Download Foolcolor Magazine (December 2012) - foolcolormedia

foolcolormedia.nl

Download Foolcolor Magazine (December 2012) - foolcolormedia

Spelen

n u m m e r 8 5 | D e c e m b e r 2 0 1 2 | g r a t i s m a g a z i n e


2

Van de redactie

Het is weer december. Kou en duisternis zijn aan de orde van de dag en daarom leek

het ons een goed idee om voor dit decembernummer van Foolcolor Magazine een

licht en vrolijk thema te kiezen en dat is geworden ‘Speel!’

Over spelen valt heel veel te vertellen. Het woord ‘spel’ heeft negentien en ‘spelen’

vierentwintig betekenissen volgens de van Dale. Omdat de woorden zoveel betekenissen

hebben kun je in dit decembernummer enkele zeer uiteenlopende artikelen

lezen over dit thema. Tegenwoordig doen kinderen veel computerspelletjes. Mijn

jeugd speelde zich af in de zeventiger jaren van de twintigste eeuw en toen waren er

nog geen computerspelletjes. Ik speelde buiten, in de bossen, en ook speelde ik wel

met schaalmodelletjes van cowboys en indianen. Hele veldslagen speelden zich af

in de woonkamer van ons huis. In het verleden heb ik weleens computerspelletjes

gedaan, maar ik vond het eigenlijk jammer van mijn tijd en daarom waag ik mij er

niet meer aan. Ik schrijf liever verhalen en gedichten.

Volgens velen vergaat de wereld op 21 december omdat dan de kalender van de

Maya’s ophoudt, maar ik heb zo’n vermoeden dat dat feest niet doorgaat. Wat wel

doorgaat is het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Dit jaar schrijft Adriaan van Dis

het dictee en het wordt op televisie uitgezonden op 23 december. Als je nog nooit

hebt meegedaan aan dit leuke spel, geef ik je hierbij de tip om eens mee te doen.

Je kunt ook mensen uitnodigen en er een leuke avond van maken met drankjes en

hapjes.

Tenslotte wil ik je erop wijzen dat je onder dit redactionele stukje weer de deadlines

en thema’s van de volgende magazines aantreft. Als je een bijdrage hebt, stuur die

dan gerust op. Het hoeft niet per sé over het thema te gaan en het maakt niet uit of

het een lang of kort stukje is. Vooral gedichten zijn welkom want die krijgen we de

laatste tijd niet zo

veel meer toegestuurd.

Stuur je

bijdrage dus naar

ons toe!

Ik hoop dat je veel

plezier beleeft aan

dit Foolcolor Magazine.

• Erik Bies


Februarinummer

Thema Afvallen!

Inzenden kopij niet meer

mogelijk

Aprilnummer

Thema Meditatie

Inzenden kopij vóór 6 februari

12 uur

Colofon

Foolcolor is een magazine voor en

door cliënten van Lentis

Oplage: 2750

ISSN 1878-9943

Redactie

Gijs van der Paauw, Chris van Boetzelaer,

, Erik Bies, Carin Roelofs, Laura Boekholt, Andras

Mebius, Herman Beens,

Elisabeth Smelik, Sjoerd Hesselmans,

Ria Santing, Elisabeth Pels, Lisette Soppe

Eindredactie

Ine Pauline Weijer

Websitebeheer

Brrrt

Fotografie

Fotobureau Foolcolor Media:

Alfons Wijninga, Thea Mulder,

David Pichler, Robert Bode, Annika Venema,

Annet Ritsema, Janine Spoelman, Ellen Klare

Illustraties, cartoons

Margje Molenkamp-van den Berg,

Anna de Ruiter, Eriko,

Henk de Vries, Houkje van Dijk

Vormgeving

Ria Santing

Druk en afwerking

Drukkerij Drupon

Cover

Thea Mulder

Redactieadres

Foolcolor Media

Van Oldenbarneveltlaan 15

9716 EA Groningen

Telefoon 050 - 575 13 90

Website

www.foolcolormedia.nl

E-mailadres

redactie@foolcolormedia.nl

Projectondersteuners

Marianne de Lange,

Ine Paulien Weijer

Telefoon: 050 - 575 13 90

Foolcolor Media is een werkproject van Lentis

Aan de totstandkoming van deze uitgave is de uiterste zorg besteed. Voor

informatie die desondanks onvolledig of onjuist is opgenomen aanvaardt

de redactie geen aansprakelijkheid. Tevens behoudt zij zich het recht voor

advertenties en ingezonden kopij, zonder opgave van reden, te weigeren, in

te korten en/of taalkundig te bewerken. Publiceren onder pseudoniem mag,

mits naam en adres bij de redactie bekend zijn.


Inhoud

2

4

6

8

9

10

12

13

14

15

16

18

20

21

22

26

27

28

30

32

35

36

Van de redactie

Thema: Spelen, wie doet het niet?

Thema: De regels van het spel

Thema: Speel nog eens een keer

Wat kortsluiting eigenlijk is

Bekende gevallen: Bart Huges

Boek: Buiten spelen

Spons

Theatergroep Foolcolor: Gestrand!

Steekje los & huisdier van...

Ervaringsverhaal Diane van Landeghem

Vragenfestijn: Wia Buze

Foppe & Bericht van Bies

De etalage: Leo Martinus

Gijs op reis

Oproep klaagmuur & reacties

Boek & Petje & Von Puckhausen

In Therapie: Lachtherapie

Alle gekheid: Gameverslaving

Op een rij

Dave

Dichter

5

18

30

3


4

Spelen,

Thema Spelen

Tikkertje om te overleven

Vergeten te spelen?

‘Waarom spelen volwassenen eigenlijk

geen tikkertje meer?’ vroeg ik mij laatst af.

Helaas...ondanks al mijn gesnuffel in

psychologieboeken en Wikipedia, weet

ik het antwoord niet. Maar ik wil er best

naar gissen, hoor! Dat doe ik aan het einde

van dit stuk. In ieder geval roept de vraag

weeïge, nostalgische gevoelens bij mij

op. Ik moet aan vroeger denken aan hoe

ontzettend veel beter alles toen was...

Tikkertje. Weet jij nog hoe uitgelaten je

je voelde? Waar ging het nou helemaal

om? Een beetje gillend achter elkaar

aanrennen. Het ging om plezier, toch? En

spanning! Over het algemeen wordt ervan

uitgegaan dat mensen ook kunnen spelen

puur voor de lol en niet per sé om iets te

leren of een prestatie te bereiken. Toch, als

ik eens naga, lijkt een spel al gauw ergens

om te gaan. Wat dacht je van geld, wijsheid

en prestaties...Denk bijvoorbeeld aan

Monopolie of het casino (geld verdienen

is een schone zaak), Denk je wijzer en

schaken (kennis is uiteraard ook macht),

voetbal met zijn superhelden (topprestaties

leiden tot aanzien< geld en vrouwen).

Is tikkertje eigenlijk wel zo’n onschuldig

spelletje?

Waarom spelen we nou echt?

Overal ter wereld blijken kinderen, als

ze even de tijd hebben, het liefst te gaan

spelen. De spelletjes die over de hele

wereld worden gespeeld, lijken verdacht

veel op elkaar.

Wie

doet

Of het nou in het oerwoud is of in New

York: overal stoeien kinderen met elkaar

en jagen ze elkaar achterna, spelen

zo tikkertje of rovertje. Veel kinderen

bouwen of maken dingen voor de lol en

doen rollenspellen zoals doktertje of echtgenootje.

Overal doen kinderen spelletjes

met spelregels en wedstrijdelementen,

bijvoorbeeld voetbal of dammen.

Al dat gespeel is vast en zeker ergens goed

voor. Dat moet toch haast wel? Stel je eens

voor dat het puur voor de lol zou zijn. Zou

dat geen ongelofelijke verspilling van tijd

zijn? Een vergissing van de natuur?

De filosoof Karl Groos denkt dat ‘spelen’

niet voor niets is ontstaan. Volgens hem

hebben wij er een groot evolutionair

voordeel bij: we leren erdoor overleven

en vergroten er de kans mee dat wij ons

voortplanten!

Zoogdieren zoals apen, honden en mensen

spelen vaak spelletjes, die helpen bij

het overleven. Zo leren mannetjesapen

vechten en vrouwtjesapen zorgen. Er is

dus een duidelijk verschil tussen de jongetjes

en de meisjes.

De spelletjes van mensen lijken behoorlijk

op die van dieren. Jongetjes lopen

te stoeien en worden daardoor sterk en

lenig: ze kunnen later elke vijand verslaan.

Meisjes spelen graag moedertje: met

poppen en pannetjes leren ze alvast te

zorgen voor hun toekomstige kroost. Het

spel van mensenkinderen is in vergelijking

met dieren wel een stuk afwisselender!

Ook blijkt mensenspel vaak heel

sterk gekleurd door de cultuur. Kinderen

van boertjes spelen bijvoorbeeld ‘veldje

ploegen’. Kinderen van een ruige, (bek -)

vechtende stam imiteren hun ouders net

zo goed. Zij spelen niet alleen vaker dat

ze vechten; ze vechten ook in het echt

veel vaker. Het kan ook de andere kant

op gaan. Het spel van kinderen kan de

het

cultuur nabootsen, maar ook beïnvloeden.

Denk maar aan de moderne media. Heel

wat volwassenen hebben pas door hun

kinderen kennisgemaakt met de I-Phone

of de Wii en zijn er zelf net zo goed aan

verslaafd geraakt. En soms nog erger dan

de kids.

Niet op de tafel!

De psycholoog Vygotsky denkt dat –tegengesteld

aan wat veel mensen geloven,

spelen helemaal niet zo vrij en spontaan is.

Volgens hem zijn er bij elk spel altijd regels

waaraan iedereen zich dient te houden,

die je een stuk vrijheid en spontaniteit

ontnemen. Kleine Pietje is juist het meest

zichzelf als hij even geen spel speelt. Dan

laat hij zichtzelf zien, zoals hij is.

In het echte leven huilt hij oprecht, als hij

is gevallen. Als Pietje lol heeft, lacht hij

soms onbedaarlijk. Als hij iets wil, laat

hij dat zeker merken. Tijdens een spel

leren kinderen daarentegen hun impulsen

onderdrukken. Ze leren zich te houden aan

de spelregels. Het worden gedisciplineerde

kinderen. En dat is volgens Vygotsky juist

de functie van spelen: om jezelf te leren

beheersen en aanpassen aan de regels en

sociale rollen van de samenleving. Dat

is namelijk heel belangrijk. Om goed te

kunnen (over)leven in welke menselijke

samenleving dan ook, moet je je kunnen

aanpassen. Daar kun je niet vroeg genoeg

mee beginnen. Nou ja, in ieder geval met

oefenen.

Het blijkt inderdaad dat kinderen elkaar

vaak streng vermanen in rollenspelen als

vader en moedertje. Of hondje: `Ga onder

de tafel zitten, niet erop!` Kinderen zien

er streng op toe dat iedereen zich aan

de regels houdt en zich gedraagt zoals

iemands rol (bijv. als hondje) hem gebiedt.

Kleine Pietje zal waarschijnlijk niet zo

onbedaarlijk lachen als hij vadertje speelt,

zeker als hij denkt dat vaders streng, stoer

en onverbiddelijk zijn. En gedisciplineerd!!

niet?


Volwassenen spelen geen tikkertje!

De meeste kinderen spelen omdat ze het

leuk vinden, simpelweg om de lol. Kleine

Pietje, die gillend tikkertje speelt, is heus

niet bezig met wat hij ervan kan leren. Als

hij opgewonden met een grote tak om zich

heen zwaait om niet getikt te worden, zal

de meute op het schoolplein hem te lijf

gaan. Hij leert zich beheersen.

Hoewel je in de huidige samenleving

minder vaak een leeuw hoeft te ontwijken,

leert Pietje tijdens tikkertje wel om een

scheurende auto te ontwijken. Hij leert

dus overleven, terwijl hij zich kostelijk

amuseert. Hoewel tikkertje een onschuldig

spelletje is, leren we er meer van dan we

denken!

