Op weg naar de UvA - Folia Web

folia.nl

Op weg naar de UvA - Folia Web

Weekblad voor de Universiteit van Amsterdam

Folia

naar

Op weg

01

de UvA

Jaargang 59 02-09-2005


Helemaal niet waar natuurlijk. Er zijn genoeg brave

meisjes in Amsterdam. En ondeugende meisjes ontdekken

na een tijdje dat ze, als ze in Amsterdam willen

blijven, toch ook een keer moeten gaan studeren. Maar

gelukkig, zo ver is het nog lang niet. Voorlopig mag je

hier de toerist uithangen. Daarom deze ‘toeristische’

Folia, vol informatie voor de aanstormende eerstejaars.

Voor wie alles nieuw is, de UvA ondoorgrondelijk

en de stad onoverzichtelijk. Straks niet meer.

Jammer eigenlijk.

Folia, Weekblad voor de Universiteit van Amsterdam

Sarphatistraat 104, 1018 GV Amsterdam, Tel. 020 – 5253981, Fax 020 – 5253980, redactie@folia.uva.nl

Uitgever: Stichting Folia Civitatis

Redactie: Mirna van Dijk, Rob Hartgers, Marcel Hulspas (hoofdredacteur),

Truusje van de Kamp (eindredacteur), Margot Riedstra (secretariaat), Berber Rouwé, Dirk Wolthekker.

Medewerkers: Nienke Beeking, Eric van den Berg, Yvonne de Blaauw (beeldredacteur), Sanne de Boer (correctie),

Hans Bouman, Aaf Brandt Corstius, Bob Bronshoff, Fong-ping Chu, Fred van Diem, Robbert Dijkgraaf, Merlijn Draisma

(illustraties), Guido van Driel (illustraties), Freddy Elink Schuurman, René Glas, Marc van der Holst, Janneke Huijnk (illustraties),

Daniël Knegt, Tamara Koeman, Lisa Kuitert, Amy Kouwenhoven, Esther van der Meer, Rianne Meijer, Floor Milikowsky,

Hanna van der Molen, Eran Oppenheimer, Martine Postma, Sake Rijpkema, Marcel Roes, Evelyn de Roos, Henk

Thomas, Raymond Teitsma (illustraties), Erik de Vries, Martijn de Waal.

Bladmanagement: Impressum, Zoetermeer, Lay-out: Publish, Amsterdam, Druk: Dijkman Offset, Diemen

Advertentiewerving: Bureau van Vliet bv, Zandvoort, Tel. 023 – 5714745, Fax 023 – 5717680, d.klein@bureauvanvliet.com

Advertentiewerving culturele pagina: Daily Productions, Amsterdam, Tel. 020 – 428 03 78, Fax 020 – 627 97 11

Abonnement: € 44,95 per jaargang. Opgave: 020 – 525 3981, www.foliacivitatis.nl

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

CULTUUR EN FEESTEN 6

De Intreecommissie, aangenaam

ONDERZOEKERS VAN HET JAAR 8

UvA-wetenschappers in het nieuws

ACADEMISCH ABC 11

Rituelen op een rijtje

BIJ DE LES 12

College geven blijft een vak apart

TOT IN DE KLEINE UURTJES 15

Après-studie uitgaanstips

BLOKKEN EN FLANEREN 16

De beste studieplekken

HET BETERE WERK 18

Acht studenten voor het voetlicht

SHOPPEN & SNOEPEN 20

Verplichte trips voor de lekkere trek

VOOR EEUWIG STUDENT 22

Adviezen van een doorzetter

OP UW PLAATSEN... 24

Folia’s sportevenementenkalender

PRAAT MEE! 26

Een spoedcursus UvA-nieuws

Foto: Fred van Diem

Coverfoto: Aerophoto

5


Cultuur, informatie en feesten

DOOR DIRK WOLTHEKKER

Van 29 augustus tot en met 2 september

vindt voor de 34ste keer de jaarlijkse

Intreeweek plaats, een must

voor wie het studentenleven wil leren

kennen.

Een muziekfestival, een kroegentocht, een

spetterend openingsfeest in het Olympisch

Stadion met een geestige speech van burgemeester

Job Cohen en een begeesterende yell

van NOC*NSF-voorzitter Erica Terpstra, een

vriendelijk praatje van rector magnificus Paul

van der Heijden in theater Carré, een clubnight

in Marcanti, bodyshape en kickboksen in het

Universitair Sportcentrum, een Oud-Hollands

Mokumfestival met smartlappenzangers en een

draaiorgel, een filmnacht, en natuurlijk een

introductie van de opleiding waaraan je gaat

beginnen. Zomaar een greep uit wat de Intreecommissie

dit jaar heeft bedacht om nieuwe

eerstejaarsstudenten welkom te heten in Amsterdam

en aan de UvA.

Naast de twintig ‘gewone’ leden bestaat die

commissie uit zeven bestuursleden. Allen zijn ze

een jaar beziggeweest met brainstormen, bellen,

mailen en faxen met elkaar, met UvA-bestuurders,

met sponsors en met medestudenten om de

Intreeweek te organiseren: de jaarlijkse, algemene

introductieweek van de UvA voor de

nieuwe lichting studenten.

De Intreeweek wordt dit jaar voor de 34ste

keer georganiseerd. Of liever gezegd, voor

de 33ste keer, want de eerste Intreeweek

in 1972 bestond uit een ‘intreedag’. Een ‘welkomstdag

voor eerstejaars’ was hoognodig om

het groeiende aantal studenten voorlichting te

geven over het reilen en zeilen aan de UvA, zo

had het College van Bestuur het jaar daarvoor

besloten. Op de bewuste dag, eind augustus

1972, ontvingen 2500 eerstejaars, bijeen in een

gebouw aan de Roetersstraat, een informatieboekje

over Amsterdam en de universiteit. Ze

werden toegesproken door rector magnificus De

Froe die de studenten voorhield: ‘Wanneer jullie

in moeilijkheden komen, moeten jullie niet aarzelen

steun te vragen bij medestudenten, docenten

of universitaire welzijnswerkers. Nog te veel

studenten sluiten zich mét hun problemen in hun

kamer op.’ De studentendecanen waren ‘onafgebroken

bezig inlichtingen te verstrekken’,

meldde Folia.

Naast het typisch jaren zeventig welzijnspraatje

van De Froe was er tijdens die eerste

DE INTREECOMMISSIE, STAAND VLNR: JOOST VAN BREE, BERT PHILIPSEN, NATASHA JANKIE, FLOOR BAKKER, MEREL SWANINK, XSANDRA KORTEKNIE, MARTIJN MATER

ZITTEND/VOORAAN: MARION HEYMANS, MEERTEN SCHUTH, ZULILAH MERRY, TIMO VAN DER VELDEN, BARBARA KLAAIJSEN, BEREND WEINREDER, MEINKE DE VEER, KIM

intreedag ruim aandacht voor politiek engagement.

De Algemene Studentenvereniging

Amsterdam (nu: Asva Studentenunie) riep

nieuwe eerstejaars op tot actieve steun aan de

boycot van de collegegeldverhoging tot duizend

gulden per jaar, waarbij het zielige verhaal van

6 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

‘een al wat oudere aankomende student’ het goed

deed. ‘Getrouwd en vader van enige kinderen

had hij jarenlang gespaard om zelf zijn studie

psychologie te kunnen bekostigen en juist nu hij

voldoende geld bijeen heeft, wordt het collegegeld

verhoogd tot duizend gulden.’


S, REMIE BOLTE, GREGORY CORREIA, DIRK SCHRAMA, IRENE MIEDEMA, LOT SCHUTTE, FEMKE VAN DER ZALM, RUTH VAN AERENDONK;

BROUWERS

Inmiddels zijn de 2500 deelnemers aan de welkomstdag

van toen afgestudeerd. Nu staan hun

kinderen aan de poort van de UvA. Intreeweekprojectleider

Timo van der Velden, zelf derdejaarsstudent

psychologie, verwacht dat er van de

naar schatting 5000 eerstejaars ongeveer 2300

studenten tussen de 18 en 22 jaar zullen deelnemen

aan de Intreeweek. Van der Velden: ‘De

Intreeweek van de UvA is uniek omdat wij,

anders dan de universiteiten in echte studentensteden

als Groningen of Utrecht, een bestuur

hebben dat de introductie organiseert samen met

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

FOTO: SAKE RIJPKEMA

INTREEWEEK

een groot aantal commissieleden. In andere steden

staat het bestuur er alleen voor. De UvA is

bovendien de enige universiteit die een uitgebreid

weekprogramma biedt. En dan Amsterdam, hè.

Geen enkele stad kan op tegen het culturele aanbod

dat Amsterdam biedt.’

Tijdens de Intreeweek leren de deelnemers

de universiteit van binnen en van buiten kennen:

faculteiten en bibliotheken worden

bezocht, docenten presenteren zich en medestudenten

vertellen alvast bij wie de tentamens

makkelijk zijn of bij wie je kunt spieken. De

deelnemers worden opgedeeld in groepjes van

vijftien eerstejaars met twee begeleiders per

groepje. Van der Velden: ‘Net als vorig jaar

bestaat elk groepje uit mensen die dezelfde

opleiding gaan volgen, zodat je de mensen die

je leert kennen ook na de Intreeweek gemakkelijk

kunt blijven zien. Dat was in het verleden

weleens anders, dan zag je elkaar na die week

vaak nooit meer terug.’

Wat na meer dan dertig jaar nog steeds

bestaat, is de informatiemarkt op het Roeterseiland,

het Infofestival. In zo’n honderd stands zullen

bedrijven, instellingen, stichtingen en verenigingen

op allerlei gebied informatie geven over

het studentenleven in Amsterdam. Van der Velden:

‘Wat uniek is aan de Intreeweek is dat het één

groot evenement is voor álle studenten waarin

we álle kanten van de UvA en van Amsterdam

naar voren proberen te halen, inclusief de minder

prettige kanten zoals de huisvestingsproblematiek.’

Twee ton kost zo’n week cultuur, informatie

en feesten. Een deel daarvan wordt opgehoest

door de UvA, daarnaast komen

sponsors over de brug, met de Rabobank als

hoofdsponsor. Deelnemers betalen vijftig euro

voor een week vertier en informatie. ‘Voor dat

bedrag kun je deelnemen aan het hele programma,

je krijgt bovendien vijf keer een lunch

en vijf keer avondeten’, zegt Van der Velden. Wie

gegarandeerd wil zijn van een slaapplaats (matje

en slaapzak mee!) betaalt 35 euro extra voor vijf

overnachtingen in het tot slaapzaal verbouwde

Universitair Sportcentrum aan de De Boelelaan.

Volgens Van der Velden wordt het een vol en

interessant programma, en dat moet ook. ‘De eerste

indruk van de UvA moet een daalder waard

zijn.’ Aan de Intreecommissie zal het niet liggen.

Die gaan door tot het spetterende eindfeest op

2 september in de Melkweg en Paradiso. ❖

Aanmelden voor de Intreeweek kan alleen digitaal:

www.intreeweek.com

7


Pleidooi voor buikdansen

UvA-docent media en cultuur Kaouthar Darmoni hield in Groningen de

jaarlijkse Aletta Jacobslezing over het leven en werk van vrouwen. De

Tunesische wetenschapper betoogde dat Nederlandse vrouwen aan de top te

mannelijk zijn en meer zouden moeten buikdansen.

