BevRijöinq

resources21.kb.nl

BevRijöinq

ÖOOR h. B. &&LöeRS

6è,n öe

BevRijöinq

en j. q. Ruwhof winteRSWijk


Herinneringen aan de Bevrijding

van Winterswijk

H. B. Aalders en J- G. Ruwhof.


Voorwoord.

Het heeft in onze bedoeling gelegen, om door dit werkje

de voornaamste gebeurtenissen, die direct aan de bevrijding

vooraf gingen, op papier vast te leggen. Door de spontane

medewerking van enige plaatsgenoten was het ons mogelijk,

dit gedenkschriftje zo volledig mogelijk te doen zijn, alhoewel

nog wel het een en ander zal ontbreken.

Wij geloven echter, dat een ieder met behulp van dit

boekje zich de spannende dagen nog voor de geest zal kunnen

halen.

Verder hebben wij gemeend ook nog de belangrijkste

gebeurtenissen voor Winterswijk, in verband met de luchtoorlog

tegen Duitsland, te moeten memoreren, voor welk doel

wij een apart stukje achter in het boekje gereserveerd hebben.

Wij hopen, dat dit werkje in elke boekenkast een plaatsje

zal innemen, niettegenstaande het ons door de tijdsomstandigheden

niet mogelijk was, het in de uitvoering te doen verschijnen,

die wij gewenst hadden.

DE SCHRIJVERS.


Bevrijding!

God zij gedankt! verlost! verlost!

Ons Winterswijk is vrij!

Verlost van harden oorlogsdruk

En vreemde heerschappij!

Groot was de zorg, hoog was de nood,

Die d'oorlogstijd ons bracht;

Maar thans zijn wij gered, bevrijd,

Verlost uit 's vijands macht!

Ontroerd zien wij het rood-wit-blauw,

Door 't oud oranj' omlijnd!

't Is of na langen donk'ren nacht

Opnieuw de zon weer schijnt!

Oprechte vreugde overal

Na zooveel leed en smart;

Een lach .... een traan.... een handdruk zegt

Wat leeft in ieders hart!

Wij smeeken Godes zegen af

Voor 't dierbaar Vaderland;

Dat naastenliefde heerschen moog'

In alle rang en stand!

Dra neemt ons land zijn plaats weer in

Als kleine vrije staat,

Die eensgezind, vol goeden wil,

De toekomst tegen gaat!

H. J. VONHOF.


Inleiding.

Wanneer begon eigenlijk onze bevrijding? Het is een

moeilijk te beantwoorden vraag, daar er geen concrete datum

te .noemen valt en er zelfs diverse data voor in aanmerking

komen. De één zal misschien het begin van het grote offen­

sief, dat de geallieerde legers inzetten naar de Rijn, als zodanig

beschouwen, terwijl de ander de dag, waarop zij deze rivier

overstaken, als het begin van onze bevrijding ziet.

Wij echter hebben gemeend c m hiervoor Zondag 18 Maart

te moeten aannemen, de dag, waarop voor Winterswijk het

laatste grote luchtoffensief, dat aan de historische overtocht

over de Rijn voorafging, werd ingezet.

Het grote spel begint . . . .

Deze Zondag onderscheidde zich niet van andere. Het

was er een, zoals wij de laatste tijd niet anders gekend hadden,

hetgeen wil zeggen: een doods, stil dorp, waar eigenlijk elke

ontspanning ontbreekt, terwijl boven ons slechts het gegrom

van vliegtuigen te horen is, die hun weg naar het vijandelijk

gebied zoeken. Zo ook op deze stralende lentedag.

Geregeld waren er vliegtuigen in de lucht, doch hierop

werd door de meesten geen acht geslagen. Immers, hoe vaak

hadden wij dat al niet meegemaakt en het waren er deze keer

nu ook niet zo veel, om direct aan een aanval op ons dorp te

denken. Daarbij kwam nog, dat zij op een tamelijk grote

hoogte vlogen en wij meenden, dat zij ons dit keer geen

kwaad zouden doen. Het zou echter anders zijn, want plot­

seling werden wij opgeschrikt door het zo bekende, angstaan­

jagende geluid van duikende vliegtuigen, die hevig door het

7


afweergeschut beschoten werden. Daar er sedert een week

geen stroom meer was en er dus geen luchtalarm gegeven kon

worden, werden velen door deze plotselinge aanval verrast,

hetgeen o.a. in de Misterstraat, waar zich op dat ogenblik nog­

al tamelijk veel personen bevonden, een ware consternatie ver­

wekte. Iedereen zocht snel dekking, hetzij door tegen een

muur te gaan liggen of ijlings een veilig heenkomen te zoeken,

zodat spoedig alle portiekjes gevuld waren met angstig in de

lucht turende mensen.

Direct na het duiken begonnen de vliegtuigen, het waren

er slechts twee, te mitrailleren en gooiden even daarna bom­

men af, die, voor zover wij dit van onze schuilplaats uit konden

nagaan, grotendeels in de buurt van het emplacement der

Nederlandse Spoorwegen en achteraan op de Morgenzonweg

terecht kwamen, de punten, die sedert lange tijd het doelwit

van de geallieerde luchtmacht waren. Nadat de vliegtuigen tot

twee maal toe terug gekomen waren, scheen het voldoende te

zijn, want zij maakten daarna een wijde boog naar het Westen,

om spoedig geheel uit het gezicht te verdwijnen, waarna allen

weer opgelucht uit hun schuilplaatsen te voorschijn kwamen.

Gelukkig zou het niet meer nodig zijn om deze opnieuw te

betrekken.

Wel was in de verte nog het inslaan van bommen of het

gedreun van afweergeschut te horen, doch Winterswijk bleef

die dag van verdere luchtaanvallen verschoond.

Ook de nacht, waarin slechts op grote afstand het gedreun

van artillerie te horen was, bleef rustig. De zoeklichten, die

reeds sedert lange tijd het front verlichtten, waren weer dui­

delijk waar te nemen.

's Maandagsmorgens was er reeds betrekkelijk vroeg weer

activiteit in de lucht en zag het er naar uit, dat er nog wel

eens het een en ander zou kunnen passeren. Deze vermoedens

werden helaas bewaarheid, toen tegen circa half elf een achttal

Jachtbommenwerpers boven het dorp cirkelde en tot de aan-

8


val overgingen, die blijkbaar opnieuw op het stationsemplace­

ment gericht was.

Daarbij werden in totaal een zestal bommen afgeworpen,

waardoor onder anderen twee woonhuizen aan de Kreilstraat

in puin gelegd werden, terwijl een pand aan de Wooldseweg

zware schade opliep. Door boordvuur ontstond begin van brand

in een huis op het Weurden, die echter door tijdig ingrijpen

van de brandweer bedwongen kon worden, zodat erger voor­

komen werd.

Bij deze aanval deden zich gelukkig geen persoonlijke

ongelukken voor.

Na die tijd bleef het nog steeds onrustig, daar er zwermen

Jachtbommenwerpers overtrokken, die elk moment tot de aan­

val konden overgaan. Het gevolg hiervan was, dat er over

het algemeen niet veel gewerkt kon worden, daar, zoals te

begrijpen valt, een ieder nauwkeurig de bewegingen van de

vliegtuigen volgde, om bij het eerste het beste verdachte geluid

tijdelijk veiliger oorden op te zoeken.

Alsof de activiteit van de Jachtbommenwerpers niet

genoeg was, verschenen er des middags grote „Kampfver-

bande", merendeels bestaande uit tweemotorige bommenwer­

pers, die door het afweergeschut hevig onder vuur genomen

werden. Dit maakte bij deze actie wel veel lawaai en verschoot

veel munitie, doch zag geen kans om ook maar één toestel naar

beneden te halen. Er kwamen anders genoeg vliegtuigen over

om een geschikt doelwit te vinden.

Iedereen slaakte een zucht van verlichting, toen tegen het

vallen van de avond de laatste vliegtuigen ons dorp passeerden

en wij dus voor verdere brokstukken gespaard bleven. Ook

de avond en de nacht, die daarop volgden, bleven rustig, ten­

minste wat wij Winterswijkers de laatste tijd onder rustig

pleegden te verstaan.

Nadat wij nu reeds twee dagen grote activiteit van Jabo's

en 's Maandags ook van tweemotorige bommenwerpers hadden

9


Schwere Kampfverbande in Anflug Copyright Ribbink


meegemaakt, vroeg elk zich af: „Wat zal ons vandaag weer ^öHd

boven het hoofd hangen?" Het beloofde niet veel goeds, want

alle tekenen wezen er op, dat het helder weer zou worden.

Dit bleek later op de morgen inderdaad het geval te zijn, zodat

de hoop op een rustige dag meteen in rook vervloog en iedereen

zich met de gedachte een gedeelte van de dag in de schuilkelder

te moeten doorbrengen, aan zijn dagelijkse werkzaamheden

begaf.

Reeds spoedig na het ontbijt waren de tweemotorige zil­

veren vogels in groten getale aanwezig, daarbij trouw begeleid

door hun jagers. Er gebeurde echter voorlopig niets en het

was een regelmatig komen en gaan van deze formaties, die

meestal uit zes of acht toestellen bestonden. De drukte in de

lucht was echter al van dien aard, dat de meeste fabrieken nog

niet eens een aanvang met de werkzaamheden hadden kunnen

nemen en in angstige spanning werd afgewacht, of er nog iets

zou gebeuren.

Ook de spitters bleken niet veel idee meer te hebben om

hun dagelijkse fietstocht naar Varsseveld te aanvaarden, daar

het op de grote wegen, en speciaal ook op de kale Misterweg.

langzamerhand te gevaarlijk was geworden om zich daarover

met enkele personen tegelijk te begeven, daar het wel duidelijk

was, dat het in de bedoeling van de geallieerde legerleiding

lag, om alle verkeer op de grote wegen totaal onmogelijk te

maken, waarvoor zij trouwens herhaaldelijk waarschuwingen

tot ons gericht had. De Duitse Weermacht zag zich dan

ook wel genoodzaakt om het vervoer alleen gedurende de nacht

en op erg donkere dagen te doen plaats vinden, wilde zij niet

een prooi van de Jabo's worden.

Zij had daarbij niet veel geluk, want de laatste dagen

blonken uit door mooi, zonnig weer, dat uitermate geschikt is

voor operaties in de lucht.

Daar zij zich dus in geen geval met auto's enz. op de

wegen kon vertonen, moest zij haar toevlucht zoeken tot klei-

II


nere voertuigen, waarmede zij tijdig dekking kon zoeken tegen

eventuele aanvallen uit de lucht. Zij bediende zich hierbij van

rijwielen, die zij de laatste weken volop gestolen had. Er waren

van allerlei vehikels onder te vinden. Oude, nieuwe, met en

zonder banden, kortom elk soort voertuig, waarmede zij ook

maar enigszins kon vooruitkomen. Er waren zelfs fietsen bij,

die zoveel lawaai maakten, dat zij bijna de aandacht van de

piloten moesten trekken.

Zo ging ook dit verkeer met moeilijkheden gepaard, daar

men bij helder weer de helft van de dag onder een boom de

toestand in de lucht observeerde om toch maar niet door de

Jabo's ontdekt te worden. De Duitsers kregen geen gele­

genheid zich die dag op de weg te vertonen, daar de

Engelse vliegtuigen bijna voortdurend in de lucht waren. Deze

waren tot nu toe echter nog steeds niet tot een aanval over­

gegaan. Zo ging het goed tot plm. kwart voor tien, toen zich

uit een formatie van zes bommenwerpers één toestel los­

maakte, dat waarschijnlijk aangeschoten was. Een ogenblik

later gierden reeds de bommen omlaag en steeg er een grote

rookzuil op in de richting van de Groenloseweg. Toen wij

ons direct hierop naar de plaats des onheils begaven, hoorden

wij reeds onderweg, dat er vier bommen terecht gekomen waren

op de loods naast het fabrieksgebouw van de Firma H. Willink

& Co. Naarmate wij de fabriek naderden, werd het fietsen

steeds meer belemmerd, doordat de naaste omgeving ervan met

glasscherven, stukken van dakpannen etc. bezaaid lag.

