Verenigde Staten - girugten

girugten.nl

Verenigde Staten - girugten

Faculteitsblad Ruimtelijke Wetenschappen Jaargang 40 / nummer 1 / november 2008

Girugten

Verenigde Staten

Verkiezingen

Yellowstone

Interstate Highways

New Orleans

Gangs

Typisch Amerika


Girugten

Jaargang 40, nummer 1, november 2008

Colofon

Girugten is het onafhankelijk

faculteitsblad van de Faculteit

Ruimtelijke Wetenschappen,

Rijksuniversiteit Groningen

Eindredactie

Wietske Wilts (Hoofdredacteur)

Mathieu Drolinga (Vormgeving)

Redactie

Niels van Beurden

Bart Booij

Arianne Dannenberg

Floris van der Lingen

Guido Roegholt

Marjolein Verheijen

Claire Vernède

Inge de Vries

Jurjen Zuijdendorp

Druk

Drukkerij de Bie, Groningen

Oplage

575 stuks

E-mail

girugten@rug.nl

Website

www.girugten.nl

Postadres

Postbus 800

9700 AV Groningen

De eindredactie behoudt zich

het recht voor zonder opgaaf van

redenen artikelen in te korten, dan

wel te weigeren.

redactioneel

Met het oog op de naderende

verkiezingen in één van de belangrijkste

– zo niet hét belangrijkste

– landen ter wereld, is hier de

editie van Girugten met als thema

Verenigde Staten’. Met het eerste

artikel, over de verkiezingspro-

gramma’s van de beide partijen,

de Republikeinen onder leiding van

McCain en de Democraten onder

leiding van Obama, wordt gelijk een

beeld gegeven van waar het op 4

november allemaal om gaat. De

vroegste geschiedenis van Amerika

komt aan bod in ‘De Nieuwe Wereld’,

en in ‘Typisch Amerika’ worden de

vier grootste steden in hun tegenwoordige

hoedanigheid besproken.

De veelzijdigheid van de Verenigde

Staten wordt duidelijk in de verscheidenheid

aan onderwerpen van de

thema-artikelen: van straatbendes

via snelwegen tot natuurrampen, in

dit nummer vind je het allemaal. En

achterin vind je natuurlijk weer alle

vaste rubrieken en andere onder-

delen.

Veel leesplezier,

Wietske Wilts


Uitgelicht

4. Verkiezingen V.S.

Waar valt uit te kiezen?

7. ‘De Nieuwe Wereld’

De vroegste kolonisatie van

Amerika

18. United States Gangs

Inhoud

Verkiezingen V.S.

Bart Booij 4

De Nieuwe Wereld

Inge de Vries & Wietske Wilts 7

Yellowstone National Park

Jurjen Zuijdendorp 9

Interstate Highways System

Marjolein Verheijen 11

De ontwikkeling van New Orleans

Niels van Beurden & Marjolein Verheijen 14

Plaatsnamen over de grens

Wietske Wilts 16

United States Gangs

Claire Vernède & Jurjen Zuijdendorp 18

Typisch Amerika

Niels van Beurden

Masterthesis: Spreiding van afgestudeerde FRW-ers

W. Westendorp & V.A. Venhorst

Top 5

Inge de Vries

Op de bank van...

Jurjen Zuijdendorp

20

23

26

27

Ibn Battuta 28

Pro Geo 29

Geo Promotion 30

Uit het buitenland

Henk Nienhuis 32

Verenigde Staten


4

Verenigde Staten

VERKIEZINGEN V.S.

WAAR VALT UIT TE KIEZEN?

girugten november 2008


Republikeinen vs Democraten

Natuurlijk gaat het presidentschap in de Verenigde Staten over de twee

grote partijen, de Republikeinen en de Democraten, daarnaast zijn er ook

onafhankelijke kandidaten (dit jaar is het Ralph Nader met zijn runningmate

Matt Gonzalez). De Amerikaanse politieke partijen kenmerken zich

door verschillende interne stromingen, waar in de rest van de (westerse)

politiek de partijen meer een eenheid zijn met een eenduidige politieke

ideologie. Deze interne verdeeldheid heeft er bijvoorbeeld voor gezorgd

dat de Democraten van een centrum-rechtse partij, vooral populair in

de oude slaven-staten van het zuiden veranderd is in een centrum-linkse

partij die vooral populair is bij de progressieveren in de Amerikaanse

samenleving. De Republikeinen hebben eenzelfde verandering

doorgemaakt, maar dan de andere kant op, van een partij die vóór

afschaffing van de slavernij was (Abraham Lincoln was een Republikein)

naar een partij die vooral de rechts-conservatieven aanspreekt.

