1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

beke.nl

1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

Overlast; een psychologische benadering 11

aanstoot, maar het feit dat hij dat in de openbare ruimte doet, roept ergernis

op.

Ergernis en overlast ontstaan daar waar we als omstanders ergens mee

worden geconfronteerd waarvan we liever verschoond blijven. De bron

van overlast ligt buiten onze privésfeer, in de publieke of openbare

ruimte, maar wordt wel ervaren als een inbreuk op onze privésfeer. Een

voorzichtige stelling zou dan kunnen zijn dat overlast zich voordoet waar

de grens tussen het publieke en privédomein onder druk komt te staan.

In dit artikel wil ik bovengenoemde stelling op haar merites bekijken,

in de hoop zo een schets van een ‘psychologie van de overlast’ te kunnen

geven. Goed beschouwd bestaat zo’n psychologie niet. De ervaring van

overlast is gerelateerd aan kwesties als sociale orde, sociale binding, tolerantie

en solidariteit (of het ontbreken ervan) en meer in het algemeen

de organisatie van de samenleving. Sociologen kunnen daar beter mee

uit de voeten dan psychologen (zie Komter, Burgers e.a., 2000). De mogelijkheden

om overlast tegen te gaan, liggen eveneens goeddeels buiten

het bereik van de psychologie. Desalniettemin kan de psychologie via

enkele omwegen wel verheldering bieden in het probleem van de overlast.

Die omwegen lopen via de waarneming van de psychologische omgeving,

naar de rol van arousal en stress, de ervaring van controle en het

onderscheid tussen zogenaamde screeners en non-screeners. Daarna

komt het accent te liggen op de spanningen tussen privé en publiek domein,

veranderingen in de sociale orde en de ‘last der vrijheid’.

Overlast en ruggespraak

Voor ik zal ingaan op de psychologische factoren wil ik de betekenis van

overlast en de relatie daarvan met privé- en publiek domein eerst wat

nader specificeren.

Ten eerste kan overlast door sterk uiteenlopende gedragingen worden

veroorzaakt. Een gettoblaster op een zomerse avond, een vioolspelende

bovenbuurvrouw, een kettingroker in een niet-rokencoupé, een knetterende

motorclub die op zondagmiddag de polderdijken onveilig maakt

of een massa voetbalfans die na winst van hun elftal de binnenstad tot

hun speelterrein maken. Al deze gedragingen kunnen als overlast worden

ervaren. Er is echter niets in al deze voorbeelden dat ze op zich tot

overlast maakt.

Ten tweede verwijst overlast niet naar een absolute waarde. De een zal

het ronken van zware motoren als muziek in de oren klinken, terwijl een

ander zich al niet meer kan concentreren bij een iets te luid afgestelde

walkman in een treincoupé. Het aantal decibels bepaalt dus niet of we

iets als overlast ervaren. Belangrijk is ook dat we niet elke activiteit onder

alle condities als overlast ervaren. We gaan vrijwillig naar een concertzaal

om muziek te beluisteren, maar storen ons aan de muziek van onze buren.

More magazines by this user
Similar magazines