‘Nederlandse vrouwen aan de top zouden hun vrouwelijkheid meer moeten accentueren en meer gebruik

moeten maken van hun vrouwelijke eigenschappen als emotionaliteit en sensualiteit. Vrouwelijkheid van binnen,

daar gaat het om. Nederlandse vrouwen in topposities lijken die vrouwelijkheid te verwaarlozen door zich

volledig aan te passen aan de mannen. Dat zien je ook in hun gedrag. Sinds ik in 1997 in Nederland woon,

ben ik daarover echt gechoqueerd. Vrouwen in topposities hebben de mannelijke gedragscode van rationaliteit

en zakelijkheid overgenomen. Zelfs de dresscode neigt naar mannelijkheid. Het is alsof er een taboe rust

op het dragen van vrouwelijke kleding als de minirok of het tonen van een decolleté. Dat wordt hier ordinair

gevonden en niet serieus genomen, terwijl vrouwelijkheid juist een bijdrage zou kunnen leveren aan de carrière

van vrouwen en aan de organisatiecultuur.

Wat dat betreft kunnen Nederlandse vrouwen aan de top iets leren van de Arabische cultuur. Hoe vrouwonvriendelijk

die verder ook is, in deze cultuur hebben vrouwen heel goed begrepen dat ze, om carrière te

maken, mannen niet moeten imiteren maar hun vrouwelijkheid juist moeten inzetten. Dan komt er ook meer

aandacht voor de menselijke en emotionele kant in werkrelaties. Waarom toch nog steeds die typisch Nederlandse, calvinistische schizofrenie tussen werk en privéleven?

Hersens en emoties zijn hier te veel gescheiden. Vrouwen kunnen dat veranderen als ze de verbinding tussen hun ratio en gevoel herstellen. Dat kunnen ze

doen door te gaan buikdansen. Buikdansen is een oeroude oriëntaalse dans die oorspronkelijk is bedoeld om vrouwen voor te bereiden op de bevalling en om na de

bevalling de vaginaspieren te herstellen. Buikdansen heeft dus een directe relatie met een vrouwelijk oergevoel. Dat buikdansen in de westerse cultuur vooral als seksistisch

wordt beschouwd, vind ik totale flauwekul. Natuurlijk zijn er buikdansende vrouwen die mannen willen behagen door voor hen op te treden, maar echt uit hun

dak gaan die vrouwen dan niet. Dat gaan ze alleen als ze onder elkaar zijn.’ (DW)

Onderzoekers van het jaar

UvA-onderzoekers halen regelmatig het nieuws.

Soms om leuke, soms om minder leuke redenen.

Vijf voorbeelden uit het afgelopen jaar.

De graal gevonden

Sterrenkundige Michiel van der Klis won dit jaar de Spinozapremie.

Volgens de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), die de Spinozapremies

uitreikt, is Van der Klis ‘een pionier, een wetenschapper met grote internationale reputatie’. Van der Klis:

‘Ik werk al twintig jaar aan compacte objecten als neutronensterren en zwarte gaten. Pers een ster van

honderdduizend kilometer doorsnee in een bal van tien kilometer groot, en je hebt een voorwerp dat net

zo compact is als een neutronenster. Ter vergelijking: de doorsnee van de aarde is twaalfduizend kilometer.

Zo’n compact object heeft een bijzonder sterk zwaartekrachtveld, het slurpt materie in zijn omgeving

op. In 1998 vonden we de heilige graal: de periodieke röntgensignalen waar we al twintig jaar naar op

zoek waren. We ontdekten dat ze werden uitgezonden door een neutronenster die maar liefst vierhonderd

keer per seconde om zijn as draait. Moet je voorstellen, een voorwerp met anderhalf keer de massa

van de zon. Wereldnieuws was het. En de concurrentie was zuur. In de sterrenkunde worden meetgegevens

van satellieten vaak openbaar gemaakt. Iedereen kan de data gebruiken. Een groep in Amerika gaf

een persbericht uit waarin stond dat zij hetzelfde gevonden hadden als wij: een snel roterende neutronenster.

Maar dat ze net iets later waren geweest omdat hun man, op weg naar de universiteit, een lekke

band had gekregen. Serieus!

Het werk werd er alleen maar leuker op. Ook al gaat het in de wetenschap niet om die wedstrijdjes, maar

om het feit dat we nu een heel andere manier hebben om naar deze sterren te kijken. Nu we de rotatie van

een neutronenster met grote precisie kunnen meten, kunnen we met simpele methoden van alles te weten

komen over zo’n ster. Hoe hij om zijn dubbelster beweegt bijvoorbeeld, of hoe zwaar hij is. Zo komen we

steeds dichter bij de fundamentele natuurkundige zaken waar het mij om gaat. Theoretisch gezien hebben

compacte objecten namelijk bijzondere fysische eigenschappen. Zo kan een zwart gat ruimte en tijd krommen,

sterker nog, een zwart gat is niet veel anders dan gekromde ruimte-tijd. Je kunt het oppervlak van een

neutronenster zien als een natuurkundig experiment waar omstandigheden heersen die op aarde nooit na

te bootsen zijn.’ (BR)

8 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005


Routeplanner voor apparaten

Onderzoeker en docent kunstmatige intelligentie Leo Dorst, werkzaam bij het

Instituut voor Informatica, werd uitgeroepen tot uitvinder van het jaar. Samen

met Karen Trovato vond Dorst ‘path planning’ uit.

‘Robotbutlers, robotstofzuigers, fabrieksrobots, zelfparkerende auto’s, elektronenmicroscopen en een intelligent

brandalarm. Niet alles is misschien even goed toepasbaar voor een groot publiek, maar in Japan lopen al

robotassistentjes rond die het huishouden voor je doen. Voor al dit soort uitvindingen heb je path planning

nodig: het berekenen van een optimaal, botsingvrij pad voor apparaten of personen naar een doel. Op basis

van zo’n planning is het bijvoorbeeld ook mogelijk gebleken een intelligent brandalarm te ontwikkelen. Zo’n

alarm gaat niet alleen af wanneer er brand uitbreekt, maar zorgt er tevens voor dat er een veilige vluchtroute

wordt aangeven waarbij plaatsen worden vermeden waar veel rookontwikkeling is.

Padplannen kan worden benaderd op basis van een groot aantal wiskundige vergelijkingen, maar erg praktisch

is dit niet omdat het erg lang duurt om die op te lossen. Wij hebben een alternatief ontwikkeld waarin

het doel – bijvoorbeeld de uitgang van een brandend gebouw – een serie “golven” uitstraalt in een wiskundig

model van de omgeving. Deze “configuratieruimte” beschrijft zowel het bewegend object als de obstakels en de optimalisatiecriteria.

Met de ontwikkeling van software voor padplannen ben ik al vanaf de jaren tachtig bezig. Probleem bij de software was dat je die kon ontwikkelen, maar er geen

patent op kon aanvragen. De patentaanvraag hebben wij in 1987 al ingediend, maar de toenmalige patentwet voorzag alleen in fysieke, tastbare apparaten. Ze zagen

padplannen als het uitrekenen van een getal, en daarop kon je geen patent aanvragen. Dat is in 1995 op grond van onze aanvraag veranderd. Toch heeft het nog bijna

tien jaar geduurd voordat het belangrijkste patent in 2003 werd goedgekeurd. Vandaar ook dat we de prijs nu hebben gekregen van de New York Intellectual Property

Law Association. Het gaat vooral om de eer. We kregen een diner in New York en een plakkaat.’ (DW)

Radicale clubjes

Jean Tillie onderzoekt waarom sommige jonge

moslims terrorist worden. En hoe die radicalisering

kan worden voorkomen.

Radicaal, zegt Jean Tillie, die politicoloog en onderzoeker is bij het Instituut

voor Migratie- en Etnische Studies (Imes), ben je als je bereid bent

geweld te gebruiken en je de democratie afwijst. In opdracht van de

gemeente Amsterdam leidt Tillie een onderzoek naar de radicalisering

van jonge moslims in Amsterdam. Het onderzoek wordt grotendeels gefinancierd

met geld uit een pot die de gemeente na de moord op Theo

van Gogh onder het mom ‘Wij Amsterdammers’ beschikbaar heeft

gesteld voor projecten die de eenheid in de stad moeten herstellen. Aan

de hand van het onderzoek moet duidelijk worden welke jonge moslims

neigen naar radicalisering, waar ze wonen en van welke sociale netwerken

ze deel uitmaken.

Volgens Tillie is radicalisering het gevolg van de politieke keuze voor

‘diversiteit’ ten koste van ‘multiculturalisme’. Tot voor kort waren er in

Amsterdam tal van (gesubsidieerde) etnische organisaties. Tussen die

organisaties waren veel contacten, bijvoorbeeld doordat migrantenvertegenwoordigers

allerlei bestuursfuncties vervulden. Er waren ook koepelorganisaties

voor minderheden, de ‘adviesraden’ die de gemeente

gevraagd en ongevraagd van advies dienden. In 2001 werden de raden

opgeheven. Tillie: ‘De politiek oordeelde dat de raden stigmatisering en

ongelijkheid in de hand werkten. Men vond het onjuist om de etnische

achtergrond van groepen te benadrukken. “We zijn allemaal Amsterdammers”,

werd het nieuwe uitgangspunt. Bovendien zouden de raden inefficiënt

zijn doordat ze niet vaak bij elkaar kwamen en er binnen de raden

veel onenigheid bestond.

De belangrijke functie die de raden hadden als sociaal netwerk, werd

over het hoofd gezien. Hoe meer organisaties en netwerken er in een

migrantengemeenschap zijn, des te beter de integratie verloopt. Door

onderlinge netwerken ontstaat een civiele gemeenschap. Daar gaat

een socialiserend effect vanuit, want mensen voelen zich verantwoordelijk

voor een gemeenschap en zien dat er binnen een gemeenschap

verschillen bestaan. Ze leren buiten hun eigen belang te denken en

hebben daardoor ook meer gevoel voor de Nederlandse gemeenschap.’

Hoewel het multiculturalisme sinds Fortuyn ernstig uit de mode is, pleit

Tillie voor een ‘beleidsmatige terugkeer naar het multiculturalisme’:

‘Radicale individuen en clubjes moeten worden ingebed in democratische

netwerken. We gaan kijken waar we lijntjes kunnen leggen.’ (RH)

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

Drs. Speurneus

Vanaf september kunnen bèta’s een master forensische

wetenschap volgen aan de UvA.

Met streepjescodes gelabelde dozen staan steriel opgeborgen achter slot en grendel.

‘Dit lijkt een saaie opslagruimte’, vertelt Huub Hardy, coördinator wetenschap en

onderwijs bij het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), ‘maar achter alle voorwerpen

in deze dozen zit een dramatisch verhaal.’ Hij wijst op een kruiwagen in de hoek. De

handvaten zijn verpakt in doorzichtig plastic en de bak is dichtgetaped. ‘Ook die kruiwagen

moet betrokken zijn geweest bij een misdrijf. Misschien is er wel een lichaam

mee vervoerd.’

Vanaf september zullen Hardy en een handvol andere NFI-wetenschappers doceren

bij de nieuwe UvA-master forensic science. De tweejarige opleiding voor bètabachelors

zal studenten opleiden tot forensisch wetenschapper. Honderden geïnteresseerden

meldden zich reeds aan. Er is geen numerus fixus, maar er worden wel

intakegesprekken gehouden. Hardy: ‘De invloed van het tv-programma Crime Scene

Investigation (CSI) is onmiskenbaar. Studenten denken: spannend werk, dat wil ik

ook. Dat merk ik bij de Technische Universiteit Delft, waar ik sinds een paar jaar een

kort collegeblok forensische wetenschap geef.

