Wat is het Internationaal Ruimtestation? - Esa

esamultimedia.esa.int

Wat is het Internationaal Ruimtestation? - Esa

Unit 1.1 – 1 Introduction – Wat is hetInternationaal What is the International Ruimtestation? Space Station

Het Internationaal Ruimtestation (International Space Station, ISS).

6

Een zwevend onderzoekslaboratorium

in de ruimte

Kun je je een zwevend laboratorium

in de ruimte voorstellen in gewichtloze

toestand, dat ten goede komt

aan de mensheid en de industrie

op Aarde? Dit bestaat al! Het is

het Internationaal

Ruimtestation

(International Space

Station, ISS) dat in een

baan op een hoogte

van ongeveer 400

kilometer boven de

Aarde kruist en

voorziet in een perma-

nente menselijke aanwezigheid in de ruimte voor de volgende 10 tot 15

jaar.

Het ISS is net een grote

“legpuzzel”

Als het eenmaal volledig is opgebouwd,

rond 2006, zal het station de grootste

door de mens gemaakte structuur zijn die

ooit in de ruimte vloog. Het volledige

gewicht zal 455 ton bedragen. Met een

lengte van ongeveer 100 meter, en een

breedte van ongeveer 80 meter, heeft het

de afmetingen van een voetbalveld.

De onder druk geplaatste inhoud

(volume) van het ruimtestation, 1200

kubieke meter, zal overeen komen met

de inhoud van twee Boeing 747

jumbojets, op dit ogenblik het grootste

vliegtuig ter wereld in de burgerluchtvaart. Het zal ruimte bieden aan maximaal zeven

bemanningsleden en een breed scala aan wetenschappelijke experimenten.

Onder druk geplaatste

inhoud (volume): een

hermetisch gesloten

ruimte die dezelfde

atmosferische druk

heeft zoals op Aarde

(tussen 734 mm hg tot

770 mm hg) zodat de

astronauten normaal

kunnen leven en

ademen aan boord

van het ruimtestation.

gewichtloze toestand:

toestand waarbij er

weinig netto zwaartekracht

bestaat, zoals

van een vallend

voorwerp, in een baan

om een planeet of

ander object, of in de

interstellaire ruimte.

(voor meer informatie

zie hoofdstuk 4.1)

Er bestaat momenteel geen raket die groot of krachtig genoeg is

om zo’n enorm bouwwerk in de ruimte te lanceren. Daarom

wordt het station net als een “legpuzzel” in ongeveer 100

stukken gebouwd, die in de ruimte worden gebracht door meer

dan 50 lanceringen van verschillende ruimteschepen. Om

ervoor te zorgen dat de stukken in elkaar passen, is het belangrijk

dat ieder betrokken land dezelfde normen gebruikt (samenstelling

van de grootte en draagsystemen). De montage van deze

stukken zal uitgevoerd worden met behulp van robotgestuurde

armen, waarmee zowel de Amerikaanse Space Shuttle als het

ruimtestation is uitgerust, terwijl de astronauten het werk zullen

helpen voltooien met in totaal 160 “ruimtewandelingen”.


1 – Wat is het Internationaal Ruimtestation?

De stukken van de “legpuzzel”

In 2006 zullen er tenminste vier laboratoria beschikbaar zijn aan boord van het ruimtestation,

uitgerust om diepgaand onderzoek te verrichten in de volgende wetenschapsgebieden:

materialen, vloeistoffen, verbranding, biologie en nieuwe technologieën.

Het eerste laboratorium dat in 2000 in een baan om de aarde werd gebracht, was het

Russische Zvezda (“ster” in het Russisch): het “hart” van het station. Het tweede laboratorium

het Amerikaanse Destiny laboratorium – werd gelanceerd in 2001.

De belangrijkste functie van beide laboratoria bestaat uit het

bieden van controle- en leefruimte aan boord van

het ruimtestation. In grootte gelijk aan een kleine

boot, werd de ruimte binnenin verdeeld in een

slaapkamer, eetkamer, badkamer en

onderzoeks/laboratoriumruimtes.

Eind 2004 zullen het Japanse Kibo laboratorium

(“hoop” in het Japans) en het Europese

Columbus laboratorium eveneens aan het ISS

worden vastgekoppeld.

Europa, dat via het Europese Ruimte Agentschap werkt, is (als enige) verantwoordelijk

voor het Columbus laboratorium en een ander belangrijk element: het Automatische

Transport Voertuig (ATV).

