17449/12 lep/LEP/dm 1 DG G 3A RAAD VA DE EUROPESE U IE ...

register.consilium.europa.eu

17449/12 lep/LEP/dm 1 DG G 3A RAAD VA DE EUROPESE U IE ...

OTA A-PUT

RAAD VA

DE EUROPESE UIE

Brussel, 6 november 2012 (07.12)

(OR. en)

17449/12

COMPET 763

MI 815

van: het voorzitterschap / het secretariaat-generaal van de Raad

aan: de Raad

Betreft: Verslag van het voorzitterschap/het secretariaat-generaal van de Raad over effectbeoordeling

1. Voor de delegaties gaat hierbij een verslag van het voorzitterschap/het secretariaat-generaal

van de Raad over effectbeoordeling.

2. De Raad wordt verzocht nota te nemen van dit verslag.

________________________

17449/12 lep/LEP/dm 1

DG G 3A L


BIJLAGE

Verslag van het voorzitterschap/het secretariaat-generaal van de Raad over effectbeoordeling

A. ACHTERGRODIFORMATIE

In december 2011 heeft de Raad Concurrentievermogen conclusies aangenomen over effect-

beoordeling (EB), waarin onder meer het volgende staat:

"ZEGT TOE om tijdens het wetgevingsproces de effectbeoordelingen van de Commissie beter

aan bod te laten komen, en nauw samen te werken met de Commissie, meer bepaald wat de

methoden betreft die voor het opstellen van effectbeoordelingen worden gebruikt en de

gegevens en informatie waarop een beroep wordt gedaan;

MOEDIGT de lidstaten AA hun eigen relevante gegevens over de economische, ecologische,

sociale en andere gevolgen van inhoudelijke wijzigingen door de Raad in wetgevingsvoorstellen

te presenteren en te bespreken, voor zover deze beschikbaar zijn en waar zulks

dienstig is;

VERZOEKT de voorzitterschappen deze presentatie en bespreking van gegevens in goede

banen te leiden, teneinde geen belangrijke vertragingen in het wetgevingsproces te

veroorzaken; ZEGT TOE om, indien nodig, met de hulp van het secretariaat-generaal van de

Raad een synthese van relevante informatie van de lidstaten op te stellen en te presenteren;

MOEDIGT de groepen van de Raad AA om, conform de gemeenschappelijke aanpak van

effectbeoordelingen, gebruik te maken van de mogelijkheid de Commissie te verzoeken om

haar oorspronkelijke effectbeoordeling aan te vullen en daarbij onder meer rekening te

houden met relevante informatie afkomstig van de lidstaten, en om de Raad bijstand te

verlenen bij zijn effectbeoordelingswerkzaamheden;

BEADRUKT hoe belangrijk het is dat in het EU-wetgevingsproces een vaste plaats wordt

ingeruimd voor een effectieve effectbeoordeling; HERIERT AA de toezegging van de

Raad om indien nodig effectbeoordelingen over zijn eigen inhoudelijke wijzigingen op te

stellen, zoals geformuleerd in de conclusies van de Raad over betere regelgeving; het

secretariaat-generaal van de Raad dient in dat verband een belangrijke rol te spelen, binnen

de faciliteiten en middelen waarover het beschikt en, waar nodig, ondersteund door de

expertise van de Commissie en van de lidstaten;

ROEPT wat dit betreft het voorzitterschap/het secretariaat van de Raad op om uiterlijk eind

2012 bij de Raad verslag uit te brengen over de uitvoering van deze en vorige conclusies en

toezeggingen."

17449/12 lep/LEP/dm 2

BIJLAGE DG G3A L


B. ODERZOEK BETREFFEDE EB I DE RAAD

Met het oog op de opstelling van dit verslag heeft het secretariaat-generaal in juni 2012 intern

onderzocht in hoeverre door de verschillende Raadsformaties rekening is gehouden met de

conclusies en toezeggingen van de Raad. Om een alomvattend beeld te kunnen geven, bestrijkt het

onderzoek het jaar 2009 en de daaropvolgende jaren.

Het onderzoek bestond uit 14 vragen, die rechtstreeks gebaseerd waren op de conclusies en

toezeggingen van de Raad (zie bijlage). De vragen werden ondergebracht in drie clusters ten

aanzien waarvan de Raad om actie had verzocht:

(1) Bespreking van de EB's van de Commissie: welk gebruik maken de Raad en zijn

voorbereidende instanties ervan?

