Stichting Oude Groninger Kerken

groningerkerken.nl

Stichting Oude Groninger Kerken

G r o n i n g e r K e r k e n

j a n u a r i 2 0 1 2

O f f e r b l o k k e n i n G r o n i n g e r l a n d • D e k e r k v a n Z u u r d i j k • H e t

R o h l f i n g - o r g e l v a n Z u u r d i j k • M i n d e r r e l i g i e e n m e e r c u l t u u r •

N i e u w e s p i r i t u a l i t e i t i n e e n o u d e k e r k • D a m s t e r k e r k e n c a r r o u s e l


Klaas Meindersma

Offerblokken in Groningerland · Een zeldzaam 1

kerkmeubel

Van unieke betekenis is het grote aantal offerblokken dat in Groninger

kerken wordt aangetroffen. Dit artikel biedt een overzicht van de 48

resterende exemplaren.

Harry de Olde

De kerk van Zuurdijk 7

De kerk van Zuurdijk gaat terug tot de dertiende eeuw, maar er is sinds-

dien veel aan het gebouw veranderd. De waarde van het kerkgebouw is

voor een deel gelegen in het negentiende-eeuwse interieur.

Hans Fidom

Het Rohlfing-orgel van Zuurdijk 10

Het orgel van Zuurdijk is onlangs gerestaureerd. Dat is opvallend,

aangezien orgels uit de vroege twintigste eeuw tot voor kort niet erg

serieus werden genomen. De restauratie van dit orgel markeert een

omslag in de waardering.

Regnerus Steensma

Minder religie en meer cultuur · Het hedendaagse 16

gebruik van de Stichtingskerken

Begin 2011 bezat de Stichting Oude Groninger Kerken 63 monumentale

kerkgebouwen. Vroeger dienden ze alleen voor de eredienst. Nu is dat

bij slechts enkele nog het geval. Vele worden gebruikt voor andere,

veelal culturele doeleinden.

Regnerus Steensma

Nieuwe spiritualiteit in een oude kerk · Ervaringen 13

van bezoekers in Zeerijp

De kerk is een ruimte die meer dan eens de aanzet geeft tot existentiële

ervaringen. Een voorbeeld is die van Zeerijp. De aantekeningen in de

gastenboeken daar getuigen er van.

Peter Breukink en Martin Hillenga

Damster kerkencarrousel · De herbestemming van 19

kerken in de gemeente Appingedam

Appingedam is het toneel van een omvangrijk plan waarbij enkele

kerkgebouwen in het centrum een nieuwe functie krijgen. De Stichting

Oude Groninger Kerken, eigenaar van drie kerken en een synagoge in

de gemeente, heeft hierbij een belangrijke rol.

Foto omslag: panelen van het Archeologisch Informatie Punt Oost-Fivelingo

in de zuidelijke kapel van de Nicolaikerk in Appingedam (foto Regnerus Steensma).

Het tijdschrift Groninger Kerken is een uitgave van de Stichting Oude Groninger

Kerken. Het tijdschrift verschijnt viermaal per jaar. Abonnement, alleen voor donateurs

van de Stichting Oude Groninger Kerken, ¤ 15,00 per jaar. Nieuwe donateurs

ontvangen Groninger Kerken het eerste jaar gratis. issn 0169 - 3719

inhoud 29 / 1 – januari 2012

Stichting Oude Groninger Kerken

opgericht 13 mei 1969

Stichting Der Aa-kerk Groningen

opgericht 1 maart 1985

Beschermheer

Drs. M.J. van den Berg, Commissaris van

de Koningin in de provincie Groningen

Bestuur en directie

G.H. van den Bremen, voorzitter

M. Hendrikse-Ouweleen,

vice-voorzitter

R. Wobbes, secretaris

J. Wolters, penningmeester

J.A. de Vries

J.G. Vlietstra

P.G.J. Breukink, directeur

Adres

Coehoornsingel 14 9711 bs Groningen

telefoon (050) 312 35 69

telefax (050) 314 25 84

e-mail info@groningerkerken.nl

www.groningerkerken.nl

abn amro 48 61 14 333

Redactieadres

Coehoornsingel 14 9711 bs Groningen

e-mail hillenga@groningerkerken.nl

Redactie Groninger Kerken

Dr. Regn. Steensma, voorzitter

Drs. M. Hillenga, secretaris

Drs. R.H. Alma

Dr. J.E.A. Kroesen

J.F. Oldenhuis

Dr. C.P.J. van der Ploeg

E. Hofman

Katern ‘De Stichting

Martin Hillenga en Lotte Kleijssen

Donateurschap

Minimaal ¤ 17,50 per jaar

Tijdschrift ¤ 15,- per jaar

Advertenties

Informatie en tarieven worden verstrekt

door Stichting Oude Groninger Kerken

telefoon (050) 312 35 69

contact Lotte Kleijssen,

e-mail: lottekleijssen@gmail.com of

e-mail: info@groningerkerken.nl

Drukwerk en verzending

Zalsman Groningen, Groningen

Opmaak en productie

Ekkers & Paauw, Groningen

HOLSTEIN

restauratie architectuur

Kantoren Insulinde

Bankastraat 42 J

9715 CD Groningen

tel.: 050 5770059

fax: 050 5771904

info@holstein-restauratie.nl

www.holstein-restauratie.nl

foto Omke Oudeman


Op vele wijzen trachtte de kerk in de middeleeuwen geld in

te zamelen om aan haar geestelijke en sociale verplichtingen

te kunnen voldoen. Zij leefde ten dele van vaste inkomsten,

bijvoorbeeld uit landerijen en van beloningen voor verleende

diensten zoals het opdragen van votiefmissen. Daarnaast

speelden de vrijwillige gaven een grote rol, met name om de

variabele kosten te bestrijden, onder meer voor de armenzorg.

Het offeren behoorde tot de goede werken bij uitstek

en werd als zodanig met alle middelen gepropageerd.

Het aantal voorreformatorische voorbeelden van offerblokken

is in Nederland beperkt tot een paar stuks. Vanaf

het einde van de zestiende eeuw tot omstreeks 1850 kunnen

wij de ontwikkeling van het offerblok volgen. Gedurende

Klaas Meindersma

Offerblokken in Groningerland

Een zeldzaam kerkmeubel 1

Groningen wordt wel eens gekscherend de knollentuin van Monumentenzorg genoemd naar aan­

leiding van zijn indrukwekkende reeks laatromaanse kerken. Van minder allure, maar van unieke

betekenis, is het grote aantal offerblokken dat men bij ons nog in diverse kerken kan aantreffen.

Het is merkwaardig dat dit voorwerp zich in Groningen en Drenthe langer in stand heeft weten te

houden dan in welke andere streek van ons land ook. Het in ere houden van offerblokken moet wel

als een regionale traditie worden uitgelegd en zal geen verband houden met bijvoorbeeld het feit

dat elders het geld belegd of althans rentegevend gemaakt zou zijn.

deze periode kan een functieverandering gepaard gaande

met vormverandering worden waargenomen.

Tot op vandaag de dag zijn verschillende offerblokken nog

in actieve dienst, hoewel de buitengebruikstelling en de opruiming

van vele bij het verschijnen van de fabrieksmatig

vervaardigde stalen brandkasten in het laatst van de negentiende

eeuw reeds een aanvang heeft genomen. Bezien we

het offerblok als louter gebruiksvoorwerp, dan is het zonder

meer duidelijk dat dit meubelstuk in diskrediet is geraakt

door het zich wijzigen van de gewoonten of wanneer het onklaar

raakte. Het is dan enkel nog de zin voor traditie, welke

bepalend is voor de instandhouding. Deze factor is in onze

1 Deze bijdrage is een bewerking van het artikel dat eerder verscheen eerder in Maandblad Groningen 11 (juli 1969) 1-8. Na het schrijven

van het artikel en het maken van de tekeningen zijn enkele blokken gerestaureerd. De recente vorm op enkele foto’s kan om die reden

afwijken van de oudere tekening.

Baflo Dorkwerd Leens


provincie kennelijk dermate aanwezig geweest dat, voor-

zover bekend, ons momenteel nog 48 offerblokken resten.

Instandhoudingsproblemen

Het woord ‘blok’ of ‘tronk’ (Latijn: truncus) doelt op een

zwaar stuk hout, een stam of ook wel het worteleind van een

stam. Hierbij wordt al direct het verband gelegd met het

procedé volgens hetwelk het offerblok oorspronkelijk werd

vervaardigd. Dit gebeurde door uitholling van de stam, zodat

een kist of een bus ontstond. Werd de uitholling in het bo-

veneinde van de stam aangebracht, dan ontstond het voor-

werp waaraan dit artikel is gewijd.

Deze stammen of palen zouden, gezien hun degelijk

bouwmateriaal en hun ongecompliceerde taak, een lang

leven beschoren moeten zijn. Dit is helaas niet het geval.

Men heeft namelijk in de meeste gevallen de offerblokken

tegen de muur of in de tegelvloer geplaatst. Beide bouwonderdelen

van een kerk zijn in meer of mindere mate vochtig,

waardoor in de raakvlakken met het hout na verloop van tijd

rottingsverschijnselen optreden. Hiertegen heeft men geen

enkele effectieve maatregel genomen. We zien de gevolgen

bij verschillende offerblokken die eenvoudig dieper in de

grond zijn geplaatst, nadat zij door de bovengenoemde oorzaak

wankel waren geworden. Zo wordt de oorspronkelijke

hoogte, welke om de één meter schommelt, langzamerhand

gereduceerd tot ongeveer stoelzittinghoogte. In gunstiger

gevallen werd de poot aangelast met een nieuw stuk hout,

doch dan nam men het meestal niet al te nauw met een juiste

kopiëring van de oorspronkelijke vorm. Het probleem, hoe

de originele poot er dan wel heeft uitgezien, kan men soms

oplossen door vergelijking met nog gave voorbeelden in

binnen- en buitenland.

Vorm en datering

De geschiedenis van het offerblok kent op dit ogenblik geen

ouder voortbrengsel dan uit het laatst der zestiende eeuw.

Het betrokken exemplaar, waaraan nog laatgotische vormen

zijn te onderkennen, bevindt zich in de kerk te Noordlaren.

Het dateren is bij ontbreken van een jaartal of andere opschriften

een hachelijke onderneming. Meestal werd de

opdracht door de timmerman of schrijnwerker traditioneel

en utilitair opgelost, dikwijls buiten de op dat moment heersende

stijl om. Niet zelden stond een ouder voorbeeld tot

model.

Aan de hand van diverse typen over een tijdvak van ongeveer

250 jaar en gedateerde exemplaren, is het mogelijk

enige klaarheid te verschaffen over de diverse karakteristieke

vormen. De oudst bekende offerblokken, die vroeger bij

de uitgang der kerk stonden en in de voorreformatorische

tijd ook bij de altaren, waren in de regel kunstzinniger uitgevoerd

dan die uit de slotfase, d.i. de eerste helft van

de negentiende eeuw. In de loop der tijd hebben de offerblokken

hun functie bij de uitgang verloren. Ze worden dan

bijv. geplaatst binnen het doophek en dienen daar als ‘kluis’

voor het op andere wijze ingezamelde collectegeld. De uiterlijke

vorm behoeft dan niet langer de aandacht te trekken,

zodat men ze in versoberde vorm uitvoert. Deze teruggang

doet zich in het siersmeedwerk, dat een integrerend onderdeel

van het offerblok vormt, algemeen gelden. Het ‘collecteofferblok’

en het ‘kluis-offerblok’ onderscheiden zich duidelijk

van elkaar. De eerste groep heeft een kleine gleuf, waarin

men de gaven muntsgewijs werpt. De tweede groep heeft

een grote gleuf met daarboven een trechter waarin meer

munten tegelijk kunnen worden geworpen. Bij vele offerblokken

blijkt deze trechter niet deel uit te maken van de

originele toestand. Hieruit kan men dus de functiewisseling

concluderen.

Voorbeelden

Teneinde dit artikel niet te uitgebreid te maken, wil ik mij nu

beperken tot het omschrijven van enkele hoofdtypes aan de

hand van afbeeldingen.

Baflo

De opzet van een blok hout ervaart men duidelijk in dit voorbeeld.

Het deksel op het uitgeholde bovendeel was afgesloten

met twee hangsloten en een kistslot, welke nu onklaar

zijn. Alle zijkanten van het voorwerp zijn versierd met drie

lelievormig uitgesmede staarten, die aan de bovenzijde door

een ijzeren band zijn omgeven. Deze sierlijke uitmonstering

was nodig om inbraakpogingen van lieden met minder goede

intenties te voorkomen. Op deze wijze trachtte men

het onmogelijk te maken om, door middel van openkloven

of doorzagen van het hout, zich in het bezit te stellen van de

offergaven.

Behalve een geldgleuf bevindt zich op het deksel tevens

een jonger ijzeren schaaltje waarop de collectezak of -bus

kon worden leeggestort. De rond de voet lopende plint vormt

een latere toevoeging.

Noordlaren

Bij de meeste voorbeelden is de balkvorm gestileerd. Beneden

het bakvormige bovengedeelte gaat de vierkante

doorsnede over in een achthoek of een vierkant met afgeschuinde

hoeken. Het voetgedeelte is dan weer vierkant

doch soms achtkantig. Bij de laatste uitvoering is de omvang

van de voet groter dan de schacht. Aan bovengenoemde be-

schrijving voldoet het Noordlaarder blok in zoverre dat naar

de juiste vorm van de voet moet worden gegist. Opvallend bij

dit exemplaar zijn de ingekerfde ster- en zonneradfiguren en

de inbraakwerende smeedijzeren voorzieningen.

Ter Apel

Dit offerblok is ongeschonden tot ons gekomen. De goede

conditie dankt het aan de losse opstelling op de kerkvloer.

Met behulp van een ketting was dit 1,20 m hoge blok eertijds

aan een koorbank geketend. Aan het druk bewerkte uiterlijk

is in latere tijd een plaatvormige afdekking met grote trechter

op het deksel toegevoegd.

Winsum

Op de orgelgalerij in deze kerk treffen we een gaaf en

charmant blokje van slechts 71 cm hoogte met opschrift

‘anno 1692’ aan. Het is praktisch geheel met smeedijzeren

banden bedekt op het bovendeel, en wel met behulp van

rozetvormige nagels. Op het deksel bevindt zich een oog,

waarmee het blok door middel van een ketting aan de muur

was bevestigd.

De volgende drie typen zijn ontleend aan de balkvorm doch

wijken er qua constructie van af doordat ze uit meerdere

onderdelen zijn samengesteld. Bij deze groep vindt ook

grenenhout toepassing.

Oostum

Het zeer strakke voorbeeld bestaat uit een in de vloer ingelaten

kern welke met vier planken is omtimmerd. Deze kern

loopt niet tot boven toe door, op welke wijze een bak ontstaat.

Met behulp van een versierde band en een dieper-

Middelbert Noorddijk Noordlaren Oosterwijtwerd Warffum

Zandeweer


Baflo Dorkwerd Eenrum Huizinge

Krewerd Leens Noordlaren

Noorddijk Oosterwijtwerd Oostum Saaksumhuizen

Sebaldeburen Ten Boer Ter Apel Thesinge

Tjamsweer Ulrum Warffum Winsum

Winsum Woltersum Zandeweer


liggende plaat, beide van ijzer, is boven op een kom ge-

vormd. Deze uitvoering stempelt het tot het ‘kluis-type’.

Ten Boer

Dit blok dankt zijn huidige vorm aan een herstel in 1966,

waarbij het ondereinde op passende wijze werd gereconstrueerd.

