Effect van veranderingen en de energie-inneming of de ... - Rivm

rivm.nl

Effect van veranderingen en de energie-inneming of de ... - Rivm

Hoofdboodschappen

Dit briefrapport betreft een verkenning van de literatuur. De volgende

hoofdboodschappen zijn van belang voor vormgeving van beleid gericht op een

gezond gewicht. Voor de duidelijkheid zijn de bronnen aangegeven waarop de

uitspraken zijn gebaseerd. Nieuwe inzichten uit aankomende onderzoeken kunnen

leiden tot verdere aanscherping van deze hoofdboodschappen.

1. Gewichtsstijging ontstaat als de energie-inneming via de voeding hoger is dan

het energieverbruik. Het energieverbruik bestaat uit drie componenten, waarvan

de lichamelijke activiteit er een is. Verschillende fysiologische mechanismen

beïnvloeden de energiebalans en deze kunnen een bijdrage leveren aan het tot

stand komen van overgewicht.

2. Via aanpassingen in de voeding lijkt het makkelijker om grotere energietekorten

te bereiken dan via meer lichamelijke activiteit. Beleid gericht op afvallen dient

dus in ieder geval aandacht te hebben voor het voedingspatroon.

Gebaseerd op figuren 6 en 7; theorie energiebalans (hoofdstuk 1).

3. Logischerwijs geldt dat dan ook voor beleid ter voorkoming van gewichtsstijging

alleen is dan het benodigde energietekort kleiner.

4. Aandacht voor lichamelijke activiteit is echter ook van belang vanwege het

gewichtsverlies dat te behalen lijkt bij sedentaire mensen en het voorkomen van

terugval bij actieve mensen. Enkele leefstijlinterventies bij mensen met

overgewicht lieten grotere effecten op langere termijn zien als naast aandacht

voor de voeding ook aandacht is voor beweging. Daarnaast heeft bewegen nog

meer gezondheidseffecten die los staan van een eventuele gewichtsverandering.

Gebaseerd op Westerterp 2009; hoofdstuk 1 en 2, Bemelmans 2008, CBO richtlijn

5. De vraag of het dieet dan wel de lichamelijke activiteit de grootste rol heeft

gespeeld in de gewichtstoename van de bevolking in de afgelopen jaren kan niet

beantwoord worden. Dit heeft te maken met methodologische beperkingen en de

afwezigheid van goede gegevens die representatief zijn op bevolkingsniveau.

Gebaseerd op hoofdstuk 2 en 3.

6. Zelfs bij gecontroleerde experimenten is er geen eenduidig verband tussen

geschatte energiedisbalans en gewichtsverandering. De studies werden vooral

uitgevoerd bij mensen met overgewicht of obesitas. De resultaten tonen aan dat

een dagelijks verschil van 500-1300 kcal (2,1-5,4 MJ) leidt tot een geschatte

gewichtsverandering van 6,5 tot 10 kg in 3 maanden.

Gebaseerd op hoofdstuk 4.

7. Meer lichamelijke activiteit (via een trainingsprogramma) gaat zelden gepaard

met gewichtsdaling. Naast compensatie via de voedingsinname, kan ook

compensatie in de lichamelijke activiteit buiten het trainingsprogramma optreden.

Calorierestrictie lijkt op langere termijn gecompenseerd te worden door minder

lichamelijke activiteit. Er zijn indicaties dat het gedrag ‘beter’ wordt

gecompenseerd wanneer gewichtsverlies dreigt dan wanneer gewichtstijging

dreigt. Hierdoor wordt afvallen bemoeilijkt en dit benadrukt dus het belang van

beleid gericht op matig gewichtsverlies of voorkomen van gewichtsstijging en

gericht op beide zijden van de energiebalans.

Gebaseerd op hoofdstuk 5, Westerterp 2010.

RIVM Briefrapport 260464001 3

More magazines by this user
Similar magazines