(2) De inhoudelijke wijzigingen die de Raad zelf aanbrengt in Commissievoorstellen: op welke

wijze worden deze beoordeeld? en

(3) De verwerking van informatie door de lidstaten en nationale EB's: hoe worden nationale

gegevens gepresenteerd en gebruikt als aanvulling op de EB van de Commissie of wijzigingen van

de Raad?

Het secretariaat-generaal heeft de resultaten van het onderzoek in oktober aan het voorzitterschap

voorgelegd, zodat een gezamenlijk opgesteld, feitelijk en empirisch onderbouwd verslag aan de

Raad kon worden voorgelegd.

C. AALYSE VA DE RESULTATE

Algemene opmerkingen:

In de Raad Algemene Zaken en de Raad Buitenlandse Zaken komen normaliter geen EB's aan de

orde.

17449/12 lep/LEP/dm 3

BIJLAGE DG G3A L


In de Raad JBZ worden EB's voornamelijk gebruikt als documenten die achtergrondinformatie

bieden. Voorstellen op het gebied van het burgerlijk recht (zoals het programma van Stockholm)

vloeien doorgaans voort uit werkprogramma's die door de Raad zijn aangenomen. EB's worden

soms evenwel besproken wanneer het gaat om justitiële samenwerking in burgerlijke zaken,

namelijk wanneer artikel 114 fungeert als rechtsgrondslag of wanneer er delegaties tegen het

voorstel gekant zijn. De EB komt vaak aan de orde wanneer het erom gaat de noodzaak van een

voorstel aan te tonen. Zo heeft de betrokken groep tijdens de behandeling van de verordening

betreffende de koopwet 2½ dag besteed aan de bespreking van de EB.

Het onderstaande overzicht heeft betrekking op de overige zeven Raadsformaties. Wat niet uit het

overzicht naar voren komt, is dat de praktijken van de voorbereidende werkgroepen van de

verschillende Raadsformaties soms uiteenlopen.

Eerste cluster - De wijze waarop de Raad en zijn voorbereidende instanties gebruik maken van de

EB's van de Commissie

Voornaamste bevindingen ten aanzien van de bespreking van de EB's van de Commissie in de

groepen:

In de eerste fasen van de bespreking van Commissievoorstellen door de groepen wordt

veelvuldig, maar niet altijd, gebruik gemaakt van de EB's van de Commissie.

Na de eerste presentatie en bespreking achten de groepen het tijdens de verdere

onderhandelingen evenwel niet altijd nodig of nuttig om terug te komen op de EB.

Vanwege de grote verschillen is het moeilijk om een algemene indicatie te geven van de tijd

die met de bespreking gemoeid is. Soms kan een bespreking verschillende dagen van intensief

werk vergen; het andere uiterste is dat een EB wordt gepresenteerd en dat er nota van wordt

genomen, met weinig of geen discussie.

Uit de aanvullende opmerkingen blijkt dat een aantal groepen de EB beschouwt als een

fundamenteel element van de bespreking van een voorstel, terwijl andere de EB beschouwen

als een achtergronddocument waarvan nota dient te worden genomen. Wanneer snelle

vorderingen moeten worden gemaakt bij onderhandelingen (in de financiële sector

bijvoorbeeld) willen het voorzitterschap en de delegaties zo snel mogelijk overgaan tot de

inhoudelijke bespreking. Zeer vaak maken delegaties gebruik van de EB om hun

onderhandelingsstandpunt te adstrueren.

Het is niet gebruikelijk dat EB's besproken worden in briefings voorafgaand aan de

vergadering van de groep. Van uitzonderingen op deze regel is eerder sprake in het geval van

bepaalde dossiers dan bij specifieke werkgroepen.

17449/12 lep/LEP/dm 4

BIJLAGE DG G3A L


De volgende tendensen werden opgemerkt in de voorbereidende groepen van verschillende

Raadsformaties:

Ecofin: de situatie wisselt per beleidsterrein. Als het gaat om belastingvoorstellen wordt de

EB vaak aan het begin van de onderhandelingen uitvoerig besproken. Op andere terreinen

duurt de discussie vaak zeer kort.

Concurrentievermogen: de meeste groepen wijden bij de presentatie van het voorstel een

uitvoerige bespreking aan de EB en zij komen er tijdens de verdere onderhandelingen op

terug.