Als bevoorradingsschip zal het ATV tot negen ton goederen vervoeren waaronder

voorraden, wetenschappelijke apparatuur en raketbrandstof.

7

Europese wetenschappers en ingenieurs

leveren ook een bijdrage aan

andere elementen en materiaal

voor de vele onderdelen van het

ISS, zoals bijvoorbeeld het Data

Management Systeem. Sinds de

lancering in juli 2000 is dit een

belangrijk element van het

Internationaal Ruimtestation in het

controlegedeelte aan boord van de

Zvezda.

Het Europese Ruimte Agentschap (European Space Agency, ESA) werd opgericht in 1975 en vertegenwoordigt

tot op heden de ruimteorganisaties van 15 Europese landen (België, Denemarken, Duitsland,

Finland, Frankrijk, Ierland, Italië, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Portugal, Spanje, het Verenigd

Koninkrijk, Zweden en Zwitserland). Tien van die Europese landen nemen deel aan het ruimtestationprogramma:

België, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, Noorwegen, Spanje, Zweden

en Zwitserland.

Surf voor meer informatie naar: www.esa.int/spaceflight

Het Europese laboratorium

“Columbus” van buitenaf gezien.


1 – Wat is het Internationaal Ruimtestation?

Europese betrokkenheid

De eerste Europese astronaut die het

ISS bezocht, was de Italiaanse ESA

astronaut Umberto Guidoni, die in

april 2001 de ruimte inging.

Op dit ogenblik betekent de

Europese deelname aan het ISS dat

duizenden van de meest getalenteerde

mensen in Europa, uit

honderden universiteiten en hoogtechnologische

bedrijven, verspreid

over alle lidstaten van ESA, een leidinggevende

en hoogst innovatieve rol spelen in de wetenschappen en techniek van de

21ste eeuw.

Als het ISS eenmaal volledig in gebruik is, zullen deze mensen tot de eersten behoren

die resultaten ontvangen van de apparatuur voor ruimteonderzoek die zij zelf hielpen

bouwen.

De oprichting van het ISS programma

Het begon allemaal op 25 januari 1984 toen de Verenigde Staten andere landen uitnodigden

om deel te nemen aan een “permanent bemand” ruimtestation. Europa,

Canada en Japan reageerden met groot enthousiasme op deze uitnodiging, en zij

startten een samenwerking op voor de omschrijving van het project. In 1993 werd

Rusland de vijfde partner, wat het programma tot op heden ’s werelds grootste internationaal

samenwerkingsprogramma maakt op het vlak van wetenschappen en technologie.

8


ATV

Columbus

De belangrijkste taak van het Internationaal Ruimtestation is het uitvoeren van

onderzoek in een omgeving waar geen zwaartekracht heerst. Als alle onderdelen van

het Internationaal Ruimtestation in elkaar gezet zijn, zullen er tenminste vier onderzoekslaboratoria

zijn voor experimenten in verschillende vakgebieden. Een van deze

laboratoria is het Europese laboratorium, genaamd Columbus.

Beperkte ruimte in het Columbus laboratorium

Het Columbus laboratorium staat volgepakt met hoogtechnologisch wetenschappelijk

materiaal. Er is bovendien video- en communicatie-apparatuur geïnstalleerd, evenals kabels

en leidingen voor gegevensoverdracht, energielevering en levensvoorzieningen. Dit is

tevens de ruimte waar de astronauten wetenschappelijke experimenten zullen uitvoeren

betreffende materialen, vloeistoffen, verbranding, biologie en tal van andere disciplines.

Columbus is een volledig onderzoekscentrum voor vele doeleinden, in een klein

formaat. Aangezien de ruimte aan boord van het ISS beperkt

is, moet alles dat aan boord gaat zo klein en compact

mogelijk worden gemaakt .

Deze foto toont een van de kleine bakjes waarin planten

zullen worden gekweekt aan boord van het ISS. Het bakje is

niet langer dan een potlood, met een grootte van 160 mm x

60 mm x 60 mm.

Bespreek

1.1 – In het Europese laboratorium Columbus

De ESA bijdragen aan het Internationaal Ruimtestation.