Vanaf de puberteit worden prestatie en

identiteit steeds belangrijker. De lessen

die Pietje tijdens tikkertje leerde, kent hij

inmiddels wel. Hij wil meer. Goed zijn in

tikkertje lijkt niet zo bijzonder, iedereen

kan tikkertje. Bovendien wordt je een

beetje schuin aangekeken als je op je achttiende

nog tikkertje speelt. Pietje kiest een

sport waarin hij wil uitblinken, een groep

mensen waar hij bij wil horen, een beroep

dat hij wil uitoefenen. Hij wil iemand

zijn! Hopelijk wordt hij goed in iets dat

niet iedereen kan; dat is gunstig voor zijn

salaris en zijn aanzien.

Naarmate hij veel van zijn doelen bereikt,

wordt het presteren en zich onderscheiden

langzaam minder belangrijk. Het wordt

ook moeilijker, want hij wordt ouder en

er staat een hele stoet veel fittere kleine

Pietjes popelend te wachten. Hij is inmiddels

getrouwd en is vader van een paar

lieve spelende kindertjes. Eindelijk mag

hij weer tikkertje spelen, met zijn kind

of kleinkind. Onder een dekmantel, dus.

Want ergens is toch de afspraak: volwassenen

spelen geen tikkertje! Dat is nou

eenmaal deel van het spel dat ‘volwassenheid’

heet.

• Sjoerd Hesselmans


Foto: Annet Ritsema

5


6

Thema Spelen

De regels van het leven, alles van het leven.

Veel grote denkers hebben mooie ware

dingen gezegd over het leven, hoe kun je

nou van die bestaande wijsheid iets in je

eigen leven brengen. Simpelweg door het

te lezen en erover na te denken.

Het spel heeft vijf onderdelen, waarbij

ik probeer de leukste of voor mij interessantste

onderwerpen in de filosofie voor

mijzelf uit te kaarten en er kritisch naar te

kijken.

Vind jij dit ook leuk om te doen?! Je hebt er

wel wat internet bij nodig.

Bedenk je eigen quote!

De mens is een resultaat van gemaakte

beslissingen. - zelfbedacht

Bij deze zin kun je zelf mooi herinneren

waar je hebt gestaan en wat voor keuzes je

hebt gemaakt. Je kunt ook fijn kijken naar

je omgeving als een weerspiegeling van

jezelf.

Kun je werkelijk zoveel aan jezelf veranderen?

Ik ben gewoon iemand die graag heel veel

boeken zou lezen en wijze woorden zou

willen kunnen zeggen, maar ik associeer

meer dan dat ik duidelijke interpretaties

formuleer.

Quotes uitzoeken: wat zijn goede voor jou?

1- Als het model van je ethische leven het

van jou wint, verander dan van model.

2-Als je in de afgrond kijkt, dan kijkt de

afgrond ook in jou.

3-Als men er veel heeft in te stoppen, heeft

een dag honderd zakken.

- Nietsche

Regels van

De regels van het spel zijn:

- Niet te ver afdwalen, er is een zekere

structuur nodig

- Geen onderwerpen overslaan

- Niet te diep erop ingaan

- Voeg wat toe

- Doel van het spel: vind je eigen

filosofie terug in de theorie.

1 zegt me wel veel omdat ik het gevoel

had dat als je een psychose hebt of begint

te creëren, creëer je voor jezelf, althans

dat deed ik, een model van overtuigingen

waar je naar streeft en leeft. Als je vervolgens

medicijnen neemt, valt dit model

langzaam van je af en waar moet je dan

beginnen? Je moet dan inderdaad van

model veranderen.

2 vind ik een tip voor mensen die zwaarmoedig

in het leven staan alsof ze het niet

meer kunnen. Je moet je realiseren dat een

diagnose niet zo zwaar je leven hoeft te

bepalen.

Je bepaalt nog altijd zelf! (wanneer je je

boodschappen doet)

3 vind ik een heerlijke zin! Spreekt voor

zich. Ik zou ook wel meer in een dag willen

stoppen dan dat ik tegenwoordig doe.

Quote uit je eigen omgeving tegenover een

andere quote!

Descartes - twijfel aan alles

Descartes begint zijn zoektocht naar onbetwijfelbare

kennis op paradoxale wijze

door aan alles waar hij ooit aan geloofd

heeft te twijfelen. Descartes is van mening

dat hij alleen onbetwijfelbare kennis kan

vinden door eerst aan alles wat hij denkt te

weten te twijfelen. Hij wil het fundament

voor kennis vinden door eerst alle onzekere

kennis te verwerpen. Zo kwam hij bij

ik denk dus ik besta. Wat hij gebruikte als

bewijs voor het bestaan van God.

Volgens Spinoza was God niet de schepper

van de wereld, maar de wereld een onderdeel

van het goddelijke. Wonderen zijn

niet het bewijs van goddelijke macht, maar

van menselijke onwetendheid. De aanwezigheid

van God wordt niet bewezen door

wonderen, maar door de orde in de natuur.

Als we de oorzaken van ons handelen niet

kennen, spreken we over de vrije wil, maar

voor Spinoza was dit ook een gevolg van

onwetendheid. Volgens Spinoza is onwetendheid

het voornaamste obstakel bij het

nastreven van een deugdzaam leven, niet

egoïsme. Goed en kwaad moeten volgens

hem beschouwd worden als gelijkwaardig

aan gezond en ongezond. Overgaan van

passiviteit naar activiteit is volgens

Spinoza altijd overweldigend, bevrijdend

en vreugdevol.

Toen ik psychotisch was dacht ik dat alles

een reden had, een functie en zodoende

met elkaar verbonden was. Tegenwoordig

geloof ik meer in dat dingen los staan van

elkaar, maar dat mensen zeker gelijkenissen

hebben, maar ook zeker hele grote

verschillen.

Plato zegt daarvan in zijn ideeënleer dat

alle vormen van de dingen die je ziet al

in een andere dimensie bekend waren

voordat jij ze herkend als werkelijk, maar

daarin wel losstaan als vorm.

Hier overtreed ik een regel, op zo een

moment kun je net zo goed doorgaan als

stoppen.


het spel

Vind een 0uderwetse of voor jou oude

quote!

De mens is in interactie. Je bent niks

zonder een omgeving.

Dit is voor mij inmiddels een oude

uitspraak ik probeer wel door veel uitdaging

te zoeken, mezelf te laten bestaan. Zo

heb ik dit geïnterpreteerd en geïntegreerd.

Als laatste heb ik een vraag met dit hiervoor

was waar ik ben geweest mijn voorgaande

beslissingen, maar nu zoek ik een

filosofische volwaardiging van de

structuur die ons leven rechtvaardigt.

Vind een nieuwerwetse of voor jou

nieuwe quote!

Zo kom ik uiteindelijk via Nietzsche

op Schopenhauer wat het

dichtst komt bij mijn algemene

blik op het moment. Ding an sich.

De menselijke wil wordt gestuurd

door motieven maar is zelf blind

en dom. Het is de drang om te

bestaan die in alles werkzaam

is, en tevens de bron van het

oneindige lijden van de wereld:

alles vecht om te bestaan en in

de levende natuur wordt geen

verlangen definitief bevredigd, en

dat allemaal zonder enige reden en

zonder enig doel.

Doel van het spel bereikt.

Tip

vind bij de conclusie een stuk met

humor

Nina de la Croix past wel bij mijn

conclusie

http://www.youtube.com/

watch?v=4e-8ZLA7-1M

• Laura Boekholt

• Foto: Ria Santing

7


8

Thema Spelen

Speel nog

eens een keer

Weet je nog? Spelen? Krijsen, brullen, gieren?

Nergens was het zo goed toeven als op straat met alle buurtjochies.

Als jochie speelde ik en had ik vaak zo’n lol! ‘Dat is een

lekker interessant uitgangspunt’, denkt u misschien. ‘Welk

gemiddeld snotjoch eigenlijk niet?’ Tsja, daar heeft u een punt…

en toch moet ik dit hier heel nodig kwijt: mijn schamele eerbetoontje

aan het spelen, aan het groen op m’n pijpen dat rook naar

jeugd en gras, aan de immer tolerante straatstenen en stoepranden,

aan de buurthond die elke keer dat je tufte de straat

schoonlikte, aan m’n pochende buurtjochies met kleine hartjes;

kortom aan vervlogen tijden, opdat ze heel even terug mogen

keren.

Zodra het huiswerk gepiept was en alle koekjes en melk naar

binnen gekieperd, kon het niet op. Naar buiten ja, waar de vogeltjes

vrolijk floten en de buurtjochies, diep verzuchtend over hun

crossfietsstuur, al lang op me stonden te wachten. ‘Waar bleef je

nou, man?’

Zeker tot aan m’n zestiende speelde ik het liefst elke dag op

straat: samen met de buurtjochies. Het was spannend. We waren

stuk voor stuk geoefende belletje-lellers. Ik weet nog goed hoe

ik verstopt in de bosjes het totaal doorgeflipte belletjelelslachtoffer

hoorde langslopen, in zichzelf slissend: ’Als ik die jongen te

pakken krijg, breek ik ‘m z’n nek!’ Nog nooit heb ik zó lang geen

adem gehaald. Ik scheen lijkbleek en met grote verwilderde ogen

uit de bosjes te zijn gekomen. Het waren natuurlijk de kleinste

opdondertjes die altijd op de meest doortrapte ideeën kwamen

(zoals het wrede, effectieve belletje lellen), maar ik kreeg als lange

slungel telkens weer de schuld. Zó oneerlijk, maar oh zo spannend!

Het was soms onbedaarlijk lachen. Vooral toen spelen langzaam

steeds meer hangend spelen werd. Hangend op straat waar alles

tot de grond afzeiken een steeds hoger goed werd. Zo werd elke

voorbijganger met ook maar de kleinste eigenaardigheid in wezen

gelijk behandeld, namelijk in kleurrijke termen afgezeken. Dat

was toen allemaal erg grappig. Daarnaast wijdden we elkaar

langzaam maar zeker in, in de canon van grappen over neuken

in elke denkbare holte en leerden we de donkere, allesvernietigende

kracht van ironie, cynisme en sarcasme voor gevorderden

hanteren. Ook dat was lachen!

Soms was het ronduit saai, hangend op een voetbalveldje -op de

kop- aan een leeg doel. Ronduit saai, maar wel saai in zijn meest

pure, eerlijke vorm. Je gezamenlijk kapot vervelen, zonder je daar

schuldig bij te voelen, hooguit lichtelijk geïrriteerd dat de ander

ook niets leuks wist te bedenken. Het was nog vóór de tijd van

drank en sigaretten, die het kinderlijk oprechte –echte- ´saai´

verpestten.

Natuurlijk leerde je er veel van, van spelen, niet dat wij ons daar

ooit van bewust waren. In het sociaal verkeer leerden we af –en

terugzeiken, we leerden doorzetten (belletje lellen op telkens

hetzelfde adres), veilig experimenteren (vanuit de bosjes). Motorisch

gezien leerden we op de kop aan een leeg doel hangen. Het

kon ons aan de reet roesten, als het maar leuk, spannend, oftewel

niet saai was. (Toen leek ‘saai’ nog niet zo romantisch.)

Tegenwoordig speel ik te weinig. De lust is me grondig vergaan.

Vroeger was het heel anders. Maar nu.. Alhoewel. Tijdens een

dagbehandeling (ik zei al dat de lust was me vergaan…) die ik

een jaar geleden deed, gingen we wel eens tikkertje doen op het

schoolpleintje aan de overkant. Ik had mezelf in jaren niet zo

horen gieren, brullen, sterker- kirren als een baby. Is het toch nog

mogelijk? Had ik maar wat huiswerk… dan stonden ze er vast al

lang te wachten!

Met dank aan m’n buurtjochies en alle ziedende buurmannen


Sjoerd Hesselmans


Schizofrenie vind ik een erg interessante

ziekte, namelijk omdat ik het zelf ook heb.

Ik ben nu 1 jaar en 7 maanden achter een

gesloten opgenomen geweest in fasehuizen

en klinieken in Groningen. lk kan me nog

heel goed herinneren hoe mijn gedachtes

van heel snel naar heel langzaam gingen.

