CINEMA s. THEATER

bibliotheek.eyefilm.nl

CINEMA s. THEATER

.^^

^v^

19de Jaargang

Ko.14-15ApriM939

CINEMA s.

THEATER

■v

O 1

**


De bakende

danseres-

filmactrice

Eleanor Powell

in de Htm

„Honolulu".

Rotll« Serrano in „Schmidt und

Schmidlchon", «en film dia ond«r

r«gl« van Hans Dapp« ward« ep.

ganoman.

Wallace Beery moat patten. In da

film „Sergeant Maddan" tpaall

hlj da hoofdrol, aan nieuw uniform

il veer ham in da maak.

Alia Gerhardt

In ..Umwege

ium Glück-. Re-

giiteur It Dr.

friti Palar Buch.

Oreer Garten In „Good-Bys Mr, Chll

»

., -

^

" . •.

W ' Z' m

>^Si ' ~"


Pat O'Brien en Margaret Lindsay.

Regie: Busby Berkeley. Warner Bros-film.

John Quinn {Pat O'Brien), directeur van „De

tuin der vreugde", een bekend Californisch

cabaret, meent, dat zijn pers-agente, de be-

kwame en lieftallige Toni Blake (MargaretLindsay)

zeer gaarne met hem in het huwelijk wil treden,

maar de komst van Don Vincente (John Payne),

een betrekkelijk onbekenden bandleader, brengt een

radicale verandering in de verhouding tusschen

Quinn en Toni teweeg, een verhouding, welke van

haar kant toch al niet erg hartelijk was.

Vincente en zijn band fungeeren als plaatsver-

vangers voor Rudy Vallee en zijn Connecticut

Yankees, die wegens een auto-ongeval niet in staat

waren hun engagement na te komen.

Quinn behandelt Vincente dan ook echt als

plaatsvervanger en Iaat hem duidelijk merken, dat

hij hem en zijn vrienden slechts als artisten van

den tweeden rang beschouwt.

Al direct staan Quinn en Vincente op voet van

oorlog. Toni tracht te bemiddelen; zij voelt zich

voor de situatie verantwoordelijk, daar zij het

was, die Quinn op het idee bracht Vincente voor

,,De tuin der vreugde" te engageeren.

Op zekeren avond, wanneer de muziek van

Vincentes band door de radio wordt uitgezond

vraagt mevrouw Lornay (Isabel Jeans), .een

bezoekster, Quinn

eenige woorden door

den microfoon tot

haar man, een be- Ijr

kenden kauwgummi-koning. te mogen richten, daar

deze, op zoek naar een goeden band voor zijn radio-

programma, op „De tuin der vreugde" heeft af-

gestemd. Als Quinn dit verneemt, laat hij eerst

den microfoon en daarna de versterkers uitscha-

kelen ten einde zoodoende de uitzending van Don

Vincente in het water te laten vallen.

Toni ziet plotseling een uitweg door te specu-

leeren op Quinns zwak voor titels. Er bestaat geen

gelukkiger mensch op de wereld dan John Quinn,

wanneer hij iemand van adel of vorstelijke perso-

nen in zijn hotel mag ontvangen.

Een ex-kellner wordt door de samenzweerders

geëngageerd en tot Maharadjah van Sund gedoopt.

Toni wordt geholpen door Jimmy Fidler, den be-

kenden radio-criticus, die met Quinn overhoop ligt

wegens het verstrekken van eenige verzonnen

nieuwtjes. Toni en Fidler dresseeren den kellner-

Maharadjah. Zij lanceeren het bericht, dat de Ma-

haradjah van Sund, zoodra hem het bericht van

het eerste groote engagement van zijn ouden vriend

Don Vincente, met wien hij te Oxford studeerde,

John Payne en Margaret Lindsay

ter oore kwam, zich onmiddellijk per snelste gele-

genheid naar „De tuin der vreugde" had begeven

ten einde bij Vincentes debuut tegenwoordig te

kunnen zijn.

Quinns gedrag jegens Don verandert onmiddel-

lijk en hij kruipt letterlijk voor hem. Quinn straalt

van genoegen, is ontzettend ingenomen met dit

hooge bezoek en poseert steeds fier naast den Ma-

haradjah voor de fotografen.

Vincentes band boekt een enorm succes en wordt

door denkauwgummikoning Lornay voor zijn radio-

programma te New York geëngageerd. Quinn zit

in zak en asch, daar hij nu èn Don Vincente èn

Rudy Vallee kwijt is en tracht Vincente voor zijn

cabaret te houden. Deze weigert, waarna Quinn

zijn toevlucht tot een list neemt en voorwendt

slachtoffer van een moordaanslag te zijn. Dit ver-

wekt medelijden bij Vincente en deze teekent ten-

slotte een nieuw contract.

Wanneer hij later achter deze list komt, is hij

razend en wil op stel en sprong het contract ver-

breken en met zijn band naar elders vertrekken.

Toni weet hem echter te bepraten, zij zal

voortaan zoowel het oog op zijn pers als op zijn

""'»houding houden en zoo zien wij tegen

||de van de film de „firma" Toni Blake-

Don Vincente tot groote

vreugde van Quinn in het

elijlMfctpfttfe stappen.

ZOU DAT NU ECHT WAAR ZIJN?

Er zijn al heel wat dikke boeken geschreven over de vraag,

wat humor is en waarom en waardoor iets geestig ge-

noemd njag worden. Zulke boeken zijn natuurlijk altijd

geheel gespeend van eenigen humor, ze filosoTeeren wel over den

geest der geestigheden, maar zij zijn zélf nimmer humoristisch.

De eerste de beste humorist, die zijn vak verstaat en ons doet

lachen, bereidt ons daarmee een grooter- weldaad, dan degenen

die mijmeren en mediteeren over de oorzaken.

Natuurlijk zijn er ontelbare soorten humor. Maar de soort,

waarover we het ditmaal willen hebben, is de moeite van een

nadere beschouwing wèl waard, zonder dat wij daarbij in de fout

der filosofen willen vervallen. Ergo géén meditatie, maar onmid-

dellijk het voorbeeld.

In Amerika zijn de gevangenistoestanden geheel anders dan

bij ons. Dat weet iedereen. Maar in hoeverre? Dat weten maar

weinigen. We hebben er wel eens van gehoord, dat ze in die

gevangenissen erg veel aan sport doen, dat er voetbal- en rugby-

veldcn binnen de muren zijn, waar de zware jongens de stevigste

elf- en twaalftallen vormen. Het mag dan ook geen verwonde-

ring baren, dat de ploeg van een endere gevangenis wel eens

zal willen uitkomen tegen zulk een voortreffelijk team en het

moet dan voor de hand liggen, dat het bezoekende elftal met

gevangeniswagens wordt vervoerd. Ze hebben nu eenmaal geen

bewegingsvrijheid! Maar hoeft de geestdrift en de sportieve

vreugde daarom minder groot te zijn? Kunnen de supporters, die

zich langs het lijntje scharen, niet even goed met vlaggetjes

zwaaien en liedjes zingen en opwekkende spreekkoren vormen?

Iets anders! De gevangenisautoriteiten doen steeds hun best

de kerkers zoo practisch en efficient mogelijk in te richten, te

profiteeren van elks ervaring, van de nieuwste vondsten der

techniek en alles, wat voorts dienstig kan zijn. Hier heerscht

geen sleur, maar een frissche, moderne geest! Als er een nieuwe

directie wordt aangesteld en twee oude, ervaren boeven, die

reeds heel wat straffen hebben uitgezeten, opnieuw een lang

pensionaat zullen ingaan, is het logisch, dat het tot een uitvoerige

gedachtenwisseling komt. Het is logisch, dat deze vaste klanten

met hun breede ervaring en rijpe ondervindingen, allerlei nuttige

wenken geven aan den nieuwen directeur, dat zij practische

ideeën opperen, verstandige voorstellen doen, die tot ieders

voordeel zullen kunnen zijn

Zou dat nu echt wäär zijn? U hebt er wel eens over

gehoord, het Is daar anders dan hier. Stel, dat er eenmaal in

het jaar — laat ons zeggen met Kerstmis — feest is, dat de

gevangenen zelf er een groote voorstelling mogen geven, een

revue opvoeren, die ze zelf geschreven hebben en ingestudeerd.

Is dat zoo gek? Natuurlijk: ze mogen géén meisjes invitecren,

om naast hen op te treden, ze zullen zélf voor ,,girl" moeten

spelen, in travesti en met een blonde pruik op en in korte rokjes.

U gelooft dat niet? Maken we het U tè bont met zulke onzin-

nige verhalen? Maar we kunnen U toch een film laten zien,

een product der 20th Century-Fox, getiteld: „Kom je óók achter

de Tralies?' , waarin dit allemaal zoo geschiedt.

— Nu ja, zegt U,— op de film! Daar kunnen ze het nog wel

veel zouter eten, maar daarom is het nog niet wäär!

Neen, maar ze vertoonen het zoo. Zulk een gevangenis wordt

U voor oogen getooverd, op wäre grootte, geheel compleet, met

boeven en al, piekfijn en net echt, volkomen geloofwaardig en

daarin gebeuren nóg veel gekker dingen, dan in het boven-

staande werd uiteengezet. En nu is dit werkelijke humor, die

speculeert op onzen twijfel, onzen tweestrijd, onze aarzeling,

ons geloof en ongeloof om beurten. Het eind van het lied is

natuurlijk, dat we zeggen: 't Is nonsens!

En dan lachen we nog harder, dat is nu eenmaal een psycho-

logisch feit. De groote kunst is: waarheid en overdrijving zóó

handig te mixen, dat niemand weet, waar het ééne begint en

het andere ophoudt. Met geniale handigheid nu is dit gedaan in

deze humoristische film, waarin Preston Foster, Arthur

Treacher, Tony Martin en Phyllis Brooks de hoofdrollen ver-

vullen.

Twee garoull-

neerd» recidivis-

ten namen «en

bad.

„Jongen«, daar

lijn we weer!"

Oude, trouwe boa-

ven kaaran naar

da gevangenla

tarug.

Zoon film is per saldo méér dan de dikke boeken voor-

noemd. Zij is niet een beschouwing over den humor, zij is de

humor zélf. En dat is toch altijd nog verleidelijker!


Enkele jaren geleden was Gail Patrick een ernstig studentje,

dat met geleerde blikken over haar studie-boeken zat gebo-

gen, dat makkelijk en met succes examen deed en dat graag

meester in de rechten wilde worden.

Als zij niet naar Hollywood was gegaan, zou zij waarschijnlijk

met een leider van een of andere debating-club getrouwd zijn. Vele

mede-studenten volgden immers dezen weg: maar Gails geluk lag

ergens anders en nu, vijf jaar later, is zij een der charmantste

hguren der filmwereld.

_ Gail, wier werkelijke naam Margaret Fitzpatrick is, werd op

den 20sten Juni geboren in Birmingham (Alabama). Zij bezocht

daar de lagere school en na eenige jaren kwam zij op het

Howard College, waar zij al spoedig een goede studente was. Zij

was de aanvoerdster van verschillende College-sportvereenigingen

en blonk uit bij de tooneelvoorstellingen, die het Howard College

van tijd tot tijd gaf. In 1931 werd zij gekozen tot „Queen of

Beauty .

Toen Gail dit College met goed gevolg had doorloopen, liet zij

zich inschrijven als studente in de rechtsgeleerdheid aan de univer-

siteit van Alabama. Algemeen werd zij beschouwd als een zeer

begaafd meisje, waarop haar geboorteplaatsje later zeer zeker trotsch

zou kunnen zijn. Dit kwam uit, maar niet op de manier, die iedereen

verwacht had.

In het voorjaar van 1932, toen Gail nög studeerde in Alabama,

schreef Paramount haar zoo populair geworden „Panther Woman"-

Hervey Stephen«, Gail Patrick en Akira Tamiroif In „De

machtige".

prijsvraag uit. Vrienden haalden haar over om hieraan mee te doer

en tot haar groote verbazing werd zij een der winnaressen. Zi

had niets te verliezen en zoo vloog zij naar Hollywood op kostei

van den studio. Het paste eigenlijk niet erg voor een meisje da

rechten studeerde, maar het kwam prachtig uit, want het vie

juist in de zomervacantie. Zij kreeg niet de rol van Panthe

Woman, maar dat had zij ook niet verwacht. Wel ontdekte Marioi

Gering, die toen bij Paramount regisseerde, dat Gail vele „moge

lijkheden" bezat en hij maakte een tweede proefopname van haar

En wat voor een proefopname! Gail moest drie bladzijden dialooc

spelen uit het tooneelstuk „Holiday". Wijlen Gordon Westcot

bood aan om haar tegenspeler te zijn en Gail speelde deze heel<

scène als een liefdesscène.

Een jaar later las zij het heele stuk nog eens door en kwam toer

tot de ontdekking, dat de rol die Westcott in de „proef" hac

gespeeld in 't geheel niet die van een minnaar was, doch slechts

de rol van haar broer!

Hierbij kwam nog, dat de proef verschillende andere fouten ver-,

toonde. Gail bemerkte dat zij geen succes zou krijgen, ook al dooi

haar Zuidelijk accent. Niettegenstaande haar charme en schoonheid

gaf Hollywood, dat er soms typische ideeën op na houdt, haat

vooreerst nog geen kans.

Maar Paramount had een groote som geld uitgegeven voor de

Panther Woman-prijsvraag en Gail Patrick had toch in ieder ge

val een zekere'waarde voor de publiciteit.

Paramount bood haar een contract aan voor zes maanden met

een klein weeksalaris. Maar de verstandige Miss Patrick vond

nog steeds, dat meester in de rechten in ieder geval beter zou

zijn. „Ik bezit 125 dollar," zei ze, „het

spijt me wel, maar als die op zijn ga

ik terug naar Alabama."

Toen echter Universal belang in haa.

begon te stellen, werd Paramount ook

meer geïnteresseerd en bood aan haar

salaris te verhoogen tot 75 dollar per

week. „Ik had nog nooit eerder van

75 dollar per week gehoord," verklaart

Gail, „maar ik vond het rijkelijk veel

voor iemand uit zoo'n klein stadje."

Paramount gaf haar dus een contract

voor een half jaar met twintig weker

salaris. Door haar rechten-studie was

Gail Patrick handig genoeg om dit soort

bepalingen en contracten te doorzien.

Een contract voor een half jaar omvat

zes-en-twintig weken en zij was niet van

plan om zes weken voor niets te werken.

Toen de studio het contract op haar

verzoek veranderde bleef er niets anders

over dan het te onderteekenen. Op deze

manier we/d de toekomstige meester in

de rechten filmspeelster.

Gail Patrick is een van de weinigen,

die nadat zij een schoonheidswedstrijd

gewonnen hebben, ook wetkelijk succes oogsten in Hollywood.

Zij onderwierp zich aan het feit, dat een beginnende actrice

nooit moet vertrouwen op haar eigen oordeel. Zij had graag

critiek en kreeg die dan ook rijkelijk. Zij vond het heelemaal

niet erg, als de menschen aanmerkingen maakten op haar klee-

ding, of op haar zenuwachtige handbewegingen of haar aan-

raadden de schouders bij het loopen meer naar achteren te

trekken. Haar vrienden en kennisen die wisten, dat zij een

goeden raad niet in den wind sloeg, hielpen haar verder met

allerlei kleinigheden.

Een van de prettigste eigenschappen, die miss Patrick bezit,

is, dat zij ondanks haar „star-dom" en de groote salarissen,

die zij verdient, nog steeds hetzelfde eenvoudige meisje is ge-

bleven voor de vrienden, die haar vroeger geholpen hebben.

Deze vrienden veranderden het bedeesde, eenigszins schuwe

studentje ip een statige schoonheid van oneindige gratie.

Gail bezocht zes maanden lang de Paramount Dramatic School,

voordat' zij in een film optrad. Daar verbeterden zij haar Zuide-

lijk accent, knipten heur lange haren af en borstelden het don-

kere haar achterover, zoodat het breede en intelligente voor-

hoofd, dat Gail altijd onder haar lokken verborgen hield, zicht-

baar werd. Zij maakten haar wenkbrauwen gelijk en leerden

haar, hoe zij met de lip-stick haar mond een beetje

voller kon doen schijnen. Ook perfectionneerden

zij haar loop en gaven haar een dusdanig dieet,

dat zij twaalf pond zwaarder werd. De studio be-

steedde liefst 450 dollar aan de verfraaiing van

haar gebit.

Gail heeft reeds haar deel gehad van de verplich- Ét

tingen, die een ster nu eenmaal altijd schijnt te

hebben. Verschillende keeren werd

zij uitgenoodigd bij officieele ge-

beurtenissen, ook was zij eeregast

op het jaarlijksche katoenfeest.

Met onuitputtelijk geduld stond

zij toe dat de pers haar, in de.

Dierenbeschermingsweek, fotogram

feerde met allerlei soorten dieren

Zij is altijd vriendelijk en gewil-

lig gebleven en het laatste jaar is

zij zóó gezien, dat Paramount

nauwelijks aan de groote aan-

vraag om foto's van Gail Patrick

kon voldoen. Trouwens, nog

steeds ontvangen de studio's brte*

ven van film,,fans" uit alle deelen

der wereld met verzoeken om

foto's van deze beschaafde, don^

kere actrice. Voordat zij haar eer-

ste filmrol gespeeld had, was am

door de publiciteit reeds zóó be-

kend, dat Paramount haar ook

meer vrijheid kon geven dan

eenige andere gecontracteerde

ster.

Zoo weigert Gail dan ook

standvastig om te poseeren voor

foto's, waarbij haar beenen goed

te zien zijn. „Ik ben te mager,"

verkondigt zij, „en mijn beenen

zijn veel te lang." Meestal be-

kommert de fotograaf zich niet om dergelijke protesten, maar

omdat miss Patrick op andere punten een zoo gewillig object

is voor de ondernemende studio-fotografen, wordt deze wensch

ingewilligd.

Toen zij in de film „Artists and models" optrad, moest zij in

een scène een badpak dragen, maar op Gails dringend verzoek

werd het geheel zoo veranderd, dat zij een lange ruim vallende

cape over het badpakje kon aantrekken.

Haar nieuwste film is „De Machtige", waarin zij een waardige

tegenspeelster blijkt te zijn van den acteur Akim Tamiroff en de

Oostersche schoone Anna May Wong.

Zij trouwde op 17 December 1936 met Bob Cobb, den eige-

naar van de in Amerika zoo bekende Brown Derby Restaurants.

Hun trouwdag viel op een Donderdag en daarom krijgt mevrouw

Cobb nog lederen Donderdag een groote bouquet bloemen van

haar echtgenoot, dikwijls zelfs met een cadeau er bij!

De charmante Gail.

k~

:\


y»k

Ä ^ \\hS>

^■^^ M^ ■-:■ ■"

'^meBr ■

0

4Êi

ac


H


NIEUWS UIT DE STUDIO'S

Fritz Kirchoff regisseert de Euphono-fllm „Anja".

Gustaf Gruendgens ensceneert de film „Don

Juan", naar de bekende opera van Mozart. De

muzikale leiding berust bij Herbert von Karajan.

„Frau am Steuer", de film die binnenkort In ons

land vertoond zal worden, Is de dertiende film,

waarin Lilian Harvey en Willy Fritsch samenspelen.

Peter Freachen schrijft het scenario voor de

Columbia-film „Nobel".

Edith Fellows werd voor de film „Five little

peppers" geëngageerd, *

C. C. Coleman Jr. engageerde Rochelle Hud-

son en Richard Arien voor zijn film „Missing

daughters".

Hans Schweikart heeft Charles Willy Kayser

aangezocht voor een belangrijke rol In de film

„Fasching".

Marlene Dietrich zal waarschijnlijk de hoofdrol

vertolken in een nieuwe Warner Bros-film. De

titel van deze rolprent staat nog niet vast.

E. W. Emo zal te Weenen de film „Unsterblicher

Walzer" ensceneeren. De belangrijkste rollen zijn

in handen van Paul Hörbiger, Hans Hoil, Maria

Andergast, Gretl Thelmér en de Wiener Phil-

harmoniker.

Lilian Harvey an Vittorio da Slca in da Ufa-film „Lnohtkaitaelen".

Joan Blondall werd door de Columbia-film ge-

ëngageerd om de hoofdrol te vervullen in „Good

girls go to Paris". Haar tegenspeler Is Melvyn

Douglas.

Charles Vidor ensceneert' de film „Blind Alley",

waarin de belangrijkste rollen worden toever-

trouwd aan Ralph Bellamy, Joan Perry en Chester

Morris.

John Howard werd door de Paramount geënga-

geerd om de hoofdrol te vertolken in „Grand jury

secrets".

Ilse Patri Is voor een belangrijke rol aangezocht

in de Terra-film „Der Millionenschuster".

Kay Francis en Carola Lombard zullen de be-

langrijkste rollen uitbeelden in de RKO-Radio-film

„Memory of love". Deze film wordt geregisseerd

door John Cromwell onder productieleiding van

George Height. Dudley Nichols en Hagar Wilde

hebben het scenario geschreven naar een roman

van Bessie Breuer,

George Sandars, de RKO-Radio-fllmacteur voor

de titelrol In de ,,Saint"-(ilmserie, gebaseerd op

de populaire detective-romans van Leslie Charte-

ris, is in Engeland aangekomen met de „Queen

Mary" voor de opnamen van „The Saint In

London".

Gustav Ucicky zet te Weenen de film „Reiter-

attacke" In scène.

Bernd Hofmann ensceneert de Bavarla-film „Der

24. Dezember". De hoofdrollen zijn in handen

van Paul Hartmann, Leny Marenbach, Käthe

Dorsch en Hans Söhnker.

Fite Bankhoff, Irene von Meyendorff en Cordy

Milowifsch speien de belangrijkste rollen in

„Schneider Wibbel". Viktor de Kowa voert de

regie.

ONZE WEKELIJKSCHE

PRIJSVRAAG

Vraag vijfhonderd twee en dertig

Wie is Hubert Cornelisz. Poot.

Wij stellen een hoofdprijs van / 2.50 en

vijf troostprijzen beschikbaar om te verdeelen

onder hen, .die vóór 1 Mei (abonné's uit over-

zeesche gewesten vóór 1 Juni) goede oplos-

singen zenden aan ons redactie-adres: Noord-

einde 8, Leiden. Op de enveloppe of briefkaart

gelieve men duidelijk te vermelden: Vraag 532.

DE OPLOSSING

Vraag vijfhonderd acht en twintig

Dirk Knickerbocker is de pseudoniem

waaronder W. Irving zijn „History of New

York" uitgaf. Vandaar een bijnaam voor de

van de oude Holl. kolonisten afstammende be-

volking te New York.

De hoofdprijs werd ditmaal verworven door

den heer C. Buising te Delft, terwijl de troost-

prijzen ten deel vielen aan Mej. F. Martens te

's-Hertogenbosch, den heer R. G. H. Engelbert

van Bevervoorde te Rotterdam, den heer H. M.

v. d. Berg te Bussum, den heer P. Diemer te

Amsterdam, den heer A- Bos te Zeist.

JlHiL,

M.:,- -■

;Ä***

^aÄ^Ä-^rr—. •■^-^^ifiSÄ

sV.-^se:'-

J^f ~~'^ ^fc .

V:i-:- ^

"^^^t*,;;. ^*.>* J> _^se

^ 3 '~-- *^"'

■ 'T «i Ji ' r «4^ ■ ', ""' ''


VAN LEZER TOT LEZER

Op deze pagina kunnen onze abonné's, onder de ..Ruilrubri ik", gratis een advertentje

plaatsen, waarin zij iets aanbieden in ruil voor iets anders. Deze plaatsing

is geheel gratis, maximaal 10 regels per advertentie. Adve rtenties, waarin voorwerpen

te koop worden aangeboden of gevraagd, woni ngen te huur worden

gevraagd of te huur aangeboden, diensten worden aangebod en, enzoovoort, enzoovoort,

worden onder de rubrieken ..Te koop aangeboden*', ,Te koop gevraagd" en

„Diversen" geplaatst en berekend tegen 5 cts. per rege , minimum vijf regels.

TE KOOP

AANGEBODEN

Accordeon met piano-

klavier, bill. Ie koop.

