Periodiek 50 - Stichting Vredescentrum Eindhoven

stichtingvredescentrumeindhoven.nl

Periodiek 50 - Stichting Vredescentrum Eindhoven

STICHTING VREDESCENTRUM EINDHOVEN

Centrum voor vraagstukken van vrede en veiligheid

Jaargang 8, nr. 50, september 2009

VredesTerts

Periodiek

50

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Uitgave Stichting Vredescentrum Eindhoven, de voortzetting van de Bestuurscommissie Jaargang 18, nr 50, september Vredescentrum 2009 TU/e


2

colofon

Verschijnt: Driemaal per jaar

Redactie: Peter Schmid (hoofdredacteur)

Bart van der Sijde ( eindredacteur)

Piet Schram (redactielid)

Hendrik Venema (adviseur)

Henny van der Graaf ( vormgeving)

Druk: O.K.Z. Tilburg

Oplage: 500 op chloorvrij papier en gifvrije inkt

Stichting Vredescentrum Eindhoven

De stichting is een voortzetting van de op 4 april 988

opgerichte Bestuurscommissie Vredescentrum TU/e.

De doelstelling van de nieuwe stichting is aandacht te

schenken aan de problematiek van vrede en veiligheid

door het jaarlijks organiseren van een aantal symposia

en lunchdebatten over ontwapening, conversie

van gewelddadige naar duurzame vreedzame middelen

en over terugdringen van het militair/industriële

proces alsmede over de relatie tussen veiligheid en

duurzame ontwikkeling in het kader van de door

de VN geformuleerde millenniumdoelen voor armoedebestrijding.

Geinteresseerden worden uitgenodigd bijdragen te

zenden naar het redactieadres:

Stichting Vredescentrum Eindhoven

p/a Green Cross Nederland

Hurksestraat 42- 20/22

5652 A.L.Eindhoven

Telefoon: + 3 (0) 40 2329005

Fax: + 3 (0) 40 7878788

Contactpersoon: Mevr. Achida

Tekst dient aangeleverd te worden via email of op een

Windows-geformatteerde CD/DVD als MS -WORD

of PDF document samen met illustraties en een foto van

de auteur.

Als illustraties kunnen dienen :

- foto’s ( kleur of zwartwit)

- tekeningen ( max A4 zonder raster)

In JPEG of TIFF format met een voor afdrukken

geschikte resolutie

De redactie behoudt het recht om tekst en stijl aan te

passen.

De inhoud is voor verantwoordelijkheid van

de auteur.

IN DIT NUMMER

Symposium: “Het Militair - Industrieel

Complex met bijdragen van Peter Schmid,

Leon Wecke, Peter Custers en Martin Broek ................ 4

Obama schrapt het anti-rakettenschild

Bart van der Sijde ............................................................. 6

Lunchdebat: Nucleaire wapens, noodzaak

of schrikbeeld? met bijdragen van Bart van der

Sijde, Ko Colijn, Sanne de Bruijne, A.J. van Vuren

en Hendrik Venema................................................ 8

Kinderen bouwen vredessteden

Rene John Dierkx ..................................................... 30

Leadership for a sustainable world

Jan de Jongh ...................................................................35

Een wereldburgervlag

Peter Schmid .................................................... 37

World Peace Flame voor Eindhoven

In Kamphuis.......................................................................38

Nieuws van de Stichting Vredescentrum

Eindhoven (SVCE)

Redactie ...........................................................................40

Considerations

Peter Schmid................................................................... 42

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


EDITORIAL

‘t Is gelukt – een half honderd !

Op 1 september 1991 verscheen de eerste

Nieuwsbrief Vredescentrum, in zwart-wit met een

blauwe steunkleur, nadat het Vredescentrum als

bestuurscommissie van de TU/e op 14 april 1988

opgericht werd, in een omvang van vier pagina’s

met een inlegvel, waarop de aankondigingen van

colleges, lezingen, discussiebijeenkomsten en een

tentoonstelling.

Deze Nieuwsbrief kwam 24 maal met een groeiende

omvang uit, en onderging bij nummer 25, met de 9 de

jaargang, een naamsverandering in de TertsPeriodiek,

ten gevolge van een nieuwe huisstijl van de universiteit.

Meteen in de daarop volgende aflevering werd

de titel gecorrigeerd in VredesTertsPeriodiek - VTP,

die eigenlijk al voor nummer 25 bedoeld was, maar

– zoals zo vaak met de vrede gebeurt – dit was even

tussen wal en schip gevallen. Die verandering ging

gepaard met een ‘full-color’ uitvoering, die echter

vanwege het steeds verder verminderen van het

budget van het Vredescentrum vanaf de 40 ste uitgave

weer grotendeels naar zwart-wit terugviel. Kleur was

toen alleen nog maar voor de omslag weggelegd

Erger nog – bij nummer 44 in 2006 moesten we

geheel tot zelfwerkzaamheid overgaan, omdat we

de professionele verzorging van het blad niet meer

konden bekostigen. Veranderingen gaan meestal

met vertragingen gepaard, zodat pas nu in 2009

de 50 ste aflevering bereikt wordt, dit – zoals de lezer

vermoedelijk al bekend is– omdat de financiering

voor de Bestuurscommissie Vredescentrum door

de Technische Universiteit Eindhoven eind 2007

volledig eindigde. Daarna werd echter de Stichting

Vredescentrum Eindhoven – SVCE opgericht, die met

een subsidie van NCDO gelukkig de activiteiten voor

een volgend jaar kon voortzetten.

Tot zover de kwantitatieve aspecten van het

verleden, waarin ook het karakter van de inhoud van

dit tijdschrift, mede afhankelijk van de verschillende

bijdragen en medewerking – waarvoor we uiteraard

uitermate dankbaar zijn – enige verandering heeft

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

3

ondergaan. Toch kon steeds de nodige aandacht

aan zowel actuele alsook aan fundamentele

aspecten van het Vredesvraagstuk besteed worden,

en was en is dit viermaandelijkse magazine een

weerspiegeling van de welbekende en alom zeer

gewaardeerde vredesdebatten en vredessymposia,

die het Vredescentrum regelmatig organiseert.

Immers, een kleurrijke verzameling van bijdragen

door de tijden heen doet recht aan verschillende

facetten en benaderingswijzen in het kader van het

streven naar vrede en kent ook haar liefhebbers.

Verdere gastbijdragen voor deze VTP zijn overigens

bovendien altijd zeer welkom.

In de loop van de tijd hebben drs.Michael Postma

van begin af aan, drs.Jan Emck vanaf 1996 en dr.ir.

Bart van der Sijde vanaf 2003, en deze beiden geheel

zonder vergoeding, de diensten van de eindredactie

verzorgd, sinds 1998 geassisteerd door ing. Hendrik

Venema. We zijn hen allen heel veel dank verschuldigd,

evenals in het bijzonder Henny van der Graaf die als

opvolger van Ben Mobach sinds 2006 – evenzeer

zonder vergoeding – de vormgeving van het vanaf

nummer 48 voornamelijk digitaal verschijnende blad

verzorgt.

De nieuwe Stichting Vredescentrum Eindhoven is

de universiteit buitengewoon dankbaar voor het

voorlopig verleende gastrecht van ruimtegebruik.

Niet in de laatste plaats dank aan alle regelmatige,

trouwe en ook incidentele lezers van dit

vredestijdschrift, voor wie ik te allen tijde het werk met

enthousiasme, voldoening en dankbaarheid heb

verricht, ondertussen wel uitkijkend naar iemand die

het stokje over wil nemen.

Of we vijftig verdere uitgaven mogen verwachten

en onder welke condities blijft uiteraard een vraag

waarvan het antwoord in de schoot der toekomst ligt.

De noodzaak op alle ‘fronten’ met alle geweldloze

middelen naar vrede te streven is nog steeds niet

minder belangrijk en urgent geworden.

Peter Schmid, hoofdredacteur.

Tevens als voorzitter namens de Stichting

Vredescentrum Eindhoven


4

HET MILITAIR-INDUSTRIEEL

Op 13 maart 2009 werd op Technische Universiteit

Eindhoven een symposium gehouden over het

militair –industriële complex. Niet de eerste keer

en wellicht ook niet de laatste keer. De tijden

veranderen, de Koude Oorlog is in feite al bijna

twintig jaar voorbij, maar dat betekent niet

dat de wapenindustrie massaal van het toneel

is verdwenen. Met name de omvang van de

Amerikaanse defensiebegroting steeg jaar op jaar

onder president George W.Bush, nog afgezien van

de kosten van de oorlog in Irak. Hieronder vindt U

een aantal bijdragen in het kader van deze dag.

EEN DISCUTABELE BUNDELING VAN

BELANGEN

VAN MILITAIR ESTABLISHMENT EN

WAPENINDUSTRIE

Ten geleide

Als we naar de media kijken en luisteren ontvangen

we vrijwel dagelijks meldingen van gewelddadig

uitgedragen conflicten om welke redenen dan

ook: gewapende aanvallen door militairen, niet

alleen op legers aan een ‘andere kant’, maar

ook op bevolkingen en evenzo van gewapende

verdedigingen. Wapens zijn niet slechts in de

handen van militairen, maar, gedeeltelijk zelfs op

grote schaal, in bezit van paramilitairen, terroristen

en burgers en onder deze groepen zelfs kinderen,

de zogeheten kindsoldaten.

De ellende, de pijn en de immense, dodelijke

vernietiging, die veroorzaakt worden door het

massale gebruik van tal van soorten van wapentuig

bereikt onvoorstelbare dimensies. Indien de

vechtende partijen zich zouden moeten beperken

tot de middelen die hen van nature gegeven

zijn – lawaai maken, tanden, handen en voeten,

zou nooit en te nimmer die schade aan mensen,

artefacten en de natuur toegebracht kunnen

worden die tegenwoordig aan de orde van de dag

zijn.

Het bedenken, ontwikkelen en produceren van

wapens is een aangelegenheid van toegepaste

wetenschap, technologie en management in

opdracht van de daarvoor gespecialiseerde

industriële bedrijven, hand in hand met

COMPLEX

krijgsmachten, overheids-instellingen en officiële en

soms ook illegale regeringen. Daarbij speelt aan de

ene kant de arbeidsmarkt en de werkverschaffing,

maar aan de andere kant ook de belastingsbetaler

een, voor het reilen en zeilen van de wapenindustrie

en de wapenhandel verantwoordelijke rol.

Hoe kan dit door veelvoudig met elkaar

verstrengelde belangen gedragen – blijkbaar

uiterst lucratieve – mechanisme tot een ommekeer

gebracht worden? Wiens belangen zullen, in een

tijd waar democratische beginselen de boventoon

zouden moeten voeren, uiteindelijk de verdere

gang van zaken bepalen? Waarom en waardoor?

Hoe zou zich een mensheid, die in haar geheel

naar gezondheid, geluk en vrede hunkert, deze

fundamentele wens kunnen vervullen? Is daar geen

win-win oplossing mogelijk?

Deze vragen zullen in het onderhavige

Vredessymposium van de Stichting Vredescentrum

Eindhoven ‘Het militair-industrieel complex’ de

nodige aandacht krijgen. Ik hoop, dat we naast de

schrikbarende data omtrent het militair-industrieel

complex en wellicht ook de imperiale machtshonger

van de een of ander staat, vooral creatieve ideeën

zullen leren kennen, die principiële en praktische

wegen naar een oplossing van deze mondiale

problematiek in de richting van een vreedzame

samenleving aangeven.

Wetenschap en technologie zijn – naast de

wijdverspreide hang naar consumptie – de motoren

achter een mondiale ontwikkeling. Nadat we

al gedurende duizenden jaren toegang tot alle

wijsheid hebben om in vrede met elkaar te leven,

maar dit nog steeds niet hebben kunnen realiseren,

zou mogelijk de overtuigende toon van wetenschap

en technologie – indien op vrede gericht en dus

een geweldloze toepassing ervan - ten slotte een

brug kunnen slaan naar het verwezenlijken van het

diepste verlangen: VREDE.

Met dank aan de Nationale Commissie voor

Internationale Samenwerking en Duurzame

ontwikkeling – NCDO voor de financiele steun en

dank aan de Technische Universiteit Eindhoven – TU/

e voor de gastvrijheid, wensen we de deelnemers

aan het symposium en de lezers van de schriftelijke

bijdragen veel nieuwe inzichten toe.

Peter Schmid. De schrijver is voorzitter van de Stichting

Vredescentrum Eindhoven en is emeritus hoogleraar

van de Technische Universiteit Eindhoven. Deze bijdrage

verscheen eerder in de Reader van het symposium.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Enkele definities ter toelichting, die betrekking

hebben op de thematiek van dit vredessymposium

ontlenen we aan de internet encyclopedie

Wikipedia:

Het militair-industrieel complex is een bundeling

van de belangen van het politieke leiderschap, het

militaire leiderschap en de wapenindustrie. Vaak,

maar niet altijd, heeft de term betrekking op de

Verenigde Staten.

De uitdrukking werd voor het eerst gebruikt door

de voormalige president van de Verenigde Staten

generaal Dwight D. Eisenhower. In zijn afscheidsrede

als president op 17 januari 1961 waarschuwde hij de

Amerikanen voor een vervlechting van de belangen

en de invloed van het militair-industrieel complex.

Men spreekt van een militair-industrieel complex

wanneer zich de volgende verschijnselen voordoen:

• Een sterke lobby door vertegenwoordigers

van de militaire industrie

• Talrijke persoonlijke contacten tussen

vertegenwoordigers van het leger, de politiek

en de wapenindustrie

• Politici of hoge militairen die functies in de

wapenindustrie vervullen

Paramilitair is een aanduiding voor groepen die

zich hebben bewapend en gewapende acties

uitvoeren, maar niet tot het reguliere leger horen.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Het belang van paramilitaire eenheden is in de loop

der jaren toegenomen ten opzichte van dat van het

leger. Hiertoe behoren onder meer doodseskaders,

vigilantes (burgerwachten) en milities. Ook een

reguliere instelling zoals de politie kan paramilitaire

taken op zich nemen.

Een kindsoldaat is een kind dat dienst doet in

een regeringsleger of in een georganiseerde

gewapende politieke groep. Het gaat hierbij niet

alleen om betrokkenheid bij gevechten, maar

ook dienst doen als kok, drager of boodschapper.

Meisjes die misbruikt worden als seksslavinnen of

gedwongen worden tot een huwelijk worden

doorgaans ook kindsoldaat genoemd.

Het Verdrag inzake de Rechten van het Kind schrijft

voor dat kinderen onder de 15 jaar niet ingezet

mogen worden bij gewapende conflicten.

De Verenigde Naties hebben in 2000 een optioneel

protocol bij het Verdrag inzake de Rechten van

het Kind uitgebracht, waarmee een minimale

leeftijd van 18 jaar wordt ingesteld voor deelname

aan gewapende conflicten. Ook rekrutering is

volgens dit protocol pas vanaf 18 jaar mogelijk. Dit

nieuwe protocol is door België en Nederland niet

geratificeerd.

Jaargang 18, nr 50, september 2009

5


6

DINGEN DIE VOORBIJGAAN?

begrip MIK opnieuw en met kracht in de publieke

Van polemologie naar conflict analyse

belangstelling aan te bevelen. Nog steeds is er in

Het is al weer jaren geleden dat iemand mij

veel landen afzonderlijk en internationaal sprake

vroeg: noem jij je nog steeds polemoloog?

van een sterke lobby door vertegenwoordigers

Op mijn bevestigend antwoord volgde de

van de defensie-industrie, zijn er veel contacten

mededeling dat een dergelijk vak toch niet

tussen vertegenwoordigers van de krijgsmachten,

meer bestaat. In zoverre had mijn vragensteller

de politiek en de wapenindustrie en vervullen

gelijk: er was geen polemologisch instituut in

oudpolitici of hoge militairen functies in de

Nederland meer op te noemen. De oorzaken

wapenindustrie.

van het oorlogsverschijnsel worden kennelijk

Bekend was - en is hopelijk nog steeds - de

genoegzaam bekend verondersteld en nu ligt het

waarschuwing, die president Eisenhower in zijn

accent op conflictbeheersing, op

conflictmanagement. Het gaat

om structuren die bijdragen tot

het vestigen van veiligheid en niet

zozeer om het wegnemen van

oorlogsoorzaken. Dat is, zo kan men

redereen en zo wordt geredeneerd,

een zaak die later aan de orde kan

komen nadat het conflict beheerst

wordt.

Het woord ’vrede’ is ook al

taboe. Men spreekt liever over

veiligheid, want vrede is een

zaak voor softe lieden uit de tijd

van de kruisraketten. Mijn eigen

instituut is al tien jaar geleden

omgedoopt van ‘Studiecentrum

voor Vredesvraagstukken’ in

‘Centrum voor Internationaal

Conflict Analyse en – Management.

Dit alles neemt niet weg dat

conflictstudies nog steeds in opmars

zijn. Maar het begrip ‘polemologie’ Joint Strike Fighter

is met de Koude oorlog in het

geschiedenisboek bijgeschreven.

afscheidsrede over het MIK ten beste gaf: ‘De

combinatie van een immens militair apparaat en

Het militair- industrieel komplex (MIK): terug van niet

een grote wapenindustrie is nieuw voor Amerika.

-weggeweest

De totale invloed – economisch, politiek en zelfs

Een van de woorden die, op de restanten van de

spiritueel – wordt in elke stad, elk regeringsgebouw

vredesbeweging en taaie vredeswetenschappers

gevoeld. We erkennen de noodzaak van deze

na, in publiek onbruik zijn geraakt, betreft het ‘MIK’.

ontwikkeling. Tegelijkertijd moeten we niet vergeten

Bij een publiek opinieonderzoek, waarbij uit diverse

de grote implicaties te begrijpen. Het wezen van

betekenissen kan worden gekozen, zal het MIK

onze samenleving zelf staat op het spel’.

als krentenbrood het verre winnen van het militair

Het door Eisenhower bedoelde MIK is niet meer

industrieel komplex. En toch is er alle reden het

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


weggeweest. Maar wel is het in belangrijke mate uit

de publieke opinie verdwenen. Waarom? Enerzijds

is het een vaag begrip, waar de media niet iedere

dag over berichten en anderzijds is de angst voor

de gevolgen van voortgaande bewapening en

met name nucleaire bewapening, ten onrechte,

welhaast verdwenen. De tijd van de kruisraketten

hebben we gehad. Dat de Koude Oorlog geen

hete oorlog is geworden wordt, ook weer niet

geheel ten onrechte, op rekening van de nucleaire

afschrikking geschreven. Dat alles neemt niet weg

dat het MIK bestaat, of zoals de Duitse polemoloog

Senghaas ooit formuleerde: er bestaat een militair,

industrieel, clericaal, bureaucratisch complex. Het

MIK laat zich onder meer kenmerken door:

1. Een convergentie van militaire en civiele functies.

2. Een specifieke trap van ontwikkeling van

een specifieke productie en een specifiek

‘management’ gerelateerd aan deze ontwikkeling.