Het bleek, dat er helaas twee mensenlevens bij deze bom­

aanval te betreuren waren. De slachtoffers waren in de loods,

waarop de bommen terecht kwamen, werkzaam. Het mag ech­

ter nog een wonder genoemd worden, dat deze aanval niet meer

personen het leven gekost heeft, daar er verscheidenen in de

directe nabijheid van de loods hun werkzaamheden verrichtten

en dus ternauwernood aan de dood ontsnapten. Terwijl de bewo­

ners van de omliggende straten druk bezig waren met het weer

I 2


enigszins bewoonbaar maken van hun woningen en anderen in

groepjes opgewonden over het voorgevallene stonden te praten,

werd het luchtoffensief voortgezet en kon er elk ogenblik weer

iets gebeuren. Voorloopig was dit echter niet het geval, hetgeen

niet wegneemt, dat er nog herhaalde malen in de lucht gescho­

ten werd. Gebombardeerd werd er evenwel niet meer, hetgeen

wel niemand gespeten zal hebben. Tegen het vallen van de

avond keerde de rust in de lucht volkomen terug. Slechts was

in de verte nog gedreun te horen, doch" dit was waarschijnlijk

artillerievuur.

Toen wij 's avonds eens even naar het dorp gingen, om

het nieuws te horen, stonden overal groepjes mensen te praten

over hetgeen 's morgens gebeurd was. Menigeen vroeg zich

af, wat deze operaties van de geallieerde luchtmacht toch te

betekenen hadden. Velen zagen hierin de voorbereidingen voor

de algemeen verwachte spoedige overtocht over de beneden­

loop van de Rijn, daar'de geallieerde legers inmiddels zoveel

vorderingen hadden gemaakt, dat de linkeroever van de Rijn

voor het grootste gedeelte van Duitsers gezuiverd was.

Hoe lang zouden wij nu nog bombardementen te verduren

hebben? Het was een vraag, die natuurlijk niemand beantwoor­

den kon. De bombardementen van de laatste dagen hadden

grote angst onder de Winterswijkse bevolking teweeg gebracht,

zodat velen het plan hadden opgevat om met het hele gezin

de wijk naar de buurtschappen te nemen, daar het langzamer­

hand in de kom van het dorp onhoudbaar werd. Verscheidene

personen keken hun evacuatiekarretje nog eens na, of gingen

het allernoodzakelijkste in kisten of koffers bijeen pakken om

dit in het ergste geval bij de hand te hebben.

Een zwarte dag voor Winterswijk . . . . '

Menigeen stond 's morgens met een bezorgd gezicht op, 1

daar het weer ook deze dag zich uitstekend leende voor lucht-

activiteit. Nauwelijks waren wij dan ook uit de veren, of de

13


vliegtuigen waren er al weer en dus moest opnieuw ernstig

met bombardementen rekening gehouden worden. Dat zij ons

inderdaad niet veel goeds brachten, blijkt wel uit het feit, dat

w ij twee zware aanvallen te doorstaan kregen. Het mooie weer

was er de oorzaak van, dat er nog meer spitters dan de vorige

dag besloten om maar thuis te blijven, tot grote razernij van de

( >,T., het Bureau Arbeidsinzet, enz. Ofschoon er met zware

straffen gedreigd werd, riskeerden de meesten het niet om de

gevaarlijke tocht naar Varsseveld te ondernemen. Zij verkeer­

den dus in dubbel gevaar, daar zij behalve de bombardementen

ook spoedig weer activiteit van deze instanties konden ver­

wachten. Het was echter voor een ieder duidelijk, dat het

luchtoffensief verband moest houden met de een of andere

op til zijnde grote gebeurtenis in de oorlog tegen Duitsland en

de meesten verkozen om die reden, hier de gebeurtenissen af

te wachten, boven naar Varsseveld te gaan spitten, hetgeen

natuurlijk niet zeggen wil, dat thuisblijven voor iedereen moge­

lijk was. Zo kon het dus gebeuren, dat er 's morgens slechts

een zeer gering aantal „terreurspitters" vertrok. Het was dan

ook verre van rustig. Nadat reeds vele Jabo's boven het dorp

gecirkeld hadden en sommige de bekende manoeuvres maakten,

door zich op de kant te leggen, om eens poolshoogte te nemen,

gingen zij tegen tien uur tot de reeds lang verwachte aanval

over. Opnieuw was het gemunt op het emplacement van de

Nederlandse Spoorwegen. Allerlei geluiden drongen tot ons

door: Het korte blaffèn van het Duitse afweergeschut, dat

weer als een razende te keer ging, werd overstemd door het

huilen van duikende vliegtuigen en even later door het ratelen

van mitrailleurs en het geregeld inslaan van bommen.

Aanhoudend stegen grote wolkeu van zand, puin etc. uit

de richting van het station op. Stukken rails kwamen met een

wijde boog midden in het dorp terecht, zodat spoedig te zien

viel, dat de aanval volkomen geslaagd was. Later kwam vast

te staan, dat de spoorlijnen op minstens vier plaatsen vernield

14


De uitwerking van een bombardement op de gebouwen der Nederlandse Spoorwegen. Copyright Ribbink


werden] terwijl tevens enige woonhuizen het hadden moeten

ontgelden. Daar reeds vele bewoners uit de omgeving van. het

station tijdelijk geëvacueerd waren, deden zich geen persoonlijke

ongelukken voor. Drie huizen in de Tuunterstraat, twee in

de Goudvinkenstraat en één in de Rusthuisstraat werden verwoest.

Tegen twaalf uur ontploften nog enkele blindgangers,

zonder echter schade aan te richten.

Het bleek slechts een voorproefje te zijn, van wat later op

de dag nog volgen zou. Eerst 's middags werd het eindelijk een

uurtje rustig en maakte iedereen van de gelegenheid gebruik

om eens even op adem te komen, daar er 's morgens geen

minuut pauze was geweest in het luchtoffensief.

De rust bleek echter van korte duur te zijn, want hierna

kwamen honderden twee- en viermotorige bommenwerpers,

waarvan de laatste in lange slangen van soms wel honderdtwintig

toestellen achter elkaar, overvliegen en wel op zo'n

geringe hoogte, alsof zij de afweer wilden uitdagen, om toch

maar flink op hen te schieten. De vliegtuigen gingen klaarblijkelijk

niet ver Duitsland in, want het gedreun van inslaande

bommen was duidelijk te horen.

Tot overmaat van ramp kwam ook tegen de middag de

treurige tijding binnen, dat tijdens een bomaanval bij Varsseveld

enkele spitters uit Winterswijk om het leven gekomen

waren en anderen min of meer ernstig lichamelijk letsel hadden

opgelopen.

Nauwelijks hadden wij deze tijding ontvangen, toen Winterswijk

opgeschrikt werd door het gieren van vallende bommen.

Het bleek, dat enige zware bommenwerpers uit de formaties

bommen uitgeworpen hadden, die in de omgeving van de

Ortskommandantur aan de Groenloseweg terecht gekomen

waren.

Dit gebeurde ongeveer tegen half vijf en we kunnen wel

zeggen, dat deze bommen de zwaarste zijn geweest, die tot

dusverre in de kom van onze gemeente gevallen waren. De

16


verwoestingen waren ditmaal ontzettend. Direct na het ge­

beurde was de Luchtbeschermingsdienst ter plaatse, evenals het

Rode Kruis en de Brandweer, daar er brand was uitgebroken

in twee getroffen percelen aan de Groenloseweg. Degenen,

die na deze aanval hulp verleend hebben, komt hiervoor alle lof

toe, aangezien nog steeds zwermen bommenwerpers overtrok­

ken en er voortdurend gevaar bestond voor nieuwe aanvallen.

Immers, waar op de grond brand is en voertuigen dicht bijeen

staan en waar veel mensen bedrijvig heen en weer lopen, is

men nooit veilig. In het huis op de hoek van de Prins Hendrik­

straat en de Groenloseweg, waar tussen glasscherven, puin

etc. de gewonden de eerste hulp verleend werd, was het een

zenuwslopende toestand. Toen de gewonden namelijk zo goed

en zo kwaad het ging onder deze omstandigheden, verbonden

waren, weerklonk plotseling een nieuwe hevige explosie, waar­

door het gehele huis op zijn grondvesten stond te schudden.

De gewonden waren radeloos. In alle hoeken wilden zij weg­

kruipen en dachten geen moment aan hun verwondingen. In

haar angst trok een van de gewonden zich het zo juist aan­

gelegde noodverband weer los, zodat de patiënte opnieuw ver­

bonden moest worden. Even later werden wij gewaar, dat deze

explosie veroorzaakt was door een blindganger in een der

brandende woonhuizen, terwijl verschillende leden van de hier­

boven genoemde hulpdiensten zich in de directe omgeving

bevonden. Het mag wel een wonder genoemd worden, dat

hierbij niemand noemenswaardig letsel opliep. Zo spoedig

mogelijk werden daarna de gewonden per vrachtauto van de

luchtbeschermingsdienst naar het Algemeen Ziekenhuis ver­

voerd, om daar verder behandeld te worden. Het aantal doden

bedroeg in totaal vijf, die zich tijdens de aanval in een der

brandende huizen bevonden hadden, terwijl later nog een zesde

slachtoffer aan de bekomen verwondingen bezweken is.

Tot laat in de avond was de brandweer nog druk bezig

met het blussen van de brandende percelen aan de Groenlose-

17


weg, doch hiervan was niets meer te redden en er bleef slechts

een grote smeulende puinhoop over. Behalve deze huizen wer­

den er nog drie woningen aan de Jan Tooropstraat volkomen

vermeld en Hepen zeven andere zware beschadigingen op.

Daarnaast waren er nog talloze panden met glasschade,

dakschade enz. Daar er ook nog enkele blindgangers tussen en

achter de huizen op de Vrees terecht gekomen waren, moest

in verband met het gevaar van explosie een gedeelte van deze

buuU ontruimd worden. Welk een opluchting was het, toen

eindelijk, na een dag vol verschrikkingen, de rust weerkeerde,

tenminste wat betreft de vliegtuigen. Overdag was het verre

van rustig. Dat de toestand in Duitsland ging spannen, bleek

wel uit het feit, dat alle Duitse mannen, die naar Winterswijk

gestuurd waren, zich hier ter plaatse bij de Duitse instanties

moesten melden voor de „Volkssturm", teneinde hun Vader­

land tot de laatste snik te verdedigen.

Daar de Ortskommandant het intussen te gevaarlijk achtte

om nog langer aan de Groenloseweg te blijven, nam hij zijn

intrek in een huis bij de Bataafse Molen. Aangezien de toe­

komstige Volkssturmers hier niet mede op de hoogte waren

gesteld, gaf dit aanleiding tot een hopeloze verwarring, daar

geen van hen wist, waar zij zich nu eigenlijk moesten melden.

Direct na het invallen van de duisternis kwam er veel vervoer

op de Groenloseweg, alles in de richting van ,,die grosze

Heimat". Het viel dan ook niet te verwonderen, dat na deze

emotionele dag de wildste geruchten de ronde deden, zoals de

algehele evacuatie van Bocholt en Borken. Dit was trouwens

een nieuwtje, dat de laatste dagen reeds herhaaldelijke malen

was rondgestrooid.

Het horen van al die geruchten maakte vele mensen nog

nerveuzer, dan zij na deze vier dagen van bombardementen

geworden waren. Radio Oranje, waarnaar'wij deze avond

traditiegetrouw weer gingen luisteren, bracht echter geen

iS


schokkend nieuws en zo begaf zich een ieder met gemengde

gevoelens naar bed.

De spanning stijgt ten top . . . .

Het was Donderdag 22 Maart opnieuw mooi weer, het­

geen dus inhield, dat we weer dezelfde vooruitzichten hadden-

als de voorafgaande dagen. In een vergadering van fabrikan­

ten, die intussen gehouden was, werd besloten om alle fabrieken

voorlopig tot de eerstvolgende Maandag stil te leggen, daar er

onder deze omstandigheden onmogelijk geproduceerd kon wor­

den. Nog meer dan de vorige dagen werd aan het in gereedheid

brengen der evacuatiekarretjes gewerkt en een groot deel van

de mannen besteedde zijn vrije tijd hieraan, daar het dreigende

onheil „evacuatie" steeds naderbij kwam. Iedereen hoopte

natuurlijk, dat wij voor zulk een ramp gespaard zouden blij­

ven, maar de kans dat het toch zou moeten plaats vinden, steeg

van uur tot uur. Zo kon het gebeuren, dat verschillende gezin­

nen, die het onverantwoordelijk achtten om nog langer in het

dorp te blijven, reeds in de vroege morgenuren de buurtschap­

pen optrokken om dan 's avonds tegen schemerdonker terug

te keren. Het was dan ook inderdaad niet aanlokkelijk om nog

langer in het broeinest Winterswijk te blijven. De schrik zat

er zelfs zo in, dat zich nagenoeg niemand op straat vertoonde

en men zich alleen in de dringendste gevallen van huis begaf.