Enige jaren hiervoor werd het offerblok met een

jongere pendant uit de kerk geroofd, opengebroken en vervolgens

in het Drentse Diep geworpen. Het is bij de restauratie

ontdaan van de weinig aantrekkelijke bruine verf en

prijkt met een geschilderde mahonie-houtimitatie welke

omstreeks 1800 gebruikelijk was.

Het offerblok bestaat uit een als zelfstandigheid uitgevoerde

bovenkist, die met behulp van gesmede sierstukken

op een massieve poot is gehecht. De schaal op het deksel

is van geelkoper. De oudst bekende toepassing van een

schaal of trechter in dit materiaal wordt gevonden in de kerk

te Mensingeweer waarschijnlijk uit 1760.

Noorddijk

De oudste in deze reeks van samengestelde blokken. Het

offerblok bestaat uit een paal, die tot vorming van een bak

aan de bovenkant met houten delen is omtimmerd. Het deel

aan de voorzijde, dat tot op de grond toe is doorgetrokken, is

aan de zijkanten tot een fraai silhouet uitgeschulpt. Ook hier

is de oorspronkelijke voet verloren gegaan. Vermoedelijk

heeft de maker van dit blok een voorbeeld voor ogen gestaan

dat verwant is aan renaissance-hekpalen, zoals die bijvoorbeeld

nog in West-Terschelling worden aangetroffen.

De tralievormige bandversieringen van ijzer geven bij dit

offerblok een goed beeld hoe vakmanschap, kunstzin en

functionalisme tot een aantrekkelijk en gedegen werkstuk

kunnen leiden. De oorspronkelijke kleur van het hout was

groen; die van het ijzer goud.

Woltersum

Ik wil deze opsomming besluiten met een tweelingpaar.

Behalve verschil in ouderdom, wijken de constructie en de

kleuren af. De poot van het blok uit 1833 bestaat uit een kern

met vier planken omringd. De poot uit 1840 is massief. Het

ene blok is geheel zwart; van het andere is alle ijzerwerk

diep rood. Dit kleurschema werd bij een herstelling geconstateerd.

De tekst is met behulp van een stalen pen in het

plaatijzeren bovengedeelte ingeponst en met witte verf ingevuld.

De wijze waarop het bakgedeelte is geconcipieerd is

kenmerkend voor de jongste typen.

K.T. Meindersma (Smelbrêge 1c, 9051 bh Stiens) schreef

boeken en artikelen over historisch smeedwerk.

Tekeningen door de auteur, foto’s Regnerus Steensma.

Offerblokken in Groningen

Adorp 1667?

Baflo 17e eeuw

Den Andel 17e eeuw

Dorkwerd 17e eeuw

Eenrum ca. 1800

Ezinge 18e eeuw

Feerwerd (2x) 18e eeuw

Godlinze 18e eeuw

Haren 18e eeuw

Holwierde 18e eeuw

Hoogkerk 19e eeuw - 1967

Hornhuizen 1850

Kloosterburen 1843

Krewerd 18e eeuw

Leens (2x) 18e eeuw

Mensingeweer 1760?

Middelbert 1769

Middelstum (2x) 19e eeuw en 20e eeuw

Niebert ca. 1750

Nieuw Scheemda 1661

Noorddijk 17e eeuw

Noordlaren 16e eeuw

Nuis 18e eeuw

Oosterwijtwerd 17e eeuw

Oostum 18e eeuw

Oude Pekela 1686

Saaksum 18e eeuw

Saaksumhuizen 17e eeuw

Sebaldeburen 1807

Spijk (2x) 19e eeuw

Ten Boer (2x) 18e eeuw en 19e eeuw

Ter Apel (2x) 17e eeuw en 19e eeuw

Thesinge 1795

Tjamsweer 1681

Ulrum (2x) 18e eeuw

Vierhuizen 1845

Wagenborgen 18e eeuw

Warffum 17e eeuw

Warfhuizen 17e eeuw

Winsum (2x) 1692 en 18e eeuw

Woltersum (2x) 1831 en 1840

Zandeweer 17e eeuw

Zuurdijk 18e eeuw

foto Jan Hovinga

1 Zuurdijk, interieur naar het oosten.

De kerk van Zuurdijk

De kerk van Zuurdijk gaat terug tot de dertiende eeuw, maar er is sindsdien veel aan het gebouw

veranderd. De waarde van het kerkgebouw is voor een deel gelegen in het negentiende­eeuwse

interieur, ‘een toonbeeld van edele eenvoud’.

Het gebouw

In de voortzetting van de Kroniek van het klooster Bloemhof

wordt het heel nauwkeurig verteld. Op 26 oktober 1288

drong het zoute zeewater het land binnen, onder andere bij

Usquert, in de Marne en in Suterdicke. 1 Het is de oudst bekende

vermelding van Zuurdijk, de dijk die het Marnegebied

in het zuiden beschermt.

Op de plaatselijk verhoogde dijk stond toen al een kerk.

Sinds het midden van de dertiende eeuw is deze kerk in haar

hoofdvorm bewaard gebleven. In haar oorspronkelijke gedaante

was zij een rechthoekige ruimte van drie overwelfde

traveeën, waarin schip en koor bouwkundig niet van elkaar

waren gescheiden. Elke travee werd door een hooggeplaatst,

smal en licht spitsbogig venster in noord-, zuid- en oostwand

verlicht; aan de binnenzijde zijn in de noordwand nog twee

van de omlijstingen van deze vensters overgebleven, en ook

in de oostwand is er nog een te zien. De portalen van de kerk

bevonden zich in de noord- en zuidwand van de westelijke

travee; ze zijn nu dichtgemetseld.

Mede omdat in 1872 door de domineeszoon S.H. Woldringh

in Zoutkamp een cementfabriek was gevestigd, zijn verschillende

kerken in het Marnegebied bepleisterd. Ook aan de

buitenzijde van de kerk van Zuurdijk zijn de genoemde bouwhistorische

bijzonderheden door een in 1879 aangebrachte

bepleistering aan het oog onttrokken. Bij de restauratie in de

jaren negentig van de vorige eeuw bleek de noordmuur voor

een belangrijk deel met van afbraak afkomstige stenen van

groot formaat te zijn beklampt. De matige kwaliteit van het

metselwerk zal ook een reden voor de bepleistering zijn geweest.

1 H.P.H. Jansen en A. Janse (eds.), Kroniek van het klooster Bloemhof te Wittewierum (Hilversum 1991) 470/471.

Harr y de Olde


2 Noordmuur met links een inkassing tussen sporen van muraalbogen, midden een gedicht venster en rechts de aftekening van een

gedicht venster.

De tegenwoordige toren is in 1798 gebouwd. Niet alleen de

voorgaande toren werd afgebroken, ook de westmuur van de

kerk werd vervangen. Mogelijk is deze muur daarbij over

enige afstand naar het oosten verplaatst. 2 In 1831 is het za-

deldak van de toren door een piramidale spits vervangen;

deze wordt bekroond door een windwijzer in de verrassende

gedaante van een zeemeerman. In 1908 is de toren aan west-

en zuidzijde met harde machinale steen beklampt.

Ook in andere opzichten is de kerk niet ongeschonden

door de tijd gekomen. Ze verloor haar gewelven, die nog aan

vijf van de zes muraalbogen kunnen worden herkend. Van de

latere, op houten muurstijlen rustende balkenzoldering resteren

alleen de inkassingen voor deze stijlen in de noordwand.

Van de muurstijlen zelf zijn enkele fragmenten bewaard.

Dank zij de als bouwhistorisch te kenschetsen wijze

van restaureren, waarvoor in Zuurdijk is gekozen, zijn de ge-

noemde bouwsporen nog gemakkelijk waar te nemen. Dat

geldt ook voor de verschillende nissen in noord- en oostwand,

die naar vroeger liturgisch gebruik verwijzen. De nis

in de noordwand heeft wellicht als sacramentsnis gediend,

een nis naast de preekstoel in de oostwand mogelijk als

piscina. 3

De inventaris

De kerk ontleent haar waarde bovenal aan het meubilair uit

het tweede kwart van de negentiende eeuw, een toonbeeld

van edele eenvoud. Het is, ook bij de recente restauratie,

naar vorm en opstelling onaangetast bewaard gebleven.

Tot 1786 bezat de kerk nog een stenen preekstoel. Het is

aannemelijk, dat hij – zoals in de kleinere Groninger kerken

gebruikelijk – tegen de zuidwand was geplaatst. Tijdens de

restauratie is iets ten westen van het midden van de zuid-

2 J.S. van Weerden, Zuurdiek, mien dörpke (Groningen 1966) 3.

3 Regnerus Steensma, ‘Sacramentsnissen in Groninger kerken’, Groninger Kerken 20 (2003) 111-123, hier 121; Regnerus Steensma,

‘Piscina’s in Groninger kerken’, Groninger Kerken 22 (2005) 65-74, hier 74.

3 Twee fragmenten van muurstijlen in een inkassing

tussen de sporen van muraalbogen in de noordmuur.

4 Zuurdijk, zeer smal gedicht spitsbogig venster

in de noordmuur.

5 Zuurdijk, zuidoosthoek van het schip met aanzetten

van de muraalbogen.

wand van de middelste travee een bakstenen opmetseling

gevonden, die het fundament van de preekstoel kan zijn geweest.

4 In het genoemde jaar is de preekstoel door een houten

kansel vervangen. Op zijn beurt moest die in 1849 het

veld ruimen, toen de kerk grote vensters in oost- en zuidmuur

kreeg en ook de huidige preekstoel werd geplaatst. 5 Al eerder,

in 1833, had de kerk de tegenwoordige banken ten geschenke

gekregen van de dorpsbewoners Everdina Eyes van

Kammen-Oudeman (befaamd vanwege de beschrijving van

haar boerderij en persoon door Van Lennep en Van Hogendorp6

) en haar schoonzoon Hendrikus Warendorp Torringa. 7

Ook de avondmaalstafel in sobere empirevormen uit 1838 is

een geschenk, ditmaal alleen van genoemde Torringa. 8 De

schenking is gememoreerd in de bovenzijde van de tafelregels.

Als we het tafelblad oplichten, lezen we: ter gedachtenis

van hindericus iannes torrenga landbouwer te

zuurdijk gemaakt in 1838 gemaat evert hinderks

schreuder kuiper te zuudijk. Evert Hendriks had ook de

banken getimmerd, zoals hij – naar bij de restauratie bleek

– op een der banken schreef. Preekstoel en banken waren

aanvankelijk wit geschilderd, met goudkleurige lijsten; omstreeks

1900 is voor ongeschilderd eikenhout gekozen. Van

oudere datum is het offerblok, dat in de tegenwoordige opstelling

naast de preekstoel staat.

In 1922 besloot de kerkvoogdij tot de aanschaf van een

pneumatisch pijporgel. Opdracht werd verleend aan de firma

Rohlfing en Co te Osnabrück. Over dit orgel verhaalt Hans

Fidom uitvoeriger in zijn bijdrage aan dit nummer.

De torenklok is een van de oudste in de Marne. Zij werd in

1482 voor het kerspel van Zuurdijk gegoten door Herman,

oud-gezel van de invloedrijke Bremer klokkengieter Ghert

Klinghe. 9 Vier jaar eerder had Herman een soortgelijke klok

voor Ulrum gegoten. Apostelbeelden vormen de randversiering,

de flanken tonen enerzijds Maria met het kind Jezus,

aan de andere kant de H. Cunibertus (op de klok Kunbertus

genoemd), die waarschijnlijk in 623 bisschop van Keulen

werd. De klok heet Maria, maar daaruit mag geen conclusie

met betrekking tot het patrocinium worden getrokken.

Van historische betekenis is de ongestoorde zerkenvloer

voor de preekstoel en in het middenpad, met grafstenen voor

leden van welvarende Zuurdijkster boerengeslachten. 10 De

oudste is van 1773, de jongste

van 1834, nog vijf jaar nadat

het begraven in kerken

was verboden. Ook verschillende

grafverzen verdienen

aandacht. De zerken op het

oorspronkelijk omgrachte

kerkhof zijn eveneens van

groot belang, zowel vanwege

de rijkdom aan doodssymboliek

als uit geschied- en

wapenkundig oogpunt. 11

Het gebruik

De kerk is sinds 1974 eigendom van de Stichting Oude Groninger

Kerken. De restauratie is van 1981 tot 2001 in vijf fasen

uitgevoerd. Op 28 september 2001 is de kerk door ir. M.

A.E. Calon, lid van het College van Gedeputeerde Staten van

de provincie Groningen en boer op Zuurdijk, weer in gebruik

gesteld. Sindsdien heeft de plaatselijke commissie van de

Stichting dat gebruik op geschakeerde wijze vorm gegeven.

Om te beginnen is de kerk van de lente tot diep in de herfst

dagelijks geopend, zo vertelt Annette Broekhuizen, voorzitter

van de commissie; voor de dorstige bezoeker staat appelsap

in de toren. Intensieve berichtgeving via krant, radio en

e-mail (aan vijfhonderd adressen) zorgt er voor dat velen op

de hoogte zijn met wat in de kerk gebeurt. Zo trekken orgelbespelingen,

uitvoeringen door kleine muziekensembles,

poëziemiddagen en exposities steevast tamelijk veel geïnteresseerden.

Een ander karakter dragen de elke vierde vrijdag

van de maand gehouden stiltemiddagen, die steeds opnieuw

voor mensen van betekenis zijn. Omdat de kerk als Huis der

Gemeente is aangewezen, kan er het burgerlijk huwelijk worden

gesloten. ‘En ten slotte staat voor een ieder het “speelkwartier”

open, waarin voor een bescheiden bedrag het gerestaureerde

Rohlfing-orgel mag worden bespeeld.’

H.G. de Olde, Domineeskamp 8, 9471 BG Zuidlaren, zat in

zijn kwaliteit van bestuurslid van de Stichting Oude Groninger

Kerken van 1990 tot 2001 de bouwvergaderingen van

de kerk van Zuurdijk voor.

Foto’s: Regnerus Steensma (tenzij anders vermeld)

6 De torenklok uit 1482 (foto Harry de Olde).

4 Regnerus Steensma, ‘Drie middeleeuwse preekstoelen in Groningen’, Groninger Kerken 18 (2001) 70-76, hier 73.

5 Van Weerden, Zuurdiek, 4.

6 M. Elisabeth Kluit (ed.), Nederland in den goeden ouden tijd zijnde het dagboek van hunne reis te voet, per trekschuit en per diligence van Jacob

van Lennep en zijn vriend Dirk van Hogendorp door de Noord-Nederlandsche provintiën in den jare 1823 (Utrecht 1942) 91-92. Geert Mak en

Marita Mathijsen (hertaling, eds.), Lopen met Van Lennep. De zomer van 1823. Dagboek van zijn voetreis door Nederland (Zwolle 2000) 114-

116.

7 Van Weerden, Zuurdiek, 4.

8 Johan de Haan, ‘Avondmaalstafels in Groninger kerken’, Groninger Kerken 21 (2004) 111-121, hier 120, met afb. 19.

9 Adolph Rots en Harry de Olde, So menichmael ghij hoort den helderen clockenslach. Een inventarisatie van luid- en speelklokken in de provincie

Groningen (Groningen 2005) 14; 169, nr. 406.

10 Ynte Botke, Die onder dezen grafzerk ligt, Graf- en gedenkstenen in en om de kerk van Zuurdijk 1773-1885 (Groningen 2003).

11 R. Steensma, ‘Doodssymboliek op Groninger grafzerken. Een terreinverkenning’, in: J.W. Boersma en C.J.A. Jörg, red., Ere-Saluut.

Opstellen voor mr. G. Overdiep (Groningen 1995) 143-155. Botke, Grafzerk, passim.