Wat deze interne opdeling ook teweeg brengt is een zekere flexibiliteit

wat betreft de heersende politieke issues. Zodoende kan een partij altijd

een juiste figuur naar voren schuiven om het Amerikaanse volk te laten

weten dat de partij er een oplossing voor heeft die anders is dan de

andere partij. Bovendien leiden de verschillende stromingen ertoe dat

de presidentskandidaten hun eigen persoonlijke programma kunnen

samenstellen en daarbij medestanders uit de partij naast zich kunnen

hebben. De verkiezingen in de VS draaien dan ook met name om de

kandidaten, niet om de partijen, zo kan bijvoorbeeld de Republikein

Colin Powell opeens zijn steun betuigen aan de Democratische kandidaat

Obama.

McCain vs. Obama

De strijd tussen de verschillende kandidaten is al geruime tijd aan de

gang, als de kandidaten het op inhoudelijk vlak niet kunnen winnen of

als alle punten gemaakt zijn, wordt er gekeken naar de kandidaat zelf.

Hoewel de beide kandidaten in mei van dit jaar nog hebben afgesproken

een degelijke campagne te voeren is McCain vanaf begin augustus

bezig de persoon Obama door het slijk te halen. Obama reageert koel:

“Niemand denkt dat Bush en McCain echte antwoorden hebben op de

uitdagingen waar we voor staan. Dus zullen ze proberen om jullie bang

voor mij te maken. Je weet wel: hij is niet patriottisch genoeg. En die

grappige naam van hem. En weet je: hij ziet er niet uit als al die andere

presidenten op de dollarbriefjes.” dat laatste is natuurlijk een regelrechte

verwijzing naar het feit dat Obama een afro-american (zoals dat politiek

correct heet) is.

Goed, wat zijn dan de uitdagingen die Bush en McCain niet écht

kunnen beantwoorden volgens Obama? En hoe worden ze door de

kandidaten juist wél beantwoord? Aan de hand van een paar issues zal

dit geïllustreerd worden.

Irak

Allereerst is er natuurlijk de kwestie Irak. De populariteit van de huidige

president, Bush, hangt nauw samen met dit onderwerp. Wijtens zijn

inval in Irak in 2003 is zijn populariteit drastisch gedaald. Voor veel

Amerikanen is het dus tijd voor verandering en Obama zegt die te

kunnen bieden. Hij vindt dat Amerika zijn verantwoordelijkheid moet

nemen en zich langzaam (in fasen) moet terugtrekken om zodoende de

Irakezen het heft in eigen handen te geven. Natuurlijk zitten hier haken

girugten november 2008

Aangezien deze uitgave op 27 oktober ter perse is gegaan, kan het

zijn dat een deel van de informatie inmiddels achterhaald is

In dit VS-nummer kan het natuurlijk niet ontbreken: een artikel over de presidentsverkiezingen. Al zeker een jaar lang houdt dit item de

wereld in bedwang. Vanaf het moment dat er tussen Hillary Clinton en Barack Obama werd gestreden om wie nu de nieuwe democratische

presidentskandidaat zou worden tot een paar weken geleden toen er een wereldwijde financiële crisis ontstond. Vanaf dat moment lijkt

de strijd gestreden te zijn en lijkt Barack Obama het te winnen van de Republikeinse kandidaat John McCain.

