06.08.2013 Views

Rapport KA visvijver Balk - HSV de Bears

Rapport KA visvijver Balk - HSV de Bears

Rapport KA visvijver Balk - HSV de Bears

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

<strong>Rapport</strong> Visserijkundig On<strong>de</strong>rzoek<br />

Visvijver<br />

te <strong>Balk</strong><br />

<strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong>


<strong>Rapport</strong><br />

Visserijkundig On<strong>de</strong>rzoek<br />

Visvijver te <strong>Balk</strong><br />

Op 9 maart 2011<br />

uitgevoerd in opdracht van <strong>de</strong><br />

<strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

Door:<br />

M.K. Hoorweg


Statuspagina<br />

Titel Visserijkundig On<strong>de</strong>rzoek Visvijver te <strong>Balk</strong><br />

Samenstelling Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland<br />

Postbus 162<br />

3720 AD BILTHOVEN<br />

E-mail info@sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl<br />

Homepage www.sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl<br />

Opdrachtgever <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

Homepage www.hsv-<strong>de</strong>-bears.nl<br />

Auteur(s) M.K. Hoorweg<br />

E-mailadres Hoorweg@sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl<br />

Aantal pagina‟s 56<br />

Trefwoor<strong>de</strong>n Visstand, <strong>visvijver</strong>, <strong>Balk</strong><br />

Versie Concept<br />

Projectnummer AVK2011004<br />

Registratienummer 2<strong>de</strong>l1025/11<br />

Datum (datum oplevering)<br />

Bibliografische referentie:<br />

M.K. Hoorweg, 2009. Visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek Visvijver te <strong>Balk</strong>, Sportvisserij<br />

Ne<strong>de</strong>rland, Bilthoven in opdracht van <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

© Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland, Bilthoven<br />

Niets uit dit rapport mag wor<strong>de</strong>n vermenigvuldigd door mid<strong>de</strong>l van druk, fotokopie,<br />

microfilm of op welke an<strong>de</strong>re wijze dan ook zon<strong>de</strong>r voorafgaan<strong>de</strong> schriftelijke<br />

toestemming van <strong>de</strong> copyrighthou<strong>de</strong>r en <strong>de</strong> <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong>.<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland is niet aansprakelijk voor gevolgscha<strong>de</strong>, alsme<strong>de</strong> scha<strong>de</strong> welke<br />

voortvloeit uit toepassing van <strong>de</strong> resultaten van werkzaamhe<strong>de</strong>n of an<strong>de</strong>re gegevens<br />

verkregen van Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland.


Samenvatting<br />

Op 9 maart 2011 is op verzoek van <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong> te <strong>Balk</strong> door<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland een visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek uitgevoerd in<br />

Visvijver te <strong>Balk</strong><br />

De <strong>visvijver</strong> te <strong>Balk</strong> heeft een oppervlak van 1,7 hectare. De gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong><br />

diepte is 0,75 meter en <strong>de</strong> oevers zijn voor circa 50% beschoeid. Er is een<br />

baggerlaag aanwezig van gemid<strong>de</strong>ld 30 centimeter. In <strong>de</strong> zomer is er<br />

re<strong>de</strong>lijk veel waterplantengroei in het water aanwezig, tot wel 60%. De<br />

afwatering van het achterliggen<strong>de</strong> agrarisch gebied vind plaats via <strong>de</strong><br />

<strong>visvijver</strong> die vervolgens overstort in <strong>de</strong> Luts.<br />

Er wordt gevist op karper, witvis en roofvis. De hengeldruk is echter laag.<br />

De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> woonwijk zijn goed bereik- en bevisbaar.<br />

De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> N359 zijn veelal dichtgegroeid met houtige<br />

gewassen en dus moeilijk bevisbaar.<br />

De <strong>visvijver</strong> te <strong>Balk</strong> wordt qua milieukenmerken getypeerd als het<br />

zogenaam<strong>de</strong> blankvoorn-brasemviswatertype. De draagkracht van het<br />

water ligt op circa 500-600 kg/ha. De bestandsschatting van <strong>de</strong> huidige<br />

vispopulatie bedraagt circa 550 tot 600 kg/ha en zit daarmee aan <strong>de</strong><br />

maximale visbezetting van <strong>de</strong> vijver.<br />

Tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong> visstandbemonstering zijn 13 vissoorten gevangen. De meeste<br />

soorten behoren tot <strong>de</strong> hoofdgroep eurytope vissoorten. Dit betreft <strong>de</strong><br />

soorten baars, brasem, blankvoorn, karper en pos. Limnofiele soorten als<br />

ruisvoorn, snoek en zeelt komen weinig voor en <strong>de</strong> gevangen aantallen<br />

van <strong>de</strong>ze soorten zijn ook laag.<br />

De vangst bestond qua aantallen voornamelijk uit vetje. Qua gewicht<br />

bestond <strong>de</strong> vangst voor het grootste <strong>de</strong>el uit karper, gevolgd door<br />

brasem. De belangrijkste predator is <strong>de</strong> snoek.<br />

De predatie door aalscholver is goed waarneembaar in het visbestand,<br />

omdat <strong>de</strong> vis tussen <strong>de</strong> 15 en 40 centimeter vrijwel ontbreekt.<br />

De vijver is erg ondiep. Het water is op veel plaatsen niet dieper dan 50<br />

centimeter. Het water kent weinig tot geen structuur. Langs <strong>de</strong> oevers<br />

groeiend riet en overhangen<strong>de</strong> takken zijn door <strong>de</strong> ondiepe oevers voor<br />

vis slecht bereikbaar.<br />

Om meer structuur, variatie en overwinteringplaatsen te realiseren wordt<br />

aangera<strong>de</strong>n <strong>de</strong> kommetjes van <strong>de</strong> vijver te baggeren tot een diepte van<br />

circa 150 en <strong>de</strong> verbindingsstukken tot circa 75 centimeter.<br />

Voor het creëren van paai-, schuil- en opgroeimogelijkhe<strong>de</strong>n wor<strong>de</strong>n<br />

enkele inrichtingsmaatregelen voorgesteld, zoals <strong>de</strong> realisatie van een<br />

natuurlijke oevers, het afzinken van takkenbossen en/of bomen in het<br />

water en het plaatsen van gaaskooien.


Inhoudsopgave<br />

1 Inleiding .................................................................................. 7<br />

1.1 Inleiding .......................................................................... 7<br />

1.2 Leeswijzer ....................................................................... 8<br />

2 Algemene gegevens .................................................................. 9<br />

2.1 Gebiedsbeschrijving .......................................................... 9<br />

2.2 Visrecht en bevissing ........................................................ 9<br />

2.3 Visserijbeheer ................................................................ 10<br />

3 Viswatertypering en draagkracht .............................................. 11<br />

3.1 Typering van <strong>de</strong> Visvijver te <strong>Balk</strong> ...................................... 11<br />

3.2 Draagkracht van <strong>de</strong> Visvijver ........................................... 13<br />

4 Uitvoering van het visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek .............................. 15<br />

4.1 Visstandbemonstering ..................................................... 15<br />

4.2 Vison<strong>de</strong>rzoek en gegevensverwerking ............................... 16<br />

5 Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek ......................................... 20<br />

5.1 Soortensamenstelling ...................................................... 20<br />

5.2 Lengte-frequentie en conditie ........................................... 21<br />

5.3 Bestandsschatting .......................................................... 27<br />

6 Bespreking en knelpunten ....................................................... 29<br />

6.1 Bespreking .................................................................... 29<br />

6.2 Knelpunten .................................................................... 31<br />

7 Aanbevelingen ....................................................................... 32<br />

7.1 Visserijbeheer ................................................................ 32<br />

7.2 Inrichtingsmaatregelen ................................................... 33<br />

7.3 Subsidie ........................................................................ 37<br />

7.4 Evaluatieon<strong>de</strong>rzoek ......................................................... 38<br />

Literatuur ...................................................................................... 40<br />

Bijlagen ........................................................................................ 41


1 Inleiding<br />

1.1 Inleiding<br />

- Inleiding -<br />

Op verzoek van <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong> is op 9 maart 2011 door Sportvisserij<br />

Ne<strong>de</strong>rland een visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek uitgevoerd in <strong>de</strong> Visvijver te <strong>Balk</strong>.<br />

Topografische on<strong>de</strong>rgrond: © Topografische Dienst, Emmen<br />

Figuur 1.1 Overzichtskaart Visvijver te <strong>Balk</strong>.<br />

Aanleiding van <strong>de</strong> aanvraag voor het visserijkundige on<strong>de</strong>rzoek komt<br />

voort uit <strong>de</strong> slechte hengelvangsten. Het afgelopen jaar is er een<br />

viswedstrijd georganiseerd waaraan 30 kin<strong>de</strong>ren <strong>de</strong>elnamen. In 2 uur tijd<br />

zijn er slechts 15 vissen gevangen. Daarnaast is <strong>de</strong> gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> afmeting<br />

van <strong>de</strong> vis die gevangen wordt erg klein.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

7


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

1.2 Leeswijzer<br />

In hoofdstuk 2 wordt het water, <strong>de</strong> bevissing en het gevoerd beheer<br />

beschreven. In hoofdstuk 3 wordt een uitleg gegeven over <strong>de</strong><br />

visstandtypering van <strong>de</strong> Ne<strong>de</strong>rlandse ondiepe en stilstaan<strong>de</strong> wateren en er<br />

wordt een uitleg gegeven over <strong>de</strong> draagkracht van een water.<br />

In hoofdstuk 4 wordt een beschrijving gegeven van het uitgevoer<strong>de</strong><br />

on<strong>de</strong>rzoek naar <strong>de</strong> visstand en <strong>de</strong> gegevensverwerking.<br />

In hoofdstuk 5 wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong> resultaten van <strong>de</strong> visstandbemonstering<br />

beschreven aan <strong>de</strong> hand van <strong>de</strong> soortsamenstelling, <strong>de</strong> lengtefrequentiever<strong>de</strong>ling<br />

en <strong>de</strong> conditie van <strong>de</strong> aangetroffen visstand.<br />

Vanuit <strong>de</strong> bespreking wor<strong>de</strong>n knelpunten geformuleerd in Hoofdstuk 6. In<br />

hoofdstuk 7 wor<strong>de</strong>n op basis van <strong>de</strong> gesignaleer<strong>de</strong> knelpunten<br />

aanbevelingen gedaan op het gebied van Visserijbeheer en/of<br />

Inrichtingsmaatregelen.<br />

Het rapport wordt besloten met bijlagen en een profiel van <strong>de</strong><br />

aangetroffen vissoorten.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

8


2 Algemene gegevens<br />

2.1 Gebiedsbeschrijving<br />

- Algemene gegevens -<br />

De Visvijver is gelegen bij <strong>Balk</strong> in <strong>de</strong> provincie Friesland. Het water is zo‟n<br />

450 meter lang en heeft een oppervlak van 1,7 hectare. De breedte is<br />

gemid<strong>de</strong>ld 35 meter.<br />

De gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> diepte is 0,75 meter en <strong>de</strong> grootste diepte is an<strong>de</strong>rhalve<br />

meter. De bo<strong>de</strong>m bestaat uit zand en klei. Op <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m bevindt zich een<br />

mod<strong>de</strong>rlaag met een dikte variërend van 10 tot 40 centimeter. De totale<br />

oeverlengte is ruim an<strong>de</strong>rhalve kilometer. De taludhelling is overwegend<br />

flauw.<br />

De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> woonwijk zijn beschoeid en bie<strong>de</strong>n weinig<br />

schuilgelegenheid voor vis. De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> N359 hebben<br />

een natuurlijk karakter, dit is circa 50% van <strong>de</strong> totale oever. Langs <strong>de</strong>ze<br />

oever staat wat riet en vin<strong>de</strong>n vissen schuilgelegenheid on<strong>de</strong>r <strong>de</strong> over- en<br />

inhangen<strong>de</strong> takken en wortels van houtige gewassen. In <strong>de</strong> zomer is circa<br />

30% van het wateroppervlak be<strong>de</strong>kt door drijfbladplanten (gele plomp).<br />

Daarnaast is er een be<strong>de</strong>kking van circa 5% door bovenwaterplanten en<br />

40% on<strong>de</strong>rwaterplanten.<br />

Er staat geen stroming in het water. Het water wordt gevoed door regen-<br />

en kwelwater. Daarnaast vindt <strong>de</strong> afwatering van het achterliggen<strong>de</strong><br />

agrarisch gebied plaats via <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong>. De <strong>visvijver</strong> stort vervolgens over<br />

in <strong>de</strong> Luts. De Luts is een kanaal, die vanuit het Slotermeer door <strong>de</strong><br />

gemeente <strong>Balk</strong> heen loopt. Bij hoogwater in <strong>de</strong> Luts stort <strong>de</strong>ze over in <strong>de</strong><br />

<strong>visvijver</strong> door mid<strong>de</strong>l van een duiker. De duiker is in <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> afgezet<br />

met een damwand, waardoor <strong>de</strong>ze alleen passeerbaar is voor (kleine) vis<br />

bij een hoge waterstand. Waterpeilschommelingen zijn beperkt en vormen<br />

geen probleem voor <strong>de</strong> ontwikkeling van <strong>de</strong> vegetatie of <strong>de</strong> vis.<br />

Op het water komen volgens <strong>de</strong> vereniging gemid<strong>de</strong>ld 4 aalscholvers per<br />

dag voor.<br />

2.2 Visrecht en bevissing<br />

De eigenaar van <strong>de</strong> Visvijver is Gaasterlân-Sleat. <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong> huurt het<br />

volledige visrecht van <strong>de</strong> Visvijver te <strong>Balk</strong>. <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong> is aangesloten<br />

bij <strong>de</strong> Sportvisserij Fryslân. De Visvijver is niet opgenomen in <strong>de</strong><br />

fe<strong>de</strong>ratieve en lan<strong>de</strong>lijke lijst van viswateren <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong> heeft 750<br />

le<strong>de</strong>n. Ver<strong>de</strong>r wor<strong>de</strong>n er jaarlijks circa 25 losse vergunningen uitgegeven.<br />

Het water is niet vrij voor het vissen met één hengel. Op het water is<br />

nachtvissen niet toegestaan. Naast sportvisserij wordt er in <strong>de</strong> zomer<br />

gezwommen in <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong>. De <strong>visvijver</strong> heeft vanuit <strong>de</strong> provincie een<br />

functietoekenning gekregen van natuur.<br />

Er wordt gevist op witvis, karper en snoek. De hengeldruk op <strong>de</strong>ze<br />

vissoorten is laag. Volgens <strong>de</strong> vereniging zijn <strong>de</strong> hoeveelhe<strong>de</strong>n van <strong>de</strong><br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

9


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

aanwezige vissoorten laag. Het formaat vis is ook klein tot gemid<strong>de</strong>ld. De<br />

conditie van <strong>de</strong> vissen is goed. Veel voorkomen<strong>de</strong> vissoorten zijn brasem,<br />

blankvoorn, karper en snoek. Min<strong>de</strong>r voorkomen<strong>de</strong> vissoorten zijn baars,<br />

snoekbaars en zeelt.<br />

In <strong>de</strong> zomer zijn er op een gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> door<strong>de</strong>weekse werkdag circa acht<br />

sportvissers aanwezig. In weeken<strong>de</strong>n kan dit aantal oplopen tot circa tien<br />

sportvissers. Op topdagen zijn er tot 20 sportvissers actief in <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong>.<br />

De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> woonwijk zijn goed bereik- en<br />

bevisbaarbaar. De bevisbaarheid van <strong>de</strong> oevers wordt enigszins<br />

bemoeilijkt door weggeslagen oevers, waardoor er ruimte tussen het<br />

water en <strong>de</strong> oever zijn ontstaan die een gevaar vormen voor mens en<br />

dier. De oevers aan <strong>de</strong> kant van <strong>de</strong> N359 zijn veelal dichtgegroeid met<br />

houtige gewassen en dus moeilijk bevisbaar.<br />

2.3 Visserijbeheer<br />

Het waterschap Zui<strong>de</strong>rzeeland is verantwoor<strong>de</strong>lijk voor het<br />

waterkwaliteitsbeheer. De gemeente is verantwoor<strong>de</strong>lijk voor het<br />

kwantiteitsbeheer van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong>. Er is geen beheerplan voor het water<br />

aanwezig.<br />

In <strong>de</strong> Visvijver te <strong>Balk</strong> is in het verle<strong>de</strong>n geen vissterfte voorgekomen.<br />

In 2010 zijn er door <strong>de</strong> vereniging vijf graskarper van gemid<strong>de</strong>ld 40<br />

centimeter uitgezet. Er hebben geen ver<strong>de</strong>re uitzettingen van vis<br />

plaatsgevon<strong>de</strong>n.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

