CINEMAs. HEATER - EYE

bibliotheek.eyefilm.nl

CINEMAs. HEATER - EYE

Op een aeond heeft er in New York cen jutubotsing piaats. De taegesnetde

agenten nen naast den wagen een doode liggen. De conclusie lijkt duidelijk: de

man moet na de botsing uit den auto geslingerd zijn. Een der omstanders herkent

den doode. en wijst de agenten er op, dat het hier geen ongeval, doch cen

moord betreft. Wanneer men hem nadere bijzonderheden wil vragen, blijkt hij echter

ongemerkt verdwenen. In den auto vindt men nu een kaartje, waarop de kop van

een gier geteekend staat. Een der agenten heeft in den verdwenen man Pudge

Rogers herkend, en men vereenzelvigt hem nu met ,,De Gier", cen massa-moor-

denaar. Pudge Rogers begeeft rich naar de woning van den om het leven ge-

komen Ayers. maar het blijkt, dat men hem is vóór geweest. De safe is open-

gebroken! Als de politie verschijnt, neemt hij de vlucht en ontkomt in een taxi.

De lezer maakt nu kennis met majoor Damion Havik, een .— in de oogen den

politie — sinistere figuur, die dezelfde blijkt te zijn als Pudge Rogers. Havik is

het slachtoffer van een zeer intelligenten misdadiger, die door allerlei manipulaties

den schijn wekt, dat Havik degeen is, die de reeks opzienbare moorden van den

laatsten tijd op zijn geweten heeft.

Den volgenden morgen verijdelt Havik een poging om inspecteur Booker in

rijn, Haviks. huis den dood te doen vinden door den beet van een gifslang.

Havik krijgt bezoek van een actrice. Evelyn Dwan. wier mcdedeclingen. in

verband met het gebeurde, ernstige verdenking doen rijzen tegen haar stiefvader,

Walter Ware. die een halfbroer was van Williard Ayers en zijn eenige erf-

genaam. Hij zou Ayers door den Gier wegens een geldelijke vergoeding hebben

doen vermoorden.

Met zijn assistent in zijn auto op weg naar de actrice, overkomt Havik eenige

dagen later een verkeersongeval. Het blijkt, dat ook dit het werk van den Gier is;

de stuunnrichting van Haviks auto fs n.1. opzettelijk defect gemaakt. Zoowel hij

als zijn assistent worden echter als door een wonder gespaard.

Booker laat Havik op allerlei manieren controleeren en bewaken, doch Havik

eischt. dat de politie deze maatregelen achterwege laat. Hij wil den ,,Gier"'

gelegenheid geven in zijn nabijheid te komen om een denkbeeld te krijgen wie hij is

en wie er tot zijn bende hooren.

Denzelfden dag wordt Havik door helpers van den Gier ontvoerd en voor

zijn misdadigen tegenstander geleid. De Gier laat hem de keus: óf lid weiden

van zijn organisatie, óf een afschuwelijken dood sterven.

Havik ziet echter kans te ontsnappen ondanks bijna onoverkomelijk lijkende

beiwaren en bereikt na lang zwerven weer zijn huis.

Den volgenden avond wordt er uit een huis aan den overkant een doodelijk

schol gelost op hem. Bij het onderzoek van inspecteur Booker, waarbij Professor

Pheneas Watts. Haviks buurman, tegenwoordig is. blijkt, dat de getroffene niet

pas gedood kan zijn. doch reeds verscheidene uren overleden is. Professor Watts

blijkt niemand anders te zijn dan majoor_ Havik zelf. die zich vermomd heeft als

de wat zonderlinge professor. Gedurende dit onderzoek krijgt Booker bercht. dat

Evelyn Dwan is ontvoerd uit den schouwburg waar zij optrad.

Havik overtuigt Booker van zi|n eerlijkheid en de beide mannen besluiten samen

te werken om de verdwenen actrice te vinden. Dienzelfden dag wordt het lijk

van den verdwenen Walter Ware. den stiefvader van Evelyn Dwan. gevonden.

Hij heeft een brief nagelaten waarin hij verklaart ontdekt te hebben, dat Evelyn

de aanstichtster is van een complot tegen rijn leven, en dat hij daarom zichzelf

van het leven heeft beroofd.

Door verschillende kleinigheden ontdekt Havik, dat Ware echter is vermoord

door den Gier.