Wij, in Nederland, kijken naar de overkant van de Atlantische Oceaan en denken: ‘Wat een show, wat een hanengevecht, gaat het

nu werkelijk ergens over?’. Wat dat betreft geven het NOS journaal en RTL Nieuws nou niet bepaald uitsluitsel, ook hen gaat het

om de rake opmerkingen die over en weer gegeven worden door de kandidaten (“Hij onderhoudt banden met terroristen”, “Hij is de

volgende Bush”). De media smult er tegenwoordig van. De vraag die dit artikel probeert te beantwoorden is de volgende: ‘Waar gáán de

Amerikaanse presidentsverkiezingen op 4 november inhoudelijk over?’.

en ogen aan, maar Obama verklaart op zijn website heel bedachtzaam

en in overleg met de Iraakse regering de terugtocht te plannen en in

de zomer van 2010 de laatste soldaat uit Irak te halen. Op zijn website

gaat er overigens een uitvoerige steunbetuiging aan de soldaten en hun

families aan vooraf, want hoewel je de oorlog mag veroordelen, aan de

Amerikaanse soldaten kom je niet.

McCain volgt wat Irak betreft volledig de lijn van Bush. Dat geeft

hij natuurlijk niet toe want hij is al zijn hele campagne bezig zich te

distantiëren van de huidige president. Hij vindt het onverantwoordelijk

om de troepen terug te trekken als er nog dagelijks geweld is tussen de

verschillende bevolkingsgroepen en er nog geen zelfstandig Iraaks leger

is om de situatie te beslechten. McCain merkt op dat Irak nog niet klaar

is om het zelf allemaal op te knappen, maar wil echter geen seconde

langer in Irak blijven dan strikt noodzakelijk is.

Landbouw

Vervolgens het landbouwbeleid van de beide heren. Obama zegt zich met

name in te zetten voor de ‘farming families’, de boerengezinnen. Deze

worden volgens hem onderdrukt door de grote landbouwbedrijven. Hij

spreekt hier als een ware socialist, het gaat hem om een eerlijke markt voor

de kleine boer. Grote bedrijven kunnen niet meer belasting ontduiken

door hun percelen op te delen in verschillende (niet bestaande) kleine

bedrijfjes. Daarnaast wil hij zich hard maken voor de lokale ondernemers

op het platteland en belooft hij een betere dienstensector, die zich kan

meten met de stedelijke centra.

Waar Obama zich vooral hard maakt voor de kleine boer, door het

opleggen van regulering aan grote bedrijven, spreekt McCain vooral over

een marktgedreven systeem dat het voor lokale boeren makkelijker moet

maken. Zoals een ‘market-driven risk-management system’ dat ervoor

moet zorgen dat bijvoorbeeld de lasten van natuurrampen makkelijker

te dragen zijn. Het blijkt verder vanuit de website van McCain dat hij het

immigratiebeleid ook onder het kopje ‘rural’ vindt vallen. Blijkbaar heeft

immigratie en het veiligstellen van de grenzen een dermate grote invloed

op het Amerikaanse platteland dat het onder één beleidspunt valt.

Nationale Veiligheid

Dan is er ook nog de kwestie van ‘Homeland Security’ zoals Amerikanen

het zo graag zeggen. Beide kandidaten noemen hierbij natuurlijk eerst

de tragische dag in september 2001. Het is volgens hen dus nodig dat

het militaire apparaat aangepakt moet worden, want er is een wezenlijke

terroristische dreiging. Obama wil na een verantwoordelijk vertrek

uit Irak zich concentreren op de dreiging van Al-Qaida die zich in

Afghanistan zou bevinden. Hij vond het dus onverantwoordelijk dat de

Irak-oorlog begon toen er in Afghanistan nog geen resultaat geboekt

was. Verder vindt hij het vooral van nationaal belang dat er aandacht

wordt besteed aan de menselijke kant van het verhaal. Obama stelt dat

het noodzakelijk is om onderwijs in probleemlanden te verbeteren zodat

de problemen bij de wortel worden aangepakt. Obama kiest dus niet

voor een aanpak met de harde hand.

McCain heeft het echter met name over de militairen. Hij vindt dat een

uitbreiding van het leger en de marine nodig is om aan de verplichtingen

die het land in het buitenland heeft te kunnen voldoen. Het zijn

volgens hem verplichtingen om de nationale veiligheid te waarborgen.

