Ga naar het artikel

isb.colo.ba.be

Ga naar het artikel

CONGRES IN WOORD KEUZESESSIES

Zwembadbeheer over de gewestgrenzen

heen

Stof tot discussie

In Vlaanderen moeten de zwembaden aan VLAREM voldoen, zwembaden in Brusselse

gemeenten moeten de bepalingen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest volgen en in

Wallonië gelden de regels van de Waalse overheid. Zijn de verschillen groot? Leiden ze tot

een andere aanpak op het vlak van beheer en exploitatie? Na een vergelijking van de regel-

geving en een Brussels praktijkverhaal was er genoeg stof tot discussie…

Vergelijking regelgeving Vlaams,

Brussels Hoofdstedelijk en Waals

Gewest

Marleen Decordier, sportfunctionaris

in De Panne en docent in de cursus

zwembadcoördinator en hoger

redder, lichtte enkele verschillen en

gelijkenissen tussen de regelgeving in

Brussel, Vlaanderen en Wallonië toe en

keek ook wat er op Europees niveau

beweegt. De toelichting beperkte zich

tot de architectonische normen. De

verschillen op het vlak van recreatieve

voorzieningen, exploitatie, procedures,

veiligheid van bezoekers, kwaliteitsvereisten

van het water, onderhoud en

reglement van interne orde werden in

de discussiegroepjes als inleiding door

de moderatoren van dienst toegelicht.

Tabel 1 geeft een beknopt een overzicht

weer van enkele verschilpunten

en gelijkenissen. De volledige vergelijking

is beschikbaar op www.isbvzw.be.

Na een inleidende toelichting was het tijd voor de discussiegroepjes

Enkele elementen uit de discussiegroepjes

Tijdens het discussiemoment met

betrekking tot recreatieve voorzieningen

merkten enkele beheerders op

dat men zelf veel reglementen moet

opmaken omdat er vanuit Vlarem bijna

geen regels zijn, behalve de Europese

norm die gevolgd moet worden. Iets

meer duidelijkheid zou geapprecieerd

worden. Zo wordt de valdiepte (< of

> 1 m) niet aangegeven in Vlarem en

dat zou misschien wel wenselijk zijn. Bij

keuringen door externe bureaus blijken

er soms interpretatieverschillen de kop

op te steken, dit zou niet mogen…

Uit de gesprekken over procedures

bleek dat elk zwembad overtuigd is

van het belang ervan en dat de nodige

proceduremappen er dan ook zijn. Wel

bleek dat de levering van chemicaliën

buiten de openingsuren in de praktijk

soms moeilijk haalbaar is.

Over welke regelgeving

spreken we?

- Brussels Hoofdstedelijk Gewest:

Arrêté du Gouvernement

de la Région de Bruxelles-

Capitale fixant des conditions

d’exploitation pour les bassins

de natation (Besluit van

de Brusselse Hoofdstedelijke

Regering tot vaststelling van de

exploitatievoorwaarden voor

zwembaden)

- Vlaams Gewest:

Vlaams Reglement betreffende

de Milieuvergunning – titel II:

Besluit van de Vlaamse regering

houdende algemene en sectorale

bepalingen inzake milieuhygiëne

- Waals Gewest:

Arrêté du Gouvernement wallon

portant conditions sectorielles

relatives aux bassins de natation

(noot: betreft overdekte en

niet-overdekte circulatiebaden

van > 100m²)

Arrêté du Gouvernement wallon

fixant les conditions intégrales

relatives aux bassins de

natations visés à la rubrique

n°92.61.01.01 (noot: betreft

overdekte en niet-overdekte circulatiebaden

< 100m²)

- Europa:

Safety requirements for design

Safety requirements for operation

Vlaams Tijdschrift voor Sportbeheer N° 223 101

VTS223_bnw.indd 101 16/06/11 09:24


CONGRES IN WOORD KEUZESESSIES

Voor het uitwerken van noodprocedures

wordt vaak de hulp van de

preventieadviseur of de brandweer

ingeroepen. Ook bij oefeningen wordt

er al eens samengewerkt met de hulpdiensten.

Bij het gesprekonderwerp reglement

van interne orde laaide de discussie

over ‘aangepaste zwemkledij’ weer op

met daarbij de vraag of een algemene

aanbeveling niet zinvol zou zijn. Er

kwam ook een werkpuntje voor de

opleiding van redders naar boven,

namelijk het omgaan met ‘moeilijke

klanten’. Elk personeelslid beschikt

wel over de procedures hoe er dan

gereageerd moet worden, maar dat

in de praktijk brengen, is andere koek.

