30.07.2013 Views

Foto's - Tiense Vrijzinnige Kring vzw

Foto's - Tiense Vrijzinnige Kring vzw

Foto's - Tiense Vrijzinnige Kring vzw

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

nieuwsbrief<br />

tweemaandelijks tijdschrift<br />

jaargang 38 - nummer 3 - mei/juni<br />

v.u. : Raf Pauly, Beauduinstraat 42, 3300 TIENEN<br />

afgiftekantoor Tienen Centrum<br />

P 802122<br />

<strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong> <strong>Kring</strong> <strong>vzw</strong><br />

Donystraat 14 | 3300 Tienen<br />

Tel : 016 81 31 66<br />

tvk.<strong>vzw</strong>@scarlet.be<br />

www.vrijzinnigtienen.be<br />

www.vrijzinnigtienen.be<br />

BELGIË - BELGIQUE<br />

P.B.<br />

3300 TIENEN<br />

Centrum<br />

2 / 3 0 8 8


Beste leden, sympathisanten,<br />

Beste lezers,<br />

Het vrije woord vooraf<br />

We gaan weer richting de zomer, traditioneel een periode waarin we wat meer rust in het programma<br />

brengen, en vooral eens kunnen terug kijken op het voorbije voorjaar. Met een beetje geluk,<br />

kunnen we dat doen vanop een terrasje in de zon, of genietend van een zomertuintje onder een<br />

blauwe horizon. We zullen niet te veel hopen, maar vooral genieten van de mooie momenten die<br />

zullen komen.<br />

We mogen in ieder geval weer heel tevreden zijn over de feesten. Het doet heel veel deugd om al<br />

die positieve reacties te krijgen, en het enthousiasme van de feestelingen te mogen meemaken.<br />

Daarom ook een dikke proficiat aan alle feestelingen, maar ook aan alle vrijwilligers die zich inzetten<br />

om de feesten zo mooi te maken. We kunnen nog nagenieten met de vele foto’s op onze website.<br />

Er staan er alvast enkele in dit Lopend Vuurtje, in het zwart-wit, zodat u zeker nog eens zin krijgt<br />

om naar onze website te surfen en de foto’s in kleur te bewonderen.<br />

Ook het filmprogramma Open Lens was de moeite dit voorjaar. Geen grote aantallen, wel steeds<br />

nieuwe mensen, een sterk aanbod, enthousiaste reacties en vooral vragen naar meer film. Open<br />

Lens zal dus zeker verder gezet worden in het najaar. We veranderen wel wat aan onze methode.<br />

Wat we precies veranderen, kan je nalezen op pagina 16 in dit Lopend Vuurtje.<br />

Kijken we even naar wat nog komen zal. Op 10 juni organiseren we een stadwandeling die ons de<br />

duistere kantjes van Tienen zal laten zien. Josée Stels zal onze ervaren gids zijn. Plaats van afspraak:<br />

het VOC. Na afloop hebben we natuurlijk de tijd om wat na te keuvelen in onze Ontmoetingscentrum.<br />

Zoals steeds zal TVK u niet laten vertrekken zonder een drankje aan te bieden.<br />

We gaan verder op dat gezellig elan op vrijdag 3 augustus, met onze jaarlijkse barbecue. De vrijwilligers<br />

van de FOS en het VOC zetten weer tafels en stoelen buiten, zodat we samen kunnen genieten<br />

van een warme zomeravond. Tijd om bij te praten en elkaar beter te leren kennen. In het volgend<br />

nummer van ‘t Lopend Vuurtje vind je alle informatie om je in te schrijven.<br />

Voorlopig laten we het daarbij, we werken ondertussen voort aan een boeiend najaarsprogramma.<br />

Binnenkort daarover meer, in ‘t Lopend Vuurtje en op onze website. En natuurlijk ook op Facebook,<br />

waar jullie altijd terecht kunnen—en ook jullie reacties kunnen nalaten.<br />

Zoals steeds<br />

Met vrijzinnige groet,<br />

Raf Pauly


© Bill Watterson, 1986 (eigen vertaling)<br />

Inhoud<br />

Thema: De herbestemming van kerken?<br />

Decreet betreffende de materiële organisatie en de werking<br />

van de erkende erediensten of de ondraaglijke last van het<br />

kerkelijk onroerend patrimonium in Vlaanderen.<br />

De koek is te katholiek in België<br />

Activiteiten<br />

De duistere kantjes van Tienen (stadswandeling)<br />

Jaarlijkse barbecue<br />

Foto’s<br />

Open Lens<br />

Onze Helden<br />

Correctie vorige editie<br />

1<br />

1<br />

11<br />

13<br />

13<br />

14<br />

16<br />

17


De herbestemming van kerken?<br />

Het ontwerp van wijziging van het decreet van 7 mei 2004 betreffende<br />

de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten of<br />

de ondraaglijke last van het kerkelijk onroerend patrimonium in Vlaanderen.<br />

In deze bijdrage focussen wij op het juridisch kader dat de verhouding tussen de religieuze en lokale<br />

civiele overheden regelt met bijzondere aandacht voor het religieus roerend en onroerend patrimonium<br />

van kerkgemeenschappen. Een dossier dat meer dan ooit aandacht verdient.<br />

Als gevolg van de staatshervorming van 2001 werd<br />

de bevoegdheid betreffende de erediensten<br />

(gedeeltelijk) overgedragen aan de gewesten. De<br />

vorige staatshervormingen hadden de regeling van<br />

de erediensten en de organisatie en de werking van<br />

het bestuur van de erkende erediensten, ongewijzigd<br />

gelaten, d.w.z. alles bleef federaal. Amez had het in<br />

dit verband over « un aspect oublié de la réforme de<br />

l’Etat, le régime des cultes» 1 .<br />

In Vlaanderen zijn de bevoegdheden momenteel<br />

geregeld door het decreet van 7 mei 2004 betreffende<br />

de materiële organisatie en werking van de erediensten.<br />

Deze, in het kielzog van het Lambertmontakkoord<br />

tot stand gebrachte bevoegdheidsafbakening,<br />

bracht echter niet de noodzakelijke duidelijkheid.<br />

2 Het “Eredienstendecreet” van 2004 wordt, in<br />

het licht van de nakende gemeenteraads- en provincieraadsverkiezingen,<br />

herzien. Een voorontwerp van<br />

decreet tot wijziging van diverse bepalingen van<br />

voormeld decreet ligt ter studie. Het nieuwe decreet<br />

zou in werking treden op 1 januari 2013.<br />

Lange tijd beschouwde de kerkelijke overheid de<br />

discussie over o.a. de financiële afspraken 3 en de<br />

tussenkomsten m.b.t. het mogelijke onderhoud, de<br />

restauratie en de herbestemming van het kerkelijke<br />

erfgoed als een interne en strikt geregelde aangelegenheid<br />

waarover discussie niet noodzakelijk was.<br />

Ook de opdracht van de lokale overheid werd als<br />

een “verworvenheid” beschouwd.<br />

De financiële tussenkomsten werden immers ge-<br />

2<br />

Alain Vannieuwenburg*<br />

zien als een compensatie voor het “verlies” van de<br />

goederen. Tijdens de Franse Revolutie werden de<br />

kerkelijke goederen aangeslagen en ter beschikking<br />

gesteld van de natie. 4 Het bekende Concordaat dat<br />

Napoleon Bonaparte de 26 messidor van het jaar IX<br />

afsloot met Paus Pius VII regelde een en ander. Deze<br />

“politieke “ afspraken werden in 1802 bekrachtigd<br />

en in 1803 kregen de bisschoppen de opdracht zogeheten<br />

kerkfabrieken op te zetten. Het Keizerlijk<br />

decreet van 30 december 1809 verfijnde de werking.<br />

In 1830 nam de jonge staat België dit decreet over.<br />

Ondertussen kregen de protestantse eredienst en<br />

iets later de Israëlitische eredienst eveneens bijzondere<br />

aandacht (kerkgemeente, specifieke voordelen…).<br />

5 In 1870 gaat de Belgische overheid, wat de<br />

begrotingen en de rekeningen van de kerkbesturen<br />

betreft, het geheel wat sturen. Veel veranderde er<br />

echter niet. De momenteel geldende afspraken (lees:<br />

verplichtingen) hebben dus een lange voorgeschiedenis.<br />

De op til staande aanpassingen hebben meerdere<br />

oorzaken. Het tanende kerkbezoek, het multi - religieuze<br />

karakter van de samenleving, het streven<br />

naar een oplossing voor bepaalde “bestuurlijke” aangelegenheden,<br />

de vragen naar de financiële houdbaarheid<br />

van het systeem en het optimaliseren van<br />

het gebruik van de aan de kerkelijke overheden ter<br />

beschikking gestelde “vastgoedportefeuille” 6 zijn er<br />

slechts enkele van. We leggen dit alles even onder<br />

de loep.<br />

1. J.T., 2002, (529), 531.<br />

2. Zo dienden onder meer samenwerkingsakkoorden gesloten tussen de Federale Overheid, de Duitstalige Gemeenschap, het<br />

Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels hoofdstedelijke Gewest (27/05/2004 en volgende).<br />

3. De Grondwet legt aan de overheid immers uitdrukkelijk de verplichting op om de erkende erediensten (zij die een algemeen<br />

maatschappelijk nut hebben) bepaalde steun te verlenen. De wetgever kende vele voordelen toe, o.a. de temporaliën.<br />

4. Artikels 72 en 75 van de wet van 18 germinal jaar X “relative à l’organisation des cultes” hebben de genaaste, maar niet vervreemde,<br />

pastorieën en de in beslag genomen kerken opnieuw ter beschikking gesteld van de eredienst.<br />

5. De lijst werd sindsdien aangevuld met de anglicaanse, de islamitische en de orthodoxe eredienst.<br />

6. De aandacht voor de toestand (en de toekomst) van het onroerend goed, zeg maar religieus erfgoed en méér bepaald de<br />

kerkgebouwen is groeiende. Getuige daarvan het aantal parlementaire documenten, de vragen en interpellaties binnen het<br />

Vlaams Parlement en de studiedagen hieromtrent.<br />

* Deze bijdrage verscheen eerder in De Toorts, een driemaandelijkse publicatie van VOC Vilvoorde. Wij danken de auteur voor het<br />

aanreiken van zijn artikel.


