Klik hier - Syndion

syndion.nl

Klik hier - Syndion

synchroon chroon

Synchroon is het blad van Syndion over mensen met een beperking, hun plaats

in onze samenleving, hun dagelijks leven en de begeleiding die daarbij gegeven

wordt.

W I N T E R

2010

2e JAARGANG

NUMMER 3

Woestijnroos

helpt Egyptische

kinderen met

handicap

Met

plezier naar

je werk

SYNDION

VERANDERT

MET OOG OP

DE TOEKOMST

Het mooiste

moment?

Als wat je

gemaakt hebt

verkocht wordt!


2

COLOFON

Synchroon is een uitgave van Syndion, stichting voor dienstverlening

en ondersteuning aan mensen met een handicap.

Het wordt verspreid onder externe relaties, cliënten en medewerkers

van Syndion. Voor cliënten met een verstandelijke

beperking wordt De Krant gemaakt, een uitgave met eenvoudig

taalgebruik. Synchroon verschijnt driemaal per jaar. Het blad

bevat informatie over de ontwikkeling in de sector dienstverlening

en ondersteuning aan mensen met een handicap in het

algemeen en binnen Syndion in het bijzonder.

Synchroon wil bijdragen aan binding, betrokkenheid en draagvlak.

Het blad geeft informatie en draagt bij aan opinievorming

rondom de onderwerpen die relevant zijn voor de (professionalisering

van de) gehandicaptenzorg of de plaats van gehandicapten

in de samenleving. De artikelen bevatten niet altijd de

mening van Syndion. De redactie behoudt zich het recht voor

artikelen in te korten of te weigeren.

Dienstverlening en ondersteuning aan mensen met een handicap

Syndion

Postbus 3012, 4200 EA Gorinchem

Tel. (0183) 651150

www.syndion.nl

info@syndion.nl

Redactie

Aart Bogerd (hoofdredactie)

Adrie Beumken

Suzanne Doeleman

Marry van Dongen

Elly Geurts

Jos Huibers

Anke van der Kind

Arianne Lievaart

Claudia van Rhijn

Mirjam Rinzema (eindredactie)

Cees Taal

Vormgeving/drukwerkverzorging

Fitting Image, Giessenburg

Oplage

2800

Foto’s

De foto’s komen uit het Syndion-fotoarchief,

tenzij anders vermeld

AAN DE LEZER

Met plezier

Wij werken met plezier in de zorg; ons werk geeft voldoening

en arbeidsvreugde. Omdat we veel voor elkaar kunnen krijgen

voor mensen die het moeten doen met een minder goed

functionerend oordeelsvermogen of lichaam. Een beperking,

handicap of hoe je het maar wilt noemen, waar zij zelf ook

niets aan kunnen veranderen. Wat geeft er nou meer arbeidsvreugde

dan er aan bij te kunnen dragen dat hun leven een

waardevol leven is; voor hen zelf en voor hun omgeving? Dat

ouders en familieleden ervaren dat ze er in zorg of ondersteuning

niet alleen voor staan?

In dit nummer van Synchroon staan veel voorbeelden van mensen

die zich hier met plezier voor inzetten. Bijvoorbeeld door

samen met andere ouders ruim vijf jaar te knokken voor een

fijne woonplek voor jongeren met een handicap. Omdat zij nu

eenmaal niet altijd thuis kunnen blijven wonen, maar het wel

fijn is als ze dichtbij het ouderlijk huis kunnen blijven. Of door

je, samen met anderen, jarenlang in te zetten voor medezeggenschap

en inspraak voor cliënten van Syndion.

Hopelijk ziet u ons plezier in het werk terug in dit nummer van

Synchroon. Hopelijk ervaren de cliënten die u in dit nummer

tegenkomt dat ook.

Natuurlijk zijn er ook momenten dat we minder blij en tevreden

zijn. Dan mopperen we op de regels en bureaucratie. Op de

bezuinigingen op de AWBZ. Op het stopzetten van de PGB’s.

Soms kunnen we zaken verbeteren of zorgen we dat we onze

werkwijze aanpassen. Daarom vraag ik hier uw aandacht voor

het interview met mij (pag. 16 en 17), waarin ik vertel over de

organisatieontwikkeling die Syndion heeft ingezet. Ook leest u

hier over de nieuwe indeling in regio’s, die per 1 januari 2011

ingaat. Het doel: met hetzelfde plezier blijven werken aan nóg

betere dienstverlening. Want... we weten voor wie we het

doen!

Een vriendelijke groet,

Aart Bogerd, directeur-bestuurder

(a.bogerd@syndion.nl)


INHOUD

“Dit droomhuis is zeker geen luchtkasteel”

Marianne Hamstra over haar initiatief voor een woning voor jongeren met handicap 4

Met plezier naar je werk

Is werken in de gehandicaptenzorg leuk? 6

TIP

Nieuw tijdschrift: Lotje&co 7

Zorgnieuws 8

De oren en ogen van de cliënt

De Centrale Cliëntenraad van Syndion over medezeggenschap 9

Column

Cliëntmedezeggenschap... van die dingen 11

In beeld

Buitenschoolse activiteiten: Herfstkamp 2010 12

Succesvolle invalpool blijkt kweekvijver

Fleksybel bestaat drie jaar 14

‘Tussen de dingen van je werk door kijken’

Intervisie: elkaar inspireren 15

‘De enige zekerheid is de voortdurende verandering’

Syndion verandert met het oog op de toekomst 16

“Er gebeuren dingen die in het Westen ondenkbaar zijn”

Lia en Diane zetten zich in voor Egyptische kinderen met een handicap 18

“Het mooiste moment? Als je werk verkocht wordt!”

Twee ateliers en een cadeauwinkel: Disyn in Culemborg 20

Cliënt aan het woord

Remco Vinke: “Het gaat hier echt beter met mij” 22

3


Questions?

4Questions?

4Questions?

4Questions?

4Questions?

4

Het interview

Ieder nummer van Synchroon bevat

een interview met één of meerdere

interessante mensen. Deze keer:

Marianne Hamstra

“ DIT DROOMHUIS IS ZEKER

GEEN LUCHTKASTEEL” Door Mirjam de Swart

“Ik zie er eigenlijk best tegenop.

Ik moet er nog niet aan denken

dat Manon straks niet meer thuis

woont.” Marianne Hamstra is de

moeder van de 21-jarige Manon.

Manon heeft een meervoudige handicap

en woont bij haar ouders in

Wijk bij Duurstede. Maar Marianne

is ook initiatiefneemster van Stichting

Droomhuis. Een stichting die

zich inzet voor een woonvorm voor

jongeren met een verstandelijke of

meervoudige handicap in Wijk bij

Duurstede. En dat ‘droomhuis’, waar

Manon een van de bewoonsters

van gaat worden, komt steeds

dichterbij.

“Eigenlijk is het de omgekeerde wereld.

Gezonde pubers maken zich op een

gegeven moment los van hun ouders.

Ouders van kinderen met een handicap

moeten die lijntjes zelf door knippen. De

kinderen kunnen dat niet. Maar je moet

ze los laten; de zorg wordt zwaarder en

intensiever. Het vergt veel van je als

ouder. We zijn er inmiddels ook hard

aan toe. Het is beslist geen traject

voor watjes. Uiteindelijk groei je heel

langzaam toch naar dat loslaten toe,”

legt Marianne uit.

De oorsprong van Stichting Droomhuis

ligt in 2005. Marianne Hamstra had net

een cursus gevolgd over het opzetten

van een kleinschalige woonvoorziening

voor gehandicapten bij oudervereniging

PhiladelphiaSupport. Haar droom: het

realiseren van een ‘thuis dichtbij huis’

voor haar dochter. Al snel sloten meer

ouders zich aan bij dit initiatief en

Stichting Droomhuis was een feit. “Met

ongeveer zes ouders zijn we enthousi-

ast van start gegaan. Het is een proces

van vallen en opstaan. Maar ook een

feest van herkenning, en dromen, die

steeds meer werkelijkheid worden.”

Tegenslagen

Het waarmaken van de droom ging

beslist niet zonder slag of stoot, vertelt

Marianne. “Als we alles van te voren

hadden geweten, hadden we er waarschijnlijk

niet eens aan durven beginnen.

Maar straks staat het Droomhuis er en

hebben we het samen mooi voor elkaar

gekregen. We hebben de nodige tegenslagen

gehad, maar uiteindelijk zijn we

er iedere keer beter uitgekomen.” Zo

waren er tegenslagen met een ondernemer

die wel wilde bouwen en zich op

het laatste moment terugtrok. Ook de

veranderingen die de overheid aankondigde

en een zorgverlener die vanwege


Answers! 5

de recessie besloot uit het project te

stappen, maakten het allemaal niet

gemakkelijk.

“Er komt zó ontzettend veel bij kijken.

Zaken waar je als gewone ouder helemaal

geen weet van hebt. Gelukkig zijn

we door allerlei instanties heel goed

geholpen. Ook de gemeente heeft echt

zijn steentje bijgedragen. Daarnaast zijn

we bij diverse ouderinitiatieven wezen

kijken en toen beseften we wel dat het

allemaal mogelijk is. Ons droomhuis

is beslist geen luchtkasteel,” lacht

Marianne.

De stichting werd niet alleen geholpen

met praktische hulp door oudervereniging

PhiladelphaSupport en MEE. De

Rotary Wijk bij Duurstede heeft in de

loop der jaren meer dan 100.000 euro

bijeengebracht voor het Droomhuis.

Leden van de Rotary leverden bovendien

de nodige deskundige ondersteuning

tijdens het project. “Het leeft ontzettend

hier in de gemeente. Er zijn al mensen

die zich hebben aangeboden als vrijwilliger

als het huis er eenmaal staat.

Tijdens de tegenslagen helpen ze je er

doorheen. Ze geven je een schouderklop

en je kunt er weer even tegenaan. En nu

onze droom steeds dichterbij komt, word

je soms wel tien keer per dag aangesproken

door mensen die meeleven. Dat

geeft weer een drive om door te gaan.”

Na ruim vijf jaar knokken is het nu

zeker dat het Droomhuis voor jongeren

met een handicap er gaat komen. In

het najaar van 2010 ondertekenden

Stichting Droomhuis, woningstichting

Volksbelang en Syndion een intentieverklaring.

“Een emotioneel moment; hier

hebben we het allemaal voor gedaan.

We zijn er nog lang niet, maar dit is een

grote stap voorwaarts,“ aldus Marianne.