Omtrent het aantal baders leek het de

aanwezige beheerders in de praktijk

moeilijk om het onderscheid tussen

een groot en een klein bad (Brussels

Hoofdstedelijk Gewest) te hanteren.

Maar ook de controleerbaarheid

van het maximum aantal bezoekers

(baders + personen op de kade) zoals

in Vlarem bepaald riep een aantal

vragen op.

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

is er voor redders sprake van een

bekwaamheidsattest dat om de vijf

jaar hernieuwd moet worden. De

zwembadbeheerders in de discussiegroepjes

waren dat idee wel genegen,

al voegden ze er wel onmiddellijk de

bedenking aan toe dat aan de leeftijd

aangepaste bekwaamheidsattesten

misschien een betere optie zouden

zijn. Een 60-jarige redder moet zeker

een drenkeling van de bodem kunnen

halen, maar of die ook nog met kleren

aan binnen een bepaalde tijd 200m

moet kunnen zwemmen…?

Nog met betrekking tot redders werd

het onevenwicht tussen het aantal

nodige redders bij een zwembad en

bij open water gesignaleerd. Ook het

feit dat in Brussel slechts één redder –

ongeacht het aantal baders – vereist

is, vonden de beheerders ‘vreemd’.

Een algemene opmerking was dat de

zwembaden met een diversiteit aan

regelgeving worden geconfronteerd.

Zo is het maximum aantal bezoekers

tabel 2: Kengetallen overheidszwembaden

Brussels

Hoofdstedelijk

Gewest

in Vlarem bepaald in functie van het

water- en kadeoppervlak, maar gelijktijdig

moet er ook rekening gehouden

worden met de maximumcapaciteit

die met het oog op brandveiligheid

wordt vastgelegd. Een overzicht of

bundeling zou meer duidelijkheid

scheppen.

Vertonen beheer en exploitatie

ook verschillen?

Bij wijze van inleiding en situering voor

de tweede ronde van de discussiegroepjes

waar aspecten over de organisatie

van schoolzwemmen, publiek

zwemmen en groep/clubzwemmen

aan bod zouden komen, werden er

enkele Brusselse, Vlaamse en Waalse

zwembadcijfers weergegeven (zie

tabel 2). Georges Zauwen, directeur

van de vzw Baden van Brussel bracht

een praktijkverhaal (zie kaderstuk).

Daarna barstten de gesprekken weer

los en passeerden onderwerpen als

(on)bespreekbaarheid van tariefverhoging,

de organisatie van zwemlessen,

de uitbating van cafetaria’s,

publiek zwemmen al dan niet in combinatie

met school-/clubzwemmen,

inhoud gebruikersovereenkomsten, …

de revue.

Schoolzwemmen

De tarieven die de zwembaden voor het

schoolzwemmen hanteren zijn zeer

democratisch en lagen in de discussiegroepjes

tussen € 0,5 en € 1,3 per

leerling. Of er wel of geen verschil

gemaakt wordt tussen scholen van

binnen of buiten de gemeente varieert

van gemeente tot gemeente. Eén van

Vlaams Gewest Waals Gewest

Aantal gemeenten 19 308 262

Bevolking 1.089.538 6.251.983 3.498.384

Aantal overheidszwembaden

16 164 135

Beheersvorm Vnl. vzw Vnl. gemeente Vnl. vzw

Aantal bezoekers

(gem/zwembad)

Tarieven

(gemiddeld)

243.976 125.303

Kind: € 1,9

Volwassene: € 2,5

Senior: € 1,9

Kind: € 1,6

Volwassene: € 2,3

Senior: € 1,7

de aanwezige zwembaden gaf aan een

‘baantarief’ (€ 7/baan/sessie) te hanteren.

Volgens het aantal banen dat de

school nodig heeft, wordt het uiteindelijke

tarief dan bepaald. Ook wanneer

het schoolzwemmen omwille van niet

doorgaat (bv. schooluitstap), wordt dit

in dat zwembad aangerekend. Dit leek

de deelnemers een interessante piste

om verder te bekijken omdat het nu

in veel gevallen zo is dat wanneer een

school niet komt (zonder verwittiging)

ook niets aangerekend krijgt. Vaak is

de regeling zo dat de zwembadredders

de zwemlessen geven. Hierdoor

moeten de scholen geen LO-leerkracht

meer moeten voorzien. In een aantal

gevallen kent het zwembad een korting

toekennen wanneer de school zelf

een redder meeneemt.

De scholen die in de zwembaden van

de vzw Baden van Brussel komen

zwemmen, krijgen bij het begin van

het schooljaar een afsprakennota

waarin op ieders verantwoordelijkheden

gewezen wordt. Dit initiatief kon

op veel bijval van de deelnemers van

de keuzesessie rekenen.