1 Welke soorten onderzoek ken je op aarde?

2 Welke activiteiten worden er in een laboratorium uitgevoerd?

3 Hoe kan onderzoek ons van dienst zijn?

Meer info over onderzoek in de ruimte vind je op:

http://www.esa.int/export/esaHS/research.html

9

ERA

Experimenteel bakje voor

kweken van planten.

Cupola

Nodes II & III


Het “Biolab” – een

rek dat speciaal

werd ontworpen

voor biologische

experimenten.

1.1 – In het Europese laboratorium Columbus

De bakjes en het materiaal dat nodig is om de experimenten uit te voeren zullen in rijen

langs de muren worden geplaatst in zogenaamde rekken. Er zullen vier rekken aan

iedere zijde geplaatst worden – het “plafond” en de “vloer” meegerekend, alles bij

elkaar geteld 16 rekken.

De rekken aan boord van het ISS zullen allemaal exact dezelfde

grootte hebben en dezelfde systemen gebruiken. Ze kunnen

zonder enige wijziging geplaatst worden in de laboratoria

Columbus, Kibo of Destiny.

Sommige rekken worden alleen voor opslag

gebruikt, terwijl andere rekken speciaal

zijn uitgerust voor een bepaalde discipline.

Het zogenaamde Biolab is in een

rek gebouwd en zal gebruikt worden voor

biologie-experimenten op micro-organismen,

cellen, kleine plantjes, enz.

Er zullen ook mogelijkheden zijn om onderzoek te

doen naar de ruimte-atmosfeer, en om proeven te

doen op het gebied van astronomie en Aardobservatie. De apparatuur voor deze doeleinden

zal aan de buitenkant van het Columbus laboratorium worden bevestigd.

Maak een maquette van het Columbus laboratorium

A

Ontwikkel een idee van de hoeveelheid ruimte (volume) in het Europese laboratorium,

Columbus, door er een “maquette” op ware grootte van te maken. Gebruik stoelen,

tafels, karton of ander beschikbaar materiaal om de ruimte binnenin het laboratorium

na te bootsen.

Gebruik de informatie in het kader om antwoorden op de vragen hieronder te

zoeken:

Wat is het totale volume van het laboratorium ?

Wat is het inwendige volume – het volume waarin de astronauten kunnen

bewegen ?

Wat is het volume dat wordt gebruikt om apparatuur op te bergen?

Bespreek:

• Denk je dat dit een grote ruimte is om in te werken?

• Hoe denk je dat het zou voelen wanneer je “rondzweeft” tussen 6 muren in plaats

van te lopen op een vloer met vier muren rondom en een plafond boven je?

Denk je dat het een gevoel geeft van meer of minder ruimte?

B

Maak een model van het Europese Columbus laboratorium uit een blik of een andere houder waaruit water niet kan

weglopen.

1) Vul het model met water. Bereken, zowel in liter als in deciliter,

met hoeveel water je het kan vullen (tot aan de rand).

2) Bereken de straal en de hoogte van je model en zoek het

volume. Vergelijk het met wat je vond toen je de hoeveelheid

water berekende.

3) Vergelijk de afmetingen van je model met die van Columbus.

Zoek, op basis van deze cijfers, de schaal van je model.

10

Het

Europese laboratorium

“Columbus”

van de binnenkant gezien.

Afmetingen van het

Columbus laboratorium:

d = 4.5 m

l = 6.6 m

Er zijn vier rekken aan

elke zijde van het

laboratorium – ook in

het “plafond” en in de

“vloer”. Een rek is

ongeveer 2 m hoog

en 1 m breed.

Wie was Columbus?

Zoek in verschillende bronnen informatie

over Christopher Columbus en schrijf een

tekst over hem. Leg uit waarom je denkt dat

de naam “Columbus” werd gekozen voor

het Europese laboratorium en bespreek of je

het een goede naam vindt of niet.

l

d


1.2 – Waar bevindt zich het Internationaal Ruimtestation?

in een baan

cirkelen: rond

een ander voorwerp

draaien

een baan: het

pad van een

draaiend

voorwerp

Het ISS draait in een baan rond de Aarde op een afstand van

ongeveer 400 km. Hoewel dit ver kan lijken, kun je het station op een

heldere nacht zelfs met het blote oog vanaf de Aarde zien. Als het station

zichtbaar is, ziet het ISS er bijna als een zwervende ster uit, die zich langs

de hemel beweegt. Je kunt het station het beste waarnemen net na zonsondergang,

of net voor zonsopgang. Op dat ogenblik staan wij als waarnemers

in de schaduw van de Aarde en is het donker om ons heen, terwijl

het ISS, dat op grote hoogte vliegt, nog verlicht wordt door de Zon.