Wed. Burger, Montel-

haanstr. 3 lis.. A'dain

(C).

Te koop een avondjapon

met cape. m. 40 en schoe-

nen m. 39. Voor ƒ5.—.

Vogel. v. Hogerdorpstr.

145-111. A'dam (W.).

Te koop eiken wasch-

tafel met marmer blad

en spiegel ƒ4. —. Wan-

delwagentje opvouwb,

ƒ 'i.SO.—. Dinamische

luidspr. Nora jX. —.

H. v. Seist, Nova /cm-

bla.-tr. 50-1. A'dam (C),

Te koop z. g. a. n. accor-

deon.Stradivarins piano-

klavier. Wijnberg, Pos-

jesweg tiO-ll. A'dam.

Te koop : kastje, wascii-

tafeltje met spiegel,

nachtkastje en stoel alles

wit geschilderd, spotpr.

I land weef divankl. ƒ1,—.

I pr. beige damessch.

m.35/l.—. nw. Kinder-

sch. van I tot 3 j. i jrg.

..Het Rijk der Vrouw",

ƒ0.50. 1937. 1 jrg. ..Li-

belle" 193« ƒ!.— en

een bijna compl. jrg.

..Libelle" 1937 ƒ0.75.

4 jrg. ..liiicum" van

1935 tot en niet 1938,

ƒ 0.75 p. jaarg. Davis-

str, S hs, A'dam (W.).

Te koop Hangeboden ;

compl. Artis alb. met

pi. ƒ3.—. J. van Es,

Adriaan Vlackstr. 10,

Oonda.

RUILRUBRIEK

Te ruilen : 122 Verk. b.

en 12 heele Radion v.

goede buitenl. en kin-

derpoStz.. 's Avonds na

6 uur. Soestdijksche

kade 1000, Oen Haag.

Wie wil een kampeer-

tent ruilen tegen een

alb. m. alle soorten

postz. J. Wentink.

Hoogravenscheweg 106,

Utrecht.

Wie heeft een naaimach.

in ruil v. mijn schaak-

klokV O. v. d. Beid.

St. Willibrordusstr. 81-11.

A'dam (Z.).

Ruilen : Orgel met spie-

gel opzet. 13 reg, en

Fr. piano te zamen. v.

een g. Duitsctie piano.

Radio-toestel met

kracht, luidspr. (Philips)

voor lichte motor. 11

goede viool voor gui-

taar, mandola en man-

doline voor guitaar of

luit. Fred. Hendrik

Plantsoen 15. A'dam.

Wie ruilt mijn prisma-

kijker (8 ■ ) voor came-

ra, minstens I : 3.5.

Mouwes, Vrolikstr. 231,

A'dam (O.).

TE KOOP

GEVRAAGD

Te koop gevr. : 1 leeren

damesjas m. 48. Kamp-

meijer. l.indengracht

209-111, A'dam.

Te koop gevr. : compl,

series Don zegels van

Suriname tegen ƒ12.50

per serie. Bij bestelling

niet betalen in ongebr.

postz. H.de Bie. Kraijen-

hofflaan 102, Nijmegen.

Gratis kunt u gangbare

bonnen die u niet spaart

ruilen voor wat u wèl

spaart en tekort komt.

Bij zending postzegel

insluiten voor terugstu-

ren. Wed. S. v. Zanten,

Daniel Willinkplein 41,

A'dam.

Wie ruilt een step op

luchtbanden voor pop-

penwagen. Jacob Pronk-

str. 218. Scheveningen.

Ik heb platen v. 2 compl.

albums van . Holland

zooals wij het zagen",

te ruilen voor pit, van

Verkade ,,Dieren leven

in Artis". Davisstr. 8lis..

A'dam (W.).

Wie ruilt een radiotoe-

stel en electra-onderdee-

len ; een heerenfiets,

sportmodel. een werk-

bank met rek. voor iets

anders. Hartman.

Spaarndamnierstr.ii9-I I,

A'dam (C),

ABONNE'S OP DIT BLAD.

welke in onze registers zijn ingeschreven en in het be-

zit zijn van een door onze administratie afgegeven

polis, zijn gratis verzekerd volgens polisvoorwaarden:

f2000.- bij levenslange invaliditeit; f600.- bij over-

lijden; f 400.- bij verlies van een hand, voet of oog;

f 75. - bij verlies van duim of wijsvinger; f 30.- bij

verlies van een anderen vinger, een en ander ten ge-

volge van een ongeval.

Is het ongeval een gevolg van een aan een personen-

trein, tram of autobus enz. overkomen ongeval, waarin

verzekerde als gewoon betalend passagier reist, dan

wordt de uitkeering bij levenslange invaliditeit gesteld

op f3000.- en de uitkeering bij overlijden op f 1000.-

De uitkeering dezer bedragen geschiedt door de

NIEUWE HAVBANK N.V. te Schiedam.

Denk er om bij een eventueel ongeval binnen 3 x 24 uur

aan het kantoor der N.V. Nieuwe Havbank te Schie-

darrj daarvan kennis te geven, ook al meent U, dat de

directe gevolgen niet ernstig kunnen zijn.

Anders vervalt het recht op uitbetaling.

— 2 -

„Er is één goed ding aan Bill — hij kost me maar heel weinig aan

eten en drinken."

„Goedendag, en dark u wel! Ik geloof dal ik veel plezier zal hebben

van den bril, dien u mo hobt vcorgeschrevpn."

1.1

Ontvluchte, maar weer gearresteerde gevangene: „Liefste,

misschien was het toch beter geweest als je mijn gevangeniskleeren

niét buiten te drogen had gehangen."

»:.

Q£ P0PUL-Pl££

MICKE/

ROONEX

Liet zal moeilijk vallen op het oogenblik

• ' aan het film-firmament een sterretje te

ontdekken, dat meer populair is dan

Mickey Rooney.

Verwondering behoeft dit niet te wekken,

want Mickey is zoo'n markant karakter-

speler, en hij heeft zoon veelzijdig talent,

dat hij lederen bioscoopbezoeker — on

-bezoekster natuurlijk niet minder — onder

de bekoring van zijn spel brengt.

Mickey is reeds opgetreden in de films

„Kerels geven geen kamp", „Stormduivels",

„Chained" en „Jongensstad". Deze laatste

film wordt op het oogenblik in ons land

vertoond en oogst een buitengewoon

succes, hetgeen zeker niet voor een ge-

ring deel te danken is aan het aangrijpen-

de en levensware spel van Mickey.

■^M^f-

i

Mickey als hij niet filmt.

Mickey als het boefje in „Jongensstad".

iFoto'i M.G.M.)


HET .

NIEUWSTE

VERKEERD

VLIEGTUIG

De „Stratoliner", een

vliegtuig voor verkeer op

groote hoogte.

Noodlottig ongeval bij

de proefvluchten met het

eerste exemplaar van

dit type.

Een hermetische cabine,

waarin de lucht wordt

samengeperst, verschaft

den inzittenden een draag-

lijk „klimaat".

Reizen met een snel-

heid van ongeveer 400 km.

per uur op 6000 m. hoogte.

De „Stratoliner" van Boeing snelt op groote hoogte over de aarde voort.

Ook met twee motoren aan één zijde van den vleugel in rust, kan dit

moderne vliegtuig nog tot 3000 meter stijgen, hetgeen belangrijk tot de

veiligheid bijdraagt.


Het vliegongeval in de Vereenigde Staten, waardoor de Nederlandsche

luchtvaart van twee harer beste technici werd berooid, plaatste een nieuw

type verkeersvliegtuig plotseling in 't middelpunt van de belangstelling. Het

begrip „Stratoliner" werd opeens gemeengoed, hoewel deze naam eigenlijk

niet juist is voor het nieuwe product van de wereldbekende Boeing-fabrieken

in Seattle.

„Stratoliner" beteekent eigenlijk lijnvliegtuig voor de stratosfeer. Dat is

echter eenigszins overdreven. Immers deze machine was voor passagiersvervoer

op een hoogte van 5000 tot 6000 meter bestemd, hetgeen nog aanzienlijk lager

is dan een 13000 meter, op welke hoogte ongeveer de stratosfeer zich be-

vindt. Debet aan de overdreven benaming kunnen we zoowel den Amerikaan

sehen sensatielust stellen als het feit, dat men de luchtlagen tusschen 5000 en

ongeveer 10.000 meter dikwijls met den naam sub-stratosfeer aanduidt.

In ieder geval was de „Stratoliner" de verwezenlijking van het streven naar

vliegen op groote hoogte, zij het ook een éérste schrede in die richting. Van

dat vliegen op groote hoogte heeft men zich in het algemeen veel voorge-

steld, en ofschoon het voorbarig zou zijn te beweren, dat de groote afstanden

binnen enkele jaren door de stratosfeer zullen worden afgelegd, kan men tóch

zeker rekening houden met een luchtverkeer op 5000 lot 6000 meter hoogte

in de komende jaren. Althans voor de lange trajecten. Voor de binnenlandschc

luchtlijnen en de korte continentale trajecten zou een stijgen tot een derge-

lijke hoogte in geen geval economisch kunnen zijn.

Hoe kunnen we overigens dat streven naar een grootere vlieghoogte ver-

klaren? Practische onderzoekingen in verschillende landen hebben aangetoond,

dat stijgen naar groote hoogten gepaard gaat met

Reeds in de fabriek on-

derwerpt men de cabine

aan zware proeven om te

zien of het omhulsel aan

groote drukverschillen

weerstand kan bieden. De

man in overall regelt den

toevoer der lucht, die in

de ruime cabine wordt

samengeperst. Links staat

iemand,die aan de hand van

speciale manometers de

hoeveelheid binnenstroo-

mende lucht en den druk

in de cabine controleert.

een toenemen der vliegsnelheid bij eenzelfde

verbruik van brandstof. Bovendien wordt de lucht

er steeds helderder en rustiger. Plaatselijke on-

weersbuien met de dikwijls onaangename verras-

singen daaraan verbonden, komen nagenoeg niet

voor. Het vliegtuig ondervindt geen last meer

van remousstooten, die den passagiers dikwijls

zoo'n wee gevoel in de maagstreek bezorgen, In

bergachtige streken kan men linea recta over de

hoogste bergtoppen vliegen zonder eenig ge-

vaar voor botsingen. Resumeerende zien we dus

een verwezenlijking van voordeelen, die van be-

lang zijn zoowel voor veiligheid, de snelheid en

het comfort, ais voor het economisch rendement.

En dat zijn factoren, die beslissen over hei succes

van een luchtvaartmaatschappij.

Vanzelfsprekend is de practijk minder eenvoudig dan de theorie van het

hoogvliegen. De techniek is een weerbarstig object, dat zich tegen iedere

verovering teweer stelt. Het zou ons hier technisch te ver voeren nader in

te gaan op de enorme moeilijkheden, waarbij men met het verwezenlijken

van vliegen op groote hoogten te kampen krijgt.

Een enkel markant onderdeel daarvan willen we echter nader bekijken,

omdat het ook zijn stempel drukt op het uiterlijk van de „Stratoliner". Daa r

bij het stijgen in hei luchtruim de lucht steeds ijler wordt, moet men op

een bepaalde hoogte voor aanvoering van zuurstof zorgen, daar anders bij

de reizigers bezwarende physieke verschijnselen optreden. Individueele

zuurstofvoorziening door middel van slangen, waaruit men zuurstofrijke lucht

kan inademen, is weinig comfortabel en ook niet afdoende voor een hoogte

van 6000 meier. Bij de „Stratoliner" van Boeing nam men derhalve zijn toe-

vlucht tot de zoogenaamde drukvaste cabine, waarin de buitenlucht door

middel van aanjagers kon worden samengeperst en bovendien verwarmd,

zoodat er voor de inzittenden een draaglijk klimaat ontstaat, dat on-

geveer overeenkomt mei de atmosfeer zooals die op 3000 meter heerscht.

Het is derhalve zaak bij den bouw van de cabines nauwkeurig na ie

gaan of hei omhulsel, dat uit kleine vastgeklonken duraluminium platen be

Snelle start van het

nieuwe Boeing-

vliegtuig! Uitgerust

met vier buiten-

gewoon krachtige

Cyclone-motoren

van 1100P.K. wordt

dit verkeers-vlieg-

tuig in 1 minuut tot

305 meter hoogte

getrokken, bij een

totaal gewicht van

20390 K.G.

Om te zien of de cabine volkomen luchtdicht is worden de naden,

vóórdat de lucht wordt samengeperst, met zeep opstreken, zoodat

men de plaatsen waar nog lucht mocht ontsnappen onmiddellijk kan

opsporen.


staat, volkomen luchtdicht is. Hiertoe bestrijkt men de naden mei zeep,

waarna de lucht in de cabine wordt samengeperst. Dit is wel is waar het

omgekeerde van den toestand, die optreedt bij hei hooger siijigen van hei

vliegtuig — immers dan neemt de druk van de buitenlucht toe — maar

voor 'n controle van de luchtdichtheid der cabine komt dit op heizelfde neer.

Bij de zevenentwintig proefvluchten, die met hei eerste exemplaar van

de „Stratoliner" vóór het ongeval konden worden gemaakt, werd de

maximumsnelheid op normale vlieghoogte, die theoretisch op 390 kilomeier

per uur was vastgesteld, nog overtroffen.

Van de „Straioliners", die in een serie van voorloopig acht stuks gebouwd

worden, bevinden zich momenteel reeds drie nagenoeg in staat van voltooiing.

Vanzelfsprekend gaat men de oorzaak der ramp met hei eerste exemplaar

nauwkeurig na, alvorens met de proefvluchten van de volgende zal, worden

begonnen. Dat, zooals van sommige zijden beweerd werd, de bouw van

deze toestellen zou worden gestaakt, is onjuist. Nog nimmer heeft een

luchtramp hei ontwikkelingsproces van de luchtvaart verhinderd!

Ook thans bij de eerste belangrijke schrede naar grootere vlieghoogte

zal men doorzetten tot eiken prijs!


Z.M. Koning Zog I van Albanië, die verklaarde de onafhanke-

lijkheid van zijn land tot het uiterste te zullen verdedigen.

ZWITSERLAUD

5 AH DP IE

TALIE

VEflETIE

flCT(€ T€6€iï

• •

ALg^Mie

Kaartje van Albanië en omliggende landen.

DUITSCH LA no

Ancor

flllll £11 A/ltSCUl

TUEST

'ROME

HAPELS

SICiLI

HOnGARI

V R o E n E n i £

A f

BOEKAREST «

IELGRA»0

^7

JOEGOSLAV 1 Ë

UA (ITAI)

S. BOELGARIJ E 1

imrtpnr

TAUE NI

lil

SKOETAir

DURAZZO L«'

Tl RA HA

ALBAJttlE

5AS£noS\G(U£KE «-

('"9 LAHO

ö ATHfUE,

^ «SOF IA *>

00

lOllSCHf

Zll

In verband met de drastische militaire maatregelen, door Italië tegen Al-

banië ondernomen, omdat de tusschen deze beide landen gevoerde onder-

handelingen niet het door Italië gewenschte verloop hadden, brengen wij

hier op deze pagina's een reeks interessante foto's van Albanië, die thans

zeker de belangstelling van onze lezers zullen hebben!

Het koninkrijk Albanië vTbrdt gevormd door een smalle landstrook van

ongeveer 350 K.M. lengte, en hoogstens 50 K.M. breedte langs de West-

kust van het Balkanschiereiland aan de Adriatische en Ionische Zee.

De bevolking bestaat uit ruim één millloen zielen. Tachtig percent van

hen zijn Albaneezen, de rest Serven, Zinzaren, Turken en Grieken.

De stam der Albaniërs wordt reeds vroeg in de geschiedenis genoemd,

doch het is niet voor de elide eeuw dat de naam Albanië voor het land

zélf in gebruik kwam. In de Middeleeuwen stond het onder vreemde heer-

schappij, terwijl het in 1479 werd onderworpen aan het Ottomaansche

keizerrijk, waartoe het tot 1912 bleef behooren. Gedurende dezen tijd gol-

den de Albaneezen steeds voor de trouwste bewakers der sultans, tot wier

lijfwacht zij gewoonlijk behoorden, terwijl zij tevens belangrijke functies be-

kleedden in de Turksche ambtenarenwereld.

Tijdens den Balkanoorlog van 1912-1913 werd Albanië bezet door de

Serven, Grieken en Montenegrijnen. Oostenrijk en Italië, die een verder

doordringen van de Serven naar de Adriatische Zee niet gedoogen wilden,

wisten te bewerken, dat Albanië tegen het einde van 1912 onafhankelijk

werd verklaard. Tot vorst werd prins Wilhelm von Wied benoemd, die echter

even na het uitbreken van den wereldoorlog in 1914 het land verliet. Het

Noorden van Albanië werd nu door de Oostenrijkers bezet, het Zuiden,

benevens Valona, door Italië. In 1921 werd Albanië evenwel andermaal

onafhankelijk verklaard, doch Italië zoowel als Joego-Slavië probeerden er

steeds hun invloed uit te breiden. Hieraan kwam in 1924 echter een einde,

loen Ahmed Zogoe als dictator optrad. In September 1928 aanvaardde

deze als koning Zog I de regeering.

De invloed, dien Italië op hem uitoefende, is steeds zeer groot geweest.

Als middelen van bestaan der Albaneesche bevolking moeten in de eerste

plaats de veeteelt en de landbouw worden genoemd De laatste levert maïs,

wijn, olijven en tabak, maar is nog niet voldoende om de behoeften van

de bevolking te dekken. Men vindt er ook eenige delfstoffen, onder anderen

petroleum en asphalt.

Het verkeer is in Albanië nog niet bijster ontwikkeld; goede wegen zijn

er zeldzaam. Tusschen Tirana, de hoofdstad, en Durazzo, de voornaamste

uitvoerhaven van Albanië, loopt een spoorweg.

De bestuursvorm van Albanië zou men een parlementaire monarchie

mogen noemen. Het parlement bestaat uit twee kamers.

MUAhBOE

0

?/'o.

* 0 Ü

y

fff

W' Ui

De Albaneesche jeugd ontvangt reeds vroeg

een militaire voor-opleiding ledere school-

jongen dient tot een dergelijke semi-mili-

taire organisatie te behooren.

Bruggen zijn nog zeer zeldzaam in Albanië, althans builen de steden. Ziethier hoe de bewoners, die zeer gastvrij zijn, een vreemdeling

over een rivier brengen.

Bij het begin van een duizelingwekkenden tocht door

het Albaneesche berglandschap. Goedmoedig als zij

zijn, nemen de Albaneezen met iedere plaats op het

voertuig genoegen.

Een boulevard in Tirana. Gesluierde vrouwen ziet men

thans zelden of nooit meer in Albanië, want sinds

Maart 1937 is de Mohammedaansche sluier officieel

verboden.

Blik in een der talrijke moskeeën van de hoofdstad.


schipbreuk in

Torres Strait

.OP LEVEN EN DOOD

ETN REEKS SPANNENDE A V O N ^

TURE:N, NAAR WAARHEID VERTEUI

In Torres Strait, ongevee.- honderdvijftig mijl ten

Noordoosten van Cape York, de Noordelijkste

punt van Queensland (Australië), ligt een groep

van eenige eilanden, die bekend zijn als de

Murray-eilanden. De drie belangrijkste er van

heeten: Mer-, Dauar- en Waler-eiland. Ze bestaan

alle drie uit den krater van een uitgedoofden vul-

kaan, en Mer is het grootste met rijn lengte van

twee, en zijn breedte van één mijl. Bovendien is

het het eenige, dat thans nog door inheemschen

wordt bewoond.

De Murray-eilanden werden in 1791 ontdekt

door kapitein Edwards van het Engelsche oorlogs-

schip Pandora, toen hij van Tahiti terugkeerde met

eenige muiters aan boord van het bekende, even-

eens Engelsche, oorlogsschip Bounty

Ofschoon het zeer zelden door blanken werd

bezocht, heeft men het eiland Mer toch beschre-

ven als een der mooiste tropische eilanden, die er

op onze aarde te vinden zijn. Het klimaat doet er

altijd denken aan een heerlijke lente.

Omtrent den oorsprong der inheemsche bewo-

ners is niets met stelligheid bekend. In sommige

opzichten lijken zij op Papoea's en Melanesiërs,

want zij hebben een donkerbruine huid, dik, wollig

zwart haar, en een krachtigen, stevigen lichaams-

bouw. Men neemt algemeen aan, dat de eilanden

bezocht werden door Papoea's en Melanesiërs, die

vervolgens bij de oorspronkelijke inheemsche be-

volking zijn ingehuwd. Fraai bewerkte steenen

visch-vallen, die reeds eeuwen oud zijn, en andere

steenen antieke overblijfselen, bewijzen dat de

eilanden al geruimen tijd voordat de eerste blan-

ken in deze streken kwamen, bewoond waren.

Toen kapitein Edwards de groep nu reeds meer

dan honderdveertig jaar geleden ontdekte, waren

de bewoners woeste, koppehsnellende kannibalen,

en tot betrekkelijk korten tijd geleden zijn zij dit

ook gebleven. Er zijn hier in de buurt talrijke

schepen vergaan, en degenen die zoo'n verschrik-

kelijke zeeramp overleefden, hebben bijna allen

een afschuwelijk lot ondergaan, want de manne-

lijke bewoners der Murray-eilanden vonden het

hoofd van een blanke het kostbaarste bezit dat

zij zich konden wenschen!

Inderdaad zijn er maar heel weinig personen,

die in deze omgeving schipbreuk hebben geleden,

en die niét op een vreeselijke wijze vermoord zijn.

De twee die een uitzondering maken, waren twee

jongens, en het verhaal van hun adoptatie door de

koppensnellers vormt een der meest opmerkelijke

geschiedenissen uit de historie der Torres Straitl

De beide jongens bevonden zich aan boord van

de bark Charles Eaton, die op weg was van Syd-

ney naar Soerabaja. Bij den ingang van de Torres

Strait liep het schip op een koraalrif, en begon di-

rect te zinken. Er bevonden zich negenentwintig

personen aan boord, onder wie verscheidene pas-

sagiers waren

Het schip was slechts uitgerust met twee red-

dingbooten, en een er van werd versplinterd ter-

wijl men haar uitzette. Van de andere wisten de

derde stuurman en vier matrozen zich meester

te maken, die lafhartig wegroeiden, hun vieren-

twintig metgezellen aan hun lot overlatend. Dezen

slaagden er echter in, twee vlotten te maken,

waarmee zij het schip konden verlaten, voordat dit

geheel en al onder water verdween.

Reeds gedurende den eersten nacht dreven de

beide vlotten ieder 'n andere richting uit; den vol-

genden ochtend werd 't vlot, waarop zich de kapi-

tein, en acht passagiers bevonden, achtervolgd en

ingehaald door wilden in kano's, die de blanken

naar Darnley Island brachten, een paar mijl ten

Noorden van Mer. Hier werden zij allemaal ver-

moord met uitzondering van twee kleine jongens,

George en William D'Oyley, zoontjes van een

passagier.

De beide knapen werden vervolgens, tezamen

met de gesnelde hoofden der gedoode passagiers,

naar het in de buurt gelegen Pullet-eiland ge-

bracht. Hier waren de schipbreukelingen van het

andere vlot geland, en op het strand zagen de

ontdane jongens een afschuwelijken stapel afge-

houwen hoofden liggen. Hier troffen zij ook twee

andere jongens, die evenals zij gespaard waren —

John Ireland en William Sexton.

Spoedig nadat de D'Oyleys waren aangekomen,

ontstond er onder de inheemschen een heftig dis-

puut over de vraag, welke twee van de vier jon-

gens gespaard moesten worden, en welke twee

gedood. Ten slotte kwamen zij overeen, dat alleen

de twee jongsten - William D'Oyley, vijf jaar,

en John Ireland, twaalf jaar oud, niet gedood zou-

den worden. Daarop werden de beide anderen,

die allebei zestien jaar waren, door spiesen ter

dood gebracht.

