Infokrant - Marechal

marechal.be

Infokrant - Marechal

Infokrant

d o e l g e r i c h t b e s t r i j d e n

editie 4 - 2008

Bewust omgaan met Belagers van home •garden •pet


Algen en wieren,

ongevraagd komen ze elk jaar terug.

We kennen het allemaal: gladde terrassen na de winterperiode, een gevaarlijke toestand! Algen en wieren zijn hiervan de oorzaak

en worden best verwijderd om gevaarlijke slippartijen te vermijden. Ook groen geworden tuinmeubelen zijn niet gewenst,

GroenreiniGer pro

8807/B

SL

GroenreiniGer rTu

5598/B

Bayer Cropsience NV/SA

AL

GROENREINIGER PRO en GROENREINIGER

RTU kunnen toegepast worden op alle materialen:

hout, steen, plastic, metaal, …en dit zonder enige

schade!

Tip ?

en zien we dan ook graag terugkeren in hun oorspronkelijke zuivere toestand.

Edialux ontwikkelde hiertoe het product GROENREINIGER PRO. Deze groenvreter verdelgt in een mum

van tijd algen en wieren, en werkt maandenlang na tegen hergroei.

GROENREINIGER PRO is voordelig in gebruik door de hoge concentratie aan werkzame bestand-

delen. Voor toepassing : één liter GROENREINIGER PRO verdunnen met 20 liter water, voor

200 m² oppervlakte ! Aanbrengen met spuittoestel of gieter met fijne broeskop (of sproeiboom). Een

fijne verdeling verhoogt de efficiëntie, voorkomt overmatige afvloei en vermijdt verlies van product.

Afvloeiing veroorzaakt echter geen schade aan grasboorden of beplanting. Handig om weten!

Groenreiniger pro

Samenstelling: 45 g/l didecyldimethylammoniumchloride

Dosis: 1 l/20 liter water/100 - 200 m²

Voor toepassing op kleinere oppervlakken is er de gebruiksklare spray GROENREINIGER RTU.

Revolutionair is de 5 liter bus met spuitrevolver op batterijen (batterijen inbegrepen). In een mum

Door de lange nawerking volstaan twee behandeling-

en per jaar: één in de lente en één in de herfst.

van tijd verwijdert u groene aanslag op tuinmeubilair, bloempotten, terrassen, … Niet meer zoe-

ken naar spuittoestel of gieter, geen verkeerde doseringen, eenvoudiger kan het niet….

Groenreiniger rtu

Samenstelling: 21 g/l alkyldimethylbenzylammoniumchloride

Dosis: gebruiksklaar

Het waarschuwingssysteem van Edialux houdt

u op de hoogte!

Te zien bij ...


Op zoek naar een geschikte manier voor een

onkruidvrije siertuin ?

Onkruid het jaarrond verwijderen onder hagen, bomen en struiken is niet het meest aangename karwei.

Veel tuinliefhebbers hebben dan ook vaak een dubbel gevoel als ze de groei en bloei in hun tuin evalueren.

oplossinG voorhanden ?

Als in het voorjaar alle planten in de tuin ontluiken, is het ideale moment aangebroken om actie

te ondernemen. Edialux heeft de oplossing voorhanden : door aanwezige onkruiden eenmalig

op te ruimen en dan CASORON ® GR te strooien kan men weken tot zelfs maanden het

kiemen van onkruiden onder hagen, bomen en struiken voorkomen.

hoe sTarT men ?

Lees aandachtig het etiket om te bepalen welke dosering er past bij het type haag, boom of

struik waar u het onkruidvrij wil houden. Kijk vervolgens op de binnenkant van het etiket op

de strooibus naar de intensiteit van de dosering. De stippen op de tekening stellen de uit te

strooien korrels voor.

hoe GaaT men verder Tewerk in de Tuin ?

5312/B

Gr

CASORON ® GR is een perfect middel tegen zowel nog op te komen onkruiden, als reeds

aanwezige met maximaal 2 kleine blaadjes. Grotere onkruiden dienen eerst handmatig

verwijderd te worden. Voor een optimaal resultaat onmiddellijk na het wieden de grond

effen harken. Even laten rusten en dan de correcte dosis CASORON ® GR aanbrengen.

Net dàt correct doseren baart heel wat tuinliefhebbers zorgen. Edialux ontwikkelde

hiervoor een handige strooikoker. Na uitstrooien zullen de korreltjes door regen

en bodemvocht langzaam oplossen en uitvloeien in het toplaagje van de bodem. Dit

dunne laagje CASORON ® GR zorgt ervoor dat u de strijdbijl tegen opkomend

onkruid meerdere maanden kan begraven. En zo maakt wieden plaats voor meer

genieten van de tuin!

CASoroN ® Gr

Samenstelling: 6,75 % dichlobenil

Dosis: maximum 800 g/100 m²


Heermoes, in de volksmond ook

kattenstaart of paardenstaart genoemd.

Heermoes (Equisetum arvense) is een echte relikwie uit de oertijd.

Dat een plant het reeds zolang uithoudt, zegt wel iets over zijn overlevingskracht.

hoe Te herkennen ?

De groene stengels, uitgroeiend tot mini ‘kerstboompjes’, komen pas vanaf april -

mei uit de ondergrondse wortelstokken naar boven. Door de vele wortelstokken

heeft heermoes een zeer sterk regeneratievermogen.

hoe GaaT men verder Tewerk in de Tuin ?

Bestrijding behelst het continu uitputten van de plant. Zodra de stengels bovenko-

men om energie op te doen, moeten ze worden afgehakt of doodgespoten. Zo kan

de plant geen nieuwe voedselreserves aanleggen en zal hij na verloop van tijd (ver-

scheidene maanden) volledig verdwijnen. Aanbevolen product is SILVANET van

Edialux. SILVANET is een systemische onkruidbestrijder, wat betekent dat het

product na opname naar alle groeiende delen wordt getransporteerd, inclusief de

wortelstokken. Dit put de plant nog sneller uit dan afhakken. SILVANET steeds

toepassen op frisgroen heermoes in volle groei en niet op oude onkruidstengels.

Oude stengels (= bij het vastnemen kun je ze afkraken zoals een dood takje) eerst

afmaaien en enkele weken wachten tot de plant weer frisgroen is uitgelopen. En

dan pas spuiten. Voer de bespuiting uit tijdens weersomstandigheden die zoveel

mogelijk de op het etiket vermelde situatie benaderen : hoge luchtvochtigheid,

bewolkt weer, geen oosten- of noordenwind, temperatuur tussen 10 en 25 °C. Dit

komt de opname en de doeltreffendheid van het bestrijdingsmiddel ten goede!

Na de behandeling verschijnen meestal toch nog nieuwe scheuten, evenwel in veel

mindere mate dan voorheen. Het is echt een voorwaarde ook deze nieuwe jonge

scheuten te bespuiten, en dit vol te houden tot er nergens meer nieuwe scheuten

ontstaan. Afhankelijk van het aantal ondergrondse wortelstokken kan dat uiteen-

lopen van één tot drie, en zelfs vier, bespuitingen.

SILVANET mag bij de bespuiting de sierplanten niet

raken, want het product doodt ook vaste planten en

struiken. Werk dus met een spuitkap of pas het pro-

duct toe met een spons of een borstel.

Silvanet

Samenstelling: 60 g/l triclopyr, 20 g/l fluroxypyr

Dosis: 100 - 150 ml/5 liter water/100 m² te behandelen

bladoppervlakte (plaatselijke toepassing)

8629/B

EC


Tip ?

SILVANET spaart alle grassen. SILVANET kan

dan ook veilig worden toegepast op bestaande

gazons om hardnekkige onkruiden zoals honds-

draf, ooievaarsbek, biggekruid, klaverzuring, ...

op te ruimen. Een product met vele toepassings-

mogelijkheden.