0

Hans Fidom

Het Rohlfing-orgel van Zuurdijk

In dit artikel staat het orgel van Zuurdijk centraal. Het is onlangs gerestaureerd en dat is opvallend,

aangezien orgels uit de vroege twintigste eeuw tot voor kort niet erg serieus werden genomen. De

eind 0 0 voltooide restauratie van dit orgel markeert deze omslag in de waardering.

Orgelbouw in het begin van de twintigste eeuw

In het begin van de twintigste eeuw werd in Zuurdijk bij de

erediensten naar alle waarschijnlijkheid gebruik gemaakt

van een ‘serafine-orgel’, een drukwindharmonium. In de

voormalige hervormde kerk van Kiel-Windeweer is nog te

horen hoe een dergelijk instrument klinkt. Pas in 1922 werd

in Zuurdijk een pijporgel in gebruik genomen, gebouwd door

het bedrijf van de gebroeders Rohlfing uit Osnabrück.

In de vroege jaren twintig werden in Nederland veel orgels

geleverd door Duitse orgelbouwers. De belangrijkste reden

daarvan is weinig hoogdravend: de Duitse mark daalde destijds

door de grote economische problemen in de nasleep

van de Eerste Wereldoorlog zo snel in waarde dat Duitse orgels

veel goedkoper waren dan Nederlandse. De kerkvoogden

van Zuurdijk besloten zelfs om Rohlfing een ‘inflatiecorrectie’

te bieden in de vorm van een toeslag op het in

Reichsmark overeengekomen bedrag. Bovendien deed de

kwaliteit van deze orgels in het geheel niet onder voor die

1 Zuurdijk, interieur naar het westen met het orgelfront (foto Jan Hovinga).

van Nederlandse instrumenten. Achteraf kunnen we constateren

dat Duitse orgelbouwers het Duitse orgelconcept,

dat destijds ook de basis was van het werk van Nederlandse

orgelbouwers, beter begrepen. In veel gevallen klinken Duitse

orgels uit het begin van de twintigste eeuw overtuigender

dan Nederlandse, met name in de hogere registers.

Destijds werd dit orgeltype in Duitsland aangeduid als het

‘moderne orgel’. De klank ervan wijkt op bijna alle punten af

van die van het ‘oude orgel’, waarmee rond 1900 alle orgels

vóór ongeveer 1830 werden bedoeld; de periode rond 1800

werd toen zelfs als ‘vervalperiode’ gezien, een lot dat later

ook de orgelbouw uit het begin van de twintigste eeuw zou

treffen.

Over de klank van dit ‘moderne orgel’ is in het kort het

volgende te zeggen. De toonhoogte van de manualen wordt

bepaald door achtvoetsregisters, registers dus van de toonhoogte

waarop mensen zingen; de toonhoogte van het pedaal

door zestienvoetsregisters, die een octaaf lager klinken.

Het idee is dat het orgel ondanks de veelheid aan registers,

één basisklankkleur heeft; hier schuilt het grote verschil met

barokorgels, die juist een samenstel van vele klankkleuren

zijn. De groep achtvoetsregisters is zo samengesteld dat boventoonrijke

– helder klinkende – registers en grondtonige

– donker klinkende – registers paarsgewijs combinaties kunnen

vormen. Deze combinaties zijn schakeringen van de basisklankkleur

van het orgel, zowel qua klankkleur als qua

klanksterkte. Hogere registers, zoals Octaaf 4’ en Woudfluit

2’, dienen ertoe de boventoon-structuur die in deze achtvoetsbasis

besloten ligt, te versterken. Lagere registers, zoals

Bourdon 16’, dienen ertoe de basisklankkleur een donkere

tint te verlenen. Registreren betekent bij het ‘moderne orgel’

de basisklankkleur in al zijn variaties laten horen. Daarom

moet er bij dit orgeltype veel geregistreerd worden. Vandaar

in Zuurdijk de drie vaste registercombinaties die met de

knopjes onder de toetsen kunnen worden bediend, want zulke

hulpmiddelen maken registratiewisselingen eenvoudiger.

De klank van het Zuurdijkster orgel

Het orgel van Zuurdijk is zowel groot als klein. Het is klein

omdat het maar enkele registers heeft, op slechts één klavier.

Het pedaal – het voetklavier – heeft geen eigen registers;

het leent een basstem van de registers op het handklavier.

Tegelijk is het orgel groot, want het beschikt over maar

liefst vijf registers in de achtvoetsligging. Dat is net zoveel

als het beroemde orgel van Leens, dat echter veel meer registers

heeft en relatief groot genoemd kan worden. Juist

met registers in de achtvoetsligging kan de organist de kleur

van het orgel in de toonhoogte van de menselijke stem variëren,

en dat gaat uitstekend in Zuurdijk. Niet toevallig is dat

ook precies wat componisten uit de late negentiende en

vroege twintigste eeuw van een orgel verlangden. Daarom

klinkt muziek van bijvoorbeeld Max Reger (1873-1916) prachtig

in Zuurdijk.

In Zuurdijk is het zachtste register de boventoonrijke Aeoline.

Wie daaraan de grondtonige Zacht gedekt toevoegt,

heeft de zachtste combinatie gevonden: de basis van de orgelklank

in Zuurdijk. In het pedaal past daar goed de Subbas

bij. Aan de combinatie van Aeoline en Zacht gedekt kunnen

vervolgens de andere registers worden toegevoegd om tot

het volle werk te komen. De opdracht die orgels als deze aan

hun bespelers geven is: probeer zo te registreren dat veranderingen

in klankkleur en veranderingen in luidheid zo ongemerkt

of soepel mogelijk verlopen. Dat neemt natuurlijk niet

weg dat ook plotselinge wisselingen van zeer luid naar zeer

zacht en omgekeerd effectief kunnen zijn.

Pneumatiek

In de negentiende eeuw kregen orgels steeds meer grote pijpen.

Achtvoetsregisters werden steeds belangrijker gevonden,

en die hebben nu eenmaal grote pijpen. Dat betekende

dat het luchtverbruik van orgels steeg: grote pijpen hebben

2 Speeltafel van het orgel.

meer lucht nodig dan kleine. Het gevolg was dat de luchtdruk

op de ventielen onder de pijpen zo hoog werd dat een eenvoudige

mechaniek tussen toetsen en pijpen niet meer voldeed:

orgelspelen was een soort fitness geworden in plaats

van verfijnd musiceren.

Aanvankelijk experimenteerde men in de orgelbouw met

elektriciteit om dit probleem op te lossen. De proeven mislukten

om allerlei redenen, zoals de onbetrouwbaarheid van

accu’s. Daarom zetten veel orgelbouwers na 1880 een volgende

stap: ze gingen de lucht die het orgel toch al beschikbaar

heeft voor de pijpen nu ook gebruiken om ‘speelbekrachtigers’

te bouwen, vergelijkbaar met de werking van de

stuurbekrachtiging in een moderne auto. Werken met luchtdruk,

pneumatiek dus, zou het belangrijkste aspect van de

orgelbouw rond 1900 worden. Daarom verschillen romantische

orgels van barokorgels niet alleen door hun klank –

meer achtvoetsregisters – maar ook door hun techniek –

pneumatiek in plaats van mechanische overbrenging. Een

romantisch orgel klinkt daarom niet alleen anders dan een


arokorgel, maar voelt ook anders aan, althans voor de organist.

Het verschil is enigszins te vergelijken met dat tussen

een klavecimbel en een concertvleugel. Dat illustreert nog

eens dat het romatische orgel wezenlijk verschilt van dat uit

de barok, waarvan in Groningen zoveel prachtige voorbeelden

bewaard zijn gebleven.

Restauratiefilosofie

Sinds de Tweede Wereldoorlog zijn we in Nederland de betekenis

van de grote rijkdom aan historische orgels steeds

meer gaan beseffen. Restaureren werd daardoor een belangrijke

activiteit. Aanvankelijk streefde men naar de reconstructie

van de oorspronkelijke situatie. In Leens, om bij dat

voorbeeld te blijven, ging men aldus terug naar de toestand

waarin het in 1733 was opgeleverd. Dat sloot direct aan op de

uitgesproken voorkeur die was ontstaan voor barokorgels,

maar het gevolg was ook dat romantische orgels nu veel minder

werden gewaardeerd.

Intussen zijn we minder eenkennig geworden: het besef is

doorgedrongen dat ook orgels uit de negentiende en twintigste

eeuw waardevol zijn. Het logische gevolg van dit veel genuanceerdere

standpunt is ook dat toen aangebrachte wijzigingen

aan oudere orgels in principe eveneens waardevol

kunnen zijn. Dat heeft in de afgelopen tien jaar geleid tot een

nieuwe visie op het restaureren van orgels.

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed noteerde in 2007

in zijn beleidsnota Klinkende monumenten dat restauraties

‘sober en doelmatig’ dienen te zijn, dat conserveren voor

restaureren dient te gaan, en restaureren voor reconstrueren.

‘Uitgangspunt’, aldus de nota, ‘bij het in stand houden,

dat wil zeggen het onderhouden en restaureren, van monumentale

orgels is het maximale behoud van het oude materiaal

en het historisch gegroeide klankbeeld.’ En: ‘Reconstructies

zijn slechts bij hoge uitzondering aan de orde en horen

het resultaat te zijn van zorgvuldige afwegingen van alle factoren

en overleg met alle betrokkenen. Het inruilen van een

latere klankstilistische eenheid voor een “originele”, in de

betekenis van “authentieke”, toestand wordt niet nagestreefd.’

3 Registers van het orgel.

Het orgel van Zuurdijk als document

Het orgel van Zuurdijk documenteert deze omslag in het denken.

Het is een romantisch orgel, met veel achtvoetsregisters

en pneumatiek, en toch is het nu vol enthousiasme gerestaureerd,

niet door een beunhaas, zoals die tot voor kort

vaak op dit soort orgels werden losgelaten, maar door de uitermate

deskundige firma Elbertse uit Soest. Bovendien

kreeg de restauratie de warme ondersteuning van de Rijksdienst

voor het Cultureel Erfgoed, die het orgel al bij de eerste

kennismaking tot monument verklaarde. Dat opende de

mogelijkheid een restauratiesubsidie bij het Rijk aan te vragen,

die prompt verleend werd. Zo is het orgel in Zuurdijk nu

een prachtige romantische parel in het verder zo veel klassiekere

orgelbezit van de Stichting Oude Groninger Kerken.

Literatuur

Hans Fidom, Miskend, verguisd en afgedankt: Nederlandse

orgels uit de vroege 20ste eeuw (Zaltbommel 2006).

Hans Fidom is bijzonder hoogleraar Orgelkunde aan de Vrije

Universiteit in Amsterdam en als musicoloog werkzaam voor

het Orgelpark in Amsterdam. Hij initieert en begeleidt onderzoek

naar orgelmuziek en orgelbouw, waarbij aandacht voor

de meningsvorming daarover centraal staat. Hans Fidom is

lid van de orgelcommissie van de Stichting Oude Groninger

Kerken.

Foto’s: Regnerus Steensma (tenzij anders vermeld)

Dispositie

Manuaal (C-f’’’)

Prestant 8 vt

Bourdon 16 vt

Viola di Gamba 8 vt

Zacht gedekt 8 vt

Aeoline 8 vt

Vox celeste 8vt

Oktaaf 4 vt

Woudfluit 2 vt

Pedaal (C-d’)

Subbas 16 vt

Nevenregisters

Pedaalkoppel

Superoktaafkoppel

Speelhulpen

Piano

Forte

Tutti

Oplosser

Regnerus Steensma

Het hedendaagse gebruik van de Stichtingskerken

Minder religie en meer cultuur

Begin 0 bezat de Stichting Oude Groninger Kerken monumentale kerkgebouwen. Vroeger

dienden ze alleen voor de eredienst. Nu is dat bij slechts enkele nog het geval. Vele worden gebruikt

voor concerten, lezingen, exposities en andere cultuuruitingen. Daarnaast is er de uitstraling van

een oude kerk die bezoekers trekt.

Van regelmatige eredienst naar

religieuze folklore

Regelmatig wordt de vraag gesteld wat er nu met die kerken

gebeurt. Het antwoord is dat er twee ontwikkelingen zijn:

sterke afname van kerkdiensten en sterke toename van cul-

tureel gebruik. Op 1 april 2011 wordt alleen de kerk in Us-

quert nog elke zondag door de PKN-gemeente gebruikt (tien

tot vijftien mensen). Daarnaast wordt in Adorp de kerk ver-

huurd aan de Gereformeerde Kerken (Hersteld) en in Wester-

emden aan de Vrijgemaakt Gereformeerden. In feite betekent

dit dat van de zestig kerken er bijna geen enkele meer het

beeld laat zien van de gewone zondagse kerkgang, een pa-

troon dat vijftig jaar geleden normaal was.

Een aantal kerken wordt gebruikt in een rouleersysteem:

eenmaal per twee, drie of vier zondagen. Soms is hier sprake

van een ‘eerlijke’ verdeling, bijvoorbeeld in de gemeente van

Den Andel, Eenrum en Westernieland, waar in elke kerk eens

in de drie zondagen dienst is. Meestal echter moet de Stich-

Muzikale diversiteit in de kerk van Thesinge.

tingskerk tevreden zijn met één dienst in de maand en worden

de andere diensten elders gehouden. Eenum wordt eenmaal

per maand gebruikt door de gemeente van Loppersum,

Tinallinge eenmaal door de gemeente van Baflo en Wirdum

door de gemeente van Garrelsweer. De ervaring leert dat

men mogelijk over enige tijd een punt zal zetten achter dit

gebruik. Bij een dergelijke beslissing spelen de financiën

een voorname rol.

28 Stichtingskerken, dus bijna de helft, worden nog

slechts een enkele keer per jaar gebruikt. Dikwijls met als

achtergrond dat men toch iets van de oude functie van het

gebouw wil laten zien, bijvoorbeeld in Beerta, Obergum en

Wetsinge. In enkele kerken vindt in de zomer een Grunneger

dainst plaats, onder andere in Krewerd en Zuurdijk. In Breede

wordt één keer per jaar een campingdienst gehouden, in Niehove

een pinksterdienst, in Fransum een zomerdienst, in

Garnwerd een avondmaalsviering op Witte Donderdag, in

Niezijl en Visvliet een kerstnachtdienst, in Oudeschans een


Oudeschans: Groninger volksmuziek en Russische koormuziek

dienst op oudejaarsavond. Sommige kerken worden alleen

vier keer in de zomer gebruikt, bijvoorbeeld Lettelbert en

Marsum. Het is goed bedoeld, maar het heeft ook het karak-

ter van een soort religieuze folklore: de wat geforceerde in-

standhouding van een oud gebruik.

Elf kerken worden in het geheel niet meer gebruikt voor de

zondagse eredienst. Ze zijn wat dat betreft volledig buiten

gebruik, bijvoorbeeld Godlinze, Hornhuizen en Marum. Sommige

van deze kerken worden nog wel zo nu en dan voor een

trouw- of rouwdienst gebruikt.

Grote diversiteit in cultureel gebruik

Terwijl de laatste decennia het religieuze gebruik van de kerken

sterk is verminderd, is dat voor culturele doeleinden

sterk vermeerderd. Tussen 2000 en 2010 vonden in liefst 45

kerken concerten plaats. Soms een enkele keer per jaar,

maar er zijn ook kerken die op dit terrein een sterke traditie

ontwikkeld hebben, zoals Oudeschans, Thesinge en Zuidwolde.

Op zondag 17 mei 2009 werd in de kerk van Tolbert

het honderdste concert gehouden.