10


3 Viswatertypering en draagkracht<br />

3.1 Typering van <strong>de</strong> Visvijver te <strong>Balk</strong><br />

- Viswatertypering en draagkracht -<br />

De inrichting van een water bepaalt in sterke mate welke visstand zich<br />

uitein<strong>de</strong>lijk kan ontwikkelen. De aanwezigheid van waterplanten is hierbij<br />

een belangrijke sturen<strong>de</strong> factor. Waterplanten vervullen in meer<strong>de</strong>re<br />

opzichten een belangrijke functie voor <strong>de</strong> aanwezige visstand. De<br />

volgen<strong>de</strong> typen waterplanten kunnen wor<strong>de</strong>n on<strong>de</strong>rschei<strong>de</strong>n:<br />

bovenwaterplanten (emerse waterplanten, o.a. riet, lisdod<strong>de</strong>)<br />

on<strong>de</strong>rwaterplanten (submerse waterplanten, o.a. waterpest, hoornblad)<br />

drijfbladplanten (o.a. gele plomp, waterlelie)<br />

Veel vissoorten gebruiken in het voorjaar <strong>de</strong> (resten van) waterplanten<br />

om <strong>de</strong> eieren op af te zetten. Het zijn vooral <strong>de</strong> boven- en<br />

on<strong>de</strong>rwaterplanten die hiervoor het meest wor<strong>de</strong>n benut. De planten<br />

bie<strong>de</strong>n <strong>de</strong> vis daarnaast bescherming tegen predatoren (roofvis, viseten<strong>de</strong><br />

vogels) en beschutting tegen stroming. Vooral voor jonge vis is <strong>de</strong>ze<br />

beschutting erg belangrijk. Op en tussen <strong>de</strong> planten bevin<strong>de</strong>n zich<br />

bovendien tal van organismen die een belangrijke voedselbron vormen<br />

voor vis.<br />

In een natuurlijke situatie is een gelei<strong>de</strong>lijke overgang van land naar<br />

water te zien, waarbij oevervegetatie overgaat in bovenwaterplanten,<br />

gevolgd door drijfbladplanten en vervolgens on<strong>de</strong>rwaterplanten. De<br />

taludhelling en het doorzicht van het water bepalen hierbij <strong>de</strong><br />

groeimogelijkhe<strong>de</strong>n. Omdat waterplanten voor hun groei zonlicht nodig<br />

hebben, zijn <strong>de</strong> groeimogelijkhe<strong>de</strong>n in ondiep en hel<strong>de</strong>r water bedui<strong>de</strong>nd<br />

beter dan in diep en/of troebel water. On<strong>de</strong>rwaterplanten zijn in <strong>de</strong> regel<br />

indicatief voor hel<strong>de</strong>r water.<br />

Een water met een rijk waterplantenbestand – mits visvrien<strong>de</strong>lijk<br />

on<strong>de</strong>rhou<strong>de</strong>n- kan ruimte bie<strong>de</strong>n aan veel verschillen<strong>de</strong> vissoorten,<br />

waaron<strong>de</strong>r plantenminnen<strong>de</strong> vissoorten als ruisvoorn en zeelt. In een<br />

troebel, plantenarm water zal zich over het algemeen een soortenarme<br />

visstand ophou<strong>de</strong>n, met waarschijnlijk brasem als meest voorkomen<strong>de</strong><br />

vissoort. De verschillen<strong>de</strong> typen wateren, variërend van hel<strong>de</strong>r en<br />

begroeid tot troebel en onbegroeid, zijn door Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland<br />

(Zoetemeyer & Lucas, 2007) on<strong>de</strong>rver<strong>de</strong>eld in vijf “viswatertypen” (zie<br />

ook figuur 1.2):<br />

het baars-blankvoorntype,<br />

het ruisvoorn-snoektype,<br />

het snoek-blankvoorntype,<br />

het blankvoorn-brasemtype,<br />

en het brasem-snoekbaarstype.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

11


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Figuur 1.2 De verschillen<strong>de</strong> viswatertypen van het ondiepe, stilstaan<strong>de</strong><br />

water.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

12<br />

Baarsblankvoorn<br />

viswatertype<br />

Ruisvoornsnoek<br />

viswatertype<br />

Snoekblankvoorn<br />

viswatertype<br />

Blankvoornbrasem<br />

viswatertype<br />

Brasemsnoekbaars<br />

viswatertype


- Viswatertypering en draagkracht -<br />

Van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> zijn geen milieugegevens bekend. Ten tij<strong>de</strong> van <strong>de</strong><br />

visstandbemonstering had het water een doorzicht van circa 40<br />

centimeter en had een neutrale geur. De <strong>visvijver</strong> heeft in <strong>de</strong><br />

zomermaan<strong>de</strong>n een waterplantenbe<strong>de</strong>kking tot circa 60%.<br />

De resultaten geven geen aanleiding om problemen met <strong>de</strong> waterkwaliteit<br />

te verwachten.<br />

De huidige<br />

situatie van<br />

Visvijver:<br />

blankvoornbrasem<br />

viswatertype<br />

De Visvijver wordt qua milieukenmerken getypeerd als het zogenaam<strong>de</strong><br />

blankvoorn-brasem viswatertype (zie ook tabel 3.1 viswatertypering). Dit<br />

viswatertype heeft een begroeiing met waterplanten van 10% tot 20% en<br />

een doorzicht van 40 tot 60 centimeter. Kenmerken<strong>de</strong> vissoorten van dit<br />

watertype zijn blankvoorn en brasem en <strong>de</strong> belangrijkste roofvis is <strong>de</strong><br />

snoekbaars.<br />

3.2 Draagkracht van <strong>de</strong> Visvijver<br />

On<strong>de</strong>r <strong>de</strong> draagkracht van een watertype wordt verstaan <strong>de</strong> maximale<br />

hoeveelheid vis (uitgedrukt in kilogrammen per hectare) die afhankelijk<br />

van <strong>de</strong> heersen<strong>de</strong> milieuomstandighe<strong>de</strong>n (bo<strong>de</strong>msamenstelling,<br />

voedselrijkdom, zichtdiepte, diepteverloop, waterplanten) bij een goe<strong>de</strong><br />

conditie van <strong>de</strong> kenmerken<strong>de</strong> vissoorten in dat watertype kan<br />

voorkomen.<br />

In een water van het blankvoorn-brasemviswatertype is <strong>de</strong> draagkracht<br />

ongeveer 350 tot 600 kilogram vis per hectare, waarbij <strong>de</strong> spreiding in<br />

draagkracht afhankelijk is van <strong>de</strong> voedselrijkdom van het water (vooral<br />

het gevolg van <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>msoort, zand, klei of veen).<br />

In <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> lijkt <strong>de</strong> voedselrijkdom gemid<strong>de</strong>ld tot hoog. Op grond van<br />

<strong>de</strong> bo<strong>de</strong>msamenstelling en <strong>de</strong> heersen<strong>de</strong> milieuomstandighe<strong>de</strong>n zal <strong>de</strong><br />

draagkracht van <strong>de</strong> Visvijver ongeveer 500 tot 600 kilogram vis per<br />

hectare bedragen.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

13


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Tabel 3.1 Viswatertypering ondiepe, stilstaan<strong>de</strong> en langzaam stromen<strong>de</strong> wateren<br />

(Zoetemeyer & Lucas, 2007)<br />

viswatertype baars<br />

blankvoorn<br />

ruisvoorn<br />

snoek<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

14<br />

snoek<br />

blankvoorn<br />

blankvoorn<br />

brasem<br />

brasem<br />

snoekbaars<br />

planten<br />

bovenwater matig veel matig matig weinig - matig<br />

drijfblad weinig veel matig - veel weinig - matig geen - weinig<br />

on<strong>de</strong>rwater matig veel weinig geen geen<br />

be<strong>de</strong>kking % 10-60% 60-100% 20-60% 10-20% 0-10%<br />

vissoorten<br />

aal + + + + +<br />

baars + +/- ++ + +<br />

bittervoorn* + ++ ++ +/- -<br />

blankvoorn + +/- ++ ++ +<br />

brasem +/- +/- + ++ ++<br />

grote<br />

mod<strong>de</strong>rkruiper<br />

+/- ++ + +/- -<br />

karper - ++ ++ +/- -<br />

kleine<br />

mod<strong>de</strong>rkruiper<br />

+ ++ ++ +/- -<br />

kolblei +/- +/- ++ + +<br />

kroeskarper +/- ++ + +/- -<br />

kwabaal* + +/- +/- +/- -<br />

meerval - +/- ++ ++ +/pos<br />

+/- +/- + ++ ++<br />

rivierdon<strong>de</strong>rpad* + +/- +/- +/- -<br />

riviergron<strong>de</strong>l + + + + +/-<br />

ruisvoorn +/- ++ ++ +/- -<br />

snoek - ++ ++ + +/-<br />

snoekbaars - - +/- ++ ++<br />

stekelbaars (3d) + ++ ++ +/- -<br />

stekelbaars (10d) + ++ ++ +/- -<br />

vetje + + + + +/-<br />

zeelt +/- ++ + +/- -<br />

draagkracht 10-100 kg/ha 100-350 kg/ha 300-500 kg/ha 350-600 kg/ha 450-800 kg/ha<br />

voedselrijkdom<br />

fosfaatgehalte<br />

(oligo)mesotroof<br />

voedselarm<br />

0,1 mg P/l<br />

rivierdon<strong>de</strong>rpad: afhankelijk van stenig substraat in combinatie met waterturbulentie (bijv. stroming).


- Uitvoering van het visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

4 Uitvoering van het visserijkundig<br />

on<strong>de</strong>rzoek<br />

4.1 Visstandbemonstering<br />

Tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong> visstandbemonstering is een <strong>de</strong>el van <strong>de</strong> Visvijver, on<strong>de</strong>r<br />

verantwoor<strong>de</strong>lijkheid van Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland, door Visserijbedrijf<br />

Kalkman met een zegen bevist. Met <strong>de</strong> zegen, van 75 meter lengte en een<br />

gestrekte maaswijdte van 24 millimeter in <strong>de</strong> zegenzak, zijn in totaal vijf<br />

trekken uitgevoerd. Tevens zijn, door me<strong>de</strong>werkers van Sportvisserij<br />

Ne<strong>de</strong>rland met een elektro-visapparaat met een vermogen van vijf kW, <strong>de</strong><br />

oevers afgevist. De gevangen vis is direct met beugels overgebracht in<br />

teilen en naar <strong>de</strong> verwerkingsplaats gebracht.<br />

Met <strong>de</strong> zegen is circa 0,45 hectare water bevist. Alvorens <strong>de</strong> zegenvisserij<br />

heeft plaatsgevon<strong>de</strong>n zijn enkele keernetten uitgezet zodat <strong>de</strong> vijver in<br />

verschillen<strong>de</strong> compartimenten is ver<strong>de</strong>eld, waardoor <strong>de</strong> vis niet kan<br />

ontsnappen naar an<strong>de</strong>re <strong>de</strong>len van het water. Hierdoor is <strong>de</strong> vijver zeer<br />

effectief per compartiment afgevist en is circa 70% van <strong>de</strong> populatie<br />

brasem en karper gevangen. Naast <strong>de</strong> zegen is er met het<br />

elektrovisapparaat circa 1170 meter van <strong>de</strong> oeverlengte bevist (zie figuur<br />

4.1). Hiermee is ruimschoots voldaan aan <strong>de</strong> richtlijnen van het STOWA<br />

(STOWA, 2002) voor Visstandbemonsteringen.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

15


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Topografische on<strong>de</strong>rgrond: © Topografische Dienst, Emmen<br />

Figuur 4.1 Overzichtskaart uitgevoer<strong>de</strong> visserijen.<br />

beviste oeverlengte met het elektro-visapparaat<br />

ligging zegentrekken<br />

geplaatste keernet<br />

4.2 Vison<strong>de</strong>rzoek en gegevensverwerking<br />

Alle gevangen vis werd kort voor het meten en wegen in een speciale<br />

verdovingsvloeistof licht verdoofd. Hierdoor kon <strong>de</strong> vis gemakkelijk<br />

gemeten en gewogen wor<strong>de</strong>n zon<strong>de</strong>r al te veel kans op beschadiging en<br />

stressverschijnselen.<br />

De gegevens zijn ingevoerd in het computerprogramma Piscaria. Piscaria<br />

is <strong>de</strong> lan<strong>de</strong>lijke databank van <strong>de</strong> STOWA en Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland,<br />

waarin diverse on<strong>de</strong>rzoeksbureaus, waterbeheer<strong>de</strong>rs en<br />

hengelsportorganisaties visserijgegevens invoeren. De databank wordt<br />

beheerd door Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland en is gekoppeld aan internationale<br />

netwerken. Voor meer informatie zie: www.piscaria.nl.<br />

Het programma Piscaria berekent vervolgens tabellen, aan<strong>de</strong>elgrafieken,<br />

lengtefrequentiever<strong>de</strong>lingen en conditiegrafieken volgens <strong>de</strong> door STOWA<br />

vastgestel<strong>de</strong> standaar<strong>de</strong>n, welke aansluiten bij <strong>de</strong> Ka<strong>de</strong>rrichtlijn water.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

16


- Uitvoering van het visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Tabellen<br />

In tabel 5.1 wordt per vissoort <strong>de</strong> gevangen aantallen en <strong>de</strong> biomassa<br />

(gewicht) vermeld. De biomassa is bepaald aan <strong>de</strong> hand van een voor<br />

Ne<strong>de</strong>rland algemeen gel<strong>de</strong>n<strong>de</strong> Lengte-Gewichtsrelatie (Klein Breteler & <strong>de</strong><br />

Laak, 2003). Van ie<strong>de</strong>re vissoort is ook het bereken<strong>de</strong> minimum en<br />

maximum gewicht vermeld. Voor <strong>de</strong> hengelsport belangrijke vissoorten<br />

(brasem, karper, snoekbaars en snoek) zijn <strong>de</strong> in het veld bepaal<strong>de</strong><br />

maximum gewichten vermeld. In <strong>de</strong> tabel zijn ook <strong>de</strong> minimum- en<br />

maximum lengtes van <strong>de</strong> gevangen vissen vermeld en ook het totaal<br />

aantal gevangen vissen en het bereken<strong>de</strong> vangstgewicht.<br />

Aan<strong>de</strong>elgrafieken<br />

Het aan<strong>de</strong>el van <strong>de</strong> vissoort in aantallen en in gewicht is in twee grafieken<br />

weergegeven. In <strong>de</strong> aantalsaan<strong>de</strong>el-grafiek wordt het aantal gevangen<br />

vissen op 100% gesteld en wordt het aan<strong>de</strong>el op aantalbasis van elke<br />

vissoort berekend. In <strong>de</strong> vangstaan<strong>de</strong>el-grafiek wordt het vangstgewicht<br />

op 100% gesteld en wordt het aan<strong>de</strong>el op gewichtsbasis van elke vissoort<br />

hierin vermeld.<br />

Voor <strong>de</strong> overzichtelijkheid zijn <strong>de</strong> vissoorten, waarvan min<strong>de</strong>r dan circa<br />

100 exemplaren zijn gevangen, samengevoegd on<strong>de</strong>r Overig.<br />

Lengtefrequentiegrafiek<br />

Van <strong>de</strong> meest belangrijke vissoorten zijn lengtefrequentiegrafieken<br />

weergegeven in Hoofdstuk 5. Per centimeterklasse (X-as) wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong><br />

gevangen aantallen (Y-as) weergegeven.<br />

Conditie<br />

Van <strong>de</strong> belangrijkste gevangen vissoorten zijn <strong>de</strong> lengte en het individuele<br />

gewicht bepaald, zodat <strong>de</strong> conditie van een vis kan wor<strong>de</strong>n berekend. Als<br />

maat voor <strong>de</strong> conditie van <strong>de</strong> vis wordt genomen <strong>de</strong> verhouding tussen<br />

het gemeten gewicht en het "normaalgewicht" van <strong>de</strong> vis. Het<br />

normaalgewicht is door <strong>de</strong> (voormalige) OVB empirisch bepaald aan <strong>de</strong><br />

hand van talrijke metingen van lengte en gewicht van vissen uit een reeks<br />

van wateren (Klein Breteler & <strong>de</strong> Laak, 2003).<br />

Wanneer <strong>de</strong> conditiefactor kleiner is dan 0,9 is <strong>de</strong> conditie van <strong>de</strong> vis<br />

onvoldoen<strong>de</strong>. Ligt <strong>de</strong> conditiefactor tussen <strong>de</strong> 0,9 en 1,1 dan is <strong>de</strong> conditie<br />

voldoen<strong>de</strong>. Is <strong>de</strong> conditiefactor groter dan 1,1 dan is <strong>de</strong> conditie goed.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

17


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Er wer<strong>de</strong>n enkele mooie<br />

exemplaren roofblei<br />

gevangen. Voor <strong>de</strong> locale<br />

sportvissers een verrassen<strong>de</strong><br />

vangst!<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

18<br />

De oevers van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong><br />

zijn met een elektrovisapparaat<br />

afgevist<br />

De jeugdige belangstellen<strong>de</strong><br />

zetten <strong>de</strong> gevangen vissen<br />

on<strong>de</strong>r begeleiding van<br />

vismeter Evert Dijkhof terug<br />

in het water


Groep 6/7 van basisscholen<br />

<strong>de</strong> De Bolster en ‘t<br />

Hazzeleger kregen visles van<br />

een vismeester Evert Dijkhof<br />

- Uitvoering van het visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Een teil vol brasem en<br />

blankvoorn na een zegentrek<br />

De gevangen vissen wor<strong>de</strong>n<br />

nauwkeurig gemeten en<br />

gewogen<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

19


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

5 Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek<br />

5.1 Soortensamenstelling<br />

Tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong> bemonstering van <strong>de</strong> Visvijver <strong>Balk</strong> zijn in totaal 13 vissoorten<br />

gevangen. Er zijn 2000 exemplaren gevangen, met een totaal gewicht van<br />

ongeveer 374 kilo. In <strong>de</strong> on<strong>de</strong>rstaan<strong>de</strong> tabel zijn van <strong>de</strong> gevangen<br />

vissoorten het aantal, gewicht en <strong>de</strong> lengte weergegeven.<br />

Tabel 5.1 Gevangen vissoorten in Visvijver <strong>Balk</strong><br />

Vissoort Aantal Minimum<br />

lengte in cm<br />

Maximum<br />

lengte in cm<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

20<br />

Hoeveelheid<br />

(in kg)<br />

Minimum<br />

gewicht (in g)<br />

Maximum<br />

gewicht (in g)<br />

Baars 232 6 13 0,8 2 25<br />

Brasem 251 4 57 115,3 0 2202<br />

Blankvoorn 538 5 25 5,6 1 195<br />

Giebel 19 34 45 28,2 784 1909<br />

Karper 16 66 87 143,9 4825 11336<br />

Spiegelkarper 1 89 89 14,4 14438 14438<br />

Aal/Paling 24 34 70 7,4 65 655<br />

Pos 16 7 11 0,1 4 17<br />

Roofblei 3 65 74 9,2 2427 3622<br />

Ruisvoorn 12 10 23 0,4 10 163<br />

Snoekbaars 7 12 66 8,8 11 2643<br />

Snoek 31 16 104 28,6 22 8591<br />

Vetje 840 2 7 0,6 0 2<br />

Zeelt 10 11 51 10,9 20 2157<br />

Totaal 2000 374,2<br />

N.B. Karper en spiegelkarper zijn <strong>de</strong>zelf<strong>de</strong> soort, maar zijn voor <strong>de</strong> overzichtelijkheid apart weergegeven en uitgewerkt<br />