OOievaarsBek HOndsdraf

Biggekruid klaverzuring

duizendBlad Winde

Tuintips voor elk seizoen:

www.edialux.com

Het HOME & GARDEN Assortiment

Naast toppers zoals Dinet, Conserve, Groenreiniger,

Moscide, Bio-Pyretrex, Rosabel, Sorkil, Storm, de

Aeroxon producten en de spuitapparaten Birchmeier,

bevat het gamma talrijke andere specialiteiten.

Alle bieden ze een geschikte oplossing voor elk

probleem.

HOME & GARDEN Problemen

U vindt er een overzicht van de meest voorkomende

problemen in je huis en tuin, met een efficiënte manier

van oplossen.

HOME & GARDEN Tips & info

Tuinieren hoeft niet moeilijk te zijn en iedereen kan

groene vingers krijgen. We houden u op de hoogte

van nieuwe ontwikkelingen.

NIEUW

Deze afscheurbon met unieke code vindt u in de tuinspeciaalzaak

in uw buurt. Het is voldoende om u met

de unieke code in te loggen op www.edialux.be/

waarschuwingssysteem. Dan wordt u op regelmatige

basis op de hoogte gehouden van naderende ziekten

en plagen.

Meer informatie hierover op pagina 24


Gazonvernieuwing ...

moet doordacht gebeuren.

onkruid en Grassen afdoden vóór de aanleG

Glyfosaat panic

Samenstelling: 360 g/l glyfosaat

Dosis: 20 - 100 ml/5 liter water/100 m²

onkruid besTrijden in jonGe Gazons

Dinet

Samenstelling: 40 g/l fluroxypyr, 20 g/l clopyralid, 200 g/l MCPA

Dosis: 40 ml/10 liter water/100 m² (jonge gazons) en

60 ml/10 liter water/100 m² (bestaande gazons)

9155/B

SL

8309/B

EW

Gezien onze belgische weersomstandigheden gebeurt het herzaaien van

gazon best in het voorjaar (maart-mei) of in het najaar (sept-okt), om de

vlotste uitgroei te verzekeren. In de zomermaanden is het, door de dro-

gere periodes, veel risicovoller. De wintermaanden zijn dan weer te koud.

Om met een schone lei te starten is het raadzaam om de aanwezige ve-

getatie (breedbladige onkruiden, onkruidgrassen en gazon) eerst dood te

spuiten. Ideaal middel is PANIC GLYFOSAAT, een product met zeer

breed werkingsspectrum maar zonder nawerking. Na 2 weken is het reeds

mogelijk om het dorre afgestorven materiaal onder te werken en een

nieuw gazon in te zaaien.

Na inzaai van nieuw gazon, is de zode uiteraard niet onmiddellijk dichtge-

groeid. Hierdoor krijgen onkruiden volop kans om er tussendoor uit te

groeien. In sommige bodems zitten er daarenboven erg veel onkruidzaden,

waarvan de snelgroeiende soms het gras dreigen te overwoekeren. In dat

geval kunt u spuiten met DINET van Edialux, speciaal ontwikkeld om

onkruiden in jonge gazons selectief te doden. Onder “jong” gazon verstaat

men piepjonge grasplantjes met nog maar een 4-tal (of meer) bladsprietjes.

De gebruiksdosis is lager dan voor bestaand gazon (zie etiket product)

omdat de nog jonge onkruiden uiterst gevoelig zijn voor deze onkruidver-

delger. Gebruik nooit meer dan de voorgeschreven dosis.

Tip ?

Dinet kan niet alleen in zeer jong gazon gebruikt

worden. Ook op bestaande gazons kan DINET

ingezet worden tegen ongewenste onkruiden.


8299/B

Sp

Moscide

Samenstelling: 44 % dinatrium-EDTA,

30 % watervrij ijzersulfaat

Dosis: 200 g/10 liter water/100 m²

Een mooi gazon vergt ...

onderhoud en zorg.

Veel problemen kunnen op de loer liggen, en mos is daar één van de belangrijkste

van. Door zijn dichte groeiwijze verdringt mos immers de grassen. Het produceert

veel sporen die in de viltlaag achterblijven en tussen zwak groeiend gras voor vele

nakomelingen kunnen zorgen.

waT zijn de voordelen van mosCide ?

In tegenstelling tot zuiver ijzersulfaat heeft MOSCIDE (een ijzerchelaat mengsel)

een aantal zeer belangrijke voordelen!

• MOSCIDE veroorzaakt na betreding van het behandeld gazon geen roestvlekken

op beton of betegeling.

• MOSCIDE werkt niet verzurend, en pakt zo het mosprobleem op langere

termijn aan.

• Met MOSCIDE kleurt het gazon mooi donkergroen, want Moscide is tevens

een ijzermeststof voor het gras.

• MOSCIDE laat het microbieel bodemleven ongemoeid

hoe mosCide Toepassen ?

MOSCIDE toepassen wanneer er de eerste uren geen regen wordt verwacht.

Steeds toepassen met zeer veel water voor een goede contactwerking : 10 tot 15

liter water per 100m² gazon, waarbij MOSCIDE wordt gemengd.

waT kunT u doen in heT voorjaar ?

Tip ?

Vanaf half maart, en liefst niet vroeger, kunnen we behandelen met MOSCIDE. De

werking ervan wordt namelijk beïnvloed door de combinatie van temperatuur en

bodemvocht. Zo werkt MOSCIDE sneller bij 15 °C dan bij 10 °C. Hoe vochtiger

de bodem, hoe beter de afdoding. Door uitkammen of verticuteren een 14-tal dagen

na de behandeling verwijdert men naast afgestorven mos ook onverteerde tot halfverteerde

grasresten. De beste periode hiervoor situeert zich omstreeks half maart

tot eind april. Enkele dagen na het verticuteren wat organische meststoffen strooien

stimuleert de groei van het gras en brengt de grasmat terug in optimale conditie.

Daar MOSCIDE het microbieel leven ongemoeid laat is het gebruik van organische

meststoffen perfect met MOSCIDE verzoenbaar. Het extra microbieel leven dat zo

in het gazon terechtkomt zorgt ervoor dat restanten van de viltlaag vlugger verteerd

worden waardoor mos het op termijn nog moeilijker krijgt om opnieuw te gaan

woekeren.

In herfst en winter valt de grasgroei stil, terwijl de mosgroei onverminderd doorgaat. In de herfst kan een

mosbestrijding dus ook nuttig zijn om met een schone lei de winter in te gaan. Dagen in september of

oktober met voldoende hoge temperatuur lenen zich perfect tot een behandeling met MOSCIDE.


KID ® LIQUID,

onkruid- en mos bestrijder!

KID ® LIQUID bestaat uit een mengsel van 3 werkzame stoffen. Deze combinatie zorgt ervoor

dat u met 1 product zowat alle onkruidproblemen in de tuin en rond de woning kunt oplossen.

KID ® LIQUID is vloeibaar en daardoor gemakkelijk te doseren.

NIEUW ...

… omdat KID ® LIQUID alle aanwezige onkruiden tot diep in de wortels vernietigt.

De werkzame stof glyfosaat wordt door het blad opgenomen en naar de wortels getrans-

porteerd. Op deze wijze doodt het bestaande grassen en onkruiden, zelfs de diepworte-

lende. Bij groeizaam weer, dit is meestal in de lente en vroege zomer, gaat het transport en

de bestrijding des te sneller. In volle zomer en bij hitte kan het resultaat iets langer op zich

laten wachten.

… omdat KID ® LIQUID de kieming van onkruidzaden maandenlang verhindert.

De 2 werkzame stoffen oxadiazon en diflufenican versterken elkaar en onderdrukken naast

de kieming van grassen ook die van andere onkruiden. Bij voorkeur behandelen bij licht

vochtige grond zodat de componenten mooi en gelijkmatig verdeeld worden.