Hij begeeft zich met den advocaat Dinwiddie naar het geheimzinnige huis.

waar de Gier verblijf houdt en waar Evelyn Dwan gevangen wordt gehouden,

naar hii vermoedt. In de onmiddellijke omgeving van het huis raken zij in

gevecht met eenige mannen. Havik ziel kans te ontkomen. Small, zijn assistent,

die vermomd is als professor Pheneas Watts, wordt gebonden in een steenen cel

gevangen gehouden evenals Evelyn Dwan, die bewusteloos is. De Gier houdt

Small voor Havik en kondigt hem aan. dat hij zal moeten sterven.

Havik ziet echter kans. om. gekleed en gemaskerd als een der bendeleden van

den Gier het huis binnen "te dringen en Small te bevrijden van zijn boeien. Hij

geeft hem een revolver, om wanneer het noodig mocht zijn. zichzelf en Evelyn

Dwan te verdedigen. Daarna onderneemt hij een onderzoekingstocht door het

huis ontdekt het aquarium met de afschuwelijke dieren, wier prooi hij bijna een

keer geworden was. en doodt een der bloedhonden in wiens verblijf hij onge-

lukkigerwijze terechtgekomen v.i,s. Op het geluid van het schot snellen de Gier

en rijn helpers toe. doch Havik vlucht door de tallooze gangen van het huis

tot hn op een geheim lull« stapt en in het water terecht komt. De Gier en zijn

hende kunnen niet anders constatreren dan dat .Small" verdwenen is.

De Gier" knikte.

„Dat is (hiidelijk," snauwde hij. „.lij, Carlo, gaat direet alle

deuren langs en verwittigt alle posten, dat zij niemand er uit

laten zonder mijn uitdrukkelijke toestemming!"

Hij wendde zich lol de beide andere mannen, die het alarm ge-

geven hadden.

,.llet feit, dal de deur van hinnen met den balk is gesloten, maakt

dal w^j van hier uil niel naar binnen kunnen gaan. l-oop direct om

en ga door de deur van den kelder naar binnen en haal den balk

Van deze deur. Het is zeker, dal degeen, dien wij zoeken, ergens in

het gebouw moet zijn. De honden zullen ons gauw genoeg vertellen

waar hij zich ophoudt."

De twee mannen snelden weg om zijn bevelen uil te voeren. Na

korten lijd klonk er reeds aan den anderen kant van de deur een

geluid, waaruit bleek, dat zij den balk verwijderden. De deur ging

open en de honden drongen naar binnen, nikkend en trekkend

aan de kettingen, waarmee zij werden vastgehouden. De mannen

in de zwarte pijen en met de zwarte kappen op volgden hen on-

middellijk.

„De (lier" wachtte even, om zich te overlnigen dat de balk weer

op zijn plaats gedaan werd en zijn scherpe blik viel direct op de

half afgebrande kaars, die op den grond lag.

„Die heeft hij laten vallen toen de hond op hem sprong," zei hy

kalm. „Hij zal in de duisternis niet ver gekomen zijn."

Hij draaide zich om en volgde de anderen door de steenen gang.

De honden gingen een hoek om. Plotseling bleven zij staan op

DE GIER

//

u

GEAUTORISEERDE

— 12 -

.é& 'fybtJ

VERTALING

den rand van een der groole tegels in den vloer. „De Gier" baande

zich een weg door het groepje mannen en knikte begrijpend met

het hoofd.

„Verkeerd geloopen in het donker, en door het valluik in den

grond verdwenen," giebelde hij. „Prachtig! Op het oogenblik drijft

hij reeds in het meer. Voor degenen onder jullie, die niét bekend

zijn met dit gebouw, wil ik er even op wijzen, dat de grond waarop

het staal, vroeger een soort moeras was. Daarom heeft men onder

het gebouw een soort draineersysteem aangelegd, dat het water af-

voerde naar hel meer, dal op* ongeveer achthonderd meter afstand

ligt. Het diende zoowel als riool, als om het land droog te houden.

Toen ik hel gebouw overnam, liet ik verscheidene steenen op zóó'n

manier leggen, dat een lichte druk aan één kant er van ze deed

kantelen. Op die manier vormen zij een uitstekend middel om

onze vijanden kwijt te raken, terwijl zij bovendien een prachtig

middel zijn om degenen van jullie, die niet bekend zyn met de

inrichting van het gebouw, boven den grond te houden."