De spitters bleven in nog groteren getale thuis dan voorheen

en de toestand scheen van die aard te zijn, dat zij van de zijde

van de S.S., Landwacht en dergelijk gespuis niet veel gevaar

meer te duchten hadden, daar deze zich ook al evenmin op

straat vertoonden.

Het was deze morgen weer het oude liedje, dat wil dus

zeggen: Vroeg opstaan, daar er reeds spoedig na zonsopgang

weer grote activiteit in de lucht was, in de vorm van Jabo's

en twee- en viermotorige bommenwerpers. Naarmate de mor­

gen verstreek, doken er steeds meer toestellen op en wij konden

19


ons 's avonds niet gelukkig genoeg prijzen, toen wij voor het

eerst eens overdag van bombardementen verschoond gebleven

waren. Dit had wel niemand durven hopen, want uit alle wind­

richtingen waren formaties komen aanvliegen, hetzij bommen­

werpers, hetzij Jabo's. Het was eenvoudig onbegrijpelijk, waar

•zij zo gauw vandaan kwamen. De ene formatie was nauwe­

lijks op weg naar Duitsland, of talloze anderen kwamen reeds

weer van hun bezoek terug. Het ging aan de overkant dan ook

minder goed. Vooral na de middag, toen het „onweer" niet van

de lucht was, stond hier alles te schudden en rinkelden de

ruiten- zo hard, dat je ieder ogenblik het idee had, dat zij het

allemaal zouden begeven. Hieruit viel op te maken, dat de

vliegtuigen niet ver Duitsland ingingen. Tegen drie uur

's middags kwamen er donkere wolken opzetten uit het Zuid­

westen en velen meenden in den beginne, dat er slecht weer op

komst was, hetgeen echter niet erg aannemelijk was, daar het

toch de hele morgen mooi lenteweer geweest was en zich geen

wolkje aan de helderblauwe lucht vertoond had. Toen deze

wolk, die zich steeds naar alle zijden uitbreidde, aan de zon

voorbijtrok, bleef deze hierachter als een vuurrode bal zichtbaar

en was eventueel onweer dus uitgesloten.

Alle verschijnselen, waarmede een onweer gewoonlijk

gepaard gaat, waren anders aanwezig: Donkere wolken, dikke

lucht, gerommel, doch de bliksem ontbrak. Wat kon dan echter

wel de oorzaak zijn? De een meende, dat het een nevelgordijn

was van het front, terwijl anderen een grote brand veronder­

stelden, wat ook niet voor de hand lag, daar de nevel zich

langs de gehele horizon verspreidde. Deze nevel werd nu zo

dicht, dat het er in Winterswijk zelfs koud en donker van

werd. Zij, die aan een brand gedacht hadden, bleken het bij het

rechte eind gehad te hebben, want na verloop van tijd dwar­

relden ontelbare stukjes verbrand papier over het dorp, die

als het ware een regen van stofdeeltjes vormden, zelfs zo erg,

dat het fietsen hierdoor haast onmogelijk werd. Het gedreun

_>< >


en gerommel hield aan en langzamerhand begon de lucht over

een grote breedte geheel rossig te worden, 's Avonds werd er

verteld, dat Bocholt zwaar gebombardeerd was en zo goed als

met de grond gelijk gemaakt was, hetgeen de volgende dag

door de berichten bevestigd werd. Behalve Bocholt werden nog

verscheidene andere plaatsen dicht bij de grens zwaar getrof­

fen, waaruit velen de conclusie trokken, dat nu toch wel spoe­

dig de overtocht over de gehele Rijn een feit zou worden.

Alle grote plaatsen en ook kleinere plaatsjes in Duitsland, die

betrekkelijk dicht bij deze rivier liggen, hadden nu een beurt

gehad. Ook vermeldden de berichten van de Engelse zender,

die de laatste tijd door overtypen etc. onder een groot deel van .

de bevolking verspreid werden, dat Montgomery reeds enkele

dagen geleden het front langs de Rijn over een breedte van

honderd kilometers in dichte nevels gehuld had, teneinde de

operaties van zijn leger voor den vijand te verbloemen. Zelfs de

Duitse radio was er van overtuigd, dat zeer binnenkort de grote

aanval op het hart van het Derde Rijk ingezet zou worden.

De spanning steeg van uur tot uur en werd bijkans ondra­

gelijk, u

Wat een weelde was het voor ons Winterswijkers, toen '

wij Vrijdagsmorgens konden zeggen, dat wij zo maar een hele £3

dag en nacht geen bombardementen te doorstaan hadden gehad.

Toch hadden weinigen meer vertrouwen in deze tijdelijke rust

en iedereen had nog steeds angst voor een eventueel groot

bombardement, nu aan de overkant alle plaatsen, tot de kleinste

toe, aangevallen waren eri nog steeds bestookt werden. Ons

dorp wordt immers aan drie zijden door Duitsland begrensd

en wij zaten dus eigenlijk midden in de vuurhaard.

Mede naar aanleiding van het bombardement van Woens­

dag trok een groot gedeelte van de bevolking, dat tot dusverre

de toestand nog eens aangezien had, nu ook de buurtschappen

op, zodat Winterswijk langzamerhand leeg liep, en op een

onbewoond eiland begon te gelijken. Al het „rollend" materiaal,

21


zoals bakfietsen, gewone fietsen, kruiwagens, handkarren en

boerenwagens, voor zover nog niet door de bezetters „georga­

niseerd", werd in allerijl gerequireerd om beddegoed, meubels

en andere onmisbare huishoudelijke artikelen büiten de gevaren­

zone te brengen. Sedertdien hebben vele Winterswijkers de op

komst zijnde bevrijding, die nu waarschijnlijk niet lang op zich

zou laten wachten, in kippenhokken en andere geïmproviseerde

woningen afgewacht. Alhoewel de vliegtuigen weer volop acte

de présence gaven, gebeurde er die dag boven de kom van onze

gemeente niets.

Het was alsof de geallieerde vliegeniers vandaag dit ge­

deelte van Winterswijk eens wilden sparen en zij gooiden nu de

spoorlijn in Miste kapot', waarbij voorts enkele huizen en boer­

derijen schade opliepen.

Tegen half vijf in de middag begon het geweldig te dreu­

nen en opnieuw leek het, dat diverse ruiten het zouden moeten

begeven, terwijl alle deuren stonden te klapperen.

Onze eerste gedachte was natuurlijk weer bombarderen,

doch toen het gedreun steeds maar aanhield en altijd uit

dezelfde richting kwam en .er bovendien in het geheel geen

vliegtuigen te horen waren, moest het wel wat anders zijn.

Het enige waarschijnlijke was een trommelvuur van de artil­

lerie, dat, voor zover wij konden nagaan, uit het Zuidwesten

kwam, in welke richting wij de laatste tijd geregeld het doffe,

eentonige gerommel, waaraan artillerievuur te herkennen is,

gehoord hadden. In zulke hevige mate als thans het geval was,

hadden wij het echter nog nooit gehoord. Dit trommelvuur

duurde de gehele avond voort, doch tegen de nacht werd het

allengs minder en meenden wij op een rustige nacht te kunnen

rekenen. Hierin kwamen wij evenwel bedrogen uit, want

's nachts werden wij van onze rust beroofd door Jabo's, die

aan één stuk door boven het dorp cirkelden en daarbij geregeld

salvo's uit hun mitrailleurs weggaven.

22


Het grote nieuws . . . .

Toen wij 's Zaterdagsmorgens met een slaperig gezicht

naar het werk gingen, viel het op, dat overal troepjes mensen

druk redenerend en gebaren makend aan de straat stonden.

Wat zou er nu weer aan de hand zijn? Wij luisterden eens

zo'n gesprek af, dat tussen twee boeren gevoerd werd en

waarvan de inhoud ongeveer als volgt was:

„Zeg, heb-ie et ok al eheurd, dat ze den Rien ovver bunt?

Eene, dee et altied wal wetten kan, hef et mi'j veur waor

verteld," waarop de ander schampertjes ten antwoord gaf:

„Keerl. ie bunt neet wies."

De eerste gaf zich echter niet gewonnen en vervolgde zijn

betoog: „Jao, maor et kon noo toch wal es waor wezzen, want

et hef ter weer zo onwies ebatert dee kante oet. En bi'j ons

kwam vannach met zonnen raozenden haost ne Duutsen auto

langs stoeven, da'k bi'j mi'j zelf dachte: Jan, et dug 't er neet,

d'r is vaste wat loos. Dee keerls gaot joo an as halve onwiesen,

wat ze trouwens, lao'we maor eerlijk wezzen, ok allemoale

bunt."

„Jao," zei de ander, die zich hoe langer hoe meer over­

tuigd begon te voelen: „Dat batern he'k vannach wal eheurd

en ik geleuve ok wal, dat er wat te doone is, maor laote wi'j

ons nog neet bli'j maken met een dood voggelken."

„Nee, maor ik hebbe mi'j tenminste noo al vaste de fietse

epakket en as de mieter onder et heuj estoppet. Den is in

ieder geval onder dak, dacht ik bi'j mi'j zelf. Noo laot ze

maor kommen."

„Maor pas op de Jabo's," waarschuwde de ander, die

schijnbaar niet veel vertrouwen had in hun bewegingen. „Want

dee leelijke dinge zit al weer in de locht," waarop de twee

uit elkaar gingen en ieder zijn weg vervolgde, natuurlijk meer

naar boven kijkend, dan op het verkeer lettend.

Wij gingen nu ook verder en dachten beiden: Het zal wel

weer loos alann zijn, doch gezien de artillerieactiviteit gedu-

23


ende de laatste twaalf uren, zeiden we tot elkaar: Het kon

c

- er nu toch wel eens gaan spannen. Dat spoedig het grote laatste

offensief op Duitsland los zou barsten, stond voor iedereen zo

langzamerhand vast. Toen we onderweg nog steeds groepjes

mensen bij elkaar zagen, die allen zonder uitzondering over de

overtocht over de Rijn spraken, begonnen we hoe langer hoe

meer aan de waarheid van dit bericht te geloven en wilden we

onze nieuwsgierigheid niet langer op proef stellen. We besloten

dan ook tegen de gewoonte in, om reeds die morgen het nieuws

te gaan horen. Onze eerste reis was toen dus naar de geheime

luisterpost, teneinde daar de berichten van de B.B.C. uit Lon­

den te horen. Blijkbaar hadden meer luisteraars dit plan op­

gevat, want toen wij ter plaatse arriveerden, waren ons reeds

verscheidene „klanten" voor, ook al om dezelfde reden.

Toen even later het bekende herkenningsgeluid door de

aether weerklonk, werd het volkomen stil en wachtten allen op

de zo bekende sympathieke stem van den omroeper. Daar klonk

het reeds: „Goeden morgen luisteraars, hier is Radio Londen"

etc. „Hier volgt allereerst een bijzonder bericht uit het hoofd­

kwartier van de geallieerde legers in het Westen." Dit brak de

spanning enigszins, daar het haast niets anders kon zijn dan

het nieuws van de overtocht over de Rijn. En inderdaad bleek

dit keer het gerucht eens niet een gerucht te zijn, want

het bijzondere bericht luidde als volgt: „Zo juist werd ons

bericht, dat eenheden van het eerste Canadese, tweede Britse

en negende Amerikaanse leger hedenmorgen over een breed

front de Benedenrijn zijn overgestoken. Deze operatie werd

uitgevoerd ten Noorden van het Roergebied en wel bij Wezel,

Xanten en Rees. Onder de bescherming van een honderd kilo­

meter lang nevelgordijn en een trommelvuur, dat aan hevigheid

alle andere tot nu toe heeft overtroffen, staken stormtroepen

in duizenden gepantserde stormboten de rivier over en vormen

van uur tot uur bruggenhoofden. Aan deze operatie werd door

vijftienhonderd transport- en zweefvliegtuigen deelgenomen,

-'4


die luchtlandingstroepen neerlieten, terwijl vijftienhonderd

bommenwerpers de gevechten ondersteunden. De troepen zijn

reeds twee tot drie kilometer in het Duitse gebied doorgedron­

gen. In Wezel en Rees wordt reeds hevig gevochten."