CSI schetst echter geen realistisch beeld. Onderzoekers speuren er op de plaats

van het delict naar sporen, onderzoeken dat materiaal in het laboratorium, lokaliseren

de verdachte, verhoren hem én lossen de zaak op. In werkelijkheid worden de taken

verdeeld. Technisch rechercheurs zoeken ter plekke naar sporen; onderzoeksmedewerkers

analyseren de monsters in het lab; forensisch wetenschappers interpreteren

de resultaten en rapporteren aan justitie; de politie is er voor het opsporen en verhoren

van de verdachte; en de rechter beoordeelt of de verdachte schuldig is.

Wel overlappen de activiteiten van onderzoeksmedewerkers en wetenschappelijke

onderzoekers. De eersten zijn hbo’ers die meestal werken aan standaardklussen. De

laatsten zijn academici, die gespecialiseerd zijn in de ingewikkeldere zaken. Neem de

Deventer moordzaak, waarbij een accountant werd verdacht van moord op zijn rijke

cliënt. Er werd DNA gevonden op de blouse van het slachtoffer. Daar maakte een

onderzoeksmedewerker een DNA-profiel van. Vervolgens zei de verdachte: “Logisch

dat je mijn DNA vindt, ik heb de verdachte die avond getroost, een arm om haar heen

geslagen.” Dan is het aan de forensisch wetenschapper om te bepalen of het DNA

op die manier kan zijn overgebracht. Hij kijkt bijvoorbeeld naar de hoeveelheid DNA

en waar op de blouse het precies is gevonden.

Wat je in CSI niet ziet, is de tijd en moeite die forensisch wetenschappers steken in

rapportage aan de rechtbank. Ze moeten hun interpretatie van de testresultaten helder

verwoorden in een technisch rapport. Soms moeten ze hun bevindingen toelichten

in de rechtszaal. Dat is verantwoordelijk maar leuk werk. Je rapport kan niet alleen

bijdragen aan de veroordeling van verdachten, maar ook aan het vrijpleiten van

onschuldige mensen.’ (BR)

9


Academisch alfabet

Academisch kwartiertje: een college begint altijd een kwartier later dan officieel

staat aangegeven. Wie op tijd komt, staat meestal voor een gesloten deur.

Alumnus: oud-student. Meervoud: alumni. Elk jaar organiseert de UvA voor haar

alumni de Universiteitsdag. Het grote voorbeeld zijn de Amerikaanse topuniversiteiten

die gigantisch grote giften ontvangen van trouwe alumni.

Athenaeum Illustre: voorloper van de UvA, in 1632 gesticht door de burgemeesters

van Amsterdam voor de zonen van Amsterdamse kooplieden en gehuisvest in

de Agnietenkapel. De eerste hoogleraren waren Gerard Vos en Caspar van

Baerle, ofwel Vossius en Barlaeus. Het Athenaeum Illustre werd in 1877 omgevormd

tot de gemeentelijke universiteit van Amsterdam.

Bachelor: driejarige, eerste fase van de studie.

Blackboard: een ‘elektronische leeromgeving’ waar je bijvoorbeeld een portfolio

kunt samenstellen of waar je in

discussie kunt gaan met medestudenten.

Bul: masterdiploma. Buluitreikingen

zijn per studie verschillend.

Bij sommige studies wordt

het eindcijfer vastgesteld nadat

er enkele lastige vragen zijn

beantwoord; bij andere studies

is de uitreiking slechts een formaliteit.

Colloquium doctum: toelatingsexamen

voor mensen die

geen vwo of hbo-propedeuse

hebben en minimaal 21 jaar zijn.

Tweederde van de mensen die

een colloquium afleggen, zakt.

Corps: spreek uit ‘koor’. Volledige

naam: Amsterdamsch Studenten

Corps/Amsterdamsche

Vrouwelijke Studenten Vereeniging.

De oudste studentenvereniging

van Amsterdam met een groot aantal disputen en jaarclubs. Leden van het

corps staan ook wel bekend als ‘ballen’.

Cortège: optocht van hoogleraren in vol ornaat, meestal voorafgegaan door de

pedel met de pedelstaf.

CSR: de Centrale Studentenraad is het hoogste inspraakorgaan en telt veertien

leden, die jaarlijks worden gekozen tijdens de studentenraadsverkiezingen. Elke

faculteit levert twee studenten. De CSR heeft instemmingsrecht en adviesrecht

op allerlei gebieden.

Cum laude: met lof. De regeling verschilt per faculteit, maar meestal wordt als eis

gesteld dat de student gemiddeld een acht staat.

Dies natalis: elk jaar op 8 januari wordt gevierd dat in 1632 het Athenaeum

Illustre werd gesticht.

Doctor: iemand die is gepromoveerd

Eredoctoraat: eretitel, zonder verdere verplichtingen. Heeft niets te maken met

wetenschappelijke verdiensten; ook Wilhelmina was eredoctor.

Extraneus: student die geen colleges mag volgen, maar wel examens mag afleggen.

Je betaalt daarom ook minder collegegeld.

Faculteit: het onderwijs en onderzoek aan de UvA zijn georganiseerd in zeven

faculteiten die weer zijn opgedeeld in onderwijs- en onderzoeksinstituten.

FSR: de Facultaire Studentenraad is het hoogste inspraakorgaan op facultair

niveau. De leden (het aantal verschilt per faculteit) worden jaarlijks gekozen.

FOTO: SAKE RIJPKEMA

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

Honorair hoogleraar: iemand die vanwege zijn uitzonderlijke wetenschappelijke

kwaliteiten tot hoogleraar wordt benoemd.

Hora est: (‘het is tijd’) aankondiging van de pedel bij promoties en examens dat

het tijd is om te eindigen.

HvA: Hogeschool van Amsterdam, de instelling waar de UvA intensief mee

samenwerkt om de doorstroom van hbo naar het universitair onderwijs (en omgekeerd)

in goede banen te leiden. De beide instellingen worden bestuurd door een

gezamenlijk College van Bestuur.

Maagdenhuis: het bekendste bestuurlijk centrum van de Nederlandse universiteiten.

Hier, aan het Spui, zetelt het College van Bestuur van de UvA. In februari

2005 werd het Maagdenhuis voor de tiende keer bezet, deze keer door studenten

die protesteerden tegen de onderwijsplannen van staatssecretaris Mark Rutte.

Master: fase van de studie die

aansluit op de bachelor. Er zijn

doorstroom- of aansluitmasters,

onderzoeksmasters en duale

masters. De lengte varieert van

een tot twee jaar. Met goed

gevolg afronden geeft, afhankelijk

van de opleiding, recht op de

titel MA (master of arts), MSc

(master of science), MPhil

(master of philosophy) of LL.M

(master of laws).

Mensa: universitaire gaarkeuken.

De UvA heeft er twee: het

Atrium, naast de Oudemanhuispoort,

en de Agora, op het

Roeterseiland. De nasi is van

constante kwaliteit, voor het

overige is het afwachten.

OC: opleidingscommissie.

Orgaan waarin studenten overleggen

met docenten over

zaken als het onderwijsrooster en de moeilijkheidsgraad van tentamens.

Paranimfen: de twee assistenten die een promovendus begeleiden bij diens promotie.

Promovendus: iemand die promotieonderzoek doet en na afronding (promotie)

de titel doctor mag voeren. Officieel staat voor het onderzoek vier jaar, maar vaak

duurt het langer. Het onderzoek verschijnt in een proefschrift.

Propedeuse: eerste jaar van de studie.

Rector magnificus: een van de vier leden van het College van Bestuur, die met

name verantwoordelijk is voor het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek,

hoogleraarsbenoemingen en studenten. In tegenstelling tot veel andere universiteiten

heeft de voorzitter van het College van Bestuur hier meer te vertellen dan

de rector magnificus.

UB: Universiteitsbibliotheek aan het Singel. Volgens velen het lelijkste gebouw

van de UvA, maar wel de enige bibliotheek die doordeweeks tot middernacht

geopend is.

UD/UHD: universitair docent en universitair hoofddocent.

Universiteitshoogleraar: prestigieuze baan. Universiteitshoogleraren worden

geacht grensverleggend interdisciplinair onderzoek te doen en een belangrijke

bijdrage te leveren aan de profilering van de universiteit. Ze zijn vrijgesteld van het

geven van onderwijs. In totaal heeft de UvA zeven universiteitshoogleraren: de

laatstbenoemde is snaartheoreticus Robbert Dijkgraaf.

11


‘Met meer voljoem krijg je gelaze

Mirna van Dijk verslaat wekelijks voor

Folia een college of lezing. Lesgeven

blijkt een vak apart. Alleen de

telaatkomers en het gestuntel met de

apparatuur zijn altijd hetzelfde.

WIJSBEGEERTE; GIJS VAN DONSELAAR, ETHIEK

‘Wilt u zo veel mogelijk vooraan komen zitten? Dan

kan ik mijn stem sparen en dat is ook wat waard. Wat

zegt u? Of ik langzamer wil praten? Nou, dat gebeurt

waarschijnlijk vanzelf al, want dit college is door

iemand anders in elkaar gedraaid en ik snap geen bal

van de aantekeningen. Het wordt dus improvisatie.’

ISHSS; GERT HEKMA, FOUNDATIONS OF

SEXUAL STUDIES

Het vak over seks in wetenschap en literatuur is

voor de meeste buitenlandse studenten nogal

gewaagd. Zeker een college over de werken van

Markies de Sade, die (of je ze nu beschouwt als

platte porno of als diepzinnige maatschappijkritiek)

behoorlijk scabreus zijn. In andere landen zul je niet

zo gauw een docent aantreffen die, zonder een

spier te vertrekken, de woorden ‘while someone

was being fucked in the ass’ uitspreekt. Daarvoor

moet je in Amsterdam zijn, en bij Gert Hekma van

homostudies.

ALGEMENE CULTUURWETENSCHAPPEN; LEX

BRUINHOF, INLEIDING AUTEURSRECHT

Naar aanleiding van een zaak tegen Pieter Storms’

Breekijzer bepaalde de Hoge Raad dat een afgebalkt

portret óók een portret is. ‘Ik zeg – en jullie

mogen mij citeren – hier wordt door de Hoge Raad

het portretrecht verkracht. Het is een volstrekt

onjuiste uitspraak.’ Na de pauze waarschuwt Lex

Bruinhof dat het tentamen al volgende week is, en ‘ik

merk bij jullie dat jullie er nog niet zo veel aan gedaan

hebben’. Maar gelukkig mogen we van de meester

Spoor en Verkade meenemen naar het tentamen.

‘Het boek, welteverstaan.’

LEZING VSPA; DRS. COEN WIRTZ, LIEGEN MET

LICHAAMSTAAL

Coen Wirtz lijkt wat nerveus, maar dat is begrijpelijk

als je nog niet veel ervaring hebt, en het publiek

groot is en verwachtingsvol. Als Wirtz net een beetje

op gang komt – iedereen vertelt gemiddeld zes keer

per dag een leugen, dat is sociaal geaccepteerd en

zelfs functioneel – is er een technische storing.

‘Het is misschien teleurstellend’, geeft Wirtz aan

het eind ruiterlijk toe, ‘maar er is geen duidelijk

beeld te schetsen van iemand die liegt.’ We hebben

dus in ieder geval een ding geleerd: geloof nooit

iemand die zegt dat hij een leugenaar kan ontmaskeren.

CULTURELE ANTROPOLOGIE; GERD BAUMANN,

INLEIDING CA

Een overhemd met gilet en een stropdas; Gerd

Baumann gaat als een heer door het leven. Hij is

lang, tanig, heeft een grijze coupe ravage en een

expressief gezicht. Er is het gebruikelijke gestoei met

de apparatuur en de vraag of het achterin goed te

verstaan is. Niet echt, maar ‘met meer voljoem krijg je

gelazer’, zegt Baumann, die met Duitse tongval en

gedeeltelijk in het Engels spreekt.

