1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

beke.nl

1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

Justitiële verkenningen, jrg. 27, nr. 1, 2001 22

Kohnstamm meent dat mensen er beter aan doen hun mateloze vrijheid

wat in te tomen en zichzelf beperkingen op te leggen, regels te stellen

voor hun gedrag, om zo weer greep te krijgen op hun eigen handelen

en dat van anderen. Regels zorgen er immers voor dat je je niet iedere

keer hoeft af te vragen wat je doet en maken het ook mogelijk om bepaalde

dingen niet te doen.

Het is geen onsympathiek advies, maar het legt ook de vinger op de

zere plek, want die regels moet het individu blijkbaar ook weer zelf bedenken.

Vroeger kreeg hij ze grotendeels aangeleverd door de samenleving,

ondersteund door overheidsmaatregelen, sociale instituties, sociale

netwerken in de buurt, enzovoort. De overheid heeft zich echter voor een

belangrijk deel terug getrokken uit het sociale verkeer, dat wil zeggen,

stimuleert ook de autonomie en keuzevrijheid van mensen. Vanuit de

stilzwijgende optiek dat iedere burger als een kleine zelfstandige opereert,

wordt hij in zijn doen en laten steeds meer op zijn autonomie aangesproken,

van zijn keuze voor de verzekering van zijn gezondheid tot de

vrijheid om zijn leven voortijdig te beëindigen. ‘De samenleving, dat zijn

wij’ laat de overheid ons via Postbus 51 weten, maar een overheid die

zichzelf in toenemende mate aan haar verantwoordelijkheden voor die

samenleving onttrekt, geeft op dit vlak niet een betrouwbare indruk (zie

Zijderveld in De Volkskrant, 2000).

De politiek biedt ook geen soelaas. Onlangs nog bejubelde minister

Jorritsma de ‘privatisering van de mens’, waarna Schuyt (2000) zich afvroeg

of deze onzinnige uitspraak misschien ook iets te maken had met

het ontbreken van een band tussen mensen’. De politiek sanctioneert

trouwens maar al te vaak allerlei maatschappelijke vormen van overlast,

zoals niet zo lang geleden VVD-fractieleider Dijkstal, die badinerend

deed over de paar koeien en een paardekop die last zouden hebben van

vliegveld Schiphol. Politici verschuilen zich achter de complexiteit van

de samenleving of maskeren het probleem door normstellingen voor

overlast aan te passen, te herberekenen, enzovoort.

Tot overmaat van ramp kan de burger voor raad en hulp ook steeds

minder terugvallen op zijn directe omgeving. Steeds vaker kent hij die

omgeving nauwelijks persoonlijk en daarbij staat die omgeving voor dezelfde

dilemma’s. Zelfs waar individuen erin slagen om zichzelf regels en

beperkingen op te leggen, is het niet realistisch te verwachten dat anderen

zich zondermeer naar die regels zullen voegen. Wanneer je je in een

treincoupé beklaagt over het mobiel bellen van een medepassagier, vindt

deze dat niet zelden ‘jouw probleem’ en meent dat je dan maar ergens

anders moet gaan zitten. Het probleem met overlast is echter dat je

meestentijds niet ergens anders heen kunt. Als dat zo was, zou je het niet

als overlast ervaren.

Daarmee tekent zich een paradoxale situatie af. De moderne mens is

aan de ene kant prikkelzuchtig, zoekt zelf actief het spektakel op, houdt

van spanning en pocht over zijn werkdruk als was het zijn grootste verdienste.

Om dat allemaal te kunnen realiseren, meent hij recht te hebben

More magazines by this user
Similar magazines