Terwijl hij lachte om zijn eigen grimmigen humor, ging hy den

anderen voor naar de bovengrondsche gangen.

Intusschen ging alles niet zóó, als inspecteur Booker het wel graag

gewild zou hebben. Het was ongeveer twee uur des nachts geweest

toen hij, terugkeerend op het hoofdbureau na zijn onderzoek in

verband met den moord op Walter Ware, de telefonische mededeeling

had ontvangen van den man, die hem nauwelijks een uur tevoren

had verlaten. Dat Havik er reeds in geslaagd was het hol van „De

Gier" op te sporen, scheen bijna onmogelijk! Toch wist hij, dat

Havik in dergelijke gevallen niet overdreef. Daarom had hy, na

beloofd te hebben, dat hij zoo spoedig mogelijk naar het vroegere

klooster zou komen, en na de aanwijzingen te hebben gekregen hoe

hij het 't gemakkelijkst zou kunnen bereiken, zijn best gedaan zooveel

mannen bü elkaar te krijgen als hij meende noodig te hebben. Havik

had gezegd, dat het er minstens twintig zouden moeten zijn. Ge-

woonlijk waren er op dit uur van den nacht een groot aantal man-

schappen aanwezig, die zaten te kaarten of te lezen, tot zij voor het

een of andere geval moesten uitrukken. Maar toevallig was er dien

dag een order binnengekomen van het Departement van Justitie, dat

er meer „resultaten" behaald moesten worden door het hoofdbureau,

daar men anders tot drastische hervormingen zou overgaan. Als een

gevolg hiervan heerschte er allerwegen op het bureau een groote

activiteit, en mannen, die anders in reserve werden gehouden, waren

er nu op uitgetrokken, eigenlijk op goed geluk hier of daar iets te

ontdekken! Kn daardoor had Hookers verzoek om assistentie hem

slechts een stuk of zes mannen opgeleverd. VA- ging nog een half uur

voorbij eer hij de rest bij elkaar had, zoodal het bijna drie uur was,

voordat hij met zijn mannen op weg naar hel oude klooster was.

Alleen een stadsbewoner, die voor het eerst van zijn leven ge-

noodzaakl is om tijdens een hevige regenbui en in hel aardedonker

over een ruwen landweg Ie rijden, kan zich voorstellen wal Hooker

en zijn mannen voor moeilijkheden hadden te overwinnen, leder

oogenblik dreigde een der auto's op den modderigen weg te slippen,

en ten slotte was men dan ook genoodzaakt, vaart te minderen. Om

de zaken nog erger Ie maken slipte een paar honderd nieter verder

wérkelijk een der auto's, zoodal hij van den weg in een modderigen

berm lereehtkwam. waaruil men hem niet meer omhoog kon bren-

gen, ondanks alle vereende pogingen, die men daartoe in het werk

stelde. Vijf minuten later kreeg een andere auto een lekken band,

en moest dus eveneens buiten dienst gesteld worden. Terwijl hij

raasde en tierde, maar natuurlijk zonder eenig resultaat, was Hoo-

ker na eenige oogenblikken genoodzaakt den mannen, die in de

beide onbruikbaar geworden auto's hadden gezeten, te bevelen te

voet Ie volgen, waarna hij de rest van zijn troep naar hel klooster

leidde.

Na een ponsje zag hij in hel licbl van zijn lantaarns den auto

van Havik langs deii weg staan. Hij gaf een teeken om te stoppen en

deed zijn mannen uitstappen. .Maar Havik was nergens tl' bekennen!

Terwijl Hooker mei een van zijn menschen de laan in liep om per-

soonlijk een onderzoek in Ie stellen, struikelde hij over den man,

dien Small bad gedood en hierdoor wist hij, dal hij op het goede

spoor was. Hij stuurde zijn metgezel lenig om den anderen te zeggen,

dal zij komen moesten en stelde toen een haastig onderzoek in bij het

gebouw, dat zich donker en dreigend vóór hem verhief. Het regende

niet meer en de maan, die onder een massa wolken uitkwam, baadde

den grond in een vloed van zilverig licht. Hij liep om het gebouw

heen, zorgend goed in de schaduw te blijven. Achter geen der ramen

kon hij een licht ontdekken. Geen beweging of geluid duidde er op.

dat er menschen in waren.

