29.07.2013 Views

WERK- VERGUNNINGEN IN DE BOUW - ffc Constructiv

WERK- VERGUNNINGEN IN DE BOUW - ffc Constructiv

WERK- VERGUNNINGEN IN DE BOUW - ffc Constructiv

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

VEILIGHEIDSNOTA’S<br />

<strong>BOUW</strong>BEDRIJF<br />

VA<strong>DE</strong>-MECUM<br />

van het nationaal actiecomité voor veiligheid en hygiëne<br />

in het bouwbedrijf N.A.V.B.<br />

Sint-Jansstraat 4 1000 Brussel<br />

Telefoon: 02/552 05 00 Fax: 02/552 05 05<br />

E-mail: NAVB@NAVB.be<br />

DRIEMAAN<strong>DE</strong>LIJKSE UITGAVE<br />

JUNI 2001<br />

AFGIFTEKANTOOR: NAMEN<br />

bundel nummer<br />

90<br />

<strong>WERK</strong>-<br />

<strong>VERGUNN<strong>IN</strong>GEN</strong><br />

<strong>IN</strong> <strong>DE</strong> <strong>BOUW</strong>


<strong>IN</strong>HOUD<br />

ALGEMEEN ................................................................................................................................. 3<br />

SOORTEN <strong>WERK</strong><strong>VERGUNN<strong>IN</strong>GEN</strong> ........................................................................................... 3<br />

<strong>IN</strong>HOUD VAN <strong>DE</strong> <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G...................................................................................... 4<br />

VERANTWOOR<strong>DE</strong>LIJKHE<strong>DE</strong>N<br />

BIJ HET GEBRUIK VAN EEN <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G................................................................... 4<br />

BESLOTEN RUIMTEN<br />

WAT IS EEN BESLOTEN RUIMTE ? ............................................................................................ 4<br />

2<br />

A. Definitie ................................................................................................................................ 4<br />

SPECIFIEKE RISICO’S................................................................................................................ 5<br />

A. Risico’s i.v.m. de atmosfeer .................................................................................................. 5<br />

B. Fysieke risico’s ..................................................................................................................... 6<br />

PREVENTIEMAATREGELEN....................................................................................................... 7<br />

A. Werkvergunning .................................................................................................................... 7<br />

B. Metingen .............................................................................................................................. 7<br />

C. Verluchting............................................................................................................................ 8<br />

D. De veiligheidswacht .............................................................................................................. 8<br />

E. Elektrische spanning ............................................................................................................ 8<br />

<strong>WERK</strong>EN OP HOOGTE<br />

1. ALGEMEEN ............................................................................................................................. 9<br />

Collectieve valbescherming ....................................................................................................... 9<br />

2. TRAPPEN ................................................................................................................................ 9<br />

3. LAD<strong>DE</strong>RS .............................................................................................................................. 10<br />

4. STELL<strong>IN</strong>GEN ......................................................................................................................... 13<br />

5. ROLSTELL<strong>IN</strong>GEN.................................................................................................................. 13<br />

A. Tijdens het werk op de rolstelling......................................................................................... 13<br />

B. Tijdens het verplaatsen van de rolstelling............................................................................. 14<br />

6. STELL<strong>IN</strong>G OP SCHRAGEN................................................................................................... 14<br />

7. PERSOONLIJKE<br />

BESCHERM<strong>IN</strong>GSMID<strong>DE</strong>LEN................................................................................................ 15<br />

A. Soorten persoonlijke valbescherming .................................................................................. 15<br />

B. Gordel of harnas................................................................................................................. 15


