02.09.2013 Views

Musis februari 2011 nr. 2 - Gemeente Schiedam

Musis februari 2011 nr. 2 - Gemeente Schiedam

Musis februari 2011 nr. 2 - Gemeente Schiedam

SHOW MORE
SHOW LESS

You also want an ePaper? Increase the reach of your titles

YUMPU automatically turns print PDFs into web optimized ePapers that Google loves.

<strong>februari</strong> <strong>2011</strong> jaargang 17 no 2 cultureel magazine<br />

hoogstraat revisited<br />

e 5,


VVV <strong>Schiedam</strong><br />

Buitenhavenweg 9<br />

3113 BC <strong>Schiedam</strong><br />

010 473 30 00<br />

info@vvvschiedam.nl<br />

Openingstijden<br />

maandag t/m vrijdag: 9.00 - 17.30 uur<br />

zaterdag: 10.00 - 17.00 uur<br />

www.vvvschiedam.nl<br />

www.ontdekschiedam.nu<br />

ontwerp: 300procent fotografie: Jan van der Ploeg<br />

...WIJ GAAN NOG EVEN DOOR...<br />

UW OUDE BRIL<br />

IS GELD WAARD<br />

DEZE DEZE SUCCESVOLLE<br />

SUCCESVOLLE<br />

AKTIE AKTIE STOPPEN STOPPEN WIJ<br />

NOG NOG LANG LANG NIET! NIET!<br />

DOE DOE DUS DUS MEE..! MEE..!<br />

Cadeautip: de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

Op zoek naar een origineel cadeau? Geef<br />

dan een unieke <strong>Schiedam</strong>se belevenis met<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon! Deze cadeaubon is vanaf<br />

11 november in verschillende prijsklassen<br />

te koop bij VVV <strong>Schiedam</strong>. Hiermee kan de<br />

ontvanger een belevenis uitzoeken bij meer<br />

dan twintig <strong>Schiedam</strong>se ondernemers.<br />

INRUIL-<br />

PREMIE<br />

€100,- OF<br />

€50,-!<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

geniet van een belevenis in de stad van molens en jenever<br />

Kies uw eigen belevenis op www.ontdekschiedam.nu<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

Ruil uw oude bril in en ontvang tot 100,- euro<br />

i<strong>nr</strong>uilpremie bij aanschaf van een nieuwe<br />

complete bril uit onze gehele collectie. Uw oude bril<br />

geeft iemand in een 3e wereldland weer kans op een<br />

beter (vooruit)zicht. Kom nu naar Tempel Optiek en<br />

doe mee. Deze aanbieding komt nog bovenop de<br />

vergoeding van uw zorgverzekeraar.<br />

Tempel Optiek<br />

werkt samen met alle<br />

zorgverzekeraars.<br />

geniet van een belevenis in de stad van molens en jenever<br />

Kies uw eigen belevenis op www.ontdekschiedam.nu<br />

geniet van een belevenis in de stad van molens en jenever<br />

Kies uw eigen belevenis op www.ontdekschiedam.nu<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

geniet van een belevenis in de stad van molens en jenever<br />

Hoogstraat 2 • 3111 HH <strong>Schiedam</strong> • Tel (010) 473 59 19<br />

www.tempeloptiek.nl<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

Kies uw eigen belevenis op www.ontdekschiedam.nu<br />

De keuze is groot. Met de <strong>Schiedam</strong>bon geeft<br />

of krijgt u bijvoorbeeld een lekker gevulde<br />

lunchbox of advies van een personal shopper.<br />

Of wat dacht u van een viergangendiner of<br />

een proeverij!<br />

U vindt de belevenissen op<br />

www.ontdekschiedam.nu/schiedambon.<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon<br />

de <strong>Schiedam</strong>bon


3 musis<br />

MUSIS <strong>februari</strong> <strong>2011</strong><br />

jaargang 17<br />

no 2<br />

ISSN 1568.9751<br />

<strong>Musis</strong> verschijnt 11 maal per jaar<br />

en informeert en opinieert<br />

onafhankelijk op het brede terrein<br />

van cultuur en samenleving.<br />

<strong>Musis</strong> is toegelaten als<br />

Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI)<br />

8049 60 057<br />

Uitgever: Stichting <strong>Musis</strong><br />

Bestuur:<br />

Jan Franken, Dick Jansen, Loe Koppejan - voorzitter,<br />

Jos Poolman, Karin Visser, (vacature)<br />

Redactie en administratie:<br />

Broersvest 75-77<br />

3111 ED <strong>Schiedam</strong><br />

Telefoon: 010 473 55 18<br />

E-mail: redactie@musis.info<br />

Hoofdredacteur: Hans van der Sloot<br />

Redactie:<br />

Jeroen ter Brugge, Theo van Giezen,<br />

Sjef Henderickx, Jack Tsang, Rikkert Wijk<br />

Tekstredactie: Harriet Kruse<br />

Eindredactie: Laurens Priester<br />

Abonnement: minimaal e 32,50<br />

(jaarabonnement <strong>2011</strong>)<br />

(een hogere bijdrage wordt zeer op prijs gesteld)<br />

op rekeningnummer 81.33.79.555 Fortis<br />

Opzeggingen schriftelijk 2 maanden<br />

voor beëindiging abonnementsperiode.<br />

Advertentie-exploitatie:<br />

DK media, Schieweg 93, 2627 AT Delft<br />

Telefoon: 015 256 60 10<br />

Mobiel: 06 285 993 70<br />

MUSIS ONLINE OP<br />

http://archief.schiedam.nl/<br />

Van januari 2009 tot de maand voorafgaand aan<br />

het laatste nummer (januari <strong>2011</strong>) is <strong>Musis</strong><br />

volledig leesbaar op de website van het<br />

<strong>Gemeente</strong>archief <strong>Schiedam</strong> / publicaties.<br />

Het <strong>Musis</strong>archief is volledig doorzoekbaar.<br />

Alle auteursrechten en datarecht berusten bij<br />

Stichting <strong>Musis</strong> en de auteurs. Het onderwijs en<br />

educatieve instellingen kunnen op <strong>Musis</strong> een beroep<br />

doen bij het geschikt maken van onderwerpen voor<br />

lessen en projecten.<br />

Lithografie en druk: TDS printmaildata, <strong>Schiedam</strong><br />

Alle auteursrechten en datarecht berusten<br />

bij Stichting <strong>Musis</strong> en de auteurs.<br />

Foto omslag: Jan van der Ploeg<br />

Inhoudsopgave<br />

4 Een bevlogen en zakelijk monumentenwethouder<br />

8 Restauratie Havenkerk begint bescheiden<br />

12 Stepping stones aan de Hoogstraat<br />

16 Werk aan de winkel<br />

20 Museumvondsten<br />

22 De metamorfose van een verdronken stadspark<br />

26 Van Vlaardingse tuinen en sloppen<br />

30 Een stad vol sloppen<br />

34 LOOK TV bestaat 10 jaar<br />

38 Column: Mooie praatjes<br />

Sloppen en StadSvernIeuwIng<br />

Vanuit verschillende invalshoeken besteedt <strong>Musis</strong> aandacht aan de grote<br />

diversiteit aan restauratie- en revitaliseringsprojekten die in de <strong>Schiedam</strong>se<br />

binnenstad in uitvoering zijn. Als deze zijn gecompleteerd met de projecten<br />

die momenteel nog op de tekentafel liggen of waarvoor door de gemeente en<br />

private partijen plannen worden ontwikkeld, heeft de stad er alles aan gedaan<br />

om de faciliteiten te scheppen voor een heropleving van de binnenstad.<br />

Voorzichtig zijn de eerste resultaten al zichtbaar. Daarvoor is <strong>Schiedam</strong> z'n<br />

raad, bestuur en ondernemers in de binnenstad dank verschuldigd. Een<br />

verlaat compliment mag zeker worden gemaakt aan Frans Griffioen die als<br />

projectleider van de binnenstedelijke vernieuwing, van meet af aan zijn geloof<br />

in een positieve ontwikkeling beleed aan wie het maar horen wilde, de<br />

kritieken trotseerde en nu het genoegen kan smaken van een kentering in het<br />

uiterlijk en de publieke waardering van de binnenstad.<br />

Herman Noordegraaf bespreekt in deze <strong>Musis</strong> de dissertatie 'Koninkrijk vol<br />

sloppen' dat voor wat <strong>Schiedam</strong> betreft direct verwijst naar de tientallen<br />

sloppen als Otterbuurt, de Roosbeek, het Klein Groenendal, de Schotse<br />

Poort, de gang van Baas Been, de Konijnen- en Rodekoolbuurt en hoe al die<br />

slurfjes vol ellende in <strong>Schiedam</strong> ook mochten heten. Jeroen ter Brugge schetst<br />

daarnaast het beeld hoe het met de sloppen in Vlaardingen was gesteld.<br />

Alsnog kruipt de armoe omhoog.


Een bevlogen en zakelijke<br />

monumentenwethouder<br />

Menno siljee<br />

tekst: Henk Slechte<br />

foto's: Jan van der Ploeg<br />

In november 2008 vonden voor het<br />

eerst alle <strong>Schiedam</strong>mers <strong>Musis</strong> gratis<br />

in hun brievenbus. Dat had een goede<br />

reden. Op 15 september had wethouder<br />

Menno Siljee (PvdA) de plannen voor<br />

de restauratie van de Havenkerk en<br />

het plan daarin een hotel te vestigen<br />

bekend gemaakt, en bovendien had de<br />

gemeente laten weten dat ze sinds kort<br />

eigenaar was van een aantal panden in<br />

het zwakste gedeelte van de Hoogstraat,<br />

tussen de Achterweg en het Stedelijk<br />

Museum. De redactie van <strong>Musis</strong> was<br />

blij dat particulieren (plannen rond de<br />

Havenkerk) en gemeente (aankoop<br />

panden) elkaar hadden gevonden in een<br />

monumentaal meesterplan voor een<br />

deel van de binnenstad dat in zorgelijke<br />

staat verkeerde. Dat moest iedereen in<br />

<strong>Schiedam</strong> weten! Toen de <strong>Schiedam</strong>mers<br />

<strong>Musis</strong> lazen, was de buitenwereld alweer<br />

ingrijpend veranderd. Op 9 september<br />

vroeg de Amerikaanse zakenbank Lehman<br />

Brothers faillissement aan en in november<br />

was de economische crisis volop een<br />

feit. De geschiedenis leert dat in zulke<br />

gevallen investeerders in hooggestemde<br />

maar niet al te harde plannen zich als<br />

eerste terugtrekken. Het plan voor een<br />

hotel in de Havenkerk was zo'n plan en<br />

de investeerder trok zich terug. We zijn<br />

nu ruim twee jaar verder. Tijd voor <strong>Musis</strong><br />

om de monumentenbalans op te maken.<br />

Henk Slechte nam alle plannen door met<br />

een bevlogen en optimistische, maar ook<br />

zakelijke en realistische wethouder die er<br />

nog pal achter staat.<br />

musis 4


Ieder gesprek over de restauratie en bestemming van<br />

monumenten in de binnenstad begint met de Korenbeurs,<br />

ooit door de gemeente verkocht aan Jan des Bouvrie die<br />

zich na een etentje aan de overkant had opgeworpen als<br />

redder van dit bedreigde monument. Het huwelijk tussen<br />

Des Bouvrie en <strong>Schiedam</strong> is in scheiding geëindigd, maar<br />

Menno Siljee geeft eer wie eer toekomt: zonder Des Bouvrie<br />

zou het monument er nu slechter aan toe zijn geweest.<br />

Terwijl op het podium de partners ruzieden, vond achter<br />

de schermen de wethouder de oplossing. Jan des Bouvrie<br />

verkocht de Korenbeurs in november 2009 aan de <strong>Schiedam</strong>se<br />

projectontwikkelaar en vastgoedbeheerder Van Doorn & Salari<br />

die er een 'kunstencentrum' van wil maken. Siljee maakt dat<br />

niet mooier dan het is. De nieuwe eigenaar meent het goed<br />

met het gebouw en met <strong>Schiedam</strong>, maar voor kunstencentrum<br />

staat natuurlijk wel het bijvoeglijk naamwoord commercieel,<br />

want ook de schoorsteen van D&S moet roken. Siljee<br />

verwacht dat de nieuwe bestemming 'in de galeriesfeer'<br />

zal liggen, gecombineerd met kleine horeca en kantoren<br />

op de verdieping. Hij wil geen grootschalige horeca annex<br />

congresfunctie met alles wat daarbij hoort. Daarvoor is de<br />

omgeving te teer.<br />

In de binnenstad staat een ander historisch belangrijk<br />

monument leeg: het Zakkendragershuisje uit 1725 op de<br />

hoek van de Schie en de Prinsensteeg, ooit het onderkomen<br />

van het Sint Anthonisgilde van de Zakkendragers en in de<br />

vorige eeuw centrum van het verzet tegen de sloop van<br />

de Brandersbuurt. Kortom een pand met een gevarieerde<br />

<strong>Schiedam</strong>se historie. Sinds het overlijden van Jan Schaper,<br />

aanvoerder van het verzet en cineast, staat het leeg. Het is<br />

zo met de geschiedenis van <strong>Schiedam</strong> verweven dat Siljee<br />

er niet over piekert het af te stoten, zoals zijn voorgangers<br />

met de Korenbeurs hebben gedaan. Een bestemming is<br />

er nog niet. Serieuze plannen zijn er wel. Siljee is een<br />

bevlogen én zakelijke monumentenwethouder. Hij wil dat<br />

het Zakkendragershuisje een bestemming krijgt die bij zijn<br />

geschiedenis past, maar hij wil ook dat het publiek trekt en<br />

kostendekkend is. Horeca is daarbij niet uitgesloten. Hij vertelt<br />

grijnzend dat zijn overgrootmoeder die ernaast een kroeg<br />

had, het aan het eind van de 19de eeuw voor één gulden kon<br />

kopen, maar dat niet heeft gedaan. Aanbiedingen genoeg,<br />

zoals een barometermuseum dat raadslid en ondernemer<br />

Andreas Rose er graag in ziet, of een combinatie van horeca<br />

en hoofdkwartier van de fluisterboot. Het Zakkendragershuisje<br />

staat op loopafstand van het Wennekerpand dat 1 april open<br />

gaat en zou natuurlijk ook daarbij aangehaakt kunnen worden.<br />

En dan is er Peter Staal uit Kethel die heeft gezorgd dat daar<br />

de dorpspomp in ere wordt hersteld. Hij zou er iets willen<br />

doen 'met jenever'. Een logische bestemming, vindt Menno<br />

5 musis<br />

Siljee die wel meteen zijn zakelijkste gezicht trekt en zegt<br />

dat voor iedere bestemming dezelfde kernvoorwaarden<br />

gelden: het monument moet toegankelijk zijn, een zinnige<br />

bestemming hebben en een redelijke huur opbrengen!<br />

En zo komt ook de Monopole in zicht. De recente geschiedenis<br />

is bekend. De gemeente heeft de voormalige bioscoop in<br />

2002 verworven om er het depot van het Stedelijk Museum<br />

in te vestigen. Toen – een beetje laat - bleek dat het pand<br />

daarvoor ongeschikt was, kwamen andere opties in zicht.<br />

Een gokhal van Fairplay lag te gevoelig, niet bij Menno<br />

Siljee, maar wel bij de meerderheid van de raad die, aldus de<br />

wethouder, te allen tijde de baas is. Hij wil ook voor dit pand<br />

dat hem persoonlijk lief is, omdat hij van deze architectuur<br />

houdt, een levendige bestemming. In tegenstelling tot het<br />

Zakkendragershuisje hoeft het niet in gemeentelijk bezit te<br />

blijven. De cultuurhistorische waarde voor <strong>Schiedam</strong> is niet<br />

groot genoeg: 'We verwerven het huis van Haverschmidt<br />

toch ook niet, omdat hij zich er heeft opgehangen'. Een<br />

andere serieuze optie was horeca, maar dat lukte nog niet.<br />

In 2008 heeft de Monopole kortstondig een rol gespeeld in<br />

de hotelplannen rond de Havenkerk. Toen die van de baan<br />

waren, was het gebouw weer een zelfstandig probleem. De<br />

gemeente heeft nu veel geld geïnvesteerd om het casco te<br />

herstellen en het vooral beneden opener en lichter te maken.<br />

Het is daarmee als monument definitief gered, en komt in de<br />

verkoop met als meest logische bestemming horeca.<br />

Van de Monopole komen Menno en <strong>Musis</strong> vanzelf bij de<br />

Havenkerk. De geschiedenis van de Dominicaner Kerk van<br />

de H. Johannes de Doper die in 1822-1824 naar een ontwerp<br />

van H. Tollus aan de Lange Haven is gebouwd, is bekend. De<br />

kerk is in 1973 verkocht aan de Stichting Johan Maasbach<br />

Het is voor iedereen aantrekkelijk om met relaties exclusief te<br />

dineren in een overdonderende omgeving als die van de Havenkerk.<br />

Zelfs zonder hotel denkt hij dat een restaurant in die kerk exploitabel<br />

is. Hij denkt positief en maakt met een breed gebaar een eind aan<br />

alle muizenissen over de onbereikbaarheid van zo'n etablissement<br />

voor mensen die zich in forse bolides plegen te verplaatsen. Er is<br />

een plan voor een parkeergarage met 200 tot 300 plaatsen aan de<br />

Westmolenstraat, op loopafstand van de Havenkerk!