Iets wat onder meer patiënten speelt is

dat antipsychotica of een psychose zelf, je

geheugen slechter maken. Ik heb mij laten

vertellen dat dit komt door een hersenbeschadiging.

Maar hoe zit dit in elkaar en

hoe ga je hiermee vooruit? Hulpverleenster

Roos werkt veel met psychiatrische

patiënten. Zij vertelt het volgende; ‘Deze

mensen hebben inderdaad door de vele

psychoses flink ‘gaten’ in hun hoofd om het

zo maar eens te zeggen. Er zijn als het ware

een aantal verbindingen weggeslagen en

sommige stoffen (zoals neurotransmitters)

worden niet meer aangemaakt of kunnen

delen van de hersenen niet bereiken. Veel

van deze patiënten zijn zich niet bewust

van het hier en nu en van hun omgeving. Je

zou het kunnen vergelijken met Korsakov

of dementie. Vaak is het ook nog zo dat

deze mensen met hele zware antipsychotica

behandeld zijn en dat levert ook

schade aan de hersenverbindingen op. Dit

is dan met name het geval bij de oudere

patiënten omdat de antipsychotica van

tegenwoordig effectiever kunnen worden

ingezet en minder schade aanrichten. Bij

de jongere patiënten zie ik de symptomen

van geheugenverlies en totale verwardheid

minder, maar zij zijn toch ook duidelijk

aangetast. Dit uit zich dan vooral in het

constant vreemd reageren op situaties en

mensen, paranoïde zijn, de hele dag boos

zijn of juist extreem uitgelaten. Je loopt

een groot risico om hersenbeschadiging op

te lopen als je chronisch psychotisch bent

(schizofreen), als je psychoses lang onbehandeld

bent gebleven en als je tijdens

psychoses drugs en alcohol gebruikt.

Daarom is het ook zo belangrijk om familie

en bekenden van psychiatrische patiënten

ervan te doordringen dat ze zo spoedig

mogelijk iemand moeten laten opnemen

zodat hij/zij snel behandeld kan worden.

Dan is de schade het minst.’

Zelf heb ik het idee dat dit onder de

cliënten wel bekende informatie is, alleen

wordt het aan ons iets liever gebracht..

Ik heb eindelijk een eigen huisje, in een

voor mij erg aantrekkelijke buurt. Wat ik

nu duidelijk merk is dat er binnen de zorg

veel wordt gefocust op onze ADL-functie

(Algemeen Dagelijkse Levensverrichtingen).

Want bij een ieder onder ons gaat

er wel eens wat mis, maar waarom?

Daarom vroeg ik psychiater Rikus Knegtering

het volgende:

Wat heeft de ADL-functie met de functie

van de hersenen te maken?

“Met de hersenen denken we na. Ook

dingen waarvan we zelf nauwelijks

merken dat we erover nadenken, worden

door onze hersenen bestuurd. Bijvoorbeeld

stofzuigen, typen, koken, schoonmaken,

zijn allemaal geleerd en uitgevoerd door

onze hersenen.

Voor veel mensen met een psychiatrisch

probleem is het goed onthouden

en concentreren lastig. Onthouden en

concentreren zijn functies van de hersenen

die erg kwetsbaar zijn. Ook is plannen

iets waar onze hersenen mee bezig zijn.

Goed verhaal

Wat kortsluiting

eigenlijk is

Plannen vergt veel rekenwerk voor de

hersenen. Neem bijvoorbeeld eten koken,

er moet steeds gepland worden, wat heb

ik nodig, waar kan ik het kopen, wat kook

ik het eerst, wat moet op hoog vuur en wat

niet. Dus bij psychiatrische problemen,

vooral als deze ernstig zijn, worden taken

waarbij veel onthouden moet worden of

gepland moet worden vaak lastiger. Wat

dan vaak helpt is bijvoorbeeld, een ding

tegelijk doen, agenda’s bijhouden, werken

met briefjes waarop staat wat te doen.”

Psychiater Erik Knegtering noemt het

liever geen hersenbeschadiging. Zijn idee

is volgens mij dat als je er aan werkt dat

de problemen lichter kunnen worden.

Daarom worden er binnenkort binnen de

gezondheidszorg Groningen ook de zogenaamde

HY trainingen aangeboden. Dit

zijn trainingen die je helpen hoe de dagelijkse

dingen voor jezelf makkelijker te

maken, zodat er weer van alles bij kan, wat

succes bevordert!

Ik vind het stuk herkenbaar, wat ik dus aan

mijn eigen ADL-functie doe, is de

supermarkt-recepten app gebruiken bij

het koken. Ik denk dat een mens zelf het

best weet hoe hij zichzelf uit de problemen

kan helpen.

• Laura Boekhoudt

• Illustratie: Ria Santing

9


10

Bart Huges (1934 – 2004)

Bart Huges is een bekende provo. De provobeweging heeft een tweejarig bestaan geleid in

de jaren zestig. Provo komt van het woord provoceren. Provo’s bedachten allerlei ludieke

acties om de regering te prikkelen. Bekende provo’s waren Simon Vinkenoog (schrijver en

kunstenaar) en Robert Jasper Grootveld (voerde strijd tegen het roken, bekend als antirookmagiër).

Zowel Simon Vinkenoog als Robert Jasper Grootveld waren goede vrienden van

Bart Huges.


Bart Huges was in die tijd student medicijnen

en zeer geïnteresseerd in trepanatie.

Trepanatie is het boren van een gat

in je schedel. Bart was ervan overtuigd

dat door het maken van een gat in zijn

hersenpan hij de rest van zijn leven een

verruimde geest zou hebben, alsof hij

permanent onder invloed van marihuana

zou zijn.

Theorie van trepanatie

De hersenen van de mens zijn gaan

verschrompelen omdat wij in de loop der

eeuwen rechtop zijn gaan staan. Doordat

bloed zwaarder is dan water, neemt het

hersenvolume af, waardoor de hersenfuncties,

waaronder het bewustzijn, ook

inkrimpen. Door een gat te boren in de

schedel zou het bewustzijn weer kunnen

verruimen.

Vrienden

Oorspronkelijk zouden Simon Vinkenoog

en Robert Jasper Bart helpen, maar dat liep

anders.

Simon Vinkenoog schreef niet alleen

boeken, hij was ook nog beeldend kunstenaar,

levenskunstenaar en vrije geest.

Ook zou hij indertijd behandelend arts

van Bart Huges worden. Samen met Louis

van Gasteren en Robert Jasper Grootveld

zouden ze Bart aan ‘het gaatje in zijn

hoofd’ helpen. Vinkenoog en de anderen

bedachten zich hierin, wellicht omdat zij

hun eigen medische kennis op dat gebied

niet wilden overschatten. Een aanklacht

tot medeplichtigheid aan moord, mocht

het mis gaan, zagen ze ook al niet zitten.

Deze eer in het doe-het-zelf-dokteren

lieten zij dan ook geheel aan Bart zelf over.

Bart heeft geprobeerd om meer mensen

bij elkaar te krijgen om ook een gat in het

hoofd te boren, maar dit idee mislukte.

Toch is het geen heel gek idee. Trepanatie

wordt al duizenden jaren toegepast. Er

zijn stammen in Afrika waarbij het maken

van een derde oog heel gewoon is. Volgens

Huges had ook Jezus een gat in Zijn hoofd

geboord. In de middeleeuwen boorde men

ook wel gaten in hoofden van mensen

om de boze geesten uit het hoofd te laten

verdwijnen.

Televisie

Op zes januari 1965 boorde Huges een

gat in zijn hoofd met een Black & Decker

in aanwezigheid van de pers en de televisie.

Heel Nederland heeft naar zijn daad

kunnen kijken. Het gat was in luttele

seconden geboord, maar het opruimen

van het bloed duurde bij elkaar wel vier

uren. Huges heeft dat zelf gedaan. En voor

de zekerheid heeft men hem nog twee

dagen opgenomen in het ziekenhuis. Hij

heeft het in ieder geval overleefd. Door

deze gewaagde actie werd Huges de held

van de provo’s en hij hield lezingen door

heel het land over bewustzijnsverruiming.

Hij werd landelijk bekend doordat

hij in april 1965 te gast was bij ‘Voor de

vuist weg’ van Willem Duys. Overtuigd

verruimd als hij was, vroeg hij Duys toch

ook eens LSD te proberen. Dit omstreden

optreden veroorzaakte zoveel opschudding

dat de overheid het nodig vond het

volk te waarschuwen: ‘schedelboring was

volslagen onzin’.

Huges was serieus in deze zaken. Hij heeft

één van zijn dochters zelfs Marie Juana

genoemd.

Hij schreef verder vele teksten over trepanatie.

Onder andere ‘the mechanism of

brainbloodvolume’. Tegenwoordig is het

nog steeds een ritueel gebruik onder Afrikaanse

stammen.

Isolement

Een paar jaren daarna wordt er weinig

meer gehoord over Huges en over zijn

leven als man met een gaatje in zijn hoofd.

In de jaren tachtig begon Bart Huges voor

het Tropenmuseum te werken. Na zijn

pensioen raakte hij in een isolement en

verkoos het om eenzaam te sterven.

• Elisabeth Smelik

• Foto: Thea Mulder

Een paar maanden wereldberoemd!

11


12

Boekbespreking

Boek: Buiten spelen

Auteur: Sophie van der Stap

Jaar uitgave: 2011

Uitgeverij: Prometheus

Prijs: ¤ 4,95

ISBN: 9025901638

Kijk verder dan je eigen vissenkom

Over een spirituele zoektocht naar jezelf en de buitenwereld

In het kader van de Maand van de Spiritualiteit heeft Van der Stap een autobiografisch essay geschreven. In het voorwoord wordt

duidelijk dat ze op zoek is naar spiritualiteit: wat betekent het? Volgens de schrijfster moet je spiritualiteit in jezelf zoeken en moet

je zelf graven naar diepte. Dankzij het schrijven van dit essay komt ze tot de kern en overstijgt ze zichzelf. Voor haar is dit idee vooral

gebonden aan vrijheid. Van der Stap zegt dat de vrijheid van het individu wordt belemmerd door onze eigen vissenkom. Dit idee van

de vissenkom is niet van haarzelf afkomstig, maar van Paloma, een hoogbegaafd meisje en Muriel Barbery (Elegant als een egel). Dit

idee is het uitgangspunt van Buiten spelen.

De vissenkom

Als je spiritueel geprikkeld wilt worden is het een aanrader om dit boek te lezen. Je wordt aan het denken gezet over het idee van

bijvoorbeeld de vissenkom die hierin centraal staat. Haar beschrijving van de vissenkom luidt als volgt: “je wordt erin geboren en je

gaat erin dood”. Met andere woorden, het is onmogelijk om te ontsnappen aan jezelf. Toch voelt Van der Stap de behoefte om buiten

haar eigen vissenkom te gaan. Ze wil buiten spelen! Om dat te realiseren moet je je in de eerste plaats bewust zijn van die omheining.

Na de bepaling van de verhouding van haarzelf tot de buitenwereld, neemt zij je bij de hand om jou te laten zien dat het leven verder

gaat dan alleen de vissenkom: “Ik wilde uit die vissenkom treden, uit mijn eigen ik”. Pas als je in staat bent om verder te kijken, ga je

je vrijheid tegemoet. Haar gedachtegang is voor de gemiddelde lezer goed te volgen: het vergt geen voorkennis, maar vraagt om algemene

ontwikkeling.

De diepte in

Van der Stap geeft haar boek een filosofisch tintje en daarmee gaat ze meer de diepte in die je van haar kan verwachten. Ze heeft in

haar leven zoveel meegemaakt – ze heeft kanker overleefd – dat het niet verwonderlijk is dat ze de zwaardere thema’s aansnijdt.

