tussen woord en daad - Adviesraad Internationale Vraagstukken

aiv.advies.nl

tussen woord en daad - Adviesraad Internationale Vraagstukken

In zijn Advisory Opinion komt het Hof met een stemverhouding van 14 tegen een 29

tot de conclusie dat de bouw van de Israëlische afscheidingsmuur strijdig is met

internationaal recht en dat Israël zorg dient te dragen voor volledige schadevergoeding. De

schendingen van internationaal recht betreffen onder meer het recht op zelfbeschikking

van het Palestijnse volk (en de plicht van Israël om dat recht te respecteren), de

bewegingsvrijheid voor alle inwoners van de bezette gebieden, het recht op werk, het

recht op gezondheidszorg en het recht op onderwijs. Verder stelt het Hof dat de muur en

de nederzettingen bijdragen aan het veranderen van de demografische samenstelling

van de bezette gebieden en daarmee schendingen opleveren van de Vierde Geneefse

Conventie (inzake de bescherming van burgers in oorlogstijd) en relevante resoluties van

de VN-Veiligheidsraad. Daarnaast stelt het Hof dat het niet overtuigd is dat de specifieke

route die Israël heeft gekozen voor het bouwen van de muur noodzakelijk was vanuit een

oogpunt van veiligheid. Ook concludeert het Hof dat Israël zich niet kan beroepen op het

recht op zelfverdediging, zoals dat in het internationale recht vorm heeft gekregen. Ook om

die reden moet de bouw van de muur volgens het Hof als illegaal worden beschouwd.

Eveneens met 14 tegen een spreekt het Hof uit dat de VN, in het bijzonder de Algemene

Vergadering en de Veiligheidsraad, moeten nagaan welke verdere actie nodig is om ervoor

te zorgen dat er een eind komt aan deze illegale situatie. Tevens stelt het vast dat op alle

VN-lidstaten de plicht rust de illegale situatie niet te erkennen en geen hulp te verlenen

bij de instandhouding daarvan, en dat zij erop moeten toezien dat elke belemmering

van het Palestijns recht op zelfbeschikking die van de muur uitgaat tot een eind wordt

gebracht. 30 Na het uitkomen van de Advisory Opinion vroeg de Algemene Vergadering om

integrale uitvoering ervan. Zij deed dat met een stemverhouding van 150 vóór (waaronder

Nederland), zes tegen en tien onthoudingen. 31

Ook los van ‘de muur’ kan er geen misverstand over bestaan dat de Vierde Geneefse

Conventie in de Palestijnse Gebieden van kracht is, zoals ook de Commissie van

Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) in een advies uit 2002 vaststelde:

‘Samenvattend is de CAVV van oordeel dat de Vierde Geneefse Conventie in alle relevante

perioden (vanaf 1967 tot de inwerkingtreding van de Oslo-akkoorden, vervolgens tot

het uitbreken van de tweede Intifadah en ten slotte vanaf het uitbreken van de tweede

29 De tegenstem was afkomstig van de Amerikaanse rechter Buergenthal. In zijn dissenting opinion

concludeerde hij dat het Hof het verzoek om een advies niet had moeten aannemen. In zijn ogen kon er

zeer wel sprake zijn van schendingen van internationaal recht, maar om dat vast te stellen had het Hof

meer informatie van vooral Israëlische kant bij zijn oordeel moeten betrekken. Het probleem echter, aldus

Buergenthal, was dat Israël gezien de aard van de procedure – advies in plaats van een geschil tussen

twee staten – niet verplicht was die informatie te verstrekken.

Bron: , par. 10.

De Nederlandse rechter Kooijmans, die tot de voorstemmers behoorde, formuleerde een separate

opinion. Daarin bracht hij tot uitdrukking te hebben geworsteld met de vraag of het Hof wel een advies

moest geven, gezien het risico van politisering van het Hof en gezien het feit dat drie deelnemers aan het

Kwartet weinig tot niets voelden voor het vragen van een advies. In Kooijmans’ ogen had de Algemene

Vergadering van de VN dat risico van politisering onder ogen moeten zien toen zij het adviesverzoek deed.

Bron: , par. 20 en 21.

30 Ibid., par. 146.

31 UN Doc. A/RES/ES-10/15, 2 augustus 2004. Zie ook: .

17

More magazines by this user
Similar magazines