Er zijn natuurlijk nog andere elementen die een rol<br />

speelden bij de toegenomen aandacht voor dit gebouwenpatrimonium.<br />

Het zogeheten Burra Charter<br />

(dat in de plaats kwam van het Charter van Venetië)<br />

focust op het beheer van culturele en sacrale erfgoedsites.<br />

Dit “Charter” gaat uit van de intrinsieke<br />

erfgoedwaarde en wil naast het architecturale of culturele<br />

aspect ook rekening houden met sociale elementen,<br />

ecologische uitdagingen en economische<br />

factoren.<br />

Begin 2008 publiceerde Tertio (het weekblad dat<br />

zich omschrijft als weekblad dat de actualiteit volgt<br />

en analyseert en daar een derde dimensie aan toevoegt:<br />

duiding, opiniëring en inspiratie vanuit een<br />

christelijk en meer bepaald katholiek perspectief)<br />

reeds een uitgebreid artikel m.b.t. deze problematiek.<br />

Hierbij werd ingegaan op het pleidooi van Bart Caron<br />

(toen Spirit, nu Groen!) voor een “betekenisvolle”<br />

herbestemming van de religieuze gebouwen. Op een<br />

studiebijeenkomst van erfgoedverenigingen verklaarde,<br />

toenmalig, Vlaams minister van Onroerend Erfgoed<br />

Dirk Van Mechelen dat hij werk wilde maken<br />

van een kerkenbeleidsplan. Vlaams minister Geert<br />

Bourgeois zette het werk verder.<br />

Voorontwerp van decreet - enkele krachtlijnen<br />

Het Lambermontakkoord (drie politieke akkoorden<br />

m.b.t. de vijfde staatshervorming), kreeg een politieke<br />

vertaling in o.a. twee bijzondere wetten, nml. de<br />

bijzondere wet van 13 juli 2001 houdende overdracht<br />

van diverse bevoegdheden aan de gewesten en de<br />

gemeenschappen en de bijzondere wet van 13 juli<br />

2001 tot herfinanciering van de gemeenschappen en<br />

uitbreiding van de fiscale bevoegdheden van de gewesten.<br />

De bevoegdheden betreffende “kerkfabrieken en instellingen<br />

die belast zijn met het beheer van de temporaliën<br />

van de erkende erediensten” werden definitief<br />

toegewezen aan de gewesten. Dit zijn onder<br />

meer de instemming met de oprichting van de besturen<br />

van de erkende erediensten; de vaststelling van<br />

de regels voor hun organisatie en werking; de vaststelling<br />

van de regels voor het opmaken van de begroting<br />

en de rekening; de vaststelling van de regels<br />

voor het beheer van het patrimonium; de vaststelling<br />

van de regels voor de organisatie en de uitoefening<br />

van het administratief toezicht, inbegrepen de machtiging<br />

om grote herstellingen te kunnen uitvoeren en<br />

de verplichtingen van de burgerlijke overheden t.o.v.<br />

de besturen en de bedienaars van de erediensten.<br />

Daarnaast bleven bepaalde bevoegdheden en dito<br />

lasten zuiver federale aangelegenheden (erkenning<br />

erediensten, wedden, pensioenen). De regelgeving<br />

met betrekking tot de niet-confessionele levensbeschouwelijke<br />

gemeenschappen is eveneens federale<br />

materie (FOD Justitie). Deze materie wordt geregeld<br />

door de Wet van 21 juni 2002 betreffende de Centra-<br />

3<br />

le Raad der niet-confessionele levensbeschouwelijke<br />

gemeenschappen van België, de afgevaardigden en<br />

de instellingen belast met het beheer van de materiële<br />

en financiële belangen van de erkende nietconfessionele<br />

levensbeschouwelijke gemeenschappen.<br />

Op grond van de artikelen 26, 4° en 27 wordt<br />

een deel van de financiering van de Provinciale Instellingen<br />

voor Morele Dienstlegging ten laste gelegd<br />

van de provincies. Dit is het geval wanneer de inkomsten<br />

van deze instellingen ontoereikend zijn.<br />

In het decreet van 7 mei 2004 “betreffende de materiële<br />

organisatie en werking van de erkende erediensten”<br />

vinden we bepalingen voor de kerkfabrieken<br />

van de rooms – katholieke eredienst, bijzondere bepalingen<br />

voor de protestantse, de anglicaanse en de<br />

Israëlitische erediensten alsook bijzondere bepalingen<br />

voor de orthodoxe en islamitische erediensten.<br />

Aansluitend op dit decreet werden - m.b.t. diverse<br />

deelaspecten - omzendbrieven door de Vlaamse<br />

Minister van Binnenlands bestuur gericht aan de<br />

gemeenten en de provincies. Het bijzonder toezicht<br />

op deze besturen werd teruggebracht tot een toezicht<br />

door steden, gemeenten en provincies (ieder<br />

voor hun bevoegdheid) en er werden financiële regels<br />

geïntroduceerd.<br />

De lokale overheid heeft een (historische) opdracht<br />

te vervullen ingeval van exploitatietekorten van de<br />

kerkfabrieken en moet bijdragen aan de investeringen<br />

in de gebouwen van de eredienst. Het Vlaams<br />

decreet van 7 mei 2004 bepaalt dan ook dat de erkende<br />

erediensten een beroep kunnen doen op een<br />

tussenkomst van de lokale overheid om uitgaven te<br />

dekken indien de eigen ontvangsten ontoereikend<br />

zijn. De gemeenten staan in voor de betoelaging van<br />

de rooms-katholieke kerkfabrieken, de protestantse<br />

kerkgemeenten, de anglicaanse kerkfabrieken en de<br />

Israëlitische gemeenten. De provincies komen dan<br />

op hun beurt tussen in de tekorten van de kathedrale<br />

en de orthodoxe kerkfabrieken en van de islamitische<br />

gemeenschappen.<br />

Artikel 51 van het decreet bepaalt dat onder meer tot<br />

de ontvangsten van de kerkfabriek behoren:<br />

“toelagen van de gemeente en gemeenten in kwestie,<br />

bestemd om de kosten en uitgaven van de kerkfabriek,<br />

zoals vermeld in artikel 52 te dekken in geval<br />

van ontoereikende opbrengsten en ontvangsten.” In<br />

artikel 78 (kathedrale kerkgemeenschappen), artikel<br />

229 (orthodoxe kerkgemeenschappen) en artikel 272<br />

(islamitische geloofsgemeenschappen), wordt naar<br />

de artikelen 51 en 52 verwezen. In artikel 52 worden<br />

de kosten en uitgaven die de kerkfabriek moet dragen<br />

opgesomd. In concreto gaat het om de bezoldiging<br />

van het personeel dat in dienst is van de kerkfabriek<br />

en de hieraan inherente uitgaven; de kosten die<br />

noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de eredienst,<br />

onder meer de kosten van de gebouwen en<br />

delen van de gebouwen, die bestemd zijn voor de


uitoefening van de eredienst, evenals de kosten die<br />

inherent zijn aan de organisatie en de werking van<br />

de eredienst; 3° de grove herstellingen van de tot de<br />

eredienst bestemde gebouwen; de terugbetaling van<br />

de aflossingen en intresten van de leningen, aangegaan<br />

door de kerkfabriek ter verwerving of renovatie<br />

van de aan de kerkfabriek toebehorende of teruggeschonken<br />

goederen; de bijdrage in de werkingskosten<br />

van het centraal kerkbestuur en alle andere uitgaven<br />

die verband houden met de aan de kerkfabriek<br />

toebehorende of teruggeschonken goederen. 7<br />

Wie zich alleen al verdiepen wil in de materie met<br />

betrekking tot het beheer van de pastorieën verwijzen<br />

wij bijvoorbeeld naar het “Vademecum over de<br />

pastorieën”, goedgekeurd door de bisschopsraad op<br />

9 mei 2003 (Aartsbisdom Mechelen – Brussel).<br />

In Vlaanderen werden (recentste cijfers) in totaal<br />

1.878 besturen geïnventariseerd. 1790 besturen van<br />

de rooms-katholieke eredienst (niveau gemeenten 8 ),<br />

4 besturen van rooms – katholieke kathedrale kerkfabrieken<br />

(niveau provincies), 42 besturen voor de protestantse<br />

eredienst (niveau gemeente), 7 besturen<br />

anglicaanse eredienst (niveau gemeente), 6 besturen<br />

Israëlitische eredienst (niveau gemeente), 12 besturen<br />

orthodoxe eredienst (niveau provincies), 17<br />

besturen islamitische eredienst (niveau provincies).<br />

Zij staan m.a.w. in voor het beheer van gelden en<br />

goederen die eigendom zijn van de kerkfabriek en<br />

bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst in<br />

de betreffende parochie.<br />

Belangrijk is dat de relaties tussen de gelovigen die<br />

niets te maken hebben met de “eredienst” in de strikte<br />

betekenis, m.a.w. het klassieke ziekenbezoek, bepaalde<br />

speciale activiteiten, de missiewerking, bepaalde<br />

sociale (parochiale) activiteiten, door de<br />

“parochie” zelf worden gefinancierd.<br />

Het voorontwerp van decreet tot wijziging van diverse<br />

bepalingen van het decreet van 7 mei 2004 raakt<br />

– in zijn huidige versie – niet aan de bestaande uitgangspunten.<br />

Wel merkt men een accentuering van<br />

de rol van de lokale overheden en een verwijzing<br />

naar de problemen op het vlak van het patrimoniumbeheer,<br />

meer bepaald voor de rooms – katholieke<br />

kerkfabrieken. De memorie van toelichting, schenkt<br />

hier eveneens uitgebreid aandacht aan en erkent dat<br />

de aanleiding tot heel wat wijzigingen te vinden is in<br />

de “uitdagingen waarmee (bijna) alleen de rooms –<br />

katholieke eredienst wordt geconfronteerd”.<br />

4<br />

Zonder in detail in te gaan op een aantal voorstellen<br />

tot wijziging/aanpassing kan worden opgemerkt dat<br />

men het accent wil leggen op lokaal overleg en de<br />

centrale (kerk)besturen wil versterken. De verplichting<br />

tot het oprichten van een centraal bestuur wordt<br />

enkel de rooms - katholieke eredienst opgelegd. Het<br />

voorliggende decreet wil de rechtszekerheid optimaliseren.<br />

Dit zal o.a. gebeuren door oude bepalingen<br />

op te heffen en – indien zij van belang zijn - expliciet<br />