Wanneer en waar is het station te zien?

Het ISS kan niet elke nacht en niet vanaf elke plaats op Aarde gezien worden. Bekijk de afbeeldingen

(hieronder) en gebruik indien nodig een atlas.

Bespreek en probeer uit te vinden:

1. Waarom het niet mogelijk zou zijn het ISS vanuit Australië te zien (afbeelding 1)?

2. Waarom het niet mogelijk zou zijn het ISS vanuit Nederland te zien wanneer het ISS zich boven

Australië bevindt (afbeelding 2)?

3 Waarom het niet mogelijk zou zijn het ISS bij daglicht te zien (afbeelding 3)?

Afb.1 Afb.2 Afb.3

Maak een tweedimensionele schets van de baan van het ISS

Benodigdheden: een passer, gradenboog, liniaal, potlood en papier.

Het ISS vliegt in een baan rond de Aarde van het westen naar het oosten en kruist de evenaar

onder een hoek van 51,6°.

1. Maak een schets van de Aarde (gebruik een passer). Teken een lijn door het midden van de cirkel

om de evenaar aan te duiden. Breng een andere lijn aan, ook door het midden van de cirkel,

op 90° van de evenaar. Geef noord, zuid, oost en west aan op de schets.

2. Teken een nieuwe lijn die de baan van het ISS aanduidt: deze lijn moet een in hoek van 51,6°

ten opzichte van de evenaar staan.

11


1.2 – Waar bevindt zich het Internationaal Ruimtestation?

Ook al volgt het ISS altijd dezelfde baan wanneer het station rond de Aarde reist, toch

passeert het ISS niet steeds dezelfde plaatsen op Aarde. Dit komt doordat de Aarde

iedere 24 uur ook rond haar eigen as draait. Telkens wanneer het ISS eenzelfde punt

bereikt in zijn baan, is de Aarde gedraaid en bevindt er zich een nieuwe plaats onder

het ruimtestation.

Uitleg:

(A) De wereldkaart (het

donkere gebied geeft aan

waar het op dat moment

nacht is).

(B) Het Internationaal

Ruimtestation; het

centrum duidt zijn

huidige breedte/lengte

aan.

(C) De blauwe lijn volgt

de vliegroute van het

internationaal ruimtestation

op de grond.

(D) De rode cirkel

rondom het internationaal

ruimtestation stelt

zijn horizon voor (het

gebied op de grond,

waar het ISS zichtbaar is).

(F) De gele cirkel stelt de

hoogste stand van de zon

voor (middag op aarde).

De baan van het ISS zal 85% van de oppervlakte van de Aarde bedekken, dat 95% van

de wereldbevolking huisvest. Alleen de meest noordelijk en zuidelijk gelegen gebieden

van de wereld kunnen het ISS niet zien.

Ontdek of het ISS zichtbaar is vanuit jouw woonplaats.

Bezoek www.esa.int/seeiss en voer de naam van je woonplaats in of een stad daar in de buurt.

Indien het station zichtbaar is, zal de website je een sterrenkaart tonen, die aangeeft waar het ISS

zich op dat ogenblik bevindt, en zijn vliegroute. De website zal tevens een tabel

tonen die je de exacte datum en tijd geeft wanneer je het station kan zien. Het

is mogelijk dat het ISS telkens slechts enkele minuten zichtbaar is (het station

reist met een snelheid van 28.000 km/u!), daarom geeft dezelfde tabel ook

informatie waar in de hemel je ernaar moet zoeken.

Bekijk de tabel en beschrijf wat de volgende termen betekenen en hoe ze je

kunnen helpen om het ISS te zien:

a) Mag. (helderheid)?

b) Alt. (hoogte)?

c) Az. (azimut)?

Als je extra informatie nodig hebt, zoek op www.esa.int

Als je hebt ontdekt wanneer en waar je het ISS kan zien, kan je meer mensen

uitnodigen en samen de “dwalende ster” bekijken.

12


1.2 – Waar bevindt zich het Internationaal Ruimtestation?

Hoe blijft het ISS in zijn baan?

Het ISS moet in zijn baan worden gebracht met behulp van een raket. Om zijn baan te

bereiken en te behouden heeft het ISS een zekere snelheid nodig.