Woningstichting Volksbelang gaat

het droomhuis met plaats voor twaalf

bewoners bouwen en Syndion gaat de

zorg verlenen. “Syndion is een zorgverlener

die meedenkt, oplossingen biedt en

het zorgbelang van cliënten vooropstelt.

Daar zijn we ontzettend blij mee.”

Behang

Marianne is opgelucht dat dit deel van

het traject nu is afgerond. “Nu kunnen

we het concreet gaan maken. We willen

zeker niet te hard van stapel lopen,

maar stiekem zijn we al bezig met het

behang dat op de muur moet komen en

de inrichting van de woonkamer,” lacht

ze. “Maar nu komt dus ook ineens dat

besef: mijn kind gaat straks de deur uit.

Dat is spannend, maar doordat we zelf

het heft in handen hebben genomen,

groeien we heel langzaam naar het

loslaten toe.

Voor de kinderen die straks in het

Droomhuis gaan wonen breken zeker

ook moeilijke tijden aan, beseft Marianne.

“Nu realiseren ze zich nog niet

wat er allemaal gaat komen. We kunnen

ze nog niks laten zien. Maar als ze er

straks echt gaan wonen, zal het in het

begin best moeilijk zijn. Op een gegeven

moment wonen ze daar permanent. Dat

gewenningsproces zal voor iedereen anders

zijn.“Gelukkig wonen de ouders in

de nabije omgeving van het droomhuis

en kunnen we onze kinderen de steun

blijven geven die ze nodig hebben. Ook

met de verschraling in de fi nanciering

van de zorg zal het waarschijnlijk steeds

meer noodzakelijk worden. Mantelzorg

wordt steeds belangrijker, al is dit

“ EEN EMOTIONEEL MOMENT; HIER HEBBEN

WE HET ALLEMAAL VOOR GEDAAN.

WE ZIJN ER NOG LANG NIET, MAAR DIT IS

EEN GROTE STAP VOORWAARTS ”

eigenlijk niet de bedoeling als je kind uit

huis gaat. Als wij er later niet meer zijn,

moet de zorg ook gegeven worden.”

Marianne: “Als ik er te veel over na ga

denken voel ik heel veel emotie. Ik heb

het er moeilijk mee, maar dit is wel wat

ik wil. Mijn leven gaat er straks heel anders

uitzien. Ik kan me er nog helemaal

niks bij voorstellen, maar het is heerlijk

als straks de zorg wordt overgenomen.

Dan krijgen we weer energie voor de

leuke dingen zonder, maar vooral ook

met Manon.”

Het Droomhuis komt in de nieuwe wijk de Geer II in Wijk bij Duurstede. Er komen

twaalf appartementen. Op dit moment is er nog plaats voor een aantal bewoners!

Een appartement is zo’n 40-45 m2 groot en bestaat uit een zit/ slaapkamer met

pantry en een wc en douche. Er zijn twee gezamenlijke woonkamers, een centrale

keuken en een tuin.

Meer informatie over Stichting Droomhuis: Marianne Hamstra, 0343-573358,

info@stichtingdroomhuis.nl of kijk op www.stichtingdroomhuis.nl. Daar is ook

meer informatie te vinden voor sponsors en donateurs. Voor allerlei extra’s (zoals

het inrichten en gezellig aankleden van gezamenlijke ruimten, een tuininrichting

met aangepaste voorzieningen of bijvoorbeeld een snoezelruimte) zijn donateurs

en sponsors namelijk onmisbaar.


6

Met plezier naar je werk

Is werken in de gehandicaptenzorg leuk?

Door Claudia van Rhijn en Mirjam Rinzema

Je hoeft de kranten of de vakbladen maar open te slaan,

of je leest over de verschraling van zorg,

de toename van bureaucratie,

de enorme werkdruk, de lage salarissen.

Is werken in de zorg wel leuk?

Wat vinden medewerkers van Syndion er van?

Als je een paar van je collega’s vraagt

of ze plezier in hun werk hebben, hoor je

gelukkig bijna altijd een volmondig ‘ja’.

Maar wat maakt het werk dan eigenlijk

leuk? En kan een organisatie er actief

aan bijdragen dat zoveel mogelijk mensen

blij worden van hun werk?

“Jazeker”, vindt Patricia Stigter,

begeleidster 1 in een woonlocatie voor

mensen met een lichamelijke handicap.

“Natuurlijk kan een werkgever niet aan

alle wensen die er leven voldoen, maar

ik ervaar bij Syndion veel ruimte om de

wensen die je hebt kenbaar te maken.

Ik vind bijvoorbeeld de nieuwe methode

van de functioneringsgesprekken een

goed instrument. Daardoor heb ik het

gevoel dat ik als waardevol individu binnen

de organisatie wordt gezien. En dat

brengt mij zeker arbeidsvreugde.”

Goede sfeer

Patricia vindt het belangrijk dat haar

werk haar voldoende uitdaagt en dat er

op de werkvloer een goede sfeer is. “We

moeten hard werken en dat doen we

ook graag. Maar daarnaast is het goed

dat je ook lol hebt met je collega’s. Een

goede sfeer is alles bepalend als je het

hebt over arbeidsvreugde.”

In de (gehandicapten)zorg zijn vrouwen

oververtegenwoordigd. Het aantal parttimers

binnen zorgende beroepen is in

vergelijking met andere branches gemiddeld

vier keer zo groot. De mogelijkheid

om in deeltijd te kunnen werken, is ook

een factor die meespeelt in het al of niet

ervaren van arbeidsvreugde, vindt Patricia.

“Als je een gezin hebt, is het fijn als

je je werkuren zó kunt inrichten dat het

goed te combineren is. Dat vind ik zeker

een pluspunt van mijn werk.”

Niet altijd even ‘leuk’

Aline Streefkerk heeft samen met haar

man een gezinshuis: zij vangen in hun eigen

gezin een kind met een handicap op

dat door omstandigheden niet thuis bij

de eigen ouders kan wonen. “Arbeidsvreugde...

ik vind het op dit moment

een wat lastige vraag. Wij halen onze

motivatie uit het feit dat het goed is om

deze opvang te bieden. En als het met

ons gezinshuiskind goed gaat, soms tegen

de verwachting in, dan geeft mij dat

zeker arbeidsvreugde. Maar er zijn ook

momenten dat het helaas niet zo goed

gaat en dan is het wel eens moeilijk om

Cover_7bronnen_druk3.qxp 01-11-2006 09:56 Pagina 1

het ‘leuk’ te vinden.

De BV Nederland

Het samen lol

zal met dit boek

Dit boek geeft

Authenticiteit en

hebben en

productiever,

Een mooie

een verfrissende

flow maken je

vreugde ervaren

creatiever, maar

combinatie van

en waardevolle

krachtig.

is in iedere

bovenal een stuk

wijsheid en hart.

kijk op arbeidswerkgemeen-

Ik ervaar vrolijker werken. gelukkig wel dat Syndion ons

motivatie.schap

wezenlijk.

Paul Weermeijer

Doekle Terpstra

Marie Louise

Sylvia Borren

Mark van Tooren

Directeur Inspirit

Voorzitter HBO-raad

van der Poest Clement

Directeur Novib

LogicaCMG

helpt: samen gaan we Beeldend kunstenares voor het hoogst

haalbare. Dat De zeven geeft bronnen mij wel van arbeidsvreugde een goed en

Methode voor werken met plezier en goed presteren

tevreden gevoel.”

Veel organisaties willen graag goed gemoti-

veerde en capabele mensen die bijdragen aan

een goed resultaat. In de praktijk worden echter

de vaak schadelijke effecten van bijvoorbeeld

kostenreducties of reorganisaties ervaren:

burn-out, ziekteverzuim en lage productiviteit.

De kosten zijn hoog voor zowel de organisatie

als de individuele medewerker. Ook de

De zeven bronnen van arbeidsvreugde richt

zich op managers die de resultaten en de

werksfeer binnen hun team willen verbeteren.

Daarnaast is het bedoeld voor alle mensen die

meer vreugde in hun werk willen beleven en

zo hun prestaties willen verbeteren.

Tevredenheidsonderzoek

tevredenheid van klanten kan er onder lijden.

De auteur, Kees

Kouwenhoven, bege-

Wat kunt u met dit boek?

leidt vanuit

Met De zeven bronnen van arbeidsvreugde

Kouwenhoven

Marjan van kunt u de individuen, Wal, teams en organisaties coördinator op

Consultancy P&O organisa-

weg helpen naar meer plezier in het werk en

ties en individuen bij

betere prestaties. Dit lees-, leer- en werkboek

het beantwoorden van

laat zien hoe arbeidsvreugde en prestaties

de vraag hoe je tegelij-

bij Syndion, maakbaar kijkt zijn. weer vanuit een kertijd heel

vreugdevol kunt

De vele cases, interviews, citaten, modellen en

werken en goede pres-

checklisten geven u praktische handvatten.

taties kunt leveren.

andere invalshoek naar het onderwerp

V M U I T G E V E R S

‘arbeidsvreugde’. “Als afdeling Personeel

en Opleiding bieden wij instrumenten

aan die (kunnen) bijdragen aan de

arbeidsvreugde van de medewerkers.

De zeven bronnen van arbeidsvreugde

Kees Kouwenhoven

V M U I T G E V E R S

We proberen bijvoorbeeld de fysieke

omstandigheden optimaal te laten zijn.

Als je een goede werkplek hebt, kan dat

bijdragen aan het plezier waarmee je je

werk doet. Maar er zijn veel meer zaken

belangrijk. Het team waarin je werkt,

duidelijkheid over je taak – wat hoort

wel en wat hoort niet bij je werk, wordt

je werk merkbaar gewaardeerd of hoor

je er nooit iets over, worden er mogelijkheden

geboden voor persoonlijke

ontwikkeling... Allemaal belangrijk als je

het hebt over arbeidsvreugde.”

Medewerkers van Syndion kunnen hun

mening geven over diverse aspecten van

het werk door middel van een medewerkers-tevredenheidsonderzoek.

Afgelopen

zomer is dit weer gedaan. Marjan:

“Helaas was de respons vanuit de medewerkers

niet zo hoog, maar met de uitkomsten

kunnen we weer aan de slag!”

De zeven bronnen

van arbeidsvreugde

Methode voor werken met plezier en goed presteren

Kees Kouwenhoven V M U I T G E V E R S

‘De zeven bronnen van arbeidsvreugde’,

door Kees Kouwenhoven. Uitg.: VM Uitgevers.

Prijs: € 29,50. ISBN 90808943-2-X.


In deze rubriek informatie over een

nieuw boek, een leuke activiteit, een

informatieve website, een interessante

lezing of een spannende ontwikkeling.

Dit keer....