… omdat KID ® LIQUID ook mos langdurig bestrijdt.

De werkzame stof oxadiazon zorgt er bovendien voor dat ook bladmossen traag maar

zeker afsterven.

… omdat KID ® LIQUID ook onder bomen, struiken en hagen kan ingezet worden.

De werkzame stoffen binden zich zeer sterk aan de grond en lossen zeer weinig op in water

waardoor ze niet uitspoelen en in het bovenste grondlaagje blijven zitten.

Daar zorgen ze maandenlang voor een gegarandeerde onkruidvrije omge-

ving. Het uiterst gering doorsijpelen maakt KID ® LIQUID ook bruikbaar als

selectieve onkruidbestrijder. Het product kan gerust ingezet worden tussen

struiken, onder bomen, langs hagen, enz. Het is echter niet geschikt voor

vaste planten en bloemen omdat deze te oppervlakkig wortelen.

Let op dat u bij de toepassing de bladeren of de schors van de planten die u

wenst te behouden, niet raakt! Voorzie daarom bij voorkeur uw sproeier van

een spuitkap of voer op zijn minst de bestrijding uit bij windstil weer.

Te zien bij ..

KID ® LIQuID

Samenstelling: 148 g/l glyfosaat, 15 g/l diflufenican,

200 g/l oxadiazon

Dosis: 120 ml/10 liter water/100 m²

9531/B

Bayer Cropscience

N.V./S.A.

SC

Lange nawerking,

veilig onder bomen en struiken


Bloedluizen bij gevogelte

hoeven voortaan geen probleem meer te zijn !

Jeuk op armen, benen, gezicht … bij het uitkuisen van het kippenhok zijn het gevolg van beten van de “bloedluis”.

Ernstiger problemen veroorzaakt ze echter bij het gevogelte. Via de mond met zuignapjes voedt ze zich met het bloed

van kippen, duiven, parkieten, kanaries, .. Dit leidt tot bloedarmoede, verminderde eiproductie, verhoogde vatbaarheid

is heT een luis, zoals de bekende bladluizen ?

Neen... de algemeen gebruikte naam “bloedluis” is zeer slecht gekozen.

Het is immers géén luis, maar een zeer kleine spinachtige (0,8 - 1 mm)

met als officiële naam “rode vogelmijt” (Dermanyssus gallinae). Onge-

voed is ze grijsachtig. Na opname van bloed kleurt ze rood. Zoals alle

spinachtige heeft ze 4 paar poten, terwijl insecten maar 3 paar hebben.

“beTer voorkomen dan Genezen” !

Zorg ervoor dat kooien en hokken volledig vrij zijn van bloedluis

en –eieren voor het stallen van nieuwe dieren. Grondig reinigen

met heet water en ontsmetten met DECIMITE of SOLFAC ®

WP10 vernietigt aanwezige of nog te ontluiken vogelmijten. Daar

ze door te hongeren namelijk tot 6 maanden kunnen leven, zijn

DECIMITE en SOLFAC ® WP10 de ideale preventieve bestrijding

voor langere periode.

DECIMITE wordt gesproeid op alle oppervlakken, spleten en holten

waar mijten zich kunnen bevinden. Het laagje fijn wit poeder dat na ver-

damping van het water achterblijft en zich vasthecht aan de poten van

de mijten immobiliseert ze, waardoor ze het pluimvee niet meer kunnen

bereiken en sterven. DECIMITE is gifvrij en ongevaarlijk voor mens en dier.

SOLFAC ® WP 10 is een chemisch bestrijdingsmiddel dat na oplossing in water

(1 zakje van 20 g/5 liter water) wordt verspoten op alle plaatsen waar bloedluizen

zich mogelijk ophouden. Het is veilig voor groter gevogelte zoals kippen en duiven.

Beide middelen hoeven niet altijd preventief gebruikt te worden. Ze zijn ook inzetbaar

wanneer een bloedluisexplosie zich voordoet, hoewel het beheersen van de plaag dan

toch wel wat moeilijker zal verlopen… ZEROX ® -P veeluispoeder, aangebracht op

het gevogelte, ontdoet ze onmiddellijk van bloedluizen en kan dan ook best bij het

uitbreken van de populatie gecombineerd met hokontsmetting worden ingezet.

Solfac ® Wp 10

Samenstelling: 10 % cyfluthrin

Dosis: 20 g/5 liter water

6184/B

Bayer Cropscience

N.V./S.A.

Wp

voor ziekten en zelfs sterfte

Zerox ® -p

Samenstelling:

0,2 % pyrethrinen,

2 % piperonyl butoxide

Dosis: 5 - 10 g/kat, 10 - 20 g/hond

en 100 - 200 g/dier (grootvee)

4383/B

Dp

eco

eco

= 0,8 - 1 mm

Decimite

Dosis: 100 ml/1 - 2 m²

Decimite aërosol

Dosis: 500 ml/ 6 m²


10

Leliehaantje,

een kever met ongebreidelde vraatzucht !

De echte lelie, Lilium spp., hoort tot de meest geliefde bolgewassen. Hoewel haar langdurige en uitbundige bloei vele

tuinliefhebbers bekoort wordt ze steeds minder aangeplant. Hoofdoorzaak is de ongebreidelde vraat van het leliehaantje

(Lilioceris lilii), en vooral van zijn larven. Maar Edialux biedt u oplossingen om deze plaag doelgericht te bestrijden!

welke planTen worden aanGevreTen ?

Het leliehaantje is een vraatzuchtig kevertje, nauw verwant aan de gevreesde

coloradokever. Bijna uitsluitend te vinden op echte lelies, maar ook kievitsbloe-

men (Fritillaria spp.) worden wel eens bezocht. Slechts sporadisch vertoeft het op

andere planten.

hoe herkennen ?

De kever is net geen 1 cm groot en heeft een felrode rug. De andere lichaamsdelen

(buik, poten, kop en sprieten) zijn zwart. De rode rug maakt hem goed zichtbaar

op groene plantendelen. Bij aanraking van de plant voelt hij zich echter bedreigd,

laat zich vallen en ligt zowat altijd met de rug naar beneden op de grond. Doordat

de zwarte buikkleur niet contrasteert met de bodem is hij perfect gecamoufleerd

voor de mens. Onvindbaar … Is het gevaar geweken dan draait het leliehaantje

zich om, klimt omhoog en zet zijn vraattocht verder. Deze kevers wegvangen met

de hand is dan ook slechts ten dele mogelijk.

waarom is heT zo’n moeilijk Te beheersen plaaG ?

De volwassen leliehaantjes zetten in de lente hun eitjes af aan de onderzijde van

de lelieblaadjes. Dit kan tot de zomer doorgaan. De keverlarven die ontluiken

zijn na twee tot drie weken volgroeid, verpoppen vervolgens in de grond, en na

enkele weken komen nieuwe volwassen exemplaren tevoorschijn. Deze blijven

ter plaatse of vliegen uit naar andere tuinen op zoek naar lelies of kievitsbloemen.

Deze maanden durende ei-afleg en continue aanvoer van larven maakt ze als plaag

moeilijk te bestrijden. De larven zijn zelfs nog vraatzuchtiger dan de volwassen

kevers. Bovendien zijn ze goed gecamoufleerd : hun eigen slijmerige ontlasting

wordt op hun rug uitgesmeerd en maakt dat ze op een hoopje vogelpoep lijken.

Veel natuurlijke vijanden heeft deze larve daardoor niet…

larven - lelieHaantje


waT kan men doen om deze plaaG Te besTrijden ?

Stelt voor ...

Plan [t] uw tuin ...

Elke dag zal je met deze tuinplanner in je tuin nieuwe dingen

ontdekken.

Hij staat boordevol tips waarmee je onmiddellijk aan de

slag kunt. Je wordt wegwijs gemaakt in de aanleg en het

onderhoud van het gazon, de groentetuin, sierplanten, bor-

ders, vijvers en afsluitingen.

