30.07.2013 Views

Collega - OK Nieuws

Collega - OK Nieuws

Collega - OK Nieuws

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

7 E JAARGANG, NR. 2, april 2012<br />

Beroepsprofi el OA<br />

Waarom is het<br />

zo belangrijk?<br />

Centralisatie<br />

Zorgen om<br />

gevolgen<br />

Terence Millin<br />

De man achter<br />

de ‘boemerang’<br />

Lean op de <strong>OK</strong><br />

VUmc start met<br />

leanproces<br />

Brandwonden<br />

Behandeling met<br />

kunstlederhuid<br />

Diathermie<br />

Weinig risico’s,<br />

wel mogelijke<br />

verbetering<br />

Vliegjes<br />

Plaag op de <strong>OK</strong><br />

<strong>Collega</strong><br />

Ernestien Reefman:<br />

‘Dit beroep past precies bij<br />

mijn persoonlijkheid’<br />

Vanaf nu met<br />

<strong>OK</strong> Management-<br />

katern vanaf pagina 23


Deze publicatie en alle teksten, illustraties, foto’s, namen, logo’s en merken die daarin zijn opgenomen, zijn beschermd door<br />

het auteursrecht, merkenrecht en andere intellectuele eigendomsrechten van Biomet Nederland BV of van aan haar gelieerde<br />

ondernemingen of zijn in licentie gegeven aan Biomet Nederland BV. Deze brochure mag noch in zijn geheel, noch gedeeltelijk,<br />

worden gebruikt, gekopieerd of gereproduceerd voor andere dan marketingdoeleinden van Biomet Nederland BV of haar<br />

gemachtigden. Elk ander gebruik is verboden.<br />

www.biomet.nl


Duik met LVO<br />

de verdieping in! Datum<br />

VOOR MEER INFORMATIE:<br />

WWW.LVO.NL<br />

: Dinsdag 8 mei 2012<br />

Tijd : 09.30 uur - 16.00 uur<br />

Locatie : Corpus Congress Centre<br />

Willem Einthovenstraat 1<br />

2342 BH Oegstgeest<br />

Aanmelden : Via www.lvo.nl<br />

Entree : Gratis voor LVO<br />

vertegenwoordigers en<br />

één LVO lid als introducé<br />

Snel op de<br />

<strong>OK</strong> nieuws.nl<br />

hoogte met<br />

Ontwikkelingen in de wereld van de <strong>OK</strong> volgen elkaar in snel tempo op. Daarom vindt u op www.<strong>OK</strong>nieuws.nl dagelijks:<br />

• het laatste nieuws • filmpjes • achtergrondverhalen • agenda • weblog Paul Meijsen • mijn dag • vacatures<br />

Dé nieuwssite voor or de <strong>OK</strong>: van operatieassistent tot<br />

anesthesiemedewerker en van <strong>OK</strong>-manager tot chirurg. .<br />

12<br />

Vertegenwoordigersdag<br />

Meld u aan voor de<br />

gratis nieuwsbrief.<br />

Dan ontvangt u het<br />

laatste oknieuws vanzelf<br />

in uw mailbox!


Vernieuwd!<br />

Waarschijnlijk is je iets opgevallen aan deze <strong>OK</strong> Operationeel: het<br />

blad is een stuk dikker dan normaal én we hebben een nieuw katern<br />

speciaal voor leidinggevenden. <strong>OK</strong> Operationeel werd al jaren in zeer<br />

nauwe samenwerking met de LVO (Landelijke Vereniging van Operatieassistenten)<br />

gemaakt, en vanaf dit nummer dus ook samen met<br />

de NVLO (Nederlandse Vereniging Leidinggevenden Operatieafdeling).<br />

Een andere verandering is dat we meer artikelen gaan publiceren<br />

voor anesthesiemedewerkers. Waarom deze verbreding? Omdat<br />

wij als redactie vinden dat je als medewerker op het <strong>OK</strong>-complex<br />

moet weten waar je collega’s mee bezig zijn. De <strong>OK</strong> is tenslotte een<br />

plek waar intensief samengewerkt wordt, en waar men oog moet<br />

hebben voor elkaar. Uiteraard is dit van het grootste belang voor de<br />

patiëntveiligheid. Daarnaast is de tijd voorbij dat mensen een leven<br />

lang hetzelfde beroep uitoefenden. Misschien heb je wel ambities<br />

om in de toekomst een leidinggevende functie te bekleden. Dan kun<br />

je je nu alvast ‘inlezen’. De redactie van <strong>OK</strong> Operationeel staat nadrukkelijk<br />

open voor jullie input. Dus of je nu operatieassistent, anesthesiemedewerker,<br />

<strong>OK</strong>-manager, chirurg of anesthesioloog bent:<br />

laat ons vooral weten hoe we het blad kunnen verbeteren en wat je<br />

wensen zijn.<br />

In dit nummer vind je al een verscheidenheid aan onderwerpen: van<br />

het nieuwe beroepsprofi el voor operatieassistenten tot de rol die Terence<br />

John Millin in de urologie speelde; van lean in de gezondheidszorg<br />

tot kunsthuid bij brandwonden; van vliegjes op de <strong>OK</strong> tot de<br />

column van IGZ-inspecteur Ed Schoemaker.<br />

Hopelijk lees je dit nummer met net zo veel plezier als wij het hebben<br />

samengesteld. Vergeet ook niet om regelmatig onze zustersite<br />

www.oknieuws.nl te bekijken. Hier vind je het actueelste nieuws.<br />

We wensen je veel leesplezier!<br />

Menno Goosen, bladmanager <strong>OK</strong> Operationeel en<br />

<strong>OK</strong> Management-katern<br />

Hennie Mulder, penningmeester LVO en bestuurslid Media<br />

okoperationeel@y-publicaties.nl<br />

020-520 60 77<br />

4 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

Nieuw beroepsprofi el<br />

operatieassistenten<br />

De operatieassistent heeft een nieuw<br />

beroepsprofi el.<br />

14<br />

30<br />

Lean nu ook in de<br />

gezondheidszorg<br />

Unitleider <strong>OK</strong> Chirurgie Karin de Vries vertelt<br />

hoe het VUmc lean introduceerde.


Zorgen om gevolgen<br />

van centralisatie<br />

Welke gevolgen heeft centralisatie van<br />

specialismen voor operatieassistenten?<br />

37<br />

Hommelwasmotten<br />

en motmuggen<br />

Voorkomen is beter dan genezen bij<br />

insectenplagen op de <strong>OK</strong>. Hoe doe je dat?<br />

Beroemde namen:<br />

Terence Millin<br />

De man achter de retropubische prostatectomie<br />

en de boemerangnaaldvoerder.<br />

17 18<br />

Kunstlederhuid<br />

bij brandwonden<br />

<strong>OK</strong> Operationeel wordt mede<br />

mogelijk gemaakt door:<br />

38<br />

Resultaten van autoloog huidtransplantaat<br />

met kunstmatige dermis bij brandwonden.<br />

<strong>OK</strong> Managementkatern<br />

voor<br />

leidinggevenden<br />

Justin Bitter (UMC St Radboud):<br />

‘Wij weten<br />

minutieus wat<br />

waar in het<br />

magazijn ligt’<br />

KATERN VOOR LEIDINGGEVENDEN VAN OPERATIEAFDELINGEN<br />

Lean op de <strong>OK</strong>: bespaar geld en spaar het milieu<br />

Karin de Vries, <strong>OK</strong> VUmc: ‘Lean gaat over verspillingen’<br />

Managementboeken<br />

23<br />

<strong>OK</strong>O00212.indd 23 4/2/12 11:20 AM<br />

44<br />

Diathermierisico’s<br />

Verder in dit nummer:<br />

4 Redactioneel<br />

6 <strong>Nieuws</strong><br />

12 <strong>Collega</strong> Ernestien Reefman<br />

23 <strong>OK</strong> Management-katern<br />

25 Redactioneel<br />

26 Portret Justin Bitter<br />

35 Managementboeken<br />

42 Medische boeken<br />

47 Column Ed Schoemaker (IGZ)<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 5


Tekst: Menno Goosen<br />

Beter alternatief voor PSA bij zieke kinderen<br />

Procedurele sedatie en analgesie (PSA)<br />

bij zieke kinderen is vaak niet effectief.<br />

Hierdoor falen medische verrichtingen<br />

onnodig vaak of zijn ze oncomfortabel.<br />

Ook de veiligheid van de procedure is<br />

ondermaats. Dat blijkt uit promotieonderzoek<br />

van het Maastrichtse UMC+. De<br />

grote meerderheid van de kinderartsen<br />

is bang voor complicaties bij PSA. Terecht:<br />

twee maal leidde dit tot het overlijden<br />

van een kind. Kinderarts-intensivist<br />

Piet Leroy van het UMC+ bracht<br />

voor zijn proefschrift niet alleen de<br />

problemen in beeld, maar ontwikkelde<br />

samen met collega’s ook een nieuwe<br />

richtlijn, die erkend is als landelijke<br />

standaard. Op dit moment wordt PSA<br />

bij kinderen meestal uitgevoerd door<br />

artsen die daar niet specifiek voor zijn<br />

opgeleid. Dit kan leiden tot onveilige<br />

omstandigheden. Na het toedienen van<br />

een ‘roesje’ daalt het bewustzijn, soms<br />

tot het niveau van een narcose. Soms<br />

kan daarbij de ademhaling van het<br />

kind in het gedrang komen zonder dat<br />

de arts het tijdig in de gaten heeft. Een<br />

‘gewone’ narcose is vaak een veiliger en<br />

doeltreffender alternatief, maar door<br />

het gebrek aan anesthesiologen en geschikte<br />

ruimtes voor het toedienen van<br />

een narcose, is dat tot nu toe ook niet<br />

de oplossing. De nieuwe PSA-richtlijn is<br />

Winnaars<br />

De winnaars van kaartjes voor<br />

Body Worlds uit <strong>OK</strong> Operationeel<br />

2 zijn: Leoni de Haan en Esther<br />

Ottens. De winnaars van de<br />

Albert Schweitzer-dvd zijn: Gerrie<br />

Janssen-Deckers, Wilma Schrijer,<br />

Lisa Jungen, Martijn de Vries en<br />

Marja Hasselaar.<br />

6 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

opgesteld in opdracht van de IGZ de<br />

NVA en de NVK. Een van de belangrijkste<br />

gevolgen ervan is het opleiden van<br />

PSA-praktijkspecialisten (een nieuwe<br />

verpleegkundig specialist) die een diepe<br />

sedatie bij kinderen en volwassenen<br />

mogen uitvoeren met middelen die tot<br />

nu toe voorbehouden zijn aan anesthesiologen.<br />

Verpleegkundig specialisten<br />

werken zelfstandig, maar onder supervisie<br />

van medisch specialisten. Daarnaast<br />

gaan kinderartsen en verpleegkundigen<br />

leren hoe ze met behulp van<br />

uitleg, oefenen, geruststellen, afleiden,<br />

hypnosetechnieken en plaatselijke pijnstilling<br />

kinderen kunnen helpen. Als<br />

dat alles niet werkt, is lichte sedatie<br />

met bijvoorbeeld lachgas een oplossing.<br />

Dat middel was in de ban gedaan, maar<br />

uit wetenschappelijk onderzoek blijkt<br />

Nabestellen<br />

bariatriespecial<br />

In december 2010 verscheen een speciaal<br />

themanummer van <strong>OK</strong> Operationeel over<br />

bariatrische chirurgie. De redactie wordt vaak<br />

gevraagd of dit nummer nog verkrijgbaar is.<br />

We hebben nog enkele exemplaren liggen. Het<br />

nummer kost € 8,50 inclusief verzendkosten,<br />

en is te bestellen door te mailen naar<br />

okoperationeel@y-publicaties.nl. Je ontvangt<br />

dan het nummer met een factuur.<br />

dat daarvoor geen reden meer bestaat.<br />

Tot slot moet elk ziekenhuis een lokale<br />

sedatiecommissie instellen die waakt<br />

over de opleiding en de kwaliteit van<br />

de sedatie.<br />

HEEFT U NIEUWS?<br />

Mail naar oko pera tioneel<br />

@y-publicaties.nl<br />

<strong>OK</strong> NIEUWS<br />

Het actueelste<br />

<strong>OK</strong>-nieuws vindt u op<br />

www.oknieuws.nl<br />

5 E JAARGANG, NR. 8, DECEMBER 2010<br />

Overzicht<br />

Bariatrische<br />

ingrepen<br />

Trots<br />

Ervaringen<br />

van patiënten<br />

Historie<br />

Van intestinale<br />

bypass tot nu<br />

Buikwandcorrecties<br />

na gewichtsverlies<br />

Verpleegkundige met<br />

gastric bypass<br />

Het obstructief<br />

Slaapapneusyndroom<br />

Voeding<br />

Alleen nog<br />

kleine porties<br />

Intensief<br />

Begeleiding<br />

door diëtist<br />

Anesthesie<br />

bij bariatrie<br />

<strong>Collega</strong>:<br />

Zussen Jackeline en<br />

Mirjam van Happen<br />

hebben aan een half woord genoeg<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL DECEMBER 2010 1<br />

<strong>OK</strong>O08 2010.indd 1 3/19/12 11:27 AM


UMC+ en Amphia zetten<br />

Da Vinci-robot in<br />

Onlangs hebben hart-longchirurgen van<br />

het Maastricht UMC+ voor het eerst in<br />

Nederland met de Da Vinci-robot een longkwab<br />

verwijderd zonder de borstkas te<br />

openen. In Maastricht werd de robot al<br />

eerder gebruikt, onder andere voor tumoren<br />

achter het borstbeen. Daarvoor worden<br />

uit heel Nederland patiënten naar Maastricht<br />

doorverwezen. ‘Het mooie van deze<br />

nieuwe benadering is dat de chirurg meer<br />

mogelijkheden heeft om complexe situaties<br />

op te lossen’, aldus hart-longchirurg<br />

dr. Ryan Accord. Hij voerde deze ingrepen<br />

onlangs uit, onder toeziend oog van dr.<br />

Mark Dylewski, longchirurg en medisch<br />

directeur van het General Thoracic and<br />

Robotic Surgery van het South Miami Hospital.<br />

Men verwacht in Maastricht deze<br />

ingreep met de Da Vinci-robot bij honderd<br />

patiënten per jaar uit te voeren. De kritiek<br />

dat de ingrepen met de robot duurder zijn<br />

dan conventionele ingrepen, relativeert dr.<br />

Accord. De robot heeft het voordeel dat de<br />

chirurg moeilijke operaties in kortere tijd<br />

kan doen. Bovendien er is minder bloedverlies<br />

en daarmee minder gebruik van<br />

bloedproducten. Ook de gynaecologen van<br />

het Amphia Ziekenhuis gebruiken voortaan<br />

de geavanceerde operatierobot Da<br />

Vinci voor het verwijderen van de baarmoeder.<br />

Gynaecoloog Anneke Jeurgens:<br />

‘Deze manier van opereren biedt veel voor-<br />

Matjes in de buik zijn veilig<br />

In zijn proefschrift toont Ernst<br />

Schoenmaeckers van de Universiteit<br />

Utrecht aan dat matjes in de buik minder<br />

krimpen dan gedacht en dat deze krimp<br />

weinig effect heeft op het opnieuw ontstaan<br />

van een breuk. Schoenmaeckers analyseerde<br />

patiënten die opnieuw een operatie<br />

moesten ondergaan. Bij veel patiënten<br />

waren verklevingen tegen het matje ont-<br />

delen voor de vrouw: minder pijn, korter<br />

verblijf in het ziekenhuis en een veel sneller<br />

herstel.’ In eerste instantie komen vrouwen<br />

met een vergrote baarmoeder in aanmerking<br />

voor deze techniek. Later is het<br />

ook mogelijk voor vrouwen met andere<br />

gynaecologische aandoeningen. De urologen<br />

van Amphia gebruiken de robot al voor<br />

het verwijderen van de prostaat. In de toekomst<br />

wil Amphia de robot bij nog meer<br />

chirurgische ingrepen inzetten. Het verwijderen<br />

van de baarmoeder gebeurt bij<br />

voorkeur via de vagina. Soms is echter een<br />

buikoperatie met een grote snee nodig.<br />

Bijvoorbeeld als de baarmoeder vergroot is<br />

door vleesbomen, te weinig beweeglijk is<br />

doordat een vrouw geen kinderen heeft<br />

gebaard of veel verklevingen heeft door<br />

bijvoorbeeld endometriose. De gynaecoloog<br />

bepaalt of opereren met de robot zinvol is.<br />

De gynaecologen in Amphia verwijderen<br />

jaarlijks bij zo’n 240 vrouwen de baarmoeder.<br />

De inschatting is dat ongeveer 50 van<br />

deze vrouwen in aanmerking komen voor<br />

de ingreep met de operatierobot.<br />

staan, maar het weghalen daarvan ging<br />

zonder problemen. Matjes zijn gevoelig<br />

voor infecties. Schoenmaeckers observeerde<br />

een patiënt die ondanks bewezen buikvliesontsteking<br />

geen infectie ontwikkelde van<br />

het matje. Twee tot vier weken na de kijkoperatie<br />

ontwikkelt zich een dun laagje<br />

weefsel, dat lijkt op het buikvlies, dat het<br />

matje beschermt tegen secundaire infectie.<br />

Waarop let de<br />

IGZ bij de TOPinspecties?<br />

In de eerste<br />

helft van dit<br />

jaar zal de<br />

IGZ een<br />

aantal ziekenhuizen<br />

inspecteren<br />

in het kader<br />

van Toezicht<br />

Operatief Proces (TOP). De ziekenhuisinspecties<br />

zullen een dag in beslag<br />

nemen. De bezoeken bestaan uit observaties<br />

op het <strong>OK</strong>-complex en uit<br />

een dossieranalyse. De inspecties zullen<br />

niet meer nader worden aangekondigd<br />

bij de raad van bestuur. Voor<br />

inzage van de patiëntendossiers is<br />

toestemming aan de minister van<br />

VWS gevraagd op grond van de Wet<br />

uitbreiding bestuurlijke handhaving<br />

volksgezondheidswetgeving. Aan het<br />

einde van de bezoekdag zal een mondelinge<br />

terugkoppeling van voorlopige<br />

bevindingen worden gegeven. Uiteraard<br />

zal de raad van bestuur daarna<br />

een verslag per brief ontvangen.<br />

Het toetsingskader voor dit onderzoek<br />

is gebaseerd op operatieve richtlijnen.<br />

In deze richtlijnen staan cruciale<br />

stopmomenten beschreven waarbij<br />

alle informatie aanwezig en kloppend<br />

moet zijn voordat de patiënt de<br />

volgende stap in het proces kan doorlopen.<br />

In overleg met de wetenschappelijke<br />

verenigingen is bepaald dat de<br />

meeste processen dienen te zijn geïmplementeerd.<br />

Enkele processen uit de<br />

peroperatieve richtlijn die pas recentelijk<br />

is gepubliceerd, dienen aantoonbaar<br />

in voorbereiding te zijn. Het<br />

toetsingskader is te downloaden van<br />

www.oknieuws.nl/nieuws/2012/02/19/<br />

waar-let-de-igz-op-bij-de-top-inspecties.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 7


Tekst: Menno Goosen<br />

Pijnbestrijding<br />

spoedzorg kan<br />

beter<br />

Adequate pijnbestrijding bij patiënten<br />

in de ambulancezorg en op de spoedeisende<br />

hulp (SEH) is behoorlijk ingewikkeld.<br />

Toch kan door een gerichte<br />

toepassing van een nieuwe pijnrichtlijn<br />

al veel verbeterd worden. Dat stelt Sivera<br />

Berben van het UMC St Radboud in<br />

haar promotieonderzoek ‘Much to gain<br />

in pain’. ‘Adequate en vroegtijdige pijnbehandeling<br />

voor traumapatiënten in<br />

de spoedzorg kun je zien als een fundamenteel<br />

menselijk recht’, zegt Sivera<br />

Berben. ‘Voor de pijnbestrijding zijn<br />

niet alleen medicijnen beschikbaar.<br />

Hulpverleners kunnen ook niet-farmacologische<br />

ingrepen toepassen, zoals<br />

het immobiliseren van een gewond<br />

lichaamsdeel.’ Ondanks die mogelijkheden<br />

vindt in de ambulancezorg en op<br />

de spoedeisende hulp geen optimale<br />

pijnbestrijding plaats. Op basis van<br />

onderzoek bij de SEH constateert Berben:<br />

‘Een derde van de patiënten rapporteert<br />

adequate pijnvermindering bij<br />

ontslag van de SEH. Bijna de helft van<br />

de patiënten ondervindt geen verschil<br />

in pijn en een kleine groep rapporteert<br />

een toename van pijn bij ontslag of<br />

overplaatsing van de SEH. Kortom: er is<br />

ruimte voor verbetering.’ Berben onderzocht<br />

welke factoren een optimale pijnbehandeling<br />

in de spoedzorg in de weg<br />

staan of juist kunnen bevorderen. Verbetering<br />

van kennis en attitude zijn<br />

belangrijk, maar ook de professionele<br />

communicatie en organisatie kunnen<br />

vaak beter. Een belangrijk aspect vormt<br />

ten slotte de inbreng van de patiënt<br />

zelf. Op basis van diverse richtlijnen<br />

heeft Berben nu een nationale evidencebased<br />

richtlijn voor pijnbehandeling in<br />

de spoedzorgketen ontwikkeld die als<br />

e-book zal verschijnen. Ook wordt een<br />

app ontwikkeld voor medicatieschema’s<br />

in de ambulancezorg en op de SEH.<br />

8 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

Sint Franciscus Gasthuis opent<br />

nieuwe polikliniek Pijnbestrijding<br />

Na een verbouwingsperiode heeft het<br />

Sint Franciscus Gasthuis de nieuwe polikliniek<br />

Pijnbestrijding in gebruik genomen.<br />

Deze heeft een groot voordeel voor<br />

patiënten. Zo werden patiënten met<br />

pijnklachten voorheen van de röntgenafdeling<br />

doorverwezen naar de afdeling<br />

Dagbehandeling. Met de nieuwe polikliniek<br />

Pijnbestrijding is dit niet meer<br />

nodig. De polikliniek heeft eigen radiologieapparatuur<br />

en een dagbehandeling.<br />

Hierdoor vinden de behandelingen<br />

om pijn te bestrijden plaats op één plek<br />

De afdelingen Plastische Chirurgie en<br />

Orthopedie van VU medisch centrum<br />

werken samen aan een therapie die het<br />

kraakbeen van versleten gewrichten<br />

herstelt. Deze nieuwe methode, waarbij<br />

de chirurgen gebruikmaken van stamcellen<br />

uit vetweefsel, ziet er veelbelovend<br />

uit. Plastisch chirurg in opleiding Wouter<br />

Jurgens is gepromoveerd op deze<br />

methode. Het unieke aan de stamceltherapie<br />

is dat de patiënt maar één keer<br />

geopereerd hoeft te worden. Tijdens de<br />

operatie worden stamcellen uit vetweef-<br />

in het ziekenhuis. De wachttijd voor een<br />

patiënt wordt daardoor korter en hij kan<br />

sneller naar huis. Op de polikliniek Pijnbestrijding<br />

worden patiënten met chronische<br />

of oncologische pijnklachten<br />

behandeld. Deze patiënten worden doorverwezen<br />

door hun huisarts of medisch<br />

specialist. Een team van drie anesthesiologen<br />

en vier gespecialiseerde pijnverpleegkundigen<br />

staat klaar om de pijn<br />

van deze patiënten te bestrijden.<br />

Kijk voor meer informatie op<br />

www.sfg.nl/pijnbestrijding.<br />

Nieuwe methode om versleten<br />

gewrichten te herstellen veelbelovend<br />

sel gehaald en vervolgens in een speciaal<br />

daarvoor ontworpen lab gestimuleerd<br />

om tot kraakbeen uit te groeien. Na twee<br />

uur plaatsen de chirurgen de stamcellen<br />

terug in het lichaam van de patiënt, op<br />

de plek waar het kraakbeen versleten is.<br />

Het concept is getest in geiten. Verdere<br />

studies moeten uitwijzen of de eenstapsprocedure<br />

ook toe te passen is bij mensen<br />

met versleten gewrichten. Vergelijkbare<br />

stamceltherapie bij het herstellen<br />

van botweefsel wordt nu al succesvol in<br />

de kliniek toegepast.