De beide jongste knapen werden nu naar de

andere eilanden gebracht om daar als beziens-

waardigheden tentoongesteld te worden. Toen zij

op Mer-eiland kwamen, besloot het plaatselijk

opperhoofd, Duppar geheeten, dat hij deze beide

interessante „dieren" wel graag wilde hebben,

waarom hij ze kocht voor een tak bananenI

Op Mer-eiland werden de belde jongens zeer

vriendelijk behandeld. Ireland werd „Wak" ge-

noemd, en D'Oyley „Uass". Ze werden buitenge-

woon populair en ongeveer twee jaar leefden zij

min of meer tevreden onder de inboorlingen, of-

schoon zij af en toe genoodzaakt waren aanwezig

te zijn bij het vermoorden van blanken, die in de

buurt der eilanden schipbreuk hadden geleden.

Zes maanden na den ondergang van de Charles

Eaton bereikten de vijf leden der bemanning, die

er in geslaagd waren de reddingboot te bemach-

tigen, Batavia, en vertelden daar de geschiedenis

van de ramp. Het bericht werd direct doorgegeven

naar Sydney, en onmiddellijk daarop kreeg het

Engelsche oorlogsschip Isabella bevel in Torres

Strait naar andere overlevenden te gaan zoeken.

Drie weken later werden Ireland en D'Oyley op

Mer-eiland aangetroffen. De beide knapen bevon-

den zich in uitstekenden staat, maar hun huid was

bijna geheel zwart gebrand, als een gevolg van

de inwerking der felle zonnestralen. Ze spraken

alleen het dialect van het eiland, en toen zij van

de inheemschen afscheid moesten nemen, toon-

den zij zich zeer bedroefd.

EEN HOEKJE VAN HET EILAND MER.

,■■'.' ■■■'■ ■' - [f- ' » ■*!

Op het eiland ontdekte een landlngs-expedltie

van het oorlogsschip een kolossale nabootsing van

een schildpad, die op ruwe wijze geboetseerd

was in den vorm van een menschenhoofd. Er

hingen vijfenveertig menschelijke schedels aan!

Ze waren allemaal ontzettend beschadigd, en een

er van wetd later herkend als de schedel van Mrs

D'Oyley.

De Isabella keerde naar Sydney terug met de

beide overlevenden van de schipbreuk, en de

grimmige resten der gedoode blanlen, welke men

er had aangetroffen. De schedels werden onder

een gedenkteeken begraven, terwijl de nabootsing

van de schildpad in het Museum werd geplaatst,

waar men ze heden ten dage nog kan zien. De

geredde knapen kregen vrijen overtocht naar hiin

familie in Engeland.

Aan Mer-eiland is ook een geschiedenis verbon-

den van een begraven schat.

Volgens een verhaal, dat reeds langen tijd van

generatie op generatie onder de inheemschen ver-

teld wordt, zou er een Spaansch galjoen, dat van

een handelsreis naar Oost-lndië terugkeerde, op

het koraalrif, dat het eiland omgeeft, schipbreuk

hebben geleden. De overlevenden slaagden er in

verscheidene kisten met goudstukken naar land te

roeien vóórdat het schip zonk

Des nachts echter vielen de eiland-bewoners de

ongelukkige schipbreukelingen aan, en doodden

hen allemaal. Wat er van den schat is geworden,

heeft men nooit kunnen nagaan-. Men gelooft, dat

de matrozen hem hebben begraven, voordat zij

werden overrompeld, maar nooit is iemand er in

geslaagd, hem te vinden, ofschoon er wel bij ver-

schillende gelegenheden op het strand van het

eiland Spaansche goudstukken zijn aangetroffen

van gcoote waarde.

Thans bestaat de bevolking uit ongeveer vijf-

honderd inheemschen, en deze breiden zich jaar-

lijks in grooten getale uit over de andere eilanden

van den Stillen Oceaan. Ze leven tevreden en

rustig, zonder er meer aan te denken den eersten

den besten blanke, dien zij zien, aan te vallen en

te dooden.

De huidige bewoners van Mer leiden een nijver

bestaan, kweeken cocospalmen, bananen, suiker-

riet, watermeloenen, maïs en aardappelen. Ook

telen zij varkens. Meestal wordt hetgeen de bo-

dem opbrengt op het eiland zelf geconsumeerd,

maar als de oogst goed is, en er een overschot is,

wordt dit naar de andere eilanden in de buurt

gebracht, en daar verkocht.

Mer is thans een „gesloten inheemsch reser-

vaat", en alvorens men er als blanke aan land kan

gaan, heeft men daartoe toestemming noodig van

de autoriteiten van Queensland. Er woont slechts

één blanke, de administrateur van de regeering,

die tegelijkertijd dienst doet als schoolmeester. Hij

woont er nu reeds verscheidene jaren, is er zeer

tevreden, en gaat alleen af en toe maar eens naar

Thursday-Island, dat op honderdvijftig mijl afstand

ligt, om er inkoopen te doen en zijn brieven en

couranten te halen.

■ - .■

/'


EEN „ACTUALITEIT" AAN DEN HEMEL

ALS DE ZON VERDUISTERD WORDT

Op 19 April as. zal er een gedeelte-

lijke zonsverduistering plaats vin-

den, die gedurende een deel van

haar duur ook in ons land kan worden

waargenomen. De verduistering zal

beginnen om 17 uur 48; het hoogte-

punt vindt plaats om 18 uur 37 minu-

ten, terwijl de zon ondergaat om 1 9 uur

03 minuut, voordat het einde der ver-

duistering gekomen is.

Hieronder kan men lezen, hoe een

zonsverduistering ontstaat en waarom

dit verschijnsel van zoo groot belang

is voor de sterrenkundigen.

Hoe een zonsverduistering onlsiaat, is eigenlijk

zeer gemakkelijk en eenvoudig te zeggen.

Simpel uitgedrukt komt het verschijnsel im-

mers hierop neer, dat de maan op een gegeven

oogenblik tüsschen de zon en de aarde in komt

te staan. Zij onderschept dan het licht dat de zon

naar ons afzendt, met het gevolg, dat er een

periode van duisternis intreedt daèr, waar de scha-

duw van de maan op de aarde valtl

Onder gunstige omstandigheden valt het ver-

schijnsel prachtig aan den hemel waar te nemen.

Men ziet hoe de donkere maanschijf langzaam

voor de zon schuilt. Eerst is het een oppervlakte

als van een klein sikkeltje, dat er van dit laatste

hemellichaam wordt verduisterd. Geleidelijk wordt

het sikkeltje grooter, tol men op het laatst duidelijk

kan zien, dat de maan het grootste deel van de

zon bedekt. Op een gegeven oogenblik is de ge-

hèèle zonneschijf verduisterd, en dan ziet men na

eenigen tijd hoe er aan den kant, waar de ver-

duistering begon, weer een klein sikkeltje licht te-

voorschijn treedt, dat grooter en grooter wordt,

tot eindelijk de zon weer in al haar glorie aan

den hemel staat te schijnen. . .

De verduistering, die wij hierboven hebben „be-

schreven", en waarvan men sommige fasen duide-

lijk op de bijgaande foto's ziet afgebeeld, is een

zoogenaamde totale zonsverduistering. Het eigen-

lijke feit der totale verduistering duurt slechts kort,

namelijk niet langer dan acht minuten, en zij is

slechts zichtbaar op de smalle strook schaduw die

de nooit groote maan bij haar beweging aan den

hemel over de aarde beschrijft. Voor de aarde als

geheel genomen, zijn totale zonsverduisteringen

niet zeer zeldzaam, doch voor een klejn land als

het onze bijvoorbeeld wel. Zoo fiad de laatste

totale zonsverduistering, die men in Nederland

kon waarnemen, plaats in het jaar. . . 14331

Het verschijnsel van een

totale zonsverduistering

is bijzonder indrukwek-

kend, en zij die het eens

hebben gezien, vergeten

het hun heele leven niet

meer. Als het laatste zon-

licht achter de maan ver-

dwijnt, valt er plotseling

een geheimzinnige duister-

nis over de aarde . . .

De dieren denken, dat

de avond gekomen is, en

zoeken hun slaapplaatsen

op. De temperatuur daalt,

en op de plek waar eerst

de zon aan den hemel

straalde, ziet men nu de

maan zich zwart tegen

den lichten achtergrond

van de zonne-corona af-

teekenen. Met een snel-

heid van tweeduizend

kilometer per uur glijdt

de maanschaduw over de

aarde, maar ondanks deze

snelheid zijn er toch waarnemers geweest, die haar

hebben zien naderen en weer verdwijnen. Wan-

neer de verduistering afneemt, komt het licht

weer langzaam terug, en herneemt de aarde

haar normaal aanzien.

Voor de sterrenkunde is een totale zonsverduis-

tering van groote beteekenis. Wanneer de maan-

schijf de zon gaat bedekken, biedt de steeds smal-

ler wordende zonnesikkel een prachtige gelegen-

heid tot het bestudeeren van de buitenste zonne-

lagen, waarvan het licht in gewone omstandig-

heden door de volle zon overstraald wordt, en

daardoor voor waarneming ontoegankelijk blijft

Ook de zonnecorona kan alle^i tijdens een zons-

verduistering bestudeerd worden, terwijl dan ook

de protuberansen zichtbaar worden.

De naam corona is de algemeen gebruikelijke

voor den indrukwekkenden zilveren stralenkrans,

die de zon tijdens den korten duur eener totale

zonsverduistering omgeeft. De corona is van ouds-

her opgemerkt en heeft aanleiding gegeven tot

geestdriftige beschrijvingen. Soms schieten er uit

de corona, ter hoogte van' den aequator, der zon

ter weerszijden stralen uit, die wel millioenen kilo-

meter lang zijn, terwijl er aan de polen slechts

korte pluimen overblijven. De aard van het corona-

verschijnsel heeft men nog niet geheel kunnen

verklaren.

Onder protuberansen verstaat men de roode

vlammen, die uit de chromosfeer der zon opstij-

gen, soms wel tot een hoogte van vierhonderd-

Hoe een zonsverduistering plaats vindt: zooals men ziet, onder-

schept de maan het licht der zon, daardoor ontstaat er een schaduw-

kegel, waarvan de top de aarde raakt. De baan van den top wordt

door de zwarte streep aangegeven.

duizend kilometer! Ze vertoonen dikwijls ontzet-

tende snelhheden, tot honderden kilometer per

seconde toe.

Met den naam chromosfeer duidt men de voor-

namelijk uit waterstof en helium bestaande atmos-

feer van de zon aan, die zich van zeven- tot

veertienduizend kilometer hoogte uitstrekt Door

de gloeiende waterstof is zij rood getint.

Vroeger, toen men nog niet wist waardoor een

zonsverduistering ontstond, zag men er een on-

heilspellend voorteeken in — zooals in de ver-

schijning van een komeet! - en meende men, dat

er allerlei rampen op zouden volgen. Tegenwoor-

dig weet men natuurlijk beter. Men kan het tijd-

stip waarop er 'n zonsverduistering zal plaats vinden

nu precies voorspellen, evenals den duur er van

De verduistering van 585'v. Chr. was de eerste,

die voorspeld werd, en wel door den beroemden

Griekschen wijsgeer Thales van Milete. Herodotus

vertelt ons, dat zij plaats vond gedurende een

veldslag tüsschen de Lydiërs en de Meden, en dat

ze zooveel schrik en ontsteltenis teweegbracht,

dat het gevecht werd gestaakt en de vrede ge-

teekend!

Pas in de vorige eeuw is men begonnen de

zonsverduisteringen te bestudeeren om er meer

door te weten te komen van de zon en haar naaste

omgeving, en tegenwoordig is er bijna geen ver-

duistering meer van beteekenis of expedities on-

dernemen vaak lange en kostbare reizen om haar

ter plaatse nauwkeurig te kunnen gadeslaan.

Vier stadia van een nlèt-totale zonsverduistering. Deze foto's die tijdens de verduistering van 30 Augustus 1905 werden gemaakt, vertoonen de

fasen zooals deze zich voordeden (van links naar rechts) om dertien uur één minuut; dertien uur acht minuten; dertien uur dertig minuten

en veertien uur.

- 10 -

ei oer pi

in

iteim

k^me irjp Iö in te in

Ieder voorjaar is het van belang te

gaan denken aan het verpotten

van onze kamerplanten! Hieraan

wordt in de practijk nog veel te

weinig aandacht geschonken.

Waarom gaan we verpotten? De

bloempot, waarin onze kamerplanten

moeten wortelen, is een beperkte

ruimte, die spoedig met wortels vol

gegroeid is Dan moet er voedsel van

bovenaf in den pot worden gebracht

(we doen dit met een oplossing van

den bekenden kamerkunstmest voor

bloeiende- en voor bladplanten)

anders kunnen de wortels geen

voedsel meer vinden. De eerste

reden is dus den wortels gelegen-

heid te geven nieuw voedsel te vin-

den. We potten namelijk altijd op

in zeer voedzame aarde. Voorts

kunnen de wortels boven den pot

uitgroeien, de aarde, die er nog in

te vinden is, kan verzuren; de wortels

kunnen een ziekte hebben en moe-

ten dus grondig worden nagezien,

èn de plant kan een grooteren pot

noodig hebben. Allemaal redenen

om het verpotten van onze kamer-

planten niet te vergeten, en de

groeiomstandigheden weer zoo gun-

stig mogelijk voor hen te maken.

Wanneer gaan we verpotten? De

beste tijd voor het verpotten is het

voorjaar. Er zijn liefhebbers, die

hiertegen zondigen en pas in het

najaar verpotten, maar die hebben

het mis. Het lijkt wel goed een

plant, die den moeitevollen winter

ingaat daarvóór eens extra goed te

verzorgen, maar het is onjuist. De

zomer stelt de olanten namelijk in

staat weer een goed wortelgestel te

maken en een dergelijke plant kan

ongeschonden den winter doorko-

men. Maar we mogen alleen ver-

potten na den bloei van onze plan-

ten. Nooit er vóór! Onthoudt u dezen belangrijken regel alstublieft goed!

Een voorbeeld: Een Azalea zal nu uitgebloeid zijn en kan verpot worden,

een Duimleden-Caclus (Epiphyllum) eveneens. De groote Phyllo-Cactus of

blad-Cactus bloeit meestal omstreeks Pinksteren en kan dus nog niet verpot

worden. We wachten tot na den bloei. Maar omdat de Duimleden-Cactus al

omstreeks Kerstmis, maar zeker in Januari kan bloeien, wil dat . nog niet

zeggen, dat er direct na den bloei verpot moet worden. We wachten in

ieder geval tot het voorjaar. Na half Mei gaan veel planten tijdelijk onze

woning verlaten en worden in den tuin, met pot en al ingegraven. Een

pracht gelegenheid om meteen te verpotten! Dit wordt dan ook in de

practijk veel gedaan.

Hoe gaan we verpotten? We zoeken vanzelfsprekend eerst de planten

bijeen, die we verpotten willen en zetten die op een gemakkelijke plaats,

bijvoorbeeld een aanrecht in de keuken, waar we wel eens wat mogen

morsen met aarde, of op een tafel in den tuin. We maken, dat we enkele

oude bloempotten voorhanden hebben, liefst in verschillende maten. U moet

er vooral om denken, dat alleen oude potten mogen gebezigd worden. Hef

woord oude staat er niet voor niets! Nieuwe bloempotten moeten van tevoren

„ingewaterd" worden.

We kloppen de plant uit den pot. Heel groote, zware planten, bijvoor-

Voor hel naar bed ^-A^

gaan Vlnolia Cold >T

Cream en de ver- wi

zorging van Uw ^T

huid Is èf! \«

emiseini

'heeini

OOO

Mensen gaan langs U heen, onopge-

merkt, ongezien ... Een enkele maal

wordt U getroffen door een paar

sprekende ogen, een matte, blanke

teint. Deze vrouw valt op door de

uitdrukking van haar ogen en haar

zachte, roomblanke huid. Zij is een

trouw gebrulkster van Vinolia Creams

en daaraan heeft zy haar schoonheid

te danken.

Vinolia Vanishing Cream is door haar

extra füne emulgering een weldaad

voor de teerste huid. Zij verstopt

zelfs de fijnste gelaatsporiën niet en

maakt Uw teint fris en jeugdig. Ook

Uw huid wordt gaaf en blank door

het regelmatig gebruik van Vinolia

Vanishing Cream.

Gewone tube. 35 et. Luxe pot.... 45 et.

Grote tube... 60 et. Grote luxe pot 90 et.

VANISHING CREAM UW CREAMS COLD CREAM

we bijna altijd enkele scherven om den pot daardoor te draineeren. Een

zeer goede methode! De wortels drukken we steeds goed aan. Dit gaat

het gemakkelijkst als we een klein laagje aarde in den pot doen, daarop

de plant zetten en dan in de ledige ruimten aarde laten loopen, en die

zoo stijf mogelijk tegen de wortels aandrukken.

Welke ingrediënten hebben we noodig bij het verpotten? Ik noemde u

al enkele oude potten, in verschillende grootten, houtskoolpoeder en scherven.

Het voornaamste is natuurlijk de aarde, waarin de plant dient te groeien.

Voor bijna alle kamerplanten wordt een andere samenstelling van grondmengsel

aanbevolen, zoodat het wel zaak is voor lederen liefhebber daar

nauwkeurig acht op te slaan. Indien uw kennis van de planten nog niet zoo

ver reikt, dat u elk mengsel weet, gebruikt u dan gewone bloemistenaarde.

Een goede bloemist, die een kweekerij heeft, kan u daar zeker aan helpen.

Wie zelf voor zijn planten grondmengsel weet te maken, zal in de eerste

plaats bladaarde moeten koopen, die tevens het voornaamste bestanddeel

is van de zoogenaamde bloemistenaarde. Voorts dient men te zorgen voor

goeden tuingrond, waarmede natuurlijk niet de grond uit uw tuin wordt bedoeld,

want die kan uit zand, klei, veen, enzoovoort bestaan. Tuingrond is

goede, donkere, humusrijke grond, dien de kweeker gebruikt. Dan is er nog

zodengrond, die ontstaan Is uit vergane, goed verteerde zoden. Verder

beeld Clivia's, laten zich maar niet zoo gemakkelijk uit hun kluis schudden moet u hebben ouden, verteerden koemest, die al werkelijk zoover heen is,

kleinere planten wel. We keeren de plant gewoon om, nemen den stengel dat hij gemakkelijk door de aarde verwerkt kan worden. Voor de meeste

tüsschen middel- en ringvinger, spreiden de vingers van de hand, die de kamerplanten is een mengsel van twee deelen bladgrond, twee deelen tuinplant

vasthoudt zoo wijd mogelijk uiteen en kloppen met de palm van de grond, een deel oude verteerde mest en een deel graszodenaarde aan te

andere hand tegen den onderkant van den pot. De wortels zullen dan bevelen. Enkele planten vragen wat kalk door den grond heen, bijvoorbeeld

spoedig loslaten. Gebeurt dit niet, dan kunnen we ook den rand van den pot Cactussen, en andere wat fijne klei. Planten, die heel veel voedsel kunnen

tegen de tafel kloppen, maar wij moeten dit zeer voorzichtig doen, om de gebruiken, krijgen natuurlijk een grooter percentage ouden verteerden mest

plant niet te beschadigen. Als we de plant vrij kunnen houden, zooals bij Weer andere planten, bijvoorbeeld Bromelia's en Orchideeën, krijgen fijn

de eerste methode, zal er niet zoo gauw beschadiging ontstaan. Nu halen gehakt sphagnum, omdat die een zeer vochthoudend grondmengsel p^efewe

alle oude aarde zorgvuldig weg, spoelen de kluit verder geheel uit in reeren. Dan Is er nog scherp zand, zoogenaamd rivierzand, dat Vetplanten

een emmer water en kijken de wortels goed na! Dat Is een noodzakelijk en enkele Cactussen graag door het grondmengsel heen hebben. Het zou

werkje. Alle bruine wortels (die zijn meestal ziek) worden zorgvuldig ver- mij natuurlijk te ver voeren u van alle planten de bijzonderheden op

wijderd met een scherp mes. Vooral bij Clivia's kunnen we de zieke wortels te geven. In ieder geval weet u thans tijdig wat u noodig hebt, zoodat u

aantreffen. De ontstane wonden worden gedroogd met wat houtskoolpoeder zorgen kunt er over te beschikken wanneer u moet gaan verpotten.

of sigarenasch. Nu stellen we ons de vraag: „Moet de pot, waarin de plant Wat doen we na het verpotten? We zorgen er voor, dat onze planten

komt te staan, niet een beetje grooter zijn dan de vorige?" Meestal is dit niét In de volle zon komen te staan, noch vlak bij de verwarming. In kamers

het geval, vooral bij jonge planten, die nog niet hun vollen wasdom bereikt met droge lucht moeten we pas verplante kamerplanten besproeien (op

hebben. Oudere planten krijgen alleen een Ietsje grooteren pot of blijven het blad) met lauwwarm water.

een paar jaar in denzelfden pot staan. Op den bodem van den pot doen

1!


CARSON A P I E R S

WONDERLIJKE AVONTUREN OP VENUS

DOOR EDGAR RiCE BURROUGHS

iCWRUVER DER TARZAN-VERMALEN

GEAUTOi

Carson Napier Is met een vuurpijlvlicgtuig naar de planeet Venus gevlogen.

Hij beleeft er de wonderlijkste en gevaarlijkste avonturen en wordt er verliefd op

, de koningsdochter Duarc. die door vijanden is geschaakt.

Hij weet haar te bevrijden en wil haar nu in zijn vliegtuig naar haar vaderland

terugbrengen. Doch Duare wil dit niet, want geen man mag tegen een konings-

dochter over zijn liefde spreken, en daar Carson dit gebod heeft overtreden. :ou

hem dit zijn leven kosten. Ze vliegen juist boven een kudde dieren. Ze landen.

doch als zij het luchtschip verlaten, wordt Duare door een groep gewapende

vrouwen weggevoerd en Carson bewusteloos geslagen.

Den volgenden morgen weten ze door een list met het vliegtuig weer weg te

komen.

Na een nacht vliegen komen ze aan Duarc's geboortestad. Ze vliegen echter op

haar verzoek verder. Daarna bereiken ze een belegerde stad en van een ecniamen

wandelaar vernemen ze. dat ze in Anlap zijn. Deze wandelaar, Taman. gaat mee

in de ,,anotar" naar de belegerde stad. Ze dalen op de racebaan en Carson wordt

benoemd tot kapitein in het leger van Muso. den ..jong".

Na een paar weken moet hij voor Muso twee brieven overbrengen, één

aan een man in Am lot, en één aan een boer. Lodas, Deze helpt hem in Am lot

te komen Bij Lodas' broer, Horjan, zal Carson den nacht doorbrengen, maar hij

moet vluchten voor de Zani. In een restaurant-hoort hij van een dame. Zerka. dat

hij erg voorzichtig met .zijn woorden moet zijn.

Hij leest den brief van Muso. en bemerkt, dat deze zijn eigen doodvonnis

inhoudt en dat Muso Sanara aan de Zani wil overleveren, 's Nachts wordt de brief

gestolen.

Carson wordt opgenomen bij de Zani-garde. Hij denkt nog niet aan vluchten,

want hij wil eerst weten, wie een jong is, die door de Zani gevangen wordt ge-

houden. Den volgenden morgen krijgt hij opdracht met een detachement van elf

man naar de gevangenis des doods, de Gab kum Rov te gaan.

Als Torko, de directeur, met verlof gaat, treedt Carson als plaatsvervanger op,

en ontvangt Mephis. die Kord, den gewezen jong van Korva. tef dood brengt.

Intusschen laat hij een looper maken van den sleutel der celdeuren en ontdekt

dat de gevangen Jong Mintep. de vader van Duare is. Onder de nieuwe gevange-

nen bevindt zich Horjan. die wegens het verbergen van een vreemdeling is gear-

resteerd. Hij herkent Carson, maar zegt niets. Den volgenden dag verricht Carson

een arrestatie, n.1. van Nar von. en ziet in diens huis net Zcrka vluchten.

Narvon wordt ondervraagd en sterft, als men hem prest zijn medeplichtigen te

noemen, met de eerste letter van Zerka's naam op de lippen. Carson verneemt

van een gevangene, dat Muso Duare tot zijn vrouw wil hebben. Dan besluit hij

dadelijk naar Sanara te gaan en hij kan in een kano ontkomen. Hij gaat echter

eerst Zerka waarschuwen, omdat het niet onmogelijk is. dat ze verdacht wordt.