ALGEMEEN<br />

Sommige werkzaamheden brengen<br />

bijzondere risico’s mee. De werknemers<br />

die die werken uitvoeren moeten<br />

over specifieke kennis beschikken en<br />

dus precieze instructies krijgen voor<br />

hun werk.<br />

Meestal legt de bouwheer, de opdrachtgever<br />

dus, een werkvergunning<br />

op, om er zeker van te zijn dat de<br />

werknemers op de hoogte zijn van de<br />

specifieke risico’s die verbonden zijn<br />

aan het werk dat uitgevoerd moet<br />

worden.<br />

De instructies kunnen ook betrekking<br />

hebben op de specifieke risico’s van<br />

de werkomgeving, zoals bijvoorbeeld<br />

een besloten ruimte of een ruimte<br />

waar men onder hoge luchtdruk<br />

werkt, …<br />

Het doel van de werkvergunning is de<br />

werknemer te waarschuwen voor de<br />

Er zijn allerlei soorten werkvergunningen<br />

mogelijk. Als een analyse van<br />

een bepaald werk wijst op een specifiek<br />

risico, moet de werknemer daarover<br />

worden geïnformeerd d.m.v. een<br />

werkvergunning.<br />

De volgende werkvergunningen komen<br />

het meest voor: vuurvergunning,<br />

koudwerkvergunning, vergunning om<br />

te werken in besloten ruimten, graafvergunning<br />

en vergunning om te werken<br />

op een hoogte.<br />

1) Vuurvergunning of heetwerkvergunning<br />

Slijpen en autogeen of elektrisch lassen<br />

zijn niet ongevaarlijk. De meest<br />

voorkomende risico’s bij lassen en<br />

slijpen zijn brand, ontploffing en verwondingen<br />

aan de ogen. Er moet<br />

mogelijke gevaren. Een gewaarschuwd<br />

man telt immers voor twee!<br />

Het opstellen van een werkvergunning<br />

is dus rechtstreeks afhankelijk van de<br />

verschillende bekende oorzaken van<br />

ongevallen.<br />

De oorzaken worden meestal ingedeeld<br />

volgens het MUOP-systeem:<br />

• Mens: een menselijke handeling,<br />

bv. een hamer laten vallen<br />

op iemands hoofd<br />

• Uitrusting: bv. een machine die<br />

niet goed functioneert<br />

• Omgeving: bv. olie op de vloer<br />

• Product: bv. een product dat<br />

brandwonden veroorzaakt<br />

Deze vier factoren worden de<br />

“schadedragers” genoemd. Dat<br />

betekent dat wanneer er iets fout<br />

SOORTEN <strong>WERK</strong><strong>VERGUNN<strong>IN</strong>GEN</strong><br />

dus een werkvergunning opgesteld<br />

worden voor alle laswerken, werken<br />

met een zuurstofbrander, slijpwerken<br />

of andere werken in de buurt van<br />

brandbare producten of materialen,<br />

werken die dus een risico inhouden<br />

op brand en/of op ontploffing. Deze<br />

risico’s hebben te maken met de factoren<br />

UITRUST<strong>IN</strong>G en PRODUCT.<br />

2) Vergunning om te werken in<br />

besloten ruimten<br />

Werken in besloten ruimten houdt<br />

veel risico’s in. Deze risico’s zijn<br />

nauw verbonden met de factor OM-<br />

GEV<strong>IN</strong>G.<br />

3) Graafvergunning<br />

Zorg ervoor dat je, vóór je begint te<br />

graven, alle informatie hebt over de<br />

zit bij één van deze vier factoren,<br />

er een risico is op een ongeval.<br />

Het ongeval gebeurt dus niet<br />

noodzakelijk, maar het kán gebeuren.<br />

Daarentegen, áls er een ongeval<br />

plaatsgrijpt, zal bij de analyse<br />

van het ongeval blijken dat bij minstens<br />

één van deze vier factoren<br />

iets fout zat.<br />

Houd er rekening mee dat een<br />

mens zich niet steeds in dezelfde<br />

gemoedstoestand bevindt (vermoeidheid<br />

of opwinding bv.), dat<br />

de uitrusting niet steeds op dezelfde<br />

manier bevestigd is en dat<br />

de omgeving door iemand anders<br />

veranderd kan zijn. Meld alle tekortkomingen<br />

die je bemerkt, zodat<br />

die tekortkoming niet leidt tot<br />

een ongeval.<br />

leidingen en kabels in de grond, en<br />

dat je iets weet over de aard van de<br />

grond (bv. kalkgrond, moerasgrond).<br />

De vele risico’s bij graafwerken hebben<br />

te maken met de factoren PRO-<br />

DUCT en OMGEV<strong>IN</strong>G.<br />

4) Werken op een hoogte<br />

De meeste ernstige ongevallen gebeuren<br />

bij werkzaamheden op een<br />

hoogte. Zorg zeker voor gepast gereedschap<br />

en hulpmiddelen, voldoende<br />

personeel en een goede<br />

kennis van de risico’s. Daarom moet er<br />

een werkvergunning zijn voor werken<br />

op een hoogte.<br />

Deze risico’s hebben te maken met de<br />

3 factoren: PRODUCT, UITRUST<strong>IN</strong>G<br />

en OMGEV<strong>IN</strong>G.<br />

3


<strong>IN</strong>HOUD VAN <strong>DE</strong> <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G<br />