Naast een handige snoeigids komt ook de bescherming van

je lievelingsplanten uitgebreid aan bod. In de werkkalender

vind je de belangrijkste tuintaken voor elke maand van het

jaar.

Deze praktische tuinplanner voedt je kennis en wakkert je

enthousiasme aan. Je voelt de vingers jeuken en wil aan de

slag.

Veel natuurlijke vijanden heeft het volwassen leliehaantje al evenmin. Vogels mijden deze kevers, net als hun

larven, als de pest. Actief ingrijpen met een geschikt middel is de enige manier om de plaag definitief de kop in

te drukken. Volgende middelen hebben hun deugdelijkheid volop bewezen : FORMUSECT, TALSTAR ® 2.5

TB of BIO-PYRETREX . Spuiten tegen de avond is het meest effectief, dan zijn de leliehaantjes het actiefst,

en ook makkelijkst te raken. Even de bodem net onder de lelies bespuiten om naar beneden gevallen exem-

plaren te raken verdient aanbeveling.

Zeer belangrijk is de eerste bespuiting uit te voeren vanaf het moment dat de lelies zo’n 15 cm hoog staan.

Zo ruimt men de eerste overwinterde leliehaantjes onmiddellijk op en verhindert men een nieuwe populatie-

opbouw. Houd uw lelies goed in observatie tot en met de bloei. Komen er plotseling nieuwe kevers tevoor-

schijn, herhaal dan de bespuiting. En afhankelijk van de populatiedruk (bv door invliegen van nieuwe kevers)

kan het zelfs nodig zijn deze bespuiting een derde maal uit te voeren.

Formusect

Samenstelling: 3 g/l bifenthrin

Dosis: 10 - 20 ml/1,5 liter water

9299/B

EW

9300/B

AL

Formusect rtu

Samenstelling: 0,03 g/l bifenthrin

Dosis: bespuiten tot afdruipen

Veel lees- en tuinplezier.

talstar ® 2,5 tB

Samenstelling: 2,5 % bifenthrin

Dosis: tegen bladluizen 1

tablet/5 liter water. Tegen rupsen

en kevers 3 tabletten/10 liter

water. Tegen witte vliegen en

spintmijten 2 tabletten/4 liter

water.

9119/B

tB

Bio-pyretrex

Samenstelling: 20 g/l pyrethrinen,

255 g/l piperonyl butoxide

Dosis: 50 ml/10 liter water/100 m²

9267/B

EW

Meteen Meteen aan de slag slag in je tuin. tuin.

11


1

Takluizen

vijand nummer 1 van coniferenhagen!

Steeds vaker zien we coniferenhagen waarin op vrij korte termijn grote bruine

plekken ontstaan. Takken verdrogen en kleuren bruin en leiden soms tot een

ware ravage. Vaak gaat het om oudere hagen. De oorzaak wordt door zowel

professionele tuinaannemers als tuinliefhebbers nog te vaak toegeschreven aan

‘spint’. Zeker bij Leylandii hagen, Cupressocyparis leylandii, is dit niet het geval.

Takluizen, Cinara spp., zijn hiervan de oorzaak. Ze zuigen op de twijgen en maken

zo de sapgeleiding binnenin de tak helemaal kapot, met verdroging als gevolg.

Naast leylandii worden ook Chamaecyparis lawsoniana hagen steeds vaker door

deze takluizen belaagd.

Omstreeks 1980 kwamen uit Zuid-England de eerste meldingen van grote scha-

de die deze Cinara takluizen veroorzaken. Sinds 2003 vinden we ze ook met

grotere regelmaat in onze Belgische tuinen.

De takluis is slechts 2.5 tot max. 4 mm groot en door haar camouflagekleur

moeilijk waarneembaar bij een oppervlakkige inspectie. Ze is grijsachtig bruin,

net als de twijgen in de haag. De grijze schijn op het lichaam wordt veroorzaakt

door een dikke waslaag die haar beschermt tegen uitdroging. Grotere kolonies

zijn zeldzaam, meestal zijn er maar enkele individuen op de afstervende plekken

te vinden.

De periode waarin takluizen actief zijn loopt normaal van maart tot november. Van mei tot oktober zijn de

volwassen takluizen levendbarend (= brengen rechtstreeks jongen voort). Vanaf eind oktober leggen ze eitjes

af die overwinteren om het jaar nadien de populatie terug op te bouwen. Bij extreem zachte winters zoals

in de jongste jaren, overwinteren ook de volwassen luizen die zo bijna het hele jaar blijven sap zuigen en de

takken structureel kapotmaken. Dit verklaart waarom we de voorbije 2 jaar vaak in het voorjaar, bij de

hergroei van de hagen, de meeste takverkleuring zien. De takken worden op korte termijn geel, vervol-

gens bruin en verdrogen uiteindelijk. Ook kleine populaties takluizen kunnen heel veel schade ver-

oorzaken, tot zelfs het volledig afsterven van de coniferen. Daarnaast bevuilen ze de twijgen met

een suikerachtige uitscheiding, honingdauw, waarop zwarte roetdauw schimmels gaan groeien.


Aangetaste hagen kunnen zich soms herstellen, maar het is

een zeer traag proces en afhankelijk van de graad van aan-

tasting. Bij coniferen komt immers weinig hergroei vanuit

het oudere hout.

Er is gelukkig géén wisseling van waardplant in de siertuin

tijdens hun ontwikkelingscyclus zodat andere planten dan

coniferen en sparren niets te vrezen hebben van deze ver-

nielers.

Omwille van de agressiviteit van deze takluizen komt een

bestrijding van de plaag vaak te laat. Reeds bij de eerste

waarnemingen moet men behandelen. Geschikte midde-

len zijn enerzijds FORMUSECT of OKAPI ® gecombi-

neerd met anderzijds DIMETHOAAT, GAZELLE ® of

PROVADO ® ULTRA. Dus steeds een mengeling van een

contactinsecticide (FORMUSECT of OKAPI ® ) met een

systemisch insecticide (DIMETHOAAT, GAZELLE ® of

PROVADO ® ULTRA). Er dient daarenboven met zeer

veel water binnenin de haag gespoten te worden zodat

takken en twijgjes waar de takluizen zich ophouden goed

geraakt worden.

Het afsterven van gekoloniseerde plekken kan nog even-

tjes blijven doorgaan nà de behandeling. De zuigschade

leidt namelijk maar na enige tijd tot verbruining omdat de

twijg nog even verder leefde op zijn reserves.

In de winter is een behandeling van uw hagen met de insec-

tendodende olie ELEFANT SOMMERÖL aangeraden

om de wintereitjes, en eventueel overwinterende luizen,

zoveel mogelijk te vernietigen. Ook hier de twijgen bin-

nenin zeer goed bevochtigen. De beste werking is bij dag-

temperaturen van ongeveer 7 °C (of hoger). Niet spuiten

bij vriesweer, of als er vorst wordt verwacht onmiddellijk

na de bespuiting.

Het waarschuwingssysteem van Edialux

houdt u op de hoogte!

eco

eco

Formusect

Samenstelling: 3 g/l bifenthrin

Dosis: 10 - 20 ml/1,5 liter water

okapi ®

Samenstelling: 5 g/l lambdacyhalothrin,

100 g/l pirimicarb

Dosis: 12 - 15 ml/10 liter water/100 m²

Dimethoaat 400

Samenstelling: 400 g/l dimethoaat

Erkende naam: Dimistar Progress 400 EC

Dosis: 5 - 7,5 ml/10 liter water/100 m²

Gazelle ®

Samenstelling: 20 % acetamiprid

Dosis: 2,5 - 5 g/10 liter water

provado ® ultra

9299/B

EW

7978/B

EC

8165/B

EC

9374/B

Sp

Samenstelling: 10 g/l imidacloprid

Dosis: 10 - 15 ml/1 liter water

Elefant Sommeröl

8967/B

Bayer Cropscience

N.V./S.A.

pr

Samenstelling: 820 g/l paraffineolie

(hoge sulf. index, INAC)

Dosis: 100 ml/10 liter water

5703/B

EC

1


1

Witte vlieg :

onschuldig uiterlijk, maar schadeverwekker eerste klas!