Gewoonlijk was inspecteur Booker geen roekeloos man. Een kwart

eeuw, besteed, aan de jacht op misdadigers — de laatste tien jaar

had hij uitsluitend jacht op moordenaars gemaakt — had hem de

dwaasheid doen inzien van overijling. Maar hy wist. dat hij thans

bijna een uur te laat was volgens zijn afspraak nul Havik. De

gedachte kwam bij hem op, dat de laatste, teleurgesteld omdat Booker

niet kwam, alleen geprobeerd zou hebben „De Gier" te arresteeren,

natuurlijk echter slechts om een nederlaag te lijden. Maar indien

dit zoo was, waar bevond zich „De Gier" dan? Zou hij alarm hebben

gemaakt en de vlucht genomen hebben?

Plotseling kreeg hij een andere gedachte. Zou hij Havik verkeerd

beoordeeld hebben? Zou deze ten slotte werkelijk „De Gier" zijn, en

was deze tocht slechts een onderneming om een luchtkasteel te ver-

overen teneinde hem uit de stad weg Ie lokken terwijl „De Gier" er

weer een anderen slag zou slaan? Gedurende een oogenblik kon hij

moeilijk de verleiding weerstaan om terug te keeren en zoo snel hij

kon naar de stad te rijden. Maar toen herinnerde hij zich de stem

van Havik door de telefoon — en hij wist opeens, dal de man

absoluut ernstig, dood-ernstig was geweest.

Hy plooide zyn lippen en gaf het afgesproken signaal. Kr kwam

geen antwoord. Hij liep behoedzaam achteruit, en vond de rest van

zijn mannen, die zich in de duisternis vóór het gebouw ophielden.

Terwijl hij haastig overleg pleegde niet zijn assistent, liet hij dezen

het bevel over de mannen weer over en snelde toen met getrokken

revolver vooruit, via de open plek in het bosch, naar de breede deur

van het oude gebouw. Kr was moed voor noodig, om te doen hetgeen

hij van plan was, want bij lederen stap verwachtte hij dat er door

de deur of een raam op hem geschoten zou worden. Maar hij bereikte

den ingang zonder ongelukken. Hij legde zijn hand om den knop.

Zonder eenige moeite kon hij hem omdraaien en ging de deur open.

Met een bijna onhoorbaren kreot van verbazing, ging hij naar binnen

en liet het licht van zyn lantaarn door de breede. steenen gang

spelen. Er was geen mensch te bekennen!

Hy ging terug naar de deur en wenkte zijn mannen. Ken oogenblik

later stonden zij naast hem. Terwijl hij hiin voorging, de lantaarn

in de eene, de revolver in de andere hand. liep hy van kamer naar

kamer, gevolgd door zyn mannen. Maar alle vertrekken waren, even-

als de gang, verlaten!

Een onderzoek op de tweede, ongemeubelde, verdieping bleek vruch-

teloos. Na weer teruggegaan te zyn naar de verdieping gelijkvloers,

begaf hy zich naar de deur aan het eind van de gang. Daar-vandaan

voerde een trap met breede witte steenen treden naar beneden. Ter-

wijl het licht van hun lantaarns hun den weg wees en ze hun

revolver voor onmiddellijk gebruik gereed hielden, daalden Booker

en zijn man neu de trap af. Ze sloegen een hoek om en merkten dat

de trap eindigde in een klein, gool-achtig vertrek hetzelfde ver-

trek waarin Havik voor den eersten keer „De Gier" had ontmoet en

waaruil hij had welen Ie ontvluchten, nadat hij in de glazen klok

gevangen had gezeten.

Voor den eersten keer in zijn lange loopbaan werd Booker onvoor-

zichtig. In plaats van een post achter Ie laten, boven aan de trap,

stond hij al zijn mannen toe hem in hel kleine gewelfde vertrek te

volgen. Een snel onderzoek wees uit, dal er klaarblijkelijk geen

andere uitgang was dan deseen, waardoor zij binnen waren geko-

men. Hij draaide zich om, een bevel op de lippen....

Met een plolselingen kreet sprong hij naar voren. Maar hij was Ie

laat! De groole, zware deur slool zich hiel een slag achter hem. Ken

grendel werd er aan den anderen kant voorgeschoven.

„„De Gier" heel u welkom in zijn hol. inspecteur — u en uw man-

nen." zei een rauwe slem spottend.

HOOFDSTIK X\l.

„De Gier" stelt zijn voorwaarden.