op te nemen in het nieuwe decreet. De bepalingen<br />

van het Keizerlijk decreet van 30 december 1809<br />

m.b.t. de gemeentelijke verplichtingen ten aanzien<br />

van de besturen van de eredienst en de bedienaars<br />

ervan worden algemeen genomen niet ter discussie<br />

gesteld. Zij worden “in gemoderniseerde vorm” opgenomen<br />

in het nieuwe eredienstendecreet.<br />

De overheid blijft in dit dossier dus “gebonden”. Zo<br />

moet de overheid “de lasten” dragen. Het is echter<br />

nog altijd zo dat bijvoorbeeld parochies oprichten,<br />

opheffen of deze veranderen, alleen aan de diocesane<br />

Bisschop toekomt, die geen parochies mag oprichten<br />

of opheffen of deze in belangrijke mate veranderen,<br />

tenzij na de priesterraad gehoord te hebben<br />

(Can 515 Wetboek van Canoniek Recht).<br />

Er worden in het voorontwerp van decreet ook wijzigingen<br />

aangebracht aan bepalingen m.b.t. de andere<br />

erediensten. Aan deze erediensten worden echter<br />

geen dwingende bepalingen opgelegd. Zij kunnen<br />

gebruik maken van de geboden mogelijkheden.<br />

Interessant is ook dat een gemeente- of provinciebestuur<br />

niet verplicht kan worden bij te dragen aan investeringen<br />

in gebouwen die geen eigendom zijn van<br />

een publieke rechtspersoon. Dit is vatbaar voor verder<br />

onderzoek.<br />

De krachtlijnen zijn echter duidelijk: bepaalde juridische<br />

onzekerheden wegwerken, (voorbeeld: eigendomsoverdrachten),<br />

expliciet bevoegdheden toekennen<br />

(de bisschop neemt het initiatief m.b.t. wijzigingen<br />

aan parochies en gebiedsomschrijvingen, de<br />

Vlaamse Regering keurt goed) of overdracht van<br />

roerende en onroerende goederen, rechten, plichten<br />

en lasten van opgeheven kerkfabrieken regelen.<br />

Te onthouden is eveneens dat de overdracht van de<br />

onroerende goederen een “overdracht in der minne<br />

ten algemenen nutte”. 9 De registratie ervan gebeurt<br />

dus kosteloos. We kenden al de compensatie voor<br />

de derving van onroerende voorheffing (‘dode hand’).<br />

7. Vertaald: pastoors en andere bedienaren van erkende erediensten kunnen sindsdien rekenen op een wedde en zij genieten<br />

pensioenrechten. De gemeenten moeten instaan voor een woonst voor de pastoor en een vergaderruimte voor de kerkfabriek<br />

die de eredienst mogelijk moet maken door het onderhoud van het kerkgebouw, het orgel, de liturgische kleding en het liturgisch<br />

vaatwerk, de aankoop van hosties, miswijn, kaarsen en linnen, vaat… De kerkfabriek betaalt ook het (variabele) gedeelte<br />

van de inkomsten uit kerkelijke begrafenissen en huwelijksvieringen voor de bedienaar (priester, diaken) en de medewerkers<br />

(koster, organist) als aanvulling op hun maandwedde. De kerkfabriek heeft natuurlijk inkomsten (verkoop van kaarsen, de<br />

collecte, worden, eigendommen die verpacht, verhuurd worden….).<br />

8. Geeft aan wie bijpast bij tekorten<br />

9. Artikel 161, 2° van het wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten.


Te zien als compensatie voor de derving van inkomsten<br />

omdat bepaalde eigendommen krachtens de<br />

fiscale wetgeving zijn vrijgesteld van de opcentiemen<br />

op de onroerende voorheffing. 10 We hebben het dan<br />

over openbare eredienst, onderwijs, hospitalen, rusthuizen,<br />

klinieken, dispensaria, vakantiehuizen voor<br />

kinderen of gepensioneerden en andere soortgelijke<br />

weldadigheidsinstellingen. Voor 2010 bedroeg de<br />

niet-inning van de gemeentelijke opcentiemen op de<br />

onroerende voorheffing 62.538.282 €. Het te verdelen<br />

krediet was gelijk aan 72% van dat bedrag, namelijk<br />

45.027.563 €. Voor 2011 bedroeg de nietinning<br />

van de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende<br />

voorheffing 64.063.395 €. Het te verdelen<br />

krediet is gelijk aan 72% van dat bedrag, namelijk<br />

46.125.643 €. 11 Misschien een aandachtspunt voor<br />

onze ministers: hier kan worden bespaard.<br />

Op 20 januari 2012 keurde de Vlaamse Regering het<br />

voorontwerp van decreet goed tot wijziging van diverse<br />

bepalingen van het decreet van 7 mei 2004<br />

betreffende de materiële organisatie en werking van<br />

de erkende erediensten.<br />

Het vastgoedprobleem<br />

Zoals hiervoor gesteld is het herzien van het eredienstendecreet<br />

onlosmakelijk verbonden met de vastgoedproblematiek<br />

van de rooms – katholieke eredienst.<br />

In juli 2010 werd een studiedag georganiseerd met<br />

alle belanghebbende partijen in dit dossier. In het<br />

kielzog hiervan werden werkgroepen in het leven geroepen<br />

die op 8 april 2011 een verslag” parochiekerken<br />

in Vlaanderen” overhandigden. Op 24 juni 2011<br />

hechtte de Vlaamse Regering haar goedkeuring aan<br />

de nota “ Een toekomst voor de Vlaamse parochiekerk”.<br />

Op 19 oktober 2011 werd door Geert Bourgeois,<br />

viceminister-president van de Vlaamse Regering<br />

een “Conceptnota over een toekomst voor de<br />

Vlaamse parochiekerk” ingediend. De nota schetste<br />

de situatie en toonde aan welke richting men dacht<br />

uit te kunnen gaan.<br />

Op 17 januari 2012 werd binnen de Commissie voor<br />

Bestuurszaken, Binnenlands bestuur, Decreetsevaluatie,<br />

Inburgering en Toerisme van gedachten gewis-<br />

5<br />

seld over de hiervoor vermelde conceptnota en werden<br />

een aantal denkpistes geëxpliciteerd.<br />

Zo wordt met de idee gespeeld om zowel beschermde<br />

als niet beschermde kerkgebouwen in aanmerking<br />

te laten komen voor neven- en herbestemmingprojecten<br />

(met dito subsidiëring, wat implicaties heeft<br />

naar het koninklijk besluit van 23 juli 1981 m.b.t. subsidiëring<br />

van bepaalde werken, leveringen en diensten),<br />

wordt nagedacht over een “zachte aanpassing”<br />

van het zogeheten “Eredienstendecreet” (met<br />

aandacht voor centrale kerkbesturen en bijkomende<br />

bevoegdheden voor de gemeentebesturen) en wordt<br />

het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur<br />

(CRKC) erkend als het ondersteunende expertisecentrum<br />

(vanaf 2012 ontvangt dit centrum 250.000 €<br />

subsidie).<br />

Tanend kerkbezoek, leegstand en verwaarlozing<br />

van gebouwen<br />

Aan de basis van dit alles ligt het tanende kerkbezoek.<br />

In een recentelijk verschenen studie<br />

'Kerkpraktijk in Vlaanderen' van politicoloog Marc<br />

Hooghe (K.U. Leuven) die o.a. het weekblad Knack<br />

en de krant De Standaard bekendheid gaven, blijkt<br />

dat het klassieke zondagse kerkbezoek minder en<br />

minder mensen kan bekoren. De daling is ontegensprekelijk.<br />

Ging in 1976 nog 36 procent van de Vlamingen<br />

(tussen 5 en 69 jaar) wekelijks de zondagsmis<br />

dan was dit aantal in 1998 tot 13 % gekrompen.<br />

Er zijn wel wat verschillen tussen de provincies vast<br />

te stellen (West-Vlaanderen en Limburg scoren hoger<br />

dan de rest van Vlaanderen) maar de daling is<br />

ontegensprekelijk. Een extrapolatie van deze cijfers<br />

verleidde er sommigen zelfs toe te stellen dat in<br />

2016 op de kerken zondag leeg zouden zijn. 12<br />

En eind februari 2012 werd bekendgemaakt dat op<br />

dertig jaar tijd het aantal Belgen dat zichzelf als<br />

“katholiek” definieert daalde met 22 procent (in 1982<br />

verklaarde nog 72 % van de Belgen katholiek te zijn;<br />

in 2012 is dit gedaald tot 50 procent). Volgens dit onderzoek<br />

verdubbelde het aantal atheïsten tijdens dezelfde<br />

periode: in 1982 verklaarde 24 procent atheïst<br />

te zijn. In 2012 was dit 42 procent. 70 procent van de<br />

jongeren geboren na 1984 verklaart geen enkele<br />

band te hebben met de katholieke Kerk. 13<br />

10. Op de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken wordt ter compensatie jaarlijks een bijzonder krediet ingeschreven<br />

Het wordt verdeeld onder de betrokken gemeenten op basis van het respectieve bedrag aan fiscale minderopbrengst.<br />

11. Kerkbesturen genieten niet enkel bij ons van bijzondere voorwaarden, ook in Griekenland waar op 11 september 2011 het<br />

ministerie van Financiën een nieuwe belasting aankondigde voor al het onroerend goed in Griekenland. Vrijstelling is voorzien<br />

voor kerken, kloosters en andere religieuze gebouwen gedefinieerd als plaatsen voor religieuze diensten (waarbij residentiële<br />

of commerciële eigendommen van de Griekse kerk niet zijn vrijgesteld) en voor non-profit en charitatieve organisaties die het<br />

onroerend goed gebruiken uitsluitend voor een religieuze, artistieke, educatieve of sociale behoefte. Wat leidde tot de zure<br />

oprisping dat “L’argent de l’église reste un sujet tabou en Grèce. … la Grèce a une montagne d’argent sous les yeux et on fait<br />

comme si on ne le voyait pas.” (Reuters, Athènes Correspondance, Yannis Behrakis).<br />

12. Niet helemaal echter, zo blijkt uit de cijfers m.b.t. doopsels, huwelijken en begrafenissen. Het aantal kerkelijke huwelijken mag<br />

dan wel dalen, het aantal doopsels en begrafenissen blijft behoorlijk op peil. 71 % van de Vlamingen wordt kerkelijk begraven<br />

en 67 % van de kinderen wordt gedoopt.<br />

13. Sarah Botterman en Marc Hooghe (katholieke Universiteit te Leuven) en René Bekkers, Universiteit Utrecht en Vrije Universiteit<br />

Amsterdam) nuanceren dit alles in een bijdrage “Levensbeschouwing en maatschappelijke participatie: is levensbeschou-