Bovendien vindt hij dat die aangegane verplichtingen niet opgedoekt

-door Bart Booij-

5


6

Verenigde Staten

moeten worden: het Amerikaanse leger moet zelfs klaar zijn om nog

méér landen te helpen tegen binnenlandse terroristische groeperingen

en dergelijke. McCain ziet een duidelijke dreiging uitgaan van ‘rogue

states’ als Iran en Noord-Korea. Op dat punt vindt hij het noodzakelijk

om een raketschild te bouwen.

4 november

Al die plannen en oplossingen zijn natuurlijk erg aardig, maar er is

nogal wat financiering voor nodig. Beide partijen verzuimen om over

de financiering van al hun prachtige plannen te spreken. Het lijkt ook

in het maatschappelijk debat niet erg aanwezig, want informatie over de

financiering van de plannen van McCain en Obama is ook buiten hun

websites niet te vinden. Dit, samen met de hooggestelde ambities van de

kandidaten om het regime van Bush te breken, maakt het erg interessant

De vice-presidentskandidaten Sarah Palin

(Republikeinen) en Joe Biden (Democraten).

om over vier jaar de balans op te maken en te kijken wat de volgende

President van de Verenigde Staten heeft bereikt.

Na deze korte analyse van de twee belangrijkste kandidaten aan de hand

van een drietal punten mag wel duidelijk zijn dat hoewel McCain zich in

het debat telkens afzet tegen Bush er een grote gelijkenis is tussen hun

beleid. En inmiddels lijkt het wel duidelijk wat de Amerikaanse kiezer

wil. Ze willen ‘change’ en dat is nu net wat Obama in zijn campagne

beloofd. Óf er veel verandering komt, met het oog op de financiering, is

natuurlijk nog maar de vraag, maar eerst zullen we moeten zien wie op 4

november het Witte Huis mag intrekken.

Het Amerikaanse Kiesstelsel

Voorverkiezingen

Het Amerikaanse kiesstelsel zit erg ingewikkeld in elkaar. Ten eerste moet men zélf actie ondernemen om überhaupt te mogen stemmen.

Men moet zich als kiezer laten registreren, als democraat, republikein of onafhankelijke. Dan moeten in januari van het verkiezingsjaar de

kandidaten van de verschillende partijen gekozen worden, de zogeheten primaries (voorverkiezingen) of caucussen. Een primary verloopt

net als een verkiezing in Nederland, je gaat gewoon naar de stembus. Een caucus is heel anders, daarbij komen de kiezers samen en kan door

middel van handopsteken of in een bepaalde hoek staan besloten worden wie gekozen wordt. Daarbij is het in sommige staten het geval dat

je bijvoorbeeld alleen voor de democratische kandidaat mag stemmen als je eerder aangegeven hebt dat je democraat bent, in sommige staten

mogen alle kiezers stemmen. Elke staat wijst een afgevaardigde aan die uiteindelijk op de partijcongressen een kandidaat kiest.

Verkiezingen

Als op 4 november de algemene verkiezingen gehouden worden, kan iedereen naar de stembus. Het gaat bij de verkiezingen om de kiesmannen.

De kandidaat met de meeste stemmen krijgt alle kiesmannen (winner-takes-all). De stemmen van de kiezers die niet op de winnende partij

hebben gestemd worden dus weggegooid. Hoe de kiesmannen worden aangesteld is in principe aan de staat zelf.

Na de verkiezingen komen de kiesmannen per staat bijeen in een kiescollege. Daar brengen ze hun stem uit op één van de kandidaten (dit

gebeurt apart voor president en vice-president). In 25 staten is het verplicht om op de winnaar van die staat te stemmen, in de andere staten is

dat niet het geval zodat het mogelijk is dat de kiesmannen op een andere kandidaat stemmen. Dit komt echter niet vaak voor.

De stemmen van de kiesmannen worden naar de voorzitter van de Senaat gestuurd (bijna altijd de zittende vice-president). Hij telt de stemmen

in een gezamenlijke zitting van Senaat en Huis van Afgevaardigden. Als één van de kandidaten een meerderheid (dus niet de meeste) stemmen

heeft behaald voor het presidentschap, is hij president. Zo niet, dan wordt er een verkiezing in het Huis van Afgevaardigden gehouden onder

de drie kandidaten met de meeste stemmen. Hetzelfde geldt voor de vice-president. De president van het grootste democratische land (althans,

dat zeggen ze zelf) ter wereld wordt dus níet direct gekozen.