‘Het kwartje is nog niet gevallen’, merkt een student

op in de pauze. Een ander beaamt: ‘Meestal snap ik

het thuis pas, als ik mijn aantekeningen uitwerk.’ Dit

is dan ook cabaret à la Freek: zo amusant dat je bijna

zou vergeten dat het ook nog ergens over gaat.

COMMUNICATIEWETENSCHAP; DR. HUUB

EVERS, COMMUNICATIE EN ETHIEK

‘Dames en heren, laten wij gaan beginnen’, zegt

Huub Evers. Het geklets in de zaal wordt niet minder.

‘Ik heb eerst wat algemene opmerkingen in de richting

van het tentamen.’ Triomfantelijk kijkt de spreker

de zaal in en zegt: ‘Ik dacht als ik het woord “tentamen”

laat vallen, wordt het vast wel stil. En het is

gelukt!’ Een goedgeluimde man. Evers volgt in zijn

college de vooraf uitgestippelde lijn. Plaatje op het

scherm, stapsgewijs de punten afhandelen, volgende

plaatje aanklikken. Het is allemaal duidelijk,

het is een adequaat verhaal, maar weinig enerverend.

INTERDISCIPLINAIRE HONOURSMODULE

MEESTERS VAN HET WANTROUWEN; PROF. DR.

12 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

KAREL VAN DAM EN DRS. MACHIEL KEESTRA,

PROEFCOLLEGE DARWIN EN NIETZSCHE

Tijdens zijn relaas over Darwin doet Karel van Dam

een chemisch experiment. Hij zet een petrischaaltje

met blauwige vloeistof op de lichtbak en roert erin.

‘Zo. Eens kijken wat er gebeurt.’

‘Dit gaat niet lukken. Ik heb het fout gedaan!’ meldt

Van Dam later teleurgesteld. Keestra vindt het grappig

dat een succesvol onderzoeker en hoogleraar die

in Science en Nature heeft gepubliceerd, een eenvoudig

experiment kan laten mislukken. We houden

het tegoed, belooft Van Dam.

AMSTERDAM MASTER’S IN MEDICAL

ANTHROPOLOGY; DR. ELS VAN DONGEN,

CHRONICITY AND DISABILITY

Sommige studenten zijn het Engels maar ternauwernood

machtig. Als Els van Dongen vraagt: ‘What is

“the self”?’ kijkt een Indonesische studente haar nietbegrijpend

aan. ‘Me?’ stamelt ze schuchter. Van

Dongen vindt het een prachtig antwoord. Ze is erg

bevlogen, en zo te zien geliefd bij haar studenten.

‘The teachers here are great’, had de Afghaanse

kinderarts bij aanvang van het college ongevraagd

geroepen. Van Dongen wordt aangesproken bij haar

voornaam. Meer dan eens maakt ze de studenten

aan het lachen.

WIJSBEGEERTE; PIETER PEKELHARING,

POLITIEKE EN SOCIALE FILOSOFIE

De docent begint met een schuldbekentenis. ‘Op

grond van de huidige discussie in de media ben ik



ontevreden geworden over mijn eigen college.’ Eerder

heeft Pieter Pekelharing niet genoeg aandacht

besteed aan het belang van religie in de Verlichting,

beseft hij. Zonder grappen, sheets of andere kunstgrepen

vliegt het college voorbij.

RELIGIESTUDIES; RICHARD VAN LEEUWEN,

ISLAM

De profeet is geboren in 570, het jaar van de Olifant.

‘Het verhaal gaat’, zegt Richard van Leeuwen – en

die zinsnede zal hij vandaag nog vaak herhalen – ‘dat

Mohammed als kind lag te slapen en dat twee engelen

zijn hart eruit hebben gehaald, het gereinigd hebben

en het toen weer terugstopten.’ Een geboren

redenaar is hij niet, Van Leeuwen. Hij lijkt er niet op

uit te zijn om een boeiend verhaal te vertellen of zijn

gehoor anderszins aan zijn lippen te doen hangen.

BACHELOR PSYCHOLOGIE; PLEUN VAN VLIET,

PERSOONLIJKHEIDSLEER

Pleun van Vliet slaagt er op een haast achteloze

manier in om een paar honderd studenten hardop te

laten lachen. Door zichzelf te zijn. Haar sympathieke

persoonlijkheid lijkt de hele zaal te vullen, waardoor

een massaal college het karakter van een intiem

werkgroepje krijgt.

THEATERWETENSCHAP; ROB VAN GAAL,

GESCHIEDENIS VAN HET THEATER IN

NEDERLAND

Rob van Gaal spreekt een studente aan op haar storende

geklets: ‘O ja, jij blijft altijd even napruttelen.

Dat heb ik vorige week ook al tegen je gezegd.’ Als

hij wegloopt, steekt het meisje haar tong uit naar zijn

rug. Dan richt Van Gaal zich tot de bezoeker. ‘U ken

ik niet. U bent van Folia en u gaat hier een stukje over

schrijven? Dan was het beleefder geweest als u zich

van tevoren gemeld had.’ Aan het eind van de les wil

de docent weten of er nog vragen zijn. ‘Nee? En

heeft Folia nog een vraag, aan mij of aan de studenten?

Nee? En dat voor een journalist.’ Voor de deur

van het Bungehuis steekt hij zijn hand uit naar de

bezoeker. ‘Ik ben Rob van Gaal.’ Waarvan akte.

OPEN DAG SCHEIKUNDE; DR. JOOST REEK,

CHEMISCH SPEKTAKEL

Wie hartproblemen heeft, moet de zaal verlaten voor

het laatste experiment, waarschuwt Joost Reek. Er

hangen drie geprepareerde ballonnen in de zaal. Een

is met helium gevuld, een met waterstof en een met

waterstof en zuurstof. Vooral die laatste geeft een

gigantische klap en een vlammenzee, als een van de

assistenten er een vlammetje bijhoudt. We mogen

deze experimenten niet thuis proberen, vertelt de

directeur. Vervolgens gaan we naar het café voor ‘het

experiment waarmee we bij scheikunde altijd beginnen:

een borrel naar binnen gieten’.

POLITICOLOGIE; MEINDERT FENNEMA,

POLITIEKE THEORIEËN

‘Wilt u naar voren komen? Kom even naar voren. Zo.

Heel goed.’ Meindert Fennema wil dat zijn gehoor op

de voorste banken plaatsneemt. Braaf laat men zich

er naartoe dirigeren. Een geruit colbert, een brilletje

en een eigenzinnige haardos zijn Fennema’s opvallendste

uiterlijke kenmerken. Hij wil het vandaag

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

ONDERWIJS

tijdens ‘PT’, zoals het vak bekend staat onder politicologen,

hebben over de Franse en de Amerikaanse

revolutie. Fennema vraagt de student die hij de

opdracht had gegeven om uit te zoeken wie ook

alweer de jakobijnen waren, of hij het kan uitleggen.

‘Eh, nee. Internet deed het niet.’ Fennema zucht.

‘Liever lui dan moe, zou mijn moeder zeggen.’

INFORMATIERECHT; LODEWIJK ASSCHER,

TELECOMMUNICATIERECHT

Het college over privacy van het keuzevak telecommunicatierecht

wordt gegeven door Lodewijk

Asscher. Hij is een bekende Amsterdammer, want

voorzitter van de hoofdstedelijke PvdA-fractie en

gemeenteraadslid. Hij komt bovendien uit een

invloedrijke familie van diamantairs, politici en juristen.

Aan het gemak waarmee hij zijn verhaal doet en

communiceert met studenten, herken je de ambitieuze

politicus. En, opvallend voor een UvA-docent:

Asscher verschijnt steevast strak in pak.

VOLKSCULTUUR IN NEDERLAND;

GERARD ROOIJAKKERS,

VIRTUELE VERBEELDINGSWERELDEN

‘Dit is een echt damesvak!’ merkt een oudere man

glunderend op. Hij zit al sinds twee uur te wachten in

het warme collegezaaltje van het Meertens Instituut,

en dan vormen twintig zomers geklede jonge studentes

een welkome afleiding. Zij weten kennelijk wél dat

Gerard Rooijakkers college geeft cum tempore, inclusief

academisch kwartier, en zijn tot kwart over twee

in de zon blijven zitten. Rooijakkers is enthousiast en

heeft een persoonlijke touch. ‘Derk’ (zo blijkt de

oudere man te heten), ‘wat goed om jou te zien.’ ❖

Mededeling van de GG&GD Gemeente Amsterdam

Pas op voor hersenvliesontsteking!

Deelnemers aan de introductiedagen lopen een verhoogd risico op hersenvliesontsteking (meningitis). Dit

verhoogde risico ontstaat door inspannende activiteiten, weinig slapen en het in één ruimte met elkaar verblijven/overnachten.

Ook als je vroeger ingeënt bent tegen meningitis, kun je deze infectie oplopen. Door

voldoende te slapen en te eten verhoog je je weerstand en is de kans op een hersenvliesontsteking klein.

De infectie wordt veroorzaakt door een bacterie, de meningokok.

Tien à twintig procent van de mensen heeft meningokokken in de neus/keelholte, zonder klachten te hebben.

Besmetting vindt plaats door het inademen van (hoest)druppeltjes uit de keelholte van een besmette

persoon. Meningitis gaat gepaard met hoge koorts, hoofdpijn, braken en soms pijn in de nek. Heel soms zijn

er rode, niet weg te drukken vlekjes op de huid, door onderhuidse bloedingen.

Als je klachten hebt die op een meningitisinfectie lijken, ga dan onmiddellijk naar je huisarts.

www.infectieziekten.info

13


Tot in de kleine uurtjes

DOOR FREDDY ELINK SCHUURMAN

In of alweer uit? Folia wijst de weg in

het Amsterdamse uitgaansleven.

LUXE CLUBS

Clubs met een high service level zijn het momenteel

helemaal. In twee jaar tijd is dit concept een

ware plaag geworden. Afgekeken van het uitgaansleven

in wereldsteden als New York en

Londen wordt het geld uit je zakken geklopt in

een entourage van luxueus design en persoonlijke

bediening. In twee jaar tijd openden Jimmy

Woo, de Zebra Lounge (beide in de Korte

Leidsedwarsstraat), The Mansion (Hobbemastraat),

Cineac (Regulierbreestraat) en de Odeon

hun deuren, allemaal onder de noemer hip en

luxueus. Denk je de luxe weg, dan blijft er bar

weinig over. De meeste van deze clubs zijn na een

korte tijd van populariteit alweer op hun retour.

PARADISO EN MELKWEG

Twee absolute toppers, niet alleen vanwege de

concerten die er plaatsvinden maar ook dankzij

de kwalitatieve en gevarieerde danceprogrammering.

De Noodlanding op donderdag in Paradiso

is nog steeds een aanrader evenals de danceavonden

op zaterdag. De Melkweg ‘concurreert’

op donderdag met Retro deluxe, op vrijdag met de

urban latino-avond ¿Que Pasa? en op zaterdag

met Crossfader. Bekijk ook eens de met de Europrix

onderscheiden website fabchannel.com

waarop veel concerten en dance-avonden kunnen

worden bekeken en beluisterd.

STADSSTRANDEN

De stadsstrandjes winnen aan populariteit.