Welke snelheid is nodig?

Benodigdheden voor het experiment: koord (100 cm), vlakgom

Lees het experiment hieronder door en beeld je in wat er zou gebeuren met de snelheid

indien je de lengte van het koord zou veranderen. Beschrijf dit voordat je het

eigenlijke experiment uitvoert.

Experiment:

1. Bind één uiteinde van het koord aan de vlakgom.

2. Houd het andere uiteinde van het koord in je hand en zwaai de gom in het rond.

3. Maak het touw korter en herhaal het experiment.

4. Probeer de gom langzamer te doen draaien met een korter koord.

Voer het experiment uit, observeer en beschrijf wat er gebeurt. Vergelijk dit met de beschrijving van

wat je verwachtte dat er zou gebeuren. Is er een verschil?

De snelheid die nodig is om in een baan rond de Aarde te blijven, hangt af van de afstand

tot de Aarde. Indien de snelheid te traag is zal het ruimtevaartuig terug naar de Aarde vallen.

Indien de snelheid te hoog is zal het ruimtevaartuig de ruimte “ingeschoten” worden.

Om snelheid te krijgen moet je een kracht aanwenden die het ruimtevaartuig doet versnellen.

Indien de aangewende kracht niet sterk genoeg is, zal de kracht van de Aarde

(zwaartekracht) het ruimtevaartuig op Aarde doen landen. Indien de kracht te groot is,

zal de zwaartekracht van de Aarde niet sterk genoeg zijn om het ruimtevaartuig in zijn

baan te houden.

Het ISS en andere satellieten reizen rond de Aarde, net zoals de Maan dat doet. De Aarde en de

andere planeten in ons Zonnestelsel draaien rond de Zon.

Ontdek, op basis van wat je hebt geleerd over

banen – snelheid en afstand van het centrum – in

welke volgorde de planeten geplaatst zijn in verhouding

tot de Zon. De onderstaande lijst geeft

weer hoeveel tijd de planeten nodig hebben om

rond de Zon te draaien (in “aardmaanden”):

Venus – 7 maanden

Saturnus – 354 maanden

Pluto – 2.976 maanden

Mercurius – 3 maanden

Aarde – 12 maanden

Neptunus – 1.978 maanden

Mars – 23 maanden

Uranus – 1.008 maanden

Jupiter – 142 maanden

Leuk om te weten

• Hoeveel ”Mercuriusjaren” leef je al?

• Hoeveel “Jupiterjaren” leef je al?

• Hoeveel “Uranusjaren” denk je te leven?

13

Woordenlijst


1.2 – Waar bevindt zich het Internationaal Ruimtestation?

Reis met het ISS

1. De straal van de Aarde is ongeveer 6300 km en het ISS vliegt op een

hoogte van ongeveer 400 km boven de oppervlakte van de Aarde. Wat is

de lengte van de baan van het ISS?

2. Het ISS heeft een snelheid van ongeveer 28 000 kilometer per uur (km/u). Hoe lang doet het ISS

er over om één keer rond de Aarde te draaien?

3. Hoeveel keren zal het ISS rond de Aarde draaien in een periode van 24 uur? Hoeveel zonsopgangen

en zonsondergangen kunnen de astronauten vanuit het ISS zien?

4. Bereken hoeveel meter per seconde het ISS reist (de snelheid

in m/s).

5. De afstand tussen Londen en Rome is ongeveer 1422 km.

– Hoelang zou het ISS over zo een afstand

doen?

– Hoelang zou een auto over dezelfde afstand

doen indien hij met een gemiddelde snelheid

van 80 km/u rijdt?

De baan van het ISS rond de Aarde is eigenlijk ellipsvormig.

Je kunt een ellips tekenen door twee pinnen met

een afstand van b.v. 12 cm op een karton te steken en

een lus van touw rond de pinnen te plaatsen. Volg de binnenzijde

van het touw met je

potlood.

14

C = 2πr


1.3 Het ISS – een internationaal samenwerkingsprogramma

Het begon allemaal op 25 januari 1984 toen Ronald Reagan, toenmalige

president van de Verenigde Staten, andere landen uitnodigde

om mee te werken aan de bouw van een “permanent

bemand” ruimtestation. Europa, Canada en Japan reageerden

met groot enthousiasme op de uitnodiging, en ze begonnen samen

te werken aan de omschrijving van het project.