Hoe dan ook feit is dat de religieuze praktijk wegebt.<br />

Het aantal “kerkse gelovigen” daalt jaar na jaar. De<br />

secularisering slaat toe en dit vertaalt zich ook in het<br />

minder gebruiken van de kerken. En worden ze gebruikt<br />

dan zijn ze enkel nog open tijdens de eredienst<br />

of een religieuze plechtigheid.<br />

Leegstaand en verwaarlozing gaan al snel hand in<br />

hand en tekenen de leefomgeving. Verkommering<br />

van leegstaande panden, of het nu woningen, kerken<br />

of industriële panden zijn, nodigt zwerfvuil uit, is een<br />

veiligheidsrisico in en rondom het gebouw, trekt vaak<br />

ongenode gasten aan met o.a. vandalisme tot gevolg.<br />

Langdurige leegstand heeft ook belangrijke financiële<br />

consequenties. De kans op schades neemt<br />

immers snel toe. Onderhoudskosten, restauratiekosten<br />

lopen rechtevenredig op. Verzekeringstechnische<br />

aangelegenheden en het risico op het verdwijnen<br />

van kunstwerken laten we buiten beschouwing.<br />

Ongeveer één op de drie kerken is een beschermd<br />

monument. Indien er enig soelaas is voor die kerken<br />

die een stedebouwkundige of cultuurhistorische<br />

waarde hebben, dan mag zonder omwegen worden<br />

gesteld dat de toestand problematisch is voor vele<br />

“gewone” kerken die weinig “gebruikt” worden.<br />

Bijkomend gegeven is dat de lokale overheden (en<br />

dus ook de respectieve kerkfabrieken en kerkraden)<br />

niet alle op dezelfde wijze geconfronteerd worden<br />

met dit probleem. Anders gesteld, bepaalde steden<br />

en gemeenten hebben op hun grondgebied meer of<br />

minder kerken in verhouding tot hun inwonersaantal.<br />

Gemiddeld zijn er (Bron: Vlaams Parlement) vijf tot<br />

zes kerkfabrieken per gemeente. In Antwerpen zijn<br />

er 69 kerkfabrieken, in Gent telt men er 46. Brugge is<br />

niet enkel het Venetië van het Noorden, het is het<br />

mini - Vaticaan van het Noorden. Eén vierde van de<br />

oude binnenstad is eigendom van de kerk.<br />

Cijfergegevens<br />

In december 2011 werden de recentste cijfers m.b.t.<br />

de jaarrekeningen over het boekjaar 2009 van de<br />

besturen van de eredienst door het Agentschap voor<br />

Binnenlands Bestuur, gepubliceerd. Het agentschap<br />

merkt op dat, hoewel het globale beeld niet fundamenteel<br />

is aangetast, bij de interpretatie van de cijfers<br />

rekening moet worden gehouden met een kleine<br />

foutenmarge (verkeerde boekingen, cijfers die in de<br />

staat van het vermogen werden ingevuld zijn misschien<br />

voor verbering vatbaar, onsamenhangende<br />

correcties).<br />

6<br />

De som van de exploitatietoelagen bedraagt<br />

44.045.441,67 €. De som van de investeringstoelagen<br />

bedraagt voor de gemeenten 19.104.786,10 €,<br />

voor de provincies 6.698.627,30 € en voor Vlaanderen<br />

17.194.808,99 € of een totaal van 43.000.000 €.<br />

Bij de analyse van deze cijfergegevens moet ook rekening<br />

worden gehouden met het feit dat gemeentebesturen<br />

er voor kunnen opteren zelf de investeringen<br />

aan de gebouwen van de erediensten te dragen,<br />

m.a.w. zelf bouwheer te zijn. Het blijkt echter niet<br />

eenvoudig om een duidelijk beeld te krijgen van deze<br />

investeringen. De boekingswijzen zijn immers niet<br />

éénduidig.<br />

Voor 2009 worden de rechtstreekse investeringen<br />

geraamd op 18.000.000 €. Daarnaast zijn er ook nog<br />

8.600.000 € overdrachten aan ontvangsten te boeken<br />

(vermoedelijk investeringstoelagen vanwege<br />

provincies en Vlaanderen).<br />

Oplopende rekeningen<br />

Religieuze en burgerlijke overheden staan dus duidelijk<br />

voor belangrijke uitdagingen. Los van de routinematige<br />

onderhouds- en renovatiewerken groeit<br />

ook de vrees, rekening houdende met de leegstand<br />

van gebouwen en het ontbreken van een globale visie<br />

over de toekomst van dit “gebouwengeheel”, dat<br />

het geheel én bestuursmatig én financieel moeilijk te<br />

dragen wordt. De relatie met de lokale besturen<br />

dreigt dan ook te verzuren.<br />

Feit is ook dat zeer veel erfgoed, dat eigendom is<br />

van lokale besturen (gemeenten, O.C.M.W.) in slechte<br />

staat verkeert, zeg maar verwaarloosd wordt.<br />

Wanneer de combinatie erfgoed en toerisme mogelijk<br />

is ziet men wel kansen. De prioriteiten liggen<br />

vaak duidelijk ergens anders…<br />

Volgens cijfers van de Vlaamse Regering zou amper<br />

20 % van de kerkfabrieken in Vlaanderen zelfbedruipend<br />

zijn. Dit wil zeggen dat slechts 379 besturen op<br />

1794 het redden zonder tussenkomsten.<br />

De kerkfabrieken worden niet verplicht om hun reserves<br />

aan te wenden ten einde hun patrimonium te onderhouden.<br />

Elke “verarming” van een eredienstbestuur<br />

heeft onmiddellijk een invloed op het risico dat<br />

de lokale overheden moeten bijspringen in de tekorten.<br />

Een eredienstbestuur moet in principe enkel de<br />

opbrengsten van zijn reserves (het zogenaamde privaat<br />

patrimonium) gebruiken voor het betalen van de<br />

wing nog steeds een motiverende factor?”. Hun standpunt is dat terwijl de kerkpraktijk sterk daalt, de deelname aan het verenigingsleven<br />

niet achteruit gaat en zelfs stijgende is. Duidelijk gesteld: het aantal kerkse gelovigen daalt dan wel en ze mogen<br />

dan wel ouder zijn en worden, maar het optreden, de deelname van deze gelovigen daalt niet. De onderzoekers stellen<br />

zelfs een zogeheten “spillover – effect” vast, m.a.w. participatie in een netwerk verhoogt de kans op participatie in andere netwerken.<br />

Ook in zogeheten “niet - religieuze organisaties” drukken zij hun stempel. De professionele krachten verdwijnen, maar<br />

zij worden afgelost door een actieve groep “leken”, die overal present zijn (het vrijwilligerswerk, het sociaal – cultureel werk, de<br />

ontzuilde verenigingen … ).


exploitatie-uitgaven vooraleer het aan het gemeentebestuur<br />

een tussenkomst kan vragen. Het woord opbrengsten<br />

slaat op de zogeheten recurrente inkomsten<br />

en niet de reserve zelf. Achterliggende gedachte<br />

was dat de reserves zouden bijdragen aan het<br />

verminderen van de gemeentelijke exploitatietoelagen.<br />

Een gemeente kan dan weer niet verplicht worden<br />

tussen te komen in investeringen in het privaat patrimonium.<br />

Enkel de investeringen aan een gebouw<br />

van de eredienst komen in aanmerking. Toch mag<br />

een gemeentebestuur tussenkomen in deze investeringen<br />

indien het een voordelige oplossing is. Bouwen<br />

lokale overheden straks kerken?<br />

Lokale overheden aarzelen echter niet om borg te<br />

staan voor bepaalde investeringen. Een voorbeeld is<br />

de Kerkfabriek Heilige Familie te Knokke-Heist. Deze<br />

laatste sloot een lening af voor bijkomende herstellingen<br />

bij de restauratie van de kapel van Christus Koning:<br />

bevloering, verlichting, bestrijding vochtigheid,<br />

herstelling verwarming en herstelling dak. De lening<br />

werd afgesloten voor een bedrag van 200 000 €, met<br />

een looptijd van 20 jaar. De Kerkfabriek Heilige Familie<br />

vroeg deze lening te waarborgen. De gemeente<br />

verklaarde zich solidair borg tegenover Dexia Bank<br />

wat betreft de aflossing van kapitaal, intresten en andere<br />

kosten met betrekking tot de lening van 200 000<br />

€, afgesloten door de Kerkfabriek Heilige Familie.<br />

Initiatieven<br />

Er beweegt wel wat. Zo werd voorzien in de erkenning<br />

van het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur<br />

<strong>vzw</strong> (hierna afgekort CRKC; een kerkelijke <strong>vzw</strong>)<br />