Hel was niet meer dan natuurlijk, dal „De Gier" er zeker

van was de overwinnaar Ie zijn. Niet wetend, dat Booker gedwongen

was geweest zijn mannen in twee partijen te verdeelen. was hij

overtuigd, dat hij zoowel den inspecleur als al diens menschen gevangen

hield. Hel zon niet moeilijk zijn. hen kwijl te raken als dit

noodig was, maar hij had nu juist andere plannen — plannen, die

door den dood van zooveel menschen misschien gedwarsboomd konden

worden! Hij was er van overtuigd, dal hij Havik en Kvelyn

Dwan in de kleine steenen kamer gevangen hield. Kn Havik was de

man, dien hij meer dan alle anderen vreesde! Daardoor bleef er

alleen nog maar Small over — één van al zijn tegenstanders, waarvoor

hij ook werkelijk op zijn hoede diende Ie zijn, Kn Small was de

man — daar was hij van overtuigd — die om het gebouw had geslopen,

de man, die deel had genomen aan het gevecht in hel bosch —

de man, die zich toegang tot hel gebouw had welen Ie verschaffen,

alleen om zijn dood Ie vinden doordal hij door het va Huik was gestort!

zoodal zijn lichaam nu misschien reeds aan de oppervlakte

van hel meer dreef.

.la, „De Gier" voelde, dal hij reden had om tevreden Ie zijn! Snel

riep hij al de leden van zijn bende bij elkaar en lerwij zij allemaal

om hem heen verzameld waren, besprak hij het geval

van idle kanten mei hen en gaf toen zijn bevelen.

Intusschen was Booker echter niel werkeloos gebleven!

Ofschoon hij soms verschrikkelijk styfhoofdig was

ontbrak hel hem toch niet aan moed en evenmin was

hij hel soort man, dal zyn ondergeschikten de foulen

verwijl, die hij zélf heeft gemaakt. Hij had zijn menschen

in de val geleid, en hij voelde, dal hel nu ook aan hém

was. hen er weer uil Ie krijgen. Gedurende zijn lange en

zware carrière had hij vaak voor beete vuren gestaan,

maar toch nog nooit zóó als nu!

Nauwelijks had de deur zich achter hem gesloten, of

hij werd één en al actie. Zijn eerste daad was twee van

zijn beste menseben met getrokken revolver aan beide

zijden van den ingang te posteeren. Daarna onderzocht

hij met behulp van zijn lantaarn snel maar grondig de

muren der kleine grol. waarin zij waren' opgesloten,

terwijl zijn mannen hem daarbij zoo goed mogelijk hielpen.

Met uitzondering van de steenen banken, die in de

nissen der muren stonden, bevatte het vertrek geen enkel

meubelstuk, want „De Gier" had, door het gebruik dal

Havik van den stoelpoot had gemaakt geleerd, dat het

maar beter was alles buiten hel bereik van zijn gevangenen

te houden wat door hen als wapen kon worden

gebruikt. Wel is waar waren Booker en diens mannen

nog gewapend, maar de kale muren van hun cel boden

slechts weinig gelegenheid om er hun scherpschutterskunsten

op Ie vertoonen! De muren waren van steenblokken

opgetrokken, de zoldering en de vloer waren

van hetzelfde materiaal. Mei behulp van zijn zakmes

onderzocht Booker de specie Insschen de groote vierkante

steenen. Deze was zoo hard en stevig als hel gesteente

zelf. Hel was duidelijk, dal er geen kans bestond, dat zij

zichzelf zouden kunnen uitgraven.

Toen hij zijn Onderzoek had ingesteld, riep Booker zijn

tweeden assistent om de situatie met hem te bespreken.

„Ik vraag me af," bromde hij, „of die duivel van een

Havik ons in een val heeft laten loopen? Het begint er

naar uit Ie zien, of ik hel in het begin toch bij het

rechte eind had, en dat hij werkelijk „De Gier" is. Maar

aan den anderen kant kan ik niel gelooven dal

Leverage. ..."

(Vn'ordl vervolgd)

■ . (iIN(! HM NAAK BINNEN KN LIKT HKT

iStHT VAN ZIJN LANTAAUN DOOK I)KHUKKI>K.

8TKKNKN (UNG SPKLKN. ER WAS (JEKN MENSCH

TE BEKENNEN!

More magazines by this user
Similar magazines