Reagans station werd aanvankelijk “Freedom” genoemd, omdat het

werd opgestart als een symbool van de eenheid van de Westerse

wereld. Maar het politieke klimaat veranderde, en in 1993 – na

het einde van de Koude Oorlog – stemde Rusland toe zich bij de

andere deelnemende landen aan te sluiten, en mee te werken aan

het project dat tot op heden ‘s werelds grootste vreedzame samenwerkingsprogramma

in wetenschap en technologie vormt.

De eerste ruimtestations

De mens heeft al duizenden jaren de

droom om in de ruimte te reizen. In

1902 schreef de Russische onderwijzer

Konstantin Eduardovitsj

Tsjolkovskij over het bouwen van

een permanent observatorium in de

ruimte. Hij beschreef een om de

aarde cirkelend observatorium dat

hij “broeikas” noemde en beeldde

zich kosmonauten (ruimtevaarders)

in die hun eigen planten aan boord

zouden kweken, zonder afhankelijk

te zijn van bevoorrading van

buitenaf.

“We willen dat onze

vrienden ons helpen

om deze uitdaging aan

te gaan, terwijl ze

delen in de voordelen,

(…) NASA zal andere

landen uitnodigen om

deel te nemen, zodat

we de vrede en veilige

voorspoed kunnen versterken

en vrijheid

kunnen brengen aan

allen die onze doelstellingen

delen.” (Ronald

Reagan, 25 januari

1984).

Verschillende pioniers werkten verder aan deze ideeën en bestudeerden de mogelijkheden

om een ruimtestation te bouwen. Na de

Tweede Wereldoorlog werden nieuwe ideeën in

overweging genomen, en in 1952 schreef Wernher

von Braun over een wielvormig station dat in een

poolkring rond de Aarde zou reizen om de volledige

planeet te observeren.

De Koude Oorlog heeft het reizen in de ruimte in

grote mate beïnvloed. De jaren zestig van de 20ste

eeuw werden gedomineerd door de Race naar de

Maan, waarbij Amerika en de Sovjet-Unie wedijverden

om als eerste op de Maan te zijn. Op 21 juli

1969 stapten de Amerikaanse astronauten Neil

Armstrong en Buzz Aldrin op de Maan, en Armstrong

sprak zijn beroemde woorden live op tv: “Dit is een

kleine stap voor de mens, maar een grote sprong voor

de mensheid”.

15


1.3 Het ISS – een internationaal samenwerkingsprogramma

Pas in 1971 werd het eerste ruimtestation

in een baan om de aarde gebracht. Dit was de

Sovjet “Salyut-1” (Russisch voor “saluut”). De

Sovjet-Unie bracht nog 6 andere laboratoria

in de ruimte in de loop van de volgende 11

jaar. Hun doeleinden omvatten experimenten

in verschillende takken van de wetenschap en

technologie in gewichtloosheid, maar ze

hadden tevens militaire toepassingen.

Het eerste Amerikaanse laboratorium, “Skylab” werd gelanceerd in 1973 en was

ontworpen om alleen in 1973 en 1974 bemand te worden. Het volgende Westerse

programma dat zich concentreerde op onderzoek in de ruimte was Spacelab. Dit was

een programma waarbij het onderzoek werd uitgevoerd aan boord van Space Shuttle,

een in een baan om de Aarde gebracht ruimteveer. Spacelab, gebouwd door het

Europees Ruimte Agentschap, werd geïnstalleerd in het vrachtruim van de Space Shuttle

en was via een tunnel verbonden met de cabine van de Shuttle .

Een nieuw tijdperk in de ontwikkeling van

het ruimtestation begon, toen het eerste

deel van het Sovjet ruimtestation “Mir”

(Russisch voor “vrede”) werd gelanceerd in

februari 1986. Het was de bedoeling om

in de ruimte een modulair station in

elkaar te zetten, bestaand uit zes stukken.

De delen zouden over een tijdsspanne

van verschillende jaren in elkaar gezet

worden, maar economische omstandigheden

leidden ertoe dat de voltooiing van

Mir werd vertraagd. Toen de Koude

Oorlog eindigde en het politieke klimaat tussen de VS en Rusland veranderde, betaalde

Amerika om zijn astronauten aan boord van Mir te laten vliegen om ervaring op te doen

voor het Internationaal Ruimtestation. Het onderzoeksprogramma van Mir kon verdergaan,

en Europa zond twee van haar astronauten mee in het Euromir project. Terwijl men

Kijk op www.esa.int/buildISS

om te zien hoe het ISS veranderde

sinds 1998.