Zo was dan op Zaterdag 24 Maart de laatste phase van

onze bevrijding begonnen, die echter, zoals later zou blijken,

nog weer door talrijke luchtaanvallen zou worden vooraf­

gegaan.

We hadden het nieuws zo goed en zo kwaad als het ging

opgenomen en durfden het nu ook gerust door te geven. Aan­

gezien natuurlijk veel meer personen geluisterd hadden, werd

het bericht spoedig als een lopend vuurtje verspreid en was

binnen afzienbare tijd het gehele dorp van het grote nieuws

op de hoogte.

De spanning was gebroken

Het gevolg van dit bericht was, dat er die dag niet veel

gewerkt werd, doch zo veel te meer gepraat. Ofschoon natuur­

lijk niemand met de plannen van de geallieerde legerleiding

bekend was, wist de een nog al beter dan de ander, hoe de

toestand zich nu verder zou ontwikkelen.- Overal rezen „oor­

logsstrategen" als paddestoelen uit de grond en zo werden hele

veldslagen op straat in elkaar gezet en tot een goed einde

gebracht, want men was het er wel over eens, dat het er nu

voor de vroeger onoverwinnelijke Duitse legers donker begon

uit te zien. Dit neemt niet weg, dat we 's morgens ook nog

enkele N.S.B.-ers tegen elkaar hoorden zeggen: „Nu zal wel

spoedig het geheime wapen ingezet worden door onze bondge­

noten en dan zul je zien, hoe gauw de Tommies verslagen en

verpletterd de wijk moeten nemen naar Engeland."

Hoe het ook zij, de dag, waarnaar wij allen in angstige

spanning hadden uitgezien, was nu aangebroken en velen koes­

terden de stille hoop om nog voor Pasen de „Frontbuchhand-

lung", die in de gauwigheid nog op de Markt geopend was, en

daarmede natuurlijk ook alle Duitsers, te zien verdwijnen.

-'5


De gehele dag door was er artillerievuur te horen en

iedereen wist thans zeker, waar dat vandaan kwam; er was nu

geen twijfel meer mogelijk. Toch werd het artillerievuur nog

weer overstemd door het geronk van de vliegtuigen, die er voor

de verandering weer eens „plenty" waren, om eens een heden­

daagse uitdrukking te gebruiken. Zij gingen echter geen enkele

keer tot de aanval over, totdat tegen half zes acht Jabo's

begonnen te mitrailleren en daarbij tegelijk raketbommen af­

schoten, die grotendeels bestemd waren voor het Duitse lucht­

afweergeschut. Er werden er echter ook enige boven de kom

van het dorp afgeschoten en ze zagen zowaar kans om er één

in het huis van onzen N.S.B.-Burgemeester te deponeren.

Zouden ze het geweten hebben?

Ons dorp, dat anders 's Zaterdagsavonds zo'n levendige

indruk maakt en waar een gezellige drukte in de straten heerst,

was nu als uitgestorven. Zelfs in de normaal zo drukke Mister-

straat was het bijna geheel stil. Iedereen had blijkbaar nog de

schrik in de benen zitten. Dat de N.S.B.-ers zich na de gebeur­

tenissen van die morgen ook niet meer lekker voelden, bleek

wel uit het feit, dat talrijke evacué's, die zich in de bewogen

Septemberdagen in de huizen van ondergedoken spoormensen,

gemeenteambtenaren etc. hadden genesteld, 's avonds hun bie­

zen pakten en naar veiliger oorden, althans dat meenden zij,

evacueerden. Dit geschiedde vaak met medeneming van huis­

raad, dat de vorige bewoners hadden moeten achterlaten.

Vele spitters en ex-spitters, die geregeld door deze heerschap­

pen achterna gezeten waren, zullen zich bij het zien van de

aftocht wel opgelucht gevoeld hebben. Onze Winterswijkse

N.S.B.-ers bleven voorlopig nog hier, alhoewel velen blijkbaar

met een spoedig vertrek rekening hielden, daar zij ook reeds

verschillende van hun bezittingen gingen inpakken, om, zodra

dit noodzakelijk mocht worden, direct met de Noorderzon te

kunnen vertrekken.

2

Dit zou wel niet lang meer duren, want 's avonds meldde


de Engelse zender, dat de landing volkomen geslaagd was en

de vier bruggenhoofden van Emmerik tot het Roergebied

reeds waren verenigd tot één groot bruggenhoofd, dat een

lengte had van 50 K.M. en 12 K.M. diep was, terwijl ook de

luchtlandingstroepen, die een sterkte hadden van 40.000 volledig

uitgeruste soldaten, nu al een verbinding met de hoofdmacht

van de overgestoken troepen tot stand hadden gebracht.

Dat onze „beschermers" de situatie niet al te rooskleurig

inzagen, werd ons duidelijk, toen Zaterdagavond tegen half acht

Duitse tanks en pantserwagens, die uit de richting Aalten en

Lichtenvoorde over de Misterweg kwamen, ons dorp binnenrolden,

om daarna hun weg in de richting Duitsland te vervolgen.

Het was één lange stoet en Winterswijk stond al weer duizend

angsten "uit, toen spoedig daarop de Jabo's boven het dorp

cirkelden en die bewoners, welke niet uit de slaap werden

gehouden door het aanhoudend ratelen van de rupsbanden der

tanks, wakker maakten. Daarbij was ook 's nachts geregeld

het artillerievuur te horen, de ene keer wat duidelijker dan de

andere, doch het hield steeds aan. Bovendien waren de stralen

van de zoeklichten, die het front verlichtten en het flikkeren

van het mondingsvuur waar te nemen. Er werd volop aan onze

bevrijding gewerkt!

Wij waren allen even gelukkig, toen tegen zes uur 's morgens

eindelijk eens het geratel, dat sinds de vorige avond bijna

aan één stuk voortgeduurd had, minder werd en wij niet door

de Jabo's onder vuur waren genomen. Zou dit wel het geval

geweest zijn, dan zou ons dorp er zeer waarschijnlijk minder

goed zijn afgekomen.

Het scheen alsof er niet veel geslapen was, wat duidelijk

aan het licht kwam, toen 's Zondagsmorgens reeds om half

zeven buurpraatjes gehouden werden. Verschillende optimisten

waren de mening toegedaan, dat vlak achter deze Duitse

colonnes de Engelse en Amerikaanse tanks binnen zouden rukken,

hetgeen iedere Winterswijker vurig hoopte, daar wij dan

27


voor goed van bombardementen en beschietingen verlost zou­

den zijn. Dit was echter niet het geval, want nauwelijks was

het zonlicht doorgebroken, of de Jabo's trokken opnieuw flink

van leer. Voortdurend werd er geschoten, waarbij het afweer­

geschut, dat rondom het dorp was opgesteld, het geregeld

moest ontgelden. Deze gevechten tussen vliegtuigen en lucht­

afweer liepen meestal op een nederlaag voor de laatste uit.

Eén week was nu reeds verstreken sedert het begin van

het nieuwe grote luchtoffensief en nog altijd duurde het voort.

Zo ook vandaag. Het is niet rustig geweest. Jabo's vlogen af

en aan, soms in formaties van zes of acht toestellen, dan weer

eens alleen.

Daarbij maakten ze nog al eens de bekende manoeuvres,

die aan een aanval voorafgaan, doch tegen de verwachtingen

in gebeurde er niets, tenminste niet boven het dorp. Wel werd

er boven een van de buurtschappen nog hevig geschoten en

waren wij ooggetuige van een luchtgevecht, waarbij één Duitse

jager het opnam tegen een twaalftal Jabo's. De uitslag van dit

gevecht, dat circa 10 minuten duurde, was, dat de Duitse jager

neerstortte, echter nadat hij even hiervoor een Engels vliegtuig

ten val had gebracht.

Evenals de voorgaande dagen leek Winterswijk wel uitge­

storven, aangezien zich haast niemand op straat vertoonde.

Rijwielen waren er in het geheel niet te zien, want vooral een

Duitse eenheid, die in Lichtenvoorde gelegerd was, hield zich

druk bezig met het vorderen van deze voertuigen, waarschijn­

lijk om hiermede de terugtocht te aanvaarden. Er stond hun

voor dit doel niet al te veel materiaal meer ter beschikking,

getuige de talloze vrachtwagens, autobussen en personenauto s,

die de laatste tijd een prooi van de Jabo's waren geworden en

lis een verwrongen massa hout en ijzer langs de wegen lagen.

De artillerie liet ook 's Zondags flink van zich hooren.

Bijna zonder pauze bulderden de kanonnen en drong een dof

gerommel, dat de ruiten deed rinkelen, tot ons door. Het was

28


echter niet zo hevig, als we de beide vorige dagen gewoon

waren en menigeen vroeg zich af, of de geallieerde legers werkelijk

niet zoveel tegenstand hadden, zoals de radio ons verteld

had. Daarbij kwam nog, dat het vanzelfsprekend onbekend was,

in welke richting het geschut zich verplaatste, want het was

heel goed mogelijk, dat de overtocht over de Rijn een directe

aanval op het Roergebied zou betekenen en de opmars van de

geallieerde legers zich in Zuidelijke richting zou voltrekken.

De berichten van Radio Oranje hielpen ons echter

enigszins uit de droom, daar hierin gezegd werd, dat onze

geallieerde bondgenoten van drie bruggenhoofden uit Oostwaarts

snelden. De totale tegenstand zou gebroken zijn, hetgeen

door een telegram uit het hoofdkwartier van generaal

Montgomery bevestigd werd. De tankvoorhoeden snelden

vooruit, terwijl de hoofdmacht minstens 20 K.M. voorwaarts

gedrongen was. Hoe dikwijls zouden nu 's avonds frontkaarten,

atlassen etc. voor de dag gehaald zijn om het front precies'na

te gaan en om uit te meten hoe ver het nog van ons

verwijderd was, terwijl oud en jong bespraken, wanneer we

de Tommies hier konden, verwachten. Er werden hele berekeningen

gemaakt, waarvan de uitkomsten uiteenliepen van 2 a 3

tot 14 dagen. Deze laatsten waren, gezien de berichten, wel wat

pessimistisch. Misschien waren het wel spitters geweest, die

zelf de versterkingen(?) hadden aangelegd, welke de geallieerde

opmars moesten stuiten! Wij vermoedden echter, dat deze de

opmars niet noemenswaard zouden vertragen. De richting van

de. opmars in aanmerking genomen, zouden wij zeer binnenkort

bevrijd moeten worden. De algemene opinie was dan

ook, dat wij Pasen zouden kunnen vieren in een vrij Winterswijk.

De berichten waren in ieder geval zeer hoopgevend.

Zowaar werden we 's nachts met rust gelaten.

's Maandagsmorgens haalden de Jabo's echter de schade «

weer in, daar zij reeds om zeven uur tot een aanval met boordwapens

overgingen, waarbij een manspersoon om het leven

k w a m

- (MUid^it^)


Zoals op de vergadering van de vorige week besproken

was, zouden de fabrieken weer beginnen te draaien, doch wij

vermeldden reeds eerder, dat velen het dorp verlaten hadden

en elders waren gehuisvest, terwijl degenen, die nog thuis

gebleven waren, het te gevaarlijk achtten om de werkzaamheden

op de fabrieken te hervatten. Daar het dus onmogelijk

was om te produceren, werden de fabrieken opnieuw tot nader

order gesloten. Het was maar goed, dat tot deze maatregel

werd overgegaan, want er zou toch van werken niet veel gekomen

zijn, daar grote zwermen Jabo's kwamen overvliegen,

waarbij dikwijls geschoten werd. Het front was nu blijkbaar

zo dicht Winterswijk genaderd, dat het gerommel, dat wij tot

nog toe gehoord hadden, overging tot het lawaai van elk. der

salvo's afzonderlijk. We zouden het echter binnenkort nog duidelijker

kunnen horen.

Wat de Jabo's betreft, ze hielden zich gedurende de morgen

tamelijk rustig en gingen niet tot bombarderen over.

Tegen kwart voor twee in de middag evenwel cirkelden vier

toestellen boven onze gemeente, die even daarna tot de aanval

overgingen, welke, naar men zegt, op de graansilo van de

Coöp. Landbouwersbond gericht was, op welk gebouw enige

Duitse militairen op de uitkijk stonden.