Vroegtijdige screening op heupafwijkingen bij baby’s<br />

Vroegtijdige screening van baby’s op<br />

heupafwijkingen is essentieel voor een<br />

snelle diagnose en eventuele behandeling<br />

van de aandoening. Een effectieve<br />

manier om zuigelingen op heupafwijkingen<br />

te screenen is echografie. UT-promovenda<br />

Marjon Witting onderzocht of het<br />

mogelijk is om de echografische screening<br />

in de jeugdgezondheidszorg in Nederland<br />

in te voeren. In deze proefimplementatie<br />

werd van meer dan vierduizend<br />

baby’s een echo van de heupen gemaakt<br />

op het consultatiebureau. Bij ongeveer 3<br />

procent van alle baby’s ontwikkelt het<br />

heupgewricht zich niet goed. Bij een<br />

heupafwijking wordt de heupkop niet<br />

voldoende overdekt door de heupkom of<br />

staat deze gedeeltelijk of geheel buiten<br />

de heupkom. Als een kind met een heupafwijking<br />

in een vroeg stadium wordt<br />

behandeld, verkleint dit de kans dat het<br />

problemen krijgt met staan en lopen.<br />

Bovendien is de kans kleiner dat het als<br />

jongvolwassene mank gaat lopen of last<br />

krijgt van ‘slijtage’. Ouders bleken heel<br />

tevreden te zijn met deze nieuwe manier<br />

van screening. Op basis van diverse onderzoeken<br />

formuleerde Witting adviezen<br />

over de organisatie van de screening, de<br />

communicatie met de ouders en het<br />

screeningsproces. Zo beveelt zij aan om<br />

een uitgebreid trainingsprogramma voor<br />

de screeners op te zetten, een rechtstreekse<br />

verwijsroute naar het ziekenhuis<br />

op te stellen in het geval van een<br />

afwijkende screeningsecho en gebruik te<br />

Eerste 3D-geprinte onderkaak geplaatst<br />

De Universiteit Hasselt heeft een wereldprimeur:<br />

de onderzoeksgroep Functionele<br />

Morfologie van het onderzoeksinstituut<br />

BIOMED heeft de methode ontwikkeld<br />

achter de allereerste op maat gemaakte<br />

en 3D-geprinte onderkaak ooit.<br />

Het onderkaakimplantaat is vervaardigd<br />

met 3D-geprint titaniumpoeder. Dat 3Dprinting<br />

nu ook voor een volledig onderkaakimplantaat<br />

gebruikt wordt, is uniek.<br />

De onderkaak van een 83-jarige patiënte<br />

was ernstig geïnfecteerd. Chirurgische<br />

verwijdering van de volledige onderkaak<br />

was dan ook noodzakelijk. Om slik- en<br />

kauwbewegingen en een vrije ademhalingsweg<br />

te kunnen behouden, moest de<br />

kaak onmiddellijk hersteld worden. Met<br />

de leeftijd van de patiënte in het achterhoofd,<br />

werd voor een op maat gemaakt<br />

implantaat gekozen in plaats van voor de<br />

klassiek toegepaste microchirurgische<br />

hersteloperaties. Zo werd de vrouw een<br />

erg lange en risicovolle ingreep bespaard<br />

en kon de volledige kaak onmiddellijk<br />

hersteld worden. Deze nieuwe behandel-<br />

methode is uniek. ‘Computertechnologie<br />

zal een ware revolutie veroorzaken in de<br />

medische wereld. We moeten er alleen<br />

nog mee leren omgaan’, aldus prof. dr.<br />

Jules Poukens. ‘De dokter en ingenieur<br />

samen aan de ontwerpcomputer en de<br />

operatietafel: dat is pas echt vernieuwend.’<br />

Het implantaat weegt ongeveer<br />

107 gram. Dat is iets zwaarder dan een<br />

‘natuurlijke’ onderkaak, maar zeker niet<br />

storend. Bij andere methodes kan het<br />

twee dagen duren voor een implantaat<br />

volledig klaar is. Met 3D-printing was de<br />

klus in een paar uur geklaard.<br />

maken van een positief geformuleerde<br />

brochure om ouders uit te nodigen voor<br />

de screening.<br />

Maakbaarheid<br />

van de chirurg<br />

Prof. dr. Jean-Pierre Pierie van de Rijksuniversiteit<br />

Groningen bespreekt in zijn<br />

oratie de opleiding van de endoscopisch<br />

chirurg. Onderzoek door de Inspectie<br />

voor de Gezondheidszorg in alle Nederlandse<br />

ziekenhuizen heeft aangetoond<br />

dat er een sterke maatschappelijke behoefte<br />

bestaat aan een gestructureerde<br />

opleiding voor de endoscopische chirurgie.<br />

De endoscopisch chirurg is maakbaar,<br />

concludeert de hoogleraar, mits hij<br />

of zij de juiste stereotactische eigenschappen<br />

en de juiste attitude bezit. De<br />

te doorlopen procedure vereist ook een<br />

ander risicodenken, dus een andere<br />

mindset van de operateur en het team,<br />

dan de klassieke open chirurgie. Het<br />

belangrijkste onderdeel van de leeropdracht<br />

van hoogleraar Pierie is de<br />

ontwikkeling van een leergang Endoscopische<br />

Chirurgie. Daartoe zullen eindtermen<br />

worden geformuleerd. De verschillende<br />

onderdelen, stappen en resultaten<br />

van deze leergang worden getoetst<br />

en geanalyseerd. Met wetenschappelijk<br />

onderzoek zullen de langeretermijneffecten<br />

en het rendement van de leergang<br />

in kaart worden gebracht.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 9


Tekst: Menno Goosen<br />

Stereotactische radiotherapie bij longkanker leidt tot<br />

minder sterfte dan een operatie<br />

Tot voor kort was een operatie de standaardbehandeling<br />

van kleinere longtumoren<br />

zonder uitzaaiingen. Veel patiënten<br />

komen vanwege hun algemene conditie<br />

en bijkomende ziekten echter niet in aanmerking<br />

voor een operatie. Worden zij wel<br />

geopereerd, dan geeft een longoperatie<br />

vaak blijvende klachten, en 2 tot 10 procent<br />

van de patiënten overlijdt direct na<br />

operatie. Sinds 2003 bestaat er in VUmc als<br />

eerste ziekenhuis in Nederland een alternatief<br />

voor een operatie, namelijk stereo-<br />

tactische radiotherapie. Dat is een veel<br />

preciezere manier van bestralen dan voorheen,<br />

met een veel hogere dosis in een<br />

kortere tijd. David Palma deed onderzoek<br />

naar de resultaten van stereotactische<br />

radiotherapie bij longtumoren en naar<br />

een aantal nieuwe technische ontwikkelingen<br />

die het mogelijk maken dat de<br />

behandeling eenvoudiger toegepast kan<br />

worden. In VUmc zijn sinds 2003 meer dan<br />

750 longkankerpatiënten behandeld met<br />

stereotactische radiotherapie. Dit is we-<br />

Zwemmersgips: meer comfort, even effectief<br />

De meeste Nederlandse ziekenhuizen<br />

gebruiken traditioneel gips bij kinderen<br />

met een botbreuk. Dit geeft veel beperkingen:<br />

niet douchen, niet zwemmen. ‘Onnodig’,<br />

stelt Robert Jan Derksen, chirurg in<br />

het Rode Kruis Ziekenhuis (RKZ). Als eerste<br />

in Nederland onderzocht het Beverwijkse<br />

ziekenhuis de effectiviteit van<br />

zwemmersgips. ‘Het “ademt”, geeft meer<br />

comfort en mag nat worden. De genezing<br />

van de botbreuk is bij kinderen vergelijkbaar<br />

met traditioneel gips.’ De onderzoeksresultaten<br />

werden gepubliceerd in<br />

European Journal of Trauma & Emergency<br />

Surgery. Vooral bij kinderen vormt het<br />

een groot probleem dat gips niet nat mag<br />

worden. Het gebeurt toch. Met vaak jeukende<br />

uitslag en een penetrante geur tot<br />

Foto-expositie over zenuwpijn<br />

Van 24 t/m 29 april van 12.00 uur tot<br />

18.00 uur is de internationale foto-expositie<br />

The Pain Within – Pijn Verbeeld te zien<br />

in de Posthoornkerk, Haarlemmerstraat<br />

126A te Amsterdam. (Zaterdag 28 april<br />

gesloten). De integere, maar intense portretten<br />

van patiënten en hun zenuwpijn<br />

worden eenmalig en gratis toegankelijk<br />

10 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

gevolg. Het zwemmersgips is een goed<br />

alternatief. De gipstechniek is in het RKZ<br />

tentoongesteld in Nederland. De internationaal<br />

bekende topfotograaf Alex Telfer<br />

maakte de foto’s en ontving hiervoor in<br />

2011 een bronzen Px3 People’s Choice<br />

Award. De expositie is bedoeld om aandacht<br />

te vragen voor de gevolgen van het<br />

dagelijks leven met zenuwpijn.<br />

reldwijd de grootste serie. Stereotactische<br />

radiotherapie blijkt zeer goed te werken,<br />

met veel minder bijwerkingen dan een<br />

operatie en zonder directe sterfgevallen<br />

als gevolg van de behandeling. Nadat stereotactische<br />

radiotherapie op grote schaal<br />

was geïntroduceerd, werden veel meer<br />

oudere patiënten behandeld voor longkanker<br />

en nam het percentage onbehandelde<br />

patiënten significant af. De introductie<br />

van stereotactische radiotherapie leidde<br />

tot een toename van de overleving.<br />

ingevoerd en doorontwikkeld door de<br />

eigen gipsverbandmeesters. Zij hebben<br />

het onderzoek ook uitgevoerd. Het is geschikt<br />

voor de behandeling van de meest<br />

voorkomende breukvorm bij kinderen: de<br />

twijgbreuk. De onderzoeksresultaten<br />

hebben ertoe geleid dat deze kinderen nu<br />

standaard zwemmersgips aangemeten<br />

krijgen in het RKZ. In totaal deden 68<br />

kinderen in de leeftijd van 5 tot 15 jaar<br />

mee aan het onderzoek. Van hen kregen<br />

er 34 zwemmersgips aangemeten. De<br />

andere 34 kregen het traditionele gips. De<br />

genezing van het bot was bij beide groepen<br />

vergelijkbaar. De groep met zwemmersgips<br />

scoorde echter flink hoger op<br />

het gebied van comfort: 8,6 ten opzichte<br />

van een 7,5 voor traditioneel gips.


Foto-expositie en wedstrijd over<br />

darmkanker<br />

Tot en met september reist de foto-expositie<br />

‘Denk vooruit, kijk achterom’<br />

langs de Nederlandse ziekenhuizen. De<br />

foto-expositie is ontwikkeld door de Maag<br />

Lever Darm Stichting in samenwerking<br />

met artsen- en patiëntenorganisaties.<br />

Hiermee willen ze het taboe op darmkanker<br />

doorbreken en stimuleren dat mensen<br />

met klachten tijdig naar de dokter gaan.<br />

Naast de foto-expositie organiseert de<br />

Maag Lever Darm Stichting een fotowedstrijd.<br />

Hiervoor roept zij heel Nederland<br />

op om foto’s in te sturen die passen bij het<br />

thema darmkanker. Foto’s uploaden is<br />

mogelijk op www.darmkanker.info. Op<br />

deze site is ook meer informatie te vinden.<br />

Daarnaast kan iedereen stemmen op<br />

zijn/haar favoriete foto.<br />

Jaarlijks krijgen ongeveer twaalfduizend<br />

patiënten en hun naasten te maken met<br />

darmkanker. Bijna vijfduizend mensen<br />

overlijden elk jaar aan de gevolgen van<br />

de ziekte. Als darmkanker in een vroeg<br />

stadium wordt opgespoord, is de ziekte<br />

goed te behandelen.<br />

RKZ schenkt röntgenapparaat aan<br />

ziekenhuis Bangladesh<br />

Wat doe je met een door digitalisering<br />

overbodig geworden röntgenapparaat?<br />

Deze vraag stelde de afdeling Radiologie<br />

van het Rode Kruis Ziekenhuis (RKZ) zichzelf.<br />

Erik Kapteijns, longarts in het RKZ,<br />

wist er wel raad mee. Samen met zijn<br />

vader Ad Kapteijns werkt hij mee aan het<br />

opnieuw opbouwen van een ziekenhuis<br />

in Bangladesh. De afdeling Radiologie<br />

besloot het apparaat te doneren aan dit<br />

goede doel. Bij het verwerven van een<br />

röntgenapparaat bleef het niet. Erik Kapteijns<br />

wist onder andere nog een couveuse,<br />

onderzoekstafels en laboratoriummaterialen<br />

te verkrijgen uit twee Nijmeegse<br />

ziekenhuizen. Het Kennemer Gasthuis<br />

schonk een gynaecologische stoel. Ook is<br />

een sponsor gevonden die de transportkosten<br />

naar Bangladesh voor zijn rekening<br />

neemt. Longarts Kapteijns: ‘Een<br />

klein initiatief is uitgegroeid tot een omvangrijk<br />

project, waarvan een ziekenhuis<br />

in een van de armste landen van de wereld<br />

gebruik kan maken. Soms hoor je<br />

wel zeggen: een druppel op een gloeiende<br />

plaat. Als je echter bedenkt dat duizenden<br />

mensen hierdoor in de gelegenheid<br />

worden gesteld om kwalitatief goede<br />

medische zorg te krijgen, dan wordt een<br />

dergelijke uitspraak heel relatief.’ Vader<br />

en zoon Kapteijns werken samen met de<br />

Stichting Goede Werken Glorieux.<br />

FOTO: GEERT VAN KESTEREN<br />

Laat wiskunde<br />

meebeslissen<br />

Wiskundige en UT-promovenda<br />

Maartje Zonderland ontwikkelde<br />

nieuwe planningsmethodes om de<br />

verdeling van capaciteit in ziekenhuizen<br />

te verbeteren. Zij paste haar<br />

onderzoek toe in het Leids Universitair<br />

Medisch Centrum (LUMC). Een<br />

van de uitdagingen voor Zonderland<br />

was bijvoorbeeld het ontwikkelen<br />

van een afspraakschema voor de<br />

polikliniek met beperkte wachttijd<br />

voor inlooppatiënten en acceptabele<br />

toegangstijd voor afspraakpatiënten.<br />

Zo ook bij de populaire zorgpaden:<br />

een soort onestopshopping in het<br />

ziekenhuis. Maartje Zonderland ontwikkelde<br />

een wachtrijmodel dat<br />

ervoor zorgt dat zorgpadpatiënten<br />

enerzijds en reguliere patiënten<br />

anderzijds geen hinder van elkaar<br />

ondervinden. Vervolgens pakte zij de<br />

planning van de MRI-scanner aan. De<br />

schaarse MRI-capaciteit kan alleen<br />

eerlijk verdeeld worden als alle medische<br />

afdelingen een goede inschatting<br />

geven van de hoeveelheid scans<br />

die zij gaan aanvragen. Er bestaat<br />

natuurlijk altijd een spanningsveld<br />

tussen planbare en spoedpatiënten.<br />

Hoe ga je hier planmatig mee om<br />

zonder iemand te frustreren? Zonderland<br />

is in staat met behulp van<br />

een wachtrijmodel een afweging te<br />

maken tussen deze twee factoren.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 11


12 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012


Ben je geboren voor de medische zorg?<br />

‘Zorgen zit in mijn bloed. Thuis hebben<br />

we heel wat dieren rondlopen, vooral de<br />

zieligste gevallen wil ik graag verzorgen.<br />

Vanuit die basishouding was de wens<br />

om dierenarts te worden niet zo gek.<br />

Alleen de verplichte exacte vakken op<br />

vwo-niveau waren een onoverbrugbare<br />

barrière. Gelukkig leek de tweede loopbaanoptie<br />

– operatieassistent – me net zo<br />

aantrekkelijk. Zeker na een kijkje achter<br />

de schermen op de <strong>OK</strong>, dankzij bemiddeling<br />

van mijn moeder. Zij werkte destijds<br />

in het Sint-Elisabethziekenhuis in Almelo.<br />

Verantwoordelijkheid (maar niet zo veel<br />

als in de geneeskunde), hulp bieden en de<br />

technische aspecten van het vak vormden<br />

voor mij de ideale combinatie. Dit beroep<br />

past precies bij mijn persoonlijkheid.’<br />

Bleek de praktijk je ook op het lijf geschreven?<br />

‘Al op dag één werd ik gegrepen door het<br />

vak. Op verzoek van het Prinses Ireneziekenhuis<br />

in Almelo heb ik na de middelbare<br />

school mijn zomervakantie opgeofferd om<br />

zes weken mee te draaien, voordat de officiele<br />

opleiding begon. Die ervaring wakkerde<br />

mijn interesse alleen maar verder aan. De<br />

operatieve technieken van de specialisten,<br />

het instrumentarium dat ze gebruiken, de<br />

saamhorigheid in het medisch team om<br />

een mens te helpen; ik vond het allemaal<br />

fascinerend. De opleidingsstart met drie<br />

maanden theorie was een mooie manier<br />

om de diepte in te duiken en de ins en<br />

outs beter te leren kennen. Dit stilde mijn<br />

honger naar kennis.’<br />

Ernestien Reefman:<br />

‘Dit beroep past precies bij<br />

mijn persoonlijkheid’<br />

Sinds een jaar werkt Ernestien Reefman (46) als operatieassistent bij de in bewegingszorg gespecialiseerde<br />

vestiging in Naarden van de Bergman Clinics. ‘Dit beroep past precies bij mijn persoonlijkheid.’<br />

Was het vakgebied orthopedie een bewuste<br />

keuze?<br />

‘Na drieënhalf jaar basisopleiding – een<br />

plezierige afwisseling van werken en<br />

school – werkte ik een aantal jaren allround<br />

in het Twenteborg Ziekenhuis<br />

in Almelo en Ziekenhuis Overvecht in<br />

Utrecht. In 1990 was ik gevoelsmatig toe<br />

aan kennisverbreding en specialisatie.<br />

Die wens werd bewaarheid in het UMC<br />

Utrecht, afdeling Cardiochirurgie. Vervolgens<br />

was ik er een jaar uit, in verband met<br />

de geboorte van ons eerste kind en werk<br />

van mijn echtgenoot in het buitenland.<br />

Zeker na de intensieve periode die daaraan<br />

vooraf was gegaan, was dat heel stil.<br />

De kans om de zwangerschapsvervanging<br />

van een oud-collega in het Sint Antonius<br />

Ziekenhuis in Nieuwegein in te vullen<br />

greep ik met beide handen aan. Dat was de<br />

stap naar orthopedie.’<br />

Was dat een grote verandering?<br />

‘Na mijn brede basisopleiding had ik me<br />

niet verder gespecialiseerd in orthopedie.<br />

Dit werkveld leek in eerste oogopslag een<br />

wereld van verschil met de minutieuzere<br />

cardiochirurgie, maar het was opnieuw<br />

iets om me vol overgave in te verdiepen.<br />

Ik ben graag in control, wil alles tot in de<br />

finesses beheersen. Ook bij orthopedie is<br />

nauwkeurigheid verschrikkelijk belangrijk.<br />

Denk alleen al aan het simpele feit<br />

dat een mens twee benen en schouders<br />

heeft. Het is van cruciaal belang dat het<br />

juiste lichaamsdeel geopereerd wordt.<br />

Toen degene die ik verving niet terug-<br />

TEKST: LINDA VAN PELT | FOTO’S (INCLUSIEF COVER): JOS HEIJNEN<br />

keerde, ben ik gebleven. Ik was in dienst<br />

van Orthopedie, maar door organisatorische<br />

veranderingen kwam ik begin 2001<br />

in dienst bij de <strong>OK</strong>, nog steeds met de<br />

specialisatie orthopedie.<br />

Hoewel ik best behoudend ben, was ik op<br />

een gegeven moment toe aan een nieuwe<br />

uitdaging. Sinds voorjaar 2011 werk ik<br />

in de vestiging Naarden van de Bergman<br />

Clinics. Hier doen we operaties op het vlak<br />

van onder meer schouderslijtage, meniscus,<br />

rughernia, heupen en het plaatsen<br />

van prothesen.’<br />

Wat is het verschil tussen een zelfstandige<br />

kliniek en een regulier ziekenhuis?<br />

‘Bijzonder hier is dat het meer oogt als<br />

hotel dan als ziekenhuis. Toch zijn we er<br />

zeker niet alleen voor de welgestelden,<br />

maar voor iedereen. Dankzij de kleinschaligheid<br />

is hier het contact tussen dokter<br />

en patiënt wellicht wat hechter dan in een<br />

groter ziekenhuis.<br />

Een pluspunt voor mezelf is de frisse<br />

sfeer in ons team. Deze locatie draait<br />

sinds augustus 2010, dus iedereen is<br />

“nieuw”. We streven met z’n allen naar<br />

hetzelfde doel: het beste ziekenhuis van<br />

Nederland worden. We houden elkaar<br />

scherp, werken gedisciplineerd en<br />

hanteren strikte richtlijnen. In die atmosfeer<br />

van teamgeest en intercollegiale<br />

toetsing gedij ik goed. Dit stimuleert me<br />

om betrokken te zijn en bij te blijven op<br />

mijn vakgebied. Nuttig, want tenslotte<br />

geldt ook hier: verandering is de enige<br />

constante.’<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 13


Nicole Dreessen over het nieuwe beroepsprofiel:<br />

‘Belangrijke professionaliseringsslag’<br />

Op het afgelopen LVO-congres is het nieuwe beroepsprofiel van de<br />

operatieassistent gepresenteerd. Voor het eerst is vastgelegd wat<br />

operatieassistenten precies doen en welke eisen aan hen worden<br />

gesteld. Waarom is dat zo belangrijk? Een interview met Nicole Dreessen,<br />

voorzitter van de werkgroep die het beroepsprofiel ontwikkelde.<br />

TEKST: MARLOES VAN HOORN | FOTO: JOS HEIJNEN<br />

Er was toch al een beroepsprofiel voor de operatieassistent?<br />

Nicole Dreessen: ‘Het vorige dateert van 2002. In de tussentijd is<br />

ons beroep behoorlijk veranderd. Het nieuwe beroepsprofiel is<br />

ook veel uitgebreider dan het oude. Het bevat rollen, kerntaken,<br />

competenties en complexiteitsniveaus en is onderbouwd met<br />

literatuur. Het vorige was meer een functieomschrijving.’<br />

Wat is er in de tussentijd allemaal veranderd aan het beroep?<br />

‘Operatieassistenten hebben er allerlei taken en verantwoordelijkheden<br />

bij gekregen, zoals planning, apparaatbeheer en coordinatie.<br />

Ze moeten steeds meer verantwoordelijkheid dragen<br />

voor hun eigen gedrag en ook anderen in het team aanspreken<br />

op fouten. Daarnaast is het werk complexer geworden, is marktwerking<br />

ingevoerd en is er steeds meer aandacht voor efficiëntie<br />

en kwaliteit. Dit alles vereist een nieuwe manier van werken<br />

en continue ontwikkeling. Het nieuwe beroepsprofiel houdt<br />

hier rekening mee.’<br />

Goed, het beroepsprofiel ligt er. En nu?<br />

‘Mede met dit beroepsprofiel willen we een aanvraag gaan doen<br />

voor erkenning in de Wet BIG, de Wet op de beroepen in de<br />

individuele gezondheidszorg. Gezien de medisch en technisch<br />

verpleegkundige handelingen die we moeten kunnen verrichten<br />

en onze verantwoordelijkheden als individuele zorgverlener<br />

is het toch vreemd dat we hier niet worden genoemd? Daardoor<br />

hebben we ook geen titelbescherming en is het tuchtecht niet<br />

op ons van toepassing. Verder wil de LVO met dit profiel uiteindelijk<br />

bereiken dat de opleiding op het vereiste hbo-bachelorniveau<br />

komt. Het is dus een belangrijke professionaliseringsslag.’<br />

14 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

De LVO heeft eerder BIG-erkenning aangevraagd. Waarom is dit<br />

toen niet gelukt?<br />

‘Het ministerie van VWS vond dat operatieassistenten zich<br />

niet voldoende profileerden als afgebakende beroepsgroep.<br />

Eigenlijk zeiden ze: “Laat eerst maar eens zien wat jullie nu<br />

precies doen. Ga verder met professionaliseren en zorg voor<br />

een eigen deskundigheidsterrein.” Dat hebben we nu dus gedaan.<br />

We moeten bovendien laten zien inderdaad te hechten<br />

aan onze eigen kwaliteit en verantwoordelijkheid. Daarvoor<br />

is het belangrijk dat we ons inschrijven in een kwaliteitsregister.<br />

Dus: ga naar het KABIZ-register [zie kader] en schrijf je in!<br />

Verder vonden ze een hbo-opleiding noodzakelijk. Daar wordt<br />

met behulp van dit beroepsprofiel dus ook aan gewerkt.’<br />

Hoe kan dit beroepsprofiel bijdragen aan officiële hbo-erkenning<br />

van de opleiding?<br />

‘In het beroepsprofiel staat wat een operatieassistent op het<br />

eerste competentieniveau allemaal moet kunnen. Dat bevindt<br />

zich op hbo-werk- en denkniveau. Er staat ook duidelijk in aangegeven<br />

welke punten tijdens de inserviceopleiding nog niet<br />

voldoende aan de orde komen voor hbo-erkenning, zoals competenties<br />

op het gebied van wetenschappelijk handelen. Daarmee<br />

kunnen de verschillende partijen aan de slag. De steeds<br />

complexer wordende gezondheidszorg vraagt nu eenmaal om<br />

een hoger opleidingsniveau. Die mening hebben niet alleen<br />

wij. Uit het nieuwe beroepsprofiel van de verpleegkundigen<br />

blijkt bijvoorbeeld dat in 2020 alle verpleegkundigen een hboprofiel<br />

moeten hebben.’