De/het eerste…

zich meer toelegde op de ontwikkeling van het internationaal

ruimtestation-programma, kwam er in de tweede helft

van 1998 een eind aan de gemeenschappelijke activiteiten

op Mir.

• Satelliet in de Aardbaan: 1957 Sovjet-Unie Spoetnik 1

• Levende wezen in de ruimte 1957 Sovjet-Unie De hond Laika (stierf na tien dagen in een

baan rond de aarde)

• Ruimtesonde op de Maan: 1959 Sovjet-Unie Luna 2 (inslag)

• Man in de ruimte: 1961 Sovjet-Unie Yuri Gagarin, “Vostok”

• Vrouw in de ruimte: 1963 Sovjet-Unie Valentina Teresjkova

• Ruimtewandeling: 1965 Sovjet-Unie Aleksei Leonov

• Man op de Maan: 1969 VS Neil Armstrong en Buzz Aldrin, “Apollo 11”

Ruimtestation: 1971 Sovjet-Unie Salyut-1

16

Woordenlijst


1.3 Het ISS – een internationaal samenwerkingsprogramma

Wereldwijde Samenwerking

Het vraagt een enorme inspanning van mensen over de hele wereld om het

Internationaal Ruimtestation te bouwen en te onderhouden. Mensen uit allerlei landen

en met heel verschillende beroepen werken samen aan de bouw van het gigantische

ruimtestation - tot in het kleinste detail. In Europa zijn tien landen betrokken bij de

bouwen van het station, naast Canada, Japan, Rusland en de Verenigde Staten van

Amerika.

Stel je voor hoeveel verschillende carrièremogelijkheden er zijn op het vlak van de

ruimte. Er is vraag naar ingenieurs, technici en specialisten in bijna elk domein van de

wetenschap. Een werkend ruimtestation steunt tevens op vele managers, advocaten en

communicatiespecialisten. En niet te vergeten: de astronauten, natuurlijk!

Misschien wil je een ingenieur worden die bouwt aan de volgende generatie van ruimtevaartuigen,

of software ontwikkelen die nodig is om een ruimtestation te doen

draaien, of wil je robots bedienen en testen? Misschien heb je een grote interesse voor

biologie of chemie, en zou je wetenschappelijke ontdekkingen willen doen? Misschien

wil je deelnemen aan de ontdekking van de ruimte en wil je bijdragen aan het verbeteren

van de kwaliteit van het leven op aarde?

Wetenschap en technologie worden steeds belangrijker in ons dagelijks leven. Zowel

nu als in de toekomst zijn hoog opgeleide mannen en vrouwen nodig om de uitdagingen

in de wetenschap en technologie aan te gaan.

17


1.3 Het ISS – een internationaal samenwerkingsprogramma

De internationale partners

1. Ontdek welke landen betrokken zijn bij het Internationaal Ruimtestation programma en plaats hen

op de kaart.

3. Schrijf een opstel over één of meerdere van deze onderwerpen:

• Koude Oorlog • Ruimtestation

• Race naar de Maan • Samenwerking

• Vrede • Hoop

4. Schrijf een science-fictionverhaal over ruimtestations in de toekomst.

5. Schrijf over je eigen dromen en plannen voor de toekomst – waarmee zou je willen werken en

waarom? Wat soort van opleiding en ervaring heb je nodig om je dromen te vervullen?

18


ATV

Columbus

1.4 Europese bijdragen

De ESA bijdragen aan het Internationaal Ruimtestation.

Sinds 1984 is Europa betrokken bij de ontwikkeling van het Internationaal Ruimtestation

(ISS) programma toen de Verenigde Staten van Amerika andere landen uitnodigden om deel

te nemen aan de bouw van een permanent bemand ruimtestation. Europa’s deelname

wordt gecoördineerd door het Europese Ruimte Agentschap (European Space Agency, ESA),

en tien van de 15 lidstaten sloten zich aan bij het ISS programma: België, Denemarken,

Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, Noorwegen, Spanje, Zweden en Zwitserland.

