Ga naar de praktische handleiding over de standaardvragenlijsten

isb.colo.ba.be

Ga naar de praktische handleiding over de standaardvragenlijsten

Zo kan een steekproef op een aselecte (op toeval gebaseerd) of op niet-aselecte wijze worden

getrokken. Bij de toevals- of aselecte steekproeven heeft elk element van de populatie een zo groot

mogelijke kans om in de steekproef te worden opgenomen. Dit heeft als gevolg dat je op basis van de

data van een aselecte steekproef conclusies kan trekken ten aanzien van de kenmerken van een

populatie, en dit in tegenstelling met een niet-aselecte steekproef. De steekproef is select (of scheef)

als bepaalde groepen uit de totale populatie onder- dan wel oververtegenwoordigd zijn, met als gevolg

dat je gegevens enkel gelden voor je onderzochte groep. Bij vragenlijsten wil men meestal uitspraken

doen die op de hele populatie kunnen worden toegepast, daarvoor is het noodzakelijke dat de

steekproef op een aselecte manier wordt getrokken.

NIET-ASELECTE STEEKPROEF

Als men niet precies weet wie tot de populatie behoort waarop het onderzoek zich richt, kan geen

aselecte steekproef worden getrokken. Dan zal toevlucht moeten worden genomen tot een nietaselecte

steekproef.

Voor niet-aselecte steekproeven wordt gekozen indien de onderzoeker:

geen uitspraken over de totale populatie wil doen (vb. in de ontwerpfase van enquête)

geen middelen heeft om een aselecte steekproef te trekken (gebrek aan tijd, budget en/of

personeel)

niet goed weet wie tot de populatie behoort (vb. drugsverslaafden)

Men kan een onderscheid maken tussen restrictieve en niet restrictieve steekproeven. In een

gerichte keuze (restrictieve) steekproef worden alleen analyse-eenheden opgenomen die aan

bepaalde vooraf afgesproken kenmerken voldoen. Deze restrictieve steekproeven worden meestal

gebruikt om een grotere representativiteit en/of efficiëntie van de steekproef te verkrijgen.

3.1. Niet-restrictieve steekproef

De gemakkelijkheidsteekproef is een voorbeeld van een niet-restrictieve steekproef.

De gemakkelijkheidsteekproef

De gemakkelijkheidsteekproef (convenience sample) wordt getrokken op basis van

gemakkelijkheidsoverwegingen, namelijk: de analyse-eenheden die voor het grijpen liggen en dus

direct beschikbaar zijn worden in de steekproef opgenomen.

De nadelen van deze steekproef zijn:

Niet iedereen heeft een gelijke kans om gekozen te worden.

We weten niet hoe groot de kans is om een bepaald individu te treffen.

De systematische selectiefout bij deze steekproefmethode kan zeer groot zijn en er is geen

enkele controle over de omvang of de richting van deze fout. Dit betekent dat we met de

gegevens van deze groep geen enkele uitspraak kunnen doen over de totale populatie.

Daarom is een dergelijke steekproef enkel maar geschikt tijdens een exploratieve onderzoeksfase, om

een ruw idee te krijgen over de verschillende facetten van een probleem. Deze steekproefmethode

wordt vooral gekozen wanneer er weinig geld en weinig tijd is om het onderzoek uit te voeren. Er dient

hierbij te worden vermeld dat de vertekening des te kleiner zal zijn naarmate de te onderzoeken

populatie beperkter en homogener is.

Voorbeelden van gemakkelijkheidsteekproeven zijn:

de groep deelnemers uit een lessenreeks die tijdens een bepaalde les aanwezig zijn.

de eerste honderd mensen die bereid waren geïnterviewd te worden over hun bezoek aan het

sportevenement.

Vlaams instituut voor sportbeheer en recreatiebeleid

Vakgroep Bewegings- en sportwetenschappen – optie sportmanagement

5

More magazines by this user
Similar magazines