Snoek<br />

1%<br />

Overig<br />

3%<br />

Aal/Paling<br />

1%<br />

karper<br />

1%<br />

De vangst bestond qua aantallen voornamelijk uit vetje en blankvoorn<br />

(respectievelijk 42% en 27% van het totaal aantal gevangen exemplaren,<br />

zie on<strong>de</strong>rstaan<strong>de</strong> linkergrafiek). Qua gewicht bestond <strong>de</strong> vangst voor het<br />

grootste <strong>de</strong>el uit karper, gevolgd door brasem (respectievelijk 42% en<br />

31% van het totale vangstgewicht, zie rechtergrafiek).<br />

Relatieve aantals-aan<strong>de</strong>el<br />

Vetje<br />

42%<br />

Blankvoorn<br />

27%<br />

Baars<br />

12%<br />

Brasem<br />

13%<br />

Blankvoorn<br />

1%<br />

Brasem<br />

31%<br />

Relatieve gewichts-aan<strong>de</strong>el<br />

karper<br />

42%<br />

Overig<br />

16%<br />

Snoek<br />

8%<br />

Aal/Paling<br />

2%


5.2 Lengte-frequentie en conditie<br />

Aantallen<br />

Aantallen<br />

200<br />

175<br />

150<br />

125<br />

100<br />

75<br />

50<br />

25<br />

- Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Van <strong>de</strong> belangrijkste vissoorten is <strong>de</strong> lengte-frequentiever<strong>de</strong>ling en <strong>de</strong><br />

conditie in grafieken weergegeven. De grafieken zijn hieron<strong>de</strong>r per<br />

vissoort toegelicht.<br />

Baars<br />

In totaal zijn 232 baarzen gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 6<br />

tot 13 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen baarzen was voldoen<strong>de</strong><br />

tot goed.<br />

LF diagram voor Baars<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55<br />

200<br />

175<br />

150<br />

125<br />

100<br />

75<br />

50<br />

25<br />

Lengte in cm.<br />

Blankvoorn<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

21<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Baars<br />

Lengte in cm<br />

Van <strong>de</strong> vissoort blankvoorn zijn er in totaal 538 gevangen met een lengte<br />

die varieer<strong>de</strong> van 5 tot 25 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen<br />

blankvoorns was gemid<strong>de</strong>ld voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Blankvoorn<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Blankvoorn<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50<br />

Lengte in cm


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Aantallen<br />

Aantallen<br />

40<br />

35<br />

30<br />

25<br />

20<br />

15<br />

10<br />

5<br />

Brasem<br />

In totaal zijn 251 brasems gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 4<br />

tot 57 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen brasems was gemid<strong>de</strong>ld<br />

voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Brasem<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 80 85 90<br />

7<br />

6<br />

5<br />

4<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Giebel<br />

Lengte in cm.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

22<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Brasem<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 80 85 90<br />

Lengte in cm<br />

In totaal zijn 19 giebels gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 34 tot<br />

45 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen giebels was voldoen<strong>de</strong> tot<br />

goed.<br />

LF diagram voor Giebel<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Giebel<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50<br />

Lengte in cm


Aantallen<br />

Aantallen<br />

3<br />

2<br />

1<br />

(schub)Karper<br />

- Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Van <strong>de</strong> vissoort karper zijn er in totaal 16 exemplaren gevangen met een<br />

lengte die varieer<strong>de</strong> van 66 tot 87 centimeter. Naast <strong>de</strong> schubkarpers is<br />

er ook één spiegelkarper gevangen van 89 centimeter. De conditie van <strong>de</strong><br />

gevangen karpers was voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Karper<br />

0<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Paling<br />

Lengte in cm.<br />

0,5<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

23<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Karper<br />

Lengte in cm<br />

Van <strong>de</strong> vissoort paling zijn in totaal 24 gevangen met een lengte die<br />

varieer<strong>de</strong> van 34 tot 77 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen palingen<br />

was voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Aal/Paling<br />

0<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Aal/Paling<br />

0,5<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

Lengte in cm


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Aantallen<br />

Aantallen<br />

6<br />

5<br />

4<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Ruisvoorn<br />

Van <strong>de</strong> Limnofile vissoort ruisvoorn zijn in totaal 12 exemplaren gevangen<br />

met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 10 tot 23 centimeter. De conditie van <strong>de</strong><br />

gevangen ruisvoorns was gemid<strong>de</strong>ld voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Rietvoorn/Ruisvoorn<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45<br />

1<br />

Lengte in cm.<br />

Roofblei<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

24<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Rietvoorn/Ruisvoorn<br />

0,5<br />

0 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 22 24 26 28 30 32 34 36 38 40 42 44<br />

Lengte in cm<br />

In totaal zijn 3 roofbleien gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 65<br />

tot 74 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen roofbleien was voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Roofblei<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 80 85 90 95 100<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Roofblei<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 80 85 90 95 100<br />

Lengte in cm


Aantallen<br />

Aantallen<br />

4<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Snoek<br />

- Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Van <strong>de</strong> roofvissoort snoek zijn in totaal 31 exemplaren gevangen met een<br />

lengte die varieer<strong>de</strong> van 16 tot 104 centimeter. De conditie van <strong>de</strong><br />

gevangen snoeken was voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Snoek<br />

0<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120 130 140<br />

1<br />

Lengte in cm.<br />

Snoekbaars<br />

0,5<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120 130 140<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

25<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Snoek<br />

Lengte in cm<br />

In totaal zijn 7 snoekbaarzen gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van<br />

12 tot 66 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> jonge snoekbaarzen (1 +<br />

jaarklasse) vertoon<strong>de</strong> een grote diversiteit, twee vissen had<strong>de</strong>n een<br />

slechte conditie en één vis juist een goe<strong>de</strong> conditie. De conditie van <strong>de</strong><br />

volwassen exemplaren daarentegen was voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Snoekbaars<br />

0<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Snoekbaars<br />

0,5<br />

0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120<br />

Lengte in cm


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Aantallen<br />

Aantallen<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Zeelt<br />

Van <strong>de</strong> limnofiele vissoort zeelt zijn in totaal zijn 10 vissen gevangen met<br />

een lengte die varieer<strong>de</strong> van 11 tot 51 centimeter. De conditie van <strong>de</strong><br />

gevangen zeelten was gemid<strong>de</strong>ld voldoen<strong>de</strong> tot net iets on<strong>de</strong>r voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Zeelt<br />

0<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70<br />

8<br />

7<br />

6<br />

5<br />

4<br />

3<br />

2<br />

1<br />

Overig<br />

Lengte in cm.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

26<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Zeelt<br />

0,5<br />

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70<br />

Lengte in cm<br />

In totaal zijn 16 possen gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong> van 7 tot<br />

11 centimeter. De conditie van <strong>de</strong> gevangen possen varieer<strong>de</strong> van zeer<br />

slecht tot goed.<br />

LF diagram voor Pos<br />

0<br />

0 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20<br />

Lengte in cm.<br />

Conditiefactor<br />

1,5<br />

1<br />

Conditiediagram voor Pos<br />

0,5<br />

0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20<br />

Lengte in cm


Aantallen<br />

400<br />

350<br />

300<br />

250<br />

200<br />

150<br />

100<br />

50<br />

- Resultaten visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek -<br />

Ver<strong>de</strong>r zijn er in totaal 840 vetjes gevangen met een lengte die varieer<strong>de</strong><br />

van 2 tot 7 centimeter. De vetjes zagen er goed uit en <strong>de</strong> conditie leek<br />

voldoen<strong>de</strong>.<br />

LF diagram voor Vetje<br />

0<br />

0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12<br />

Lengte in cm.<br />

5.3 Bestandsschatting<br />

Voor het water kan een bestandsschatting van <strong>de</strong> totale hoeveelheid vis<br />

per hectare wor<strong>de</strong>n berekend. Deze biomassaschatting wordt berekend<br />

aan <strong>de</strong> hand van standaardwaar<strong>de</strong>n (STOWA, 2002) voor <strong>de</strong> efficiëntie<br />

van <strong>de</strong> gebruikte vangtuigen. De biomassaschatting zou een indicatie<br />

kunnen zijn voor een over- dan wel on<strong>de</strong>rschrijding van <strong>de</strong> draagkracht<br />

van het water.<br />

Grens 0+ Totaal 0+ >0+-15 16-25 26-40 >=41<br />

Vissoort cm Gewicht Aantal Gewicht Aantal Gewicht Aantal Gewicht Aantal Gewicht Aantal Gewicht Aantal<br />

Baars 8 1,7 523 1,5 507 0,2 16<br />

Brasem 8 196,4 495 0,4 270 0,1 6 1 7 33,3 62 161,6 150<br />

Blankvoorn 8 12,2 1210 1,2 586 7 590 4 34<br />

Giebel 7 63,6 43 7 7 56,5 36<br />

Karper 15 258,2 29 258,2 29<br />

Spiegelkarper 15 24,6 2 24,6 2<br />

Aal/Paling 4 16,6 54 0,6 7 16 47<br />

Pos 6 0,2 34 0,2 34<br />

Roofblei 15 15,7 5 15,7 5<br />

Ruisvoorn 7 0,9 27 0,2 20 0,7 7<br />

Snoekbaars 14 15 12 0 3 0 2 14,9 7<br />

Vetje 3 1,3 1892 0 248 1,2 1644<br />

Zeelt 4 20,7 20 0 2 8,9 11 11,8 7<br />

0 - 15 16 - 35 36 - 44 45 - 54 55


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

De bestandsschatting geeft <strong>de</strong> totale gewicht van <strong>de</strong> vissen per hectare<br />

(kg/ha) aan. De biomassaschatting voor <strong>de</strong> vijver te <strong>Balk</strong> bedraagt circa<br />

670 kg/ha.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

28


6 Bespreking en knelpunten<br />

6.1 Bespreking<br />

- Bespreking en knelpunten -<br />

Tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong> visstandbemonstering in <strong>de</strong> Visvijver zijn 13 vissoorten<br />

gevangen. De soortdiversiteit is daarmee re<strong>de</strong>lijk hoog voor een<br />

blankvoorn-brasemviswatertype.<br />

De meeste soorten behoren tot <strong>de</strong> hoofdgroep eurytope vissoorten (geen<br />

voorkeur voor planten of stroming). Dit betreft <strong>de</strong> soorten baars, brasem,<br />

blankvoorn, karper, aal en pos. Limnofiele soorten (soorten die behoren<br />

tot het plantenrijke milieu met stilstaand water) als ruisvoorn, snoek en<br />

zeelt komen weinig voor en <strong>de</strong> gevangen aantallen van <strong>de</strong>ze soorten zijn<br />

ook laag.<br />

Het blankvoorn-brasemviswatertype heeft een maximale draagkracht van<br />

600 kg/ha. De bestandsschatting voor <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> te <strong>Balk</strong> ligt echter op<br />

circa 670 kg/ha. De berekening van <strong>de</strong> bestandsschatting gaat uit van <strong>de</strong><br />

het beviste oppervlak en het totale wateroppervlak en geeft een<br />

berekening op basis van <strong>de</strong> vangstgegevens. Echter door <strong>de</strong> efficiëntere<br />

manier van vissen is tij<strong>de</strong>ns het on<strong>de</strong>rzoek een groot <strong>de</strong>el (circa 70%) van<br />

<strong>de</strong> karper- en brasempopulatie gevangen. Dit houdt dus in dat <strong>de</strong><br />

bestandsschatting hierop gecorrigeerd dient te wor<strong>de</strong>n. De<br />

bestandsschatting na <strong>de</strong>ze correctie bedraagt circa 550 tot 600kg/ha en<br />

zit daar aan <strong>de</strong> maximale draagkracht van het water.<br />

Kleine blankvoorns, baars en brasem zijn <strong>de</strong> meest voorkomen<strong>de</strong><br />

vissoorten qua aantallen. De witvissoorten verkeer<strong>de</strong>n over het algemeen<br />

in een voldoen<strong>de</strong> conditie. Uit <strong>de</strong> Lengtefrequentie tabellen van <strong>de</strong><br />

witvissoorten is <strong>de</strong> aalscholver vraat dui<strong>de</strong>lijk herkenbaar door het vrijwel<br />

ontbreken van vissen tussen <strong>de</strong> 15 en 40 centimeter.<br />

De belangrijkste predator in <strong>de</strong> Visvijver <strong>Balk</strong> is <strong>de</strong> snoek met een<br />

gewichtsaan<strong>de</strong>el in <strong>de</strong> vangst van circa 8%. Van <strong>de</strong>ze vissoort zijn relatief<br />

veel exemplaren gevangen en zowel jonge als ou<strong>de</strong>re jaarklassen zijn<br />

aanwezig. De aanwezige oevervegetatie (met name riet) is een<br />

belangrijke factor in het voorkomen van jonge snoeken (0 + en 1 +<br />

jaarklasse). Tussen <strong>de</strong> begroeiing vin<strong>de</strong>n <strong>de</strong> jonge exemplaren<br />

schuilgelegenheid tegen wegvraat door grotere soortgenoten en<br />

aalscholvers. Snoeken van 3 en 4 groeiseizoenen wor<strong>de</strong>n min<strong>de</strong>r<br />

afhankelijk van <strong>de</strong> vegetatie en verplaatsen zich naar het open water.<br />

Daar zullen een aantal exemplaren ten prooi vallen aan <strong>de</strong> grotere<br />

soortgenoten.<br />

Van snoekbaars zijn zeven exemplaren aangetroffen. Hiervan behoor<strong>de</strong> 3<br />

vissen tot <strong>de</strong> 1 + jaarklasse met een lengte van 12 tot 16 centimeter.<br />

Daarnaast zijn vier ou<strong>de</strong>re exemplaar gevangen met een lengte van 56<br />

tot 66 centimeter. Twee jonge snoekbaarzen had<strong>de</strong>n een slechte conditie.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

29


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

De overige exemplaren had<strong>de</strong>n een voldoen<strong>de</strong> conditie. Mogelijk is het<br />

leefmilieu voor (jonge) snoekbaars ongunstig (relatief ondiep en hel<strong>de</strong>r<br />

water) en wordt <strong>de</strong> vis beconcurreerd door an<strong>de</strong>re predatoren als snoek,<br />

roofblei en aalscholver.<br />

Opmerkelijk was <strong>de</strong> vangst van enkele roofbleien. Dit is een roofvis die<br />

van nature voorkomt in <strong>de</strong> grote rivieren en daarmee in verbinding<br />

staan<strong>de</strong> wateren. De <strong>visvijver</strong> <strong>Balk</strong> staat door mid<strong>de</strong>l van een duiker in<br />

verbinding met <strong>de</strong> Luts. De Luts is een kanaaltje wat in verbinding staat<br />

met openwater. Waarschijnlijk zijn <strong>de</strong> roofbleien met hoogwater in <strong>de</strong> Luts<br />

door <strong>de</strong> duiker uitgespoeld in <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> <strong>Balk</strong>.<br />

Het vangstgewicht bestond voornamelijk uit karper (52%). Daarnaast<br />

vertegenwoordig<strong>de</strong>n brasem (31%) een substantieel aan<strong>de</strong>el in <strong>de</strong><br />

biomassa. Het aan<strong>de</strong>el eurytope vissoorten in <strong>de</strong> biomassa is hierdoor erg<br />

hoog. De conditie van <strong>de</strong> karper is over het algemeen voldoen<strong>de</strong>. De<br />

huidige populatie bestaat voornamelijk uit exemplaren groter dan 75<br />

centimeter. Er is geen inzicht in <strong>de</strong> leeftijdsopbouw van het aanwezige<br />

karperbestand. Het karperbestand zal door natuurlijke sterfte jaarlijks<br />

afnemen met circa 5%. Naarmate <strong>de</strong> karpers ou<strong>de</strong>r wor<strong>de</strong>n neemt dit<br />

percentage toe.<br />

De karper is een vissoort die vanwege zijn kracht en formaat zeer populair is<br />

bij een grote groep sportvissers. In Ne<strong>de</strong>rland komt succesvolle voortplanting<br />

van karper maar beperkt voor, vooral als gevolg van het ontbreken van<br />

ondiepe, snel opwarmen<strong>de</strong>, voedselrijke opgroeigebie<strong>de</strong>n. Daardoor overleeft<br />

met name het jonge visbroed van <strong>de</strong>ze van oorsprong uitheemse vissoort het<br />

eerste jaar niet. Ook selectieve predatie door o.a. snoeken voorkomt dat<br />

karpers zich met succes voortplanten in Ne<strong>de</strong>rland.<br />

Dit maakt het in veel wateren noodzakelijk om regelmatig karper uit te zetten,<br />

om het bestand op peil te hou<strong>de</strong>n. Door afwisselend schub- en spiegelkarpers<br />

uit te zetten wordt een diversiteit aan beschubbingsvormen bereikt. Dit zal<br />

door veel sportvissers op prijs wor<strong>de</strong>n gesteld.<br />

Het uitzetten van karper is <strong>de</strong> laatste jaren riskant gebleken op kleinere en<br />

afgesloten wateren. In een aantal gevallen treedt in het voorjaar sterfte op<br />

on<strong>de</strong>r <strong>de</strong> al aanwezige karpers. Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland adviseert om<br />

geen karpers in afgesloten en kleine wateren uit te zetten, wanneer in<br />

dit water nog veel ou<strong>de</strong> karpers rondzwemmen. Als toch karper wordt<br />

uitgezet, moeten <strong>de</strong>ze vissen wor<strong>de</strong>n gekocht bij een gereputeer<strong>de</strong><br />

vishan<strong>de</strong>laar, die <strong>de</strong> vissen test op eventuele ziektes. Dit geeft echter nog<br />

geen garantie voor uit uitblijven van sterfte. Bij ie<strong>de</strong>re uitzetting dient <strong>de</strong><br />

hengelsportvereniging het risico te on<strong>de</strong>rkennen dat ou<strong>de</strong>re, al aanwezige<br />

karpers kunnen sterven. Het overzetten van karpers van het ene naar het<br />

an<strong>de</strong>re water is sowieso af te ra<strong>de</strong>n, omdat ook in dit geval een groot risico<br />

bestaat op sterfte!<br />

Doordat <strong>de</strong> karper zijn voedsel in <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m zoekt, kan hij <strong>de</strong> groei van<br />

waterplanten beperken. Enerzijds wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong> wortels van waterplanten<br />

losgewoeld, terwijl an<strong>de</strong>rzijds het water iets wordt vertroebeld, waardoor het<br />

zonlicht in <strong>de</strong> diepere <strong>de</strong>len van het water <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m niet meer kan bereiken.<br />

