Views
5 years ago

nd ederen

nd ederen

''■'*w^ßwmm

''■'*w^ßwmm VERSTOPPING.... goeden atoelgany ge rage ld bevordei door BOöff CS^^i Dan pillen vardrijven ovartolllg gal an •lijm. All«en «ht -■ dan naam BOOM. 4 *t . v :' krl i0b"r In Apothakan en Oroslttwinkala 4 3-» en 57 cent par dooaje garage Reverend Arthur Steele moest ontmoeten. „Zoo, mijn jongen," zei deze vriende- lijk, „hoe is het met je? Prachtig weer voor den tijd van 't jaar, hé — alleen 'n beetje winderig...." Jack negeerde zijn breedsprakige be- groeting en viel met de deur in huis. „Ik was van plan u vandaag te komen opzoeken," deelde hij hem kortaf mede. „Ik ga trouwen en zou graag willen, dat u het noodige daarvoor in orde maakte." „Wat vertel je me daar!" hijgde de reverend. „Neen maar, dat is een ver- rassing — een groote verrassing! Wie is het gelukkige meisje?" „Het meisje dat Pritchard de betrek- king heeft opgezegd door uw opsto- kerij!" De reverend staarde den jongeman verwezen aan. De acteur 1$. Monnikendam viert binnenkort zijn dertigjarig tooneeljubileum. Hij treedt bij het gezelschap De Boer-van Rijk in „Op hoop van zegen" op. pot0 Godfried de Groot „Ben je gek geworden. Jack?" barstte hij toen uit. Jack Bulstrode verhief zijn stem. „O, wilt u probeeren 't te ontkennen? Nu, ik wéét dat u het bent. Op aanspo- ring van mijn vader misschien, maar u bent in de eerste plaats verantwoorde- lijk. En laat ik u dit vertellen, dat u spijt zult hebben alsharen op uwhoofd! Hoort u het? — u zult er spijt van hebben, dat u op die manier tegen een weerloos meisje geïntrigeerd hebt." De eigenaar van de garage en een van zijn knechts luisterden met kwalijk verborgen pleizier en Jack schaamde zich plotseling over zijn kinderachtige uitbarsting. Hij liet den reverend staan, sprong in zijn auto en sloeg in roekelooze vaart de richting van „The Grange" in Nu hij zijn hart gelucht had, kreeg hij de onbehaaglijke gewaarwording, dat hij den ouden man verkeerd beoordeeld had. De uitdrukking van stomme verbazing op diens gezicht bij de klakkelooze be- schuldiging, was tè echt geweest om geveinsd te kunnen zijn en Jack voelde scherpe scheuten van spijt om zijn haas- tige woorden. III. Hij bracht een rusteloozen namiddag door en het was eerst na het eten, dat hij besloot de zaak bij te leggen. Hij liep naar de telefoon en belde de pastorie op. Mr. Arthur Steele was ongetrouwd en het was Green, zijn bediende, die aan de telefoon kwam. De heer des huizes verscheen echter onmiddellijk. „Goedenavond, mijnheer Steely begon Jack. „Ik zou u graag vanavond nog even willen spreken als het kon." De reverend koesterde blijkbaar geen wrok, want zijn toon was even vriende- lijk als altijd. „Natuurlijk Jack, natuurlijk, op het oogenblik heb ik iemand bij me, maar kom tegen tien uur, als dat niet te laat voor je is." „Heelemaal niet. Dan ziet u me straks." „Luister eens," ging de reverend voort: „ik heb vandaag een nieuwe zen- ding munten gekregen. Er is er een bij van het jaar 1450, die je zeker interes- seeren zal. Een prachtig gesneden kop." Jack liep lachend van de telefoon weg. De reverend was zijn heele leven een verwoed verzamelaar van antieke pen- ningen geweest en zijn collectie was ver buiten de nederige plaats zijner inwo- ning bekend. In de vreugde over zijn nieuwe aanwinst had hij natuurlijk geen oogenblik meer over het onaangename gesprek van dien morgen gedacht. Enkele minuten na tienen stapte Jack uit zijn auto en liep de oprijlaan van de pastorie in. In al de kamers aan den voorkant brandde licht, maar niettegen- staande zijn voortdurend bellen werd er niet opengedaan. Ongeduldig geworden opende de jongeman de deur en liep de hal binnen. Er hing een drukkende stilte in het huis en met een vreemde beklemming van bange vermoedens duwde Jack de deur van de bibliotheek open. In het midden van den vloer, scherp belicht door het heldere schijnsel der electrische lamp, lag het stoffelijk om- -6- Een smettelooze huid. Vetwormpfes voor altgd verdreven. „Ik had vetpuistjes en uitgezette po- riën, en ik dacht dikwijls, wist ik maar iets om mijn teint te verbeteren. Tot mijn blijdschap heb ik Radox gevonden en het is werkelijk verwonderlijk, hoe frisch mijn teint geworden is. En nooit meer vetwormpjes, want ik heb altijd een doos Radox bij de hand." Mej.H.T. Die afschuwelijke vetpuistjes kunt U onmiddellijk en voor altijd verwijderen met Radox. Onmiddellijk, want wanneer U een theelepel Radox in een kop heet water mengt en daarmee het ge- zicht flink bet, zult U na eenige minuten de vetwormpjes eenvoudig kunnen weg- vegen. En indien U vervolgens steeds Radox door het waschwater mengt, zul- len ze voor altijd verdwenen zijn. Radox maakt namelijk in het water verschil- lende waardevolle bestanddeelen vrij, welke de huid grondig reinigen en de onderhuidsche weefsels en kliertjes ver- sterken. Zoo blijft de huid jeugdig, soepel