“de mensen zijn er om Bedrogen te worden” - Klare Lijn

klarelijn.be

“de mensen zijn er om Bedrogen te worden” - Klare Lijn

4 Brussel leest wandelingen — de mensen zijn er om Bedrogen te worden

standbeeld van gabrielle Petit © Philippe Debroe

gebruikte dit standbeeld als één van de uitgangspunten

voor zijn roman “Slagschaduw”. Daarin gaat hij op zoek naar

de vrouw die voor het beeld poseerde, putje winter in een

amper verwarmd atelier, en daar later heel wat lichamelijke

hinder van ondervond.

We steken de Lombardstraat over en duiken de Spoormakersstraat

in. Een paar huizen verder, op nr. 58, zie je een

herdenkingsplaat voor Joachim Lelewel, een Pool die jarenlang

op deze plek heeft gewoond. leo tolstoj is hem hier

enkele maanden voor z’n dood in 1861 komen opzoeken.

Nog een paar huizen verder bevindt zich op nr. 52 De Dolle

Mol, een bruine kroeg. Met wat geluk vind je er Jan Bucquoy

voor of achter de toog. In 2010 gaf de oorspronkelijke

uitbater, Herman j. Claeys, hier nog een afscheidsfeest

naar aanleiding van zijn nakend overlijden. Behalve de

kroeg had hij ook een boekhandel wat verder in de straat

(op nr. 18). Je vond er ‘staatsgevaarlijke lectuur’ zoals het

Rode Boekje van Mao, maar evengoed niet-gecensureerde

exemplaren van Playboy. De Manteau-reeks de Vijfde Meridiaan

werd er boven het doopvont gehouden.

Wandel de straat door (of kom, indien je tot nr. 18 gewandeld

bent, een stukje terug) en draai de Kaasmarkt in. Vandaag

vooral bekend omwille van de reeks pittabars, maar

ooit opende Herman j. Claeys op nr. 18 de oorspronkelijke

Dolle Mol, waar jeroen Brouwers zowat woonde. De

kroegbezoekers waren van verdacht allooi, want de staatsveiligheid

hield het pand nauwgezet in het oog en de rijkswacht

voerde er regelmatig een razzia uit.

Blijf rechtdoor gaan tot het eerste kruispunt, draai dan links

de Hoedenmakersstraat in tot aan het volgende kruispunt.

De straat rechtdoor, die nu de verbinding maakt met de

Lombardstraat, was in de 19 de eeuw nog een doodlopende

steeg, waar zich het hotel bevond waar Victor Hugo zijn

intrek nam toen hij voor Napoleon III vluchtte in 1851. Het

was niet de eerste keer dat de vermaarde schrijver Brussel

bezocht: in 1837 was hij hier al eens geweest en had uit

de vijf beschikbare piraatversies van zijn “Voix Intérieurs”

de mooiste gekozen om aan zijn vrouw cadeau te doen. Nu

vind je op de hoek van de Hoedenmakersstraat en de Violetstraat

Le Wolf. Echt niks om schrik van te hebben. Hier

moet je zeker eens binnenspringen als je kinderen hebt. Ze

kunnen hier hun hartje ophalen aan tranenthee en stenensoep

in de eetkamer van Roodkapje, er wordt voorgelezen,

je kan er boeken inkijken en kopen en nog zoveel meer ...

Draai de Violetstraat rechts in, dus naar beneden. Vlak voor

jou bevindt zich het sjieke Amigo-hotel (zie plan 4). Ooit

stond hier echter de stedelijke gevangenis, die de Amigo

genoemd werd (met de klemtoon op de laatste lettergreep).

marx werd hier in 1848 opgesloten alvorens hij bevel kreeg

More magazines by this user
Similar magazines