dat zich wil profileren als het expertisecentrum voor<br />

religieus erfgoed in Vlaanderen en Brussel. Dit<br />

CRKC, sinds 2009 erkend door de Vlaamse overheid<br />

in het kader van het cultureel – erfgoeddecreet, zou<br />

in de loop van 2012 het expertisecentrum bij uitstek<br />

voor het onroerend kerkelijk erfgoed moeten worden.<br />

Een snelle blik op de site van het CRKC brengt aan<br />

het licht dat het in 1997 al actief was als binnenkerkelijk<br />

steunpunt voor behoud, beheer, ontsluiting en<br />

waardering van het religieuze erfgoed. Stichters waren<br />

de Vlaamse bisdommen, de koepelorganisaties<br />

7<br />

van de religieuzen in Vlaanderen, de Vereniging van<br />

Vlaamse Norbertijnenabdijen en de Katholieke Universiteit<br />

Leuven.<br />

De “verfondsing” slaat echter ook in dit dossier toe.<br />

Beslist werd tot het opzetten van “De erfgoedkluis”<br />

(een rollend fonds om onroerend erfgoed<br />

te verwerven, in erfpacht te nemen, legaten en<br />

schenkingen te verkrijgen). Werkkapitaal 10 miljoen<br />

€.<br />

Daarnaast is ook de bundeling van de verschillende<br />

erfgoedverenigingen en de hervorming van de agentschappen<br />

VIOE en Ruimte & Erfgoed tot één entiteit<br />

het meest in het oog springend.<br />

Wat het dossier kerkgebouwen betreft is Johan Bonny<br />

(Bisschop van Antwerpen) blijkbaar de contactpersoon<br />

tussen het bestuurlijke niveau en de bisschoppen.<br />

Naar aanleiding van de<br />

“Gedachtenwisseling” over deze “Conceptnota” liet<br />

minister Bourgeois weten dat hij positieve reacties<br />

mocht ontvangen op een brief die hij aan alle gemeentebesturen,<br />

kerkfabrieken en kerkbesturen van<br />

de rooms – katholieke eredienst verstuurde. In sommige<br />

bisdommen organiseerden de bisschoppen infosessies.<br />

Volgens minister Bourgeois is er een grote<br />

bereidwilligheid te merken binnen de kerkfabrieken<br />

en de lokale overheden (o.a. in Sint – Niklaas,<br />

Aalst, Bilzen, Borgloon, Gingelom, Heers, Izegem,<br />

Diest, Gent…). Binnen het bisdom Antwerpen wordt<br />

gewerkt aan een brochure met betrekking tot kerkgebouwen.<br />

Het CRKC zou, binnen dit samenwerkingsverband,<br />

een belangrijke rol spelen als expertencentrum<br />

dat advies zou geven bij bijvoorbeeld herbestemming<br />

van gebouwen.<br />

Herbestemmen, slopen… niets kan zonder zegen<br />

Lokale overheden zijn en blijven gebonden door de<br />

historische verworvenheden die verankerd werden in<br />

regelgevingen. Lokale overheden kunnen geen parochiekerken<br />

“desaffecteren” of parochies “opheffen”.<br />

Steeds is er een kerkrechtelijke beslissing noodzakelijk.<br />

Het wetboek van Canoniek recht bevat meerdere<br />

artikels (zie voetnoot) die van belang zijn wil men de<br />

verhouding kerkelijke en civiele overheden wat kerken<br />

betreft vatten. 14 Er zijn dus toch nog zekerheden:<br />

betalen mag en moet. 15<br />

14. Can. 515 - § 1 Een parochie is een bepaalde gemeenschap van christengelovigen, in een particuliere Kerk duurzaam opgericht,<br />

waarover de herderlijke zorg, onder het gezag van de diocesane Bisschop, aan een pastoor als haar eigen herder toevertrouwd<br />

wordt. § 2 Parochies oprichten, opheffen of deze veranderen, komt alleen aan de diocesane Bisschop toe, die geen<br />

parochies mag oprichten of opheffen of deze in belangrijke mate veranderen, tenzij na de priesterraad gehoord te hebben. § 3<br />

Een wettig opgerichte parochie bezit van rechtswege rechtspersoonlijkheid. Can. 1210 - In een gewijde plaats mag alleen toegelaten<br />

worden wat dienstig is voor de uitoefening of de bevordering van de eredienst, de vroomheid en de godsdienst, en is<br />

verboden wat niet in overeenstemming is met de heiligheid van de plaats. Wel kan de Ordinaris in afzonderlijke gevallen een<br />

ander gebruik toestaan dat niet strijdig is met de heiligheid van de plaats. Can. 1213 - Het kerkelijk gezag oefent zijn bevoegdheden<br />

en taken op gewijde plaatsen vrij uit. Can. 1214 - Onder kerk wordt verstaan een gewijd gebouw bestemd voor de goddelijke<br />

eredienst, waartoe de gelovigen recht van toegang hebben om de goddelijke eredienst voornamelijk openbaar uit te<br />

oefenen. Can. 1216 - Bij de bouw en het herstel van kerken dienen, met aanwending van het advies van deskundigen, de beginselen<br />

en de normen van de liturgie en de gewijde kunst in acht genomen te worden. Can. 1222 - § 1 Als een kerk op geen<br />

enkele wijze nog voor de goddelijke eredienst gebruikt kan worden en de mogelijkheid niet bestaat om ze te herstellen, kan zij<br />

door de diocesane Bisschop teruggebracht worden tot een profaan en niet onwaardig gebruik. § 2 Waar andere ernstige rede-


Tijdens de tussenkomsten benadrukten diverse politici<br />

trouwens uitdrukkelijk dat bepaalde aangelegenheden<br />

(fusies van decanaten) kerkelijke aangelegenheden<br />

zijn en blijven.<br />

Het draaiboek betreffende de opheffing en samenvoeging<br />

van lokale eredienstbesturen – de wijziging<br />

van gebiedsomschrijvingen – de opheffing van annexe<br />

– kerken en kapelanijen stelt expliciet dat indien<br />

lokale eredienstbesturen beslissen tot de opheffing<br />

van één of meerdere besturen en de samenvoeging<br />

ervan bij andere besturen het patrimonium (en<br />

de gebiedsomschrijving) overgedragen worden aan<br />

een ander eredienstbestuur.<br />

Er mag echter ook niet worden vergeten dat de problematiek<br />

verder reikt dat het onroerend kerkelijk erfgoed.<br />

Hierbij kan worden verwezen naar de aanwezigheid<br />

van kunstschatten, kerkgewaden, kelken,<br />

kerkelijk zilver… binnen de kerken. Bij het sluiten van<br />

de Sint Caroluskerk te Puurs (met ontwijdingsdecreet<br />

en een sloping) werd bepaald dat alle kerkmeubelen,<br />

liturgische voorwerpen en kerkgewaden worden<br />

overgenomen door een andere kerk en kapel. Wat<br />

geen kerkelijke bestemming kon vinden werd overgedragen<br />

aan het “Centrum voor Religieuze Kunst”<br />

te Heverlee.<br />

Uit voorgaande blijkt alvast dat de discussie betreffende<br />

het behouden van de bestemming van kerken,<br />

het toelaten van nevenactiviteiten in kerken dan wel<br />

het herbestemmen van kerken “boeiend” beloofd te<br />

worden.<br />

Herbestemming kan echter. De bekendste voorbeelden<br />

momenteel zijn het stedelijk onderwijsmuseum<br />

in de Sint – Niklaaskerk te Ieper (een gerestaureerde<br />

kerk, eigendom van de kerkfabriek Sint - Maarten,<br />

door wie een erfgoedcontract met de stad werd afgesloten<br />

voor 99 jaar), het cultureel centrum Antoon<br />

Spinoy te Mechelen (oude minderbroederkerk), een<br />

kledingzaak te Aalst (in de heilige geestkapel), de<br />

concertzaal van het Amuz te Antwerpen<br />

(kloosterkerk van de augustijnen), de studiezaal van<br />

het rijksarchief te Maastricht (in de gewezen kloosterkerk<br />

van de minderbroeders), de sociale kruidenier<br />

“De springplank” te Sint – Niklaas (dit gebouw<br />

bevat ook een zogeheten “ontmoetingsruimte”), een<br />

trendy kledingzaak te Gent (voormalige wolweverskapel),<br />

een het hotel te Mechelen (in een voormalige<br />

kerk en in een deel van het klooster van de Minderbroeders)<br />

of een polyvalente ruimte met het behouden<br />

van een ruimte voor misvieringen(Sint Jozefskerk<br />

te Lot/Beersel), Daarnaast zijn er ook voorbeelden<br />

van omvorming van kloosters tot sociale woon-<br />

8<br />

eenheden (in Tongeren, in Bilzen, in Harelbeke, in<br />

Geraardsbergen).<br />

In Leuven en Brugge bestaan dan weer afspraken<br />

tussen stad en religieuze ordes om de kloostertuinen<br />

toegankelijk te maken voor het grote publiek, in ruil<br />

voor het gratis onderhoud door dezelfde stadsdiensten.<br />

Andere voorbeelden van “samenwerking” zijn te vinden<br />

in de gemeente Merchtem. Daar kon de parochie<br />

Merchtem eigenaar worden van de pastorie. In<br />

ruil kreeg de gemeente gronden die eerder eigendom<br />

waren van de kerkfabriek van Merchtem en<br />

Brussegem. Merchtem en Asse en de respectieve<br />

kerkfabrieken zijn dan weer overeengekomen dat<br />

Merchtem volledig zal instaan voor de parochie Bollebeek<br />

en Asse voor de parochie Mollem. De gemeente<br />

Merchtem zal echter de volledige som van<br />

de lening aan de kerkfabriek Sint Antonius Bollebeek<br />

voor haar rekening nemen: 44.000 €.<br />

Algemeen besluit<br />

De bevoegdheidsherverdeling van 2001 bracht niet<br />

het verhoopte resultaat. Sinds 2002 is de regelgeving<br />

die de steun aan de erkende erediensten regelt<br />

zowel een federale als een gewestaangelegenheid.<br />

De situatie verschilt immers in functie van de levensbeschouwing.<br />

Er is geen homogene bevoegdheidstoewijzing,<br />

zoals wij dit in andere landen aantreffen.<br />

Voor de niet – confessionele gemeenschappen<br />

is er dan weer geen sprake van een gedeelde<br />

bevoegdheid. Wij laten de in 1988 grondwettelijk verankerde<br />

toewijzing aan de Gemeenschappen van<br />

het levenbeschouwelijk onderricht hier buiten beschouwing.<br />

Het was en is nog steeds zo dat het niet<br />

ondenkbaar dat verschillende regimes zich blijven<br />

ontwikkelen. Samenwerkingsakkoorden bevestigen<br />

dit. De bevoegdheidsherschikking heeft ontegensprekelijk<br />

de deur opengezet voor een vermenigvuldiging<br />

van rechtsregimes.<br />

In 2003 werd, tijdens de voorbereiding van het decreet<br />

van 2004, al gewaarschuwd voor de stijgende<br />

en op de begroting wegende financiële bijdragen van<br />

steden, gemeenten en provincies. De bestaande regeling<br />

voor de kerkfabrieken werd niet echt gewijzigd.<br />

Men kan zelfs stellen dat via dit decreet impliciet<br />

werd aanvaard dat de kerkbesturen de factor<br />

beroep konden doen om tussenkomsten van de lokale<br />

overheden. De verarming werd de regel. Er werd<br />

toen een kans gemist om te anticiperen op een aantal<br />

(maatschappelijke …) ontwikkelingen.<br />

Uit voorgaande blijkt dat het nieuwe decreet zeer<br />

nen het raadzaam maken dat een kerk niet langer voor de goddelijke eredienst gebruikt wordt, kan de diocesane Bisschop, na<br />

de priesterraad gehoord te hebben, deze terugbrengen tot een profaan en niet onwaardig gebruik, met toestemming van hen<br />

die wettig rechten op de kerk laten gelden, en mits het zieleheil er geen enkele schade door lijdt.<br />

15. Zelden hebben “herstelbetalingen” een dergelijke levensduur. Op zondag 3 oktober 2010 werd de laatste schijf van de Duitse<br />

herstelbetalingen voor de oorlog geregeld.