3. Overeenkomst van belangen van militaire,

politieke, industriële en wetenschappelijke

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

componenten.

4. Het geheel is een proces, dat wil zeggen kan

niet met statistische termen als ‘institutie’ worden

aangeduid.

5. Het geheel van militaire, politieke, industriële en

wetenschappelijke componenten heeft een eigen

ideologie.

6. Er is sprake van een duidelijke invloed op

de infrastructuur van de – kapitalistischegemeenschap.

7. Het geheel vindt in belangrijke mate haar basis

in de op winst gerichte

elementen van de huidige

maatschappij.

Van Starfighter naar JSF:

herhalingsoefeningen

Voorgaande punten

noteerde ik ten tijde van

de Starfighter vervanging.

In een tijd dat de Koude

Oorlog woedde en

vredesbewegers onder

het motto ‘vervangen is

hangen”nog de straat

op gingen. Die tijd is dus

voorbij. Het MIK is geen

mikpunt meer van de

vredesbeweging, die, het

zij ook opgemerkt, te pas

en te onpas het MIK als de

oorzaak van veel, zo niet

alle kwaad voorstelde.

Wie de lezenswaardige

kroniek van de Starfighter

vervanging in de dissertatie van Kreemers ‘Hete

Hangijzers’ ter hand neemt, kan niet aan de

conclusie ontkomen hoezeer, ook in Nederland, bij

grote wapentransacties het MIK te ontwaren is. En

dat gold niet alleen voor de Starfighter vervanging,

maar geldt ook voor de ontwikkeling naar de

aankoop van de Joint Strike Fighter. Wat toen gold

voor de F 16 geldt nu voor de JSF: ‘Het was een

race met maar één paard’, aldus Kreemers. Het

Amerikaanse toestel moet er komen, ook al staat

Jaargang 18, nr 50, september 2009

7


8

de feitelijke behoefte aan dat toestel nog niet

vast. De volgorde blijkt te zijn eerst het betreffend

wapensysteem bepalen en vervolgens de daarbij

behorende argumentatie bedenken. Op 15 mei

1982 vermeldde Chef Defensiestaf Goof Huyser

in een interview in de Volkskrant: ‘Soms krijg ik het

gevoel dat we de zaak op zijn kop zetten. Zo in

de trant van:’Met het oog op de economische

belangen en gelet op bepaalde politieke afspraken

kopen we materieel naar gelang er geld is.

De F-16 kan nog jaren mee

Vervolgens passen we de personeelsstructuur aan

en tenslotte bezien we welke dreiging bij dit geheel

past’.

De veelheid van elkaar versterkende, soms

tegenwerkende factoren, die bewust en onbewust

de belangen van bepaalde wapenfabrikanten

dienen worden in het boek van Kreemer

gedetailleerd aangegeven. De aard van de

vijand, waarvoor het betreffend tuig moet worden

aangeschaft, blijft onduidelijk. En zo wordt het

mogelijk dat voor het omspitten van de tuin

tenslotte met veel overtuiging een hark wordt

gekocht. Want waar hebben we de JSF voor

nodig? Het gaat om een toestel waarvan Kreemer

en andere deskundigen menen dat het nog lang

niet nodig is. De F-16 kan nog vele jaren mee. Voor

de verdediging van ons luchtruim hebben we het

niet nodig. Voor zover de toekomst te overzien is,

gaat het alleen om het uit de lucht schieten van

gekaapte vliegtuigen en daarvoor is een F.16 meer

dan vlug genoeg. Wat de close air support betreft,

daarvoor geldt dat met name een wendbare

‘bomb truck’.van belang is. Een toestel dat lang in

de lucht kan blijven en uitgerust is met een groot

kaliber boordkanon. Ook hierbij, is de JSF niet in

het voordeel, aldus ltkol. P.Dekkers in Carré, nr 3,

2009. En bij openingsoperaties in het kader van

een groot conflict zijn andere vliegtuigen meer

geschikt, toestellen die om economische reden voor

Nederland onbereikbaar zijn. De vraag is uiteraard

ook nog wie onze vijand zal zijn. Of, beter nog, of er

wel een vijand zal zijn. Of nog beter bij welke acties,

waarbij de veiligheid van Nederland niet in het

geding is, we onze medewerking zullen verlenen.

‘Ik ben tegen de JSF. Waar is de vijand? Ja, heeft

daar eigenlijk wel iemand over nagedacht?’, zegt

oud-minister van Defensie Bolkenstein op een vraag

van Martin Sommer in de Volkskrant van 14 april

2009. Terroristen, die zoals bekend gebruikelijk niet

over effectieve luchtafweermiddelen beschikken,

kunnen als het om fotoverkenning gaat, maar

ook als het uitschakelen van trainingskampen aan

de orde zou zijn, met de huidige F 16 afdoende

bediend worden. Voor verkenningsvluchten in het

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


kader van natuurrampen zijn geen geavanceerde

jachtvliegtuigen noodzakelijk. En Rusland en China

die bij het Westen op militair luchtvaartgebied

achterlopen, zullen ons in de nabije toekomst niet

inhalen en daarbij: hoe waarschijnlijk is een conflict

met die landen in een tijd van globalisering en

belichaming van de complexe interdependentie in

tal van organisaties en verdragen? Toch moet en zal

de JSF er komen. De Luchtmacht ziet geen ander,

beter, in feite goedkoper toestel. Amerikaanse

deskundigen waarschuwden voor een overhaaste

aankoop, ‘maar het militair industrieel complex

verkoopt de droom van militaire macht bekwaam:

de F-35 Joint Strike Fighter is de mooiste en de

beste, de definitieve kosten hangen van jullie af’,

schrijft Marc Chavannes NRC/Handelsblad, 28

februari/1 maart 2009, waar hij een Amerikaanse

reactie op het bezoek van een Kamerdelegatie aan

Washington weergeeft.

De krantenkoppen: een koor van afkeuring

Men hoeft alleen maar de krantenkoppen bij

te houden om aan de houdbaarheid van dit

standpunt te twijfelen. Een summiere inventarisatie

laat het volgende zien: ‘Kamer wordt bij JSF -deal

weer dom gehouden’, (Volkskrant (VK), 10 februari

2009), ‘JSF is kolossale miskoop’ (Nederlands

Dagblad, 24 februari 2009), ‘De JSF is nog lang niet

nodig’ (Leeuwarder Courant, 12 februari 2009), ‘F 16

kan jaren mee, JSF nog niet nodig’ (VK, 10 februari

2009), ‘Rekenkamer VS: wacht met JSF -besluit’, (VK

24 februari 2009), ‘Planbureau: JSF levert geen extra

werk op’ (VK 24 februari 2009) ‘Rekenkamer: cijfers

EZ over afdracht JSF -bedrijven fout’ (VK, 27 maart

2009), ‘Straks is de JSF onnodig - en dan?’ (VK 22

april 2009). ‘Deskundigen VS: koop niet de JSF’ (de

Gelderlander 24 februari 2009), ‘Defensie vertelt

leugens over concurrent van JSF’ (VK, 19 november

2008). Maar volgens de Luchtmacht zijn de enige

deskundigen die recht van spreken hebben

kennelijk alleen de voorstanders van de JSF.

Koehandel met rookgordijn

Inmiddels is het besluit gevallen: Nederland neemt

in 2010 een beslissing over de koop van een

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

testtoestel nadat voldoende informatie bekend

is. Concreet houdt het besluit in dat Nederland

wel een aanbetaling doet maar het volgend

jaar toch kan afzien van een definitieve koop. Er

wordt niet ‘gekocht’ maar wel een verplichting

tot koop aangegaan. Het komt er op neer dat er

wel gekocht wordt, maar dat er gegarandeerd

voor een afgesproken prijs wordt teruggekocht als

het verdere proces niet doorgaat. Volgens mevr.

Halsema een ‘irrationeel koopgedrag, een soort

troostaankoop’. Er blijkt dus een verschil te bestaan

tussen opdracht geven tot maken en kopen. Als

de tekenen niet bedriegen is het zo verkregen

uitstel van politieke betekenis maar zal de koop

van een testtoestel straks doorgaan en daarna zal

de feitelijke bestelling wel volgen. De JSF -lobby

is geenszins verslagen. Een van de argumenten

van de zich als fervent JSF -lobbyist ontpopte

staatssecretaris van defensie De Vries is dat we ten

behoeve van de veiligheid van onze vliegers het

beste toestel moeten aanschaffen dat die veiligheid

garandeert. Maar als het om de ultieme veiligheid

van het vliegend personeel gaat, dan is de drone,

het onbemande vliegtuig, dat naar de mening van

vele echte deskundigen de toekomst heeft, het

meest voor de hand liggend. Kunnen wij ons niet

permitteren, in een tijd van economische crisis, ons

tot dat tijdstip met ge-update F.16’s behelpen?

En is het overigens minder uitgesproken argument

dat we onze nucleaire taak niet kunnen uitoefen

met een ander dan een Amerkaans toestel, niet

irrelevant geworden, nu president Obama zich sterk

maakt voor algehele nucleaire ontwapening? Of

zal de president van dat oerconservatieve land met

een sterk militair industrieel complex, niet anders

kunnen dan de belangen van zijn wapenindustrie

bevorderen en voor de legitimatie ervan op termijn

een degelijke vijand aanwijzen, zo niet te creëren?

Leon Wecke

Jaargang 18, nr 50, september 2009

9


0

Overheidssteun door militaire bestedingen

In dit artikel wil ik proberen een inschatting te maken

van de gevolgen die de verkiezing van Barack

Obama tot president zal hebben voor de militaire

bestedingen van de Verenigde Staten. Gedurende

de afgelopen halve eeuw hebben de Verenigde

Staten bijna continu gebruik gemaakt van

economisch beleid, dat door kritische economen

bestempeld wordt als militair keynesianisme. Deze

term verwijst naar de neiging van een regering,

om de vraag naar goederen in de maatschappij

te stimuleren via aankopen die er voor het leger

worden gedaan. Zulk macro-economisch beleid

kan ertoe leiden dat militaire bestedingen als

de belangrijkste hefboom functioneren voor het

aanzwengelen van de economie, maar het kan

evengoed aanvullend zijn bedoeld: ter aanvulling

van de stimulerende rol die door een marktsector

wordt vervuld, bijvoorbeeld de sector waar

informatica worden geproduceerd; of als aanvulling

op civiele investeringsmaatregelen die een regering

zelf neemt. Juist omdat er over het begrip militair

keynesianisme veel verwarring bestaat, is het goed

de betekenis van het begrip ter inleiding van dit

artikel over de VS onder Obama kort te duiden.

Daarmee is hopelijk meteen duidelijk gemaakt

dat er meerdere opties bestaan die als militair

keynesianisme kunnen worden bestempeld.

Civiele steun

In de internationale pers, en ook in Nederlandse

kranten, is er de afgelopen weken uitvoerig

geschreven over de maatregelen die de huidige VS

regering wil nemen om de Amerikaanse economie

uit het slop te trekken. Daarbij valt op dat er

eigenlijk alleen over civiele reddingsmaatregelen

en civiele publieke investeringen wordt gerept.

Hoewel de bankensector zoals bekend primair

verantwoordelijk is voor het feit dat de VS- en de

wereldeconomie sinds het laatste kwartaal van

2008 in een diepe recessie zijn beland, worden er

massale hoeveelheden geld beschikbaar gesteld

om financiële instellingen te redden. Zo wil de

regering -Obama een aparte bank oprichten,

waarin banken leningen kunnen wegzetten die zij

naar verwachting niet zullen kunnen teruginnen,

en er worden al even duizelingwekkend grote

bedragen gereserveerd om de vraag naar

consumptiegoederen te stimuleren. Daarnaast

wordt ook stevig geïnvesteerd in verbetering van

de Amerikaanse infrastructuur, en in computers en

opknapbeurten voor scholen. Bovendien gaat de

nieuwe regering ook een aanzienlijk bedrag steken

in onderzoek naar, en productie van middelen

voor opwekking van alternatieve energie, zoals

MILITAIR KEYNESIANISME

windmolens en zonnepanelen. Veel van deze

stimuleringsmaatregelen worden terecht als vormen

van civiel keynesianisme aangemerkt.

Duizelingwekkende hoogte van militaire

uitgaven onder Bush jr.

In eerste instantie lijkt er dus sprake van een

breuk met het verleden, van een breuk met het

economisch beleid dat onder de Republikeinse

president Bush is gevoerd. Hoewel Bush aan het

eind van zijn ambtstermijn vorig jaar plotsklaps

een voorstel bij het Congres op tafel legde om de

dreiging van een crisis via civiele bestedingen af

te wentelen, lag het accent gedurende zijn hele

ambtstermijn op militaire overheidsbestedingen. Die

uitgaven omvatten de officiële ‘defensie’-begroting,

een begroting die werd verdubbeld tot bijna 600

miljard dollar; ze omvatten de oorlogsuitgaven (Irak

en Afghanistan), die opliepen tot zo’n 150 miljard

dollar; maar zij omvatten ook uitgaven die door

de meeste think tanks en economen in de VS over

het hoofd worden gezien, zoals een fonds voor

nazorg van veteranen, van soldaten die in oorlogen

gewond zijn geraakt; een speciaal pensioenfonds

voor militairen, en ook een post voor rente-uitgaven,

de rente die betaald moet worden voor leningen

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


IN DE VS ONDER BARACK

die in het verleden zijn gesloten om tekorten

ontstaan door de hoge ‘defensie’ –uitgaven te

dekken. Volgens de econoom Chalmers Johnson

werden de totale uitgaven voor het Amerikaanse

leger in 2008 op meer dan 1000 miljard Amerikaanse

dollars beraamd. Men kan gerust stellen, dat de

militaire uitgaven onder Bush jr. de motor van de

Amerikaanse economie waren.

Een radicale verandering of cosmetica bij

Obama?

In hoeverre zal er onder Obama het mes worden

gezet in die extreem hoge militaire uitgaven?

In de internationale pers wordt het nieuwe

stimuleringsbeleid van de VS onder Obama, en

ook dat van andere grootmachten, getypeerd

als een Green New Deal. Deze aantrekkelijke term

verwijst naar de bereidheid van de VS -regering en

andere regeringen om investeringsmaatregelen in

het pakket op te nemen die erop zijn gericht om

de uitstoot van broeikasgassen terug te brengen,

en om het gebruik van niet-fossiele brandstoffen

te bevorderen. Maar de term verwijst ook naar de

New Deal van de Amerikaanse president Roosevelt

die regeerde tijdens de lange depressie van de

dertiger jaren. Net als nu moest de overheid destijds

stevig ingrijpen om de gevolgen van het instorten

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

van de beurs, tijdens de beruchte krach van 1929,

tegen te gaan. Net als nu werden er in de eerste

helft van de dertiger jaren heel veel financiële

middelen ingezet om het stelsel van banken te

redden (zo’n tweederde van het totaal). En net

als nu zag de regering zich gedwongen om de

werkeloosheid tegen te gaan en om sociaal zwakke

groepen te helpen. Daartoe werd ondermeer een

wet aangenomen die de regering in staat stelde

gaarkeukens te openen, en er werd ook een wet

goedgekeurd ten gunste van sociale zekerheid voor

ouderen en gehandicapten.

Toch is het erg verhullend om het beleid van

Obama af te schilderen als een verbeterde, een

groene versie van dat van Roosevelt. Het klopt

weliswaar dat de huidige regering tot op zekere

hoogte lering lijkt te trekken uit de ervaringen van

de dertiger jaren. Immers, een van de beperkingen

van Roosevelt’s New Deal, was volgens zowel

Keynesiaanse als Marxistische economen, dat de

hoeveelheid geld die voor werkgelegenheid en

andere sociale projecten werd ingezet veel te

beperkt was. Obama daarentegen aarzelt niet om

grote bedragen in te zetten ter bevordering van de

werkgelegenheid. Maar het meest kenmerkende

van de New Deal periode was toch wel dat de

militaire uitgaven op een relatief laag peil bleven

steken. Ze werden wel verdubbeld gedurende

de tien jaar die liepen van 1929 tot 1939, maar

bedroegen in het laatstgenoemde jaar slechts 1.4

% van het Amerikaanse Bruto Binnenlands Product

(BBP). En dat terwijl de civiele overheidsuitgaven

een veelvoud van de militaire uitgaven bedroegen.

Het allerbelangrijkste kenmerk van de New

Deal tijdens die periode van voor de Tweede

Wereldoorlog was juist dat het regeringsbeleid niet

of nauwelijks stoelde op militair keynesianisme. De

regering geloofde dat ze het zonder deze vorm van

verkwisting kon doen!

Het lijkt op voortzetting van de oude politiek

Maar wellicht gaat president Obama in de

toekomst toch tornen aan de Amerikaanse

militaire bestedingen? Dat valt inderdaad niet

uit te sluiten, maar het lijkt er toch wel op dat

eventuele aanpassingen hooguit van cosmetische

aard zullen zijn. Tijdens zijn verkiezingscampagne

heeft Obama de keuzes die hij samen met zijn

running mate, de huidige vice-president Joe Biden

wil maken, keurig op een rijtje gezet. Zo vond het

tweetal dat de bezem moet worden gehaald

door het aankoopbeleid van het Pentagon, zodat

meer wapenbedrijven mee kunnen dingen naar

opdrachten, en ook dat er beter toezicht moet

komen op de uitgaven die gedaan worden onder

Jaargang 18, nr 50, september 2009


2

de speciale oorlogsbegroting (!). Maar tegelijkertijd

zetten zij ook in op uitbreiding van het Amerikaanse

leger, liefst met 92 duizend mensen (ter versterking

van infanterie en marine). Bovendien heeft Obama

de Republikeinse Minister van ‘Defensie’ Gates,

die juist zekerstelling van het nivo van de officiële

militaire begroting heeft bepleit (op 4,5 % van het

BBP), opgenomen in zijn kabinet. En de sterkste

aanduiding dat het oorlogszuchtige en militair

keynesiaanse beleid van Bush jr. wordt voortgezet

is wel het besluit van de nieuwe president om een

extra troepenmacht naar Afghanistan te sturen, van

17 duizend soldaten om te beginnen. Als het aan

de militaire commandant van de VS in Afghanistan,

David McKiernan ligt, komen daar nog minstens 25

duizend Amerikaanse soldaten bovenop.

Conclusie

De conclusie lijkt daarom gerechtvaardigd, dat het

beleid van militair keynesianisme onder Obama

steevast wordt voortgezet, en dat de VS beslist

niet zal terugkeren naar de New Deal-periode

van president Roosevelt. Het is mogelijk dat de

Democratische President in de toekomst meer zal

leunen op het beleid dat door zijn voorganger

Bill Clinton werd gevoerd. In de negentiger

jaren vertrouwde de VS regering primair op de

informaticasector als motor van de economie, en

liet militaire uitgaven de tweede viool spelen. Er

was sprake van militair keynesianisme, maar eerder

in secundaire zin. En om dat economisch beleid

te ondersteunen, zette Clinton in op uitbreiding

van de wapenexporten, o.a. via het smeden van

transatlantische samenwerkingverbanden tussen

monopoliebedrijven in de Amerikaanse en de

Europese militaire sectoren. Ook dat beleid vormde

een bedreiging voor de wereld, en hield massale

verspilling van financiële middelen in, zij het op een

iets beperktere schaal dan het beleid van Bush jr.