Ze kan echter nog niet meegaan naar Sanara. want ze wil eerst Mephis dooden-

Carson heeft Zerka beloofd, terug te komen.

In Sanara gekomen, blijkt Carson nog net op tijd te zijn om te verhoeden, dat

Muso Duare tot zijn koningin maakt. Op verzoek van Carson roept Taman cenige

autoriteiten bij elkaar, aan wie Carson alles zal vertellen wat hij van Muso's ver-

raad weet. Men waarschuwt hem echter, met overtuigende bewijzen te komen, want

de bijeengekomen mannen hebben trouw aan Muso gezworen.

Als Carson heeft verteld, wat er in den brief van Muso stond, besluit men

Muso op de proef te stellen ten einde na te gaan. of hij de stad werkelijk aan

de Zani heeft willen verraden. Carson zal een brief uit zijn vliegtuig boven hun

linies laten vallen. Duare en twee officieren. Legan en Ulan, vergezellen hem.

Carson laat den brief vallen, daalt op een eilandje en gaat met één officier naar

de Gab kum Rov. waar ze Mintep verlossen. Daarna gaan ze nog naar Zerka.

Bij Zerka wordt Carson door de Zani gevangengenomen, en met Zerka en

Mantar naar de Gab kum Rov gebracht. Carson spot echter met het strenge optre-

den van Torko. omdat hij rekent op hulp uit Amlot. Aan ontvluchten valt niet te

denken.

Op het moment, dat ze gemarteld zullen worden, begint Duare de gevangenis

te bombardecren. Mephis val» dood neer omdat Zerka hem den vorigen avond

vergif heeft gegeven. Carson en de beide anderen worden vrijgelaten, maar Duare

ziet hen niet. Ze vertrekt in de richting van Sanara. en de anderen volgen haar

in een bootje. Als ze Sanara naderen zien ze. dat Duare juist met de anotar vertrekt

in de richting van Vepa)a. Dasr de Zani zijn weggetrokken, gaan ze naar de stad

en vragen naar Taman. De officier, die hun te woord staat, gelooft echter dat ze

Zani zijn- ,,Ik ben Carson '.an Venus, zeg dat maar aan Taman. " antwoordt Carson.

Op deze woorden verliet de officier den muur en even later ging

de poort een klein eindje open en kwam hij naar buiten met

een paar soldaten om ons wal nauwkeuriger op te nemen.

Terwijl hij dit deed, herkende ik hem, en hij mij. Hij was een der

officieren, die met mij gevlogen had bij een der vele gelegenheden,

dat ik het kamp der Zani had gebombardeerd. Ik stelde hem aan

Zerka voor en aan Mantar, en zei hem, dat ik voor den laatste

kon inslaan. Daarop verzocht hij ons de stad binnen te gaan; hij

zou ons persoonlijk naar Taman begeleiden.

„Eén vraag/' zei ik, ,,voordat ik Sanara betreed."

,,En welke is die vraag?" zei hij.

„Is Muso nog steeds jong?*'

Hij glimlachte.

„Ik begrijp, waarom je dat wilt weten,'* zei hij, „maar ik kan je

verzekeren, dat Muso niet langer jong is. De hooge raad heeft

hem afgezet en Taman in zijn plaats tot jong uitgeroepen."

Het was met een gevoel van opluchting, dat ik de stad Sanara

weer betrad na de weken van gevaar en onzekerheid die ik had

doorgebracht en gedurende welken lijd ik met geen mogelijkheid een

plaats op deze vreemde planeet had kunnen bedenken waar ik mij

volkomen veilig had kunnen voelen — niet in Kooad, waar zelfs

mijn beste vrienden verplicht zouden zijn geweest mij te dooden,

omdat ik zoo vermetel was geweest van hun prinses te gaan houden

— en lij van mij! Niet in Kapdor, de Thoristen-stad van Noobol,

- 12

RLAilDSCM

waar zij my in de kamer met de zeven deuren hadden opgesloten

waaruit nog nooit één mensch levend was ontkomen; niet in Kor-

mor, Skor's stad des doods, waar ik Duare en Nalte van onder

Skors neus uit zijn eigen paleis had kunnen ontvoeren; niet in

Havatoo, die Utopische stad op de oevers der Rivier des Doods,

waar ik Duare had weten te redden voor een onverklaarbaar ver-

schrikkelijk en wreed vonnis; niet in Amlot, waar de volgelingen

van Spehon mü in stukken zouden hebben gescheurd als ztf mij te

pakken hadden kunnen krijgen! Indien Muso hier nog als jong had

geregeerd, dan zou ik gedoemd zijn geweest in hopelooze eenzaam-

heid te blijven ronddolen op deze planeet, waar de toestanden

vreemder zyn dan in welk land of in welke streek der aarde ook.

En niet alleen vreemder, maar ook geheimzinniger en wreeder.

Eindelijk had ik nu een stad, die ik mijn eigen stad mocht noemen,

waar ik een tehuis zou kunnen vestigen, en waar ik in vrede en

tevredenheid zou kunnen leven, doch ik ondervond desondanks

alleen maar een gevoel van veiligheid en opluchting, en niet van

geluk — want Duare was er niet, en hoe zou ik mij dan gelukkig heb-

ben kunnen voelen?

Zoo trad ik Sanara met een gevoel van smart binnen en in de

howdah van een grooten militairen gantor werden wij onder ge-

leide van talrijke soldaten naar het paleis van Taman gebracht.

Het was maar goed, dat wy een militair geleide hadden, want de

menschen die wy passeerden dachten dat wy Zani-gevangenen

waren en ze zouden snel met ons hebben afgerekend, indien wij

niet beschermd waren geweest door de soldaten.

Ze volgden ons tot zelfs aan de poorten van het paleis van den

jong, joelend en fluitend en ons allerlei beleedigingen toeschreeu-

wend. De officier, die ons begeleidde, probeerde hun te beduiden,

dat wy geen Zani waren, maar zyn woorden gingen verloren in

het lawaai dat de menschen maakten|j(»^

HOOFDSTUK XVH. *

Veertig minutenl

Toen men Taman had medegedeeld, dat ik in Sanara was terugge-

keerd, liet hy ons direct bij zich brengen. Hy had de Toganja Zerka

goed gekend in Amlot, en nadat hy had geluisterd naar haar geschie-

denis, beloofde hy, dat zij zoowel als Mantar zouden worden beloond

voor het dappere en volhardende werk dat zy hadden verricht

om het gezag der Zani te ondermijnen. Mij verhief hy in den

adelstand, mij landgoederen en paleizen belovend zoodra de regee-

ring haar zetel weer in Amlot zou hebben gevestigd. Toen hy hoorde,

hoe de inwoners van Sanara zich tegen ons hadden gedragen omdat

zy dachten dat wij Zani waren, beval hy, dat er zwarte pruiken

voor Mantar en my gemaakt zouden worden en nieuwe kleeren voor

ons alle drie; toen liet hij Mantar en Zerka over aan de goede

zorgen van leden van zijn personeel en bracht hij my naar Jahara,

zyn koningin.

Ik wist, dat hij my onder vier oogen wilde spreken om my alles

te kunnen vertellen over Duare — aan wie wy allebei uitsluitend

hadden gedacht sinds onze ontmoeting, doch over wie wij geen

van beiden ook maar één woord hadden gesproken.

De kleine prinses Xna was by haar moeder toen wij de appar-

tementen van de koningin betraden en zij verwelkomden mij allebei

met de grootste hartelijkheid. Gelukkig voor Nna, w^erd zy niet lastig-

gevallen met de belachelijke gewoonten van Vepaja die van Duarc

een gevangene hadden gemaakt in het palcis van haar eigen vader,

maar ze kon vryelyk spreken en omgaan met al de leden van het

hof en alle bezoekers. Het was een allerliefst jong meisje, en de

trots zoowel van haar vader als moeder.

Kort nadat ik door Jahara was ontvangen, werd Nna weggehaald

door een hofdame en ik zon haar niet terugzien dan na een ver-

schrikkelijke episode en een gevaarlyk avontuur!

Zoodra Taman, Jahara en ik alleen waren, wendde ik my tot den

eerste.

„Vertel mij, waar Duare is gebleven," smeekte ik hem. „Ik zag

haar anotar vanmorgen Sanara verlaten en boven den oceaan ver-

dwijnen. Niemand anders dan Duare kan aan het stuur hebben ge-

zelen, wanl zij alleen weet hoe zij met de anotar moet vliegen."

„Je hebt gelyk," antwoordde Taman. „Het was Duare."

„En ze is met haar vader naar Vepaja gevlogen?" vroeg ik.

„Ja. Mintep heeft er haar practisch toe gedwongen! Ze had de

hoop niet opgegeven dat je nog in leven was, en zy wilde dan ook

blijven. Ze dacht er over naar Amlot terug te vliegen met nog meer

bommen en een brief, waarin zij mededeelde dat, zy de stad zou

bombardeeren tot je in vryheid was gesteld, maar Mintep wilde

daar niet van hooren. Hy bezwoer haar dat wanneer je nog in leven

was, hij je zou dooden zoodra hy je zag, want ofschoon hy je als

vader groote dankbaarheid verschuldigd was voor alles wat je

voor zyn dochter had gedaan, moest hy je toch als jong van Vepaja

dooden omdat je het gewaagd had van zyn dochter te gaan houden

en haar tot vrouw te nemen! Ten slotte beval hü haar met hem naar

Vepaja terug te keeren om terecht te staan voor den raad van

edelen van Kooaad, omdat zy een der oudste wetten van Vepaja

had overtreden."

„Dat beteekent, dat zy ter dood gebracht zal worden," zei ik.

„Ja, dat begreep zy, en ook Mintep begreep dit, maar de dynastieke

gewoonten en wetten van Vepaja zyn zóó samengegroeid met het

diepst inneriyke wezen der Vepajanen, dat het hun byna onmogelyk

voorkomt om te probeeren aan de consequenties er van te ontko-

men. Duare zou dit echter gedaan hebben indien zy zeker had

geweten, dat je nog in leven was! Dat heeft zy my zelf gezegd, en

ze vertelde my ook dat zy vrywillig »aar Vepaja zou terugkeeren

indien ze wist dat je gestorven was omdat zy den dood de voorkeur

gaf boven een leven zonder jou! Ik weet niet, wat Mintep zou heb-

ben gedaan indien zy had geweigerd naar Kooad terug te gaan; maar

ik geloof dat hy haar met zyn eigen handen zou hebben gedood,

ondanks het feit dat hy veel van haar houdt. Ik was op een der-

gelyke eventualiteit echter voorbereid, en ik zou Duare hebben

beschermd, zelfs al had ik er Mintep voor moeten opsluiten. Ik kan

je verzekeren, dat wy allemaal in de meest ongelukkige situatie

verkeerden. Ik heb nog nooit iemand met zóó'n onbetwistbare intel-

ligentie zóó fanatiek gezien als Mintep, maar alleen op dit eene

punt. Overigens scheen hy volkomen normaal en schonk hy aan

Duare al de liefde van een toegewyden vader. Ik heb me vaak '

afgevraagd wat hy zou hebben gedaan als Duare je in Amlot had

gevonden. Ik kan me hem niet voorstellen, samen met jou in één

anotar. — Maar vertel me eens, wat is er eigeniyk verkeerd gegaan

met je plannen? Duare zei, dat je niet in een boot uit de stad bent

vertrokken zooals je zou hebben gedaan als je in vryheid was

gesteld?"

„Ik ben precies zoo uit de stad vertrokken als wy badden afge-

sproken," zei ik, „maar ik had Zerka en Mantar by my, en ik denk,

dat Duare zal hebben gekeken naar een bootje met één man er in.

Ook had men my in de rechtszaal van de gevangenis myn vlieghelm

afgenomen, zoodat zy my nergens aan herkennen kon. We moeten

er in haar oogen als drie Zani hebben uitgezien!"

„Dan heeft zy je gezien," zei Taman, „want ze heeft my verteld,

dat ze drie Zani de haven heeft zien verlaten. Toen je niet kwam,

zooals zy had gehoopt, dacht ze, dat de Zani je hadden gedood, en

daarom heeft ze de stad gebombardeerd tot haar voorraad bommen

was uitgeput. Toen is zy met Mintep, Ulan en Legan teruggevlogen.

Verscheidene dagen is zy daarop in de buurt van Sanara gebleven,

tot wy drie ballonnen hebben opgelaten om haar te beduiden, dat

zy zonder gevaar voor haar veiligheid Sanara kon binnenkomen.

Natuurlyk wisten wy toen niet, dat jy niet in de anotar was!" .

„En wat is er met Muso gebeurd? Men heeft my aan de poort van

de stad verteld, dat hy is afgezet."

„Ja — afgezet en in de gevangenis geworpen," antwoordde Taman.

„Hy heeft echter nog een groot aantal volgelingen, die hun leven in

Korva niet zeker zyn, nu Muso niet langer jong is. Zy zyn wanhopig,

en gisterenavond zyn zy er in geslaagd Muso uit de gevangenis te

- 15 -

„DAT IS ONMOGELIJK!" KIEP

HU UIT. .HOE KUN JE HOPEN

VEPAJA TK BEREIKEN?"

bevryden. Hy verbergt zich

nu ergens in de stad. We ge-

looven niet, dat hy al kans

heeft gezien de stad te verla-

ten, ofschoon (Ut wel zijn plan

is. Hy gelooft, dat wanneer hij

Amlot kan bereiken, de Zani

hem jong zullen maken, maar

hy weet niet, wat wy weten

— dat Mephis dood is en dat

na zyn dood de contra-revolu-

tionnairen er in geslaagd zyn

de kopstukken van de Zani

te verdryven en een eind te

maken aan hun bewind, waar

men meer dan genoeg van had.

Gisterenochtend moeten de

troepen, die Sanara beleger-

den, het vernomen hebben,

want toen hebben ze hun stel-

lingen ontruimd en hebben ze

den langen terugtocht naar

Amlot aanvaard!"

„Dus dan is de burgeroorlog voorby," zei ik.

„Ja," antwoordde Taman, „en ik hoop dat Amlot nu spoedig weer

de hoofdstad zal kunnen zyn. Ik heb reeds laten weten, dat ik ieder-

een amnestie verleen, behalve den voornaamsten leiders en hun, die

absoluut misdadige handelingen hebben verricht. Ik reken er op, bin-

nen een paar dagen met een sterk leger Amlot te kunnen binnen-

rukken, En Carson, ik hoop dat jy me wilt vergezellen om in de

hoofdstad de eerbewyzen in ontvangst te nemen waar je recht

op hebt."

Ik schudde myn hoofd. ,,

„Je moet niet gelooven, dat ik je edelmoedigheid met op prys stel,

zei ik, „maar ik geloof dat je wel begrypen zult, dat ieder eerbewys

zinloos en onbeteekenend voor my is zoo lang myn prinses met by

my is."

„Ik kan me dat begrypen," antwoordde hy, „maar je moet nu een-

maal leven en hier kun je in eere en vrede leven. Wat kun je trou-

wens anders beginnen?"

„Ik ga naar Duare, in Vepaja," zei ik.

„Dat is onmogelyk!" riep hy uit. „Hoe kun je hopen, Vepaja te

bereiken? Ieder Korvaansch schip is door den vijand in beslag geno

men of vernietigd tydens den laatsten oorlog."

„Ik heb een schip, dat my veilig en behouden uit Amlot kan

brengen," zei ik.

„Wat is dat voor een schip? Een visschersboot? vroeg hy.

„Ja," antwoordde ik.

„Och, dat is een notedopje! In den eersten den besten storm zou

je er mee ten onder gaan!" riep hy uit.

„B.est mogeiyk, maar toch wil ik het probeeren," zei ik.

Hij schudde treurig het hoofd.

„Ik wou, dat ik je er van terug kon houden," zei hy. „Niet alleen

omdat ik je graag mag, maar omdat je Korva zulke groote diensten

zou kunnen bewyzen."

„Op welke manier?"

„Door ons te leeren hoe wy anotars moeten bouwen en door myn

officieren te leeren hoe zy er mee moeten vliegen!"

„De verleiding dit te doen is groot," erkende ik, „maar ik zal nooit

vrede kunnen vinden voordat ik alles heb gedaan wat een man kan

doen om Duare te redden."

Hy zweeg even. Toen zei hy:

„Het zy zoo! Maar je kunt ons niet direct verlaten, daarom zullen

wy den tyd dat je hier bent, zoo aangenaam mogelyk voor je maken.

En ik zal je niet langer lastig vallen met verdere vragen of

verzoeken."

Hy riep toen een adjudant, en deze bracht my naar de kamers, die

Taman voor my in orde had laten maken. Ik vond daar een nieuwe

uitrusting en een zwarte pruik, en na een warm bad voelde ik my

een nieuw mensch — en zag er ook inderdaad als een nieuw mensch

uit, zooals een blik in den spiegel" my op verbazingwekkende wyze

onthulde. Ik zou mezelf niet herkend hebben zóó zeer had de pruik

myn uiterlyk veranderd.

Zerka, Mantar en ik dineerden dien avond in de groote feestzaal

van het paleis van den jong met Taman en Jahara en een gezelschap

van de hoogste edelen van Korva. Ze hadden my allemaal gekend,

sommigen van hen zelfs heel goed, maar ze waren het er allemaal

over eens, dat zy my nooit herkend zouden hebben! Maar dit was

niet uitsluitend aan de zwarte pruik te danken, zooals ik begreep.

(Wordt vervolgd)


OPLOSSINGEN ZOEK EN VIND

5 APRIL

DPLOSSING

ROULETTE-

RAADSEL

I.KfiKN-

DAHISCH

OPLOSSING

DRIEHOEK-

INVUL-

RAADSEL

OPLOSSING KRUISWOORDRAADSEL

1KMANI) IN IIKT

ZONNKÏ.IE ZETTEN

OPLOSSING VERBORGEN ZEGSWIJZE

Vor verse li en, schulil. vllter, lecnen, ladder, nerinff,

Inntgi'tonw, krassen

EK SCIICli/r EEN ADDEK IN 'T OkAS

OPLOSSING

INVULRAADSEL

E h T e E E

V E M T E M

L E E M C M

0 M E E M &

M E M N E n

OPLOSSING

ONZE FILMPUZZLE-

WOQRDVERANDE-

RINGSRAADSEL

regen ravijn

baron boten

steil steel

beton boren

spalk staak

logos leeres

taart trant

marge mirre

robot rabat

»toer spoor

(iUETA GARBO

KRUISWOORD-CIRKELRAADSEL VERVOLGRAADSEL

1 5 0

H'

5 ó ? 1

8

10 W\>

9

«

11

w

i

|1 H / 1 i

1 i

^

12

fe J 15

14 15 16

17 15


19

jj 20 ;

Horizontaal:

1. wild dier

4. twee 'stuks

8. ijzerhoudende grond

9. vlaktemaat

1U. voegwoord

11. persoonlijk voornaamwoord

14, voegwoord

16. deel van een schip

17, nadrukkelijke belofte

19, meisjesnaam

TEEKENINGENRAADSEL

20. jongensnaam

21. gevogelte

Verticaal:

1. die op het land

werkt

Van de volgende woorden staan sommigen in logisch verband met

een of meer van de hierbij geteckende voorwerpen. Ga deze lijst

na en schrijf op, elk woord tezamen met de letters van het voor-

werp waar het verband mee houdt.

roeren

maaien

draaien

naaien

rollen

eten

persen

zingen

rijden

fietsen

schaatsen

galoppccren

zwieren

2. telwoord

3. bijwoord »

5, afkorting op recep-

ten

6, lichaamsdeel

7, smalle strook

12, tooneelscherm

13, hemellichaam

15, sprookjesfiguur

16. hert

18. lidwoord

19, lager onderwijs (af-

korting)

Cirkel:

1, geweven lint van

katoen

2, lichaamsdeel

3, een bewuste hande-

ling

4, ommuurde plaats

5, insect

6, water door land

omgeven

7, strak

8, genoeg gekookt

9, voornemen

10, hemellichaam

11, dapper

12, meisjesnaam

13, spotternij

14, gedeelte

15, op het nippertje

16, gevoel van diepen

afkeer.

WOORD-

RANGSCHIKKINGS-

RAADSEL

Onderstaande woorden

moeten zoodanig onder

elkaar geplaatst worden,

dat de eerste en de vierde

letter van elk woord een

bekend gezegde vormen:

X . . X

x . . x ■

X . . X

X . . X

X . . X

X . . X

X .-. X

X . . X

X . . X

X . . X

X . . X

X . . X

Te gebruiken woorden:

ruïneus, ijsbaan, inpak-

ken, kennen, toetsen, zeg-

gen, eventjes, notaris, spal-

ken, venten, orgaan, ef-

fenen.

Al de woorden heb-

ben negen letters en

de bet eekenis ervan is

gegeven. Het tweede

woord begint met de

laatste twee letters van

het eerste woord; het

volgende met de twee

laatste letters van hel

tweede woord en zoo

verder tot no. 7, het-

welk het woord is

waarmede men begon.

1. kriebelziekte

2. aangroeien

3. pauselijke zendbrief

4. gemeente in de pro

vincie Limburg

5. waaghals

6. water door 't smelten van sneeuw ontstaan

7. is het woord waarmede men begon,

5 •

Tc gebruiken letters: a, a, a, c, c, d, d, d, d, d,

PUNTENRAADSEL

e. e, e, e, e, e, e. e, e, c, e, e, c, c. e, e, g, g.

i. i, i. i, k, k, k, 1. I, m, m, m, n, n. o, o, o, o,

o, p, r, r. r, r, r, r, r, s, s, s, t, t. t, w, y.

.8

• 7

Door optie punten let-

ters te plaatsen vormen

zich woorden van de vol-

gende bcteekenis:

1—5 knellen

2—6 kringen vormen

3—7 draden vormen

4—8 okkernoot

1—2 zooveel men ineens

doorslikt

2—3 melkproduct

3—4 slim

4—ó ijdele gedachte

5—0 ontkenning

ß—7 middag

7—8 bijwoord van ont-

kenning

8—1 meisjesnaam

ONZE FILMPUZZLE - VERBINDINGSRAADSEL

Door toevoeging van een vcrbindingslcttcr kunnen

de woorden uit de eerste rij met die van de tweede

één woord vormen.

De gebruikte verbindingsletters zullen den naam

van een filmster vormen.

De eerste rij woorden staat in de juiste volgorde

stoom acht

koren ar

blad erf

to slag

land eg

s^hol er

pronte een

leg en

ge ren

kool aap

togel pin

Wij stellen een hoofdprijs van ƒ 2.50 en tien film-

foto's beschikbaar om te verdeden onder de goede

oplossers. Antwoorden in te zenden vóór 26 April

aan Dr. Puzzelaar, Noodcinde 8, Leiden. Op enve-

loppe of briefkaart a.u.b. duidelijk vermelden: Film-

puzzle 26 April.

Deze puzzle kan tegelijk met de andere ingezon-

den worden, doch liefst op een apart velletje papier,

DE PRIJSWINNAARS

De hoofdprijzen werden dere week gewonnen

door:

den heer L. Flittner, Amsterdam;

den heer L. A. de Haan, Rotterdam;

den heer W. F. Heederik, Treebeek;

den heer J. de Roode, Rotterdam;

den heer H. Waninge, Utrecht.