girugten november 2008


'De Nieuwe Wereld'

De vroegste kolonisatie van Amerika

Historie

1492 Staat bekend als het jaar waarin Amerika door Christoffel Columbus

werd ontdekt. Wat veel mensen echter niet weten is dat omstreeks het jaar

1000 de Noormannen zich er probeerden te vestigen. Maar zij stuitten

op weerstand van de oorspronkelijke bewoners van het land: welke later

door Columbus ‘Indianen’ genoemd werden. Toen vijf eeuwen na de

Vikingen de Europeanen met geweren en kanonnen aankwamen, waren

de Indianen hier met hun primitieve pijl en boog niet tegen opgewassen.

Bovendien stierven er talloze Indianen aan ziekten die de Europeanen

hadden meegebracht. Op deze wijze kon de expansie van de Europeanen

in Amerika beginnen. Na 1492 bleef het meer dan honderd jaar stil omtrent

de Europese ontdekkingsreizen in dit continent. Het gebied werd in

eerste instantie gezien als exploitatieland, waar mijnbouw bedreven zou

moeten worden. Men hoopte er goud te vinden, om dit terug te brengen

naar Europa. Om het gebied te beheren werden er in Noord-Amerika al

enkele kleine exploitatiekoloniën gesticht. De Europeanen richtten zich

vooral op het verbouwen van tabak, omdat hier in Europa bijzonder

veel vraag naar was. Hierdoor kwam het verbouwen van voedsel op de

tweede plaats, en als de Indianen niet te hulp waren geschoten in de

eerste winter, waren de Europeanen verhongerd.

De Engelse kolonisatie

Pas nadat de Spanjaarden in 1565 de eerste stad, in wat later de Verenigde

Staten zou worden, genaamd St. Augustine hadden gesticht, begon in de

zeventiende eeuw de echte grote toestroom van Europeanen. In 1607

werd door de Britten de eerste blijvende vestigingskolonie gesticht:

Jamestown. Het omliggende gebied werd Virginia genoemd, naar de

ongehuwde Britse koningin Elizabeth I. In deze streek probeerden de

Engelsen hun oude aristocratische samenleving na te bootsen. Later

kwamen vanuit Engeland de zogeheten ‘Pilgrim Fathers’. Dit waren

puriteinse Engelsmannen die, in tegenstelling tot de kolonisten in

Virginia, een nieuwe samenleving wilden construeren, en op zoek waren

naar een zuivere vorm van het christendom zonder rituelen. Zij dachten

dit in de ‘Nieuwe Wereld’ te kunnen vinden, en ondernamen daarom

deze pelgrimstocht. Na 64 dagen bereikte het schip ‘Mayflower’ de kust

van Amerika, bij Massachusetts in het Noorden. De mannen tekenden

bij aankomst het zogenaamde Mayflowerverdrag, waarin een aantal

democratische wetten vastgelegd werden die de kolonisten recht gaven

op zelfbestuur. Er heerste in Massachusetts een streng klimaat, waardoor

De ‘Mayflower Steps’ in Plymouth;

dit is de plaats waar de Mayflower voor het eerst het land bereikte.

girugten november 2008

de grond niet zo vruchtbaar

was. Al snel ontdekten deze

kolonisten dat er veel meer

geld te verdienen was in

visserij en scheepvaart

dan met landbouw. Uit

de Atlantische Oceaan

werden diverse soorten vis

gevangen die naar andere

koloniën of naar Engeland

werden getransporteerd.

Aan de kust ontwikkelden

zich een aantal welvarende

steden, zoals Plymouth

en Boston. Laatstgenoemde werd weldra één van de belangrijkste

handelssteden van de Nieuwe Wereld. Er kwamen scheepswerven waar

grote schepen werden gebouwd van het hout uit de bossen. Het Britse

koloniale rijk in Amerika bestond destijds behalve uit Massachusetts ook

uit Connecticut, Rhode Island en New Hampshire. Later kwamen hier

Noord- en Zuid-Carolina, genoemd naar Britse koning Karel II, bij.