Op dit moment ontbreken er echter aanwijzingen

dat Obama serieus gaat snoeien in de militaire

begroting van de VS. Hoewel de euforie over zijn

verkiezing na acht verstikkende jaren Bush jr. erg

begrijpelijk is, blijft keynesiaanse verspilling voorlopig

aan de orde van de dag.

Peter Custers. De schrijver is auteur van het boek

Questioning Globalized Militarism.

Nuclear and Military Production and Critical Economic

Theory (Merlin Press, Londen, UK, 2007)

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


WAPENS EN ONTWIKKELING

Er is in de wereld een potje van

1.300.000.000.000 dollar voor vrede

en veiligheid. Legers zorgen ervoor

dat ze altijd centraal staan bij vragen

over macht, vrede en veiligheid

en dus ook bij de verdeling van dit

geld. Een gegeven dat bijna

natuurlijk lijkt. Toch zou het

potje voldoende bevatten voor

het aanpakken van heel veel

veiligheidsproblemen. De Millennium

Ontwikkelingsdoelen kunnen bijvoorbeeld

uitgevoerd worden, een

klimaatprogramma kan op poten

worden gezet en nog veel meer en

dan nog is er over. Waar wordt dit

geld nu besteed en door wie?

Een grove verdeling is dat iets meer

dan de helft naar personeel gaat

en een vierde naar operaties en

onderhoud. Voor wapenaanschaf

(inclusief onderzoek en ontwikkeling)

is een vijfde beschikbaar en vijf

procent voor de rest. Tenminste zo is

dat binnen de Europese Unie.

Binnen de Verenigde Staten liggen

die cijfers heel anders. Het grote verschil zit hem in de

personeelskosten. Die zijn in de Verenigde Staten nog

maar een vijfde van het totaal.(1)

Europa geeft in absolute zin meer geld uit aan militairpersoneel

dan de VS.(2) Inmiddels wordt steeds

duidelijker dat Obama die balans in het leger wil herstellen.(3)

Met overigens een heftig verweer van de

industrie. De figuur hiernaast maakt die geheel andere

verdeling duidelijk.

Een groot deel (38%) gaat naar onderhoud en herstel

(Overhaul & Maintenance, wat overigens ook de

kosten van de oorlogen in Irak en Afghanistan bevat)

en een derde naar investeringen in het oorlogsapparaat.(4)

In absolute cijfers betekent dit dat de VS

in 2007 154 miljard euro van het defensiebudget aan

wapens uitgaf en de Europese Unie 42 miljard. Samen

een kleine 200 miljard euro.

Wapenproductie

Het Zweedse Vredes Onderzoeksinstituut uit Stockholm

(SIPRI) stelt op de website dat de 100 grootste

wapenfabrikanten (zonder die uit China) in 2006

wapens verkochten ter waarde van 315 miljard dollar.(5)

Dat is grofweg 250 miljard euro. SIPRI heeft die

productie uitgesplitst naar regio.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Tabel 1

Bedrjven uit Aantal Percenage

omzet

Omzet

($ miljard)

VS 41 63 % 198,5

West Europa 34 29 % 91,4

Rusland 8 2 % 6,3

Japan, Israel

India

- 6 % 18,9

Totaal 3 5,

Bron: SIPRI

We hebben hiermee het overgrote deel van de

wereldwijde wapenproductie te pakken. Het merendeel

van deze wapens is voor gebruik door eigen

leger en een gering deel voor wapenhandel, waarmee

dan wordt bedoeld export naar andere landen

dan het land waar de wapens geproduceerd zijn.

Wapenhandel

Bronnen met cijfers over wapenhandel zijn nog steeds

schaars. Nog niet zolang geleden waren er drie belangrijke

bronnen die poogden wereldwijde gegevens

te verzamelen en te publiceren.(6) Wel zijn er

steeds meer en gedetailleerder landenrapportages

gekomen.(7)Ook de jaarrapportage van de EU

8 )geeft veel informatie. Maar van de overkoepelende

Jaargang 18, nr 50, september 2009

3


4

bronnen is alleen het SIPRI gebleven. De SIPRI gegevens

worden door vrijwel iedereen overgenomen.

Ik maak gebruik van ‘The financial value of national

arms exports, 1998-2006’9). Deze bevat informatie

verstrekt door overheden en bedrijven uit de rapporterende

landen

Uit tabel 2 blijkt:

De grootste tien wapenleveranciers nemen 85% van

alle leveringen voor hun rekening.

Van de eerste tien zijn er acht EU en/of NAVO-lidstaat(10)

die met zijn achten 2/3 van de wereldwijde

wapenhandel voor hun rekening nemen. De VS alleen

is goed voor meer dan een derde van alle wapenexporten

in deze periode.

Kleine technologische ontwikkelde landen spelen

naast de grote landen een belangrijke rol (Israël,

Zweden, Nederland en België).

Het gaat om een gemiddelde van 40 miljard dollar

per jaar over de gehele periode. De wereldwijde militaire

uitgaven zijn meer dan dertig keer zo groot. De

onderzoeksbudgetten van de VS en EU samen, zijn

al 2,5 zo groot als het totale bedrag van de wapenexporten.

(11) Van de sterk stijgende defensiebudgetten

in de wereld is weinig te merken in de wapenhandel

statistieken. Al heeft Rusland baat bij de

conflicten in Afghanistan en Irak. Het land levert via

Amerikaanse firma’s(12) goedkope wapens aan de

regeringen van die landen. Er is hooguit sprake van

een lichte schommeling.

Wapenimporten

De tien landen in de tabel hieronder nemen samen

ruim de helft van de wapenimporten in de periode

2003-2007 voor hun rekening. Aangezien veel westerse

landen voor een groot deel zelf hun wapens produceren

zijn het de rijke landen in het zuiden en de

landen in het Noorden, die zelf (bijna) geen of een

beperkte wapenindustrie hebben, die het belangrijkste

deel van de geëxporteerde wapens afnemen.

Ook uit Amerikaanse bronnen wordt duidelijk dat

wapenhandel voor een belangrijk deel naar Westerse

landen gaat. Nederland scoort bijvoorbeeld

opvallend hoog als klant in de VS.(13)

Kosten en potjes

Het meest recente rapport van de Amerikaanse Rekenkamer

(GAO) dat over de aanschaf van de JSF

gaat, stamt van maart vorig jaar. Op pagina twee

staat een korte mededeling over het waarom van

het GAO-onderzoek. Ik haal daar deze zin uit: “Het

wordt verwacht dat het ministerie van Defensie 2.443

vliegtuigen zal ontwikkelen, verwerven en onderhouden

tegen een kostenpost van 950 miljard dollar.”

(14) Een onvoorstelbaar bedrag.

In het eerste van een serie artikelen ‘wapens & ontwikkeling’,

waar dit het slot artikel van is, eindigde met

de berekening van de Wereld Bank uit 2004 dat er

jaarlijks tussen de 40 à 60 miljard dollar nodig is om de

MDG-doelen te bereiken.(15) Inmiddels is meer nodig.

Vorig jaar berekende diezelfde wereldbank dat er

100 miljoen armen bij zijn gekomen door de voedselcrisis.(16)

De kredietcrisis raakt niet alleen de mensen

in Noorden hard. Mensen in het Zuiden worden extra

geraakt.(17) Dan is er nog het klimaat probleem

dat een enorme invloed heeft op de zwakste schakel

in het Zuiden, de tanende landbouw. Een complex

aan crises dat noopt tot nieuwe berekeningen. Zelfs

als de gehele wapenhandel wordt gestaakt en alle

bespaarde gelden worden gebruikt om deze crisis te

lijf te gaan, dan nog is dit bedrag te gering om in

de MDG-kosten te voorzien. Je hoeft geen Realist te

zijn om te beseffen dat het staken van wapenex-importen

totaal niet haalbaar is. Bovendien ontkent dit

de positieve kanten van de inzet van bewapening.

Want hoewel de connotatie van de woorden ‘vrede’

en ‘veiligheid’ te vaak een militaire is, kan het militaire

apparaat soms wel bijdragen aan die vrede en

veiligheid.

0% eraf?

De militaire uitgaven in de wereld liggen een stuk hoger

dan die van de wapenhandel. Op dit moment

wordt 1.300 miljard aan krijgsmachten uitgegeven.

Mij lijkt er niets mis mee als er een campagne komt

die stelt dat hier 10% van af moet. Dat is niet veel

(en toch voor velen teveel), maar het lijkt mij een uitdaging

aan deze eis te werken op een moment van

de geschiedenis dat klip en klaar is dat de wereld de

Koude Oorlog ontgroeit is en met andere dan militaire

dreigingen heeft te kampen.

Daar ligt gelijk de andere uitdaging: kunnen aanklampen

bij de andere bewegingen die al actief zijn rond

de klimaat-, voedsel- en kredietcrisis. Juist in het

Noorden moet dat gebeuren, want daar wordt het

gros van de militaire uitgaven gedaan. Bij ons dus.

Betekent dit dat het Zuiden buiten schot moet blijven?

Nee, natuurlijk niet. Een regering in het Zuiden

die ten kosten van alles de Defensiebegroting overeind

houdt of zelfs verhoogt moet ook aan de kaak

gesteld worden, liefst samen met activisten vanuit

het land zelf.

“Als rijke landen hun wapenexporten en landen in

het zuiden hun wapenimporten niet grondig herzien

dan is het de vraag of de Millennium Doelen gehaald

zullen worden.”

Daar is hij weer de uitspraak van het United Nations

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Development Programme (UNDP), die ik vijf jaar lang

gebruikte om het amorele van wapenleveranties

aan arme landen mee te onderstrepen. Inmiddels

constateer ik dat niet alleen wapenexporten moeten

worden genoemd. Je pijlen richten op militaire uitgaven

- ook hier in het Noorden, zoals op de JSF - kan

wel eens een betere en vruchtbaarder strategie blijken

te zijn. In ieder geval ook vertrouwenwekkender

voor het Zuiden, dan alleen hun wapenaankopen

aankaarten.

Martin Broek

----------------------------------

* Dit is een bewerking van een tekst op mijn weblog (6

maart 2009), http://wekelijks.volkkrantblog.nl Aldaar meer

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

grafieken, meer bronnen en meer links.

----------------------------------

Noten:

1) Aangezien het voor een groot deel om logistiek en onderhoud

gaat is aannemelijk dat dit leger uit de private sector niet uit de

post personeel wordt betaald, maar uit O&M en door andere ministeries.

Veel militaire taken worden immers uitbesteed: “As of July

2008, there were approximately 162,400 DOD contractors and, as

of December 2008, approximately 148,500 U.S. troops in Iraq,” staat

in een recent rapport van de Amerikaanse rekenkamer. Janet

St. Laurent, ‘IRAQ AND AFGHANISTAN; Availability of Forces, Equipment,

and Infrastructure Should Be Considered in Developing U.S.

Strategy and Plans,’ GAO-09-380T, 12 februari 2009. Aangezien het

voor een groot deel om logistiek en onderhoud Ik heb hier geen

onderzoek naar gedaan.

2)Defence Data 2007, European Defence Agency; en Defence

Expenditure Breakdown’ in Volume of Money in European - Unit-

Jaargang 18, nr 50, september 2009

5


6

ed States Defence Expenditure in 2007, EDA, Brussels, December

2008.

3)William Matthews, ‘ 2010 Budget: Men vs. Machines; Pentagon

Manpower Costs Crowding Out Weapons, Defense News, 2 maart

2009.

4) European - United States Defence Expenditure in 2007, EDA,

Brussels, December 2008.

5 )Trends in Arms Production, http://www.sipri.org/contents/milap/

milex/aprod/trends.html; en

SIPRI 100 Arms sales by the SIPRI Top 100 arms producing companies

in 2006 totaled $315 billion.

6) Het Stockholm Intenational Peace Research Institute (SIPRI) is de

bekendste. Het Amerikaanse ministerie voor Buitenlandse Zaken

heeft Conventional Arms Transfers to Developing Nations onder

zijn hoede. Het werd in 2006 voor het laatst gepubliceerd over de

periode 1998-2005 en is te vinden op de site van de Federation of

American Scientists (FAS). Het World Military Expenditures and Arms

Transfers (WMEAT) is in het begin van deze eeuw over gegaan van

U.S. Arms Control and Disarmament Agency (ACDA) naar het Ministerie

van Buitenlandse Zaken en dat gaf in februari 2003 de laatste

versie uit over 1999 – 2000.

7) Zie: http://www.sipri.org/contents/armstrad/atlinks_gov.html8

Tenth annual report according to operative provision

8 )of the European Union Code of Conduct on Arms Exports (2008/

C 300/01).

9 )‘The financial value of national arms exports, 1998-2006, in constant

(2006) US$’.

10) Ter indicatie ook de landen 11 tot 25 (tussen haakjes gemiddelde

per jaar van bekende leveringen in periode 1998-2206, in miljoen

2006 dollars):11) Oekraïne (439),12) Canada (421),13) Spain

(410), 14) Oostenrijk (342), 15) Noorwegen (296), 16) Zuid-Afrika

(285), 17) Brazilië (244), 18) Zuid-Korea (233), 19) Zwitserland (231),

20) Polen (212), 21) Turkije (212), 22) Australië (199) , 23) Tsjechië

(103), 25) Denemarken (118), 24) Pakistan (101).

11) Martin Broek, ‘Wapens en Ontwikkeling; Militaire onderzoeksgelden’,

25 februari 2009, volkskrantblog.nl/bericht/248213

12 )Martin Broek, ‘Laat de wapens maar komen,’ 20 februari 2009

volkskrantblog.nl/bericht/247420

13) CRS Report for Congress: U.S. Arms Sales: Agreements with and

Deliveries to Major Clients, 1999-2006, December 20, 2007, Richard

F. Grimmest (Specialist in National Defense Foreign Affairs, Defense,

and Trade Division.

14) GAO: JOINT STRIKE FIGHTER; Impact of Recent Decisions on Program

Risks, 11 maart, 2008.

15) “The Costs of Attaining the Millennium Development Goals.”

(summary paper for the World Bank), 2005 (datering verschilt per

vindplaats).

16) RISING FOOD AND FUEL PRICES: ADDRESSING THE RISKS TO

FUTURE GENERATIONS, October 12, 2008, Human Development

Network (HDN) Poverty Reduction and Economic Management

(PREM) Network, The World Bank.

17) GLOBAL ECONOMIC CRISIS; Economic Crisis Starts to Hit World’s

Poorest Countries IMF Survey online, March 3, 2009.; en World in

‘global jobs crisis’—ILO, zie: January 29, 2009 14:33:00 Veronica Uy,

INQUIRER.net.

OBAMA SCHRAP

Ommezwaai Obama

President Obama van de VS heeft op 16 september

2009 een punt gezet achter de omstreden plannen

van zijn voorganger Bush junior om te komen tot een

anti- rakettenschild voor de lange afstand, special

gericht tegen landen als Iran en Noord -Korea.

Met het oog op Iran zouden in Polen raketten ter

onderschepping worden opgesteld en zou in Tsjechië

een radarpost komen. Obama vindt de dreiging

vanuit Iran niet urgent genoeg om zo’n grootschalig,

peperduur en technisch waarschijnlijk niet volmaakt

schild door te zetten. Tot opluchting van de meeste

NAVO landen die zagen dat de verhouding met

Rusland door het omstreden schild

werd vertroebeld. Rusland heeft

met name tegen de vestiging van

systemen in de beide genoemde

landen geageerd omdat het, zeer

begrijpelijk, meende dat het schild in

een handomdraai tegen Rusland zelf

zou kunnen worden gebruikt. Het zou

het evenwicht van de wederzijdse

kwetsbaarheid, een zeer gekoesterd

goed uit de Koude Oorlog, maar

verstoren als een van beide partijen

een afgetekend technologisch en dus

militair overwicht zou krijgen. Die Koude

Oorlog is weliswaar al twintig jaar

voorbij, de betrekkingen zijn stukken

beter als in die periode, maar de oorlog

in Georgië in 2008 bewees dat de

relatie nog altijd vrij kwetsbaar is. En het

is daarom van belang de Russen niet

te provoceren als dat maar enigszins

nagelaten kan worden. Dat belang

gaat ver uit boven een eventuele

grotere militaire veiligheid van de VS

en Europa ten opzichte van Iran. Het

is een lastig autocratisch regiem, maar

het zijn geen zelfmoordenaars die het

Westen “zomaar’ zullen aanvallen.

Er zijn ook landen die niet blij zijn, met name Polen

en Tsjechië, maar ook andere landen uit de

voormalige Sovjet invloedssfeer. Zij zijn bepaald nog

niet los van het communistische trauma, maar juist

zij zullen gediend zijn met goede relaties tussen de

VS, de NAVO en Rusland. Scherpe markering van

invloedssferen is het meest nadelig voor grenslanden.

Wat ikzelf in die paar dagen heb kunnen opmaken uit

de berichtgeving, is dat daarin niet gesproken wordt

over het schrappen van bases op Groenland, Alaska

en andere plaatsen, meer gericht op het Oosten,

Noord- Korea. De tendens van de berichtgeving

is wel een algehele beëindiging, maar het staat er

niet. Van belang is of het gebrek aan vorderingen

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


T HET ANTI-RAKETTENSCHILD

van Iran de enige, echte reden is, of dat een brug

slaan naar de Russen voor betere verhoudingen

en om de kernwapenbesprekingen dit najaar

tussen beide landen een betere kans te geven,

de belangrijkste reden is. In het laatste geval zijn

ook de andere systemen net zo goed van belang.

Historie

Het is goed een aantal zaken opnieuw op een

rij te zetten. Een anti –rakettenschild is vanaf ca.

1985, onder president Reagan, onder diverse

namen aan de orde geweest. De meest centrale,

Engelstalige naam is Ballistic Missile Defense,

en deze wordt bij voorkeur voor systemen voor

de lange dracht, vijf- tot tienduizend kilometer

gebruikt. In de jaren tachtig zijn de meest

fantastische plannen geopperd, met krachtige

laserkanonnen, deeltjesbundels en nog meer

in de ruimte. Er werd onderscheid gemaakt

in onderschepping in drie fasen, wanneer de

aanvallende raket nog één geheel was, in de

middenfase, wanneer meerdere kernwapens los

waren gekomen van de raket, en in de eindfase,

om concrete doelen te beschermen. Er werd

gesproken over decoys, nepvoorwerpen die de

afweer moesten verzadigen en dus ontoereikend

maken. Het is in hoofdzaak speeltuig geweest

van republikeinse presidenten, hoewel Bush senior

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

aanmerkelijk terughoudender was dan Reagan en

de democratische presidenten moesten er niet veel

van hebben. Clinton werd door een meerderheid van

het Congress gedwongen een aantal bescheiden

plannen te ontwerpen. En onder Bush junior werden

de plannen weer ruimschoots opgepakt, zij het

bescheidener dan in de jaren tachtig. Obama

zet de democratische lijn dus nu voort door de

afgelasting van de plannen in Polen en Tsjechië.