Buiten spelen is doordrenkt van haar eigen levenservaring. Bovendien is ze erg open over zichzelf en neemt ze je mee naar haar eigen

leven. Zo vertelt ze dat ze Amsterdam heeft verlaten voor een nieuwe wereld: Parijs. Ze daagt zichzelf uit en je merkt dat ze een

enorme ontwikkeling doormaakt. Ze is begonnen met een autobiografisch werk en heeft uiteindelijk een roman geschreven. Voor haar

is dit essay slechts een experiment en ze probeert je uit je eigen vissenkom te lokken. Ook de lezer wordt geacht om buiten te gaan

spelen! Als je jezelf beter wilt begrijpen en je horizon wil verbreden is dit de kans om deze doelstellingen te realiseren. Dankzij haar

manier van schrijven, namelijk toegankelijk, wordt het voor een breed publiek mogelijk om haar na te volgen. Door vallen en opstaan

word je wijzer en daar is alle ruimte voor geboden. Onderweg ontdekt Van der Stap het volgende: “Alles waar ik in de vissenkom

langszwem, is een verlengde van mezelf”.

Meekijken en meebeleven

Dankzij de zoektocht naar jezelf en je omgeving word je in haar wereld meegezogen en ben je een soort voyeur en tegelijkertijd staat

ze dat toe. Eigenlijk is ieder mens op zoek naar vrijheid en heb je de behoefte om te veranderen van vissenkom. Het blijkt echter geen

gemakkelijke opgave te zijn: “Phoeh, ik vind het een zware zoektocht, die van mezelf in de vissenkom”. Ze concludeert dat je uiteindelijk

toch veroordeeld bent tot je eigen vissenkom: de waarheid is te pijnlijk en de medemens te veroordelend, aldus Van der Stap.

Haar gedachtegang is prikkelend en ze associeert buiten spelen met stout gedrag dat alleen maar uitgebreid wordt naarmate je ouder

wordt. Levenservaring lijkt de sleutel tot geluk te zijn. Ben je in staat om met jezelf te breken om te zien waar je naartoe wilt? Aan het

einde gaan we terug naar binnen en merken we op dat het niet zo erg is daar. Ze komt tot het volgende standpunt: “(...) inspiratie vind

je niet op straat (ook al helpt het wel), maar ergens diep in jezelf, een plek waar je alleen kunt komen als je je losmaakt van een leger

aan beslommeringen en sociaal entertainment dat iedere ochtend weer klaarstaat om je dag op te eten”. Volgens mij heeft Van der

Stap genoeg buiten gespeeld en ik volg haar voorbeeld en ga nu lekker buiten spelen!


Carin Roelofs


‘Spons’ is het pseudoniem van José Bakker. José is kunstenares en publiceert in elke Foolcolor een nieuw werk.

13


14

THEATERGROEP FOOLCOLOR

Theatergroep Foolcolor treedt op met de voorstelling ‘Gestrand’ in heel Nederland!

Speeltijd: Oktober 2012 tot en met maart 2013

Boekingen: ip.weijer@lentis.nl

Gestrand

• Foto: Inge Jansen


Foto: Inge Jansen


SPELEN MET FANTASIE

1970

De stenen liggen netjes gerangschikt naar

vorm en kleur. De bouw kan beginnen.

Van witte stenen worden de muren opgetrokken.

Er komen grote ramen in met

blauwe kozijnen en een mooie groene deur.

De bouw kost tijd. Het moet een prachtige

villa worden waar het goed wonen is. Als

de muren overeind staan, wordt de woning

afgewerkt met een rood puntdak en natuurlijk

een schoorsteen. Dan zijn de bijgebouwen

aan de beurt. Er wordt een garage naast

het huis gezet, nog een extra schuur en

een tuinhuisje. Dan is de bouw voltooid. De

bouwer is tevreden.

Zo’n villa moet natuurlijk worden bewoond.

De bewoners arriveren. De bouwer laat een

fantasiewereld tot leven komen. De bewoners

schaffen meubels aan en een auto.

Er gebeurt van alles in en om het huis. Een

lust om naar te kijken.

De makers van LEGO laten alles over aan de

fantasie van de speler.

2012

Piep piep... Bliep... Tik tik tiktik..... Er verschijnt

een grote villa in beeld. De bewoner,

een woest uitziende kerel, flink bewapend,

komt naar buiten. Hij stapt in zijn snelle

bolide en maakt de wegen van de stad onveilig.

Hier gaat een lantaarnpaal tegen de vlakte

en daar wordt per ongeluk een voetganger

omver gereden. De bestuurder is onderweg

naar de vijand. Dan komt de vijand in beeld.

Meteen barst er een enorm vuurgevecht los,

totdat er van de vijand en zijn aanhangers

niets meer over is. Tot slot is de villa van

de vijand aan de beurt. Met een paar goed

gerichte handgranaten stort het prachtige

bouwwerk compleet in elkaar. GAME

OVER!

De programmeur heeft al zijn fantasie gestoken

in het maken van het spel.

En de speler?.....

De

huisdieren

van... Linda

We ontmoeten Linda in een klein dorpje op het Groningse platteland.

Zij heeft een gezellige kater, Luis. De naam verklaart zich

uit het feit dat hij luizen had. Toen Linda de kat ophaalde, hield ze

hem eerst zes weken binnen om aan het huis te wennen. Hij kwam

als kitten van negen weken, nu is het een trotse kater van zeven

jaar. Hij gaat nu veel naar buiten, vooral in de zomer. Hij blijft dan

in de buurt. In de winter ligt Luis vaak op de kachel.

En hij zit dan ook vaak voor het raam naar buiten te kijken.

In de weekenden krijgt Luis een extra lekker hapje. Vroeger ging

hij ook wel naar de buren en kreeg daar dan iets lekkers. Maar

omdat het nu crisis is doen de buren dat niet meer. Voor andere

katten is Luis niet altijd aardig. Maar met zijn bazin Linda kan hij

goed opschieten.

Linda, bedankt voor je verhaal over Luis en nog veel plezier met

deze viervoeter!

De naam Linda is om privacyredenen gefingeerd.



Chris van Boetzelaer

Foto: Annet Ritsema

15


16

Ervaringsverhaal

Mijn verhaal is aan de ene kant lang, maar aan de andere kant heel kort.

Ik heb veel meegemaakt, maar na lange tijd eindelijk een soort van evenwicht bereikt, waardoor ik mijzelf wel oud zie

worden.. en ook nog op een fijne manier.

Jeugd

Ik heb een vrij nare jeugd gehad. Vooral mijn pubertijd ervoer ik

als een nachtmerrie. Ik lag helemaal buiten de klas en thuis waren

mijn ouders gescheiden. Ik was ook gescheiden van mijn zusjes.

Na mijn pubertijd ging ik in Wageningen studeren en dat ervoerde

ik als een bevrijding. Een bevrijding van die rotklas uit mijn

pubertijd en van mijn ouders. Ik ging veel uit en had een bijbaan

naast mijn studie. En ik kreeg een relatie met mijn eerste liefde:

Remco.

Toch had ik veel last van stemmingswisselingen, en maakte

het regelmatig nog mee dat ik buiten een groep gezet werd. Dit

maakte mij zeer rebels, en ik ging de ‘zweef’ kant op: ik was een

Nieuwetijdskind en DAAROM maakte ik die dingen mee.

Ik stopte met werken en studeren en leefde van spaargeld, later

vroeg ik een uitkering aan.

Het ging toen (ook), na vijf en een half jaar, uit met Remco waar ik

al snel spijt van kreeg. Maar hij wilde niet meer bij me terug.

Ik ging zwerven en had ook nog liefdesverdriet van Remco. Ben

wel altijd opgevangen door hele lieve mensen -met de meesten ga

ik nog steeds om.

Sekte

Ik kwam in een sekte terecht, en net toen ik een uitkering en

woning kreeg ging ik naar een tiendaagse van die sekte. Ik kwam

daar psychotisch van terug.

Ik ben toen opgenomen bij Lentis Groningen, waar ik meteen

medicijnen kreeg. Ik reageerde erg slecht op deze medicijnen: ik

wilde mijn eigen leven beeindigen. Ik ging door naar UCP en kreeg

een ander medicijn (antipsychoticum), waar ik net zo slecht op

reageerde. Pas na afbouwen, keerde ‘het leven’ weer in mij terug.

Ik nam toen wel nog steeds een lage dosering (onderhoudsdosering).

Psychotisch

Ik had inmiddels een nieuwe vriend, Tirso, en woonde met hem

samen in mijn huis. Ik had een baan en had mijn studie psychologie

aan de RUG weer voortgezet.

In 2009 kreeg ik andere medicijnen, in een (zeer) lage dosering, en

werd ik opnieuw psychotisch. Ik ben zeven maanden achter elkaar

psychotisch geweest.

Uiteindelijk waren Tirso en ik ergens bij Zeist aan het zwerven,

zonder te eten en drinken, en werd ik daar opgenomen. Ik ondervond

toen voor het eerst zaken als een IBS en dwangbehandeling.

Omdat mijn familie, wonend in Limburg, zich over mij wilde

ontfermen, ben ik daarheen gegaan en bij de Mondriaan beland.

Hier heb ik mij hevig verzet tegen enige vorm van behandeling.

Ik was vooral bang dat ik opnieuw suïcidaal zou worden als ik

weer antipsychotica zou krijgen. Ik had ook het idee dat ik aan het

afkicken was van medicatie, waar ik mee gestopt was, en dat alles

vanzelf goed zou komen. Verder geloofde ik in Soteria, dat is een

alternatief op de reguliere psychiatrie. Zij werken met zeer weinig

tot geen neuroleptica. En daarom deed ik niet mee met hen.

Daarom gooiden ze me vijf keer per dat in de isoleercel en gaven

me gedwongen spuiten.

Ik werd inderdaad (zeer) suicidaal van die spuiten. Ik heb acht

maanden moeten vechten, voordat ik een psychiater kreeg die

met mij wilde afbouwen.

Januari 2011

Sinds januari 2011 zit ik op een dusdanig lage dosering, dat ik

mij prima voel en levensgeluk kan ervaren. Maar het helpt mij

ook nog: ik ben helder in mijn hoofd en kan goed contact met

andere mensen maken en houden. Ik heb er toen ook Lithium bij

gekregen, en dat helpt mij ook goed. Ik neem die middelen nu nog

steeds.

Ik ben ook na mijn tweede psychose al snel weer gaan werken,

omdat ik dat namelijk als een ‘normaliserende’ omgeving ervaar.

Met normale mensen.. gewoon alles is normaal. En daar ontspan

ik van. Ik kan niet tegen een klinische omgeving. Ik word daar

bloednerveus van. Als ik daar langer dan een paar weken zit, dan

weet ik niet meer waar voor zit en waar achter.

NU

Sinds deze periode heb ik in de Wereldwinkel Heerlen gewerkt,

waarna ik terugverhuisde naar Groningen (Tirso). Nu werk ik al

langer dan een jaar met bejaarden, en ik heb via UWV een traject

van werken en leren aangeboden gekregen in de zorg. Dat is 32 uur

per week, en begint in februari 2013. Ik ben hier erg enthousiast

over. Verder ben ik weer een jaar verder in mijn studie, die ik bij

de Open Universiteit heb voortgezet. Want de studiefinanciering

was op een gegeven moment op. En ik heb drie boeken uitgegeven,

waarvan twee over mijn psychosen.

Ze heten ‘Het Goede, het Kwade en Zelfvertrouwen’ en ‘Van

Psychose naar Herstel’ en zijn te bestellen bij www.boekscout.nl.

Tirso en ik hebben kortgeleden ook een woning gekregen dichtbij


het centrum van de stad. Daar zijn we heel blij mee. We hebben in

zes weken tijd de hele woning opgeknapt, en zijn nu bijna klaar.

De woning is groot genoeg om gasten te ontvangen, bijvoorbeeld

uit Limburg.

Tirso en ik hebben sinds januari 2011 een soort van evenwicht

bereikt, waar we ons prettig bij voelen en wat ook blijkt te

werken. We hebben werk, studie en veel lieve mensen om ons

heen.

Soms ga ik weer wat te snel, maar dan bezoek ik gewoon de

psychiater en gaat de Lithium bijvoorbeeld omhoog.

Zolang er niet gemorreld wordt aan de dosering antipsychotica

vind ik alles best. Want voor mij is dit een gevaarlijk middel. En ik

zal vast niet de enige zijn bij wie dat zo is. Maar godzijdank is het

al langer dan anderhalf jaar geleden, dat ik daar (extreem) onder

geleden heb. Nu kan ik alleen maar vooruit kijken en het verleden

achter mij laten. Die doktoren hebben het toch wel vast goed

bedoeld. Er loopt wel nog een zaak tegen de Mondriaan, waarin ik

een (forse) schadevergoeding vraag. Maar daar ben ik gelukkig ook

niet de hele tijd mee bezig.