De officiële uitreiking van het boekje<br />

‘Beroepsprofiel van de operatieassistent’.<br />

Kunnen de huidige operatieassistenten alle competenties inzetten<br />

en alle genoemde kerntaken en rollen uitvoeren op hoogcomplex<br />

niveau, zoals in het profiel staat?<br />

‘Dat zouden we wel allemaal moeten kunnen. Het zal niet dagelijks<br />

nodig zijn. Er zullen ook per ziekenhuis accentverschillen<br />

bestaan. Maar professionaliseren betekent continu alle kerntaken<br />

en competenties perfectioneren.’<br />

Staat ook in het beroepsprofiel wat een operatieassistent op het<br />

tweede competentieniveau moet kunnen?<br />

‘Alle kerntaken, rollen, competenties en complexiteitsniveaus<br />

die horen bij een operatieassistent op het eerste competentieniveau<br />

staan erin. Deze bieden voldoende mogelijkheden<br />

om het tweede competentieniveau eenduidig en objectief te<br />

beschrijven. Denk bijvoorbeeld aan een selectie van kerntaken<br />

of competenties. Of aan een afbakening op basis van rollen,<br />

specialismen of complexiteitsniveaus. De precieze invulling is<br />

aan de partijen die betrokken zijn bij het opleiden en inzetten<br />

van deze mensen.’<br />

Voldoet het beroepsprofiel aan de Europese eisen voor<br />

<strong>OK</strong>-personeel?<br />

‘De Europese vereniging van operatieassistenten EORNA werkt<br />

momenteel aan een Europees beroepsprofiel. Ze gaan kijken of<br />

ons profiel als inspiratie kan dienen. Nederlandse operatieassistenten<br />

vormen een uitzondering in Europa omdat bij ons een<br />

verpleegkundige opleiding niet verplicht is.’<br />

Kwaliteitsregister voor<br />

operatieassistenten<br />

Het beroepsprofiel benadrukt dat operatieassistenten<br />

zich continu moeten ontwikkelen. De Raad voor<br />

Volksgezondheid en Zorg deelt deze mening. In het rapport<br />

Bekwaam is bevoegd (2011), over innovatieve opleidingen<br />

en nieuwe beroepen in de zorg, adviseert de raad: maak bijen<br />

nascholing tot een krachtig instrument om het beroep<br />

continu aan te passen aan wat patiënten nodig hebben.<br />

Het Kwaliteitsregister Operatieassistenten bij de stichting<br />

KABIZ, een initiatief van de LVO, is zo’n instrument. Dit<br />

stelt de professionaliteit van operatieassistenten objectief<br />

en betrouwbaar vast. Zo kun je als operatieassistent laten<br />

zien dat je je ontwikkelt en inspeelt op de veranderingen in<br />

wetenschap, techniek en zorgvraag.<br />

Alle gediplomeerde operatieassistenten kunnen zich<br />

inschrijven in het register en zichtbaar en toetsbaar maken<br />

dat ze voldoen aan de kwaliteitseisen van de beroepsgroep.<br />

Dit maakt duidelijk aan patiënten, werkgevers en<br />

zorgverzekeraars dat ze met een professional te maken<br />

hebben die het vak serieus neemt.<br />

Thuis kun je op je gemak vanachter de computer in een<br />

digitaal portfolio bijhouden wat je allemaal gedaan<br />

hebt op bijvoorbeeld het gebied van bij- en nascholing.<br />

Daarmee kun je als operatieassistent inzichtelijk<br />

maken dat jij staat voor kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld<br />

bij een functioneringsgesprek of een overleg over je<br />

mogelijkheden, plannen of wensen bij een werkgever.<br />

Of denk aan een sollicitatie. Met jouw portfolio in het<br />

kwaliteitsregister is meteen duidelijk of je voldoet aan de<br />

functie-eisen.<br />

Kortom: inschrijven in het register is goed voor het beeld<br />

dat de buitenwereld van ons heeft en goed voor jouw gevoel<br />

van eigenwaarde. Surf daarom snel naar www.kabiz.nl.<br />

Kan dit beroepsprofiel de aantrekkingskracht van het beroep op<br />

schoolverlaters vergroten?<br />

‘We hebben nu een aantrekkelijk visitekaartje van ons beroep.<br />

Scholieren kunnen hier lezen wat het beroep inhoudt. Als de<br />

opleiding straks een hbo-bachelor is – dat is dus onze intentie –<br />

wordt de studie voor hen ook aantrekkelijker.’<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 15


Hoe is het profiel precies tot stand gekomen?<br />

‘Leden van de werkgroep Beroepsprofiel – bijna allemaal vrijwilligers!<br />

– hebben onderzoek gedaan en een heleboel documenten<br />

geanalyseerd. Ze hebben daarbij professionele ondersteuning<br />

en advies gekregen van Exposz, een universitair opleidings- en<br />

adviescentrum. Op basis daarvan is het conceptberoepsprofiel<br />

geschreven. Dit is becommentarieerd door leden van de expertgroep.<br />

Vervolgens heeft uitgeverij Y-Publicaties er nog naar gekeken.<br />

In totaal is er zo’n anderhalf jaar aan gewerkt.’<br />

Een hele klus dus.<br />

‘Dat kun je wel stellen ja. Het was heel intensief en er zijn vele<br />

uren ingekropen. Vooral op het eind was het even flink doorwerken,<br />

zodat zelfs de kerst en de kerstvakantie eraan opgeofferd<br />

zijn. Maar het was het zeker waard. Ik ben hartstikke<br />

trots op het resultaat en op iedereen die eraan meegewerkt<br />

heeft. Het is ook heel fijn dat Ab Klink, voormalig minster van<br />

VWS, ons heeft gecomplimenteerd in het voorwoord bij het<br />

beroepsprofiel!’<br />

Zijn er al andere reacties uit het veld?<br />

‘Ja, en die zijn heel positief. Het College Zorg Opleidingen, dat<br />

LVO-informatie<br />

Charmaine Betzema, voorzitter,<br />

voorzitter@lvo.nl<br />

Hennie Mulder, penningmeester<br />

en bestuurslid Media<br />

operationeel@lvo.nl<br />

Jeanine Stuart, secretaris en<br />

bestuurslid Onderwijs ai.<br />

secretaris@lvo.nl en<br />

onderwijs@lvo.nl<br />

Nicole Dreessen, bestuurslid<br />

Beroepsbelangen<br />

beroepsbelang@lvo.nl<br />

Monique de Kort, bestuurslid<br />

Congres, congres@lvo.nl<br />

Femke Wienen, bestuurslid<br />

PR&V, prvoorlichting@lvo.nl<br />

16 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

LVO TELEFOONNUMMER:<br />

024-645 47 71 van maandag t/m<br />

zaterdag van 9.00 tot 17.00 uur<br />

Adres: LVO, Postbus 9058<br />

1006 AB Amsterdam<br />

Lid worden van de LVO?<br />

Surf naar www.lvo.nl of bel met<br />

024-645 47 71.<br />

Opzegging van lidmaatschap<br />

dient voor 1 oktober schriftelijk te<br />

gebeuren – het lidmaatschap<br />

wordt dan per 1 januari van het<br />

jaar daarop beëindigd.<br />

Internet:<br />

www.lvo.nl<br />

Lidmaatschap opzeggen:<br />

Secretariaat LVO<br />

Postbus 9058,<br />

1006 AB Amsterdam<br />

de inserviceopleiding erkent, heeft bijvoorbeeld laten weten<br />

dat het hun bedoeling is het beroepsprofiel op te nemen in het<br />

opleidingsreglement. Ze zien gezien het beroepsprofiel een<br />

mogelijkheid tot een vierjarige – dus uitgebreide – opleiding.<br />

De Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra en<br />

de NVZ vereniging van ziekenhuizen hebben ook positief gereageerd,<br />

vertelde het CZO. Al deze partijen willen participeren in<br />

de projectgroep Erkenning en Opleidingen.’<br />

Wat adviseer je operatieassistenten om met het beroepsprofiel te<br />

doen?<br />

‘Ik zou zeggen: lees het goed en leg jezelf langs de meetlat. Ga<br />

aan de slag met je competenties!’<br />

Het beroepsprofiel wordt uitgedeeld aan leden die aanwezig<br />

zijn bij de LVO-activiteiten, zoals de leerlingendag en de<br />

vertegenwoordigersdag, en is te vinden op www.lvo.nl.<br />

De LVO zoekt nog vrijwilligers voor de projecten Erkenning en<br />

Opleidingen. Geïnteresseerden worden van harte uitgenodigd zich<br />

te melden: beroepsbelang@lvo.nl.<br />

Nationale Leerlingendag 2012<br />

Dinsdag 17 april 2012<br />

Infectie- en wondmanagement<br />

Alles wat je moet weten over isolatiemaatregelen<br />

en wondverzorging op het operatiecentrum<br />

Locatie:<br />

fa. Stopler<br />

Middenwetering 1<br />

3543 AR Utrecht<br />

Inschrijven via de website:<br />

www.lvo.nl<br />

Leden € 30,-<br />

Niet leden € 60,-


Centralisatie van specialismen, wat nu?<br />

Centralisatie van specialismen is regelmatig<br />

in het nieuws. Welke gevolgen heeft deze<br />

ontwikkeling voor operatieassistenten?<br />

Operatieassistent en docent Annemarie<br />

Roos schetst een toekomstscenario.<br />

TEKST: ANNEMARIE ROOS, OPERATIEASSISTENT, ZIEKENHUIS BETHESDA<br />

HOOGEVEEN EN EEN VAN DE INITIATIEFNEMERS VAN DE WEBSITE<br />

WWW.CENTRALISATIEWATNU.COM; ZE VERDIEPTE ZICH IN<br />

CENTRALISATIE VOOR DE OPLEIDING TOT EERSTEGRAADSDOCENT<br />

IN DE GEZONDHEIDSZORG. | ILLUSTRATIE: I STOCKPHOTO<br />

De overheid, zorgaanbieders en<br />

zorgverzekeraars hebben in<br />

juli 2011 een landelijk akkoord<br />

ondertekend over centralisatie van specialismen<br />

in de Nederlandse ziekenhuizen.<br />

1 In 2012 wordt deze centralisatie<br />

zichtbaar. 2 Ziekenhuizen mogen niet<br />

meer alle zorgfaciliteiten aanbieden die<br />

zij in huis hebben en tussen de ziekenhuizen<br />

vindt een herverdeling van zorg<br />

plaats.<br />

Met centralisatie wil de overheid de kosten<br />

van de Nederlandse ziekenhuiszorg<br />

beheersen. Deze kosten bedroegen in<br />

2010 61,3 miljard euro. 3 Het akkoord<br />

over centralisatie moet verdere stijging<br />

van de zorguitgaven beperken tot 2,5<br />

procent per jaar. Daarnaast moet centralisatie<br />

een bijdrage leveren aan kwaliteitsverbetering<br />

van de ziekenhuiszorg. 1<br />

Niemand weet precies hoe centralisatie<br />

van specialismen wordt ingevuld en wat<br />

de gevolgen zijn. Het akkoord is gelanceerd<br />

en ziekenhuizen en specialisten<br />

bespreken samen hoe centralisatie verder<br />

vorm moet krijgen. Om een idee te krijgen<br />

van de gevolgen voor operatieassistenten,<br />

heb ik in 2011 vijftig digitaal<br />

verspreide interviews gehouden met leidinggevenden,<br />

leerling- en gediplomeerde<br />

operatieassistenten, specialisten en<br />

docenten. Op basis van de antwoorden<br />

kan ik het volgende toekomstscenario<br />

schetsen.<br />

Minder allrounders<br />

Wanneer specialistische hoogcomplexe<br />

operaties worden verdeeld over enkele<br />

(academische) ziekenhuizen in Nederland,<br />

zullen we ons – met ons specialistische<br />

beroep van operatieassistent – nog verder<br />

moeten specialiseren. Dit betekent dat<br />

operatieassistenten werkzaam in deze<br />

ziekenhuizen niet meer inzetbaar zullen<br />

zijn in andere ziekenhuizen, omdat zij<br />

niet alle vaardigheden beheersen die daar<br />

nodig zijn. In deze tijd van krapte op de<br />

arbeidsmarkt voor operatieassistenten is<br />

het niet wenselijk als er minder allround<br />

operatieassistenten inzetbaar zijn.<br />

Natuurlijk is er ook een voordeel, namelijk<br />

het creëren van specialistische operatieassistenten<br />

die door kennis en ervaring<br />

hoge kwaliteit leveren bij het instrumenteren/assisteren,<br />

juist doordat ze bepaalde<br />

operaties vaak doen. Specialisten juichen<br />

deze ontwikkeling toe, omdat zij gebaat zijn<br />

bij een gespecialiseerde operatieassistent.<br />

Uitholling<br />

Uitholling van het beroep ligt op de loer.<br />

Voor gediplomeerde operatieassistenten<br />

in kleine perifere ziekenhuizen kan centralisatie<br />

tot gevolg hebben dat hun vaardigheid<br />

van het instrumenteren/assisteren<br />

bij specialistische operaties verloren gaat.<br />

Het wordt al steeds populairder om te<br />

opereren in zogenoemde ‘straatjes’. Daar<br />

vindt op één dag een reeks van dezelfde<br />

laagcomplexe operaties plaats, zoals artroscopieën<br />

in de knie of cataractoperaties.<br />

Het is de vraag of deze straatjes de<br />

kwaliteit waarborgen. Door routine kan<br />

de aandacht voor de operatie en de patiënt<br />

verslappen, net zoals bij werken aan<br />

de lopende band gebeurt, waar steeds<br />

dezelfde handeling wordt verricht.<br />

Onvolledige opleiding<br />

Leerling-operatieassistenten zullen hun<br />

opleiding volgen in een ziekenhuis dat<br />

misschien niet garant kan staan voor een<br />

volledige opleiding tot operatieassistent.<br />

Operatieassistenten die klaar zijn met de<br />

opleiding zullen bepaalde operaties in<br />

theorie wel kunnen instrumenteren/assisteren,<br />

maar deze in de praktijk niet<br />

beheersen. Daarvan is nu natuurlijk ook al<br />

sprake – niet elk ziekenhuis kan bijvoorbeeld<br />

cardio- of neurochirurgie aanbieden<br />

– het is goed denkbaar dat deze ontwikkeling<br />

zich door centralisatie zal doorzetten.<br />

Een alternatief scenario is dat leerlingen<br />

hun stages in verschillende ziekenhuizen<br />

kunnen lopen. Dan ontstaat de vraag bij<br />

welk ziekenhuis deze student in dienst<br />

komt en welk ziekenhuis de kosten draagt<br />

voor het opleiden van deze student.<br />

Opleidingsinstituten zullen moeten anticiperen<br />

op centralisatie door lessen aan te<br />

passen en modules te herschrijven. Opnieuw<br />

zal bekeken moeten worden wat<br />

studenten moeten leren en beheersen.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 17


Beroemde namen<br />

Wie was Terence Millin?<br />

Wie was de Ierse arts wiens naam is verbonden aan de retropubische prostatectomie mie<br />

en aan de boemerangnaaldvoerder?<br />

TEKST: JEANINE STUART, PRAKTIJKCOÖRDINATOR <strong>OK</strong>; RUUD VLEEMING, UROLOOG; BOVENIJ ZIEKENHUIS, AMSTERDAM<br />

Eind negentiende eeuw werden de<br />

eerste open prostaatoperaties beschreven.<br />

Tot die tijd werd wel eens<br />

wat prostaatweefsel bij blaassteenoperaties<br />

meegenomen, maar pas in 1888<br />

publiceerde William Belfield over de eerste<br />

suprapubische transvesicale prostaatoperatie,<br />

verricht in 1885. Bij deze techniek<br />

kijkt men van bovenaf op het oppervlak<br />

van de prostaat, die in de blaas uitpuilt.<br />

In 1891 verrichtte George Goodfellow uit<br />

Californië de eerste volledige transperineale<br />

prostatectomie, vanwege een benigne<br />

prostaathypertrofie. Tot de jaren vijftig<br />

van de vorige eeuw werden de meeste<br />

prostatectomieën echter transvesicaal<br />

uitgevoerd. De transvesicale methode<br />

werd behalve door Belfield ook toegepast<br />

door sir Peter Freyer, een Ierse uroloog die<br />

deze operatie rond 1900 voor het eerst<br />

uitvoerde en in 1904 beschreef. Zowel de<br />

suprapubische transvesicale als de transperineale<br />

prostatectomie kende veel complicaties,<br />

zoals infecties, bloedingen en<br />

incontinentie. Samuel Henry Harris (1881-<br />

1936) uit Sydney modificeerde de techniek<br />

van Freyer. Zijn sterftecijfer was slechts<br />

2,8 procent, het laagste cijfer tot dan.<br />

Theodor Hryntschak (1889-1952) uit Oostenrijk<br />

verbeterde weer de methode<br />

van Harris.<br />

In december 1897 hield Willem van Stockum,<br />

chirurg in het gemeenteziekenhuis<br />

18 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

aan de Coolsingel te Rotterdam, een voordracht<br />

over zijn nieuwe techniek om adenomen<br />

uit de prostaat via het prostaatkapsel<br />

te verwijderen. Na insnede van de<br />

onderbuik (de snede start onder de navel)<br />

werd het prostaatkapsel opengemaakt. Op<br />

7 maart 1909 publiceerde hij een goede<br />

beschrijving van deze retropubische prostaatadenoomenucleatie,<br />

kortweg de retropubische<br />

prostatectomie genoemd.<br />

Het is echter de naam van een Ierse arts,<br />

Terence Millin, die aan deze ingreep<br />

wordt verbonden.<br />

Kampioen hordelopen<br />

Terence John Millin werd geboren op 9<br />

januari 1903 in County Down, een stadje<br />

in Noord-Ierland. Hij groeide op in een<br />

harmonieus protestants gezin waar de<br />

vader werkzaam was als advocaat. Millin<br />

werd beschreven als een intelligente leerling<br />

en een prima sporter; met het rugbyteam<br />

won hij veel prijzen. Vervolgens ging<br />

hij naar het Trinity College in Dublin om<br />

wiskunde te studeren. Na enige tijd stapte<br />

hij over naar de geneeskunde, wat uiteindelijk<br />

de juiste keuze bleek te zijn.<br />

Niet alleen zijn studie ging voorspoedig,<br />

ook sportief presteerde hij daar goed. Zo<br />

werd hij captain van het eerste Trinityrugbyteam.<br />

Drie seizoenen lang waren ze<br />

ongeslagen en sleepte Millins team prijzen<br />

in de wacht. Verder was hij nog een<br />

Terence John Millin.<br />

zeer goede hoogspringer en kampioen op<br />

de horden!<br />

Na zijn studie in 1927 werkte hij als assistent-chirurg<br />

in het Sir Patrick Dun’s<br />

Hospital in Dublin. Van daaruit vertrok<br />

hij naar Londen. Na de nodige ervaring<br />

belandde hij in het All Saints Hospital,<br />

een urologische kliniek met elf bedden.<br />

Hij werkte hier onder Canny Ryall, een<br />

beroemde Ierse uroloog. Al op 28-jarige<br />

leeftijd had Millin alle examens afgelegd<br />

om zich te kunnen specialiseren tot uroloog.<br />

Als Ier had hij het niet gemakkelijk<br />

REPRODUCED COURTESY COURTESY OF OF THE RCSI. RCSI.