Achtergrond

Het is goed te beseffen dat verweer tegen

defensie tegen raketten slechts aan de orde is bij

lange afstandssystemen die de wederzijdse

kwetsbaarheid aantast. In de militaire wereld

zijn talloze afweersystemen (denk aan de al

tientallen jaren bestaande luchtafweer tegen

vliegtuigen in de Tweede Wereldoorlog) gericht

tegen vliegtuigen en raketten, en voor de

korte en middellange afstand wordt daar nooit

bezwaar tegen gemaakt. Ze worden immers

door alle partijen gebruikt. Er is geen duidelijke

technische limiet van wat wel toelaatbaar is en

wat niet. Wel wordt het voor de lange afstand

veel moeilijker systemen te ontwerpen die ook

echt voldoen. Enige jaren geleden werden door

de Amerikanen successen gemeld, waarbij de

positie van de af te schieten satelliet of raket

nauwkeurig bekend was bij het aanvallende

systeem. Dat is uiteraard geen reële, vijandelijke

situatie. Maar, je kan vorderingen op dit gebied

uiteraard niet uitsluiten. Het vraagt uiteindelijk

om morele en politieke beslissingen over wat

je wel of niet nastreeft. Een volgende dimensie

in de oorlogvoering, de ruimte, of zie je daar

nadrukkelijk van af.

Bart van der Sijde. De schrijver is oud-hoofddocent

Natuurkunde en Samenleving aan de technische

Universiteit Eindhoven.

Jaargang 18, nr 50, september 2009

7


8

NUCLEAIRE WAPENS

NOODZAAK OF SCHRIKBEELD ?

Inleiding van de discussievoorzitter

In dit lunchdebat zijn we bijeen om te discussiëren

over het IKV/Pax Christi kernwapenrapport dat half

februari 2009 is uitgekomen. Waarom dit rapport juist

nu, in 2009, en waarom dit kernwapendebat hier,

vandaag? Is het meer dan nostalgie, herinneringen

aan hoe het 25 jaar geleden toeging en wat er toen

op spel stond? Een verlate poging om Nederland

alsnog kernwapenvrij te krijgen?

En, hebben we onze handen niet al vol aan

de kredietcrisis en de daaruit voortvloeiende

economische crisis, de milieu- en

energieproblematiek? Is het kernwapenprobleem

wel urgent genoeg om aan de orde te stellen?

Maar misschien dat de –opnieuw maar halfgelukte-

kernproef van Noord-Korea van 25 mei jongstleden

ons er aan herinnert dat er op zijn minst onopgeloste

problemen zijn.

De omvang van de bewapening

Als startpunt van deze voorbeschouwing wil ik eraan

herinneren–een beetje demagogisch misschien,

en eigenlijk houd ik daar niet zo van- dat we in

deze wereld nog altijd in het bezit zijn van zo’n

25.000 kernwapens die goed zijn –bij eventueel

gebruik- voor zo’n 400.000 tot 500.000 verwoeste

Hiroshima’s. Waar vind je ze, denk je dan, zoveel

Hiroshima’s? Maar dat is dus de hoofdlijn van

de veiligheid –security- op wereldniveau. Elkaar

op afstand houden door dreiging met totale

vernietiging, afschrikking -deterence- geheten.

Als blijvend toekomstperspectief moreel volstrekt

onaanvaardbaar, vindt IKV/Pax, naar mijn mening

terecht. Het enge is dat het kernwapenprobleem

er nu één is van de tweede orde –hoewel ze dat

in Israël tav Iran niet zo vinden- maar eventueel,

ineens, kan uitgroeien tot het wereldprobleem,

waarbij de economische crisis en de andere crises

in het niet vallen. Kortom, het gevaar dat een te

geringe inspanning nu om het probleem op te

lossen ons ooit opbreekt.

Waarom nu het IKV/Pax rapport?

Terug naar de vraag waarom nu. Het rapport van

IKV/Pax komt niet uit de lucht vallen. Na jaren van

kommer en kwel op nucleair ontwapeningsgebied,

zeker tijdens de acht jaar Bush, maar eigenlijk al

langer, zijn er nieuwe kansen en mogelijkheden:

1. In januari 2007 (met een herhaling een jaar

later) komen de vier Amerikaanse oud-politici en

zwaargewichten Kissinger, Shultz, Perry en Nunn met

LUNCHDEBAT OP 2 JUNI 2009 OP DE `TU/E

een artikel in de Wall Street Journal waarin ze zich

verrassend uitspreken voor een kernwapenvrije

wereld met voor de VS een leidende rol daarin.

Zij leggen veel nadruk op de veranderingen sinds

de Koude Oorlog, met name op het gevaar van

kernwapens in handen van terroristen.

2. President Barack Obama spreekt zich in zijn

verkiezingsprogramma al uit voor de aanpak van

het kernwapenprobleem en geeft hierdoor steun

aan de artikelen van de Vier. Op 5 april 2009

herhaalt hij in zijn beroemde rede in Praag dat

hij gaat voor een kernwapenvrije wereld, en is

daarmee de belangrijkste bondgenoot die men zich

kan wensen.

3. Maar ook minister Maxime Verhagen zet in een

rede van 27 maart 2008 voor de NAVO de deur op

een kier voor nucleaire ontwapening.

4. Te midden van deze hoopvolle tekenen komt

IKV/Pax met haar rapport en een appel van elf

punten en een programma van zeven punten,

overgenomen van het Middle Powers Initiative. Het

legt de lat meteen zeer hoog door te mikken op een

kernwapenvrije wereld in 2020.

5. Maar nauwelijks is dit alles gebeurd, of Noord-

Korea komt met zijn kernproef en zet de relatie met

de overige vijf landen uit het zeslanden overleg

op scherp. En dan hebben we altijd nog de

moeilijkheden met Iran.

De moeilijke weg

De weg naar ontwapening zal moeilijk en

misschien, vrijwel zeker, lang zijn: In een artikel in

het Reformatorisch Dagblad naar aanleiding van

de Praagse rede heb ik er een aantal opgesomd:

1. Kan Obama zijn eigen administratie overtuigen

van de noodzaak van 90% ontwapening, waar

Clinton faalde en Bush junior weigerde? 2. Kan

hij Rusland overhalen hetzelfde te doen en zo

de eerste noodzakelijke stap, het elimineren van

de onacceptabele overbewapening van beide

landen, voltooien? 3. En zien zij en de overige

kernwapenstaten glashelder het onlosmakelijk

verband tussen ontwapening en non-proliferatie?

4. En hoe worden het Verenigd Koninkrijk, China

en Frankrijk, en India en Pakistan, en Israël, en

Noord-Korea en Iran overtuigd? Vooral bij Pakistan

ligt het grote belang om het gevaar van nucleair

terrorisme tegen te gaan. 5. En is Nederland bereid

in de voorhoede te lopen en aan te dringen op

verwijdering van de kernwapens in Volkel?

Bij al onze argumenten dient één zaak centraal

te staan: Wordt uiteindelijk, in de komende tien

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


HET KERNWAPENRAPPORT

VAN IKV/PAX CHRISTI

jaar, en te beginnen bij de Review Conferentie in

2010 aan het Non- proliferatieVerdrag, inclusief het

ontwapeningsartikel VI, recht gedaan of verwordt

het tot een wassen neus en wordt het de facto

afgeschaft? Tegen de sprekers zeg ik: Weeg je

argumenten, voor of tegen, tegen dit criterium. Er

zullen –hier en daarbuiten- voor- en tegenstanders

zijn van een totale aanpak. Het Vredescentrum

heeft oud- generaal majoor Adriaan van Vuren

speciaal aangetrokken om kritiek te leveren op

Obama en IKV/Pax en Ko Colijn om het voorstel tot

ontwapening kritisch te begeleiden, zoals hij dat ook

als adviseur van het Rapport heeft gedaan. En aan

Sanne Bruijne is als eerste de rol toebedeeld om het

rapport te verdedigen. Ze is campagneleider, maar

zelf geen medeschrijver van het rapport geweest.

Bart van der Sijde. De inleider is oud-hoofddocent

Natuurkunde en Samenleving aan de TU/e.

Demonstratie in Belgie

Franse atoomraket

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Crises en de crisis: verdere verspreiding van

kernwapens

De kredietcrisis, de klimaatcrisis, de energiecrisis, de

voedselcrisis: de wereld lijkt te worden overspoeld

met crises die landsgrenzen overschrijden, het leven

van miljoenen mensen beïnvloeden en die alleen

opgelost worden als regeringsleiders de handen

ineen slaan. Vandaag bespreken we nog zo’n crisis.

Gevaarlijker dan alle eerder genoemde crises bij

elkaar. Met ons rapport vestigt IKV Pax Christi de

aandacht op dit probleem, deze crisis. Aandacht

voor de duizenden kernwapens die nog altijd op

scherp staan en een bedreiging vormen voor het

leven op aarde. Kernwapens eens geproduceerd

met het idee dat we erdoor onze veiligheid zouden

waarborgen. Kernwapens die echter tot op de dag

van vandaag de veiligheid van alle mensen, al het

leven ter wereld bedreigen. Sterker nog: die dat in

toenemende mate doen.

Er is een zeer reëel gevaar voor de verspreiding

van kernwapens over meer en meer landen.

Waar aanvankelijk slechts vijf landen - de VS,

Rusland, China, Engeland en Frankrijk- kernwapens

bezaten, hebben nu ook Israël, India, en Pakistan

de beschikking erover. De recente nucleaire test

van Noord-Korea en de nucleaire ambities van Iran

maken verder duidelijk dat meer landen geloven

dat kernwapens ook een waarborg zouden kunnen

zijn voor hun nationale, politieke, militaire en

economische belangen.

Naast het gevaar dat steeds meer landen

kernwapens bezitten, is ook het risico groter

geworden dat het beheer van bestaande

kernwapenarsenalen tekortschiet. In tijden van

(politieke) instabiliteit kan dan nucleair materiaal

en nucleaire kennis in handen komen van radicale

groeperingen – met alle gevaren van dien. Ik merk

hierbij op dat niet alleen in tijden van instabiliteit er

een gevaar dreigt dat nucleaire kennis ontvreemd

wordt. Immers de kennis voor de verrijking van

uranium om kernwapens te maken is in de jaren

zeventig ontvreemd vanuit URENCO in Almelo...

een ontvreemding die resulteerde in de Pakistaanse

atoombom.

De oproep van de Bende van Vier

overgenomen door Obama en Poetin

Terwijl grootschalige proliferatie door het Non -

Proliferatie Verdrag (NPV) bijna is voorkomen, is de

implementatie ervan zodanig gestagneerd dat het

Verdrag haar betekenis lijkt te verliezen. Het falen

van de internationale gemeenschap om te voldoen

aan de in het NPV afgesproken verplichtingen

steekt schrik af tegen de urgentie om te komen tot

een verzwaring van het non-proliferatie regime.

Jaargang 18, nr 50, september 2009

9


20

IKV Pax Christi ervaart het blijven vertrouwen

van kernwapenstaten op dreiging met nucleaire

vernietiging van het menselijk leven op grote schaal

als moreel onaanvaardbaar. Een kernwapenvrije

wereld ligt immers niet buiten de politieke

mogelijkheden. Het is een kwestie van politieke wil.

En er zijn nieuwe kansen.

Op zich is het bemoedigend dat sinds het einde

van de Koude Oorlog veel kernwapens uit de

toen nog veel grotere arsenalen zijn ontmanteld.

Het is hoopgevend dat de Verenigde Staten en

Rusland samenwerken aan verdere reducties.

En het is belangrijk dat zij de afgelopen jaren

geen kernwapens meer hebben getest. Mede

gemotiveerd door proliferatierisico’s, riepen de

voormalige Amerikaanse ministers Kissinger, Shultz

en Perry en de senator Nunn (later de bende van

Vier genoemd, redactie) de VS op tot een nieuw

beleid dat erop gericht zou moeten zijn dat de

wereld binnen afzienbare tijd zou worden bevrijd

van alle kernwapens. Als staatslieden uit zowel

het Democratische als Republikeinse kamp vond

hun oproep steun van zeker tweederde van alle

voormalige Amerikaanse ministers van Defensie en

Buitenlandse Zaken en bij adviseurs voor nationale

veiligheid. In het buitenland was Mikhail Gorbachov

de eerste die reageerde en ook opriep voor een

hernieuwde politieke wil. Voormalig minister van

Buitenlandse Zaken, Margaret Becket uit het

Vereningd Koninkrijk volgde, met in haar kielzog

voormalig secretaris-generaal van de NAVO

Robertson, niet veel later gevolgd door de minister

van Buitenlandse Zaken Miliband. Ook in Duitsland

werden verklaringen afgelegd en in Nederland sloot

minister van Buitenlandse Zaken, Maxime Verhagen

in maart 2008 zich bij de oproep aan.

Ook President Obama heeft aangegeven

nucleaire ontwapening hoog op de agenda te

gaan zetten. In Praag liet hij in april 2009 weten

dat de VS concrete stappen zal zetten om tot een

kernwapenvrije wereld te komen. Obama noemde

kernwapens de gevaarlijkste erfenis van de Koude

Oorlog. Volgens hem hebben de VS, als enige land

dat ooit kernwapens heeft gebruikt, een morele

verantwoordelijkheid om in actie te komen. Obama

zei te beseffen dat een wereld zonder kernwapens

niet snel te realiseren zal zijn.

Premier Poetin verklaarde begin juni 2009 echter nog

dat Rusland bereid is alle kernwapens op te geven

als de VS en de andere kernmachten dit ook doen.

Poetin deed zijn voorstel tijdens een bezoek van de

Duitse minister van Buitenlandse Zaken Steinmeier.

Deze had eerder gepleit voor het afschaffen van

alle kernwapens, in plaats van hun aantal enkel te

beperken. Wij scharen ons achter al deze oproepen

tot nucleaire ontwapening.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

2

Een stappenplan

Voor het op gang brengen van nucleaire

ontwapening is een realistische strategie

noodzakelijk. Een strategie die daadwerkelijk

kan bijdragen aan een zowel politiek als militair

aanvaardbare en haalbare koerswijziging zodat

het niet enkel bij woorden alleen zal blijven. In

ons rapport presenteren wij een aantal haalbare

stappen die genomen kunnen worden in de periode

die voor ons ligt. Ik ga op enkele van deze stappen

nader in:

De ste stap: Terugtrekking van Amerikaanse

tactische kernwapens uit NAVO Lidstaten

Binnen Europa zijn zoals bekend mag worden

verondersteld Amerikaanse kernwapens geplaatst

op verschillende luchtmachtbases, waaronder

zo’n tien tot twintig stuks op Volkel in Nederland. De

Nederlandse kernwapentaak valt onder de NAVO.

De doctrine van de NAVO, of beter gezegd het

in 1999 geformuleerde Strategisch Concept, gaat

ervan uit dat kernwapens een essentiële politieke en

militaire link vormen tussen de Noord -Amerikaanse

en Europese NAVO lidstaten.

De op de luchtmachtbases gestationeerde

kernwapens worden aangeduid als tactische

kernwapens, wat zoveel zeggen wil dat ze niet

zozeer ter afschrikking dienen maar direct kunnen

worden ingezet als vrije val bommen op het

slagveld. De stationering van deze kernwapens en

het aanvaarden van specifieke nucleaire taken

door NAVO lidstaten komt nog voort uit het tijdperk

van de Koude Oorlog. Toen werd voorzien dat er

zo’n feitelijk slagveld in of rond Europa zou kunnen

ontstaan.

Het is ons volledig onduidelijk tegen wie de

Amerikaanse tactische kernbommen uit Volkel

vandaag de dag bedoeld zijn: hun stationering

houdt immers mogelijke inzet in binnen de

actieradius van de F-16’s die ze moeten vervoeren,

grofweg de afstand Amsterdam -Marseille. Kortom

een stationering die niet meer van deze tijd is, en

een directe bedreiging voor de veiligheid van

Europese burgers vormt.

Het NAVO Strategisch Concept wordt gelukkig

eind 2010 herzien. Met de benoeming van een

proponent voor nucleaire ontwapening, Ivo

Daalder, als ambassadeur van de VS bij NAVO,

lijkt het moment daar voor de NAVO om ruimte

te bieden voor een volledige terugtrekking van

Amerikaanse tactische kernwapens uit NAVO

lidstaten.

IKV Pax Christi pleit dan ook voor de directe

beëindiging van de kernwapentaak van de

Nederlandse luchtmacht en voor het beëindigen

van de politieke en militaire rol van kernwapens in


22

het veiligheidsbeleid van de NAVO.

De 2de stap: Kernwapens niet meer op

scherp te zetten, en ze gescheiden van hun

overbrengingsmiddelen opslaan.

In de Verenigde Staten zijn naar schatting 1.600

kernkoppen gereed om binnen enkele minuten te

worden gelanceerd. In Rusland zijn dat er ongeveer

1.000. Het is onacceptabel dat deze nucleaire

wapens op scherp, op zogeheten ‘hair trigger alert’

blijven staan.

Er dienen daarom maatregelen te worden

genomen, zoals het verwijderen van de kernkoppen

van raketten, het niet op vliegvelden opslaan

van nucleaire bommen en kruisraketten, het in

havens houden van nucleaire onderzeeboten en

het – bij het uitvaren van deze schepen – instellen

van minstens één dag omvattende ‘alerts’. Zulke

maatregelen verkleinen dan de kans op fouten en

op risico’s die kunnen optreden bij een staatsgreep

of bij een aanval op nucleaire faciliteiten.

Een in oktober 2007 ingediende VN -resolutie pleit

voor praktische stappen die leiden tot het opheffen

van de ‘hair trigger alert’-toestand van kernwapens.

De resolutie kreeg de steun van 139 staten, met

Frankrijk, de VS en het VK als enige tegenstemmers.

De meeste NAVO-landen onthielden zich van

stemming, met uitzondering van Duitsland en

Italië (waar Amerikaanse nucleaire wapens zijn

gestationeerd) en IJsland, Noorwegen, Portugal

en Spanje. Teleurstellend genoeg behoorde ook

Nederland tot de NAVO-landen die zich van

stemming onthielden.

Stap 3. Het starten van onderhandelingen over een

verdrag inzake een verbod op de productie van

splijtstoffen voor explosiedoeleinden.