Bij een niet te hoge bezetting zal <strong>de</strong> karper echter geen invloed op het<br />

doorzicht van het water hebben.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

30


6.2 Knelpunten<br />

Visstand<br />

- Bespreking en knelpunten -<br />

In <strong>de</strong> lengtefrequentiever<strong>de</strong>ling van enkele witvissoorten, zoals brasem,<br />

blankvoorn, ruisvoorn en zeelt blijkt dat <strong>de</strong> populatie niet evenwichtig is<br />

opgebouwd. Daarvoor zijn twee re<strong>de</strong>nen aan te wijzen. Enerzijds is <strong>de</strong><br />

hoeveelheid aan schuilgelegenhe<strong>de</strong>n in <strong>de</strong> Visvijver <strong>Balk</strong> beperkt. Daarbij<br />

biedt <strong>de</strong> aanwezige oever- en on<strong>de</strong>rwatervegetatie in <strong>de</strong> winter weinig<br />

beschutting. In <strong>de</strong> herfst en winter sterft namelijk veel van <strong>de</strong> vegetatie af<br />

en vin<strong>de</strong>n veel jonge vissen niet voldoen<strong>de</strong> schuilgelegenheid. Dit blijkt<br />

ook uit het feit dat van jonge snoek <strong>de</strong> jongste jaarklassen beperkt<br />

aanwezig zijn. De jonge snoekjes vin<strong>de</strong>n in een goed ingericht viswater<br />

tussen <strong>de</strong> stengels van oevervegetatie schuilgelegenheid tegen <strong>de</strong><br />

vraatzucht van ou<strong>de</strong>re soortgenoten. Het belang van vegetatie en<br />

beschutting wordt ver<strong>de</strong>r behan<strong>de</strong>ld on<strong>de</strong>r het kopje Inrichtingsmaatregelen<br />

van het volgen<strong>de</strong> hoofdstuk. Daarnaast speelt predatie van<br />

aalscholvers een rol. Door <strong>de</strong> vereniging wordt aangegeven dat<br />

aalscholvers regelmatig <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> bezoeken.<br />

Waterkwaliteit - kwantiteit<br />

Op het gebied van waterkwaliteit en waterkwantiteit zijn er weinig<br />

knelpunten in <strong>de</strong> Visvijver <strong>Balk</strong>. Er is gemid<strong>de</strong>ld een baggerlaag van circa<br />

30 centimeter aanwezig maar <strong>de</strong>ze zorgt niet voor problemen in <strong>de</strong><br />

zuurstofhuishouding van het water.<br />

Inrichting en on<strong>de</strong>rhoud van het viswater<br />

De vijver is erg ondiep. Het water is op veel plaatsen niet dieper dan 50<br />

centimeter. Alleen <strong>de</strong> achterste kom, aan <strong>de</strong> oostzij<strong>de</strong> van <strong>de</strong> plas, heeft een<br />

diepte van gemid<strong>de</strong>ld 100 tot 120 centimeter.<br />

Het water kent weinig tot geen structuur. Alleen langs <strong>de</strong> oevers staat wat riet en<br />

staan bomen en struiken met over- en inhangen<strong>de</strong> takken. Deze plekken zijn<br />

echter voor <strong>de</strong> vis slecht bereikbaar door het ondiepe water langs <strong>de</strong> oevers. Vaak<br />

zijn <strong>de</strong>ze oevers alleen voor <strong>de</strong> kleine vis (< 15 cm) bereikbaar en kunnen dienen<br />

als schuilplaats en opgroeigebied. In <strong>de</strong> diepere <strong>de</strong>len van het water bevin<strong>de</strong>n zich<br />

ver<strong>de</strong>r geen schuilplaatsen voor <strong>de</strong> vis.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

31


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

7 Aanbevelingen<br />

7.1 Visserijbeheer<br />

Uit het visserijkundige on<strong>de</strong>rzoek is dui<strong>de</strong>lijk gewor<strong>de</strong>n dat er nog<br />

voldoen<strong>de</strong> (wit)vis aanwezig is om zich op een natuurlijke wijze te kunnen<br />

herstellen tot een evenwichtige vispopulatie. Hiervoor dienen echter wel<br />

<strong>de</strong> in paragraaf 7.2 genoem<strong>de</strong> inrichtingsmaatregelen doorgevoerd te<br />

wor<strong>de</strong>n tegen <strong>de</strong> predatie van <strong>de</strong> aalscholver. Na realisatie van <strong>de</strong><br />

maatregelen ra<strong>de</strong>n wij aan <strong>de</strong> ontwikkeling van <strong>de</strong> (wit)vis te monitoren.<br />

Mocht <strong>de</strong> vispopulatie na een aantal jaar zich niet voldoen<strong>de</strong> herstellen<br />

dan kunnen er uitzettingen wor<strong>de</strong>n gedaan van vissoorten als blankvoorn,<br />

kolblei, ruisvoorn en zeelt. Het uitzetten van vis zon<strong>de</strong>r het doorvoeren<br />

van <strong>de</strong> inrichtingsmaatregelen is af te ra<strong>de</strong>n daar <strong>de</strong>ze direct door <strong>de</strong><br />

aalscholver zullen wor<strong>de</strong>n weggevreten.<br />

De leeftijd van <strong>de</strong> huidige karperpopulatie is onbekend, maar het betreft<br />

voornamelijk grotere en vaak ou<strong>de</strong>r exemplaren groter dan 75<br />

centimeter. De karperpopulatie zal door sterfte jaarlijks afnemen met<br />

circa 5%, dit komt neer op 25 tot 30 kg/ha. Daar <strong>de</strong> maximale<br />

draagkracht van het water bereikt is en het karperbestand een voldoen<strong>de</strong><br />

conditie heeft hoeft er <strong>de</strong> eerste vijf jaar geen uitzetting van karper<br />

plaatst te vin<strong>de</strong>n. Vervolgens kan er jaarlijks een on<strong>de</strong>rhoudsuitzetting<br />

van circa 5% (25 tot 30 kg) uitgevoerd wor<strong>de</strong>n om <strong>de</strong> natuurlijke sterfte<br />

op te vangen en <strong>de</strong> populatie in stand te hou<strong>de</strong>n. Om meer diversiteit te<br />

krijgen en het water interessanter te maken voor <strong>de</strong> karpervisser kan er<br />

voor gekozen wor<strong>de</strong>n hiervoor spiegelkarper uit te zetten.<br />

Meer informatie over <strong>de</strong> uit te zetten vissoorten en <strong>de</strong>, tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong><br />

visstandbemonstering, gevangen vissoorten is weergegeven in Bijlage II:<br />

Profielen van <strong>de</strong> gevangen vissoorten en op <strong>de</strong> website<br />

http://www.sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl/vis_en_water/vissoorten/<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

32


7.2 Inrichtingsmaatregelen<br />

- Aanbevelingen -<br />

Uit <strong>de</strong> (milieu)inventarisatie, <strong>de</strong> visstandbemonstering, <strong>de</strong> vergelijking<br />

van <strong>de</strong> huidige situatie met het streefbeeld en <strong>de</strong> gesprekken langs <strong>de</strong><br />

waterkant zijn <strong>de</strong> volgen<strong>de</strong> knelpunten op het gebied van <strong>de</strong> inrichting<br />

van het water gesignaleerd:<br />

Beperkte diepte van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong>;<br />

De inrichting van het water is te eenzijdig, met an<strong>de</strong>re woor<strong>de</strong>n;<br />

goe<strong>de</strong> paai-, opgroei-, en overwinteringsgebie<strong>de</strong>n ontbreken.<br />

Hieron<strong>de</strong>r is een aantal aanbevelingen uitgewerkt om bovenstaan<strong>de</strong><br />

knelpunten op te lossen.<br />

1. Beperkte diepte van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong><br />

De ondiepte van <strong>de</strong> vijver vormt een belemmering voor <strong>de</strong> visstand. Een<br />

groot <strong>de</strong>el van <strong>de</strong> vijver is niet dieper dan 50 centimeter en er zijn vrijwel<br />

geen diepere overwinteringplekken aanwezig. De diepte van <strong>de</strong> vijver<br />

neemt af van oost (maximaal 120 cm) naar west (maximaal 50 cm). Dit is<br />

waarschijnlijk te verklaren door <strong>de</strong> stroomrichting van het water na <strong>de</strong><br />

afwatering vanuit <strong>de</strong> achterliggen<strong>de</strong> landbouwgron<strong>de</strong>n naar <strong>de</strong> overstort<br />

bij <strong>de</strong> Luts. Slib<strong>de</strong>eltjes wor<strong>de</strong>n mee afgevoerd en bezinken pas richting<br />

het ein<strong>de</strong> van <strong>de</strong> vijver waar min<strong>de</strong>r waterbeweging<br />

(stroming/windwerking) is. De baggerlaag is hier ook dikker, in <strong>de</strong><br />

kommetjes plaatselijk tot maximaal 50 centimeter. In <strong>de</strong><br />

verbindingsslootjes tussen <strong>de</strong> kommetjes is vrijwel geen bagger aanwezig<br />

(tot maximaal 15 centimeter).<br />

Wij adviseren om <strong>de</strong> verschillen<strong>de</strong> kommetjes van <strong>de</strong> vijver te baggeren<br />

tot een diepte van gemid<strong>de</strong>ld 150 centimeter. Om variatie in waterdiepte<br />

te creëren kunnen <strong>de</strong> verbindingsslootjes tussen <strong>de</strong> kommetjes tot<br />

maximaal 75 centimeter gebaggerd wor<strong>de</strong>n. Deze ondiepere <strong>de</strong>len kunnen<br />

gebruikt wor<strong>de</strong>n voor <strong>de</strong> aanplant van oevervegetatie en het aanbrengen<br />

structuren zodat <strong>de</strong>ze kunnen dienen als paai-, schuil- en opgroeigebied.<br />

Daarnaast bemoeilijken <strong>de</strong> ondiepe zones het jagen voor aalscholvers.<br />

Baggeren<br />

Bagger bevat vaak verontreinigen<strong>de</strong> stoffen, heeft een na<strong>de</strong>lige invloed op<br />

<strong>de</strong> zuurstofhuishouding (zuurstofverbruik door rotting van organisch<br />

materiaal) en zorgt voor nalevering van fosfaat. Ook vormt het een<br />

slechte on<strong>de</strong>rgrond voor <strong>de</strong> afzet van visseneieren. Verwij<strong>de</strong>ren van <strong>de</strong><br />

baggerlaag zal lei<strong>de</strong>n tot betere ontwikkelingsmogelijkhe<strong>de</strong>n voor<br />

vegetatie (paai- en opgroeigebie<strong>de</strong>n), macrofauna en visstand en tot het<br />

verbeteren van het ecologische functioneren van <strong>de</strong> vijver in het<br />

algemeen. Bijkomend voor<strong>de</strong>el is dat baggeren ook een positief effect<br />

heeft op on<strong>de</strong>r an<strong>de</strong>re het bestrij<strong>de</strong>n van blauwalg en een<strong>de</strong>nkroos.<br />

Het vergroten van <strong>de</strong> waterdiepte zal resulteren in een grotere<br />

zuurstofcapaciteit en vermin<strong>de</strong>r<strong>de</strong> opwarming van het water tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong><br />

zomer, waardoor het zuurstofgehalte van het water voldoen<strong>de</strong> hoog blijft.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

33


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Voor <strong>de</strong> overleving van vis in <strong>de</strong> winter is het belangrijk dat er diepere<br />

plekken aanwezig zijn die kunnen wor<strong>de</strong>n gebruikt als overwinteringsplaats.<br />

Het baggeren kan op twee manieren wor<strong>de</strong>n uitgevoerd, het zogenaam<strong>de</strong><br />

„nat of droog baggeren‟.<br />

Het „nat baggeren‟ dient te wor<strong>de</strong>n uitgevoerd in <strong>de</strong> winterperio<strong>de</strong> als <strong>de</strong><br />

zuurstofbehoefte van vis laag is en er nog niet gepaaid is. De beste<br />

metho<strong>de</strong> is gericht op het zo min mogelijk verstoren van het ecosysteem<br />

en <strong>de</strong> vis <strong>de</strong> gelegenheid te geven te vluchten naar rustig water. Dit wordt<br />

bereikt door het baggeren met een cutterzuiger of baggerpomp. Ver<strong>de</strong>r is<br />

het aan te bevelen om gefaseerd te baggeren, zodat er altijd rustige<br />

plekken overblijven waar <strong>de</strong> vis naartoe kan vluchten. In kleinere wateren<br />

is het altijd raadzaam om <strong>de</strong> vis vooraf weg te vangen en over te zetten<br />

naar an<strong>de</strong>r water of tij<strong>de</strong>lijk op te slaan. De vrijgekomen bagger zou<br />

misschien binnen het gebied verwerkt kunnen bij <strong>de</strong> aanpassingsmaatregelen<br />

voor <strong>de</strong> oever zodat afvoerkosten wor<strong>de</strong>n bespaard.<br />

Als het water weinig ecologische waar<strong>de</strong> heeft, is het droog baggeren (het<br />

water eerst wegpompen) een goe<strong>de</strong> optie, uiteraard nadat <strong>de</strong> vis is<br />

overgezet of opgeslagen. Het voor<strong>de</strong>el is dat nu visueel waarneembaar is<br />

in hoeverre <strong>de</strong> baggerlaag is verwij<strong>de</strong>rd, welk bo<strong>de</strong>mprofiel en welke<br />

diepten zijn gerealiseerd. Na het baggeren is het van belang om<br />

waterplanten en on<strong>de</strong>rwaterstructuren aan te brengen.<br />

2. Realiseren van paai-, opgroei-, en overwinteringsgebie<strong>de</strong>n<br />

De <strong>visvijver</strong> te <strong>Balk</strong> heeft aan één kant een natuurlijke oever en aan één<br />

kant een beschoei<strong>de</strong> oever met hier en daar wat rietvel<strong>de</strong>n. Echter door<br />

<strong>de</strong> beperkte diepte is een groot <strong>de</strong>el van <strong>de</strong> oevers slecht bereikbaar voor<br />

(grote) vis. Het baggeren van <strong>de</strong> <strong>visvijver</strong> zal bijdrage aan <strong>de</strong><br />

bereikbaarheid en diversiteit van <strong>de</strong>ze oevers. Echter het doorvoeren van<br />

enkele inrichtingsmaatregelen zijn nodig om goe<strong>de</strong> paai-, opgroei- en<br />

overwinteringsgebie<strong>de</strong>n te realiseren.<br />

Aanpassen beschoei<strong>de</strong> oever<br />

De huidige staat van <strong>de</strong> beschoei<strong>de</strong> oever laat momenteel te wensen<br />

over. De beschoeiing is groten<strong>de</strong>els weggerot en dient vervangen te<br />

wor<strong>de</strong>n. Deze oever kan een an<strong>de</strong>re inrichting krijgen zon<strong>de</strong>r in te boeten<br />

op <strong>de</strong> bevisbaarheid door het realiseren van een natuurlijke oever met<br />

bevisbare gronddammen. Door het toepassen van <strong>de</strong> gronddammen krijgt<br />

<strong>de</strong> oever nog meer structuur,zoals dieptes en ondieptes, kommetjes en<br />

beschutting. Daarbij zijn <strong>de</strong> gronddammen voor alle sportvisserijtypen<br />

goed bevisbaar.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

34


- Aanbevelingen -<br />

Tussen <strong>de</strong> gronddammen kunnen natuurlijke oevers gerealiseerd wor<strong>de</strong>n<br />

door een talud aan te brengen tussen 1:4 en 1:10. Door <strong>de</strong> flauwe oevers<br />

zal oevervegetatie zich vaak spontaan ontwikkelen. Echter om <strong>de</strong><br />

oevervegetatieontwikkeling en soortendiversiteit te stimuleren kan <strong>de</strong>ze<br />

aangeplant of ingezaaid wor<strong>de</strong>n.<br />

De gronddammen dienen beschoeid te wor<strong>de</strong>n om uitspoeling van <strong>de</strong><br />

grond te voorkomen. Voor <strong>de</strong> beschoeiing kan naast <strong>de</strong> traditionele<br />

strakke damwan<strong>de</strong>n gekozen wor<strong>de</strong>n voor het aanbrengen van een<br />

beschoeiing van wilgentenen/takkenbossen. Dit geeft <strong>de</strong> oever een<br />

natuurlijke uitstraling en biedt <strong>de</strong> vis extra schuil- en<br />

foerageermogelijkhe<strong>de</strong>n.<br />

Beschoeiing met wilgentenen geeft <strong>de</strong> vis extra schuilmogelijkhe<strong>de</strong>n<br />

Realiseren structuren<br />

Naast <strong>de</strong> natuurlijke oevers kunnen er ook schuilplaatsen gerealiseerd<br />

wor<strong>de</strong>n door het door het laten afzinken van takkenbossen, kerstbomen<br />

of stammen in het water. Deze maatregel is door een aantal verenigingen<br />

toegepast en zij zijn er erg tevre<strong>de</strong>n over.<br />

In <strong>de</strong> oeverzone aangebrachte bomen, takken en an<strong>de</strong>re on<strong>de</strong>rwaterstructuren bie<strong>de</strong>n vissen een<br />

schuilplaats en beschutting tegen <strong>de</strong> aalscholver.<br />

De takkenbossen dienen als beschutting voor vis (ook grote vis) en op <strong>de</strong><br />

takken gaan algen groeien en <strong>de</strong>ze zijn weer voedsel voor slakjes<br />

enzovoorts. Ook is het mogelijk dat vanuit <strong>de</strong> oever riet zich op <strong>de</strong>ze<br />

takkenbossen gaat uitbrei<strong>de</strong>n (zie on<strong>de</strong>rstaan<strong>de</strong> foto). Het aanbrengen<br />

van bomen kan ook zorgen voor meer beschutting.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