Lotje&co is een stichting voor ouders van

zorgintensieve kinderen, die zoekt naar

de mogelijkheden achter de beperking.

Het gelijknamige tijdschrift straalt dat uit:

in verhalen, foto’s en vormgeving.

Als blijkt dat je een zorgintensief kind hebt, word je overspoeld

door onzekerheden en onduidelijkheden. Ineens moet

je leven anders worden ingericht. Er zijn veel meer vragen

dan antwoorden. En in iedere nieuwe levensfase komen weer

nieuwe vragen. Natuurlijk is er veel informatie, maar die is

vaak zakelijk en toegespitst op details. Lang niet altijd kunnen

ouders er in praktische zin mee uit de voeten. Wat je zou

willen als ouder, is informatie over hoe anderen omgaan met

de situatie in hun gezin, welke oplossingen zij hebben gezocht

en gevonden. Van niemand leer je zoveel als van iemand die

jouw situatie kent, omdat hij of zij er zelf midden in zit. Die

‘gewone’ informatie staat in dit bijzondere blad.

Herkenbaar

De verhalen in het blad zijn herkenbaar, ontroerend en soms

confronterend. Dit is de wereld van ouders die een zorgintensief

kind hebben. Wat betekent het hebben van een kind met

een handicap in je dagelijks leven? Wat doet het met jou, met

de andere kinderen in het gezin? Hoe kijk je naar de toekomst?

Hoe los je bepaalde praktische zaken op? Het zijn allemaal

vragen die in de verschillende artikelen aan bod komen en

waar alle ouders hun eigen antwoorden op hebben. Bijvoorbeeld

in het interview met Paul Haarhuis (ex-top tennisser) en

zijn vrouw Anja. Zij hebben drie kinderen: Daan, Ella en Tom.

Tom is 6 jaar. Een paar maanden nadat hij 2 was geworden

– en na een heel traject van huisarts, kinderarts, orthopedagoog,

medisch psycholoog – kwam de diagnose: Tom is autistisch.

Paul en Anja vertellen wat dat betekent: in het gezin, in

hun relatie, voor beider carrières. En ook de praktische kant

komt aan bod: hoe organiseren zij zorg en begeleiding voor

hun zoon Tom? Maar ook de moeilijke beslissingen die je soms

moet nemen. Zonder Tom op vakantie gaan bijvoorbeeld. Paul

Haarhuis zegt daarover: “We gaan met z’n vieren op vakantie.

En toch klopt het plaatje dan niet. Daar kan ik heel verdrietig

van worden.”

nieuw tijdschrift voor ouders met zorgintensieve kinderen

Handige tips

Behalve veel herkenbare en vaak ontroerende verhalen, bevat

het blad ook veel handige tips: welke zorgverzekering is de

beste? Welke vakantiebestemmingen zijn geschikt voor het

hele gezin? Op welke websites vind je tweedehands (en dus

betaalbaar) materiaal als speelgoed en vervoermiddelen voor

kinderen met een handicap? En wat doe je als je op zoek gaat

naar een nieuwe baan? Vertel je in het sollicitatiegesprek over

jouw situatie thuis?

Lotje&co is een mooi en

warm blad, dat voor de

Lotje&co

HET TIJDSCHRIFT VOOR GEZINNEN MET EEN ZORGINTENSIEF KIND

NR.1 / NAJAAR 2010 | ADVIESPRIJS €5

relatie onder druk

hoe houd je dat

samen-gevoel?

paul en anja haarhuis:

' we missen het

spontane van vroeger'

solliciteren

vertel jij over je

gezinssituatie?

dossier geld

wie-wat-waar voor

bijzondere kinderen

acceptatie

je kind is je kind, en tóch is het moeilijk

Foto: Mariel Kolmschot

lezersdoelgroep een feest

van herkenning zal zijn en

waarmee zij op nieuwe

ideeën kunnen komen.

Het blad wordt mogelijk

gemaakt door de NSGK

(Nederlandse stichting

voor het gehandicapte

kind). Hoofdredacteur

Veronique Werz maakt het

blad vanuit ‘haar wereld’,

haar zoon Teun is meervoudig

complex gehandicapt

doordat hij ternauwernood wiegendood overleefde. In de

opening van het eerste nummer schrijft zij over haar twijfel

bij het maken van dit blad: ‘Wil ik me wel 24 uur per dag met

deze materie bezighouden? Raken mijn thuis en mijn werk niet

teveel verweven?’

Gelukkig is de twijfel overwonnen en is het eerste nummer er

gekomen. Hopelijk volgen er nog vele.

Lotje&co is verkrijgbaar in de losse verkoop. Een

abonnement nemen is ook mogelijk. Een jaarabonnement

(4 nummers) kost € 25,-. Op www.lotjeenco.nl

is de informatie te vinden over het nemen van een

abonnement of over de verkooppunten.

7


nieuwtjes

Syndion

en zorg

Prezzent: nieuwe naam voor

Stichting Woonvormen

In januari 2010 ondertekenden Syndion

en Stichting Woonvormen (een kleine

zorginstelling voor mensen met een handicap

in het Gelderse rivierengebied)

een overeenkomst om op het gebied van

diverse bureautaken samen te werken.

Sindsdien voert één gezamenlijk Centraal

Bureau, onder leiding van Syndion, dit uit.

Het idee achter deze samenwerking is, dat

het effi ciënter is om deze taken door één

van beide organisaties te laten uitvoeren.

Sinds de zomer heeft de Stichting, die geleid

wordt door bestuurder Jan de Kreij,

een nieuwe naam en een nieuwe huisstijl

ontwikkeld. Onder de naam Prezzent blijft

de instelling zich inzetten voor goede en

kleinschalige zorg voor mensen met een

handicap.

Zorg en privacy

Minister Klink heeft in de vorige regeerperiode

(toen hij voor het CDA minister

van Volksgezondheid was) het beleid

gevoerd dat er in het kader van privacy

van bewoners van zorginstellingen meer

éénpersoonskamers moesten komen. In

verpleeg- en verzorghuizen is de minister

daar in geslaagd: waren er in 1998 nog

bijna 28 duizend meerpersoonskamers, in

2010 is dat aantal afgenomen tot zesduizend.

Helaas blijkt uit hetzelfde onderzoek

dat het met de verbetering van de privacy

in de gehandicaptenzorg minder goed gesteld

is. In 2003 waren er ruim tienduizend

plaatsen die sterk verbeterd moesten worden:

op het gebied van sanitair, groepsgroottes

en kleine eenpersoonskamers.

In 2010 is de helft van deze tienduizend

plaatsen nog niet verbeterd. Het is de

vraag of hier op korte termijn verandering

in kan komen, gezien de voorgenomen bezuinigingen

van het nieuwe kabinet Rutte.

Nieuwe Syndion-locatie in Culemborg

In het centrum van Culemborg (Ridderstraat

4) heeft Syndion in oktober een

nieuwe dagbestedingslocatie geopend:

Disyn (spreek uit als het Engelse design

– zie ook het artikel op pagina 20 en 21).

Hier kunnen mensen met een lichamelijke

of een verstandelijke handicap werken. Er

zijn twee open ateliers, waar cliënten met

hout of met keramiek aan de slag kunnen.

De producten die zij maken zijn in de winkel

te koop.

Na een korte toespraak van directeurbestuurder

Aart Bogerd openden de cliënten

zelf het pand, door de met cadeaupapier

ingepakte ramen ‘uit te pakken’.

Brenda van Zeeland, clusterhoofd van

Syndion, zei: “Alstublieft Culemborg, een

cadeau van Syndion voor u!” Veel Culemborgers

kwamen een kijkje nemen, onder

wie ook de burgemeester. De winkel draaide

een record-omzet! Een mooie start van

dit project in Culemborg.

Wethouder brengt werkbezoek bij

Syndion

Wethouder Wout de Jong en beleidsmedewerker

Marjolein Moria van de gemeente

Giessenlanden bezochten samen

met de directeur/bestuurder Aart Bogerd

van Syndion twee locaties: Broekgraaf in

Leerdam en Nieuwstad in Gorinchem.

Het werkbezoek verliep uitstekend. Wethouder

De Jong en mevrouw Moria waren

onder de indruk van de kwaliteit van de

woningen en van het enthousiasme van

de medewerkers.

Zij feliciteerden Syndion daar hartelijk

mee en gaven aan dat zij graag met Syndion

willen samenwerken.

Syndion is (samen met woonzorgcentrum

De Lange Wei in Hardinxveld-Giessendam)

door de gemeente Giessenlanden aangewezen

om mede-uitvoerder te zijn in twee

woonzorg-complexen in Giessenburg.

Eenmalig: tijdschrift Onbeperkt

Onbeperkt is een eenmalige uitgave: een

tijdschrift voor jongeren tussen globaal 16

en 23 jaar met een lichamelijke handicap.

Het blad is gemaakt door elf studenten van

de School voor Journalistiek in Utrecht.

Deze studenten ontdekten dat er geen

magazine bestaat voor deze doelgroep.

De insteek van het blad is positief en

openhartig. De makers gaan ervan uit dat

jongeren met een handicap net zo geïnteresseerd

zijn in onderwerpen als mode,

beauty, sport, ontspanning, liefde, cultuur

enzovoort, als jongeren zonder handicap.

En dat jongeren met een handicap zichzelf

niet zielig vinden en bij de pakken gaan

neerzitten, maar dat zij er alles aan willen

doen om hun leven de moeite waard

te maken.

In de eenmalige uitgave staan openhartige

interviews met Lucille Werner (bekend als

presentatrice van onder ander Lingo) en

de winnares van de Mis(s)-verkiezing van

2006, Roos Prommenschenckel. Zij vertellen

over het hebben van een handicap en

hun leven met een beperking.

Het blad is te vinden op het internet:

http://dejongejournalist.fi les.wordpress.

com/2010/10/magazineonbeperkt.pdf


De oren en ogen van de cliënt

Medezeggenschap staat bij Syndion hoog in het vaandel

Door Mirjam Rinzema

Syndion heeft verschillenden cliëntenraden. Er zijn vijf sectorale

cliëntenraden, diverse clusterraden en er is een centrale

cliëntenraad. “Het is dus goed geregeld binnen Syndion. Vanuit

een sectorale raad worden mensen afgevaardigd naar de

Centrale Cliëntenraad. Deze raad is een essentieel onderdeel

van de organisatie. Voorzitter Gerrit: “Wij zijn er om zaken te

bezien vanuit de cliënten van Syndion. In de visie van Syndion

staat de cliënt centraal. Als Centrale Cliëntenraad zien wij het

als onze taak om Syndion te helpen die visie in de praktijk te

brengen.”