Op een werkvergunning staat zeker<br />

een beschrijving van de bekende risico’s<br />

bij een bepaald soort werk en<br />

de gepaste preventiemaatregelen<br />

die genomen moeten worden.<br />

Daarenboven staan op een werkvergunning<br />

ook de volgende gegevens:<br />

• adres en verdere gegevens van de<br />

bouwheer die de vergunning oplegt<br />

• adres en verdere gegevens van de<br />

onderneming die de werken uit-<br />

De werkvergunning is meer dan een<br />

velletje papier. De voorschriften, de<br />

preventie- en controlemaatregelen,...<br />

moeten verplicht worden gevolgd.<br />

Een werkvergunning brengt verplichtingen<br />

mee voor de werknemer, die<br />

de preventiemaatregelen in acht<br />

A. <strong>DE</strong>F<strong>IN</strong>ITIE<br />

Het gaat om een volledig of gedeeltelijk<br />

gesloten ruimte :<br />

1. die niet ontworpen is om er<br />

mensen in te laten en daar sowieso<br />

niet voor bedoeld is,<br />

maar die bij gelegenheid gebruikt<br />

kan worden om bepaalde<br />

werken uit te voeren, zoals inspectie,<br />

onderhoud en herstelof<br />

bouwwerken<br />

4<br />

voert en de vergunning opstelt<br />

• beschrijving van de werken die uitgevoerd<br />

moeten worden en van de<br />

preventiemaatregelen die genomen<br />

moeten worden, én de namen<br />

van de werknemers die die twee<br />

taken zullen vervullen<br />

• de geldigheidsduur van de vergunning,<br />

die overeenkomt met de duur<br />

van het werk dat uitgevoerd moet<br />

worden. Opmerking: de geldig-<br />

moet nemen, maar ook voor de<br />

bouwheer, die alle nodige inlichtingen<br />

moet geven en eventueel voor een<br />

speciale uitrusting moet zorgen,…<br />

Als een werknemer een werkvergunning<br />

krijgt, moet hij dus weet hebben<br />

van de risico’s en van de preventie-<br />

2. waar je niet zo makkelijk in en<br />

uit kan. Vaak moet je via een erg<br />

lange of erg smalle ladder of<br />

trap, of een ladder of trap met<br />

een erg steile helling. Een of ander<br />

voorwerp of een bepaalde<br />

voorziening kan de toegang bemoeilijken<br />

of de vrije luchtcirculatie<br />

belemmeren<br />

3. die veiligheids- en gezondheidsrisico’s<br />

mee kan brengen voor<br />

wie er binnen gaat, wegens :<br />

heidsduur van een vuurvergunning<br />

is maximum één dag!<br />

• zowel de uitvoerder, de verantwoordelijke<br />

van de zone waar de<br />

werken plaatsvinden als de preventieadviseur<br />

tekenen en verklaren<br />

zich zo akkoord met de vergunning,<br />

nadat ze eventueel hun eisen hebben<br />

toegevoegd. Ze verklaren ook<br />

akkoord te zijn met de vermelde<br />

veiligheidsmaatregelen.<br />

VERANTWOOR<strong>DE</strong>LIJKHE<strong>DE</strong>N BIJ HET GEBRUIK VAN<br />

EEN <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G<br />

maatregelen die genomen moeten<br />

worden. Het werk mag slechts worden<br />

uitgevoerd als aan alle voorwaarden<br />

op de vergunning is<br />

voldaan.<br />

Daarom :<br />

LEES ALTIJD <strong>DE</strong> <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G VÓÓR JE ZE TEKENT<br />

EN LEEF <strong>DE</strong> VOORSCHRIFTEN STRIKT NA !!!<br />

BESLOTEN RUIMTEN<br />

WAT IS EEN BESLOTEN RUIMTE ?<br />

• het ontwerp, de constructie of<br />

de ligging<br />

• de atmosfeer of het gebrek aan<br />

voldoende natuurlijke of kunstmatige<br />

luchtverversing<br />

• de stoffen die erin staan<br />

• andere gevaren gekoppeld aan<br />

zo’n ruimte<br />

B. VOORBEEL<strong>DE</strong>N<br />

De volgende plaatsen zouden bijvoorbeeld<br />

besloten ruimten kunnen zijn :


een reservoir, een silo, een kuip, een stortbak, een kamer, een gewelf, een<br />

aalput, een riolering, een buis, een schoorsteen, een toegangsput, een tank<br />