Ik zie wel wat daar uit komt. Dat is iets waar jaren overheen

kunnen gaan.

En gelukkig ga ik waarschijnlijk nog heel wat jaren mee!

• Diana van Landeghem

• Illustratie: Ria Santing

Diana van Landeghem

Boeken Diana van Landeghem

Mijn eerste boek (over 2007) heet ‘Het Goede, het Kwade

en Zelfvertrouwen’ en is te bestellen bij uitgeverij

Boekscout (www.boekscout.nl). Het boek kost 14,95 euro +

1,95 verzendkosten.

Mijn tweede boek bestaat uit vier science fiction

verhalen en heet ‘De Reis Naar...’. Het zijn verhalen

waarin iemand telkens door de tijd heen reist en in die

andere tijd allemaal avonturen meemaakt. Deze is ook

bij mij te bestellen (zelfde prijzen als mijn derde boek).

Mijn derde boek (tweede boek over psychose) heet ‘Van

Psychose naar Herstel’ en omdat ik deze zelf nog ruim

in voorraad heb, is hij te bestellen bij mijzelf (sasseku@

gmail.com). Dit boek kost 15,95 euro + 1,95 verzendkosten.

Momenteel ligt mijn vierde boek op de plank bij de

uitgever, echter dit gaat over iets anders dan mijn

psychose(n)/stoornis.

Als je (alvast) wat wilt weten, het gaat over mijn

ervaringen als proefpersoon bij medische onderzoeken,

waaraan ik meedeed in de periode 2000-2002 en waar ik

zeer veel geld mee verdiend heb. Ik had toen nog geen

enkele psychose gehad.

Indien je meer wilt weten kun je mij ook altijd mailen:

sasseku@gmail.com.

17


18

Wia Buze is geboren op 2 januari 1970 en getogen in het vissersdorpje Termunterzijl. Op 15

jarige leeftijd is ze begonnen met zingen, haar allergrootste hobby. Op 2-jarige leeftijd wist ze al

dat ze zangeres wilde worden. Op de peuterspeelzaal was ze niet stil te krijgen, altijd maar

zingen. Halverwege de jaren ’80 was de Soundmixshow van Hennie Huisman een rage,

daar wilde ze aan meedoen. Dat heeft ze meerdere keren gedaan, maar nooit op TV geweest.

Puur omdat ze op niemand leek, ze is altijd zichzelf geweest en gebleven. Wel won ze veel talentenjachten,

waaronder de Jordaantrofee en het Nederlands Songfestival. In 1988

begon zij met Groninger liedjes. In 1991 leverde ze haar eerste Groningstalige CD af, daarna

volgden er nog 8, de laatste is een CD/DVD, een registratie van haar jubileumconcert in een

uitverkocht Martiniplaza in 2011. Eén van haar grootste fans was Robert Long, hij was dol

op het lied ‘Lydia’. Ook de rest van Wia haar repertoire zong hij uit volle borst mee. Naast het

zingen geeft Wia Nederlands op het Eemsdeltacollege in Delfzijl. De laatste jaren geeft ze les aan

buitenlandse kinderen die Nederlands moeten leren, daarvoor heeft ze jarenlang les gegeven aan

VMBO-leerlingen. Het zingen en lesgeven is een prima combinatie.

Woont in: Termunten

Soort hoes: Vrijstoand

Traauwd mit: Hans Hauer

Kinder: Nee

Oplaaiden: Pabo

Affeer: Docent Nederlands en zangeres

Grunnings: Wat aans?

Wanneer begonnen mit zingen: 1985

Hou bist bekend worden: Mit Grunneger laidjes

Leste strohalm: Gezond verstand

Levenslaid: Dou mor gewoon, din dust al gek genog

Mooiste laid: Sehnsucht nach Florenz van Stefanie Werger

Minste laid: Poing

Fraizen?: Best volk!

Stad of Ommelaand?: Ommelaand

Grootste dreum: 10 miljoen winnen

Wel ontwaarpt joen klaaier: Ik zulf en n vriendin

Schierste klaid: n Glittershirt mit n roos derop

Woarom?: Doar vuil k mie goud in.

Mainst openlek beleden woanidee: 10 miljoen winnen

Grootste geluk: Mien man en drij katten

Daipste verdriet: Dat wie gain kinder hebben

Mainst te vermieden vroag: Hou zwoar bist?

Naarnust: Nee

Haailige: St. Franciscus

In de woestijn zolst doe roupen: HELP! Mor dat het gain zin…

Doul van de wandeling des levens: Om n beetje schier bie t ende te kommen

Op raais noar t ènde van de nacht nemst doe mit: Hoop, op n nije dag

Slingers & confetti: Slingers, confetti geft zo’n zootje

Op ‘t kerkpad: Doar woont mien old collega

Frituur of puur: Puur

Flow: As t n beetje mitzit wel.

Met alle winden mitwaaien: Bin k nait meer van plan

Op de spits drieven: Nee

Mit snikke of spaceshuttle: Snikke

Mitslepend: Soms

Kleurt rood as: Ik n glas wien op heb

Oetdroagerij of Italiaans design: Oetdroagerij

God, feit of fictie?: Feit

Woarom?: k Geleuf nait in sprookjes

Vaals sentiment: Mie onbekend

Daipste gevuil: Onmacht bie dizze vroag

Nooit meer in mien leven: Tegen beter waiten in noar n aander luustern

Hollandse nuchterhaid: Dat is gain Grunneger nuchterhaid

Oavendgebed: Dat k n beetje lekker sloap en mien man nait snurkt.

En dat is zien gebed ook!

Dagsloeten: Drij katten bienoa doodknuffeln veur t sloapen goan

Bedankt veur t beantwoorden van de vroagen!


V R A G E N F E S T IJ N



Elisabeth Smelik

Foto: Jos Schuurman

19


20

Foppe

ontmoet

Biesheuvel

Foppe wordt midden in de nacht wakker. Hij is alleen en denkt heel snel na.

Hij leest zijn favoriete boek van de heer Biesheuvel en besluit hem op te

zoeken voor hij er niet meer is. Wat hij kon, kon hij immers ook.

Vol gas startte hij zijn electrofiets en begon te fietsen en wel met zo

een vaart dat hij het luchtruim koos en naar de maan fietste. Het ging heel

gemakkelijk en de maan scheen vriendelijk.

Eenmaal op de maan vond hij een bordje: ‘Ben net verhuisd, het is me hier te

druk, zie je zo op Mars, B.’ ‘’Ha,’ dacht Foppe, ‘Weer zo n grapje.’ Hij zat lekker

op de maan en zijn accu was leeg. Hij stak een sjekkie op en bekeek de

aarde nu eens van een heel andere kant. ‘Wat een drukte daar!’ dacht hij. Foppe

belde de begeleidster en die nam op. ‘Met Foppe op de maan,’ zegt hij. ‘Ha Foppe,

kom je snel terug, je hebt vandaag je uitje en je ontbijt met koffie staat

klaar.’ ‘Goed,’ zegt Foppe, ‘ik hoop dat ik op tijd terug ben want het is een heel

eind fietsen!’

Eenmaal terug geloofden ze hem niet natuurlijk en Biesheuvel had hij ook

niet ontmoet, maar hij had wel een foto van de maan. Tevreden lag Foppe in

zijn bedje en wist zelf niet of hij nu had gedroomd of dat zijn fietstochtje

echt was. Maar de kilometerteller stond op honderdduizend, echt waar, en die

liegt niet.

Het zal in mei 1976 geweest zijn, toen ik negen jaar was, maar de precieze datum weet ik niet meer

en die doet er ook niet zoveel toe. In die tijd knikkerden wij, leerlingen van de basisschool, in de lente

en zomer, als het tenminste mooi weer was, op het schoolplein en daarbij ging het er vaak fanatiek

aan toe. Omdat ik geen knikkers had, had ik het plan opgevat om in het warenhuis van het kleine dorp

waarin ik woonde, een netje met knikkers te kopen voor vijfenzeventig cent. Ik kreeg altijd op vrijdag

mijn zakgeld, vijftig cent, en omdat ik vijfentwintig cent van de week ervoor gespaard had, kon ik

het netje met knikkers aanschaffen. In het netje zaten tien gewone knikkers en wat wij noemden een

‘mooie knikker.’ De gewone knikkers waren van glas en de mooie knikker van een soort steen.

Het hele weekend genoot ik van de knikkers. Eigenlijk waren de gewone knikkers misschien nog wel mooier dan de mooie knikker.

De laatste was wit en er waren mooie kleuren op geschilderd in een abstracte vorm, maar de gewone knikkers hadden mooie

kleuren in abstracte vorm IN de knikker. Die kon je natuurlijk zien omdat ze van glas waren.

Het begint met één mooie knikker en tien gewone, dacht ik, en het eindigt ermee dat ik een enorme verzameling knikkers van

allerlei soorten opbouw.

Die maandag ging ik licht zenuwachtig naar school. Over hoeveel knikkers zou ik aan het einde van de dag wel beschikken?

Ik zette mijn mooie knikker op het schoolplein neer en algauw was er iemand die wilde proberen om op een afstand van vijf

stoeptegels mijn mooie knikker te raken. Het was in één keer raak. Nu was de mooie knikker van hem en moest ik hem terug zien

te winnen. Ik gooide zijn knikker en vervolgens mijn tien splinternieuwe knikkers, maar ik raakte de mooie knikker niet. In één

minuut was ik alles kwijt. Ik kon wel huilen, maar dat deed ik niet. Ook werd ik niet boos. Nee, ik voelde mij... vreemd.

Misschien is toen het besef in mij gekomen dat materiële dingen helemaal niets voorstellen, dat je alles zó kwijt kunt zijn, maar ik

weet niet of dat waar is.

Die knikkerverzameling is er nooit gekomen maar in de loop van mijn leven heb ik wel allerlei andere dingen verzameld. Mijn

collecties worden nooit groot omdat ik ze verkoop voor ze groot kunnen worden en ik verkoop ze voor een fractie van de prijs die ik

er zelf voor heb betaald.

Tegenwoordig verzamel ik boeken en cd’s en ik ben niet van plan ze ooit nog te verkopen. Ze mogen blijven tot ik dood ga. Daarna

kan het mij niets meer schelen en mag de hele boel in kringloopwinkels te koop worden aangeboden.

Zo eindigen veel verzamelingen.


Erik Bies


Tijdens mijn werk bij de lijstenmakerij in

Zuidlaren leerde ik Leo Martinus kennen.

Leo werkt daar al 5 jaren twee dagen per

week. Daar zag ik kaarten met foto’s van

het schilderwerk van Leo. Ik was daar echt

van onder de indruk en heb hem daarom

gevraagd voor de etalage.

Leo is 54 jaar en woont in Stadskanaal.

Hij heeft een bordercollie Morag die hij

meegenomen heeft uit Schotland waar hij

drie jaar heeft gewoond. Op een gegeven

moment moest hij terug naar Nederland.

Hij was toen net begonnen met schilderen

en bedacht dat hij wilde leren hoe hij zijn

eigen werk kon inlijsten. Bij Lentis hoorde

hij van de lijstenmakerij in Zuidlaren. En

zo begon zijn vaardigheid in het maken

van lijsten. De schilderijen van Leo zou je

In de etalage laten we iemand aan het woord met een bijzondere hobby of bezigheid.

magisch realistisch

kunnen noemen.

Hij wil laten zien

wat de gevolgen van

de klimaatsveranderingen

zouden

kunnen zijn. Hij

situeert de schilderijen

in Groningen

omdat hij in

Groningen geboren

is. Bovendien is

de stad Groningen

voor de meeste

Zijn schilderijen zijn

magisch realistisch!

Groningers een

heel bekende plek.

Het idee om dit in

zijn schilderijen te

laten zien is omdat

een beeld veel meer

zegt dan woorden.