Publiek zwemmen

Uit de discussiegroepjes die over

publiek zwemmen met elkaar in

gesprek gingen bleek dat men er

meestal voor kiest om het zwembad

of voor publiek zwemmen of

voor clubzwemmen open te stellen.

Gelijktijdig voor beide doelgroepen

blijkt in functie van het aantal uur en

het beschikbare zwemwater moeilijk

haalbaar. In één groepje werd het

idee geopperd om gemeenten bij de

Vlaams Tijdschrift voor Sportbeheer N° 223 103

VTS223_bnw.indd 103 16/06/11 15:54


CONGRES IN WOORD KEUZESESSIES

tabel 1: Schematische vergelijking van enkele elementen 1 van de reglementering voor zwembaden² in het Vlaams Gewest, het Brussels

Hoofdstedelijk Gewest, het Waals Gewest en de Europese Unie

Architectonische normen

lokalen &

nooduitgangen

104

Vlaams Gewest Brussels Hoofdstedelijk

Gewest

geen onderscheid indeling:

groot bad: diepte > 1.5 m

klein bad: diepte < 1.5 m

plonsbad: diepte < 0.4 m

minimumhoogte nooduitgangen:

2 m

(breedte: min. 80 cm) + pictogrammen

+ blus-toestellen

gemakkelijk toegankelijk voor

externe hulpdiensten

kaden & vloeren toegang tot kade: via douche

en voetwaadbak/-sproeiers

omkleedcabines &

sanitair

helling: 1-2%

kade rondom bad: min. 1.5 m

toegang via ondiep gedeelte

afvoerpunten:

diameter >15 cm

toiletten voldoende aanwezig

+ 1 wastafel per toiletruimte

toiletten ongeschoeide =

hangtoiletten

geen bepalingen

geen bepalingen

voetbaden- en douches verplicht

bij toegang zwembad

dagelijkse reiniging &

lediging voetbaden

min. 1 toilet mindermobielen

aantal toiletten blote voetenzone

= max. gelijktijdige

bezettingsgraad delen dr 80

(min. 3 toiletten dames en

min. 3 toiletten heren) + 1

wastafel

ophangtoiletten

douches aantal douches: max. gelijktijdige

bezettingsgraad (min.

2 douches met lauw water

voor dames en min. 2 voor

heren)

Waterbehandelingssystemen

turnover 4u (min. binnen 4u behandeld),

indien capaciteit

< 100m³ max. 2u

ledigen zwembad geen richtlijnen aangaande

het ledigen van een zwembad

1 Een uitgebreidere vergelijking is beschikbaar via www.isbvzw.be.

2 De vergelijking is beperkt tot de overdekte circulatiebaden.

het bad dient volledig gerecycleerd

te zijn in een tijd

van:

groot bad: 4u

aparte kleine baden: 1,5u

aparte plonsbaden: 20’

zwembaden moeten zo vaak

als nodig geleegd worden

kleine zwembaden worden

minstens 1 keer per jaar en

plonsbaden minstens 4 keer

per jaar geledigd

de overheid kan een lediging

aanvragen.

Waals Gewest Europese Unie

indeling:

opp. >100 m² + diepte > 40 cm

opp. 2.5 m

nooduitgang: pictogrammen

+ deuren open in richting van

uitgang

gemakkelijk toegankelijk voor

hulpdiensten +

snelle evacuatie met

brancard

via voetwaadbak en

-douche met ontsmettend

water

kade: min. 1.5 m

toegang via ondiep deel

min. 1 omkleedkabine + toilet

mindermobielen

sanitaire ruimtes aangepast aan

capaciteit installatie

max. 4u

de kuip moet om de 2 jaar geledigd

worden

geen onderscheid

geen bepalingen lokaalhoogte

nooduitgang = duidelijk

zichtbaar

toegang vloerbreedte bassin:

hoofdingang: 3 m,

hoofduitgang: 2.5 m

doorgangdouche; dwangdouche

helling waterafvoer: 2-5%

kade rond zwembad:

< 300m²: 1.25m

> 300m²: 1.5m

routing veilige - risicozones

niet-zwemmers niet naar

diep gedeelte leiden

toegang zwembad goed

zichtbaar

VTS223_bnw.indd 104 16/06/11 09:24


CONGRES IN WOORD KEUZESESSIES

Veiligheid bezoekers

aantal baders max. aantal baders:

1 bader/3 m² of indien diepte

< 50 cm: 1 bader/2 m²

max. aantal bezoekers: max.