op een treinwagon of op een vrachtwagen enz.<br />

SPECIFIEKE RISICO’S<br />

A. RISICO’S I.V.M. <strong>DE</strong> ATMOSFEER<br />

Een groot aantal van de ongevallen<br />

en sterfgevallen in besloten ruimten<br />

hebben te maken met een gebrek<br />

aan zuurstof in de lucht, een ontploffing<br />

of een brand, of ook nog met<br />

de aanwezigheid van giftige gassen<br />

of dampen. Deze risico’s moeten dus<br />

eerst worden bekeken wanneer een<br />

toegangsprocedure voor de besloten<br />

ruimte wordt opgesteld.<br />

1) Gebrek aan zuurstof<br />

De lucht bevat normaal 21% zuurstof.<br />

Het gebrek aan zuurstof of de<br />

verlaging van het zuurstofgehalte in<br />

de lucht kan te wijten zijn aan:<br />

a. Het zuurstofverbruik:<br />

• door de werknemer zelf<br />

• door een verbrandingsreactie, bv.<br />

bij laswerken<br />

• door chemische reacties zoals<br />

roest (oxidatie)<br />

• door biologische reacties die te<br />

wijten zijn aan bacteriën in de besloten<br />

ruimte die bijvoorbeeld gisting<br />

veroorzaken enz.<br />

b. De vervanging of de verdringing<br />

van zuurstof:<br />

Door andere gassen of dampen, meer<br />

bepaald door inerte gassen die nog in<br />

de ruimte aanwezig waren of die de<br />

ruimte innemen zonder dat het de bedoeling<br />

was. Inerte gassen reageren<br />

niet met andere stoffen of gassen. Ze<br />

worden gebruikt om zuurstof te verdringen<br />

als er gevaar is op brand of op<br />

een ontploffing. Voorbeelden zijn koolstofdioxide<br />

(CO2), stikstof, argon enz.<br />

2) Branden en ontploffingen<br />

Belangrijke herhaling i.v.m. de<br />

branddriehoek:<br />

a. Zuurstof<br />

Een extra zuurstofrijke atmosfeer<br />

(vanaf 23%) maakt materialen meer<br />

ontvlambaar.<br />

b. Ontvlambare of brandbare stoffen<br />

Wanneer er bij het werken ontvlambare<br />

of brandbare stoffen zijn, moet<br />

ONTVLAMBAAR<br />

OF BRANDBAAR<br />

ONTSTEK<strong>IN</strong>GSBRON<br />

men er absoluut voor zorgen dat de<br />

concentratie onder de 10% van de<br />

onderste ontploffingsgrens blijft.<br />

c. Oorzaken van ontbranding:<br />

• open vlammen<br />

• vlambogen en elektrische bogen<br />

• warme oppervlakken<br />

• vonken door contact tussen twee<br />

metalen<br />

• een ontlading van statische elektriciteit<br />

ZUURSTOF<br />

5


3) Giftige stoffen<br />

De gebrekkige natuurlijke luchtverversing<br />

en het geringe luchtvolume in<br />

de meeste besloten ruimten zorgen<br />

ervoor dat de werknemers blootgesteld<br />

kunnen worden aan sterke concentraties<br />

van stoffen die gevaarlijk<br />

zijn voor de mens.<br />

Gassen of dampen Ontvlambaar<br />

B. FYSIEKE RISICO’S<br />

1) Elektrocutie<br />

Wanneer men in een besloten ruimte<br />

werkt met elektrische toestellen zoals<br />

elektrisch handgereedschap, is het risico<br />

op elektrocutie door slecht geïsoleerd<br />

of defect materieel veel groter.<br />

Het risico op elektrisering of elektrocutie<br />

in een besloten ruimte bij het<br />

werken met elektrische toestellen<br />

wordt nog verhoogd in een van de volgende<br />

situaties:<br />

6<br />

De oorzaak van de aanwezigheid<br />

van gevaarlijke stoffen in een besloten<br />

ruimte kan liggen bij:<br />

• achtergebleven stoffen; zelfs een<br />

‘lege’ tank bevat immers nog resten<br />

van het product dat erin zat (bv.<br />

benzinedampen, waterstofsulfide<br />

(H2S)<br />

4) Eigenschappen van gassen of dampen die kunnen voorkomen in besloten ruimten<br />

Fysische Belangrijkste Dichtheid<br />

beschrijving risico (t.o.v. lucht = 1)<br />

Ammoniak (NH3) Ja Kleurloos , Giftig ; irriterend 0,59<br />

prikkelende geur voor de ogen en<br />

de luchtwegen<br />

Argon Nee Kleurloos , reukloos Verdringt 1,4<br />

zuurstof<br />

Stikstof (N2) Nee Kleurloos , reukloos Verdringt 0,97<br />

zuurstof<br />

Koolstofdioxide Nee Kleurloos , reukloos Verdringt 1,5<br />

(CO 2 ) zuurstof , giftig<br />

Methaan (CH4) Ja Kleurloos , reukloos Brand en ontploffing 0,6<br />

Koolstofmonoxide Ja Kleurloos , reukloos Giftig , verstikkend 0,97<br />

(CO)<br />

Waterstofsulfide Ja Kleurloos, Erg giftig , kan 1,2<br />

(H 2 S) geur van rotte eieren longproblemen<br />

veroorzaken<br />

Benzinedampen Ja Kleurloos, Brand en ontploffing 3,5<br />

(C 1 H 12 à C 1 H 20 ) zoetige geur<br />

Verfdampen Ja Kleurloos, sterke geur Brand , ontploffing , Hoger dan 1<br />

vergiftiging<br />

Zuurstof Oxiderend Versnelt brand 1,43<br />

• De besloten ruimte is zo nauw dat<br />

de werknemer contact heeft met de<br />

wanden van de ruimte.<br />

• De besloten ruimte is een vochtig lokaal,<br />

waar de lucht verzadigd is aan<br />

waterdamp of waar water in staat.<br />

• Er is veel metaal in de onmiddellijke<br />

nabijheid van de ruimte (leidingen,<br />

wanden van een tank,…).<br />

2) Andere fysieke risico’s<br />

• uitgevoerde werken (bv. lassen,<br />

snijbranden, slijpen, schilderen,<br />

teerwerk enz.)<br />

• de besloten ruimte zelf (bv. rioleringen,<br />

silo’s enz.)