In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden is de witte vlieg

niet verwant met vliegen, wél met bladluizen.

op welke Gewassen komT wiTTe vlieG voor?

Bij normale weersomstandigheden komt dit insect weinig voor in open lucht.

Enkel koolwittevlieg (Aleyrodes proletella) berokkent in de moestuin schade. In

warme zomers veroorzaken echter ook andere soorten problemen in open

lucht. Zowel de kaswittevlieg (Trialeurodes vaporariorum) als de tabakswittevlieg

(Bemisia tabaci) treft men dan aan op diverse sierplanten, zowel in volle grond

als bij potplanten. Slachtoffers zijn Begonia, Brugmansia, Datura, Fuchsia, Lavatera,

… Een warme en lange zomer creëert namelijk ideale omstandigheden voor het

insect.

De perfecte leefomgeving situeert zich onder glas. De witte vlieg komt de serre

binnen via de luchtramen of openstaande deuren, of is achtergebleven uit vroe-

gere teelten. Tomaat, paprika, komkommer, …. worden het vaakst belaagd. Zowel

de kas- als de tabakswittevlieg komen in serres frequent voor.

waar vindT men wiTTe vlieG op een planT TeruG?

De volwassen exemplaren situeren zich aan de bladonderzijde. Meestal zitten ze

stil, enkel bij wind of beweging van het gewas vliegen ze soms op. Door hun onop-

vallende aanwezigheid ontstaan er meestal onverwacht vrij grote kolonies.

welke sChade veroorzaken ze ?

Larven van witte vlieg scheiden ‘honingdauw’ af. Deze bevuilt op sterke wijze het

gewas en de vruchten, waar secundair zwarte roetdauwschimmels op groeien. Dit

beperkt de fotosynthese en remt daardoor de groei van de plant.

Het volwassen insect brengt ook plantenvirussen over. Dat kan de groei en de

vruchtproductie zeer negatief beïnvloeden.

wanneer sTarTen meT de besTrijdinG?

Het is van belang zo vlug mogelijk in te grijpen. De AEROXON GELE LIJMVAL

helpt de witte vlieg snel te signaleren. Door de grote schade die ze kan aanrichten

is de schadedrempel namelijk erg laag. Spuiten bij beginnende aanwezigheid is de

boodschap. In de zomer kunnen nieuwe witte vliegen het gewas opnieuw belagen.

Belangrijk is de vangsten op de AEROXON GELE LIJMVALLEN te blijven

opvolgen.


welke besTrijdinGsmiddelen ?

Geschikte producten zijn TALSTAR ® 2.5TB, FORMUSECT,

BIO-PYRETREX en GAZELLE ® .

• Op groenten en andere eetbare gewassen hebben TAL-

STAR ® 2.5TB, FORMUSECT of BIO-PYRETREX

de voorkeur.

• Op sierplanten kan ook GAZELLE ® ingezet worden.

GAZELLE ® is een systemisch middel en uitermate

geschikt om in combinatie met contactmiddelen zoals

TALSTAR ® 2.5TB of FORMUSECT op kuip-, balkon- of

sierplanten te spuiten. Deze combinatie vergroot nog het

effect.

hoe de wiTTe vlieG vollediG uiTroeien?

Aeroxon Gele Lijmvallen

Uit de in een cirkeltje afgelegde eitjes op de bladonderzijde

komen larven. Deze evolueren tot schijnpop, waaruit nieuwe

witte vliegen ontstaan. Eieren, larven en schijnpoppen zijn maar

net met het blote oog zichtbaar, de volwassen witte vliegen

vallen wel sterk op.

Er zijn dus vier verschillende levensstadia : ei, larve, schijnpop

en volwassen insect. Ei en schijnpop zijn ongevoelig aan bestrij-

dingsmiddelen, enkel larven en volwassen exemplaren kunnen

worden afgedood. Eén bespuiting heeft dus weinig zin, want

kort na de behandeling komen opnieuw larven (uit het ei) en

volwassen witte vliegen (uit de schijnpoppen) tevoorschijn.

Een herhaling is nodig na 7 tot 10 dagen. Een zware aantasting

vereist tot 4 bespuitingen, met 7 dagen tussentijd. Het aantal

behandelingen hangt dus af van de omvang en het verloop van

de aantasting.

Houd er rekening mee dat de witte vlieg leeft aan de onderzijde

van de bladeren en dus vooral daar behandeld moet worden!

Formusect

Samenstelling: 3 g/l bifenthrin

Dosis: 10 - 20 ml/1,5 liter water

Gazelle ®

Samenstelling:

9299/B

EW

20 % acetamiprid

Dosis: 2,5 - 5 g/10 liter water

9374/B

Sp

talstar ® 2,5 tB

Samenstelling: 2,5 % bifenthrin

Dosis: tegen bladluizen 1

tablet/5 liter water. Tegen rupsen

en kevers 3 tabletten/10 liter

water. Tegen witte vliegen en

spintmijten 2 tabletten/4 liter

water.

Bio-pyretrex

9119/B

tB

Samenstelling: 20 g/l

pyrethrinen,

255 g/l piperonyl butoxide

Dosis: 50 ml/10 liter

water/100 m²

9267/B

EW

1


1

CONSERVE ® ,

veelzijdig ECO- INSECTICIDE

waT moeT u weTen over de oorspronG van Conserve ® ?

CONSERVE ® is een nieuw insecticide met als werkzame stof spinosad. Spinosad wordt biologisch geproduceerd door de in de

natuur voorkomende bodembacterie Saccharopolyspora spinosa te fermenteren. Hieruit ontstaat na formuleren het ecologisch

insecticide CONSERVE ® .

hoe werkT Conserve ® ?

CONSERVE ® heeft een contact- en maagwerking en werkt hierdoor zeer snel waardoor vraat- of zuigschade direct gestopt

wordt. Zowel de larven als de volwassen insecten die tijdens de bespuiting rechtstreeks geraakt worden, sterven kort na de

behandeling door de contactwerking. Verscholen levende insecten worden gedood door maagwerking, na opname van stukje

blad of plantensap uit de behandelde plant.

CONSERVE ® wordt zeer snel opgenomen in de waslaag van het blad. Daarna verspreidt het product zich in het gehele blad.

Het blijft daar makkelijk een 10-tal dagen werkzaam. Insecten die gedurende deze periode van het blad eten of sap zuigen, wor-

den gedood binnen 1 - 2 dagen. Door de opname in het blad bestrijdt CONSERVE ® ook verscholen insecten of minerende

rupsen. Bovendien is het na opname in het blad ongevoelig aan regen, het kan niet meer afspoelen. Handig toch !

op welke inseCTen werkT Conserve ® ?

Insecten zoals rupsen, bladvlooien, tripsen, mineervlieglarven, .. zijn zeer gevoelig aan CONSERVE ® en worden in een mum van

tijd afgedood. Bladluizen daarentegen worden niet bestreden. Het is niet alleen belangrijk dat een toegepast insecticide efficiënt

is, het moet het insect ook snél afdoden evenals een korte

wachttermijn voor de oogst bezitten. CONSERVE ®

bezit alle drie deze eigenschappen!

Te zien bij ...

V E I L I G VO O R


op welke Gewassen maG Conserve ® GebruikT worden?

Groenten als prei, tomaat, allerlei koolsoorten, uien, courgette, paprika, .. kunnen worden beschermd met CONSERVE ® . Ook

op planten in de siertuin, op appel- en perenbomen alsook op aardbei mag CONSERVE ® ingezet worden bij insectenschade.