De noodzaak van een verdrag dat de productie

van splijtstoffen voor explosiedoeleinden verbiedt,

staat buiten kijf. Zo’n ‘Cut-Off’-verdrag kan alleen

tot stand komen zodra de sleutelspelers tot de

conclusie komen dat een dergelijk akkoord

hun nationale veiligheidsbelangen dient. Het

openhouden van mogelijkheden om splijtstof

voor het eigen land te produceren, zorgt er

onherroepelijk voor dat ook andere landen deze

mogelijkheid willen open houden. Realisatie van

een Cutt Off verdrag eist dus leiderschap van de

kernwapenstaten. Zonder hun leiderschap zullen

India, Pakistan en Israël niet

bereid zijn tot onderhandelingen over hun productie

van splijtstoffen.

Stap 4. Het implementeren van het Comprehensive

Test Ban Treaty (CTBT of Teststopverdrag).

De recentelijk door Noord-Korea uitgevoerde

nucleaire test onderstreept het belang van een

alomvattend verbod op het testen van nucleaire

wapens. In totaal hebben 135 staten het CTBT

van 1996 geratificeerd. Het Teststopverdrag krijgt

echter pas rechtskracht zodra alle van 44 specifiek

in het akkoord genoemde landen (met nucleaire

installaties, redactie) dat hebben gedaan.

En zover is het nog niet. Van de kernwapenstaten

hebben de Verenigde Staten, China en Israël

het Verdrag getekend, maar niet geratificeerd.

India en Pakistan hebben noch getekend noch

geratificeerd. Tijdens de stemming in de VN in

2007 over een resolutie ter ondersteuning van het

CTBT, was Noord-Korea diplomatiek afwezig. De VS

stemden toentertijd verder als enige tegen.

In de VS is ratificatie afhankelijk van de Senaat

waar de Democraten nog net geen meerderheid

hebben. Ratificatie lijkt in de VS afhankelijk van

Obama’s mogelijkheden om zowel Republikeinen

als Democraten mee te krijgen. Het belang van

het initiatief van de Bende van Vier wordt hierdoor

onderstreept. Om het CTBT geïmplementeerd te

krijgen is er een grote noodzaak voor de VS en de

EU om leiderschap te tonen en bij andere staten op

ondertekening en ratificatie aan te dringen.

Met het rapport “Een Kernwapenvrije Wereld”

hebben wij deze en een aantal andere punten op

een rij gezet, en zijn ons bewust dat we ambitieuze

doelen hebben gesteld. Wij geloven dat een

kernwapenvrije wereld niet alleen een morele

verplichting maar ook een politieke noodzaak is.

De volledige lijst van punten kunt u vinden in ons

appel voor een kernwapenvrije wereld op onze

website: www.nonukes.nl . Daar kunt ook het appel

lezen of overnemen en het ondertekenen.

Sanne Bruijne. Bovenstaand artikel is de inhoud van

de voordracht die zij op 12 juni 2009 namens IKV Pax

Christi hield op het lunchdebat van het Vredescentrum

Eindhoven over de kernbewapening.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


EEN KERNWAPENVRIJE WERELD

Global Zero

Dames en heren, er is nog een lange weg te gaan

naar dat doel, er zijn veel kansen gemist in de

afgelopen jaren, maar de strohalm die er zelfs een

paar jaar geleden niet eens meer leek te zijn, laat

zich misschien toch weer grijpen.

Global Zero is het initiatief dat honderd beroemde

mensen op 8 december 2008 bij elkaar bracht en

de wereldleiders oproept om via een gefaseerd en

gecontroleerd plan ernst te maken met de oude

leus - maar ook verplichting uit het NPV!- om de

kernwapens uit de wereld te helpen. Het zijn niet

de minste namen die we onder de lijst van honderd

vinden: Jimmy Carter; Lawrence Eagleburger; Frank

Carlucci; Mikhail Gorbachev; Malcolm Rifkind,

Richard Burt, Strobe Talbott. Eén naam uit Nederland

helaas (alleen) nog maar: Mabel van Oranje.

Het IKV –Pax Christi rapport

Ik denk dat we er meer van gaan horen. Het rapport

van IKV -Pax Christi, “Een Kernwapenvrije Wereld”,

zal daar aan bijdragen en past uitstekend in de

kaders van Global Zero. Ik kan daarvan getuigen

want ik heb de werkgroep die het rapport “Een

Kernwapenvrije Wereld” heeft opgesteld als luis in

de pels, adviseur staat er voorin het rapport, mogen

volgen en bijstaan en haar niet op dromerijen

kunnen betrappen.

Maar laten we vooral realistisch blijven, het

uitgangspunt van vandaag is natuurlijk nog steeds

niet best, en een strohalm is nog lang geen

reddingsboei.

De beroemde doomsday -klok van de Bulletin

of Atomic Scientists staat nog steeds op vijf voor

twaalf. Hoewel het aantal atoomwapens in

de wereld sinds het eind van de Koude Oorlog

spectaculair is afgenomen van 70.000 wereldwijd

naar 24.000 nu, is dat nog altijd een ontzagwekkend

vernietigende voorraad. Volgens the BAS kun je

daarmee 4,5 dag lang elke seconde een Hiroshima

-bom tot ontploffing brengen, een vermogen dat

krankzinniger is dan wij kunnen bevatten.

Ruwweg 95% van dat vermogen is in handen van

de twee grootmachten, de VS en Rusland, landen

die alleen al daarom gemakkelijk zonder enig

gevolg voor hun militaire dominantie het goede

voorbeeld kunnen geven en hun voorraden tot

een tiende van wat ze nu bezitten zouden kunnen

wegsnijden.

Laten we daarom, na acht zwarte jaren waarin we

het Non Proliferatieregime hebben zien afkalven tot

bedenkelijke zwakte, enige hoop putten uit geluiden

die tegenwoordig uit Washington komen. Maar we

komen dus van ver.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Het recente verleden

In de afgelopen tien jaar hebben we buiten het

speelveld van het Non Proliferatieverdrag de

opkomst van twee -drie kernwapenstaten gezien

en de nauwelijks betwiste zekerheid dat naast India,

Pakistan en Noord-Korea ook Israël die status bezit.

We wachten op de inwerkingtreding van

het Kernstopverdrag en het begin van

onderhandelingen over een stop op de productie

van splijtstoffen.

In de sfeer van wapenbeheersing is de afgelopen

tien jaar vrijwel niets gebeurd waar je gelukkig

van wordt. Was er maar helemaal niets gebeurd,

zou je soms denken, dan was de merkwaardige

paradox dat de Koude Oorlog zijns ondanks soms

tot aansprekende verdragen leidde in elk geval nog

behouden gebleven. Nu zien we zelfs een zekere

regressie. Bush was niet geïnteresseerd in de traditie

van verifieerbare strategische wapenreducties. Hij

zegde het ABM -verdrag op, om de belemmering

voor een raketschild weg te nemen. Poetin dreigde

met opzegging van het INF -verdrag, dat het

verbod op middellangeafstandsraketten (zeg

maar de Europese dimensie) in 1987 regelde.

De positie van het IAEA is , door het eenzijdige

wantrouwen dat de VS in die organisatie etaleerde

in de kwestie of Saddam Hoessein nu wel of geen

atoomprogramma had, een tijd beschadigd

geweest. De speciale behandeling die India heeft

gekregen van de VS door het afgelopen najaar van

kracht geworden akkoord roept ernstige vragen op

terzake van het gelijke –monniken –gelijke -kappen

beginsel in het internationale recht. Zo zou het NPV

zo maar een gelegenheidsverdrag kunnen worden

waaruit iedereen zijn eigen menu kan samenstellen.

Op doctrinair gebied hebben we gezien hoe de VS,

Frankrijk en Rusland hun nucleaire strategie hebben

bijgesteld in de richting van eventueel first use inzet

van kernwapens.

Het Internationaal Atoomagentschap, althans

de directeur El Baradei, meldde ons twee weken

geleden nog dat de bedenkelijke mijlpaal van

1.500 incidenten – denk aan diefstal van radioactief

materiaal- is gepasseerd. De wereld vraagt, in

een tijd van terrorisme en vervanging van het

geweldsmonopolie van staten, om beveiliging

van deze voorraden want anders komen ze in

verkeerde handen. Eerder klaagde El Baradei

al dat het budget van zijn Atoomagentschap,

waarmee zijn inspecteurs landen die lid zijn van het

NPV controleren op de vreedzame toepassing van

kernenergie, kleiner is dan de zak geld die de Rus

Abramovitsch jaarlijks aan nieuwe spelers voor zijn

club Chelsea heeft te besteden.

Wat een merkwaardig woord trouwens, die term

‘vreedzaam’. De pakweg 10.000 atoomwapens

Jaargang 18, nr 50, september 2009

23


24

die de NAVO-landen bezitten zijn volgens het

Strategisch Concept van de NAVO allemaal

‘vreedzaam’: de ultieme garantie ‘to preserve

peace and prevent coercion, the supreme

guarantee of our security’.

Realisme en voorspelling

Ik wil niet verhelen realist genoeg te zijn om toe

te geven dat ik persoonlijk alleen in een ‘global

zero’ op termijn geloof, en niet voor vandaag of

morgen. Maar ik erken dat je meer mag vragen dan

haalbaar is, de geschiedenis laat soms verrassende

successen toe.

Eerst een paar strohalmen van optimisme:

De nieuwe regering -Obama heeft de eliminatie

van kernwapens een centraal element van

haar nucleaire beleid genoemd en dat alleen

al schept verplichtingen. Laat ik me bezondigen

aan een oude fout, namelijk voorspellen: met

de democratische meerderheid in het Congress

lijkt me de ratificatie van het Kernstopverdrag

nu binnen bereik. Ik zou verder verwachten dat

de Amerikaanse regering nu bereid is om over

een ‘Cut Off’ verdrag te gaan onderhandelen.

Ik zou niet verbaasd zijn als de regering, eigenlijk

heeft Hillary Clinton het al gezegd, het START -

proces van verdere verifieerbare reducties van

strategische raketten, weer ter hand neemt voor

het laatste verifieerbare verdrag op 31 december

dit jaar afloopt. En ik zou ook niet verbaasd zijn als

de regering -Obama samen met de Russen naar

een oplossing gaat zoeken voor het omstreden

raketschild en voor een mondialisering, niet

afschaffing dus, van het INF -verdrag. Gevaarlijke

voorspellingen, maar vooruit. Grotere moeilijkheden

voorzie ik helaas bij de redding van het Non

Proliferatieverdrag. Je zult Obama zijn, opgescheept

zitten met de erfenis van het verdrag met India

dat aan dat land een bonus geeft om géén lid

te worden, en tegelijkertijd straks met voorstellen

komen om landen die nu wel lid zijn en er uit willen

stappen (denk aan Noord-Korea of wie weet Iran)

een hoge prijs te laten betalen. Ik ben werkelijk

zeer nieuwsgierig naar de creativiteit van de

nieuwe president in dit opzicht - wanneer in 2010

het Verdrag opnieuw tegen het licht zal worden

gehouden en het drama van de mislukte Review -

conferentie in 2005 moet worden voorkomen.

Het rapport

In het vandaag gepresenteerde rapport van het

IKV -PC worden, welbeschouwd, een vijftal harde

ijkpunten genoemd en die maken het rapport

‘moedig’. Moediger althans dan de Global Zero,

die zich niet aan jaartallen waagVan de NAVO

wordt gevraagd dat zij zich dit jaar uitspreekt voor

het beëindigen van de politieke en militaire rol

van de kernwapens in haar veiligheidsbeleid. Als

buitenstaander veronderstel ik dat dit iets te veel

gevergd zal zijn van de organisatie maar hoop ik

dat die rol daadwerkelijk gereduceerd kan worden.

- In 20 0 moet volgens het rapport het

Kernstopverdrag van kracht zijn. Ik moet zeggen:

het zou zomaar kunnen dat Obama, en vervolgens

China, het Verdrag onderschrijven en dan zou ik

al tevreden zijn. Maar dan hebben we Iran, Israël,

Noord-Korea, India en Pakistan nog, landen die

vooral regionale bedoelingen met hun kernwapens

hebben en verwikkeld zijn in lastige conflicten die

ik in 2010 graag, maar helaas nog niet afdoende

opgelost zie.

- In 20 0 moet volgens het rapport ook

overeenstemming worden bevorderd over

een verbodsverdrag op de productie van

splijtstoffen: ik zou zeggen dat dit, zo geformuleerd

(‘overeenstemming bevorderd’) wel kan.

- In 20 5 moet er sprake zijn van een kernwapenvrij

Europa (ik neem aan de EU) en Nederland moet

‘nu’ de kernwapentaak van de luchtmacht meteen

beëindigen. Laat ik eerlijk zeggen, gooit u niet met

schoenen naar me, dat deze doelstelling hoog

gegrepen is. Nederland? Ik vind het best, ik heb al

eens frivool voorgesteld om onze Volkeltaak, de

Amerikaanse leasetaak dus, aan Israël over te doen,

in ruil voor Israëlische toetreding tot het NPV en als

wegbereider voor een kernwapenvrije zone in het

Midden Oosten, maar ik denk niet dat Frankrijk en

het Verenigd Koninkrijk in 2015 al zover zijn.

- In 2020 moet de gehele wereld kernwapenvrij

zijn. En nu weet ik dat u denkt dat ik dit helemaal

onrealistisch vind, maar dit is juist de meest

realistische van alle doelstellingen. Nu ja, het

gaat me niet om 2020, maar om het principe. Het

verdwijnpunt op de horizon is de stip die voor allen

geldt, wat 2012 voor alle chemische wapens is

voor alle landen, zou 20xy voor alle kernwapens

voor alle landen moeten zijn. Wat niet lukte met

deelonderhandelingen op het gebied van INF,

lukte in 1987 ineens wel met de nuloplossing

voor alle landen die op dat moment over die

categorie wapens beschikten. Het zijn denk ik de

gemakkelijkste onderhandelingen, de gemakkelijkst

controleerbare, de gemakkelijkst te rechtvaardigen

en in termen van veiligheidsconsequenties de

gemakkelijkst te voorziene, op te vangen, soort

verdragen. Als luis in de pels zeg ik: zet u daar maar

op in, de geschiedenis is u misschien welgezinder

dan u denkt.

Ko Colijn. Bijzonder hoogleraar Erasmus Universiteit

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Relatief veilig met kernwapens

Pleidooi voor wereld zonder kernwapens mist realiteitszin

door generaal majoor bd. A.J. van Vuren

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Het is makkelijk om je te laten meeslepen met de gedurfde en verfrissende

ideeën van de Amerikaanse president Barack Obama. Door

zijn recente betoog in Praag bijvoorbeeld, waarin hij pleitte voor

een kernwapenvrije wereld. Wie kan daar tegen zijn? De vraag is

echter hoe groot het werkelijkheidsgehalte van dit streven is.

Obama relativeerde zijn voorstel zelf al door te zeggen dat hij de afschaffing van alle kernwapens

misschien niet meer zal beleven. En hij is pas 47! Maar zou zijn voorstel op lange

termijn dan wel haalbaar zijn? Ooit was de fabricage van kernwapens absolute toptechnologie,

maar zoals dat met vrijwel alle technologie gaat, leren anderen na verloop van tijd

het kunstje ook. En dat is nu juist het probleem: je kunt kernwapens wel afschaffen, maar de

kennis om die wapens te vervaardigen blijft bestaan. Dus kan ook na nucleaire ontwapening

een land of zelfs een terreurorganisatie kernwapens gaan maken.

Obama zegt dat landen die dan toch weer kernwapens willen gaan maken, daarvan met

straffen moeten worden weerhouden. Dat lukt natuurlijk evenmin als in het verleden, toen

men Israël, India en Pakistan niet van kernwapens wist af te houden. En tegenwoordig weet

de ’internationale gemeenschap’ ook al geen definitief eind te maken aan het nucleaire

wapenprogramma van Noord-Korea en het – veronderstelde – kernwapenproject van Iran.

Niet alles aan kernwapens is trouwens slecht. Geen enkel land dat kernwapens bezit, is met

kernwapens aangevallen. De Koude Oorlog werd nooit een hete oorlog, juist omdat men

elkaars kernwapens vreesde. Wanneer je kernwapens hebt, ben je dus betrekkelijk veilig.

Daarnaast kun je wanneer je kernwapens hebt minder conventionele strijdkrachten aanhouden.

Een klein land als Israël kan geen conventionele strijdmacht in stand houden die

opgewassen is tegen de conventionele overmacht die de Arabieren in potentie kunnen realiseren.

Kernwapens zijn dus relatief goedkoop én compenseren het verschil in bevolkingsgrootte.

Rusland is een ander voorbeeld. Dat land telt 142 miljoen inwoners en dat aantal daalt gestaag.

In Siberië, dat rijk is aan grondstoffen, is de bevolkingsdichtheid bijzonder laag. Dat deel

van Rusland grenst over 6000 kilometer aan het naar grondstoffen dorstende China met 1,3

miljard inwoners. De Russen kunnen een eventuele Chinese dreiging niet met conventionele

strijdkrachten het hoofd bieden, maar wel met kernwapens.

Obama wil de Amerikaanse kernwapens niet ineens afschaffen, maar reduceren in het

tempo waarin andere kernmachten afbouwen. Er zijn thans circa 25.000 kernwapens in de

wereld waarvan de Amerikanen en de Russen samen ongeveer 90 procent bezitten. Het is te

hopen dat Obama met de Russen nieuwe verdragen sluit over evenwichtige vermindering

van hun kernwapens. In dat geval kunnen die twee landen met meer recht van spreken bij

andere kernwapenmogendheden aandringen op vermindering van hun nucleaire arsenaal.

Zij kunnen dan ook met groter moreel gezag aan landen die kernwapens ontwikkelen de eis

stellen daarmee te stoppen. Algehele afschaffing van kernwapens is echter een illusie, omdat

de kennis om ze te maken nu eenmaal bestaat. Bovendien bieden kernwapens door hun

afschrikkende werking veiligheid tegen zowel nucleaire als conventionele aanvallen. Dat is

geen leuke boodschap, maar wel een reële.

Dit artikel is overgenomen uit het Eindhovens Dagblad van 11 april 2009

Jaargang 18, nr 50, september 2009

25


26

SAMENVATTING

van de paneldiscussie tijdens het kernwapendebat op 2 juni 2009

Ko Colijn: Het aantal kernwapens in de wereld is nog

steeds beangstigend groot, maar een kernwapenvrije

wereld in 2020 is ‘realistisch’. Aldus betoogde onlangs

prof.dr. Ko Colijn, defensie -deskundige bij het Instituut

Clingendael. Hij sprak op de kernwapendiscussie,

georganiseerd door de Stichting Vredescentrum

Eindhoven. Volgens hem ligt zo’n toekomst in het

verschiet en moeten we deze kans benutten.

Onlangs verscheen van Ikv-PaxChristi een

rapport getiteld ‘Een kernwapenvrije wereld.

Nieuwe kansen voor nucleaire ontwapening’.