Ouders

Alle drie zijn deze gedreven mensen ouder van een kind

met een handicap. Zo zijn zij indertijd bij Syndion betrokken

geraakt. “Dat is de basis waarmee je aan dit werk begint”,

aldus Thea Veens. “Maar als je dan als ouder een taak als

cliëntenraadslid op je neemt, moet er wel een knopje om”,

vult Henk Samson aan. “Want dan gaat het niet alleen om de

belangen van jouw kind, maar om de collectieve belangen van

meerdere, of zelfs alle cliënten. “

“Mijn drijfveer om actief te zijn in de cliëntenraad van Syndion

is heel simpel”, aldus Henk. “Ik wil iets terugdoen voor een

organisatie die ons van alle kanten te hulp schoot toen we

plotseling in een moeilijke situatie belandden met onze

dochter Monique. Het is hartverwarmend hoe de medewerkers

van Syndion zich toen hebben ingezet. Via vrijwilligerswerk

op de Brandaris en de Notendop ben ik drie jaar geleden bij

de cliëntenraden betrokken geraakt. En ik heb er geen spijt

van. Het is voor de cliënten van Syndion belangrijk dat er

mensen zijn die met en namens hen de gang van zaken binnen

De Centrale Cliëntenraad van Syndion

telt drie actieve leden:

Gerrit Dubbeldam (voorzitter),

Henk Samson en Thea Veens.

“Dat is eigenlijk niet genoeg”,

vindt Gerrit. “We willen

daarom graag eens vertellen waarom we dit doen.”

de organisatie in de gaten houden.” Gerrit, de meest doorgewinterde

van de drie, beaamt deze woorden: “Ik heb 20 jaar

geleden mijn betrokkenheid omgezet naar inzet voor de medezeggenschap.

Dat geeft mij veel voldoening, ook omdat we als

Centrale Cliëntenraad merken dat er geluisterd wordt. Als het

nodig is, trekken we aan de bel; wij zijn er om te signaleren en

te bewaken dat de belangen van cliënten worden gewogen als

er besluiten worden genomen. Als je merkt dat jouw advies

serieus genomen wordt en je resultaten boekt, weet je waar

je het voor doet.”

Bemensing

Ondanks dat waarschijnlijk alle bij Syndion betrokken ouders/

vertegenwoordigers het belang van (cliënt)medezeggenschap

zullen onderschrijven, lukt het toch niet goed om mensen over

de streep te trekken zich aan te melden voor de Cliëntenraad.

Thea maakt sinds kort deel uit van de Centrale Cliëntenraad

(daarvoor was zij al actief in de sectorale cliëntenraad). “Toen

ik voor het eerst met Syndion in aanraking kwam, was ik

vooral nieuwsgierig: wat is dat voor club? Ik had er nog nooit

van gehoord. Nu ik een tijdje meedraai, kan ik zeggen dat het

voor mij een bijzondere ervaring was dat het binnen Syndion

niet nodig bleek te zijn om enorm te knokken voor onze plek.

Syndion blijkt een open en toegankelijke organisatie, die in

besluiten die genomen worden de balans in de gaten houdt:

wat is goed voor de organisatie en wat is goed voor de

cliënten. Dat laatste bewaken, dat is in mijn ogen onze taak.

Binnen een organisatie als Syndion kunnen wij dat gelukkig

doen in een goede sfeer.” “En”, vullen de andere twee leden

aan, “graag met nog wat meer mensen.”

9


10

Gerrit Dubbeldam,

voorzitter Centrale Cliëntenraad.

Zoon Léon, 22 jaar.

Henk Samson,

lid Centrale Cliëntenraad

Dochter Monique, 31 jaar.

Thea Veens,

lid Centrale Cliëntenraad

Zoon Joost, 26 jaar.

Wat is de Centrale Cliëntenraad

De CCR is de spreekbuis en het adviesorgaan van cliënten naar de directie van Syndion. De CCR ziet toe op uitvoering van het

beleid conform de visie van Syndion. Tevens is de CCR laagdrempelig en bereikbaar voor cliënten en hun verwanten om inzicht

te krijgen in wat relevant is voor de kwaliteit van de zorg.

Wat doet de Centrale Cliëntenraad?

Regelmatig vergaderen over zaken die van belang zijn voor cliënten en hun omgeving. Overleg met de directeur/ bestuurder en,

indien nodig, de Raad van Toezicht over het beleid van Syndion. Participatie in andere overlegsituaties waar belangen van onze

cliënten aan de orde zijn of komen. En vanaf de volgende jaargang van Synchroon, schrijven we in ieder nummer een column

over ons werk, onder de titel ‘Ogen en oren’!

Is uw interesse gewekt?

Een sterke en daadkrachtige CCR als onderdeel van Syndion is wat wij voor ogen hebben. Wilt u een bijdrage leveren aan het

algemeen belang en welzijn van onze cliënten, meldt u zich dan aan. Wij hebben u hard nodig!

Ons e-mailadres is: centraleclientenraad.syndion@gmail.com.

De voorzitter van de CCR op stap

Gerrit Dubbeldam nam zelf het initiatief

om Syndion nóg beter te leren kennen en

ging op pad met clusterhoofd Brenda van

Zeeland. Hij bezocht verschillende dagbestedingslocaties.

Eerst naar Leerdam,

waar Zorgcentrum Emma en Pand 35

werden bezocht. “In Emma werken verschillende

cliënten in de huishoudelijke

ondersteuning. Daisy, één van de cliënten,

leidde me rond: de wasruimte, de strijkkamer,

de keuken enzovoort. Daarna

gingen we naar Pand 35, een leuke winkel

en naaiatelier. Er werken alleen maar

dames, die tijdens de koffie wel wat stilletjes

waren. Ze moesten er echt aan wennen

dat er eens een man aan tafel zat!”, lacht

Gerrit.

Vervolgens ging de reis naar Culemborg.

Na een snelle lunch in restaurant De

Ontmoeting in het woonproject BonVie

werd Disyn bezocht. Disyn is een nieuw

atelier annex cadeauwinkel. “Het was leuk

om te zien, want onze zoon Leon heeft

hier ook een tijdje gewerkt. Ze maken en

verkopen echt heel mooie dingen”, vindt

Gerrit.

De dag vloog voorbij, helaas was er geen

tijd meer om ook nog het Burgerweeshuis

in Tiel te bezoeken, waar dagactiviteiten

zijn voor mensen met niet-aangeboren

hersenletsel. “Toch is het voor mij een heel

leuke dag geweest; ik ben echt onder de

indruk van alle cliënten en wat zij ondanks

hun beperkingen kunnen doen. Het is

goed om te zien dat zij een fijne werkplek

in onze maatschappij kunnen hebben.”


C o l u m n

Cliëntenmedezeggenschap... van die dingen

Een paar jaar geleden belandde mijn oude moeder in een

verzorgingshuis. Het gesprek ging over de inrichting van haar

– overigens krap bemeten – woon-slaapkamer. Mijn moeder

wilde graag een lichtgroene muur en zandkleurige vloerbedekking,

dat vond ze gezellig. Helaas, dat kon niet. Lichtgroen

behang zat niet in het stalenboek en de vloerbedekking die er

in de kamer lag was – in de ogen van het ruim bemeten hoofd

van de facilitaire dienst – “nog veel te goed om te vervangen.”

Toen mijn moeder tegenwierp dat zij deze kamer toch gehuurd

had en graag zelf wilde bepalen hoe haar woning er uit zag,

werd zij ferm van repliek gediend. “Mevrouw”, zo klonk het

“de cliëntenraad is onlangs, ook namens u, volledig akkoord

gegaan met deze regeling.” “Maar”, probeerde mijn moeder

nog, “ik ben hier geen cliënt, ik woon hier.” Het mocht niet

baten. De inspraak bleek geregeld op instellingsniveau, niet

op persoonlijk (cliënt-)niveau.

Van die dingen.

Nog wat langer geleden waren vier classificeerders aan het

werk in een tank in de Rotterdamse haven. De steiger waar

zij op stonden stortte in. De mannen kwamen om. Het bedrijf

reageerde onmiddellijk: zij waren volledig gecertificeerd. Het

kwaliteitsbeleid was op orde. Het was een vreselijk incident,

maar het bedrijf viel niets te verwijten.

Van die dingen.

Zou er een verband zijn, vraag ik me wel eens af. Zou het zo

kunnen zijn, dat als zaken door het bedrijf of de instelling

keurig volgens de voorschriften van de overheid geregeld zijn,

er daardoor in de organisatie minder aandacht is voor veiligheid

of zelfbeschikking van de individuele klant?

Neem de WMCZ in onze eigen zorg. WMCZ staat voor Wet

Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen. Deze wet schrijft

voor hoe in zorginstellingen de inspraak geregeld moet zijn.

Er is adviesrecht en instemmingsrecht over zaken als de

begroting, methodiekveranderingen, de aanstelling van een

nieuwe bestuurder, een verbouwing of verhuizing enzovoort.

Op het niveau van de clusters en op het niveau van de sectoren

praten cliënten in een cliëntenraad over deze zaken en

over de voorgenomen bezuinigingen van de overheid en over

de inrichting van de AWBZ en over de gevolgen van de WMO.

Van die dingen dus.

Soms klagen de leden van deze raden wel eens: dat ze de

muur van hun kamer niet groen mogen verven, dat ze hun

eigen ondersteuningsplan niet begrijpen, dat ze niet zelf

mogen bepalen hoe laat ze eten. Of dat ze niet zelf bij de

bespreking van hun ondersteuningsplan waren. Maar ja,

over zulke kleinigheden gaat zo’n sectorale raad natuurlijk

niet. Die hebben wel belangrijker dingen aan hun hoofd.

Onlangs ging een werkproject verhuizen. De betrokken

cliënten, medewerkers op dit project hadden actief meebeslist.

Over waar het nieuwe pand moest komen, hoe het

moest worden ingericht (de muren werden lichtgroen!), over

de verhuisdatum en over het verspreiden van foldertjes in de

nieuwe omgeving. Ze waren enthousiast, maar ook bezorgd:

stel je voor dat de sectorale cliëntenraad haar instemming zou

onthouden aan de verhuizing!

Mijn moeder wilde een klacht indienen. Dat kon natuurlijk.

De facilitair manager zocht na hoe dat geregeld was. “U moet

natuurlijk niet bij mij klagen, daarvoor hebben we een klachtencommissie.”

Er kon een brief geschreven worden, het liefst

in tweevoud. “Kan die meneer of mevrouw niet even langskomen?”,

probeerde mijn moeder. Maar dat kon natuurlijk niet.

