RoME MEt RoSItA StEEnBEEK

willemijnvandijk.files.wordpress.com

RoME MEt RoSItA StEEnBEEK

36

‘Dit is nog altijd een filmset’

Het is nog vroeg in de ochtend en het is al bloedheet: het is augustus in

Rome. ‘Augustus hing kleverig over de stad. De straten waren verlaten als

in oude films,’ lezen we in De laatste vrouw, het boek waarmee Rosita in

1994 doorbrak als romanschrijfster. Zo is het precies. Ook het straatje waar

we in lopen ligt er wat verlaten bij. Het is de straat waar Rosita al meer

dan twintig jaar woont, een oase van rust op enkele passen van de drukke

toeristische trekpleisters van de stad.

We worden warm ontvangen in Rosita’s kleine maar bijzondere appartement

in het voormalige klooster bij de Sint Juliaan der Vlamingen.

Meteen wordt duidelijk dat in dit Romeinse appartement een Nederlandse

woont: prominent in de kamer staat een roze fiets. Het is de fiets waarop

ze onlangs, samen met haar vriend, meer dan drieduizend kilometer van

Amsterdam naar Delphi heeft afgelegd. Over die bijzondere tocht schreef

ze een boek dat eerder dit jaar verscheen, maar nu herinnert ze zich vooral

de thuiskomst in Rome. ‘Bij de San Giovanni in Laterano fietsten we het

oude Rome weer binnen en ik kon niet anders dan me verwonderen over

de schoonheid van alles en uitroepen: ‘Kijk toch hoe prachtig dit is!’ Toen

ik na al die tijd Rome weer terugzag, werd het me eens te meer duidelijk:

het decor is er nog steeds, dit is nog altijd een filmset. En dat zal altijd zo

blijven.’

Het terras aan de binnenplaats is haar huiskamer, waar we plaatsnemen

als we een paar bijzondere tekeningen aan de muur opmerken. ‘Fellini

tekende, krabbelde, altijd en overal, vooral wanneer we samen uit eten

waren,’ legt Rosita uit. En zo vallen we midden in haar verhaal.

‘In rome ben je overal omringd door

geschiedenis. Misschien geeft juist dat je

wel het gevoel dat het nu moet gebeuren.’

‘Wat je hier ingelijst ziet, zijn linnen servetten, waarop hij tekeningen

heeft gemaakt nadat hij zijn mond eraan had afgeveegd.’ Op de een zien

we Fellini terwijl hij achter Rosita aanrent en haar naroept: Come si dice in

olandese? (‘Hoe zeg je dat in het Nederlands?’). Alberto Moravia (Italiaans

schrijver en goede vriend van Rosita) rent daar met een knuppel achteraan

– een verwijzing naar gevoelens van jaloezie die Fellini hem toedichtte. Op

het andere servet zien we alleen Fellini en Rosita, wederom achter elkaar

aanrennend, maar dit keer met de uitroep: ‘Oh finally!’ Na zes maanden

hofmakerij was het inderdaad ‘eindelijk’ zover. De innige vriendschap ging

over in liefde en dat zou zo blijven, tot de dood van Fellini enkele jaren

later.

37

More magazines by this user
Similar magazines