Diervriendelijk produceren? Boeren willen wel, maar

dierenbescherming.nl

Diervriendelijk produceren? Boeren willen wel, maar

december 2003

8

DIER

Diervriendelijk produceren? Boeren willen wel, maar

Het wachten is op de

consument, dus op u!


Als hét alternatief voor de bio-industrie promoot de Dierenbescherming al jarenlang de

diervriendelijke, biologische veehouderij. Ook de overheid onderschrijft het belang van een

kwalitatieve, dier- en milieuvriendelijke veehouderij. De omzet van de diervriendelijke

biologische veeteelt is vorig jaar weliswaar iets gestegen, maar op het totaal heeft zij nog maar

een minimaal marktaandeel van twee procent. Dat moet tien procent worden in 2010. Die groei

moet sneller, dat vindt iedereen. Zo willen veel boeren wel omschakelen, maar is dat vaak nog

geen haalbare kaart. Wij spraken met een “omgeschakelde” boer en een “twijfelaar” over de

kansen en risico’s. Conclusie: ‘De vraag moet simpelweg toenemen.’

december 2003

9


december 2003

10

DIER

Tekst Jan Dobbe

Fotografie Bart van Overbeeke

V

oor iedereen was het een schokkende

periode: de varkenspestcrisis

van 1997. Vele miljoenen varkens

werden - al dan niet preventief -

geruimd en vernietigd. Heel Nederland

sprak er schande van. Er werden

veel tranen gelaten, vuisten gebald,

harde woorden gesproken. Vooral ook

onder de boeren zat de schrik er goed

in: velen van hen hadden hun hele

veestapel uit handen moeten geven

aan het destructiebedrijf. En het dal

waar ze in zaten, blééf een dal.

Tegenvallende prijzen, stijgende kos-

‘Het klinkt misschien gek, maar ik sta

bij De Groene Weg op de wachtlijst tot

er genoeg afzetmogelijkheden zijn. Ik

wil dus wel, maar kan nog niet. Waarom

ik wil omschakelen? Niet in de eerste

plaats uit idealisme, daar ben ik

eerlijk in!

‘De varkenspest is ook aan ons niet

voorbij gegaan. Wij werden in ’97 preventief

geruimd. Dat was echt een harde

dreun, dat begrijp je. Daarna moet je

weer helemaal van voren af aan begin-

ten en minder plezier in het werk.

Voor velen een moment om pas op de

plaats te maken en zich af te vragen

waar ze in vredesnaam mee bezig

waren: in deze tredmolen doorgaan

of stoppen? Of het misschien over een

heel andere boeg gooien?

Biologisch... of niet?

Voor een aantal bleek omschakelen

naar de biologische sector een aantrekkelijke

optie te zijn: een nieuwe

groeimarkt, overheidssubsidie (dertig

procent) en het boeren wordt weer

leuker! In het jaar 2002, na een drie

maanden durende inschrijving voor

boeren die gesubsidieerd van gangbaar

naar biologisch wilden omschakelen,

groeide het aantal biologische varkensboeren

van 37 naar 85. Dat ging even

heel hard, maar die groei stagneert nu.

De vraag blijft immers achter bij het

aanbod en dat is natuurlijk niet de

bedoeling. Het wachten is op de consument

en de consument, dat bent u!

Leest u de verhalen van twee boeren uit

Uden (N-Br.): een boer die wil omschakelen

en één die al biologisch boert.

Theo van Kessel, met 110 zeugen en 700 vleesvarkens een “middelgrote” varkensboer

in het Noord-Brabantse Uden. Theo is voorzitter van de ZLTO afdeling Uden.

nen. Dat is moeilijk. En daarna is het

toch behelpen gebleven, want de

markt trok niet echt meer aan. De

winstmarges bleven smal of we draaiden

zelfs verliesgevend. Dan kun je alleen

goed overleven door grootschaliger te

werken.

‘Dat zou wel betekenen dat ik nog verder

moest uitbreiden, nog meer produceren

voor de bulkmarkt. Ik zocht naar

een andere manier. Bovendien mag ik

op deze plek niet verder uitbreiden, dus

dat zou voor mij sowieso moeilijk worden.

In de biologische houderij zijn de

marges gewoon groter en daarmee is

het een interessante optie. Bovendien

is het gewoonweg leuker boeren. Je

bent op een veel natuurlijker manier

met de dieren en hun verzorging in de

weer. Dat kwam ook al een beetje naar

voren toen ik bij de ZLTO (Zuidelijke

Land- en Tuinbouw Organisatie, red.) de

cursus Biologische Varkenshouder volgde.

Daarbij kwamen technische zaken

zoals het gebruik van stro en strooisel

aan de orde, maar ook diergezondheid

en –welzijn, regelgeving en economische

aspecten. Ook hebben we toen

excursies naar biologische bedrijven

gemaakt, om de praktijk mee te maken.