Die mensen konden niet voor elk wissewasje komen opdraven,

die hadden allemaal drukke banen en zo. “Nee dat hebben we

hier allemaal goed en efficiënt geregeld, we zijn wel professionals.”

Van die dingen dus.

En hoe zit het bij Syndion? Daar is de cliëntmedezeggenschap

goed en professioneel geregeld, volgens de voorschriften.

Niks meer aan doen. En anders is er altijd nog een klachtencommissie.

Jos Huibers

Sectormanager Dagbesteding

(vanaf 01-01-11: regiomanager Rivierengebied)

11


Op de middenpagina’s van Synchroon brengen we steeds een deel van Syndion in beeld.

Dit keer: Buitenschoolse activiteiten

I N B E E L D

HERFSTKAMP 2010

Het herfstkamp is het hoogtepunt van het jaar voor

veel van onze jonge cliënten. Ook dit jaar was het

weer een groot succes. Bijna vijftig kinderen gingen

mee en beleefden een bijzondere week. Met onder

andere uitstapjes naar de natuur en naar dierenpark

de Oliemeulen, waar kinderen een vogelspin op hun

hand konden laten lopen of een slang om hun nek

kregen.


BUITENSCHOOLSE ACTIVITEITEN


14

Succesvolle invalpool blijkt

ook kweekvijver

Fleksybel bestaat drie jaar

Door Suzanne Doeleman

Oorspronkelijk waren de ‘Fleksybellers’ alleen inzetbaar

binnen de sector Wonen voor mensen met een lichamelijke

handicap, maar al snel kregen ook andere sectoren lucht van

het gemak waarmee een flexibele invalkracht – mét kennis

van Syndion – opgeroepen en ingezet kan worden. Nu is

Fleksybel een Syndion-brede service, die locaties bij roosterproblemen

uit de brand helpt.

Het idee voor Fleksybel ontstond begin 2007 bij Bas van

Ginneken, clusterhoofd Wonen LG. Bas: “Begin 2007 trad

de WMO in werking. Gemeenten eisten dat zorgorganisaties

binnen vijf dagen na melding zorg konden leveren aan

nieuwe cliënten. Het leek mij verstandig om begeleiders

paraat te hebben die direct inzetbaar waren. Ik legde een

lijst van bestaande en nieuwe invalkrachten aan en noemde

de invalpool ‘Fleksybel’, met sy van Syndion.”

Snel een goede match

Maar de verwachte toestroom van nieuwe cliënten met een

lichamelijke handicap bleef uit. De ‘Fleksybellers’ werden

daarom ingezet in het persoonlijk ondersteund wonen

(POW), bij vakantie, ziekte en andere roosterproblemen. In

het begin koppelde Bas zelf de vragers en de aanbieders

maar dat werd – naast zijn eigen werk – al snel te druk. Hij

vroeg Bianca van der Zouwen, toen coördinerend begeleider

POW, of zij Fleksybel over wilde nemen. “Net als Bas kreeg

ik het er al snel zo druk mee, dat ik het niet meer naast mijn

eigen werk kon doen”, vertelt Bianca. “Sinds juli 2007 ben ik

coördinator Fleksybel. Locaties bellen mij als ze een rooster-

Drie jaar na de start heeft Fleksybel,

Syndions invalpool voor begeleiders,

zijn nut dubbel en dwars

bewezen.

“Het geeft een goed gevoel

als je een locatie snel kunt

helpen.”

probleem hebben en ik leg contact met mensen uit de pool.

Het geeft een goed gevoel als je voor een locatie snel een

goede invalkracht vindt.”

Vraag overstijgt aanbod

Door het succes van Fleksybel maken sinds 2009 alle sectoren

gebruik van de service.

Medio 2010 is er meer vraag dan aanbod. Coördinator

Bianca: “De vraag groeit explosief! We proberen vaste

krachten met kleine dienstverbanden te interesseren voor

‘meerwerk’ via Fleksybel en werven op de externe markt.

Daarbij richten we ons vooral op herintreders, moeders met

een zorgachtergrond, afgestudeerde MBO’ers en bijvoorbeeld

vrijwilligers die betaald werk zoeken.”

Kweekvijver

Fleksybellers zijn van vele markten thuis. Door hun brede

inzetbaarheid hebben ze ervaring opgedaan met verschillende

doelgroepen en diensten. Ze kennen de organisatie,

ook omdat ze in veel gevallen een parttime dienstverband

aanvullen via Fleksybel. Het zijn daadkrachtige mensen met

een praktische werkhouding, vaak ouder dan 25 jaar, die

zich een situatie snel eigen maken. Zij kunnen veel ervaring

opdoen en bepalen zelf hoeveel uren ze werken. Regelmatig

vloeit uit een Fleksybel-contract een vast contract voort en

ook dat maakt het heel aantrekkelijk. “Fleksybel is naast een

invalpool ook een kweekvijver”, zegt Bas van Ginneken.

“We kweken er ons eigen potentieel!”


‘Tussen de dingen van je werk door kijken’

Intervisie: een prima manier om elkaar te inspireren

Door Mirjam Rinzema

Begeleiders Begeleiders van cliënten cliënten die thuis thuis ondersteuning ondersteuning krijgen, krijgen,

missen missen soms soms een een collega collega om even even mee mee te overleggen. overleggen.

Zij kwamen kwamen dan dan ook ook zelf zelf met met het idee idee

om een een intervisiegroep intervisiegroep te starten.

starten.

Het idee werd opgepikt door coördinerend begeleiders en het

clusterhoofd van Drechtsteden. Carla Hendriks, sinds 2007 bij

Syndion aan de slag als gedragskundige, en Jolanda de Korte,

ruim twee jaar coördinerend begeleider voor cliënten met een

verstandelijke handicap die vanuit Syndion persoonlijke ondersteuning

krijgen bij het wonen (POW), gingen met de uitwerking

aan de slag. Jolanda: “Als coördinerend begeleider heb

ik een aansturende rol. Binnen mijn functie bied ik ook directe

ondersteuning aan een aantal cliënten. Ik vind dat heel leuk om

te doen – zo blijf ik dichtbij de praktijk van het werk. Juist ook

daardoor kan ik me goed inleven in de wens van de begeleiders

om ook eens ervaringen te horen van collega ‘s. Als POW-er

werk je vaak heel individueel.’’

Competenties en methodieken

De begeleiders leerden in vier intervisiebijeenkomsten te herkennen

welke competenties er nodig waren in hun werk en

zij leerden verschillende methodieken te gebruiken. “Het was

heel leerzaam voor de deelnemers”, vertelt Carla. “Dat is niet

iets waar je in je dagelijkse praktijk mee bezig bent. We merkten

dat die inhoud mensen juist motiveerde om mee te doen.”

Zo werden de incidentenmethode en de VAAK, de dilemmamethode

en de Socratische dialoog gebruikt. “Bij de evaluatie

hoorden we terug dat mensen er veel van hadden opgestoken”,

aldus Jolanda.

Meerwaarde

Maar de bijeenkomsten hebben meer opgeleverd dan alleen

een toename van kennis. Carla en Jolanda zien de meerwaarde

van intervisie ten opzichte van individuele coaching. “We merkten

dat het elkaar kunnen ontmoeten voor deze groep begeleiders

heel belangrijk is. Ze wisselen ervaringen en inzichten uit

en ze ontdekken bij het bespreken van de casussen dat je ook

vanuit een andere invalshoek naar je werk kunt kijken – tussen

de dingen van je werk door, in feite.” Eén bijeenkomst heeft

veel indruk gemaakt. “De casus ging over cliënten met een kinderwens.

Dat is een onderwerp dat iedereen na aan het hart

ligt en dat veel emoties oproept”, vertelt Carla. Juist dan blijkt

het goed om zo’n onderwerp te behandelen met een intervisie-

methode - in dit geval was dat de dilemmamethode. Die biedt

veel ruimte om inhoudelijk met elkaar in gesprek te gaan. “Dat

werd als zeer prettig ervaren. De deelnemers merkten dat ze

hierdoor wat minder dicht op het onderwerp zaten en wat beter

met hun emoties konden omgaan.”

Doorgaan

“Iedereen kijkt met een tevreden gevoel terug naar deze vier

intervisiebijeenkomsten. We proberen daarom een vervolg te

organiseren”, sluit Jolanda het gesprek af.

Meer diepgang

Ik werk al 15 jaar als begeleider bij Syndion. In die jaren heb

ik al heel wat cursussen en thema-ochtenden gehad. Het is

altijd fijn om met collega’s over je werk te kunnen praten,

maar ik zocht wat meer diepgang. Situaties uit de praktijk

die lastig zijn, of dilemma’s waar niet direct een oplossing

voor is. Denk aan schulden, verslaving, relatieproblemen. Het

bleek dat meer begeleiders met dit gevoel rond liepen. Zo zijn

de intervisiebijeenkomsten gestart.

Ik heb nu voor het tweede jaar meegedaan. Het is leerzaam,

interessant, opbouwend en soms ook confronterend. Door

passende werkmethodes bij de onderwerpen te gebruiken,

fris je je kennis op in methodisch handelen en probleem

oplossen. Ik vind het prettig om een situatie te kunnen bespreken

met een collega die er verder buiten staat. Intervisie

geeft mij stof tot nadenken en tips en adviezen voor mijn

werk. De diepgang en het bespreken van dilemma’s geven

echt meerwaarde.

Ingeborg Vos, begeleider 1 POW

15


16

’De enige zekerheid is de voortdurende

verandering’SYNDION VERANDERT DE ORGANISATIE-

STRUCTUUR MET HET OOG OP DE TOEKOMST

Door Mirjam Rinzema

“Het eerste dat gezegd moet worden,

is dat Syndion Syndion blijft”, begint Aart Bogerd als we gaan

praten over het traject van organisatieontwikkeling

waar Syndion aan begonnen is.

“Een organisatie die werkt vanuit de visie dat mensen met

een handicap – net als ieder ander – eigenschappen, vaardigheden

en dromen hebben. En dat zij het recht hebben om een

leven te leiden dat past bij hun mogelijkheden”, vervolgt hij.