Hij maakt een serie

schilderijen van

diverse plekken in

Groningen. Het idee

daarbij is dat de

dijken zijn doorgebroken

en Groningen

in het water staat. Wanneer je zijn schilderijen

ziet begrijp je precies wat hij bedoelt.

Daarnaast heeft Leo Morag waar hij zijn

leven mee deelt. De bordercollie geeft hem

veel vreugde en troost. Zeker in periodes

van depressie.

Leo heeft een klassieke auto, een Morris

Minor uit 1967, die hij koestert. Samen

met Morag reist hij naar de lijstenmakerij

en tussen de middag gaat hij heerlijk

wandelen met Morag in de bossen rond.

Lentis Zuidlaren. Hij moet er niet aan

denken dat Morag er niet zou zijn, hun

band is heel sterk.

Leo heeft een schilderij gemaakt van de

Auwemaborg in Tolbert. De borg bestaat al

lang niet meer, er zijn geen afbeeldingen

van, dus heeft hij een artist impression

geschilderd. Nu is hij bezig met het

schrijven van een boek over de geschiedenis

van de adellijke familie Auwema. Dit

boek wordt waarschijnlijk in 2013 uitgegeven,

want dan is het 600 jaar geleden dat

de borg is gebouwd. Schrijven is dus ook

een grote hobby van Leo.

Voor dit interview kwam Leo bij mij thuis.

We hebben het samen

uitgebreid gehad over

zijn hobby’s en zijn

hond. Toen ik Leo onze

tuin liet zien sprong

Morag gelijk in onze vijver. Na een aantal

kopjes koffie namen we weer afscheid van

elkaar. Ik hoop Leo, nu ik zelf niet meer bij

de Lijstenmakerij kom, toch vaker te zien.

• Elisabeth Smelik


Thea Mulder

21


22

Probleempje

M’n verblijf op Java duurt niet zo heel lang meer en ik heb een probleem: het vliegtuig

vertrekt pas nadat het visum al ruimschoots verlopen is. De boete per dag voor ‘overstay’

is hoog (af te rekenen in harde valuta), dus moet ik het visum zien te verlengen. Een

touristoffice (soort reisbureau, zeker geen VVV) vragen dit voor me te doen kost extra

geld en zelf naar een immigratiekantoor stappen zie ik niet zitten, aangezien dat meestal

wel een dag kost.

Tijdens een helder moment in het internetcafé bedenk ik dat één van m’n indonesische

Facebook vrienden me misschien kan helpen en post een berichtje. Ondertussen zijn

dat er al meer dan 50; vrijwel iedereen die me belaagt om zijn of haar engels te oefenen

wil vervolgens ook vrienden worden op Facebook. ’s Avonds is er bericht terug van een

groepje studenten die ik eerder ben tegengekomen. Ze nodigen me uit om in één van de

kampongs van Jogja te logeren, ver van de drukte van Marlboro street en het toeristengetto

eromheen.

Uit logeren

Dat laat ik me natuurlijk geen twee keer zeggen. De volgende ochtend arriveer ik met de

nachttrein in Jogjakarta. Er waren alleen nog kaartjes beschikbaar voor de luxe executive-class

met vliegtuigstoelen en airconditioning. Dat je voor airco betaald hebt zul je

merken ook: de temperatuur ligt ver beneden wat aangenaam is. Met bijna al mijn kleren

aan stap ik de warmte in, het perron op. Andhyra en Ilham, de twee studenten die me

komen ophalen, brengen me naar Ilham’s huis. Speciaal voor dit soort gelegenheden heb

ik wat cadeautjes meegenomen, tijdens het kennismaken geef ik ze om het ijs te breken

beide een Groningen T-shirt. Nu woon ik tijdelijk vlakbij het centrum van de stad, met

een eigen slaapkamer en een rijstveld pal naast de deur.

Sponsor gezocht

De volgende dag staat eerst het immigratiekantoor op het programma. Andhyra helpt me

alle benodigde formulieren in een recordtijd in te vullen, dus staan we vooraan in de rij.

De ambtenaar wenkt ons naar het loket, werpt een blik op de papieren en schudt ‘nee’.

Een felle discussie in het Bahasa volgt en Andhyra vertaald dat ik ook een ‘sponsor’ nodig

heb. Opgelucht dat dit alles is zeg ik tegen de ambtenaar dat ik mezelf sponsor; ik heb

exact genoeg geld om het tot de terugreis uit te houden.


Maar de immigratieambtenaar wil een

brief zien, waarin ik uitgenodigd wordt

om naar Indonesië te komen, met naam en

adres van iemand die voor mij verantwoordelijk

is. Ik wil gewoon een visumverlenging,

wat is dit nou weer voor onzin? Hij

wil -tegen betaling- wel mijn sponsor zijn

en anders moeten we na de lunchpauze

maar eens terugkomen. We druipen af en

gaan limonade drinken bij een kraampje

langs de weg.

Andhrya en Ilham op avondmarkt

Een paar telefoontjes later heb ik toch een

sponsor. Ilham’s vader wil vanaf zijn werk

wel een briefje faxen op officieel briefpapier

en ondertekend met professor doctor,

vicemanager en meer van die blabla. We

gaan terug naar de ambtenaar, die ineens

veel behulpzamer lijkt. De formulieren en

m’n paspoort worden eindelijk ingenomen

om te stempelen en we krijgen te horen:

‘jullie kunnen de pas over een week weer

ophalen, maar natuurlijk is er de mogelijkheid

tot snelservice als je een beetje

bijbetaald’. Nu m’n paspoort bij de immigratiedienst

ligt, voor een verlenging die

er toch wel komt, heb ik geen haast meer.

Lachend lopen we weg, de ambtenaar

heeft vandaag geen geluk.

LEES

VERDER

23


24

Indrayanti strand Campuskantine

Ondertussen op de campus

De colleges gaan natuurlijk gewoon

door en wanneer we aan het eind van

de middag arriveren op de universiteit

blijkt dat mijn nieuwe vrienden

druk bezig zijn geweest. Er is een lijst

gemaakt van alle dingen die binnen een

straal van 250 kilometer gezien, gedaan

en vooral ook gegeten moeten worden.

De meeste attracties in de stad zelf plus

de Borobodur heb ik de eerste keer al

bezichtigd. Als één van de studenten

een rijbewijs heeft, kunnen we de

komende dagen wel wat rondtoeren.

Het duurt toch nog een week voordat

m’n paspoort gestempeld is.

Een dagje naar het strand – roedjak

en sambal

De dag erop huur ik een auto en

besluiten we naar het strand te gaan.

Parangtritis-beach is vlakbij maar heeft

geen wit zand, is druk en volgebouwd

met warungs. In plaats daarvan rijden

we naar Indrayanti-beach, een tropisch

strand zoals je dat soms in reisfolders

en op ansichtkaarten ziet, een stuk

verderop.

Vijf uur rijden later, over niet altijd

even goede wegen, zijn we er. Eindelijk

de benen strekken! Vanaf het uitzichtpunt

valt de hele baai goed te overzien.

Het hoefijzervormige strand wordt

omgeven door kale rotsen en dichtbegroeide

heuvels. Tussen de palmen

staan een paar huisjes, waarschijnlijk

van de vissers die hun boten aan het

eind van de vaargeul het strand op

hebben gesleept. Er zijn geen badgasten

te zien. De woeste zee beukt op de kust

en zonnebaden is een rare westerse

gewoonte. Hongerig lopen we terug om

in de schaduw van een ananasboom

te picknicken met ijsthee en roedjak

(fijngesneden onrijpe vruchten, aangemaakt

met azijn, pepers en zoete

ketjap).

Op de terugweg stoppen we bij een

sambalrestaurant dat meer dan 20

soorten sambal op de menukaart heeft

staan, variërend van betrekkelijk mild

tot gruwelijk scherp. De studenten

trakteren en lijken van plan de hele

lijst af te werken. Telkens scheppen

ze nieuwe sambal op om te proeven,

gelukkig hou ik van pittig eten. Bij de op

twee na scherpste variant moet ik me

echter zwetend, met brandende ogen en

slokdarm, gewonnen geven. Tijdens het

koken draagt de kok hier een gasmasker

tegen de peperdampen, geen overbodige

luxe.

De Merapi - konijnensaté

Vandaag staat een wandeling op de

Merapi vulkaan op het programma.

Blijkbaar is dit een populaire bestemming

voor dagjesmensen uit de buurwant

de parkeerplaats is afgeladen.

Tussen de eetgelegenheden zie ik een

podium met instrumenten. Deze

worden gebruikt om de typisch indonesische

gamelanmuziek te maken. Vlug

vormen we stiekem een orkestje, maar

worden al snel weggestuurd. Eigenlijk

was het ook niet om aan te horen en

de opzichter is bang dat we de antieke

instrumenten beschadigen.

Via een betonnen pad wandelen we

omhoog naar een waterval die zo goed

als drooggevallen is. In het regenseizoen

zal die er wel indrukwekkender uitzien.

Nu is het echter de toegangprijs niet

waard, zeker niet omdat buitenlanders

10 keer de normale prijs voor entree

betalen. Op de terugweg naar de auto

komen we een troep apen tegen en is er

wat meer tijd om het eten aan het begin

te bestuderen. Het lijkt erop dat ze hier

Vlaamse Reuzen fokken (of de konijnensaté

wordt gemaakt van kat); het

karkas waar de vrouw stukjes afsnijdt

is behoorlijk groot. Terwijl het ruim

30 graden is, hangt het vlees als bij de

meeste warungs buiten. Vanwege de

afmetingen passen er ook veel vliegen

op, sommige met een metallic groen

achterlijf. De eetlust vergaat me een

beetje en ik besluit te wachten met eten

tot vanavond.

Die avond gaan we eten bij de sultan.

Althans: in een goedkoop restaurant in

een stukje van zijn enorme paleis. Het is

er gezellig druk. M’n maag knort, maar

ik heb nog altijd geen trek. Al ziet het

buffet met allerlei lokale etenswaren

er nog zo goed uit, het met vliegen

bedekte karkas van een konijn aan


Sambalrestaurant Gammelan orkest

een vleeshaak blijft me achtervolgen.

Totdat ik een typisch product van

Jogjakarta ontwaar, het lijkt op minivlaai

en smaakt zelfs in de verte naar

vruchtentaart. Met een piramide van

minivlaaitjes op m’n bord geladen ben

ik helemaal tevreden, ik voel me net de

sultan zelf…

Kota Gede – pizza

Ilham, Andhyra en de andere studenten

zijn enorm gastvrij. Ik geef nu geen geld

uit aan een losmen (goedkoop hotel)

of benzine en zelfs de maaltijden en

drinken worden voor me betaald. Toch

heb ik al enkele dagen geleden de auto

teruggebracht, aangezien de huur alleen

het dagbudget te boven gaat. Van het

beetje geld dat ik gespaard heb wil ik

shoppen voor een kettinkje voor mama,

zij is vandaag namelijk jarig. Met de

stadsbus (en een paar studenten als

gids en onderhandelaar)-ga ik naar Kota

Gede, in het hartje van de juwelierswijk.

De prijzen hier zijn toeristisch

hoog, maar de studenten helpen me en

dankzij hen hoef ik slechts een fractie

daarvan af te rekenen.

Als dank voor de afgelopen week trakteer

ik die avond de groep op echte pizza

van de pizzeria. Voor sommigen is dit

echt de eerste keer in hun leven dat ze

pizza eten! De studenten hebben ook

een verrassing voor mij in petto: met

de hele groep nemen we de bus naar de

heuvels aan de rand van de stad. Het is

een donkere nacht en vanaf een platform

zie je de lichtjes van Jogjakarta

zich uitspreiden, op 2 of 3 wijken na die

op dat tijdstip geen stroom hebben.

Wat verdrietig bedenk ik bij het

ontwaken dat we straks afscheid

nemen. De afgelopen week heb ik een

paar goede nieuwe vrienden gemaakt.

We gaan voor de laatste keer samen op

de motor naar de immigratiedienst om

mijn paspoort op te halen. Ik moet weer

verder.