bader + 1 pers./2,4 m² kade

(bezettingsgraad is som

baders en bezoekers)

veiligheid onderscheid redder–toezichter

Aantal redders = (aantal

baders/50)+1

of toezichtsplan: < 200 m²:

1 redder, > 200 m² en in

gezichtsveld 1 pers: 2 personen

waarvan min. 1 redder,

> 200 m² en niet in gezichtsveld

1 pers: 3 personen, waarvan

min. 2 redder

Diepte < 50cm: 1 persoon met

basisredder- of EHBO-brevet

Diepte tussen 0,5 en 1,4m:


CONGRES IN WOORD KEUZESESSIES

Interessante gesprektafels… De tijd was zelfs te kort…

(ver)nieuwbouw van een zwembad

te stimuleren om onderling afspraken

te maken: bv. gemeente A focust op

clubs en gemeente B op publiek….

Tijdens publiek zwemmen is het moeilijk

om vooraf in te schatten wat de

bezettingsgraad zal zijn en hoeveel

redders er nodig zullen zijn. De meeste

zwembaden spelen hier op zeker en

voorzien onmiddellijk het aantal redders

dat nodig is bij een maximale

bezetting.

De beheerders stellen een groot

contrast vast tussen de tarieven die

in publieke en private zwembaden

gehanteerd worden, maar gelijktijdig

merken ze er bij op dat er wel een

betere uitrusting en meer faciliteiten

tegenover staan.

106

BEHEER EN EXPLOITATIE

VAN ZWEMBADEN Praktijkboek

Niettegenstaande de tarieven voor

een zwembeurt nu ‘sportgoedkoop’

zijn, stoot eender welke tariefverhoging

(groot of klein) op een geweldige

weerstand.

Ook de rentabiliteit van cafetaria’s

komt onder druk te staan. De tijd dat

de maandelijkse concessievergoedingen

veel opbrachten lijkt verleden

tijd. Zo zijn er voorvallen bekend van

cafetaria’s die omgevormd zijn tot

een ‘bezoekersruimte’. Al lijkt een

cafetaria die wat minder inkomsten

opbrengt toch nog beter dan een

cafetaria die leeg staat…

Groep/clubzwemmen

Ook in de groepjes waar groep/clubzwemmen

besproken werd, kwam het

spanningsveld met publiek zwemmen

naar boven. De uren voor clubs worden

zoveel mogelijk buiten de uren

voor publiek zwemmen geprogrammeerd,

al hangt dit ook samen met de

wateroppervlakte die men ter beschikking

heeft.

Vanuit het gedachtegoed dat lopen,

zwemmen en wandelen basisvaardigheden

zijn, worden de tarieven voor

clubzwemmen heel laag gehouden

en is men ook geen vragende partij

voor een tariefverhoging. Al deden

de tarieven bij de zwembaden in de

discussiegroepjes die dit onderwerp

bespraken, nl. € 0 tot € 0,74/zwemmer,

het debat of een zwembad al

dan niet economisch gerund moet

worden weer oplaaien. De tarieven

die in de zwembaden van de vzw

Baden van Brussel gehanteerd worden

(€ 60 à 100 per uur) leek voor

de zwembadbeheerders in Vlaanderen

niet haalbaar.

Met dank aan de sprekers en

moderatoren

Marleen Decordier, sportfunctionaris - De

Panne

Georges Zauwen, directeur - vzw Brusselse

Zwembaden / ondervoorzitter AES

Jan Bongaerts, zwembadbeheerder - Genk /

voorzitter ISB-commissie zwembaden

Erik Vermeulen, diensthoofd sport - Temse

Ook dank aan Siska George, Jan Rombaut,

Guido Roussard voor het opnemen van de rol

van moderator in de discussiegroepjes.

Verslag: Marjolein van Poppel

stafmedewerker ISB

Trefwoord(en): ISB-Congres, zwembaden,

regelgeving, beheer en exploitatie

Heeft u het Praktijkboek ‘Beheer en

exploitatie van zwembaden’ al?

Deze losbladige praktijkgerichte uitgave is een handig naslagwerk

voor de zwembadbeheerder en geeft een stevige basis, zowel

inhoudelijk als praktijkgericht.

Wacht niet langer en bestel het praktijkboek ‘Beheer en exploitatie

van zwembaden’ aan de hand van het bestelformulier voor publicaties

dat op www.isbvzw.be beschikbaar is.

€ 95 (leden) / € 190 (niet-leden)

prijs is incl.6% btw, excl. € 10 port- en administratiekosten

VTS223_bnw.indd 106 16/06/11 09:24

More magazines by this user
Similar magazines