Het repertoire laat een grote variëteit zien. Er worden werken

gespeeld uit de middeleeuwen, de renaissance, de ba-

In Tolbert vinden met regelmaat orgelconcerten plaats.

rok, de negentiende eeuw en uit onze tijd. Hier kan men de

gebruikelijke indeling maken van religieuze en niet-religieuze

muziek. Bij de religieuze muziek zien we onder andere

cantates van Bach, gregoriaanse liederen, Christmas Carols

en gospelsongs. Het is vooral rond Kerst en Pasen dat deze

muziek ten gehore wordt gebracht. Groot is ook de verscheidenheid

bij de niet-religieuze muziek. Naast klassieke werken

als van Vivaldi, Mozart en Beethoven, ook allerlei vormen

van volksmuziek: jazz, klezmer- en zigeunerorkesten,

Ierse folksongs en Groninger liedertafel.

Het instrument dat bij uitstek in een kerk ten gehore wordt

gebracht is het orgel. In vele kerken vinden orgelconcerten

plaats, hetzij eenmalig, hetzij in een serie en dat zowel op

beroemde als op eenvoudige instrumenten. Elk jaar worden

in mei de Open Orgeldagen gehouden waarbij in diverse kerken

het orgel bespeeld mag worden. Geïnteresseerden kunnen

zich intekenen om tussen 10 en 16 uur dertig minuten op

het orgel te spelen. Bij de vocale uitvoeringen betreft het solozang,

jongens-, vrouwen-, mannen- en gemengde koren,

cantorijen en klassieke zangensembles. In augustus 2003

zong Klaas Spekken, begeleid door Alex Staal op de piano en

John Kruisman op de gitaar, Groningse luisterliedjes in zes

kerken.

In negen kerken werden toneeluitvoeringen gegeven, hetgeen

veel minder is dan de concerten. Toneel vergt meer ac-

Toneel in de kerk van Wehe: ’t Marnehoes in Wehe heeft een samenwerking

met het Grand Theater heeft genaamd ‘GT Grenzeloos’.

Met dit project komen gerenommeerde Nederlandse en Vlaamse voorstellingen

op plekken waar ze anders niet snel zouden plaatsvinden.

Omdat de kerken vaak nog steeds een belangrijke uitstraling binnen

het dorp hebben, kan niet zomaar elk toneelstuk opgevoerd worden.

In Wehe hebben ze om die reden wel eens mensen moeten weigeren.

‘De grenzen van de kunst liggen bij toneelvoorstellingen die tegen het

randje aan zitten’, vertelt Joke Kops van de Plaatselijke Commissie.

Dat randje laat zich moeilijk definiëren, maar is voor ieder dorp weer

verschillend. Toneel kan, maar er wordt altijd een goede overweging

gemaakt of een toneelvoorstelling ‘gepast’ is of niet. Behalve de bekende

en voor de hand liggende activiteiten, proberen de kerken van de

Stichting ook vernieuwende, creatieve activiteiten te organiseren. Een

goed voorbeeld hiervan is de volwassenendisco in ’t Marnehoes, een

disco georganiseerd door Ingrid Koetzier, die als dj ervaring heeft met

dansavonden. De bezoekers komen uit verre omtrek. (Jeroen Mulder)

commodatie: een verhoogd podium, gordijnen, belichting

etc. In de kerken van Oudeschans en Wehe is een podium

aanwezig en dat wordt dan ook veelvuldig gebruikt. Het repertoire

vermeldt o.a. solo-, Gronings en Jiddisch toneel, het

vertellen van verhalen en poppenspel. Daarnaast ook modern

theater en cabaret.

In de veertig jaar van zijn bestaan heeft de Stichting Oude

Groninger Kerken niet alleen gezorgd voor het behoud van

vele oude monumentale kerken, maar gaf zij ook een grote

stimulans aan het culturele leven op het Groninger platteland.

De vele concerten en toneeluitvoeringen zouden niet

mogelijk geweest zijn als de kerken in beheer waren gebleven

bij de kerkelijke gemeenten. Deze beschikken niet over

de mankracht voor de organisatie en zijn meestal ook niet

geïnteresseerd in muziek en toneel; het behoort niet tot hun

doelstellingen. De bezoekers zijn vooral mensen uit de stad

Groningen. De activiteiten worden gestimuleerd door het gevoel

van ‘er gaat niets boven Groningen’, dat op zijn beurt

mede steunt op de kerken. Er is een wisselwerking tussen

beide.

De uitstraling van een oude kerk:

bezinningstoerisme

Parallel met het proces van ontkerkelijking is er een proces

van herwaardering van monumentale kerken als ruimten die

oproepen tot spirituele ervaring. In sommige kerken ligt een

gastenboek waarin bezoekers niet alleen hun naam kunnen

schrijven, maar ook hun ervaringen kunnen weergeven. Uitvoerig

is dit gebeurd in Zeerijp, waar de kerk elk jaar duizenden

bezoekers trekt. In een ander artikel in dit nummer staat

een onderzoek van de dagboeken in deze kerk. Zij vertellen

welke ervaringen de ruimte oproept.

De kerk van Zeerijp is geen eigendom van de Stichting,

maar ook verschillende kerken van de Stichting staan regelmatig

open voor bezoekers. Zij kunnen daar dezelfde ervaringen

opdoen. Dit betreft vooral de kerken in Fransum, Marsum,

Niehove, Oosterwijtwerd en Westeremden. Hopelijk zal

dit aantal toenemen. Van diefstal of vernieling is zelden

sprake. Ook in deze kerken hebben bezoekers gevoelens van

beleving van het goddelijke, kerken die zogenaamd ‘buiten

gebruik’ zijn.

In Oosterwijtwerd staat in het koor een Maria-icoon met

daarbij een kaars. De bezoeker wordt uitgenodigd de kaars

aan te steken als een bede om licht. De kerk staat van april

tot oktober elke dag open van 10 tot 18 uur. In Zuurdijk is op

vrijdag van half vijf tot vijf een bezinningsmoment, dat bestaat

uit de lezing van een psalm, stilte en orgelspel, dus

geen toespraak. Men wordt uitgenodigd tot een moment van

rust en bezinning in een ruimte die door zijn sfeer daartoe bij

uitstek geschikt is.

Dr. Regnerus Steensma (r.steensma@kpnplanet.nl) maakt

studie van historische kerken.

Foto Regnerus Steensma


Regnerus Steensma

Nieuwe spiritualiteit in een oude kerk

Ervaringen van bezoekers in Zeerijp 1

Een oude kerk is meer dan een monument van geschiedenis en kunst. Is ook meer dan een ruimte

voor kerkdiensten of voor cultureel gebruik. Het is een ruimte die meer dan eens de aanzet geeft tot

existentiële ervaringen. Een voorbeeld is Zeerijp.

De kerk van Zeerijp

Zeerijp: kathedraal van het Groningerland. Het gebouw uit

het midden van de veertiende eeuw, is in zijn totale opzet

een gotische kerk. Bij verschillende onderdelen toont het

echter nog de doorwerking van de romano-gotiek. In Zeerijp

zijn de topgevels van de dwarspanden voorzien van siermet-

selwerk en kraalprofileringen, terwijl de vensters omlijst

worden door een rijke profilering. Het interieur maakt indruk

door de grootse ruimtewerking en rijke kleurschakeringen.

Van de grond opgaande kralen langs de pijlers geven een

sterk verticaal accent aan deze ruimte die overdekt wordt

door koepelgewelven met acht ribben. Het meest opvallende

onderdeel van het interieur is de kleur. Deze bestaat uit een

effen rode kleur op wanden en pijlers waarop witte voegen

geschilderd zijn en uit sierpatronen op de gewelven. Deze

rode kleur is ook elders wel teruggevonden, doch alleen in

deze kerk compleet hersteld. Hij wordt op harmonische wijze

afgewisseld door het bruine eikenhout van de preekstoel en

de banken, het blauw, goud en grijs van het orgelfront en de

kleurige wapens op zwarte achtergrond van de rouwborden.

De kerk van Zeerijp trekt duizenden bezoekers per jaar.

Daarbij spelen twee factoren een rol: het grote cultuurhistorische

belang van de kerkruimte en het feit dat de kerk het

hele jaar door van 9 uur ’s morgens tot 9 uur ’s avonds open

staat. Schade is daarbij nooit aangericht en ter voorkoming

van diefstal zijn belangrijke losse stukken, zoals bijbel en

kandelaars verwijderd. In de kerk ligt een gastenboek waarin

velen hun naam hebben geschreven. Sinds 1966 ligt er inmiddels

het vijfde boek, want de eerste vier zijn vol.

Opmerkingen in de gastenboeken

Veel bezoekers hebben niet alleen hun naam in het gastenboek

geschreven, maar hebben er ook opmerkingen aan toegevoegd.

Meestal betreft dit de waardering voor de kerk,

door velen omschreven als een prachtige, indrukwekkende

ruimte. Daarnaast staan in de boeken ook verscheidene teksten

die weergeven wat mensen ervaren in deze ruimte, in

het bijzonder welke religieuze ervaringen die deze oproept.

Ruwweg kan men die opmerkingen verdelen in vier categorieën

die elkaar soms overlappen. Het betreft de ervaring van

stilte en rust, de ontmoeting met God, de bezinning op het

protestantse geloofsgoed en algemeen religieuze gevoelens.

Een goede samenvatting geeft het laatste citaat: ‘Een kerk

die open is, om even te verwijlen bij de Oorsprong die ook

onze Bestemming is, te rusten en te zingen en de wijding van

deze plek te ervaren’. Ik geef hierbij van elk een aantal voorbeelden

die mij troffen bij het doorbladeren van de boeken.

Het betreft dus voorbeelden en geen volledig overzicht. 2

1 Dit artikel is een verkorte versie van R. Steensma, ‘Hoe God opnieuw verschijnt in Zeerijp’, in: J. Kroesen, Y. Kuiper en P. Nanninga

(red.), Religie en cultuur in hedendaags Nederland (Assen 2010) 14-21.

2 De namen van de personen en de plaats van herkomst zijn hier weggelaten, daar deze voor de uitspraak niet of nauwelijks relevant

zijn. Men kan ze op de genoemde datum vinden in de boeken.

Stilte en rust

3 aug. 1999 In deze kerk word je vanzelf stil. Er is ruimte voor God.

7 april 2000 Adembenemend mooi; zal hier nog vaak even binnenlopen

voor een moment alleen met mijn gedachten.

25 maart 2002 Indrukwekkend door de rust en stilte in zo’n vaak hectisch

leven; tijd voor bezinning hervinden.

30 juni 2003 Wat een mooie oude rustgevende kerk.

7 aug. 2003 Wat een mooie kleuren en weldadige stilte.

Godsontmoeting

2 mei 2000 Je voelt dat God hier woont, nog steeds, ook in onze

dagen.

21 aug. 2000 Indrukwekkend geheel Soli Deo Gloria.

2 nov. 2000 In alle onrust in deze wereld; er is altijd een plaats voor

gebed en verootmoediging; liefde uit zich ook in stilte.

2 aug. 2001 A beautiful church to the glory of God. May God bless you

and thank you.

6 aug. 2001 Ik vond het fijn om hier te zijn, want God is bij mij.

30 sept. 2004 De prachtige kerk nodigt tot stilte - stilte die goed doet.

En je eigen conversatie komt even tot rust.

1 okt. 2004 Mooi en rustgevend voor de ziel.

12 mei 2006 Een rustpunt voor onderweg, voor een weg die nog ‘lang’

is te gaan.

1 juli 2006 Het bezoeken en bekijken van deze kerk geeft mij rust en

vrede.

27 juli 2006 Een oase van rust, een bewaarde en gekoesterde schat.

De moeite zéér waard.

10 aug. 2001 Pleased by the magnificent art in the glory of God.

13 okt. 2003 Dat alle kerken mogen blijven wat ze waren: een plaats

van vrede en vreugde tot lof van God.

20 juni 2006 In de stilte is God te vinden.

29 maart 2008 Wat fijn dat deze kerk open is. Het is hier zo mooi

en zo stil. Echt een moment om stil te staan bij God. Laten we

Hem danken voor al het moois dat Hij geschapen heeft. Laten we er

zuinig op zijn.

Verdieping van de protestantse geloofsbeleving

30 mei 2001 Wat een prachtige kerk. Maar uiteindelijk gaat het om

het Woord dat er in verkondigd mag worden. Het Woord van vloek

en zegen voor allen die Christus benodigen. Dat het ons deel mag

zijn of worden.

26 juli 2003 Maar ik zal uitzien naar de Here. Micha. Het eerste wat

we lazen. Wat een rust en stilte in deze kerk. Het verlangen groeit

hier naar de vervulling van Micha.

19 febr. 2006 Prachtige kerk. Een rustplaats voor een ontmoeting met

Algemene religieuze ervaring

3 mei 2002 Wat bijzonder om de Harmonie der Sferen aan den lijve te

mogen ervaren.

12 juni 2002 De aarde draagt je, de hemel vraagt je: wees barmhartig

en heb lief.

31 mei 2003 Heilige plek van rust en ruimte inkeer en contemplatie.

Voor wie het zien en voelen wil. Het is goed hier; in deze wereld die

zich zelf vaak overschreeuwt zijn plaatsen als deze ‘veilige havens’.

26 juni 2004 Na storm en regen is er nu de zomerzon. Het Groningerland

op zijn mooist. En dan deze plek: huis van wie wij de kinderen

zijn, van de onzegbare, van de eeuwige. ’t Is allemaal een groot

mysterie. De mens zoekt er vormen voor, zoals deze kerk en het

prachtige sobere en daarom zo rijke interieur.

25 mei 2005 De stilte in deze ruimte, waarin eeuwenlang gebeden is

en nóg, moge die stilte ook in onszelf aanwezig zijn om de Onzicht-

Diversiteit in Godsbeleving

Uit de opmerkingen blijkt dat vele bezoekers de kerk ervaren

als een ruimte van bezinning. Een ruimte die de ervaring

geeft van stilte en rust, oproept tot de ontmoeting met God

en algemeen religieuze gevoelens naar boven laat komen.

Stuk voor stuk bepaalde vormen van beleving van het goddelijke,

een verschijning van God, in welke gedaante dan

ook. Met een verwijzing naar Geert Maks ‘Hoe God verdween

uit Jorwerd’ kan men zeggen ‘Hoe God weer verschijnt in

Zeerijp’.

Het criterium voor de beoordeling van aanwezigheid van

God mag niet beperkt worden tot de zondagse kerkdienst.

God verschijnt ook op andere wijze. De citaten uit het gastenboek

maken dat heel duidelijk. Met diverse bewoordingen

geven bezoekers uitdrukking aan hun gevoelens van

godsbeleving. Dat is meer dan een herinnering aan een bijbelse

God. Meer en anders. Daarop wijzen woorden als: de

onzegbare, de eeuwige, het mysterie.

‘Openstaan om in de stilte van de ruimte de Onzichtbare

Aanwezige te ontmoeten ook al is dat slechts een flits van

een ogenblik’.

‘Luisteren naar de onzichtbare stem en als die er dan niet

is, wat dan? Stil worden, afdalen naar je allerdiepste ik... en

als bidden niet lukt dan stil worden, dat is ook bidden. Hier in

deze kerk is meer aanwezig dan zichtbaar is. Stil worden...

en verder gaan’.

‘Verwijlen bij de Oorsprong die ook onze Bestemming is,

te rusten en te zingen en de wijding van deze plek te ervaren.’

Dr. Regnerus Steensma (r.steensma@kpnplanet.nl) maakt

studie van historische kerken.

God. We wensen alle mensen die hier hun eredienst houden, en

alle bezoekers de rust en vrede van onze hemelse Vader toe die

dicht bij ons is door Zijn Zoon Jezus Christus: ‘Komt allen tot Mij,

die vermoeid en belast zijn en ik zal u rust geven’.