Dit ongeacht de heersende temperatuur of regenval.

hoe Conserve ® Toepassen als bodeminseCTiCide in de moesTuin?

CONSERVE ® kan als plantvoetbehandeling tegen de larven van de groentevlieg worden toegepast door het aan te gieten

rondom de stambasis van de plant.

CONSERVE ® wordt door de wortels opgenomen en verspreidt zich in heel de plant. Hierdoor worden zowel de wortels als

de plantvoet beschermd gedurende 1 maand. Bovendien wordt aantasting door bovengrondse bladvretende rupsen, door zijn

opwaarts systemische werking, gedurende 3 tot 4 weken voorkomen.

eco

eco

9557/B

SC

inTeressanTe weeTjes over Conserve ®

• CONSERVE ® kan gebruikt worden als ondergronds én bovengronds

insectendodend ecologisch middel.

• CONSERVE ® werkt zowel bij normale, als bij zeer hoge en zeer lage

temperaturen. Dat is een unicum! CONSERVE ® behoudt bij hogere

temperaturen een nawerking van minimum een week. Bij lagere tem-

peraturen bedraagt de nawerking 10 tot 14 dagen.

• CONSERVE ® is veilig voor veel nuttige insecten zoals lieveheers-

beestjes, oorwormen, enz. Hierdoor verstoort CONSERVE ® het

natuurlijk evenwicht rondom de behandelde gewassen nauwelijks.

• Om bijen en andere bestuivende insecten te beschermen spuit men

overdag best niet op in bloei staande planten. Dat is vooral van belang

bij fruitbomen en kleinfruit. Eens CONSERVE ® is opgedroogd is het

nochtans ongevaarlijk voor bijen en andere bestuivers. Spuit daarom

best tegen de valavond op in bloei staande planten. Dan zijn de bijen

niet meer actief. Tegen de morgen is alles opgedroogd en kan het bijen

en andere bestuivers niet meer schaden.

• CONSERVE ® is tevens veilig voor mens en (huis)dier; het product

draagt dan ook geen gevaarsymbolen op het etiket. CONSERVE ®

bezit een korte wachttijd en is aldus inzetbaar tot kort voor de oogst

van groenten of fruit.

Bij sierplanten, waar een veiligheidstermijn niet nodig is omdat we er

niet van consumeren, kan het uiteraard ten allen tijde worden ingezet.

Conserve ®

Samenstelling: 120 g/l spinosad

Dosis: - bladbehandeling: 2 - 6 ml/5 liter water.

- plantvoetbehandeling (50 planten): de voet van de koolplanten

aangieten met 100 ml van een verdunning van 4 ml/5 liter water.

1


1

Mediterrane planten

zorgen voor een face-lift van het terras.

In de zomer fleuren mediterrane planten terrassen en balkons op, en brengen

zo het zuiderse vakantiegevoel tot dicht bij ons. De soortenrijkdom is uitge-

breid, en bijgevolg moeilijk om in enkele lijnen te beschrijven. Er zijn zowel

kruidachtige als verhoute soorten, maar één ding hebben ze gemeen .. het zijn

echte zonnekloppers. Winterhard zijn ze niet, plaats ze daarom tijdig in een

overwinteringruimte die vorstvrij is en waar er voldoende licht binnenkomt.

Een juist afgestemde watergift en bemesting houdt deze planten optimaal in

conditie. Zo zijn ze minder vatbaar voor ziekten en plagen die in onze con-

treien voorkomen. Dat lukt echter niet altijd. Plagen krijgen wel eens de bo-

venhand. Denken we maar aan spint op oleander, witte vlieg op Brugmansia

(Datura), schildluis op citrusboompjes en olijf, bladluis op Fuchsia, ... Het be-

strijdingsmiddel die men gaat gebruiken, hangt af van de plaag.

FORMUSECT is een product op waterbasis dat veilig toepasbaar is op alle

plantentypes. Het doodt niet alleen insecten zoals bladluis, witte vlieg, rupsen,..

maar ook het gevreesde ‘spint’. FORMUSECT is dus een tweevoudig pro-

duct dat tegen alle courante plagen kan ingezet worden. De enige uitzondering

hierop zijn dop- en schildluizen. Voor de bestrijding hiervan kiest men beter

voor het systemisch product GAZELLE ® , of voor het nieuw ecologisch pro-

duct ELEFANT SOMMERÖL. Dit werkt zuiver door verstikking. De takjes

waar de dop- of schildluizen voorkomen goed raken is dan ook een vereiste.

Schimmelziekten vestigen zich ook wel eens op ‘onze’ mediterrane planten.

Hun aanwezigheid is heel vaak gerelateerd aan weersomstandigheden. Wit-

ziekte breekt makkelijk door indien het voldoende warm is met lange blad-

natstand, bijvoorbeeld een periode van dauw die tot lang in de voormiddag op

de planten blijft hangen. Dauw is zelfs meer bevorderlijk voor witziekte dan

een dag vol met regen. Voor andere schimmelziekten is het dan weer net an-

ders. Valse meeldauwschimmels en vele andere bladvlekkenziekten verlangen

eerder regenrijke dagen en zetten vaak over van het ene naar het andere blad

door opspattende regendruppels. Ook hier is het belangrijk om een juiste

diagnose te stellen, en zo het gepaste bestrijdingsmiddel te kunnen inzetten.

SPORGON ® ruimt allerlei bladvlekkenziekten op. Ook takverwelking kan

ermee behandeld worden.

COSAVET is een biologisch middel dat witziekte bestrijdt.

ANTI SCHIMMELPAP is dan weer een geschikt middel tegen valse meel-

dauwschimmels en bacterieziekten.

Het waarschuwingssysteem van Edialux

houdt u op de hoogte!

bladluis

spint

Sporgon ®

Samenstelling: 46 % prochloraz

Dosis: 5 - 20 g/10 liter water/m²

(gieter) en

5 - 40 g/10 liter water (sproeier)

Cosavet

schildluis

witte vlieg

Samenstelling: 80 % zwavel

Dosis: 30 - 80 g/10 liter water

7444/B

Wp

8775/B

WG


Druivelaar,

trendy tuinplant met zuiderse allures.

valse meeldauw

witziekte

Antischimmel pap

Samenstelling: 50 % koperhydroxide

Erkende naam: Belchim Hydro

Dosis: 40 - 80 g/10 liter water/100 m²

Dithane WG

eco eco

eco

Samenstelling: 75 % mancozeb

Dosis: 20 - 37 g/10 liter water/100 m²

8055/B

WG

9271/B

WG

Druiventrosjes zien uitgroeien tot clusters van sappige bessen is pas echt tuin-

plezier! Van oudsher worden er in België heel wat druiven gekweekt in diverse

types van serres. Maar ook in de tuin kunnen geselecteerde variëteiten een

overvloed aan vruchten geven. De druivelaar dient dan wel geplant te worden

op een zonnige en beschutte plaats, zoals een muur gericht op het zuiden.

Door tijdig uw druivelaar te controleren op bladverkleuringen kunnen ziekten

vroeg opgespoord worden, zonder dat de vruchttrossen aangetast raken.

De ‘valse meeldauw’ schimmel Plasmopara viticola is de grootste bedreiging van

de druivelaar want hij tast vrijwel alle groene plantendelen aan. Aan de blad-

bovenzijde verschijnt er een gelig, olieachtige vlek. De volgende dag ziet men

aan de onderzijde op dezelfde plaats lichtgrijs schimmelweefsel, dat zich snel

uitbreidt. Vrij vlug worden deze vlekken helemaal bruin doordat het bladweef-

sel begint af te sterven.

Vooral slecht weer tijdens de bloei vergroot de kans op besmetting van de

vruchttrossen.