35


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

36<br />

Een foto van aangebrachte takkenbossen.<br />

Op <strong>de</strong> takken groeien algen, slakken en mosseltjes.<br />

De takkenbossen dienen te wor<strong>de</strong>n verzwaard om te kunnen wor<strong>de</strong>n<br />

afgezonken. De levensduur is ongeveer 10 jaar. Hierna is het hout zover<br />

achteruitgegaan, dat het zijn waar<strong>de</strong> voor vis verliest. Door het gebruik<br />

van diverse soorten hout en takken kunnen verschillen<strong>de</strong> effecten bereikt<br />

wor<strong>de</strong>n. In plaats van takkenbossen kunnen ook kerstbomen gebruikt<br />

wor<strong>de</strong>n. Door <strong>de</strong> fijnere structuur zullen die meer kleinere vis aantrekken.<br />

Als takken of bomen wor<strong>de</strong>n gebruikt met een min<strong>de</strong>r grote dichtheid,<br />

zoals eiken of beuken, dan zullen grotere vissen wor<strong>de</strong>n aangetrokken. De<br />

takkenbossen dienen zodanig geplaatst te wor<strong>de</strong>n dat sportvissers er<br />

geen hin<strong>de</strong>r van on<strong>de</strong>rvin<strong>de</strong>n.<br />

Een goe<strong>de</strong> optie zou zijn om takkenbossen aan te brengen in <strong>de</strong><br />

ondiepere verbindingsslootjes zodat <strong>de</strong>ze <strong>de</strong>len van <strong>de</strong> vijver kunnen<br />

dienen als paai- en opgroeigebied. Daarnaast kunnen in enkele diepere<br />

ge<strong>de</strong>elten (kommetjes) takkenbossen afgezonken wor<strong>de</strong>n zodat hier<br />

schuilgelegenhe<strong>de</strong>n en overwinteringsplaatsen ontstaan voor (grotere)<br />

vis. De plaatsen met <strong>de</strong>ze obstakels zullen wel gemarkeerd moeten<br />

wor<strong>de</strong>n, zodat vissers er niet met <strong>de</strong> lijnen in vast komen te zitten en <strong>de</strong><br />

vissen (karpers) kunnen weghou<strong>de</strong>n bij <strong>de</strong>ze plekken.<br />

Gaaskooien tbv aalscholver<br />

Een an<strong>de</strong>re manier om schuilgelegenhe<strong>de</strong>n voor vis te creëren is het<br />

aanbrengen van kooien van schapengaas, waarin vis kan schuilen.<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland is in het voorjaar van 2009 op een viertal locaties<br />

gestart met het plaatsen van <strong>de</strong>rgelijke kooien als proef. Na<strong>de</strong>el is dat<br />

tenminste circa 1 tot 4% van het wateroppervlak met <strong>de</strong>ze kooien bezet<br />

moet wor<strong>de</strong>n.


7.3 Subsidie<br />

Door het aanbrengen van gazen kooien ontstaan schuilplaatsen voor vis tegen<br />

aalscholverpredatie<br />

- Aanbevelingen -<br />

De gaaskooien kunnen in plaats van <strong>de</strong> takkenbossen in enkele of alle<br />

kommetjes aangebracht wor<strong>de</strong>n zodat er voldoen<strong>de</strong> schuil- en<br />

overwinteringsgebie<strong>de</strong>n ontstaan. Bij het aanbrengen van <strong>de</strong> gaaskooien<br />

dient er voldoen<strong>de</strong> bevisbare oever beschikbaar te blijven en het verdient<br />

<strong>de</strong> aanbeveling om <strong>de</strong>ze kooien dui<strong>de</strong>lijk te markeren, zodat sportvissers<br />

hier geen lijnen aan verspelen.<br />

Het Fonds Verbetering Sportvisserijmogelijkhe<strong>de</strong>n heeft als doel<br />

activiteiten van <strong>de</strong> aangesloten hengelsportverenigingen ter stimulering<br />

en duurzame verbetering van <strong>de</strong> sportvisserijmogelijkhe<strong>de</strong>n te<br />

on<strong>de</strong>rsteunen. Het Fonds Verbetering Sportvisserijmogelijkhe<strong>de</strong>n kan<br />

activiteiten on<strong>de</strong>rsteunen op het gebied van:<br />

Voorzieningen aan het viswater, voor <strong>de</strong> visstand of voor <strong>de</strong><br />

sportvissers;<br />

Visies, plannen en on<strong>de</strong>rzoek;<br />

Voorlichting en promotie.<br />

De maximale bijdrage die per project kan wor<strong>de</strong>n verleend, bedraagt 50<br />

% van <strong>de</strong> externe kosten tot een maximum bijdrage van 20.000 euro<br />

voor in <strong>de</strong> Lan<strong>de</strong>lijke Lijst van Viswateren ingebrachte wateren. Voor niet<br />

ingebrachte wateren geldt een maximum van 10.000 euro. Minimaal dient<br />

<strong>de</strong> eigen bijdrage 2.000 euro te zijn.<br />

De activiteiten kunnen heel divers zijn. Om een i<strong>de</strong>e te geven: aanleg van<br />

een paaigebied, een beluchtingsinstallatie, beschermingsconstructies<br />

tegen aalscholvers, een schuilhut, een eigen clubhuis, trailerhellingen,<br />

vissteigers, visbotenhavens, bijzon<strong>de</strong>re promotie of jeugdactiviteiten, een<br />

groots jeugdkamp, etc. Zie <strong>de</strong> website on<strong>de</strong>r: verenigingsservice: bestuur.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

37


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

7.4 Evaluatieon<strong>de</strong>rzoek<br />

Hengelvangstregistratie<br />

Aanbevolen wordt om met hengelvangstregistratie te beginnen. Door<br />

hengelvangstregistraties (HVR) kunnen, voor met <strong>de</strong> hengel vangbare<br />

soorten, goe<strong>de</strong> kwalitatieve gegevens over <strong>de</strong> visstand verkregen wor<strong>de</strong>n.<br />

Om door HVR een goed beeld van <strong>de</strong> visstand te krijgen, zijn gegevens<br />

over zo veel mogelijk vissoorten nodig. Deze gegevens zijn te verkrijgen<br />

door zoveel mogelijk typen sportvissers, zoals witvisvissers, karpervissers<br />

en roofvisvissers, mee te laten doen aan HVR.<br />

Het is van belang dat <strong>de</strong> vangstregistratie op een nauwkeurige wijze<br />

wordt bijgehou<strong>de</strong>n en verzameld. Het wordt dan ook aanbevolen om <strong>de</strong><br />

vangstregistratie vanuit een centraal punt te coördineren en <strong>de</strong> gegevens<br />

centraal te verzamelen. Hiervoor dient een coördinator te wor<strong>de</strong>n<br />

aangesteld. Na het verzamelen dienen <strong>de</strong> gegevens weer gerapporteerd<br />

te wor<strong>de</strong>n aan <strong>de</strong> achterban, zodat zij gemotiveerd blijven. Deze<br />

terugkoppeling kan eventueel geschie<strong>de</strong>n in het clubblad of via <strong>de</strong> website<br />

van een vereniging of fe<strong>de</strong>ratie.<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland is in 2007 actief aan <strong>de</strong> slag gegaan met<br />

hengelvangstregistratie. Het doel is om aangesloten organisaties en<br />

sportvissers een soli<strong>de</strong> platform voor HVR te bie<strong>de</strong>n en met <strong>de</strong><br />

verzamel<strong>de</strong> gegevens op individueel, lokaal, regionaal en lan<strong>de</strong>lijk niveau<br />

een beter zicht te krijgen op <strong>de</strong> ontwikkelingen in <strong>de</strong> visstand. Ook voor<br />

waterbeheer<strong>de</strong>rs kan door mid<strong>de</strong>l van HVR een waar<strong>de</strong>vol inzicht in <strong>de</strong><br />

visstand wor<strong>de</strong>n verkregen, zeker in het licht van <strong>de</strong> Ka<strong>de</strong>rrichtlijn Water.<br />

Hengelsportverenigingen, fe<strong>de</strong>raties of specialistenorganisaties kunnen<br />

zich op www.vangstenregistratie.nl aanmel<strong>de</strong>n en na registratie gebruik<br />

maken van het programma HVR online. Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland<br />

on<strong>de</strong>rsteunt hengelsportverenigingen en fe<strong>de</strong>raties bij HVR door het<br />

beschikbaar stellen van materialen als teilen/meetplank,<br />

registratieboekjes, een wedstrijdprotocol en bijvoorbeeld een digitale<br />

cursus visherkenning. Voor meer uitleg en info over HVR kunt u mailen<br />

naar vangstenregistratie@sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl, of telefonisch contact<br />

opnemen met Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland.<br />

Vervolgon<strong>de</strong>rzoek<br />

Eventueel kan over een aantal jaren weer een visserijkundig on<strong>de</strong>rzoek<br />

wor<strong>de</strong>n uitgevoerd, om opnieuw <strong>de</strong> samenstelling en kwaliteit van <strong>de</strong><br />

visstand vast te leggen. Er kan dan wor<strong>de</strong>n bekeken in hoeverre <strong>de</strong><br />

voorgestel<strong>de</strong> maatregelen zijn uitgevoerd en wat voor effect <strong>de</strong>ze<br />

maatregelen op <strong>de</strong> visstand hebben gehad. Ook kan dan wor<strong>de</strong>n bekeken<br />

of aanvullen<strong>de</strong> maatregelen wenselijk zijn.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

38


- Aanbevelingen -<br />

De online verenigingsservice<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland werkt samen met <strong>de</strong> fe<strong>de</strong>raties aan een optimale<br />

service naar <strong>de</strong> verenigingen toe. Die service bie<strong>de</strong>n wij ook op internet<br />

aan via <strong>de</strong> website www.hsvservice.nl (ook te bena<strong>de</strong>ren via<br />

www.sportvisserijne<strong>de</strong>rland.nl). Hier vindt u praktische informatie over:<br />

• Bestuur;<br />

• Controle;<br />

• Jeugdwerk;<br />

• Promotie;<br />

• Visstandbeheer;<br />

• Vrijwilligers;<br />

• Wedstrij<strong>de</strong>n;<br />

• Le<strong>de</strong>nactiviteiten.<br />

De informatie is in <strong>de</strong> vorm van infobla<strong>de</strong>n, handleidingen, veldgidsen en<br />

brochures beschikbaar als downloads (PDF). U vindt op <strong>de</strong><br />

verenigingsservice ook informatieve (instructie)vi<strong>de</strong>o's en <strong>de</strong> mogelijkheid<br />

om materialen te bestellen, een online cursus te volgen of u op te geven<br />

voor een praktische cursus bij Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland. Met <strong>de</strong> informatie<br />

op <strong>de</strong> verenigingsservice kunnen verenigingen en hun vrijwilligers direct<br />

aan <strong>de</strong> slag met hun activiteiten!<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

39


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Literatuur<br />

Klein Breteler, J.G.P. & G.A.J. <strong>de</strong> Laak, 2003. Lengte-gewichtsrelaties<br />

Ne<strong>de</strong>rlandse vissoorten. OVB on<strong>de</strong>rzoeksrapport OND00074, 13p.<br />

Organisatie ter Verbetering van <strong>de</strong> Binnenvisserij, Nieuwegein.<br />

Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer & Visserij (LNV), directie<br />

Openluchtrecreatie, 1990. Vormgeving en inrichting viswater. ‟s<br />

Gravenhage.<br />

Spiegel, A. van <strong>de</strong>r, 1992. Visgemeenschappen van het stilstaan<strong>de</strong> water.<br />

In Quak, J. en A. van <strong>de</strong>r Spiegel (eds.). Cursus Visstandbeheer en<br />

Integraal Waterbeheer. Nieuwegein, Organisatie ter Verbetering van <strong>de</strong><br />

Binnenvisserij<br />

STOWA, 2002. Handboek Visstandbemonstering. Stichting Toegepast<br />

On<strong>de</strong>rzoek Waterbeheer. <strong>Rapport</strong> 2002/07. STOWA, Utrecht.<br />

Zoetemeyer, R.B., & B.J. Lucas, 2007. Basisboek visstandbeheer.<br />

Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland, Bilthoven.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

40


Bijlagen<br />

- Bijlagen -<br />

Bijlage I Viswaterrichtlijn .............................................................. 42<br />

Bijlage II Profiel van <strong>de</strong> gevangen vissoorten .................................... 44<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

41


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Bijlage I Viswaterrichtlijn<br />

De viswaterrichtlijn van <strong>de</strong> EU (EU richtlijn 2006/44) wordt in Ne<strong>de</strong>rland<br />

ingevuld aan <strong>de</strong> hand van <strong>de</strong> functie Water voor karperachtigen. In het<br />

nationaal waterplan 1 is <strong>de</strong> functie Water voor karperachtigen toegekend<br />

aan alle rijkswateren. Er is geen Water voor zalmachtigen aangewezen.<br />

Het doel van <strong>de</strong> viswaterrichtlijn is <strong>de</strong> kwaliteit te beschermen of te<br />

verbeteren van stromend of stilstaand zoet water, waarin vissen leven of,<br />

indien <strong>de</strong> verontreiniging zou wor<strong>de</strong>n vermin<strong>de</strong>rd, zou<strong>de</strong>n kunnen leven 2 .<br />

De richtlijn is gericht op een gezond ecosysteem en op economische<br />

benutting.<br />

De doelstellingen voor <strong>de</strong> functie Water voor karperachtigen zijn<br />

vastgelegd in het BKMW (Besluit Kwaliteitseisen en Monitoring Water 3 ). In<br />

het BKMW zijn tevens ge<strong>de</strong>tailleer<strong>de</strong> eisen aangegeven ten aanzien van<br />

<strong>de</strong> meetfrequentie van <strong>de</strong> verschillen<strong>de</strong> parameters en <strong>de</strong> wijze van<br />

toetsing.<br />

De KRW bepaalt dat <strong>de</strong> viswaterrichtlijn wordt ingetrokken 22 <strong>de</strong>cember<br />

2013, aangezien er van wordt uit gegaan dat bepalingen van <strong>de</strong> KRW<br />

bescherming bie<strong>de</strong>n aan watersystemen.<br />

Normdoelstelling Water voor karperachtigen<br />

parameter eenheid norm<br />

Zuurgraad ph 6,5 ≤ pH ≤ 9,0*<br />

Temperatuur °C<br />

schommelingen in <strong>de</strong> pH ten opzichte van <strong>de</strong> natuurlijke pH waar<strong>de</strong> mogen<br />

niet meer dan ½ pH eenheid binnen <strong>de</strong> hierboven gestel<strong>de</strong> waar<strong>de</strong> bedragen<br />

mits <strong>de</strong>ze schommelingen niet <strong>de</strong> scha<strong>de</strong>lijke werking van an<strong>de</strong>re in het water<br />

aanwezige stoffen verhogen<br />

<strong>de</strong> verhoging ten opzichte van <strong>de</strong> natuurlijke waar<strong>de</strong> dient min<strong>de</strong>r te zijn dan:<br />

3°C<br />

met dien verstan<strong>de</strong> dat <strong>de</strong> maximale temperatuur van het water <strong>de</strong> volgen<strong>de</strong><br />

waar<strong>de</strong> niet mag overschrij<strong>de</strong>n:<br />

28°C<br />

en dat voor wateren waarin soorten kunnen voorkomen die koud water nodig<br />

hebben voor <strong>de</strong> voortplanting, <strong>de</strong> temperatuur geduren<strong>de</strong> <strong>de</strong><br />

Gesuspen<strong>de</strong>er<strong>de</strong> mg/l<br />

voortplantingperio<strong>de</strong> <strong>de</strong> volgen<strong>de</strong> waar<strong>de</strong> niet mag overschrij<strong>de</strong>n<br />

10°C<br />

≤ 50<br />

stoffen<br />

(rekenkundig gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> van <strong>de</strong> uitkomsten van het on<strong>de</strong>rzoek)<br />

Smaak - <strong>de</strong> in een oppervlaktewaterlichaam aanwezige vissen mogen niet wor<strong>de</strong>n<br />

gekenmerkt door een onnatuurlijke smaak zoals <strong>de</strong>ze in het bijzon<strong>de</strong>r kan<br />

optre<strong>de</strong>n door <strong>de</strong> invloed van fenolen of olie<br />

Olie - Geen zichtbare oliefilm op het wateroppervlak of oliebezinksel op <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m.<br />

Geen scha<strong>de</strong>lijke effecten voor <strong>de</strong> vissen door produkten op oliebasis<br />

Fosfaat µgP/l ≤ 200*<br />

De aangegeven waar<strong>de</strong> betreft het rekenkundig gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> van <strong>de</strong><br />

waarnemingen en is niet van toepassing op een oppervlaktewaterlichaam<br />

waarin zich geen overmatige groei van hogere waterplanten voordoet en het<br />

gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> gehalte aan <strong>de</strong> algembiomassa geduren<strong>de</strong> <strong>de</strong> maan<strong>de</strong>n april tot<br />

en met september lager dan of gelijk is aan<br />

100 µg/l chlorofyl-a<br />

Ammonium mg N/l ≤ 0,8*<br />

1<br />

Nationaal Waterplan 2009-2015, uitgave van het Min. van V&W, het Min. van<br />

VROM en het Min. LNV, 22 <strong>de</strong>cember 2009<br />

2<br />

Beheer- en ontwikkelplan voor <strong>de</strong> Rijkswateren 2010-2015 Min. van V&W,<br />

Rijkswaterstaat <strong>de</strong>cember 2009<br />

3<br />

http://wetten.overheid.nl/BWBR0003633/geldigheidsdatum_23-03-2010<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

42


- Bijlagen -<br />

Biochemisch<br />

zuurstofverbruik<br />

mg O2/l<br />

Bij een watertemperatuur van min<strong>de</strong>r dan 10 C geldt als norm:<br />