5 aug. 2007 Gods verborgen omgang vinden, zielen waar zijn vrees in

woont. Dat die verborgen omgang hier mag zijn.

7 aug. 2007 Wat een prachtig kerkgebouw zó midden in het plattelandsdorpje

Zeerijp. Mooie klank van het orgel. Het is mijn bede

dat velen hier de weg tot Jezus mogen vinden.

bare Aanwezige te ontmoeten ook al is dat slechts een flits van een

ogenblik. Pelgrim onderweg.

10 sept. 2006 Een geschenk uit de lucht gevallen: zon door de ramen,

het ‘U zij de glorie’ op het orgel door de koster: een numineuze ervaring.

Dat geeft hoop en een glimp van God.

6 juni 2007 Pelgrimeren … immer onderweg….langs gebaande en gemarkeerde

wegen maar soms ook zonder, richtingloos, en dan ….

waarheen? luisteren naar de onzichtbare stem en als die er dan niet

is, wat dan? Stil worden, afdalen naar je allerdiepste ik ….. en als

bidden niet lukt dan stil worden, dat is ook bidden. Hier in deze

kerk is meer aanwezig dan zichtbaar is. Stil worden …. en verder

gaan.

16 juni 2008 Oh, eindelijk een kerk die open is, om even te verwijlen

bij de Oorsprong die ook onze Bestemming is, te rusten en te zingen

en de wijding van deze plek te ervaren.


Kunst, gebak en stilte

De voortschrijdende ontkerkelijking heeft in de laatste ge-

neratie een groot aantal kerken overbodig gemaakt, en de

bezitters van kerkgebouwen doen laten nadenken over een

– ten dele – andere invulling van hun onroerend goed. In

Appingedam, de gemeente die in dit verhaal centraal staat,

werd in de laatste decennia al een aantal kerken aan de ere-

dienst onttrokken.

De voormalige hervormde kerk van Jukwerd werd in 1971

buiten gebruik gesteld omdat de Hervormde Gemeente

fuseerde met die van Tjamsweer en daar voortaan kerkte. In

1981 werd het kerkje verkocht aan de huidige gebruiker,

beeldend kunstenaar Rieks Pepping, die het verbouwde tot

woon- en atelierruimte.

Fusie maakte ook een eind aan het gebruik van de katholieke

kerk aan de Solwerderstraat in Appingedam. Het gebouw

werd overtollig toen in 1999 de Sint Nicolaasparochie

werd samengevoegd met de Sint Jozeph-parochie van Delfzijl.

De kerk, de pastorie en het zusterklooster werden verkocht

aan de Stichting NOVO, een instelling die onder meer

Peter Breukink en Martin Hillenga

Damster kerkencarrousel

De herbestemming van kerken in de gemeente Appingedam

Appingedam is het toneel van een omvangrijk plan waarbij enkele kerkgebouwen in het centrum

een nieuwe functie krijgen. De Stichting Oude Groninger Kerken, eigenaar van drie kerken en een

synagoge in deze gemeente, heeft hierbij een belangrijke rol.

1 Appingedam, Nicolaïkerk, zuid- en oostzijde.

werkprojecten voor verstandelijk gehandicapten uitvoert. In

2004 werd door die stichting in de Nicolaaskerk een bakkerij

met lunchroom, ’t Kerkje, geopend. In het voormalig kerkgebouw

is ook een stiltecentrum aanwezig, waar schilderijen

uit het NOVO-atelier worden getoond.

Daarnaast werden de kerken van Marsum (1981), Solwerd

(1992) en Opwierde (2003) door de Hervormde Gemeente van

Appingedam overgedragen aan de Stichting Oude Groninger

Kerken – daarover verderop meer.

Carrousel

De kwestie van het zoeken van een andere bestemming voor

de kerkgebouwen in Appingedam bleef de afgelopen jaren

actueel. Deze kwam in 2008 zelfs in een stroomversnelling

terecht: opeenvolgend voltrok zich een aantal gebruiks- en

functieveranderingen. Dit alles in een gesloten cirkel, zodat

figuurlijk gesproken kan worden van een ‘carrousel’.

Deze kwam in beweging door het ontstaan van de Protestantse

Gemeente Appingedam (PGA) in 2008. In het kader

van de Protestantse Kerk in Nederland fuseerden dat jaar de

Gereformeerde en Hervormde Gemeenten. Voor de diensten

maakte de PGA voortaan gebruik van de Nicolaïkerk, waar-

door de gereformeerde kerk vrij kwam. Die leegstaande kerk

werd vervolgens in gebruik genomen door de Gereformeerde

Kerk Vrijgemaakt (GKV), die vanwege een groeiend aantal

leden juist uit haar kerkgebouw, de voormalige synagoge,

was gegroeid en daarom op zoek was naar een nieuwe plaats

van samenkomst. Ten slotte nam de Stichting Oude Groninger

Kerken eind 2010 de vrijgekomen synagoge over, en

ontvouwde plannen voor een nieuwe invulling van het

gebouw.

Beweegredenen

Zoals uit het bovenstaande mag blijken, werkte een aantal

partijen bij de bestemmingswissel nauw samen, een ieder

met haar eigen beweegredenen. Allereerst zijn dat natuurlijk

de afzonderlijke kerkgemeenschappen, die elk een passende

ruimte voor hun diensten vonden.

Ten tweede was dat de gemeente Appingedam, die in het

kader van het plan Centrumontwikkeling graag het historisch

kerkelijk erfgoed wilde behouden om het stadscentrum

voor bezoekers aantrekkelijk te houden. Bovendien krijgt

een aantal gebouwen er een voorziening bij, zodat die centrumfunctie

alleen maar verder wordt versterkt. Zo kocht de

gemeente zelf het aan de gereformeerde kerk grenzende

zalencentrum Kabzeël met de bedoeling er een activiteitenen

jongerenexpertisecentrum in te huisvesten.

Vangnet en herbestemmer

De deelname aan het project door de Stichting Oude Groninger

Kerken vond plaats vanuit twee rollen: die van vangnet

en die van herbestemmer. Beide zijn vanuit de doelstelling

van de Stichting nauw met elkaar verbonden. Bovendien

heeft iedere kerk zijn eigen functie en mogelijkheden. De

situatie in Appingedam illustreert dat eens te meer.

De kerk van Marsum, eenzaam gelegen op een wierde aan

de rand van de gemeente, is een icoon van de SOGK. Het

kerkgebouw is heeft een belangrijke visuele rol in het landschap,

en wordt gelaten zoals het is: geen herbestemming,

geen voorzieningen. Nu niet en in de toekomst niet. De kerk

is opgevangen en dat is het dan ook. De kwaliteit van Marsum

als eenzame kerk wordt juist gekoesterd; de Stichting

kan zich dit als vangnet gelukkig permitteren.

Nog een voorbeeld van die vangnetfunctie is de kerk van

Solwerd. De kleine vrijzinnige geloofsgemeenschap die het

gebouw nog maar sporadisch gebruikt, was niet in staat de

kerk te restaureren en te rehabiliteren. Door het vangnet dat

de SOGK biedt, hebben de vrijwilligers van de plaatselijke

commissie de tijd om met het bureau van de Stichting de

kerk een plaats in het culturele leven van Appingedam te

geven met een redelijk renderende exploitatie. Een totale

herbestemming is hier niet aan de orde.

Anders ligt dat bij een derde kerk in het bezit van de Stichting,

die van Opwierde. Na overdracht door de Hervormde

Gemeente was herbestemming de enige mogelijkheid het

gebouw te redden. Eerst

vestigde zich galerie De

Wenende Maan in de

kerk. Na het vertrek van

de galeriehouder in 2007

toonde de Christelijke

Muziekvereniging Constantijn

Huygens interesse

voor het gebouw. Door

acties onder de plaatselijke

bevolking, een gezamenlijke

fondswerving en

een subsidie van de gemeente

kon worden geïnvesteerd

in noodzakelijke 2 (boven) De synagoge aan de Broerstraat in

voorzieningen en aan- Appingedam, ingewijd in 1801, met op de voorpassingen.

De Opwierder grond de in 1985 opgerichte gedenkzuil voor de

kerk is nu in gebruik als weggevoerde Damster joodse Nederlanders.

clublokaal en repetitie- 3 (onder) Appingedam, interieur van de synagoge.

ruimte en heeft daarmee

een breed gedragen

nieuwe bestemming gekregen.

Tot slot geldt voor de

recent verworven synagoge

van Appingedam dat

een semicommerciële invulling

om de hoek komt

kijken om een gezonde financiële

basis onder dit

herbestemmingsproject

te leggen. In het gebouw

wordt het verhaal van de

geschiedenis van de Damster

Joodse Gemeente

verteld. Daarnaast is er

ruimte voor kleinschalige

exposities, concerten en

dergelijke. In het oude

schooltje dat aan het gebouw

vastzit, zal een erfgoedlogement worden gerealiseerd.

Overheid

De Stichting Oude Groninger Kerken is verheugd om met de

kerken van Marsum, Solwerd, Opwierde en de synagoge mee

te kunnen doen in de ‘carrousel’ van Appingedam. De deelname

van de bovenregionale SOGK aan deze op het eerste

gezicht lokale aangelegenheid wordt gerechtvaardigd door

de al genoemde rol als vangnet en herbestemmer. Appingedam

heeft met de geslaagde rehabilitatie van de Nicolaïkerk

en de Franse School laten zien dat een actieve kerkelijke

gemeente in staat is het voorzieningenniveau van haar bezit

sterk te verhogen. Maar bij een ‘echte’ herbestemming was


0

5 Marsum, zuid- en oostzijde.

5 (boven) Solwerd, de neoclassicistische kerk uit 1783 met klokkenstoel.

6 (onder) Solwerd, het gave interieur uit de bouwtijd van de kerk.

7 Appingedam, interieur van de voormalige gereformeerde kerk, in 1928

gebouwd naar een ontwerp van Egbert Reitsma.

dat misschien een ander verhaal geweest. In de finale van

het veelomvattende project kon de SOGK vanuit haar kern-

kwaliteiten door overname van de synagoge de puzzelstuk-

jes op hun plaats leggen en zo wezenlijk bijdragen aan het

welslagen van de onderneming.

Om een dergelijke rol te kunnen vervullen, is medewerking

van de gemeentelijke overheid onontbeerlijk. De carrousel

van Appingedam is een lichtend voorbeeld van het samen

optrekken van allerlei partijen onder de bezielende leiding

van het gemeentebestuur, waarbij iedereen vanuit zijn eigen

karakter en mogelijkheden een bijdrage levert.

Met Appingedam als exempel moeten politieke beslissers

op provinciaal en landelijk niveau ervan te overtuigen zijn

dat er vangnetten en herbestemmers nodig zijn om in samenspel

met lokale partijen, vrijwilligers, kerkbeheerders, investeerders

en fondsen de actuele opgave voor het behoud van

het bedreigde religieuze erfgoed aan te pakken.

Peter Breukink is sinds 1987 directeur van de Stichting Oude

Groninger Kerken en de Stichting Der Aa-kerk Groningen.

Daarnaast bekleedt hij diverse bestuursfuncties in de erfgoedwereld

(info@groningerkerken.nl).

Martin Hillenga is historicus en redactiesecretaris van

Groninger Kerken (m.hillenga@online.nl).

Foto’s: Regnerus Steensma (tenzij anders vermeld)

8 (boven) Opwierde, zuidzijde van de 13e-eeuwse kerk.

9 (onder) Opwierde, in gebruik als repetitieruimte van de

Christelijke Muziekvereniging Constantijn Huygens uit Appingedam

foto Martin Hillenga

Korte Hemmen, restauratie luidklok

Leek, N.H. Kerk, carillon

Orgel te Tolbert. Gerestaureerd in 2001

Van Oeckelenorgel te Vierhuizen

MENSE RUITER orgelmakers b.v.

Oosterseweg 13

9785 AD Zuidwolde (Gron.)

Tel. 050-3010550 - Fax 050-3010560

E-mail: menseruiter@wxs.nl

www.menseruiterorgelmakers.nl


De Stichting

In deze eerste aflevering van ‘De Stichting’ van 2012 kunt u lezen over het werk van de Stichting Oude Groninger

Kerken en vindt u een selectie van de vele activiteiten in en om de Groninger kerken. De medewerkers van de

Stichting wensen u aan het begin van dit nieuwe jaar natuurlijk veel voorspoed!

Nieuws

Uitreiking eerste Schnitgers Droom Prijs

Tijdens de slotavond van het festival Schnitgers Droom, op

29 oktober in de Der Aa-kerk, werd de eerste Schnitgers

Droom Prijs uitgereikt. Initiatiefnemers van de prijs zijn de

Stichting Der Aa-kerk, Stichting Orgelconcerten der Aa-kerk,

het Grand Theatre en Peter Westerbrink, de organist van

de Der Aa-kerk. Vertegenwoordigers van deze organisaties

vormen de jury, aangevuld met een onafhankelijke orgeldeskundige.

De Schnitgers Droom Prijs wordt zo mogelijk

eens per jaar uitgereikt aan een persoon die een belangrijke

bijdrage levert of heeft geleverd aan de ontwikkeling van de

moderne muziekcultuur in Nederland, in het bijzonder aan de

hedendaagse orgelcultuur in Nederland.

Ontvanger van de eerste prijs is Jan Hage, al tientallen jaren

actief als organist en componist van orgelmuziek. Sinds

kort is hij de organist van de Dom in Utrecht. De jury kwam

eensgezind tot de voordracht. In het juryrapport wordt Hage

gekwalificeerd als ’de gedroomde kandidaat’:

‘Jan Hage stelt zich als interpreet van nieuwe muziek in

dienst van de ideeën van de componist. Daarnaast weet

hij door zijn virtuositeit en muzikaliteit de meest complexe

muziek met ogenschijnlijk gemak te vertolken. Dit resulteerde

al in talloze belangwekkende uitvoeringen en onlangs

nog in de productie van een cd met “Jets d’orgue” van Jan

Vriend. De jury prijst zich dan ook gelukkig dat de Schnitgers

Droom Prijs onder meer bestaat uit het geven van een bijzonder

concert in Der Aa-kerk in 2012. Met een prijswinnaar als

Jan Hage is dit een evenement om naar uit te kijken.’

Toren Uitwierde is nu uitkijktoren

Eind vorig jaar was de verbouw van de kerktoren van Uitwierde

tot uitkijktoren afgerond en werd deze voor het publiek

toegankelijk.

De verbouwing, in het kader van het project Landmerken,

vond plaats naar plannen van het architectenbureau Onix

uit Groningen. In het ontwerp is het monumentale karakter

van de toren gehandhaafd. De kerktoren biedt een prachtig

uitzicht: bij helder weer is zelfs het Duitse Waddeneiland

Borkum zichtbaar.

Naar het uitkijkpunt boven in de toren is een pad ontworpen

in de vorm van een trap die de specifieke kenmerken van

de toren zichtbaar maakt. De gesloten balustraden van de

De toren van Uitwierde en (hiernaast)

de maquette van de

inmiddels voltooide verbouwing.

trap veranderen voortdurend

van hoogte en leiden hierdoor

het zicht van de bezoeker. Het

pad voert de bezoeker langs

bijzondere punten, zoals het

uurwerk, de klokken en de

oude constructie, maar ook

langs informatiepunten die

iets vertellen over de geschiedenis

van de toren en haar

plek. De enige keer dat het

pad zichtbaar wordt aan de

buitenzijde van de toren is in

de kap.

Verantwoordelijke voor het

torenplan is Berit Ann Roos.

januari 2012


Nieuws

Zij heeft zich voor haar ontwerp laten inspireren door

een prent van Giovanni Battista Piranesi, een achttiendeeeuwse

Italiaanse graficus, auteur, ontwerper en architect.