in Londen, waar nog drie urologische<br />

klinieken waren gevestigd. Maar na het<br />

plotselinge overlijden van Ryall in 1934<br />

werd Millin Millin zijn opvolger en hoofd van de<br />

kliniek.<br />

Millin beheerste de bestaande, complicatiegevoelige<br />

technieken,<br />

maar er moest toch een<br />

betere manier<br />

zijn om<br />

‘een prostaat<br />

als een extravesicaal<br />

orgaan te verwijderen<br />

door een ander orgaan<br />

(blaas) of transurethraal met<br />

gebrekkig gebrekkig instrumentarium’?<br />

breken van de Tweede Wereldoorlog<br />

werd Millin gerekruteerd gerekruteerd voor de Emergency<br />

Medical Service en werkte hij hij als<br />

chirurg chirurg in het Putney-ziekenhuis. Aan het<br />

eind van de oorlog kreeg hij een patiënt<br />

met een pelvisfractuur en een gescheurde<br />

urethra. urethra. Toen kwam hij op het idee de<br />

prostaat retropubisch te benaderen; dus<br />

bijna veertig jaar na Van Stockum.<br />

Na de oorlog keerde Millin terug naar<br />

het All Saints Hospital. In oktober 1945<br />

hield hield hij hij een lezing over zijn operatietechniek<br />

op een bijeenkomst van de<br />

Franse Urologische Vereniging in<br />

Parijs. In december 1945<br />

publiceerde hij een<br />

artikel in The<br />

De ligatuurvattende<br />

klem<br />

volgens Millin.<br />

Deze wordt<br />

gebruikt in<br />

combinatie met<br />

de boemerang.<br />

Boemerang<br />

Lancet t over<br />

In december 1939 trad Millin in het hu-<br />

zijn bevindinwelijk<br />

met Alice ‘Molly’ Guernsey. Ze<br />

gen bij twintig pati-<br />

kregen kregen samen twee dochters. Bij het uit-<br />

enten bij wie hij een<br />

prostatectomie had verricht.<br />

In zijn artikel ver-<br />

Huidige prostaatoperaties<br />

meldde Millin terecht dat Van<br />

Stockum al in 1897 bij twee patiënten<br />

Tegenwoordig wordt een vergrote deze toegangsweg tot de prostaat koos.<br />

prostaat zo mogelijk behandeld via Van Stockum tamponneerde echter de De naaldvoerder<br />

een transurethrale resectie (TURP).<br />

prostaatholte en draineerde de blaas.<br />

volgens Young-Millin,<br />

Een adenoom dat op deze manier ver- Voor zijn nieuwe techniek introduceerde<br />

oftewel de boemerang.<br />

wijderd wordt, mag gemiddeld niet Millin een speciaal ontworpen instrument<br />

zwaarder zijn dan 70 gram. gram. Met de om het kapsel te sluiten. Deze naaldvoer-<br />

diathermische lis worden kleine stuk- stukder volgens Young Young-Millin Milli met t bijb bijbehoren- h opening worden geplaatst. De operateur<br />

jes prostaatweefsel weggenomen. De de ligatuurvattende klem biedt hulp bij laat de knop terugveren, en de naald met<br />

resectie vindt plaats onder voortdu- het sluiten van het voorste prostaatkapsel draad wordt teruggetrokken. Met deze<br />

rende irrigatie, waardoor het opera- na een prostatectomie. Dit gebied is met heen-en-weergaande beweging – die de<br />

tieterrein steeds wordt schoonge- een gewone naaldvoerder moeilijk bereik- bijnaam verklaart – kan in een beperkte<br />

spoeld. Omdat er geen abdominale baar. Het hechten ging met dit instru- ruimte een naald door het weefsel wor-<br />

incisie wordt gedaan, is het postopement, bijgenaamd boemerangnaaldvoerden gestoken. Door deze handeling meerratieve<br />

verloop bij een TURP korter en der, aanmerkelijk sneller. Daardoor kon dere keren te herhalen, kan men een hele<br />

minder complicatiegevoelig dan de het aanzienlijke bloedverlies bij deze in- reeks hechtingen leggen. De naam van<br />

transvesicale en retropubische techgreep worden beperkt.<br />

Millin is ook verbonden aan een blaasnieken<br />

(zie hoofdartikel). Deze tech- Door op een knop in de basis van de greep halsspreider en blaaswandspreider.<br />

nieken worden nog toegepast als de te drukken wordt de lege naald door het<br />

prostaat te groot is voor endoscopi- prostaatkapsel gestoken. Als de punt van Varkensfokker<br />

sche verwijdering.<br />

de naald zichtbaar wordt, kan met de Millin werd wereldberoemd en hij was<br />

ligatuurvattende klem een draad in de regelmatig te gast in Europa, Australië<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 19


Wij zoeken allround <strong>OK</strong>-assistenten met passie!<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

MAQUET Netherlands B.V. gevestigd in Hilversum is een professionele handelsonderneming en telt 54 medewerkers. MAQUET<br />

is onderdeel van de wereldwijd opererende en beursgenoteerde Zweedse Getinge groep. MAQUET houdt zich in de Nederlandse<br />

markt bezig met de inrichting van operatiekamers, intensive care, spoedeisende hulp, onderzoeksruimten en poliklinieken. In onze<br />

branche zijn wij marktleider en wij verkopen hoogwaardige<br />

kwaliteitsproducten.<br />

Je wilt overstappen naar de commercie, maar je hart ligt ook bij de zorg. Deze job biedt je beiden.<br />

APPLICATIESPECIALIST MEDISCHE APPARATUUR m/v<br />

Functie-informatie:<br />

Na een gedegen inwerkperiode wordt jouw belangrijkste aandachtsgebied het aangaan en onderhouden van langdurige<br />

klantcontacten binnen jouw werkgebied in samenwerking met onze Accountmanager. Je inventariseert behoeften en<br />

biedt oplossingen, passend binnen de mogelijkheden in jouw vakgebied en de wensen van de klant. Je weet klanten<br />

te enthousiasmeren door gedegen adviezen te geven over onze concepten, producten en productontwikkelingen. Zo<br />

ben je verantwoordelijk voor de begeleiding van offertes en orders naar bestellingen en leveringen, het organiseren en<br />

begeleiden van demo’s, proefplaatsingen en opleveringen en het trainen van in-en externe klanten over onze producten.<br />

Functie-eisen:<br />

afgeronde opleiding op HBO-niveau, als Operatieassistent, ook als je nog aan het begin van je loopbaan staat;<br />

een relatiemanager met een servicegerichte houding, die met diverse klanttypes op wisselende niveaus weet te<br />

communiceren;<br />

verder ben je bovenal een enthousiaste teamspeler, maar zijn zelfstandigheid en creativiteit je ook niet vreemd.<br />

MAQUET biedt:<br />

Een fulltime baan met een goede werksfeer, waarbij je grotendeels vanuit huis werkt. Prima arbeidsvoorwaarden, zoals<br />

een uitstekend salaris, premievrij pensioen, onkostenvergoeding, studieregeling, leaseauto, bonusregeling en 13e maand.<br />

Reageren? Stuur dan je sollicitatiebrief met CV per e-mail aan:<br />

annette.saas@maquetnetherlands.nl / HR Adviseur;<br />

meer informatie: www.maquetnetherlands.nl of bel dhr. Bert Janssen, Divisiemanager Surgical Workplaces (06-53834453).


Blaashalsspreider volgens Millin.<br />

en de VS. Hij opereerde zelfs de president<br />

van Turkije. Hij beschreef in zijn<br />

boek Retropubic Urinary Surgery (1947) de<br />

gevolgde retropubische benadering van<br />

345 prostatectomieën. De mortaliteit van<br />

een open prostatectomie volgens zijn<br />

methode was opzienbarend gedaald.<br />

In de loop van de tijd ontving hij talloze<br />

onderscheidingen, en hij was erelid van<br />

vele urologische verenigingen.<br />

Zijn kliniek werd te klein en hij liet drie<br />

grote Victoriaanse villa’s verbouwen tot<br />

een privékliniek met 37 bedden. Patiënten<br />

kwamen van heinde en ver.<br />

Millin besloot in 1950 op de leeftijd van<br />

57 jaar met pensioen te gaan om zich<br />

aan het ‘boeren’ te kunnen wijden. De<br />

redenen voor zijn vroege pensionering<br />

zijn onduidelijk. Zowel hij als zijn<br />

vrouw Molly verkeerden in goede gezondheid<br />

en hadden een druk sociaal<br />

leven. Hij keerde terug naar Ierland en<br />

kocht daar drie boerderijen. Hij verbouwde<br />

allerlei soorten groenten en<br />

werd een succesvol varkensfokker.<br />

Hij en zijn vrouw deden hier veel aan<br />

sport. Om de maand reisde hij naar de<br />

kliniek in Londen. Daar opereerde hij<br />

nog veel notabelen. Hij was zeer actief<br />

voor de Royal College of Surgeons in<br />

Ierland; in 1963 werd hij er president.<br />

De jaren hierna kreeg hij het financieel<br />

moeilijk. Hij had geen regelingen getroffen<br />

voor een redelijk pensioen en zijn<br />

vrouw kreeg ten gevolge van het roken<br />

ernstige longproblemen. Ze verkochten de<br />

boerderijen en verhuisden naar een gerieflijker<br />

onderkomen. Hij bleef lesgeven tot<br />

1975, toen dit door toenemende doofheid<br />

onmogelijk was geworden. Terence Millin<br />

was ook een stevige roker, en in 1980 overleed<br />

hij op 77-jarige leeftijd aan een larynxcarcinoom.<br />

Het bericht van zijn overlijden<br />

werd behalve in de medische tijdschriften,<br />

ook opgenomen in de London Times.<br />

Literatuur<br />

Blaaswandspreider volgens Millin.<br />

1. B elfield, W.T. Note on Surgery of the<br />

Enlarged Prostate. Med. Record 1888;<br />

33:272.<br />

2. Boele, H. Urologische chirurgie. Maarssen.<br />

2002.<br />

3. Boucher-Hayes, David M. Terence Millin:<br />

pioneer of the retropubic space. BJU International<br />

2005; 96:768-771.<br />

4. Freyer, P. 110 Cases of Total Enucleation of<br />

the Prostate for Radical Cure. Lancet 1904;<br />

197.<br />

5. Froggat, P. All-Rounders and ‘Equanimity’.<br />

The Ulster Medical Journal 2004; 73:2.<br />

6. Goodfellow, G. Median Perineal Prostatectomy.<br />

JAMA 1904; 43:194.<br />

7. Gulik F.H. van, Nieuwe gezichtspunten op<br />

het gebied van de retropubische prostatectomie<br />

volgens Terence Millin. NTvG 1946;<br />

90.IV.41.<br />

8. Millin, T.J. Retropubic Prostatectomy. A new<br />

extravesical technique. Lancet 1945; 249.<br />

9. Stockum, W.J. van. Prostatectomia extravesicalis.<br />

NTvG 1909; 1862.<br />

Grondleggend wetenschappelijk werk<br />

van Millin.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 21


Welmed presenteert:<br />

de opvolger van de Shark ®<br />

De SafeAir<br />

Optimale rookafzuig in vele opzichten<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

<br />

Korte Venen 2<br />

8331 TH Steenwijk The Netherlands<br />

T 0523 27 17 13 F 0523 27 13 83<br />

E info@welmed.nl I www.welmed.nl<br />

iedereen verdient een morgen<br />

morgen zijn we<br />

er nog dichterbij<br />

KWF Kankerbestrijding zorgt voor minder<br />

kanker, meer genezing en een betere kwaliteit<br />

van leven voor patiënten.<br />

Kijk vandaag nog op kwfkankerbestrijding.nl<br />

om te zien wat ú kunt doen.<br />

Het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) zoekt<br />

voor HetHet de operatieafdeling een:<br />

Anesthesiemedewerker<br />

Je komt te werken in een moderne en goed ingerichte<br />

<strong>OK</strong>-afdeling. Alle specialismen, met uitzondering van<br />

plastische- en cardiochirurgie, zijn aanwezig. Aan de <strong>OK</strong><br />

zijn een pijnpoli en een preoperatief spreekuur<br />

verbonden.<br />

Als gediplomeerd anesthesiemedewerker heb je een<br />

flexibele en collegiale werkhouding. Je bent sociaal<br />

vaardig en hebt goede communicatieve eigenschappen.<br />

Nadere informatie over de inhoud van de functie kan<br />

worden ingewonnen bij Gees Drenth, hoofd SE <strong>OK</strong> of<br />

Marco Bertelink, teamleider anesthesie, telefoon (0592)<br />

325554 of 325556.<br />

Reageren kan via de site www.wza.nl, waar ook meer<br />

informatie over de functie en het ziekenhuis te vinden is.


Justin Bitter (UMC St Radboud):<br />

‘Wij weten<br />

minutieus wat<br />

waar in het<br />

magazijn ligt’<br />

KATERN VOOR LEIDINGGEVENDEN VAN OPERATIEAFDELINGEN<br />

Lean op de <strong>OK</strong>: bespaar geld en spaar het milieu<br />

Karin de Vries, <strong>OK</strong> VUmc: ‘Lean gaat over verspillingen’<br />

Managementboeken


NVLO-informatie<br />

De NVLO is dé professionele en ondernemende<br />

beroepsvereniging voor leidinggevenden op de<br />

operatieafdeling.<br />

De vereniging stelt zich tot doel om de communicatie<br />

tussen leidinggevenden van operatieafdelingen<br />

te bevorderen, informatie te<br />

verstrekken, op persoonlijk en juridisch vlak te<br />

ondersteunen, en onderwijs en managementtraining<br />

te geven. De NVLO heeft de status van<br />

beroepsvereniging.<br />

Voordelen lidmaatschap:<br />

-Acht keer per jaar het vakblad <strong>OK</strong> Operationeel<br />

gratis thuisbezorgd. <strong>OK</strong> Operationeel bevat<br />

ieder nummer een managementkatern van<br />

minimaal acht pagina’s, waarin het vak van<br />

leidinggevende <strong>OK</strong>, de toepassingen van leiderschap<br />

en de diversiteit van de beroepspraktijk<br />

in beeld worden gebracht. Het katern brengt<br />

inspiratie, professionalisering, visie, verbondenheid<br />

en de mogelijkheid om kennis en ervaring<br />

te delen met collega-leidinggevenden <strong>OK</strong>.<br />

-Korting op het jaarlijkse congres. Een unieke<br />

gelegenheid om te netwerken en je kennis te<br />

verbreden.<br />

24 <strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012<br />

HOU ZELF DE TOUWTJES IN HANDEN<br />

MANIPULATIE HERKENNEN ÉN TEGENGAAN<br />

Manipulatie komt in alle gradaties voor: van smoezen en<br />

kleine leugens tot chantage, intimidatie en agressie. Als<br />

hulpverlenende professional is de kans groot dat je ermee<br />

in aanraking komt. Dankzij het boek Manipulatie – Van<br />

marionet tot regisseur hoor je tijdig alarmbellen afgaan.<br />

Het boek helpt je de trucs en technieken te doorzien en je<br />

ertegen te beschermen.<br />

• Met handige manipulatie-index.<br />

• Uiterst leesbaar en vol waargebeurde voorbeelden.<br />

• Een must voor iedereen die geen marionet wil worden.<br />

Verkrijgbaar in de boekhandel of te bestellen via de<br />

webwinkel op www.y-publicaties.nl.<br />

ISBN 978 90 8696 153 5 | 357 pagina’s | € 29,50<br />

Auteur Ronald Siecker is arts en neurobioloog met jarenlange<br />

praktijkervaring in de psychiatrie en consultancy op het gebied<br />

van mensen, hersenen en gedrag. Hij is ook de auteur van de<br />

succesvolle boeken Signalen & Valkuilen en ‘Ik heb een tijdbom<br />

in mijn hoofd’ uit de serie Inzicht in psychische handicaps.<br />

-Minimaal eenmaal per jaar een themadag<br />

waarbij een professioneel onderwerp centraal<br />

staat.<br />

-Verder is de NVLO actief op het gebied van contacten<br />

met het bedrijfsleven, diverse overheidsinstanties<br />

en andere belangrijke instanties die<br />

vormgeven aan de operatieve zorg in Nederland.<br />

Lid worden:<br />

Elke leidinggevende die op de operatieafdeling<br />

werkt binnen één van de drie disciplines<br />

chirurgie, anesthesie of recovery en een formele<br />

benoeming heeft, kan lid worden van de<br />

vereniging. Lid worden kan via de website van<br />

de NVLO. Surf naar www.nvlo.nl. De kosten<br />

voor het lidmaatschap bedragen Ð 150,00 per<br />

jaar. Deze kosten worden door middel van automatische<br />

incasso geïnd. Het lidmaatschap is<br />

persoonlijk en loopt van 1 januari tot en met 31<br />

december.<br />

Lidmaatschap opzeggen?<br />

Mail naar info@nvlo.nl. Opzegging van het lidmaatschap<br />

uiterlijk twee maanden voor de start<br />

van het nieuwe kalenderjaar.<br />

Bestuur:<br />

Eduard Monteban,<br />

Voorzitter<br />

emontenban@nvlo.nl<br />

06-54 73 67 42<br />

Christa Tigchelaar,<br />

Secretaris en<br />

penningmeester<br />

info@nvlo.nl<br />

06-305 109 12<br />

Jan Bronts. Website<br />

jbronts@nvlo.nl<br />

06-54 68 26 43<br />

Jeannette Ronchetti,<br />

Redactie<br />

(Zie onder redactie <strong>OK</strong><br />

Management-katern)<br />

Mimoen Ahmidi,<br />

Sponsoring en<br />

marketing<br />

06-22 77 88 72<br />

Redactie <strong>OK</strong><br />

Management-katern:<br />

Menno Goosen,<br />

Bladmanager<br />

okmanagement@<br />

y-publicaties.nl<br />

020-520 60 77<br />

Marianne van Dongen,<br />

Redactie<br />

okmanagement@<br />

y-publicaties.nl<br />

Jeannette Ronchetti,<br />

Redactie en<br />

bestuurslid NVLO<br />

jronchetti@nvlo.nl én<br />

okmanagement@<br />

y-publicaties.nl<br />

06-55 73 33 11


Voorwoord<br />

<strong>OK</strong> Management<br />

Tja, het inmiddels zo vertrouwde <strong>OK</strong><br />

Management heeft last van de crisis.<br />

Door tegenvallende inkomsten heeft<br />

de uitgever in overleg met ons de stap<br />

moeten zetten om <strong>OK</strong> Management<br />

samen met <strong>OK</strong> Operationeel uit te<br />

brengen. Ook de NVLO merkt dat de<br />

Blijvend Ok(é)!!<br />

Een blad maken dat de inzichten van<br />

experts combineert met toepasbaarheid<br />

op de werkvloer. Het is elke keer<br />

weer een zoektocht naar goede, originele,<br />

actuele onderwerpen. De afgelopen<br />

periode hebben we geprobeerd de<br />

inhoud van het <strong>OK</strong> Management-katern<br />

naar een hoger niveau te brengen. We<br />

horen graag van je of dit gelukt is. Zoals<br />

Eduard hierboven beschrijft gaat<br />

<strong>OK</strong> Management verder als katern en<br />

komen we 8 keer per jaar uit. Zoals<br />

Eduard hierboven beschrijft gaat <strong>OK</strong><br />

Management verder als katern en komen<br />

we 8 keer per jaar uit.<br />

Ben je bereid om actief met ons mee<br />

te denken over de inhoud? Vind je<br />

het leuk om zelf een artikel te schrijven<br />

of weet je iemand anders die dit<br />

zou kunnen? Neem dan contact met<br />

ons op via de mail of via LinkedIn.<br />

magere jaren aangebroken zijn.<br />

In de afgelopen drie jaar heeft <strong>OK</strong><br />

Management zich een plaats verworven<br />

tussen allerlei andere vakbladen<br />

in de zorg. Er zijn veel positieve reacties<br />

uit het veld op het blad gekomen,<br />

iedere keer als een editie verscheen.<br />

Door grote inspanning van Marianne<br />

van Dongen en Jeannette Ronchetti,<br />

samen met Menno Goosen, is het blad<br />

geworden tot wat het is: een actueel,<br />

prettig lezend en informatief magazine,<br />

gericht op <strong>OK</strong> Nederland. Dit alles<br />

mogelijk gemaakt door vele sponsors,<br />

maar vooral door onze uitgever Ralf<br />

Beekveldt. Een groot woord van dank<br />

is hier op zijn plaats: Ralf, bedankt<br />

voor je betrokkenheid! Fijn dat op<br />

deze manier ons blad voortgezet kan<br />

worden. Ook de collega’s van de LVO<br />

zijn we dank verschuldigd.<br />

We gaan echter verder, want ook<br />

Ook als je zelf geen schrijver bent,<br />

maar wel een interessant onderwerp<br />

hebt, horen we graag van je. We nodigen<br />

onze leden uit om met ons te<br />

brainstormen over toekomstige onderwerpen<br />

voor <strong>OK</strong> Management.<br />

In deze editie tref je een artikel over<br />

lean in de gezondheidszorg. Een methodiek<br />

voor het halen van verspilling<br />

uit het proces en het tot stand brengen<br />

van blijvende verbeteringen. Door je<br />

voortdurend af te vragen waarom je<br />

iets doet, blijf je scherp: zijn alle stappen<br />

die je doet ook echt nodig? Zeer<br />

interessant om te lezen hoe dit werkt<br />

en toepasbaar is op een complexe werkplek<br />

zoals de <strong>OK</strong>.<br />

En wanneer blijkt dat je na het toepassen<br />

van lean six sigma op je werkplek<br />

ineens zeeën van tijd overhebt … kun<br />

de crisis zal ooit haar beste tijd gehad<br />

hebben. De komende tijd wordt<br />

het blad niet meer als zelfstandig<br />

magazine uitgebracht. Echter, de<br />

combinatie met <strong>OK</strong> Operationeel zal<br />

de kwaliteit en inhoud niet beïnvloeden.<br />

Daar kunt u op rekenen. De<br />

genoemde mensen zullen zich met<br />

behulp van collega’s uit het veld en<br />

andere bij de <strong>OK</strong> betrokken mensen<br />

met veel verve inzetten voor <strong>OK</strong> Management.<br />

Iedere nadeel heeft zijn voordeel:<br />

door de combi met <strong>OK</strong> Operationeel<br />

valt <strong>OK</strong> Management nu wel op veel<br />

meer plaatsen op de deurmat. Nog<br />

meer mensen die ons blad en daarmee<br />

onze vereniging leren kennen.<br />

Eduard Monteban,<br />

voorzitter NVLO<br />

emontenban@nvlo.nl<br />

je altijd nog als NVLO-lid actief de<br />

vereniging ondersteunen.<br />

Veel leesplezier!<br />

Jeannette Ronchetti en<br />

Marianne van Dongen<br />

okmanagment@y-publicaties.nl<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 25


26 <strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012


Justin Bitter (UMC St Radboud):<br />

‘Kapitaalvernietiging’ noemt hij het noodgedwongen weggooien van producten waarvan de officiële ge-<br />

bruiksdatum is verstreken. Ook investeren in overvoorraden is volgens hem niet nodig. Daarom ontwikkelde<br />

Justin Bitter (33), operationeel manager logistiek, afdeling Operatiekamers UMC St Radboud in Nijmegen,<br />

een waterdicht logistiek systeem en een opleidingsmodule.<br />

Tekst: Linda van Pelt | Foto’s (inclusief themacover): Edwin Wiekens<br />

zolang ik me kan herinneren heb ik affiniteit met<br />

logistiek. Ik heb bewust voor een zorgstudie gekozen<br />

‘Al<br />

toen ik eind jaren negentig aan de opleiding tot operatieassistent<br />

begon, maar ben altijd alert geweest op de ontwikkelingen<br />

in het bedrijfsleven. Daar verlopen voorraadbeheer<br />

en bestellingen over het algemeen professioneler. Omloopsnelheden<br />

worden scherper bewaakt om te voorkomen dat<br />

grote voorraden producten blijven liggen. Naar mijn idee kon de<br />

ziekenhuiswereld daar nog wat van leren.<br />

Ik startte in 2002 als operatieassistent traumatologie/orthopedie<br />

in het UMC St Radboud. Nadat ik was doorgestroomd tot operationeel<br />

manager <strong>OK</strong> Orthopedie in 2005, en nog wat later ook<br />

KNO/MKA, kreeg ik in 2009 een verzoek dat me op het lijf was<br />

geschreven. Onze bedrijfsleider <strong>OK</strong> vroeg me het initiatief te<br />

nemen voor de opzet van een nieuwe afdeling: Logistiek.’<br />

Portret<br />

‘Wij weten minutieus wat<br />

waar in het magazijn ligt’<br />

VEILIG, VOORDELIG EN TOEKOMSTBESTENDIG<br />

‘Het getuigt van ondernemerschap dat ons managementteam<br />

<strong>OK</strong> het belang inzag van de ontwikkeling van een afdeling<br />

Logistiek. De kans om deze uitdaging met beide handen aan<br />

te grijpen, creëerde ruimte voor mijn ambitie en visie. Het verlangen<br />

om me meer toe te leggen op logistieke processen werd<br />

nog verder aangewakkerd door de studie bedrijfskunde die ik<br />

was begonnen aan de Radboud Universiteit Nijmegen.<br />

De opzet van een specifieke afdeling Logistiek was een strategische<br />

stap, gestoeld op vier van de vijf pijlers van het jaarplan<br />

van de afdeling <strong>OK</strong>: aantrekkelijk werkgeverschap, kwaliteit en<br />

veiligheid, grip op de kosten en nieuwbouw.<br />

In het streven naar stabiele luchtbeheersing is het van belang<br />

het aantal <strong>OK</strong>-deurbewegingen tot een absoluut minimum te<br />

reduceren. Dat is mogelijk dankzij doorgeefluiken, waarover<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 27


onze nieuwe <strong>OK</strong>’s allemaal beschikken, maar ook door voorafgaand<br />

aan de ingreep het exacte aantal materialen gereed te<br />

leggen, zodat deze tijdig beschikbaar zijn. Om dat voor elkaar<br />

te krijgen, is het handig om deze taken uit handen te geven aan<br />

logistiek geschoolde medewerkers voor wie dit vakgebied hun<br />

specialiteit is.<br />

Een tweede doelstelling die bereikt moest worden met de<br />

vorming van een afdeling Logistiek was kostenbesparing. Veel<br />

ziekenhuizen zijn geneigd op safe te spelen en te grote voorraden<br />

aan te leggen om misgrijpen te voorkomen, maar met een<br />

professioneel onderbouwd logistiek systeem is dat niet nodig.<br />

De derde motivatie voor de introductie van logistieke specialisten<br />

in onze organisatie vloeide voort uit een demografische factor.<br />

Operatieassistenten en anesthesiemedewerkers zijn schaars.<br />

Als zij ontlast kunnen worden op het vlak van logistieke taken,<br />

kunnen zij zich meer toeleggen op de pure uitoefening van hun<br />

eigen vak, en dat is een meerwaarde voor het gehele <strong>OK</strong>-proces.’<br />

