1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

beke.nl

1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

Justitiële verkenningen, jrg. 27, nr. 1, 2001 134

Slachtofferstudies

24

Loeber, R., M. DeLamatre e.a.

Gun injury and mortality; the delinquent

backgrounds of juvenile victims

Violence and victims, 14 e jrg., nr. 4,

1999, pp. 339-352

De auteurs onderzochten de justitiële

achtergronden van drie groepen

jongens uit de beroemde Pittsburgh

Youth Study. In de oudste groep

(jongeren van 19 jaar) bleek 10% van

de respondenten tijdens de looptij van

het onderzoek ofwel te zijn overleden

ofwel zwaar gewond te zijn geraakt

naar aanleiding van een geweldsincident.

In twee derde van de

gevallen was daarbij sprake van het

gebruik van een vuurwapen. De

slachtoffers van geweld verschilden in

tal van aspecten van vergelijkbare

jongeren die niet met geweld te

maken hadden gekregen. De

slachtoffers hadden gemiddeld een

lagere opleiding, waren vaker

depressief, groeiden op in ongunstiger

omstandigheden dan hun tegenhangers.

Zij hadden in het verleden zelf

bovendien meer en ernstiger delicten

gepleegd waaronder drugshandel,

droegen vaker een wapen en

behoorden vaker bij een straatbende.

De resultaten suggereren dat het

slachtofferschap een direct uitvloeisel

is van de leefstijl van de betrokken

jongeren. Pogingen om het aantal

slachtoffers van geweldsdelicten in

Amerikaanse binnensteden terug te

brengen, zullen gericht moeten zijn op

het veranderen van die leefstijl.

Met literatuuropgave.

25

Robinson, M.B.

Lifestyles, routine activities, and

residential burglary victimization

Journal of crime and justice, 22e jrg.,

nr. 1, 1999, pp. 27-56

Veel studies die uitgaan van de invloed

van levensstijl op de kans slachtoffer

te worden van criminaliteit (Gottfredson

en Hindelang) of die

gebaseerd zijn op de

routineactiviteiten-theorie (Cohen en

Felson), hanteren samengestelde

criminaliteitsindicatoren of indirecte

maatstaven van levensstijl of

routineactiviteiten. Ze leveren daarom,

aldus de auteur, onduidelijke

resultaten op. Zijn onderzoek is

plaats-specifiek en explorerend en

richt zich op een bepaald stadsdeel in

Tallahassee, Florida, een wijk met het

hoogste inbraakcijfer van de stad. Een

wijk ook met veel studenten. Hij

gebruikt gedetailleerde politiecijfers

over 1992-1996, zelfreport-indicatoren

t.b.v. een telefonisch survey met

betrekking tot routine-activiteiten en

levensstijl, en baseert zich ook op

eigen waarnemingen ter plekke om

zijn zeven hypothesen te toetsen. Het

verkeersvolume blijkt onder andere

van belang te zijn. Zo kwam naar

voren dat huizenblokken of woningen

in straten waar veel verkeer is en waar

veel voetgangers lopen (dat wil zeggen

straten met veel ‘routine-activiteiten’),

minder getroffen worden door inbraak.

Is er veel onregelmatig verkeer, dan

neemt de inbraakvictimisatie ook af.

Factoren als de aanwezigheid van een

buurtwacht en inbraakpreventiesloten

waren niet statistisch significant

gerelateerd aan inbraakvictimisatie.

Met literatuuropgave.

26

Ruback, R.B., K.S. Ménard e.a.

Normative advice to campus crime

victims; effects of gender, age and

alcohol

Violence and victims, 14 e jrg., nr. 4,

1999, pp. 381-396

In studentengemeenschappen is de

kans om bij alcoholgebruik slachtoffer

te worden van een misdrijf groot. De

vraag is of deze misdrijven dan bij de

More magazines by this user
Similar magazines