Er werd een overeenkomst tussen alle betrokken partners uitgewerkt. Het bevat alle

benodigde details om het ruimtestation te bouwen en te exploiteren. Zo zijn er bijvoorbeeld

exacte standaardmaten nodig om te garanderen dat de onderdelen, die over de hele

wereld worden gebouwd, perfect passen wanneer ze in elkaar worden gezet – 400 km

boven de Aarde.

Europa is als enige verantwoordelijk voor sommige belangrijke elementen van het

ISS, bijvoorbeeld het Europese laboratorium Columbus en het Automatische Transport

Voertuig (ATV). De andere voornaamste Europese bijdragen zijn:

• de Europese Robotarm

• de Cupola

• de Verbindingsstukken (de Nodes)

het Data Management Systeem

Naast deze belangrijke elementen leveren Europese wetenschappers

en ingenieurs ook andere apparatuur die in het ruimtestation

wordt gebruikt. Een voorbeeld hiervan is de ‘Microgravity Science

Glovebox’ die ervoor zorgt dat experimenten kunnen worden uitgevoerd

in een volledig schone (steriele) omgeving. Deze glovebox

werd in 2002 naar het ISS gelanceerd en in het Amerikaanse Destiny

laboratorium geplaatst (voor meer informatie, zie 4.2). Een ander

voorbeeld is de “diepvries” MELFI, die een koelcapaciteit zal

verzorgen voor maximaal 80 kg aan stalen (of monsters) van experimenten.

MELFI staat voor “Minus Eighty degrees Laboratory Freezer

for the ISS”.

19

ERA

Cupola

Nodes II & III


1.4 Europese bijdragen

Universiteiten en onderzoeksinstellingen uit heel

Europa spelen een belangrijke rol in het

onderzoek dat wordt uitgevoerd aan boord van

het ruimtestation. Europese wetenschappers zijn

betrokken in het ontwerpen van experimenten die

worden uitgevoerd in de onderzoeksfaciliteiten

van het ISS. Ze zullen tevens helpen bij het controleren

van de experimenten aan boord, en bij het

analyseren van de gegevens van de experimenten.

Europeanen zullen echter niet alleen aan de grond werken, maar ook aan boord van het

ruimtestation. Het Europese astronautencorps bestaat uit 16 hoogopgeleide en

getrainde astronauten, en eenmaal aan

boord van het station vormen ze een

onmisbaar deel van een groot wetenschappelijk

team op Aarde. Verspreid

over heel Europa zijn er controlecentra

en “Gebruiksondersteunende en

Operationele Centra” op de grond, om

de ISS bemanning te ondersteunen, om

experimenten aan boord van het station

te controleren en apparatuur aan te

sturen.

Hoe draagt jouw land bij?

Ontdek met behulp van de ISS Education Kit, wat de belangrijkste Europese bijdragen aan het ISS zijn.

Meer informatie kan je vinden op de ESA web site: www.esa.int.

a) Welke belangrijke elementen uit het ISS programma worden in de illustraties hieronder afgebeeld?

Verbind de woorden uit het kader door middel van een lijn met de overeenkomstige afbeelding op de

linkerzijde.

b) Waarvoor worden deze elementen gebruikt? – Schrijf dat, per element , in 3-5 kernbegrippen op.

c) Hoe is jouw land betrokken bij de ontwikkeling van deze elementen, het onderzoek aan boord van

het ISS, of bij andere ruimteprojecten?

(Gebruik bijvoorbeeld http://www.esa.int/export/esaHS/partstates.html voor meer informatie).

20

Het Europese laboratorium Columbus

Het Automatische Transport Voertuig (ATV)

De Cupola

Een verbindingsstuk (Node)

Het Data Management Systeem


1.4 Europese bijdragen

Ontwerp je eigen missielogo

Iedere ruimtemissie heeft een apart logo. Het logo bevat vaak verschillende elementen, bijvoorbeeld

de naam van de missie, de kleuren van de vlag (zoals in het logo hieronder, dat de missie

van de Belgische ESA astronaut Frank de Winne voorstelt), een element dat het werk afbeeldt dat

wordt uitgevoerd tijdens de missie (b.v. onderzoek, een nieuwe module voor het station) of een

element dat de aard van de missie weergeeft (b.v. een baan).

Ontwerp je eigen missielogo en beschrijf wat de verschillende delen van het logo voorstellen.

Stuur het logo naar ESA en, wie weet, misschien gaat het wel de ruimte in!

21

More magazines by this user
Similar magazines