Wereldzending, onderdeel van de Pinkstergemeente. Omdat<br />

die geen kans meer zag het rijksmonument in goede staat te<br />

brengen en te houden, heeft de gemeente besloten de kerk<br />

te kopen. Dat is op 24 december 2010 ook officieel gebeurd.<br />

De kerk is ondergebracht in de Stichting tot Restauratie<br />

en Instandhouding van de kerk aan de Lange Haven e.o.<br />

(SRI), omdat de gemeente zelf geen fondsen kan werven.<br />

De gemeente is in de stichting wel vertegenwoordigd door<br />

directeur M. van de Groenendaal. Ook (Ubbo) Hylkema<br />

Consultants uit Utrecht, die vanaf het begin bij de plannen<br />

betrokken is, zit in het stichtingsbestuur. Een substantieel deel<br />

van het geld voor de restauratie komt van het Fonds <strong>Schiedam</strong><br />

Vlaardingen dat daarvan wel € 350.000 heeft geoormerkt<br />

voor de restauratie van het Maarschalkerweerdorgel dat de<br />

bekende orgelbouwer Michael Maarschalkerweerd in 1875<br />

samen met zijn vader heeft gebouwd.<br />

Menno Siljee zei in <strong>Musis</strong> in november 2008 dat hij pas<br />

tevreden zou zijn, als alle bouw- en restauratieplannen voor<br />

de kerk en de gebouwen eromheen, tot een goed eind waren<br />

gebracht. Een van die plannen was het hotelplan waarvoor hij<br />

toen verwees naar vergelijkbare hotelprojecten in Maastricht<br />

en Breda, en tot de gebouwen eromheen behoorde het in<br />

zijn architectuurminnende ogen afzichtelijke pand van de<br />

Schoene<strong>nr</strong>eus op de plaats van de 19de eeuwse pastorie. Ook<br />

als het hotelplan niet doorgaat, zal dat moeten verdwijnen.<br />

Menno Siljee is er duidelijk over. Het is te lelijk en zal dus<br />

gesloopt worden. Hij ziet er het liefst de gevel van de pastorie<br />

terugkomen. Dat kan geen restauratie zijn maar ook een<br />

historiserende gevel vindt hij beter dan wat er nu staat.<br />

Omdat de Havenkerk ook binnen rijksmonument is, gelden<br />

beperkingen, althans zolang de staatssecretaris die bescherming<br />

in het kader van de voorgenomen deregulering niet<br />

opheft. Dat maakte het project in 2008 al gecompliceerd. Met<br />

daarbij de economische crisis die kort na de publicatie van de<br />

plannen in <strong>Musis</strong> uitbrak, is het niet verwonderlijk dat het tot<br />

6 januari <strong>2011</strong> duurde, voordat alle <strong>Schiedam</strong>mers opnieuw<br />

werden geconfronteerd met een goednieuwsshow over de<br />

Havenkerk. Ditmaal niet in een huis aan huis bezorgde <strong>Musis</strong>,<br />

maar in een boeiende uitzending van LOOK TV, waarin Menno<br />

Siljee aan Jan Willem de Boer vertelde dat de restauratie van<br />

de kerk gaat beginnen en dat weliswaar de financier van<br />

toen en de bouwer/aannemer zijn afgehaakt, die er in 2008<br />

een hotel in wilde realiseren, maar dat het denken over en<br />

zoeken naar de mogelijkheid om een bijzonder hotel in de<br />

kerk te vestigen is doorgegaan en zich opnieuw een 'partij'<br />

heeft gemeld met ervaring in het vestigen en exploiteren van<br />

hotels in bijzondere gebouwen. In dezelfde uitzending legde<br />

projectleider Havenkerk Vera van der Vlerk uit hoe je een hotel<br />

in een kerk kunt vestigen zonder het interieur aan te tasten.<br />

Als het 'beddenhuis' in een belendend pand komt, kunnen<br />

de lounge- en restaurantfaciliteiten in de kerk zelf zo'n hotel<br />

een bijzonder karakter geven. Siljee meldde tenslotte trots<br />

dat de € 2.750.000 voor de aankoop en de eerste fase van de<br />

restauratie beschikbaar is.<br />

Menno Siljee is niet alleen bevlogen, hij is ook zakelijk. Zijn<br />

hoofddoel als monumentenwethouder is de restauratie van<br />

de kerk, maar hij is er ook van overtuigd dat je - mensen<br />

met - geld naar je stad kunt trekken, als die kans ziet zich<br />

te onderscheiden met een levendige binnenstad waar mooie<br />

monumenten ook voor hen toegankelijk en bruikbaar zijn,<br />

cultureel als galerie of museum, maar vooral zakelijk als<br />

hotel of restaurant. Het is voor iedereen aantrekkelijk om met<br />

relaties exclusief te dineren in een overdonderende omgeving<br />

als die van de Havenkerk. Zelfs zonder hotel denkt hij dat<br />

een restaurant in die kerk exploitabel is. Hij denkt positief en<br />

maakt met een breed gebaar een eind aan alle muizenissen<br />

over de onbereikbaarheid van zo'n etablissement voor<br />

mensen die zich in forse bolides plegen te verplaatsen. Er is<br />

een plan voor een parkeergarage met 200 tot 300 plaatsen aan<br />

de Westmolenstraat, op loopafstand van de Havenkerk!<br />

De jongste loot aan de binnenstedelijke monumentenplannen<br />

is het stuk Hoogstraat tussen de Achterweg en het Stedelijk<br />

Museum dat in beleidsstukken Hoogstraat-Midden heet. Het<br />

Hij garandeert niet dat er nooit meer een pand gesloopt wordt, maar<br />

wel dat de lokale overheid met een andere en zorgvuldigere blik naar<br />

het bouwkundig erfgoed zal kijken. In de volgende ronde komt de<br />

wederopbouwarchitectuur aan de beurt. Daarbij ligt de nadruk op het<br />

havengebied en Nieuwland. Hij laat lijsten maken van panden en hun<br />

bouwhistorische betekenis om te voorkomen dat de fouten uit het<br />

verleden opnieuw gemaakt worden.<br />

gaat om ongeveer vijftien verkommerde panden waarvan<br />

de gemeente de toekomst bekijkt in samenhang met die<br />

van particuliere panden eromheen, die in een betere staat<br />

verkeren. Siljee verdeelt de Hoogstraat in drie delen met ieder<br />

een eigen karakter. Hoogstraat-Zuid bij de Nieuwe Passage<br />

noemt hij een redelijk sterk winkelgebied. Hoogstraat-Noord,<br />

van de Monopole tot de Grote Markt, is de afgelopen jaren<br />

via de methode Werk aan de Winkel nieuw leven ingeblazen.<br />

De gemeente en de eigenaren van de panden hebben in<br />

goed overleg ongeveer zestig panden opgeknapt. De zwakke<br />

schakel is het stuk ertussen, Hoogstraat-Midden, dat Menno<br />

Siljee het 'schakelgebied' noemt. Hij denkt dat het alleen<br />

aantrekkelijk te maken is door zoveel mogelijk panden in<br />

één hand te nemen, die te restaureren, er een commerciële<br />

bestemming voor te zoeken en ze vervolgens weer op de<br />

markt te brengen. Alle panden die daarvoor nodig zijn heeft de<br />

gemeente inmiddels gekocht. Voor restauratie en beheer is de<br />

Stichting Restauratie Hoogstraat <strong>Schiedam</strong> (SHRS) opgericht,<br />

waaraan de panden worden overgedragen. Na de restauratie<br />

zoekt de SHRS naar bestemmingen die, alweer, voor alles<br />

rendabel zijn, en naar 'marktpartijen' die dat willen doen.<br />

Die bestemming hoeft niet cultureel te zijn. Menno Siljee<br />

gelooft dat in de hele Hoogstraat het wonen boven de winkels<br />

teruggebracht moet worden. Vroeger woonden winkeliers<br />

boven hun winkel. Toen dat veranderde, onder meer omdat<br />

veel winkels eigendom van ketens werden, zijn de opgangen<br />

musis 6


ij de winkels getrokken en kwamen de bovenhuizen leeg<br />

te staan. Wonen boven de winkels voorkomt verpaupering.<br />

Voor Menno Siljee is het plan van aanpak voor de binnenstad<br />

duidelijk. Alles op zijn beurt. Dat betekent eerst restaureren en<br />

intussen naar goede én rendabele bestemmingen zoeken. Als<br />

dat gelukt is weer afstoten wat afgestoten kan worden. Er zijn<br />

25 winkelpanden opgeknapt, er zijn er nu 25 onder handen en<br />

er volgen nog eens 25 in de komende twee jaar.<br />

De wethouder is niet van de politieke soort die tevreden<br />

achterover leunt en met welgevallen naar zijn eigen prestaties<br />

kijkt, maar hij vertelt er wel bevlogen over. Sinds ongeveer<br />

2000 is de gemeente – met horten en stoten - actiever met<br />

de zorg voor monumenten. Dat is het gevolg van veranderde<br />

inzichten, zoals de mogelijkheden van de markt en de rol van<br />

het particulier initiatief. Omstreeks 2005 was de binnenstad<br />

zo verzwakt dat de politiek het belang van monumenten voor<br />

de economische kracht en ontwikkeling van die binnenstad<br />

ging zien, en een grotere neiging kreeg particuliere initiatieven<br />

te steunen. Binnen de stadsregio heeft <strong>Schiedam</strong> een mooie<br />

monumentale binnenstad. Hier is een grotere waardering<br />

voor het verleden ontstaan dan er lang was. Menno Siljee<br />

ziet daarvan de grote culturele én de economische kansen.<br />

Hij vindt dat ieder monumentaal pand kritische aandacht<br />

verdient, en dat het verleden niet meer respectloos kan<br />

worden weggepoetst, al was het maar omdat het ook<br />

economisch belangrijk is voor het heden. Hij garandeert niet<br />

dat er nooit meer een pand gesloopt wordt, maar wel dat de<br />

lokale overheid met een andere en zorgvuldiger blik naar het<br />

bouwkundig erfgoed zal kijken. In de volgende ronde komt<br />

de wederopbouwarchitectuur aan de beurt. Daarbij ligt de<br />

nadruk op het havengebied en Nieuwland. Inmiddels hebben<br />

het Delftse onderzoek- en architectenbureau Hebly Teunissen<br />

en de in Kethel wonende architect Rikkert Wijk een uitgebreid<br />

rapport en een stedenbouwkundige en architectonische<br />

waardering opgesteld. Hebly Teunissen besteedt aandacht<br />

aan de stedenbouwkundige aspecten en Rikkert Wijk heeft<br />

gekeken naar de wederopbouwarchitectuur op gebouwniveau.<br />

Hun gedetailleerde rapportages zullen uitgangspunten zijn<br />

voor het te ontwikkelen stedenbouwkundige beleid. Zo hoopt<br />

de wethouder te voorkomen dat de onherstelbare fouten uit<br />

het verleden opnieuw gemaakt worden. Tegen die achtergrond<br />

is het dan tenminste verontrustend om op de website van<br />

de gemeente te lezen dat het college van burgemeester en<br />

7 musis<br />

vm. Christelijke Lagere technische school, Nieuwe damlaan.<br />

Beto<strong>nr</strong>eliëfs van teus van den Berg.<br />

wethouders een sloopvergunning heeft aangevraagd voor<br />

het schoolgebouw Nieuwe Damlaan 762. Dit letterlijke<br />

schoolvoorbeeld van Nieuwlandse wederopbouwarchitectuur<br />

is in 1959 als Christelijke Lagere Technische School gebouwd<br />

naar een ontwerp van de Rotterdamse architecten Swanevelt<br />

en Goslinga die in 1964 ook de – gereformeerde - Groene<br />

Tuinkerk in Pendrecht hebben ontworpen. Het heeft aan<br />

de muur een betonnen reliëfkunstwerk van de eveneens<br />

Rotterdamse kunstenaar Teunis Klaas (Teus) van den Berg,<br />

dat hout- en metaalbewerking symboliseert. Deze school<br />

is het resultaat van het toen vooruitstrevende denken over<br />

scholenbouw, waarvan veel voorbeelden inmiddels zijn<br />

afgebroken. Het zou jammer zijn als zo'n getuige van de<br />

naoorlogse opvattingen over het bouwen van lichte en naar<br />

buiten gerichte scholen zou moeten verdwijnen…<br />

Bij ons kunt u terecht voor persoonlijke en professionele rechtsbijstand<br />

op het gebied van onder meer:<br />

echtscheiding / scheidingsmediation / personen- en familierecht / sociale<br />

zekerheid / arbeidsrecht / immigratierecht / letselschade.<br />

Wij hebben jarenlange ervaring op bovenstaande terreinen.<br />

Bij ons komt u terecht op een klein kantoor waardoor er veel ruimte is<br />

voor persoonlijke betrokkenheid.<br />

Als u een zaak bij ons in behandeling heeft gegeven, vinden wij het van<br />

groot belang om met u samen te werken en in nauw overleg met u te<br />

beslissen welke stappen genomen moeten worden.<br />

Wij behandelen zaken zowel op basis van een betaalbaar uurtarief als<br />

op basis van door de overheid gefinancierde rechtshulp.<br />

Oranjestraat 2, Postbus 448, 3100 AK <strong>Schiedam</strong> - tel. 010 473 89 88 - fax 010 473 32 32 - www.habetsenvanleeuwen.nl


Restauratie Havenkerk<br />

begint bescheiden<br />

tekst: Peter de Lange<br />

foto's: Jan van der Ploeg<br />

Hij is terug in de Havenkerk, Ubbo Hylkema, en net als in 2008 ontvouwt hij er zijn plannen.<br />

Even enthousiast als toen. Maar het klinkt deze keer allemaal veel bescheidener. Geen schetsen<br />

van een viersterrenhotel in de parochiekamer naast de kerk en in de voormalige pastorie aan<br />

de Hoogstraat erachter. Geen schilderingen van een luxueus restaurant in de kerk zelf, waar<br />

de gasten omringd door katholieke kunststukken van topkwaliteit genieten van een exquise<br />

maaltijd. Ook geen woord over een congrescentrum in de Monopole, de voormalige bioscoop<br />

op de hoek, die tegelijk met de kerk een opzienbarende wederopstanding zou gaan doormaken.<br />

musis 8


Bij de vorige presentatie lag er naar Hylkema's zeggen 8 mil-<br />

joen euro op tafel om de comeback van het waardevolle<br />

religieuze monument uit de negentiende eeuw van te<br />

bekostigen. Voor zulke toch niet misselijke bedragen draaide<br />

in die periode niemand zijn hand om - totdat drie dagen<br />

na de presentatie van het restauratieplan de beurs instortte<br />

en de grootste financiële crisis sinds zestig jaar uitbrak. De<br />

aannemer die het wonder aan de Lange Haven zou voltrekken<br />

ging failliet en Hylkema zag zijn droom in rook opgaan.<br />

Nu is hij terug. Met een beurs met krap twee miljoen euro.<br />

Precies genoeg om de buitenkant van de kerk mee aan te<br />

pakken en het verpauperende gebouw in zodanige staat te<br />

brengen, dat het aantrekkelijk wordt voor investeerders. Een<br />

bestemming? Die is er nog niet.<br />

Het nieuwe restauratieplan werd wereldkundig gemaakt op<br />

een door de omstandigheden afgedwongen tijdstip. Het rijk<br />

had een subsidie van een miljoen euro toegezegd, maar de<br />

houdbaarheidsdatum daarvan verstreek op 1 januari. Op het<br />

nippertje, eind december, wist de Stichting tot Restauratie en<br />

Instandhouding van de kerk aan de Lange Haven het gebouw<br />

voor 850.000 euro te verwerven van de Johan Maasbach<br />

Wereldzending, die er wegens de hoge onderhoudskosten al<br />

langer vanaf wilde. Dankzij financiële bijdragen van het Fonds<br />

<strong>Schiedam</strong> Vlaardingen (1,5 miljoen) en de gemeente <strong>Schiedam</strong><br />

(250.000 euro) kwam er vervolgens een kleine twee miljoen<br />

euro beschikbaar voor de restauratie.<br />

Dat is ruim voldoende om het buitenwerk te herstellen,<br />

verzekeren Hylkema en projectleider Vera van der Vlerk.<br />

Absolute prioriteit krijgt het dak. Dit houten tongewelf<br />

"waarin wel twee Noorse wouden zijn verwerkt" verkeert<br />

in deplorabele staat; het wordt opgevreten door de boktor.<br />

Hetzelfde geldt voor de houten toren. "Die is sowieso weg,"<br />

verklaarde Hylkema reeds in 2008. Hij maakte zich toen ook<br />

al grote zorgen om het fronton. "Dat ziet er nog aardig uit,<br />

maar het is pulp." Deze beeldbepalende elementen zullen in<br />

hun geheel worden vervangen. Als rijksmonument moet de<br />

kerk zijn oorspronkelijke aanzien behouden.<br />

Er is de gemeente <strong>Schiedam</strong> veel gelegen aan het behoud van<br />

de kerk. Alle moeite om verpauperde panden op de Hoogstraat<br />

op te knappen – waar wethouder Menno Siljee veel geld en<br />

energie in steekt, in de hoop het leven terug te brengen in<br />

de leeggelopen winkelstraat - is vergeefs als de kerk aan<br />

zijn lot wordt overgelaten en nog verder in verval raakt. De<br />

kerk vervult een sleutelrol in het herstel van de <strong>Schiedam</strong>se<br />

binnenstad.<br />

9 musis<br />

interieur havenkerk. de beelden, decoraties, het rijke altaar en de zwaar<br />

gebeeldhouwde preekstoel bepalen nog steeds het karakter.<br />

Absolute prioriteit krijgt het dak. Dit houten tongewelf "waarin wel<br />

twee Noorse wouden zijn verwerkt" verkeert in deplorabele staat;<br />

het wordt opgevreten door de boktor. Hetzelfde geldt voor de houten<br />

toren. "Die is sowieso weg," verklaarde Hylkema reeds in 2008. Hij<br />

maakte zich toen ook al grote zorgen om het fronton. "Dat ziet er nog<br />

aardig uit, maar het is pulp." Deze beeldbepalende elementen zullen<br />

in hun geheel worden vervangen. Als rijksmonument moet de kerk<br />

zijn oorspronkelijke aanzien behouden.