≤ 4,0<br />

≤ 10<br />

Zuurstof mg O2/l ≥ 6*<br />

Ammoniak µg N/l ≤ 20<br />

Residueel chloor µg HOCI/l ≤ 5<br />

Nitiret µg N/l ≤ 300<br />

Koper µg Cu/l ≤ 30<br />

Zink µg Zn/l ≤ 200<br />

* Overschrijdingen van <strong>de</strong> norm als gevolg van een natuurlijke gesteldheid van <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m<br />

en <strong>de</strong> invloed daarvan op het water wor<strong>de</strong>n niet beschouwd als overschrijding<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

43


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Bijlage II Profiel van <strong>de</strong> gevangen vissoorten<br />

Leefomgeving<br />

De baars is een algemene vissoort die in<br />

vele stilstaan<strong>de</strong> of langzaam stromen<strong>de</strong><br />

wateren voorkomt. Hij leeft en jaagt in<br />

scholen, die in <strong>de</strong> regel uit individuen van<br />

gelijke grootte bestaan. Deze scholen<br />

bestaan meestal uit ongeveer 50 tot 200<br />

exemplaren, maar ook veel grotere<br />

scholen zijn wel waargenomen. Hieruit<br />

blijkt <strong>de</strong> voorkeur van <strong>de</strong> baars voor ruim<br />

water, zoals meren, plassen, kanalen en<br />

rivieren.<br />

Toch komt <strong>de</strong> baars ook in kleinere<br />

wateren voor. Snelstromend water wordt<br />

echter geme<strong>de</strong>n. Omdat <strong>de</strong> baars op het<br />

zicht jaagt, dient het water hel<strong>de</strong>r te zijn.<br />

Open water is favoriet, maar vooral jonge<br />

baars houdt zich graag tussen <strong>de</strong><br />

waterplanten in <strong>de</strong> oeverzone op.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt in <strong>de</strong> maan<strong>de</strong>n maart,<br />

april en mei, bij een watertemperatuur<br />

van meer dan 8 C. Vooral on<strong>de</strong>rgelopen<br />

gebie<strong>de</strong>n, waar <strong>de</strong> temperatuur in het<br />

ondiepe water snel kan stijgen, zijn<br />

geliefd als paaiplaats, maar ook tal van<br />

an<strong>de</strong>re ondiepe plekken zijn geschikt.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

44<br />

BAARS (Perca fluviatilis)<br />

Voedsel<br />

De jonge baars leeft voornamelijk van<br />

dierlijk plankton. Later wor<strong>de</strong>n hier ook<br />

an<strong>de</strong>re ongewervel<strong>de</strong> dieren, zoals<br />

aasgarnalen en vlokreeften, aan<br />

toegevoegd.<br />

Wanneer <strong>de</strong> baars een lengte van meer<br />

dan 10 cm heeft bereikt, gaat vis(broed)<br />

in toenemen<strong>de</strong> mate <strong>de</strong>el uitmaken van<br />

het voedselpakket. Baars heeft een grote<br />

voorkeur voor spiering en kleinere<br />

soortgenoten.<br />

Groei en leeftijd<br />

De groei in het eerste jaar bedraagt 6 tot<br />

8 cm. De mannetjes zijn na 2 jaar<br />

geslachtsrijp, bij een lengte van 15 cm;<br />

vrouwtjes een jaar later, bij een lengte<br />

van 20 cm. De maximale lengte is ca. 50<br />

cm. In het IJsselmeer wordt <strong>de</strong> baars niet<br />

ou<strong>de</strong>r dan 6 jaar.


Leefomgeving<br />

De brasem is een zeer algemene vissoort<br />

in het Ne<strong>de</strong>rlandse binnenwater, die zowel<br />

in zoet als in brak water voorkomt.<br />

Oorspronkelijk is <strong>de</strong> brasem een bewoner<br />

van stilstaan<strong>de</strong> wateren, zoals meren en<br />

plassen en van traag stromen<strong>de</strong>, hel<strong>de</strong>re<br />

bene<strong>de</strong>nrivieren.<br />

Eutrofiëring (vermesting) van het binnenwater<br />

heeft ertoe geleid dat <strong>de</strong> brasemstand<br />

sterk is toegenomen. De brasem is<br />

tegenwoordig <strong>de</strong> meest karakteristieke vis<br />

voor onze (zeer) voedselrijke wateren met<br />

weinig waterplanten en een overmatige<br />

algengroei. De brasem wordt echter ook<br />

aangetroffen in hel<strong>de</strong>r, plantenrijk water.<br />

Hier vin<strong>de</strong>n we vaak kleinere populaties,<br />

die vooral bestaan uit goed groeien<strong>de</strong> en<br />

relatief veel grote exemplaren.<br />

Het optimale leefgebied van <strong>de</strong> brasem<br />

kenmerkt zich door afwisseling tussen<br />

ruim, open water waarin <strong>de</strong> brasem in<br />

scholen naar voedsel zoekt en ondiepe,<br />

begroei<strong>de</strong> oeverzones, waar <strong>de</strong> paai- en<br />

opgroeigebie<strong>de</strong>n zich bevin<strong>de</strong>n.<br />

Voortplanting<br />

In <strong>de</strong> paaitijd, die loopt van eind april tot<br />

mid<strong>de</strong>n juni, gaat <strong>de</strong> brasem op zoek naar<br />

geschikte paaiplaatsen. De eieren wor<strong>de</strong>n<br />

bij voorkeur afgezet op on<strong>de</strong>rgedoken<br />

waterplanten of oeverplanten, maar bij<br />

afwezigheid daarvan wor<strong>de</strong>n ook boomwortels,<br />

stenen en an<strong>de</strong>re obstakels, zoals<br />

houten paaltjes, ou<strong>de</strong> fietsen en<br />

autoban<strong>de</strong>n, als afzetsubstraat gebruikt.<br />

De brasem is daarom niet gebon<strong>de</strong>n aan<br />

<strong>de</strong> aanwezigheid van waterplanten. Al na<br />

enkele dagen vormen <strong>de</strong> larven scholen in<br />

het ondiepe water.<br />

BRASEM (Abramis brama)<br />

- Bijlagen -<br />

Voedsel<br />

Brasemlarven voe<strong>de</strong>n zich in eerste<br />

instantie hoofdzakelijk met dierlijk<br />

plankton. Wanneer zij een lengte van<br />

ongeveer 2 cm hebben bereikt, komen<br />

ook kleine muggenlarven in het dieet<br />

voor. Brasem heeft een voorkeur voor<br />

bo<strong>de</strong>mvoedsel, zoals larven van muggen<br />

en an<strong>de</strong>re insecten, wormpjes, slakken en<br />

mosseltjes. Bij een gebrek aan bo<strong>de</strong>morganismen<br />

kan <strong>de</strong> brasem overschakelen<br />

op een dieet van zoöplankton en plantaardig<br />

materiaal. Dankzij een geraffineerd<br />

zeefsysteem, gevormd door kieuwboog<br />

met aanhangsels, is <strong>de</strong> brasem beter dan<br />

an<strong>de</strong>re vissoorten in staat om watervlooien<br />

en an<strong>de</strong>re kleine organismen als<br />

voedselbron te benutten.<br />

Groei en leeftijd<br />

De groei van <strong>de</strong> brasem is on<strong>de</strong>r an<strong>de</strong>re<br />

afhankelijk van <strong>de</strong> watertemperatuur en<br />

het voedselaanbod. Een slechte groei<br />

treedt op als <strong>de</strong> dichthe<strong>de</strong>n (aantallen<br />

brasems per hectare) erg hoog wor<strong>de</strong>n en<br />

daarmee sterke voedselconcurrentie<br />

optreedt. On<strong>de</strong>r optimale omstandighe<strong>de</strong>n<br />

(veel voedsel, weinig concurrentie) kan<br />

brasem zeer snel groeien.<br />

In het eerste jaar is <strong>de</strong> groeisnelheid in<br />

Ne<strong>de</strong>rland gemid<strong>de</strong>ld 5 tot 7 cm. Bij een<br />

goe<strong>de</strong> groei bereikt <strong>de</strong> tweejarige brasem<br />

een lengte van 12 cm en wordt een lengte<br />

van 40 cm na 8 jaar gehaald. De brasem<br />

is na 6 tot 7 jaar geslachtsrijp. De<br />

maximale lengte is 80 cm bij een gewicht<br />

van ongeveer 10 kg. De maximale leeftijd<br />

is ca. 15 jaar.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

45


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

De blankvoorn is een vis van zowel<br />

stilstaand als stromend water, die in vele<br />

watertypen algemeen voorkomt. Zelfs in<br />

snelstromen<strong>de</strong> wateren kan <strong>de</strong>ze soort<br />

wor<strong>de</strong>n aangetroffen. Wel houdt <strong>de</strong><br />

blankvoorn zich daar bij voorkeur in <strong>de</strong><br />

stromingsluwe ge<strong>de</strong>elten op.<br />

De blankvoorn zoekt zijn voedsel in<br />

scholen in <strong>de</strong> buurt van begroeiing, maar<br />

ook wel in het diepere, open water. De<br />

blankvoorn is re<strong>de</strong>lijk bestand tegen<br />

eutrofiering en vervuiling en lijkt bij<br />

uitstek te kunnen profiteren van veran<strong>de</strong>ren<strong>de</strong><br />

omstandighe<strong>de</strong>n. Zo kon in vele<br />

beken, waar <strong>de</strong>ze soort van nature niet of<br />

slechts in geringe mate voorkwam, <strong>de</strong><br />

blankvoornstand enorm toenemen, terwijl<br />

karakteristieke beekvissoorten daar sterk<br />

in aantal achteruit zijn gegaan of geheel<br />

zijn verdwenen.<br />

Voortplanting<br />

In <strong>de</strong> paaitijd, die doorgaans in april en<br />

mei valt, maar die tot in <strong>de</strong> zomer kan<br />

doorlopen, gaat <strong>de</strong> blankvoorn op zoek<br />

naar geschikte paaiplaatsen. Deze liggen<br />

veelal dicht on<strong>de</strong>r <strong>de</strong> oever in zwak<br />

stromend, ondiep water met beschutting<br />

tegen golfslag.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

46<br />

BLANKVOORN (Rutilus rutilus)<br />

De eieren wor<strong>de</strong>n afgezet op on<strong>de</strong>rgedoken<br />

waterplanten, maar ook oeverplanten,<br />

boomwortels, stenen en an<strong>de</strong>re<br />

obstakels wor<strong>de</strong>n als afzetsubstraat<br />

gebruikt. Zowel larven als juvenielen<br />

blijven geruime tijd in <strong>de</strong> oeverbegroeiing.<br />

Hierdoor is <strong>de</strong> blankvoorn<br />

sterker dan brasem gebon<strong>de</strong>n aan<br />

wateren met begroeiing.<br />

Voedsel<br />

Het voedsel van jonge blankvoorn<br />

beslaat uit zoöplankton, in het bijzon<strong>de</strong>r<br />

watervlooien. Ou<strong>de</strong>re blankvoorn heeft<br />

een aanzienlijk uitgebrei<strong>de</strong>r voedselpakket.<br />

Zowel dierlijk voedsel, zoals<br />

slakjes, wormen, insectenlarven, driehoeksmosselen<br />

en kreeftachtigen, als<br />

plantaardig materiaal, zoals algen en<br />

<strong>de</strong>tritus, wor<strong>de</strong>n gegeten.<br />

Groei en leeftijd<br />

De blankvoorn bereikt in het eerste jaar<br />

een lengte van 5 tot 7 cm. On<strong>de</strong>r<br />

gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n is <strong>de</strong><br />

blankvoorn geslachtsrijp op een leeftijd<br />

van 3 tot 5 jaar, <strong>de</strong> mannetjes eer<strong>de</strong>r<br />

dan <strong>de</strong> vrouwtjes. De lengte is dan rond<br />

15 cm. De maximale lengte is 45 cm en<br />

<strong>de</strong> maximale leeftijd ca. 10 jaar.


Leefomgeving<br />

Er is maar weinig bekend over <strong>de</strong> levenswijze<br />

van <strong>de</strong> giebel. In grote lijn komt <strong>de</strong>ze<br />

waarschijnlijk overeen met <strong>de</strong> levenswijze van<br />

<strong>de</strong> kroeskarper. Wateren met een weel<strong>de</strong>rige<br />

plantengroei en een zachte mod<strong>de</strong>rige bo<strong>de</strong>m<br />

hebben <strong>de</strong> voorkeur van <strong>de</strong> giebel. Hoewel <strong>de</strong><br />

kroeskarper het liefst kleine, stilstaan<strong>de</strong><br />

wateren bewoont, wordt <strong>de</strong> giebel ook in<br />

plassen, meren en rivieren aangetroffen. Zelfs<br />

on<strong>de</strong>r marginale zuurstof-omstandighe<strong>de</strong>n kan<br />

<strong>de</strong> giebel in leven blijven.<br />

Voortplanting<br />

De giebel kan vanaf het twee<strong>de</strong> jaar<br />

geslachtsrijp zijn. Het aantal eieren kan<br />

oplopen tot circa 400.000 per vis. De paaitijd<br />

kan zich - afhankelijk van <strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n<br />

- over een lange perio<strong>de</strong> uitstrekken. De giebel<br />

is in staat voor grote aantallen nakomelingen<br />

te zorgen. Op vijvers bleek bij afwezigheid van<br />

reguleren<strong>de</strong> roofvis, binnen enkele jaren<br />

"vergiebeling" op te tre<strong>de</strong>n. Het bestand<br />

bevatte toen een groot aantal slecht gegroei<strong>de</strong><br />

exemplaren.<br />

Naast <strong>de</strong> normale wijze van voortplanting,<br />

blijkt <strong>de</strong> giebel over een alternatieve strategie<br />

te beschikken: Paairijpe vrouwtjesgiebels<br />

dringen zich tussen <strong>de</strong> paaien<strong>de</strong> karpers (of<br />

kroeskarpers) en zetten hun eieren af. Men<br />

stel<strong>de</strong> daarbij vast dat <strong>de</strong> zaadcellen van<br />

(kroes)karpers, <strong>de</strong> eicellen van <strong>de</strong> giebel<br />

prikkel<strong>de</strong>n om zich te gaan ontwikkelen. De<br />

zaadcellen dringen hiervoor <strong>de</strong> eicel binnen,<br />

maar er vindt geen versmelting plaats zoals in<br />

het normale voortplantingsproces.<br />

GIEBEL (Carassius auratus gibelio)<br />

- Bijlagen -<br />

Er is daarom geen sprake van bevruchting.<br />

De eicellen bevatten daardoor uitsluitend<br />

vrouwelijke eigenschappen, met als gevolg<br />

dat er ook alleen maar vrouwelijke<br />

nakomelingen uit wor<strong>de</strong>n geboren. Deze<br />

zijn in uiterlijk en erfelijk opzichtprecies<br />

gelijk aan <strong>de</strong> ou<strong>de</strong>rgiebel. Men noemt dit<br />

ook wel "klonen".<br />

Het lijkt aannemelijk dat <strong>de</strong>ze unieke wijze<br />

van voortplanting (gynogenese), ertoe<br />

heeft bijgedragen dat <strong>de</strong> giebel zich in<br />

betrekkelijk korte tijd over grote <strong>de</strong>len van<br />

Azië en Europa heeft kunnen versprei<strong>de</strong>n.<br />

Buiten <strong>de</strong> "hulp" van karper en kroeskarper,<br />

bleek <strong>de</strong> giebel zich ook succesvol te<br />

kunnen voortplanten met behulp van<br />

blankvoorn, zeelt, grote mod<strong>de</strong>rkruiper en<br />

zelfs regenboogforel.<br />

Voedsel<br />

Giebels stellen geen hoge eisen aan het<br />

voedselaanbod. Naast dierlijk voedsel als<br />

dierlijk plankton, insectenlarven en kleine<br />

kreeftachtigen, eet <strong>de</strong> giebel ook algen en<br />

planten<strong>de</strong>len. In <strong>de</strong> winter stopt <strong>de</strong> voedselopname.<br />

Groei en leeftijd<br />

Aan het eind van het eerste groeiseizoen<br />

bedraagt <strong>de</strong> lengte van <strong>de</strong> giebel 8-10 cm.<br />

Aan het eind van het twee<strong>de</strong> jaar bedraag<br />

<strong>de</strong> lengte 18-20 cm. Over <strong>de</strong> groei van<br />

giebel na het twee<strong>de</strong> levensjaar is weinig<br />

bekend. Giebels wor<strong>de</strong>n maximaal ongeveer<br />

45 cm lang.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

47


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

De karper is een algemene vissoort in<br />

stilstaan<strong>de</strong> en langzaam stromend water. Ook<br />

in relatief snel stromend water komt <strong>de</strong> karper<br />

wel voor, waar hij zich dan vooral op<br />

stromingsluwe plaatsen ophoudt.<br />

Van nature komt <strong>de</strong> karper niet in Ne<strong>de</strong>rland<br />

voor. Het oorspronkelijke verspreidingsgebied<br />

lag rond <strong>de</strong> Kaspische Zee, van waaruit <strong>de</strong><br />

karper zich zowel naar het oosten (China,<br />

Japan en Zuid-Rusland) als naar het westen<br />

(gebied rond <strong>de</strong> Zwarte Zee en <strong>de</strong> Donau)<br />

heeft uitgebreid. Via <strong>de</strong> Donau heeft <strong>de</strong> karper<br />

zich naar Mid<strong>de</strong>n-Europa kunnen versprei<strong>de</strong>n.<br />

Deze verspreiding werd versneld door <strong>de</strong><br />

Romeinen, die rond het begin van <strong>de</strong><br />

jaartelling <strong>de</strong> karper uit <strong>de</strong> Donau of uit Klein-<br />

Azië haal<strong>de</strong>n en voor <strong>de</strong> kweek naar Italië<br />

brachten. In <strong>de</strong> eeuwen daarna zorg<strong>de</strong>n<br />

monniken voor een grote verspreiding van <strong>de</strong><br />

karper over Europa. Vanaf <strong>de</strong> mid<strong>de</strong>leeuwen<br />