• Gijs van der Paauw

Kok sambalrestaurant

Aapje op Merapi vulkaan

25


26

LEKKER MEKKEREN

Het weer valt tegen, je moeder luistert niet, je baas is een lul, de stoep ligt vol poep.

Kortom, het leven is niet wat je ervan had verwacht.

Wij van Foolcolor hebben er begrip voor en stellen een deel van ons blad open voor alle soorten geklaag.

De Klaagmuur is geboren!

Dus, heb je zin om eens flink te jeremiëren over iets? Stuur het ons op, dan plaatsen wij het op de Klaagmuur.

Misschien werkt het wel heel therapeutisch.

We zijn benieuwd!

Dag,

In stappen:

1. Schrijf een klaagbrief(je)

2. Stuur hem op naar de redactie. Het (e-mail)adres staat voorin Foolcolor Magazine.

3. Wij pakken hem uit en plaatsen hem op de muur.

Wat is er fijner dan klagen?

Ik heb een klacht. Je hoort tegenwoordig

alleen nog maar ‘Crisis, crisis,

crisis’. Ik heb steeds meer het gevoel

dat mijn waarde als mens alleen nog

in geld is uit te drukken. Is er nog iets

anders belangrijk behalve geld of het

gebrek eraan?

Soms voelt het alsof er een euroteken

op m’n voorhoofd staat met een grote

nul ervoor. Mijn sociaal-economische

status is laag en dus ook mijn (eigen)

waarde. Dat voelt dus shit. Mensen zijn

meer waard dan wat ze verdienen in

euro´s!

Ik stel voor elke minister-president met

de achternaam Rutte in 2014 duizend

stokslagen te geven!

Anoniem

Klaagmuur

Hoi,

Ik kom even klagen. Ik ben inderdaad al even

alleen, vriendinloos. Dat bracht mijn moeder en

m’n zusje op het idee te zeggen dat ik misschien

een hond moest nemen. Betuttelaarsters!!!

Vorige Valentijn spring ik toch een klein gat in de

lucht toen er een kaart met een hart in de bus

zat, met als tekst “love xxx”. Leuk en spannend.

Bleek het van m’n moeder en zus te komen!!!

Goedbedoelende trutterij, dus. Shitwijven.

Maar ja , het blijft je familie.

Klaas Anoniem


Boekbespreking

Titel: Doe eens normaal

over de zin en onzin van psychiatrische diagnoses

Auteur: Malou van Hintum

ISBN: 978-90-351-3747-9

Een eenduidige stempel gezond of ongezond tussen normaal en een invaliderende ‘hersenziekte’ ligt vaak aan meer dan één

enkel aspect. En of! een afwijking te maken kan hebben met de omstandigheden en omgeving van een individu. Een kijk op het

verschil tussen een dip en een depressie. De context waarin problemen zich voordoen is mede afhankelijk van het maatschappelijke

en sociale functioneren. Net zoals op cultureel en economisch vlak waar allerlei kwetsbaarheden kunnen liggen. Het

antwoord is dus niet van één dingetje afhankelijk, er blijven ook na het lezen van dit boek nog steeds vragen open.

Dit boek gaat over de grens tussen gek en normaal of afwijkend en gewoon, het is maar net hoe je het telkens wilt benoemen. Er

is geen eenduidige afspraak die het grijze gebied teniet doet omdat de wereld op psychisch gebied zich niet zo gemakkelijk als

zwart/wit laat indelen. Niet alles lijkt even kleurloos, mensen onderscheiden per afwijking is nogal simpel door te snel ergens

een etiket op te plakken. Van Hintum wil in dit boek benadrukken hiermee zuinig om te gaan, ‘hersenziekten’ bestaan niet. Het

persoonlijke hinder dat men zelf vooral heeft van de klachten telt uiteindelijk zwaar. De hoofdstukken in het boek zijn mooi

opgesplitst maar alle onderdelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden middels verwijzingen. Liggen psychiatrische aandoeningen

vast in de genen of is er goede aanleiding door de invloed van de omgeving. Malou van Hintum geeft aan dat er sprake is

van een en/en en of/of situatie. Enkele bekende ‘hersenziekten’ als ADHD en autisme worden met hun criteria besproken. En

de Grote Vier: de meest voorkomende psychische symptomen, evenals de bijbel der psychiaters –de DSM- worden onder de loep

genomen.

Allemaal volkomen normaal zijn -hiermee eindigt de schrijfster haar boek- dat is pas écht gek. In tegenstelling tot ziekten die

lichamelijk zijn, die vaker sneller duidelijk zijn qua diagnose stellen en hoe te behandelen, zijn psychische ongemakken veel

lastiger te diagnosticeren en hiervoor direct een goede oplossing te vinden. Er zijn ook kenmerken die bij het ‘normale’ leven

horen maar lastig zijn, die dan van een tijdelijke aard zijn. Maar voor een stressperiode is in onze maatschappij bijna geen tijd.

Het verschil tussen arm en rijk speelt parten in ziektekosten en veranderingen in de zorg de laatste jaren. Zoals de eigen bijdrage

laat juist de zieken in de psychiatrie zelf de keuze te maken om zich dan nog te laten behandelen en mede hun inkomen dat dan

vaak bepaalt. De overheid wijst in veel gevallen terug op de maatschappij en de individuele veerkracht.

Een aardig boek om eens door te nemen met name op wetenschappelijk gebied, met een vrij pittig vocabulaire.


Lisette Soppe

27


28

Wat voor therapieën zijn er allemaal op de markt? Het aanbod is groot. In deze rubriek bespreken we elke twee maanden een minder bekende

of nieuwe vorm van therapie. Heb je zelf ervaring met een niet-reguliere behandeling en zou je die willen delen, dan nodigen we je graag

uit hierover te vertellen.

Dat lachen gezond is is al eeuwen bekend als volkswijsheid. Wim Sonneveld wist het ook en zong het onderstaande lied vol

overtuiging:

In de vorige eeuw is er serieus onderzoek

gedaan naar het effect van lachen op je

lijf. Nu blijkt dat zelfs wanneer je depressief

en zwaarmoedig bent, het helpt om

dagelijks een lachmeditatie te doen.

Onderzoekers hebben ontdekt, dat vrolijke

mensen gezonder zijn dan piekeraars.

Mensen die veel lachen hebben een beter

immuunsysteem en zijn daardoor minder

vatbaar voor infecties. Dit komt doordat

je hersenen tijdens het lachen het ‘gelukshormoon’

endorfine produceren. Endorfine

heeft een kalmerend en pijnstillend

effect. En zelfs wanneer je helemaal geen

zin in lachen hebt, maar je gaat geforceerd

lachen maakt je lijf endorfine aan. Je houdt

je hersenen als het ware voor de gek. Het

heeft dus zeker zin om te lachen wanneer

je je erg rot voelt.

India

De lachmeditatie komt oorspronkelijk uit

India. Grote groepen mensen beoefenen

het lachen iedere ochtend na het opstaan

(dat schijnt het beste tijdstip te zijn). Men

rekt en strekt zijn of haar lichaam eerst

goed uit, dan krullen ze de lippen naar

boven in een glimlach en daarna in een

“Als je huilt ben je een stakker

Ga dan effe voor de spiegel staan

En dan is ‘ie voor de bakker

Want je kijkt je malle faassie aan

Mens, dan schrik je van je eige

Je gezicht is groen en pimpelpaars

Lach jezelf dan uit

En trek een lollig snuit

En lap de hele rommel aan je laars”

grote grijns, vervolgens gaan ze zomaar

lachen. Vanuit de buik met een zwaar “ha

ha ha” of eerst wat giechelen, waarna je

eigen lach vrijkomt. Je kunt om het lachen

te stimuleren een gek dansje doen of eerst

wat gekke bekken te trekken, kijken naar

de andere lachers en opeens zul je merken

dat je vanzelf gaat lachen. Je kunt wanneer

je helemaal alleen bent op internet filmpjes

kijken (zoek maar op lachtherapie dan

vind je heel wat filmpjes) naar lachende

mensen. Na het lachen mag je ervaren dat

je gedachten leeg zijn en je je beter voelt.

Luisteren naar de stilte die is ontstaan

in je hoofd en omgeving. Dat het werkt is

bewezen.

Meditatie

Natuurlijk zijn met lachen alleen niet al

je problemen zomaar opgelost. Het is dan

ook geen echte therapie. Het is een meditatie

die je kan helpen om je iedere dag

iets gelukkiger te laten voelen, want door

te lachen, ook al is het niet echt, wordt

(bewezen) endorfine aangemaakt en van

endorfine ga je je gelukkiger voelen. Oefening

baart kunst, dus moet je veel oefenen.

Humor

Humor is één van de wonderlijke vaardigheden

die mensen wel hebben, maar

dieren waarschijnlijk niet. Met humor

creëer je een beetje afstand om naar

jezelf te kijken. Door lachen lijken ‘grote’

problemen opeens een stuk kleiner. Het

verlaagt je stressgevoel. Als je na het

lachen lekker uithuilt is dat ook prima,

want echt huilen kalmeert ook. Het

gekke alleen is dat met geforceerd huilen

je hersenen geen endorfine aanmaken.

Lachen heeft dat effect wel. Bij Lentis

wordt nog geen lachmeditatie gegeven.

Wellicht is het een vorm van meditatie die

het Centrum voor Integrale Psychiatrie

(CIP) zou kunnen oppakken, want bij het

CIP wordt al gebruik gemaakt van diverse

vormen van meditatie.

• Elisabeth Smelik

• Foto: Thea Mulder en Annet Ritsema


L

a

c

h

t

h

e

r

a

p

i

e

29


30

Spelletjes spelen op de computer of op internet kan een leuk tijdverdrijf zijn.

Het spelen van spelletjes levert vaak succes op en ook beloning en dagen je uit

om steeds beter te worden in het spel dat je speelt. Miljoenen mensen spelen

wereldwijd computerspellen, zowel spellen op de computer als spellen op het

internet.

Helaas heeft het spelen van deze spellen ook een andere kant. Sommige mensen

raken zo verslaafd aan het gamen dat ze geen aandacht meer hebben voor

de mensen in hun omgeving, hun vriendschappen verwaarlozen, hun relaties

verwaarlozen. Jongeren die verslaafd zijn aan computerspellen verwaarlozen

hun huiswerk waardoor het slechter gaat op school. Ze kunnen niet meer stoppen

met gamen en gamen soms dagen en nachten achter elkaar. Ze zijn verslaafd.

Problemen

Ongeveer drie procent van de mensen

(voornamelijk jongens en mannen) die

wereldwijd spellen spelen op de computer

is verslaafd. In Nederland tellen we ondertussen

ruim twintigduizend verslaafde

gamers. De jongste onder deze gamers

is pas acht jaren oud! Voor de meeste

mensen is spelletjes spelen op de pc dus

een gewoon leuk tijdverdrijf, maar de

twintigduizend verslaafden in ons land

hebben een serieus probleem. Door veel te

spelen vluchten ze weg voor de realiteit.

Hun hersenen worden op een bepaalde

manier actiever. De hersenen maken adrenaline,

endorfine en dopamine aan. Aan

deze stofjes raak je verslaafd. Het is bijna

te vergelijken met het nemen van drugs.

Daarom vinden wetenschappers ondertussen

dat gamen een echte verslaving is.

Deze erkenning is er pas kort en wordt nog

druk verder onderzocht.

Stoppen met gamen

Wanneer een verslaafde gamer stopt

met het spelen zakken de concentraties

van de aangemaakte hormonen tot hun

normale niveau waardoor de speler zich

ziek gaat voelen. Hij of zij heeft afkickverschijnselen.

Om zich weer lekker te voelen

moeten ze weer gaan gamen. Natuurlijk

is het spel zelf van groot belang. Je wordt

beloond of gestraft voor je daden. Beloning

in punten of levens, afstraffing door

puntenverlies of “game over”. Dit zijn

korte terugkerende kicks.

Een psychische stoornis kenmerkt zich door afwijkende ervaringen en

gedragingen. Aan de hand van observatie en gesprekken met de patiënt kan de

arts zo goed mogelijk proberen een diagnose te stellen. Hij of zij zal daarbij

het handboek van diagnostiek (DSM) gebruiken waarin beschrijvingen en

symptomen van stoornissen systematisch vermeld staan.