<strong>Schiedam</strong><br />

Lange Haven 54-56<br />

Tel. 010-4732751<br />

Rotterdam-Centrum<br />

Delftsevaart 26<br />

Tel. 010-2132993<br />

Rotterdam-H'berg<br />

Bergse Dorpsstraat 25<br />

Tel. 010-2180067<br />

www.debontekoe.nl<br />

musis 10


Hylkema's doel is vooral een uniek monument van de<br />

ondergang redden. Hij beschouwt de Havenkerk als een<br />

topstuk van religieuze bouwkunst uit het eerste kwart van de<br />

negentiende eeuw. De katholieken, die na de Tachtigjarige<br />

Oorlog gedurende honderdzestig jaar geen enkele kerk<br />

meer hadden mogen bouwen, staken zodra dit verbod was<br />

opgeheven door koning Lodewijk Napoleon al hun energie in<br />

het oprichten van indrukwekkende godshuizen. De – inmiddels<br />

gesloopte – Willibrorduskerk in Den Haag was de eerste kerk<br />

waarmee zij hun comeback in Holland vierden, de kerk aan de<br />

Lange Haven in <strong>Schiedam</strong> de tweede.<br />

In tegenstelling tot het imposante uiterlijk, kenmerkte het<br />

interieur van het door de Haagse architect Adrianus Tollus<br />

ontworpen gebouw zich aanvankelijk door eenvoud en<br />

soberheid. "In essentie was het een heel rationeel gebouw.<br />

Maar naarmate de tijd vorderde, werden er steeds meer<br />

barokke elementen aan toegevoegd," vertelt Hylkema. De<br />

simpele vensters van transparant glas werden vervangen door<br />

gebrandschilderde ramen, het altaar werd gedecoreerd met<br />

schilderijen van de beroemde Antwerpse kunstenaar Antoon<br />

van Ysendyck en voor het leveren van de heiligenbeelden<br />

werd de vermaarde kunstenaar Frans Stracké ingehuurd. Al<br />

deze aankopen werden gefinancierd door de familie Nolet en<br />

andere vermogende katholieke jenevergeslachten.<br />

Het rijke roomse leven dat hier pronkzuchtig werd uitgestald<br />

en beleefd, duurde krap honderdvijftig jaar. De ontkerkelijking<br />

die in de jaren zestig van de vorige eeuw op grote schaal<br />

toesloeg, beroofde de katholieken in <strong>Schiedam</strong> van veel van<br />

hun invloed. Na de sloop van de majestueuze Frankelandkerk<br />

aan de Nieuwe Haven leek ook de doodsklok te luiden voor<br />

de kerk aan de Lange Haven. De laatste mis in het gebouw<br />

van de Johannes de Doperparochie werd in 1967 opgedragen.<br />

De aankoop door evangelist Maasbach redde het gebouw op<br />

miraculeuze wijze van de ondergang.<br />

Bij de verkoop bedongen de katholieken dat het rijke interieur<br />

in stand zou worden gelaten. Dat is de reden dat de kerk<br />

ondanks dat hij ruim een kwart eeuw in gebruik is geweest<br />

bij een andersgezinde gemeente, zijn katholieke karakter<br />

volledig heeft weten te bewaren, met als enige ontsierende<br />

elementen een later gelegde vloer van smakeloze tegeltjes<br />

uit de bouwmarkt en lelijke cv-radiatoren die met grote<br />

onachtzaamheid precies onder de schilderijen zijn geplaatst.<br />

Het interieur heeft, net als de buitenkant, dringend een<br />

grondige opknapbeurt nodig. Maar voorlopig is er alleen geld<br />

om het orgel uit 1875 van P. Maarschalkerweerd en Zn. te<br />

restaureren. De stichting hoopt in latere instantie een financier<br />

te vinden om ook alle kunstwerken in hun oorspronkelijke<br />

staat terug te brengen, zegt Hylkema.<br />

Niet ondenkbaar is dat die financier een en dezelfde persoon<br />

zal blijken als de investeerder die de kerk een passende<br />

bestemming zal weten te geven. Onder de belangstellenden<br />

die tot nu toe van zich hebben laten horen, bevinden zich<br />

opnieuw hotelexploitanten, beweert Hylkema. "Die optie<br />

hangt nog steeds boven de markt. We staan in contact met<br />

verschillende serieuze kandidaten."<br />

Wethouder Menno Siljee waagt zich niet aan voorspellingen.<br />

"Er is één grote beperking: de kerk is ook van binnen een<br />

rijksmonument. Dat betekent dat ingrijpende veranderingen<br />

niet zijn toegestaan. Daarom zal het niet eenvoudig zijn een<br />

passende bestemming te vinden."<br />

11 musis<br />

Maarschalkerweerdorgel uit 1875<br />

Ubbo hylkema


Stepping stones<br />

aan de Hoogstraat<br />

Zowel Vlaardingen als <strong>Schiedam</strong> kampen<br />

met een Hoogstraat in verval. In <strong>Schiedam</strong><br />

probeert de Stichting Beschermd Stadsgezicht<br />

<strong>Schiedam</strong> (SBSS) het tij te keren.<br />

"Ons recept is enthousiasme gekoppeld<br />

aan vakmanschap." Een interview met twee<br />

initiatiefnemers over zes nieuwe 'stepping<br />

stones'.<br />

In de gemeente <strong>Schiedam</strong> zit men niet stil. Na de renovatie<br />

van het Stedelijk Museum, de voormalige bioscoop Monopole<br />

en de aankomende opknapbeurt van de Havenkerk, is er<br />

sinds enige tijd ook een initiatief van de Stichting Beschermd<br />

Stadsgezicht <strong>Schiedam</strong>: de renovatie van zes kenmerkende<br />

pandjes aan de Hoogstraat. Om dit project te realiseren is een<br />

aparte stichting met ambitieuze naam opgericht: Stichting<br />

Restauratie Hoogstraat <strong>Schiedam</strong> (SRHS). Bedoeling is om<br />

bovengenoemde panden, alle gelegen tussen het Stedelijk<br />

Museum en de Afrol, grondig te renoveren. Matthé Treijtel<br />

- in het dagelijks leven modern architect - en Engeline<br />

van Collenburg – planoloog met twintig jaar ervaring in de<br />

gemeentepolitiek - zijn bestuursleden van de nieuwe stichting.<br />

Samen met anderen steken ze hun vrije tijd en expertise in de<br />

Hoogstraat. Ik spreek ze in hun klassieke kantoortje naast de<br />

Oud-Katholieke parochie op de Dam.<br />

Amsterdams voorbeeld<br />

"Het gaat ons niet alleen om het behoud van monumenten;<br />

we willen de versleten plekken in de binnenstad aanpakken.<br />

Voor mijn part knappen we nieuwbouw op." Matthé Treijtel –<br />

keurig geklede heer, amicale uitstraling - klinkt strijdvaardig.<br />

"Kijk!" De secretaris van de SRHS wijst op een fotolijst aan<br />

de muur. We zien een prachtig gerestaureerd monument<br />

pronken aan de Lange Haven 95. "Dit was ooit het eerste<br />

project van Stichting Beschermd Stadsgezicht, in 1986. Het<br />

pand was volledig uitgebrand, maar met hulp van allerlei<br />

fondsen is het in ere hersteld. We volgden destijds het<br />

voorbeeld van de NV Stadsherstel in Amsterdam die met<br />

succes allerlei geldpotjes aanboorde voor het renoveren van<br />

waardevolle grachtenpanden. Sindsdien hebben we op allerlei<br />

plekken in <strong>Schiedam</strong> veel ervaring opgedaan." Engeline van<br />

Collenburg: "Bovendien hebben we de beschikking over<br />

veel expertise. In de stichting zitten een oud-aannemer, een<br />

projectontwikkelaar, juristen, een architect, een planoloog…<br />

allemaal professionele vrijwilligers."<br />

"Door de huidige verpauperde uitstraling besluit veel publiek om hier<br />

om te keren richting Koemarkt. <strong>Gemeente</strong> <strong>Schiedam</strong> gelooft echter in<br />

stepping stones. Bezoekers van de Hoogstraat wandelen volgens die visie<br />

van opgeknapt pandje naar opgeknapt pandje. Onze zes pandjes liggen<br />

precies strategisch. Ze vormen de cruciale verbinding met de rest van de<br />

Hoogstraat."<br />

musis 12


tekst: Robert van Herk<br />

foto's: Jan van der Ploeg<br />

Nieuwe stichting<br />

"Wij hebben nooit een pand opgeknapt zonder dat we zeker<br />

waren dat er belangstelling was van een exploitant of nieuwe<br />

bewoners", zegt Matthé: "Wat dat aangaat, is het project<br />

aan de Hoogstraat anders. We lopen nu meer op de zaken<br />

vooruit, vandaar ook dat we een aparte Stichting Restauratie<br />

Hoogstraat <strong>Schiedam</strong> hebben opgericht. Maar we hebben er<br />

natuurlijk wel heel veel vertrouwen in, anders zouden we er<br />

niet aan beginnen." Inderdaad, de SRHS laat niets aan het<br />

toeval over. De stichting heeft vooronderzoek gedaan en<br />

de hulp ingeroepen van iXin, een bedrijf met veel ervaring<br />

in het vinden van de juiste uitbaters voor karakteristieke<br />

locaties. "We zoeken naar ondernemers en bewoners die<br />

verder denken dan hun rolluik, naar mensen die kunnen<br />

zorgen voor de juiste uitstraling", zegt Matthé. Kennelijk<br />

hebben de geldschieters ook vertrouwen dat dit gaat lukken.<br />

Het Fonds <strong>Schiedam</strong> Vlaardingen trekt 10 miljoen euro uit<br />

voor de revitalisering van de binnensteden van <strong>Schiedam</strong>,<br />

Vlaardingen en Maassluis. Een voorschot van € 355.000<br />

maakt de voorbereiding van de restauratie mogelijk, daarna<br />

volgt nog een bedrag van dit fonds voor de uitvoering van<br />

de zes te renoveren pandjes aan de Hoogstraat. Daarnaast<br />

zijn allerlei andere fondsen aangeschreven en wordt een<br />

deel met commerciële leningen gefinancierd. "We hebben de<br />

financiering zo goed als rond", zegt Engeline: "Dit voorjaar<br />

hopen we te beginnen."<br />

engeline van Collenburg en Matthé treijtel<br />

13 musis<br />

hoogstraat-Midden, de voormalige panden van schrijver<br />

Keerpunt<br />

In potentie is het historische <strong>Schiedam</strong> interessant genoeg om<br />

1,5 miljoen bezoekers per jaar te trekken. Dat wil zeggen: als<br />

het winkelaanbod op orde is en de binnenstad er goed uitziet.<br />

Maar welk verschil kunnen zes opgeknapte pandjes uitmaken?<br />

En waarom is juist gekozen voor dit deel van de Hoogstraat?<br />

"Het gebied tussen het Stedelijk Museum en de Afrol is nu een<br />

soort keerpunt", legt Matthé uit: "Door de huidige verpauperde<br />

uitstraling besluit veel publiek om hier om te keren richting<br />

Koemarkt. <strong>Gemeente</strong> <strong>Schiedam</strong> gelooft echter in "Stepping<br />

stones". Bezoekers van de Hoogstraat wandelen volgens die<br />

visie van opgeknapt pandje naar opgeknapt pandje. Onze<br />

zes pandjes liggen precies strategisch. Ze vormen de cruciale<br />

verbinding met de rest van de Hoogstraat."<br />

De geselecteerde pandjes zijn dus niet uitgezocht op hun<br />

monumentale waarde. Het zijn bouwvallen waar marktpartijen<br />

geen brood meer in zien, maar natuurlijk zijn ze wel degelijk


Anneke Dunkhase,<br />

amazone<br />

Matras met<br />

perfect<br />

aansluitende<br />

elementen<br />

Swissfl ex en ik. Eén tijdens het slapen.<br />

NIEUW<br />

Een gezonde nachtrust door de synchroon-precisie tussen matras en lattenbodem. Het resultaat:<br />

• Perfecte aanpassing aan uw bewegingen tijdens de slaap.<br />

• In elke houding perfect in balans en een goede ondersteuning van top tot teen.<br />

• Anatomisch correct en tegelijk ontspannen, drukvrij liggen.<br />

Alleen Swissfl ex biedt deze unieke combinatie van matras en lattenbodem voor alle<br />

lichaamstypen aan, in een uitgebreid assortiment.<br />

Swissfl ex. Omdat een gezonde nachtrust het waard is.<br />

Synchroon-precisie = precieze samenwerking tussen matras en lattenbodem<br />

Paardrijden is mijn leven.<br />

Een gezonde nachtrust mijn stokpaardje.<br />

Hoogstraat 172-174 - 3111 HP <strong>Schiedam</strong> - Tel.: (010) 42 68 732<br />

www.bednodig.nl<br />

Orthopedische kussens thuis gratis testen.<br />

Parkeren: ABC Parkeergarage - Kreupelstraat. Gratis uitrijkaart.<br />

Hoogstraat 108-110, 3111 HL <strong>Schiedam</strong>, telefoon 010 - 426 75 12<br />

Bedrijfsabonnementen, rouwarrangementen, bruidsboeketten,<br />

exclusieve arrangementen<br />

Bezoek onze website: www.rosabloemen.nl<br />

ERKEND BLOEMSIERKUNSTENAAR<br />

Zelfregulerende<br />

lattenbodem<br />

Hoogstraat 172-174 - 3111 HP <strong>Schiedam</strong> - Tel.: (010) 4<br />

Hoogstraat 172-174 - 3111 HP <strong>Schiedam</strong> - Tel.: (010) 42 68 732<br />

www.bednodi<br />

www.bednodig.nl<br />

Orthopedische kussens thuis grat<br />

Orthopedische Parkeren: ABC kussens Parkeergarage thuis gratis - Kreupelstraat. testen. Gratis u<br />

Parkeren: ABC Parkeergarage - Kreupelstraat. Gratis uitrijkaart.<br />

musis 14


eeldbepalend. Matthé: "Klopt, maar er zit wel één gemeentelijk<br />

monument tussen, nummer 78. O ja, en nummer 94 heeft<br />

erg mooie Jugendstilplafonds. We hopen het op de gemeentelijke<br />

monumentenlijst te krijgen."<br />

Overtuigende film<br />

"Het gaat natuurlijk om veel meer dan die zes pandjes",<br />

zegt Matthé: "Het is een heel breed project. We kijken hoe<br />

de binnenstad functioneert, naar de koppelingen tussen<br />

de Hoogstraat en haar omgeving, het verbeteren van de<br />

Koemarkt. Onze zes pandjes passen bij de restauratie en<br />

hergebruik van het Museum, de Monopole en de Havenkerk.<br />

Samen met de gemeente en andere organisaties willen we<br />

de stad in een beter daglicht zetten, en niet alleen voor<br />

<strong>Schiedam</strong>mers, juist ook voor bezoekers van buiten de stad.<br />

In dat proces pakken we de zes pandjes er als het ware en<br />

passant bij."<br />

Natuurlijk alle lof voor deze idealistische aanpak, maar hoe<br />

heeft de SRHS de geldschieters over de streep getrokken? Het<br />

gaat immers al jaren slecht met de Hoogstraat. Wie durft hier<br />

nog risico's te nemen? "Communicatie is heel belangrijk", weet<br />

Engeline: "Daarom hebben we een film laten maken waarin<br />

je ziet hoe de vervallen pandjes opgeknapt kunnen worden.<br />

De film geeft een suggestie hoe de Hoogstraat er uit kan gaan<br />

zien." "Allemaal geleend hoor", bekent Matthé: "De pandjes<br />

bestaan al. Ze staan in Haarlem aan de Grote Houtstraat.<br />

We hebben de puien gefotografeerd en ingemonteerd. Heel<br />

overtuigend. Het is eigentijds virtueel samplewerk met een<br />

goed doel. Uiteindelijk komen er andere, maar kwalitatief<br />

soortgelijke ontwerpen." Het filmpje is te zien op de website<br />

van de SRHS (http://srhs-schiedam.nl/Home.aspx) en werkt<br />

inderdaad aanstekelijk.<br />

Wat Matthé en Engeline maar willen zeggen: over dit project<br />

is goed nagedacht. "Ons recept is enthousiasme gekoppeld<br />

hoogstraat-Midden, het eerste pand<br />

15 musis<br />

"Ons recept is enthousiasme<br />

gekoppeld aan vakmanschap.<br />

We hebben eerst naar de<br />

context gekeken, goed onder-<br />

zoek gedaan, daarna kwamen<br />

pas de potentiële panden."<br />

aan vakmanschap. We hebben eerst naar de context gekeken,<br />

goed onderzoek gedaan, daarna kwamen pas de potentiële<br />

panden." Waar beiden op hopen is dat het project helpt de<br />

Hoogstraat uit de negatieve spiraal te halen, dat het de revitalisering<br />

een zetje kan geven. "We knappen de pandjes op,<br />

houden ze zelf in bezit en zoeken er de juiste gebruikers bij",<br />

zegt Engeline. "Ja, en mochten we er ooit winst mee maken,<br />

dan steken we dat weer in de Hoogstraat", vult Matthé aan.<br />

<strong>Schiedam</strong>s recept voor Vlaardingen<br />

In de jeneverstad wordt nu dus mede dankzij de SRHS hard<br />

gewerkt aan zes stepping stones. Zou het recept van de SRHS<br />

en de gemeente <strong>Schiedam</strong> ook voor de Vlaardingse Hoog-<br />

straat werken? "Misschien wel", antwoordt Matthé aarzelend:<br />

"Beide steden hebben dezelfde doelstelling. De gemeente<br />

Vlaardingen is naar onze aanpak komen kijken, en inmiddels<br />

is een soortgelijke stichting opgericht, maar een exacte kopie<br />

van onze aanpak zal het wel niet worden. Wij gaan voor<br />

versterking van de winkelfunctie in ons deel van de Hoogstraat,<br />

misschien dat Vlaardingen met zijn grote winkelaanbod juist<br />

moet kiezen voor deels meer woonfunctie." De tijd zal het leren.


Werk aan de winkel<br />

John van Doorn is een man van de praktijk. En <strong>Schiedam</strong>mer in hart en nieren. En is dus trots<br />

op het gegeven dat hij als eigenaar van tal van panden aan de Hoogstraat, in staat is om een<br />

substantiële bijdrage te leveren aan het grootste revitaliserings- en restauratieproject dat ooit in<br />

<strong>Schiedam</strong> is ondernomen. Het thema 'Werk aan de winkel' vat hij letterlijk op. Met als gevolg dat<br />

zijn vastgoedmaatschappij Van Doorn & Salari - naast de gemeente - de actiefste partij is in het<br />

restaureren en heri<strong>nr</strong>ichten van winkels aan de Hoogstraat en elders in de binnenstad.<br />

Zijn filosofie is simpel. 'Het grote geld valt met winkels niet<br />

te verdienen', zegt hij. 'Maar wil je een gezond rendement<br />

halen, dan zul je in grotere eenheden moeten denken. Dan<br />

heb je het niet over één pand, maar over een hele straat die de<br />

potentie heeft om opnieuw uit te groeien tot een winkelgebied<br />

van betekenis. Daarvoor is nodig dat de sociale cohesie wordt<br />

versterkt. Dat betekent dat niet alleen etalages moeten worden<br />

gemaakt, maar dat het wonen boven winkels aandacht krijgt.<br />

Dit maakt dat het gebied ook buiten de winkeltijden z'n<br />

levendigheid behoudt. Dat de binnenstad veiliger wordt en<br />

dat de horeca ook van binnenuit een stimulans krijgt.<br />

Het wonen boven winkels maakt het voor jonge ondernemers<br />

ook aantrekkelijk om zich in de binnenstad te vestigen. Het<br />

is op de Hoogstraat fout gegaan doordat de eigenaren van<br />

panden zelf geen winkeliers waren en al helemaal geen<br />

bewoners van hun o<strong>nr</strong>oerend goed. Gedacht werd op een<br />

gemakkelijke manier een hoog rendement te halen. Met als<br />

gevolg dat de winkelstand werd uitgedund. Het kost nogal wat<br />

om die vaak torenhoge lasten voor winkelhuur en energie uit<br />

hoogstraat bij Jeneverie 't spul<br />

je wekelijkse omzet te halen. Met als gevolg dat de één na<br />

de ander het loodje legde, de Hoogstraat verpauperde en de<br />

plannen om jonge ambitieuze ondernemers aan te trekken op<br />

niets uitliepen'<br />

Doe er je voordeel mee<br />

Aandacht trok de restauratie van de winkelpui van Avere,<br />

een pas geopende damesmodezaak. Bij het slopen van de<br />

bestaande pui, kwamen de resten van een hoge, driekantige<br />

etalage in het zicht. Bovendien kwamen twee portiekwanden<br />

tevoorschijn met tegelwerk uit het begin van de twintigste<br />

eeuw. John van Doorn: 'We zijn met die resten naar een<br />

timmerbedrijf gestapt met de vraag om die etalage voor<br />

ons te reconstrueren. Ook aan de hand van foto's uit die<br />

tijd. Tevens hebben we het tegelwerk aangepakt. Met als<br />

gevolg dat het straatbeeld op die plaats weer helemaal in z'n<br />

oorspronkelijke vorm is teruggebracht. Overigens denk ik<br />

dat de herontwikkeling van de Hoogstraat zich in twee fasen<br />

moet voltrekken. Allereerst dienen we ervoor te zorgen dat<br />

musis 16


het straatbeeld opnieuw aantrekkelijk wordt. Dat geldt voor<br />

de gevels, maar ook voor de reclame en het straatonderhoud.<br />

Willen we dat de Hoogstraat een succes wordt, dan zullen we<br />

ervoor moeten zorgen dat het echt een plaatje wordt. Dan<br />

trek je publiek, dan toon je <strong>Schiedam</strong> en de <strong>Schiedam</strong>mer<br />

