Wij ontvangen veel zegeningen door het gezinsgebed

Verhaal Vertel, met behulp van knipplaten 1-26 tot en met 1-29, hoe een gezin bad voor een familielid

dat op zending was. U kunt de volgende ideeën gebruiken.

Catherine was een klein meisje. Ze hield van haar familie en wist dat zij ook van haar hielden.

Soms vertelde haar grote broer Paul haar verhalen uit de Bijbel of het Boek van Mormon.

Paul bestudeerde deze boeken omdat hij op zending wilde gaan en andere mensen over het

evangelie wilde vertellen.

Op een dag kreeg Paul een brief. Toen hij de brief opende, was hij erg opgewonden. ‘Ik ga op

zending!’, zei hij. Een paar weken later was Paul klaar om te gaan. Voordat hij wegging,

knielde het gezin neer om gezinsgebed te houden. Catherines vader bedankte onze hemelse

Vader voor de vele zegeningen die hun gezin had ontvangen, en dat Paul op zending kon

gaan. Hij vroeg onze hemelse Vader om Paul te zegenen, hem te beschermen en hem te

helpen een goede zendeling te zijn. Catherine werd helemaal blij van binnen door het gebed.

Ze wist dat onze hemelse Vader Paul zou helpen op zijn zending. Toen Paul op zending was,

baden Catherine en haar familieleden iedere dag voor hem.

Leg uit dat een gezin kan bidden voor iemand die ziek is, of om hulp bij een probleem waar

het gezin mee worstelt, voor een zendeling die de hulp van onze hemelse Vader nodig heeft

en om veel andere redenen. We kunnen over alles bidden wat belangrijk voor ons is. Gebruik

Alma 34:19–27 om de kinderen uit te leggen waar we voor kunnen bidden.

Lees 3 Nephi 18:21 voor. Wijs de kinderen erop dat Jezus heeft beloofd dat wij gezegend

worden als we gezinsgebed houden.

Getuigenis Geef uw getuigenis van het gezinsgebed. Misschien wilt u iets vertellen over een gebeurtenis

waarbij uw gezin door het gezinsgebed versterkt is.

AANVULLENDE

ACTIVITEITEN Verwerk een paar van de onderstaande activiteiten in uw les.

1. Het gezin

Dit is mijn moeder, zo lief en zacht (steek de duim op).

Dit is mijn vader, die vrolijk lacht (steek de wijsvinger op).

Dit is mijn broer, hij is al groot (steek de middelvinger op).

Dit is mijn zus, haar jurkje is rood (steek de ringvinger op).

Ik ben de kleinste, nu opgelet (steek de pink op).

Ons gezin knielt voor het gezinsgebed (maak een vuist).

2. Werp een van de kinderen een zacht voorwerp, bijvoorbeeld een bonenzakje of een bal

toe. Vraag, nadat het kind het voorwerp heeft gevangen, waarvoor hij of zij onze hemelse

Vader in het gezinsgebed kan bedanken. Als ieder kind een beurt heeft gehad herhaalt u

dit, maar nu laat u de kinderen iets bedenken waarom zij onze hemelse Vader kunnen

vragen in het gezinsgebed.

3. Geef ieder kind een velletje papier en kleurpotloden. Laat de kinderen een tekening maken

van hun gezin terwijl ze samen bidden. Schrijf boven iedere tekening: Ik ben blij als wij

gezinsgebed houden.

More magazines by this user
Similar magazines