Bij het werken in een besloten ruimte<br />

moet met veel fysieke risico’s rekening<br />

worden gehouden:<br />

• bedolven worden, geklemd raken,<br />

verpletterd worden of vallen door de<br />

vorm of de inhoud van de besloten<br />

ruimte<br />

• moeilijke in- en uitgangen door de<br />

ligging of door de afmetingen van de<br />

besloten ruimte<br />

• slechte zichtbaarheid door een ge-<br />

A. <strong>WERK</strong>VERGUNN<strong>IN</strong>G<br />

Om de risico’s te leren kennen en<br />

goed te beheersen, moet er een interventieprogramma<br />

worden opgezet<br />

waarbij logisch en systematisch te<br />

werk gegaan kan worden. Het inter-<br />

brek aan verlichting of door de geringe<br />

dimensies, met als mogelijk<br />

gevolg vallen of uitglijden<br />

• hoge of net erg lage temperatuur<br />

• veel lawaai<br />

• stralingen<br />

• enz.<br />

PREVENTIEMAATREGELEN<br />

B. MET<strong>IN</strong>GEN<br />

1) Wie meet ?<br />

Het inschatten van de atmosfeer<br />

moet gebeuren door een bekwaam<br />

persoon, iemand die opgeleid is om<br />

dergelijke metingen te verrichten en<br />

ze juist te interpreteren.<br />

2) Wat meten en in welke volgorde<br />

?<br />

Voor je binnengaat in een besloten<br />

ruimte, moet je de volgende waarden<br />

meten:<br />

• De zuurstofconcentratie. Die wordt<br />

altijd eerst gemeten, aangezien ze<br />

de basis vormt voor een veilige atmosfeer.<br />

Bovendien kan bij een te<br />

lage zuurstofconcentratie de aanwezigheid<br />

van brandstoffen of ont-<br />

ventieprogramma moet worden opgesteld<br />

door een bekwaam persoon. We<br />

hebben het dan over iemand die door<br />

zijn kennis, zijn opleiding of zijn ervaring<br />

in staat is om de gevaren die ver-<br />

vlambare stoffen niet nauwkeurig<br />

worden gemeten.<br />

• De concentratie van ontvlambare<br />

of brandbare gassen of dampen,<br />

gemeten in percenten van de onderste<br />

ontploffingsgrens (O.O.G.)<br />

van die stoffen.<br />

• De concentraties van giftige stoffen<br />

die in de besloten ruimte aanwezig<br />

kunnen zijn.<br />

3) Monsters nemen: waar en<br />

hoe vaak ?<br />

• Elke keer voor je binnengaat:<br />

De metingen moeten gebeuren<br />

met een toestel dat voorzien is<br />

van een sonde en een elektrische<br />

pomp of een handpomp om zo<br />

nodig te kunnen meten van op<br />

een bepaalde afstand.<br />

• Eenmaal binnen, moeten de metingen<br />

gebeuren:<br />

- op elke plaats waar het nodig is<br />

vanwege de vorm van de ruimte<br />

- op elke plaats waar zuurstof<br />

mogelijk verdrongen werd door<br />

andere (inerte) gassen<br />

bonden zijn aan een besloten ruimte<br />

vast te stellen, in te schatten en te beheersen.<br />

Dat interventieprogramma<br />

wordt dan schriftelijk vastgelegd in<br />

een werkvergunning .<br />

- telkens de atmosferische eigenschappen<br />

kunnen veranderen: bij<br />

onderbroken werken, in een besloten<br />

ruimte die niet voortdurend<br />

in het oog wordt gehouden, bij<br />

een wijziging in de voorziene<br />

werkprocedure enz.<br />

- continu als er wordt gewerkt in een<br />

besloten ruimte waar ontvlambare<br />

(brandbare), ontplofbare of giftige<br />

gassen kunnen vrijkomen<br />

Bij het bepalen van de frequentie en<br />

de plaatsen van de metingen, moet<br />

met de volgende elementen rekening<br />

worden gehouden:<br />

• de vorm van de besloten ruimte<br />

• de aanwezigheid van gassen die<br />

zwaarder of lichter zijn dan lucht<br />

(cf. dichtheid van de gassen). Een<br />

meting op een bepaalde plaats in<br />

de besloten ruimte kan soms niet<br />

overeenkomen met de situatie op<br />

een andere plaats in de ruimte<br />

• het soort werken dat uitgevoerd<br />

wordt<br />

• mogelijke wijzigingen van de toestand<br />

in de besloten ruimte<br />

7


C. VERLUCHT<strong>IN</strong>G<br />

Voor je een besloten ruimte binnengaat,<br />

en zeker tijdens het werken, is<br />

het van essentieel belang om voor<br />

een voldoende geforceerde ventilatie<br />

D. <strong>DE</strong> VEILIGHEIDSWACHT<br />

Als er een werknemer in een besloten<br />

ruimte zit, moet er ook steeds iemand<br />

buiten staan die minimum 18 jaar oud<br />

is en over de nodige vaardigheden en<br />

informatie beschikt om over de veiligheid<br />

van die werknemer te kunnen<br />

waken. Hij moet in contact blijven met<br />

de werknemer in de besloten ruimte,<br />

visueel, auditief of op een andere manier,<br />

om indien nodig snel een reddingsprocedure<br />

te kunnen opzetten.<br />

Deze persoon wordt de veiligheidswacht<br />

genoemd.<br />

De taak van de veiligheidswacht is<br />

erg belangrijk voor de bescherming<br />

van de werknemers die werken uitvoeren<br />

in de besloten ruimte. Hij<br />

heeft de volgende taken :<br />

E. ELEKTRISCHE SPANN<strong>IN</strong>G<br />

Doordat er bij werken met elektrische<br />

toestellen (een lastoestel) in<br />

een besloten ruimte een groot risico<br />

op elektrocutie is, moet de spanning<br />

die gebruikt wordt om de toestellen<br />

te laten werken, een veilige<br />

spanning zijn. Dat is een wisselspanning<br />

die geleverd wordt door<br />

een veiligheidstransformator waarvan<br />

de maximale secundaire spanning<br />

50 volt is.<br />

8<br />

(kunstmatige luchttoevoer) te zorgen.<br />

De verluchting heeft een dubbele functie:<br />

• onmiddellijk alle gassen of dampen<br />

afvoeren die vrijgekomen zijn bij het<br />

• permanent aanwezig zijn tijdens<br />

de volledige werkduur in de besloten<br />

ruimte<br />

• toezicht houden op de uitvoering<br />

van het werk in de besloten ruimte<br />

• tijdens de volledige werkduur kijken<br />

of de kunstmatige luchttoevoer<br />

in de besloten ruimte goed<br />

functioneert<br />

• bij een ongeval of een incident in<br />

de besloten ruimte moet de veiligheidswacht<br />

in de eerste<br />

plaats de (interne of externe)<br />

hulpdiensten waarschuwen<br />

De veiligheidswacht mag niet binnengaan<br />

in de besloten ruimte om<br />

werk (bv.: gassen vrijgekomen bij<br />

laswerken) en zo voor voldoende<br />

verluchting zorgen<br />

• voldoende verse lucht binnenlaten<br />

iemand te redden als niet is voldaan<br />

aan alle drie de volgende<br />

voorwaarden :<br />

• De hulpdiensten werden eerst gewaarschuwd<br />

en er is een andere<br />

veiligheidswacht aanwezig die<br />

hem er terug uit kan halen.<br />

• Hij is opgeleid om een besloten<br />

ruimte te mogen betreden en om<br />

er mensen uit te redden.<br />

• Hij beschikt over de nodige persoonlijke<br />

beschermingsmiddelen.<br />

Dit betekent dat je steeds minstens<br />

met twee moet zijn om in<br />

een besloten ruimte te werken : de<br />

werknemer en de veiligheidswacht.


