Optimalisatie capaciteit operatiekamers - College bouw ...
Optimalisatie capaciteit operatiekamers - College bouw ...
Optimalisatie capaciteit operatiekamers - College bouw ...
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport<br />
Postbus 20350<br />
2500 EJ DEN HAAG<br />
Datum 23 mei 2005 Kenmerk Kn Uw brief van<br />
Betreft <strong>Optimalisatie</strong> <strong>capaciteit</strong> <strong>operatiekamers</strong><br />
Afdeling Ziekenhuizen Uw kenmerk<br />
Uw beleid is er op gericht om de kapitaalIasten op termijn integraal onderdeel te laten uitmaken van de<br />
DBC-tarieven van een ziekenhuis. Hierdoor zullen investeringsbeslissingen aangaande <strong>bouw</strong> van<br />
ziekenhuizen in een andere context komen te staan. De zekerheid van (volledige) nacalculatie van<br />
ziekenhuisge<strong>bouw</strong>en vervalt en wordt vervangen door een systeem van dekking van kapitaallasten via<br />
de productie (DBC’s) die in concurrentie met andere zorgaanbieders verkregen dient te worden.<br />
Hierdoor zullen instellingen, meer dan voorheen, geprikkeld worden om efficiënt met hun vastgoed om<br />
te gaan en daar waar mogelijk een optimalisatie en rationalisatie hiervan na te streven.<br />
Tegen bovengenoemde achtergrond heeft het Bouwcollege besloten om, in vervolg op het in 2004<br />
uitgevoerde onderzoek naar effecten van bedrijfstijdverlenging in ziekenhuizen (rapportnummer: 570),<br />
een drietal afdelingen in het ziekenhuis nader te onderzoeken op het punt van optimalisatie en<br />
rationalisatie en de consequenties hiervan voor met name de <strong>bouw</strong>. Het betreft hier de operatieafdeling,<br />
de polikliniek en de verpleegafdeling. Met de betreffende onderzoeken wordt mede invulling<br />
gegeven aan het in het Werkprogramma 2005 opgenomen onderwerp ‘Nieuwe modellen/concepten<br />
voor ziekenhuizen’ (§ 2.4).<br />
De betreffende onderzoeken zijn met name bedoeld voor het informeren van instellingen en andere<br />
veldpartijen (o.a. zorgverzekeraars) die deze informatie als input kunnen gebruiken voor de verdere<br />
ontwikkeling van de ziekenhuisinfrastructuur in Nederland.<br />
Recentelijk is het onderzoek inzake de optimalisatie <strong>capaciteit</strong> <strong>operatiekamers</strong> afgerond. Naast<br />
informatievoorziening voor instellingen en andere veldpartijen heeft het Bouwcollege dit onderzoek<br />
tevens aangegrepen voor een aanpassing van de vuistregels, die mede bepalend zijn voor het aantal te<br />
<strong>bouw</strong>en <strong>operatiekamers</strong>, zoals opgenomen in de bijlage van de door u goedgekeurde <strong>bouw</strong>maatstaven<br />
<strong>operatiekamers</strong> (maart 2004).<br />
Cbz/nr 0332-05
<strong>Optimalisatie</strong> <strong>capaciteit</strong> <strong>operatiekamers</strong><br />
Door middel van onderhavige brief wil het Bouwcollege u informeren over de uitkomsten van deze<br />
aanpassing van de vuistregels.<br />
Het onderzoek inzake optimalisatie <strong>capaciteit</strong> <strong>operatiekamers</strong> is in opdracht van het Bouwcollege<br />
uitgevoerd door de Plexus Medical Group te Amsterdam, hetgeen heeft geresulteerd in een rapport dat<br />
u bijgaand aantreft.<br />
De onderzoeksopdracht bestond uit het ontwikkelen van een methodiek voor optimalisatie van de<br />
<strong>capaciteit</strong> van OK-complexen als zodanig. Dit betekent dat met name gekeken is naar de mogelijkheden<br />
van optimalisatie van het logistieke proces op de OK. Wat de gevolgen zijn voor de overige schakels<br />
(voor- en natraject) in het zorgproces is geen onderwerp van de onderzoeksopdracht geweest.<br />
De door Plexus ontwikkelde methodiek gaat uit van het organiseren van het logistieke proces rondom<br />
de verschillende zorgvragen van patiënten, ofwel zorgcircuits. Daarbij maakt zij onderscheid in een snel<br />
circuit (korte ingrepen en hoge turnover) en in een langzaam circuit.<br />
Het snelle circuit is opge<strong>bouw</strong>d uit een behandelkamercircuit, het gespecialiseerde<br />
behandelkamercircuit en het ambulante OK-circuit. Het behandelkamercircuit is een behandelsetting<br />
waarin hoog volume en lichte ingrepen worden gedaan zonder dat een anesthesioloog hierbij betrokken<br />
is. Het behandelkamercircuit wordt veelal buiten het OK-complex gesitueerd op de polikliniek.<br />
Het gespecialiseerde behandelkamercircuit is een behandelsetting waarbij wel een anesthesioloog<br />
betrokken is. Bij voldoende benutting is het mogelijk het gespecialiseerde behandelcircuit eveneens<br />
buiten het OK-complex te situeren. Veelal wordt het gespecialiseerde behandelcircuit binnen het OKcomplex<br />
gecombineerd met het ambulante OK-circuit.<br />
Dit ambulante OK-circuit is een operatiesetting waar de patiënt lopend naar de OK gaat en niet wordt<br />
omgebed. Het betreft ingrepen die thans onder dagbehandeling plaatsvinden maar ook ingrepen<br />
waarvoor minimaal één nacht voor overgebleven moet worden.<br />