De troostprijzen konden worden toegekend aan

mevrouw Wed J. M. Arends, Rotterdam;

mevrouw E. Stenz, Ginneken;

mejuffrouw L. W. Meesters, Maastricht;

mejuffrouw A. Drenkelford, Rotterdam;

mejuffrouw W. v. Grieken, Amsterdam;

mejuffrouw R. Tillekes, Maassluis;

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

den heer

G. Taal, Scheveningen;

J. Neesman, Amsterdam;

R. Tinga, Rotterdam;

F. v. Leeuwarden, 's-Hertogenbosch;

P. Vroegop, Scheveningen;

D. Pons, Maassluis;

Joh. H C. Laterveer, Loosduinen;

G. H. Hageman, Loosduinen;

B. v. Maare, Amsterdam;

H. Nietsch, Enschede;

E. Unkel, Amsterdam;

J. J. Hubregtse, 's-Gravenhage;

J. H. Beij, Leiden;

M. Puls, 's-Hertogenbosch.

De hoofdprijs van de ,,Filmpuzzie" verwierf:

mejuffrouw H, Houtveen, Leeuwarden;

De troostprijzen vielen ten deel aan:

mevrouw M. P. Looyen, Amsterdam;

den heer T. Edens, Winschoten;

den heer H. L. v. d. Ploeg, Apeldoorn;

den heer J. M. Emmen, 's-Gravenhage;

den heer H. J. C. Markgraaf, 's-Gravenhage;

den heer A. F. J. Wagenaar, 's-Gravenhage;

den heer J, N. van Eijk, Amsterdam;

den heer J. W, v. Overhagen, Utrecht;

den heer Th. Nieuwenhout, Rotterdam;

den heer E. Barelds, Apeldoorn.

ONZE PRIJZEN.

Voor goede oplossingen op iedere

puzzle, rebus, probleem, enzoovoort,

stellen wij een prijs van ƒ 2.50 be-

nevens vier troostprijzen beschik-

baar. In totaal dus deze week

5 prijzen van ƒ 2.50 elk en

20 troostprijzen.

DE OPLOSSINGEN

op de in dit nummer voorkomende

puzzles, enzoovoort, gelieve men

vóór 26 April in te zenden aan Dr,

Puzzelaar, Noordeinde 8. Leiden.

Op enveloppe of briefkaart vermelde"

men duidelijk:

Oplossingen Zoek en Vind 26 April


Fernandel en Josette Day, een hem waardige partner, wanneer alles

nog op rozen gaat...

Twee, die aan elkaar gewaagd zijn

Feroandel doet alsof hij zich op sijn gemak voelt, maar hij it het

allesbehalve...

£*--

:z4\i

De eene komische scène volgt op de andere, maar.

Q

KU;PäTJ€

J> K9m

Parijs. Armand Lavarède, een jong journalist zonder fortuin, ontvangt op

zekeren dag een oproeping om bij een notaris te komen. Daar ver-

neemt hij, dat een verre neef van hem, met wlen hij niet al te best

overweg kon, in Engeland is overleden en hem tot erfgenaam heeft be-

noemd van zijn fortuin, dat geschat wordt op dertigmiilioen francs.

Maar het testament bevat een beperkende bepaling. Neef Richard, die

het lichtzinnige en verkwistende karakter van Lavarède maar al te goed

kende, heeft hem een gevoelige les willen geven. De erfgenaam zal name-

lijk niet kunnen profiteeren van de enorme erfenis, vóórdat hij er in gesla'agd

is binnen drie maanden een reis om de wereld te maken, geheel met eigen

middelen en met een aanvangskapitaal van slechts één kwartje!

De voorwaarden voor deze reis om de wereld zullen met den noodigen

ernst worden vastgesteld. Een vriend van den erflater, Sir Murlington, zal

Lavarède op den voet volgen om hem te controleeren. En er is nog een

tweede controleur aangewezen: de deurwaarder en huiseigenaar Bouvreuil,

die allesbehalve een vriend van Lavarède is. Met hem kan de notaris ge-

rust zijn, dat de bepalingen van het testament streng zullen worden na-

geleefd, te meer daar bij niet slagen de erfenis tusschen de beide arbiters

zal worden verdeeld.

Na lang aarzelen neemt Lavarède ten slotte deze zonderlinge uit-

daging aan.

Het is natuurlijk ondoenlijk om hier alle komische en opwindende avon

turen te beschrijven, die Lavarède op zijn reis om de wereld meemaakt.

Het is een aaneenschakeling van moeilijkheden, en ze voeren hem ovet

Hoe komt hij hier zonder kleerscheuren af?

"< H W^

IAAR OEN WERELDBEROEMDEN

OMAN VAN PAUL dIVOl

ook aan spanning is.de film rijk genoeg!

^Vjd£tu*MH4 mn dLtoHèaé'

Met FERNANDEL in de hoofdrol

Universal-Film Agency, Amsterdam.

alle zeeën en landen der aarde. Eerst als blinde passagier op de Normandie

naar Amerika, waar hij en Miss Aurette, de dochter van Sir Murlington,

slachtoffers worden van een bende gangsters en waar hij maar nauwelijks

aan den electrischen stoel ontsnapt.

Dan naar New York, Chicago, San Francisco . . . Lavarède vervolgt zijn

reis, terwijl Bouvreuil op alle manieren probeert hem tegen te werken. Van

San Francisco naar Calcutta maakt hij den tocht in een Chineesche dood-

kist, aan boord van een kleinen vrachtvaarder. De route Calcutta — Cairo

wordt afgelegd als Hindoe-danseres. De tijd schiet op. Bouvreuil verdubbelt

zijn pogingen, maar Lavarède weet ze met behulp van Aurette, die hem

goed gezind is, te verijdelen. Als marconist in een vliegmachine wordt de

reis voortgezet naar Marseille. Nog vierentwintig uur heeft hij voor den

boeg, doch de moeilijkheden stapelen zich op, hoe dichter hij zijn doel

nadert. Eindelijk lijkt het of hij nog zal stranden, als slechts een luttel aantal

kilometers hem van Parijs scheidenl In wanhoop maakt hij zich meester van

een racefiets. Op den weg juichen de menschen hem toe. Wat is er aan

de hand? Zij zien hem aan voor een der deelnemers aan de Tour de France,

die juist wordt gehouden. Als eerste verschijnt hij in het Stadion, waar eén

ontelbare menigte hem als overwinnaar bejubelt.

Eén minuut voor den tijd is Lavarède in Parijs aangekomen en volgens

de bepalingen van het testament is hij dus erfgenaam van de dertig millioen

francs. Maar dat is hem nog niet genoeg: ook het hart van Miss Aurette

heeft hij gewonnenI

( ; ernandel denkt: Ik mag er öók wel eens mijn gemak van nemen!

'pmft-

' m *n'%.

iSW;*«.

Fernande! rust even uit, op... den electrischen stoel!

Zou het ongemerkt gaan?

Zal hij het halen? Zal hij de dertigmiilioen francs verdienen?

^-• ;:

'/fa

ORIGINEtLIS

MOEILIJK TE LEZEN

ORIGINAL IS

DIFFICULT TO READ


FOTO-

N I EUWS

1. Ter gelegenheid van haar eerste lustrum hield

de meisjes-studenten-roeivereeniging „Thetis" te

Amsterdam, onderafdeeling van de studenten-

roelvereeniging „Nereus", op den Amstel onder-

linge wedstrijden. - Een kijkje in het booten-

huis, dat tot een gezellige sociëteit was ingericht.

2. De nieuwe Japansche gezant in ons land, de

heer Ishii, is verleden week in de residentie aan-

gekomen. - De begroeting op het station.

Rechts de gezant.

3. H.M. de Koningin, tijdens hasr bezoek aan

de bloemententoonstelling ,,De Hofstadbloem"

te 's-Gravenhage.

4. Het Nederlandsch Tooneel voerde G. Bernhard

Shaw's „Pygmalion" op. - Lili Bouwmeester

als Eliza Dolittle.

Vlif mm

äicimeini

A nna was naar Londen geweest

'* om er een bezoek te brengen

aan haar getrouwde zuster. Ze

was nog nooit in een groote stad

geweest en toen ze in haar dorpje

terugkwam, deed ze aan iedereen

omstandig verslag van haar weder-

varen.

„En waar woont je zuster ergens

in Londen?" wilde iemand weten,

„O, vlak naast den dokter,"

kwam het antwoord.

M

evrouw De Bruin zocht een

nieuw meisje. Daarom had ze

een advertentie geplaatst, en de

eerste sollicitante die verscheen,

leek haar wel geschikt.

„Dus je hebt goede getuigschrif-

ten?" vroeg zij, toen ze even met

het meisje had gepraat

„Zeker, mevrouw Ik heb er acht-

endertig."

„En hoe lang ben Je in de huis-

houding?"

„Twee jaar, mevrouw."

C en voetganger is iemand, die

'■" een auto heeft, een vrouw, een

zoon en een volwassen dochter.

1 hebt mij nog niet gevraagd mijn

^ rekening te betalen!"

„Ik vraag een heer nooit, of-ie

betalen wil."

„Maar wat doet u dan, als hij

nièl betaalt?"

„Dan begrijp ik, dat het geen

heer is, en vraag ik hem wèl om

te betalen."

pookten ,,lk geloof, dat een beetje

"^ beweging u goed zal doen."

Patiënt; „Maar ik voel niet veel

voor beweging, dokter."

Dokter: „O, de beweging, die ik

u voorschrijf, is niet zoo inspan-

nend. U hoeft alleen maar neen te

knikken, als iemand u iets te drin-

ken aanbiedt."

Ik ben op het eerste gezicht ver-

liefd geworden op Willy."

„Waarom ben je dan niet met

haar getrouwd?"

„Ik heb haar voor den tweeden

keer gezien."

kA annie," zei het pas getrouwde

' ' vrouwtje, ,,is het waar, dat

schapen de domste dieren zijn?"

En „Mannie" antwoordde: „Ja,

mijn lammetje."

p\ienstmeisje (tegen dame, die wat

laat op het naaikransje komt):

„Ik zou u aanraden even te wach-

ten voordat u naar binnen gaat,

mevrouw. Ze hebban het nu juist

over u."

LJ et jonge vrouwtje deed haar be-

' klag bij haar moeder.

„Jan die valt over alles," zei ze.

„Hij werd zelf« kwaad, toen ik zijn

tennisrackel had gebruikt om aard-

appelpuree te maken "

7^ hadden het over hun honden

^"" A: „Vanmorgen gooide ik een

kwartje in hef water Mijn hond

dook hef na, haalde het er uit en

gaf het mij in de hand "

B: „Dat is nog niets! Ik gooide

gisteren een dubbeltje in het water

en toen haalde mijn hond er een

gulden uit."

Rosemary Lane,

filmster van

Warner Bros, In

„Vier Dochters"

PEPSODENT

TANDPASTA

...BEVAT IRIUM

VOOR GROOTERE

REINIGENDE WERKING

Tuben a

Een vroolijke schitte-

ring van parelwitte

tanden verheldert Uw

gelaat - zoodra U op-

kijkt - zoodra U glim-

lacht. Dat is de groote

verrassing van IRIUM

in Pepsodent. En wel

op een zoo volmaakt

veilige manier!

Pepsodent met Irium

is absoluut onscha-

delijk voor het

teere tand-

glazuur.

25, 50 en 80 ets

De groote tube

is voordeeliger.

ZIJT

Artikel

„Bulgarenstreep"

model 1211/3050

f. 3.25

"^"^W^^^W5*v

Er is een verschil tusschen blouses en blouses! Dit

blijkt duidelijk als U zich eens in een betere zaak de

,,Venus"-modellen laat toonen. Met recht zult U vast-

stellen: Deze blouses munten uit door sportieve lijn,

prachtige kwaliteit, excellenten pasvorm en zijn toch zoo

voordeelig in prijs. Vraagt kostelooze toezending 'van

ons nieuwe prospectus „Van week tot week" bij N.V.

Teweha, R'dam-W., 230, adres in blokletters s.v.p.

REEDS VERZEKERD

BUDE

HA V BANK?

Zoo neen,

vraagt haar

lage tarieven

BANK

SCHIEDAM

LEVENSVERZEKERING-LIJFRENTE

VOOR SLECHTS Vk CENT

noodig om deze annonce uitgeknipt in open enveloppe als drukwerk

'aan ons op te zenden, ontvangt U uitvoerige brochures over het

HERSTEL VAN uw HAARGROEI

Vermeldt uw naam en adres op de achterzijde der enveloppe en

R.d.Vr. adresseert aan :

Dr. H. NANKING'S Pharm. Fabriek N.V., DEN HAAG

BLONDINE oF

BRUNETTE ?

Hoe

donker

geworden

BLOND HAAR

een heerlijken GOUDGLANS

kan verkrijgen en DONKER

HAAR den gloed van duizenden

llchtredexen.

BLONDINES! Donker geworden blond haar var-

llait 90" „ van da onwearrtaanbara bekoring, dia

alléén meisjes mat van natura blond haar bezitten.

Slecht! NU-BLOND (het vroegere Nurblond) kan

Uw haar die weelderige lichtblonde tint hergaven

zonder kleurttoden of schadelijke bleekmiddelen.

NU-BLOND (vroeger Nurblond) voorkomt boven-

dien het donker worden van lichtblond haar. Het

bevat „VlteF", dat Uw haar nieuwe levenskracht

geeft en roos en haarultval voorkomt.

NU-BLOND INVJ DLWINU' BlDND|NES ***

NUBRUIN VOOP

^WU/I^WIM BRUK. ETTE5

BRUNETTES! Gebruik

NU-BRUIN. Dan zult U

bemerken hoe bekoorlijk

donker haar kan zijn. Uw

haar zal glanzen met

duizenden tintelende

llchtreflexen. Denk zij

„VHeF" (de haar-vltamlna) It het tegelijkertijd <

shampoo en een haarvoedlng voor Uw haar, NU-

BRUIN It werkelijk een zeer bijzondere shampoo!


HET DUEL ZOU PLAATS VINDEN

op voeiï Vcm

<

al waren de omstandigheden meer dan vreemd, doch

plotseling smeet Max Peters zijn pistool op den grond...

„Schiet maar, als je wilt," zei hij.

Langzaam liep hij de zwarte marmeren

treden op, die naar de hal voerden

van Mr. Mayegino's huis.

De groote, breede hal gloeide in het licht

der ondergaande zon, en Mr. Peters bleef

een oogenblik staan om een blik achter zich

te werpen, den heuvel af.

De schoonheid van de eschdoorns kwam

zijn Westerschen oogen bijna ongeloofelük

voor, ondanks de welsprekende wijze waar-

op Hana hen zoo vaak voor hem beschreven

had.

Daar ginds lag de kleine haven. De schoe-

ner, die hem naar Senushi had gebracht,

zette al weer koers naar zee. De jongen, die

zyn rickshaw had getrokken, keerde ren-

nend en springend terug naar de stad. Hy

had een stuk zwart gaas voor zijn mond

vastgemaakt met behulp van twee elastie-

ken, want in de sloppen van Senushi woed-

de een ernstige influenza-epidemie.

Een bediende nam Mr. Peters' hoed aan.

De man was kort, zooals de meeste Japan-

ners, maar het was hem aan te zien, dat

hy buitengewoon sterk en lenig moest zijn.

De uitdrukking van zijn gelaat was abso-

luut ondoorgrondelijk, ofschoon Mr. Peters

de gedachte niet van zich af kon zetten, dat

hy daar reeds geruimen tijd moest hebben

gestaan, onbeweeglijk als een ivoren beeld

den rickshaw gadeslaand, terwijl deze den

heuvel óp naar de stad gekomen was.

„Mynheer," zei hij, met een stramme bui-

ging als van een soldaat, „mijn meester ver-

wacht u in de Zaal der Spiegels. Wees zoo

goed mij te volgen."

Het eerste wat Mr. Peters aan de Zaal der

Spiegels opviel, was de lengte. Ze was zoo

lang dat de nogal grappige gestalte van Mr.

Mayegino, die op zabuton — de Japansche

kussens — zat, heel klein en zelfs wat aap-

achtig leek.

Maar die indruk werd bijna direct weg-

gevaagd. Want in de kleine, aristocratische

figuur, die daar zoo rustig zat met zijn zon-

derling opgetrokken oogleden, huisde de be-

weeglijkheid van den geboren Samurai (een

Japansch edelman).

„Wilt u alstublieft gaan zitten?" vroeg

Mr. Mayegino, terwijl hij flauwtjes glim-

lachte. En toen kreeg Mr. Peters den zon-

derlingsten indruk van allemaal — de over-

tuiging, dat die rustige, stille oogen hem

werkelijk konden zien, ofschoon Mr. Maye-

gino, zooals hij beslist wist, van zijn ge-

boorte af blind was geweest.

„U zult wel een kleine verfrissching wil-

len gebruiken na uw lange reis. Mr. Pe-

ters!"

Toyomi, de bediende die aan een soldaat

deed denken, bracht een schaal vol met

vruchten en zette zé op den met matten be-

legden vloer.

„Gouden perziken van Sagasanki, Mr. Pe-

ters!"

Mr. Peters nam beleefd een vrucht van

de schaal en beet in het kostelijke vleesch

er van. Hij voelde zich allesbehalve op zijn

gemak. Hij had het warm, en terwijl hy een

blik in een der talrijke groote spiegels aan

de wanden wierp, zag hij, dat zijn gezicht

zoo rood zag als vuur.

„In het Oosten," zei Mr. Mayegino met een

stem waarin beslist iets vriendelijks trilde,

„kennen wy het gezegde, dat u misschien

wel eens gehoord zult hebben, Mr. Peters.

Het luidt: „In het Oosten hebben bloemen

geen geur, vruchten geen smaak, en...."

Misschien kunt u het afmaken, Mr. Peters?"

Mr. Peters bleef onbeweeglijk zitten ter-

wijl hij naar Mr. Mayegino staarde. Er was

iets wanhopigs in zijn blik.

„Ja," zei hy, byna schor, „.... en vrou-

wen geen deugd". — Ik ik geloof ten-

minste, dat het zoo is!"

„Het is zoo." De kalme oogen, waarvan

de pupillen zich geen oogenblik schenen te

bewegen, waarin zelfs nooit het licht van

eenig begrip, laat staan van eenige intelli-

gentie blonk, staarden Mr. Peters aan. —

„Bent u tot de conclusie gekomen, dat dit

gezegde waarheid behelst. Mr. Peters?"

„Integendeel," zei Peters.

„U vindt dit land mooi?"

„De schoonheid er van is onbeschryfe-

lykl" antwoordde Peters.

„Zoo onbeschryfelyk misschien als de

schoonheid van de vrouw?"

„Misschien...." zei Peters.

Nerveus schoof hy de schaal met vruch-

ten achteruit. Hy besefte dat hy moreel een

groote lafaard was. Alleen een gevoel van

intense wanhoop had hem hierheen gedre-

ven. Hy was tot krankzinnig-wordens toe

verliefd op Hana. En zy hield niet minder

van hem. Beide feiten vielen niet te loo-

chenen.

Hy had Hana achtergelaten in Parys, by

vrienden. Er was slechts één behoorlyke

manier om de zaak in orde te maken, had

Hana gezegd — hy, Peters, moest naar Japan

gaan, naar dien mooien met eschdoorns be-

groeiden heuvel boven de rommelige haven

van Senushi. Hy en haar man dienden daar

tot een onmiddellyke overeenstemming te

komen.

En het moest een overeenstemming zyn,

die voor alle drie eervol was. Hana gebruik-

te het woord „eervol" met een soort ont-

zag, en haar blikken schenen over de halve

wereld te schouwen, naar dien met esch-

doorns begroeiden heuvel in Japan.

Peters begreep het — doch op zyn ma-

nier! Hana's man had den geest der Samu-

rai in zich. Voor hem was eer — eer

althans volgens Japansche begrippen — een

kosteiyk goed!

Hana was een Franfaise. Ze was geboren

in Marseille. Ze was naar Japan gegaan als

verpleegster, naar het ziekenhuis van shokui

in Tokio. Hier had zy Mr. Mayegino leeren

kennen, een der meest geëerde personen

— 20 -

van Japan. Een man, die enorm ryk was

en een onmeteiyken invloed bezat — des-

ondanks een man, voor wien eer het dier-

baarste bezit was.

Nu, terwyi hy van Hana hield — Mr. Maye-

gino zelf had er op gestaan, dat zy den

Japanschen naam „Bloeiende Bloem" zou

aannemen — nu hy van Hana hield, wensch-

te Mr. Peters met heel zyn hart, dat Mr.

Mayegino niét totaal blind was geweest!

Want ook Peters hield er principen op na

— al behoorden deze dan ook tot een we-

reld die zoo geheel en al verschillend was

van die van Mr. Mayegino.

Het kwam hem — afgescheiden van alle

andere overwegingen, die hem soms be-

stormden — in de gegeven omstandigheden

laf en oneeriyk voor wat hy ging doen —

een moreel niet te verantwoorden daad!

Het was byna hetzelfde alsof men geld

stal van een blinde!

En Peters was er niet het type naar, om

geld te stelen — vooral niet van menschen

die blind zyn!

Maar daar was Hana. Zyn liefde voor

haar, en haar liefde voor hem! Hana's ver-

woeste leven; haar verspilde schoonheid —

haar schoonheid die iets over zich had van -

een zonsondergang boven een Japansch

landschap in de lente.

• Ten prooi aan een gevoel van wanhoop,

zat hy daar en staarde Mr. Mayegino aan.

Hana had gezegd, dat Mr. Mayegino een

goed mensch was. Hy was altyd buitenge-

woon vriendeiyk voor haar geweest. Het

was afschuweiyk te weten, dat hy diep ge-

griefd moest worden — des te vreeselyker

omdat het een m*an in zyn toestand gold!

Het feit dat Mr. Mayegino blind was,

vond Peters misschien het ergste van alles.

Hy had het gevoel dat hy op een wreede

manier gebruik maakte van de nadeelige

positie, waarin Mr. Mayegino verkeerde.

En toen, opeens, kwam Peters tot de ont-

dekking dat hy naar den pols van Mr. Maye-

gino zat te staren — naar het kleine zilve-

ren horloge dat byna onhoorbaar tikte tegen

de bleek-gouden huid.

Plotseling begon hy te praten. Over Hana.

Over hemzelf. Onhandig in het eerst, met

een byna bruuske verlegenheid. Maar Mr.

Mayegino hief glimlachend zyn hand op.

„Ik weet het," zei hy. „Ik heb toch Hana's

telegram ontvangen, nietwaar? Heb ik u

niet verwacht? Maar we zullen eerst dinee-

ren. Mr. Peters. Dan zullen we verder spre-

ken — over Hana."

Mr. Mayegino stond op. Peters staarde

hem met byna bygeloovige blikken aan. Het

was werkelyk buitengewoon, dacht hy, hoe

gemakkeiyk, met welk een subliem zelfver-

trouwen. Mr. Mayegino zyn weg wist te

vinden. Precies zooals iemand, die normaal

zien kon....

Misschien dat Mr. Mayegino zyn gedach-

ten raadde.

„Wanneer er een zintuig van iemand

wordt weggenomen, of hem niet gegeven

werd," zei hy, „komen er andere zintuigen

voor in de plaats, Mr. Peters! Indien u gedurende

een heel langen tyd in een donkere

kamer had geleefd, dan zoudt u het misschien

ook zeer gemakkeiyk vinden, u gewoon

te bewegen."

„Natuurlyk," zei Mr. Peters en hy volgde

zyn gastheer naar een ander lang vertrek,

waar een tafel stond die op Europeesche

wyze was gedekt en waarop een olielamp

brandde.

„Ik veronderstel, dat onze Japansche

spyzen u een beetje vreemd zullen voorkomen,

Mr. Peters," zei Mr. Mayegino op zyn

meest vriendeiyke manier. „Dit is soboro —

ik geloof, dat u dit in het Engelsch varkensrib

noemt. Het is een byzondere Japansche

schotel, weet u, gekookt in olyf-olie, en

gekruid met champignons, konyak, bamboe-spruiten

en uien....

Maar Peters luisterde

naar de stilte in het huis. ;->N

Alleen Toyomi bewoog

zich door de kamer, zoo

geruischloos als een geest.

„Ik heb al myn andere

bedienden weggestuurd,

opdat zy ontkomen mogen

aan de influenzaepidemie,"

vertelde Mr.

Mayegino op een gegeven

oogenblik, maar Peters

wist, dat dit niet geheel

waar was.

Toen het diner was af-

geloopen, bleef Mr. Maye-

gino een poosje, absoluut

onbeweeglyk zitten, alsof

hy heel diep in gedachten

verzonken was.

„Mr. Peters," zei hy

toen opeens, „er ligt op

dat kleine tafeltje daar

een boek. Zoudt u me dat

even willen aangeven?"

Peters gaf hem het boek.