Opvallend daarin zijn de trappen die overal naar toe leiden.

Roos wil de bezoeker de verticale ruimte laten beleven. Als

je binnen staat: omhoog kijken en de enorme hoogte van de

toren ervaren.

Het project Landmerken is mogelijk dankzij financiering uit

het Waddenfonds en financiële bijdragen van de provincie

Groningen en de gemeenten De Marne, Eemsmond, Delfzijl

en Oldambt. Het is een samenwerkingsproject van de

Stichting Landschapsbeheer Groningen en de Stichting

Oude Groninger Kerken.

Orgelgids Westerkwartier

De Stichting Oude Groninger Kerken beheert meer dan zestig

kerken en evenveel historische orgels. In 2007 verscheen de

eerste algemene Orgelgids waarin een aantal van de vele

orgels uit het bezit van de Stichting zijn opgenomen. Naar

aanleiding van de restauratie van het orgel van Noordwijk

stelde de Stichting deze Orgelgids Westerkwartier samen.

De gids besteedt extra aandacht aan de kwaliteiten van het

gerestaureerde orgel in Noordwijk, en portretteert daarnaast

nog zeven andere instrumenten die te vinden zijn in hetzelfde

gebied. Bovendien zijn de bijzondere kwaliteiten van het

landschap in het Westerkwartier te beleven met een drietal

in dit boekje beschreven wandelroutes langs kale jonkers,

witte nonnen en leedaanzeggers. Naast de routes vindt u per

orgel tips met informatie over interessante plekjes in de dorpen

waarmee u uw bezoek aan het orgel kunt combineren.

Dit boekje is vanaf eind januari te koop via de (web)winkel

van de SOGK voor ¤ 9,00 (niet-donateurs betalen ¤ 9,50).

Overdracht kerk Den Horn

Op 15 december 2011 werd de kerk van Den Horn overgedragen

aan de Stichting Oude Groninger Kerken. Het gebouw,

waar tot 1981 nog diensten werden gehouden, werd in 2010

gerestaureerd en verbouwd om het beter geschikt te maken

voor multifunctioneel gebruik. De Stichting Vrienden Van Het

De ‘stenen kat’ aan de kerkmuur van Garmerwolde en het ooievaarsnest op het kerkdak van Niehove.

Kerkje Van Den Horn organiseert met regelmaat activiteiten

in en om de kerk en blijft dit ook na de overdracht doen.

De kerk van Den Horn werd in 1863 gebouwd ter vervanging

van het middeleeuwse kerkje van Lagemeeden, dat

een jaar tevoren was afgebroken. De eenvoudige zaalkerk

heeft nog een vrij hoge mate van gaafheid van het exterieur

en grote delen van het interieur. Bijzonder is het gebruik

van gietijzer, onder andere bij de versiering van de banken;

die worden door gietijzeren dennenappels bekroond.

Het Verhaal van Groningen / de Groninger

kerken

Dé website van en voor het culturele erfgoed van stad en

provincie Groningen is www.hetverhaalvangroningen.nl. U

kunt hier terecht om verhalen te lezen en om video’s en foto’s

bekijken. De site is al sinds 2006 online, maar recentelijk

volledig vernieuwd. Een van de belangrijkste veranderingen

is dat voortaan niet alleen culturele organisaties hun kennis

delen, maar dat ook particulieren aan de website kunnen

deelnemen.

Het initiatief voor de website komt van de Provincie Groningen

en een aantal grote culturele erfgoedorganisaties.

De Stichting Oude Groninger Kerken is een van deze belangrijke

partners. Zij steunt de site en draagt daar inhoudelijk

aan bij. De Stichting is sinds kort parallel daaraan bezig

met een project genaamd Het verhaal van de Groninger

Kerken. Verhalen uit dit project kunt u tevens lezen op de

website www.hetverhaalvangroningen.nl. Omgekeerd wordt

van daar uit ook een link gelegd naar de website van de

Stichting, waar u zich nog meer kunt verdiepen in de Groninger

Kerken.

Het verhaal van de Groninger kerken

De geschiedenis van de Groninger kerken bestaat niet alleen

uit jaartallen, bouwstijlen en orgels. Elke kerk vertelt zijn eigen

verhaal, over stenen duivels, hostiewonderen, onthoofde

heiligen of beenderen die in de kerkmuur werden gemetseld.

Dit zijn niet alleen spannende verhalen, maar ze laten

ook zien hoe rijk de historie is van het Groningerland en ze

plaatsen de kerk in de loop van de geschiedenis. Zo laten we

Sprekers en publiek tijdens de openingsfestiviteit van het Emo-jaar.

zien dat de geschiedenis van de kerk in verbinding staat met

de wereldgeschiedenis.

Van elke kerk in het beheer van de Stichting Oude Groninger

Kerken is zo’n verhaal te vertellen. Wist u bijvoorbeeld

dat er ooit in de kerk van Westeremden een moord

werd gepleegd? En dat Solwerd in het verleden een drukbezochte

bedevaartsplaats was? En waarom worden voorbijgangers

in Garmerwolde aangestaard door een stenen kat?

Wie stichtte de kerk in Wittewierum en waar komt die naam

eigenlijk vandaan? Wie is de ware patroonheilige van de kerk

van Uithuizen? Waarom staan er twaalf bomen in een kring

bij de kerk van Eenrum? En waarom stond er eeuwenlang een

ooievaarsnest op de kerk van Niehove?

Bezoek beide websites en laat u verbazen door de fascinerende

verhalen van de Groninger kerken en meenemen door

de geschiedenis van Groningen. www.groningerkerken.nl

Crowdfunding ... is dat iets voor onze

Stichting?

In de media is de laatste tijd veel aandacht voor een nieuw

fenomeen: crowdfunding. Om mensen te bewegen kleine (en

liefst grote!) financiële bijdragen te leveren voor concrete

doelen worden media ingezet om op korte termijn een concreet

doel te realiseren: de aankoop van een kunstwerk, het

realiseren van filmproductie of de restauratie van een schilderij.

Voordat deze vorm van geldwerving actueel werd was

het voor onze stichting al ‘dagelijkse kost’: de Actie Kerkbehoud

is een beproefde vorm van crowdfunding! Ook dit

jaar hebben onze donateurs en relaties weer massaal gereageerd

met steuntjes in de rug voor de restauratie van de kerk

van Klein Wetsinge, het orgel van Tinallinge en de schilderingen

in de kerk van Garmerwolde. Maar we zijn er nog niet:

uw gift blijft heel erg welkom. Wij zijn graag bereid de folder

nogmaals naar u toe te sturen.

Ook op andere manieren laten onze donateurs merken hoe

belangrijk zij ons werk vinden. Naast diverse legaten en een

nalatenschap ontvingen wij laatste tijd diverse bijzondere

schenkingen. Onze ‘giftenkerk’ is regelmatig gebruikt voor

onder andere het inzamelen van een mooie gift aan onze

stichting ter gelegenheid van een zestigste verjaardag in

combinatie met veertig jaar samenzijn.

Alle gevers heel veel dank!

Wittewierum en het Abt Emo-jaar

De Stichting Oude Groninger Kerken is bezig met het weer

zichtbaar maken van de fascinerende geschiedenis rond de

kerk van Wittewierum. Nu staat in dat dorp een bescheiden

negentiende-eeuwse kerk, maar ooit was dit de locatie van

de premonstratenzer abdij Bloemhof, een van de grootste

kloosters van Groningen. Dit verleden maakt Wittewierum

tot een bijzondere plek.

Het klooster werd gesticht door Emo van Huizinge, een

leergierige man met een grote ambitie. Zo studeerde hij

in Parijs en Orléans en was hij zelfs de eerste buitenlandse

student in Oxford. Hij was iemand die zijn plannen niet zomaar

liet dwarsbomen. Toen de dorpelingen van het dorpje

Wierum hun kerk aan het klooster schonken, werd hier echter

door een edelman, met steun van de bisschop van Munster,

een stokje voor gestoken. Woedend vertrok abt Emo op

9 november 1211 naar Rome om bij de Paus zijn gelijk te halen.

Met succes! Hij werd in het gelijk gesteld en keerde weer

en stichtte zijn klooster dat in de opeenvolgende jaren wist

uit te groeien tot een van de grootste van de Nederlanden.

Hoewel Emo als abt heel succesvol was, zat hij altijd vol

twijfels en zelfverwijt, zoals valt te lezen in de bewaard

gebleven kloosterkroniek. Zo zag hij de overstroming van

1219 als een rechtstreeks gevolg van zijn eigen zwakheid.

Om in het bezit te komen van de kerk in Wierum had hij

namelijk ook een geldbedrag moeten betalen, een praktijk

die door de katholieke kerk streng verboden was.

Het komende jaar wordt gewerkt aan een aantal projecten

in en rond de kerk van Wittewierum. Op 9 november 2011

was het precies 800 jaar geleden dat Emo zijn reis naar Rome

begon. Tijdens een feestelijke bijeenkomst op die dag werd

de aftrap gegeven voor het Emo-jaar. Hierbij is ook de ‘emotwitter’

gelanceerd. Dagelijks schrijft de abt een stukje over

zijn reis, op twitter te volgen via @AbtEmo. In dit Emo-jaar

zal de bijzondere geschiedenis van Emo van Wittewierum

centraal staan. Zo zijn er in 2011 twee boeken verschenen

over Emo: het historische reisboek Emo’s Reis van prof.dr.

Dick de Boer en de historische roman Emo’s Labyrint van

Ynskje Penning. Verder zullen er een aantal toeristische

producten ontwikkeld worden bij de kerk, die het verhaal

van het klooster en abt Emo vertellen. We houden u uiteraard

op de hoogte.

En vergeet niet: Abt Emo komt ook nog weer terug uit Rome!


Werk in Uit voering

De Stichting Oude Groninger Kerken heeft ook de afgelopen

periode behoorlijk de handen uit de mouwen gestoken.

In het oktobernummer van Groninger Kerken

kon u al lezen over het vele ‘werk in uitvoering’. Vier

grote projecten zijn inmiddels opgeleverd. Marcel van

Santen, projectleider, doet verslag.

Stitswerd

Ondanks het slechte weer zijn de werkzaamheden bij de kerk

van Stitswerd goed verlopen en kon alles volgens planning

worden uitgevoerd. Het stuc- en schilderwerk van de buitengevels

en andere onderdelen van de kerk zijn volledig hersteld.

Hiermee is al voor de bouwvak van 2011 gestart. In

eerste instantie zijn er proefstukken gemaakt, dit om het resultaat

na vier weken te zien. Maar na die maand was het resultaat

totaal anders dan verwacht. De gevels waren behandeld

tegen mosgroei maar na de proefperiode waren de gevels

groener dan ooit tevoren… Later werd ontdekt dat dit te

maken had met een overstroming van de goot.

Het stuc- en schilderwerk werd in de week van 1 november

opgeleverd. Er zijn slechts nog enkele puntjes die op de i gezet

moeten worden. Maar al met al is het resultaat zeer positief.

Tot slot bleek bij de renovatie de bekroning van het windijzer

al jarenlang vast te zitten. We hebben ervoor gezorgd

dat deze weer draait, naar alle tevredenheid van het dorp.

Kiel-Windeweer

De Amshoff in Kiel-Windeweer is een Bijzondere Locatie,

waar veel feesten en partijen georganiseerd worden. Daarom

had de Stichting voor de herstelwerkzaamheden te maken

met een extra strakke planning. De beste tijd om een dergelijke

locatie aan te pakken, was de bouwvakantie.

Er moest veel werk verzet worden: de dakruiter is geheel

gerestaureerd, al het buitenwerk is opnieuw geschilderd en

in het restaurant is de vloer vervangen.

De bouwvak zou daarvoor zoals gezegd de ideale periode

zijn, maar ook hier gold: het weer werkte niet echt mee…

Maar stoppen was geen optie. ’s Ochtend werd daarom alles

wel drooggemaakt en werd er een speciale tent gebouwd,

zodat er beschut gewerkt kon worden. Doordat de tent niet

teveel wind kon opvangen, moest deze ’s avonds weer worden

afgebroken. Ondanks deze extra vertragingen konden

de geplande bruiloften gelukkig wel doorgaan.

De oplevering was net achter de rug, toen zich een nieuw

dilemma aandiende. In het restaurant klaagden gasten over

koude benen. Men dacht dat dit door de kieren in de vloer

kwam, dus werd de vloer vervangen. Het bijkomend probleem

was de afzuigkap. Die zoog nu vacuüm, omdat de

vloer volledig was dichtgemaakt. De koude benen werden

dus veroorzaakt doordat de afzuigkap de lucht uit het restaurant

én onder de vloer wegzoog! Nu moest er nog iets bedacht

worden om dat vacuüm te voorkomen.

Visvliet

Visvliet had een vergelijkbare aanpak nodig als Stitswerd,

alleen iets minder ingrijpend. Ook hier werd een expert ingeschakeld

voor technisch advies. Gekozen werd voor een ander

verfproduct en leverancier. Dit is bewust gedaan om de

effecten en verschillen van het schilderwerk van de twee

kerken te kunnen zien. Voorlopig variëren die niet noemenswaardig,

maar de toekomst zal dit uitwijzen.

Het werk is goed verlopen. Een grote lekkage op drie verschillende

plekken in de goot is mooi hersteld. De vrijwilligers

van de plaatselijke commissie hebben hun steentje ook

bijgedragen door de kapruimte geheel schoon te maken. Nu

moeten alleen de wijzerplaat en de bekroning worden teruggeplaatst

en dan is deze klus ook weer geklaard.

Thesinge

Broedende zwaluwen betekenden een vertraagde uitvoering

van het werk in Thesinge, en dat terwijl de steigers al waren

opgetrokken. Nadat de vogels waren uitgevlogen, zijn de

werkzaamheden aan de dakruiter weer gestart.

Het hout is hersteld en de deels loden bekleding is vervangen

en geschilderd. Door het koude weer heeft het herstel

van het loodwerk van de koepel wat langer geduurd dan

gepland: het lood laat zich bij lagere temperaturen moeilijker

buigen en in vorm kloppen. Bij warm weer gaat dit veel

makkelijker en sneller. In de dakruiter zijn enkele constructieve

aanpassingen gedaan, omdat de dakconstructie uit elkaar

ging. Dit is, in overleg met een constructeur, met trekstangen

opgelost. Al met al heeft het project langer geduurd

dan verwacht. De oplevering had plaats op vrijdag 11 november

2011.

Verval (boven) en herstel in Thesinge.

Mediatheek

T. Juk, De Nicolaaskerk van Oldenzijl, 2011

Uitvoerige beschrijving van het gebouw, de

bouwgeschiedenis, en details uit het interieur

zoals sporen uit de Middeleeuwen

(liturgische nissen, altaarsteen, wijdingszegels,

spreuk) de gedenksteen uit 1683,

het avondmaalsgerei, de grafstenen in de

kerk, enz. Het boekje begint met de ontstaansgeschiedenis

van het dorp Oldenzijl

en daarmee de ontstaansgeschiedenis van

de kerk.

B. Hofman, Schnitgers Droom. Een nieuw

leven voor het orgel van de Der Aa-kerk,

2011

Uitgave ter gelegenheid van de (her)ingebruikname

van het hoofdorgel in de Der

Aa-kerk. Aandacht voor de eerste orgels

van de Der Aa-kerk, het eerste Arp Schnitger-orgel,

de opvolgers van Schnitger, de

restauratie van kerk en orgel, organisten

vanaf 1815, voor het festival dat georganiseerd

is bij de afronding van de restauratie:

Schnitgers Droom. Ook nog een spannend

verhaal: een geheim bezoek in 1710 van

J.S. Bach aan Groningen.

J.R. Luth (red.), Wereldberoemde klanken.