Behalve zonnen kun je er ’s avonds ook zomaar

een leuk feest meemaken. Amsterdam Plage aan

de Silodam, vlakbij het Centraal Station, is het

leukste strand, maar wordt aan het eind van het

seizoen weer opgebroken. De toekomst van Blijburg

aan het IJ-meer is onzeker, deze zomer is

het strandje in ieder geval nog open. Het nieuwe

Strand West nabij het studentencruiseschip van

woonstichting Rochdale en studentenhuisvester

Duwo in de Houthavens is ook in de winter

geopend en biedt naast een strandpaviljoen een

enorme strandvlakte waarop allerlei activiteiten

mogelijk zijn. Op een steenworp afstand van dit

strand is onlangs studentenkroeg Aan ’t IJ

geopend. Met een groot terras aan de IJ-oever

is deze kroeg zeker een aanrader.

BUITENBEENTJES

In tegenstelling tot de luxe clubs bieden de

buitenbeentjes een voornamelijk cultureel

programma. Dat is niet altijd een garantie voor

succes, maar in ieder geval is er een ongedwongen

sfeer, is het bier te betalen en hoef je niet

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

bang te zijn dat je er niet in komt. Pakhuis Wilhelmina

(Oostelijke Handelskade), De Sugar Factory

(Lijnbaansgracht), ex-krakersbolwerk

OT301 (voormalige Filmacademie aan de Overtoom),

kunstenaarssociëteit De Kring (aan het

Leidseplein) en recentelijk geopend De Nieuwe

Anita (DNA) aan de Frederik Hendrikstraat

hanteren allemaal dezelfde formule: kunst en

cultuur in de vroege avond, dj’s in de kleine uurtjes

die af en toe behoorlijk exotisch, maar niet

minder aanstekelijk kunnen draaien. Bitterzoet

(Spuistraat) krijgt een aparte vermelding.

Gestart als buitenbeentje is deze club in korte tijd

een ware hotspot geworden. Dat is vooral te danken

aan het urban karakter van de tent (veel hiphop,

soul en funk). Toch valt er in de vooravond

nog altijd behoorlijk wat cultuur op te snuiven.

MIDDENMOTERS

Van de middenmoters heb je er een heleboel in

Amsterdam. Af en toe kan het dak eraf gaan,

vaker nog wil de sfeer er niet echt inkomen. Het

deurbeleid is soepel, de dj’s draaien toegankelijke

dance. Om er een paar te noemen: More (Rozengracht),

waar het vooral op vrijdag uit te houden

is, Panama (Oostelijke Handelskade) die op vrijdag

en zaterdag nog weleens bekende dj’s programmeert,

Escape deLux, vooral leuk op vrijdag

met de ingang aan de Amstel 70, en Hotel Arena

(’s-Gravesandestraat). ❖

15

AMSTERDAM PLAGE

FOTO: SAKE RIJPKEMA


‘Rumoerig genoeg om niet in sla

DOOR MAURICE SEKELY

Een boek, een praatje of een nieuwe

liefde. In de bibliotheken van de UvA

kun je studeren, flaneren en gezien

worden.

P.C. HOOFTHUIS

ADRES: SPUISTRAAT 134

OPENINGSTIJDEN STUDIEZALEN: MAANDAG –

DONDERDAG VAN 9.00 TOT 22.00 UUR; VRIJDAG

VAN 9.00 TOT 20.00 UUR

veel talenstudenten zijn hier ook

geschiedenis- en biologiestudenten, you

‘Naast

know the type. Alleen als de tentamenperiode

bij rechten is begonnen, stikt het hier

ook van de studenten die de wetboeken en jurisprudentiebundels

bestuderen’, zegt student

rechten Freek Stoové (25) over de studiezalen

van het P.C. Hoofthuis aan de drukke Spuistraat.

‘Wat sfeer betreft is het P.C. Hoofthuis het best

te vergelijken met de UB: veel toeloop van studenten,

veel mobiel telefoonverkeer en naast

serieus studiecentrum ook een sociale hangout

waar men komt om te flaneren en gezien te worden.

Toch vind ik het hier fijner studeren dan op

de UB; er zijn hier meer computers aanwezig, er

is een grote Albert Heijn om de hoek en het is

hier net nog wat rustiger.’

Stoové spreekt met lof van het bibliotheekpersoneel,

dat streng maar rechtvaardig zorgt voor

stilte en orde: ‘Soms mogen er zelfs geen lege

flesjes op je tafel staan. Kennelijk hoopt men zo

de reinheid van de studieplekken te garanderen.

Eén ding valt me in het bijzonder op aan het P.C.

Hoofthuis: het plafond maakt een knisperend

geluid. Als het geen muizen zijn, spookt het er

misschien wel.’

HET BALKON BOVEN HET ATRIUM

ADRES: OUDEZIJDS ACHTERBURGWAL 237

OPENINGSTIJDEN BALKON: MAANDAG –

DONDERDAG VAN 8.00 TOT 21.00 UUR; VRIJDAG

VAN 8.00 TOT 17.00 UUR

ben ik hier zo’n beetje opgegroeid,

omdat de kantoren van zowel

‘Eigenlijk

mijn vader als mijn moeder zich in dit

gebouw bevonden.’ Aan het woord is Jara Antoniesen

(20), student communicatiewetenschap.

‘Het balkon boven het Atrium is nog niet zo heel

lang in gebruik als studieruimte, maar toch vind

ik het prettig om hier te zitten. Iedereen heeft

zijn eigen tafel en dus volop de ruimte om boeken,

kranten en laptops uit te stallen. Er zijn kof-

fie- en frisdrankautomaten, als je wilt lunchen ga

je even langs de lekkere broodjes van Tony of je

duikt in de schappen van de mensa.’

Het balkon ligt midden in het hart van het

Binnengasthuis en straalt voor Antoniesen een

gevoel van vrijheid uit. ‘De hoogte van dit

gebouw, de mensen in de mensa onder het balkon,

de kantoorgangen die links en rechts activiteit

verraden, de nabij gelegen computerzalen

waar je via ramen in kunt kijken; dat geheel van

etende, werkende, studerende, pratende mensen

toont mij de vrijheid van de universitaire

gemeenschap. Het geeft me het idee dat ik niet de

enige ben die hard werkt aan zijn studie.’ Nadelig

puntje: ‘De radio uit de spoelkeuken galmt altijd

zo, maar ja, uiteindelijk hoort ook die muziek

erbij.’

16 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

WIJSBEGEERTEBIBLIOTHEEK

ADRES: VENDELSTRAAT 8

OPENINGSTIJDEN: MAANDAG – VRIJDAG VAN

9.00 TOT 17.30 UUR

Voor Michiel Kruijff (25), student

politicologie en filosofie, is de ideale

studieplek de enigszins afgelegen Wijsbegeertebibliotheek

aan de Vendelstraat. ‘In

deze bibliotheek is het heel erg stil, en dat is

fijn als je echt wilt studeren. Die rust heeft

voor een belangrijk deel te maken met de

strenge sociale controle die de gebruikers van

de bibliotheek ten opzichte van elkaar uitoefenen.

Als je hier de hele tijd heen en weer

loopt om een potje te bellen, dan word je vrijwel

direct op de vingers getikt door je mede-


ap te vallen’

studenten. Geen geklets of al te sociaal geharrewar.

Voor de gezelligheid zoek je het Crea

Café, Katoen of een andere plek op. De

bezoekers van deze studieruimte zijn vooral

studenten filosofie en politicologie, mensen

die weten van het bestaan van deze obscure

uithoek van het Binnengasthuiscomplex.

Waarschijnlijk wordt het een stuk drukker na

dit artikel.’

Na enig aarzelen weet Kruijff een nadeel van

de bibliotheek te noemen: ‘Geheel in overeenstemming

met het traditionele imago van stoffige

bewaarplaatsen van oude boeken en

geschriften dat bibliotheken hebben, is er nog

steeds geen lift naar de filosofiebieb toe, en

moet je anno 2005 nog altijd drie trappen op

om de zolder te bereiken.’

FOTO: HENK THOMAS

MEDISCHE BIBLIOTHEEK (AMC)

ADRES: AMC, MEIBERGDREEF 9,

LOCATIE K0-216

OPENINGSTIJDEN: MAANDAG – DONDERDAG

VAN 9.00 TOT 22.00 UUR; VRIJDAG VAN 9.00 TOT

17.00 UUR

Rens Zonneveld (22), student geneeskunde

en Engels, prijst de interactieve functie

van de Medische Bibliotheek. ‘Natuurlijk

is er de relevante literatuur te vinden, maar de

bieb biedt tevens de mogelijkheid om met je

medestudenten te overleggen. Geneeskunde is

een overlegstudie waar studenten constant in

groepjes casussen moeten bespreken.’

Volgens Zonneveld is er meer dat het AMC

onderscheidt van de rest van de UvA. ‘De mentaliteit

van de meeste studenten is hier een stuk

serieuzer, waarschijnlijk omdat er nogal wat

gedreven mensen rondlopen die jaren achtereen

uitgeloot zijn en na inloting eindelijk willen gaan

knallen. Daarbij studeren wij in een ziekenhuis:

de theorie wordt hier dagelijks in de praktijk

gebracht.’

Dat het AMC niet in het stadshart van

Amsterdam ligt, beschouwt Zonneveld als een

voordeel en een nadeel. ‘Ja, we zitten hier tamelijk

ver van de bewoonde wereld en van de

geneugten van het centrum. Dat betekent veel

minder afleiding, een intensievere band met je

medestudenten en een verhoogde concentratie

op de studie. Maar even gezellig koffie drinken of

een borrel op een fotogenieke locatie kan hier

niet. Ook ben je afhankelijk van het openbaar

vervoer, en dat is klote met al die stakingen.’

Hoewel in de Medische Bibliotheek zich voornamelijk

geneeskundestudenten ophouden, zijn

er in tentamenperiodes vaak studenten van

andere disciplines te vinden. Zonneveld: ‘Wanhopige

rechtenstudenten die, vlak voordat ze op

het IWO, dat hiernaast ligt, tentamen hebben, in

die laatste minuten nog even de boeken induiken.’

PIERSOM RÉVÉSZ BIBLIOTHEEK

ADRES: ROETERSEILAND 11

OPENINGSTIJDEN: MAANDAG – DONDERDAG

VAN 8.45 TOT 18.00 UUR; VRIJDAG VAN 8.45 TOT

17.00 UUR

de Agora beschikt over goede hamburgers,

dat Kriterion er tegenover ligt,

‘Dat

dat er tientallen computers beschikbaar

zijn en dat het interne café Krater lekkere koffie

schenkt, is mooi meegenomen. Maar uiteindelijk

is ook Roeterseiland onder al dat vernis een

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

BIBLIOTHEKEN

redelijk steriele omgeving die niet kan tippen aan

de academische romantiek van een Angelsaksische

campus’, zegt Philip Cotterell (21), student

economie en film- en televisiewetenschappen.

‘De sfeer is hier gemoedelijk, maar ook wat zakelijker

dan op het Binnengasthuiscomplex. Dat

zal wel te maken hebben met de vele economiestudenten.

Verder zijn hier natuurlijk psychologiestudenten

en exacte wetenschappers te

vinden. Een leuke mix van gevoel en verstand

samengepakt tussen Sarphatistraat en Plantagebuurt.’

Dat de faciliteiten van Roeterseiland niet

zeven dagen in de week te gebruiken zijn, ervaart

Cotterell als een groot gemis. ‘Het is jammer dat

in het weekend alleen gebouw A op zaterdag tot

13.00 uur open is. Daardoor ben je toch weer

gedwongen om je toevlucht te zoeken in de UB.’