(<strong>de</strong> 14e eeuw) kwam <strong>de</strong> karper, als teelt- en<br />

consumptievis, in kloostervijvers voor.<br />

In <strong>de</strong> loop <strong>de</strong>r eeuwen zijn er allerlei<br />

verschillen<strong>de</strong> variëteiten van <strong>de</strong> karper ontwikkeld.<br />

Het oorspronkelijk in <strong>de</strong> mid<strong>de</strong>leeuwen<br />

geïntroduceer<strong>de</strong> en daarna<br />

verwil<strong>de</strong>r<strong>de</strong> type wordt wil<strong>de</strong> of boerenkarper<br />

genoemd. Hiernaast komen allerlei geteel<strong>de</strong><br />

variëteiten voor, zoals schubkarper, spiegelkarper,<br />

rijenkarper en naaktkarper.<br />

Omdat <strong>de</strong> karper zich in Ne<strong>de</strong>rland nauwelijks<br />

met voldoen<strong>de</strong> succes kan voortplanten om<br />

een populatie in stand te hou<strong>de</strong>n, wordt <strong>de</strong><br />

karperstand in veel wateren door uitzettingen<br />

op peil gehou<strong>de</strong>n. Dankzij <strong>de</strong>ze uitzettingen<br />

komt <strong>de</strong> karper momenteel in vrijwel alle<br />

watertypen voor. In het oorspronkelijke<br />

verspreidingsgebied is <strong>de</strong> karper echter een<br />

bewoner van langzaam stromen<strong>de</strong> rivieren en<br />

(afgesloten) rivierarmen.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

48<br />

<strong>KA</strong>RPER (Cyprinus carpio)<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt, afhankelijk van in het<br />

bijzon<strong>de</strong>r <strong>de</strong> watertemperatuur, in mei en<br />

juni, maar kan soms doorgaan tot eind juli.<br />

De paai vindt plaats in met zachte vegetatie<br />

begroei<strong>de</strong> on<strong>de</strong>rgelopen gebie<strong>de</strong>n of in<br />

waterplantenvegetaties in ondiep, rustig<br />

water, waar <strong>de</strong> eieren aan <strong>de</strong> planten blijven<br />

plakken. Ook wor<strong>de</strong>n flab en obstakels als<br />

stenen en fuiken wel als paaisubstraat<br />

gebruikt; soms wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong> eieren op <strong>de</strong> kale<br />

bo<strong>de</strong>m afgezet. Tij<strong>de</strong>ns het paaien wordt een<br />

vrouwtje omringd door een aantal mannetjes<br />

die <strong>de</strong> afgezette eieren bevruchten. Bij een<br />

voldoen<strong>de</strong> hoge watertemperatuur komen <strong>de</strong><br />

eieren al na enkele dagen uit.<br />

Voedsel<br />

De karper is een omnivoor. De samenstelling<br />

van het voedselpakket is sterk afhankelijk<br />

van <strong>de</strong> aard van het water en van het<br />

seizoen. Larven leven van zoöplankton en<br />

algen. Dat <strong>de</strong> karper is aangepast aan het<br />

foerageren op <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m is al op jonge leeftijd<br />

zichtbaar, want bij een lengte van circa 2 cm<br />

beginnen juveniele karpertjes al van <strong>de</strong><br />

bo<strong>de</strong>m te eten. Het dieet van volwassen<br />

karpers bestaat vrijwel uitsluitend uit<br />

bo<strong>de</strong>mvoedsel, zoals insectenlarven, wormen,<br />

kreeftachtigen en weekdieren. Daarnaast<br />

wordt ook plantaardig materiaal gegeten,<br />

zoals waterplanten, algen en za<strong>de</strong>n.<br />

Groei en leeftijd<br />

Van <strong>de</strong> karperachtigen is <strong>de</strong> karper één van<br />

<strong>de</strong> snelst groeien<strong>de</strong> soorten; vooral <strong>de</strong><br />

verschillen<strong>de</strong> kweekvormen zijn snelle<br />

groeiers. In <strong>de</strong> regel wordt <strong>de</strong> karper<br />

geslachtsrijp na 3 tot 4 jaar (mannetjes) of 4<br />

tot 5 jaar (vrouwtjes) bij een lengte van 40<br />

tot 45 cm. De maximale lengte is 120 cm.


Leefomgeving<br />

De aal of paling is één van onze meest<br />

algemene vissoorten. Omdat <strong>de</strong> aal een<br />

bijzon<strong>de</strong>r groot aanpassingsvermogen heeft<br />

en weinig eisen aan het leefmilieu stelt, komt<br />

hij voor in vrijwel ie<strong>de</strong>r watertype, van diepe,<br />

stilstaan<strong>de</strong> wateren tot in <strong>de</strong> bovenloop (<strong>de</strong><br />

forelzone) van beken en rivieren. De belangrijkste<br />

eis die <strong>de</strong> aal aan het leefgebied stelt<br />

is dat dit vanuit zee bereikbaar moet zijn en<br />

dat hij, als schieraal, hiervandaan weer vrij<br />

naar zee kan trekken.<br />

De lichtschuwe aal is vooral in <strong>de</strong> schemering<br />

en 's nachts actief. Overdag graaft <strong>de</strong> aal zich<br />

in <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m in of verbergt zich in holten in <strong>de</strong><br />

oever of tussen en on<strong>de</strong>r waterplanten,<br />

boomwortels, stenen of an<strong>de</strong>re obstakels. De<br />

aal heeft een voorkeur voor relatief hoge<br />

watertemperaturen; tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong> wintermaan<strong>de</strong>n<br />

vertoont hij dan ook weinig<br />

activiteit en trekt zich in een schuilplaats<br />

terug, passief wachtend op een stijging van<br />

<strong>de</strong> watertemperatuur in het voorjaar.<br />

Voortplanting<br />

De aal is een zogenaam<strong>de</strong> katadrome<br />

vissoort, die het grootste <strong>de</strong>el van zijn leven<br />

in zoet water doorbrengt, maar zich in zee<br />

voortplant.<br />

Als „Leptocephaluslarve' verzamelen <strong>de</strong> jonge<br />

alen zich aan het begin van het jaar voor <strong>de</strong><br />

Ne<strong>de</strong>rlandse kust. Nadat zij tot glasaal zijn<br />

gemetamorfoseerd trekken zij massaal het<br />

binnenwater op, waar zij in enkele jaren tot<br />

volwassen aal opgroeien.<br />

Wanneer <strong>de</strong> aal geslachtsrijp is gewor<strong>de</strong>n,<br />

wordt hij schieraal genoemd. De migratie van<br />

schieraal naar <strong>de</strong> paaigebie<strong>de</strong>n, die<br />

waarschijnlijk in <strong>de</strong> Sargassozee bij <strong>de</strong><br />

Bermuda-eilan<strong>de</strong>n liggen, komt in het najaar<br />

op gang.<br />

AAL of PALING (Anguilla anguilla)<br />

- Bijlagen -<br />

Voedsel<br />

Het voedselpakket van <strong>de</strong> aal bestaat vooral<br />

uit op en nabij <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m leven<strong>de</strong><br />

ongewervel<strong>de</strong>n, zoals muggenlarven,<br />

vlokreeften, aasgarnalen, waterpissebed<strong>de</strong>n,<br />

haften en kokerjuffers. Ook vis(broed)<br />

behoort tot het voedsel. Alen met een lengte<br />

van meer dan 35 cm kunnen zich ontwikkelen<br />

tot specialistische vispredator; <strong>de</strong>ze<br />

zogenaam<strong>de</strong> breedkop-alen jagen, net als <strong>de</strong><br />

snoek, vanuit een schuilplaats op prooivis.<br />

Aal is geen 'lijkenvreter', zoals zo vaak wordt<br />

beweerd. Wel kan <strong>de</strong> aal stukken afscheuren<br />

van prooien die veel groter zijn dan hijzelf<br />

door zich in <strong>de</strong> prooi vast te bijten en snel<br />

rond <strong>de</strong> eigen as te draaien.<br />

Groei en leeftijd<br />

De aal komt als glasaal het zoete water<br />

binnen, waar hij verblijft totdat hij<br />

geslachtsrijp is gewor<strong>de</strong>n en veran<strong>de</strong>rt in<br />

schieraal. Mannetjes wor<strong>de</strong>n dit bij een<br />

lengte van 30 tot 45 cm, vrouwtjes in <strong>de</strong><br />

regel bij een lengte vanaf 55 cm.<br />

Soms blijven vrouwtjes echter veel langer in<br />

het zoete water en kunnen dan een<br />

bedui<strong>de</strong>nd grotere lengte bereiken.<br />

Mannetjes blijven niet alleen kleiner, maar<br />

zijn ook eer<strong>de</strong>r geslachtsrijp dan vrouwtjes.<br />

De leeftijd van mannelijke schieraal ligt<br />

tussen 5-14 jaar, die van vrouwtjes varieert<br />

van 7-18 jaar.<br />

De maximale lengte van <strong>de</strong> aal is - voorzover<br />

bekend - 1,55 meter; het maximale gewicht<br />

7,65 kg. De aal kan een aanzienlijke leeftijd<br />

bereiken. In gevangenschap kan <strong>de</strong>ze<br />

vissoort meer dan 50 jaar oud wor<strong>de</strong>n. De<br />

oudste aal bereikte zelfs een leeftijd van 85<br />

jaar.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

49


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

De pos is een algemene vissoort in ons land<br />

die in veel wateren voorkomt. Vooral in groot<br />

water, zoals meren, rivieren en al dan niet<br />

kunstmatige plassen, is <strong>de</strong> pos soms massaal<br />

aanwezig. Deze kleine baarsachtige lijkt zich<br />

vaak thuis te voelen in wateren, waar veel<br />

an<strong>de</strong>re vissoorten het juist laten afweten.<br />

Opmerkelijk is dat <strong>de</strong> pos erg sterk vertegenwoordigd<br />

kan zijn in pas gegraven wateren en<br />

in wateren, waar <strong>de</strong> milieuomstandighe<strong>de</strong>n<br />

zich blijvend en ingrijpend hebben gewijzigd.<br />

De pos wordt dan ook wel als 'pioniersoort'<br />

beschouwd. De pos leeft in scholen.<br />

De pos zoekt op <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m naar voedsel. Hij<br />

kan behalve overdag ook bij schemer en ‟s<br />

nachts foerageren, vanwege zijn gevoelige<br />

ogen en zijlijnorgaan.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt tussen april en juni, bij een<br />

watertemperatuur van ongeveer 11-18°C. In<br />

<strong>de</strong>ze perio<strong>de</strong> zoekt <strong>de</strong> pos in grote scholen<br />

ondiep water op met een relatief hoog<br />

zuurstofgehalte. In meren en rivieren zijn dat<br />

bijvoorbeeld <strong>de</strong> oevers waar <strong>de</strong> wind op staat<br />

en waar golfslag optreedt.<br />

De eitjes wor<strong>de</strong>n in <strong>de</strong> regel afgezet op<br />

stenen of obstakels en soms op waterplanten,<br />

maar <strong>de</strong>ze zijn voor <strong>de</strong> voortplanting niet<br />

noodzakelijk. Na het uitkomen zijn <strong>de</strong> larven<br />

nog niet volledig ontwikkeld. Zij kunnen zich<br />

dan nog nauwelijks bewegen en blijven<br />

enkele dagen op <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m liggen. Pas na<br />

ruim een week beginnen <strong>de</strong> larven over <strong>de</strong><br />

bo<strong>de</strong>m te zwemmen en actief voedsel op te<br />

nemen.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

50<br />

POS (Gymnocephalus cernuus)<br />

Voedsel<br />

De larven van <strong>de</strong> pos voe<strong>de</strong>n zich in eerste<br />

instantie met fijn zooplankton. Bij een lengte<br />

van 1,5 cm schakelt jonge pos soms al over<br />

op bo<strong>de</strong>mvoedsel, zoals vlokreeften,<br />

aasgarnalen, muggenlarven, slakjes en<br />

wormpjes.<br />

Ook het voedselpakket van volwassen pos<br />

bestaat groten<strong>de</strong>els uit bo<strong>de</strong>morganismen.<br />

Daarnaast wor<strong>de</strong>n ook kuit en visbroed<br />

gegeten, waaron<strong>de</strong>r ook eigen soortgenoten.<br />

Groei en leeftijd<br />

De groeisnelheid in het eerste jaar is<br />

gemid<strong>de</strong>ld 5 tot 7 cm. De pos wordt in het<br />

twee<strong>de</strong> of <strong>de</strong>r<strong>de</strong> jaar geslachtsrijp. De<br />

maximale lengte is 20 cm en het maximale<br />

gewicht ca. 150 gram.<br />

De maximale leeftijd wordt geschat op 10 tot<br />

12 jaar.


Leefomgeving<br />

De roofblei komt voor in <strong>de</strong> rivieren van<br />

Oost-Europa tot voorbij het Aralmeer in<br />

Rusland en bij <strong>de</strong> Hafkust (Oostzee). In dit<br />

oorspronkelijke verspreidingsgebied is <strong>de</strong><br />

roofblei in aantal achteruitgegaan. Dit is<br />

mogelijk het gevolg van <strong>de</strong> aanleg van<br />

dammen en teveel slib op <strong>de</strong> paaiplaatsen.<br />

Vanaf 1984 wordt roofblei ook gesignaleerd<br />

in Ne<strong>de</strong>rlandse wateren die in verbinding<br />

staan met <strong>de</strong> grotere rivieren. Het blijkt dat<br />

<strong>de</strong> soort waarschijnlijk bezig is een zichzelf<br />

in stand hou<strong>de</strong>n<strong>de</strong> populatie te vormen in<br />

<strong>de</strong> grote rivieren. Uitzettingen van <strong>de</strong> vis in<br />

Duitsland, <strong>de</strong> aanleg van een verbeter<strong>de</strong><br />

kanaalverbinding tussen <strong>de</strong> Donau en <strong>de</strong><br />

Rijn (Donau-Mainz kanaal) en <strong>de</strong> verbeter<strong>de</strong><br />

waterkwaliteit van <strong>de</strong> Rijn spelen mogelijk<br />

een rol bij het oprukken van <strong>de</strong> soort in<br />

Ne<strong>de</strong>rland.<br />

De roofblei leeft vooral in stromend water<br />

(rivieren) en wateren die daarmee in<br />

verbinding staan. Deze zijwateren kunnen<br />

zijriviertjes zijn, maar ook stadsgrachten en<br />

grote meren. De bereikbaarheid van<br />

stromend water is voor <strong>de</strong> roofblei met<br />

name van belang voor <strong>de</strong> voortplanting.<br />

Meestal leeft <strong>de</strong> roofblei solitair, alleen<br />

jonge visjes leven in kleine scholen. De<br />

volwassen vissen vormen tij<strong>de</strong>ns <strong>de</strong><br />

paaiperio<strong>de</strong> kleine scholen.<br />

Voortplanting<br />

De roofblei wordt na 3 tot 5 jaar<br />

geslachtsrijp bij een lengte van ca. 44 cm.<br />

De voortplanting vindt plaats in april, mei<br />

en juni als <strong>de</strong> temperatuur stijgt boven <strong>de</strong><br />

8°C. De vis paait in stromend water, bij<br />

voorkeur boven kiezelbeddingen, zand met<br />

stenen, of evt. waterplanten. Deze situatie<br />

ROOFBLEI (Aspius aspius)<br />

- Bijlagen -<br />

is vooral in <strong>de</strong> bovenlopen van rivieren te<br />

vin<strong>de</strong>n. Door <strong>de</strong> stroming wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong> eitjes<br />

verspreid alvorens ze aan het substraat<br />

blijven kleven, hoe sterker <strong>de</strong> stroming, hoe<br />

groter <strong>de</strong> verspreiding van <strong>de</strong> eitjes.<br />

Twee dagen na het uitkomen van <strong>de</strong> eitjes<br />

mengen <strong>de</strong> larven zich in <strong>de</strong> stromen<strong>de</strong><br />

waterkolom, en laten ze zich passief<br />

meevoeren met <strong>de</strong> stroming. Het gevolg<br />

hiervan is dat veel larven binnenspoelen in<br />

meren in verbinding met <strong>de</strong> rivier. De<br />

larven groeien op in <strong>de</strong> mid<strong>de</strong>n- en<br />

bene<strong>de</strong>nloop van rivieren en meren in<br />

verbinding met rivieren.<br />

Voedsel<br />

Jonge roofblei voedt zich met zoöplankton,<br />

insectenlarven, insecten en bo<strong>de</strong>m<br />

organismen. Vanaf een lengte van 20-30<br />

cm eet <strong>de</strong> roofblei vooral kleine vis die bij<br />

het wateroppervlak leeft (bijv. alver en<br />

spiering).<br />

Groei en leeftijd<br />

De lengte van <strong>de</strong> roofblei in Ne<strong>de</strong>rland<br />

bedraagt gemid<strong>de</strong>ld 16 cm aan het eind van<br />

het eerste levensjaar, 28 cm na twee jaar,<br />

40 cm na drie jaar, 50 cm na vier jaar en<br />

58 cm na vijf jaar.<br />

De maximale lengte is ongeveer 120 cm bij<br />

een gewicht van 12kg.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

51


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

De ruisvoorn is een vis van hel<strong>de</strong>r,<br />

stilstaand of langzaam stromend water<br />

dat rijk begroeid is met oever- en<br />

on<strong>de</strong>rwaterplanten, afgewisseld met<br />

open stukken. Deze vis is vooral te<br />

vin<strong>de</strong>n in <strong>de</strong> ondiepe oeverzone van<br />

vijvers, plassen, meren, kanalen en<br />

rivieren, waar hij zich meestal dicht<br />

on<strong>de</strong>r <strong>de</strong> oppervlakte ophoudt.<br />

In beken is <strong>de</strong> ruisvoorn vooral te vin<strong>de</strong>n<br />

in het stroomluwe water van<br />

(afgesne<strong>de</strong>n) mean<strong>de</strong>rs en molenkommen,<br />

waar zich vegetatie kan<br />

ontwikkelen. Hier kan <strong>de</strong> ruisvoorn wel<br />

in re<strong>de</strong>lijke aantallen voorkomen.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt laat in het jaar, in <strong>de</strong><br />

maan<strong>de</strong>n mei tot en met juli, wanneer<br />

<strong>de</strong> watertemperatuur meer dan 15˚C<br />

bedraagt. In <strong>de</strong>ze perio<strong>de</strong> trekt <strong>de</strong><br />

ruisvoorn naar <strong>de</strong> paaiplaatsen in <strong>de</strong><br />

oeverzone, die soms in zeer ondiep<br />

water liggen. Hier wor<strong>de</strong>n <strong>de</strong> eieren aan<br />

water- en oeverplanten of aan<br />

on<strong>de</strong>rgelopen gras afgezet.<br />

Voor een goe<strong>de</strong> ontwikkeling van <strong>de</strong><br />

eieren is <strong>de</strong> aanwezigheid van vegetatie<br />

essentieel; eieren die op <strong>de</strong> (meestal<br />

mod<strong>de</strong>rige) bo<strong>de</strong>m terecht komen, gaan<br />

verloren.<br />

RUISVOORN (Scardinius erythrophthalmus)<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

52<br />

Voedsel<br />

Jonge ruisvoorn leeft voornamelijk van<br />

watervlooien. Naarmate <strong>de</strong> ruisvoorn<br />

groter wordt, schakelt hij gelei<strong>de</strong>lijk over<br />

op grotere voedseldiertjes, zoals slakjes<br />

en kreeftachtigen. Ook in het water<br />

gevallen insecten wor<strong>de</strong>n gegeten; <strong>de</strong>ze<br />

wor<strong>de</strong>n met <strong>de</strong> bovenstandige bek van<br />

<strong>de</strong> oppervlakte gehapt.<br />

Daarnaast behoort ook plantaardig<br />

materiaal tot het voedselpakket van <strong>de</strong><br />

ruisvoorn. Zowel verschillen<strong>de</strong> soorten<br />

zachte waterplanten als draad- en<br />

kiezelalgen vormen een groot <strong>de</strong>el van<br />

het dieet.<br />

Groei en leeftijd<br />

De ruisvoorn groeit in het eerste jaar tot<br />

gemid<strong>de</strong>ld 6 cm. In het twee<strong>de</strong> of <strong>de</strong>r<strong>de</strong><br />

jaar is <strong>de</strong> ruisvoorn geslachtsrijp bij een<br />

lengte van ca. 15 cm, <strong>de</strong> vrouwtjes later<br />

dan <strong>de</strong> mannetjes.<br />

De ruisvoorn kan een lengte van 45 cm<br />

bereiken. De maximale leeftijd ligt<br />

tussen 15 en 20 jaar.