Hierin is een sterk pleidooi te vinden voor het

afschaffen van kernwapens. ‘Een appèl voor

een kernwapenvrije wereld’,wordt het genoemd.

Sanne Brijne, Campagneleider voor Ikv –PaxChristi:

Sanne Bruijne schetste de situatie van dit moment.

Ze sprak over de verschillende ‘crises’ die er nu in

de wereld bestaan, zoals kredietcrisis, klimaatcrisis

en energiecrisis. Daar komt volgens haar die van de

kernwapens nog bij: ‘De duizenden die nog op scherp

staan’. ’Die crises kunnen alleen opgelost worden

als de regeringsleiders de handen ineen slaan.’ Ze

noemde de ontwikkelingen van de laatste jaren, zoals

de kernwapens die nu ook in Israël, Pakistan, Iran en

Noord-Korea zouden zijn. Daar hebben we vanuit het

Westen ook nog aan bijgedragen, zo betoogde ze,

namelijk door het leveren van kennis via bijv. Urenco.

Toch zijn er volgens haar ook weer bemoedigende

zaken: ‘De afgelopen jaren zijn er geen kernwapens

meer getest.’ (door de kernwapenstaten, noot

van de redactie). Ze noemde verder de positieve

opstelling van de nieuwe Amerikaanse president

Obama, die onlangs in Praag aankondigde

kernwapens weg te halen. De Nederlandse minister

Maxime Verhagen heeft zich met een verklaring

hierbij aangesloten, ‘Wij als Ikv-PaxChristi scharen

ons bij deze oproep’, zo besloot zij haar betoog.

Ko Colijn: Onderstreepte de nieuwe opstelling van de

USA nog eens: ‘Obama heeft nucleaire ontwapening

een centrale rol gegeven.’ En verder: ‘De doelstelling

van Ikv-PaxChristi ligt binnen handbereik.’ Hij wees er

op dat we nu het einddoel nog niet bereikt hebben.

Er zijn op dit moment nog heel veel kernwapens. ‘De

doomsday-klok staat nog steeds op vijf voor twaalf’,

zo betoogde hij. We moeten hierbij bedenken dat

95 procent van dat nucleair vermogen bij de twee

grootmachten staat. Washington en Moskou zijn de

plaatsen, waar dit geregeld wordt. ‘Terugbrengen

naar een tiende van hun vermogen’, zou al een

goede stap zijn. Weliswaar bestaat er op dit moment

het zogeheten ‘Non-Proliferatie-Verdrag’ (NPV),

bedoeld om de kernbewapening te remmen, maar

hierin worden kernwapens nog wel toegestaan aan

de grootmachten. ‘Je maakt een uitzondering’,

en dan wordt de naleving moeilijk. In 2010 zou er

volgens het Ikv -PaxChristi rapport, een Kernstop -

verdrag moeten komen. ‘Maar dat komt er niet’, zo

voorspelde Colijn. Ja, misschien als afspraak tussen

China, Amerika en Rusland. Landen als India en Israël

zijn er ook nog. In 2015 moet er volgens ditzelfde

rapport een kernwapenvrij Europa bestaan. Ook

dat ziet de defensie -deskundige niet zitten. Het

Verenigd Koninkrijk en Frankrijk zullen volgens hem

dwarsliggen. Een kernwapenvrije zone in het Midden

Oosten zou er dan ook moeten zijn. ‘In 2020 moet de

hele wereld kernwapenvrij zijn’ volgens het rapport.

‘Ik denk dat juist dit het meest realistisch is’, zo zei

prof. Colijn, tot verbazing van zijn gehoor. ’Misschien

twee jaar later of zo, maar tóch.’ Bij zo’n finaal doel

gaat het onderhandelen het gemakkelijkst, zo is zijn

argument. Kijk naar de chemische wapens: Beter

een totaal verbod dan een met uitzonderingen.

‘Zet daarop in ’, zo besloot hij krachtig zijn betoog.

Generaal-majoor bd. Adriaan van Vuren: Een ander

geluid kwam deze dag van generaal-majoor bd.

Adriaan van Vuren. Hij wees op de afschrikking die

van kernwapens is uitgegaan. ‘De Koude Oorlog

werd geen hete oorlog’, zo zei hij. De dreiging zou

daarvoor gezorgd hebben. ‘Kernwapens voorkómen

oorlog’, zo vatte hij het samen. “Alle kernwapens de

wereld uit”, noemde de oud-generaal nog ‘een

illusie’, al mag voor hem de omvang wel wat kleiner:

‘Het is goed om te streven naar vermindering van

het aantal kernwapens.’ De oud-generaal uitte

verder zijn zorgen over de ‘explosieve bevolkings

-toename’ die op veel plaatsen in de wereld

plaatsvindt. Dat zou tot meer spanningen kunnen

leiden en wellicht de roep om meer wapens. De

oud-generaal wees er op dat we misschien de

wapens kunnen verwijderen, maar dat de kennis

om ze te maken, niet zal verdwijnen. Een land als

Noord-Korea zou daar ook over kunnen beschikken.

Ko Colijn: Volgens prof. Colijn is het goed om te kijken

naar de geschiedenis. Als vergelijking noemde hij

de chemische wapens. Voor deze wapens is er al

een totaalverbod gekomen (in 1993), de zogeheten

CTBT (Comprehensive Test Ban Treaty), waarin het

gebruik en de productie van deze strijdgassen wordt

verboden. Berucht was dit wapen vooral geworden

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


in de Eerste Wereldoorlog. Duizenden sneuvelden

vaak een wrede dood, maar daarbij ook wel de

aanvallers zelf. Sommige wapens kunnen namelijk

ook heel bedreigend voor de bezitter ervan zijn. ‘De

wind kwam van de verkeerde kant’, zo gaf Colijn als

voorbeeld. Zulke wapens noemde hij ‘onbruikbaar’. Zo

zouden ook kernwapens zich tegen de bezitter ervan

kunnen keren. Te gevaarlijk om ze in bezit te hebben.

Nog een ander punt speelt hierbij, zo stelde prof. Piet

Schram van de TUE bij de discussie: "Kernwapens

zijn onrechtmatig". Dit volgens het internationaal

recht. De bereidheid om te komen tot een

totaalverbod voor kernwapens lijkt zich af te teken.

Hendrik Venema. De schrijver is lid van het bestuur van de

Stichting Vredescentrum Eindhoven.

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

27


28

DE NEDERLANDSE KERNWAPENTAAK

Na lange tijd is er weer eens leven in de brouwerij

wat betreft de Nederlandse kernwapentaak in

NAVO verband. Het gaat om (oorspronkelijk) een

twintigtal bommen type B-61 die al sinds jaar en dag

op vliegbasis Volkel zijn gestationeerd, de enige taak

die overbleef na de radicale nucleaire reducties

van Bush senior in 1991. Sindsdien heeft het opheffen

van deze taak af en toe de politiek bewogen,

maar geen van de grote politieke partijen wilde

of durfde zijn nek daarvoor uit te steken. Tot begin

september 2009, toen het PvdA kamerlid Martijn

van Dam minister Maxime Verhagen vroeg bij de

Amerikanen aan te dringen op verwijdering (een

verzoek overigens in voorzichtige termen gesteld).

Het Eindhovens Dagblad heeft op vrijdag 11

september 2009 de kwestie uitvoerig, met een

omvang van maar liefst twee bladzijden, aan de

orde gesteld. Bovendien was de voorlichting van

goed niveau. Niettemin is het voor ondergetekende

aanleiding geweest om op een paar punten nader in

te gaan, de geheimhouding van de plaatsing en de

complicaties met het Non-proliferatie Verdrag. Hoewel

plaatsing in ED van het artikel op dit moment nog niet

zeker is, geef ik voor VTP de tekst hieronder weer:

Om te beginnen uit Nederland

Ik heb met veel instemming de twee pagina’s

over het nucleaire vraagstuk, met een accent

op de Nederlandse positie, gelezen in het ED

van jongstleden vrijdag 11 september 2009.

Graag wil ik echter op een aantal aspecten ingaan die

naar mijn mening gebaat zijn bij een nadere verdieping.

Het eerste is de niet voluit door de regering erkende

aanwezigheid van een tien- of twintigtal kernwapens

op de vliegbasis Volkel. Terloops: België verkeert met de

vliegbasis Kleine Brogel net over de grens in dezelfde

positie. In feite is het “nor deny, nor confirm” standpunt

van de Nederlandse regering en de NAVO al sinds

ruim vier jaar achterhaald, maar wordt niettemin, een

betere zaak waard, nog altijd gekoesterd. Blijkens een

publicatie van de oud-kapitein ter zee en jurist Jan

van de Griend (woonachtig in Waalre) van mei 2007,

is de Amerikaanse organisatie Natural Resources

Defense Council(NRDC) in februari 2005 met een

rapport gekomen waarin, op grond van gegevens

verkregen onder de US Freedom of Information

Act, wordt vermeld dat toen een voorraad van in

totaal 480 kernbommen in verschillende Europese

NAVO landen waren opgeslagen. Het Nederlandse

aandeel daarin is 20. Deze getallen zijn inmiddels

waarschijnlijk deels achterhaald. Het in februari 2009

uitgekomen kernwapenrapport van IKV Pax Christi,

waarvan de in het artikel van Joep Trommelen

opgevoerde Miriam Struyk één van de centrale

figuren was, geeft een overzicht van de verdeling

over Europa, ontleend aan deze Amerikaanse

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


informatie. De Nederlandse regering is dus bezig

met een soort verhullende poppenkast in deze.

Een tweede punt waarop ik wil ingaan, is de

Nederlandse (Europese) kernwapentaak in

relatie met het Non-proliferatieverdrag (NPV). Dit

Verdrag erkent vijf kernwapenstaten (“toevallig”de

permanente leden van de Veiligheidsraad) en

vele niet-kernwapenstaten, waaronder Nederland.

Zo’n land behoort geen kernwapens te bezitten, te

maken of zelfs te willen verkrijgen van andere landen.

Nederland en enige andere Europese landen hebben

zich in NAVO verband in een merkwaardige, in het

Verdrag niet omschreven of erkende positie van een

soort semi-kernwapenstaat laten manoeuvreren: er

zijn kernwapens op het grondgebied, daarover heb je

weliswaar niet de vrije beschikking, maar (en dat is het

meest cruciale punt) in tijden van oorlog (niet verder

omschreven) zullen deze wapens overgedragen

worden aan de Nederlandse luchtmacht, en

is Nederland plots kernwapenstaat. Nauwelijks

denkbaar vandaag de dag, maar juridisch volstrekt

niet in de haak. Men kan stellen dat de simpele

aanwezigheid van Amerikaanse kernwapens op niet

Amerikaans grondgebied reeds in strijd is met de geest

van het NPV. Een eventuele overdracht in geval van

oorlog is echter gebaseerd op de volstrekt eenzijdige,

niet in het Verdrag erkende opvatting van de VS, de

NAVO en dus ook Nederland dat het NPV ophoudt

te bestaan in het geval van oorlog. Dit is juridisch niet

acceptabel, want niet gebaseerd op instemming van

de overige leden van het NPV. Daarom is verwijdering

van deze categorie van wapens veel belangrijker

dan op grond van het aantal zelf: hoogstens 480 ten

opzichte van het totale aantal in de wereld van 24.000.

Het maakt een einde aan de niet legale situatie van

het bestaan van semi-kernwapenstaten (een term

die ik sinds de jaren negentig heb gebezigd en nu

door IKV Pax Christi in hun rapport is overgenomen).

Ten slotte de houding van de minister Maxime

Verhagen. Ik ben in hoofdzaak teleurgesteld, maar

niet verrast. Zijn houding is het beste te omschrijven

met “ons ben zunig”. Het moet gezegd worden,

Verhagen heeft eerder een opening gegeven in

het nucleaire vraagstuk, maar is kennelijk nog steeds

bang ook maar een millimeter voor de Amerikaanse

muziek uit te lopen. In het licht van het voorgaande

is er een duidelijk belang dat Nederland de VS

duidelijk maakt dat Europa, en dus ook Nederland,

in de hopelijk komende sanering eind dit jaar (of

eventueel volgend jaar) niet vergeten mag worden.

Nog één opmerking over het artikel van Chris

Halkes over de kernreactor in Borssele. Frodo

Klaassen van het instituut in Petten beweert daarin

dat het hergebruik van uranium ook leidt tot

minder kernafval. Ik waag dat te betwijfelen. Het

is een onweerlegbare noodzaak dat uranium en

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

F-16’s met kernwapens ?

Jaargang 18, nr 50, september 2009

29

plutonium van kernwapens een ongevaarlijke weg

vinden en een daarvan is inderdaad hergebruik

in civiele kernreactoren. Het is een weg zonder

terugweg naar het militaire domein. En inderdaad,

het spaart milieubelastende mijnactiviteiten.

Dr. Bart van der Sijde.

De schrijver was in 2008 als adviseur betrokken bij het

IKV Pax Christi rapport over kernbewapening.


30

Dit artikel gaat over de participatie van kinderen

in humanitaire, kind-vriendelijke, duurzame,

vreedzame stedelijke planning en ontwikkeling van

omgevingen voor wonen en leren in Somalië.

Achtergrond

Somalië is al twintig jaar vooral met zichzelf in

oorlog geweest. Dit heeft geresulteerd in een

zeer gefragmenteerd land waar het nog dagelijks

doorgaande geweld een humanitare crisis heeft

veroorzaakt waar minstens 1.2 miljoen mensen,

waaronder honderduizenden kinderen, trachten

een veilige omgeving te zoeken ver van het geweld.

Grote groepen binnenlandse vluchtelingen en

stedelijke armen leven aan de rand van steden in

ongezonde en onveilige, informele nederzettingen

in een woon-, werk-, en leeromgeving die volledig

onacceptabel is. Kinderen en oudere jeugd in het

bijzonder betalen de rekening voor deze situatie

waar ziektes, gebrek aan gezondheidszorg en veilig

drinkwater, torenhoge voedselprijzen, gebrek aan

mogelijkheden voor spel en sport, voor leren en

kansen om in het eigen levensonderhoud te voorzien

de situatie nog verergeren. Deze hemeltergende

situatie vraagt om een urgente interventie om er

voor te zorgen dat deze groepen mensen op een

duurzame manier een nieuwe en veilige leefomgeving

krijgen met voorzieningen voor veilig drinkwater,

sanitair, afvalverwerking, gezondheidszorg, onderwijs,

enzovoorts en daarmee bewust te helpen aan het

letterlijk bouwen van de vrede en het creëren van

een duurzame stedelijke omgeving in Somalië.

Falende staat

Somalië word wel omschreven als een zogenoemde

stuurloze en gefaalde staat waar het conflict steeds

weer opnieuw oplaait en maar voortduurt. Sinds

de val van de centrale regering onder Siad Barre

in 1991 is Somalië één van de armste landen in de

wereld volgens de laatste cijfers van de UN Human

Development Index van 2001. De bevolking van het

land ligt rond de 7.7. miljoen mensen waarbij 73%

leeft van minder dan 2 US Dollar per dag, ofwel in

extreme armoede vrijwel zonder basisvoorzieningen

zoals water, voedsel, gezondheidszorg, enz. De

werkeloosheid in Somalië ligt rond de 60% van

de beroepsbevolking. De verstedelijking van

Somalië verloopt in steeds sneller tempo, in het

bijzonder vanwege ‘internally displaced persons’.

De binnenlandse vluchtelingen migreren naar de

meer ontwikkelde stedelijke gebieden op zoek naar

werk, weg van de onveilige conflictzones. Somalië’s

politieke systeem is gebaseerd op de clan met

politieke leiders die betrokken worden van deze clans

en kleine sub-clans, waarbij de laatste jaren er een

infiltratie plaatsvindt van extremistische groepen. De

KINDEREN BOUWE

ethiek van hun leidershap is meestal pure uitbuiting

waarbij de uitoefening van het politieke bewind en

uitgave van publieke gelden zeker niet in het belang

van de gemeenschap is. De eerste helft van 2007

gaf in Somalië een versnelde verslechtering van de

humanitaire situatie te zien: de voorjaar regens bleven

achterwege en het oplaaiende geweld in Mogadishu

had enormge migratie van mensen naar andere

gebieden tot gevolg, vooral naar het noordwesten

naar het zelfstandige maar nog niet erkende

Somaliland, naar het noordoosten naar Puntland,

een vorm van federale staat van het nieuwe bewind

de ‘Transnational Federal Government’, alsmede

naar vluchtelingenkampen in Dadaab over de grens

bij Kenia.

Humanitair ontwerpen

Gebrek aan aceptabele huisvesting en onderwijs

voor de vluchtelingen maar ook voor de rest van

de bevolking zijn twee van vele problemen waar

het land mee kampt. Huisvesting en onderwijs zijn

beide een menselijke basis behoefte omdat het

ene ons beschermt tegen de natuurlijke omgeving

en zekerheid en veiligeid verschaft en het andere

de wereld voor ons duidelijk maakt, zin geeft en ons

zicht geeft op een toekomst. ‘Humanitarian Design’,

of humanitair ontwerpen is een vorm van ontwerpen

voor de andere 90% van de wereldbevolking. Het

is architectuur die sociale verantwoordelijkheid

combineert met betaalbaarheid, duurzaam bouwen

en plannen maken en gebruikersvriendelijkheid.

Alleen recentelijk heeft activiteit in dit veld voldoende

aandacht gekregen van de wereldpers.

Architecten en stedelijke planners bij de overheid,

privé-sector en de internationale humanitaire en

ontwikkelingsorganisaties komen steeds vaker

met oplossingen voor een humanitaire crisis en

verlenen planning en ontwerpdiensten aan waar

dit gevraagd wordt. In de voormalige conflict

gebieden waar middelen en kennis vaak schaars

zijn, kan vernieuwend, duurzaam en collectief

ontwerpen vaak juist de benodigde oplossing zijn.

Ontwerpprofessionals verdiepen zich in nieuwe,

gebruikers-gerichte en duurzame plan -typologieën

voor woningen, scholen en ziekenhuizen en richten

zich op nieuwe typen van bouwmaterialen en –

methoden voor tijdelijke, transitionele of permanente

huisvesting voor de kwetsbaren in de samenleving.

De visie van humanitaire ontwerpers is ‘to innovate

globally and to build locally’ woningen, scholen,

en ziekenhuizen, enz. Ontwerpen worden hierbij

niet gerepliceerd maar elke situatie wordt gezien

als uniek waarbij het ontwerp is geinspireerd op de

lokale omstandigheden, het klimaat, de cultuur en

context: de plan-organisatie, vorm, proportie, massa,

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


N VREDESSTEDEN

constructie met gebruik van lokaal gewonnen of

geproduceerde materialen waarbij vooral ook het

creëren van lokale banen en ‘on-the-job’ constructie

training word nagestreefd.