veel aandacht schenkt aan één welbepaalde eredienst<br />

en focust op de problemen op het gebied van<br />

het beheer en het onderhoud van gebouwen bestemd<br />

voor de eredienst.<br />

Het voorliggende decreet is niet echt vernieuwend te<br />

heten. De verhouding openbare besturen en erediensten<br />

werd niet echt “geactualiseerd”, gerationaliseerd,<br />

laat staan dat men een “totaalaanpak” heeft<br />

betracht. Zo zijn bepaalde aangelegenheden nog<br />

steeds federale materie (wedden, pensioenen) en<br />

werd eveneens niet nagedacht over het herpositioneren<br />

van de vrijzinnigheid.<br />

Het ter discussie staande ontwerp lijkt trouwens op<br />

het lijf van de rooms - katholieke eredienst geschreven<br />

te zijn en dit zowel voor wat de relatie lokale<br />

overheid en eredienst, als voor wat het luik<br />

“onroerend goed” betreft.<br />

Het Napoleontische keizerlijk decreet van 30 december<br />

1809 wordt niet “afgeschaft”. De regelgeving betreffende<br />

erediensten wordt gewoonweg versluisd<br />

naar het nieuw decreet, m.a.w. alles blijft bij het oude.<br />

De minister lijkt geen voorstander te zijn van het<br />

ter discussie stellen van de financieringsverplichting<br />

van de lokale overheden. In de Conceptnota wordt<br />

trouwens expliciet gesteld dat de burgerlijke overheid<br />

de kerkpraktijk niet kan en mag sturen.<br />

Er is nog steeds geen éénduidige bevoegdheidstoewijzing.<br />

Blijft het federale niveau tussenkomen op het<br />

vlak van verloning en pensioenen dan merkt men dat<br />

een wijziging van een gebiedsomschrijving (het<br />

werkingsgebied) de tussenkomst – zoals bepaald in<br />

een samenwerkingsovereenkomst van 2 juli 2008 –<br />

van de minister van justitie vereist.<br />

Het nieuwe decreet wil de centrale kerkbesturen verstevigen.<br />

Een centraal kerkbestuur wordt verplicht<br />

gesteld zodra er meer dan één kerkfabriek is en tussen<br />

gemeentebestuur en centraal kerkbestuur wordt<br />

één afsprakennota opgemaakt over de wijze van samenwerking.<br />

In het kader van een<br />

“herbestemmingsbeleid” wordt voorzien dat de bisschoppelijke<br />

overheid parochies kan samenvoegen.<br />

Het voorontwerp wijzigt niets aan de verplichting<br />

voor de gemeenten om tussen te komen in de exploitatietekorten<br />

van de kerkbesturen en in de investeringen.<br />

De rekening voor het onderhoud en de restauratie<br />

van kerkelijke goederen (geklasseerd of niet)<br />

loopt ondertussen verder op.<br />

Wel is bepaald dat er overleg moet komen tussen<br />

gemeentebesturen, kerkbesturen en religieuze overheden.<br />

Dit laatste heeft onder meer betrekking op de<br />

verplichting om een “visie” te ontwikkelen m.b.t. het<br />

9<br />

kerkelijk patrimonium. In bepaalde gevallen kan de<br />

Vlaamse overheid beslissen geen toelagen meer toe<br />

te kennen. Positief is allicht ook dat de overheid het<br />

aantal gesprekspartners andermaal ziet krimpen.<br />

Een centraal kerkbestuur wordt in bepaalde gevallen<br />

opgelegd. Tussen gemeentebestuur en centraal<br />

kerkbestuur moet een afsprakennota worden opgesteld.<br />

Belangrijk te onderstrepen is dat de betrokken<br />

overheden de meerjarenplannen van de kerkfabrieken<br />

niet enkel kunnen goedkeuren (of afwijzen),<br />

maar wijzigingen zullen kunnen aanbrengen aan eerder<br />

tussen gemeenten en kerkbestuur gemaakte afspraken.<br />

De gebouwen van de eredienst en de ermede verband<br />

houdende kosten verdienen dus meer dan ooit<br />

aandacht. Uit een in 2010 door het Agentschap voor<br />

Binnenlands bestuur doorgevoerde verkenning bleek<br />

dat zowel in de exploitatie als in de investeringen het<br />

gros van de uitgaven verband heeft met onroerend<br />

goed. De financiering van de erediensten door gemeenten<br />

en provincies heeft dus alles te maken met<br />

het onroerend goed van de erediensten.<br />

De verplichting om bij te dragen in investeringen van<br />

gebouwen die geen eigendom zijn van de gemeente<br />

of de kerkfabriek (dit is ook zo voor de andere erediensten)<br />

vervalt. Ook is het zo dat de Vlaamse overheid<br />

geen subsidies meer zal toekennen aan investeringen<br />

in parochiekerken waarvoor geen duidelijke<br />

toekomstvisie is.<br />

Wat dit onroerend patrimonium betreft wordt gepleit<br />

voor de voorzichtige aanpak: het creëren van nevenbestemmingen<br />

(zie het Burra Charter). In andere gevallen<br />

wordt erkend dat herbestemming onvermijdelijk<br />

is. De discussie over de opportuniteit wat onderhoud,<br />

renovatie, investering in en herbestemming<br />

van kerken is dan wel open, het geheel wordt echter<br />

uiterst devoot benaderd. Men moet onder ogen durven<br />

zien dat ook afbraak in bepaalde gevallen een<br />

goede oplossing is. Ook in dit dossier mag men - alle<br />

gevoeligheden ten spijt - de kost van de leegstand<br />

niet doorschuiven naar de volgende generatie.<br />

Budgettair, subsidietechnisch financieel is niets echter<br />

helemaal duidelijk. De “kostenneutraliteit” laten<br />

we buiten beschouwing. Wat het kostenplaatje - zelfs<br />

bij benadering - kan zijn was zelfs na een zoektocht<br />

niet te vinden. Momenteel is er blijkbaar ook geen<br />

“inventaris” (versta “kadaster”) van het vermogen van<br />

de kerkfabrieken. Een zicht op de financiële situatie<br />

van deze instellingen is echter onontbeerlijk. 16 De<br />

officiële middelen van de kerkfabrieken mogen zoals<br />

hiervoor gesteld in principe niet worden aangewend<br />

om te investeren, enkel de intresten kunnen hiervoor<br />

worden aangewend. De minister merkte op dat de<br />

16. Zo raakte bekend dat de Abdij van Park in Leuven gerestaureerd werd door een <strong>vzw</strong> die specifiek door de Norbertijnen opgericht<br />

om hun oude abdijen te restaureren. Via die aparte <strong>vzw</strong>’ s kunnen zij gebruik maken van het systeem van dubbelsubsidies.