Rond 1630 vormden de Engelse koloniën een onafgebroken keten langs

de Atlantische Oceaan. In de dertien koloniën die Engeland nu had,

waren vele nationaliteiten vertegenwoordigd, waaronder Engelsen,

Hollanders, Ieren, Zweden, Duitsers en Fransen. Er was een grote

diversiteit aan godsdiensten. Het kenmerkende aan al deze verschillende

koloniën was echter toch hun Engelse oorsprong. Zo golden er Engelse

wetten, werd er de Engelse taal gesproken en hanteerde men Engelse

gewoonten.

Kaart van de dertien koloniën van Engeland

De Mayflower; het schip waarmee de

Pilgrim Fathers Amerika bereikten.

-door Inge de Vries & Wietske Wilts-

7


8

Verenigde Staten

Kolonisatie door andere landen

De Engelsen waren erg dominant in de

kolonisatie van Amerika, zij waren echter

niet de enigen die op ontdekkingsreis

gingen. Zo kwam twee jaar nadat de

Engelsen waren gearriveerd het eerste

Nederlandse schip aan bij waar nu New

York ligt. De kapitein, Henry Hudson,

vernoemde de rivier waarover hij

binnenvoer naar zichzelf; de Hudson

River. In 1624 kwamen de eerste

emigranten uit de Republiek der Zeven

Verenigde Nederlanden aan in de kolonie

die ze Nieuw Nederland noemden. De

hoofdstad op het eiland Manhattan

kreeg de toepasselijke naam ‘Nieuw

Amsterdam’. De Nederlandse West-

Indische Compagnie (WIC), tegenhanger

van de VOC, kocht het eiland Manhattan

voor zestig gulden van een Indiaanse

stam. De WIC zette enkele handelsposten

op, waaronder Fort Oranje, Fort Nassau

en Nieuw Amsterdam. Er stonden typisch

Nederlandse gebouwen met trapgevels en

een fraai kerkje in Nieuw Amsterdam.

Het was een gezellig plaatsje met 300

inwoners. Deze eerste nederzetting fungeerde als handelspost om

goud en bont te ruilen met de lokale bevolking. Omdat Karel II van

Engeland aldaar de troon besteeg, gaf hij aan zijn broer, de hertog van

York, Nieuw-Nederland ten geschenke. Dit gebied was echter nog niet

tot zijn beschikking, maar om hier wel zeker van de worden verklaarde

hij aan Nederland de oorlog. De Nederlandse gouverneur Stuyvesant

gaf toen Nieuw-Amsterdam zonder slag of stoot weg aan de Engelsen.

De stad ging nu New York heten. De Nederlandse namen van straten en

dergelijke werden getransformeerd tot iets Engels. In het huidige New

York doet nog een aantal namen herinneren aan de Nederlandse tijd,

namelijk Harlem, Staten Island en Brooklyn (Breukelen).

Na een paar mislukte pogingen in de zestiende eeuw, kwamen ook de

Fransen de Nieuwe Wereld verkennen. Zij kwamen aan in het huidige

Canada, en trokken zuidwaarts via het Michiganmeer en de Ohio River.

Idealisering van de leefomstandigheden van slaven.

Zicht op Nieuw-Amsterdam

Zij trokken langs Illinois en kwamen uiteindelijk via de Mississippi

aan bij de Golf van Mexico. Het gebied dat zij innamen noemden zij

Louisiana, naar de zonnekoning Lodewijk XIV.

Slavernij

Tijdens de kolonisatie van Amerika ontstond ook de slavenhandel. Zwarte

slaven die uit de binnenlanden van Afrika werden gehaald dienden volgens

de kolonisten als goede arbeidskrachten die onmisbaar waren voor het

voortbestaan van de uitbreiding van de kolonie. De slaven werden in

groepen van ongeveer 700 op een schip naar Amerika vervoerd. Velen

van hen waren halverwege de reis, die twee tot drie maanden duurde, al

omgekomen vanwege de onmenselijke omstandigheden. Zowel mannen,

vrouwen als kinderen werden aangeboden op de slavenmarkt. Per jaar

werden er zo’n 20.000 slaven naar Amerika getransporteerd. Zij kwamen

vooral in het Zuiden terecht, waar op grote plantages tabak, suiker, rijst

en de kleurstof indigo werden verbouwd. In het noorden van Amerika

vond men de slaven nauwelijks nodig omdat hier voornamelijk industrie

voorkwam waar de kolonisten bevolking zelf werkte. Pas in 1862 zou de

slavernij officieel afgeschaft worden in Amerika. Er bleven echter nog

lang daarna conflicten bestaan omtrent de slavenhandel.