DE LOGISTIEK MEDEWERKER<br />

‘In het nieuwe gebouw van UMC St Radboud hebben we twintig<br />

operatiekamers: tien <strong>OK</strong>’s op de eerste en tien op de derde verdieping.<br />

Daartussen bevindt zich het logistieke steriele magazijn.<br />

De twee focussen voor de nieuwe afdeling Logistiek waren<br />

een professioneler voorraadbeheer en professionalisering van de<br />

logistiek. Om dat laatste voor elkaar te krijgen, assisteren medewerkers<br />

van de afdeling Logistiek tijdens de opstartfase in de<br />

centrale opdekruimte.<br />

Ik had de ruimte gekregen om een eigen team samen te stellen,<br />

en werd toen direct geconfronteerd met het feit dat er geen<br />

logistieke opleiding bestaat die gerelateerd is aan de <strong>OK</strong>. Een gemis.<br />

Na marktonderzoek bij diverse onderwijsinstituten kwam<br />

ik – via de praktijkbegeleider van leerling-operatieassistenten<br />

in ons ziekenhuis – in contact met de Hogeschool Arnhem<br />

Nijmegen.<br />

Met gerichte input van onze kant is een onderwijsprofiel tot<br />

stand gekomen voor een logistiek medewerker afdeling Operatiekamers.<br />

Deze kracht is niet alleen verantwoordelijk voor<br />

assisteren met opdekken in de centrale opdekruimte, maar ook<br />

voor bestellen, bevoorraden en tijdig aanleveren van materialen<br />

en steriele medische hulpmiddelen voor chirurgie, anesthesie,<br />

verkoeverkamers en perfusie.’<br />

DE OPLEIDING<br />

‘De opleiding is bedoeld voor logistiek medewerkers op mbo<br />

3-niveau. In wekelijkse bijeenkomsten wordt gedurende in<br />

totaal vier tot vijf maanden onder andere aandacht besteed aan<br />

de werkprocedure bij CSA en <strong>OK</strong>, om de studenten meer inzicht<br />

te geven in het begrip “ketenzorg”. De eerste lichting is gestart<br />

in het najaar van 2010. Inmiddels is de derde groep in opleiding,<br />

28 <strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012<br />

met als geplande afronddatum eind april 2012. Voor de eerste<br />

twee lichtingen hebben onze medewerkers voorrang gehad in<br />

verband met de nieuwbouw. Ten eerste omdat wij zelf nauw<br />

betrokken waren geweest bij de totstandkoming van dit studietraject<br />

en de gelegenheid wilden hebben om mogelijke kinderziekten<br />

te verhelpen. Ten tweede omdat specialisten vanuit het<br />

UMC St Radboud lesgeven. Alle medewerkers vanuit ons ziekenhuis<br />

die te maken hebben met <strong>OK</strong>-logistiek, hebben verplicht<br />

deze nieuwe opleiding gevolgd. Het behalen van het diploma is<br />

een voorwaarde om in dienst te komen en te blijven. Met ingang<br />

van de derde ronde staat de opleiding ook open voor belangstellenden<br />

vanuit de (non-)profitsector die affiniteit hebben met<br />

zowel logistiek als zorg.<br />

De studenten moeten voor aanvang van de praktijkstages de<br />

benodigde lessen hygiëne en infectiepreventie, steriliteit en<br />

de vaardigheidsles steriele materialen hebben gevolgd. Verder<br />

wordt aandacht besteed aan kwaliteit van zorg, fysieke belasting,<br />

materialen en vaardigheden. En uiteraard komen medische<br />

terminologie, topografische anatomie en het chirurgisch<br />

begrippenkader ruimschoots aan bod.’<br />

WEBBASED TOOL<br />

‘Ook voor die andere focus van de afdeling Logistiek – professioneler<br />

voorraadbeheer en daarmee het terugdringen<br />

van (overtollige) steriele voorraden – hebben we aansluiting<br />

gezocht bij een externe partij: ZorgSupply. Deze organisatie<br />

legt de link tussen kennis en ervaring vanuit het bedrijfsleven<br />

en werkbare en betaalbare logistieke ICT-toepassingen binnen<br />

de gezondheidszorg.<br />

Omdat ik me terdege realiseerde dat ICT een onmisbaar hulpmiddel<br />

is om het voorraadbeheer te stroomlijnen, nodigde<br />

ik begin 2010 Jan Vink (directeur ZorgSupply) uit voor een<br />

kennismakingsgesprek. De klik tussen ons was er snel, vooral<br />

omdat hij – anders dan veel andere ICT-ontwikkelaars – in staat<br />

bleek de versnipperde infrastructuren die in veel ziekenhuizen<br />

bestaan aan elkaar te koppelen tot een uniform systeem. Het<br />

was onze wens dat ZorgSupply, gebaseerd op onze richtlijnen,<br />

een methodiek zou ontwikkelen waarmee wij effectief kunnen<br />

sturen op de beïnvloedbare logistieke kosten.<br />

Na het formuleren van de criteria en vooronderzoek in het<br />

UMC St Radboud kwam ZorgSupply al snel met een voorstel tot<br />

data-interactie, aanvankelijk beperkt tot de <strong>OK</strong> Orthopedie en<br />

Interventieradiologie. De geplande pilotperiode, van november<br />

tot eind december 2010, werd twee weken voor de einddatum al<br />

afgerond. Het surplus was toen al overduidelijk aangetoond. Na<br />

een korte, bondige evaluatie volgde het schrijven van een handleiding<br />

voor de nieuwe ICT-systematiek. Daarna werd deze webbased<br />

tool overgenomen door alle <strong>OK</strong>’s in het UMC St Radboud,<br />

inclusief Radiologie en Cardiologie.’


BESPARINGEN<br />

‘De webbased tool die ZorgSupply voor ons ontwikkelde bestaat<br />

uit twee delen: een voorraadvolgsysteem en bewaking van kastbevoorrading.<br />

Door het invoeren van unieke itemnummers per<br />

individueel artikel (volgens de GS1 Global Traceability Standard<br />

for Healthcare) weten we minutieus wat er in het magazijn aanwezig<br />

is, in welke kast, in welke lade en uiteraard precies in<br />

welke hoeveelheid. De voorraden in het voorraadvolgsysteem<br />

zijn uniek gemaakt door een koppeling van artikelnummer, expiratiedatum,<br />

lotnummer en prijs. Dat uitgekiende volgsysteem<br />

moet in 2012 gaan zorgen voor 25 procent voorraadverlaging,<br />

doordat overbodige bestellingen om misgrijpen te voorkomen<br />

nu niet meer nodig zijn.<br />

En dat is niet het enige! Ook het voorkomen van derving door<br />

expiratie (verstrijken van de gebruikstermijn) van artikelen is<br />

dankzij de nieuwe ICT-systematiek veel eenvoudiger geworden.<br />

Veel leveranciers hebben een zogeheten retourbeleid: binnen<br />

negen tot twaalf maanden vóór de verloopdatum kunnen artikelen<br />

nog worden omgeruild. Maar dan moet je wel precies<br />

weten voor welke artikelen in je voorraad dat geldt. Dankzij<br />

de precieze registratie is dat nu met één druk op de knop<br />

duidelijk, wat ons in staat stelt hierop tijdig te anticiperen.<br />

We willen de derving wegens expiratie in 2012 met 80 procent<br />

verlagen. En ik vertrouw erop dat we dit in de toekomst nog<br />

verbeteren. Leveranciers hebben nu nog geen eenduidig beleid,<br />

maar naarmate wij in het UMC St Radboud de zaken nog<br />

meer op orde hebben, kunnen we meer invloed uitoefenen op<br />

deze omruilvoorwaarden, in samenspraak met onze afdeling<br />

Inkoop.<br />

De voorraden hebben we als “vlottende activa” toegevoegd aan<br />

de balans van het ziekenhuis. We sturen op de voorraadwaarde,<br />

die we eenmalig verlagen naar de juiste hoeveelheid. Door goed<br />

voorraadbeheer ontstaan er meer liquide middelen en daarmee<br />

samenhangend meer budgettaire ruimte voor investeringen.’<br />

TOEKOMSTPLANNEN<br />

‘Uiteraard zijn we tevreden met de behaalde resultaten. Met 13,2<br />

fte besparen we zowel financieel als op de inzet van operatieassistenten<br />

en anesthesiemedewerkers, doordat we hun werk uit<br />

handen nemen. Maar het kan nog beter. Als voorzitter van de<br />

focusgroep Traceability GS1, een wereldwijde organisatie gericht<br />

op standaardisering van barcoderingen, blijf ik op de hoogte<br />

van de nieuwste ontwikkelingen in zowel bedrijfsleven als zorg.<br />

Dat stimuleert tot innovatieve activiteiten.<br />

In het UMC St Radboud zijn we in een gevorderd stadium met de<br />

automatisering van onze protocollen en het samenstellen van<br />

proceduretrays per <strong>OK</strong>-verrichting. Zo kunnen onze logistiek<br />

medewerkers per verrichting sneller een complete set klaarleggen.<br />

Met zo’n achthonderd protocollen en dik dertienduizend<br />

verrichtingen is dit een belangrijke verbeterslag voor efficiënte<br />

voorbereiding.<br />

Verder streven we naar geautomatiseerde voorraadbewaking. Nu<br />

gebeurt dat nog handmatig, tijdens de nachtdienst, aan de hand<br />

van barcodering. Dankzij die codes staat trouwens ook nauwkeurig<br />

geregistreerd welke materialen bij welke patiënt zijn<br />

gebruikt. In de toekomst streven we naar RFID (Radio Frequency<br />

Identification), een technologie om vanaf afstand (voorraad)<br />

informatie op te slaan of af te lezen met behulp van zogeheten<br />

RFID-tags, zoals die in de luchtvaart worden gebruikt bij het<br />

bagagevervoer.’<br />

GECERTIFICEERD<br />

‘Iets om extra trots op te zijn, is onze ISO9001:2008-certificering<br />

voor de logistieke processen. Dat we voldoen aan deze internationale<br />

norm voor kwaliteitsmanagement is een bekroning<br />

van onze afdeling Logistiek, en voor zover ik weet een primeur<br />

in de Nederlandse ziekenhuiswereld. In deze nationale voorbeeldfunctie<br />

zijn we graag bereid onze kennis en ervaring te<br />

delen. We gunnen ieder ziekenhuis zo’n gestroomlijnd logistiek<br />

proces dat bijdraagt aan verbetering van kwaliteit, veiligheid<br />

en efficiency. En niet te vergeten een goede financiële situatie<br />

door voorraadbeheer en proactieve sturing op derving. Kortom:<br />

genoeg argumenten om ons voorbeeld te volgen. En de webbased<br />

tool van ZorgSupply is vrij eenvoudig aan de specifieke situatie<br />

van ieder ziekenhuis aan te passen.’<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 29


Lean gaat over het tegengaan<br />

van verspilling en het besparen<br />

van geld.<br />

30 <strong>OK</strong> K MANAGEMENT MA MAN MA MAN M AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG AGE AG GE G GE GEEME<br />

MEN ME MEN M EN N NT<br />

APRIL APR A AAP PR R IL ILL 2012 201 20 201 20 201 20 201 20 201 20 201 2012 01 0<br />

Lean:<br />

Lean sijpelt door in de<br />

gezondheidszorg. Het is<br />

een manier om de<br />

kwaliteit van zorg te<br />

verbeteren. ‘Lean is jezelf<br />

elke dag afvragen wat er<br />

beter kan’, is een adagi-<br />

um. Lean is geen ingewik-<br />

keld gedoe; het gaat erom<br />

ingesleten gewoonten te<br />

veranderen.<br />

Tekst: Jan van Helsdingen |<br />

Foto: i Stockphoto


smeerolie op de <strong>OK</strong><br />

De patiënt in het ziekenhuis is bezig te transformeren in<br />

de klant. Dat dwingt hij voor een deel zelf af, dankzij de<br />

sociale media en de onuitputtelijke bron internet. Die<br />

mondigheid van de patiënt dwingt ziekenhuizen om hun diensten,<br />

zorg en vooral positieve resultaten aan de man te brengen.<br />

Het ziekenhuis moet gaan excelleren in aandacht en zorg voor<br />

die klantpatiënt. De professionals moeten niet meer voor, maar<br />

mét de patiënt denken. Of omgekeerd. Die professionals doen<br />

het als egeltjes: héél voorzichtig, want patiënten direct bij hun<br />

werk betrekken, vergt leren omdenken.<br />

Dus is er nu ook lean in de gezondheidszorg. ‘Dus’ ja, want<br />

lean is de smeerolie die een organisatie soepel doet lopen. Veel<br />

ziekenhuizen zijn er stapsgewijs mee begonnen. De ervaringen<br />

zijn pril en divers, positief en terughoudend. Scepsis is er omdat<br />

lean niet in de eerste plaats tot doel zou hebben om het welzijn<br />

van de patiënt in het ziekenhuis te bevorderen, maar om extra<br />

bezuinigingen door te kunnen voeren.<br />

MANIER VAN DENKEN<br />

‘Lean’ is een begrip uit het bedrijfsleven en staat voor een manier<br />

van denken. De grote doorbraak kwam na een Amerikaans<br />

onderzoek eind jaren tachtig onder de internationale automobielindustrie.<br />

Autofabrikant Toyota vertoonde unieke gedragspatronen:<br />

de fabrikant deed een heleboel dingen minder – minder<br />

inspanningen, minder toeleveranciers, minder voorraad, minder<br />

bedrijfsongevallen – maar bereikte meer resultaten. Dát is nu<br />

lean, zeiden de onderzoekers: de kunst om meer te bereiken met<br />

minder. Het bedrijfsleven omarmde lean innig en met liefde.<br />

Het boek Lean voor Dummies omschrijft lean als een heleboel:<br />

een filosofie, een verzameling principes, een taal met eigen<br />

jargon en afkortingen, een managementstrategie, een methode,<br />

een verzameling technieken, gedragingen en hulpmiddelen.<br />

Dit alles is gericht op het tegengaan van verspilling van<br />

zo ongeveer alles: mensen, tijd, plaats, middelen, materiaal,<br />

VERDER LEZEN OVER LEAN:<br />

Lean voor Dummies<br />

Auteurs: Natalie J. Sayer<br />

en Bruce Williams<br />

Uitgeverij: Pearson<br />

Education<br />

ISBN: 9789043016810<br />

Prijs: € 28,95<br />

Lean Six Sigma voor Dummies<br />

Auteurs: John Morgan en<br />

Martin Brenig-Jones<br />

Uitgeverij: Pearson<br />

Education<br />

ISBN: 9789043019002<br />

Prijs: € 20,95<br />

energie en natuurlijk geld. Het ultieme doel is op lange termijn<br />

een waardevolle verzorger, leverancier, dienstverlener<br />

of specialist van de klant te zijn. Lean is een levensstijl, die in<br />

het DNA van een organisatie moet gaan zitten.<br />

Van de 348 pagina’s in het boek gaan er slechts anderhalf over<br />

lean in de gezondheidszorg. Lean is tot nu toe vooral een zaak<br />

voor het bedrijfsleven, dat afhankelijk is van klanten. ‘Lean in<br />

de gezondheidszorg richt zich op de behoeften van de patiënt<br />

en streeft ernaar de doorlooptijden te verkorten, de kosten te<br />

drukken, minder ruimte in beslag te nemen, sneller te leveren<br />

en de kwaliteit van zorg te verbeteren.’<br />

TIJDWINST OP SEH<br />

Vorig jaar oktober promoveerde technisch bedrijfskundige<br />

Remco Rosmulder aan de Universiteit Twente. In zijn promotieonderzoek<br />

had hij gezien dat met lean de spoedeisende hulp in<br />

ziekenhuizen efficiënter kan, met behoud van kwaliteit. Een<br />

van zijn vijf projecten toont aan dat met een nieuw protocol<br />

voor de intake van patiënten de verblijftijd op de SEH met gemiddeld<br />

14 procent kan dalen. Bij dit project kregen verpleegkundigen<br />

meer verantwoordelijkheden en werd de gebruikelijke<br />

taakverdeling tussen artsen en verpleegkundigen doorbroken.<br />

Rosmulder: ‘De belangrijkste reden van het succes is dat artsen,<br />

verpleegkundigen en ziekenhuismanagers samenwerken bij de<br />

verbetering van de zorgverlening.’<br />

Voor managers die de leanaanpak statistisch willen onderbouwen,<br />

is er lean six sigma: een nauwgezette en gestructureerde<br />

benadering voor het managen en verbeteren van prestaties. Je<br />

bekijkt welke factoren van invloed zijn op het proces en hoe<br />

deze elkaar onderling beïnvloeden. Dat helpt om de juiste gereedschappen<br />

op de juiste plek en op de juiste manier te gebruiken.<br />

Voor het wegwijs maken in zowel lean als lean six sigma<br />

bieden trainings- en consultancybedrijven hun diensten aan.<br />

Verbeteringen komen bij lean vooral van de werkvloer. ■<br />

Lean in de zorg<br />

Auteurs: Marc Rouppe van<br />

der Voort en Jos Benders<br />

Uitgeverij: Boom / Lemma<br />

ISBN: 9789059317741<br />

Prijs: € 22,50<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 31


Karin de Vries, unitleider <strong>OK</strong> Chirurgie VUmc:<br />

‘Lean gaat over<br />

verspillingen’<br />

Wat betekent lean praktisch voor een <strong>OK</strong>? ‘Dat mensen op de werkvloer verspillingen<br />

herkennen en daarmee aan de slag gaan.’ Zo simpel is het eigenlijk, volgens unitleider<br />

<strong>OK</strong> Chirurgie Karin de Vries. ‘Lean gaat om het oplossen van onpraktische dingen.’<br />

Tekst: Jan van Helsdingen | Foto: VUmc<br />

32 <strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012


Het VUmc is in het najaar van 2010 met de invoering<br />

van lean begonnen, voor de <strong>OK</strong> voorzichtig in vijf vakgroepen:<br />

Orthopedie, Acute kamer, Dagchirurgie,<br />

Recovery en Logistiek. Daarnaast is er een Verbetergroep Samenwerking.<br />

Ook op andere afdelingen in het ziekenhuis zijn pilots<br />

gaande. Er zijn zeven speciaal daarvoor opgeleide leancoaches<br />

die medewerkers trainen. Aan de hand van de ervaringen zal de<br />

methodiek in alle veertien vakgroepen worden ingevoerd, zodat<br />

alle specialismen vertegenwoordigd zijn.<br />

De samenstelling van de Verbetergroep is variabel; er maakt<br />

altijd een van de vier vaste procesbegeleiders deel van uit, en<br />

daarnaast iemand van de werkvloer die iets in te brengen heeft<br />

en vaak een unitleider. De groep komt driemaal per week bij<br />

elkaar. Ook de samenstelling van de vakgroepen wisselt. Wel<br />

heeft elke vakgroep een vaste procesbegeleider. Procesbegeleiders<br />

hebben een training van vier avonden gehad.<br />

Karin de Vries is unitleider <strong>OK</strong> Chirurgie in het VU medisch<br />

centrum in Amsterdam en maakt deel uit van de vakgroep<br />

Orthopedie. ‘Lean gaat ontzettend over verspillingen. Alles wat<br />

verspilling is voor de patiënt, zou je uit het proces willen halen.<br />

De insteek is daarom dat mensen verspillingen herkennen en<br />

die uit het proces halen. Niet bij de top dumpen, maar zelf aan<br />

de slag gaan.’<br />

Ze noemt een voorbeeld: ‘Onlangs is een berging helemaal opnieuw<br />

ingedeeld. De ruimte stond boordevol met spullen en<br />

was heel onoverzichtelijk. Het is nu een feest om er binnen te<br />

komen: de overbodige spullen zijn weg, alles is opgeruimd. Dat<br />

idee kwam van de werkvloer.’<br />

Hoe verloopt het leanproces?<br />

‘Er is een vast stappenplan. Eerst moet de vakgroep zelf worden<br />

opgericht. De verschillende mensen, alle disciplines vertegenwoordigd,<br />

worden hiervoor benaderd. Zij krijgen voorlichting<br />

en een korte training. Het is de bedoeling dat dit team eerst het<br />

hele proces doorloopt waarmee een patiënt te maken krijgt.<br />

Die begint bij de receptie, gaat dan naar de holding, het hele<br />

traject af. Onderweg zie je veel knelpunten ontstaan: wachttijd,<br />

handelingen waar een patiënt niets aan heeft, dubbel werk.<br />

Het team pikt er een aantal KPI’s uit, bepaalt wat de norm moet<br />

zijn en bespreekt het meten daarvan. Dan wordt besproken:<br />

wanneer komen we bij elkaar? Liefst heel vaak, maar wel kort.<br />

Pas dan kun je van start. Ideaal is: met het team van de dag een<br />

programma doen en achteraf de stand-up houden. Je bespreekt<br />

de KPI’s en waar iedereen die dag tegenaan is gelopen: waren<br />

er wachttijden, was het programma bekend, wat liep niet? Vervolgens<br />

worden actiepunten bedacht om als vakgroep mee aan<br />

de slag te gaan.<br />

Bij orthopedie loopt het nog niet goed, omdat was bedacht dat<br />

we om halfvier een stand-up hebben, maar in negen van de tien<br />

keer is de <strong>OK</strong> dan niet klaar. Het blijkt ook dat niemand zich verantwoordelijk<br />

voelt als onze procesbegeleider – dat is hier een<br />

van onze operatieassistenten die het vakgebied als specialisme<br />

heeft – er niet is. Dan gaat de bijeenkomst niet door. Dat moet<br />

anders.<br />

We zijn nu formulieren aan het ontwikkelen: als mensen ergens<br />

tegenaan lopen, kunnen ze dat direct noteren. Ik kan dan eventjes<br />

langs de <strong>OK</strong> en die formulieren ophalen. Dat geldt overigens<br />

alleen voor orthopedie.<br />

De Verbetergroep Samenwerking is er voor iedereen. Iedere<br />

werknemer kan een probleem indienen. Bijvoorbeeld: de samenstelling<br />

van de dagkarren moet anders, want er zitten spullen in<br />

die we niet gebruiken. Heel praktische dingen. Wat het wel een<br />

beetje lastig maakt, is dat de indiener van een probleem direct<br />

probleemeigenaar is. Eventuele actiepunten moet hij zelf uitvoeren<br />

en in de volgende stand-up bespreken. Los van het feit dat<br />

niet iedereen daar zin in heeft, speelt ook tijd een rol. Het ziekenhuis<br />

is een 24 uursbedrijf. Iemand moet maar net kunnen.<br />

Van de andere kant: omdat alles (nog op papier) wordt gecommuniceerd,<br />

zien de medewerkers dat er heel concrete resultaten<br />

worden bereikt. Dat stimuleert.’<br />

Heb je voorbeelden van concrete verbeteringen?<br />

‘Bij orthopedie zijn op de <strong>OK</strong> twee dingen veranderd. Die waren<br />

vermoedelijk ook zonder lean wel gerealiseerd, omdat we er<br />

tegenaan liepen. We wilden meer informatie over de deurbewegingen<br />

om de vinger aan de pols te kunnen houden, want wij<br />

vinden dat er te veel in en uit wordt gelopen. Er zijn nu deurtellers<br />

geplaatst.<br />

Daarnaast is er een formulier ontwikkeld voor de planningsartsen<br />

die een patiënt op het programma plaatsen. In een aantal<br />

stappen wordt exacte informatie gevraagd. Als er bijvoorbeeld<br />

een prothese uit moet, moet je natuurlijk weten welke prothese<br />

dat precies is. Elke fabrikant heeft zijn eigen prothese, waardoor<br />

de ene niet altijd op de andere past. Dit formulier helpt de vakspecialist<br />

aan de juiste informatie.’<br />

Andere voorbeelden. Er zijn twee bergingen verwisseld. En er<br />

is iets simpels als markering van bedden op de gang ingevoerd.<br />

Op de grond is de plaats waar een bed moet komen te staan<br />

afgeplakt met tape. Zo wordt voorkomen dat die plekken met<br />

andere spullen worden volgestouwd. Op ons programma is nu<br />

het nummer van de tracer van een specialist te zien. Mensen<br />

die de boel klaarzetten voor de volgende dag kunnen de tracer<br />

bellen en vragen wat hij precies nodig heeft. Een simpele maar<br />

praktische oplossing, en je hebt er direct veel plezier van.’<br />

Welke hobbels kom je tegen als je met lean begint?<br />

‘De factor tijd is een hobbel, zeker op de <strong>OK</strong>. Het is gewoon lastig<br />

om iedereen vrij te maken zodat ze met problemen aan de slag<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 33