respect, dat zich terugverdient in een veelvuldiger bezoek.<br />

We hebben de voorbeelden bij de hand. Kijk naar Delft, kijk<br />

naar Gouda, kijk hoe ze daar omgaan met het historische<br />

stadsbeeld en doe er je voordeel mee. Dat is ook de reden dat<br />

wij in al onze verbeterplannen uitgaan van het oorspronkelijke<br />

beeld. En als dat niet voorhanden is, van een gevelbeeld dat<br />

past bij het pand in kwestie. We werken voor wat de gevels en<br />

etalages betreft ook niet met standaardoplossingen. Voor elk<br />

pand afzonderlijk wordt een plan gemaakt. Soms heeft dit het<br />

karakter van een restauratie. In andere gevallen ontwerpen<br />

we voor de bestaande aluminium- of kunststofpui een nieuwe<br />

winkelpui, waarbij we uitsluitend natuurlijke materialen als<br />

hout en steen toepassen.Tegelijkertijd zorgen we ervoor dat<br />

de woning boven de winkel grondig wordt aangepakt. En<br />

daarbij beperken we ons niet tot cosmetiek. Elke woningen<br />

die we onderhanden nemen brengen we op het huidige<br />

voorzieningenniveau. Alleen op die manier heb je toekomstige<br />

gebruikers iets te bieden. Vervolgens richten we ons actief<br />

op het werven van ondernemers. We zoeken daarbij vooral<br />

starters. Jonge ondernemers die met idealisme aan de slag<br />

willen gaan. Natuurlijk lukt dit lang niet in alle gevallen en<br />

zeker niet tegelijk voor alle panden die we op de Hoogstraat<br />

en daaromheen in ontwikkeling hebben. Daarom helpen<br />

we de ontwikkeling een handje door voor de startersfase<br />

17 musis<br />

een huurprijs te bedingen, waarin ook de tegenvallers zijn<br />

verdisconteerd. Bij een startperiode van pakweg vijf jaar,<br />

wordt na het aflopen van die periode een nieuwe, meer<br />

marktconforme prijs gehanteerd. We mogen er dan van<br />

uitgaan dat de winkelier in kwestie inmiddels een vast publiek<br />

heeft aangesproken en dus een hogere huur kan betalen'.<br />

Ervaring in revitaliseren<br />

tekst: Hans van der Sloot<br />

foto's: Jan van der Ploeg<br />

De vraag bij dit alles is natuurlijk in hoeverre Van Doorn<br />

& Salari wil gaan in het accepteren van de risico's die aan<br />

deze marktbenadering vast kunnen zitten. John van Doorn:<br />

'Laten we voorop stellen, dat we niet afhankelijk zijn van<br />

onze <strong>Schiedam</strong>se portefeuille. Natuurlijk, ook bij ons moet<br />

de schoorsteen roken en het is absoluut niet zo dat we in<br />

<strong>Schiedam</strong> niet naar rendementen kijken. We zijn echter heel<br />

actief op het gebied van het zakelijk o<strong>nr</strong>oerend goed elders<br />

in het land en hebben ons daarnaast – en bijna exclusief voor<br />

<strong>Schiedam</strong> – toegelegd op de herontwikkeling van winkels. Dat<br />

doen we nergens anders en in elk geval nergens in die mate.<br />

Inmiddels hebben we ook wel enige ervaring in het<br />

revitaliseren van winkelpanden. Op het moment dat we<br />

ons oog lieten vallen op de huidige kantoorlocatie aan het<br />

Land van Belofte, kochten we ook het pand van het Groot<br />

<strong>Schiedam</strong>s Café aan de overzijde – de Lange Kerkstraat dus<br />

- met even later het winkelpand daarnaast. Hier zou horeca<br />

moeten komen, daar mochten we eventueel ons kantoor<br />

openen. We hebben de gemeente vervolgens geïnteresseerd<br />

voor een ruil, waarbij we ons naast de ABN Amrobank op<br />

het bordes van het Land van Belofte mochten vestigen, mits<br />

we een zaak van allure aan de overkant zouden vestigen.<br />

Foto: Cornelia Montfoort<br />

Revitalisering is een proces van lange adem dat zich alleen wel laat<br />

versnellen wanneer er eenmaal een kritische grens is overschreden.<br />

Maar tel je zegeningen en kijk dan vooral naar die plekken waar zich<br />

nieuwe ondernemers hebben gevestigd die smoel geven aan het geheel.


Het dode punt voorbij<br />

Pauline de mare is gemeentelijk projectleider van het goed lopende project 'Werk aan de Winkel'. Want<br />

inmiddels mag het 'Werk aan de Winkel' bogen op een veelheid uitgevoerde en geslaagde verbeterprojecten<br />

en minstens evenveel plannen die in vergevorderd stadium van voorbereiding zijn met daarachter nog een<br />

aantal waarbij het voorlopig nog even afwachten is.<br />

op tafel ligt een kaart waarop de panden zijn aangetekend die inmiddels een opknapbeurt hebben ondergaan,<br />

waarvoor plannen worden ontwikkeld en die als rijks- of gemeentelijk monument zijn gerestaureerd.<br />

Vanzelfsprekend nemen 'grote' jongens als het Stedelijk museum en de voormalige monopole een flink<br />

aandeel in de kaart voor hun rekening. Daartegenover staan de ultralelijke gevels van het voormalige<br />

'Schrijvers' tegenover het Stedelijk museum, de voormalige 'Schoene<strong>nr</strong>eus' v/h gebr. coster (Voor vader &<br />

zoon) en de nog niet zo oude maar levenloze gevelwand tegenover de ingang van de nieuwe Passage.<br />

Pauline de mare: ik had daar graag woningen gerealiseerd willen zien boven de winkels in dat pand.<br />

ontsluiting van die woningen zou mogelijk zijn via de Watersteeg en een een galerij tussen de graauwe<br />

Hengst en de winkels aan de Hoogstraat. alleen wil de eigenaar niet meewerken. Dat zal dus nog wel een<br />

tijdje een dode hoek blijven in een voor de rest aardig opgeknapte Hoogstraat.<br />

De Hoogstraat en directe omgeving zijn het gebied waar de projectgroep Werk aan de Winkel een actieve<br />

benadering volgt. Winkeliers en eigenaren worden deur voor deur aangeschreven. in deze aanpak biedt Werk<br />

aan de Winkel een bouwkundige opname van het pand en daarbij een globale berekening van de kosten die<br />

daarmee gemoeid zijn. Daarbij worden de verschillende subsidiemogelijkheden genoemd zoals subsidie voor<br />

een integrale aanpak van de voorgevel, vergoeding van architectenkosten, subsidie voor het terugplaatsen<br />

van originele gevelelementen, realiseren van woo<strong>nr</strong>uimte boven de winkel, de lifestylevergoeding,<br />

tegemoetkoming in de kosten van schilderen, reclame en zichtbaar houden van de etalage na sluitingstijd en<br />

het weghalen van bestaande luifels. Daarboven kan de eigenaar op basis van de bouwkundige opname ook<br />

een laagrentende lening tot een bedrag van maximaal<br />

32.000,- euro opnemen waarvoor de gemeente vijf<br />

procent korting op de geldende marktrente geeft tot<br />

een minimum van 1.5 procent rente.<br />

Het is duidelijk dat het project Werk aan de Winkel<br />

waarvan de eerste fase, de aanpak van Hoogstraat,<br />

Korte Hoogstraat en Korte Dam wordt afgerond het<br />

dode punt al ver voorbij is. Slechts met twee panden<br />

die opgeknapt hadden moeten worden, is niets<br />

gebeurd.<br />

Dit zijn het voormalige uitzendbureau Stipt aan de<br />

Hoogstraat 184-186 en het chinese restaurant aan<br />

de Korte Dam, die inmiddels schril afsteken tegen de<br />

andere panden op dit deel van de Hoogstraat. met<br />

de eigenaar van de voormalige shoarmazaak aan<br />

de Korte Dam 4 worden nog gesprekken gevoerd.<br />

Het grote geld valt met winkels<br />

niet te verdienen. Maar wil je een<br />

gezond rendement halen, dan zul<br />

je in grotere eenheden moeten<br />

denken. Dan heb je het niet over<br />

één pand, maar over een hele<br />

straat die de potentie heeft om<br />

opnieuw uit te groeien tot een<br />

winkelgebied van betekenis.<br />

Hoogstraat 180, Hof van Spaland 59, <strong>Schiedam</strong><br />

De Tuinen 20, Naaldwijk<br />

musis 18


Enfin…, het resultaat is bekend. Nadat we <strong>Schiedam</strong> met<br />

posters 'Beloofd is beloofd' leuk op het verkeerde been<br />

hadden gezet en een wat valse start met de eerste exploitant<br />

hebben we Grand café Beloofd zelf tot een begrip gemaakt.<br />

Wat mij betreft blijft het bij die ene maal dat we naast de<br />

verantwoordelijkheid voor de restauratie ook het risico van<br />

een horecaonderneming op onze schouders hebben genomen.<br />

We zullen ons verder beperken tot het realiseren van de<br />

winkel- en woonfaciliteiten. Plus dan de tegemoetkoming<br />

– waar nodig – aan jonge ondernemers die zich in de<br />

binnenstad willen vestigen. Het moet dan wel gaan om zaken<br />

van onderscheidend karakter'<br />

Niet binnen één, twee jaar<br />

John van Doorn: 'Voor <strong>Schiedam</strong> zie ik kansen genoeg.<br />

Je moet de heropleving alleen niet binnen één, twee jaar<br />

gerealiseerd willen zien. Het is een proces van lange adem<br />

dat zich alleen wel laat versnellen wanneer er eenmaal een<br />

19 musis<br />

kritische grens is overschreden. Maar tel je zegeningen en kijk<br />

dan vooral naar die plekken waar zich nieuwe ondernemers<br />

hebben gevestigd die smoel geven aan het geheel. De<br />

gemeente is daarvoor in onderhandeling met een twintigtal<br />

ondernemers die in het komend jaar hun zaak willen<br />

aanpakken. Wij hebben momenteel zo'n elf projecten onder<br />

handen en daar komen binnenkort een paar grote zaken bij<br />

zoals onder andere de Ooievaar plus het vroegere Hosman<br />

Frères met de belendende panden. Als de revitalisering hier<br />

zijn beslag krijgt met een nieuwe functie voor Hosman,<br />

horeca op de hoek daar tegenover en hopelijk een cultureelcommerciële<br />

bestemming voor de Korenbeurs, dan is er in de<br />

herontwikkeling van de binnenstad een stap van betekenis<br />

gezet. Maar wat boven alles staat op dit moment is het<br />

wegwerken van de sporen van verpaupering. Dan volgt – met<br />

de nodige moeite, dat wel – de herbestemming vanzelf. Ons<br />

lukt het althans om, waar het onze eigen investeringen betreft,<br />

nieuw leven in de brouwerij te krijgen'.<br />

Handling | Drukwerk | Mailing | Postbezorging | Houtindustrie<br />

Groen- en Milieuservices | Uitzendkrachten | Detachering | Enquêtes<br />

Bedrijfsinformatie | Arbeidsintegratie<br />

Tel. (010) 204 10 00


Smaken verschillen. Velen vinden het preekgestoelte in<br />

de Grote Kerk van Vlaardingen vanwege het uitbundige<br />

snijwerk wel mooi, maar of het in dit strakke calvinistische<br />

godshuis thuishoort? De neogotische preekstoel is<br />

afkomstig uit de Haagse Willemskerk en was daar volledig<br />

in zijn ambiance. Wegens afbraak van de kerk (1971)<br />

moest deze hier verdwijnen en in Vlaardingen had men<br />

behoefte aan een fraai 'nieuw' exemplaar. Waarom de<br />

keuze op deze preekstoel is gevallen, behoeft nog eens<br />

nader onderzoek. Echt nodig was het niet, want er was<br />

al een preekstoel. Zonder zware ingrepen had deze het<br />

makkelijk nog jaren volgehouden. Sterker nog, deze<br />

wat eenvoudiger maar kleinere preekstoel werd aan de<br />

Hervormde <strong>Gemeente</strong> in Winterswijk verkocht, waar deze<br />

nog steeds in gebruik is.<br />

De verkochte preekstoel was in 1865 door Arij Hoogendijk<br />

Jz., president-kerkvoogd, aan de Grote Kerk geschonken.<br />

Een grootschalige verbouwing van het kerkgebouw in<br />

dat jaar zorgde voor een totale heri<strong>nr</strong>ichting van de kerk<br />

en de oude preekstoel werd tezamen met de bestaande<br />

kerkbanken en ander meubilair verkocht. Voor het nieuwe<br />

exemplaar diende Cornelis Willem van Capellen twee<br />

ontwerpen in, waaruit het College van kerkvoogden<br />

er één koos. Enkele aanpassingen werden aan het<br />

ontwerp gepleegd, onder andere door het toevoegen van<br />

ornamenteel snijwerk. De kosten bedroegen ongeveer<br />

2.000 gulden, een bedrag waar je toentertijd ruimschoots<br />

een dak boven je hoofd kon verwerven.<br />

In tegenstelling tot Vlaardingen keek men in Winterswijk wel<br />

of de kansel in het interieur van de Jacobskerk paste. Het<br />

fraaie gotische gebouw dat in het midden van de 16 e eeuw zijn<br />

huidige uiterlijk kreeg, heeft een stemmig sobere i<strong>nr</strong>ichting,<br />

Museumvondsten<br />

tekst: Jeroen ter Brugge<br />

preekstoel van de grote Kerk<br />

© d. van der Walle-Krosenbrink, Winterswijk<br />

waarin de preekstoel goed past. Om deze nog beter te laten<br />

aansluiten bij zijn omgeving werden de gesneden ornamenten<br />

verwijderd en het hout blank geschuurd, zodat het beter zou<br />

passen bij de kerkbanken. Ook werd de voet onder de kuip<br />

verkleind en op een iets andere wijze vormgegeven. Hierdoor<br />

sloot de versierde trap niet meer aan en werd ook die door<br />

een nieuw exemplaar vervangen, eveneens ontdaan van<br />

enige opsmuk. Een groot deel van de ornamenten is bewaard<br />

gebleven. In een kast in de Jacobskerk worden deze tot op<br />

de dag van vandaag bewaard. Vergelijking met oude foto's<br />

van de preekstoel toen die nog in Vlaardingen stond, leert<br />

dat niet alle onderdelen behouden zijn. Het lijkt er op dat van<br />

alle verschijningsvormen van het siersnijwerk een voorbeeld<br />

bewaard is. De achtkantige preekstoel had van oorsprong<br />

panelen die in de hoeken repeterend waren ingevuld met tak-<br />

en bladvormige ranken en collages. Op het klankbord, de grote<br />

luifel die boven de preekstoel hangt, waren op alle kanten<br />

eveneens ornamenten geplaatst, waarbij die aan de voorzijde<br />

een opengeslagen boek (de bijbel) verbeeldde. Het snijwerk<br />

is uitgevoerd in een verschijningsvorm die kunsthistorici<br />

en antiekhandelaren de Willem III-stijl zouden noemen. In<br />

menig huiskamer kom je nog theekastjes, chiffonnières (hoge<br />

ladekasten) en kledingkasten tegen met hoekornamenten in<br />

dezelfde stijl. Het was een manier van ornamenteren die erg<br />

populair was ten tijde van de vervaardiging van de preekstoel<br />

en zoals de naam suggereert, stamt uit de tijd toen Koning<br />

Willem III de scepter zwaaide. De rijk versierde trap in dezelfde<br />

stijl is, voor zover bekend, niet bewaard gebleven. Die laat<br />

zich ook niet zo eenvoudig in een kast opbergen. Het is aan de<br />

kerkvoogden van de Winterswijkse Jacobskerk te danken dat<br />

de wel bewaarde ornamenten nog steeds aanleiding geven tot<br />

bespiegelingen over het Vlaardingse verleden.<br />

musis 20


21 musis<br />

Iedere <strong>Musis</strong> worden twee museale objecten uit niet-<strong>Schiedam</strong>se en niet-Vlaardingse collecties<br />

gepresenteerd, soms onbekende stukken, soms in de vergetelheid geraakte.<br />

Vermogende stedelingen zochten in de 17 e en 18 e eeuw<br />

hun rust buiten de stad. De zeer rijken waren in het bezit<br />

van een buitenplaats, zoals die langs de Vecht of achter de<br />

duinen, maar ook her en der op het platteland lagen. De<br />

categorie iets minder vermogenden bezat boerderijen waar<br />

deze naar behoefte in het voor- of zomerhuis verbleef. De<br />

stedelijke regenten die niet over een groot familiekapitaal<br />

beschikten, maar wel wat te besteden hadden, kochten net<br />

buiten de bebouwde kom een tuin met tuinhuis. Dergelijke<br />

buitens kregen een naam die vaak het verlangen naar<br />

het buitenleven en het achterlaten van de stadse<br />

verplichtingen uitdrukte. Eén van de grootste <strong>Schiedam</strong>se<br />

buitens past mooi in dat rijtje: Rustenburg aan de Lange<br />

Nieuwstraat. Een burg of burcht was de buitenplaats<br />

allerminst, maar deze in onze ogen wat protserig<br />

aandoende aanduiding was in de 18 e eeuw bepaald niet<br />

ongebruikelijk. Het drukte natuurlijk wel uit waarvoor het<br />

bedoeld was: een prestigieuze plaats waar de eigenaar tot<br />

rust kon komen.<br />

De buitenplaats Rustenburg werd rond 1735 gebouwd<br />

op een strook land die 'Het Nieuwwerk' werd genoemd.<br />

Oorspronkelijk deel uitmakend van de Westfrankelandsepolder<br />

ontstond dit gebied door de aanleg in 1613/1614<br />

van de Nieuwe Haven. Het lag tussen deze als economische<br />

impuls aangelegde haven en de Buitenhaven in. Het terrein<br />

werd herkaveld, met de verwachting dat hier kleinschalige<br />

bedrijvigheid en woningbouw zou gaan plaatsvinden. De<br />

bevolkingsgroei stagneerde echter en omdat zich hier ook<br />

nauwelijks industriële activiteit ontplooide, werd het een plek<br />

waar de rijkere <strong>Schiedam</strong>mer zich kon verpozen. Niet alleen<br />

door middel van een wandeling, maar ook door aankoop van<br />

een tuin, wat dan snel gevolgd werd door de bouw van een<br />

tuinhuis. Dergelijke tuinhuizen waren wel van een andere orde<br />

dan de houten Gammabouwsels die we tegenwoordig achter in<br />

de tuin hebben staan. Het waren elegante stenen gebouwtjes<br />

rustenburg<br />

van de toenmalige gemakken voorzien. Het Nieuwwerk kende<br />

één uitzondering op deze regel: de buitenplaats Rustenburg.<br />

Deze werd in opdracht van de Amsterdamse regent Nicolaas<br />

Elias (1690-1752) gebouwd en kon zich meten met de eerder<br />

vermelde buitenplaatsen langs de Vecht. In <strong>Schiedam</strong> kent<br />

Rustenburg haar gelijke slechts in Spieringshoek (zie <strong>Musis</strong><br />