Eén van de plaatsen waar gewerkt word is noord-oost

Somalia, in Garowe, een kleine stad in het zuiden van

Puntland waar de regering zetelt van deze federale

staat. In Garowe houden we ons voortdurend voor

ogen dat de bebouwde omgeving een ecologische

voetafdruk heeft. Dus houden we ons verre van de

meer conventionele bouwmaterialen in Afrika ten

zuiden van de Sahara zoals zand-cement blokken

en gebakken steen waarbij de eerste een hoog

cement gebruik heeft en de tweede gebakken

wordt in ovens die gestookt worden op het steeds

schaarser wordende hout in Somalia. In plaats

daarvan richten we ons op de rijkelijk aanwezige

lokale kalksteen die in open groeven door groepen

steenhouwers gewonnen wordt. Om de steenhouw

technologie meer efficient te maken geven we de

lokale steenhouwers training om de gewonnen

kalksteenblokken meer efficiënt te gbruiken, waarbij

het net zo betaalbaar wordt als zand -cement blokken

en met een hogere levensduur. Het creëert meer

lokale banen en de kalksteen past harmonieus in de

natuurlijke droge, hete, woestijnachtige omgeving.

Gebouwen hebben echter niet alleen een

ecologische voetafruk maar eveneens een ethische

voetafruk. Duurzaamheid is meer dan groen bouwen

of energie besparen in de productie en gebruik van

een gebouw. In Garowe denken we er eveneens

aan hoe huisvesting en leeromgevingen meer

leefbaar gemaakt kunnen worden ondanks het

zware, droge en hete klimaat met vaak zeer harde

zandstof winden, en ook hoe de huisvesting de

natuurlijke omgeving beinvloedt, hoe het het leven

van de bewoners verbeter, inclusief de uitwerking op

toekomstige generaties en de kwetsbaarheid van de

gebouwen voor menselijke en natuurlijke rampen.

Gemeenschapsvisie

Ontwerpen in Garowe voor een grote groep

vluchtelingen werd van de grond af benaderd:

‘Design’ is de uitdrukking van een visie van de

gemeenschap voor verandering die gestalte wordt

gegeven door de lokale bevolking van begin af

aan te betrekken bij het plannings-, ontwerp-, en

bouwproces. ‘Community visioning exercises’

en ‘micro-planning’ sessies werden uitgevoerd

met kleine groepen kinderen, oudere jeugd en

volwasssenen waarbij we hun vroegen om hun visie,

aspiraties en dromen die ze over de toekomst van

hun leefomgeving hadden letterlijk te visualiseren, te

vertellen, te zingen, te schetsen, en op de schrijven

in gedichten en verhalen. Alle groepen waren heel

direct in wat ze verlangden: meer speelplaatsen en

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

3

scholen, meer openbare plaatsen voor marktplaatsen

en socialisatie, meer bomen en schaduw op straat,

huizen met betere daglicht voorziening, hogere

plafonds, betere ventilatie, enz. De groepen, jong

en oud, vertelden en lieten ook aan elkaar zien

wat ze in gedachten hadden voor de tokomst van

hun leefomgeving. Al deze wensen hadden een

directe invloed op het nieuwe settlement plan en

het ontwerp van de individuele woningen, scholen

en andere voorzieningen, waarbij we trachten hun

de best mogelijke woonkwaliteit te geven binnen het

beschikbare budget. Het ‘visioning’ proces bevordert

dat mensen van alle leeftijden samenwerken om hun

doelen voor de kortere en langere termijn samen te

bereiken.

In het nieuwe nederzettingsplan voor de voormalige

binnenlandse vluchtelingen wordt geprobeerd

het beste te maken van de lokale klimatologische

en geografische condities, met inbegrip van de

oriëntatie op de dagelijkse zonneomloop, de zeer

sterke, vrijwel dagelijks aanwezige stormwind vol

stof en zand, en het creëren van open plaatsen

voor publieke ruimten zoals speelplaatsen, scholen,

politie en gezondheidsposten, sportvelden en

een gemeenschapscentrum. Al inzoomend tot op

huisniveau ziet men dat elk huis is georganiseerd

rond een binnenhof, waardoor de bewoners worden

beschermd tegen de zeer sterke seizoensafhankelijke

zandstof winden, met centraal een boom en een


32

Community visioning

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


pergola ter bescherming tegen de brandende

zon. De ‘settlement’ is een opeenvolging van open

ruimten: van het prive hof, naar het semi-prive cluster

hof, semi-publieke naar de publieke ruimte waardoor

veel gelegenheid word gegeven tot socialiseren,

sport en spel en waarbij eveneens de court -yard

cluster-housing een meer open karakter geeft. De

implementatie gebeurt door zowel de aannemer als

de gemeenschap te laten samemwerken waardoor

er een balans plaatsvindt tussen kwaliteit, materilisatie,

betaalbaarheid, en gemeenschapsinzet.

Ondanks dit project in Garowe blijft er het knagende

gevoel dat veel meer gedaan dient te worden en

dat de kracht van humanitaire stedelijke planning en

ontwerpen is dat het mensen, gebouwen en ideeen

op een zodanige manier verbindt dat het uiteindelijk

terugkeert naar het sociale contract waarop de

planning en ontwerpprofessie zijn gebaseerd en

daardoor op geheel eigen wijze bijdraagt aan

‘peace-building’ of het langzaam sterker wordende

vredesproces dat niet altijd direct zichtbaar is in

Somalië maar toch zeker leeft onder grote delen

van de bevolking, alsmede onder beleidsmakers en

besluitnemers in het land.

De ideeën en inhoud van dit artikel zijn exclusief die

van de auteur.

Rene John Dierkx, PhD, M.Sc., B.Sc. De schrijver is

Programme Manager Human Settlements, Shelter, and

IDPs, UN-HABITAT, Regional Office for African and the Arab

States, SOMALIA OFFICE. Email: rene.dierkx@unhabitat.org

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

33


34

VERSLAG VAN HET FORUM

“ LEADERSHIP FOR A SUSTAINABLE WORLD”

Abeltje Hoogenkamp Dalai Lama Prinses Irene Herman Wijffels Sogyal Rinpoche Ruud Lubbers

Dit forum werd gehouden op 5 juni 2009 in de

Grote Kerk in Den Haag ter gelegenheid van

World Environment Day en telde naast diverse

bekende persoonlijkheden die presentaties

gaven ook de Dalai Lama onder zijn deelnemers.

De deelnemers

Er heerste een goede sfeer en er waren veel

bevlogen mensen die presentaties gaven.

Behalve de Dalai Lama zelf, ook Herman Wijffels,

Prinses Irene, Peter Blom, Floortje Dessing, Ruud

Koornstra, Ruud Lubbers, Dominee Abeltje

Hoogenkamp, Roger van Boxtel, Rick Nieman,

met als tegenwicht een oefening in meditatie

geleid door Sogyal Rinpoche en prachtige

muziek door de groep van Carel Kraayenhof.

Herman Wijffels begon met een erg goede analyse

van de huidige toestand in de wereld met daarnaast

voorbeelden waar we aan zouden kunnen werken.

Zijn samenvattende eindconclusie was dat de

kwaliteit van de toekomst van de planeet en het

vinden van duurzame oplossingen afhangt van

de mate van inspanningen van de mensheid om

op een niveau van hoger bewustzijn te komen.

De Dalai Lama

De Dalai Lama is een oase van rust en relativiteit in

het gezelschap van ongeveer 550 mensen, waarvan

de meesten een leidende functie hebben. Hij blijft

zichzelf en maakt grapjes als hij kan en als hij iemand

per ongeluk een beetje beledigt, biedt hij meteen zijn

excuses aan, waarbij hij buigt met gevouwen handen.

Als hij ons uit de economische crisis moest helpen,

zou het helemaal fout gaan, zei hij, want dat kan

hij niet. Hij beschouwt zichzelf als een leerling in de

boeddhistische filosofie. Maar hij gaf wel redenen

aan voor het ontstaan van de crisis. De markt is,

hoewel gecreëerd door de mens, ”out of control”

geraakt en het is verkeerd gegaan door hebzucht,

non-transparantie en speculatie. Deze aspecten

maken geen deel uit van de boeddhistische filosofie.

Onze mentaliteit van exploitatie, stammend uit de

koloniale tijd, moet veranderen. We hebben een

gevoel van globaal bewustzijn nodig. De welvaart

van de EU is gerelateerd aan de rest van de wereld.

Hij gaf aan dat alles zoveel mogelijk transparant

moet zijn, en dat in plaats van hebzucht naar alleen

geld, andere waarden ontwikkeld moeten worden

om gelukkig te kunnen zijn, zoals familiewaarden

bijvoorbeeld. Hij onderbouwde dat door te zeggen

dat je met compassie moet streven naar ”peace

of mind” en altruïsme. Dat motiveert en helpt je

om een goede gezondheid te houden. Je moet

onbevooroordeelde compassie voor de ander

nastreven, ongeacht de houding van de ander.

Meditatie is een goed hulpmiddel hiervoor en wordt

nu ook al in steeds meer bedrijven beoefend.

Als je problemen tegenkomt, moet men zich geen

zorgen maken; ofwel je kan er wat aan doen, en dan

moet je er aan werken, ofwel je kan ze niet oplossen,

omdat ze buiten je bereik liggen, dan heeft het ook

geen zin om je er zorgen over te maken. Leer de realiteit

te achterhalen en te accepteren. Treedt met open

geest elke situatie tegemoet als je op onderzoek uigaat.

Als je aanhanger van een religie bent, beoefen dat

dan ook zo goed mogelijk, zei hij.

Andere sprekers

Voorafgaande aan de komst van de Dalai Lama

heeft de Tibetaanse “Buddhist master” Sogyal

Rinpoche een inleidend verhaal gehouden over

meditatie en ook daadwerkelijk met de hele zaal een

vijftal minuten in stilte gemediteerd. Hij gaf als mooie

metafoor om je geest in rust te krijgen: “Do not stir the

water, then it will become clear” . Schep een afstand

tussen je gedachten en je geest als je mediteert.

Ds. Abeltje Hoogenkamp gaf een korte maar briljante

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


lezing van exact tien minuten, we zaten tenslotte in

een kerk. Ze sprak over de thema’s geloof , hoop

en liefde. De huidige kredietcrisis werd door haar

omgedoopt tot geloofscrisis. Krediet komt namelijk

van het Latijnse credere. Geloof is identiek voor

vertrouwen en dat zijn we verloren. Vertrouwen,

betrouwbaarheid, wat draagt jou? Kiezen in wie

je kunt geloven, wie is ons vertrouwen waard?

Voor de hoop haalde ze president Obama aan

als voorbeeld. Voor hoop is gedurfdheid, moed

nodig. Liefde is identiek aan dienen. Een minister is

een dienaar. Dient elkander door de liefde (naar

de apostel Paulus ca twee duizend jaar geleden).

Al met al een hoopgevende en inspirerende

dag, waarbij de deelnemers wel beseften dat zij

bevoorrecht waren om hier aan deel te kunnen

nemen. Vandaar mijn poging om iets van het

hetgeen ik heb opgestoken over te dragen

aan al diegenen die niet aanwezig konden zijn.

Jan de Jongh. Hij was als lid van de “European Baha’i Business

Forum” (EBBF) uitgenodigd om deel te nemen aan dit forum.

.

Oprukkende woestijn in de sub-Sahara

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Van klimaatcrisis naar klimaat van vrede

Jaargang 18, nr 50, september 2009

35

Hoewel het denkbaar is dat de klimaatcrisis

zal leiden tot meer geweld in de wereld,

bijv. door overstromingen of een gebrek aan

schoon drinkwater, denk ik niet dat het ooit tot

klimaatoorlogen zal komen. Ik ga er namelijk

van uit dat de crisis beheersbaar te maken is,

omdat zij deels onze eigen schuld is. Afgezien

van de CO2-uitstoot, denk ik daarbij vooral aan

de voortschrijdende verwoestijning, als gevolg

van menselijk handelen. Deze aanslag op de

leefbaarheid van grote delen van onze planeet,

met alle negatieve gevolgen van dien, zoals

hongersnoden en de daarmee gepaard gaande

vluchtelingenstromen, moeten we in staat zijn

terug te draaien met behulp van onze fenomenale

kennis, die de Verlichting ons heeft nagelaten.

Wat de rationele kant van die verlichtingskennis

betreft, moeten we ‘als mensheid’

technisch gesproken in staat zijn de door

ons gecreëerde woestijnen weer volledig in

cultuur te brengen. Daarvoor zal wel eerst

de morele verworvenheid die de Verlichting

ons gebracht heeft, de democratie, op

mondiale leest geschoeid moeten worden.

Geen onmogelijke opgave, omdat daarvoor

de VN omgebouwd dient te worden van een

ongeloofwaardige organisatie van kibbelende

regeringen tot een mondiaal beleidsorgaan

met bovennationale bevoegdheden. Een

gezaghebbend wereldforum waar een

klimaat van vrede heerst, als resultaat van

gezamenlijk gedragen verantwoordelijkheid

voor het totale wereldgebeuren.

Voor de totstandkoming van die broodnodige

hervorming van onze volkerenorganisatie

biedt artikel 109 van het VN -Handvest alle

mogelijkheid. De vraag is alleen of de politieke

wil aanwezig is om die mogelijkheid te gelde te

maken, gezien de rigoureuze doorbraak van de

mondiale machtsverhoudingen (zowel militair

als economisch) die aan die hervorming kleven.

Niet de VS (het geweld en het geld) maar de

VN (het mensenrecht) zal daardoor immers

het mondiale reilen en zeilen gaan bepalen.

Wouter ter Heide. De schrijver publiceert regelmatig

over diverse onderwerpen.


36

Met het bovenstaande thema organiseerde de Nederlandse Vereniging voor de Verenigde Naties ( NVVN)

in samenwerking met de Bestuursacademie Zuid Nederland (BAZN) en gesteund door Fontys International

Summer School (FISS) op 21 maart 2009 een symposium op de locatie van de Bestuursacademie in Tilburg.

Een verslag van de boeiende bijeenkomst.

‘We are one people forever woven together in a tapestry ... And it is our job, our duty and

our great challenge to fight the voices of division, and to seek the salve of reconciliation’.

Roy E. Barnes, US State Governor

Onder voorzitterschap van drs. Paula Harte van de NVVN sprak, gedeeltelijk door powerpoint presentaties

geillustreerd, en uitvoerig ingeleid door drs. Caecilia van Peski, oud-minister professor Joris Verhoeven

over ‘Vredesopbouw: van oorlog naar rechtsorde’. Na een attractief muzikaal intermezzo door

accordeonspeler Niek van Uden, volgens zijn toelichting bij het thema van het symposium passend, kwam

met de bijdrage van dr. Thomas Quartier een verrassende dimensie te voorschijn onder de titel ‘Ruimte

scheppen voor verzoening: symbolische dimensies van politieke transformaties’. Drs. Peter Knip besloot

met ‘Municipial Diplomacy: de rol van de locale overheid bij processen rond verzoening en opbouw’.

Tijdens het symposium stond ter bezichtiging opgesteld de UNRIC tentoonstelling zestig

jaar vredeshandhaving door de Verenigde Naties’ en de IKV Pax Christi fototentoonstelling

‘Vergeven & Verzoenen’ in samenwerking met het Museum voor Vrede en Geweldloodheid.

Opmerkelijk was de integrale aanpak bij de vormgeving van het programma van het uiteraard

buitengewoon complexe probleem van het thema met aspecten als geschiedenis, analogieën,

doelstellingen, rechtsorde, realiteitszin bij verzoeningsacties, de niet te onderschatten culturele dimensie

en de verantwoordelijke inbreng van regionale overheden. Daarnaast woord en beeld en niet te

vergeten de muzikale omlijsting en een tweetal tentoonstellingen. En zeer geslaagd evenement.

Dit alles mede naar aanleiding van 2009 – het ‘Internationale Jaar van de Verzoening’, uitgeroepen door

de Verenigde Naties. In het proces van conflict naar vrede speelt het overwinnen van verdeeldheid – door

religieuze, ethnische, culturele of materiele verschillen – een grote rol. Niet alleen op mondiaal niveau,

tussen landen en naties, maar ook in ons eigen land kunnen verzoeningsprocessen van groot belang zijn.

Peter Schmid

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Indien ooit wereldvrede bereikt zou kunnen

worden en de wereld een eenheid zou vormen,

ligt het wellicht voor de hand voor dit ‘ene land’

ook een eigen vlag te creëren. Vanuit dit idee

– misschien wat voorbarig, maar wie weet – is

eind afgelopen jaar een prijsvraag uitgeschreven.

Er volgt hier een citaat van het Internet,

Wereldburgervlag, Adbusters:

“Wie ontwerpt de wereldburgervlag?

Het Canadese ontwerperscollectief en

mediabedrijf Adbusters heeft een prijsvraag

uitgeschreven voor een nieuwe "wereldvlag".

Er moet een vlag komen die politieke en nationale

begrenzingen overschrijdt. Dat vindt Adbusters, een

in Canada gevestigd netwerk van kunstenaars,

schrijvers, docenten, studenten en ondernemers die

verandering willen aanbrengen in machtsstructuren

en hoe mensen in de 21 ste eeuw leven. Dat

doen ze via het gelijknamige tijdschrift en door

onorthodoxe campagnes en advertenties. De

vlag moet trots en saamhorigheid symboliseren,

of hij nu op een rugzak zit, of aan de gevel hangt.

Ontwerpen kunnen tot 1 december 2009 worden

ingestuurd. Inzendingen worden beoordeeld

door een jury van prominente creatieve mensen.

Zie www.adbusters.org/oneflag”

Zover bekend heeft de prijsvraag nog

niet tot een eenduidig resultaat geleidt. Er

schijnt echter nog gewerkt te worden, om

uiteindelijk wel op een verantwoorde manier

een ontwerp voor de wereldburgervlag te

kunnen kiezen. Geen gemakkelijke taak.

Al eerder bracht VTP een ontwerp voor een

Werelvredesvlag, gemaakt door de bekende

nederlandse beeldhouwer Huub Kortekaas.

Redactie (PS)

EEN WERELDBURGERVLAG

Meer ontwerpen voor een wereldburgervlag

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Keuze ?

Jaargang 18, nr 50, september 2009

37


38

De vredesvlam

WORLD PEACE FLAME

Achtergrond van de beweging

Op 31 juli 2009 bestond de World Peace Flame tien

jaar en dat is gevierd door op verschillende plaatsen

in de wereld vredes- en lichtfeesten te organiseren.

Op 29 en 30 augustus 2009 heeft daartoe een

conferentie in Noordwijkerhout plaatsgevonden.

De World Peace Flame is opgericht om vrede in alle

sectoren van de samenleving en alle lagen van de

bevolking te promoten. De World Peace Flame is een

symbool van vrede, eenheid, vrijheid en geluk. We

geloven in de vrijheid van de menselijke geest om

te allen tijde en onder alle omstandigheden vrede

te creëren. Dit wordt bekrachtigd door de miljoenen

mensen, die de World Peace Flame hebben

aangestoken als symbool van deze droom.