<strong>WERK</strong>EN OP HOOGTE<br />

1. ALGEMEEN<br />

Werken op een hoogte brengt gevaren<br />

mee.<br />

Neem maatregelen om te vermijden:<br />

• dat je valt<br />

• dat voorwerpen vallen<br />

• dat de verwondingen bij een val te<br />

groot zijn<br />

• dat voorwerpen die toch vallen,<br />

schade toebrengen aan werkne-<br />

mers, aan installaties en aan de<br />

omgeving<br />

Respecteer bij het nemen van maatregelen<br />

de volgende volgorde:<br />

• Bestrijd gevaren aan de bron. Richt<br />

daarom de werf zó in, dat het risico<br />

op een val zo klein mogelijk is.<br />

COLLECTIEVE VALBESCHERM<strong>IN</strong>G<br />

1) Leuningen<br />

1. Een bovenste leuning op een<br />

Een balustrade of een afsluiting als<br />

collectieve valbescherming noemen<br />

hoogte van 1(*) à 1,2 m boven het<br />

werk- en wandeloppervlak.<br />

we een leuning. Die moet bestaan 2. Een tussenleuning op 40 à 50 cm<br />

uit:<br />

hoogte boven het werk- en wan-<br />

2) De opvangvloer of het veiligheidsnet met draagarmen<br />

Als het onmogelijk is de collectieve<br />

beschermingsmiddelen (CBM) tegen<br />

het vallen te plaatsen of als er een<br />

gevaar blijft om bv. over die CBM te<br />

vallen, worden vangelementen geplaatst:<br />

• ofwel een opvangvloer of gelijkwaardige<br />

collectieve vangelementen die<br />

ervoor zorgen dat een werknemer<br />

geen vrije val van meer dan drie<br />

meter kan maken<br />

• ofwel veiligheidsnetten of gelijk-<br />

3) Opmerkingen i.v.m. deze collectieve beschermingsmiddelen<br />

Leuning<br />

Verhindert dat een werknemer valt<br />

Verhindert de mogelijkheid (M)<br />

2. TRAPPEN<br />

Dit zijn de standaardafmetingen van<br />

een trap:<br />

30 à 35°<br />

Opvangvloer of veiligheidsnet<br />

Beperkt de gevolgen van de val<br />

Beperkt de gevolgen, ernst (E)<br />

26 à 32 cm aantrede<br />

• Voorzie leuningen of afschermingen<br />

bij werken op een hoogte van<br />

2 meter of meer.<br />

• Als collectieve valbescherming<br />

onmogelijk is, moet er voor persoonlijke<br />

valbescherming worden<br />

gezorgd.<br />

deloppervlak.<br />

3. Een kantlijst die minimum 15 cm<br />

hoog is.<br />

(*) Enkel bij stellingen mag de hoogte worden<br />

verlaagd tot 0,95 m.<br />

waardige collectieve vangelementen<br />

die ervoor zorgen dat een werknemer<br />

geen vrije val van meer dan zes<br />

meter kan maken. De hoogte van de<br />

vrije val wordt gemeten op het laagste<br />

punt van het vangelement<br />

14 à 20 cm optrede<br />

Hoe steiler een trap is, hoe gevaarlijker.<br />

De meeste ongevallen op een trap gebeuren<br />

bij het afdalen!<br />

9


3. LAD<strong>DE</strong>RS<br />

Als je een ladder gebruikt, leef dan<br />

altijd de volgende regels na:<br />

• Gebruik de ladder alleen voor<br />

werken of herstellingen van<br />

korte duur of om een dak, een<br />

platform enz. te bereiken.<br />

• Stel de ladder juist op.<br />

Methode: 65 à 75° = de enkel-polsregel:<br />

plaats je enkels tegen de onderste<br />

sport en strek je armen recht<br />

naar voren. Als je polsen op de<br />

sport recht voor je komen te liggen,<br />

is de ladder goed opgesteld.<br />

• Zorg voor een ladder waarvan de<br />

top 1 meter uitsteekt boven het oppervlak<br />

dat je wil bereiken.<br />

• Als er dichtbij elektrische installaties<br />

zijn, gebruik dan alleen droge<br />

houten ladders of ladders in kunststof<br />

(plastic - polyester).<br />

• Kijk of er geen sporten ontbreken,<br />

of ze schoon en in goede staat zijn.<br />

• Kijk na of de bomen niet beschadigd,<br />

gebogen of aangetast zijn en<br />

of ze samen een vlak vormen.<br />

• Kijk na of de scharnieren en de verbinding<br />

in goede staat zijn.<br />

10<br />

NEE<br />

NEE<br />

NEE<br />

NEE<br />

NEE<br />

JA<br />

JA<br />

JA<br />

JA


NEE<br />

• Zet een defecte ladder onmiddellijk<br />

opzij en breng de leidinggevende<br />

persoon op de hoogte.<br />

• Gebruik een ladder nooit horizontaal.<br />

• Neem de sport volledig vast met je<br />

hand.<br />

NEE<br />

• Klim nooit met twee op één ladder. • Klim nooit hoger dan de vierde<br />

sport boven de plaats die je wil bereiken.<br />

NEE<br />