maart 2010). Eerder stond op de ruim bemeten locatie het<br />

stedelijk kruithuis, dat voor die gelegenheid gesloopt is. In<br />

de verkoopakte van Rustenburg uit 1753 wordt het complex<br />

omschreven als 'buytenplaets genaempt Rustenburg',<br />

bestaande uit een groot en solide hoofdgebouw, met een<br />

(losstaande) koepel, een tuinmanshuis, koetshuis, stallen,<br />

tuin en plantage (moestuin en boomgaard). Naast Elias is<br />

Rustenburg in eigendom geweest van de geslachten Pielat/<br />

Pielat van Bulderen, Tromer en De Koning. In 1811 werd de<br />

buitenplaats, in deze economisch uiterst moeilijke periode<br />

zwaar verwaarloosd, voor de sloop verkocht. Cornelis<br />

Nieuwhof nam het terrein als tuinderij in gebruik. In verloop<br />

van tijd raakte het terrein weer herkaveld en verrezen aan de<br />

Lange Nieuwstraat gevels, passend bij de in 1767 aangelegde<br />

Plantage. Thans herinneren de straatnamen Rustenburg,<br />

Kruithuis en Nicolaas Eliashof aan de buitenplaats.<br />

Van der Feijst gebruikte de gewassen pentekening van<br />

onbekende hand uit circa 1740-1750 in 1975 al in zijn<br />

'Geschiedenis van <strong>Schiedam</strong>', maar deze is de moeite<br />

waard weer eens te tonen. De kunstenaar stond op de<br />

Lange Nieuwstraat en keek in westelijke richting. We zien<br />

het hoofdgebouw dat door grachten is omgeven en per<br />

brug bereikbaar is. Aan de straat bevindt zich vooraan de<br />

koepelkamer, met de karakteristieke kantige kopgevel en<br />

rechts van de i<strong>nr</strong>ijpoort vermoedelijk het koetshuis. Op de<br />

achtergrond staat de Zuidmolen die in 1717 als moutmolen<br />

was gebouwd. Als de kunstenaar in oostelijke richting had<br />

gekeken, dan was de houtzaagmolen (1723) 'Wijk den Toorn'<br />

te zien geweest.<br />

© amsterdam Museum, bruikleen Backer stichting


Requiem voor<br />

de witte sneeuwbes<br />

Nico de voogd<br />

De metamorfose van een<br />

verdronken stadspark<br />

"Het is momenteel wel ernstig, hoor! Er komen steeds<br />

minder mensen. Ik merk het aan de omzet, daar had ik<br />

niet op gerekend." Hans Lindhoudt, eigenaar van het<br />

pannenkoekenhuis in 't Hof maakt van zijn hart geen<br />

moordkuil. Zodra hij ons gezelschap ziet binnenkomen<br />

voor een warme kop koffie, klampt hij Nico de Voogd aan.<br />

Hij luistert welwillend toe. Nico is namens de gemeente<br />

Vlaardingen projectleider van de renovatie van 't Hof<br />

en Oranjepark. Samen met hem en Joop van Dorp van<br />

de Stichting Boombehoud Vlaardingen, heb ik net een<br />

Wie in dit natte grijze<br />

seizoen 't Hof in<br />

Vlaardingen bezoekt,<br />

wordt getrakteerd op<br />

een heus modderbad.<br />

Shovels van aannemer<br />

Blijdorp hebben vooral<br />

het noordelijke deel<br />

– het Oranjepark –<br />

drastisch onder handen<br />

genomen. Het mag<br />

duidelijk zijn, hier is<br />

sprake van 'werk in<br />

uitvoering'.<br />

Het monumentale<br />

stadspark van Vlaardingen<br />

was al jaren<br />

aan een opknapbeurt<br />

toe. Nu is het er eindelijk<br />

van gekomen.<br />

wandeling door het stadspark ondernomen, op dit moment<br />

een stoutmoedige onderneming waarbij kaplaarzen geen<br />

overbodige luxe zijn. "Sommige mensen weten nog van niks.",<br />

vervolgt de geplaagde restauranthouder: "Ik moet regelmatig<br />

de plannen verdedigen." Een typerende reactie. Hans Lindhoudt<br />

merkt de overlast van de opknapbeurt aan den lijve, maar<br />

toont toch begrip. Niet geheel verwonderlijk, want hij is<br />

bij de plannen betrokken en plukt straks de vruchten van<br />

het verbeterde Hof. Hans Lindhoudt is één van de zestien<br />

deelnemers aan het Parkpanel.<br />

musis 22


tekst: Robert van Herk<br />

foto's: Jan van der Ploeg<br />

Het park verdrinkt<br />

Een uurtje eerder had Nico de Voogd het Parkpanel al<br />

ter sprake gebracht; betrokkenheid van omwonenden en<br />

relevante organisaties als Stichting Boombehoud, Platform<br />

Buizengat, de Historische Vereniging en het Zomerterras, is<br />

bij de renovatie van het park immers van groot belang. Vanaf<br />

de eerste noodbrief van Stichting Boombehoud vier jaar<br />

geleden was duidelijk dat de tijd van pappen en nathouden<br />

voorbij was. 't Hof en Oranjepark waren beide toe aan een<br />

grondige opknapbeurt. "Het komt er eigenlijk op neer dat<br />

het park zonder ingrijpen zou verdrinken", legt Nico uit: "De<br />

ingeklonken veengrond en de matige afwatering zorgen<br />

ervoor dat de leeflaag waar de grote bomen in wortelen<br />

veel te nat is geworden. Op den duur legt zo iedere boom<br />

het loodje." Daarbij komt dat het park in de loop der jaren is<br />

verrommeld: er was achterstallig onderhoud, paden werden<br />

steeds modderiger, het succes van het populaire Zomerterras<br />

bleek telkens een aanslag op de grasmat van de festivalweide,<br />

en het park was dichtgegroeid met laagwaardig groen als<br />

sneeuwbes en saaie heesters. Dat laatste zorgde weer voor<br />

een ideaal biotoop voor hangjongeren. Kortom, problemen te<br />

over. "Al die problemen wilden we in een keer aanpakken",<br />

zegt Nico. Uiteindelijk heeft landschapsarchitect Michael van<br />

Gessel, ondermeer bekend van de geslaagde renovatie van<br />

Park Valkenberg in Breda, in samenspraak met de gemeente<br />

en het Parkpanel, een ingrijpend renovatieplan ontworpen.<br />

Volgens dit plan zal vooral het Oranjepark uit de jaren 1930<br />

een metamorfose ondergaan. Het negentiende- en deels zelfs<br />

zeventiende-eeuwse Hof wordt echter in oude luister hersteld.<br />

Veel meer water<br />

Wie een blik werpt op het ontwerpplan ziet meteen dat in<br />

het noordelijk deel van het stadspark veel meer ruimte komt<br />

voor waterpartijen. De singels worden onderling met elkaar<br />

verbonden waardoor er als het ware twee grote eilanden<br />

ontstaan die worden verbonden met sierlijke, door Van Gessel<br />

ontworpen, bruggen. Ook het padenplan wordt totaal anders.<br />

De harde T-kruisingen verdwijnen, daarvoor in de plaats<br />

komen lange luie lussen die hier en daar samenvloeien.<br />

De nieuwe asfaltpaden worden ook breder, zo'n drie meter.<br />

Mooi natuurlijk, maar al dat water gaat ook ten koste<br />

van bomen. Dat moet Joop van Dorp, deelnemer van het<br />

Parkpanel namens Stichting Boombehoud, toch tegen de<br />

borst stuiten. "Tja, zo'n ontwerpproces is een kwestie van<br />

23 musis<br />

het park verdrinkt<br />

het hof in aanleg<br />

geven en nemen", verklaart Joop: "Soms ging het plan ons<br />

ook te ver, maar de architect en Nico stonden open voor<br />

discussie. Uiteindelijk hebben we zo toch nog 45 bomen van<br />

de 403 bomen die op de kaplijst stonden, kunnen redden."<br />

Bovendien ging de gemeente niet over een nacht ijs. Alle<br />

1400 bomen in het park zijn onderzocht op gezondheid en<br />

gecategoriseerd. De kwaliteit van de bomen bepaalde mede<br />

het ontwerp van Michael van Gessel. Dat is goed te zien als<br />

we vanaf de Hogelaan het Oranjepark in wandelen. Het, nu<br />

nog halfverharde, pad langs de nieuw gegraven waterpartij<br />

loopt prachtig tussen een aantal monumentale kastanjes en<br />

scheefstaande platanen door. Het zijn bomen die voorheen<br />

nauwelijks opvielen, maar nu echt de show stelen.<br />

Wie een blik werpt op het ontwerpplan ziet meteen dat in het<br />

noordelijk deel van het stadspark veel meer ruimte komt voor<br />

waterpartijen. De singels worden onderling met elkaar verbonden<br />

waardoor er als het ware twee grote eilanden ontstaan die worden<br />

verbonden met sierlijke, door Van Gessel ontworpen, bruggen. Ook<br />

het padenplan wordt totaal anders. De harde T-kruisingen verdwijnen,<br />

daarvoor in de plaats komen lange luie lussen die hier en daar samen-<br />

vloeien. De nieuwe asfaltpaden worden ook breder, zo'n drie meter.


Strijd tegen de sneeuwbes<br />

Wat erg opvalt is de kaalslag bij de onderbeplantingen. Al het<br />

"oninteressante" gemeentegroen is gerooid; de sneeuwbes is<br />

de oorlog verklaard. Je kijkt nu met gemak vanaf de Hogelaan<br />

naar de Westlandseweg. Is dat niet zonde? "Nee hoor, dat<br />

hebben we heel bewust gedaan. De nieuwe plantvakken zijn<br />

heel strategisch over het park verspreid. Er is meer over-zicht<br />

en de randen van het park zijn ook opener. Je ervaart nu een<br />

mooi groot park. Voorheen keken passanten en omwonenden<br />

tegen een dichte groene muur, nu nodigt het park uit tot een<br />

bezoek", zegt Nico. Toevallig lopen we Frank Tomei tegen<br />

het lijf. Hij laat net zijn hond uit en ongevraagd bevestigt<br />

hij de visie van Nico: "Vroeger liet ik mijn kinderen nooit<br />

alleen in het Hof spelen. Het is nu veiliger." Frank zit echter<br />

het hof in aanleg, plannen, projecten en gegeven situaties<br />

als organisator van het Zomerterras ook in het Parkpanel,<br />

dus het is de vraag of zijn oordeel wel zo objectief is. "Dat<br />

denk ik wel", verklaart Frank desgewenst: "Ik hoor het ook<br />

van omwonenden. De mensen zijn goed geïnformeerd. Al<br />

die gekapte bomen doen wel pijn, maar ze zien dat het beter<br />

wordt."<br />

Oerdegelijke grasmat<br />

Dat vooral het Oranjepark drastisch veranderd wordt, blijkt<br />

als we even later Franks festivalterrein naderen. Dat is nu<br />

een stuk groter geworden en ligt meer naar het noorden. Het<br />

is geheel omsloten door water en is daardoor een stuk beter<br />

te beveiligen. "De grasmat wordt een Van Kessel constructie<br />

– net als op het intensief gebruikte Wester Gasterrein in<br />

Amsterdam – dat betekent enorm veel drainage, aarde met<br />

wapeningsnetjes en speciaal graszaad", verklaart Nico: "Als<br />

je het dan toch aanpakt, kun je het beter meteen goed doen."<br />

De kwaliteit van de bomen bepaalde mede het ontwerp van<br />

Michael van Gessel. Dat is goed te zien als we vanaf de Hogelaan<br />

het Oranjepark in wandelen. Het, nu nog halfverharde, pad langs de<br />

nieuw gegraven waterpartij loopt prachtig tussen een aantal monumentale<br />

kastanjes en scheefstaande platanen door. Het zijn bomen<br />

die voorheen nauwelijks opvielen, maar nu echt de show stelen.<br />

musis 24


Hij wijst naar de noordwestelijke punt van het festivaleiland.<br />

"Daar komt de nieuwe skatebaan. Echt een heel vernieuwend<br />

ontwerp. Het wordt een mooie verdiepte betonnen constructie."<br />

Klinkt goed, maar dat eindplaatje is nu nog moeilijk voor te<br />

stellen. Juist in dit deel van het Oranjepark moet de argeloze<br />

bezoeker een groot beroep doen op zijn fantasie. Het modderige<br />

terrein is bezaaid met "zinkers" - gasleidingen die straks<br />

onder de waterpartijen door lopen - en stukken drainagepijp.<br />

Aan Nico's enthousiasme zal het echter niet liggen.<br />

Liefdesverklaring in schors<br />

Joop van Dorp leeft pas echt op als we weer richting Hogelaan<br />

struinen. Twee nijlganzen landen met veel misbaar naast een<br />

waterpartij. De aanwezige eenden kiezen mokkend een veilig<br />

heenkomen. "Zie je die oever daar?", vraagt Nico. We kijken<br />

naar de overkant. De oever is hier hoger opgeworpen en er<br />

zitten kleine gaten in. "Voor de ijsvogels", weet Joop, "Die heb<br />

ik hier regelmatig gezien. Zo'n park is natuurlijk ook prachtige<br />

natuur!" We wandelen het nieuwe pad uit. Sierlijk schampt het<br />

de Hogelaan, waar de laatste oude beuken uit de negentiende<br />

eeuw ooggetuigen zijn van dit nieuwe hoofdstuk in de lange<br />

geschiedenis van het park. De naam 'Yusuf' is ingekerfd<br />

in de bast van één van de beuken. Tijden veranderen. Ook<br />

nieuwe Nederlanders zetten kennelijk de lange traditie van<br />

liefdesverklaringen in schors voort. "De heesters langs de<br />

Hogelaan zijn ook allemaal verwijderd", zegt Nico: "Zo komt<br />

de oude dijk veel beter tot zijn recht. Bovendien loopt de<br />

Hogelaan straks weer door tot aan de Hoflaan."<br />

Ouderwets beheer<br />

Uiteindelijk belanden we dus in de Pannenkoekenboerderij.<br />

Het is elf uur 's ochtends. We zijn de eerste gasten. Nadat<br />

eigenaar Hans zijn zorgen heeft geuit, serveert hij drie<br />

heerlijke bakken koffie. Veelbelovend natuurlijk alle veranderingen,<br />

maar loopt de renovatie een beetje op schema? "In<br />

principe moet het komende Zomerterras op het vernieuwde<br />

terrein plaatsvinden. Zomer <strong>2011</strong> is de deadline", zegt Nico.<br />

Joop plaagt: "Maar helemaal af zal het toch zeker niet zijn?"<br />

25 musis<br />

Dat moet Nico beamen. Op dit moment is de bodem door het<br />

grondwerk en de weersomstandigheden nog een "vlaflip".<br />

Daar kun je nog niet goed in planten. "Na de grond- en<br />

drainagewerkzaamheden laten we de groenvakken rusten en<br />

dan kunnen we in najaar <strong>2011</strong> planten."<br />

Recent is bovendien een fikse tegenvaller in de noordwest-<br />

hoek van het Oranjepark geconstateerd. Bij graafwerkzaamheden<br />

bleek de dieper gelegen bodem meer verontreinigd<br />

dan uit voorgaand onderzoek gebleken was. Het gaat niet om<br />

verontreiniging die kwaad kan voor de bezoeker van het park,<br />

maar een watergang op deze plek – zoals in het ontwerp staat<br />

aangegeven – is hierdoor niet haalbaar. Het idee is nu om het<br />

skatebaan in het oranjepark<br />

water te laten eindigen in een dichte groenstrook. De beoogde<br />

waterval in de noordwesthoek wordt daarmee ook verschoven<br />

en aangepast.<br />

"En als het park straks opgeleverd is? Hoe blijft het dan in<br />

goede staat? "Voor het park maken we een beheerplan. Twee<br />

medewerkers van het Wijkbeheer zorgen voor de uitvoering.<br />

Nu is het park onderdeel van het groenbeheer in de gehele<br />

wijk, maar het is natuurlijk veel beter als er vaste mensen<br />

verantwoordelijk worden." Daarmee krijgen 't Hof en het<br />

Oranjepark dus weer echte 'tuinmannen', net als vroeger.<br />

Een ouderwets degelijke aanpak voor een modern stadspark.