‘Ik zit in een reorganisatie’. Hoe vaak hoor je dat zinnetje

niet op een verjaardagsfeestje bij familie of vrienden. Zo’n

reorganisatietraject gaat meestal gepaard met veel onrust en

onzekerheid: weer een andere leidinggevende, een nieuwe

werkplek, misschien een overplaatsing of zelfs angst voor

‘outplacement’, zoals dat dan zo mooi genoemd wordt. En is

de ene reorganisatie achter de rug, staat de volgende alweer

voor de deur. ‘De enige zekerheid is de voortdurende verandering’,

inderdaad... Gaat Syndion nu meedoen in dit soort

praktijken? “Nee”, is het nadrukkelijke antwoord. “Syndion zit

niet in een reorganisatie, Syndion is bezig om de organisatie

zodanig te ontwikkelen, dat de organisatievorm goed aansluit

bij wat nodig is voor de toekomst. De zorg voor mensen met

een handicap is aan het veranderen; steeds minder wordt die

zorg door de landelijke overheid geregeld vanuit de AWBZ. Er

komt een steeds grotere verantwoordelijkheid bij de gemeenten

te liggen. In de nieuwe regeringsnota staat dat de zorgkantoren

verdwijnen, en dat zorgverzekeraars verantwoordelijk

worden voor de toewijzing van zorg. Allemaal ontwikkelingen

waar we als Syndion rekening mee moeten houden.”

Verantwoordelijkheden dichtbij de cliënt

Syndion bestaat bijna 15 jaar. Toen in 1996 Syndion tot

Organogram Syndion

per 01/01/11

stand kwam uit een fusie tussen VGD in Dordrecht en RSD in

Gorinchem, telde de organisatie zo’n 350 cliënten. Inmiddels

nemen ruim 1500 cliënten diensten af van Syndion. De vier

sectoren (Wonen voor mensen met een verstandelijke handicap,

Wonen voor mensen met een lichamelijke handicap,

Dagbesteding en Begeleiding en ondersteuning van Kind en

Gezin) zijn gegroeid en de locaties zijn verspreid over een

groter werkgebied. “Toch is de organisatiestructuur al die tijd

hetzelfde gebleven. Er kwamen clusters en clusterhoofden

bij – dat kon ook niet anders – maar besluitvorming over

cliëntzaken wordt er vaak niet eenvoudiger op. Dat is in mijn

ogen te ver weggedreven. Door aanpassingen in de organisatiestructuur

kunnen we dat verbeteren.” Een tweede motief

om de organisatie aan te passen is de verschuiving van de

zeggenschap over de ondersteuning. Die is in de afgelopen

jaren steeds meer bij de cliënt en zijn/haar vertegenwoordigers

komen te liggen. “De cliënt heeft steeds meer zelf de

regie over die zorg: hoe wil ik wonen, welke ondersteuning

heb ik nodig en welke niet. Ook met het oog op die ontwikkeling

is het logisch om de verantwoordelijkheden rondom de

zorg zo dicht mogelijk bij die cliënt te houden. Als bijvoorbeeld

blijkt dat een cliënt tijdelijk extra zorg nodig heeft en

er dus extra geld nodig is voor begeleiding, is het niet handig

als het besluit of daarvoor geld vrijgemaakt kan worden, hoog

in de organisatie wordt genomen. Dan moet het over veel

schijven en duurt het allemaal veel te lang. Die besluitvorming

gaat straks een niveau omlaag.”

College van Regiomanagers

Sectormanager

Cliëntservicebureau Vakgroep

Gedragskundigen

Regio

Drechtsteden

1. (Bestuurs-) Secretariaat

2. PR & Communicatie

3. Kwaliteit

Regio

Alblasserwaard

Bestuurder

1. Bedrijfsvoering (Huisvesting, P & O, Org, ondersteuning)

2. Financieel economische zaken (Inkoop, Administratie, ICT)

Regio

Rivierenland

Sector

Kind & Gezin


Hoornaar

Wijngaarden

Giessenburg

H-I-Ambacht

Meerkerk

Arkel

Hʻveld-Gʼdam

Papendrecht

Sliedrecht

Gorinchem

Dordrecht

Werkendam

Sleeuwijk




Vianen

Van sectoren naar regio’s

Nu is het werk van Syndion ingedeeld in doelgroepen (of

werksoorten, of sectoren – hoe je het maar wilt noemen). Dat

kan nadelig zijn voor de onderlinge uitwisseling tussen die

sectoren; soms is er te weinig zicht op de mogelijkheden die

er zijn. Aart Bogerd: “Voor cliënten is het natuurlijk beter als

de afstemming tussen de verschillende werksoorten optimaal

verloopt. Als iemand bij Syndion ondersteuning afneemt op

het gebied van zowel wonen als dagbesteding, is het wel

handig dat dat soepel verloopt. De verwachting is dat dit verbetert

als alle dienstverlening onder één regiomanager valt.”

Per januari 2011 is het werk onderverdeeld in drie regio’s:

de regio Drechtsteden, de regio Alblasserwaard en de regio

Rivierengebied. Het werk in de genoemde regio’s zal worden

aangestuurd door drie regiomanagers, die op dit moment nog

actief zijn als sectormanager. Samen vormen zij een ‘college’

en staan ook gezamenlijk voor het totale Syndion-belang.

Syndion zoekt naar de beste manier om dit proces te stroomlijnen.

We doen niks overhaast; ook de regio-indeling gaat

gefaseerd van start. We beginnen met de zorg voor volwassenen;

de sector Begeleiding en ondersteuning van Kind en

Gezin blijft er nog even buiten. Daarvoor hebben we verschillende

redenen; de belangrijkste is dat voor deze sector geldt

dat alle werkvormen (wonen, dagbesteding, thuisondersteuning,

educatie enzovoort) al onder één manager vallen. De

lijnen zijn daardoor korter dan bij de dienstverlening voor

volwassenen”, aldus Aart Bogerd.

Cliëntservicebureau

Iets wat ook gaat veranderen is het samenvoegen van de

huidige drie Ingangen (waar cliënten zich kunnen aanmelden

Nieuwegein

Leerdam

Aalst

Acquoy

Wijk en Aalburg

Culemborg

Zaltbommel




Tiel

Druten

Beneden-Leeuwen


Regio Drechtsteden


Regio Alblasserwaard


Regio Rivierengebied

Alblasserdam, Dordrecht,


Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht,


Gorinchem, Giessenlanden, Graafstroom,


Hardinxveld-Giessendam, Liesveld,

Aalburg, Culemborg, Druten, Geldermalsen,


Leerdam, Lingewaal, Maasdriel, Neerijnen,

Sliedrecht, Zwijndrecht.

Nieuw-Lekkerland, Zederik.

Nieuwegein, Tiel, Vianen, Werkendam, West


Maas en Waal, Woudrichem, Zaltbommel.


Regiomanager:

Regiomanager:


Joke de Haan

Trudy van Asch van Deenen

Regiomanager:


voorheen sectormanager Wonen LG voorheen sectormanager Wonen VG Jos Huibers


voorheen sectormanager Dagbesteding

voor dienstverlening). “Als dat meer in één hand komt, kan dit

voor cliënten zeker een verbetering zijn”, denkt Aart Bogerd.

Datzelfde geldt voor bijvoorbeeld de pedagogen die nu nog voor

een bepaalde sector in dienst zijn van Syndion. Zij gaan met

elkaar één team vormen en hun kennis is daardoor meer geïntegreerd

beschikbaar. “Een goede zet voor de hele organisatie. ”

Syndion klaar voor de toekomst?

Is met deze wijzingen Syndion klaar voor de toekomst?

“Ik denk dat je als organisatie nooit ‘klaar’ bent – zie ook

het motto boven dit artikel”, lacht de directeur-bestuurder.

“En dat geldt hiervoor ook. De veranderingen die per 1

januari worden doorgevoerd, zijn een zichtbare stap. Maar

er gaan in de komende jaren nog meer veranderingen plaatsvinden.”

Om meteen aan te vullen: “We hebben het nadrukkelijk

ook steeds over een ontwikkeling: het is niet van het

ene op het andere moment klaar.” Wat er nog in de komende

jaren op stapel staat? “Nou, vooruit, een korte vooruitblik

dan nog: Syndion gaat aan de slag met een eigen opleidingsbeleid,

waarin we medewerkers nog meer dan nu het geval

is zullen helpen om hun werk in te richten volgens de visie

van Syndion en die om te zetten in de dagelijkse praktijk.

Ook werken we aan een betere ondersteuning van medewerkers

door deskundigen als psychologen en pedagogen en zal

bij clustermanagers meer de nadruk komen te liggen op hun

coachende rol ten aanzien van de medewerkers. Zij zullen

minder in beslag genomen moeten worden door praktische

zaken zoals fi nanciën, huisvesting, personeelszaken, ICT.”

Met als doel? “Dat ligt voor de hand: Minder bureaucratie,

een fi nancieel gezonde organisatie, meer werkplezier, betere

dienstverlening. Wat kunnen we nog meer wensen?”

17


18

“Er gebeuren dingen die in het Westen ondenkbaar zijn”

Lia en Diane van Syndion zetten zich in voor

Egyptische kinderen met een handicap

Door Mirjam de Swart

Midden in de oase van El-Fayoum, zo’n 100 kilometer

ten zuiden van de Egyptische hoofdstad Caïro, ligt sinds november

2004 het centrum ‘De Woestijnroos’. Hier worden

kinderen met een handicap opgevangen.

Het is een bijzonder project met een

Hollands tintje, maar ook met een vleugje

Syndion!

Diane van der Wind, werkzaam op De Rollebol, kinderdagcentrum

van Syndion in Gorinchem, en Lia den Boef van

Pand 35, dagbestedingsproject van Syndion in Leerdam, zijn

als vrijwilligers betrokken bij het Egyptische kindercentrum

‘De Woestijnroos’. Diverse malen al vlogen zij naar Egypte

om ter plekke praktische hulp te bieden, maar ook in Nederland

zetten zijn zich volop in voor dit project.

“Het werk dat we daar doen is absoluut niet te vergelijken

met de gehandicaptenzorg hier in Nederland.

Je moet dat ook niet willen vergelijken. Ze zijn daar vooral

nog met de basiszorg bezig. Bovendien zijn er niet zoveel

wetten en regels zoals in Nederland”, vertelt Diane van der

Wind. “Er gebeuren soms dingen die hier in het Westen echt

ondenkbaar zijn.”

Onvergelijkbaar, maar niet slechter

Maar volgens Diane moet niet iedereen denken dat het in

Egypte dus allemaal veel slechter gaat dan in Nederland.

“Ik weet nog dat ik in het kindercentrum verbleef en er een

gezin langskwam om hun kind aan te melden. Binnen twintig

minuten was het allemaal geregeld en kon het kind al meedraaien

in de groep. Nou, dat gaat in Nederland wel even

anders... talloze formulieren en gesprekken volgen voordat

een aanmelding echt definitief is. En dan heb je vaak ook

nog een wachtlijst.”