en frisch. Radox is heerlijk ge- parfumeerd en verkrijgbaar bij alle apothekers en drogisten ä f 0.75 per pak, omzetbelasting inbegrepen. Een pak is toereikend voor verscheidene weken. Imp. N.V. Rowntree Handels-Maat- schappij, Heerengracht 209, Amster- ' dam C. hulsel van Reverend Arthur Steele. Zijn levenlooze oogèn staarden strak naar boven en op het witte overhemd was een onheilspellende, onregelmatige roo- de vlek. Dóodelijk geschrokken en trillend op zijn beenen, liep Jack naar de deur en schreeuwde om Green. Alleen de echo's van het verlaten huis antwoordden en een haastig onderzoek in de woning leverde geen resultaat op. Behalve die in elkaar gezakte gestalte in de biblio- theek, was de pastorie leeg. Teruggekomen in de bibliotheek keek Jack vol afgrijzen om zich heen. Een gekreukelde witte zakdoek op den grond trok zijn aandacht en werktuiglijk raapte hij dien op. Er onder lag een revolver, een klein, goedkoop oud model wapen van kaliber 32. frobeerze.-en ook Gij zult zeggen: DelUdkdlmdsckJEmdftasta 's onbetwistbaar de beste. SIGAREN 's Morgens, 's Middags, 's Avonds. Toen de eerste schok van de vreese- lijke ontdekking voorbij was, begon de jonge man de situatie te overdenken. Het .lichaam was nog warm; de bloed- vlek breidde zich langzaam uit over het witte overhemd; in het vertrek hing nog een scherpe lucht van cordiet. Daaruit concludeerde hij, dat de moord in den loop van het laatste kwartier moest zijn gepleegd — misschien wel in de laatste paar minuten. De moordenaar had vermoedelijk juist met den zakdoek de vingerafdrukken van de revolver geveegd, toen er gebeld werd, en was vol schrik de achterdeur uitgehold, den verraderlijken doek en het wapen in zijn haast achterlatend. Jack keerde den zakdoek om. In een hoek stonden duidelijk de met onaf- waschbaren inkt geschreven initialen R. G. Robert Green! Ja. Mr. Steele had zijn bediende altijd Robert genoemd. En Green was op onverklaarbare wijze ver- dwenen. Nu, ver weg kon hij nog niet zijn Bij deze overweging kwam Jack Bul- strode in actie en liep naar de telefoon, die achter in de hal hing. Op weg er heen, hoorde hij schuifelende voetstap- pen zich naar de bibliotheek richten en bijna onmiddellijk daarna zag hij de ge- zette figuur van juffrouw Briggs, de huishoudster, op den drempel staan. „O, bent u het, mijnheer. Ik ben naar den bioscoop geweest en dacht " De vrouw brak abrupt af, toen ze het lichaam van haar meester zag. Ze gaf een doordringenden gil, bedekte haar mond met den rug van haar hand en leunde wankelend tegen den muur. „O!" stotterde ze vol ontzetting: „m — moordenaar —." Haar oogen staarden als in gruwelijke betooveringuaar de hand van den jon- geman. Jack keek omlaag, volgde haar gespannen blik, toen begreep hij. Hij had den zakdoek en de revolver nog in de hand. IV. Inspecteur Frederick Bryson ergerde zich. „Het is altijd hetzelfde liedje," mop- perde hij. „Die ezels in de provincie slo- ven zich een week uit, sturen den boel JEAfl HU&AT IM DE MYPTEDIEUZE ORAVm "-,-':' Ü hopeloos in de war en als het spoor doodgeloopen is, roepen ze ten einde raad de hulp van den Yard in." Uit de hoekplaats aan den overkant van den spoorwegcoupé, liet George Mellanby, sergeant der recherche, een instemmend gegrom hooren. „Ja," viel hij den inspecteur somber bij, „maar te oordeelen naar dit" — hij tikte op een getypt rapport, dat op zijn knieën lag — „kan ik er geen hoogte van krijgen, waarom zij Bulstrode ver- denken. Uit het materiaal waarover we beschikken blijkt zonneklaar, dat de vermiste bediende Green het gedaan moet hebben." „Zoo klaar als een klontje!" spotte de inspecteur. De inspecteur was een zwaar gebouwd en vriendelijk uitziend man, maar zijn ietwat plomp figuur verborg machtige spieren en de onschuldige oogen konden een gevaarlijke, harde uitdrukking heb- ben. Sergeant Mellanby vormde een merk- waardig contrast met zijn superieur. Hij was brood-mager en had een mistroostig uiterlijk, waarvan de naargeestigheid nog werd verhoogd door een zwaren walrussen-knevel. Bij den Yard beweer- den ze, dat hij nog nooit gelachen had. „Nu," vervolgde Bryson, „we zijn er zoo; het volgende station is Anderby." Ze werden opgewacht door twee man- nen van de Graafschaps-politie in burger. „Ik veronderstel, dat u het eerst naar de pastorie wilt," opperde een van hen, toen ze met hun vieren in den politie- auto, die voor het station stond, waren gestapt. „Dat kunnen we doen," meende Bry- son en hij voegde er terloops aan toe: „Waar is de jonge Bulstrode?" (Vervolg op pagina 12} ONZE OPERETTE-STER; Beppie de Vries, die op het oogenblik in „Bravo Peggy", dat in het Amsterdamsche Grand Theater wordt opgevoerd, veel succes oogst. fFoto Codfrttd de Groot)

Weekblad%20Cinema%20en%20Theater_1941_016_r.pdf
e stoffen ebruik ? - Zoek direct in de EYE-bibliotheek
Weekblad%20Cinema%20en%20Theater_1924_020_r.pdf