UNIVERSITEITSBIBLIOTHEEK

ADRES: SINGEL 425

OPENINGSTIJDEN: MAANDAG – VRIJDAG VAN

8.30 TOT 24.00 UUR; ZATERDAG VAN 9.30 TOT

17.00 UUR; ZONDAG VAN 11.00-17.00 UUR

UB is rumoerig genoeg om niet in

slaap te vallen!’ zegt Juliëtte Plantenga ‘De

(22), student culturele studies, over de

roemruchte bibliotheek aan het Singel. ‘De voordelen

van de UB zijn ironisch genoeg tegelijkertijd

de nadelen: het is centraal gelegen, dus een

mooie startpositie om de stad in te duiken voor

een hapje of een drankje. Het is er vaak erg druk.

Soms is dat vervelend is omdat er geen studieplekken

meer zijn, en soms is het leuk omdat je

altijd wel even een praatje kunt maken. Hoewel

ik er zelf niets van heb ervaren, schijnt de UB de

ultieme broedplaats voor vrijages te zijn, waar

studenten dressed to impress verschijnen en flirten

dat het een lieve lust is. Men zegt wel dat een

dagje UB een voorproefje is op een nachtje doorhalen.’

Een groot voordeel volgens Plantenga zijn de

openingstijden: ‘Het is natuurlijk erg prettig dat

de UB doordeweeks tot middernacht open is.

Precies lang genoeg overigens. Ik denk niet dat

het in Amsterdam effectief is om studieruimten

24 uur open te houden, zoals ze in Amerika doen.

Onze maatschappij en economie zijn nog steeds

gericht op een praktijk van overdag werken en

studeren.’ Tot slot is Plantenga over de kantine en

de wc’s niet echt te spreken: ‘Mensen zitten hier

van negen tot twaalf, geen wonder dat de hele

boel nogal smerig is aan het eind van de dag. Een

gebouw vervuilt waanzinnig snel bij dergelijk

intensief gebruik.’ ❖

17


Vijf UvA-studenten brengen T-shirts op de markt met de

naam van een wijk of buurt erop gedrukt. Woordvoerster

Shira Halevi, studente media en cultuur:

‘Een van ons was voor haar studie naar Nieuw-Zeeland

geweest en kwam terug met een T-shirt met daarop de naam

van de wijk in Auckland waar ze had gestudeerd. We hadden

direct iets van: waarom bestaat dat in Nederland niet? Vorig

jaar met Koninginnedag zijn we begonnen. We deden een

T-shirt aan met de naam van onze wijk erop en zijn toen de

straat opgegaan.

Of je de naam van de deelgemeente op je T-shirt laat drukken of

die van je buurt, dat maakt ons niet uit. Maar iemand die de

naam Achterbuurt op zijn T-shirt wil laten zetten, vindt bij ons

geen gehoor. Het moet serieus blijven. Mensen uit een andere

stad kunnen ook een T-shirt bestellen. De T-shirts zijn van

katoen, kleurecht en worden niet gemaakt door zielige kindertjes

uit India. In de laatste letter van de naam van een buurt zit

een uitsparing waarin we het symbool van een stad drukken.

Voor Amsterdam is dat de drie andreaskruisen. (DW)

www.tshirtsamsterdam.nl

Fleur Zeldenrust lanceerde, samen met Arno Verweij,

José van Gelderen en Rob van den Bogaard,

een website met wetenschappelijke proefjes voor

kinderen:

‘Je legt een speelkaart op een glas water, draait het

glas om en… Hé, hoe kan dat, het water valt er niet

uit? Zulke proefjes vinden kinderen geweldig. Dat

bleek toen we de experimenten uitprobeerden op een

basisschool. Stomverbaasd waren ze. Robbert Dijkgraaf,

de natuurkundige die in 2003 de Spinozapremie

won, heeft een deel van zijn prijs gebruikt om ons, vier

bètastudenten, aan het werk te zetten. Dergelijke websites

bestaan al, maar die zijn in het Engels of gebruiken

ingewikkelde voorwerpen of ingrediënten.

Onze proefjes kun je doen met dingen die je in huis

hebt. Het zijn kleine, aansprekende en spannende

experimenten die de kinderen zelf kunnen uitvoeren.

Soms lijkt een proefje me heel simpel, maar gaat de uitvoering

toch mis. Soms denk ik: dit krijgen ze nooit

voor elkaar en dan lukt het ze prima.’ (BR)

Geschiedenisstudent Pieter Perquin , alias

Perquisite, maakte met hiphopartiest Pete

Philly het album ‘Mindstate’:

‘Toen ik achttien was, ging ik naar New York:

kijken of ik daar iets teweeg kon brengen met

mijn muziek. Ik had daar een heel romantisch

beeld van. Ik dacht: op elke straathoek is daar

hiphop. Maar het bleek dat mensen niet zaten te

wachten op een achttienjarige jongen die beats

maakte. Terug in Nederland heb ik een eigen

label opgezet en een instrumentale hiphopplaat

gemaakt met saxofonist Benjamin Herman. Tot mijn verbazing werd dat een groot succes. Daarna rolde

Northwest Metropolis van de platenpers, mijn eerste niet-instrumentale release. We werkten met een gelegenheidsformatie

die bestond uit drie producers en drie MC’s, van wie Pete Philly er één was. Pete is een

MC die al vijf jaar bezig is en soulvolle hiphop maakt. Ik vind hem de dope-ste in Nederland. Onze samenwerking

verliep zo goed dat we zeiden: wij gaan met zijn tweeën een plaat maken. We maakten eerst een

ep, en nu dus een album. (Eric van den Berg)

18 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

Niet zo maar

FOTO’S: HENK THOMAS EN BOB BRONSHOFF

Afgelopen studiejaar bracht Folia vele

UvA-studenten voor het voetlicht die

zich naast hun studie op een bijzondere

wijze hebben ingezet voor hun medestudenten,

voor de kunsten, voor

Amsterdam of ver daar buiten. Acht

voorbeelden van wat studenten kunnen.

Studente media en cultuur Ingrid Tappin

richtte met twee vrienden het mediabedrijf

Uitzendkrachtproducties op. Afgelopen studiejaar

werd de eerste productie gepresenteerd:

een pilot van de dramaserie ‘Singel 69’:

‘Uitzendkrachtproducties is ontstaan uit boosheid

over het televisieaanbod. Er worden best mooie

dingen uitgezonden door de publieke zenders,

maar daar kijkt niemand naar. De commerciëlen

zenden slechts oppervlakkige series uit. Volgens

mij is het best mogelijk om goed drama te maken

voor een groot publiek.

Singel 69 is een dertiendelige dramaserie over

een corporaal studentenhuis. Zelf ben ik lid

geweest van het Leidse corps. De scenarioschrijfster,

Marie-Héleen Lüchinger, is een oud-huisgenoot.

Sommige vrienden van mij uit het corps

hebben gefigureerd.

Singel 69 speelt met de vooroordelen over corpsstudenten.

Hier en daar overdrijven we een

beetje, maar het is niet de bedoeling dat het

corps in de zeik wordt genomen.’ (RH)


studenten

Ramon van Geytenbeek studeert sociologie

en stond een maand samen met Paul Haenen

op de bühne in het Betty Asfalt Complex:

‘In december ging mijn beste vriend Wijbrand wat

drinken in Arc. Daar kwam hij Paul Haenen tegen.

Ze raakten in gesprek en niet veel later ging

Wijbrand weg met een uitnodiging voor een voorstelling.

De avond dat Wijbrand met zijn date naar

de show ging, werd ik gebeld. Ik hoorde een

bekende stem: “Met Margreet Dolman vanuit het

Betty Asfalt Complex in Amsterdam.” Ik wist

meteen dat Wijbrand erachter zat. Margreet willigt

tijdens haar show verzoeken in om mensen telefonisch

lastig te vallen. Wijbrand wilde dat ik een

liedje kwam zingen voor hem, zei Margreet.

Ik ging naar de voorstelling en voor ik het wist, zat

ik naast Margreet Dolman op het podium. Nadat

ik door haar bewerkt was, heb ik Security van

Joss Stone gezongen. Dat viel zo in de smaak dat

ik werd uitgenodigd om in februari terug te

komen. Daarna heb ik bijna elke week Margreet

begeleid met mijn gitaar bij de voordracht van

haar verfijnde gedichten.’ (Eric van den Berg)

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

Ingeborg Middel, studente rechten, is voorzitster van de

Asva Studentenunie:

‘De Asva is een moderne vereniging van, voor en door leden. De

tijd van louter faciliteren – we hebben een rechtsbureau, een bijlesbureau,

een kamerbureau, en we verkopen fietsen – is voorbij.

De Asva neemt weer politieke standpunten in. Neem de campuscontracten,

die veel studenten onder hun neus krijgen en waardoor

ze na hun studie direct uit hun studentenwoning moeten

vertrekken. In theorie is het goed voor de doorstroming, maar in

de praktijk kun je niet doorstromen, want er zijn veel te weinig

goedkope woningen. Afgestudeerden trekken dus de stad uit, op

zoek naar goedkopere woningen. Heel slecht. Ik vind dat de politiek

daarop snel actie moet ondernemen. Er moet meer en goedkoper

worden gebouwd. Zo niet, dan moeten de

campuscontracten van tafel. Dat mensen na afloop van zo’n contract

op straat kunnen worden gezet, vind ik geen goede zaak.’

(DW)

Roos van Grieken, studente geneeskunde, maakte in het kader

van het Fair Food Filmfestival, samen met Judith van Ingen,

Marius Heyn en David Mosckowitz, de film ‘Breakpoint’ met als

thema ‘Honger, verander het beeld’:

‘We hadden al langere tijd zin om naast onze studie een leuk en

creatief project te doen. Omdat David en Judith al eerder een filmpje

hadden gemaakt, leek het ons een haalbaar plan om met zijn vieren

een film te maken. Net op dat moment zagen we op de site van Fair

Food, een organisatie die zich inzet voor de oplossing van het hongerprobleem

in de wereld, een oproep voor het maken van een

“korte, krachtige campagnefilm van drie minuten”. Fair Food wilde

een promotiefilmpje hebben om het beeld van honger bij te stellen.

Honger wordt vooral verbeeld door oedeembuikjes en dunne beentjes.

Mensen zijn daar resistent tegen geworden. Er moest een film

komen die ze opnieuw bewust zou maken van de voedselproblematiek

in de wereld.

Voor Breakpoint hebben we een tenniswedstrijd als metafoor gebruikt. In het filmpje zie je steeds één tennisspeler

die mooie, strakke en winnende slagen maakt. Toch ga je je als kijker afvragen of het wel een eerlijke

wedstrijd is, want het gaat hem te goed af. Op dat moment gaat de camera de bal volgen naar de

andere kant van het veld. Dan blijkt dat zijn tegenspeler een mager scharminkel is, geen schoenen draagt,

blaren heeft en speelt met een kapot racket.’ (DW)

Arthur Schulte, rechten- en honoursstudent geneeskunde, is

voorzitter van de studievereniging Meer, afgelopen studiejaar

opgericht voor honoursstudenten die iets meer uit hun

studie willen halen:

‘Het honoursprogramma dat ik bij geneeskunde volg, duurt drie

jaar en begint na het eerste jaar. In die periode geef en doorloop

je masterclasses, volg je samen met een arts patiënten en doe je

onderzoek. De selectie gaat tijdens het programma gewoon

door. Het begint met dertig studenten. Van hen zijn er na een jaar

nog maar acht over, want als je je tentamens niet in een keer

haalt, mag je niet verder. De vier allerbesten krijgen aan het eind

van het programma een gegarandeerde aio-plaats.

