STAD TURNHOUT RUP “GALGEBEEK” Voorstudie met ... - LNE.be

lne.be

STAD TURNHOUT RUP “GALGEBEEK” Voorstudie met ... - LNE.be

Plannen waarvoor een passende beoordeling vereist is;

o Plannen die niet onder de vorige categorie vallen en waarvoor geval per geval

moet geoordeeld worden of ze aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben >>

“screeningplicht”

o Plannen voor noodsituaties (niet plan-MER-plichtig, maar hier niet relevant).

Op basis van de huidige kennis en stand van zaken betreffende de opmaak van het

RUP Galgebeek kunnen we stellen dat het RUP niet van rechtswege plan-MERplichtig

is, immers:

- De ontwikkeling van het gebied vormt niet het kader voor projecten uit bijlage I

of II van het BVR van 10 december 2004 (project-MER-plicht).

- Aangezien het plangebied zich niet in of in de nabije omgeving van een Natura

2000-gebied bevindt is geen passende beoordeling vereist.

Het RUP Galgebeek valt evenwel onder plannen en programma’s waarvoor geval per

geval moet geoordeeld worden of ze aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben (=

‘screeningsplichtige plannen’). Overeenkomstig hoofdstuk II artikel 3 §1 van het besluit

van de Vlaamse regering betreffende de milieueffectrapportage over plannen en

programma’s, raadpleegt de initiatiefnemer (de gemeente Turnhout) hiertoe op eigen

initiatief en uiterlijk op het ogenblik dat hij de doelstellingen en de reikwijdte van het

voorgenomen plan kan afbakenen, de volgende instanties:

o 1° de deputatie van de provincie, waarop het voorg enomen plan of programma

milieueffecten kan hebben;

o 2° de betrokken instanties afhankelijk van de ligg ing en de mogelijk te

verwachten aanzienlijke effecten van het voorgenomen plan of programma op

in voorkomend geval de gezondheid en veiligheid van de mens, de ruimtelijke

ordening, de biodiversiteit, de fauna en flora, de energie- en

grondstoffenvoorraden, de bodem, het water, de atmosfeer, de klimatologische

factoren, het geluid, het licht, de stoffelijke goederen, het cultureel erfgoed met

inbegrip van het architectonisch en archeologisch erfgoed, het landschap en de

mobiliteit.

Er werd een selectie van de relevante betrokken instanties die in het licht van het

onderzoek naar de plan-MER-plicht dienen aangeschreven te worden, gemaakt. Het

betreft:

Het Provinciebestuur Antwerpen Departement Ruimtelijke Ordening en

Mobiliteit;

Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Vosselaar;

Het Agentschap R-O Antwerpen

Het Agentschap R-O Antwerpen, afdeling Onroerend Erfgoed;

Het Agentschap Wegen en Verkeer, Buitendienst Antwerpen;

Het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) Antwerpen;

De afdeling Lucht, Hinder, Risicobeheer, Milieu en Gezondheid, Dienst Hinder

en Risicobeheer van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE);

De afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid, Dienst Veiligheidsrapportage

(VR) van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE);

De afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid, Dienst Begeleiding

Gebiedsgerichte Planprocessen (BGP) van het Departement Leefmilieu,

Natuur en Energie (LNE);

De afdeling Land en Bodembescherming, Ondergrond, Natuurlijke

Rijkdommen, Dienst Ondergrond Vlaanderen van het Departement Leefmilieu,

Natuur en Energie (LNE)

Het Departement MOW, Mobiliteit en Verkeersveiligheid Antwerpen;

1283863007.doc/wsm/nds – Voorstudie en plan-mer-screening 33

RUP Galgebeek - Turnhout februari 2009

More magazines by this user
Similar magazines