egels betreffende intresten en investeringen vanwege<br />

de kerkfabrieken vastgelegd werden in het Eredienstendecreet<br />

van 2004. Een kerkfabriek kan niet<br />

worden verplicht de eigen middelen in te zetten,<br />

maar mag dat natuurlijk wel doen. De gevolgen zijn<br />

bekend. Aandachtpunt hierbij is dat er zekerheid<br />

moet zijn dat de kerkbesturen hun resterende middelen<br />

optimaal laten renderen. Of dit steeds zo is, is<br />

niet duidelijk.<br />

Zoals ondertussen duidelijk is geworden stelt zich<br />

een probleem zowel wat de beschermde als wat de<br />

niet beschermde gebouwen betreft. Het Agentschap<br />

voor onroerend erfgoed merkt terecht op dat de huidige<br />

wet -, decreet - en regelgeving betreffende onroerend<br />

erfgoed “organisch” tot stand is gekomen.<br />

Het resultaat is wel bekend: een rits losstaande decreten<br />

met dito uitvoeringsbesluiten voor elke vorm<br />

van onroerend erfgoed (bouwkundig, landschappelijk,<br />

archeologisch, varend en heraldisch). Het is dus<br />

tevergeefs zoeken naar één decreet voor alle onroerend<br />

erfgoed (naar procedure, vergunningen, restauratiepremie,<br />

onderhoudspremie, fiscale aftrekmogelijkheid),<br />

Men heeft te maken met een complexe materie<br />

die de noodzakelijke kennis van complexe procedures<br />

(aanbestedingsprocedures…) vraagt. In de<br />

meeste gevallen zijn er diverse tussenkomende partijen<br />

(centraal kerkbestuur, gemeente, bisdom,<br />

Vlaamse overheid …).<br />

De centrale kerkbesturen krijgen een belangrijkere<br />

rol toebedeeld. In het licht van de groeiende uitdagingen<br />

m.b.t. de vastgoedportefeuille (investeringen…)<br />

mag men rustig “managementeisen” stellen aan deze<br />

organen. Continuïteit en deskundigheid worden<br />

de facto verondersteld aanwezig te zijn. Vastgesteld<br />

moet worden dat het geheel echter baadt in het<br />

“vrijwilligerswerk”. En dit is niet zonder risico. Een<br />

recent verschenen studie 17 bevestigt dat de kerkfabrieken,<br />

de oudste en tevens minst bekende openbare<br />

lokale besturen van het land, hun nieuwe raadsleden<br />

telkens op dezelfde manier en uit dezelfde bevolkingsgroepen<br />

halen: oudere, gelovige, hooggeschoolde,<br />

getrouwde en sociaal geëngageerde mannen<br />

Momenteel kampen kerkbesturen, aldus de onderzoekers,<br />

niet met een tekort aan vrijwilligers,<br />

maar op termijn zou de toekomst er minder rooskleurig<br />

kunnen uitzien. De tijden veranderen echter, kerkfabrieken<br />

krijgen, dixit de onderzoeker, zoals andere<br />

vrijwilligersorganisaties, te maken met een nieuw<br />

soort vrijwilliger. Deze ‘nieuwe’ vrijwilligers treden op<br />

steeds latere leeftijd toe en besteden minder tijd aan<br />

hun onbezoldigde functie. Hun loyaliteit is minder<br />

groot is en zij zouden vlugger de kerkfabriek de rug<br />

kunnen toekeren.<br />

Nogmaals moet worden onderstreept dat in deze<br />

10<br />

dossiers de kerkfabrieken autonoom oordelen over<br />

de noodzakelijkheid en de omvang van de werken.<br />

De gemeente zal hier vaak onvermijdelijk moeten<br />

optreden als medesubsidiërende overheid (aandeel<br />

kerkfabriek). Voor de bekostiging van het eigen aandeel<br />

heeft de kerkraad de keuze tussen de betaling<br />

met eigen middelen, ofwel het verkrijgen van een<br />

investeringstoelage ofwel het aangaan van een doorgeeflening<br />

of een lening met gemeente- of stadswaarborg.<br />

Waakzame lokale overheden zijn een<br />

must.<br />

Uit voorgaande moge blijken dat de vraag naar de<br />

rol van de overheid betreffende het erkennen en betoelagen<br />

van “levensbeschouwingen” ook in deze<br />

materie meer dan ooit aan de orde is.<br />

De Vlaamse Adviesraad voor bestuurszaken wijst<br />

terecht in een advies echter op het feit dat de overheid<br />

die financieel bijdragen moet het laatste woord<br />

moet hebben in procedures. Een gemeentebestuur<br />

mag dan wel niet alles te zeggen hebben in de financieringsdossiers<br />

of in dossiers m.b.t. herbestemming<br />

- een kerkbestuur kan immers steeds beroep aantekenen<br />

bij de provinciegouverneur – feit is dat bij uitblijven<br />

van een bezwaar bij de kerkfabriek de gemeenteoverheid<br />

wel het laatste woord heeft. Evenzo<br />

voor wat betreft de provinciegouverneur. Deze heeft<br />

de facto het laatste woord. Wie zal het aandurven?<br />

Opvallend is en blijft de vrij dubbelzinnige houding<br />

waarbij men binnen “cultusmiddens” enerzijds elke<br />

regeling blijft zien als een inmenging in het recht van<br />

erkende erediensten op eerbiediging van hun werking,<br />

maar anderzijds probleemloos de samenleving<br />

“belast” met de zorg voor de materiële aspecten van<br />

de “levensbeschouwingen” (zolang men geen maatregelen<br />

neemt die hun interne organisatie kan aantasten).<br />

Bijkomende vraag is of men, verwijzende<br />

naar het gelijkheidsbeginsel en de non-discriminatie<br />

er in zal slagen alle<br />

“levensbeschouwingen” (bestaande en die levensbeschouwingen<br />

die aan de deur zullen kloppen, met elk<br />

hun eigen karakteristieken) een gelijke behandeling<br />

in ongelijke situaties te garanderen.<br />

Laten we met een gematigd positieve noot eindigen.<br />

Positief is het onder de aandacht brengen van de<br />

problematiek m.b.t. de erfgoedwaarde van vele van<br />

deze constructies en het benadrukken van de noodzaak<br />

om lange termijn strategieën te ontwikkelen met<br />

betrekking tot het behoud en onderhoud, dan wel de<br />

herbestemming (of afbraak) van deze gebouwen.<br />

Maar is dit niet iets dat geldig is voor het gehele erfgoedpatrimonium.<br />

Een wandeling doorheen menige<br />

gemeente en stad in Vlaanderen stemt ons niet optimistisch.<br />

17. Rekrutering en behoud van vrijwilligers: een studie bij Vlaamse kerkfabrieken anno 2004-2005. Universiteit Antwerpen. 2005.


De koek is te katholiek in België<br />

Ongelijke financiering erediensten en levensbeschouwingen<br />

Levensbeschouwelijke stromingen in België worden<br />

door de overheden niet op een gelijke manier behandeld.<br />

Dat blijkt onder meer uit de verschillen in overheidssteun.<br />

Eind maart presenteert de werkgroep Magits-Christians<br />

hierover een opvolgverslag. In een<br />

eerder rapport stelde de groep voor de federale wetgeving<br />

op de erediensten te hervormen.<br />

De werkgroep Magits-Christians is in mei 2009 opgericht<br />

onder leiding van de professoren Michel Magits<br />

(VUB) en Louis-Léon Christians (UCL). De hervormingen<br />

die de werkgroep voorstelt, moeten de ongelijkheden<br />

wegwerken in de behandeling van de erkende<br />

erediensten en levensbeschouwingen. ‘Nadat we ons<br />

rapport in oktober 2010 hebben voorgesteld, kregen<br />

de levensbeschouwingen de tijd om te reageren en<br />

hun opmerkingen en bedenkingen door te geven’,<br />

zegt Magits. ‘Die zijn nu binnen. De –overwegend positieve–<br />

reacties stellen we einde maart in een opvolgverslag<br />

voor.’<br />

België financiert vandaag zes erkende erediensten<br />

– de katholieke, protestantse-evangelische, anglicaanse,<br />

orthodoxe, islamitische en de israëlitische.<br />

11<br />

Tine Danckaers<br />

MO* Mondiaal Magazine, April 2011<br />

Daar werden later de niet-confessionele levensbeschouwingen<br />

aan toegevoegd: de vrijzinnigheid (sinds<br />

1993) en het boeddhisme. Die laatste is nog niet erkend<br />

maar wordt wel al gesubsidieerd om te kunnen<br />

opstarten.<br />

Sommigen zijn meer gelijk dan anderen<br />

Vandaag gaat bijna tachtig procent van de overheidsmiddelen<br />

naar de katholieke kerk. Van de 91 miljoen<br />

euro die de federale overheid vrijmaakt voor het personeelskader<br />

van erediensten en levensbeschouwingen,<br />

gaat zo’n 72 miljoen naar de katholieke kerk (zie<br />

tabel ‘Wedden voor personeel levensbeschouwingen’).<br />

Dat heeft onder meer te maken met het gegeven<br />

dat voor de katholieke eredienst het aantal inwoners<br />

van een parochie –ongeacht het geloof– richtinggevend<br />

is, terwijl voor andere erediensten het aantal<br />

effectieve aanhangers wordt geteld.<br />

Slechts 45 procent van de vacante betrekkingen in<br />

het katholieke kader is ingevuld. Terwijl de federale<br />

begroting een kader voorziet van 7275 voltijdsen, zijn<br />

slechts 3302 plaatsen ingenomen. Bovendien is er


ook een scheeftrekking in de wedden: het loon is afhankelijk<br />

van tot welke levensbeschouwing men behoort.<br />

‘Er is een grote verschil tussen de hoogste en<br />

laagste bezoldigingsniveaus binnen de religies enerzijds,<br />

en tussen de verschillende religies anderzijds’,<br />

zegt Magits. De wedden van de bedienaars van een<br />

religie liggen bovendien merkelijk lager dan de wedde<br />

van een afgevaardigde van de vrijzinnigheid. Uitzondering<br />

daarop zijn de hoogste ambten binnen de katholieke<br />

kerk, die hogere weddes hebben.<br />

Ook op het vlak van de pensioenstelsels zijn er ongelijkheden.<br />

Magits: ‘De katholieken hebben recht op<br />

een rustpensioen vanaf vijfenzestig jaar, bedienaars<br />

van andere erediensten vanaf zeventig jaar.’ Voor de<br />

vrijzinnige personeelsleden gelden dan weer gunstiger<br />

pensioenvoorwaarden, naar analogie met het baremieke<br />

loonstelsel van de ambtenarij. ‘Dat heeft te<br />

maken met de simplistische redenering dat de bedienaars<br />

van de erediensten geen gezin te onderhouden<br />

hebben’, legt jurist en specialist kerkrecht Frank Judo<br />

(KUL) uit. ‘Maar niet alleen priesters worden bezoldigd.<br />

Ook parochieassistenten en imams, die wel kinderen<br />

hebben, krijgen hun wedde van de staat.’ Bovendien<br />

genieten volgens het rapport sommige bedienaars<br />

van een eredienst –lees: de katholieke– soms<br />

van een gratis woning of een woonstvergoeding, ter<br />

beschikking gesteld door de gemeente of provincie.<br />

Wedden voor personeel levensbeschouwingen<br />

Pensioen niet meegerekend.<br />

Uitbetaald door het ministerie van Justitie.<br />

Totaal 91.851.381 euro<br />

Katholieke: 71.806.780 euro<br />

<strong>Vrijzinnige</strong>-humanistische: 8.166.444 euro<br />

Islamitische: 4.338.273 euro<br />

Protestantse: 3.671.858 euro<br />

Orthodoxe: 1.445.687 euro<br />

Israëlitische: 965.434 euro<br />

Boeddhisme (niet erkend): 941.076 euro<br />

Anglicaanse: 515.829 euro<br />

(Bron: rapport werkgroep Magits/Christians, cijfers 1 juli 2009)<br />

België ten voeten uit<br />

België heeft het zich niet bepaald gemakkelijk gemaakt.<br />

De bevoegdheden –en dus ook het overheidsgeld<br />

dat de levensbeschouwingen ontvangen– zitten<br />

op verschillende niveaus sinds het Lambermontakkoord<br />

(2001) een en ander herschikte.<br />

De federale staat bleef bevoegd voor de wedden<br />

van de bedienaren en de erkenning van de erediensten.<br />

De kerkfabrieken –de kerkelijke instellingen die<br />

de materiële middelen beheren in de parochies– en<br />

de materiële ondersteuning van de erkende erediensten<br />

werden overgeheveld naar de gewesten. Die geven<br />

op hun beurt het werk deels door aan de provincies<br />

en de gemeenten. ‘Financieel staan de gemeenten<br />

in voor de materiële steun aan de meeste levensbeschouwingen’,<br />

zegt Filip Delos, adviseur Binnen-<br />

12<br />

Bijkomende opstartsubsidies voor representatieve<br />

organen<br />

vrijzinnigen: 2.319.000 euro<br />

moslims: 450.000 euro<br />

boeddhisten: 216.000 euro<br />

(bron: ministerie van Justitie)<br />

lands Bestuur op het kabinet van Vlaams minister van<br />

Bestuurszaken Geert Bourgeois (N-VA). ‘Die steun<br />

behelst onder meer het onderhoud van gebouwen, de<br />

logistieke organisatie van de erediensten, het bestuur<br />

en het patrimonium. Enkel de orthodoxe en islamitische<br />

gemeenschappen –de meest recent erkende<br />

erediensten– vallen onder de provincies.’<br />

Het algemeen principe vandaag is dat de staat representatieve<br />

organen van erkende erediensten of<br />

levensbeschouwingen niet financiert. Toch krijgen<br />

zowel de vrijzinnige, islamitische als de boeddhistische<br />

organen vandaag subsidies om de opstart van<br />

hun werking mogelijk te maken (zie tabel ‘Bijkomende<br />

opstartsubsidies’).<br />

In zijn rapport stelt de werkgroep Magits-Christians<br />

voor dat de erediensten en levensbeschouwingen<br />

zich kunnen registreren mits ze voldoen aan een aantal<br />

voorwaarden. ‘Wij stellen voor om financiële steun<br />

te geven na vijf jaar registratie, een minimum aantal<br />

inplantingen en aanhangers, mits ze een erkenningsaanvraag<br />

indienen.’<br />

Er bestaan geen betrouwbare gegevens over de<br />

levensbeschouwelijke en praktiserende voorkeur van<br />

de Belgen. Om hierover een juist en correct inzicht te<br />

krijgen, pleit de werkgroep voor een tienjaarlijks wetenschappelijke<br />

–anonieme– bevraging.<br />

Draagvlak<br />

Critici van het huidige financieringsmodel vragen zich<br />

af of er überhaupt nog wel een maatschappelijk<br />

draagvlak is voor overheidsfinanciering van de erediensten.<br />

Volgens Magits is dat er wel degelijk. ‘Het<br />

debat gaat nu veeleer over de gelijkschakeling van de<br />

erediensten en over de invoering van een kerkbelasting.<br />

Ik denk dat bijna niemand ervoor pleit de financiering<br />

stop te zetten.’ Open VLD is hevige voorstander<br />

van de invoering van een kerkbelasting, naar het<br />

Duitse Kirchensteuer-voorbeeld. Dat zou betekenen<br />

dat je via je belastingsbrief aanduidt of je voor een<br />

bepaalde levensbeschouwing wil betalen.<br />

‘Of er al dan niet een maatschappelijk draagvlak is,<br />

laat ik in het midden’, zegt Judo. ‘Als jurist interesseert<br />

het mij hoe we als welvaartstaat moeten omgaan<br />

met de levensbeschouwing en religieuze beleving<br />

van minderheden. Wanneer je alles zou overlaten<br />

aan het private systeem, zoals in de VS, bestaat<br />

het gevaar dat kapitaalkrachtige godsdiensten de kleinere<br />

of armere groepen in een verdomhoekje plaatsen.’