Kicken!!

Wanneer je ervan bent overtuigd dat je

door jouw handigheid en slimme spel kunt

winnen en je koste wat het kost dat doel

ook wilt bereiken, niet meer kunt stoppen

zonder dat je je doel bereikt denk je niet

meer aan de vervelende dingen in je leven.

Je creëert je eigen spannende leven in een

virtuele realiteit. Je kunt iets bereiken

door steeds een niveau hoger te komen, je

kunt respect krijgen van medespelers en je

beleeft een plezierige spanning.

De toekomst

Verslavingsdeskundigen denken dat ongeveer

tien tot twintig procent van de spelers

aanleg hebben voor gameverslaving. Dit

wordt nog eens versterkt doordat er voor

steeds jongere spelers spellen worden

ontwikkeld. Denk maar aan dat kind

van acht jaar dat al is verslaafd. Het is de

verslaving van de toekomst.

Wanneer verslaafd?

Tekenen dat je echt verslaafd bent

Wanneer je je werk, school, je sociale leven

en zelfs je nachtrust, eten en persoonlijke

hygiëne verwaarloost, misschien zelfs

helemaal opoffert op spelletjes te spelen

dan kun je aannemen dat je verslaafd bent.

Je speelt minimaal zes uren op een dag.

Je omgeving begint op je te mopperen en

vinden je raar. Ze dringen niet meer tot

je door. Je wordt kwaad wanneer iemand

er wat van zegt, je ontkent het. Je gaat

misschien hele nachten spelen. Je hele

sociale leven speelt zich voortaan af op het

internet.

Online roleplaying games

Online RolePlaying Games (spellen op

internet waarbij je je eigen persoonlijkheid

“avatar” maakt.

Deze spellen zijn er bekend om dat ze veel

tijd van de speler vergen. Bovendien maak

je afspraken met andere internetspelers

en daar moet je je aan houden. Er komt

geen einde aan het spel. Je creëert een heel

eigen wereld. Een bekend spel is World of

Warcraft. Op een gegeven moment had dit

spel ruim negen miljoen fanatieke spelers.

Veel van deze spelers zijn verslaafd geraakt

aan dit spel.


Gameverslaving

L

a

c

h

t

h

e

r

a

p

i

e

Wat te doen als je van je verslaving

af wilt?

Op dit moment is gameverslaving nog geen

medische ziekte. Een behandeling wordt

niet vergoed door de ziektekostenverzekeraars.

Ouders zouden alert moeten zijn

op tekenen van gameverslaving bij hun

kinderen. Ze moeten alternatieven aan

hun kinderen bieden.

Wat als je als volwassene verslaafd

bent?

Er zijn gevallen bekend dat een gamer na

negen dagen en nachten gamen dood neervalt.

Wil je dat? Vraag hulp aan je familie

of vrienden. Zoek een eerste lijns psycho-

loog op als je die kunt betalen. Zet een tijdslot

op je computer zodat je niet meer dan

drie uren per dag kunt gamen. Trek aan de

bel bij de huisarts.

In 2007 besloot de American Medical

Association om het overmatig gamen

geen verslaving te noemen, omdat op dat

moment het wetenschappelijke onderzoek

op dit terrein nog niet ver genoeg

gevorderd is. Op 21 juni 2007 is er een

persverklaring uitgeven van de American

Psychiatric Association dat gameverslaving

NIET in de DSM als een gedragsverslaving

wordt opgenomen.

Omdat in Europa gameverslaving nog

geen medische erkenning geniet worden

behandelingen niet door een ziektekostenverzekering

vergoed.

Doordat er wetenschappelijk nog zo weinig

bekend is, zijn er geen richtlijnen voor het

ontwerpen van spellen. Spelontwikkelaars

hebben dus vrij spel in het ontwerpen

van een game. Bij de makers van diverse

computerspellen is bekend, dat zij de mate

van verslaving doelbewust meewegen

in hun commerciële strategie: hoe meer

mensen spelen, hoe meer zij verdienen.

• Elisabeth Smelik

• Foto: David Pichler

31


32

- Advertenties -

Geld terug?

Lees alles over de

eigen bijdrage en

hoe je geld terug

kunt krijgen. Vraag

naar de folder bij je

hulpverlener.

Kijk ook eens op onze website:

www.foolcolormedia.nl

NIKS

TE

MELDEN?

Ook dan zien we graag jouw

inzending tegemoet!

Stuur jouw verhaal, gedicht,

tekening, strip, ervaring,

enzovoorts op naar

Foolcolor Magazine

En misschien staat jouw

bijdrage in de volgende editie

van Foolcolor Magazine!


OP EEN RIJ

In deze rubriek staat kort nieuws uit de ggz. Raadpleeg voor actuele berichten onze website www.foolcolormedia.nl

Enkelband

De reclassering in Nederland wil vaker gebruik gaan maken van

de enkelband, als straf voor criminelen. Dit idee is er, zodat criminelen

tijdens hun straf een opleiding kunnen volgen of kunnen

gaan werken. Dit moet er dan voor zorgen als de straf erop zit, de

criminelen weer gemakkelijker integreren in de maatschappij.

Een ander bijkomend voordeel is dat het ook stukken goedkoper

is om een crimineel een enkelband te geven dan in de gevangenis

te plaatsen. Een dag in de gevangenis kost ¤217 en een enkelband

kost per dag tussen de ¤50 en ¤70 en aangezien er bezuinigd moet

worden In Nederland zal dit helpen.

Er zijn twee verschillende soorten enkelbanden, namelijk: één

die werkt op radiogolven (hier wordt het meeste gebruik van

gemaakt) en één met een gps-systeem. Het systeem met radiogolven

is bedoeld voor iemand die op bepaalde plaatsen moet

blijven. Het gps-systeem is bedoeld voor criminelen die niet op

specifieke plaatsen mogen komen.

• Ria Santng

Grens alcohol geen 16 maar 18

In de kamer is een wetsvoorstel ingediend voor een verhoging van

de alcoholleeftijd van 16 naar 18 jaar. Nog net voor de zomer werd

de wetswijziging door de ChristenUnie, de PvdA, CDA, SGP en

de PvdD samen voorgesteld. Het initiatief kwam van de Christen

Unie, de SP en Groenlinks steunen eveneens het plan voor het

overgrote deel. Er kwam duidelijk naar voren dat de meerderheid

in de eerste en tweede kamer het hiermee eens zouden zijn.

Ook liet de minister van Volksgezondheid weten geen bezwaren

te hebben tegen de verhoging van de leeftijdsgrens. Momenteel

mogen 16-jarigen alleen dranken waarbij het alcoholpercentage

onder de 15% is kopen. Wanneer de grens omhoog gaat zoals

voorgesteld mag er geen alcohol genuttigd worden onder de 18

jaar. De wet verbiedt tevens alcohol te verkopen aan jongeren

onder de 18. Het aantal comazuipers bleek in de afgelopen 5

jaar te zijn verdubbeld. Ouders zouden eerder verantwoordelijk

worden gehouden voor het alcoholgedrag van hun kinderen.

Alcoholgebruik onder jongeren, waarbij de hersens nog volop in

ontwikkeling zijn, levert teveel schade op. De norm wordt; Geen

18, geen druppel.

In het Lente-akkoord is reeds afgesproken dat drank duurder zal

worden. En ook worden de mogelijkheden voor het maken van

reclame voor alcohol ingeperkt. Deze maatregelen zullen hopelijk

positief bijdragen aan het alcoholprobleem onder jongeren. De

wet is mogelijk al op 1 januari 2013 van kracht maar het kan ook 1

juli worden.

• Lisette Soppe

Dat is een Ultravette moordgame!

Regelmatig verschijnt er weer een onderzoek over de relatie

tussen games en geweld.

De onderzoekgegevens en methoden verschillen sterk per

studie, en ook de conclusies. Denkt de een dat moordenaars

worden geboren door het spelen van Mortal Kombat, zo denkt

de ander dat gamen je hooguit behendiger en slimmer maakt,

en dan niet per sé als schutter. In ieder geval zijn gewelddadige

games tegenwoordig enigszins verdacht.

Dat kinderen altijd al van gewelddadig materiaal genoten,

wordt wel eens vergeten. Lees de Donald Duck maar eens

kritisch. Die is doordrenkt van geweld. Ok, u heeft gelijk.

Daarbij is geweld vaak deel van een climax en meestal met de

blote vuist. Donald Duck maait zelden (een heel verhaal lang)

schietend om zich heen, met driehonderd slachtoffers per

minuut. De afstompingsgraad zal daarom iets lager liggen.

Wat kunnen we nou redelijkerwijs concluderen, kijkend naar

de berg studies die er ligt?

Ten eerste: Het zou vreemd zijn als van de jongelingen die om

zich heen schieten er niet een paar Mortal Kombat speelden.

Want dat doen 90% van alle puberjongens. Geen aantoonbaar

verband dus.

Ten tweede: Wel kunnen jonge kinderen, die van zichzelf al

wat agressiever zijn, nog agressiever worden door gewelddadige

spelletjes. Dit uit zich dan vooral in pesten en schoppen

(niet in moorden dus). Het blijft dan ook van belang dat

ouders een beetje opletten. Niet elk kind is hetzelfde.

Tot slot. Games zijn niet per sé erger dan andere gewelddadige

spellen of films. Zolang je zorgt dat de hoeveelheid en de

aard van het geweld past bij de leeftijd, gaat het met je kind

meestal uitstekend! Let dus goed op de aangegeven leeftijdsgrens.

Mocht uw kind nou onverhoopt toch aan het moorden

slaan, kunt u helaas geen rechten ontlenen aan de inhoud van

dit stukje.


Sjoerd Hesselmans

33


erover

krijgt

ond.

ontacten

em.

tten.

tdraait.

had.

a Nicolai

34

Supercliënt

Retourtje Hilversum

Lotte hoort stemmen en ziet dingen die er niet zijn. Zij

denkt dat de interviewster van een tv-programma steeds

tegen haar praat. Haar man en dochter zijn ongerust en

willen dat er actie ondernomen wordt. Lotte besluit echter

iets anders.

Zij onderneemt zelf actie.

35 minuten

Joris, vakantie wordt nachtmerrie

Acht mensen hebben zich opgeven voor een weekje vakantie.

Bij aankomst wordt een bijsluiter van medicijnen

tegen psychoses gevonden die Joris heeft verloren.

De conclusie wordt snel getrokken: Joris is psychiatrisch

patiënt. Hij wordt uitgelachen, genegeerd en behandeld

alsof hij een klein kind is. Tijdens het afruimen na de

lunch heeft Joris er genoeg van. De bom barst...

30 minuten

Bedankt voor alles

Frank is een man met sociale angst. Wekelijks heeft hij hierover

gesprekken met Marjolein, zijn hulpverlener. Op een

dag krijgt hij voor een paar weken een logéhond. Hij krijgt

hierdoor leuke contacten met andere mensen en deze hond

wordt belangrijk voor hem. Ondertussen gaat hij, op advies

van zijn hulpverlener, chatten. Eén contact loopt zó goed,

dat het op een afspraak uitdraait...

38 minuten

Soap

Een jonge vrouw, opgenomen in een psychiatrische kliniek,

werkt aan de terugkeer in de maatschappij. Slaagt zij erin

ondanks de druk die haar omgeving op haar uitoefent haar

eigen keuzes te maken?

30 minuten

DVD

5,-

per stuk

Arbeidsongeschikt door

psychische klachten?

WAO &

PSYCHE

Bel voor gratis advies

Werkgroep WAO & Psyche

T 050-571 39 99

Telefonisch spreekuur

ma: 13:00-15:00 uur

do: 10:00-12:00 uur

www. waoenpsyche.nl

Neus &Neus

• Henk de Vries


Te koop!

LACH EN EEN

TRAAN BOEK

als kerstcadeau voor maar

Dave

5 euro

35


• Maman Sabine

Wij brengen een voorstelling

van angst en pijn en licht en geluk

wij spelen met hart en ziel

om het publiek een mooie avond te

bezorgen

• Chris van Boetzelaer


Foto: Inge Jansen

More magazines by this user
Similar magazines