Het langzame circuit bestaat uit het klinische OK-circuit en indien aanwezig het topspecialistische OKcircuit.<br />
Het klinische OK-circuit is de tradionele OK waar de patiënt op een bed de OK binnen komt,<br />
uitslaapt op de verkoever en weer per bed vertrekt. In het topspecialistische circuit vinden langdurige<br />
ingrepen plaats waarbij speciale nazorg op de verkoever of IC nodig is (bv. hartchirurgie,<br />
neurochirurgie). Dit circuit wordt overwegend aangetroffen bij topklinische opleidingsziekenhuizen en<br />
academische ziekenhuizen die hiervoor over extra OK’s beschikken.<br />
Bij de ontwikkeling van de hiervoor beschreven herinrichting van het logistieke proces op de OK heeft<br />
Plexus zich mede laten inspireren door ‘extremen’ (in binnen en buitenland) op het gebied van<br />
optimaliseren van de <strong>capaciteit</strong> van <strong>operatiekamers</strong>. Daarnaast is gebruik gemaakt van<br />
geanonimiseerde en geaggegreerde ervaringsgegevens afkomstig uit een door haar opgezet<br />
benchmarkonderzoek (dat uitgevoerd wordt sinds 2003) naar de kwaliteit en doelmatigheid van OKcomplexen,<br />
waaraan inmiddels meer dan 30 ziekenhuizen in Nederland hebben deelgenomen.<br />
Uit dit benchmarkonderzoek blijkt dat op een aantal ijkpunten (bezetting, spoedingrepen, wisseltijden)<br />
de ziekenhuizen ten opzichte van de Best Practice gevarieerd scoren, hetgeen betekent dat op deze<br />
punten efficiëncy-voordeel te behalen is.<br />
In de door Plexus ontwikkelde methodiek is uitgegaan van een maximale benutting van deze efficiëcyvoordelen<br />
door het benodigde aantal OK’s per zorgcircuit te berekenen op basis van Best Practice<br />
ingreepduur en benutting van beschikbare OK-tijd voor de verschillende specialismen.<br />
Doorrekening van deze methodiek leidt volgens Plexus in vergelijking met de gemiddelde prestaties op<br />
een OK-complex tot een besparing aan OK-<strong>capaciteit</strong> die kan oplopen tot circa 30% – 40%.<br />
Cbz/nr 0332-05 2
<strong>Optimalisatie</strong> <strong>capaciteit</strong> <strong>operatiekamers</strong><br />
Het Bouwcollege constateert - tegen de achtergrond van de toenemende eigen verantwoordelijkheid<br />
van instellingen aangaande investeringsbeslissingen - dat onderhavig onderzoek, dat mede gebaseerd<br />
is op ervaringsgegevens van ziekenhuizen zelf, duidelijk maakt dat er mogelijkheden zijn om voor een<br />
kapitaalintensieve afdeling zoals het OK-complex een duidelijke optimalisatieslag te maken. Naast<br />
financiële voordelen voor de instelling kan deze optimalisatieslag ook bijdragen aan een vermindering<br />
van de wachtlijsten en verbetering van de service aan de patiënt.<br />
Overigens zal de door Plexus becijferde optimalisatie niet in elk ziekenhuis vanzelfsprekend in dezelfde<br />
mate gerealiseerd kunnen worden. Zo varieert de samenstelling van de zorgvraag en de verdeling<br />
hiervan over de zorgcircuits over de ziekenhuizen. Verder is de operatieafdeling één logistieke schakel<br />
in het totale zorgproces. In het voor- en natraject zijn vele disciplines betrokken, hetgeen afstemming<br />
van werkzaamheden tussen verschillende afdelingen noodzakelijk maakt. Efficiëncy-voordelen behaald<br />
door optimalisatie in de ene afdeling kunnen voor een deel weer teniet worden gedaan door meerkosten<br />
van een andere afdeling die ten gevolge van deze optimalisatie anders zou moeten gaan werken. Het<br />
identificeren van deze meerkosten heeft geen deel uitgemaakt van onderhavig onderzoek.<br />
Verder constateert het Bouwcollege dat de grondslag voor de <strong>capaciteit</strong>sberekening in de door Plexus<br />
ontwikkelde methodiek afwijkt van de grondslag zoals deze thans opgenomen is in de door u in 2004<br />
goedgekeurde <strong>bouw</strong>maatstaven operatie-afdeling. Hoewel hierdoor geen één op één doorvertaling kan<br />
plaatsvinden van de uitkomsten van de ene methodiek naar de ander methodiek is het Bouwcollege van<br />
mening dat op basis van de uitkomsten van onderhavig onderzoek een aanpassing van de thans<br />
gebruikte vuistregels aangewezen is.<br />
Rekening houdend met bovenstaande nuanceringen ligt het in de rede om voorlopig uit te gaan van een<br />
opwaartse aanpassing van circa 10% tot 20%. Dit betekent dat waar tot dusver uitgegaan werd van de<br />
vuistregel van gemiddeld 9.000 operatie-eenheden (gewogen gemiddelde op basis van CTGparameters)<br />
per OK per jaar het in de rede ligt om voortaan uit te gaan van de vuistregel van gemiddeld<br />
10.000 tot 11.000 operatie-eenheden.<br />
Ten aanzien van de status van deze vuistregel merkt het Bouwcollege op dat dit referentiewaarden<br />
betreffen die als benchmark kunnen fungeren voor instellingen om afgewogen keuzen te maken omtrent<br />
de aanwending van investeringen binnen het vigerende maximale investeringskostenkader voor de<br />
nieuw<strong>bouw</strong> van ziekenhuizen.<br />
Hoogachtend,<br />
de algemeen secretaris, de voorzitter,<br />
mr. T. Vroon drs. R.L.J.M. Scheerder<br />
Cbz/nr 0332-05 3