Ook het vervoer naar het kindercentrum is niet te vergelijken

met de comfortabele taxibusjes waarmee de kinderen hier in

Nederland worden vervoerd. “Er zijn geen normen over het

aantal kinderen dat mee mag in de bus. Ook maakt het niks

uit hoe de kinderen in de bus zitten. Gordels kennen ze vaak

niet. Bovendien zijn de busjes, maar vooral ook de wegen,

heel anders dan hier in Nederland. Als de chauffeur iets te

hard op de rem trapt zit je bij elkaar op schoot”, lacht Diane.

Maar De Woestijnroos is zeker wel een plek waar op een

professionele manier wordt gewerkt. Ondank de, in Westerse

ogen, vaak primitieve omstandigheden waarin gewerkt

moet worden, wordt er van de medewerkers wel een hoge

mate van zelfstandigheid en verantwoordelijkheid verwacht.

“Alle begeleiders die er in het centrum aan het werk zijn,

worden door Caroline Kleinjan, initiatiefneemster van het

project, opgeleid.”

Ook worden er trainingen gegeven aan de moeders. Diane:

“Het is heel bijzonder om te zien hoe de moeders tijdens

deze sessies met elkaar in gesprek raken. Ze geven elkaar

ontzettend veel steun.” En dat is nodig want kinderen met

een handicap worden vaak weggehouden uit de samenleving

en soms zelfs veracht en verwaarloosd. Egypte telt opvallend

veel kinderen met een handicap: meer dan drie procent

van de bevolking heeft een verstandelijke handicap. Dit

percentage is hoger dan in Westerse landen. Deels komt dit

doordat er veel binnen familie getrouwd wordt en bovendien

worden de meeste Egyptenaren niet goed voorgelicht over

medicijngebruik tijdens de zwangerschap.

Focus op mogelijkheden

De kinderen die De Woestijnroos bezoeken krijgen onderwijs

gericht op hun mogelijkheden. Ook de families van de

kinderen krijgen de steun en trainingen die zij nodig hebben


om optimaal voor hun kinderen te kunnen zorgen. Het land

rondom het centrum wordt gebruikt voor veehouderij. De

kinderen werken mee aan de groenteteelt of verzorgen de

geiten, koeien en schapen. De activiteiten zijn vooral gericht

op het beleven, leren en ontwikkelen van vaardigheden.

Maar er wordt nog veel meer gedaan op het centrum. Zo

is er in mei gestart met een naaigroep. Hier komt Lia om

de hoek kijken met haar ervaring die ze ondermeer heeft

opgedaan als begeleidster bij Pand 35 in Leerdam. “Ik ben

daar in het voorjaar heen geweest om de juf alle instructies

te geven. Zij moest eerst zelf leren naaien voordat ze met de

kinderen aan de slag kon. In het begin zal het best wennen

zijn. Uiteindelijk is het de bedoeling dat het echt vanuit de

kinderen zelf komt. Het moet niet zo zijn dat de juf alles zelf

in elkaar naait. Dat kwartje moest daar nog wel even vallen,

maar uiteindelijk hebben we samen een stappenplan ontwikkeld

waar mee gewerkt kan worden. Het is wel grappig

om te zien dat de stappenplannen die wij hier gebruiken nu

voorzien zijn van Arabisch schrift”, lacht Lia.

Bijdragen aan ontwikkeling

De Woestijnroos is een initiatief van de Nederlandse

Caroline Kleinjan met wie Diane en Lia al jaren bevriend

zijn. Caroline zette samen met haar Egyptische echtgenoot

Youssef Fawzy het kindercentrum op. Zij heeft jarenlange

ervaring met het werken met mensen met een handicap.

Hier in Nederland, maar ook in Caïro. Het tweetal wil met

het centrum niet alleen de kinderen met een handicap en

hun families helpen, maar ze willen ook een bijdrage leveren

aan de ontwikkeling van de lokale bevolking.

“Het centrum gebruikt alleen spullen uit het land zelf. Naaimachines

worden bijvoorbeeld niet uit Nederland gehaald,

maar gewoon in Egypte aangeschaft. Stoffen worden op de

lokale markt gekocht en er wordt nauw samengewerkt met

andere plaatselijke ondernemers. Het centrum moet echt

iets zijn van de bevolking daar, en geen Hollandse nederzetting

worden in het midden van de woestijn. Daarom werken

er bijvoorbeeld ook geen Hollandse artsen of verpleegkundigen”,

legt Lia uit.

Lia en Diane bieden niet alleen ter plaatse praktische hulp

aan. Ook wanneer zij in Nederland zijn, steken ze vaak de

handen uit de mouwen voor het kindercentrum in El-Fayoum.

Zo liepen zij dit jaar mee met de Vierdaagse van Nijmegen

om geld in te zamelen. Diane: “We hebben toen ruim 1700

euro bij elkaar gelopen.

De reacties vanuit Egypte waren trouwens wel erg grappig.

Zij begrepen er niks van; dat wij zo’n eind gingen wandelen

zomaar voor de lol. En dat we daar dan geld voor kregen! Ze

vonden dat echt ontzettend vreemd. ‘Gekke vrouwen’ zeiden

ze, maar de dankbaarheid straalde uit hun ogen.”

Meer informatie over De Woestijnroos is terug te

vinden op www.woestijnroos.info. Mensen die het

project financieel willen steunen kunnen geld

overmaken naar bankrekening 117452890

t.n.v. Stichting De Woestijnroos in Zwijndrecht.

19


20

“Het mooiste moment?

Als wat je gemaakt hebt verkocht wordt!”

TWEE ATELIERS EN EEN CADEAUWINKEL IN ÉÉN GROOT PAND:

DISYN IN CULEMBORG Door Mirjam Rinzema

‘Hard duwen. Deur klemt’, is het eerste dat je ziet als je

Disyn wilt binnengaan. Het valt wel mee; de deur zwaait toch vrij

gemakkelijk open. Binnen overheerst de rust.

Water klatert uit een blauwe, bolvormige fontein van keramiek.

“Mooi”, zeg ik tegen Niels, die aan de tafel druk bezig is met

boetseerklei, maar toch even opkijkt wie er binnen komt. “Kopen?”

vraagt hij meteen. Om er aan toe te voegen: “Ik heb er al twee van

gemaakt, mooi hè? Nu wil ik graag dat het ook verkocht wordt.”

Disyn (spreek uit als het Engelse design) is een nieuw

dagbestedingsproject van Syndion in het centrum van

Culemborg. In de zomer van 2010 is het team van start

gegaan. Yusti, een van de begeleidsters: “We wilden eerst

rustig kunnen opstarten. Een nieuw project is toch een hele

klus en je wilt goed voor de dag komen. De cliënten die

hier zijn gaan werken, moesten ook wennen. Maar toen we

eenmaal het gevoel hadden dat het allemaal lekker liep,

wilden we ook graag een echt openingsfeest vieren en dat

hebben we half oktober dan ook gedaan.” Er wordt met

grote tevredenheid teruggeblikt op dat feest. “Er was heel

veel aanloop, ook van Culemborgers die Syndion helemaal

niet kennen maar die in de krant hadden gelezen dat we

officieel geopend zouden worden”, vertelt Yusti.

Hout en keramiek

Disyn telt twee ateliers: een houtatelier, waar cliënten

werken die goed met de hamer, zaag en verfkwast overweg

kunnen en een keramiekatelier, waar precisie vereist is

die weer beter bij andere medewerkers past. Met dunne

latjes en houten rolstokken wordt de boetseerklei tot de

goede dikte plat gerold. Vandaag begeleidt Yusti twee

cliënten bij dit werk. Eén van hen, Niels, heeft ervaring

in dit werk, dat is aan alles te zien. Hij pakt een stuk klei,

legt het op een plastic ondergrond tussen twee latjes en

maakt er in een handomdraai een platte lap van, een paar

millimeter dik. Met een liniaal worden vierkante plakken

van ongeveer tien bij tien centimeter uitgemeten en uit

de grote lap gesneden. Het lapje wordt opgerold tot een

steel en vervolgens komt er een bol hoedje op. Met een

substantie die eruit ziet als sterk verdunde, waterige klei

wordt alles goed dicht gemaakt. “Paddenstoeltjes”, legt

Niels uit. “We hebben ze in de etalage staan, maar als

er een paar verkocht worden, moeten we weer nieuwe

voorraad hebben.” Behalve de paddenstoeltjes staan in

de winkel nog veel meer mooie producten van keramiek:

vlinders op bamboe stokken, bedoeld om in de tuin te

zetten, schalen en schaaltjes in allerlei kleuren, soorten

en maten, de al eerder genoemde ronde fontein. Hoe

verzinnen ze eigenlijk wat ze willen gaan maken? “Het

meeste komt eerlijk gezegd uit mijn koker”, vertelt begeleidster

Yusti. “Maar ik probeer de makers er wel bij te

betrekken. Toevallig vanmorgen hebben we bedacht dat

we wat meer kerstachtige materialen willen maken.” Ze

wijst naar Jacco, die ook in de weer is met klei. “Jacco

heeft bedacht dat we raamhangers kunnen maken en heeft

een malletje gemaakt van een kerstboom. Dus je staat aan

de wieg van een nieuw product in ons assortiment!”

Jacco zelf is intussen druk bezig met dit nieuwe product.

Met een spatel snijdt hij het kerstboompje uit de lap klei

en vraag Yusti hoe ze het vindt. Yusti is niet tevreden.

“Nee”, zegt ze, “dit vind ik niet zo goed gelukt. We doen

het even over. Sorry Jacco, ik ben streng.” De klei wordt

opnieuw uitgerold tot de juiste dikte. “Kijk, ik zal het even

voordoen. Als je het met een satéprikker snijdt, worden

de randen veel mooier. Want het moet natuurlijk wel mooi

worden, wat we hier maken. Anders koopt niemand het.”

Jacco vindt het maar lastig. “Die klei plakt zo. Het is de

allereerste keer dat ik met klei aan de slag ben. Ik heb

altijd op het houtatelier gewerkt, maar wilde wel eens iets

anders proberen. Dat is leuk, dat dat hier kan. Je kunt altijd

iets nieuws leren op die manier.”


Handige jongen

In het houtatelier loopt vandaag alleen

Hans rond; zijn collega’s zijn vrij omdat

het vakantie is. “Beetje saai, maar

ook wel rustig”, vindt Hans. Hij werkt

vandaag aan een poppenbedje, maar

hij kan van alles maken van hout. Een

echte handige jongen dus? “Ja, dat

wel”, grinnikt Hans bescheiden. Hij

wijst naar een schattig karretje op

twee wieltjes. “Dat maak ik ook. En

lampjes, lijsten voor spiegels. Steeds

iets anders. Dat is leuk.”