Bestrijding van deze schimmel gebeurt met ANTISCHIMMEL PAP of

DITHANE WG. Het aantal herhalingen hangt af van de ziektedruk en de

weersomstandigheden, vooral voor druivelaars in open lucht. De afgevallen

bladeren van het vorige jaar verwijderen helpt een vroege aantasting in het

nieuwe groeiseizoen te voorkomen !

‘Witziekte’ of ‘echte meeldauw’ (Uncinula necator) is bij druivelaars eveneens

een frequent voorkomende ziekte. Deze schimmel is herkenbaar aan witte,

op meel lijkende plekjes, die op alle groene delen van de plant kunnen voor-

komen. Ze verschijnen eerst op de groeipunten en het jonge blad, later ook

op volgroeide bladeren en op de druiven. De schimmel overwintert tussen de

schubben van de bladknoppen. Zodra deze uitlopen in het voorjaar wordt de

schimmel actief en tast de groeipunten aan. Vooral in een vrij warm en vochtig

voorjaar is een uitgebreide besmetting te verwachten.

Bestrijding gebeurt met 5 gram COSAVET per liter water als de eerste drie

blaadjes ontvouwen zijn. Bij buitendruiven herhalen om de twee tot drie we-

ken, afhankelijk van de ziektedruk en weersomstandigheden. Bij serredruiven

zijn minder herhalingen nodig omdat de spuitzwavel daar niet afregent.

Is er de vorige zomer een zeer hevige aantasting geweest, dan kan direct na

de wintersnoei (februari-maart) al gespoten worden. De spuitzwavel werkt

zo vooral tegen de overwinterende schimmelsporen die op het hout en de

ogen aanwezig zijn. Men gebruikt bij wintersnoei 8 gram COSAVET per liter

water.

1


0

Roos, koningin van de tuin

maar ook vaak belaagd ...

Rozen verdienen in zowat elke tuin een plaats, maar ziekten en plagen liggen voortdurend op de loer.

Te zien bij ...

Gelukkig bestaan er geschikte bestrijdingsmiddelen.

de ziekTe ‘stErrEroEtdaUW’ ...

veroorzaakt vergelende bladeren met paarsbruine tot zwarte vlekken. De bestrijding

dient zo vlug mogelijk te gebeuren na waarneming van de eerste symptomen. In regel

is dit omstreeks half mei. ROSABEL EW en ROSABEL SPRAY werken zowel

curatief als preventief. Een goede praktijk bestaat erin vóór de bespuiting zieke bla-

deren weg te knippen alsook afgevallen zieke bladeren op te ruimen. Sterreroetdauw

ontwikkelt zicht vooral bij matige temperaturen en op vochtige bladeren. Regenrijke

periodes in de zomer bevorderen de ziekte.

WItzIEktE, of ‘EchtE mEEldaUW’ ...

roEst ...

is al even gevreesd. Het ziektebeeld bestaat uit een warrig, witbestoven uiterlijk

waarbij alle groene delen kunnen zijn aangetast. De schimmel geeft de voorkeur

aan warme, zonnige dagen met licht bedauwde morgenstonden. ROSABEL EW

en ROSABEL SPRAY werken ook hier curatief en blijven bovendien na bespuiting

dagenlang preventief werkzaam tegen nieuwe aantastingen.

is een andere belangrijke ziekte, herkenbaar aan de felgekleurde oranje sporenhoop-

jes op de bladonderzijde die na enkele weken steeds donkerder worden. De ziekte

treedt vooral op bij warm en vochtig weer. Nogmaals zijn ROSABEL EW en

ROSABEL SPRAY de aangewezen middelen

INsEctEN ...

Onder de insecten zijn vooral de bladluizen beruchte belagers van rozen. Een zware

aantasting heeft gedrongen groei en een slechte bloemkwaliteit tot gevolg. Bladeren

worden kleverig door de uitscheiding van suikerhoudende ‘honingdauw’, waarop ver-

volgens zwarte roetdauwschimmels groeien die het blad een grauwe blik geven. Een

behandeling met ROSABEL EW of ROSABEL SPRAY verlost u reeds na enkele

uren van dit probleem.

rosabel ® EW

Samenstelling: 15 g/l propiconazool,

3 g/l bifenthrin

Dosis: 100 ml/10 liter water/100 m²

9332/B

EW

rosabel ® Spray

Samenstelling: 0,15 g/l

propiconazool, 0,03 g/l bifenthrin

Dosis: bespuiten tot afdruipen

9333/B

AL

Kort samengevat :

ROSABEL EW en

ROSABEL SPRAY

bestrijden alle courante ziekten

en plagen op rozen. Met één

product bent u in staat om

gezonde rozen

te kweken!


De strijd tegen slakken is een hardnekkige!

Te zien bij ...

7123/B

GB

Slakken behoren net als mossels, oesters, inktvissen, .. tot de weekdieren. Ze hebben geen

enkele verwantschap met zoogdieren, insecten of mijten. Dat verklaart waarom

Het voedsel van naaktslakken bestaat hoofdzakelijk uit zachte

plantendelen waardoor ze grote schade aanrichten in onze

tuinen. Ze zijn te vinden op vochtige plaatsen zoals onder

stenen, bloempotten, dichte beplanting, rottende bladeren

en composthopen. Bij het uitstrooien van compost dus

opletten dat u zo geen plaag over de hele tuin verspreid.

Alertheid is geboden !

Slakken verplaatsen zich op de zoolvormige onderzijde van hun lichaam, en scheiden

hierbij slijm af dat een spoor achterlaat en zo duidt op hun aanwezigheid.

Natuurlijke vijanden van slakken zijn egels, loopkevers, padden, kraaien, lijsters, spreeu-

wen, .. Ook schoffelen helpt in de strijd, omdat het de bovenste grondlaag uitdroogt.

Heeft men toch nog te kampen met een slakkenplaag, dan zijn er de speciaal ontwik-

kelde slakkenkorrels.

slakken niet te bestrijden zijn met gekende insectendodende middelen of

rattengiften. Hiervoor zijn speciaal ontwikkelde middelen nodig.

Het product SLAKKENDOOD is een rode korrel, samengesteld uit voor slakken

zeer aantrekkelijke zemelen. Door de professionele persing is de korrel goed regen-

bestendig, een enorm pluspunt voor gebruik in onze Belgische weersomstandigheden.

Uitleggen van slakkenkorrels onder een plank, dakpan, .. kan eventuele impulsieve

opname door warmbloedige dieren makkelijk verhinderen. Breedwerpig toepas-

sen in open veld, zoals voorgeschreven op het etiket, voorkomt eigenlijk problemen

omdat (huis)dieren dan onmogelijk grote hoeveelheden kunnen consumeren. De

repellent bitrex in de slakkenkorrel SLAKKENDOOD ontmoedigt daarenboven bij

(huis)dieren een verdere opname, na een eerste consumptie.

Zodra slakken of slakkenschade wordt vastgesteld, en de weersomstandigheden

gunstig zijn voor deze weekdieren, is bestrijden met SLAKKENDOOD zinvol. Er

wordt geadviseerd om SLAKKENDOOD gelijkmatig over de gehele bodemopper-

vlakte te verdelen. De korrels kunnen zowel preventief als curatief ingezet worden.

Preventief volstaat een toepassing van 50 gram per 100 m²; curatief gebruikt men tot

70 gram per 100 m². Herhaalde toepassing kan nodig zijn om een uit de hand gelopen

plaag in te dijken. Een rationeel gebruik blijft echter de boodschap!

Slakkendood

Samenstelling: 6 % metaldehyde

Dosis: 20 - 25 korrels/m² of 50 - 70 g/100 m²

1


een opGeblazen bal om

voGels af Te sChrikken ?