Milieu (met inbegrip van Klimaatverandering): de situatie is vergelijkbaar met die op het

gebied van Concurrentievermogen.

TTE: de EB wordt het frequentst gedetailleerd besproken wanneer het gaat over vervoer. Op

andere terreinen kan de discussie zeer kort van duur zijn.

Landbouw:de EB wordt tamelijk uitvoerig door het SCL besproken wanneer het gaat om

belangrijke hervormingsvoorstellen. Er wordt aandacht aan besteed door de groep wanneer

het gaat om visserij.

Epsco: het is gebruikelijk dat de EB door de groep wordt besproken.

Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport: de EB wordt gewoonlijk besproken, maar vrij kort

en zonder veel discussie.

Belangrijkste bevindingen met betrekking tot het uitbrengen van verslag omtrent de besprekingen

over EB's aan het Coreper:

In verslagen aan het Coreper en in informatie voor het voorzitterschap wordt doorgaans niet

verwezen naar EB's. Hierop bestaan enkele uitzonderingen, bijvoorbeeld op belasting- en

vervoersgebied. Aangezien de verslagen en de informatie van het secretariaat-generaal van de Raad

beknopt zijn, worden punten en argumenten erin vermeld wanneer zij van nut zijn in het kader van

de onderhandelingen of om problemen te kunnen oplossen.

Belangrijkste bevindingen met betrekking tot aanvullingen/wijzigingen van EB's van de Commissie:

De groep (zelden het Coreper of de Raad) verzoekt de Commissie soms haar EB aan te vullen.

Gewoonlijk doet zij dat, doorgaans met een non-paper.

17449/12 lep/LEP/dm 5

BIJLAGE DG G3A L


Tweede cluster - Beoordeling van de inhoudelijke wijzigingen van de Raad

Uit de onderzoeksresultaten op dit gebied blijkt duidelijk dat de groepen, het Coreper of het

voorzitterschap slechts in geïsoleerde gevallen hebben verzocht om een beoordeling van de

inhoudelijke wijzigingen van de Raad. Externe consultants, het secretariaat-generaal en de

Commissie zijn niet verzocht om inhoudelijke wijzigingen van de Raad te beoordelen.

In het onderzoek is echter sprake van 2-3 uitzonderingen. Zo heeft de Commissie laten weten

dat zij de EB betreffende de voorgestelde richtlijn inzake zwangerschapsverlof kon

actualiseren. Voor het momenteel in behandeling zijnde voorstel voor Omnibus 2 (financieel

toezicht) stemde de Raadsgroep in met een EB waarom door het EP was verzocht (betreffende

EP-amendementen, nader uitgewerkt door de Commissie en de Raad). In enkele gevallen

stelde een kleine minderheid der delegaties een beoordeling voor, maar de voorzitterschappen

volgden de voorkeur van de grote meerderheid en besloten anders.

Daar komt bij, zo werd opgemerkt, dat er geen budget is voor beoordelingen door consultants.

Het belangrijkste punt is echter dat deze beoordeling vrijwel nooit noodzakelijk wordt geacht.

Derde cluster - De wijze waarop nationale gegevens worden gepresenteerd en gebruikt als

aanvulling op de EB van de Commissie of wijzigingen van de Raad

Soms (meestal wanneer het om belastingvoorstellen gaat) presenteren de delegaties nationale

gegevens over het effect van amendementen van de Raad, vaak om hun onderhandelings-

standpunt te onderbouwen, met name wanneer wijzigingen financiële gevolgen hebben.

Het SGR is nimmer verzocht een samenvatting van de input van de lidstaten op te stellen of te

presenteren; wel wordt deze informatie mondeling of in vergaderdocumenten verstrekt en

wordt er gewoonlijk nota van genomen in de verslagen van het secretariaat-generaal.

De Commissie wordt vrijwel nimmer verzocht haar EB aan te vullen met nationale gegevens

(milieu vormt op dit gebied de voornaamste, spaarzame, uitzondering).

17449/12 lep/LEP/dm 6

BIJLAGE DG G3A L


D. COCLUSIE

Dit onderzoek, dat plaatsvond naar aanleiding van de conclusies van de Raad Concurrentie-

vermogen van december 2011,

is het meest volledige onderzoek naar het gebruik van EB's in de Raad dat heeft plaatsgevonden. In

zijn informatieve nota aan de Raad Ecofin van juni 2012, heeft het Deense voorzitterschap onder

meer naar de desbetreffende werkzaamheden verwezen.