Behalve met boordwapens werden zij ook met raketbommen

bestookt, waarvan er totaal 18 werden afgeschoten. Het

resultaat was, dat niet alleen de silo, maar ook de spoorrails

naar Groenlo werden geraakt en vernield. Voorts werden er

op de Hoge Hazel nog twee woonhuizen beschadigd. Bij deze

aanval is het die dag gelukkig gebleven, ofschoon het er nog

geruime tijd naar heeft uitgezien, dat er een tweede, of misschien

nog wel een derde bombardement zou volgen.

Langzamerhand begon het gedreun der artillerie echter zo

hevig te worden, dat het gegrom der vliegtuigen er door overstemd

werd. Nu waren alle salvo's zeer duidelijk afzonderlijk te

horen. De bevrijding naderde van uur tot uur!


Wat zou ons het nieuws 's avonds weer brengen? De ver-


wachtingen hieromtrent waren hoog gespannen, doch de eerlijkheid

gebiedt ons te zeggen, dat de berichten enigszins tegenvielen,

daar er geen tastbare feiten werden genoemd. Hadden

we alleen nog maar het veroveren van een of andere grote

stad gehoord, dan zou het heel anders geklonken hebben. Wel

werd opnieuw bekend gemaakt, dat de weerstand aan het

Westelijk front totaal ineengestort was. Nu dient echter niet uit

het oog verloren te worden, dat er door de geallieerde legerleiding

een gedeeltelijke geheimhouding van de vorderingen van

hun legers bevolen was en het nieuws dus als het ware door

de feiten achterhaald werd. Hierdoor was het dus heel goed

mogelijk, dat het front reeds een volkomen ander beeld toonde

dan wij meenden. Hoe slecht het er met de Duitse legers voor

stond, werden wij gewaar uit een frontreportage, waarin verteld

werd, dat er slechts weinig Duitse tanks in de strijd

waren, vanwege het gebrek aan benzine. Het leger kwam te

voet naar het front, terwijl de munitie met paard en wagen

naar voren gebracht werd. Uit Nederland was een tankdivisie

gehaald, welke thans vermoedelijk bij Dorsten vocht. (Het

betreft hier waarschijnlijk de tanks, die van Zaterdag op Zondag

door het dorp trokken.) Van de andere fronten over de

Rijn werd meer uitgebreid nieuws gegeven, doch zoals te

begrijpen valt, was de aandacht het meest gevestigd op de

Noordelijkste sector van het Westelijk front, 's Avonds om

zeven uur brak een geweldig artillerievuur los, dat zo hevig

was, dat velen niet naar bed gingen, daar zij dan toch door

het lawaai en het schudden uit de slaap gehouden zouden

worden. Dit heeft voortgeduurd tot 's nachts drie uur, waarna

het eindelijk zo rustig werd, dat er een redelijke kans op slapen

bestond.

Een bijzondere dag . . . .

Dinsdag 27 Maart was wel een eigenaardige dag. Er waren

de gehele morgen geen vliegtuigen te zien of te horen, terwijl

van het front evenmin iets te bespeuren viel. Nu waren de

31


weersomstandigheden niet direct ideaal te noemen voor vliegtuigacties,

maar hoe vaak hadden wij het al meegemaakt, dat

er bij slecht weer grote formaties overtrokken, zonder dat zij

door het dichte wolkendek te zien waren. Plet werd al later

en later en er kwam niet één vliegtuig de rust, die nu alom

heerste, verstoren, terwijl ook het artillerievuur maar bleef

zwijgen. Een ieder zou geneigd zijn te vermoeden, dat de rust

weldadig aan zou doen, doch dit was geenszins het geval, daar

deze zelfs onheilspellend geleek. Indien er nu nog maar een

paar vliegtuigen geweest waren, zou men gezegd hebben: „Nu

ja, het weer is niet geschikt voor operaties op grote schaal."'

maar nee, het was en bleef stil. Wat zou er toch aan de hai.d

zijn? ledereen ging aan het raden en gissen, wat de reden van

deze abnormale stille kon zijn en het viel dan ook geenszins

te verwonderen, dat er fantastische verhalen de ronde begonnen

te doen. Zo had er iemand gehoord, dat de Duitsers die

morgen het nieuwe geheime wapen zouden hebben ingezet,

waardoor het mogelijk was, dat de geallieerde vliegtuigen niet

boven het front konden verschijnen.Een ander meende, dat het

nog erger was en dat zelfs het gehele luchtverkeer was stilgelegd.

Voor het zwijgen der artillerie wist hij echter geen

verklaring te geven. Deze geruchten waren echter zo fantastisch,

dat niemand er ook maar iets van geloofde, hoewel de

stilte pijnlijk was. Nummer drie kwam met een geloofwaardiger

verhaal en wist te vertellen, dat de Duitsers wapenstilstand hadden

aangevraagd en dat dit door de geallieerde legerleiding zou

zijn toegestaan. Dit zou dus inhouden, dat de oorlogshandelingen

in het Westen waren gestaakt. Dit nieuws was echter

ook weer niet voldoende betrouwbaar, daar dit dan toch in

elk geval officieel door de radio zou zijn bekend gemaakt en we

misschien klokkengelui te horen gekregen zouden hebben. Verschillende

anderen kwamen met een bericht, waarvan de

inhoud ongeveer op hetzelfde neerkwam. Alleen met dit verschil,

dat de Geallieerden aan de Duitsers enige bedenktijd

hadden gegeven om onvoorwaardelijk te capituleren. De tijd,

3-'


die hiervoor aan de Duitsers gegund werd, varieerde bij de verschillende

„berichtgevers" van zes tot acht en veertig uur.

Wij spraken persoonlijk iemand van de zo juist hier gearriveerde

Volkssturm. Hij vertelde, dat hij die morgen uit

Duitsland gekomen was, waar hij het zelf had gezien, dat een

Duitse officier met de witte vlag op de motor de Engelsen en

Amerikanen tegemoet gereden was om wapenstilstand voor

zijn sector aan te vragen. ,Wij geloofden er echter niet veel

van, maar wat zou er dan wel gebeurd zijn? Het was in ieder

geval een feit, dat er tot laat in de middag geen vliegtuig en

geen kanonschot te horen was. Eindelijk, tegen een uur of zes,

hoorden we weer eens een vliegtuig, doch direct hierop keerde

de rust volkomen terug. De- rust deed de zenuwen nog meer

spannen dan het lawaai en met gemengde gevoelens werden de

berichten van Radio Oranje afgewacht. Zou er nu werkelijk

voorlopige wapenstilstand gesloten zijn ? Aan dit bericht hechtten

wij nog het meeste geloof. Het zou echter blijken, dat al

deze nieuwtjes voor de zoveelste maal weer eens geruchten

bleken te zijn, want het nieuws bracht niets anders dan de

vorige dagen, hetgeen dus wil zeggen, dat de Geallieerden nog

voortdurend goede vorderingen maakten. Veel bizonders was

er echter niet, want over de tankvoorhoeden werd nog steeds

het stilzwijgen bewaard. Dus moesten we maar afwachten, wat

deze van plan waren; we wisten nu in ieder geval, dat er nog

steeds oorlog was. Het enige, wat daar hier in het dorp nog op

gewezen had, was het vele vervoer, dat er overdag en ook des

avonds plaats vond. De Duitsers hadden de natuur geheel op

hun hand en konden, begunstigd door de weersomstandigheden,

nog iets van hun materiaal redden, daar ze niet dooi

Jabo's werden lastig gevallen. Er scheen wel een algehele

aftocht van de Duitsers gaande te zijn, want alle voertuigen

begaven zich zonder uitzondering in de richting Duitsland.

Er kwamen nu ook weer tamelijk veel soldaten in het dorp,

die blijkbaar reeds van elders waren teruggetrokken. Zou

Winterswijk nu toch nog zwaar verdedigd worden? Deze vraag

33


werd echter tamelijk snel opgelost, daar zij de volgende dag

weer vertrokken.

Ook was de bezetting, die in het Feestgebouw en het

Arbeidskamp was gelegerd, weggetrokken. Op de buurtschappen

bleven echter wel veel soldaten. Diegenen, die Dinsdag

meenden, dat de oorlog ten einde was, werden de volgende

dag ontnuchterd, want het ging er weer als van ouds van langs.

Om acht uur 's morgens waren de Jabo's reeds present en er

volgden vele beschietingen, blijkbaar om het verkeer op de

grote wegen geheel 'te verhinderen en de Duitsers op die wijze

de terugtocht te beletten. In Miste werd daarbij een vrachtauto

.van de Duitse Weermacht, die volgeladen was met

munitie, . door twee raketbommen en boordvuur vernietigd.

Boven het dorp geschiedde niets bizonders. Tegen kwart over

een in de middag werden enige bommen gegooid in de omgeving

van ons dorp, namelijk aan het begin van de Corleseweg,

bij welk bombardement één persoon om het leven

kwam.

Een goed half uur daarna slaagden de Jabo's er in een aantal

spoorwagons met munitie, die op de lijn Winterswijk—

Bocholt, welke door de spitters weer gedeeltelijk gelegd was,

stonden, in brand te schieten, waarbij vier-van deze wagons

verwoest werden door de ontploffende projectielen. De ene

ontploffing werd gevolgd door de andere, hetgeen wel enkele

uren aanhield. Voor zo ver wij hier in het dorp uit de kracht

der explosies konden opmaken, waren het gelukkig geen

zware projectielen, anders had het er misschien minder mooi

voor ons uitgezien. Daarna gebeurde er anderhalf uur niets,

tot dat de Jabo's opnieuw tot de aanval overgingen en, wat

erger was, boven de kom van het dorp. Verscheidene raketbommen

werden afgeschoten, terwijl er tevens hevig gemitrailleerd

werd. Daarbij werden diverse grote gebouwen en enkele

fabrieken getroffen. Het transformatorhuisje bij het Badhuis

werd volledig vernield, een begin van brand brak uit in het

huis, dat hier schuin tegenover gelegen is, welke brand geluk-


Wat er van enkele wagons overbleef na een aanval op het emplacement. Copyright Ribbink


kig tot de schuur beperkt bleef. Het mag wel een wonder

heten, dat zich bij deze aanval geen enkel persoonlijk ongeval

voordeed. Nauwelijks waren allen van de schrik bekomen of

opnieuw gierden de bommen over ons dorp. Ditmaal kwamen

de bommen terecht in de omgeving Verlengde Ratumsestraat—

Scholtenenk, waarbij helaas twee personen om het leven kwa­

men, terwijl later nog een derde aan de bekomen verwondingen

is bezweken. De verwoestingen vielen dit keer nog al mee,

alhoewel er op de Scholtenenk verscheidene ruiten sneuvelden,

terwijl de straat bezaaid lag met dakpannen. Dit zou echter

nog niet het laatste bombardement zijn, want tegen half zes

volgde nogmaals een aanval, die hoofdzakelijk uitgevoerd werd

in de richting Gasthuisstraat, Wilhelminastraat, Prins Hendrik­

straat. Hierbij deden zich geen persoonlijke ongelukken voor,

doch werd zware schade aan gebouwen en woningen toege­

bracht. Als bijzonderheid zij nog vermeld, dat nu voor de tweede

maal een bom in het dak van het huis van den Burgemeester

geworpen werd, nadat de schade, die hieraan de vorige week

Zaterdag werd toegebracht, weer enigszins hersteld was.

Zo hadden wij dus vier opzettelijke aanvallen op de kom van

het ciorp meegemaakt binnen één dag. Later zou blijken, dat het

de laatste gedurende deze oorlog waren. Het' was een waardig

afscheid!

Hoe stond het er echter met het front voor? De radio

meldde niets bijzonders en wij tastten dus in het duister

omtrent de verrichtingen van de Geallieerden. Aan het artil­

lerievuur te horen, meenden wij, dat het geluid nog dichter bij

was dan de vorige dagen en het kon dus niet ver van ons

vandaan zjjn. De grote vraag was echter, of Winterswijk wel

in het krijgsplan van de geallieerde legerleiding was opge­

nomen, daar door de radio gezegd was, dat de tankspitsen nog

op slechts 30 K.M. afstand van Munster stonden en dat

Diilmen reeds veroverd was. Zodoende waren ze Winterswijk

dus eigenlijk al gepasseerd. Stel je eens voor, dat ze op de

luttele afstand van 20 K.M. van Winterswijk verwijderd,

36


voorbijtrokken, terwijl wij hier nog onder de bezetting zouden

zuchten. Het zou een hard gelag worden!

De terugtocht . . . .