• Verplaats alleen licht materieel of gereedschap en altijd in een tas.<br />

NEE<br />

• Gebruik ladderschoenen op een vlak oppervlak en met verstelbare voeten<br />

om het hoogteverschil tussen de bomen te compenseren.<br />

JA<br />

JA<br />

JA<br />

11


• Hou het gezicht altijd naar de ladder gekeerd.<br />

12<br />

NEE<br />

• Werk niet op een afstand van meer<br />

dan een armlengte vanaf de boom<br />

van de ladder.<br />

• Draag stevige schoenen met antislipzolen.<br />

• Maak de sporten en de antislipgroeven<br />

schoon.<br />

• Vermijd slijk, olie, vet en sneeuw.<br />

• Als de ladder meer dan 25 sporten<br />

heeft, moet ze bovenaan worden<br />

vastgemaakt.<br />

• Houten ladders mogen niet worden<br />

geschilderd.<br />

• Bij een schuifladder moet de overlapping<br />

minimum 1 meter zijn.<br />

JA<br />

NEE<br />

NEE<br />

• Zorg dat je een dubbele steun<br />

hebt: verplaats de linkerhand samen<br />

met het rechterbeen en de<br />

rechterhand samen met het linkerbeen.<br />

• Als je op een ladder werkt, zorg<br />

dan dat je een hand vrij hebt om je<br />

vast te houden.<br />

JA<br />

JA


4. STELL<strong>IN</strong>GEN<br />

Een stelling is een voorlopige constructie<br />

om gemakkelijk en met een<br />

aanvaardbaar risico werken op een<br />

hoogte uit te voeren. Vergeet de volgende<br />

voorschriften niet:<br />

• Vermijd schokken door de lasten<br />

voorzichtig neer te zetten en te verplaatsen<br />

en door ze gelijk te verdelen<br />

op de werkvloer.<br />

• Zet niet teveel materialen op de<br />

werkvloer.<br />

• Hou rekening met de volgende<br />

breedte:<br />

- 60 cm als er geen materiaal is<br />

opgeslagen<br />

- 100 cm als er materialen zijn<br />

opgeslagen<br />

• Veranker de stelling en kies een<br />

stevige ondergrond om te vermijden<br />

dat ze omvalt.<br />

• Schoor een vaste stelling zo dicht<br />

mogelijk bij zijn hoekpunten om te<br />

vermijden dat ze zich zijdelings zou<br />

verplaatsen.<br />

5. ROLSTELL<strong>IN</strong>GEN<br />

• De montage en het nazicht van de<br />

stelling voor haar ingebruikname<br />

gebeurt altijd door een bevoegd<br />

persoon.<br />

• Aan de werkvloeren die hoger dan<br />

twee meter zijn, moeten leuningen<br />

worden aangebracht.<br />

• De afstand tussen de werkvloer op<br />

de stelling en de gevel mag niet<br />

meer dan 20 cm zijn, of er moet ook<br />

aan de kant van de gevel een leuning<br />

worden aangebracht.<br />

• De toegangsladders van een stelling<br />

moeten zich aan de binnenkant<br />

van de stelling bevinden.<br />

• De werkvloeren moeten volledig<br />

dicht zijn, stevig en vrij van obstakels.<br />

De panelen of de planken van<br />

de werkvloer mogen niet op elkaar<br />

worden gelegd.<br />

• De grond waarop een stelling<br />

wordt geplaatst, moet vlak en stabiel<br />

zijn, zelfs al is de stelling verankerd.<br />

Bij een rolstelling moeten de volgende voorschriften worden nageleefd :<br />

A. TIJ<strong>DE</strong>NS HET <strong>WERK</strong> OP <strong>DE</strong> ROLSTELL<strong>IN</strong>G<br />

• Betreed de rolstelling via de binnenkant.<br />

• Blokkeer de wielen en plaats stabilisatoren.<br />

NEE<br />

• Zorg voor een zo breed mogelijke basis<br />

en eventueel voor verankeringen.<br />

• Klim nooit op een werkvloer (van<br />

een rolstelling) die driemaal hoger<br />

is dan de breedte van de kleinste<br />

steunbasis van de stelling; als dat<br />

JA<br />

niet mogelijk is, veranker de rolstelling<br />

dan.<br />

H≤3xb<br />

H<br />

• Sluit het toegangsluik van zodra je<br />

op de werkvloer staat.<br />

• Hef zware voorwerpen op met een<br />

geschikt hefmiddel.<br />

b<br />

13


B. TIJ<strong>DE</strong>NS HET VERPLAATSEN VAN <strong>DE</strong> ROLSTELL<strong>IN</strong>G<br />

• Kom van de stelling af en haal al<br />

het materiaal en het materieel eraf<br />

alvorens de stelling te verplaatsen.<br />

• Verplaats de stelling langzaam,<br />

liefst in de lengterichting (zoals op<br />

de tekening hiernaast). Zorg ervoor<br />

dat er geen obstakels op de grond<br />

liggen.<br />

• Let op voor elektrische leidingen,<br />

verlichting enz.<br />

Dit soort stelling wordt ook vaak een<br />