ZEVEN VORMEN VAN VERSPILLING<br />

Lean kent zeven klassieke vormen van verspilling. Vertaald<br />

naar de <strong>OK</strong>-omgeving komt unitleider <strong>OK</strong> Chirurgie van het<br />

VUmc Karin de Vries op de volgende invulling ervan.<br />

1: Transport<br />

Je wilt niet te veel plekken langs om spullen te pakken. En<br />

je wilt de spullen zo dicht mogelijk bij een <strong>OK</strong> hebben. Daarom<br />

hebben wij twee magazijnen verwisseld. Een optimale<br />

indeling is niet altijd mogelijk, omdat de opslagplaatsen in<br />

bestaande gebouwen niet altijd ideaal zijn gesitueerd.<br />

2: Wachten<br />

Op een specialist wachten komt regelmatig voor. Maar ook<br />

wachten op bijvoorbeeld een röntgenlaborant. En wachten<br />

op uitslagen. Als de uitslag van een bloedtest bepaalt of iemand<br />

mag worden geopereerd, wil je daar niet op wachten.<br />

Dit soort dingen proberen we er nu dagelijks uit te halen.<br />

3: Overproductie<br />

Het kan bijvoorbeeld gebeuren dat er wél personeel is, maar<br />

een gereduceerd <strong>OK</strong>-programma, wat betekent dat er mensen<br />

‘niets’ lopen te doen. Vraag en aanbod zijn dan niet goed op<br />

elkaar afgestemd.<br />

4: Voorraad<br />

Je wilt te grote voorraden voorkomen en voorkomen dat er<br />

voorraad ligt op plekken waar je die niet nodig hebt. Daar-<br />

kunnen gaan. Het tijdstip is soms niet handig; het moet tussendoor.<br />

De leancoaches zeggen: je moet je agenda schikken naar<br />

lean. Dat is allemaal leuk en aardig, maar wie doen die andere<br />

taken dan?<br />

Een tweede hobbel is het enthousiasmeren van medewerkers.<br />

Niet alleen de unitleiders en de procesbegeleiders; we moeten<br />

het met z’n allen doen.’<br />

Welke lessen hebben jullie tot nu toe geleerd?<br />

‘Lean is een erg mooie gedachte en ik geloof in de methode op<br />

zich. Ik vind het heel positief dat medewerkers zelf met problemen<br />

aan de slag kunnen. Ik denk dat je die successen meer zou<br />

kunnen vieren, om iedereen te motiveren en te stimuleren. Je<br />

34 <strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012<br />

voor moet je kritisch kijken naar de logistiek. Als het op is,<br />

moet het snel aangevuld kunnen worden, maar je wilt niet<br />

dat het mandje uitpuilt. Onze vakoudsten – elk specialisme<br />

heeft een operatieassistent die vakoudste is – houden de<br />

voorraden voor hun deel heel goed in de gaten.<br />

5: Bewegingen<br />

Overbodige bewegingen zijn ook verspilling, zoals spullen<br />

moeten halen die er hadden moeten zijn. Maar ook ergonomie.<br />

Dat je bijvoorbeeld een trappetje nodig hebt om<br />

iets te pakken. Het komt wel voor dat uitslagen of foto’s<br />

nodig zijn om te kunnen starten terwijl die nog niet zijn<br />

opgevraagd.<br />

6: Fouten<br />

Bijvoorbeeld een foutief uitgevoerde ingreep. Wij kiezen<br />

ervoor om DIM-meldingen niet óók via lean in te brengen,<br />

anders krijgen we zaken die langs elkaar heen lopen.<br />

7: Overprocessing<br />

Hieronder vallen overbodige handelingen, zoals handelingen<br />

die dubbel worden gedaan of niet nodig zijn. Soms zie ik<br />

dingen in de administratie die beter zouden kunnen, maar<br />

dat is een zaak voor de ICT-afdeling. En ziekenhuizen lopen<br />

op dit gebied nog achter. Soms wordt er niet logisch gehandeld.<br />

Dat heeft soms meer te maken met bewustzijn dan met<br />

een haperend proces.<br />

zult nooit iedereen meekrijgen, maar dat hoeft ook niet. Je kunt<br />

het heel klein houden door medewerkers zelf problemen in te<br />

laten brengen.<br />

Maar lean is niet het ei van Columbus voor de oplossing van alle<br />

problemen in een ziekenhuis. De gezondheidszorg is heel lastig<br />

om in te werken. Iedereen beschouwt zich als een professional<br />

en iedereen denkt dat hij het goed doet. Vraag iets aan tien mensen<br />

en je zult tien verschillende antwoorden krijgen. Dat maakt<br />

het heel moeilijk om dingen voor elkaar te krijgen en te borgen,<br />

want iedereen vindt dat zijn manier de beste is. Specialisten<br />

hebben dat al helemaal. Dat maakt het lastig om zo’n methodiek<br />

als lean in te voeren. Van cruciaal belang is dat het management<br />

en zeker ook de specialisten het proces dragen en faciliteren.’ ■


Tekst: Menno Goosen<br />

Psychologie voor<br />

managers<br />

Leidinggeven aan<br />

verschillende karakters<br />

Auteur: Manon Bongers<br />

Uitgeverij: Academic Service<br />

ISBN: 9789052618883<br />

Prijs: € 24,95<br />

Psychologie voor managers gaat<br />

over het begrijpen van en omgaan<br />

met verschillende karakters en<br />

uiteenlopend gedrag van medewerkers,<br />

met als doel je effectiviteit<br />

van leidinggeven te versterken. Het<br />

boek gaat de diepte in door ook<br />

inzicht te geven in gewoontepatronen,<br />

werkstijlen, persoonlijkheidscategorieën<br />

en persoonlijkheidstrekken<br />

van de mensen waar je op<br />

de werkvloer mee te maken hebt.<br />

Wie ben je als leider? Hoe maak je<br />

jezelf zichtbaar in het leidinggeven<br />

aan je medewerkers? Hoe zet je<br />

jouw persoonlijkheid in als leider?<br />

Essentiële vragen om je invloed en<br />

overtuigingskracht als leidinggevende<br />

te vergroten en effectief te<br />

kunnen toepassen.<br />

Managen = Gewoon<br />

Doen<br />

Praktische ideeën voor de<br />

chef, manager, akela,<br />

teamleider, baas en<br />

projectmanager<br />

Auteur: Rudy Kor<br />

Uitgeverij: Kluwer<br />

ISBN: 9789013094886<br />

Prijs: € 37,50<br />

Rudy Kor neemt de acht managementrollen<br />

van de Amerikaanse<br />

wetenschapper Quinn als uitgangspunt<br />

in zijn boek. Het boek besteedt<br />

aandacht aan de volgende onderwerpen:<br />

acht rollen van managers, inhoudsopgave<br />

van een missie, twaalf<br />

regels voor het structureren van een<br />

organisatie, suggesties voor effectief<br />

leidinggeven, zes eisen voor een<br />

procesbeschrijving, praktische richtlijnen<br />

voor een organisatiediagnose,<br />

twaalf vragen bij de start van een<br />

project en manieren om een conflict<br />

constructief op te lossen.<br />

Het boek biedt de (beginnende)<br />

manager een duidelijk overzicht van<br />

zijn taken en de niet-managende<br />

lezer een indruk van de zaken waarover<br />

managers zich zoal druk maken.<br />

MANAGEMENTBOEKEN<br />

Managementboeken besteedt aandacht aan uitgaven op het gebied van, coaching, team- en<br />

managementvaardigheden. Recensie-exemplaren kunt u samen met een persbericht sturen<br />

naar: <strong>OK</strong> Management, Postbus 10208, 1001 EE Amsterdam.<br />

Het leiderschapsboek<br />

Auteur: Mark Anderson<br />

Uitgeverij: Pearson Education /<br />

Prentice Hall<br />

ISBN: 9789043022590<br />

Prijs: € 25,95<br />

Het leiderschapsboek behandelt de<br />

belangrijkste uitdagingen waar je<br />

als leider dagelijks mee te maken<br />

krijgt. Het laat zien hoe je het beste<br />

uit jezelf en je team haalt. Voor elke<br />

situatie lees je wat het werkelijke<br />

probleem is, welke uitdagingen<br />

ermee samenhangen, welke belangrijke<br />

acties je als leider kunt<br />

ondernemen, wat de maatstaven<br />

voor succes zijn en welke valkuilen<br />

je moet omzeilen. In dit boek<br />

staan ook de belangrijkste hulpbronnen<br />

op het gebied van human<br />

resources, technologische innovatie<br />

en kennisontwikkeling om je leiderschapsvaardigheden<br />

nog verder te<br />

ontwikkelen.<br />

Oei, ik groei!<br />

Voor managers<br />

Spring door je mentale<br />

blokkades<br />

Auteurs: Frans X. Plooij en<br />

Margreet Twijnstra<br />

Uitgeverij: Kosmos<br />

ISBN: 9789021550367<br />

Prijs: € 21,95<br />

Misschien komt de titel Oei ik groei!<br />

je bekend voor. Dit boek is namelijk<br />

al vijftien jaar een bestseller over de<br />

mentale ontwikkeling van een baby.<br />

Uit onderzoek is gebleken dat de<br />

theorie achter de mentale sprongetjes<br />

uit dit babyboek ook toe te passen<br />

is in het werkende leven. Frans<br />

X. Plooij en Margreet Twijnstra leggen<br />

aan de hand van de perceptual control<br />

theory uit dat managers én organisaties<br />

kunnen groeien als zij hun<br />

mentale blokkades herkennen en hier<br />

doorheen durven te gaan. Hun boodschap<br />

is: als je weet hoe persoonlijke<br />

groei ontstaat, kun je niet meer om<br />

mensgericht managen heen. Dat is<br />

namelijk de enige manier waarop<br />

individuen groeien: door persoonlijk<br />

en op mentaal niveau betrokken te<br />

raken bij en zich te verbinden aan de<br />

bovenliggende doelen en belangen.<br />

<strong>OK</strong> MANAGEMENT APRIL 2012 35


Een uitdaging die je met beide handen aanpakt?<br />

Ben jij die zorgprofessional die wel van aanpakken weet? Die niet te beroerd is om elke dag weer de handen uit<br />

de mouwen te steken en het beste van zichzelf te geven? Dan ben je helemaal klaar voor TMI, dé detacheerder<br />

in de Zorg. Want daar kun je met een vast dienstverband op verschillende plekken in de zorg aan de slag. Dus pak<br />

aan, investeer in jezelf en kom eens praten. TMI is altijd op zoek naar de meest gemotiveerde mensen in de zorg,<br />

dus meld je nu aan op www.tmi-interim.nl voor Eerste Hulp bij Overstappen. Je kunt ons ook mailen op<br />

info@tmi-interim.nl of bellen op 020 717 35 27.<br />

Eerste Hulp Bij Overstappen?<br />

Ga dan snel naar www.tmi-interim.nl<br />

Oogziekenhuis Zonnestraal is een zelfstandig ziekenhuis dat zich volledig richt op oogheelkundige<br />

zorg. Wij zijn een professionele, snelgroeiende organisatie met circa 185 medewerkers, die werkzaam<br />

zijn in verschillende vestigingen in het land. Kenmerkend voor Oogziekenhuis Zonnestraal is de open<br />

bedrijfscultuur, waarin dagelijks wordt gewerkt aan het realiseren van onze gezamenlijke doelstelling,<br />

namelijk het leveren van kwalitatief hoogstaande zorg met korte wachtlijsten en een hoge servicegraad.<br />

Voor diverse vestigingen zijn wij op zoek naar:<br />

<strong>OK</strong>-Assistenten M/V<br />

Kijk voor meer informatie over deze en andere vacatures op p onze website<br />

www.oogziekenhuiszonnestraal.nl<br />

Heb je interesse?<br />

Stuur dan je sollicitatie per e-mail naar m.rietveld@oogziekenhuiszonnestraal.nl<br />

of schriftelijk naar Mirjam Rietveld, personeelszaken, Postbus 413, 1200 AK Hilversum.<br />