De volgende dagen stonden geheel in het teken van de

terugtocht der Duitse legers. Steeds weer kwamen groepjes

soldaten door het dorp, op weg naar Duitsland, waarbij zij zich

van allerlei materiaal bedienden. Alleen auto's kwamen spo­

radisch voor. Van orde was totaal geen sprake meer. Waar

zij konden, namen zij fietsen mee, terwijl ook handkarren en

zelfs kinderwagens tot de voertuigen behoorden, waarmede zij

„de weg terug" aanvaardden. In het Woold werden nog enige

stukken geschut in stelling gebracht, waarschijnlijk om de

aftocht uit Winterswijk te dekken. Nu werd het iedereen dui­

delijk, dat wij zeer binnenkort van de onderdrukkers bevrijd

zouden zijn en de Tommies hier zouden kunnen begroeten.

Het was op de gezichten te lezen, dat allen weer moed had­

den gekregen en het optimisme hoogtij begon te vieren. Het

spitten, voor zover dit nog om en bij het dorp geschiedde,

werd gestaakt; vele Duitsers'vluchtten, terwijl nu ook ver­

scheidene N.S.B.-ers de wijk namen naar voor hen veiliger

oorden. Kortom, alles gaf duidelijke blijken van de aanstaande

bevrijding. Het gedreun van de artillerie zwol aan, waarbij nog

het verheugende bericht bekend gemaakt werd, dat de ver­

overing van Bocholt officieel een feit was geworden.

Het was dus niets dan goed nieuws, wat wij hoorden, en

iedereen rekende er dan ook stellig op, dat de bevrijding op

zijn hoogst nog drie a vier dagen op zich zou laten wachten en

de kans op het vieren van de Paasdagen in een bevrijd Win­

terswijk lang niet onwaarschijnlijk meer was. Het was een

prachtig vooruitzicht, maar we vroegen ons allemaal in angstige

spanning af, hoe deze bevrijding zou komen. Zouden de Duit­

sers zich hevig verdedigen ? Zou het tot zware straatgevechten

komen? Zou er nog een groot bombardement volgen? Het

37


waren vragen, die door menigeen gesteld werden, doch die

door' niemand beantwoord konden worden. We moesten maar

afwachten, daar aan de loop der gebeurtenissen immers toch

niets gewijzigd kon worden. Wat zou het prachtig zijn, indien

Winterswijk zonder slag of stoot werd genomen! Het was haast

te mooi om waar te zijn, na de vele bombardementen en

beschietingen, die we de afgelopen weken te doorstaan hadden

gehad. In ieder geval stond vast, dat, nu Bocholt gevallen was,

de geallieerde troepen op amper 20 kilometer van ons vandaan

stonden en dat het, ingeval zij de richting Winterswijk optrokken,

hoogstens een kwestie van enkele dagen kon zijn, voor wij

bevrijd waren. Het had er niet de geringste schijn van, dat de

opmars van de geallieerde legers nog te stuiten viel. Als we

alleen de superioriteit in de lucht al eens rekenden, waarvan

wij toch allen konden getuigen. Nagenoeg alle dagen hadden

wij de Jabo's en bommenwerpers in zeer groten getale waar

kunnen nemen, doch van de eens zo roemruchte „Luftwaffe"

was weinig of niets te bekennen geweest. Overigens was het

tamelijk rustig, hetgeen wel niemand gespeten zal hebben.

De bevrijding nadert . . . .

Ook des Vrijdags konden wij de gehele dag het terugtrekken

van de Duitse troepen gadeslaan, waarbij opviel, dat

de soldaten geen van allen veel plezier hadden, getuige hun

strakke gezichten. Zij namen slechts de allernoodzakelijkste

bagage mee en ontdeden zich van iedere luxe. Zo kon het

gebeuren, dat zij tot grote voldoening van de jeugd biscuits,

snoep en andere zoetigheden aan haar gingen uitdelen. Veel

tijd hadden zij overigens niet, want zij wilden direct terug naar

Duitsland, waarbij ze meestal de grens bij Vreden overstaken.

Het front was waarschijnlijk al dicht bij Winterswijk, daar de

meeste soldaten hun camouflagekleren aan hadden, de helmen

groen hadden gemaakt met gras en vaak roetzwarte gezichten

hadden. Zij zagen er allen zeer vermoeid uit en waren de

38


laatste dagen misschien wel aan één stuk door in gevecht

gewikkeld geweest. Verder was het in het dorp, de omstandigheden

in acht genomen, betrekkelijk rustig. Wel was het dreunen

der artillerie te horen en waren er regelmatig vliegtuigen,

meestal Jabo's, in de lucht, doch er deed zich niets bijzonders

voor.

Dat zich bij de Duitse Weermacht niet uitsluitend volwassen

soldaten, doch ook kleine jongens bevonden, die eigenlijk

nog thuis bij moeders pappot hoorden, zagen wij 's middags.

Wij waren op dat ogenblik juist op de hoek van de Zonneblink—Ratumsestraat,

waar wij geregeld de groepjes soldaten,

die het hazenpad kozen naar Duitsland, langs zagen trekken.

Tegen vier uur kwam er weer zo'n groepje aan, bestaande uit

ongeveer 20 in camouflage gehulde soldaten, die eventjes op

de hoek uitrustten, waarbij ze zich van al hun bagage ontdeden.

Toen ze daar zo een kwartiertje gezeten hadden, laadden

zij hun pakken, voor zover mogelijk, op een fiets, de enige,

die ze bij zich hadden. Onder hen bevond zich een soldaat, die

er niet ouder uitzag dan 15 a 16 jaar. Hij kon zijn bagage niet

kwijt worden en vroeg nu aan zijn „kameraden" of deze hem wilden

helpen, doch al zijn smeken hielp niets. Dit werd hem blijkbaar

te machtig, want hij barstte in tranen uit. Dit vonden de

anderen toch wel te erg en er werd besloten zijn bagage over

de gehele troep te verdelen.

Toch zag het er voor ons dorp niet al te gunstig uit, daar

de Duitsers, vooral op de Misterweg, nog niet veel aanstalten

maakten om te vertrekken; er werden daar namelijk verschillende

stukken artillerie, pantserafweergeschut, enz. opgesteld,

met het doel de Misterweg te verdedigen. Tot dicht bij het

dorp stonden deze batterijen opgesteld, maar het was een verheugend

teken, toen zij 's avonds de aftocht bliezen. Nu viel

ook in Zuidoostelijke richting soms het korte ratelen van

mitrailleurs te horen. Het was, zoals later bleek, het mitrailleurvuur

van de Engelse tanks in het Woold.

39


Een beeld van de sirijd in het Woold. Copyright Ribbink


Daar we ons die dagen niet in het Woold bevonden, moe­

ten wij hier gebruik maken van gegevens, die enkele bewoners

van deze buurtschap omtrent het verloop der gebeurtenissen

ons enige dagen na de bevrijding gegeven hebben.

In de nacht van Donderdag op Vrijdag waren er enkele

Duitse officieren in het Woold gekomen, die echter 's morgens

al weer vertrokken. Spoedig daarna kwam er een Majoor, die een

afdeling soldaten achterliet om alles langs de grens in staat

van verdediging te brengen. Zouden er nu toch zware gevech­

ten volgen? Dit zou inderdaad het geval zijn.

• Tegen tien uur gingen diverse bruggen, die in de buurt

van het front lagen, de lucht in en was het een ieder duidelijk,

dat de strijd spoedig een aanvang zou nemen, daar de Duit­

sers zich in de bossen, in sloten en greppels verschanst had­

den. Zij waren dus blijkbaar van plan hun huid zo duur moge­

lijk te verkopen. Daar was reeds in de omgeving van „De dikke

Boom" het ratelen van mitrailleurs te horen uit de richting

Duitsland en dus waren de Engelse tanks in aantocht. Veilig­

heidshalve kozen de meeste bewoners nu de verstandigste weg

en begaven zich naar de diverse schuilkelders, om daar althans

enigszins veilig te zijn tegen granaatvuur, mitrailleurkogels en

dergelijke gevaarlijke projectielen. Nadien is het in het Woold

niet meer rustig geweest. Aanhoudend was langs de grens,

waarschijnlijk nog in Duitsland, het geknetter van de mitrail­

leurs te horen. Het kwam misschien van de Engelse tanks, die

de bossen afzochten naar eventueel nog verborgen Duitsers.

Elk moment waren dus de eerste geallieerde tanks te ver­

wachten en ja, tegen elf uur kwam de eerste Engelse tank, die

op Hollands gebied in de omgeving van Winterswijk is te zien

geweest, aangerold. Het was voor de bewoners, die zich waar­

schijnlijk van te voren al vele voorstellingen van deze kolossen

gemaakt hadden, een machtig gezicht, toen daar door de zand­

wegen, want over de grote weg ging het toen nog niet, de

eerste tanks van onze bondgenoten kwamen aanwaggelen, den

41


vijand tegemoet, of beter gezegd, achterna, want de meeste

troepen waren in allerijl vertrokken. Het was voor de bewoners

een moment om nooit te vergeten. De troepen werden bij hun

acties steeds begeleid door de Jabo's, die de gevechten op de

grond stevig ondersteunden en de Duitse troepen onder vuur

namen. Ook in andere delen van het Woold, namelijk in de

omgeving van de houtzagerij Te Winkel, begon het om deze

tijd aardig te spoken. Hier heeft het mitrailleren de gehele

dag, zij het met tussenpozen, voortgeduurd. Dat de strijd

hevig geweest is, blijkt wel uit het feit, dat er zes gevechtswagens

vernield werden. Het is echter niet te vergelijken

met de hevigheid, waarmede de strijd in het eerstgenoemde

deel van het Woold gewoed heeft. Na elf uur

kwam hier regelmatig geallieerd oorlogsmateriaal voorbij,

waaronder veel tanks. Tegen twee uur verschenen de eerste

infanterietroepen, die allen tot in de perfectie uitgerust waren.

Iedere tien tot twaalf soldaten waren voorzien van een luisteren

zendapparaat, zodat de troepen steeds onderling contact

hadden en berichten konden uitwisselen. De tanks reden

nu ook over de harde weg en gingen de weg tusschen „De

dikke Boom" en „De dikke Steen" op. Verscheidene waren er

reeds gepasseerd, toen tegen twee uur enige Duitsers, die zich

blijkbaar schuil gehouden hadden, de boerderij van den heer

Te Selle op „Veldboom" in brand staken, waardoor een grote

rookontwikkeling ontstond. Nu verschansten zij zich in de sloot

langs de weg en maakten daarbij gebruik van de rook, zodat

de Engelsen hen niet konden waarnemen. Van deze sloot uit

namen zij de Engelse tanks onder vuur met hun „Pantzerfaust",

waardoor er totaal zeven verloren gingen. Een eind

verder werden nog een tank en een pantserverkenningswagen

vernield. De gevechten waren hier dus kort, maar hevig

geweest.

In de namiddag kwam een lid van de Ondergrondse

ons vertellen, dat hij opgebeld was uit Bredevoort, waarbij

4->


hem medegedeeld was, dat daar reeds de eerste Engelse

tanks waren gesignaleerd uit de richting Aalten. Deze hadden

echter rechtsomkeert moeten maken, daar de bruggen

inmiddels door de Duitsers opgeblazen waren.

Wij waren natuurlijk allen zeer opgewonden en kregen

haast tranen in de ogen van blijdschap, daar de Geallieerden

dus nu slechts zes ;a zeven kilometer van ons verwijderd waren,

ten minste als dit bericht op waarheid berustte, Er waren

diverse factoren, die er op wezen, dat de bevrijding thans wel

heel dicht voor de deur stond, zoals het mitrailleurvuur. dat

wij overdag gehoord hadden, alsmede het terugnemen van de

Duitse stellingen aan de Misterweg; verder stegen in de vroege

avonduren dikke rookwolken op uit de richting van het spoorwegemplacement.

Daarbij werden we opgeschrikt door een

scherp gefluit, dat geregeld door het luchtruim weerklonk. Het

was weer eens een nieuw geluid, waarmede we kennis maakten

en juist deze onbekendheid maakte iedereen angstig. Velen

meenden, dat het het gieren van artilleriegranaten was, doch

met zekerheid wist niemand dit te zeggen. Even daarna ging

de politie rond om zoveel mogelijk te waarschuwen binnen te

blijven, hetgeen een groot gedeelte van de bevolking echter al

uit zich zelf gedaan had. Zouden de rookwolken veroorzaakt

zijn door inslaande granaten? Dit bleek niet het geval te zijn;

zij werden namelijk veroorzaakt door het in brand steken van

Duitse kanonnen, die opgesteld stonden bij houthandel Meerdink

aan de Parallelweg. Onze beschermers hadden blijkbaar geen

gelegenheid meer om deze naar elders te vervoeren. Het was dus

wel hoopgevend. Maar hoe zouden wij de nacht moeten doorbrengen?