Van Vlaardingse<br />

tuinen en sloppen<br />

Termen als 'sloppenwijk' of 'krotwoning' associëren we tegenwoordig vooral met derdewereldlanden.<br />

Haveloze mensen die onder erbarmelijke toestanden een schamel dak boven hun hoofd<br />

proberen te houden. Actueel ook wanneer er ergens op de wereld weer eens een aardbeving heeft<br />

plaatsgevonden of een orkaan is langsgeraasd: de sloppen leveren dan de meest schrijnende<br />

beelden op en niet ten o<strong>nr</strong>echte natuurlijk. Dat we dergelijke omstandigheden in ons eigen land<br />

niet meer kunnen voorstellen, zegt veel over de ontwikkelingen die Nederland de afgelopen<br />

60-70 jaar heeft doorgemaakt. Maar nog geen dertig jaar geleden trof je nog geregeld bordjes<br />

met de tekst 'onbewoonbaar verklaarde woning' aan op dichtgespijkerde panden, wanneer er<br />

aan de regels van de Woningwet echt niet meer voldaan kon worden. Rond 1975 betrof het de<br />

laatste restanten van een grote schare schamele woningen waar in de voorgaande decennia<br />

het mes was gezet. Tot weemoed van velen die nostalgische gevoelens hebben met de nauwe<br />

straatjes en steegjes die men zelf overigens vaak alleen van oude foto's kent. De werkelijkheid<br />

was een stuk rauwer. Degenen die in een groot gezin zijn opgegroeid in een rug-aan-rugwoning,<br />

amper twintig vierkante meter in oppervlakte,<br />

met halfsteensmuren en met een slaapkamer<br />

recht onder de pannen, weten wel beter.<br />

Samen met je broers of zussen, de seksen wel<br />

gescheiden uiteraard, opgestuwd in één bed,<br />

met de voeten van de ander naast je hoofd<br />

en in de winter stuifsneeuw op de dekens.<br />

Maar ook in voorgaande eeuwen woonden<br />

de minstvermogenden onder dergelijke<br />

armoedige omstandigheden. In stegen en<br />

sloppen, weggestopt van de openbare straat<br />

en veelal uit het zicht bevonden zich deze<br />

van armoedige materialen samengestelde<br />

bouwsels. Veel voorschriften bestonden nog<br />

niet en zolang er geen brandgevaar bestond,<br />

werden deze gedoogd. In de 17 e eeuw heette<br />

het in een verordening 'Alsulcke particuliere<br />

sloptjens ende toegangen niet anders en syn<br />

als sluypplaetsen voor ongeregelde menschen,<br />

nesten van alle stanck'. En inderdaad zullen het<br />

broedplaatsen van ongedierte en ook menselijk<br />

gespuis zijn geweest.<br />

onbewoonbaar verklaarde woning in de Fransestraat, circa 1920.<br />

musis 26


3 e Bierslootsteeg, onderaan de hoogstraat. Circa 1910.<br />

Vrijwel iedere stad kende zo zijn achterbuurten, die overigens<br />

vaak vlak achter de reguliere straten schuilgingen. Net als<br />

in andere steden had ook Vlaardingen zo zijn minder fraaie<br />

gezicht. De bevolking nam in de 19e eeuw in grote snelheid<br />

toe. Tot 1800 kende het inwonertal weliswaar schommelingen<br />

maar bleef het grosso modo stabiel tussen de 4.000 en 6.000<br />

zielen. Waren er in 1815 nog 5.895 inwoners (het agrarische<br />

Vlaardinger-Ambacht zo rond de 500), in 1835 waren dat er al<br />

7.340, in 1875 9.083, in 1925 27.184 om tot 31.037 inwoners<br />

uit te groeien in 1939. Deze bevolkingsaanwas leidde, naast<br />

sociaaleconomische tot verschillende praktische problemen.<br />

Het grondgebied van de gemeente Vlaardingen was immers<br />

beperkt, uitbreiding van de bebouwing kende zijn grenzen<br />

en bouwgrond voor goedkope woningen was schaars. De<br />

stad was aan drie zijden omgeven door de zelfstandige<br />

gemeente Vlaardinger-Ambacht en aan de zuidzijde door<br />

de Maas. Er stonden slechts drie uitbreidingsmogelijkheden<br />

ter beschikking: de Buitenweide (thans Oostwijk) die in 1830<br />

in het bezit van de gemeente was gekomen, het westelijk<br />

tuinengebied achter de Hoogstraat en de 'Nieuwe Tuinen'<br />

achter het Westnieuwland. De<br />

gemeente Vlaardingen nam bij de<br />

volkshuisvesting tot het begin van de<br />

twintigste eeuw niet het voortouw.<br />

Er bestond geen stadsplanning zoals<br />

tegenwoordig en als die er al was<br />

dan vooral één die ruimte bood aan<br />

industrieën en woningbouw voor<br />

de nette arbeidende klasse, middenen<br />

hogere klassen. Het particuliere<br />

initiatief vulde de lacune die de<br />

stad liet en voorzag in woo<strong>nr</strong>uimte<br />

voor de armsten. Niet geheel<br />

toevallig waren het 'timmerlieden',<br />

tegenwoordig zouden we aannemers<br />

of projectontwikkelaars zeggen, die<br />

in de behoefte voorzagen. Opvallend<br />

is dat de dienst op deze markt door<br />

slechts een handjevol lieden werd<br />

uitgemaakt. In de 19e eeuw waren<br />

dit onder andere Nicolaas Steijger en<br />

eind 19e en 20e eeuw Cornelis van<br />

Aken en Johannes Maassen, die in de<br />

kadastrale liggers tientallen huisjes<br />

27 musis<br />

tekst: Jeroen ter Brugge<br />

foto's: Stadsarchief Vlaardingen<br />

op hun naam hadden staan. Het bouwen en exploiteren<br />

('huisjes melken') combineerden sommigen met het vak van<br />

verzekeringsagent en begrafenisondernemer. De angst van de<br />

19 e eeuwer was groot te zijner tijd geen behoorlijke begrafenis<br />

te krijgen en hoe arm ze ook waren, tegen dit risico dekte men<br />

zich in. Een nauwsluitend net had zich zo om deze klasse<br />

gevormd, waarbij zij welhaast voor het leven veroordeeld<br />

waren tot hun huisbaas en uitgeleider naar het eeuwige. In<br />

een dergelijk vervlechting was Vlaardingen bepaald niet uniek:<br />

de Scrooge-figuur van Dickens had overal in het stedelijke<br />

Nederland van de 19 e eeuw geplaatst kunnen worden.<br />

De ontwikkeling van de huisvesting van de allerarmsten is<br />

in Vlaardingen goed vergelijkbaar met die in andere steden<br />

in West-Nederland. Rondom de stadskernen lagen van<br />

oudsher 'tuinen'. Deze zouden in 20 e /21 e eeuwse ogen<br />

nog het meest lijken op volkstuintjes, maar hun oorsprong<br />

is een geheel andere. Waren de volkstuintjes in de voor- en<br />

naoorlogse jaren bedoeld voor de arbeidende klasse, hun in<br />

de gelegenheid stellend de eigen aardappelen en groenten<br />

te verbouwen, de tuinen uit de 17 e en 18 e eeuw waren het<br />

domein van de stedelijke elite. Het betreft hier niet de zeer<br />

kleine toplaag van de superrijken uit de echt grote steden<br />

die op het platteland buitenplaatsen konden laten bouwen of<br />

herenkamers op door hen verpachte boerderijen hadden, maar<br />

de laag daaronder. De burgemeesters, schepenen en andere<br />

hoogwaardigheidsbekleders die hun status illustreerden met<br />

een lapje grond net buiten de stad. Daarop een tuinhuis en een<br />

uitzicht over het boerenland. Hier konden zij zich, met name<br />

in de zomer, terugtrekken van de dagelijkse beslommeringen<br />

en genieten van de sier- annex moestuin. Het tuinhuis was<br />

geschikt om net gezelschap te ontvangen en was voorzien<br />

van (letterlijk en figuurlijk) de nodige gemakken. Vlaardingen<br />

kende twee tuingebieden: de eerste tussen de Biersloot en de<br />

Kijkje in de 6 e Nieuwlandsteeg met op de achtergrond de Maassluissedijk. Foto a.J. van druten, circa 1955.


ALLES IN DE<br />

BOEKHANDEL<br />

Boekhandel J.S. van Leeuwen<br />

Broersvest 85<br />

3111 ED <strong>Schiedam</strong><br />

Boekhandel Post Scriptum<br />

Hof van Spaland 31<br />

3121 CA <strong>Schiedam</strong><br />

MAAR OOK<br />

COMPLEET OP<br />

INTERNET<br />

www.boekhandelvanleeuwen.nl<br />

www.postscriptum.nl<br />

zorg voor de stad<br />

NV IRADO<br />

NV IRADO<br />

Fokkerstraat 550<br />

3125<br />

Van Heekstraat<br />

BE <strong>Schiedam</strong><br />

15<br />

Telefoon: 3125 BN <strong>Schiedam</strong> 010-262 1000<br />

E-mail: telefoon info@irado.nl<br />

010-262 1000<br />

www.irado.nl<br />

e-mail info@irado.nl<br />

www.irado.nl<br />

Compleet naar wens<br />

musis 28


Kaalslag waar voorheen de 6 e en 7 e Bierslootstegen lagen ter voorbereiding van de aanleg van de verbindingsweg.<br />

Foto P.d. de vries, 1939.<br />

Hoogstraat/Liesveldselaan en een tweede ter weerszijde van<br />

het Westnieuwland, toepasselijk 'de Nieuwe Tuinen' genaamd.<br />

Langs de ontsluitingswegen van deze tuingebieden vond in de<br />

loop van de 18 e en 19 e eeuw stadsuitbreiding plaats, met vaak<br />

een gecombineerde woon-werkfunctie. Veel middenstanders<br />

vonden hier een onderkomen. Na de stichting van het<br />

Koninkrijk der Nederlanden kwamen de achtererven aan snee.<br />

Bereikbaar door de stegen tussen de huizen heen, verrezen<br />

hier sloppen van tegenover elkaar gebouwde woninkjes. Het<br />

woord 'slop' verdient in dit verband een toelichting. Hoewel<br />

de negatieve bijklank al heel lang bestaat, is een slop in<br />

technische zin een (erg) smalle straat of steeg tussen huizen<br />

in, vaak ook doodlopend. De zeer goedkope bouwwijze leidde<br />

tot weinig aangename verblijfomstandigheden, zoals hiervoor<br />

al geschetst. De huisjes waren bovendien ongefundeerd en<br />

direct op de ondergrond gebouwd met alle vochtproblemen<br />

van dien. Een groot contrast kwam in 1993 aan het licht toen<br />

ter plekke van de Van Kampenschool tijdens opgravingen<br />

zowel resten van de tuin van een Vlaardingse burgemeester<br />

werden aangetroffen als de voorgevel van één van de Nieuwlandstegen.<br />

Naast de gemetselde 17 e eeuwse steens muur<br />

van het tuinhuis lagen halfsteens muurtjes van de huisjes uit<br />

de 19 e eeuw. Een ander voorbeeld waar rijk en arm elkaar<br />

ontmoetten was een pand in de 3 e Bierslootsteeg, waar de<br />

gevelsteen van een 17 e eeuws tuinhuis met de tekst 'Uit en<br />

Thuis' was ingemetseld. Een haast cynische daad om deze<br />

steen, die zich momenteel in de collectie van het Museum<br />

Vlaardingen bevindt, hier terug te plaatsen. Van het 'Uit' was<br />

met de benauwende bebouwing absoluut geen sprake meer<br />

en het thuisgevoel zal ook niet voor iedere bewoner hebben<br />

gegolden.<br />

29 musis<br />

Iemand die met bepaald weinig<br />

nostalgie op zijn jeugd onder weinig<br />

opwekkende omstandigheden terugkeek,<br />

was wethouder Teun de Bruijn. Met<br />

een ongekende vasthoudendheid en<br />

met veel energie wierp hij zich op de<br />

sanering van de vele krotwoningen<br />

die Vlaardingen in de naoorlogse jaren<br />

nog steeds kende. Dat De Bruijn in zijn<br />

oprechte enthousiasme doorsloeg en<br />

ook straten en individuele panden liet<br />

slopen die heden ten dage vanwege hun<br />

karakteristieke historische verschijning<br />

gekoesterd zouden worden, is hem<br />

wel verweten. Maar dat hij ten gunste<br />

van de bevolking wilde afrekenen met<br />

de erbarmelijke woonomstandigheden<br />

en de sfeer van armoe is nog steeds<br />

één van de belangrijkere fasen in de<br />

sociaalmaatschappelijke ontwikkelingen<br />

van het naoorlogse Vlaardingen. Hij<br />

bouwde daarbij krachtig voort op<br />

eerdere initiatieven. Voorafgaand<br />

aan de inwerkingtreding van de Woningwet (1901) waren<br />

de woonomstandigheden in heel Nederland in kaart<br />

gebracht. Het onthutsende resultaat leidde tot wettelijke<br />

richtlijnen en plaatselijke verordeningen die gericht waren<br />

op kwalitatief betere woningen en het aanpassen dan<br />

wel saneren van bestaande woningen. In Vlaardingen<br />

bracht de Gezondheidscommissie in 1908 rapport uit van<br />

de woonomstandigheden in de krotwoningen ten westen<br />

van de Hoogstraat, wat in 1910 leidde tot het onteigenen<br />

van 129 huisjes ten behoeve van de sloop. Patrimoniums<br />

Woningbouwvereniging leverde hier, aan de nieuwe Kornelis<br />

Speelmanstraat, in 1912 zijn eerste bouwproject op. Nog<br />

vele andere zouden volgen. De grootste voortgang werd kort<br />

voor en de eerste vijftien jaar na de Tweede Wereldoorlog<br />

geboekt. Na de kwalitatief slechte woningen kwamen ook<br />

de relatief goede maar kleine woninkjes aan de beurt. Ten<br />

behoeve van de zogenaamde 'Doorbraak' door de Hoogstraat<br />

Rond 1975 betrof het de laatste restanten van een grote schare<br />

schamele woningen waar in de voorgaande decennia het mes was<br />

gezet. Tot weemoed van velen die nostalgische gevoelens hebben<br />

met de nauwe straatjes en steegjes die men zelf overigens vaak<br />

alleen van oude foto's kent. De werkelijkheid was een stuk rauwer.<br />

(aanleg Verbindingsweg/Korte Hoogstraat) werden in 1939<br />

enkele Bierslootstegen afgebroken. Maar vooral tijdens de<br />

Wederopbouw die Vlaardingen zo intensief heeft beleefd, werd<br />

grote schoonmaak gehouden. Soms ten behoeve van concrete<br />

nieuwbouwplannen zoals het Liesveldviaduct, maar vaak ook<br />

zonder vooropgesteld plan. Rond het Westnieuwland leidde dit<br />

tot een kaalslag die decennialang heeft bestaan.<br />

Anno <strong>2011</strong> resten slechts weinig sporen van deze episode uit<br />

de Vlaardingse stadsontwikkeling. Enkele laatnegentiende-/<br />

vroegtwintigste-eeuwse relicten zijn haast toevallig bewaard<br />

gebleven, vooral omdat zij buiten de saneringsgebieden lagen,<br />

zoals de Steenplaats en enkele straatjes in de Oostwijk. Nu<br />

opgeknapt en voorzien van moderne gemakken geliefde<br />

woninkjes voor menigeen.


Een stad vol sloppen<br />

Van oudsher behoorde <strong>Schiedam</strong> tot<br />

de Hollandse steden. Met uitzondering<br />

van een tussenperiode van de Franse<br />

tijd hadden deze een bijzondere positie.<br />

Onder de Republiek der Zeven Verenigde<br />

Nederlanden bepaalden ze mede het<br />

beleid van Holland en bemoeiden ze zich<br />

zelfs met de buitenlandse politiek. In<br />

het Koninkrijk der Nederlanden hadden<br />

de steden vanaf 1814 stemrecht bij de<br />

samenstelling van de Provinciale Staten.<br />

Met de invoering van de Grondwet in 1848<br />

verviel het staatsrechtelijk onderscheid<br />

tussen de honderdvijftien steden<br />

die Nederland officieel kende en het<br />

platteland. De gemeente werd de eenheid<br />

van lokaal bestuur. Hoewel er juridisch<br />

sprake was van gelijkschakeling bleef het<br />

onderscheid tussen stad en platteland<br />

echter economisch, demografisch,<br />

sociaal en cultureel groot. Het is daarom<br />

dat Auke van der Woud, hoogleraar<br />

architectuur en stedenbouwgeschiedenis<br />

aan de Rijksuniversiteit Groningen,<br />

de Nederlandse stad als uitgangspunt<br />

neemt in zijn geschiedschrijving van de<br />

negentiende eeuw.<br />

het sint Janshofje achter het oude Kerkhof<br />

hofjestoegang Lange achterweg<br />

Zijn aangrijpingspunt is de sterke bevolkingsgroei die in die<br />

steden na 1850 plaatsvond als gevolg van de migratie van het<br />

platteland naar die steden en die Nederland veranderden in<br />

een grotendeels stedelijke samenleving. Ook <strong>Schiedam</strong> laat<br />

die groei zien. Uit de cijfers die de auteur geeft van de steden<br />

blijkt dat <strong>Schiedam</strong> in 1840 12.036 inwoners telde, in 1900 was<br />

dit aantal meer dan verdubbeld, tot 27.096. Die groei leidde tot<br />

het ontstaan van achterbuurten, riep vragen op naar de aanleg<br />

van sanitaire voorzieningen en het opruimen van vuil. Het is<br />

een geschiedenis die nog maar weinig in overzicht beschreven<br />

is. Dat heeft mede te maken met het gegeven dat de mensen<br />

om wie het gaat niet zelf de pen ter hand namen of aan<br />

het woord kwamen in het publieke domein. We moeten het<br />

vooral hebben van degenen die zich hun lot aantrokken, zoals<br />

sommige artsen, predikanten, romanschrijvers, ingenieurs,<br />

vaktijdschriften van ingenieurs en artsen en dergelijke. Mede<br />

op grond daarvan is Van der Woud erin geslaagd om een<br />

indringend beeld te schetsen van hoe veertig procent van de<br />

bevolking die in de steden in diepe armoede en in erbarmelijke<br />

omstandigheden leefde: in krotten, die vochtig en koud of in<br />

de zomer juist benauwd waren, te midden van vuil, stank en<br />

ongedierte. De sterftecijfers, van kinderen en ouderen, waren<br />

hoog. Het was pas aan het eind van de negentiende eeuw dat<br />

de sociale kwestie, en die van hygiëne (hoe de vuilophaal te<br />

organiseren, het al dan niet aanleggen van drinkwaterleiding<br />

musis 30


tekst: Herman Noordegraaf<br />

foto's: Robert Collette<br />

en riolering, het aanbrengen van wc's) meer centraal kwam te<br />

staan in het publieke bewustzijn. Tot die tijd was er een grote<br />

afstand tussen degenen die in de achterbuurten woonden<br />

en de meer gegoeden, hoewel ze wat geografische afstand<br />

vaak bijna op elkaars lip leefden. Het woord 'achterbuurt' is<br />

natuurlijk veelzeggend: die waren vaak niet te zien als men<br />

zich via de hoofdwegen door de stad begaf. Vaak waren ze<br />

laag gelegen, achter de dijken, waardoor er vaak ook nog<br />

wateroverlast in de woningen was. Een belangrijk punt<br />

dat er toe bijdroeg dat deze zaken meer in de aandacht<br />

kwamen, was de verworven kennis dat slechte hygiëne ook de<br />

gegoeden kon treffen door besmettelijke ziekten. Een bekend<br />

voorbeeld is de cholera of Aziatische braakziekte, die, zo<br />

meldt Van der Woud, oorspronkelijk alleen in de delta van de<br />

Ganges voorkwam en langs de kust van Bangladesh. In 1832<br />

kwam deze ziekte in Nederland. <strong>Schiedam</strong> werd in 1853, 1854,<br />

1859, 1866 en 1867 door deze epidemie getroffen met talloze<br />

slachtoffers, het meest in 1866 toen 251 mensen als gevolg<br />

van deze ziekte overleden.<br />

In het boek van Van der Woud komt <strong>Schiedam</strong> slechts een<br />

enkele maal voor. De bronnen die de auteur voor <strong>Schiedam</strong><br />

gebruikt zijn het proefschrift van H. Schmitz over <strong>Schiedam</strong><br />

in de tweede helft van de negentiende eeuw (1962) en de<br />

biografische schets die Jan Noordegraaf en Arie IJzerman<br />

gaven in hun He<strong>nr</strong>i Hartog schrijver van zwart <strong>Schiedam</strong> (1980).<br />