Acquisities n.a.v. deze advertentie worden niet op prijs gesteld.<br />

36 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

Kennis<br />

Kunde<br />

Kwaliteit


Voorkomen is veel beter dan genezen<br />

Insecten op de <strong>OK</strong><br />

Het Atrium Medisch Centrum, het Rijnstate Ziekenhuis,<br />

de MC Groep: het zijn enkele ziekenhuizen die<br />

zich onlangs genoodzaakt zagen om één of enkele<br />

<strong>OK</strong>’s te sluiten wegens ongedierte. Dat dit zeer grote<br />

logistieke en financiële consequenties heeft, moge<br />

duidelijk zijn. Wat is er aan dit grote probleem te doen?<br />

TEKST: CYRIEL DOEVENDANS, ADVISEUR BIJ KENNISCENTRUM DIERPLAGEN,<br />

WWW.KAD.NL. | CARTOON: IMKE GRASMAN<br />

Of het nu vliegen, lieveheersbeestjes<br />

of motmuggen zijn, insecten<br />

vormen een zeer groot infectierisico.<br />

Het Kenniscentrum Dierplagen is<br />

vorig jaar door een aantal ziekenhuizen<br />

benaderd voor problemen op onder meer<br />

<strong>OK</strong>’s. Zo zijn bij enkele ziekenhuizen<br />

klustervliegen, motmuggen, spinthoutkevers<br />

en hommelwasmotten aangetroffen.<br />

Een plaag kan overal in een gebouw ontstaan<br />

als aan de basale levensvoorwaarden<br />

van het betreffende dier wordt voldaan.<br />

Deze bestaan vaak uit voedsel,<br />

schuilgelegenheid, warmte en vocht. Als<br />

mens creëren we, vaak onbewust en onbedoeld,<br />

zelf omstandigheden waaronder<br />

deze dieren goed gedijen. Denk aan<br />

slechte hygiëne, bouwkundige gebreken<br />

of goede transportmogelijkheden voor<br />

deze dieren.<br />

Een tegenwoordig veelvuldig voorkomend<br />

probleem ontstaat door het zogenoemde<br />

‘droge reinigen’. Daardoor worden<br />

putjes en (afvoer)leidingen minder<br />

goed en frequent doorgespoeld. Afvoeren<br />

kunnen zo droog komen te staan en leidingen<br />

kunnen dichtslibben. Er is dan<br />

geen afgesloten waterslot meer. Uiteindelijk<br />

kunnen op deze manier motmuggen<br />

vanuit rioleringen gebouwen betreden.<br />

Een ander voorbeeld zijn overwinterende<br />

vliegen, zoals de klustervlieg.<br />

Deze kunnen een ware plaag vormen op<br />

hoger gelegen verdiepingen, zeker in<br />

ziekenhuizen die op hoger gelegen<br />

plaatsen zijn gebouwd of zo veel verdiepingen<br />

tellen dat ze boven de boomgrens<br />

uitsteken. Deze vliegen dringen<br />

via openingen aan de buitenzijde door<br />

in de spouwmuren om te overwinteren<br />

in isolatiemateriaal. Klustervliegen kunnen<br />

zowel in het najaar als in het voorjaar<br />

tot problemen leiden.<br />

Alles melden<br />

De oplossing voor al deze overlastgevende<br />

insecten is integrated pest management<br />

(IPM). Dit betekent afscheid nemen<br />

van de traditionele ‘ongediertebestrijding’,<br />

die de nadruk legt op de bestrijding,<br />

en overgaan naar een aanpak op<br />

basis van preventie. Bewustwording is<br />

hierbij een belangrijk aspect: bewust<br />

omgaan met factoren als voedsel, temperatuur,<br />

vochtigheid, keuze voor materialen<br />

en dergelijke. Juist deze factoren<br />

spelen een rol bij overlast. Door een<br />

goede controle hierop uit te voeren met<br />

risico-inventarisaties, kunnen de risico’s<br />

worden ingeperkt dan wel worden tot<br />

nul teruggebracht.<br />

IPM dient te zijn geïntegreerd in de totale<br />

bedrijfsvoering. Vanzelfsprekend<br />

spelen de acceptatiegrens en de risicoclassificering<br />

van ruimten binnen een<br />

ziekenhuis een rol: een vlieg op een operatieafdeling<br />

kent een andere prioriteit<br />

dan een vlieg bij het afvaldepot. Beide<br />

problemen zul je echter moeten signaleren<br />

en in beide gevallen zul je maatregelen<br />

moeten treffen. Plaagdierbeheersing<br />

vormt een wezenlijk onderdeel van de<br />

infectiepreventieketen.<br />

<strong>OK</strong>-personeel zal elk signaal dat duidt op<br />

de aanwezigheid van een plaagdier dienen<br />

te melden. Daarop dient vervolgens<br />

binnen 24 uur actie te volgen, in eerste<br />

instantie door een grondige inspectie.<br />

Maar het begint niet bij melden. Bij een<br />

melding is het leed al geschied. Zoals<br />

gezegd dienen vooraf de risico’s al in<br />

kaart te zijn gebracht door een gedegen<br />

risico-inventarisatie. Door vooraf de juiste<br />

maatregelen te treffen kunnen veel<br />

plagen worden voorkomen.<br />

Literatuur<br />

WHO, Public Health Significance of Urban<br />

Pest, 2008.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 37


Kunstlederhuid bij brandwonden<br />

Brandwonden worden vaak behandeld met een autoloog<br />

huidtransplantaat. Leidt een combinatie met een kunstmatige<br />

dermis tot betere functionele en cosmetische resultaten? En<br />

hoe meet je dat eigenlijk?<br />

TEKST: DR. MONICA BLOEMEN-BOOT, VERENIGING SAMENWERKENDE BRANDWONDENCENTRA<br />

NEDERLAND<br />

De laatste decennia is de acute<br />

zorg voor brandwondenpatiënten<br />

verbeterd. Dit heeft geresulteerd<br />

in een reductie van de mortaliteit na verbranding,<br />

met name bij patiënten met<br />

een hoog percentage totaal verbrand lichaamsoppervlak.<br />

De morbiditeit van het<br />

letsel is echter niet veel verbeterd, want er<br />

is nog steeds geen adequate behandeling<br />

om de vorming van littekens te voorkomen.<br />

Voor mijn proefschrift Artificial skin in<br />

burns heb ik onderzocht of dermale substitutie<br />

(het gebruik van een kunstlederhuid)<br />

de genezing van brandwonden kan<br />

verbeteren en de vorming van littekens<br />

kan verminderen. Ook heb ik gekeken of<br />

een combinatie van de kunstlederhuid<br />

met negatieve-druktherapie effect heeft<br />

op de littekenvorming.<br />

Oorzaken en therapieën<br />

Veel processen die een rol spelen bij littekens<br />

zijn nog onopgehelderd. Bij de vorming<br />

van littekenhypertrofie (verdikte<br />

littekens) zijn mogelijk moleculaire en<br />

cellulaire processen van betekenis. Het is<br />

echter nog onduidelijk of deze processen<br />

oorzaak of gevolg zijn van hypertrofe<br />

littekens. Ook immunologische processen<br />

bij de aanzet van wondgenezing lijken<br />

38 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

een belangrijke rol te spelen bij het ontstaan<br />

van hypertrofe littekens.<br />

Om littekenvorming te verminderen lijkt<br />

het belangrijk te zijn vroeg in het proces<br />

van wondgenezing in te grijpen. De standaardbehandeling<br />

van een diep dermale<br />

of volledige-diktebrandwond is een transplantatie<br />

met een gespleten autoloog<br />

huidtransplantaat, bestaande uit de epidermale<br />

en (mogelijk) een klein gedeelte<br />

van de dermale laag (zie figuur 1).<br />

Postoperatieve maatregelen ter preventie<br />

van hypertrofie zijn het gebruik van silicone,<br />

drukkleding en corticosteroïden. In de<br />

behandeling van de hypertrofe littekens<br />

worden behalve deze therapieën ook laser,<br />

cryotherapie en (plastisch-)chirurgische<br />

behandelingen toegepast.<br />

De precieze werking van de therapieën is<br />

vaak niet volledig duidelijk. Bovendien is<br />

de effectiviteit veelal niet onderzocht in<br />

klinische (gerandomiseerde) trials met<br />

Burn wound<br />

Epidermis<br />

Dermis<br />

Figuur 1 Brandwond behandeld met de standaardbehandeling, een autoloog<br />

huidtransplantaat.<br />

Burn wound<br />

Figuur 2 Brandwond behandeld met een dermaal substituut en een autoloog<br />

huidtransplantaat.<br />

SSG<br />

Subcutis<br />

SSG<br />

Epidermis<br />

Dermis<br />

Dermal substitute<br />

Subcutis


Wondevaluatie: ‘take rate’ en wondepithelialisatie<br />

Wat is het effect van een wondbehandeling? Hoe verloopt de<br />

wondgenezing of littekenvorming bij een individuele patiënt?<br />

Om dit te kunnen onderzoeken is het nodig de wond te evalueren,<br />

zowel subjectief als objectief. Deze metingen dienen betrouwbaar<br />

te zijn (levert de meting steeds dezelfde score op als<br />

zij onder dezelfde omstandigheden wordt herhaald?) en valide<br />

(meet de test wat hij moet meten?) om evidenced-based medicine<br />

te kunnen beoefenen.<br />

Voor mijn proefschrift onderzocht ik de betrouwbaarheid van<br />

twee belangrijke meetmethoden voor wondgenezing, oftewel<br />

wondparameters: de take rate (in hoeverre slaat het aangebrachte<br />

autologe huidtransplantaat aan?) en wondepithelialisatie<br />

(in hoeverre is de wond gesloten/genezen?). Deze wondparameters<br />

worden normaliter door de clinicus beoordeeld<br />

tijdens een bed-side-procedure, maar de validiteit en de betrouwbaarheid<br />

van een dergelijke meting zijn nooit eerder<br />

onderzocht.<br />

Uit onderzoek beschreven in mijn proefschrift blijkt dat de<br />

subjectieve meting van beide wondparameters betrouwbaar is,<br />

mits een ervaren clinicus de meting verricht. Een ervaren clinicus<br />

heeft na één meting een redelijk betrouwbaar oordeel van<br />

zowel take rate als wondepithelialisatie. Het blijkt dat de ervaring<br />

van de clinicus de betrouwbaarheid van de meting beïnvloedt:<br />

ervaren clinici scoren een hogere betrouwbaarheid dan<br />

minder ervaren clinici.<br />

Vervolgens is gekeken of de subjectieve meting van de wondparameter<br />

wondepithelialisatie valide is. Daarvoor is gekeken<br />

grote patiëntenpopulaties en zijn er<br />

geen langetermijnstudies uitgevoerd.<br />

Dermaal substituut<br />

Het is bekend dat juist het herstel van de<br />

dermis belangrijk is voor de kwaliteit van<br />

het litteken. Al jaren bestudeert onze<br />

onderzoeksgroep een acellulair dermaal<br />

substituut dat bestaat uit rundercollageen<br />

en een elastinehydrolysaat. Een dergelijke<br />

kunstlederhuid onder een huidtransplantaat<br />

(zie figuur 2) zou zorgen<br />

voor een betere functionele en cosmetische<br />

littekenkwaliteit dan de standaardbehandeling<br />

met alleen een autoloog<br />

huidtransplantaat.<br />

Van 1996 tot 1998 vergeleek de onder-<br />

zoeksgroep in een eerste klinische studie<br />

de behandeling met het dermale substituut<br />

met de standaardbehandeling in<br />

acute brandwonden en reconstructieve<br />

wonden (littekens van oude brandwonden<br />

die een chirurgische reconstructie ondergaan,<br />

waarbij een nieuwe wond ontstaat).<br />

Er deden 62 patiënten aan mee, van wie<br />

sommigen met meerdere littekengebieden.<br />

Het positieve effect van dermale substitutie<br />

werd aangetoond bij reconstructieve<br />

wonden; deze waren drie maanden<br />

postoperatief significant elastischer. Dit<br />

verschil was twaalf maanden postoperatief<br />

nog steeds aanwezig, zij het niet<br />

significant. In de acute brandwonden<br />

werd geen verschil in littekenkwaliteit<br />

of de resultaten van de subjectieve meting correleren met de<br />

metingen verricht met digitale beeldanalyse (zie figuur<br />

hieronder). Hiervoor moest eerst worden onderzocht of deze<br />

digitale beeldanalyse betrouwbaar is. Dat bleek zo te zijn.<br />

Vervolgens werd een sterke correlatie aangetoond tussen de<br />

subjectieve meting van de clinicus en de metingen verricht<br />

door de digitale beeldanalyse. De subjectieve meetmethode is<br />

daarmee valide gebleken.<br />

De meting van wondepithelialisatie met – objectieve – digitale<br />

beeldanalyse is tijdrovend. Daarom wordt de – subjectieve –<br />

bed-sidemeting van de clinicus geschikter bevonden voor de<br />

dagelijkse praktijk.<br />

Digitale beeldanalyse bij een foto van getransplanteerde<br />

huid.<br />

gezien tussen de wonden behandeld met<br />

dermale substitutie en de standaardbehandeling.<br />

Een verklaring hiervoor zou<br />

kunnen liggen in de vertraagde en verminderde<br />

take rate (de ingroei of het ‘aanslaan’,<br />

zie ook kader ‘Wondevaluatie:<br />

“take rate” en wondepithelialisatie’) van<br />

het autologe huidtransplantaat in de acute<br />

brandwonden behandeld met het dermale<br />

substituut. In deze wonden zijn<br />

bijvoorbeeld veel meer toxische producten<br />

aanwezig, die een negatieve invloed<br />

op de take rate zouden kunnen hebben.<br />

Een onderzoek beschreven in mijn proefschrift<br />

kijkt naar de langetermijneffectiviteit<br />

van de kunsthuid. Patiënten die van<br />

1996 tot 1998 waren geïncludeerd in de<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 39


Figuur 3 Brandwond behandeld met een dermaal substituut, een autoloog<br />

huidtransplantaat en negatieve-druktherapie.<br />

klinische trial, werden in 2008 opgeroepen<br />

voor een evaluatie van hun littekens.<br />

In deze follow-up werden meer littekenaspecten<br />

(zie kader ‘Littekenevaluatie:<br />

reliëf’) geëvalueerd dan in de originele<br />

Littekenevaluatie: reliëf<br />

In klinisch onderzoek worden metingen<br />

aan littekens bij voorkeur zowel<br />

subjectief als objectief verricht. De<br />

laatste jaren zijn objectieve meetinstrumenten<br />

beschikbaar gekomen<br />

voor verschillende littekenaspecten,<br />

zoals de littekenelasticiteit, pigmentatie<br />

en vascularisatie. Het reliëf van<br />

een litteken wordt doorgaans echter<br />

alleen gemeten met een subjectieve<br />

evaluatieschaal; een geschikt objectief<br />

meetinstrument voor littekenreliëf<br />

werd nog niet gebruikt. Toch is<br />

het reliëf een belangrijke maat bij<br />

littekens: zowel de clinicus als de<br />

patiënt beschouwt voornamelijk dit<br />

aspect van littekens als storend en<br />

afwijkend.<br />

Voor mijn proefschrift heb ik daarom<br />

onderzoek gedaan naar een objectief<br />

meetinstrument voor reliëf in normale<br />

huid en in littekens. Het non-invasieve<br />

meetintrument dat ik bestudeerde heet<br />

40 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

Burn wound<br />

Topical negative pressure<br />

therapy<br />

SSG<br />

Epidermis<br />

Dermis<br />

Dermal substitute<br />

Subcutis<br />

studie, aangezien er inmiddels meer<br />

subjectieve en objectieve littekenevaluatiemethoden<br />

waren ontwikkeld en kritisch<br />

geëvalueerd. Zo werd nu gebruikgemaakt<br />

van een objectieve kleurmeter<br />

Phaseshift Rapid In Vivo Measurement<br />

of the Skin (PRIMOS, zie figuur hieronder).<br />

Dit instrument produceert een<br />

driedimensionaal beeld van de microtopografie<br />

van de huid en geeft vervolgens<br />

het reliëf weer in verschillende<br />

parameters.<br />

De reliëfparameters van de PRIMOS<br />

toonden een goede betrouwbaarheid<br />

voor de meting van normale huid en<br />

camera<br />

(Derma spectrometer), een verbeterde<br />

subjectieve littekenevaluatieschaal (de<br />

POSAS) en een objectief meetinstrument<br />

voor het reliëf (PRIMOS). De elasticiteit is<br />

gemeten met de Cutometer.<br />

Twaalf jaar na het gebruik van het dermale<br />

substituut blijken er nog steeds positieve<br />

effecten van deze behandeling aantoonbaar,<br />

voornamelijk bij reconstructieve<br />

littekens. De langetermijnresultaten<br />

tonen aan dat de reconstructieve littekens<br />

behandeld met het dermale substituut<br />

significant gladder zijn dan de littekens<br />

die de standaardbehandeling hebben ondergaan.<br />

De elasticiteit van reconstructieve<br />

littekens behandeld met het dermale<br />

substituut is eveneens beter dan die van<br />

reconstructieve littekens zonder substituut,<br />

net als uit de originele studie was<br />

gebleken. Deze verschillen zijn echter niet<br />

statistisch significant.<br />

littekens: er is slechts één meting door<br />

één onderzoeker nodig voor een betrouwbare<br />

bepaling van het reliëf.<br />

Daarnaast werd een sterke correlatie<br />

gevonden tussen de reliëfmeting door<br />

de PRIMOS en door de subjectieve evaluatieschaal.<br />

Dit objectieve instrument<br />

is dus niet alleen een betrouwbare<br />

maar ook een valide meetmethode voor<br />

littekenreliëf.<br />

digital fringe<br />

projection unit<br />

fringe pattern projected<br />

on skin area<br />

Het meetinstrument voor reliëf in normale huid en littekens: de Phaseshift<br />

Rapid In Vivo Measurement of the Skin (PRIMOS).


Figuur 4 Patiënt behandeld met een dermaal substituut, een autoloog huidtransplantaat en negatieve-druktherapie.<br />

Negatieve-druktherapie<br />

In 2003 is voor het eerst gepubliceerd<br />

over de behandeling van een dermaal<br />

substituut in combinatie met negatievedruktherapie.<br />

Deze studie toont aan dat<br />

door deze therapie de take rate van het<br />

dermale substituut bij reconstructieve<br />

wonden significant wordt verhoogd en<br />

versneld.<br />

Voor mijn proefschrift is onderzocht of<br />

negatieve-druktherapie de take rate van<br />

een huidtransplantaat boven op een dermaal<br />

substituut eveneens zal verbeteren<br />

in de behandeling van acute brandwonden<br />

(zie figuren 3 en 4). Daarnaast is<br />

gekeken naar het effect op wondcontaminatie,<br />

wondepithelialisatie en verschillende<br />

littekenaspecten, waaronder<br />

elasticiteit. Een verbeterde take rate in<br />

acute brandwonden behandeld met een<br />

dermaal substituut kan leiden tot een<br />

verbeterde wondgenezing en een verhoogde<br />

littekenkwaliteit.<br />

In de drie Nederlandse brandwondencentra<br />

is een klinische gerandomiseerde studie<br />

uitgevoerd. In deze studie werden vier<br />

verschillende behandelingen onderzocht<br />

in patiënten met acute brandwonden die<br />

een indicatie hadden voor een huidtransplantatie:<br />

de behandeling met een autoloog<br />

huidtransplantaat alleen, die met<br />

een huidtransplantaat in combinatie met<br />

een dermaal substituut, en deze beide<br />

behandelingen met en zonder negatievedruktherapie.<br />

In de vier behandelgroepen was de take<br />

rate van het huidtransplantaat zeer hoog<br />

(> 92%). Tussen de behandelgroepen werd<br />

geen significant verschil gevonden in take<br />

rate van het huidtransplantaat, noch in<br />

wondepithelialisatie. De groep behandeld<br />

met negatieve-druktherapie vertoonde wel<br />

significant minder wonden met postoperatieve<br />

wondcontaminatie dan de andere<br />

behandelgroepen. En twaalf maanden<br />

postoperatief zijn de littekens van de<br />

groep behandeld met het dermale substituut<br />

in combinatie met negatieve-druktherapie<br />

significant elastischer dan die<br />

van de andere groepen.<br />

Conclusie<br />

Uit mijn proefschrift is te concluderen dat<br />

het dermale substituut zelfs op de lange<br />

termijn positieve effecten oplevert, voornamelijk<br />

bij reconstructieve littekens.<br />

Bovendien is aangetoond dat het gebruik<br />

van negatieve-druktherapie de effectiviteit<br />

van dermale substitutie in acute brandwonden<br />

positief beïnvloedt.<br />

▼<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 41


Tekst: Menno Goosen<br />

42 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

Kijk op medicijnen<br />

Auteur: Arijan Porsius<br />

Uitgeverij: Prelum Uitgevers<br />

ISBN: 9789085621027<br />

Prijs: € 37,50<br />

Bij het vaststellen van het medicatiebeleid<br />

van patiënten gaat het<br />

in de meeste gevallen goed. Toch<br />

zijn er ook nog onnodige missers. Een kritische<br />

kijk op medicijnen is geen overbodige luxe. Wat is<br />

de rationele aanpak van een aantal veelvoorkomende<br />

ziekten? Welke combinaties van medicijnen zijn<br />

ongewenst en waarom? Hoe verwerkt ons lichaam<br />

de chemische stoffen en wat zijn de risico’s? Waarom<br />

en wanneer ontstaan bijwerkingen? Is er nog<br />

een plaats voor alternatieve geneeswijzen? Hoe zit<br />

het met de invloed van de farmaceutische industrie?<br />

Wat is in dit verband de rol van apothekers,<br />

huisartsen en medisch specialisten? In dit boek<br />

geeft de auteur een heldere uitleg over tal van veelvoorkomende<br />

ziekteprocessen. Ook de werkingsmechanismen<br />

van bepaalde medicamenten worden<br />

uitvoerig behandeld. Een handig boek voor anesthesiemedewerkers<br />

en iedereen die geïnteresseerd<br />

is in de werking van medicijnen.<br />

Farmacologie<br />

Auteurs: Roger McFadden en<br />

Justus Hollander<br />

Uitgeverij: Pearson Education<br />

ISBN: 9789043019644<br />

Prijs: € 40,95<br />

Farmacologie is een inleidend studieboek voor studenten<br />

die voor het eerst in aanraking komen<br />

met het vakgebied. Het boek legt in duidelijke<br />

taal uit wat de algemene werking en de bijwerking<br />

zijn van medicijnen op cellen en organen.<br />

Verder gaat het boek in op de meest gebruikte<br />

medicijngroepen en de specifieke effecten die ze<br />

hebben op systemen in het lichaam. Het boek<br />

bevat verschillende didactische hulpmiddelen<br />

om de student te helpen de stof te begrijpen en<br />

op te nemen.<br />

Microbiologie en infectieziekten<br />

Auteurs: A.I.M. Hoepelman, A.C.M. Kroes,<br />

R.W. Sauerwein en H.A. Verbrugh<br />

Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum<br />

ISBN: 9789031379439<br />

Prijs: € 93,95<br />

MRSA, ESBL … infectieziekten zijn<br />

een hot item op de <strong>OK</strong>. Het boek Microbiologie<br />

en infectieziekten behandelt<br />

alle soorten infecties en alle aandachtsgebieden<br />

binnen de medische<br />

microbiologie. De indeling van dit boek is gebaseerd op<br />

klinisch relevante groepen van infectieziekten, waarbij<br />

de nadruk is gelegd op die infectieziekten die een arts<br />

in Nederland en Vlaanderen regelmatig tegenkomt. In<br />

vergelijking met de voorgaande drukken worden veel<br />

ziektebeelden uitgebreider besproken, zijn nieuwe verwekkers<br />

opgenomen en is een hoofdstuk over ooginfecties<br />

toegevoegd. Ook is meer aandacht besteed aan de<br />

basale aspecten van de medische microbiologie. Het<br />

inleidende hoofdstuk is daartoe uitgebreid, en op diverse<br />

plaatsen is meer aandacht besteed aan het menselijke<br />

afweersysteem. De hoofdstukken zijn van illustraties<br />

voorzien en vrijwel alle ziektebeelden worden toegelicht<br />

aan de hand van een patiëntencasus.<br />

Vasculaire geneeskunde<br />

in beeld<br />

Auteurs: J. de Graaf en<br />

A.F.H. Stalenhoef<br />

Uitgeverij: Springer<br />

ISBN: 9789031391585<br />

Prijs: € 45,00<br />

Voor het stellen van een juiste<br />

dia gnose is een goede differentiaaldiagnose<br />

gebaseerd op anamnestische<br />

gegevens en bevindingen bij lichamelijk onderzoek<br />

essentieel. Vasculaire geneeskunde in beeld bevat<br />

veertig casussen van veelvoorkomende, maar ook zeldzame,<br />

afwijkingen binnen de vasculaire geneeskunde<br />

waar ‘kijken en zien’ een prominente rol kunnen spelen.<br />

In het boek staan casussen voor zowel de eerste<br />

lijn als de tweede lijn.<br />

‘Boeken’ besteedt aandacht aan uitgaven op het gebied van chirurgie en daarmee samenhangende vakgebieden<br />

en de gezondheidszorg in het algemeen. Recensie-exemplaren kunt u samen met een persbericht sturen naar:<br />

<strong>OK</strong> Operationeel, Postbus 10208, 1001 EE Amsterdam.


Handboek vaatheelkunde<br />

Auteurs: I. Fourneau, P. van den Brande,<br />

P. van Schil en<br />

F. Vermassen<br />

Uitgeverij: Acco<br />

ISBN: 9789033486074<br />

Prijs: € 42,00<br />

Vaatziekten vormen samen met hartziekten<br />

de belangrijkste doodsoorzaak in de westerse wereld.<br />

Zij vormen dus een frequent en ernstig gezondheidsprobleem.<br />

Goede kennis van de epidemiologie, de kliniek<br />

en de diagnostische en therapeutische mogelijkheden is<br />

dan ook zeer relevant. Bovendien zijn vaatziekten typisch<br />

verbonden aan een aantal risicofactoren. Aandacht voor<br />

deze risicofactoren is minstens zo belangrijk, aangezien<br />

controle en beheersing van deze risicofactoren heel wat<br />

mogelijkheden bieden tot preventie. In dit boek komen al<br />

deze aspecten van de vaatpathologie aan bod, zowel voor<br />

arterieel en veneus lijden als voor lymfoedeem. Talrijke<br />

tekeningen, schema’s en foto’s maken het geheel bevattelijk.<br />

Bovendien wordt elk hoofdstuk afgesloten met een<br />

aantal key points.<br />

Urologische chirurgie<br />

Auteur: Hendries Boele<br />

Uitgeverij: Reed Business<br />

ISBN: 9789035233447<br />

Prijs: € 65,00<br />

Het urologische specialisme is continu<br />

in ontwikkeling, vooral sinds de robot<br />

zijn intrede heeft gedaan. Steeds meer<br />

ingrepen kunnen laparoscopisch, al dan<br />

niet robotgeassisteerd, worden uitgevoerd. Dat was een van<br />

de redenen om de tweede druk van Urologische chirurgie<br />

grondig te herzien. Daarnaast is het boek uitgebreid met<br />

verschillende nieuwe behandelingen en technieken. Een<br />

voorbeeld is het implanteren van het sacrale neuromodulatiesysteem.<br />

Daarnaast bevat dit boek praktijktips voor operatieassistenten.<br />

Ieder hoofdstuk begint met een inleiding,<br />

gevolgd door een uitwerking van de pre-, per- en postoperatieve<br />

fase van de operatie. Bij alle operatiebeschrijvingen<br />

staat een vermelding van de operatie-indicatie en het doel<br />

van de operatie. Achter in het boek is een selectie opgenomen<br />

van veelvoorkomend specifiek instrumentarium.<br />

Ontspoorde cellen<br />

Kanker in fictie<br />

Auteurs: Arko Oderwald, Koos Neuvel,<br />

Willem van Tilburg (redactie)<br />

Uitgeverij: De Tijdstroom<br />

ISBN: 9789058981998<br />

Prijs: € 25,00<br />

‘Kanker’ is een verzamelnaam voor een aantal verschillende<br />

ziektes. De pathofysiologie, etiologie, het stellen van de diagnose,<br />

de therapie en de prognose kunnen daarom sterk verschillen<br />

per vorm van kanker. Toch hebben al deze vormen<br />

van kanker vaak iets met elkaar gemeen. Ten eerste is kanker<br />

een ziekte die niet acuut een einde aan het leven maakt,<br />

maar vaak tijd in beslag neemt. Dat geeft de kankerpatiënt<br />

tijd voor zelfreflectie, maar ook tijd voor pijn en lijden. Ten<br />

tweede staat kanker bekend als kwaadaardig; een kankerproces<br />

neemt, in de vorm van kwaadaardige cellen, het lichaam<br />

over. Hiermee bezit het concept van kanker een morele component<br />

die metaforisch overdraagbaar is gebleken en literair<br />

overgenomen is. En ten derde, over welke vorm van kanker<br />

we het ook hebben, we voeren er in onze tijd een oorlog<br />

tegen. In dit boek staan deze ervaring en deze verbeelding<br />

van kanker in literaire werken en films centraal.<br />

Vet!<br />

Kinderen over obesitas: hoe kom je<br />

eraan, hoe kom je er vanaf?<br />

Auteurs: Inger Boxsem en<br />

Wout Jan Balhuizen<br />

Uitgeverij: Kosmos<br />

ISBN: 9789021550275<br />

Prijs: € 21,95<br />

Het aantal kinderen met overgewicht is in twintig jaar tijd<br />

verdubbeld. Ze lopen gezondheidsrisico’s, hebben minder<br />

zelfvertrouwen en worden vaker gepest. Op latere leeftijd<br />

zullen sommigen van deze kinderen als laatste redmiddel<br />

een bariatrische operatie ondergaan. In Vet! komen deze<br />

kinderen aan het woord. Ze praten over gepest worden,<br />

het genot van een bak ijs, de gymles en hun hobby’s.<br />

Soms maken ze zich zorgen over hun overgewicht, soms<br />

doen hun ouders dat. Alle kinderen gingen de strijd aan<br />

met hun gewicht. Uit de rake en innemende portretten<br />

wordt duidelijk dat het obesitasprobleem veel complexer<br />

is dan te veel eten, en niet alleen opgelost wordt wanneer<br />

ouders wat vaker ‘nee’ zeggen. De interviews zijn geïllustreerd<br />

met prachtige foto’s.<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 43


Diathermierisico’s<br />

De risico’s van diathermie zijn niet groot, maar er is zeker nog ruimte voor verbetering.<br />

Dat concludeert Bram Finken in zijn afstudeerscriptie voor de opleiding tot middelbaar<br />

veiligheidskundige.<br />

TEKST: BRAM FINKEN, MIDDELBAAR VEILIGHEIDSKUNDIGE BIJ ARBO ADVIES JANSSEN. | FOTO’S: SCREENSHOTS UIT DVD BRAND IN DE <strong>OK</strong>. UMC<br />