“metselaarsstelling” genoemd. Als je<br />

een stelling op schragen gebruikt,<br />

leef dan de volgende regels na:<br />

• Plaats het werkplatform op twee of<br />

meer schragen van hetzelfde type.<br />

• Plaats de schragen loodrecht op<br />

de muur die wordt gemetst.<br />

• Monteer het werkplatform horizontaal.<br />

• Let erop dat de steunelementen<br />

contact hebben met de grond.<br />

14<br />

NEE<br />

NEE<br />

6. STELL<strong>IN</strong>G OP SCHRAGEN<br />

JA<br />

JA<br />

• Plaats geen stellingen op stenen of<br />

op blokken.<br />

• Volg de richtlijnen van de producent<br />

op i.v.m. de maximale last en<br />

de toegestane hoogte van deze<br />

verstelbare schragen.<br />

• Plaats nooit meer dan twee rijen<br />

schragen boven elkaar (totale<br />

hoogte: maximum 3 meter) als je<br />

gewone, niet verstelbare schragen<br />

gebruikt.<br />

• Gebruik op de stelling alleen planken<br />

in goede staat.


• Zorg ervoor dat de planken goed<br />

aansluiten.<br />

• Pas de breedte van de werkvloer<br />

op de stelling aan de afmetingen<br />

van de schraag aan (afstand tussen<br />

de steunpunten); de werkvloer<br />

moet een minimumbreedte van 80<br />

cm hebben.<br />

• Er mag geen ijzel of sneeuw op de<br />

werkvloer liggen. Strooi eventueel<br />

as, zand of zaagsel.<br />

• Hou rekening met de maximale last<br />

van de werkvloer op de stelling.<br />

7. PERSOONLIJKE BESCHERM<strong>IN</strong>GSMID<strong>DE</strong>LEN<br />

A. SOORTEN PERSOONLIJKE VALBESCHERM<strong>IN</strong>G<br />

Als leuningen, een vangvloer of een<br />

veiligheidsnet onmogelijk zijn of<br />

onvoldoende bescherming bieden<br />

tegen het vallen, moet er een persoonlijke<br />

valbescherming worden<br />

gebruikt, zoals bv. bij werken op<br />

een hangstelling. Daaronder verstaat<br />

men:<br />

B. GOR<strong>DE</strong>L OF HARNAS<br />

Geef altijd de voorkeur aan een veiligheidsharnas,<br />

dat beschermt tegen<br />

de gevolgen van een val, maar dat<br />

ook de rug beschermt, in tegenstelling<br />

tot een gordel.<br />

Een veiligheidsgordel mag nog altijd<br />

worden gebruikt als de valhoogte<br />

minder is dan 1 meter, als steungor-<br />

NEE<br />

• ofwel een veiligheidsharnas:<br />

del of om je op een bepaalde plaats<br />

te kunnen positioneren.<br />

Als de valhoogte meer dan 1 meter is,<br />

moet zeker een harnas worden gebruikt<br />

met een schokbreker. Dat is<br />

een systeem - zoals in auto’s -, dat tijdens<br />

de val plastisch vervormt en zo<br />

een deel van de valenergie absorbeert.<br />

• Verdeel het opgeslagen materieel<br />

gelijkmatig over de volledige<br />

lengte.<br />

• Hou het werkoppervlak vrij van afval<br />

en puin.<br />

• ofwel een veiligheidsgordel:<br />

Het bevestigingspunt van de gordel<br />

of het harnas moet stevig zijn en los<br />

staan van alle andere bevestigingspunten.<br />

Bij werken in een bak<br />

aan een kraan, moeten werknemers<br />

daarom een veiligheidsharnas dragen<br />

dat niet vastgemaakt is aan de<br />

haak van de kraan.<br />

15


Overname toegestaan mits toelating van het N.A.V.B.<br />

Deze bundels worden in het Frans gepubliceerd onder de titel «NOTES <strong>DE</strong> SECURITE CONSTRUCTION»<br />

De raadgevingen gepubliceerd door het N.A.V.B. binden enkel het Actiecomité rekening houdend met de huidige stand van de wetgeving en de techniek,<br />

en onttrekken de lezer niet aan de verplichting om informatie in te winnen en de geldende wetgeving na te leven.<br />

• Verschijnt 4 maal per jaar.<br />

• Wordt in bijlage bij Veilig Bouwen automatisch verstuurd aan alle bouwondernemingen.<br />

• De syndicaal afgevaardigden van de bouwondernemingen krijgen rechtstreeks één exemplaar toegestuurd in bijlage bij Veilig Bouwen.<br />

• Individuele bouwvakkers kunnen een gratis exemplaar aanvragen via hun syndicale organisatie en dit zolang de voorraad strekt.<br />

• Bijkomende bestellingen = 100 F (bouwsector) en 150 F (andere sectoren).<br />

Verantwoordelijke uitgever: C. HEYRMAN, St. Jansstraat 4 — 1000 BRUSSEL - Inschrijvingsnummer bij de Koninklijke Bibliotheek (wettelijk depot) 2515

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!