Het was in braille-schrift

gedrukt. Mr. Mayegino's

vingers bewogen zich

zachtjes over de pagina's.

„Ik geloof niet, dat u

nog ooit van Gensai Murai

hebt gehoord," zei hy

byna fluisterend. „Het

was een Japansche schry-

vcr, die een tamelyke

bekendheid genoot, Mr.

Peters! Sta my toe, een

passage uit zyn boek aan

te halen over Kakugois-

me. Weet u, wat het

woord Kul, ugo beteekent!

De meest juiste beteckenis,

de meest nauwkeurige

vertaling, Mr. Peters is —

eer.

En dit is. wat hy zegt:

„De werkelyk eerlijke

mensch is hij, die door

alle slechtheid van de we-

reld gaal en die tóch on-

verzettelijk blijft wat zyn

principe van eerlykhcid

betreft door zyn kakugo."

Hy schrijft alle gevallen

van echtscheiding aan het

gebrek aan kakugoisme

toe. Hij is van meening.

dat de beide partijen geen

.- r\ x'yï

kakugo bezaten om man en vrouw te kunnen

zyn. „Kakugo maakt den man; en opvoe-

ding en beschaving zyn de middelen om

kakugo te verkrygen"."

Langzaam deed hy het boek dicht.

„Mr. Peters, naar ik heb gehoord, bent u

ook een man van eer. O ja, ik heb informa-

ties over u ingewonnen, zoowel in Parys als

in Londen. Mag ik zeggen, dat ik alleen

maar gunstige inlichtingen over u gekregen

heb?

Wy leven in twee verschillende werelden,

maar wy hebben dit gemeen — wy zyn, naar

ik hoop, beiden mannen van eer. En het is

alleen aan een man van eer, dat ik bereid

ben iets af te staan dat my, naast myn eer,

het dierbaarst op de geheele wereld is."

„Ik begryp het," zei Peters.

„Aan een man, die er eenzelfde gevoel

van eer op na houdt als ik, kan ik Hana af-

slaan, zonder schaamte, zonder het gevoel

I

^ ■-■■•■' *

X /

• \ -■■■:, V

- 21 -

DE OUDE WILG

'***


VETWORMPJES

voorgoed verdwenen

Als de vetwormpjes een-

maal weg zijn, blyven zij

weg — mits U slechts Radox

gebruikt om Uw teint te zui-

veren en zuiver te houden.

Geen pynlyke methoden

alleen een lepel Radox in een

kop flink warm water en met

deze oplossing het gezicht bet-

ten; dit waarborgt U een teint,

absoluut vry van vetwormpjes.

Lees het volgende eens: ,,Ik had

erge last van vetwormpjes. Spe-

ciaal op de kin en opzij van

neus en mond tot ik met Radox begon. Ik

deed een lepel in een kop flink warm water

en bette myn gezicht hiermede, 's morgens

direct en 's avonds voor het naar bed gaan.

Daarna afwasschen met koud water en

goed drogen met een zachten handdoek.

's Nachts gebruikte ik een beetje cold cream.

Het resultaat is een prachtige, zachte huid,

vrij van die afschuwelijke ontsierende vet-

wormpjes. Ik houd de behandeling steeds

nog vol." Mevr. C. F., L.

Doe om vetwormpjes te verwijderen een-

voudig een lepel Radox in een kop goed

warm water, bet het gezicht hiermede

eenige minuten en droog af met een zach-

ten handdoek en de vetwormpjes zijn ver-

dwenen! Om Uw teint voor altijd zuiver te

houden behoeft ge slechts telkens wanneer

ge Uw gezicht wascht wat Radox in het

water te doen. Radox is verkrijgbaar by

alle apothekers en drogisten ä ƒ 0.90 per

pak en ƒ 0.15 per klein pakje.

„Dat spijt me. Ik had gehoopt...."

„Dat wij deze kwestie tusschen ons op. . ..

hoe zal ik het zeggen: op voet van volko-

men gelijkheid zouden kunnen regelen?"

„Ja, zoo ongeveer!" Peters haalde diep

adem. „Ik. .. . wy dachten, dat u misschien

in een scheiding zoudt willen toestaan."

„Op welke gronden. Mr. Peters? Indien er

al pronden zijn, dan kunnen deze toch nooit

moreel verantwoord zyn!"

„Natuurlijk niet." Er kwam een veront-

waardigde gloed in Peters' oogen. „Hana

heeft eveneens haar eergevoel...."

„.luist! Hana heeft iets, wat byna grenst

aan de volmaakte interpretatie van kakugo.

Ze was voor mij alleen naar den gèèst mijn

vrouw. Ze had medelyden met mij, Mr. Pe-

ters, van af den eersten dag, dat zij mij in

het ziekenhuis in Tokio zag.

Haar medelijden heeft er haar toe ge-

noopt mijn vrouw te worden. Naar den gèèst

alleen. Maar zij werd nog iets meer dan

dat. Ze had een prachtige stem. Ze had de

gave van het woord. En met die gave kon

zij de stoffelijke wereld trouwelijk schilde-

ren. Ze werd mijn gezichtsvermogen...."

Peters wist zelf niet waarom, maar hij

voelde dat zijn hart sneller, onstuimiger be-

gon te kloppen. De stilte die er in het huis

heerschte, drukte op hem.

KING VIDOR

maakte het. meesterwerk der litteratuur tot

het meesterwerk der filmkunst

VERWACHT: Metro-Goldwyn-Mayer's

DE CITADEL

ROBERT DONAT • ROSALIND RUSSELL

Air. Mayegino stond plotseling op, begaf

zich naar een hoek van het vertrek en sloeg

daar op een zilveren gong. Binnen weinige

oogenblikken verscheen Toyomi. Hij had een

klein kistje, dat met leer was overtrokken,

in zijn hand en zette het op de tafel. Zonder

een woord te zeggen trok hij zich daarop

teruj*.

Mr. Mayegino glimlachte.

„Maakt u dat kistje even open. Mr. Pe-

ters!"

Peters deed wat hem verzocht werd. Er

lagen twee pistolen in.

„Maar...." Peters week verschrikt ach-

teruit. Hij voelde zich kwaad worden. „Wat

beteekent dat?"

Mr. Mayegino haalde een der beide pisto-

len uit het kistje.

„Een kwestie als deze kan slechts op één

manier geregeld worden," zei hij.

Peters draaide zich bijna woest om.

„Door een duel, bedoelt u?"

„Zeker. Waarom niet?"

„Maar.... maar u bent blind!"

„Volkómen blind!"

Peters liet het andere pistool vallen alsof

het plotseling gloeiend heet was geworden.

„En u denkt, dat ik met u onder derge-

lijke omstandigheden zal duelleeren?" zei hy

woedend. „Denkt u, dat ik een moordenaar

ben?"

„Laat ik u een verklaring mogen geven.

Mr. Peters! Indien u my doodt, zult u dit

huis zonder vrees lastig te worden geval-

len, kunnen verlaten. Zóó heb ik het be-

paald."

„Neen! Ik laat me hangen als ik...."

„Mr. Peters, stribbel alstublieft niet

tegen! U zult niet boven my in het voordeel

zyn, dat verzeker ik u. Ik ben er van over-

De Am^eiuur''

r\ itmaal een vraag, die

'"' moeilijk lijkt, maar het In

werkelijkheid niet is voor wie

even de logische consequen-

tie willen trekken uit de

feiten, die men op deze foto

zien kan!

De vraag luidt: om hoe

laat ongeveer werd deze foto

genomen? Men kan volstaan

met tennaastebij het tijdstip

van den dag aan te geven!

Wij zullen weer een prijs

van f 2.50 benevens twee

troostprijzen verdeelen. onder

hen, die ons een goed ant-

woord zenden. De verdeeling

der prijzen geschiedt op een

manier, waarbij alle inzenders

van goede oplossingen ge-

lijke kansen hebben op het verkrijgen van een

der prijzen.

U gelieve uw antwoord in te zenden vóór

26 April aan Mr. Detective, Noordeinde 8, Leiden.

Ql\Z qißMft - **r

AWQIZ. CVÊDCj !>»

- 22 -

ü

tuigd dat u in de gegeven omstandigheden

nimmer een voordeel boven my zoudt wil-

len accepteeren.

Luister. Ik ben gewend aan het donker.

En ik ga vaak schieten tusschen de heuvels,

met myn bediende Toyomi. Ik bezit een

soort zesde zintuig, dat zich door mijn blind-

heid heeft ontwikkeld. Zoo kan ik bijvoor-

beeld iemand hooren ademhalen op dertig

. pas afstand!"

Terwijl hij Mr. Mayegino aanstaarde, liep

er een huivering langs Peters' rug.

„Maar ik begrijp het niet," zei hij. „En

bovendien. .. . maken wy ons niet een beet-

je belache. ... ?"

„Mr. Peters, wilt u zoo vriendelijk zijn, de

lamp uit te draaienl"

Automatisch deed Peters wat hem ge-

vraagd werd.

„Nu, Mr. Peters, wees nu zoo goed naar

het verste eind van de kamer te gaan. Ik

zal beginnen te tellen. Ik zal tellen tot wat

u noemt tien. Dan zult u mij den tyd geven

om my naar welk deel van de kamer te be-

geven dat ik zal kiezen. Hierna, Mr. Peters,

mag u schieten wanneer u denkt, dat u de

beste kans hebt om mij te dooden."

Peters haalde met snelle, korte rukken

adem. Allerlei emoties bestormden hem.

Woede. Onmacht. Verontwaardiging. Zelfs

vrèès... .

De duisternis was ondoordringbaar!

Het was alsof ze iets tastbaars was.

Hij kon niets zien — geen enkel voor-

werp!

Het zweet begon langs zijn gezicht te

loopen.

Hij staarde in de duisternis, vergeefs pro-

beerend ze te doordringen.-Maar hij merkte

dat dit absoluut onmogelijk was.

Op briefkaart of enveloppe duidelijk vermelden:

Amateur-Detective, 26 April,

De oplossing mag bij die van de rubriek „Zoek

en Vind" worden ingesloten, mits ze op een

afzonderlijk velletje papier wordt geschreven.

DE OPLOSSING VAN HET

GEHEIMSCHRIFT-PROBLEEM

luidt als volgt;

Kom vanavond in geen geval. Het huis wordt

bespied. Morgen krijg je nieuwe orders.

De sleutel is: A is M; B is L; C is K; D is J

enzoovoort, tot M is A, dan vervolgens N is Z,

O is Y, P is X enzoovoort, tot Z is N.

De hoofdprijs van f 2.50 werd deze week ge-

wonnen door den heer C. Sprado, Hilversum.

De troostprijzen vielen ten deel aan den heer

W. v d Linden, Ridderkerk en den heer J Kamp,

Amsterdam

EEN MOOI PLEKJE IN HET LAND VAN DE WINTERSPORTEN

Toen bewoog hy zich zachtjes, met hy-

;;ende ademhalirtg. Er viel iets van een por-

celeinen standaard. Een klein beeldje....

Peters sprong opzij. Maar er werd uit de

ondoordringbare duisternis geen schot op

hem afgevuurd.

Een geweldige woede maakte zich plotse-

ling van hem meester.

En toen voelde hy zich verstijven alsof

hy van hout of vön steen was. Door die ver-

schrikkelijke duisternis ontwaarde hij plot-

seling een heel zwak lichtschijnsel.

Het was het licht van een horloge dat

voorzien was vaiï radium\

Daar, aan den anderen kant van de ka-

mer, zag hy het — onbeweeglijk op één

plaats blijvend.

En plotseling maakte zich een nog groo-

tere woede van hem meester. Dat zwakke

lichtschijnsel was afkomstig van het pols-

horloge van Mr. Mayegino 1

Hy was niet blind!

Wat moest een blinde met een polshor-

loge? Met een liclitgevend polshorloge?

Die operatie had wèl succes gehad! Mr.

Mayegino loog! Kty was bovendien gewend

aan de duisternis 1

Had hy niet gesproken van de zintuigen,

die hem geschonken waren? Hij, Peters, was

het, die in het nadeel verkeerde. Op voet

van volkomen gelijkheid, had hij gezegd, die

gemeene, zoetsappige, lachende hypocriet!

Gek van woede door een dergelijke ont-

goocheling, hief hy zyn pistool op.

Toen, plotseling, verliet zyn woede hem.

Op voet van volkomen gelijkheid....

Die gladde, lachende hypocriet had het

lichtgevende horloge aan zijn pols vergeten!

Maar kon hij. Peters, voordeel trekken van

die vergeetachtigheid, zelfs in dergelijke

omstandigheden ?

Zou hij het zich niet altyd moeten verwij-

ten, dat de omstandigheden niét volkomen

gelijk waren geweest?

Met een woesten lach gooide hy zyn

pistool op den grond.

„Schiet maar, als je wilt," zei hij. „Ik ga

die oude lamp aansteken...."

Daar stond Mr. Mayegino.

Er was totaal geen uitdrukking op zijn

gezicht te lezen.

Peters keek hem verachtelijk aan.

„Nou," zei hij, „waarom voor den duivel

schiet je niet?"

„Ik heb nog eens over het geval nage-

dacht," zei Mr. Mayegino. „Ik geloof dat het

per slot van rekening tóch het verstandigst

zal zijn als er een scheiding wordt uitge-

sproken."

Peters wierp hem een blik toe, en keerde

zich toen naar de deur.

Daar stond Toyomi.

En nu voor den eersten keer scheen Pe-

ters pas te zien, dat Toyomi een lang mes

in zyn gordel droeg! En op datzelfde oogen-

blik kreeg hij een zonderling idee — het

idee dat indien hij in dtkMuisternis had ge-

schoten, het lange, sc/ierpte^znes onmiddel-

lijk in zijn rug gestoken zou i^öft....

Mr. Mayegino bleef, onbeweeglijk en met

starenden blik staan, terwijl hij luisterde

naar het geluid van Peters voeten, toen deze

de zwarte marmeren treden afdaalde.

Kalm, met een zonderlingen glimlach om

zyn lippen, zette Mr. Mayegino zich op het

kussen by het venster.

- 23 -

(Ingezonden mededeeling)

Spijsverteringsstoornissen

plaagden hem

Geniet thans een blakende gezondheid

Acht jaren geniet deze man nu reeds een

blakende gezondheid, nadat hy tevoren ge-

kweld was geweest door indigestie. „Tien

jaar geleden werd ik gekweld door spijsver-

teringsstoornissen. Na ontelbare middelen te

hebben geprobeerd zonder verlichting te

kunnen vinden, werd mijn toestand steeds

erger. Eindelijk probeerde ik Kruschen en

gedurende 8 jaren geniet ik nu al weer een

blakende gezondheid. Ik ben opzichter in

een bekende motorenfabriek en hoewel ik

65 ben, ga ik door voor 50."

K. T.

Kruschen Salts is een combinatie van zes

zouten, die ieder een eigen werking hebben.

Zij verwijderen de opgehoopte afvalstoffen,

die de oorzaak zijn van Uw klachten, door

aansporende werking op lever, nieren en in-

gewanden, waardoor niet alleen rheumati-

sche pijnen, maar ook spysverteringsstoor-

nissen, voorkomen en bestreden worden. Uw

bloed wordt gezuiverd en binnen korten tijd

zullen l'w pijnen verminderen, om tenslotte

geheel te verdwijnen. Kruschen Salts is uit-

sluitend verkrijgbaar bij alle apothekers en

erkende drogisten.

„Toyomi," zei hij, „het Irorlogc was inder-

daad een goed idee, want het heeft bewe-

zen dat Mr. Peters een man is, voor wien

kakugo van het allergrootste belang Is. Ik

ben voldaan — zonderling voldaan. . . ."

En toen, terwijl hij op die eigenaardige

vriendelijke en rustige manier glimlachte,

maakte hij het zilveren horloge los van zijn

pols en wierp het door de kamer op een

kussen.

Want wat voor nut heeft zoo'n ding voor

een man, aan wien^ voor altijd al de pracht

van den avond en de glorie van den ochtend

is verborgen?

PINAUD 612 geeft Uw ooeen een ontrekend

fraaie uitdrukking en is den geheelen dag

houdbaar, veroorxaakt geen prikkeling en

ia volkomen „waterproof".

Verkrijgbaar In vasten vorm of

tube, in 4 verschillende kleuren.

Voor een volmaakte oogen make-up brengt

Pinaud een complete set, bestaande uit:

Wimpercosmetic in tuben of vasten vorm.

Creamy Mascara, Cake Mascara,

Bye-Shadow etc.

In vasten

vorm of tube PI. 0.35

groot

model tube PI. 1.35

PIMID

612

Generaal-vertegenwoordiger voor Nederland:

S. Vlessing, C.Reinierszkade 17

's-Gravenhaee.


DE INRICHTING DER KEUKEN

Daar de keuken een van de meest gebruikte

vertrekken in huis is, waar moet worden

gekookt, gewasschen, gestreken, gepoetst

enzoovoort, is het zeer zeker van belang, dat de

inrichting practisch en doelmatig is.

Huren we een huis, dan hebben we de keuken

te nemen zooals zij Is, dat spreekt vanzelf, maar

we kunnen er toch op letten, dat de bouw en

inrichting er van niet al te sterk afwijken van de

eischen die er aan gesteld worden.

Laten we een huis bouwen, dan zijn we in de

gelegenheid, om met deze eischen rekening te

houden, en dan dienen we op het volgende te

letten.

1. De keuken moet op het Noorden liggen, dus

aan de koudste zijde van het huis.

2. Er moet voldoende daglicht kunnen binnen-

komen. Er moeten dus flinke ramen zijn!

3. De keuken moet liefst naast de eetkamer ge-

legen zijn, zoodat we bij het opdienen van het

eten er niet ver mee hoeven te loopen.

4. De gootsteen moet in het midden van het

aanrecht zijn aangebracht.

5. Er moet voldoende bergruimte (kasten) aan-

wezig zijn. Is er boven het aanrecht een kast

aangebracht, dan moet die kast minstens 30

cm. boven het aanrecht blijven.

De kasten mogen niet te hoog worden aan-

gebracht, zoodat men er niet meer bij kan,

zonder te klimmen, want hierdoor wordt ook

het schoonhouden moeilijker gemaakt.

6. Er moet behoorlijk geventileerd kunnen

worden.

7. De kunstmatige verlichting moet voldoende

zijn.

8. De vloer en de wand moeten gemakkelijk

schoon te houden zijn.

9. De meubelen moeten practisch geplaatst wor-

den, zoodat ze jjiet in den weg staan en een

belemmering vormen voor het werk. dat er in

de keuken gedaan moet worden.

0. Het materiaal dat we in de keuken noodig

hebben, moet practisch en doelmatig zijn.


hr-ri ¥^ wi ei criTi mir

jLjjjJUJUJXdLikJkJUumm

We willen nu even nauwkeuriger aanduiden wat

we met de punten 6—10 bedoelen:

Ventilatie: Bij het koken wordt veel waterdamp

gevormd, hetgeen wij met het woord „wasem"

aanduiden. Deze waterdamp moet snel verwijderd

kunnen worden, omdat hij anders de keuken veel

te vochtig zou maken. De verschillende voorraden

die we in de keuken bewaren als bijvoorbeeld zout,

suiker, bloem enzoovoort, zouden vochtig worden

met al de vervelende gevolgen hieraan verbonden,

die we hier niet nader zullen noemen. Verder is

een goede ventilatie voor de keuken zeer ge-

wenscht, met het oog op de verschillende „etens-

luchtjes", die er tijdens het koken ontstaan. Kan

, men de keuken niet voldoende ventileeren, dan

trekken deze „etensluchtjes" door het huis, hetgeen

zeer onaangenaam is.

De ventilatie moet echter zóó worden aange-

bracht, dat men in de keuken werken kan, terwijl

er geventileerd wordt; het mag er dus niet toch-

ten. Behoorlijke ventilatie-mogelijkheden geven

bijvoorbeeld openslaande ramen of een tuimelraam

met zijstukken.

Kunstmatige verlichting. De lampen moeten zoo

worden aangebracht, dat overal waar gewerkt

moet worden behoorlijk licht te maken is; dus boven

den gootsteen en boven het fornuis een lamp.

Een lamp in het midden der keuken is niet

voldoende. Beter wordt het, wanneer deze lamp

langs het plafond verschuifbaar is, zoodat men

haar dus naar de plaats kan brengen, waar ge-

werkt wordt. Verschillende lichtpunten in de keu-

ken geven echter de beste verlichting. Verder moe-

ten we er voor zorgen, dat het licht op de handen

valt, en niet van achteren invalt, hetgeen het ge-

val is, wanneer er één lamp in het midden van

de keuken is aangebracht. Men staat zichzelf dan

in het licht.

RECEPTEN UIT HET WEEKMENU

Hoeveelheden voor 4 personen.

Filosoof.

Benoodigd: 400 gram gebraden vleesch, 5 d.L.

bouillon of bouillon met bruin van jus; 40 gram

Hoe dichter we den

zomer naderen, hoe

meer de badpakken

in het middelpunt der

belangstelling komen

te staan. Onze leze-

ressen zullen de

hierbij afgebeelde

costuumpjes dan ook

zeker met meer dan

gewone belangstel-

ling bekijken.

1. Een sportief geruit

badpakje, met als

eenlge garneering

een gesp en een

koord.

2. Een eenvoudig ef-

fen badcostuumpje,

dat vooral opvalt

door het gekleurde

soutache, dat langs

de halsuitsnijding en

op de ceintuur wordt

aangebracht.

Modellen Venus.

24 -

WEEKMENU.

Maandag:

Stamppot van ztAirkool me% rookworst;

gort met rozijnen*

Dinsdags

Filosoof; citroenrijst.

Woensdag:

Roerei met gefruit brood; macaroni met

tomaten.

Donderdag:

Varkensfilet, aardappelen en knolraap;

bessen vla.

Vrijdagt

Gekookte tarbot, aardappelen en Hdlandsche

saus; griesmeelschoteltje.

Zaterdag:

Haché, aardappelen en roode kool. rijstgruwel.

Zondagt

Bruine ragóutsoep; kalfsoesters, aardappelen

en Brusselsch lof „au jus; Montagne

Rasse.

boter of vet van jus; 1 ui, laurierblad, peper, kruid-

nagel, soja, aroma; 800 gram gekookte aardappe-

len: 4 d.L. melk; boter: zout; nootmuskaat.

Bereiding: Het fijngesneden vleesch ongeveer

15 minuten zachtjes stoven met den gefruiten ui, de

kruiden en het vocht. Het vleeschmengsel zoo noo-

dig nog op smaak afmaken met wat soja en aroma

en daarna overdoen in een vuurvasten schotel.

De vleeschmassa bedekken met een laag puree, die

we maken van de fijngemaakte, gekookte aardap-

pelen vermengd met melk, boter, wat zout en noot-

muskaat. Den schotel bedekken met een laagje

paneermeel waarop kleine stukjes boter worden

gelegd en in den oven een bruin korstje geven

(20 ä 30 minuten).

Hollandsche saus.

Benoodigd: 2 lepels kruidenazijn; 6 lepels water:

5 eierdooiers; 500 gram boter; zout, peper, citroen-

sap; water.

Bereiding: 2 lepels azijn en 2 lepels water lang-

zaam inkoken in een pannetje, tot op een derde

van de hoeveelheid. De eierdooiers dik kloppen en

door den azijn met water mengen, Deze massa ver-

warmen, tot ze gebonden is. De boter week maken

en ze door de eimassa roeren, terwijl men het

toevoegen van boter afwisselt met toevoegen van

wat warm water (niet meer dan 4 lepels). De

saus op smaak afmaken met peper en citroensap.

G vemein

VAN DIEREN EN OVER DIEREN

De Colorado-kever, de groote vijand

van de aardappelenteelt, is zoo

vruchtbaar, dat men heeft kunnen vast-

stellen, hoe uit een duizendtal vrouwe-

lijke kevers in korten tijd 45 millioen

nakomelingen ontstaan.

Een van de leelijkste dieren ter wereld

Is de haarlooze Mexicaansche kat. En

toch wordt zij als „schootdiertje" gekozen.

Onlangs werd in den Indischen Oceaan

een visch gevangen, welke behoorde

tot een soort, waarvan men geloofde,

dat zij reeds eeuwenlang uitgestorven

was.