Het was lang niet onwaarschijnlijk, dat ons dorp

onder artillerievuur zou komen te liggen en verscheidene bewoners

achtten het daarom veiliger de nacht maar in de kelder

door te brengen. Toen wij later op de avond steeds weer opgeschrikt

werden door het weerklinken van hevige explosies,

namen nog vele anderen dit besluit. Het waren echter hoofd-

43


In het Woold waren Vrijdagsavonds grote hoeveelheden

oorlogsmateriaal, als tanks en auto's, aangekomen, blijkbaar

alle met het doel Winterswijk. Dat dit inderdaad het geval was,

bleek toen ze bij Te Brummelstroete stukken geschut opstel­

den, waarmede, zoals men ons vertelde, Winterswijk onder

vuur genomen moest worden, indien de Duitsers zich daar niet

overgaven. Als versterking waren er voorts nog 25 tanks opge­

steld, die voor hetzelfde Joel gebruikt moesten worden.

's Zaterdagsmorgens tegen zes uur brak er echter onder de

Tommies een ware feestvreugde uit, toen zij bericht kregen,

dat zij naar Winterswijk konden vertrekken, aangezien de weg

nu geheel vrij was. Ook de bewoners deelden mee in de pret

en kregen artikelen, waar zij het sedert jaren buiten hadden

moeten stellen, zoals sigaretten, chocolade, thee etc.

Ondanks de weinige slaap, die de Winterswijkers 's nachts

genoten hadden, waren velen al weer vroeg buiten om eens

poolshoogte te nemen. Er werd verteld, dat de Tommies al in

het dorp waren, doch niemand had ze gezien en dus was

het maar weer afwachten of zij er inderdaad al waren.

Wij zouden echter spoedig uit de droom geholpen wor­

den, toen tegen zeven uur de kerkklokken, voor zo ver deze

nog aanwezig waren, weergalmden en het gelui geruime tijd

aanhield, terwijl van verschillende woningen onze fiere natio­

nale driekleur uitgehangen werd. Het enthousiasme kende geen

grenzen meer! Iedereen liet zijn woning in de steek en begaf

zich naar het centrum van het dorp om daar meer uitgebreid

nieuws te horen. Overal werd gezongen en gesprongen, drukten

velen elkaar veelbetekenend de hand, kortom het was feest.

De oranjevlaggetjes werden te voorschijn gehaald, knoopsgat­

insignes werden opgedaan; het gehele dorp was in feestkleedij

en baadde in een zee van Oranje en Rood-Wit-Blauw. Win­

terswijk was met één slag van een stil dorp tot een feestvie­

rende stad omgetoverd. De straten waren gevuld met een

jubelende menigte, waaruit geregeld hoera's opklonken, wan-

46.


neer er een of andere plaatsgenoot, die sedert geruime tijd van

het toneel verdwenen was, weer te voorschijn kwam. Alom

klonk het: „Zeg, heb je die ook al gezien, hij is ook weer in

het dorp." Zo verscheen tegen acht uur Dokter Jagerink, die

sedert Herfst 1944 moest onderduiken. Toen hij met zijn fiets

zijn woning genaderd was, moest hij afstappen, daar hij door

een uitbundige mensenmassa omringd werd en zo vele felici-

Zoo vierde Winterswijk de Bevrijding.

Copyright Ribbink

taties in ontvangst had te nemen, dat hij handen te kort kwam.

Even daarna stroomde een grote menigte naar het Gemeentehuis,

waar onze geziene Secretaris, de heer Zwagerman, per

rijtuig werd binnengebracht en met een gejuich, dat de vormen

van een ovatie aannam, begroet werd, nadat er enkele dagen

47


geleden verteld was, dat hij overleden zou zijn. Toen hij even

daarna op het bordes verscheen, werd hij nogmaals door de

geestdriftige bevolking toegejuicht. Het was nu langzamerhand

in het dorp één deinende massa geworden en iedereen scheen

het leed en de doorgestane angsten van de voorafgaande maanden

vergeten te zijn. Toen wij ons even later naar de Markt

begaven, kwamen daar juist twee Tommies op een motor aan.

Het waren voor vele Winters wij kers de eerste bevrijders, die

ze na vijf jaren van onderdrukking en knechting te zien kregen.

Zij stopten eventjes en werden bijna uit elkaar gerukt door de

enthousiaste Winterswijkse bevolking, waarbij vooral de jeugd

zich liet gelden. Natuurlijk kregen zij bloemen en werden

daarna met een driewerf hoera hoog gehouden. Op onze vraag

waar zij vandaan gekomen waren, verklaarden zij, dat zij regelrecht

uit Bocholt kwamen. Zij hadden echter niet veel tijd, daar

zij zich naar hun hoofdkwartier, dat in school O gevestigd was,

begeven moesten en zo konden wij niet beter doen dan ons

direct hier heen te begeven om nog iets meer te weten te kunnen

komen.

Ook bij school O waren onze bevrijders door de enthousiaste

bevolking omringd en smaakten enkele mannelijke ingezetenen

het genoegen weer eens een Engelse sigaret tussen de

lippen te hebben. Zo goed en zo kwaad als dat ging werden er

velerlei vragen aan onze bevrijders gesteld, hoewel de gesprekken

niet altijd even goed wilden vlotten, daar slechts een gering

aantal personen de Engelse taal voldoende machtig was, terwijl

de Engelsen nagenoeg geen woord Hollands verstonden. Op

onze vraag, tot welk legeronderdeel onze bevrijders behoorden,

kregen wij ten antwoord, dat zij deel uitmaakten van de „Royal

Welsh Fuseliers" van het tweede Britse leger. Vanzelfsprekend

moesten we ook alles weten van hun sportieve khaki-uniform,

die direct een ieders, sympathie had gewonnen, behalve dan

natuurlijk van de N.S.B.-ers. Hiernaar waren de Tommies ook

zeer benieuwd, want na hun eerste vraag „Where are the Ger-

48


mans?" (Waar zijn de Duitsers?), moesten zij ook weten, waar

de Hollandse Nazi's waren, waarop zij direct uitleg kregen van

de omstanders. Zo kon het gebeuren, dat even hierna verschillende

Winterswijkers, geassisteerd door onze gewapende bevrijders,

in de buurt op pad gingen om deze gevangen te nemen,

tot grote hilariteit van de bevolking. Spoedig daarna werden

reeds enige van deze geachte (?) plaatsgenoten met opgeheven

handen binnengebracht. Ook in andere delen van het dorp werd

De oude vaandels van de Vereniging „Volksfeest"

zijn weer voor den dag gehaald.

Copyright Ribbink

een begin gemaakt met het ophalen van alle verdachte personen,

waarvan wij nog al goed voorzien waren.

Winterswijk is toch niet geheel zonder slag of stoot in

geallieerde handen gevallen, want 's morgens werden nog twee

49


Duitse officieren, die op hun motor trachtten te ontkomen, met

enkele welgerichte schoten neergelegd. Gelukkig is hierna geen

schot meer gevallen. ^ IktuL&H&euJ^ f

Dat het gevaarlijk was om direct bij de aankomst van de

eerste geallieerde troepen te gaan vlaggen, bleek wel, toen tegen

f kwart over tien nog een Duitse motor met onze nationale drie-

\ kleur voorop, door het dorp raasde, waarvan de berijders,

{] blijkbaar geërgerd door de reeds op vele plaatsen uitgehangen

L vlaggen, op de Groenloseweg eenige handgranaten smeten,

waarbij zich gelukkig geen persoonlijke ongelukken voordeden.

Het tijdelijk hoofdkwartier van de Tommies werd spoedig op­

gebroken, want de achtervolging van de vluchtende Duitsers

moest natuurlijk voortgezet worden. Naar diverse richtingen

rukten zij op. Het meest in de richting Vreden. Verder werd

de omgeving' van het dorp afgezocht naar eventueel nog ver­

borgen Duitsers, echter zonder resultaat.

De gehele dag konden wij een lange stoet van allerlei

moderne voertuigen gadeslaan, waarbij velen zich afvroegen,

hoe de Duitse legers zich nog zo lang hadden staande kunnen

houden tegen een dergelijke, tot in de perfectie uitgeruste

strijdmacht.

Winterswijk bleef die dag en ook de daaropvolgende dagen

geheel in het teken van de bevrijding, waarnaar wij zo lang

gehunkerd hadden en die wij nu nog vóór de Paasdagen heb­

ben mogen beleven. Dit is mogelijk geworden door de prachtige

resultaten vari de geallieerde legers, waarvoor echter vele jonge

mannen het hoogste offer, hun leven, hebben gegeven. Een

eresaluut aan al onze bevrijders is dan ook zeer zeker op zijn

plaats. ^-H^ UI

f LANG LEVE ONS VADERLAND!

V LANG LEVE ONS VORSTENHUIS!

\LANG LEVE DE BEVRIJDERS!

Winterswijk, i Juni 1945.

EINDE.


Enkele belangrijke data voor Winterswijk, in verband

met het geallieerde luchtoffensief tegen Duitsland.

21 Juni 1940.

De eerste luchtaanval op ons dorp in deze oorlog.

In de voornacht vliegt een vliegtuig laag boven het

dorp en gaat even daarna tot een aanval op het spoorwegemplacement

over. Bij deze aanval raakt een gedeelte

van de timmerfabriek van den heer Meerdink

aan de Parallelweg in brand, evenals een pakhuis bij de

Houtlading, waarin de goederen van de Coop. Landbouwersbond

waren opgeslagen. Geweldige rookmassa's

ontwikkelen zich en de brand is tot ver in de

omtrek te zien. Vele Winterswijkers hebben, onervaren

als wij toen nog waren, zich naar de plaats des onheils

begeven. Als even later het vliegtuig terugkomt en

nogmaals tot de aanval overgaat, ontstaat er een ware

paniek. Gelukkig worden de bommen nu afgegooid in

de buurt van het Sportterrein, anders waren de gevolgen

niet te overzien geweest. Bij deze aanval kwamen

de eerste Winterswijkers door oorlogshandelingen uit

de lucht om het leven.

28 December 1941.

Het eerste geallieerde vliegtuig stort brandend in onze

gemeente neer, namelijk in Oost-Dorpbuurt. Hierbij

komen twee leden van de bemanning om het leven,

terwijl een piloot, een 20-jarige Canadees, gevangen

genomen wordt.

52


28 Augustus 1942.

In de nacht van Donderdag 27 Augustus op Vrijdag

28 Augustus is er voor het eerst gedurende de nacht

grote activiteit van geallieerde vliegtuigen boven ons

dorp. Tot twee maal toe moet dan ook luchtalarm

gegeven worden.

12 Maart 1943.

Door grote luchtactiviteit ontstaan in de gemeente drie

branden en wel: 1 in Henxel, 1 in het Woold en 1 in

Miste. Deze zijn ontstaan door het afwerpen van

een groot aantal staafbrandbommen en rubber-phosphorbommen.

Er moeten extra patrouillediensten door

leden van de Bosbrandweer gehouden worden, daar

op verschillende plaatsen nog onontbrande rubberphosphorbommen

liggen, die elk ogenblik ontbranden

kunnen.

26 Maart 1943.

Deze avond kan wel beschouwd, worden als een van

de meest bewogene in de luchtoorlog en. iedere Winterswijker

zal zich deze nog goed kunnen herinneren.

Er waren geweldig veel vliegtuigen in de lucht, waarbij'

in een kort tijdsbestek het volgende boven onze gemeente

gebeurde:

21.57: Uit het Woold komt het bericht binnen, dat er

een uitslaande brand is ontstaan door het afwerpen

van brandbommen, waardoor een boerderij

in as gelegd werd.

21.59: Door het afwerpen van brandbommen ontstaat

brand in een boerderij in Miste. Daar het personeel

van de Luchtbescherming paraat is en

direct een zogenaamde emmerketting vormt,

wordt voorkomen, dat ook het voorhuis verlo-

53


54

ren gaat. Als de motorspuit van de Gemeente­

lijke Brandweer ter plaatse verschijnt, wordt,

door met vereende krachten op te treden, de

brand beperkt tot de deel en een afzonderlijke

schuur.