Activiteiten<br />

DE DUISTERE KANTJES VAN TIENEN<br />

Stadswandeling—Zondag 10 juni<br />

14:30—start aan het VOC<br />

Heksenprocessen en -verbrandingen, de beul<br />

die zelf slachtoffer wordt, lepreuzen die gestigmatiseerd<br />

worden, een notoire gynaecoloog die<br />

beschuldigd wordt van moord, Jodenvervolging<br />

door de eeuwen heen, burgers aan de schandpaal,<br />

gevangenissen die dreigen in te storten,<br />

kinderen die spelen met menselijke beenderen,<br />

soldaten die een begijnhof willen in brand steken...<br />

De geschiedenis van één of andere bananenrepubliek?<br />

Neen, het zijn de de duistere kanten<br />

van Tienen!<br />

Geen vrees! Josée Stels zal ons met ervaren<br />

hand doorheen deze gruweldaden loodsen.<br />

INSCHRIJVEN:<br />

Om deel te nemen, gelieve je in te schrijven via tvk.<strong>vzw</strong>@scarlet.be.<br />

Je kan ook bellen naar Raf Pauly, op het nummer 016 81 86 70 of 0487 319 420.<br />

Prijs: €2 voor leden, €3 voor niet-leden.<br />

JAARLIJKSE BARBECUE<br />

Vrijdag 3 augustus<br />

VOC, vanaf 19:00<br />

Zoals elk jaar, zullen we in augustus weer een fijne barbecue<br />

organiseren. Het geeft ons de tijd om in alle rust<br />

bij te praten, en terug te kijken op een geslaagd jaar. De<br />

FOS is weer bereid om ervoor te zorgen dat het vlees<br />

en de vis lekker gebraden zullen zijn — en de vrijwilligers<br />

van het VOC zorgen voor knapperige groentjes,<br />

vers brood, en heerlijke slaatjes en sausjes. Het enige<br />

dat jij zal moeten doen, is wat vlees of vis op de grill laten<br />

braden, en genieten van het gezelschap. Dat klinkt<br />

niet slecht, toch?<br />

De uitnodiging, met alle bijhorende gegevens om je in te<br />

schrijven, zal je in de juli-editie van het Lopend Vuurtje<br />

terug vinden. Blokkeer nu alvast maar die agenda!<br />

13


Foto’s<br />

Het was weer een stralend lentefeest!<br />

Al deze foto’s kan je natuurlijk ook<br />

14


Foto’s<br />

In kleur bewonderen op onze website!<br />

En een spetterend Feest <strong>Vrijzinnige</strong> Jeugd!<br />

15


16<br />

VRIJZINNIGE FILMAVONDEN<br />

€ 2 leden<br />

€ 3 anderen.<br />

Drankje inbegrepen!<br />

Elke eerste maandag<br />

van de maand om 20:00<br />

(behalve in juli-aug)<br />

VOC - Donystraat 14 (Tienen)<br />

Even terugkijken….<br />

Open Lens was dit voorjaar weer een succes: een gevarieerd aanbod, een wisselend<br />

publiek en enthousiaste reacties. Het was dan ook een sterk programma: de filmklassieker<br />

“Who’s afraid of Virginia Woolf”, poëtische cinematografie met “Des hommes et<br />

des dieux”, maatschappijkritiek in “Die Welle” en een stille zoektocht naar de zieleroerselen<br />

van de mens in “L’Enfant”. We zijn dan ook trots op ons aanbod, en verheugd<br />

met de positieve commentaren. Zo krijgen we natuurlijk zin om Open Lens verder<br />

te zetten.<br />

De toekomst?<br />

“L’enfant” was een eerste poging om onze leden mee te betrekken bij het samenstellen<br />

van ons programma. Je kon op onze website, uit een lijst van voorstellen, een<br />

stem uitbrengen — en jullie hebben dat ook met velen gedaan. Maar jullie lieten ook<br />

horen dat de keuzes misschien wel té uitgebreid waren. Het was inderdaad een grote<br />

lijst, met heel veel verschillende titels, van grote klassiekers tot kleinere onbekenden.<br />

Daarom dat we dit in het komende jaar anders zullen aanpakken. We gaan duidelijkere<br />

mogelijkheden voorstellen, zodat je betere keuzes kan maken.<br />

Hoe doen we dat dan?<br />

Vanaf augustus zullen we de keuzes voor het najaarsprogramma voorstellen op onze<br />

website. Je zal er telkens blokken van vier films terug vinden. Je zal er een filmfragment<br />

vinden (indien mogelijk) en een verwijzing naar een bespreking. Zo kan je voor<br />

de vier films kijken of ze je aanspreken. Stemmen doe je gewoon: door te klikken.<br />

De mogelijke keuzes verschijnen telkens in de maand voor de filmavond zelf. We sluiten<br />

de stemming een week voor de vertoning. Zo kunnen we er zeker van zijn dat de<br />

dvd beschikbaar zal zijn en de inleiding verzorgd wordt. Je hebt dus drie weken om te<br />

stemmen.<br />

Wil je meewerken aan het programma? Dat kan!<br />

Stuur gewoon een mailtje naar openlens@vrijzinnigtienen.be, of bel even op 0487<br />

319 420 (Raf Pauly). Bovendien kan je op twee manieren meedoen. Je kan je filmkeuzes<br />

doormailen, met een woordje uitleg. Maar je kan ook eens mee komen kiezen<br />

uit het brede filmaanbod, en samen met enkele filmfans uitdagende keuzes samen<br />

stellen.


ONZE HELDEN<br />

In de vorige editie van het Lopend Vuurtje waren enkele fouten geslopen, waarvoor onze excuses.<br />

Hieronder vind je de rechtzetting. Het gaat om de foto’s van Hubert De Deijn en Chris Baelus.<br />

Hubert De Deijn<br />

° Tienen 1945-11-05 +2001-09-15 AZ VUB Jette<br />

Regent PNT en leraar zedenleer aan de rijksmiddenschool van Sint Joris-Winge,<br />

later aan de middenschool en het KA te Landen. Medeoprichter<br />

en gedurende 18 jaar penningmeester van de <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong>. Eerste redacteur van ons tijdschrift 'Het Lopend Vuurtje' - initiatiefnemer<br />

van vele activiteiten van onze kring - promotor en bezieler<br />

van het jaarlijkse Feest van de <strong>Vrijzinnige</strong> Jeugd - gedurende zes jaar<br />

gedetacheerd als jeugdbegeleider voor de Humanistische Jongeren<br />

<strong>vzw</strong>. Te jong en in volle dynamiek getroffen door en overleden aan longkanker.<br />

Chris Baelus.<br />

Lerares zedenleer aan het Kon.Lyceum Leuven. Zij was ongetwijfeld de<br />

leerkracht die mij het meest inspireerde . Dankzij haar lessen verruimde<br />

ik mijn blik op de wereld: ze besteedde onder meer aandacht aan andere<br />

godsdiensten, armoede, verliefdheid en seksualiteit. Nu lig je van een<br />

aantal van die onderwerpen wellicht niet meer wakker, maar voor die tijd<br />

- 1967 - was haar manier van lesgeven zonder meer baanbrekend. En<br />

vooral de manier waarop ze ons als gelijken behandelde is me nog het<br />

meest bijgebleven. Wij waren VIPs avant-la-lettre! Ze creëerde een huiselijke<br />

sfeer in de klas, met een potje thee erbij. Ze was een geval apart,<br />

daar was ik me wel van bewust. Ze slaagde erin onze complexen weg te<br />

nemen en wist ons te stimuleren om verantwoordelijkheid op te nemen.<br />

Ik heb haar later nog maar één keer ontmoet, helaas is Chris jong gestorven.<br />

Door haar ben ik leerkracht geworden. Net als zij wilde ik jonge<br />

mensen inspireren, stimuleren en het beste in hen laten bovenkomen.<br />

- Raymonda Verdyck, via Paulette Brooks<br />

17


Juni<br />

Zondag 10/06 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

Maandag 11/06 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

Augustus<br />

Vrijdag 3/08 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

September<br />

Maandag 3/09 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

Maandag 10/09 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

Oktober<br />

Dit is een voorlopig programma, met de activiteiten die al vast staan.<br />

We werken ondertussen verder aan een boeiend najaarsprogramma.<br />

Kijk dus zeker regelmatig op onze website,<br />

en in de volgende edities van ‘t Lopend Vuurtje.<br />

VOC De duistere kantjes van Tienen<br />

Standswandeling<br />

VOC Bestuursvergadering<br />

20:00<br />

VOC Jaarlijkse BBQ!<br />

VOC<br />

20:00<br />

VOC<br />

20:00<br />

Open Lens<br />

(filmavond)<br />

Bestuursvergadering<br />

Donderdag 4/10 H-VV & deMens.nu Landen Wim Distelmans<br />

Zaal Amfi “Waardig Levenseinde”<br />

Maandag 8/10 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong> VOC Open Lens<br />

<strong>Kring</strong><br />

(filmavond)<br />

Maandag 15/10 <strong>Tiense</strong> <strong>Vrijzinnige</strong><br />

<strong>Kring</strong><br />

VOC Bestuursvergadering

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!