UTRECHT / WWW.INSTRUCTIEFILM.NL<br />

Het is onduidelijk hoeveel brandincidenten<br />

op operatiekamers<br />

in Nederland plaatsvinden. Er<br />

komen weinig incidenten in de publiciteit.<br />

Incidenten die het nieuws wel halen,<br />

zoals de brand in het Twenteborg Ziekenhuis<br />

als gevolg van een lek in een anesthesiezuil<br />

in 2006, vormen waarschijnlijk<br />

het topje van de ijsberg. In de Amerikaanse<br />

top 10 Health Technology Hazards<br />

2012 bezetten chirurgische branden<br />

de zevende plaats, met jaarlijks om<br />

en nabij de zeshonderd chirurgische<br />

branden. Ongeveer 75 procent van deze<br />

incidenten ontstaat tijdens het gebruik<br />

van diathermie. Ook een aantal incidenten<br />

in Nederlandse ziekenhuizen had als<br />

ontstekingsbron diathermieapparatuur. 1<br />

Voor mijn eindscriptie van de opleiding<br />

44 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

middelbaar veiligheidskundige heb ik de<br />

risico’s van diathermie bij open operaties<br />

onderzocht. In principe heeft men te maken<br />

met een aanvaardbaar risico, mits<br />

iedereen zich aan de juiste voorschriften<br />

en protocollen houdt. Hier is dan ook<br />

het meeste resultaat te behalen. Wanneer<br />

men zich bewust is van de risico’s<br />

die aanwezig zijn tijdens een ingreep en<br />

daar ook naar handelt, is de kans op een<br />

chirurgische brand klein.<br />

Vonken<br />

Er zijn twee soorten diathermie. Bij bipolaire<br />

diathermie loopt de stroom door een<br />

klein gebiedje, meestal de benen van een<br />

pincet. Met deze vorm van diathermie kan<br />

alleen worden gecoaguleerd. Bij monopolaire<br />

diathermie wordt een passieve elektrode<br />

(diathermieplaat) op de huid geplakt.<br />

Op het toestel wordt ook een actieve<br />

elektrode aangesloten, het diathermiehandstuk.<br />

Door de hoge stroomdichtheid<br />

aan het metalen puntje van dit handstuk<br />

vindt alleen daar het diathermische<br />

effect plaats, maar de stroom wordt naar<br />

de diathermieplaat afgeleid.<br />

Zowel tijdens mono- als tijdens bipolaire<br />

diathermie kunnen vonken ontstaan. Bij<br />

monopolaire diathermie is dit risico het<br />

grootst. Deze vorm van diathermie wordt<br />

meteen aan het begin van een ingreep<br />

ingezet, kort na de desinfectie met de<br />

brandbare alcohol. Bipolaire diathermie<br />

vindt meestal plaats in een later stadium,<br />

als deze al verdampt is. Bovendien<br />

wordt het weefsel bij monopolaire diathermie<br />

vaak maar licht aangeraakt,<br />

waardoor er slecht elektrisch contact is.<br />

De hoge elektrische spanning kan vonken<br />

veroorzaken. De elektrische golfvorm<br />

bepaalt hoe ver de vonken zich<br />

verspreiden. Met een setting als ‘spray<br />

coag’ worden de hoogste piekspanningen<br />

gebruikt, resulterend in een wijd uitlopende<br />

vonkenregen.<br />

Tot een paar seconden na deactivatie van<br />

een diathermietoestel kan plastic nog<br />

smelten of materiaal ontbranden wanneer<br />

het in contact komt met de tip van<br />

de elektrode, die nog heet kan zijn.<br />

Zuurstof<br />

Door zuurstofverrijking in een gebied<br />

wordt de ontstekingstemperatuur van<br />

materialen verlaagd. Bij een zuurstofpercentage<br />

boven de 21 procent kunnen<br />

moeilijk ontvlambare en zelfs brandwerende<br />

materialen ontbranden. Indien in<br />

een dergelijke atmosfeer een brand ontstaat,<br />

zal deze een zeer snel en moeilijk te<br />

blussen verloop hebben.<br />

Wat betreft de aanwezigheid van zuurstof<br />

mag de operatiekamer best een risicoge-


ied genoemd worden.Tijdens de inleiding<br />

en uitleiding van een narcose krijgt<br />

een patiënt via een masker 100 procent<br />

zuurstof (soms tot wel 15 liter per minuut)<br />

toegediend; bij maskers ontglipt<br />

altijd zuurstof. Ook tijdens de ingreep<br />

wordt de patiënt voortdurend beademd.<br />

Bij bijvoorbeeld kinderen gebeurt dit middels<br />

endotracheale tubes zonder cuff,<br />

waarbij zuurstoflekkages gemakkelijk<br />

plaatsvinden. Dit alles kan een zuurstofverrijkte<br />

atmosfeer tot gevolg hebben<br />

nabij het operatiegebied.<br />

Desinfectans<br />

Voor een ingreep wordt het operatiegebied<br />

vrijwel altijd gedesinfecteerd met<br />

een desinfectans op basis van 70 procent<br />

alcohol. Deze vloeistof kan snel vlam<br />

vatten. Mocht dit gebeuren, dan zal de<br />

vlam in eerste instantie niet opgemerkt<br />

worden. Alcohol 70 procent kent een<br />

volledige verbranding waarbij de blauwe<br />

vlammen (denk aan een spiritusvlam),<br />

mede door het licht uit de operatielampen,<br />

niet of nauwelijks zichtbaar zijn. De<br />

brand zal dan ook pas opgemerkt worden<br />

wanneer de aanwezige afdeklakens vlam<br />

vatten, want pas dan ontstaat er rookontwikkeling.<br />

Ook de jodium opgelost in alcohol 70<br />

procent die gebruikt wordt om het ope-<br />

ratiegebied mee in te smeren, is licht<br />

ontvlambaar. Mochten deze vloeistoffen<br />

niet volledig opgedroogd zijn op het moment<br />

dat diathermie wordt gestart, dan is<br />

de kans op ontbranding zeer groot.<br />

Dampen<br />

Tijdens alle vormen van diathermie komt<br />

chirurgische rook vrij die mogelijk schadelijk<br />

is. Deze rook bevat naast de normale<br />

rookcomponenten bestanddelen die<br />

direct uit patiëntenweefsel afkomstig<br />

zijn. Het gaat hierbij onder andere om<br />

viruspartikels, bacteriën, DNA-materiaal,<br />

bloed en bloedbevattende pathogenen. 2<br />

Door de extreme hitte die vrijkomt bij<br />

diathermie vormen zich al zeer snel carcinogenen.<br />

Deze stoffen kunnen bij hoge<br />

concentraties gezondheidsklachten veroorzaken.<br />

2,3 Er is tot nu toe echter nog<br />

geen overtuigend bewijs dat operatieassistenten<br />

aan gevaarlijk hoge concentraties<br />

worden blootgesteld tijdens diathermie.<br />

Er wordt tijdens een ingreep met diathermie<br />

niet altijd gebruikgemaakt van<br />

afzuiging. Ook filteren de tijdens een<br />

operatie gebruikte mondmaskers de partikels<br />

in chirurgische rook niet voldoende.<br />

2,3 Medewerkers van de operatiekamer<br />

worden dus veelvuldig blootgesteld aan<br />

de mogelijke gevaren van deze rook.<br />

Kabelbreuk<br />

Defecten aan de herbruikbare diathermiekabels<br />

kunnen leiden tot vonkvorming. Ze<br />

zijn gevoelig voor beschadigingen doordat<br />

ze regelmatig onder de wielen van karren<br />

terechtkomen, of schuren langs scherpe<br />

oppervlakken. Ook het knikken, knopen<br />

en te klein oprollen van de kabels kan<br />

beschadigingen veroorzaken.<br />

Veilig gebruik<br />

Voor mijn onderzoek hebben anesthesiemedewerkers,<br />

operatieassistenten en <strong>OK</strong>managers<br />

een vragenlijst ingevuld over<br />

het omgaan met diathermieapparatuur<br />

en de bijbehorende kabels. Het blijkt dat<br />

daar op diverse operatiekamers geen standaardrichtlijnen<br />

voor zijn of dat deze niet<br />

bekend zijn bij de medewerkers. Uit de<br />

vragenlijst kwamen de volgende gevaren<br />

naar boven:<br />

• kabelbreuk bij onjuist opbergen van<br />

herbruikbare diathermiekabels;<br />

• hotspots bij opgerolde diathermiekabels;<br />

• beschadigingen in de isolatie bij diathermiekabels<br />

die met klemmen worden<br />

vastgemaakt aan de tafel om struikelen<br />

te voorkomen;<br />

• overslaan van het testen van herbruikbare<br />

diathermiekabels omdat dit<br />

vergeten wordt door het ontbreken<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 45


van standaardprocedures;<br />

• door elkaar gehaalde instellingen, door<br />

de grote verscheidenheid aan diathermieapparaten<br />

op de <strong>OK</strong>.<br />

Onderhoud<br />

Uit diverse rapporten van de Inspectie<br />

voor de Gezondheidszorg blijkt dat in<br />

sommige ziekenhuizen onderhoud aan<br />

medische apparatuur nog steeds niet of<br />

onvoldoende wordt uitgevoerd. Gezien de<br />

risico’s die slecht onderhoud met zich<br />

mee kan brengen, is het van belang dat<br />

dit onderhoud wel plaatsvindt.<br />

De kabels dienen voor gebruik zorgvuldig<br />

geïnspecteerd te worden op de <strong>OK</strong>. Ook<br />

als ze al zijn gecontroleerd op de CSA,<br />

kunnen er tijdens het vervoer defecten<br />

optreden. Uit interviews met CSA-medewerkers<br />

blijkt dat zij zich niet altijd verantwoordelijk<br />

voelen; ze denken dat de<br />

<strong>OK</strong>-medewerkers de visuele controle wel<br />

uitvoeren, terwijl laatstgenoemden ervan<br />

uitgaan dat deze controles op de CSA hebben<br />

plaatsgevonden.<br />

Als niet duidelijk is wie verantwoordelijk<br />

is voor het testen en controleren van<br />

de herbruikbare diathermiekabels, kan<br />

het gemakkelijk vergeten worden. De<br />

verantwoordelijkheid zou kunnen liggen<br />

bij de medewerkers op de operatiekamer,<br />

bij de medewerkers van de technische<br />

dienst of bij de medewerkers van<br />

de centrale sterilisatieafdeling. Gezien<br />

het feit dat de operatiekamer het ‘eindstation’<br />

is, zou de visuele controle hier<br />

ook moeten plaatsvinden. In het beleid<br />

van het ziekenhuis moet duidelijk aangegeven<br />

worden wie verantwoordelijk is<br />

voor welk deel van het onderhoud en de<br />

controle.<br />

Opleiding<br />

Tijdens de opleiding wordt stilgestaan bij<br />

diathermie. Niet bij alle opleidingsinstituten<br />

worden echter het gebruik van herbruikbare<br />

diathermiekabels en de daarbij<br />

46 <strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012<br />

horende richtlijnen behandeld, blijkt uit<br />

mijn onderzoek. Deze opleidingsinstituten<br />

vinden dat een taak van het ziekenhuis.<br />

Dit kan tot gevolg hebben dat operatieassistenten<br />

die net van de opleiding<br />

komen, zich niet bewust zijn van de risico’s<br />

van diathermie.<br />

Binnen een operatieafdeling worden<br />

verschillende diathermieapparaten gebruikt.<br />

Het is onmogelijk om al tijdens<br />

de opleiding alle op de markt verkrijgbare<br />

diathermieapparaten, met hun eigen<br />

instellingen en benamingen, separaat<br />

te behandelen. Als een gedegen inwerkprogramma<br />

voor nieuwe medewerkers<br />

ontbreekt, kan dit tot een onveilige<br />

situatie leiden.<br />

Conclusie<br />

Risico’s blijven te allen tijde aanwezig.<br />

Van belang is dan ook de bewustwording<br />

van risico’s en gevaren om zo de veiligheid<br />

te vergroten. Zuurstof is altijd aanwezig<br />

op een operatiekamer en zal naar<br />

alle waarschijnlijkheid ook altijd onmisbaar<br />

blijven tijdens chirurgische ingrepen.<br />

Omdat de toediening van zuurstof<br />

door de anesthesist volledig wordt bewaakt<br />

en het personeel zich bewust is van<br />

het brandrisico van zuurstof, wordt dit<br />

risico voldoende beheerst indien er volgens<br />

de geldende protocollen gewerkt<br />

wordt. Door alle maatregelen, zowel technisch<br />

als organisatorisch, en de bewustwording<br />

van de medewerkers is het gevaar<br />

zeer gering en is sprake van een voldoende<br />

beheerst risico.<br />

Dit blijkt ook uit de praktijk. Er wordt<br />

jaarlijks een groot aantal operaties uitgevoerd;<br />

in het UMC Radboud bijvoorbeeld<br />

ruim twintigduizend. Zelden zijn er grote<br />

incidenten of calamiteiten met de<br />

zuurstoftoediening. De brand in het<br />

Twenteborg Ziekenhuis was een uitzondering.<br />

Ook desinfecteermiddelen zoals jodium<br />

zullen altijd gebruikt worden voor en<br />

eventueel ook tijdens een ingreep. Wanneer<br />

men deze goed laat verdampen,<br />

zullen deze middelen weinig of geen<br />

risico vormen tijdens het gebruik van<br />

diathermie. Als men daarbij ook zorg<br />

draagt voor het goed op de huid aansluiten<br />

van de afdeklakens, zodat er geen<br />

desinfectans onder kan lopen, is dit risico<br />

ook goed beheersbaar.<br />

Mogelijk kan speciale, goed functionerende<br />

rookafzuiging en goede adembescherming<br />

het veronderstelde risico van chirurgische<br />

rook beheersen.<br />

Het risico op het falen van apparatuur<br />

kan aanzienlijk worden verminderd door<br />

tijdig onderhoud en regelmatige controles<br />

en afspraken hierover.<br />

Bedieningsfouten door medewerkers kunnen<br />

beheerst worden door protocollen,<br />

instructiekaarten, voorlichting, bijscholing<br />

of training en bewustwording van de<br />

risico’s.<br />

Bronnen<br />

1. http://medischcontact.artsennet.nl/<br />

<strong>Nieuws</strong>-26/Tijdschriftartikel/57838/MC-12-<br />

Arts-heeft-brand-laten-ontstaan.htm.<br />

2. Vroegop J. Chirurgische rook maakt meer<br />

kapot dan je lief is. Operationeel 2001; 4:19-22.<br />

3. Gates MA et al. Operating room nursing and<br />

lung cancer risk in a cohort of female registered<br />

nurses. Scand J Work Environ Health<br />

2007; 33(2):140-147.


COLOFON<br />

<strong>OK</strong> Operationeel is hét vakblad voor operatieassistenten,<br />

anesthesiemedewerkers en leidinggevenden van operatieafdelingen.<br />

Het blad wordt gemaakt door Uitgeverij<br />

Y-Publicaties in samenwerking met de LVO (Landelijke<br />

Vereniging van Operatieassistenten) en de NVLO (Nederlandse<br />

Vereniging Leidinggevenden Operatieafdeling.<br />

<strong>OK</strong> Operationeel verschijnt acht keer per jaar. De oplage is<br />

8.000 exemplaren. Het blad wordt verspreid onder alle<br />

LVO- en NVLO-leden, verdere verspreiding vindt plaats onder<br />

alle <strong>OK</strong>-afdelingen in Nederlandse ziekenhuizen, particuliere<br />

klinieken en opleidingscentra.<br />

Redactie:<br />

Bladmanager: Menno Goosen: okoperationeel@y-publicaties.nl<br />

Redactiecoördinator LVO: Hennie Mulder:<br />

penningmeester@lvo.nl/040-253 89 21<br />

Redactiecoördinatoren NVLO: Jeannette Ronchetti en<br />

Marianne van Dongen: okmanagement@y-publicaties.nl<br />

Kopij of vragen voor <strong>OK</strong> Operationeel kunt u sturen naar alle<br />

genoemde e-mailadressen.<br />

Uitgeverij:<br />

Y-Publicaties<br />

Postbus 10208<br />

1001 EE Amsterdam<br />

Telefoon: 020-520 60 77<br />

E-mail: info@y-publicaties.nl<br />

www.y-publicaties.nl<br />

Kijk ook op onze website www.oknieuws.nl<br />

Uitgever: Ralf Beekveldt<br />

Bladmanager: Menno Goosen: m.goosen@y-publicaties.nl<br />

Medewerkers: Paul Meijsen, Cindy Lammers, Marieke Los,<br />

Astrid van Pelt, Linda van Pelt<br />

Beeldredactie: Menno Goosen<br />

Eindredactie: Marloes van Hoorn<br />

Fotografen: Johannes Abeling, Jos Heijnen, Eric van<br />

Nieuwland, Edwin Wiekens, Ivonne Zijp<br />

Tekstcorrectie: Marijn Mostart<br />

Lay-out: Thomson Digital<br />

Opmaakbegeleiding: Hans Jansens (Impaginator.nl)<br />

Druk: BalMedia<br />

Advertenties:<br />

Cross Advertising<br />

Westerkade 2<br />

3116 GJ Schiedam<br />

Telefoon: 010-7421023<br />

E-mail: gezondheidszorg@crossadvertising.nl<br />

Web: www.crossmedianederland.com<br />

Abonnementen:<br />

Voor abonnementen, vragen over het abonnement of<br />

adreswijzigingen:<br />

SP Abonneeservice.<br />

Postbus 105<br />

2400 AC Alphen a/d Rijn<br />

Telefoon: 0172-476085<br />

E-mail: info@spabonneeservice.nl<br />

Toezending van <strong>OK</strong> Operationeel is voor LVO- en NVLO-leden<br />

onderdeel van hun lidmaatschap. Voor niet leden gelden de<br />

volgende abonnementsprijzen:<br />

Jaarabonnement: € 59,50<br />

Losse nummers: € 8,50<br />

Abonnementen buiten Nederland: € 75<br />

Alle prijzen zijn incl. btw en verzendkosten.<br />

Prijswijzigingen voorbehouden.<br />

Opzegging betaalde abonnementen: schriftelijk, uiterlijk<br />

twee maanden voor afloop van de abonnementsperiode. Bij<br />

niet tijdige opzegging wordt het abonnement automatisch<br />

met een jaar verlengd.<br />

© 2012 <strong>OK</strong> Operationeel<br />

Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder<br />

schriftelijke toestemming van de uitgever. Aan de totstandkoming<br />

van deze uitgave is de uiterste zorg besteed. Voor<br />

informatie die nochtans onvolledig of onjuist is opgenomen,<br />

aanvaarden auteur(s), redactie en uitgever geen aansprakelijkheid.<br />

Voor eventuele verbeteringen van de opgenomen<br />

gegevens houden zij zich aanbevolen.<br />

ISSN 1872-6712<br />

Toezicht Opera<br />

Proces 2012<br />

In 2010 en 2011 heeft de inspectie onderzoek gedaan naar de voorwaarden voor verantwoorde<br />

zorg in het operatief proces. We hebben daarin gekeken naar aspecten van de<br />

zorg in het preoperatieve, peroperatieve en het postoperatieve traject. Intern noemden<br />

we het onderzoek TOP (Toezicht Operatief Proces) integraal. Inmiddels zijn alle data uit<br />

het onderzoek verwerkt en zijn we druk bezig met het schrijven van het landelijke rapport.<br />

We hopen dat rapport dit voorjaar aan de minister aan te bieden, want zo hoort<br />

dat met themarapporten van de inspectie. Gelijktijdig zal het rapport natuurlijk ook<br />

worden gepubliceerd op de inspectiewebsite en krijgen alle ziekenhuizen een exemplaar<br />

toegestuurd. Inmiddels zijn we alweer bezig met de voorbereiding van TOP 2012.<br />

En op het moment dat u dit leest, zijn we zelfs al met de bezoeken begonnen. Misschien<br />

zijn we al bij u op de <strong>OK</strong> geweest. Weer een onderzoek, zult u denken. Inderdaad, en<br />

wel omdat de resultaten van TOP integraal lieten zien dat een aantal ziekenhuizen<br />

achterblijft in het tempo van veranderingen, maar ook omdat de richtlijnen nog niet<br />

overal goed zijn ingevoerd. Nog steeds worden we verrast door de ernst van de tekortkomingen,<br />

bijvoorbeeld doordat die o zo belangrijke time-outprocedure niet op de juiste<br />

manier wordt uitgevoerd. Ook het afgelopen jaar kreeg de inspectie weer meldingen<br />

binnen van links-rechtsverwisselingen die tot schade hebben geleid voor patiënten.<br />

Op 31 januari heeft de inspectie een informatieve bijeenkomst gehouden over TOP 2012<br />

voor wetenschappelijke verenigingen van medisch specialisten en voor beroepsverenigingen,<br />

waaronder de LVO. Er waren zo’n zestien verenigingen aanwezig. De inspectie was blij<br />

met deze grote opkomst, een teken dat het onderwerp leeft in de ziekenhuizen. Op deze<br />

avond heeft de inspectie uitleg gegeven over de bezoeken die wij in 2012 gaan afleggen.<br />

We bezoeken ten minste de ziekenhuizen waar we nog niet eerder op de <strong>OK</strong> zijn geweest.<br />

Dat zijn er 21. We voeren een observatiebezoek uit op de <strong>OK</strong> en screenen een tiental medische<br />

dossiers. We hebben tijdens de informatieve bijeenkomst informatie gegeven over<br />

de onderwerpen die we gaan toetsen, het zogenoemde toetsingskader. Dat houden we<br />

niet geheim voor de ziekenhuizen en verenigingen, en dus ook niet voor u. We hebben dit<br />

toetsingskader op onze website gezet. Surf naar www.igz.nl en klik door naar ‘curatieve<br />

gezondheidszorg’, ‘ziekenhuizen’ en ‘operatieve proces’. Daar vindt u alle informatie, ook<br />

de brief die we in de eerste week van februari aan alle ziekenhuizen hebben gestuurd.<br />

U hoeft zich niet meer voor te bereiden op het onderzoek, want op uw afdeling wordt<br />

natuurlijk al volgens alle eisen gewerkt. Maar misschien is het wel goed om nog even<br />

de puntjes op de i te zetten. We komen volkomen onaangekondigd. Het is maar dat u<br />

het weet.<br />

Ed Schoemaker<br />

Projectleider Toezicht Operatief Proces<br />

E-mail: top@igz.nl<br />

Twitter: @TOPigz<br />

<strong>OK</strong> OPERATIONEEL APRIL 2012 47


Werken in<br />

een prettige<br />

omgeving?<br />

Bergman Clinics is de<br />

grootste keten van gespe-<br />

cialiseerde klinieken in<br />

Nederland. De klinieken<br />

kenmerken zich door een<br />

kleinschalig karakter in<br />

een overzichtelijke en<br />

vriendelijke ambiance.<br />

In onze klinieken worden<br />

uitsluitend planbare<br />

behandelingen uitgevoerd,<br />

toegankelijk voor iedereen<br />

en op medisch topniveau.<br />

Bergman Clinics biedt medisch<br />

specialistische zorg onderverdeeld<br />

in vijf categorieën:<br />

Kliniek voor Uiterlijk en Huid<br />

Kliniek voor Bewegingszorg<br />

Kliniek voor Inwendige Zorg<br />

Kliniek voor Vrouwenzorg<br />

Kliniek voor Oogzorg<br />

De kliniek voor Uiterlijk en Huid is<br />

gespecialiseerd in:<br />

Borst-, gelaats- en<br />

lichaamscorrecties<br />

Spataderzorg<br />

Bergman Clinics heeft momenteel<br />

vestigingen in Bilthoven, Naarden,<br />

Heerenveen, Den Haag, Amsterdam,<br />

Utrecht, Delft, Velp, Zwolle en<br />

‘s-Hertogenbosch.<br />

<strong>OK</strong> assistenten<br />

Zowel parttime als fulltime voor de vestiging Den Haag<br />

Ligt jouw hart bij de zorg en heb je zin in een nieuwe uitdaging? Kom dan<br />

bij Bergman Clinics werken in de Kliniek voor Uiterlijk en Huid in Den Haag.<br />

Wij zijn op zoek naar enkele <strong>OK</strong> assistenten.<br />

Je bent werkzaam in de specialismen plastische chirurgie,<br />

vaatchirurgie en esthetische KNO.<br />

De operatieafdeling bestaat uit één <strong>OK</strong> en één poliklinische <strong>OK</strong>. De werksfeer is<br />

uitstekend en er heerst een goede onderlinge samenwerking tussen chirurgie,<br />

anesthesie en recovery. Als <strong>OK</strong> assistent verricht je instrumenterende-, assisterendeen<br />

omloopwerkzaamheden ten behoeve van de chirurgische ingreep bij een patiënt.<br />

Je werkt in een hecht team nauw samen met alle medische en ondersteunende<br />

diensten binnen de kliniek.<br />

Voor de functie geldt:<br />

Geen nachtdiensten<br />

Goede reiskostenvergoeding<br />

Bij wonen buiten de regio behoort<br />

een leaseauto tot de mogelijkheden<br />

Persoonlijkheidskenmerken:<br />

Collegiaal, fl exibel, inlevingsvermogen, communicatief, verantwoordelijkheidsgevoel,<br />

gevoel voor humor.<br />

Ben je geïnteresseerd?<br />

Wil jij het Bergman team komen versterken, stuur dan je CV voorzien van motivatie<br />

naar: n.hoekstra@bergmanclinics.nl<br />

Per post:<br />

Bergman Clinics<br />

T.a.v.: N. Hoekstra, afdeling HR<br />

Rijksweg 69<br />

1411 GE Naarden<br />

Tel: 088 9000 600<br />

Functie eisen:<br />

HBO werk- en denkniveau<br />

NZR/NZF diploma voor<br />

operatieassistent

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!