Er is voorts nog de bekende foto afgedrukt van het Broersveld<br />

in 1893 voor de demping van de gracht die als open riool<br />

functioneerde. De waarde van het boek van Van der Woud<br />

voor de geïnteresseerde in de geschiedenis van <strong>Schiedam</strong> ligt<br />

in de mogelijkheid die het boek biedt om de gebeurtenissen<br />

en de discussies in <strong>Schiedam</strong> over bijvoorbeeld het aanleggen<br />

van de drinkwaterleiding, de woningbouw, de vuilophaal in<br />

een breder kader te plaatsen. Ik noem twee voorbeelden.<br />

Op bladzijde 295 is een advertentie afgedrukt uit het Technisch<br />

<strong>Gemeente</strong>blad 1917 van 'Arij Jordaans, Stoomwagenfabriek<br />

<strong>Schiedam</strong> – Eerste Nederlandsche speciaal fabriek van<br />

<strong>Gemeente</strong>-Reinigingsmaterieel'. Afgebeeld zijn twee<br />

installaties voor het reukloos reinigen van beerputten. Het<br />

bedrijf van Jordaans was, zo voeg ik nu toe, oorspronkelijk<br />

een wagenmakerij. Jordaans begreep de verandering. Het<br />

ophalen van vuil was meestal verpacht aan particulieren die<br />

de 'stadscompost' verkochten aan boeren. Het gebruik van<br />

kunstmest maakte grotendeels een einde aan deze handel.<br />

<strong>Gemeente</strong>n richtten daarom in toenemende mate eigen<br />

vuilophaaldiensten op. Jordaans voorzag de toenemende<br />

behoefte aan reinigingsmateriaal en richtte in 1895 de eerste<br />

31 musis<br />

Klein groenendal, ten zuiden van de afrol hoogstraat en Lange achterweg<br />

Willemshofje aan de Laan, de ideale plek toen voor jonge gezinnen waarvoor<br />

volkshuisvesting geen moeite wilde doen.<br />

De waarde van het boek van Van der Woud voor de geïnteresseerde<br />

in de geschiedenis van <strong>Schiedam</strong> ligt in de mogelijkheid die het<br />

boek biedt om de gebeurtenissen en de discussies in <strong>Schiedam</strong> over<br />

bijvoorbeeld het aanleggen van de drinkwaterleiding, de woningbouw,<br />

de vuilophaal in een breder kader te plaatsen.


doelehof<br />

speciaalfabriek voor gemeentelijk reinigingsmateriaal op (eerst<br />

gevestigd aan de Westvest, later aan de Hoofdstraat). Van der<br />

Woud vermeldt dat Zwolle in 1869 de eerste stad was die het<br />

concessiesysteem losliet en een gemeentelijke reinigingsdienst<br />

invoerde, daarna volgden meer provinciehoofdsteden en<br />

de grote steden, waarna weer later de middelgrote steden<br />

kwamen. <strong>Schiedam</strong> past in dat patroon: daar besloot de<br />

gemeenteraad in 1897 om het ophalen van vuilnis en<br />

het baggeren van de havens en grachten door een eigen<br />

reinigingsdienst te laten verrichten nadat vanaf 1780 het<br />

ophalen van vuilnis en as verpacht was geweest. Het toezicht<br />

op het diepen en schoonhouden van de 'gemeentewateren'<br />

berustte tot dan toe bij de directeur gemeentewerken. Ook<br />

die figuur zien we in de tweede helft van de negentiende<br />

eeuw in de steden op het toneel verschijnen. Voordien was de<br />

hoogste technische ambtenaar in een stad de 'stadsfabriek'<br />

of 'stadsbaas', soms was de titel 'stadsarchitect'. Vanaf de<br />

jaren 1870 zetten vrijwel alle middelgrote gemeenten de<br />

'stadsfabricage' om in een 'Dienst <strong>Gemeente</strong>werken'. In<br />

<strong>Schiedam</strong> kwam in 1894 voor het eerst een 'directeur der<br />

gemeentewerken', J.M.A. Zoetmulder, die, en ook dat is<br />

tekenend, civiel ingenieur was.<br />

Het tweede voorbeeld dat ik noem, betreft de verslagen<br />

van personen die op onderzoek uitgingen of een enquête<br />

hielden en daarover publiceerden om zo de politiek<br />

verantwoordelijken te bewegen om maatregelen te nemen.<br />

Zo maakt Van der Woud meermalen gebruik van de brochure<br />

Arm Rotterdam. Hoe het woont! Hoe het leeft! (1903) van<br />

de journalist Louis Schotting en Hendrik Spiekman, het<br />

Hofjes en sloppen<br />

Hoewel de huisjes op de hofjes en sloppen in<br />

<strong>Schiedam</strong> in oppervlakte en i<strong>nr</strong>ichting soms<br />

weinig verschilden, kenden de <strong>Schiedam</strong>mers zelf<br />

wel degelijk een onderscheid. Voor een buitenstaander<br />

was het nauwelijks mogelijk een verschil<br />

te zien tussen de huisjes aan de gedempte baansloot<br />

aan de één meter brede steeg, de woningen<br />

op het Willemshof, Sint-janshof, laurens costerhof<br />

en de Schotse Poort, otterbuurt of het hofjes<br />

achter de gang van baas been. SDaP-voorman<br />

en latere wethouder Piet de bruin (1879-1957)<br />

liet dit onderscheid in het midden in zijn in 1910<br />

geschreven aanklacht 'Hoe wij werken. Hoe wij<br />

leven'. Heel aannemelijk is dat hij de situatie in<br />

<strong>Schiedam</strong> als bekend veronderstelde en gelijk aan<br />

de toestanden in andere arme industriesteden.<br />

generaliserend kan worden gezegd dat de hofjes<br />

de iets beter gesalarieerde arbeiders huisvestten.<br />

De sloppen, vaak verborgen achter een smalle<br />

gang tussen de woonhuizen aan de lange achterweg,<br />

het broersveld, de broersvest, Kreupelstraat,<br />

noordvestsingel, Hoogstraat en achter welke<br />

straat eigenlijk niet in de overvolle binnenstad<br />

vormden de behuizing voor de allerarmsten. Dit<br />

onderscheid wordt wel gemaakt in de zedenschetsen<br />

van de joodssocialistische onderwijzer<br />

He<strong>nr</strong>i Hartog (1869-1904). Deze geeft aan dat hij<br />

het leven van de armen op de hofjes uit ondervinding<br />

kende, maar verwijderd bleef van de<br />

ellende in de sloppen daarachter. zowel de hofjes<br />

als de sloppen zijn vrijwel alle gesloopt. <strong>Schiedam</strong><br />

heeft wel heel grondig afgerekend met de<br />

zwartste kant van z'n verleden. Slechts hier en<br />

daar is een restje overeind gebleven. toevallig<br />

gespaard op een binnenplaats, in een tuin of<br />

samengevoegd tot één enkele woning in een<br />

straatje in de binnenstad. over die huisjes gaat<br />

het Koninkrijk der sloppen van Van der Woud.<br />

eerste gemeenteraadslid van de Sociaal-Democratische<br />

Arbeiders Partij (SDAP) in Rotterdam (een monument<br />

ter nagedachtenis van deze laatste staat in Spangen).<br />

Zij deden daarin verslag van hun onderzoek naar de<br />

leefomstandigheden van de mensen in de Zandstraatbuurt<br />

in Rotterdam (waar nu het stadhuis en het voormalige<br />

postkantoor staan). Indirect (via de genoemde biografische<br />

schets van Jan Noordegraaf en Arie IJzerman) citeert Van der<br />

Woud ook een onderzoek van het eerste gemeenteraadslid<br />

van de SDAP in <strong>Schiedam</strong>, Piet de Bruin (1879-1957).<br />

In 1907 werd hij gekozen in de gemeenteraad om later<br />

wethouder te worden. In zijn hoedanigheid als bestuurslid<br />

van de <strong>Schiedam</strong>se Bestuurdersbond van de NVV deed hij<br />

onderzoek naar de werktijden en lonen van de arbeiders.<br />

In 1910 publiceerde hij het resultaat: Hoe wij werken. Hoe<br />

wij leven. Rapport eener enquete naar de wijzigingen in loon<br />

musis 32


Louronstraat, een smal straatje achter het oude Kerkhof<br />

en arbeidsduur alsook in den levensstandaard der arbeiders<br />

gehouden vanwege den <strong>Schiedam</strong>schen Bestuurdersbond.<br />

Daarin liet hij gedocumenteerd en op scherpe wijze zien hoe<br />

de arbeids- en leefomstandigheden van een groot deel van<br />

de <strong>Schiedam</strong>se bevolking waren. Van der Woud citeert in<br />

zijn hoofdstuk over het ontbreken van staatsingrijpen ('De<br />

wetten van de vrije markt') een passage uit het gedeelte dat<br />

De Bruin wijdt aan de brandersknechts 'met hun ontzettend<br />

slechte arbeidsvoorwaarden, hun onmenschelijk zwaren en<br />

gevaarvollen arbeid, die van hen een tegen-natuurlijk leven<br />

eischt, van werken des nachts en slapen overdag, met een<br />

verbijsterend langen werkdag van 13 tot 17 uur en soms<br />

nòg langer, terwijl zij ook des Zondags nog niet worden<br />

vrijgelaten':<br />

... als men ze, bij warme dagen vooral, ziet thuis komen,<br />

kerels van wie men weet, dat ze zich zeker niet te buiten gaan<br />

aan het gebruik van het vergif dat zij voortbrengen, en je ziet<br />

ze dan neerkwakken tegen den grond, omdat ze 'af' zijn en<br />

geen fut soms hebben eerst behoorlijk zich te ontkleeden;<br />

als je 't zoo voor je eigen oogen ziet, dat dát eigenlijk geen<br />

33 musis<br />

mensch meer is dat uit de branderij is gekomen, maar een bot,<br />

onhandelbaar wezen, dat haast van niets weet dan van slapen<br />

en knorren.'<br />

Het zijn inktzwarte geschiedenissen, maar Van der Woud<br />

laat zien dat dit alles niet overdreven is en dat het nodig was<br />

dat er mensen waren die door middel van onderzoek deze<br />

levensomstandigheden aan de kaak stelden. Om te eindigen<br />

met een treffend citaat van De Bruin:<br />

'Het zwarte <strong>Schiedam</strong> moge de bezittende klasse weinig te<br />

genieten bieden, zooals wel wordt gezegd, de overgroote<br />

meerderheid der arbeiders kan nog niet eens behoorlijk er<br />

leven...'<br />

Van der Woud schrijft over een 'Koninkrijk vol sloppen'.<br />

<strong>Schiedam</strong> was een 'stad vol sloppen'.<br />

Auke van der Woud, Koninkrijk vol sloppen. Achterbuurten en vuil<br />

in de negentiende eeuw, Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 2010,<br />

440 pp, ill, ISBN 978 90 351 3597 0.<br />

Het woord 'achterbuurt' is natuurlijk veelzeggend: die waren vaak<br />

niet te zien als men zich via de hoofdwegen door de stad begaf.<br />

Vaak waren ze laag gelegen, achter de dijken, waardoor er vaak ook<br />

nog wateroverlast in de woningen was.


LOOK TV bestaat tien jaar<br />

Kritisch? Nee, dat is LOOK TV nauwelijks.<br />

Het <strong>Schiedam</strong>se televisiestation gaat liever<br />

voor positief nieuws dan voor calamiteiten<br />

waar lijken aan te pas komen. En politici<br />

fileren rekent de omroep niet tot zijn taak.<br />

"Ik laat mensen graag in hun waarde,"<br />

zegt Jan Willem de Boer (54), boegbeeld<br />

van het <strong>Schiedam</strong>se televisiestation en<br />

voorzitter van de Stichting Stadsomroep<br />

<strong>Schiedam</strong>, waarvan LOOK TV een<br />

onderdeel is. In maart bestaat de tv-zender<br />

tien jaar. Ook in de toekomst laat de<br />

omroep het harde nieuws graag aan de<br />

regionale zender RTV Rijnmond over.<br />

Liever positief<br />

nieuws dan<br />

rampen en<br />

lijken in beeld<br />

Jan Willem de Boer voor het pand van de stadsomroep schiedam in de Passage in 1992. Foto roel dijkstra. Collectie gemeentearchief schiedam.<br />

musis 34


"LOOK TV bestaat op 1 maart tien jaar, Radio <strong>Schiedam</strong> viert<br />

volgend jaar april het 25-jarig bestaan. Een jubileum is altijd<br />

een goed moment voor een evaluatie. Maar eigenlijk staat nu<br />

al vast dat we aan de formule niet veel zullen veranderen. Als<br />

ik me beperk tot LOOK TV: de programmering is een groot<br />

succes, dus die gaan we niet drastisch omgooien, hooguit<br />

zullen we proberen er onderdelen aan toe te voegen. Never<br />

change a winning team. Ik had onlangs nog een gesprek met<br />

RTV Rijnmond. Die zijn verbaasd dat we ondanks de beperkte<br />

middelen zoveel mooie programma's maken en zoveel succes<br />

hebben.<br />

LOOK TV begon als de droom van Jan Willem de Boer en die<br />

droom werd waargemaakt door wethouder Aad Wiegman,<br />

Henk Eikenbroek van de ONS en Aad van der Wel, die de<br />

zaak technisch op poten heeft gezet. Ik deed al dertien jaar<br />

radio toen een vriendin van me die in New York bij een<br />

plaatselijk televisiestation werkt vroeg: waarom hebben jullie<br />

in <strong>Schiedam</strong> eigenlijk geen lokale tv? In Amerika is geen stad<br />

zonder eigen televisiezender, regionale tv zoals Rijnmond<br />

kennen ze daar niet. Die vraag zette mij aan het denken. Ja,<br />

waarom hadden wij eigenlijk geen eigen tv-station? Ik begon<br />

een lobby in de plaatselijke politiek, maar er was geen partij<br />

die zijn nek wilde uitsteken. Tot Henk Eikenbroek van de<br />

ONS me belde en zei: Je moet bij mij zijn, ik heb een kanaal<br />

voor je. Wiegman zorgde daarna dat er een vergunning kwam.<br />

Voordat ik begon met het opzetten van een organisatie heb<br />

ik een aantal regio's en gemeenten met een eigen tv-zender<br />

bezocht en tijdens die rondreis kwam ik een oud-AVRO-man<br />

tegen die me een paar goede tips gaf. Eén ervan was: film<br />

zoveel mogelijk op locatie, ga niet in een studio achter een<br />

bos bloemen zitten, dat werkt niet.<br />

Wij zijn geen RTV Rijnmond en daar willen we ook niet op<br />

lijken. Wij hebben geen eigen journaal. Daar is gewoon niet<br />

elke dag genoeg nieuws voor in <strong>Schiedam</strong>. Wij richten ons<br />

op het brengen van informatie en van positief nieuws. Bij<br />

journalisten moet je niet aankomen met de term positief<br />

nieuws, omdat in die wereld nieuws per definitie juist negatief<br />

is. Maar wij zijn geen omroep voor hard nieuws. Daar hebben<br />

we ook geen mogelijkheden voor met zo'n kleine bezetting.<br />

35 musis<br />

tekst: Peter de Lange<br />

foto's: Roel Dijkstra, Jan van der Ploeg<br />

Vergeleken met vroeger is het al een heel stuk verbeterd.<br />

Vroeger moest je tot je verdriet de hele avond naar Jan Willem<br />

de Boer kijken. Ik ben een makkelijke prater. Nu hebben we<br />

verschillende presentatoren.<br />

In de programmering tekent zich toch wel een zekere<br />

kentering af. We willen meer met LOOK TV, we willen meer<br />

live-programma's maken; het enorme succes van het direct<br />

uitzenden van bijvoorbeeld de lintjesregen toont aan dat<br />

mensen daar behoefte aan hebben. En we willen iets met<br />

inburgering gaan doen, bijvoorbeeld taallessen geven. Er zijn<br />

genoeg projecten die je met televisie kunt ondersteunen. Wij<br />

doen ook aan <strong>Schiedam</strong>promotie, we zijn ook een beetje een<br />

VVV. Voor toeristen, maar ook voor oud-<strong>Schiedam</strong>mers die<br />

we via onze website in staat stellen feeling te houden met hun<br />

stad. Duizenden mensen maken van die mogelijkheid gebruik.<br />

We hebben een waanzinnig internetbereik. Via Youtube zijn<br />

alle uitzendingen te bekijken.<br />

Maar nogmaals, we hebben beperkte middelen. Onze inkomsten<br />

bestaan uit een stukje subsidie van de gemeente, een<br />

stukje reclamegeld, en we krijgen via wat vroeger kijk- en<br />

luistergeld heette van het rijk een vergoeding per huishouden.<br />

Bij elkaar is dat zo'n tweeënhalve ton. Daar moeten we alles<br />

van betalen, kabelhuur, toiletpapier, de cola, de elektriciteitsrekening,<br />

alles.<br />

In stilte hebben we één grote wens en dat is een professionele<br />

journalist. Dan zouden we iedere dag vers nieuws kunnen<br />

brengen. Op mijn verlanglijstje staat al jaren een journalist die<br />

<strong>Schiedam</strong> goed kent en actief nieuws uit de stad haalt. Een<br />

vrouwtje als Ellen van Gaalen van het AD/RD bijvoorbeeld,<br />

zo iemand zou ik graag in mijn redactie hebben. Mezelf zie ik<br />

niet als journalist. Ik noem mezelf presentator.<br />

Onze nieuwsgaring nu bestaat vooral uit persberichten.<br />

Als er echt groot nieuws is kunnen we dat meteen brengen.<br />

Dat is dan weer wel een voordeel ten opzichte van kranten.<br />

Wij kunnen veel sneller werken. Terwijl het AD nog schreef<br />

dat Coen Moulijn ziek lag, konden wij al melden dat hij was<br />

overleden.<br />

Nieuws positief benaderen, dat is onze insteek. Wat we niet uitzenden<br />

zijn onderwerpen als moord, verkrachting en dodelijke aa<strong>nr</strong>ijdingen.<br />

We willen geen bloed en geen lijken in beeld. Als zich dingen voordoen<br />

als een moord, dan gaan we daar niet filmen. We brengen gewoon het<br />

bericht en daar laten we het bij. Er zijn mensen die ons te soft vinden,<br />

die zeggen dat wij veel harder moeten zijn richting de politiek. Ze eisen<br />

dat wij een raadslid of een wethouder flink doorzagen, dat we meer<br />

eigen journalistiek onderzoek doen. Maar nogmaals, daar hebben wij<br />

de mensen niet voor.