Intussen staan er een paar klanten in

de winkel. Eén van hen, een oudere

dame, loopt het houtatelier binnen.

De vrouw bekijkt alle producten die in

de maak zijn. “Ik vind het zo’n prachtige

ruimte, het is hier zo

heerlijk licht”, zegt ze. Mevrouw

vertelt dat ze ook bij de opening

was. “Toen dacht ik: ik kom later wel

even terug om iets te kopen. Ik vind

het prachtig dat Culemborg nu deze

winkel heeft.” Het wordt een houten

vlinder, die aan de muur gehangen

kan worden. “Voor mijn kleindochter.”

Na het afrekenen zegt ze bij de

deur nog gauw: “Ga zo door hoor! Zo

krijgen we een betere wereld.” Tot

Hans’ grote plezier neemt een andere

klant een roze poppenbedje mee. “Ik

vind het fijn als mijn spullen verkocht

worden!” Hij loopt opgewekt naar

de ruimte waar ook de keramiekoven

staat te snorren om te controleren of

het verfwerk goed droogt. Opvallend

veel roze staat er op de tafel naast de

warme oven. Of eigenlijk is het logisch

– bijna alle kleine poppenmoeders zijn

immers dol op roze!

Genoeg te doen

Als de laatste klant tevreden en

volgepakt de winkel heeft verlaten

(‘Wat fijn dat je hier gewoon kunt

pinnen; dat kan lang niet altijd in dit

soort bijzondere winkels’) zegt Yusti:

“Het is heel leuk om met z’n allen zo’n

winkel te runnen, maar tegelijk is het

niet eenvoudig. We hebben nu al veel

spullen verkocht, maar we hebben wel

tijd nodig om nieuwe producten te

maken. De houten producten hebben

een flinke doorlooptijd, maar dat geldt

zeker ook voor het keramiek. Drogen,

bakken, nog eens bakken, glazuren

– je bent zo een week of drie verder.

We hoeven ons in elk geval niet te

vervelen”, besluit ze. “Er is altijd

genoeg te doen.”

Disyn, Ridderstraat 4, Culemborg.

Tel: 0345 - 524203.

Open: ma t/m vrij 9.30 - 16.00 uur.

21


Cliënt aan

het woord...

..........

22

“Het gaat hier echt beter met mij”

Remco Vinke woont zelfstandig en krijgt ondersteuning aan huis

Door Mirjam Rinzema

Remco Vinke, 25 jaar, woont sinds een paar weken in zijn

eigen huis in Alblasserdam. Hij geniet er met volle teugen

van. “Ik kan gewoon doen waar ik zin in heb. Ik heb mijn

vrijheid terug.” Synchroon ging bij hem op bezoek om hem

in deze rubriek aan het woord te laten.

Remco, wil je om te beginnen iets over jezelf vertellen?

“Ik ben Remco Vinke en ik ben 25 zomers jong. Ik woon in Alblasserdam, in mijn eigen huis. Ik woon hier nog maar net, dus

het is nog niet helemaal klaar. Er moeten nog wat dingen worden opgehangen enzo. Maar dat soort klusjes doe ik meestal

in het weekend, want door de week kom ik daar niet echt aan toe.

Ik woon hier alleen, samen met mijn kat Mischa. Ze moet hier nog wennen, want ze is nog jong. Verder heb ik een

vriendin, Margot, met wie ik in de weekenden altijd samen ben. Ze woont in Dordrecht. En ik werk bij Copydrecht, in

Dordrecht.”

Waar woonde je voordat je hier naartoe verhuisde?

Toen ik op mezelf ging wonen, ben ik bij Syndion terecht gekomen. Ik heb eerst in De Staart in Dordrecht gewoond en

daarna heb ik anderhalf jaar in De Volgerlanden in Hendrik Ido Ambacht gewoond. Nu woon ik dus hier en ik krijg ondersteuning

van Syndion. Iedere week komen er drie verschillende begeleiders die me helpen, zodat ik hier zelfstandig kan

wonen. Kim helpt me om het huis schoon te houden, Babs helpt me met de was, strijken, opvouwen, in de kast leggen

enzovoort en twee middagen in de week komt Debby. Met haar praat ik over hoe het gaat en zij helpt me bij het koken.

Want daar ben ik nog niet zo heel erg goed in. Het is gezellig om het samen te doen, maar alleen begin ik er niet aan. Dan

haal ik gewoon zo’n kant-en-klaar maaltijd die je in de magnetron kunt opwarmen.”

Waarom heb je ondersteuning nodig; wat is er eigenlijk met je aan de hand Remco?

“Ik ben elf jaar geleden aangereden door een bus. Ik zat op de fiets en wilde oversteken. Ik zag die bus niet aankomen. Hij

mij wel, maar toen was het al te laat. De chauffeur kon niet meer remmen en pats, daar lag ik. Ik heb een hele tijd in coma

gelegen; ze hebben me zelfs nog een tijdje kunstmatig in coma gehouden omdat er anders misschien nog meer schade

op zou treden. Daarna heb ik zeven maanden gerevalideerd. Wat ik heb heet dus: niet-aangeboren hersenletsel. Voor het

ongeluk was ik gezond, ik mankeerde niks. Ging gewoon naar school, had vrienden, maakte lol. Nu heb ik een beperking.”

Kun je omgaan met het feit dat jou dit is overkomen?

“Tja, wat moet ik zeggen. Ik probeer het altijd maar zo te bekijken: Je kunt wel blijven nadenken over hoe mij dit is overkomen

en waarom dit bij mij is gebeurd. Maar het heeft geen zin, het helpt niet. Je moet toch door met je leven. En ik kan

nu zeggen dat het wel goed met me gaat, zeker nu ik hier woon.”


Wat heeft de verhuizing naar je eigen huis voor jou dan betekend?

“Het is een hele verbetering. Vooral omdat ik nu zelf kan bepalen wat is doe, wanneer ik dat doe, met wie ik dat doe. Ik hoef

aan niemand verantwoording af te leggen. Vroeger moest ik het altijd melden als ik de deur uitging; al ging ik maar even een

brief posten. We moesten samen eten, dat vond ik ook niet fijn. Hier komen steeds dezelfde mensen de ondersteuning geven

die ik nodig heb. Dat is fijn: je maakt afspraken en je weet wie er wanneer komt. In De Volgerlanden was het zó rommelig.

Er waren heel veel personeelswisselingen en steeds kwam er weer iemand anders. Iedere keer moest je alles opnieuw uitleggen.

Hier gaat het echt beter met me. Mijn ouders zeggen dat ook, ze zeiden dat vorige week nog. Ik ben vrolijker, ik let meer

op wat ik aantrek omdat ik nu meer naar buiten ga en ik ga beter met andere mensen om. Het is ook fijn om in deze buurt te

wonen. De buren zijn al op de koffie geweest en de overburen zeiden toen mijn ouders vertelden dat ik een beperking heb:

‘Maak je maar geen zorgen, wij houden wel een oogje in het zeil’. In deze wijk is iedereen echt met elkaar begaan.”

Hebben je ouders je geholpen om hier te komen wonen?

“Mijn ouders hebben gezien dat ik niet gelukkig was in De Volgerlanden. Zij waren ook niet erg enthousiast over hoe het

daar met mij ging. Zij hebben ook last gehad van wisselende leiding en dergelijke. Het was voor mij vanuit De Volgerlanden

ook altijd een gedoe om mijn ouders op te zoeken. Zij wonen hier ook in Alblasserdam, dus ik moest altijd met de taxi,

altijd op de klok letten. Nu kan ik op ieder moment dat ik daar zin in heb even een bakkie doen. Zij regelen nog een hoop

financiële zaken voor mij, dus dat is heel gemakkelijk, dat ik nu zo dichtbij hen woon.”

Wat doe je graag in je vrije tijd?

“Ik ben dol op films kijken, ik ben een echt filmfanaat. Soms kijk ik er wel twee op een dag. Ik hou vooral van comedy en

horror. Ken je Jim Carey? Dat vind ik een heel goede acteur. Verder houd ik ook van gamen op de pc en ik kijk ook wel

graag naar voetbal, al doe ik dat nu niet zo heel veel meer. Vroeger, toen ik nog op school zat, heb ik een seizoenskaart

gehad van Feijenoord, maar ja... dat was toen nog goed en nu helemaal niet meer.

Als ik vakantie heb gaan mijn vriendin en ik graag mee met de reizen die georganiseerd worden door Flow: reizen voor jongeren

met een beperking. Je kunt kiezen of je een actieve reis kiest, of juist een rustige. Wij kiezen altijd een rustige reis.”

Bedankt voor je tijd en voor het interview, Remco.

“Graag gedaan hoor.”

23


RSD catering

Voor zowel particulieren als voor bedrijven bieden wij uiteenlopende mogelijkheden. Er is van alles mogelijk:

van het inschenken van een kopje koffi e tot een in de puntjes verzorgd luxe buffet. Wij kunnen u een totaalpakket

aanbieden met gebruik van zaal, ingerichte partytent en/of muziek. We verzorgen alles hieromheen,

zoals de aankleding, de inrichting en het opruimen.

Bij RSD catering bent u aan het juiste adres voor de complete verzorging van al uw familie- of bedrijfsfeesten,

vergaderingen, congressen, bruiloften e.d.

Naast het verzorgen van de catering op locatie, bieden

wij u een breed assortiment producten:

- warme en koude buffetten

- salades

- bittergarnituren

- eenvoudige en luxe lunches

- koffi etafels

- warme maaltijden

In het team van RSD-catering werken ook mensen met een verstandelijke handicap. Deze medewerkers

hebben zelf gekozen voor het werken binnen de horeca. Binnen RSD-catering worden zij opgeleid tot

allround cateringmedewerkers. Hierbij worden zij begeleid door beroepskrachten.De combinatie van jarenlange

werkervaring en voltooide vakopleidingen garanderen een professioneel werkend team.

Dat is echter niet het enige. U kunt er namelijk ook van uit gaan dat achter onze producten en diensten een

grote dosis enthousiasme, werkplezier en doorzettingsvermogen zit!

Voor meer informatie kunt u bellen met Willeke Brosky, bedrijfsleider

telefoon 0184-652107

U bent van harte welkom om een kijkje

te komen nemen!

LANDELIJK

HOUT

Noorder Elsweg 14,

3329 KH in Dordrecht.

06-20446778

Openingstijden:

maandag tot en met vrijdag van 9.00-15.30 uur.

More magazines by this user
Similar magazines