Bronnen:

• Jenkins, P. (2003) A History of the United States, Basingstoke: Palgrave

Macmillan

• Grimberg, C. & Svanströms, R. (1973) Grote geïllustreerde wereldgeschiedenis,

Oost-Europa, Engeland en koloniën, Amsterdam; Amsterdam Boek

• InfoNu.nl,

08-10-’08.

kunst-en-cultuur.infonu.nl/geschiedenis, laatst bezocht op

girugten november 2008


Yellowstone National Park

Een toekomstig rampscenario?

Elk jaar komen ongeveer 3 miljoen bezoekers naar het Yellowstone National Park om te genieten van de hete waterbronnen, geisers,

de natuur en het wildleven. Weinigen zijn ervan bewust dat dit alles gevoed wordt door het vulkanische karakter van Yellowstone. Op

slechts 10 kilometer onder de grond zit een enorm magma reservoir. In de periode van 1997 tot 2003 werd een ophoging van de aardkorst

gemeten van 13 centimeter. De grootste geiser in de wereld, Steamboat Geyser, verbrak zijn negenjarige stilte en begon met een nieuwe

serie uitbarstingen in de periode van 2000 tot 2003. Park officials moesten zelfs een aantal routes sluiten vanwege de toegenome

temperaturen aan het aardoppervlak. De geschiedenis van Yellowstone leert ons dat er in het verleden gigantische uitbarstingen zijn

geweest die behoren tot de grootste in de geschiedenis. Deze uitbarstingen komen slechts één á twee keer in de miljoen jaar voor en

zijn het resultaat van een zogenaamde ‘supervulkaan’. De laatste uitbarsting van een dergelijke supervulkaan was die van Yellowstone,

640.000 jaar geleden. In dit artikel wordt getracht een beknopt beeld te schetsen van de vulkanische activiteit van Yellowstone en wat dit

kan betekenen voor de toekomst.

Supervulkanen

Alle vulkaanuitbarstingen zorgen voor grote schade in hun directe

omgeving. Er zijn echter vulkaanuitbarstingen die veel meer schade

aanbrengen aan een gebied ver van de uitbarsting vandaan. Dit soort

uitbarstingen komen niet uit een typische schild- of stratovulkaan,

maar uit een grote topografische depressie van het aardoppervlak, beter

bekend als een caldera. Calderas ontstaan wanneer bij een uitbarsting

grote hoeveelheden pyroclastische materialen door een vulkaan worden

uitgestoten, waardoor het dak van de magmakamer niet meer ondersteund

wordt. Het dak van de magmakamer stort hierdoor in en vormt een

depressie in het landschap. De explosieve uitbarstingen ontstaan door

de dicht aan het aardoppervlak gelegen grote magmakamers. Een

uitbarsting zorgt voor een enorme uitstoot van lava, as en gassen die een

zeer groot gebied bestrijken. De uitgestoten lava- en gasvolumes kunnen

100 tot 1000 keer hoger zijn dan normale vulkanische uitbarstingen.

De uitbarsting van Yellowstone 640.000 jaar geleden resulteerde in

Kaart van de Yellowstone Caldera

girugten november 2008

een aslaag van 12 meter verspreid over een gebied van 1200 kilometer

rondom de uitbarsting. Het huidige Yellowstone Park ligt nu op een

caldera met een oppervlakte van 55 bij 72 kilometer. Om het huidige

karakter van het Yellowstone Park beter te kunnen begrijpen moet men

kijken naar het verleden hiervan.

