EVDO02_NIOD05_6983.pdf

resources21.kb.nl

EVDO02_NIOD05_6983.pdf

A. OPLEIDING VAN DEN MAN

De grondstelling

Opleiding zonder geweer

1. De goede houding van den man is een graadmeter

voor zijn opleiding en lichamelijke scholing. Elke

gelegenheid van den dagelijkschen dienst moet

worden aangewend om haar te verbeteren.

2. „Geeft — acht!"

De man staat stil in de houding. De voeten staan

met de hielen tegen elkaar en met de punten van

de schoenen zóóver van elkaar, dat de voeten iets

minder dan winkelhaaks zijn geopend.

Het lichaamsgewicht rust gelijkmatig op hielen

en ballen beider voeten.

De knieën zijn licht doorgedrukt.

Het bovenlichaam recht op, de borst licht vooruit.

De schouders op gelijke hoogte en niet opgetrokken.

De armen zijn licht naar beneden gestrekt, de

ellebogen in geringe mate naar voren gedrukt. De

handen raken met de handwortelen en de vingertoppen

het bovendijbeen. De vingers aaneengesloten.

De middelvinger aan den naad van de

broek, de duim langs den wijsvinger aan den

binnenkant van de hand.

Het hoofd recht op, de kin eenigszins tegen den

hals getrokken. De blik rechtuit gericht.

De spieren licht en gelijkmatig gespannen. Krampachtige

spierinspanning leidt tot een slechte en

gedwongen houding.

3. „Opgelet!"

Bij het kommando „opgelet!", zonder dat het

kommando „geeft — acht!" is voorafgegaan.

6

More magazines by this user
Similar magazines