De campus als publiek domein - Rooilijn

rooilijn.nl

De campus als publiek domein - Rooilijn

Rooilijn Jg. 42 / Nr. 4 / 2009 Compacte clusteruniversiteit 1950-2010

P. 240

Figuur 1 Ingeschrevenen 1877-2001 totaal (bron: Bureau Bestuursinformatie UvA)

30.000

25.000

20.000

15000

10.000

5.000

0

Het Drie-kernen-plan 1955

In die periode van stagnerende studentenaantallen

werd in 1955 door de gemeente en de universiteit

het Drie-kernen-plan aanvaard. Het plan voorzag

in de huisvesting van 10.000 à 12.000 studenten op

drie locaties in de stad: het Roeterseilandcomplex en

omgeving (REC), de Oudemanhuispoort (OMHP)

en het Wilhelmina Gasthuisterrein (WG-terrein).

De terreinen waren alledrie in of nabij de binnenstad

gelegen. Het Roeterseiland was bedoeld

voor de huisvesting van de bètafaculteiten en de

Oudemanhuispoort voor de alfafaculteiten en centrale

voorzieningen. De locatie OMHP werd later uitgebreid

met het Binnengasthuisterrein (BG-terrein), de Oude

Turfmarkt en het Maagdenhuis. Het WG-terrein en

omgeving was bedoeld voor de medische faculteit

en het ziekenhuis. Daarvoor moest wel eerst de

Kinkerbuurt-Zuid worden gesloopt.

Alternatieve ideeën

Opvallend voor de periode 1965-1975 en geheel

passend in de tijdgeest van democratisering, is dat de

discussie over het huisvestingsbeleid van de UvA in alle

universitaire geledingen en in de pers werd gevoerd.

De redeneringen vanuit verschillende belangen

1877/78

1880/81

1885/86

1890/91

1895/96

1900/01

1905/06

1910/11

1915/16

1920/21

1925/26

1930/31

1935/36

1940/41

1945/46

1950/51

1955/56

1960/61

1965/66

1970/71

1975/76

1980/81

1985/86

1990/91

1995/96

2000/01

werkten door in de uiteenlopende voorkeuren voor

huisvesting. Sommigen prefereerden de universiteit

in de bestaande stad door rigoureuze sloop en

herstructurering, anderen kozen voor aanpassing aan

het historisch erfgoed en stadsweefsel. Weer anderen

kozen voor de weilanden en nieuwe polders buiten de

stad.

De eerste hoogleraar planologie, Steigenga, bekritiseerde

het drie-kernen-plan. Hij was het weliswaar

eens met het universitaire huisvestingscredo dat alle

faculteiten in elkaars nabijheid behoren te zijn, maar

in de binnenstad en negentiende eeuwse wijken was

daarvoor volgens hem geen plaats. Als alternatief

adviseerde hij de omgeving van de Bijlmermeer. Ook

anderen stelden alternatieve huisvestingslocaties voor.

Zo droomde een clubje verontruste hoogleraren, die

de Oudemanhuispoort een ‘verstopt ex-bejaardenhuis

in een aftandse buurt’ vonden, van een Cité universitaire

op het Frederiksplein. Professor F. de Jong

Edz. stelde de strook tussen de Utrechtsebrug en

Ouderkerk voor. De CPN-gemeenteraadsfractie

propageerde een campusuniversiteit buiten de stad.

Een commissie onder leiding van professor Enschedé

stelde zelfs Flevoland voor (Souwer, 2000).

More magazines by this user
Similar magazines