EVDO02_NIOD05_6983.pdf

resources21.kb.nl

EVDO02_NIOD05_6983.pdf

Wendingen

a. op de plaats

11. Alle wendingen moeten snel worden uitgevoerd

Na de beweging moet men volkomen stilstaan.

12. „Links (rechts) — om!"

Terwijl de rechterhiel jets wordt opgelicht, wordt,

met een ruk, de rechtervoetbal van den grond

afgezet en geeft daardoor het lichaam den stoot

om 90 gr. te keeren. De linkerhiel. waarop de

zwaarte van het lichaam rust, draait op de plaats,

waarbij de linkervoet eenigszins wordt opgelicht.

De rechtervoet wordt na de wending snel bijgetrokken.

De schouders en vooral de heupen worden

tegelijkertijd in de nieuwe richting gebracht.

13. „Gansche afdeeling — keert!"

De wending geschiedt door een draaiing va;. 180 gr.

naar links. De uitvoering volgens pimt 12.

b. in beweging

14 „Links (rechts) — om!"

Het uitvoeringskommando volgt bij den marsch

„in den pas" bij het neerzetten van den linker

(rechter) voet. De man maakt — terwijl de heupen

en schouders gelijk meegaan — de wending op

den rechter (linker) voetbal. Het linker (rechter)

been wordt, zonder den pas te verkorten, in de

nieuwe richting vooruitgezet. De man gaat in de

nieuwe richting verder.

15. Wendingen in den paradepas worden slechts door

de tamboers en pijpers en de muzikanten uitgevoerd.

8

More magazines by this user
Similar magazines