De xonvlsch, welke in de Middelland-

sche zee voorkomt, is een der zwaarste

waterbewoners.

De Raad van de provincie Warwick-

shire heeft door middel van de politie

en de hoofden van scholen 'n lijst laten

verspreiden van de beschermde vogels,

met afbeeldingen van hun eieren, ten

einde aan de jeugd duidelijk te maken,

dat het leeghalen van nestjes waarin

deze eieren voorkomen, het moed-

willig vernielen er van en het vernie-

tigen der eieren, aan den landbouw

groote schade toebrengen

Proefnemingen hebben bewezen, dat

de hen alleen haar kuikens te hulp komt,

wanneer zij haar hulpgeroep hoort. Wan-

neer men de kleinen door een glazen

afscheiding, waardoor het geluld niet

doordringt, buiten het gehoor van de

moederhen brengt, dan bekommert zij

zich niet om de kuikens, ook al kan zij

zien, dat zij in gevaar zijn.

Groot-Brittannië laat geen honden het

land binnenkomen, dan nadat zij zes

maanden lang in quarantaine zijn ge-

weest. Men wil hierdoor voorkomen,

dat hondenziekten uit het buitenland

worden overgebracht.

In Britsch Guyana heeft men de Amazonevlieg

ingevoerd om een insect te bestrijden, dat het

suikerriet aantast. Het succes was zoo groot, dat

men de proeven in Puerto-Rico wil voortzetten.

In Borchen Wood in het graafschap Hertford-

shire heeft men een tehuis voor oude o) lijdende

paarden ingericht. De inrichting bleek werkelijk

aan eon behoefte te voldoen.

DE EERSTE KOMEET VAN HET JAAR ONTDEKT

p\ e eerste komeet van dit jaar, die zoo helder

'■' is, dat men ze met een gewonen verrekijker

kan zien, werd onlangs ontdekt door een

amateur-astronoom, Leslie P. Peltier in Ohio,

Amerika.

Tijdens een interview verklaarde Peltier, die

negenendertig jaar oud is, dat deze komeet de

zevende is, die hij gedurende drieëntwintig jaar

heef': ontdekt.

Hel nieuwe hemellichaam is net niet helder

genoeg om met het bloote oog gezien te kunnen

worden.

O! de komeet een staart heeft, en of zij zich

snel beweegt, kon nog niet worden vastgesteld.

ECHTE PAASCHEIEREN

Cen Amerikaan heeft ontdekt, hoe men kippen

'■" eieren kan laten leggen met groene, blauwe

of oranje dooiers. Deze kleur behouden de

dooiers zelfs wanneer de eieren gekookt worden,

maar desondanks komen er toch normale kippen

uit de eierenl

Deze zonderlinge eieren worden voortgebracht

doordai men een bepaald chemisch middel aan

Ht kippenvoer toevoegt.

Wat een

schitterende tegels!

Hoe houd je die

toch zo

helder?

4

Ik schuur

ze nooit, maar

reinig ze zacht

met VIM!

bcherpe schuurmiddelen bederven Uw tegels voor U het weet.

Ze vernielen de oppervlakte en maken de tegels dof en ruw.

In de krassen blijft vuil zitten. De zachte dubbele werking van

Vim reinigt de tegels volkomen. Vim maakt het vuil eerst los /

en verwijdert het daarna zonder krassen te veroorzaken. '

Houd tegels en glanzende voorwerpen in Uw huis schoon /.

met Vim.

Op elke bus een geschenkenbon op de reuzenbus twee!

VIII-Olli

ER ZIT EEN FORTUIN IN DE ZEE

1 edere ton zeewater bevat voor een bedrag van

' ongeveer zestig cent aan mineralen. Zout is

daar natuurlijk het voornaamste van.

Tot de tweeëndertig andere chemische ele-

menten, die in zeewater voorkomen behooren

onder anderen: bromide, koper, zink, zilver, nik-

kel, goud, radium, enzoovoort. Een Amerikaan-

sche! firma weet ongeveer tienduizend ton bro-

mide per jaar uit zeveneneenhalf millioen ton

zeewater te halen.

Goud zit er inderdaad in, maar slechts zeer

weinig — maar 0.000004 gram per ton. Koper is

in grootere hoeveelheid voorhanden; iedere ku-

bieke meter zeewater bevat 0.005 gram.

Ondanks al déze minerale „waarden" blijven

toch altijd de visschen het voornaamste dat de

zee ons te geven heeft. Slechts een zeer klein

deel van den totalen vischvoorraad uit de

oceanen wordt door den mensch als voedsel ge-

bruikt.

De visschen vormen echter niet alleen uitste-

kend voedsel, maar ze verschaffen ons ook vet,

olie en zelfs leder. Een onlangs genomen proef

heeft bovendien aangetoond, dat men uit het

eiwit van visch een spindraad kan maken, die

bijna even goed is als schapenwol.

SOMBERE TIJDEN

1 n een Engelsche courant troffen wij de volgende

" interessante ontboezemingen aan van groote

mannen uit het verleden, waaruit blijkt, dat men

ook vroeger wel „sombere tijden" heeft gekend,

en zich met beirekking tot de toekomst pessi-

mistisch heeft getoond!

LORD GREY zei in 1819: ik geloof, dat alles

uit zal draalen op een geweldige catastrophe!"

&.

-k^a$t nooit

/

WILLIAM PITT, die van 1757 tot 1761 minister

was, zei: „Waarheen we den blik ook wenden,

we ontwaren om ons heen nauwelijks iets anders

dan de sporen van ondergang en wanhoop

WILLIAM WILBERFORCE, een Engelsch filosoof,

gaf omstreeks het jaar 1800 op de volgende wijze

uiting aan zijn pessimisme: „Ik durf niet te trou-

wen; de toekomst is zoo donker en onzeker. .

DE HERTOG VAN WELLINGTON, aan den voor-

avond van zijn dood in 1851, meende den hemel

dankbaar te moeten zijn, omdat hij er voor ge-

spaard bleef het slotbedrijf van den ondergang te

zien, die reeds overal om hem heen bezig was

zich te voltrekken. . .

DISRAELI zei In 1849: „Op het gebied van de in-

dustrie, den handel en den landbouw ziet men

nergens meer eenige hoop. . ."

KONINGIN ADELAIDE beweerde, dat zij

slechts één wensch had, namelijk zoo dapper mo-

gelijk de rol van Marie Antoinette te mogen

vervullen in de revolutie, die over Engeland moest

losbreken . .

LORD SHAFTESBURY beweerde in 1848: „Niets

kan het Britsche Keizerrijk meer voor een schip-

breuk redden!"

„Wij hebben er ons toen doorheen geslagen,"

merkt het Engelsche blad op, waaraan wij boven

staand lijstje ontleenen, „waarom zouden we

dan nu ook geen kans zien er doorheen te

komen?"


HET JONGE HERT

Een jong hert is een der aardigste en

mooiste dieren, die er in het wild

leven. Misschien hebt ge ze al eens

gadegeslagen van uit de verte in een bosch

of in een dierenpark, terwijl ze plotseling

achter de boomen wegschoten, hun kleine

witte staartjes hoog opgetild.

Er is een heele geschiedenis verbonden-

aan die kleine witte staartjes.

Alle jonge dieren moeten één groote les

leeren: gehoorzaamheid. Doen zij dit niet,

of brengen zij haar niet in practyk, dan

loopen zij gevaar nooit volwassen te wor-

den maar vóór dien tijd dood te gaan.

De eerste les betreffende de gehoorzaam-

heid is dat zij zich absoluut niet verroeren

mogen wanneer er gevaar Tlreigt. Soms,

wanneer moederhert haar babies even alleen

moet laten, legt zij ze op een plaats neer,

waar zij een deel schijnen uit te maken van

de omgeving, en natuurlijk mogen zij zich

dan niet bewegen om niet opgemerkt te

worden. Hoe bang ze ook zijn, ze mogen

hun aanwezigheid door geen beweging

verraden!

Maar indien hun moeder denkt, dat het

gevaar zóó groot is, dat ze er voor moeten

vluchten, dan geeft zü een rauwen, waar-

schuwendeu kreet en steekt haar witten

staart omhoog. Haar kindertjes weten dan,

dat zij haar moeten volgen, waar zy ook

heengaat. Ze steken hun kleine witte staart-

jes ook in de hoogte en loopen wat zij kun-

nen op hun nog zwakke beenen. Maar

ofschoon hun moeder stellig verwacht, dal

zij haar zullen volgen, kiest zü den gemak-

kelijksten weg en zal zij nooit harder loopen

dan haar kinderen kunnen. De witte vlag

van haar staart blijft altijd zichtbaar, en

de babies hebben niets anders te doen dan

die te volgen, en nergens anders aandacht

aan Ie schenken.

Zoo leeren zy waarheen zij moeten vluch-

ten, waar zij zich moeten verbergen en hoe

zü even vlug en zeker ter been moeten wor-

den als hun moeder. En als zy deze lessen,

die vóór alles lessen van gehoorzaamheid

zijn, goed leeren, dan zullen zy later flinke

herten zijn, die zich redden kunnen in het

leven.

En zoo is het ook met kinderen: kinde-

ren, die in hun jeugd gehoorzaam zijn ge-

weest aan vader en moeder, die de lessen

hebben ter harte genomen die dezen hun

JU JU ^i ËJ ivi3

JL%

gegeven hebben, worden later bijna zonder

uitzondering flinke menschen, die zich uit-

stekend door het leven kunnei) slaan!

Geheimzinnige beelden.

Niemand schynt het geheim op te kunnen

lossen van de talryke steenen beelden op de

Paascheilanden, in den Stillen Oceaan. Som-

migen gelooven, dat het beelden zyn van

goden, die vroeger op deze eilanden werden

vereerd, terwijl anderen denken, dat ze op-

perhoofden voorstellen.

Algemeen gelooft men, dat ze tusschen

tweeduizendvyfhonderd en vyfduizend jaar

oud zyn.

HET SNOEPSTERTJE

«Jetje was een aardig meisje,

Maar zij had een groot gebrek:

Altijd wilde zij maar snoepen,

Daarin bad zij altijd trek!

„Een klein schepje neem ik stiekum

Uit dien vollen suikerpotl

Een klein snoepje van dat schaaltje,

Eén toheetje nog tot slotl"

De eerste straatlantaarns.

Gedurende de regeering vap koning Hen-

drik IV (1413—1422) werden de straten van

Londen voor het eerst verlicht- Dit gebeur-

de door middel van lantaarns, die aan tou-

wen dwars over de straten werden ge-

hangen.

Hoe geheel verschillend is het verlichtings-

systeem dat wy thans kenneq, vooral in de

groote steden! En hoezeer is de veiligheid er

door toegenomen, om nog maar niet eens te

spreken van den aangenamen kant, want

wie nu des avonds ergens hepn moet, hoeft

zeker zyn weg niet meer op den tast te

zoeken, zooals dit vroeger zelfs in de groot-

ste steden het geval was! Daarom lieten def-

tige menschen zich dan ook dikwyls verge-

zellen door een bediende, die vóór hen uit-

ging met een lantaarn in de hand om hen

by te lichten!

En zoo ging bet toch zoo dikwijls:

Jetje snoepte altijd weer.

Moedei wilde dat niet langer.

En wat deed zij op een keer?

Zij nam uit een mooi choc-laatje

Met een vulling lijn en zacht,

Heel voorzichtig toen die vullljig.

Waarom moeder toch zoo lacht?

Toen nam zij den groene-zeeppot.

Vulde daaruit den bonbon.

Smolt hem toen weer op elkander.

Hoe ot moeder 't toch verzon?

Jetje kon bet wèèr niet laten

Toen zij bet choc'laatje zag.

Jetje, Jetje, wees toch wijzer!

Nooit vergeet Jij meer dien dag.

„Hap!" zei Jetje, „'k neem hem lekker!

O, wat zal die beerlijk zijn!

'k Ga er rustig eens van smullen,

Want die smaakt vast heel erg fijn!"

Maar opeens, o hé, wat was dat?

,,Brr! O, hemel, bah! Wat raar. .. .

Lieve help, ik word er ziek van....

O, wat smaakt diè vrees'lijk naar!"

„Neen," zei moeder, „stoute Jetje,

Ziek word jij er heusch niet dopr!

Maar'k hoopje zult nu nooit meer snoepen:

Jij hebt nu je straf er voor!"

KOFf l€ - $0€P

L€l/€lNtf£LlXM

i/PM p£N mm

/VAIO ONJ2£>J R€\7.€tJ0€tJ

K G-EOGCT-eOQ)

In Agram, de nijvere stad in Joego-Slavië, begint het

Oosten, althans wat het drinken van koHie aangaat.

Al noemt 't kleine cafeetje, waar wij ons even neer-

zetten, zich ook nog zoo Westeuropeesch „Calé Dum-

ping" - en de prijzen z ij n er werkelijk naar! - de

kollie die men ons voorzet is reeds werkelijk op Turk-

sche wijze bereid. Op een keurig gepoetst koperen

tafeltje plaatst men een fraai gedreven miniatuur kan-

netje met langen steel, eveneens van geel koper, voor

ons, en reeds het eerste proefje, dat wij er uit schen-

ken, doet direct een heftig debat ontstaan,

„Eindelijk weet ik nu, hoe je kollie zet," zucht een

jong studentje, dat zich onderweg bij ons gezelschap

aangesloten heeft, en dat er op uitgetrokken is om de

wonderen van het Oosten te ontdekken.

„Verschrikkelijk, dat zoete goedje," moppert iemand

anders.

Een onderzoek van de meer zakelijk geïnteresseerden ,

brengt aan het licht, dat de op Turksche wijze bereide

koffie bestaat uit een mengsel van zeer fijn gemalen

koffie, (koffiemeel), veel poedersuiker en weinig water,

dat sommigen smaakte, maar dat anderen alschuwelijk

vonden

De kellner uit het

café op den Balkan

neemt zélf eerst een

kopje koffie, alvorens

hij het draag-blad

met de „echte Turk-

sche" naar den klant

brengt.

Wanneer de koffie

werkelijk lekker moet

worden, maalt men

de boenen niet alleen,

maar stampt ze ook

nog fijn in den vijzel

(links beneden) om

ze vervolgens zoo

lang door een zeef

te schudden, tot er

zich in de blikken

trommel (onder de

zeef) niets anders

bevindt dan een soort

koffiemeel, waarvan

de echte Turksche

koffie gezet wordt.


D« havenarbeider op Kreta verkwikt zich tijdens een korte

rust onder zijn werk met een kopje ,,zéér zoete".

Bij onze rondreis door het Zuidoosten van Europa konden

wij telkens weer vaststellen, dat dit „koHiesoepje", zooals men

het wel spottend noemt, op den heelen Balkan de rol van „levens-

elixer" speelt. De sjouwerman slurpt, als hij even tijd vindt om

wat te rusten, een kopje koffie; de minister laat het voor zijn be-

zoeker uit het dichtstbijgelegen café halen; de moeilijke omstan-

digheden, waaronder een zakelijke transactie tot st^nd kwam, laten

zich gemakkelijk afleiden uit het aantal koHiekopjes dat er na de

bespreking leeg op het tafeltje is achtergebleven. . .

De armste boer op den Balkan zal, wanneer hij geen enkel geld-

stuk meer in huis heeft, liever zijn laatste schaap een halven dag

ver naar de markt sleepen dan van zijn kopje koffie af te zien.

Het „Café au lait", dat als lokaas voor Westeuropeesche gasten,

die heimwee naar hun land en het op hun wijze bereide kopje

koffie hebben, op hel „Tarief" van de betere cafés en hotels van

den Balkan staat, doet door de manier waarop ze klaar gemaakt

is, In niets aan uw kopje koffie van thuis denken, maar de ruim de

helft goedkoopere „Café Türe" die er vlak onder staat, is een

wonder van „koffie-kunst" - althans in Balkaanschen zinl

Maar dat ten slotte de meeningen over de juiste bereiding van

den zwarten tooverdrank ook in het dosten ver uit elkaar loepen,

en dat de eene „Café Turc" nog lang niet de andere „Café Turc"

is, dat maakte men ons in Griekenland duidelijk, waar wij hoorden,

dat men koffie op niet minder dan tweeënveertig verschillende ma-

nieren zetten kanl

Naar het onderscheid gevraagd, slaagde onze zegsman er wel

Is waar niet in, ons alle tweeënveertig manieren te noemen, maar

hij kwam toch tot een verbazingwekkende opsomming van „erg

zoet", via „zoet", „middel" en „halfbitter", „bitter" tot „zeer

bitter". . . En ging toen nog verder. . .

„Wanneer er drie Grieken bij elkaar komen," zoo verklaarde

hij met beminnelijke zelf-ironie, „dan bestellen zij op drie ver-

schillende manieren klaargemaakte koffie, en hebben daarbij drie

verschillende politieke overtuigingen. . ." Waarbij de koffie dan,

zooals hij later verklaarde, tot taak heeft de uit elkaar loopende

meeningen betreffende het welzijn van den staat niet al te heftig

op elkander te doen botsen. . .

Met deze kalmeerende uitwerking van de koffie schijnt men

overigens op den Balkan overal vertrouwd te zijn. Men vertelde

ons zelfs, dat er eens een gezant van een groote Westeuropeesche

mogendheid in Athene was, die er op handige wijze partij van

trok. Wanneer hij een bezoeker kreeg, wiens stem tijdens het

onderhoud meer dan normaal luid begon te klinken, dan, zoo

wist zijn kamerbewaarder,

moesten er direct twee kop-

jes koffie worden binnenge-

bracht. . .

Het resultaat moet nooit

uitgebleven zijnl

En een beter loflied op

de koffie kan er moeilijk ge-

zongen worden. , .

Zóó zet men op echt Turk-

sche wijze koffie: zeer fijn

gestampte en gezeefde

koffie wordt, na met poeder-

suiker uit de bus links ver-

mengd te zijn, in een ko-

peren kannetje (met langen

steel) met kokend water

uit den vierkanten oven

begoten, waarna het meng-

sel boven'een vuurtje van

houtskool wordt „gebroeid"

om vervolgens als koffie-

soep In het kopje te wor-

den gegoten.

Op bezoek bij een ouden Mohammedaanschen priester in een bergstadje op den Balkan. Zonder kopje koffie is het onderhoud niet denkhaar!

Op het deftige bureau heeft een gewichtige bespreking plaats, en de

piccolo heeft natuurlijk twee kopjes koffie moeten brengen. — Hoeveel

zullen er nog volgen eer men het eens is geworden?

Tijdens het rustuurtje in een Mohammedaansch-Bulgaarschen winkel.

De koffie mag er natuurlijk niet bij ontbreken.

De koffie had dezen beidr ouden Bosniers alle zorgen des levens doen

vergeten, maar nu de kopjes leeg zijn, beginnen zij weer te redeneeren.


1. Toen Peter en de anderen van uit „De Zilve-

ren Ster" de dieren zagen vluchten, begrepen ze

eerst niet wat er aan de hand wat, maar plotse-

ling kwamen ze in een dichten rook en werd de

hitte onverdraaglijk. „Het Is een boschbrand," riep

Peter verschrikt.

4. Zoo verbaasd waren ze, dat ze geen woord

konden uitbrengen. Ten slotte stamelde mijnheer

Benn: „Ze hebben ons in den steek gelaten."

Maar dat was in het geheel niet het geval, ze wil-

den alleen maar probeeren om den man in het

bosch In veiligheid te brengen.

7. De jongen hoorde haar nauwelijks. Hij zocht

zijn weg door de boomen en het geloei van de

vlammen werd met lederen stap duidelijker hoor-

baar. Hij bevond zich al midden tusschen branden-

de varens. Maar het geluk was hem gunstig. Daar

ontdekte hij Simon Skiff.

DE VLIEGAVONTUREN VAN PETER EN DOT ^cy

2. Peter had moeite zich verstaanbaar te maken,

want het vuur verspreidde zich zoo snel, dat de

eene boom na den andere afknapte en met een

slag ter aarde viel. De kleine piloot wist, waar het

oerwoud door een rivier werd dooreneden en hij

besloot daar te dalen.

5. Skiff was het oerwoud In gevlucht. Hij moest

zich nu midden in den ontzettenden brand bevin-

den. Eensklaps wees Peter naar beneden. „Daar

gaat hij!" riep hij. „Hij verongelukt, als we hem

niet redden. Dot." Dot knikte langzaam. Ze was

erg bang.

8. Hoewel de man een schurk was, had Peter nu

toch medelijden met hem. Hij liep daar met de

hand voor de oogen, probeerend ze op die ma-

nier tegen den rook te beschermen en Peter kon

duidelijk merken, dat hij heelemaal den weg was

kwijtgeraakt. „Dezen kant," riep hij.

3. Vlak aan den oever van het water waren ze

veilig voor de vlammen en Peter en Dot fluister-

den samen wat. Mijnheer Benn en zijn broer keken

over het water uit en ze merkten pas Iets bijzon-

ders, toen „De Zilveren Ster" met de kinderen er

in boven hen vlooo.

6. O, als haar broertje maar niets zou over

komen. Hij ging dalen en toen dat was gebeurd

klauterde hij meteen uit het vliegtuig, dat nu nog

buiten het bereik der vlammen stond. Daarna ren

de Peter het bosch in, hij moest snel handelen

„Kom gauw terug," smeekte Dot.

9. De man kreeg weer wat moed toen hij Peters

stem hoorde, maar toen hij de dansende vlammen

In het oog kreeg, kreunde hij van angst. „We kun-

nen er niet meer uit!" gilde hij, toen er een bran-

dende boom dwars over het pad viel.

WORDT VERVOLGD

GEWONE ADVERTENTIES: KOLOMHOOGTE 120 REGELS - KOLOMBREEDTE 5 cM. - REGELPRIJS 25 ets. BRUTO

TEKSTADVERTENTIES: KOLOMHOOGTE 120 REGELS - KOLOMBREEDTE 6.7 cM. - REGELPRIJS ScTcts. BRUTQ

KORTINGEN VOLGENS TARIEF

- 30 -

e Voor U'club

K. B. B. te A. - Ramon Novarro heeft vele jaren niet gefilmd. Hij heeft

een tijdje in Engeland gewoond, en is daarna naar Frankrijk verhuisd. Er be-

staan plannen om hem het volgend seizoen weer te laten optreden in een

nieuwe film.

J. B. te R. - Ik kan U niet anders raden, dan naar een dokter te gaan

voor het door U genoemde euvel. Het lijkt mij te gevaarlijk er zelf iets

aan te doen. - De gevraagde foto's zullen U gezonden worden.

H. J. W. te A. - Het beste lijkt mij, indien U zich wendt tot den Engel-

schen Consul, Heerengracht 258, te Amsterdam. U kunt er terecht, eiken dag

van 10-13 uur, en van 14-16 uur. Zaterdag van 10-12 uur.

B. F. B. te B. - U kunt eens het volgende probeeren: Neemt U veel

voetbaden in een oplossing van een paar flinke handen zout, en ongeveer

zeven liter water. Houdt Uw voeten er ongeveer een kwartier in, maar

denkt U er wel aan, dat U ze voortdurend in beweging houdt. Maakt U deze

beweging ook als U kousen en schoenen aan heeft, dat is het beste voor

de voeten. Verder moet U er om denken, dat U eens van schoenen ver-

wisse t en de gedragen schoenen buiten zet. U kunt het best wollen kousen

of sokken dragen.

Mevr. H. K. te G. - Ik kan me heel goed begrijpen, dat U het jammer

vondt van Uw taschje, maar U kunt nog best eens probeeren het met

waschbenzme schoon te maken. Eau-de-Colognevlekken zijn erg hardnekkig

maar toch wil deze behandeling nog wel eens helpen. - Denkt U aan het

brandgevaar? Het beste is het buitenshuis te doen.

i L " ? te , D ' H ~ He, adres van Shirle y Temple is: 1401, Western Avenue

Los Angelos. Indien U antwoord wilt hebben, moet U één antwoord-

coupon insluiten; voor een foto moet U er drie sturen.

A. B. te A. - Inderdaad was het een fout, maar Uw oplossing was verder

toch goed.