We denken dat we met Meer meer kunnen bieden dan een

gemiddelde studievereniging. Een lezing van een hoogleraar

strafrecht op het gebied van de rechten van het ongeboren kind

is typisch een lezing die door Meer georganiseerd zou kunnen

worden. Studenten die een opleiding volgen waarvoor geen

honoursprogramma bestaat, kunnen ook lid van Meer worden.

Het lidmaatschap is niet afhankelijk van de cijfers die studenten hebben gehaald. Het gaat om de motivatie.

Studenten die het honoursprogramma tussentijds beëindigen, mogen lid blijven.’ (DW)

19


Shoppen & snoepen

DOOR HANS BOUMAN, TAMARA KOEMAN,

ESTHER VAN DER MEER EN HANNA VAN DER MOLEN

FOTO: SAKE RIJPKEMA

SUSHICURSUS, HET JAPANSE WINKELTJE, NZ VOORBURGWAL 177

Een cursus sushi maken voor echte sushiverslaafden. Je gaat druk aan

de slag met rijst, groente en vis om de diverse soorten sushi onder de

knie te krijgen. Net als sushi is ook de workshop niet goedkoop: 35 euro.

Enthousiast geworden haal je de ingrediënten voor sushi bij Jo-Sushi,

Eerste Goudbloemdwarsstraat 5. Ook luiwammesen en mensen met

twee linkerhanden kunnen hier terecht om de sushi kant-en-klaar mee te

nemen.

DE VOLKSKRUIDENTUIN, KINKERSTRAAT 138

De Volkskruidentuin verkoopt meer dan honderd gedroogde

kruiden en specerijen die in kleurige piramidebouwsels staan

uitgestald. De meeste poeders zijn per gram verkrijgbaar.

Daarnaast kun je hier terecht voor een groot assortiment rijst,

bonen en thee afkomstig uit de hele wereld. Een must voor

iedereen die zijn specerijenplankje wil inrichten of uitbreiden.

VISHANDEL FA. TEL, KLOVENIERSBURGWAL 13

De bakker en de groenteman mogen dan steeds meer uit het Amsterdamse

straatbeeld verdwijnen, vishandels en kramen zijn er nog

genoeg. Vlakbij de Nieuwmarkt en de Zeedijk, aan de rand van wat

vroeger het havengebied was, is Vishandel Fa. Tel gevestigd. Van een

vishandel op die plek mag je dus wel wat verwachten. Tegenwoordig is

deze buurt bekend om zijn leuke kleine restaurantjes. Dat je hun koks

veel bij Fa. Tel tegenkomt, is wellicht een teken van kwaliteit. Specialiteiten

zijn garnalen (meer dan twintig soorten) en tropische vissen.

Hoewel Fa. Tel de indruk maakt van een groothandel, kun je hier ook

terecht voor kleine porties.

ZAAL 100, DE WITTENSTRAAT 100

Goedkoper, lekkerder en gezonder eten dan in de mensa? Dat kan!

Bijvoorbeeld bij Zaal 100 waar vrijwilligers drie maal per week een

heerlijke biologische maaltijd bereiden voor nog geen vijf euro. Eet er

heerlijke gazpacho, schep couscoussalade uit een voormalig kinderbadje,

geniet van gebakken courgettes en schuif aan bij buurtgenoten.

Elke dinsdag, woensdag en donderdag kun je hier terecht voor een

vleesloos driegangendiner. Op maandag en vrijdag kun je naar de

gekraakte Buurtboerderij in het Westerpark.

www.wittereus.net

www.buurtboerderij.nl

DE TAART VAN M’N TANTE, FERDINAND BOLSTRAAT 10

Onbeheersbare zin in zoet? Iets te vieren? De taart van m’n tante heeft

een watertandend assortiment aan zoete en hartige taart. Neem plaats

in het gezellige kitschinterieur, bestel een pot thee of koffie, en laat je

verleiden door de lekkernijen in de rijk gevulde vitrines. Op bestelling

kun je ook een taart mee naar huis nemen, of er speciaal een voor je

laten ontwerpen. Kijk voor inspiratie eens op www.detaart.com.

20 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

BIOLOGISCHE NOORDERMARKT

Houd je van gezellige markten en lekker eten dat ook nog eens biologisch

is? Ga dan eens op zaterdag naar de Biologische Noordermarkt.

Groente, fruit, vlees, brood, kruiden, zuivel; alles vind je er, en alles is

gegarandeerd ecologisch verantwoord. Baan je een weg door de

Jordaan-yuppen die de markt ook hebben ontdekt, doe je inkopen en

geniet daarna op een van de terrasjes van de gezellige sfeer en altijd

aanwezige livemuziek. Elke zaterdag van negen tot vier, aan de voet

van de Noorderkerk.


ALBERT CUYPSTRAAT

Je hebt veel honger, maar weinig geld en geen zin om te koken. Waar

ga je dan naartoe? Naar een van de vele eethuisjes die de Albert

Cuypstraat rijk is. Het maakt haast niet uit bij welke je naar binnenstapt:

overal kun je voor weinig geld een gerecht van de Chinees-

Indisch-Surinaamse kaart kiezen. Voor 3,20 heb je een bord roti, voor

4,50 een enorme portie Chinese bami. Niet voor mensenschuwe personen:

wanneer het druk is, schuiven andere eters gezellig bij jou aan

tafel aan!

DUIKELMAN, FERDINAND BOLSTRAAT 68

Voor een kwalitatief goede en toch goedkope kookuitrusting ga je naar

Duikelman, een van de beter gesorteerde winkels op het gebied van

keukenbenodigdheden. Fornuizen, pannen, messen, ovenschalen,

zoutstrooiers, pepermolens; alles wat je nodig hebt in de keuken wordt

hier verkocht. Zorg dat je, voordat je naar binnengaat, weet wat je

ongeveer nodig hebt. Anders verleidt het fantastische assortiment je

waarschijnlijk tot aankoop van allerlei gadgets die o zo mooi, maar o zo

onnodig voor jouw bescheiden keuken zijn.

CHECK YOUR OIL – MEEUWIG & ZN, HAARLEMMERSTRAAT 70

De Italiaanse keuken is bij veel mensen favoriet vanwege zijn uitgesproken

smaken. Die worden vaak eenvoudig, en met een klein aantal

ingrediënten verkregen. Het geheim hierachter is de kwaliteit van de

ingrediënten: buffelmozzarella, roma-tomaten en de olijfolie afkomstig

uit de geboortestreek van de kok. Ga voor een groot assortiment olijfolie

langs bij Check Your Oil. Je zult verbaasd zijn hoe veel smaken er

zijn.

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

LA STORIA DELLA VITA, WETERINGSCHANS 171

Geen standaard Italiaan waar je een pizza Margaritha of tagliatella

Bolognese bestelt, maar een Italiaan waarbij je echt het gevoel krijgt

op vakantie te zijn in eigen land. Dit komt met name door het sfeervolle

interieur met een hoog plafond, veel spiegels en glas in lood, en tafels

die ver uit elkaar staan. Soms is er een pianist die zijn best doet om de

stemming erin te brengen. Helemaal leuk wordt het als de ober zich

van zijn beste kant laat zien en een operaatje mee gaat zingen. Het

‘Verhaal van het leven’ maakt geen gebruik van een kaart. Wel even

spannend, maar laat je verrassen.

BICKERS AAN DE WERF, BICKERSWERF 2

Op zoek naar iets anders? Ga naar het vrij nieuwe restaurant Bickers

aan de Werf. De wandeling vanaf het CS langs de wandelpromenade

aan de Westerdok is zeer de moeite waard door de vele bootjes die je

voorbij varen. Ook de bediening (de eigenaren lopen zelf rond), de

open keuken, het terras en het verrassende interieur zijn top. Zo kun je

bijvoorbeeld samen met je vriendje in een soort loveseat romantisch

tafelen. En elke keer valt de prijs ontzettend mee. Zeker als je ziet wat

je er voor krijgt!

CLUB 11, OOSTERDOKSKADE 3-5

Op de negende en tiende verdieping van het voormalig stationspostkantoor

vlakbij het Centraal Station is Club 11 gevestigd. Tot in 2006

kunnen we nog genieten van dit unieke project. Een viergangenmenu

van dertig euro is wel wat prijzig voor de gemiddelde student, maar

dan heb je wel echt wat. Het uitzicht is geweldig. In de zomer heb je de

mogelijkheid om te bbq’en op het dakterras en ondertussen kun je

gebruik maken van de hot tubs. Zelfs voor een bikini of zwembroek kan

worden gezorgd. Na het eten wordt het restaurant omgetoverd in een

hippe club met dj’s en heuse videoscreens.

SASKIA’S HUISKAMERRESTAURANT, ALBERT CUYPSTRAAT 203 C

Met wildvreemden aanschuiven aan een lange tafel bij een kookgek thuis. UvAalumnus

Saskia Bongaerts kookt op vrijdag en zaterdag in haar woning in de Pijp

een vijfgangendiner inclusief onbeperkt drinken voor 28 euro. Wil je nieuwe

mensen leren kennen in Amsterdam en tegelijk lekker eten, reserveer dan tijdig

een plekje aan tafel op www.huiskamerrestaurant.com.

Andere huiskamerrestaurantjes in Amsterdam:

www.martijnpostma.nl

www.kookfeest.nl

www.restaurantdeliefde.nl

www.eetkeuken.nl

www.like-a-local.com

21


De studie wacht wel

Als het aan staatssecretaris Mark

Rutte ligt, is hij binnenkort

uitgestorven: de eeuwige student.

Harald van Gils geeft tips om deze

status te verwerven.

Dit studiejaar bekeek ik met een meewarig

gevoel het nummer op mijn collegekaart,

het brandmerk voor studenten. Ogenschijnlijk

een onbeduidend registratienummer,

ware het niet dat de eerste twee cijfers slaan op het

jaar waarin men de studie is begonnen. Daarvoor

moet ik zelf ver terug in het verleden, laat ik het

erop houden dat ik tijdens mijn studentenbestaan

al drie WK’s voetbal heb meegemaakt, met de

vierde in zicht. Met recht mag ik mezelf dus een

eeuwige student noemen, een bedreigde soort

inmiddels. Enkele biologen hebben getracht om

me op sterk water te zetten, maar ik heb liever

alcohol ín me dan om me heen. Wat ik al die jaren

heb gedaan om deze status te verwerven?

Allereerst, groei in je rol. Dit duurt enige

jaren, maar heb geduld: Rome is ook niet

in een dag gebouwd. Je propedeuse is er

niet om in een jaar te halen, al pogen goedwillende

decanen, docenten en tempostudenten je

van het tegendeel te overtuigen. Tempostudenten

zijn te herkennen aan een hoge mate van efficiëntie

en een lage feestfactor. Als ze dan ook al

op negentienjarige leeftijd een maatpak dragen

en in hun tweede studiejaar reeds carrièredagen

bezoeken, dan heb je je ultieme tegenpool ontmoet,

de flitsstudent. Bul in vier jaar, en voor zijn

dertigste een burnout. En tijdens zijn burnout

ben jij nog student. Koffiedrinken gaat bij zo

iemand in drie minuten, terwijl een eeuwige

student een dergelijke activiteit toch wat ruimer

inplant. Zoek daarom vooral een plek waar ze

goede koffie schenken! Soms ontmoet je bij het

koffiedrinken eeuwige studenten die dat eeuwige

al te letterlijk nemen. Zo kwam ik geregeld een

grijsaard tegen die zich op gepensioneerde leeftijd

nog altijd ophoudt in en om de mensa. Zijn

monologen over het leven, de wereld, de huidige

samenleving en de op handen zijnde apocalyps

waren leuk tijdverdrijf maar stonden toch wel

erg ver van mijn belevingswereld als student af.