22.01 : Op de Wamelinkweg komen verschillende

22.03 :

brandbommen terecht, die echter geen schade

aanrichten.

Er wordt gemeld, dat brandbommen werden

afgeworpen op het spoorwegemplacement,

waarbij geen noemenswaardige schade ont­

stond.

22.04: Uit Kotten komt het bericht binnen, dat circa

22.05 :

I n

160 meter van de School een brisantbom in

een weiland terecht is gekomen. Verschillende

woonhuizen en boerderijen in de omgeving lie­

pen zware dak- en glasschade op. Het elec-

trisch Iichtnet werd vernield.

het Woold zijn brandbommen door het dak

van een boerderij geslagen en in 't hooi terecht

gekomen, waardoor brand veroorzaakt werd.

Door het flinke optreden van den bewoner, die

zoveel mogelijk trachtte het vuur te smoren,

kon, toen een motorspuit van de Brandweer

verscheen, de brand tot de hooizolder beperkt

blijven.

22.06: In de Morssestraat worden brandbommen afge­

worpen, die echter door de blokploeg onscha­

delijk gemaakt zijn.

22.09: Een brandbom slaat door het dak van een

woning aan de Inslagstraat. Doordat een lid

van de blokploeg kans ziet de reeds brandende

bom naar buiten te werken, wordt een zekere

binnenbrand voorkomen.


27 Maart 1943.

3 April 1943.

22.10: Een grote hoeveelheid brandbommen komt

terecht in een weiland in Corle.

22.17: Op de Beuzenes vallen brandbommen. Geen

schade.

22.19: In een woning aan de Kreilsvoerweg komt een

brandbom terecht, die onschadelijk gemaakt

kan worden. Verder komen hier scherven neer

van de luchtgevechten, die bovèn ons dorp

plaats vinden.

Deze nacht kan met recht wel de zwaarste nacht

genoemd worden, die Winterswijk, wat betreft activi­

teit in de lucht, heeft meegemaakt. Het was op een

gegeven moment zelfs zo erg, dat alle aanwezige

brandspuiten uitgerukt waren, zodat, wanneer er nog

een brand gemeld zou zijn, geen enkele spuit meer

beschikbaar was geweest om deze te bedwingen.

Opnieuw krijgt Winterswijk weer volop zijn deel mee.

Op talrijke plaatsen in de buurtschappen worden

staafbrandbommen, rubberphosphorbommen en bri­

santbommen afgeworpen. Daar deze laatste niet tot

ontploffing komen, moeten verschillende boeren tijde­

lijk hun woning ontruimen, in verband met gevaar

voor explosie.

Wederom vallen er brandbommen in de omgeving van

ons -dorp, waardoor een boerderij in Ratum geheel

uitbrandt. Er komt voorts een vliegtuig brandend om­

laag, waarbij de zeven inzittenden om het leven

komen.

1 Mei 1943.

Ook deze nacht is er weer grote activiteit. Tegen half

55


Zij gaven hun leven voor onze vrijheid. Copyright Ribbink


'drie stort in het Woold een Engels vliegtuig neer. De

bemanning, bestaande uit zeven personen, komt hierbij

om het leven. Voorts valt er een zware brisantbom,

waardoor een vijftal boerderijen zwaar beschadigd

wordt. Tegelijkertijd komen in dezelfde buurtschap

brandbommen terecht, waardoor een boerderij in as

gelegd wordt. Tegen kwart voor drie valt er een brisantbom

op het Kottense voetbalveld, terwijl enkele

minuten later nog enkele brisantbommen ontploffen,

evenals in het Woold. Ratum krijgt eveneens zijn deel

mee. In een dennenbos ontploft een zware brisantbom,

waardoor grote schade in dit bos wordt aangericht,

terwijl een aantal boerderijen in de nabijheid zware

dakschade oploopt. Ter hoogte van het spoorwegkruispunt

van de lijnen Winterswijk—Arnhem en Winterswijk—Borken

vallen blindgangers, waardoor het spoorwegverkeer

stagnatie ondervindt.

13 Mei 1943.

Door het afwerpen van brandbommen ontstaat des

nachts brand in een schuur in Kotten. In Huppel stort

een tweemotorige Engelse bommenwerper neer, waarbij

alle vijf leden van de bemanning om het leven

komen.

28 Mei 1943.

Ditmaal moeten de buurtschappen Woold en Kotten

het weer eens ontgelden. Door inslaande bommen

geraken twee schuren in brand. Verder ontploft in het

Woold nog een brisantbom, waardoor enkele boerderijen

zwaar beschadigd worden.

5 November 1943.

Voor het eerst ontstaat er overdag schade tengevolge

van oorlogshandelingen in de lucht. Tegen kwart voor

57


twee geraakt in Meddo een boerderij in brand, terwijl

tegelijkertijd in Huppel enige roggemijten in vlammen

opgaan, tengevolge van het afwerpen van brandbommen.

31 Mei 1944.

De eerste beschieting van treinen in onze gemeente.

Tegen twee uur 's middags wordt op de spoorlijn

Winterswijk—Zutphen een goederentrein van de lucht

uit beschoten, waarbij gelukkig niemand gedood is.

14 Juli 1944.

Om plm. half een 's nachts worden boven het dorp

zes brisantbommen afgeworpen tengevolge van een

luchtgevecht. Deze veroorzaken vooral schade op het

gedeelte van de Wooldseweg achter de spoorwegovergang.

September 1944 tot April 1945.

Werden er tot dusverre geen aanvallen gedaan met

als speciaal doel Winterswijk, sinds eind September

1944 komt hierin verandering. Van deze datum tot

aan de bevrijding wordt ons dorp tientallen malen

gebombardeerd. De hoofddoelen zijn wel het spoorwegkruispunt

van de lijnen Winterswijk—Zutphen en

Winterswijk—Groenlo aan het eind van de Morgenzonweg

en het emplacement der Nederlandse Spoorwegen.

Daar het emplacement geregeld door batterijen

Duits afweergeschut verdedigd wordt, vinden er herhaaldelijk

gevechten plaats tussen de vliegtuigen en

genoemd afweergeschut. Dat het laatste hierbij veel

succes geboekt heeft, durven we niet te beweren, daar

slechts één jachtbommenwerper neergeschoten werd,

voor zover ons bekend. Toch heeft dit afweergeschut

58


' ettelijke keren op laag vliegende en aanvallende vlieg-

• tuigen geschoten. De verliezen aan bedieningsman­

schappen zijn nog al groot, terwijl tevens enkele batte­

rijen door splinterbommen buiten gevecht gesteld wor­

den. Het gevolg van al deze aanvallen is, dat verschil-

. lende wijken van ons dorp, die in de gevarenzone

liggen, moeten evacueren. Dat veel materiele schade

werd aangericht, is een ieder genoeg bekend. Toch

blijkt gelukkig het aantal slachtoffers van deze aan­

vallen naar verhouding slechts gering te zijn. Dit is

mede hieruit te verklaren, dat de bommen vaak in de

reeds geëvacueerde wijken insloegen.

Zo is het laatste tijdvak van deze oorlog voor Winterswijk

dus wel het zwaarste geweest. Bij de ellende, ontstaan door

de bombardementen, kwamen ook nog de herhaalde oproepen

voor het spitten, de razzia's, het onderduiken van het personeel

der Nederlandse Spoorwegen en van de Gemeentesecretarie,

alsmede het oppakken van gijzelaars. De Luchtbeschermings­

dienst, die zich juist deze maanden de zwaarste taak van de

gehele oorlog opgelegd zag, kon niet over voldoende personeel

beschikken, daar ook zijn leden moesten spitten. Toch heeft

hij nog bergen werk verzet en komt hem voor al het werk,

dat hij ondanks gebrek aan personeel enz. verricht heeft, alle

lof toe, daar hij, niettegenstaande de vele moeilijkheden, steeds

paraat bleek te zijn. Gelukkig brak 31 Maart de bevrijding voor

Winterswijk aan, zodat we voor goed van bombardementen

verlost waren en de Luchtbeschermingsdienst zijn werk nage­

noeg als geëindigd kon beschouwen.

59


Voor Koningin en Vaderland. Voor vrijheid, waarheid

en recht.

Uitzending 3 April 1945, 1 uur n.m.

Hier Radio Oranje. De stem van strijdend Nederland.

Goeden middag luisteraars in Nederland, in Oost en West,

op zee, of waar ook ter wereld.

Het iste Canadeese leger heeft gisteren een nieuw offensief

geopend in de richting Arnhem. Ze zijn in 24 uur 25 km.

gevorderd en hebben in de Betuwe het gebied van Bemmel en

Angeren bereikt.

Het Britse leger bereikte het kanaal Almelo—Nordhorn

en de spoorlijn naar Oldenzaal is nu geheel afgesneden.

De Duitsers hebben de bruggen over het Twente-Rijnkanaal

tot Zutfen opgeblazen. Het grootste gedeelte van de

Gelderse Achterhoek en de Lijmers is nu van vijanden gezuiverd.

De geallieerden zijn 's-Heerenberg binnengetrokken.

Zaterdagmorgen in de vroegte werd Winterswijk bevrijd. De

plaats is niet beschadigd. Ook vielen er geen slachtoffers onder

de burgerbevolking. Terstond na de bevrijding werd de politie

gezuiverd en een begin gemaakt met het arresteren van N.S.B.ers.

Meer dan 100 N.S.B.-ers, die zich de laatste maanden

schandelijk hadden gedragen, werden terstond in verzekerde

bewaring gesteld. Op het ogenblik, dat onze verslaggever in

Winterswijk was, was men op zoek naar den N.S.B.-burgemeester.

In het Woold is kort, maar hevig gevochten.

Vrijdag zijn Britse troepen Aalten binnengetrokken. Deze

plaats ligt 12 km. van Winterswijk. De Duitsers hebben daar

alle bruggen, op één na, vernield. In Terborg werd Zondag

(,0


hevig gevochten. Deze plaats is nu veroverd en de Britse troepen

zijn reeds verder de Achterhoek ingetrokken. Enschede

is in geallieerde handen. Deze plaats is een belangrijk industriecentrum.

Nu iets van de andere fronten. — De geallieerden staan

op niet minder dan 10 km. van Osnabrück. Verder staan zij

niet ver van Eisenach. Deze plaats ligt aan den groten autoweg

naar Leipzig. Recklinghausen werd veroverd. Het Ruhrgebied

werd omsingeld en er zijn hier nu meer dan 100.000

Duitsers ingesloten. Er zijn in de afgelopen maand Maart

310.000 Duitse krijgsgevangenen gemaakt.

Het 3de Amerikaanse leger is Cassel binnengedrongen.

Ook wordt er gevochten in de straten van Fulda. Een Amerikaans

leger is voorbij Paderborn. Dit leger staat 300 km. over

de Rijn.

•De Oostenrijkse hoofdstad Weenen wordt van 3 kanten

bedreigd. Vannacht is Berlijn voor de 37ste keer gebombardeerd.

Mevrouw Churchill is in Moskou aangekomen. Zij zal een

bezoek brengen aan het Rode Kruis in Leningrad.

En dit is het einde van deze uitzending van Radio Oranje,

de stem van strijdend Nederland!

Voor allen in het Koninkrijk en Vaderland, goeden moed.

En voor allen op zee in het bijzonder, behouden vaart en goede

wacht!

61


Herinnert U zich nog dat . . . .

62

16 September 1944 800 jonge mannen naar Zevenaar

moesten vertrekken om daar te gaan spitten;

18 September 1944 de meesten reeds terugkeerden;

23 September 1944 het gehele personeel van de Spoorwegen

en van de Gemeentesecretarie onderdook;

26 September 1944 ± 40 gijzelaars werden opgepakt;

27 September 1944 alle mannen van 17—50 jaar zich

moesten melden. Het resultaat was, dat er slechts 200

verschenen;

28 September 1944 de spoorlijnen voor het eerst doelbewust

gebombardeerd werden;

3 October 1944 fietsen werden gevorderd;

9 October 1944 de gijzelaars terugkwamen;

28 October 1944 22 gijzelaars werden opgepakt en zich

om die reden honderden mannen aanmeldden voor het

spitten over de grens;

Winterswijk in 1944 136 keer luchtalarm heeft gehad;

10 Januari 1945, 's avonds om 11 uur, in ons dorp

een V 2 neerkwam, waardoor enorme glasschade ontstond?

More magazines by this user
Similar magazines