A. C. A. K. te A. - Er is maar één officieele tooneelschool in ons land

en wel in Amsterdam. Directeur is de heer B. Verhagen, het adres is Mar'

nixstraat. Om op de school toegelaten te worden, moet U minstens de vijf-

jarige HBS. hebben doorlpopen.

M M. te H- -Ik dank U wel voor Uw briefje; ik vind het prettig dat mijn

raad U geholpen heeft. Wat Uw opmerking betreft, hebt U volkomen gelijk.

Ik zou U toch heusch in Uw eigen belang aanraden eens wat vroeger naar

bed te gaan. U denkt misschien wel, dat U sterk genoeg bent, maar na

verloop van tijd zult U toch wel kunnen merken, dat U er niet tegen opge-

wassen bent. Bovendien kunnen veel menschen 's morgens beter werken

dan s avonds. Probeert U het dus maar eens!

Mevr. P. K. te J. - Inderdaad is het waar, dat deze maand het best ge-

schikt is om alles eens een flinke goede beurt te geven, want nu is de

winter weer voorbij, en de zomer staat voor de deur Ik zou U aan-

raden van een mooien dag gebruik te maken om de bedden eens een

heeien dag buiten te laten staan. U zult er heusch geen spijt van hebben!

H. L. te F. - Het spijt mij voor U, maar ik denk dat er aan het dekzeil

niet veel meer te doen is; als het gaat kleven is het zijn eind nabij. U kunt

dus mets anders doen, dan een nieuw zeil aanschaffen.

Mevr. K. P. te U. - Het is geheel verkeerd om een kandelaar, die met

kaarsvet zit, schoon te krabben, want dan komen er in de meeste gevallen

krasjes op het metaal, en dat is toch niet de bedoeling. U kunt Uw kande-

laar het best in een hoeveelheid warm water dompelen. Ik denk dat hij daar

wel van zal opknappen.

J. U. te A. - Het is nooit aan te bevelen om twee glazen in elkaar te

zetten maar als het toch eens per ongeluk gebeurd is, en ze willen na

hel afwasschen niet meer uit elkaar, kunt U ze los krijgen door ze eerst

m kokend water te dompelen, en daarna in het bovenste glas wat koud

water te gieten. Probeert U het maar eens. U behoeft dan niet bang te

zijn, dat ze springen.

G. I. te W. - U kunt op het oogenblik gerust'al spinazie op den kouden

grond zaaien, het weer is al warm genoeg. Aardappelen hadt U ook al

kunnen poten.

H. A. te G. - Een boekje zooals U bedoelt is mij niet bekend. Er is wel

een goed leerboek: „Kramer's kleine cursus voor zelf-onderricht, f. 1.75."

Mevr. K. P. te F. - Inderdaad heeft Uw vriendin gelijk, dat bij heel veel

groenten de voedingswaarde verloren gaat door het koken, en vooral door

ze te lang te laten koken is dit het geval. Wat Uw andere vraag betreft, een

zeer goed middel is de handen in te wrijven met een mengsel van azijn en

zout.

H. U. te T. - Uw wijze van oplossen is juist. Alleen de Amateur-detective

en de filmpuzzle hebben wij graag op een apart velletje papier. Ik wensch

U veel geluk bij het inzenden; mèèr kan ik ook niet doen!

Do Secretaresse IVJ/J do VOOR U-CLUB, Nnordeinde 8, Lei dei,

31

EEN GESCHIEDENIS ZONDER WOCRDEN

Toerist: „Ik vraag, of er geen opticien in het dorp woont! Ik hob mijn

bril gebroken.'

.

,,lk heb maar een heel klein stukje noodig, om een gordijntje te maken

voor een poppenhuis."


H U

„Ik wil die sjaal rullen; zij is me veel Ie'

nauw."

„Het spijt me voor hem, maar hij kan zich

niet meer herinneren wat hij heeft vergeten."

„Maar u denkt toch niet, dat ik lederen dag

om mijn geld wil komen loopen 7"

„Zou Vrijdag u schikken?"

„Jal"

„Nu, kom dan iederen Vrijdag."

„In mijn huis blijft geen enkele bacil.''

„Ik kan het ze niet kwalijk nemen."

„ZoOals u ziet, dames en

heeren, heb ik absoluut niets

in mijn mouwen verborgen."

Slachtoffer;

gebruiken?"

„Maak een paar close-ups van hem! Ik ga even een nieuwe film halen!

,Je kunt me zeker niet als compagnon

GESPREKKEN MET MIJN

VRIEND PIETERSEN

„W'

elke regisseur heeft nu de meeste

films in scène gezet?"

„Waarschijnlijk de Amerikaansche

regisseur Allen Dwan."

„Hoeveel films heeft hij dan ,,op zijn geweten"

?"

„Hoeveel denk jij, Pieterscn?"

,,Nu, misschien wel honderd!"

„Achthonderd en vijftig, waarde vriend."

,,Hoe kan dat nou? Wanneer is hij zijn regisseurs-loopbaan

dan begonnen?"

,,In 190g. Hij filmt dus al dertig jaar."

„Dat zou dan beteekenen, dat hij ongeveer

achtentwintig films per jaar fabriceerde. Dat

lijkt me toch wel een beetje veel!"

,,Ja, maar je moet weten, Pietersen, dat

Dwan de aanvangsjaren der cinematografie ook

heeft meegemaakt. Anno 1909 begon Allen

Dwan met de regie van één-acters. Toentertijd

maakte men zoo'n filmpje in één dag en meermalen

leverde Dwan vijf films per week af!"

„Dat wist ik niet!"

,,De bekende Fransche komiek Lindner speelde

het zelfs wel klaar om twee films per dag

af te leveren."

„Wat was Dwan zijn achthonderdvijftigste

film?"

„De drie Musketiers" met de bekende Ritz

Brothers. Zijn 84gste rolprent was „Suez"."

„Daar heeft hij* zeker langer aan gewerkt

dan één dag?"

„En of, Pietersen. Maar eventjes twee-cneen-half

jaar. Als zijn vroegere films ook zoolang

geduurd hadden, zou hij er maar twaalf

voltooid hebben."

DE DERDE MUZE

DE MAN VAN VIRGINIA

fLJfoewel wij bovenstaand blijspel van Flo-

rence Kilpatrick niet kunnen rekenen tot

de afgezaagde, door amateurs vele malen

gespeelde werken, hebben wij toch reeds eerder

dit amusante blijspel in onze kolommen be-

sproken. Het gaat om een jonge, geëmancipeerde

vrouw, die van een toelage leeft van een tante

in Londen en nu bericht krijgt, dat deze tante

haar met een bezoek komt vereeren. Dit zou

p zichzelf niet zoo erg zijn, wanneer Virginia

maar nooit had geschreven, dat zij gehuwd was.

Nu moet er dus één, twee, drie een man gevon-

den worden. Zij plaatst een advertentie en de

keuze valt op William Hemmingway, die veer-

tien dagen voor „pater familias" moet spelen.

C)an ontstaan er vanzelfsprekend heel wat ver-

wikkelingen, want zoo eenvoudig is het geval

natuurlijk niet. Wij begrijpen al wel, dat het

bappy end niet ontbreekt en dat een werkelijk

Jwelijk het gevolg is van het schijn-huwelgk.

Het is voor een goede tooneelvereeniging

?-en zware opgaaf dit stuk te spelen en ook

Verg. Haagsche Tooneelvereeniging A.D.O.

■-D.V.S. hebben er niet veel moeite mede ge-

id. Het blijspel werd voor een decor gespeeld

1 het vlotte tempo deed veel goed, daar het

ii uk wel een paar erg leege plekken vertoont.

Enny de Vletter was het jonge vrouwtje en

speelde haar met veel gemak; goed was zij

' Kiral, wanneer zij onder de bekoring raakt

n den jongen man, hetgeen echter niet strookt

iet haar principes. Bep Heysers voldeed zeer

ined als de vriendin, al deed zij de aardige ver-

c Iking in Des Duivels Prentenboek bij cje

aatste opvoering van A.D.O. niet vergeten.

ok het dienstmeisje Elisabeth voldeed, hoewel

oms natuurlijker spel, minder overdreven, Bep

DE BEKENDE COREAANSCHE DANSERES SA! SHOKI

dl« op 'I ooganblik «en tournee door ons land maakt

Barons vertolking ten goede was gekomen. Van

de heeren noemen wij in de eerste plaats D. C.

de Goederen, die heel aardig, beheerscht en rustig

de rol van den tijdelijken echtgenoot vervulde.

Wat meer charme zou zjjn vertolking nog ten

goede zijn gekomen. A. C. v. d. Vet gaf van

den oom van William een aardige typeering en

voldeed uitstekend, terwijl in de kleinere rollen

Betty Simons en B. Dijkstra als resp. Joyce en

Freddy goed spel gaven. A. W. van der Putten,

die den detective Carfton uitbeeldde, hadden

wij gaarna wat imponeerender zien optreden,

overigens was het niet onverdienstelijk.

De regie berustte wederom bij Dr. W. de

Vletter, die voor een goed samenspel zorgde.

De opstelling in het laatste bedrijf in de scène

tusschen den detective en de familie leek ons

minder gelukkig.

V

DE EBBENHOUTEN OLIFANT

oor de eerste maal hebben wij te 's-Gra-

venhage Henk Bakkers „De Ebbenhou-

ten Olifant" gezien, een spel van avon-

tuur, opgevoerd door de Tooneelvereen. „O.D.

I.A.". Henk Bakker schreef ook dit werk in

samenwerking met mevr.. van Bommel-Kouw

en het werd een amusant stuk met vele griezelige

verrassingen. Het gaat om een scheikunde-

leeraar, die verslaafd is aan thrillerlectuur en

die hoopt ook zelf eens wat aan dén lijve te

ondervinden. Welnu, hij krijgt zijn zin! De

diefstal van een ebbenhouten olifant leidt tot

ernstige gevolgen. Hoe en waarom zullen wij

echter niet verklaren. Regisseur P. van Zwiete-

ren, die al meer dergelijk werk regisseerde, gaf

een alleszins bevredigende opvoering van dit

oorspronkelijke werk. De sfeer was goed, even-

als het tempo en het samenspel. Ook het spel

gaf reden tot tevredenheid. Zeer goed was het

spel van mevrouw Waardenburg, die werkelijk

alleraardigst de „hospita met haar hart op de

tong" uitbeeldde. Vooral in kleine trekjes viel

haar goede spel op. Mevrouw Th. van Zwie-

teren voldeed eveneens goed, al hadden wij er

de voorkeur aan gegeven een jongere kracht der

vereeniging de rol van dit jonge meisje te laten

uitbeelden. J. Rotteveel maakte van Dick van

der Wall wat mogelijk was. Vooral de uitbeel-

ding van den gemaskerden man viel niet mee.

Het was mijns inziens de vertolking ten goede

gekomen, indien deze rol wat demonischer was

gespeeld. H. van Zwieteren vertolkte den ama-

teur-detective met liefde en toewijding, terwijl

F. Block (met een wel wat erg korte broek!)

een keurige buttler was. Ook de Chinees van

M. Stappers voldeed zeer goed, al was zijn

uitspraak erg onduidelijk;

In de kleinere, rollen een temperamentvol

dienstmeisje van mejuffrouw J. van Ruiten,

een goede typeering van een tweeden Chinees

door B. Bidding en een politie-inspecteur van

R. Raavens. Rest ons nog regisseur Van Zwie-

teren als Phil Reewijk, de mannelijke hoofdrol

te noemen. Hij speelde haar met hetzelfde ge-

mak als wij van hem gewoon zijn, maar het

viel wel erg op, dat hij blijkbaar zijn hoofd

onder het spel te veel „achter" had. Hij reageer-

de namelijk onvoldoende op het spel van zijn

tegenspelers. Het bezwaar, wanneer regie en

hoofdrol in één hand moeten zijn. Over zijn

spel verder kunnen wij zeer tevreden zijn, al

viel het op dat het wegwerpen der sleutels uit

het raam niet geschiedde en waarom niet??

HENRI A. VAN EIJSDEN JR.


niwpiiFiiii^pr

Tl)dens de races.

Een vergadering van bankdirecteuren. Jack *o«It sich hier niet erg thuiC

MG

Het eind van een veete.

D'

eze film biedt ons een voorspel,

dat ons het Kentucky van 1861

laat zien, toen Noord en Zuid vol

verbittering en woede tegenover elkander

stonden, met al den haat, de wreedheid

en het leed van een burgerkrijg. Twee

van de oudste en aanzienlijkste families

in den staat Kentucky komen daardoor

lijnrecht tegenover elkander te staan. John

Dillon moet zijn plicht doen als officier der

Noordelijken en paarden requireeren uit de

stoeterij van zijn buurman Thaddens Goodwin.

Diens verzet is oorzaak, dat hij er het leven bij

verliest. Nooit zullen de Goodwins dit verge-

ten! Hier ontstaat een veete, die niet vergeten

wordt, wanneer de vrede van Richmond ge-

sloten is.

De tijd verstrijkt. Jongere generaties staan

op, de oudere verlaten dit tranendal. Nieuwe

problemen vragen de aandacht, maar Kentucky

is en blijft een oord bij uitnemendheid voor de

paardenfokkerij, de races en de hippische talen-

ten. Alleen de oudste generatie weet nog van

de voorbije tijden, het geleden leed....

Jack Dillon, stamhouder van zijn familie,

erfgenaam van do Dillon-stoeterij, keert terug

uit Engeland, waar hij acht jaar op school ge-

weest is. Het is een vreugdig weerzien: zóóvefel

vrienden en verwanten en de geur en de zon-

neschijn van Kentucky . . En dan de mooie

blauwe oogen van Sally Goodwin, die weigert

hem te ontvangen, f>mdat hij nu eenmaal een

Pal voor de groote race.

ucw 4 _.,. -.

Gefotografeerd in het geperfectionneerde

Technicolor-Procédé.

Regie: David Butler.

Sally Goodwin Loretta Young

Jack Dillon Richard Greene

Peter Goodwin Walter Brennan

John Dillon anno 1861 Douglas Dombrille

John Dillon anno 1939 Moroni Olsen

Thad Goodwin anno 1861 Russell Hicks

Thad Goodwin Jr. anno 1861 Delmar Watson

Thad Goodwin Jr. anno 1937 Charles Waldron

Mrs. Goodwin anno 1861 Karen Morley

Peter Goodwin anno 1861 Bob Watson

Grace Goodwin anno 1861 Leona Roberts

Bob Slocum Willard Robertson

Ben George Reed

Vendumeester Charles Lane

i^

Dillon is, al heeft zij hem nimmer gezien . . Werkt< de veete dus

nog? Alleen bij haar grootvader, die haar hiertoe aanzet, waarbij zich

nog de kwaadsprekerij van een onbetrouwbaren neger voegt.

Er is veel werk voor een jongeman als Jack. De paarden vragen zijn

aandacht. Maar zijn vader zou liever zien, dat de jongeman toetrad tot

het bankwezen. Gewillig schikt Jack zich, maar het bankbedrijf stuit

hem weldra tegen de borst en na een hevige scène breekt hij met zijn

ouderlijk huis.

Als trainer weet hij onder een anderen naam een baantje te krijgen

bij de Goodwins, waar hij nu Sal-

ly ontmoeten kan en waar hij liefde

voor haar opvat. Sally's vader

sterft en laat alleen schulden na . . .

de trotsche bezitting zal moeten

worden geveild. Wie heeft daar

m^de de hand in? Jacks vader.

Wanneer

f^Shé

Sally laat zich niet weerhouden en trotseert den stormnacht.

haar grootvader gelijk heeft en dat de Dillons haar doodsvijanden zijn.

De oude Peter Goodwin heeft nog één vordering op de rijke Dillons,

een vergeten recht, tusschen oude papieren gevonden: hij zal een paard

mogen uitzoeken uit hun stallen. Dillons stalmeesters zitten daarmee

in. Als de oude heer, die een geducht kenner is, nu eens het allerbeste

paard uitkiest?

Dan moet het hem geleverd worden! beslist Jacks vader. De trainer

neemt een list te baat en verstopt het beste paard van stal, maar toch

vindt Peter Goodwin het prachtige paard „Blue Grass" en kiest het uit.

Op dit paard wil hij al zijn hoop vestigen en zijn laatste geld zetten!

Wij beleven dan een bij

uitstek spannende race, waar- Loretta Young, Richard

bij een heele reeks tegen- Greene en Walter

strijdige belangen betrok- Brennern.

ken zijn. Den afloop willen

wij echter hier niet verra-

den, omdat dan voor den

toeschouwer een reeks van

groote verrassingen verloren

zou gaan


EEN DOKTERS DILEMMA

VAN G. BERNARD SHAW

BIJ HET RESIDENTIE TOONEEL

Vijf en twintig jaar geleden voerden de

_ Haghespelers, onder leiding van Ver-

kade dit stuk hier te lande op.

Het Residentie Tooneel heeft het aange-

durfd het in Den Haag opnieuw voor het voet-

licht te brengen.

,,Zonder twijfel behoort het stuk tot het al-

lerbeste wat Shaw geschreven heeft," zoo

constateert D. V(erbeek) in het inleidend arti-

kel, dat in het programma is afgedrukt.

Van deze meening ben ik . . . geschrokken.

Is Shaw na een kwart eeuw voor mij zoo ver-

ouderd, dat ik een van zijn beste creaties rond-

weg gezegd onaantrekkelijk, gewrongen en vol

van op valsch effect gerichte scènes moet

vinden?

Zelfs het dilemma lykt mij onzuiver gesteld

en... . eigenlijk geen dilemma.

Shaw stelt een door zijn werk op het gebied

van tuberculosebestrijding gewaardeerden arts,

leider van een kliniek, tegenover de vraag, wel-

ken patiënt zal ik mijn hulp (en naar mijn over-

tuiging redding) geven, den collega, wiens nut-

tige werk in een district van financieel slecht

gestelde patiënten, met hem verloren dreigt te

gaan, of een brilliant artist, een a-moreel

mensch, wiens vrouw in den dokter een heftige

liefde en begeeren heeft doen ontwaken.

Het dilemma waagde ik eigenlijk geen di-

lemma te noemen, omdat ieder logisch denkend

en practisch mensch wel tot de conclusie moet

komen, dat Sir Colenso Ridgeon, de dokter met

het dilemma, met eenigen goeden wil tijd en

plaats had kunnen en moeten vinden voor twee

patiënten. In plaats van lange, volstrekt over-

bodige discussies met collega's te houden had hij

den tijd kunnen vinden en elke andere plaats

dan een armoedig atelier, voor een behandeling

van een tuberculosepatiënt, hetgeen beter zou

zijn geweest.

Shaw, die met blijkbaar genoegen de

..bloem'' der medici bespot, verdient, dat men

met gelijksoortigen spot spreekt over beroemd

geworden tooneelschrijvers, die den theaterbe-

zoekers allerlei onwaarschijnlijkheden te slikken

geven. Ik noem, als voorbeelden dezer onmo-

gelijke scènes, het toelaten van een praatziek

oppervlakkig journalist bij een dood-ziek kun-

stenaar, die, om dit onderhoud mogelijk te

maken uit zijn bed wordt gehaald en in een

ziekenstoel naar een tochtig atelier wordt gere-

den, de belachelijkheid, dat vier doktoren van

naam. waaronder een tuberculose-specialist,

veroorloven, dat een zwaar T.B.C.leider zijn

vrouw kust en knuffelt zonder een woord of

daad van deze medici, om de gevaarlijke besmet-

ting te voorkomen.

Laat ik door deze bespreking der details niet

verzuimen om u den inhoud van het stuk dat

na een kwart-eeuw opnieuw wordt opgevoerd,

in het kort, in uw geheugen terug te roepen.

Dr. Ridgeon is in den adelstand verheven

omdat hij een nieuwe behandeling tegen de tuber-

culose heeft ontdekt. Sir Colenso Ridgeon

(Dirk Verbeek) ontvangt in het eerste bedrijf

zijn collega's Schultzmacher (Bob de Lange),

Sir Patrick Cullen, den nestor (Piet Bron),

den chirurg Dr. Cutler Walpole (Jan C. de

Vos) en den geneesheer van de upper-ten Sir

Ralph Bloomfield (Adolph Engers).

Deze beeren worden ons door Shaw met

blijkbare voorliefde als typen van den bekrom-

pen, door hun stokpaardje-berijden, hun schijn-

wetenschap en onderlingen naijver weinig

aantrekkelijke heelmeesters voorgesteld. Dr.

Blenkinsop (Philippe la Chapelle) voegt zich

bij het gezelschap. Hij is de „arme collega", die

evenmin als de patiënten, waaronder en waar-

voor hü leeft, tijd heeft om voldoende aan-

dacht aan zijn kwaal te ge^en.

De langgerekte discussies maken het Sir Co-

lenso onmogelijk om een vrouw te. ontvangen,

die zijn hulp voor haar man komt inroepen.

Alleen door het aandringen van de oude dienst-

bode Emmy (Coba Kelling) lukt het dat me-

vrouw Dubedat (Vera Bondam) toch ontvangen

wordt. Die Emmy is een „clownachtige"

figuur, welke in dit milieu vreemd aandoet,

doch door Shaw blijkbaar als type is bedoeld.

Sir Colenso spreekt met mevrouw Dubedat,

raakt onder haar bekoring, belooft haar ernstig

te overwegen of hij haar man zal kunnen be-

handelen en ('t gaat allemaal wel heel vlug)

noodigt haar en haar man, den schilder Louis

Dubedat (Johan de Meester), uit voor het in-

tieme dinertje, dat hij ter eere vän de hem ver-

leende onderscheiding aan zijn vrienden wil

geven.

Het tweede bedrijf speelt op het terras van

een hotel te Richmond. Dezelfde personen zijn

aanwezig. Er heetscht een after-dinner stem-

ming, de beeren zijn in een beminnelijke bui.

Het diner en de wijn waren goed, me-

vrouw Dubedat, die als gastvrouw funjzeerde,

is een allercharmantst persoontje, Dubedat de

schilder een alleraardigste kerel, die met groote

vlotheid portretjes weet te teckenen.

De desillusie komt na dat het schildersecht-

paar weg is en uit de confidenties blijkt dat

Louis zoowat iedereen uit het gezelschap heeft

opgelicht, gouden sigarettenkokers heeft weten

te gappen en blijkbaar een bigamist is, want een

der kamermeisjes vertelt den heeren, dat de

m'nheer, die daarnet met die vrouw wegging,

met haar getrouwd was en haar in den steek

liet. Aan het slot van het bedrijf doet Sir Colen-

so aan den ouden Sir Patrick de confidentie

van zijn dilemma: óf den armen collega be-

handelen met de kans, dat de schilder dood gaat

en zijn aantrekkelijke weduwe vrij wordt óf den

schilder behandelen en bij mislukte kuur de

schijn te wekken, dat de minnaar den medicus

heeft overwonnen.

Het derde en vierde bedrijf spelen in het

atelier van Dubedat. In het derde is deze de

geniale, schurkachtige kerel, die zijn tirades

over.-moraliteit, fatsoen, kerk, gemeenschap en

al wat er verder bijbehoort ten beste geeft, ter-

wijl mevrouw Dubedat kans krijgt om haar

naief, idealistisch karakter te openbaren.

Het vierde bedrijf brengt ons de sterfscène

Piet Bron, Adolphe

Engers, Dirk Verbeek,

Philippe la Chapelle,

Jan C. de Vos en

Bob de Lange.

G. BERNARD SHAW

interview, waarover schreef

Aan het slot weigert mevrouw Dubedat aan Si«*"- .,

Colenso Ridgeon de hand te geven, omdat zi /^sé'

hem niet vergeven kan, dat hij haar man nie|


IGENEVIEVE TOBINl

fÄrfo Wtnitr Broi)\

HET WEEKBLAD

CIMEMAs.

THEATER

VERSCHIJNT WEKELIJKS - Hll|$ M» KWÄMTAAL f. I.H -

VOOR INDlËEMBUITENtAHDf-t MPER JAAR -RED EN AOM

NOOROEINDE », LEIDEN. TEi.. 7M. rOSTREKSNING 4MM

'■ X;

^.v:

m ;--f

More magazines by this user
Similar magazines