Houd je dus vooral bezig met de leuke kanten

van het studentenleven en maak het allemaal niet

te zwaar. Een eeuwige student is als champagne,

hij moet sprankelen!

Word ook lid van een studentenvereniging,

dat brengt allerlei studievertragende maar ook

levensvreugdeverhogende activiteiten met zich

mee. En ook niet mis, je treft er zelden tempo- en

flitsstudenten aan. Die zitten bij studieverenigingen

en hebben wel wat beters te doen, zoals

studeren in hun ivoren toren, genaamd UB. De

universiteitsbieb ken ik natuurlijk ook, althans de

benedenverdieping met haar versnaperingen.

Wat ze daarboven uitvoeren, is mij een raadsel.

Van horen zeggen meen ik dat het er als volgt aan

toe gaat: de ene helft stelt alles in het werk om de

stilte te bewaren en de andere helft doet zijn best

om die stilte te verstoren. Tja...

In een studentenvereniging daarentegen doe je

juist vaardigheden op die er in het leven werkelijk

toe doen, zoals prikkelende contacten leggen. De

andere sekse leent zich hier uitermate goed voor

en staat garant voor momenten van intense afleiding

van de studie.

Stort je in allerlei studentenevenementen,

zoals liftwedstrijden, uitwisselingen en sportevenementen.

Of word intreebegeleider. Dit staat

garant voor een hoop avontuur en afleiding.

Alles bij elkaar ben ik zeker zeven keer intreebegeleider

of medewerker geweest, tot ik het programma

kon dromen. Het leukste was altijd het

eindfeest, waar ik me kon opladen voor weer een

zwaar studiejaar. Kortom, vergeet de studie af en

toe, maar wees wel een student in al zijn glorie. Je

bent het maar eens.

Natuurlijk breng je ook tijd door in de universiteitsgebouwen

waar je geacht wordt kennis

tot je te nemen. Naast slapen en het studentenleven

in al zijn uitingen blijft er voldoende

tijd over om in deze wetenschapsbastions te

vertoeven en je in gedoseerde mate te laven aan

de bronnen van kennis die je ter beschikking

staan. Na een uitputtend college waarin je je

lotgenoten hebt begroet en de monoloog van

de eenzame man vooraan hebt aangehoord,

doe je je tegoed aan al het moois wat dit complex

nog meer te bieden heeft. REC betekent

geen Roeterseilandcomplex, maar is de afkorting

van recreatiecentrum. Hoe noem je anders

een complex dat zo ontworpen is dat jonge

mensen elkaar op allerlei manieren kunnen

ontmoeten in settings als mensa, kantine, café,

computerzaal en wandelgangen?

Wat ook goed werkt, is van studie veranderen,

het liefst meer dan een keer en na lang wikken en

wegen. Schakel hiervoor gerust een studieadviseur

of mentor in en bestook hem met al je twijfels,

bedenkingen en toekomstidealen. Dit alles

kost enige jaren en brengt de status van eeuwige

student dichter bij. Ik bleef steken op drie studies,

maar meer is geen probleem. Neem een lotgenoot

die er liefst zes wist te beginnen. Steek je

meeste tijd in het leren kennen van je nieuwe

studiegenoten, docenten en faculteiten. Schaf

22 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

ILLUSTRATIE: GUIDO VAN DRIEL

boeken en syllabi aan, maar kijk ze niet te snel in.

De studie wacht wel.

Wees niet bang dat je tot de orde wordt geroepen

door de universiteit of docenten. Je dient studiepunten

te halen, maar verder ben je niet meer

dan een nummer. Van tijd tot tijd kreeg ik een mentor

toegewezen om over mijn (gebrek aan) voortgang

te praten. Een oratie over mijn streven tot

homo universalis naast mijn studie deed meestal

wonderen. Docenten groette ik altijd beleefd om ze

te vriend te houden, als tegenwicht voor mijn trage

studiegang. Al herinnerde ik velen van hen waarschijnlijk

aan hun eigen te lange studententijd,

zodat ik toch op enige sympathie kon rekenen.

Aan werken ontkom je als student niet, zeker

niet als na enige tijd je recht op stufi verloopt.


Als dat gebeurt ben je al aardig op weg een eeuwige

student te worden, en dit is het moment om

vol te houden. Velen geven het namelijk op door

gebrek aan financiën. Ga werken, maar blijf

vooral student. Op gezette tijden dien je wel je

gezicht te laten zien op de uni. Negeer studenten

die je aanzien voor een docent, zij hebben geen

weet van je inmiddels opgebouwde status. Hoewel

de jaren op een bepaald moment gaan tellen,

houdt studeren je jong. Toen het zes jaar jongere

broertje van mijn beste studievriend ging afstuderen,

wist ik dat ik goed bezig was. Tegen zijn

studietempo was ik duidelijk niet opgewassen.

Tegen jongere studenten dien je echter een niet

al te jolige houding aan te nemen, anders loop je

het risico als lanterfanter versleten te worden.

Maar eeuwige student word je niet zomaar, het

is niet iedereen gegeven.

Spiegel je niet te veel aan voorgangers in

betere tijden, zoals de jaren zeventig en tachtig,

toen eeuwige studenten eerder regel dan uitzondering

waren. In die goeie ouwe tijd waren er nog

allerlei faciliteiten voor zulke figuren, tegenwoordig

is het bikkelen om de status van eeuwige

student te bereiken. Het huidige onderwijsbeleid

is er met uitstek op gericht langstuderenden te

ontmoedigen. Laat je hierdoor niet van de wijs

brengen; je hebt een missie!

Maar zoals met alles in het leven komt er

ook een eind aan het eeuwige studentenbestaan,

hoe gek dit ook klinkt. Dit

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

moment voelt men aankomen. Dan komt het

definitieve afscheid met het in ontvangst nemen

van de bul, een symbolisch gebaar waarmee

men een ander en ongewis leven binnenstapt.

Met een lach en misschien een traantje neem ik

binnenkort die stap in de echte wereld. Maar in

mijn hart zal ik altijd student blijven, alleen dan

zonder collegekaart met afgesleten UvA-logo...

Het waren mooie jaren met al hun hoogte- en

dieptepunten, ik zal er met weemoed aan terugdenken.

Bij deze zoek ik een waardig opvolger

die alle kneepjes van het vak beheerst. Kun jij

het aan? ❖

Het collegekaartnummer van Harald van Gils

is 9348832.

23


Sportkalender 2005-2006

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

DOOR DANIËL KNEGT

Genoeg te doen, komend studiejaar. Op het Universitaire Sportcentrum (USC) kun je dagelijks terecht.

En dan zijn er nog zeven Nationale StudentenKampioenschappen. Meld je snel aan.

Informatie: www.studentensport.nl en www.desportraad.nl.

25

FOTO: MERLIJN DOOMERNIK

3 december NSK Judo Nijmegen

4 december NSK Atletiek weg Amsterdam

10 december NK Indoorroeien Amsterdam

20-26 maart 2006 WSK Wielrennen Antwerpen

9 april 2006 123ste Varsity Houten

21 april 2006 34ste Batavierenrace Nijmegen en Enschede

mei 2006 Groot NSK 2006 Enschede

11-21 augustus Zomer Universiade Izmir (Turkije)

2 september Sportochtend Intreeweek Amsterdam

14 september 23ste Veluweloop Wageningen

17 september NSK Atletiek teams Nijmegen

24 september Hart van Brabantloop Tilburg

1 en 2 oktober NSK Zeilen individueel Heeg (Friesland)

29 november NSK Marathonschaatsen Eindhoven


Bluff Your Way into the UvA

DOOR MARCEL HULSPAS

Onwennig? Onzeker? Geen idee waar die ouderejaars het over hebben?

Geen nood. Hierbij een greep uit de hoogte- en dieptepunten van het

afgelopen UvA-jaar. Om snel en vlotjes mee te kunnen praten.

Wat was de introductie vorig jaar toch leuk! Speciaal voor de eerstejaars organiseerde

de Postbank een minuut gratis winkelen. Sommige eerstejaars reisden van

stad naar stad om een complete garderobe bijeen te grissen.

Surfen op internet is leuk en nuttig. Want zo ontdekte neerlandicus

Piet Verkruijse een zeventiende-eeuws Nederlands boek in een

Zweedse bibliotheek dat drie onbekende gedichten van Bredero

bleek te bevatten. Later ontdekte hij er al surfend nog eens twintig!

26 FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

Wonen op een cruiseschip, het lijkt een droom. Rochdale One, zo

heet de imposante schuit die daarvoor een jaar geleden aan de kade

werd gelegd. Begin december 2004 moesten de opvarenden echter

gedurende enkele weken de waterkraan mijden en douchen aan

vaste wal. De legionellabacterie zat in de waterleidingen.

Op donderdag 24 februari 2005 trokken tweehonderd rechtenstudenten en enkele

tientallen docenten richting Maagdenhuis uit protest tegen de overeenkomst (‘convenant’)

die de faculteit met het College van Bestuur had gesloten. Evelien van Roemburg,

voorzitter van de Facultaire Studentenraad – sinds kort ook voorzitter van het

Interuniversitair Studenten Overleg – legt collegevoorzitter Sijbolt Noorda hier per

megafoon uit wat er moet gebeuren.


Is Amsterdam klaar voor een grote terroristische aanslag? Om dat te testen organiseerde

de gemeente Amsterdam begin april de oefening Bonfire. De Arena werd

gevuld met Ali B en achtduizend studenten, die op commando het stadion moesten

verlaten. Belangrijkste lessen: Amsterdam is niet klaar en studenten zijn niet vooruit

te branden.

De 122ste Varsity (een wedstrijd tussen studentenroeiverenigingen,

tevens het hoogtepunt van het roeiseizoen) werd eindelijk weer eens

gewonnen door de mannen van Nereus. Niet echt een wonder: drie

van de vier roeiers waren van olympische kwaliteit. Na afloop was er

de traditionele duik met stropdas.

FOLIA 01 JAARGANG 59 02 SEPTEMBER 2005

UIT HET NIEUWS

Ook de UvA heeft last van krakers. In augustus vorig jaar stapte UvA

Vastgoed naar de rechter om in een kort geding de uitzetting te eisen

van de krakers die op Sarphatistraat 131 een Hoge Fietsen Faculteit

waren begonnen. De rechter sommeerde de krakers te vertrekken

omdat het pand volgens UvA Vastgoed was verhuurd aan een bruidsmodezaak.

Maar een bruidsmodezaak is er merkwaardig genoeg nooit

gekomen. StudieJob klom erin. Voor het betere bijbaantje.

Hevige sneeuwval leidde op 2 maart 2005 tot grote verkeerschaos, geruchten over

ijstijden en het ineenstorten van de door windturbines overeind gehouden blaashal

van het USC. De tennissers stonden in de kou.

Op maandag 28 februari, om half zeven ’s avonds,

drongen honderdvijftig studenten het Maagdenhuis

binnen. Staatssecretaris Rutte had gezegd dat studenten

moesten protesteren tegen het onderwijsbeleid,

en dat deden ze dus. Eerste eis: Rutte naar

Amsterdam. Tweede eis: Ruttes plannen van tafel. In

de loop van de avond werd duidelijk dat Rutte protesteren

propageert, maar niet serieus neemt. Hij deed

niks. Het College van Bestuur bestelde wat MEbusjes.

Dinsdagochtend om drie uur was de tiende

Maagdenhuisbezetting voorbij.

27

More magazines by this user
Similar magazines