Onze droom is net zo simpel als ambitieus: Het ontsteken

van een eeuwig brandende World Peace Flame in

iedere belangrijke stad of regeringscentrum in de

wereld. Het is een droom die we sinds 1999 koesteren,

toen wereldwijd de eerste Vlammen van Vrede op de

vijf continenten werden aangestoken. Iedere Vlam is

per vliegtuig naar het Verenigd Koninkrijk gebracht

en in Wales zijn ze samengebracht om de World

Peace Flame te vormen. Deze unieke gebeurtenis is

mogelijk gemaakt door de steun en welwillendheid

van velen, waaronder de militaire luchtmachten van

verschillende landen en vliegmaatschappijen die de

Vlammen naar Engeland hebben vervoerd.

Op dit moment brandt de World Peace Flame in

duizenden huizen, scholen, bedrijven, ziekenhuizen,

kerken, tempels en bezinningscentra over de

hele wereld. Het aantal World Peace Flames blijft

groeien. De Vlam wordt aan internationale leiders

aangeboden en geïnstalleerd in monumenten over

de gehele wereld.

De oorsprong van de World Peace Flame

Vrij naar het boek: ‘the Flame that Transforms’

Op 31 juli 1999 werden de Vlammen van alle

delen van de wereld in Bangor, Noord Wales,

samengebracht. De Vlammen werden op fakkels in

Olympische stijl overgebracht. Zeshonderd mensen

VOOR

EINDHOVEN

Wereldvredesvlam en wereldvredespad

gingen staan toen de Vlammen binnengedragen

werden, geflankeerd door vlaggen. “We liepen

naar de schaal die klaar stond om de Vlammen van

onze fakkels samen te brengen. Al onze vrienden in

het publiek, concentreerden zich met hun liefde en

verlangen naar vrede, op de stralende Vlammen die

we voor ons uit hielden.

Iedereen hield de adem in. Langzaam bewogen de

Vlammen naar elkaar toe, om elkaar te ontmoeten.

Een wolk van vuur steeg helder op in het midden van

de ring van Vlammen en veroorzaakte een golf van

licht door de hele zaal. Het werd doodstil. De enige

beweging was het flakkeren van de World Peace

Flame.”

Mensen staken kaarsen aan de Vlam aan

om ze uit te delen aan vrienden en collega’s.

Een nieuwe fase zou beginnen. Vanaf dit moment

zou het licht zich over de gehele wereld verspreiden.

Denk aan de mensen die vrede en licht in hun hart

en geest sluiten en zie in steden de bestuurders ervan

de World Peace Flame installeren, ook in centra waar

beslissingen genomen worden.

Het eerste Monument

Het allereerste monument van de World

Peace Flame werd onthuld op 18 april 2002 te

Den Haag. Het monument staat bij het Vredespaleis

waar het Internationaal Gerechtshof en het Permanent

Hof van Arbitrage gezeteld zijn. Het Vredespaleis is een

belangrijk symbool van wereldwijde samenwerking

en eenheid.

De onthulling van het monument werd bijgewoond

door de toenmalige Burgemeester van Den

Haag, Drs. W.J. Deetman en verder door Irene

van Lippe-Biesterfeld, Erica Terpstra, Mansukh

Patel, Savitri MacCuish en vele genodigden en

belangstellenden.

“Den Haag is zeer vereerd met de komst van de

World Peace Flame. De 20ste eeuw was getuige

van de meest afschuwelijke oorlogen, maar ook

van het ontstaan van belangrijke internationale

vredesorganisaties waarvan velen nu in Den Haag

gehuisvest zijn. Echter, de verantwoordelijkheid

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


voor vrede ligt niet alleen in hun handen; ieder

van ons is verantwoordelijk. Ik druk de hoop uit, dat

de World Peace Flame bij zal dragen aan deze

bewustwording”.

(Uit de toespraak van Drs. W.J. Deetman, toenmalig

Burgemeester van Den Haag)

Twee jaar later werd het prachtige en bijzondere

World Peace Flame Pathway onthuld met rondom

het monument stenen, bijgedragen door alle landen

van de wereld.

In een buitengewoon gebaar van solidariteit,

brachten alle ambassades en buitenlandse ministeries

van ieder afzonderlijk land en regio, die in 2004 door

de Verenigde Naties erkend waren, oorspronkelijke en

significante stenen uit hun land in voor het “Pathway”.

De stenen vertegenwoordigen het verlangen

van hun natie naar en betrokkenheid bij vrede.

De bijgedragen stenen van 197 landen en regio’s

zijn in deze Pathway verwerkt; wat neerkomt op een

vertegenwoordiging van de gehele mensheid. Omdat

er zoveel mensen het World Peace Flame monument

in Den Haag bezoeken, is er in september 2008 een

extra pad rondom het monument aangelegd. Deze

prachtige uitbreiding biedt ruimte aan de toeristen,

die met busladingen vol dagelijks het Vredespaleis

en het World Peace Flame monument bezoeken.

World Peace Flame heeft verschillende

prijzen gekregen

April 2003: Howard Thurman Ecumenical Award,

Atlanta Georgia, USA, toegekend aan “degenen,

die zijn toegewijd aan de doelen voor internationale

vrede en het toepassen van geweldloosheid.’. Eerdere

laureaten zijn onder anderen: Ds. Michael Beckwith,

Arun Gandhi, Dr. Daisaku Ikeda, Mrs. Corretta Scott

King, Aartsbisschop Desmond Tutu, Ds. Jessie Jackson

Sr., Nelson Mandela, Dr. David Nobel en tal van

internationaal bekende spirituele leiders, voorvechters

voor burgerrechten en wetenschappers.

Januari 2006: Shanti Ratna Award, Hyderabad, India

Oktober 2008: Wilson Hinkes Peace Award, London,

UK, toegekend aan de World Peace Flame voor het

internationale werk en de inspiratie die het geeft aan

mensen om een verschil te maken en in het bijzonder

voor de medische projecten in India.

Steunbetuigingen

Voormalig VN Secretaris Generaal Kofi Annan: “We

kunnen voor de volgende generaties een betere

wereld nalaten door daarvoor de wil op te brengen.

Op jullie eigen manier koesteren en voeden jullie een

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

39

cultuur van vrede ten behoeve van onze kinderen en

kleinkinderen.”

Verder werden er ten aanzien van het Wereld Vredes

Pad diverse steunbetuigingen ontvangen uit de

internationale politieke en religieuze wereld. Het

wordt tijd dat Eindhoven zich op de kaart zet op het

gebied van vrede en ook hoop geeft aan kinderen.

Juist in deze tijd zijn kinderen angstig, omdat ze veel

op TV zien, maar het niet helemaal begrijpen; daarom

hebben kinderen hoop nodig.

Voor kinderen van de basisschool en hun leerkrachten

is een schitterend vredespakket ontwikkeld, dat een

handleiding voor de leerkracht en een werkboek

voor de kinderen bevat en een CD waar gezamenlijk

naar geluisterd kan worden.

Inge Kamphuis. De schrijfster zet zich in voor de actie World

Peace Flame..

Great things are done by people who think

great thoughts and then go out into the world

to make their dreams come true.

Ernest Holmes

Herman van Veen met de draagbare vlam,

Jongeren met de draagbare vlam


40

WEBSITE, SUBSIDIE, UITBREIDING

Het nieuwe internetadres van de homepage van

de Stichting Vredescentrum Eindhoven (SVCE)

is www.stichtingvredescentrumeindhoven.nl.

U bent van harte welkom om daar alvast te

,surfen’. Daarbij moeten we wel opmerken

dat aan sommige details nog gesleuteld

wordt en dat uiteraard ook in de toekomst

altijd weer veranderingen te verwachten zijn.

Tegenwoordig wordt in de SVCE hard

gewerkt aan subsidieaanvragen. Twee

daarvan zijn ingediend, bij NCDO en

bij de Gemeente Eindhoven, en er

zijn twee andere in voorbereiding om

ook snel ingediend te kunnen worden.

We zijn dringend op zoek naar een verdere

uitbreiding van het Bestuur en de Raad

van Advies, en misschien nog dringender

– naar uitbreiding van het bureau. Er is

met name behoefte de redactie van het

VredesTertsPeriodiek aan te vullen dan

wel gedeeltelijk te vervangen, waarbij

enige verjonging zeer welkom zou zijn.

Redactie (PS)

NIEUWS VAN DE

STICHTING

VREDESCENTRUM

EINDHOVEN

(SVCE)

WIE KOMT ONZE REDACTIE VERSTERKEN?

Dit nummer is het vijftigste van de

VredesTertsPeriodiek. Een zaak om trots op

te zijn. Vanaf september 1991, ruim drie jaar

na de oprichting van de Bestuurscommissie

Vredescentrum TU/e is de periodiek drie maal

per jaar verschenen. In het eerste nummer

wordt de samenstelling van de redactie niet

eens genoemd. Peter Schmid weidt in zijn

Redactioneel reeds de nodige aandacht

aan het verschijnen van het vijftigste nummer.

Het is echter niet enkel feestgedruis. De redactie

heeft behoefte aan verbreding, liefst met een

of twee werkende leden. De laatste nummers

zijn in hoofdzaak verschenen door de inzet van

drie leden, Peter Schmid als hoofdredacteur,

Henny van der Graaf als vormgever en Bart

van der Sijde als eindredacteur. Daarnaast

was er altijd redactieassistentie van Hendrik

Venema en sinds kort is ook Piet Schram tot

de redactie toegetreden. Het zijn vrijwel

allemaal mensen met dubbelfuncties in het

Vredescentrum. We zoeken nieuwe mensen

(man/vrouw) buiten deze kleine kring. En er

komt nog iets bij. De eindredacteur heeft bij de

omvorming van de Bestuurscommissie naar de

Stichting Vredescentrum Eindhoven te kennen

gegeven dat hij nog drie nummers (48 t/m

50) als zodanig wilde functioneren. Dit is dus

zijn laatste nummer. Wie volgt hem op?? Het

specifieke werk behelst deels het binnenhalen

van artikelen, met name van de sprekers van

symposia en lunchbijeenkomsten en deels

het bewerken van deze artikelen in een

“format” dat wij voor de VredesTertsPeriodiek

hanteren. Wij wachten met spanning af!

Redactie (BvdS)

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Sun Tzu

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

Jaargang 18, nr 50, september 2009

4


42

CONSIDERATIONS

Longing for Peace

One cannot find any limits of – at least –

astonishment, but eventually rather frightfulness and

horror while observing the manifold violent conflicts

in the todays world. Some might be able to find and

give reasons and excuses or evasions, why conflicts

with violence are necessary, here and there. More-

over, they argue, why conflict and violent action are

even fundamentally unavoidable.

In the light of – at least – even fundamental features

of virtuous human beings as well as humanity as and

in its whole, there are no reasons for a net of – finally

hopeless – conflicts and certainly not for violent

conflicts. Moreover, there is in everybody – no doubt

– a deep desire for a save and secure life in peace

and harmony.

In many traditions of various cultures, we find

not only myths, legends, and fairy tales, but also

– sometimes detailed – descriptions and stories of

societies, living in a paradise-like harmony and their

whereabouts. Later on – most probably inspired by

the old stories – poets, writers, and filmmakers used

the very objective for new books and films. There are

numbers of old and new drawings and paintings, like

mandalas and tankas, made with imaginations of

places of peace and harmony, particularly about

Shambhala in Asia, the city where time stops. In

the recent past there where travellers – pilgrims,

who wanted to find those legendary places, like

Shambhala, in reality, and some of them reported,

that they dreamed very lively about, and others,

that they even really had been there – but after a

while, they – unfortunately – had to leave.

There are not only treatises on those special places

that – physically or mentally – exist or existed in the

past, but there are also predictions about peaceful,

celestial spaces :

In the Revelation of Saint John 21:1-8 and 21:9-22:5,

the end of The New Testament, there is a prophecy

reported about ‘a new heaven and a new earth’

and about ‘the new Jerusalem’, which, by the way,

obviously has nothing to do with the present city of

Jerusalem. The content of the prophecy is the future

ideal city of huge dimensions, and superb qualities.

The text can be interpreted symbolically, but it is

also possible to draw a city plan according the

description.

The hidden paradise was amongst others a subject

of Plato’s City of Magnesia.

Reconstruction’or vision of Shambhala, hidden behind snow and ice covered mountains, a place of Harmony and

Peace. The highest cultural and spiritual ambitions and intentions become reality, … Design: the author, 2005

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


Two varieties of the schematic ground plan of Shambhala, once based on

a circle, once base on a square, in any case with impressive dimensions,

containing hundreds and hundreds of harmoniously structured towns and sub

towns, sketches by the author, 2005

In the Greek-Roman culture there also was

Hyperborealis, the place of Apollon (gr.) or Apollo

(rom.), with other words a heaven on earth.

Homer mentioned in the Odysee a similar auspicious

place.

The epos on Gilgamesh as well as the story on the

Holy Grail both contain a similar, very desirable

place.

In the Chinese tradition, there is the Hsi Wang

Mu Palace, the Palace of Immortality beside

the peaches flower river located in the Kunlun

Mountains.

Possibly synonyms for the already mentioned

Shambhala might be Khembalung, Uttarkuru,

and Olmolungring, all in the area of India – China

– Mongolia; the place, where the teaching of

kalachakra, the highest wisdom is practised.

The Gathering of the Attar Birds seems to be another

similar story.

Free Masons, who work on the ‘perfection of the

cube’, representing humankind, and Rosenkrucians

knowing a City of the Future can be added to the

objective of The Space and Place of Harmony and

Peace.

Op weg naar Shambhala, schilderij door Nicholas Roerich, see please also VTP 43,

april 2006, ‘Al meer dan 70 jaar Pax Cultura’, pg.20 en omslag

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

‘Preconstruction’ or vision of the New Jerusalem,

the city of the future, square shaped, founded

on gem stones, with three ports on each

side, transparent, like shiny gold, without any

‘church’, … Design: the author, 1968, see please

also VTP 26, april 2000, ‘Preconstructie: de stad

van de toekomst in een vreedzaam tijdsperk,

geinspireerd door de Apocalyps, (Bouwkundige

vredesprojecten pg. 12-15)

Jaargang 18, nr 50, september 2009

43

Inthe Occidental Culture and after Ancient Times,

again we see more or less ‘dream places’, especially

in literature, similarly, as we found them in the era

before and mainly in the East.

Dante Alighieri spent attention to this phenomenon

in the ‘Comedia Divina’.

Thomas Morus wrote the famous book ‘Utopia’.

Francois-Marie Aronet Voltaire wrote about

Eldorado in Candide and shows interesting parallels

with Shambhala.

Another analogy describes Rene Daumal in ‘Mount

Analogue’.

‘Das Glasperlenspiel’ by Hermann Hesse plays

in a time and in an area, where a nearly ideal

community exists.

James Hilton wrote ‘Lost Horizon’, in which the place

Shangri-La reminds on Shambhala, and this book got

a film-version as well.

Thomas Mann is the author of ‘Der Zauberberg’,

what also seems to be inspired by the old traditions

from far.

Ayn Rand used similarly – at least partially – the old

‘model in ‘Atlas Shrugged’.

‘Reise nach Felicitanien oder meine kleine Contessa’


44

is the title of a book, written by an Austrian friend of

mine, the poet Hans Lampalzer; his intuition came

near to the imaginary city.

Visions, descriptions on outer as well as inner journeys

and pilgrimages, meditative, or dream reports,

pieces of art, and literature show reflections from a

kind of ‘Golden Age’, of a ‘Paradise’, a ‘Garden of

Eden’, shortly a ‘Heaven on Earth’.

How peculiar it might be, there may be a possible

Reality for Peace and Harmony.

Moreover – in the last century there were several

proposals made for cities or villages of peace.

Auroville in India can be seen as such an attempt

– even partially executed.

Conclusion : Longing for Peace is present in

all cultures and in all times.

Peter Schmid.

References:

- Rudi Klijnstra, Shambhala, Het verborgen land waar het

wiel van de tijd stil staat, Uitgeverij Karnak, Amsterdam

2001;

- Edwin Bernbaum, The Way to Shambhala – A Search For

the Mythical Kingdom Beyond the Himalaya, Shambhala

Publications, Boston, 1980,

(Nederlandse vertaling door Gerard Grasman, Uitgeverij

Ankh-Hermes bv, Deventer 2003);

- Bharata, a journey through India by the author, February

1972.

The kingdom of Shambhala with Rudra Chakrin,

the future ruler, after an old painting

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009


VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven

AGENDA

Deze agenda wordt uitdrukkelijk onder voorbehoud aangeboden.

De geagendeerde bijeenkomsten van de Stichting (SVCE) zijn nog niet

volledig georganiseerd en data en plaats kunnen nog aan wijziging onderhevig zijn.

Raadpleeg voor actuele gegevens:

www.stichtingvredescentrumeindhoven.nl

24-09-2009 IKV/Pax Christi Vredesweek bijeenkomst

UvT, 1400 uur: uitreiking van de scriptieprijs “Visies op Vrede”

27-09-2009 Erasmus Universiteit en IKV/Pax Christi

Seeds of change festival, 13 uur, Grote kerkplein, Rotterdam

0- 0-2009 NVMP symposium “Arts en oorlog”

Utrecht, Stratenum UMC Utrecht, 9.30-16 uur

24- 0-2009 TU/e Symposium Nanotechnologie

TU/e auditorium, gehele dag

3- -2009 SVCE Lunchdebat “Waarheen met Afghanistan”

TU/e Eindhoven, auditorium, 12.45-14 uur

0- 2-2009 SVCE Dagsymposium “Kapitalisme, eerlijke

handel, armoedebestrijding en vrede

Dorgelozaal TU/e Eindhoven, 10-17 uur

9-0 -20 0 SVCE Lunchdebat “Afschaffing

van massavernietigingswapens”

TU/e Eindhoven, Auditorium, 12.45-14 uur

-02-20 0 SVCE Middagsymposium “Milleniumdoelen in het

Midden -Oosten

Dorgelozaal TU /eEindhoven, 13.30-17 uur

3-04-20 0 SVCE Middagsymposium “De waarde van de Kleine Vrede”

Plaats: nog nader te bepalen op TU/e Eindhoven, 13.30-17 uur

Jaargang 18, nr 50, september 2009

45


46

STICHTING VREDESCENTRUM EINDHOVEN

Uitgave nr, 50, september 2009

STICHTING

VREDESCENTRUM

EINDHOVEN

SECRETARIAAT

p/a GREEN CROSS NEDERLAND

HURKSESTRAAT 42-20/22

5652 AL EINDHOVEN

TELEFOON: + 31 (0)40 2329005

FAX: + 31 (0)40 7878788

KvK/Brabant: 17228846

ING rek.nr: 4236262

VredesTertsPeriodiek Stichting Vredescentrum Eindhoven Jaargang 18, nr. 50, september 2009

More magazines by this user
Similar magazines