Het Schnitgerorgel in de Der Aa-kerk te

Groningen en zijn voorgangers. Nederlandse

orgelmonografieën nr. 11, 2011

Uitgebreide beschrijving (door verschillende

auteurs: H. de Olde, K. van der Ploeg, P.

van Dijk, P. Westerbrink, A. Gramsbergen,

H.A. Edskes en H. Vogel) van geschiedenis

en restauratie van het Schnitgerorgel in de

Der Aa-kerk, voor de (bouw)geschiedenis

van de Der Aa-kerk (Onze Lieve Vrouwekerk

ter Aa), de orgelgeschiedenis van de

Broerkerk, de muziekinstrumenten op de

orgelkast, de organisten van de kerk, de

orgelconcerten (Comité Orgelconcerten Der

Aa-kerk).

P. Westerbrink, Return of the Queen.

Schnitgers Droom, 2011

CD, uitgegeven ter gelegenheid van de ingebruikname

van het Schnitger-orgel in de

Der Aa-kerk. Organist Peter Westerbrink

speelt werken van Brahms, Praetorius, Buxtehude,

Böhm, Bach, Ritter, en de eigentijdse

componist Bert Matter (1997). In het

begeleidende boekje is een voorwoord van

Peter Westerbrink, enige informatie (Dirk

Molenaar) over de verschillende orgels in

de Der Aa-kerk, de diverse restauraties en

orgelmakers die deze hebben uitgevoerd

(Timpe, Van Oeckelen), en een toelichting

op de uitgevoerde werken.

Het orgel in de H. Bonifatiuskerk te Weheden

Hoorn, 2011

Uitgave ter gelegenheid van de restauratie

van het Mitterreither/Maarschalkerweerdorgel

in de Bonifatiuskerk. Het orgel is afkomstig

uit het rooms-katholieke Maagdenhuis

te Amsterdam.

Kerkhof Eenum. Inventarisatie grafmonumenten,

2010

Kerkhof Westernieland. Inventarisatie

grafmonumenten, 2009

Inventarisaties van grafmonumenten d.m.v.

het inventarisatieformulier van Vereniging

de Terebinth. Behalve steensoort, afmeting

van het grafmonument en vorm, wordt de

volledige graftekst weergegeven.

R. Brouwer en P. Henssen (red.), Over 25

jaar. De toekomst van de funeraire cultuur,

2011

Uitgave ter gelegenheid van het 25-jarig

bestaan van De Terebinth. Vooral aandacht

voor de funeraire cultuur: rondom dood,

afscheid (uitvaartcultuur), dodenbezorging

(begraafcultuur) en gedenken (herinneringscultuur).

In het deel over begraafcultuur

is er aandacht voor projecten op

kerkhoven van de Stichting Oude Groninger

Kerken (Op hoogte gedacht, Landmerken,

Tour de Cimetières).

J. van Haaften e.a. (red.), Bestemming bereikt.

Herstel en herbestemming van vijftig

monumentale gebouwen in Groningen

stad, 2011

Beschrijving in woord en beeld, van vijftig

voorbeelden van herbestemming in de gemeente

Groningen. De voorbeelden worden

thematisch gepresenteerd: nutsbedrijven

(waaronder de watertoren, loodsen voormalige

gasfabriek en regulateurshuis); handel/nijverheid/industrie;onderwijsgebouwen;

publieke gebouwen/sport en recreatie

(waaronder het Prinsenhof, hoofdpostkantoor,

oude Groninger Museum) en reli-

De mediatheek is toegankelijk voor een

breed publiek: voor donateurs van de

stichting, voor leerlingen of studenten die

informatie zoeken voor werkstuk, spreekbeurt

of scriptie, voor mensen die monumenten

een warm hart toedragen. Kortom,

voor een ieder die geïnteresseerd is in de

collectie van de Stichting Oude Groninger

Kerken. Uitlening is niet mogelijk, wel kunt

u kopieën of prints maken.

De catalogus van de mediatheek kunt u

online raadplegen:

http://catalogus.groningerkerken.nl/

gieuze gebouwen (waaronder de Remonstrantse

kerk en theehuis Selwerderhof).

A. Pasveer (tekst), Nieuw gebruik. Oud gebouw,

2011

Uitgave t.g.v. 25 jaar Open Monumentendag.

Allerlei voorbeelden van verschillende

typen gebouwen die in verschillende tijden

steeds andere bestemmingen hebben gekregen.

M.G.J. Duijvendak e.a. (red.), Historisch

Jaarboek Groningen 2011

Uit de inhoud: De poort van Nienoord opnieuw

bekeken; De Echo van Bloemhof: de

luidklok van Thomas en Segebodus in

Slochteren; Nieuw leven voor De Toekomst.

De redding van een strokartonfabriek in

Oost-Groningen; Restauratie van de kerk in

Den Horn; Grafcultuur in lood; Gerestaureerde

Van Oeckelenorgel in de kerk van

Niekerk.

E. van Voolen, Joodse Kunst en Cultuur,

2006

Rijk geïllustreerde uitgave over de rol van

joden in de beeldende kunst gedurende de

afgelopen tweeduizend jaar. Het gaat over

het beeld van het jodendom, met daarin de

Spaanse synagoge Santa Maria la Blanca

te Toledo, de Nieuwe Synagoge in de Oranienburgerstrasse

in Berlijn, en de zeventiende-eeuwse

synagogen in Amsterdam.

Verder over de joodse emancipatie en de

joodse kunst, de Holocaust verbeeld, en de

joodse kunst in de moderne wereld.


Educ atie Educatie is een speerpunt in het beleid van de Stichting Oude

Werkstukken op papier

Papier en PowerPoint

De oude kerk in de buurt is een prachtig onderwerp voor een

spreekbeurt of werkstuk. De Stichting wil leerlingen daarbij

graag ondersteunen.

Knop op website

Om jongeren een eindje op weg te helpen is in 2006 een

knop ‘Werkstukken’ op de website gekomen. Deze knop is

onlangs opgefrist en biedt leerlingen handreikingen op drie

niveaus: ‘Tot 15 jaar’, ‘Bovenbouw VMBO’ en ‘Bovenbouw

HAVO/VWO’. Steeds bieden ze tien ideeën die uitgewerkt

kunnen worden. Bijvoorbeeld over de geschiedenis van de

kerk of de toren, de functie van de luidklok, de symboliek op

een grafsteen, het rijke houtsnijwerk van de preekstoel of de

relatie tussen een herenbank en een skybox.

Mediatheek

Voor informatie zoeken leerlingen natuurlijk in de eerste

plaats op internet, maar de mediatheek van de SOGK kan

ook helpen. Eenvoudige vragen kunnen per e-mail gesteld

worden. Een bovenbouw leerling die een onderwerp wil uitdiepen,

maakt een afspraak en kan, geholpen door een van

de medewerkers, in de mediatheek aan de slag.

Interview Wehe-den-Hoorn

Groninger Kerken. We besteden uiteraard veel aandacht aan

onze eigen kerken, maar onze inzet voor educatie gaat over

alle kerkgebouwen in de provincie Groningen. De Stichting

vindt het belangrijk om mensen al jong te informeren over het

kerkelijk cultuurhistorisch erfgoed. De educatieve activiteiten

sluiten aan bij de tegenwoordige aandacht voor erfgoededucatie

op scholen. Op deze manier hoopt de Stichting een

bouwsteen te leveren voor draagvlak in de toekomst.

Papier en digitaal

Veel werkstukken worden op de computer gemaakt en vervolgens

geprint. Maar we zien ook steeds meer digitale

werkstukken. Docenten geven nog al eens een opdracht voor

een PowerPoint-presentatie die in de klas gepresenteerd en

toegelicht wordt. Ook zijn leerlingen handig met het maken

van foto’s en filmpjes die vervolgens verwerkt worden tot

digitale producten.

Droogzwemmen

Werkstukken worden vaak vanachter een bureau gemaakt.

‘Vroeger’ met behulp van boeken, kaartenbakken en kopieerapparaten.

Tegenwoordig wordt geput uit digitaal toegankelijke

informatie. Op zich is daar niets mis mee, maar

we willen die leerlingen natuurlijk graag fysiek confronteren

met het erfgoed. Hoe krijg je hen vanuit die papieren of digitale

wereld in de echte wereld. In de kerk in dit geval.

Gestuurde opdracht

Het antwoord ligt in de manier waarop de opdracht geformuleerd

wordt. Als leerlingen foto’s moeten maken of interviews

houden, komen ze vanzelf in de kerk terecht. Zoals afgelopen

zomer bij een project Local Identity in Wehe den Hoorn

waarbij leerlingen een prachtig interview met de sleutelhouder

van de dorpskerk realiseerden. Het gaat ook zo bij de

opdrachten die we ontwikkelen voor de maatschappelijke

stages.

Digitale resultaten

Het leuke van digitale werkstukken is natuurlijk, dat je ze op

de website kunt zetten. Op www.groningerkerken.nl zijn dan

ook regelmatig werkstukken te vinden onder ‘Onderwijs’. Op

deze manier bereiken werkstukken van leerlingen een breed

publiek en uiteraard genereren we hiermee ook weer aandacht

voor de website.

PowerPointPresentatie

Agenda uitgelicht In alle kerken die de Stichting Oude Groninger Kerken beheert, worden

Expositie keramische ‘Vouwsels’

Wilma Hornsveld (1956, Baarn) is autodidact. Ze woont in

Amersfoort waar zij aan huis haar atelier heeft. In 1977 is

zij in Delft begonnen bij Coby Haanappel op het atelier De

Potterij. Door het volgen van cursussen en workshops heeft

zij zich diverse technieken eigen gemaakt. Het werken met

klei inspireert haar door de vele mogelijkheden die het

biedt: het vormen, vervormen en de verschillende stook-

technieken. Voor Wilma is haar werk een afspiegeling van

een levensweg volop in beweging waarin zij steeds open

staat voor nieuwe ontmoetingen met mens en klei.

Het werk dat zij laat zien in het glazen toegangsgebouw

te Groningen zijn haar keramische ‘Vouwsels’. Dit zijn dun

uitgerolde plakken klei die met textiel en andere materialen

worden bewerkt, waarna ze in een mal worden gedrapeerd.

Hierdoor vouwt de klei zich in de vorm. De kunstenares is

hierin op zoek naar de uiterste grenzen van wat met de klei

mogelijk is. De klei waar ze mee werkt is ‘steengoedklei’

(creaton). Door de stooktechniek die zij gebruikt, Raku/

Kopermat, is ieder werk uniek en een cadeautje uit de oven.

Regelmatig exposeert Wilma en doet zij mee aan kunstmanifestaties,

waaronder de Kunstkijk Route te Amersfoort.

De expositie is van 13 februari t/m 6 april 2012 te zien

in het glazen toegangsgebouw van de Remonstrantse kerk,

Coehoornsingel 14, Groningen. Open: ma t/m vrij. 9.00-16.30

uur. Na aanbellen: gratis entree.

Tempels, heiligdommen en religie in

vroeg-Romeins Italië

Zo’n twee keer per jaar organiseert de Stichting Oude

Groninger Kerken een lezing voor donateurs en voor nietdonateurs,

voor iedereen dus! De eerstvolgende lezing op

Werk van Wilma Hornsveld

bijzondere activiteiten aangeboden. In deze rubriek lichten we een

aantal daarvan uit. Voor een compleet en actueel overzicht kunt u terecht

op de website www.groningerkerken.nl/agenda.

Mocht u geen beschikking over een internetverbinding hebben, dan

kunt u contact opnemen met het secretariaat van de Stichting. De medewerkers

kunnen u van een papieren agenda voorzien.

donderdag 29 maart heeft als titel ‘Tempels, heiligdommen

en religie in vroeg-Romeins Italië’ en wordt gehouden door

Tymon de Haas, oud-vrijwilliger van de SOGK. Hij is recent

gepromoveerd en momenteel als onderzoeker in de Romeinse

archeologie verbonden aan de Rijksuniversiteit

Groningen.

Zoals kerken een centrale plaats hadden in de dorpen en

gemeenschappen van het Groninger wierdenlandschap, zo

vervulden tempels, heiligdommen en religie ook een centrale

rol in de vroeg-Romeinse samenlevingen van midden-Italië.

Mede aan de hand van zijn eigen onderzoek neemt de spreker

u mee naar de samenleving van het oude Latium en naar

de archeologische sporen van tempels en heiligdommen uit

de periode 600 voor Christus tot ongeveer het jaar 0. In deze

periode veranderde veel in de samenleving: na de val van

de laatste koning van Rome (509 voor Christus) en na een

periode van grote onrust breidde Rome zijn macht uit over

omringende gebieden. Volgens sommige geleerden speelden

heiligdommen een belangrijke rol in deze veranderingen

en het is duidelijk dat ook het karakter van heiligdommen

en de manier waarop mensen de goden vereerden, sterk veranderde.

U bent van harte welkom om hierbij aanwezig te zijn.

Plaats: Remonstrantse kerk, Coehoornsingel 14, Groningen

Datum: donderdag 29 maart 2012

Aanvang: 19.30 uur. Vanaf 19.00 uur is er ontvangst met

koffie.

Prijs: donateurs gratis, niet-donateurs betalen ¤ 2,50.

Voor opgave maakt u gebruik van het aanmeldkaartje in het

midden van dit katern.


Agenda uitgelicht

Voorjaarsexcursie

De reguliere voorjaarsexcursie voert op zaterdag 21 april

2012 naar drie kerken in het Noordelijk Westerkwartier en

één in de Marne.

Samen met twee boerderijen ligt de kerk van Fransum

middenin het oude Middag, niet ver van de verlande bedding

van het Peizerdiep. ‘Kleine sarcofaag van het geloof en stille

klankkast voor buiten’, noemde de dichter C.O. Jellema het

kleine godshuis. De kerk werd gebouwd in het begin van

de dertiende eeuw en heeft een gotisch koor uit de zestiende

eeuw. Tot het interieur behoort onder andere een

laatmiddeleeuwse bakstenen preekstoel.

In het naburige Humsterland liggen de kerken van Niehove

en Saaksum, beide schilderachtig gesitueerd, de eerste

midden op de radiale dorpswierde omringd door huizen, de

tweede aan de rand van het dorp, door haar ligging en witte

detailleringen een fraai element vormend in het landschap.

De kerk van Niehove stamt uit de eerste helft van de dertiende

eeuw, het koor uit de vijftiende. De klok in de dakruiter

behoort tot de oudste in de provincie. Het kleurige interieur

herbergt onder meer een van oorsprong zestiende-eeuws

orgel dat werd gemaakt voor de Mariakerk te Uithuizermeeden.

Verbouwd door J. Wenthin kwam het in 1908 in

Niehove. De opvallende smalle kerk van Saaksum werd in

1848 gebouwd naar het ontwerp van D.H. Bos, nadat de oude

kerk was afgebroken. De toren met traptoren is zeventiendeeeuws,

evenals de preekstoel. Op het kerkhof is onder andere

de dichter C.O. Jellema begraven.

Ten slotte bezoeken we de kerk van Ulrum. Dit dorp is nationaal

bekend uit de kerkgeschiedenis. In 1834 traden

De kerk van Saaksum, blikvanger in het Humsterland

dominee Hendrik de Cock en een aantal geestverwanten uit

de Hervormde Kerk omdat ze het niet eens waren met de

gang van zaken binnen die kerkgemeenschap. De Afscheiding

zou uiteindelijk leiden tot het ontstaan van de Gereformeerde

Kerken. De oude dorpskerk werd in het tweede kwart

van de dertiende eeuw gebouwd en in 1916-17 door rijksbouwmeester

C.H. Peters gerestaureerd naar de restauratieopvattingen

van die tijd, wat blijkt uit het veelvuldig gebruik

van nieuwe stenen en de ontpleisterde muren en gewelven.