Nee, de radio opdoeken om meer geld vrij te maken voor tv om<br />

zo betere programma's te maken is geen optie. Dat zou lang niet<br />

voldoende opleveren. Bovendien heeft ieder medium zijn eigen publiek.<br />

De radio is een dertigplusmedium, daar hebben jongeren niks mee.<br />

LOOK TV is er voor alle leeftijden. Iedereen kijkt er naar en iedereen<br />

spreekt het op zijn eigen manier uit. Jongeren zeggen loek tievie,<br />

ouderen hebben het over look teevee.<br />

Wij zijn allemaal direct oproepbaar en desnoods ook 's nachts<br />

inzetbaar. Er ligt hier een plan wat te doen bij calamiteiten.<br />

Bij echte calamiteiten, zoals laatst de gifbrand bij Moerdijk,<br />

overleggen we met Rijnmond. Zij zijn de regionale rampenzender.<br />

Wij kunnen die functie ook vervullen, maar dan voor<br />

de eigen stad. Dat is tot nu toe maar twee keer voorgekomen.<br />

Wij kunnen op elk gewenst moment inbreken in de uitzending.<br />

We zijn 24 uur per dag in de lucht. De radio zendt non-stop uit<br />

en heeft naast de muziekprogramma's twee actuele nieuwsprogramma's<br />

per dag, eerst tussen twaalf en twee uur met<br />

lichte actualiteiten uit de buurt- en clubhuizen en dergelijke,<br />

en tussen vier en zes de zwaardere onderwerpen: wat gebeurt<br />

er in de politiek. Op tv zenden we elke dag een reportage<br />

uit over een <strong>Schiedam</strong>s onderwerp en die herhalen we ieder<br />

heel uur. Tussendoor loopt de kabelkrant met berichten die<br />

regelmatig worden ververst.<br />

Nee, de radio opdoeken om meer geld vrij te maken voor tv<br />

om zo betere programma's te maken is geen optie. Dat zou<br />

lang niet voldoende opleveren. Bovendien heeft ieder medium<br />

zijn eigen publiek. De radio is een dertigplusmedium, daar<br />

hebben jongeren niks mee. LOOK TV is er voor alle leeftijden.<br />

Iedereen kijkt er naar en iedereen spreekt het op zijn eigen<br />

manier uit. Jongeren zeggen loek tievie, ouderen hebben het<br />

over look teevee.<br />

Jan Willem de Boer in gesprek met minister eurlings op het dijklichaam van de a4<br />

op 2 september 2010.<br />

Ik werk nu tien jaar voor de tv, maar ik kijk zelf nauwelijks<br />

televisie. Uit ervaring weet ik, dat de impact van tv vele<br />

malen groter is dan van radio. Ik had hier een keer voormalig<br />

wethouder Yorick Haan in de studio. Vóór de uitzending<br />

relativeerde hij het belang van zijn eigen aanwezigheid nogal,<br />

hij zei: van wat ik ga zeggen, zal echt geen hond wakker<br />

liggen. Na de uitzending was hij verbaasd hoeveel mensen<br />

hem aanspraken omdat ze hem op tv hadden gezien.<br />

Onze impact is enorm. De eerste keer dat wij de vergadering<br />

van de gemeenteraad live uitzonden, waren alle raadsleden<br />

naar de kapper geweest en hadden de dames een nieuwe<br />

jurk aan. Raadsleden die hier in de studio komen voor een<br />

vraaggesprekje zijn allemaal stiknerveus. Het is helemaal<br />

niet moeilijk zulke mensen hard aan te pakken, ze zijn heel<br />

eenvoudig uit hun evenwicht te brengen. Maar ik stel ze liever<br />

op hun gemak. Ik ben niet conflicterend, ik probeer mensen in<br />

hun waarde te laten.<br />

Ik zit hier nu 23 jaar en ik heb heel wat colleges meegemaakt.<br />

Wethouders hebben mij in vertrouwen dingen verteld die in<br />

een boek niet zouden misstaan. Een echte journalist zou er<br />

waarschijnlijk direct mee aan de slag zijn gegaan. Ik heb dat<br />

nooit gedaan; dingen die je in vertrouwen worden verteld<br />

breng je niet naar buiten.<br />

Ik heb daar met Sander Sonnemans van het AD ooit een<br />

lang gesprek over gehad. Sander is iemand die bij wijze van<br />

spreken blij is als hij een dreigbrief op de mat vindt of als ze<br />

een met poep besmeurde krant bij hem in de bus stoppen,<br />

want, zegt hij, dan weet ik dat ik mijn werk goed heb gedaan.<br />

Bij mij werkt dat niet zo. Volgens Sander ben ik van het type<br />

dat helemaal opbloeit als iemand op straat naar me zwaait<br />

omdat die persoon me op tv heeft gezien. Daar heeft hij<br />

gelijk in. Ik ben gevoelig voor complimenten. Ik denk dat<br />

dat inderdaad het verschil is tussen een journalist en mijn<br />

persoon.<br />

Nieuws positief benaderen, dat is onze insteek. Wat we niet<br />

uitzenden zijn onderwerpen als moord, verkrachting en<br />

dodelijke aa<strong>nr</strong>ijdingen. We willen geen bloed en geen lijken in<br />

beeld. Als zich dingen voordoen als een moord, dan gaan we<br />

daar niet filmen. We brengen gewoon het bericht en daar laten<br />

we het bij. Er zijn mensen die ons te soft vinden, die zeggen<br />

dat wij veel harder moeten zijn richting de politiek. Ze eisen<br />

dat wij een raadslid of een wethouder flink doorzagen, dat<br />

we meer eigen journalistiek onderzoek doen. Maar nogmaals,<br />

daar hebben wij de mensen niet voor.<br />

Als er op dit moment een ramp zou gebeuren, laten we<br />

zeggen er ontspoort een trein in <strong>Schiedam</strong> en er zijn veel<br />

slachtoffers, dan hebben wij daar geen scenario voor. Geen<br />

musis 36


Jan Willem de Boer achter de piano in het stedelijk Museum schiedam<br />

idee hoe we dat zouden aanpakken. In het draaiboek dat we<br />

hier voor calamiteiten hebben liggen staat wel wat we moeten<br />

doen als een lid van het Koninklijk Huis overlijdt. Daar zenden<br />

we dan een programma over uit. Dat is geen verplichting van<br />

het Commissariaat voor de Media maar een goed gebruik.<br />

Maar een ontspoorde trein met lijken die uit de ramen hangen,<br />

moeten wij dat uitzenden? Ik weet het niet. Mensen hebben al<br />

zoveel zorgen aan hun hoofd, met het harde nieuws worden<br />

ze al van alle kanten door kranten en tv-journaals om hun<br />

oren geslagen. Wij zijn een calimero-omroep, die probeert een<br />

beetje tegengas te geven met positief nieuws.<br />

Wij vinden goed nieuws ook nieuws en dat heeft zoals gezegd<br />

ook te maken met onze bemanning. We moeten genoegen<br />

nemen met een bescheiden rol. Vinden wij dat erg? Nee hoor.<br />

Wij doen genoeg leuke dingen. Dankzij een sponsor die daar<br />

wel geld voor over had, hebben we in november de intocht<br />

van Sinterklaas live uitgezonden, op dezelfde manier als de<br />

landelijke intocht in 2009 werd verslagen. We hadden zelfs<br />

dezelfde cameraman als de NPS.<br />

Het is voor mij geen enkel probleem mijn werk als docent op<br />

een vmbo te combineren met de omroep. Voor bijzondere<br />

gebeurtenissen kan ik altijd weg van school. Er is altijd<br />

wel een collega die mijn werk even wil overnemen. Dat is<br />

overigens in al die jaren maar zelden nodig geweest. Ik sta<br />

inmiddels negenentwintig jaar voor de klas. Ik geef negen<br />

uur les en verdien hetzelfde salaris als toen ik nog fulltime<br />

doceerde. Ik ben hier gedetacheerd door de gemeente, dat<br />

geld zit in onze subsidie. Aan mijn werk bij de omroep ben<br />

ik twee keer zoveel tijd kwijt als in het onderwijs, maar ik<br />

krijg er geen cent extra voor. Dat kan me niets schelen. Als<br />

je daarover valt, moet je acuut stoppen. Als ik veel geld zou<br />

willen verdienen, ging ik wel weer optreden, dan ging ik<br />

37 musis<br />

met mijn gitaar het podium op of achter de piano zitten; dan<br />

stroomt het geld vanzelf binnen.<br />

Ik vind het fantastisch dat ik dit werk bij de omroep kan doen.<br />

Mag doen. Ik ben de werkende voorzitter van de club, ik ben<br />

verantwoordelijk voor de hele organisatie, ik presenteer zelf<br />

en ik doe interviews. Ik doe de tv, Patrick de Boer de radio.<br />

Nee, geen broer of neef. Hij is op geen enkele manier familie.<br />

Het is een enorm cliché natuurlijk, maar ik doe dit niet alleen.<br />

We hebben hier een club van veertig, vijftig vrijwilligers, en die<br />

zijn allemaal bezeten van het rtv-virus. Iedereen wil bij ons<br />

werken, vooral bij de tv, we hebben hier tientallen mensen<br />

gehad die het hebben geprobeerd. Ze kwamen met de meest<br />

absurde salariseisen, maar ze kwamen niet eens door een<br />

proefuitzending heen. Mensen, denk toch niet dat hier tonnen<br />

zijn te verdienen! Het is allemaal vrijwilligerswerk!<br />

Volgens de laatste omnibusenquête van de gemeente<br />

<strong>Schiedam</strong> van een paar jaar terug kijkt 71 procent van de<br />

bevolking af en toe tot vaak naar LOOK TV. Doordat mensen<br />

overstappen naar andere kabelaanbieders dan Caiway die<br />

LOOK TV niet doorgeven, zijn we kijkers kwijtgeraakt, maar ik<br />

ga er vanuit dat 50 tot 70 procent van de <strong>Schiedam</strong>mers naar<br />

ons kijkt. Hoe dikwijls ik niet word aangesproken op straat<br />

door mensen die mij in een uitzending hebben gezien! Ik denk<br />

dat we dagelijks gemiddeld 25.000 kijkers hebben.<br />

Ik denk dat we met LOOK TV pas aan het begin van het<br />

benutten van het medium staan. Ik ben erg benieuwd hoe<br />

het verder zal gaan. Ik heb zeker geen plannen er al mee<br />

op te houden. Ik hoop hier over tien jaar nog een leuk<br />

ouderenprogramma te kunnen maken. Om dit werk te doen<br />

moet je bevlogen zijn, en bevlogenheid hebben we allemaal.<br />

Zodra je dat gevoel niet meer hebt, moet je stoppen met dit<br />

werk. Dan kan je beter een volkstuintje nemen."


Mooie praatjes<br />

Met onmiddellijke ingang heeft de directeur van het Jenevermuseum<br />

Guido Beauchez eind januari <strong>2011</strong> zijn functie<br />

neergelegd. Hij wilde niet het gevaar lopen te verzuren door<br />

de het Jenevermuseum opgelegde bezuinigingen en vooral de<br />

tegenwerking die hij van alle kanten ondervond. Dit althans<br />

is zijn lezing. Ingewijden zullen daar hun kanttekeningen bij<br />

zetten. Want tot tweemaal toe heeft het voltallige personeel het<br />

vertrouwen in z'n directeur opgezegd. Nergens heeft hij kans<br />

gezien de noodzakelijke samenwerking tussen het museum<br />

toegewijde medewerkers en andere instellingen tot stand te<br />

brengen of bij zijn geldschieters het vertrouwen te winnen om<br />

een museum als het zijne tot een succes te maken. Verder dan<br />

beloften is het nooit gekomen. Zo simpel als Beauchez het stelt<br />

liggen de zaken dus niet. Liggen ze nooit.<br />

De werkelijke achtergronden doen er op dit moment echter niet<br />

zozeer toe. Voor <strong>Schiedam</strong> is er werk aan de winkel. juist nu,<br />

terwijl het jenevermuseum financieel praktisch op de nullijn<br />

is gezet en er flink gesneden is in het budget van het Stedelijk<br />

museum. er liggen immers plannen om vanuit de historische<br />

collectie van het Stedelijk museum en de collecties van het<br />

jenevermuseum te komen tot een permanent historisch<br />

tentoonstellingskader. Hiervoor wordt het jenevermuseum<br />

als ideale lokatie gezien. Deze plannen zijn er al lang. in 2009<br />

mondden ze uit in de gedetailleerde rapportage 'De historische<br />

collectie zichtbaar'. Hierin zijn de visies verwerkt van alle<br />

betrokkenen en kenners van de plaatselijke geschiedenis (en<br />

verhoudingen).Van uitwerking is het nooit gekomen. Daarvoor<br />

kunnen verschillende oorzaken worden genoemd. Het geld<br />

ontbrak. Plus de animo bij zowel het Stedelijk museum als het<br />

jenevermuseum om tot samenwerking te komen. Diana Wind<br />

– die de tijd aan haar zijde heeft - besteedde haar energie in<br />

de – overigens succesvolle - uitoefening van de kerntaak van<br />

het Stedelijk museum <strong>Schiedam</strong>. namelijk een museum te zijn<br />

voor naoorlogse nederlandse kunst. De keuze daarvoor is al<br />

meer dan een halve eeuw daarvoor gedaan door een voltallig<br />

gemeentebestuur, gesteund door het bestuur van het Stedelijk<br />

museum en een zware adviescommissie onder leiding van<br />

r. lunsingh Scheurleer. Deze keuze bepaalde niet alleen<br />

de richting van het tentoonstellingsbeleid, maar ligt ook<br />

ten grondslag aan de collectie, het verwervingsbeleid en<br />

de kunsthistorische specialisaties binnen het museum. De<br />

(bestuurlijke) wens om ook iets gedaan te hebben met de<br />

historische collectie dateert van slechts een jaar of tien geleden<br />

en was gekoppeld aan een groen licht van de gemeenteraad<br />

voor een ingrijpende verbouwing van het Sint-jacobs-gasthuis<br />

tot een modern en op de toekomst gericht museumgebouw. in<br />

dit licht is wel een conservator voor de historische collectie<br />

aangetrokken, maar deze brengt het museum nog niet de<br />

noodzakelijke kennis van de geschiedenis van <strong>Schiedam</strong>. De<br />

historische tentoonstellingen waren daarom toch vooral mooie<br />

plaatjes maar misten zowel diepgang als lokale context.<br />

ook de directeur van het jenevermuseum zocht het allerminst<br />

in verbreding van kennis als basis voor een te ontwikkelen<br />

tentoonstellingsbeleid, evenals de gewenste vaste presentatie<br />

het daarbij behorende collectiebeheersplan. Van toenadering tot<br />

het Stedelijk museum om in samenwerking daarmee initiatieven<br />

te ontplooien was al helemaal geen sprake. Hadden beide<br />

directeuren elkaar vakinhoudelijk wat te vertellen gehad, dan<br />

was er misschien nog iets te redden geweest van het voornemen<br />

om vanuit de historische collectie en de aktiviteiten van het<br />

jenevermuseum één museaal optreden te maken. nu is er<br />

daarentegen een situatie ontstaan waarin van de aspiraties<br />

van het jenevermuseum niets is overgebleven en het Stedelijk<br />

door: Hans van der Sloot<br />

museum noch de bagage heeft om de historische ambities<br />

waar te maken, waarmee indertijd de gemeenteraad werd<br />

overgehaald om goedkeuring te geven aan het nieuwe Stedelijk<br />

museum, noch de animo om de bijna failliete boel van het<br />

jenevermuseum over te nemen.<br />

De rapportage 'De historische collectie zichtbaar' van riemer<br />

Knoop en de zijnen zegt het overigens even beknopt als<br />

duidelijk. Voor wat de achtergronden betreft stelt het stuk: 'Het<br />

repertoire aan verhalen over het verleden van <strong>Schiedam</strong> heeft<br />

een redelijk potentieel. De ontstaans- en wordingsgeschiedenis,<br />

de kenmerkende monoculturen die <strong>Schiedam</strong> gekend heeft, de<br />

nieuwkomers in deze en vorige eeuwen en hun betekenis voor<br />

de stad: het zijn allemaal onderwerpen die goed onderzocht<br />

zijn of kunnen worden, die tot de verbeelding van velen kunnen<br />

spreken, die een aardige fysieke neerslag kunnen hebben en die<br />

bovendien markant verschillen van lokale verhalen elders uit de<br />

rijnmond. ze beslaan daarbij niet alleen de stadsgeschiedenis,<br />

maar ook die van de stad in relatie tot de directe en wijdere<br />

omgeving. ze zijn soms zelfs van mondiaal niveau te noemen,<br />

zeker waar het gaat om de internationale positie die de stad op<br />

het gebied van gedestilleerd heeft verworven en in relatie tot de<br />

vroege arbeidersemancipatie. Deze verhalen zijn echter alleen<br />

betekenisvol en aansprekend genoeg om ze als <strong>Schiedam</strong>s<br />

repertoire zichtbaar te willen maken, indien en wanneer ze op<br />

aanschouwelijke wijze worden verbonden met de plekken waar<br />

ze zich afspeelden, met de mensen die er een rol in speelden<br />

en met de tastbare overblijfselen van deze geschiedenissen'.<br />

en over de collectie: 'er zullen naar onze smaak stellig enkele<br />

uitschieters bij zitten, met name in de afdeling historische<br />

schilderijen, maar het merendeel van de collectie lijkt ons<br />

vooral geschikt om een illustratieve functie te vervullen bij een<br />

thematische of verhalende presentatie over iets geheel anders<br />

dan over de voorwerpen in kwestie'.<br />

inhoudelijk sluit 'De historische collectie zichtbaar' aan bij<br />

de visie die de directeur van het succesvolle rotterdams<br />

Historisch museum, Hans Walgenbach in musis september<br />

2003 ontvouwde; 'De hardste eis voor de man of vrouw die<br />

verantwoordelijk wil zijn voor een lokaal historisch museum is:<br />

je moet van de stad houden, je moet hem door en door kennen,<br />

en je moet hem op de voet volgen, haast van dag tot dag. Het<br />

volgen van de stad is geen sinecure. iedere stad heeft een eigen<br />

karakter en iedere stad is voortdurend in beweging. alles wat<br />

in die stad gebeurt, is gerelateerd aan dat karakter of wordt er<br />

later aan gerelateerd. Dat vraagt van de man of vrouw die een<br />

historisch museum beheert een apart soort empathie als extra<br />

museale eigenschap'.<br />

Van grote betekenis achten zowel Knoop als Walgenbach dat<br />

zo'n lokaal historisch museum een eigen huisvesting heeft. in<br />

dit opzicht heeft het college zich klip en klaar uitgesproken voor<br />

het jenevermuseum als de meest geschikte lokatie. Vanuit deze<br />

optiek is ook het voormalige pand van fotograaf Henk Vos aan de<br />

Hoogstraat aangekocht. Hierdoor vormen het Stedelijk museum<br />

voor hedendaagse kunst aan de ene zijde van de Hoogstraat<br />

en het jenevermuseum als vestigingsplaats voor de historische<br />

collectie aan de andere, één museaal complex. echter nu de<br />

inhoud nog. <strong>Schiedam</strong> heeft zich voor <strong>2011</strong> getooid met het<br />

thema 'molens en jenever'. zelden is een frase zo hol geweest<br />

als deze, op dit moment en onder deze omstandigheden. Want<br />

noch van het Stedelijk museum, noch van het jenevermuseum<br />

valt iets te verwachten dit jaar. behalve dan misschien een<br />

besluit tot samenwerking. terwijl er zoveel te vertellen valt.<br />

op het gebied van de jeneverindustrie. of die van de oudste<br />

stadsgeschiedenis. of over de wederopbouwperiode om maar<br />

een paar onderwerpen te noemen waarvoor buiten de musea<br />

alle kennis aanwezig is, voor wie er maar gebruik van wil maken.<br />

musis 38


DE UITGAVE VAN MUSIS WORDT MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR:<br />

BASTIAANS & VAN RIET ACCOUNTANTS, SCHIEDAM<br />

BOKX VASTGOED ONTWIKKELING B.V., ROTTERDAM<br />

FACILICOM BEDRIJFSDIENSTEN, SCHIEDAM<br />

FONTIJNE BEHEER B.V., VLAARDINGEN<br />

HATENBOER WATER - DRINKWATERBEHANDELING, SCHIEDAM<br />

IRADO, AFVAL, REINIGING EN DIENSTVERLENING, SCHIEDAM<br />

NICOVERKEN HOLLAND B.V., SCHIEDAM<br />

SNELWEG TRANSPORT, SCHIEDAM


Een ontmoeting met Notaris<br />

is een ontdekking op zich<br />

Notaris. Het mooiste distillaat<br />

van vaderlandse bodem.

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!