‘Ik denk er overigens over om, vooruitlopend

op een mogelijke omschakeling,

alvast mijn dragende zeugen in groepshuisvesting

op stro te gaan houden. Er

zijn al meer gangbare varkensboeren

die dat doen.

‘Maar denk erom dat omschakelen geen

kleine stap is hoor! Je moet rekenen op

een investering van ongeveer 700.000

euro. De bestaande stallen moeten worden

omgebouwd voor groepshuisvesting

en er moeten vanwege de ruimere huisvesting

twee stallen bijgebouwd worden.

Verder moet er een stroloods komen

en heb ik zeker een halve arbeidsplek

extra nodig. Dat doe je niet zomaar.

Het wachten is dus op groen licht

van De Groene Weg...’


Hans Donkers, biologische varkenshouder met vijftig zeugen en 300 vleesvarkens,

eveneens in Uden. Hans is secretaris van de Vereniging Biologische Varkenshouderij.

‘De varkenspest van ’97 was voor mij

het omslagpunt. Die angst, dat afvoeren

en afspuiten van gezonde dieren, vrese-

Biologische veehouderij

lijk. Je moest weer opnieuw beginnen

en dan denk je wel even na. Nu had ik

in de jaren ’70 al bij een scharrelvarkenshouder

gewerkt en dat trok me erg

aan: dieren in stro, met meer daglicht,

meer ruimte en minder massaal. In

1986 had ik het bedrijf van mijn vader

overgenomen en sinds die tijd twijfelde

ik of ik de stap naar scharrel zou

maken. Na de varkenspest, in 1998, heb

ik de knoop doorgehakt. Het werd geen

scharrel, maar biologisch. Eigenlijk ook

omdat “scharrel” op Europees niveau

geen betekenis heeft. Het is daar gangbaar

of biologisch. Bovendien wil Albert

Heijn sinds enige tijd alleen nog maar

biologisch vlees. Daarom zijn vorig jaar

veel scharrelvarkenshouders op biologisch

overgestapt.

‘Als boer in de gangbare houderij leef je

voor je gevoel meer naast je dieren. Als

biologische boer voelt het meer als

leven en werken tussen je dieren. Dat

verschil, daar gaat het goeddeels om. Je

hebt meer tijd voor de dieren, biedt ze

meer ruimte om te leven naar hun aard,

je werkt kleinschaliger. Maar je moet

natuurlijk ook een boterham kunnen

verdienen, voor niets gaat de zon op.

Wat dat betreft zitten we natuurlijk nog

in de opbouwfase. We zijn aan het pionieren,

met alle ups en downs van dien.

En door vallen en opstaan leer je het

steeds beter te doen. Overigens werken

we in Nederland diervriendelijker dan

de Europese richtlijn voor biologisch

varkens houden (2000) voorschrijft.

Varkens in de biologische houderij kunnen wroeten in de modder en ravotten

in het stro. Biggen blijven zes weken bij de moeder, tweemaal zo lang

als gebruikelijk. Couperen van de staart of van horens is verboden. Koeien

en varkens eten gevarieerd biologisch voer, standaard gebruik van antibiotica

is verboden. De dieren krijgen voldoende bewegingsruimte, stallen met

frisse lucht, ruim stro om in te liggen en uitloop naar buiten. Kunstmest,

en chemische of synthetische bestrijdingsmiddelen zijn verboden.

Kijk voor meer informatie op www.platformbiologica.nl, of maak een

virtuele excursie op de biologische boerderij van Hans Donkers:

www.kikis.nl. Natuurlijk mag u onze eigen site ook niet missen:

www.dierenbescherming.nl, kijk onder “landbouwdieren”.

Alle kennis die we als jonge sector vergaard

hebben, is nu samengebracht in

het Praktijkcentrum Raalte. Goed voor

nieuwe biologische boeren om snel op

de hoogte te raken van de laatste ontwikkelingen.

‘Wij biologische boeren zijn er klaar

voor. We doen het goed, we vragen een

eerlijke prijs, de verkoopkanalen zijn er

via De Groene Weg en supermarktketens

als Albert Heijn en Plus. Er is zelfs een

hele wachtlijst van boeren die om willen

schakelen. En toch blijft de vraag

achter bij het aanbod. Daardoor groeien

we langzamer dan we willen. Het wachten

is echt op de consument, die is op

dit moment aan zet.’

EKO-keurmerk:

strenge controle

Biologische boeren en

slagerijen worden streng

op naleving van de regels

gecontroleerd door de

onafhankelijke controle-organisatie

Skal. Pas als de hele keten van boer

tot winkelartikel voldoet aan de regels,

wordt het EKO-keurmerk afgegeven.

Kijk ook op www.skal.nl.

decenber 2003

11

More magazines by this user
Similar magazines