Leefomgeving<br />

De snoek is een soort van stilstaand of<br />

langzaam stromend water, zoals rivieren<br />

en bre<strong>de</strong> beken. De snoek heeft een<br />

voorkeur voor hel<strong>de</strong>r water met een<br />

gevarieer<strong>de</strong> begroeiing van oeverplanten<br />

en on<strong>de</strong>rwaterplanten, die voldoen<strong>de</strong><br />

schuilgelegenheid biedt. Grotere<br />

exemplaren hou<strong>de</strong>n zich ook schuil<br />

achter obstakels.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt in <strong>de</strong> perio<strong>de</strong> van half<br />

maart tot eind mei. Paaiplaatsen liggen<br />

in ondiep water waar (resten van)<br />

vegetatie aanwezig is, zoals<br />

on<strong>de</strong>rgelopen grasland of oeverzones<br />

met riet en on<strong>de</strong>rwaterplanten.<br />

Zowel voor het afzetten van <strong>de</strong> eieren als<br />

voor <strong>de</strong> opgroei van het broed is <strong>de</strong><br />

aanwezigheid van vegetatie van groot<br />

belang. Indien niet voldoen<strong>de</strong><br />

schuilgelegenheid in <strong>de</strong> vorm van<br />

waterplanten in het opgroeigebied<br />

aanwezig is, vallen grote aantallen jonge<br />

snoekjes ten prooi aan grotere<br />

soortgenoten.<br />

Pas wanneer <strong>de</strong> snoek een lengte van<br />

meer dan 60 cm heeft bereikt, is hij<br />

veilig voor kannibalisme en niet langer<br />

gebon<strong>de</strong>n aan <strong>de</strong> beschutting van<br />

waterplanten.<br />

SNOEK (Esox lucius)<br />

- Bijlagen -<br />

Voedsel<br />

De larven van <strong>de</strong> snoek leven van kleine<br />

kreeftachtigen, zoals mosselkreeftjes,<br />

watervlooien en roeipootkreeftjes. Later<br />

wordt het voedselpakket uitgebreid met<br />

insectenlarven. Al bij een lengte van 10<br />

cm bestaat het voedsel voornamelijk uit<br />

visjes en an<strong>de</strong>re gewervel<strong>de</strong> dieren,<br />

zoals kikkers. On<strong>de</strong>r uitzon<strong>de</strong>rlijke<br />

omstandighe<strong>de</strong>n wor<strong>de</strong>n ook wel<br />

ongewervel<strong>de</strong> dieren gegeten.<br />

Groei en leeftijd<br />

De snoek is een snelle groeier. Binnen<br />

een jaar wordt een gemid<strong>de</strong>l<strong>de</strong> lengte<br />

bereikt van ongeveer 22 cm. Mannetjes<br />

wor<strong>de</strong>n bij een lengte van ca. 30 cm<br />

geslachtsrijp, vrouwtjes bij een lengte<br />

van 35-40 cm.<br />

On<strong>de</strong>r gunstige omstandighe<strong>de</strong>n kan <strong>de</strong><br />

snoek binnen een jaar een lengte van 35<br />

cm bereiken en is dan na één jaar al<br />

geslachtsrijp. De maximale lengte van<br />

<strong>de</strong> snoek is 1,40 meter. Dit geldt dan<br />

voor vrouwtjes. Mannetjes wor<strong>de</strong>n niet<br />

groter dan 85 cm.<br />

De maximale leeftijd van <strong>de</strong> snoek is ca.<br />

25 jaar.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

53


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

Het vetje leeft hoofdzakelijk in zoete tot zwak<br />

brakke, stilstaan<strong>de</strong> wateren met bij voorkeur<br />

een goed begroei<strong>de</strong> oeverzone. Het vetje leeft<br />

bij voorkeur in <strong>de</strong>ze ondiepe, begroei<strong>de</strong><br />

ge<strong>de</strong>elten van het water.<br />

Aangezien het vetje bij voorkeur leeft in<br />

ondiepe wateren, is hij bestand tegen relatief<br />

hoge watertemperaturen van 30 tot 35 °C. De<br />

meeste Ne<strong>de</strong>rlandse zoetwatervissen<br />

overleven een watertemperatuur van 30 °C<br />

niet.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd van het vetje loopt van april tot<br />

juni bij een watertemperatuur van 17 °C.<br />

Wanneer <strong>de</strong> tempratuur terugvalt tot on<strong>de</strong>r<br />

<strong>de</strong> 17 °C, stopt <strong>de</strong> paai totdat <strong>de</strong><br />

watertemperatuur weer voldoen<strong>de</strong> hoog is. In<br />

<strong>de</strong> paaitijd verschijnt bij het mannetje<br />

paaiuitslag op kop en lippen. Bij het vrouwtje<br />

is een circa 2 mm lange legbus te zien.<br />

Het vetje zet haar eieren bij voorkeur af op <strong>de</strong><br />

stengels van loodrecht in het water staan<strong>de</strong><br />

planten. De eieren wor<strong>de</strong>n afgezet op een<br />

diepte van 10-20 cm. Na het afzetten van <strong>de</strong><br />

eieren bewaakt het mannetje <strong>de</strong>ze. Hij<br />

voorziet daarbij <strong>de</strong> eieren van zuurstof door<br />

het aanstoten van <strong>de</strong> stengel, waarop <strong>de</strong>ze<br />

zijn afgezet.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

54<br />

VETJE (Leucaspius <strong>de</strong>lineatus)<br />

Voedsel<br />

Nadat zij uit het ei zijn gekomen en hun<br />

dooierzak hebben verteerd, leven <strong>de</strong> larven<br />

van het vetje eerst van plantaardig plankton.<br />

Het voedsel van <strong>de</strong> juvenielen bestaat<br />

voornamelijk uit dierlijk plankton. Het<br />

volwassen vetje eet voornamelijk in het water<br />

gevallen landinsecten, insectenlarven en<br />

kleine kreeftachtigen, die in <strong>de</strong> oeverzone<br />

voorkomen.<br />

Met zijn bovenstandige bek is het vetje zeer<br />

goed toegerust op het van het wateroppervlak<br />

pakken van drijven<strong>de</strong> insecten. Het vetje<br />

heeft <strong>de</strong> voorkeur voor re<strong>de</strong>lijk hel<strong>de</strong>r water,<br />

omdat het een zichtjager is.<br />

Groei en leeftijd<br />

Vetjes kunnen maximaal 5 jaar oud wor<strong>de</strong>n<br />

en een maximale lengte bereiken van 7<br />

centimeter.


Leefomgeving<br />

In het oorspronkelijke verspreidings-gebied<br />

(het oostelijk <strong>de</strong>el van Europa, tot in Azië<br />

rond <strong>de</strong> Kaspische Zee) is <strong>de</strong> snoekbaars een<br />

vis van grote rivieren en diepe meren, die<br />

zich ophoudt in diepere en duistere <strong>de</strong>len met<br />

weinig stroming. In ons land is <strong>de</strong> snoekbaars<br />

een algemene vissoort die zowel in stilstaand<br />

als langzaam stromend water voorkomt, zoals<br />

rivieren, meren, plassen, kanalen en<br />

zandgaten.<br />

De snoekbaars heeft voorkeur voor troebel<br />

water; <strong>de</strong> ogen zijn aangepast aan het zien<br />

bij lage lichtintensiteiten. Hel<strong>de</strong>r water moet<br />

voor snoekbaars dan ook behoorlijk diep zijn,<br />

zodat bij <strong>de</strong> bo<strong>de</strong>m, waar <strong>de</strong> snoekbaars zich<br />

voornamelijk ophoudt, toch een lage<br />

lichtintensiteit wordt bereikt. De snoekbaars<br />

is gevoelig voor lage zuurstofconcentraties,<br />

maar goed bestand tegen eutrofiëring.<br />

In vele wateren, waar <strong>de</strong> snoekstand sterk is<br />

teruggelopen door <strong>de</strong> verdwijning van <strong>de</strong><br />

waterplanten-begroeiing tengevolge van<br />

eutrofiëring, heeft snoekbaars <strong>de</strong> rol van<br />

snoek als visstandreguleren<strong>de</strong> predator<br />

overgenomen.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt doorgaans in <strong>de</strong> perio<strong>de</strong> eind<br />

april -begin mei. De eieren wor<strong>de</strong>n afgezet in<br />

een nest van boom- of plantenwortels, takken<br />

of dichtbegroei<strong>de</strong> vegetatie dat door het<br />

mannetje wordt gemaakt boven een har<strong>de</strong><br />

zand-, grind- of kleibo<strong>de</strong>m. Het mannetje<br />

bewaakt <strong>de</strong> eieren (en later ook het broed)<br />

tegen predatoren en waaiert met <strong>de</strong> vinnen<br />

om het legsel vrij te hou<strong>de</strong>n van slib en het<br />

van vers, zuurstofrijk water te voorzien.<br />

SNOEKBAARS (San<strong>de</strong>r lucioperca)<br />

- Bijlagen -<br />

De larven en juvenielen hou<strong>de</strong>n zich<br />

voornamelijk in het plantenvrije open water<br />

op. Het optre<strong>de</strong>n van kannibalisme, waaraan<br />

<strong>de</strong> jonge snoekbaarsjes voornamelijk in hun<br />

eerste levensjaar bloot staan, is sterk<br />

afhankelijk van het voedselaanbod.<br />

Voedsel<br />

Jonge snoekbaars tot een lengte van ca. 2 cm<br />

eet vrijwel uitsluitend zooplankton, in het<br />

bijzon<strong>de</strong>r watervlooien en roeipootkreeftjes.<br />

Bij een grotere lengte wor<strong>de</strong>n<br />

bo<strong>de</strong>morganismen, zoals muggen- en<br />

eendagsvliegenlarven en kreeftachtigen,<br />

zoals aasgarnalen, gegeten. Het<br />

overschakelen op <strong>de</strong> consumptie van<br />

vis(broed) wordt bepaald door het aanbod en<br />

<strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n. Snoekbaars met een<br />

lengte van meer dan 10 cm vreet uitsluitend<br />

vis.<br />

Groei en leeftijd<br />

De groei van jonge snoekbaars is sterk<br />

afhankelijk van <strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n en het<br />

voedselaanbod. Zo kan in het eerste<br />

groeiseizoen al een lengte van 15 tot 20 cm<br />

bereikt wor<strong>de</strong>n. Indien echter niet tijdig op <strong>de</strong><br />

consumptie van vis kan wor<strong>de</strong>n<br />

overgeschakeld, wordt <strong>de</strong> jonge snoekbaars<br />

niet groter dan 4 tot 8 cm. Ook komt het<br />

voor, bijvoorbeeld bij een geringe<br />

beschikbaarheid aan prooivis, dat een gehele<br />

jaarklasse na het eerste groeiseizoen <strong>de</strong><br />

lengte van 10 cm nog niet heeft bereikt. In<br />

<strong>de</strong> regel zijn snoekbaarsmannetjes na 2 jaar<br />

geslachtsrijp bij een lengte van ca. 26 cm,<br />

vrouwtjes na 3 jaar bij een lengte van ca. 40<br />

cm. In ons land kan snoekbaars een lengte<br />

bereiken van ongeveer 1,20 meter, bij een<br />

gewicht van 25 tot 30 pond.<br />

versie © 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

55


- Visvijver te <strong>Balk</strong>-<br />

Leefomgeving<br />

De zeelt is een bewoner van stilstaand of<br />

traag stromend water met een zachte<br />

mod<strong>de</strong>rbo<strong>de</strong>m en een goed ontwikkel<strong>de</strong><br />

vegetatie met (on<strong>de</strong>r)water- en oeverplanten.<br />

De zeelt is een vrij algemene<br />

vissoort, die voorkomt in tal van<br />

watertypen, zoals grote meren en plassen,<br />

rivieren, kanalen, sloten en beken. Een<br />

har<strong>de</strong> zandige of stenige bo<strong>de</strong>m, troebel<br />

water, matige of sterke stroming en grote<br />

diepte maken een water als leefgebied voor<br />

<strong>de</strong> zeelt min<strong>de</strong>r geschikt.<br />

De zeelt verdraagt hoge watertemperaturen,<br />

lage zuurstofconcentraties<br />

en hoge pH-waar<strong>de</strong>n; tegen organische<br />

vervuiling lijkt <strong>de</strong> zeelt dan ook re<strong>de</strong>lijk<br />

bestand. De zeelt is lichtschuw en zoekt<br />

vooral 's nachts naar voedsel. Overdag<br />

houdt hij zich gewoonlijk schuil tussen <strong>de</strong><br />

waterplanten of in <strong>de</strong> mod<strong>de</strong>r. In <strong>de</strong> winter<br />

of 's zomers, als het erg warm is, doet <strong>de</strong><br />

zeelt dit ook 's nachts.<br />

Voortplanting<br />

De paaitijd valt laat, in <strong>de</strong> maan<strong>de</strong>n mei tot<br />

en met augustus. De watertemperatuur<br />

dient minimaal 18°C te zijn, voordat <strong>de</strong><br />

zeelt tot het afzetten van <strong>de</strong> eitjes<br />

overgaat. Zeelten paaien in groepjes<br />

tegelijk. De eitjes wor<strong>de</strong>n niet in één keer<br />

afgezet, maar met tussenpozen van enkele<br />

dagen.<br />

De gehele paaiperio<strong>de</strong> kan, afhankelijk van<br />

<strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n, meer dan een week<br />

duren. Er wordt alleen gepaaid boven<br />

waterplanten, waaraan <strong>de</strong> zeer kleverige<br />

eitjes zich vasthechten. Eitjes die op <strong>de</strong><br />

mod<strong>de</strong>rige bo<strong>de</strong>m terecht komen, sterven<br />

vrijwel altijd af; dit geldt ook voor <strong>de</strong> pas<br />

uitgekomen larven. De aanwezigheid van<br />

waterplanten is dan ook van essentieel<br />

belang.<br />

© 2011 Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland / <strong>HSV</strong> <strong>de</strong> <strong>Bears</strong><br />

56<br />

ZEELT (Tinca tinca)<br />

Voedsel<br />

De larven van <strong>de</strong> zeelt leven in eerste<br />

instantie van zoöplankton. Later eten zij ook<br />

kleine muggenlarven, wormpjes en<br />

slakkeneieren. Volwassen zeelten zijn<br />

alleseters, maar zoeken bij voorkeur in <strong>de</strong><br />

bo<strong>de</strong>m naar voedsel; <strong>de</strong> bei<strong>de</strong> tastharen<br />

naast <strong>de</strong> bek wijzen hierop.<br />

Naast slakjes, kreeftachtigen, wormpjes,<br />

watervlooien en muggenlarven maken ook<br />

planten<strong>de</strong>len, algen en <strong>de</strong>tritus <strong>de</strong>el uit van<br />

het voedselpakket.<br />

Groei en leeftijd<br />

De groei van <strong>de</strong> zeelt is betrekkelijk traag en<br />

sterk afhankelijk van <strong>de</strong> omstandighe<strong>de</strong>n. De<br />

lengte na het eerste groeiseizoen varieert<br />

meestal tussen 3 en 6 cm, maar kan ook 12<br />

cm bedragen.<br />

De mannetjes groeien trager dan <strong>de</strong><br />

vrouwtjes. De zeelt is na 3 tot 4 jaar<br />

geslachtsrijp bij een lengte van 9,5 cm<br />

(mannetjes) en 12,5 cm (vrouwtjes). De<br />

maximale lengte is ca. 60 cm en <strong>de</strong> maximale<br />

leeftijd 15 à 20 jaar.


Sportvisserij Ne<strong>de</strong>rland<br />

Postbus 162<br />

3720 AD Bilthoven

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!