1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

beke.nl

1 01 Het gevecht om het publieke domein - Bureau Beke

Verbleekt gezag 69

lijkt echter op gespannen voet te staan met de hiërarchie waarin de oude

autoriteit als persoon gedijt.

Ten tweede en daarmee samenhangend is de macht uit het zicht verdwenen.

Het is onduidelijk op welke plekken in de instituties de beslissingen

worden genomen. Autoriteiten worden niet langer bewierookt in

plechtigheden. Het oude type gezagsrelatie bestond juist bij de gratie van

zichtbare machtsverhoudingen. De zeggingskracht van autoriteiten was

lange tijd gebaseerd op gelegitimeerde besluitvormingsprocedures die

inzichtelijk waren, garandeerden dat zonder aanziens des persoons werd

gehandeld en de mogelijkheid boden verhaal te halen bij misbruik van

macht. In de moderne organisaties zijn deze oude grootheden niet geheel

onbelangrijk geworden maar worden ze overschaduwd door kortlopende

en bilaterale afspraken en wordt de persoonlijke stempel van het

individu juist bewierookt.

Op het eerste gezicht is er ook geen probleem met de verbleking van

de autoriteit. We herinneren ons immers te veel voorbeelden van autoriteiten

die hun macht op grove wijze misbruikten. Toch kunnen mensen

in een complexe samenleving niet anders dan op de goedheid of betrouwbaarheid

van de ander vertrouwen. We kunnen niet meer anders

dan vertrouwen stellen in de bakker, de dokter en de minister. Een teloorgang

van dergelijk vertrouwen in de integere bedoelingen achter het

handelen van de autoriteit levert met een liberale opvatting van autonomie

een probleem op voor de maatschappelijke orde.

Autoriteit komt van ‘augere’, dat betekent ‘doen groeien’. De tuinman

bevordert de groei door te snoeien. De goede autoriteit snoeit. Niet alleen

in de beperking van zichzelf maar ook in de beperking van de ander,

onderscheidt zich de meester. De tuinman snoeit zijn planten niet alleen,

hij voedt en verzorgt ze ook. In menselijke gezagsrelaties biedt de

gezagsfiguur zich als voorbeeld aan. Elke beperking die de autoriteit het

kind oplegt heeft een humaniserende werking, dat wil zeggen met elke

grens die het kind leert accepteren, aanvaardt het de wetten van de cultuur

waarin het groeit en wordt daarmee lid van die cultuur. Het kind

wordt uitgelegd dat de gezagsfiguur door dezelfde wetten wordt beperkt

als het kind. Dat helpt het kind de teleurstelling van de inperking te verdragen.

De inperking doet het kind verlangen te zijn zoals de representant

van de cultuur (Dolto, 1984).

De goede autoriteit van de aandachtige en verzorgende staat zit de

laatste decennia in de verdomhoek. Sociale verantwoordelijkheid lijkt

een schaars goed te worden in een samenleving van in zichzelf vervatte

individuen. Bij de liberale opvatting van autonomie hoort dat men goed

voor zichzelf kan zorgen. Maar vrijheid bestaat niet alleen uit een afbakening

van het zelf maar tevens uit de wetenschap dat mensen voor elkaar

zorgen als dat nodig is. Ik ben pas autonoom als ik weet dat het met de

anderen goed gaat en ik erop kan vertrouwen dat zij op mij en ik op hen

een beroep kan doen als het niet goed gaat. De goede gezagsfiguur is niet

zozeer de persoon die door zijn macht allerlei vrijheden kan permitteren,

More magazines by this user
Similar magazines