De belangrijkste tendensen kunnen als volgt worden samengevat:

• Sedert de aanneming van conclusies hieromtrent door de Raad/het Coreper, zijn er

vorderingen gemaakt met de bespreking van de EB's die de Commissie regelmatig samen met

haar wetgevingsvoorstellen voorlegt.

• In sommige groepen, en voor sommige voorstellen, wordt de EB aan het begin van de

behandeling van het voorstel uitvoerig besproken. Elders ligt dat anders.

• De bespreking in de groep is van dien aard dat er zelden problemen rijzen die door het

voorzitterschap/het secretariaat-generaal moeten worden voorgelegd aan het Coreper. Voor

het overige blijkt uit het onderzoek niet waarom EB's normaliter niet door het Coreper of de

Raad worden besproken.

• Zeldzame uitzonderingen daargelaten, achtten noch de groepen noch het Coreper het nodig

een EB op te stellen voor een inhoudelijke wijziging door de Raad. Slechts een enkele maal

komen de delegaties met nationale gegevens of informatie over het effect van inhoudelijke

wijzigingen.

• De Commissie is in het algemeen zeer behulpzaam met toelichtingen en aanvullingen op EB's

wanneer voorzitterschappen of groepen daarom verzoeken.

E. VERDERE AAPAK

Het lijkt wenselijk dat de delegaties zich beraden op de tendensen die uit het onderzoek naar voren

zijn gekomen om te bezien of verdere maatregelen nodig zijn.

------------------

17449/12 lep/LEP/dm 7

BIJLAGE DG G3A L


General Secretariat of the Council

Questionnaire on Impact Assessment in all Council configurations

in the period since 2009

25 June 2012

Cluster 1: Examination of Commission impact assessments

ANNEX TO THE ANNEX

a) Is it the practice in your area to discuss the Commission IA in the Working Group at an early

stage in the examination of the proposal?

if yes: how much time or how many meetings are devoted to this discussion

if no: can you say why?

b) Is it the practice that the COM IA is discussed at the pre-Working Party briefing with the

Presidency, Council Secretariat and the Commission?

c) Does the COM IA play a role throughout the negotiation process in the Working Party? Do

Presidencies and Delegations refer to the impacts outlined in the COM IA during discussions

on proposal?

d) In the reports to COREPER from Working Parties, or in Notes for the Chair of COREPER,

does your service refer to discussions on the COM IA?

e) In your sector, has the Commission ever been asked by the Working Party, COREPER or the

Council to amend or complement its original IA? If so, how has the Commission responded?

Cluster 2: Impact assessments of the Council´s own substantive amendments to

Commission proposals

a) Has a Working Party ever decided to carry out an impact assessment out on a substantive

amendment to a Commission proposal? If not, has the question ever been discussed and with

what result?

b) Has COREPER ever decided to carry out an impact assessment on a substantive amendment?

If not, has the question ever been discussed and with what result?

17449/12 lep/LEP/dm 8

BIJLAGE BIJ DE BIJLAGE DG G3A L


c) Has the Presidency ever carried out an impact assessment on a substantive amendment

(possibly with support from the GSC, Member States and/or the Commission)?

d) Has an external consultant ever been engaged to conduct an impact assessment on a

substantive amendment of the Council?

e) Has the GSC ever been asked (by the Presidency, the Working Party, COREPER or the

Council) to produce an IA on behalf of the Council? If so, how did we handle the request and

what were the issues?

f) Has the Commission ever been asked to assist in producing an impact assessment on a

substantive amendment of the Council?

Cluster 3 Processing of information by Member States and national impact

assessments

a) Do delegations regularly present and discuss their own relevant information on the economic,

environmental, social and other impacts on their countries of substantive Council amendments

to legislative proposals?

b) How do Presidencies manage such national data presentation? Has the GSC ever been asked

by the Presidency, delegations or the Council to prepare and present a synthesis of Member

States' input?

c) Has the Commission ever been asked to complement its original impact assessment taking

into account input from delegations?

_______________________

17449/12 lep/LEP/dm 9

BIJLAGE BIJ DE BIJLAGE DG G3A L

More magazines by this user
Similar magazines