Het afschrikeffect is gebaseerd op heldere

kleuren en een bijzonder ontwerp. De verschil-

lende kleurvlakken simuleren dreigende ogen en een

opengesperde bek van een roofvogel. De lichtweerkaatsen-

de stickers ter hoogte van de voorgetekende kleurvlakken

versterken de afschrikking nog meer. De bewegende lintjes

onderaan de ballon accentueren de dreiging van een le-

vende roofvogel.

hoe GewenninG voorkomen ?

Een verpakking bevat twee schrikballonnen met ver-

schillende kleur. Ze worden afwisselend gebruikt op

dezelfde plaats. Wissel de ballonnen na ongeveer 3 we-

ken om gewenning bij de vogels te voorkomen. Gebruik de twee verschillende

ballonnen dus nooit tegelijkertijd. Als je meer ballons wil ophangen om een

grote oppervlakte te beschermen, koop dan best een extra doos aan. Zo kun

je met meerdere ballons van dezelfde kleur werken gedurende 3 weken, en ze

daarna gezamenlijk vervangen door de tweede kleur schrikballons. Na weer 3

weken terug de oorspronkelijke kleur, enz.

hoeveel sChrikballons heb ik nodiG

in mijn Tuin ?

• Bij visvijvers, kleinfruit, groenten, …

Hang de schrikballon bovenaan vast aan een lange stok (hout, bamboe, PVC,

..), die stevig in de bodem wordt verankerd. Zorg ervoor dat de ballon vrij

kan ronddraaien in de wind. De linten onderaan de ballon moeten zich on-

geveer 30 cm boven het gewas of wateroppervlak bevinden. Per 15 m² te

beschermen grondoppervlak wordt er één schrikballon geplaatst van de-

zelfde kleur.

• Bij hoogstam fruitbomen

Predator Eye Balloon,

Predator Eye Balloon,

de meest praktische vogelverschrikker.

Voor een optimale afschrikking hangt men één afschrikballon per boom.

Vanaf meer dan 5 m kruindiameter hangt men twee stuks in tegenover-

gestelde windrichting, van dezelfde kleur. De linten onderaan de ballon

moeten zich zo’n 30 cm boven de kruin bevinden. Maak de ballon vast

aan een (zeer) lange stok in de grond of met een kortere aan de takken.

Zorg ervoor dat de ballon vrij kan ronddraaien in de wind.

predator eye balloon

Diameter ballon: 50 cm.

Aanbeveling: regelmatig van kleur wisselen.

De PREDATOR EYE BALLOON

wordt ingezet om schade, berokkend door

kraaiachtigen, spreeuwen, (bos)duiven, fa-

zanten, reigers, enz. te beperken.

Vogelschade is een belangrijk probleem

bij afrijpend fruit (kersen, peren, bessen,

...), in de moestuin (koolgewassen, jonge

erwten, ...) en bij vijvers (visroof).


Mol Mini, de énige klem

voor gebruik in molshopen én in gangen.

Mollen zijn het hele jaar aanwezig maar in de late winter en het vroege voor-

jaar ontstaan de meeste molshopen. Dat heeft te maken met hun graafacti-

viteit. Mollen moeten immers het hele jaar door evenveel voedsel opnemen

om in leven te blijven. Vanaf het late najaar lopen echter, door de stijgende

grondwatertafel, vele voedselgangen onder water en zijn ze genoodzaakt om

meer aan de oppervlakte extra gangen bij te graven om hun voedselaanbod

op peil te houden. Er is echter nog een bijkomende factor : door de dalende

bodemtemperatuur vanaf het late najaar worden regenwormen en bodemin-

secten ook minder actief. Hierdoor vallen ze minder spontaan in de bestaande

voedselgangen van de mol. Een bijkomende reden voor de mol om extra voed-

selgangen aan te maken. Dit alles verklaart waarom er in de winter en het

vroege voorjaar plots extra veel molshopen en –gangen verschijnen.

De meest efficiënte techniek bestaat erin de mollen definitief weg te van-

gen. Hiertoe ontwikkelde Edialux de mollenklem MOL MINI. Ze kan zowel

rechtstreeks in een molshoop als op de klassieke manier in een gang worden

geplaatst, want deze unieke mollenklem laat een dubbel gebruik toe.

hoe GaaT u Tewerk ?

Wanneer u een molshoop aantreft, ga dan als volgt te werk:

Verwijder de bovengrondse hoop aarde. Centraal, waar vroeger de molshoop

lag, kunt u een opening naar beneden zien. In deze open gang plaatst u de

MOL MINI. Ga vervolgens tewerk zoals vermeld op de verpakking.

wanneer u een GanG bemerkT, Ga dan als

volGT Te werk:

Graaf met een schopje op de plaats waar de

gang zich bevindt over een breedte van

20 tot 30 cm grond weg, tot u een

horizontale gang ziet. Plaats een

gesloten klem zo ver mo-

gelijk in de linkergang. Ga

verder zoals vermeld op de

verpakking.

Plaats vervolgens op dezelfde manier

een tweede klem in de rechtergang, want in

loopgangen gebruikt men twee MOL MINI klemmen

tegelijkertijd.

Mol Mini - 1 stuk

Mollen kunnen op korte tijd een grasveld

of siertuin tot een waar slagveld omvor-

men. Molshopen ontsieren op deze ma-

nier onze tuinen, en de gevormde gangen

hollen de ondergrond uit.

Te zien bij ...


Uniek waarschuwingssysteem van Edialux

Het bestrijden van ziekten en plagen in de tuin is niet altijd even makkelijk. Gebruik ik wel het juiste middel?

Pas ik de behandeling toe op het juiste moment?

Heb ik nu last van insecten of mijten?

Zovele vragen, zovele twijfels!

Om aan deze vragen tegemoet te komen heeft Edialux een uniek waarschuwingssysteem voor de tuinliefhebber

ontwikkeld. Dit waarschuwingssysteem is GRATIS en wordt u rechtstreeks thuis, via e-mail, op uw computer

aangeleverd.

Het systeem zal u enkel een e-mail sturen wanneer het tijdstip is aangebroken om een bepaalde ziekte of plaag

aan te pakken. Dit systeem zal u dan ook niet overspoelen met overbodige e-mails in uw mailbox. Integendeel,

slechts gemiddeld om de 14 dagen ontvangt u een nieuw waarschuwingsbericht. In het voorjaar kan de frequentie

iets hoger zijn; in het najaar iets lager. Het zal u als tuinliefhebber in staat stellen om meer doelgericht

en efficiënt ziekten en plagen in te dijken met een minimum aan behandelingen en product.

Mens en milieu varen er wel mee!

Naast ziekten en plagen zal ook mosbestrijding, onkruidbestrijding op paden, in het gazon, enz. aan bod

komen om u op die wijze te ondersteunen.

Wat moet u doen?

Het waarschuwingssysteem wordt u gratis aangeboden door de tuinspeciaalzaak in uw buurt. Daar zal

men u een inschrijvingsbon met persoonlijke code aanreiken. Of u kunt deze inschrijvingsbon meenemen

aan het rek met sproeistoffen. Met uw persoonlijke code kan u zich inloggen op de website van Edialux.

Vervolgens zal u via uw tuinspeciaalzaak, door middel van een e-mailbericht, op het juiste tijdstip worden

“gewaarschuwd”, wanneer bepaalde ziekten en/of plagen uw tuin dreigen te overspoelen, of wanneer

mos- en onkruidbestrijding dienen uitgevoerd te worden.

Zo eenvoudig werkt het unieke waarschuwingssysteem van Edialux!

Mocht u nog meer informatie wensen, gelieve u dan te wenden tot uw plaatselijke handelaar.

Edialux n.v. • Rijksweg 28 • B-2880 Bornem • Tel. +32 (0)3 8862211 • Fax +32 (0)3 8862460 • E-mail edialux@edialux.be

w w w . e d i a l u x . c o m

V.U. ir. Koen Linskens

More magazines by this user
Similar magazines