De kerk bezit gaaf meubilair in de traditionele protestantse

opstelling. Het Lohman-orgel uit 1806 is nog geheel oorspronkelijk.

NB: Deze tocht is al eens beschreven bij ‘Excursie uitgelicht’

in het oktobernummer van 2010, maar dan als reguliere

kersttocht. Ten gevolge van het slechte weer in december

2010 kon de tocht toen niet plaatsvinden. Alleen de daaropvolgende

januaritocht werd uitgevoerd. Om iedereen de kans

te geven mee te doen, wordt deze excursie nogmaals georganiseerd.

Meer informatie over deelname en een aanmeldingsbon

vindt u in het midden van dit blad.

De tocht kan ook individueel op eigen gelegenheid worden

gemaakt. Deelnemers ontvangen dan na aanmelding een

routebeschrijving.

Paaswandeling

Ook dit jaar vindt weer een Paaswandeling plaats. Deze

heeft plaats op tweede paasdag: maandag 9 april, aanvang

(ovb) 13.00 uur - einde ca. 17.00 uur. De plaats en kerk zijn

nog niet vastgesteld, houdt u daarom de website in de

gaten.

De Stichting is een uitgave van de Stichting Oude Groninger Kerken. Dit katern verschijnt vier maal per jaar, los en als onderdeel van het tijdschrift Groninger

Kerken, voor donateurs van de stichting. • Redactie: Lotte Kleijssen en Martin Hillenga • Vormgeving en productie: Ekkers en Paauw • Drukwerk en verzending:

Zalsman Groningen • Adres: Coehoornsingel 14 • 9711 bs Groningen • telefoon (050) 312 35 69 • e-mail: info@groningerkerken.nl • www.groningerkerken.nl


Stichting Oude Groninger Kerken

Coehoornsingel 14

9711 bs Groningen

Stichting Oude Groninger Kerken

Coehoornsingel 14

9711 bs Groningen

Plak hier uw

postzegel

Plak hier uw

postzegel

Stichting Oude Groninger Kerken

Coehoornsingel 14

9711 bs Groningen

Plak hier uw

postzegel

bestelkaart

naam m v

adres

postcode

woonplaats

e-mail

handtekening

telefoonnummer overdag

Stichting Oude Groninger Kerken

Coehoornsingel 14

9711 bs Groningen

Plak hier uw

postzegel


Donateursservice

winkel

De verloren Bijbel

Vorig jaar juli boden wij u het boek Symboliek in de Westerse kunst aan, en in oktober Het geïllustreerde handboek van

de Bijbel. Nu is deel drie van deze reeks aan de beurt: De verloren Bijbel. Dit boek geeft een fascinerende introductie

in de ‘onofficiële’ bijbelse geschriften; heilige teksten die buiten de canonieke bijbel vielen. Veel van deze heilige

legenden raakten in de vergetelheid, terwijl andere een rijke bron van populaire mythen bleven voor gelovigen. De

verloren bijbel biedt meer dan honderd tekstfragmenten, van alternatieve versies van Bijbelverhalen tot verbazing-

wekkende visies op de toekomst, elk vergezeld van duidelijk commentaar, schitterende illustraties en gemakkelijk te

raadplegen feitenkaders. Dit boek is een buitengewone hulpbron voor iedereen die is geïnteresseerd in de oorsprong

van de joodse leer. Vaste prijs: ¤ 9,95

In den Heere gerust – Tien grafzerken uit de zeventiende eeuw uit de provincie Groningen

‘Al jaren bevindt zich in mijn bibliotheek het boek Groninger Gedenkwaardigheden (1977) van A. Pathuis, medewerker van

het toenmalige Rijksarchief te Groningen’ vertelt dhr. Kugel, schrijver van het nieuwste deel uit de kerkhovenreeks. In

‘Pathuis’ zijn teksten, wapens en huismerken uit het tijdperk 1298-1814 opgenomen. Een groot deel bevindt zich op grafzerken,

in en om kerkgebouwen. Kugel: ‘Toen ik in 2008 met het fotograferen van de in de buitenlucht liggende grafzerken

van de provincie Groningen (tot 1850) begon, heb ik dikwijls aan Pathuis gedacht en – hoewel ik hem niet heb gekend –

vlei ik me met de gedachte op bescheiden wijze in zijn voetsporen te mogen treden. Ik realiseer me dat ik zowel de eerbied

voor ons Groninger culturele erfgoed, waarvan deze zerken deel uitmaken, alsook een zekere verzamelwoede met hem

deel. Wie interesseert zich voor de vele oude grafzerken die nog aanwezig zijn op de Groningse kerkhoven? Hoewel de

belangstelling voor dit historische erfgoed de laatste jaren lijkt toe te nemen, doet de toestand van vele zerken rond de Groningse kerkgebouwen

vermoeden dat er niet veel naar wordt omgekeken. De teksten van veel zerken zijn slecht leesbaar. In dit boekje worden tien

opmerkelijke grafzerken uit de zeventiende eeuw getoond en beschreven. Het gaat om de oudste nog in de provincie Groningen aanwezige

zerken. Ik hoop dat deze publicatie een bijdrage levert aan het onder de aandacht brengen van dit unieke Groninger erfgoed.’

Prijs: ¤ 6,- Donateursprijs: ¤ 5,70

Westerkwartier pluspad – Strunen langs baggels en baksteen

In dit boekje is het Westerkwartier pluspad gedetailleerd beschreven en in kaart gebracht. Naast deze routebeschrijvingen

is de route op cruciale punten voorzien van markeringen ter plaatse; zo kunt u de route gemakkelijk volgen en

genieten van al het moois dat het Westerkwartier te bieden heeft. Wandelen gewapend met kennis van de historie van

het gebied geeft een extra dimensie. Daarom is bij elk kaartje de routebeschrijving aangevuld met een toelichting op

bijzonderheden langs het traject. Bovendien is een aantal pagina’s met thematische informatie opgenomen, zodat het

Westerkwartier pluspad kan worden gelopen als een kerken-, molen-, borgen-, of veenroute, welk thema u ook maar interesseert.

Op de laatste pagina’s vindt u een voorstel voor de verdeling van de route in negen dagtochten van 11-24 km.

Tevens zijn enkele pagina’s opgenomen met praktische informatie en achtergrondgegevens.

Vaste prijs: ¤ 12,50

40 registers

De stad Groningen kent veel organisten, van enthousiaste amateurs tot professionele musici, en van popmuzikant

tot draaiorgelspeler. Veertig van hen zijn geportretteerd en geïnterviewd voor het boek 40 registers, uitgegeven

door Stichting Fotografie Noorderlicht in het kader van orgelfestival Schnitgers Droom (oktober 2011).

Arp Schnitger bouwde zeker 150 orgels voor kerken in heel Europa. Orgels van hoge kwaliteit, waarvan er nog maar

dertig over zijn, waaronder dat in de Der Aa-kerk. Dit unieke instrument, met veertig registers, werd op 14 oktober

2011 feestelijk opnieuw in gebruik genomen.

We weten niet hoe Schnitger eruit zag, maar dat hij leefde voor het maken van orgels, is een feit. Ook in het leven

van de in dit boek geportretteerde organisten speelt het instrument een belangrijke rol. De topfotografen Ernst Coppejans, Linelle Deunk,

Peter Henket, Maartje Roos en Hanne van der Velde maakten fotoseries van de stadsorganisten. Journalist Herman Sandman tekende hun

uiteenlopende verhalen in kleurrijke interviews op. Het tijdsdocument 40 registers geeft een prachtige inkijk in hedendaagse liefde voor

muziek en instrument in de stad Groningen. Vaste prijs: ¤ 17,50

Wanneer donateurs dit boek bestellen ontvangen zij gratis de orgelgids ‘Schnitgers Droom’ bij hun bestelling.

Zo bestelt u: elders in dit tijdschrift vindt u de bestelkaart van onze donateursservice. Vul deze in, plak er een postzegel op en doe hem op de bus.

U ontvangt uw bestelling dan zo snel mogelijk thuis. Verzend- en administratiekosten zijn ¤ 4,- per bestelling. Bij uw bestelling zit een nota voor uw

betaling. De inkomsten komen ten goede aan de Stichting Oude Groninger Kerken. Wanneer u meer informatie wilt over uw bestelling kunt u contact

opnemen met het bureau van de Stichting, (050) 312 35 69. Alle uitgaven zijn ook te koop via onze webwinkel: www.groningerkerken.nl/winkel


foto Justin Kroesen / Regnerus Steensma

Donateursservice

excursies

Mis! Middeleeuwse kerkinterieurs

in Groningen en

Oostfriesland

Tentoonstelling in Openluchtmuseum Het Hoogeland

in Warffum

Van 24 maart t/m 28 mei 2012 zal er een tentoonstelling

in Openluchtmuseum het Hoogeland in Warffum te zien zijn

over de middeleeuwse kerkinrichting in Groningen en Oost-

friesland. Deze tentoonstelling is in samenwerking met het

Instituut voor Christelijk Cultureel Erfgoed van de Rijksuniversiteit

Groningen voorbereid. De expositie concentreert

zich op de viering van de mis en de objecten die daarbij een

rol speelden. Te zien zijn vele voorwerpen uit kerken en

musea in Groningen en Oostfriesland, evenals foto’s van

kerkinterieurs van de hand van Justin Kroesen en Regnerus

Miskelk uit de kerk van Schortens (Dld.), 1470

Steensma. Een deel van deze tentoonstelling was in de zomer

van 2011 te zien in het Schlossmuseum in Jever (Dld.).

Op 21 april zal tussen 10 en 12 uur in het museum een

minisymposium plaatsvinden. Aansluitend kunt u tijdens

een lopende lunch de tentoonstelling bekijken. ’s Middags

volgt een excursie per bus met een bezoek aan twee kerken

op het Hogeland met belangrijke middeleeuwse interieurs.

Deelname aan deze dag bedraagt ¤ 40,- p.p. (inclusief

lunch). Het definitieve programma zal t.z.t. onder andere via

www.groningerkerken.nl en www.hethoogeland.com gepubliceerd

worden.

Aanvang: 19.30 uur. Vanaf 19.00 uur is de Remonstrantse

kerk open.

U kunt zich alvast voor deze dag opgeven door middel

van de antwoordkaart in het midden van dit tijdschrift. U

krijgt dan twee weken van tevoren het definitieve programma

thuisgestuurd.

De kerk van Saaksum, op de route van de voorjaarsexcursie

Reguliere voorjaarsexcursie

Ook dit jaar wordt weer een reguliere voorjaarsexcursie geor-

ganiseerd. Op zaterdag 21 april 2012 voert deze naar drie

kerken in het Noordelijk Westerkwartier en één in de Marne.

Meer informatie over het programma vindt u elders in dit

blad onder het kopje ‘Agenda uitgelicht´.

De bus vertrekt om 10.30 uur bij het hoofdstation in Groningen

en is daar rond 19.00 uur terug. De kosten van de

excursie zijn ¤ 20,- voor donateurs en ¤ 30,- voor nietdonateurs

(exclusief lunch). Aanmelding via de kaart in dit

blad. Plaatsing op volgorde van binnenkomst. Deelnemers

ontvangen een bevestigingsbrief en nota. (Programmawijzigingen

voorbehouden).

Excursies 2012

zaterdag 21 april 2012 – voorjaarsexcursie

zaterdag 7 juli 2012 – zomerdagtocht Duitsland

woensdag 11 juli 2012 – zomerdagtocht Duitsland

woensdag 18 juli 2012 – zomerdagtocht Duitsland

woensdag 25 juli 2012 – zomerdagtocht Duitsland

woensdag 1 augustus 2012 – zomerdagtocht Duitsland

zaterdag 15 december 2012 – Kerstexcursie

zaterdag 5 januari 2013 – herhalingstocht Kerstexcursie


aanmelding Voorjaarsexcursie

za 21 april 2012

(a.u.b. aankruisen)

naam m v

adres

postcode

woonplaats

e-mail

telefoonnummer overdag / ’s avonds

Totaal aantal personen , van wie donateurs

en niet-donateurs

Ik stap op de bus bij het Hoofdstation om 10:30 uur

Ik ga op eigen gelegenheid

Ik neem deel aan de gezamenlijke lunch (kosten niet inbe-

grepen)

Voor donateurs zijn de kosten ¤ 20,-, niet donateurs betalen

¤ 30,-

Mensen die op eigen gelegenheid gaan betalen ¤ 7,- voor

een mapje met kerkbeschrijvingen.

bestelkaart

Ik bestel:

De verloren Bijbel

Vaste prijs: ¤ 9,95

aantal

In den Heere gerust – Tien grafzerken

uit de zeventiende eeuw uit de provincie

Groningen

Prijs: ¤ 6,- Donateursprijs: ¤ 5,70

aantal

Westerkwartier pluspad –

Strunen langs baggels en baksteen

Vaste prijs: ¤ 12,50

aantal

40 registers

Vaste prijs: ¤ 17,50

aantal

vul a.u.b. ook de achterzijde in

aanmelding minisymposium en excursie

za 21 april 2012

(a.u.b. aankruisen)

naam m v

adres

postcode

woonplaats

e-mail

telefoonnummer overdag / ’s avonds

Aantal personen

Kosten ¤ 40,- per persoon (inclusief lunch)

aanmelding lezing vroeg-Romeins Italië

do 29 maart 2012

(a.u.b. aankruisen)

naam m v

adres

postcode

woonplaats

e-mail

telefoonnummer overdag / ’s avonds

Totaal aantal personen , van wie donateurs

en niet-donateurs

Voor donateurs gratis, niet donateurs betalen ¤ 2,50


Orgelmakerij Reil b.v.

Postweg 50b Heerde

Postbus 21 8180 AA Heerde

telefoon: 0578 - 691676

fax: 0578 - 695565

info@reil.nl

www.reil.nl

opdrachtgever: fam. Visser, Heresingel te Groningen

Leidekkersbedrijf Ellens

Nieuwe koperen dakkapel

Ellens Leidekkersbedrijf B.V.

Wigbold van Ewsumstraat 30, 9882 PN Kommerzijl

Tel. 0594 - 21 35 37 - Fax 0594 - 21 35 05

Alle voorkomende bouwwerkzaamheden voor bedrijf

en particulier; renovatie en restauratie

Hoofdweg 23 9795 pa Woltersum

telefoon: 050 - 30 21 555 telefax: 050 - 30 21 060


ONTWERPEN & ADVIEZEN

IN RESTAURATIES EN

VERBOUW & NIEUWBOUW

ADRES

HOGE DER A 34

9712 AE GRONINGEN

CONTACT

TEL (050) 313 61 15

FAX (050) 313 96 57

mail@wv-architecten.nl

Voor al uw - voegwerken

- voegwerkrestauratie

- gevelreiniging

Noordveenkanaal n.z. 21

7831 aw Nieuw Weerdinge

tel. 0591 - 522 258 / 522 770

fax 0591 - 521 016

Oostzijde kerk te Dorkwerd


eu,

Een gezonde kijk op onroerend goed

Houtinsectenbestrijding | Zwamsanering

Houtrestauratie met epoxytechniek | Isochips ® -kruipruimteisolatie

Vochtwering | Kruipruimterenovatie | Constructiedroging

Heteluchtmethode | Zuurstofarmeluchtmethode | Microgolvenmethode

Onderzoek met de videoscope | Inspectieabonnementen

Vestigingen in: Alphen aan den Rijn | Liempde | Echt

Heerhugowaard | Assen | Mechelen (B)


www.vanlierop.nl


Conserveert & Herstelt Hout | Verdrijft Vocht

More magazines by this user
Similar magazines