Vulkanische historie van het Yellowstone plateau

Het Yellowstone vulkanisch plateau ontwikkelde zich in een tijdsspan van

ongeveer 2 miljoen jaar door middel van 3 vulkanische cycli. Deze cycli

zijn verantwoordelijk voor een van de meest geweldadige uitbarstingen

in de historie. De uitbarsting van de Huckleberry Ridge Tuff in de eerste

cyclus zorgde 2 miljoen jaar geleden voor de vorming van de Island Park

caldera, met een oppervlakte van 29 bij 37 kilometer. De tweede cyclus

ging gepaard met een uitbarsting van de Mesa Falls Tuff van ongeveer

1,3 miljoen jaar geleden. Deze vormde de Henrys Fork caldera met een

diameter van 16 kilometer. De vulkanische activiteit van de hotspot

verschoof langzaam naar het huidige

Yellowstone Plateau en resulteerde

640.000 jaar geleden in de laatste

grote uitbarsting - de Lava Creek Tuff

uitbarsting. Deze vormde de caldera

van het huidige Yellowstone Park. In

totaal zijn er in een periode van 16.5

miljoen jaar 15 tot 20 caldera vormende

uitbarstingen geweest welke een spoor

hebben achterlaten in het landschap.

De Yellowstonecaldera laat sinds

halverwege 2004 een jaarlijkse stijging

zien van ongeveer zeven centimeter –

dit is drie keer zo snel als ooit eerder

gemeten. De stijging komt door een

toename van het magmavolume in

het magmareservoir. Doordat het

volume toeneemt buigt de aardkorst

mee en vertoont scheuren. Doordat

het grondwater door de scheuren

sijpelt wordt het verwarmt door de

vulkanische activiteit en dit uit zich

in de aanwezigheid van geisers, hete

modderpoelen en warmwaterbronnen.

Omdat de caldera een stijging van

het aardoppervlak vertoont en er dus

een toename van het magmavolume

in het reservoir plaatsvindt, maken

wetenschappers zich zorgen over een

uitbarsting in de toekomst.

-door Jurjen Zuijdendorp-

9


10

Verenigde Staten

Toekomst

Dat er ooit een nieuwe uitbarsting komt is zeker en wetenschappers

houden de geologische activiteit van het Yellowstone park nauwgezet

in de gaten. Een uitbarsting van het Yellowstone plateau zal mondiaal

zijn effect hebben op klimaten, natuursystemen en natuurlijk de mens.

Men heeft berekend dat bij een uitbarsting Noord-Amerika bedekt

wordt onder een aslaag van 1 centimeter en verantwoordelijk is voor de

massavernietiging van het planten en dierenleven. De grote hoeveelheid

gassen en asdeeltjes die uitgestoten worden in de atmosfeer zorgen voor

een terugkaatsing van het zonlicht. Dit kan een temperatuursdaling

tot gevolg hebben en in het ergste geval een nieuwe vulkanische winter

in gang zetten. De effecten van een uitbarsting zullen jaren - zo niet

decennialang merkbaar zijn en zullen de mensheid zwaar op de proef

stellen. Wetenschappers vrezen niet voor een uitbarsting in de komende

millennia, maar de kans op een eerdere uitbarsting is natuurlijk altijd

aanwezig. Tot die tijd laat Yellowstone ons aan zijn geweldadige verleden

herinneren en moeten we de activiteiten nauwgezet volgen.

Yellowstone National Park

Het Yellowstone National Park was het eerste nationaal park

ter wereld. Het park ligt in de staat Wyoming en gedeeltelijk in

Montana en Idaho. Het park telt 8.992 vierkante kilometer en met

dit oppervlakte is het park het grootste nationaal park ter wereld.

Waarom moest het Yellowstone park destijds beschermd worden

en is het een nationaal park geworden? Allereerst bestaat het

Yellowstone National Park voornamelijk uit bos en heeft het een

groot aantal meren. Het biedt hierdoor een leefomgeving voor veel

diersoorten, o.a. bizons, beren, herten en wolven. Ook beschikt

het park over een aantal geologische bijzonderheden, welke een

grote invloed hebben gehad op de keuze het Yellowstone park te

beschermen. De belangrijkste reden die leidde tot de beslissing om

Yellowstone park tot nationaal te maken is dan ook het behoud

van de geologische bijzonderheden die zich in het Yellowstone

Park voordoen.

Bronnen:

• Holden, J. (2005), An Introduction to Physical Geography and the

Environment.

• Ogden Publishing Corporation (2001), Yellowstone Volcano: Is “the Beast”

Building to a Violent Tantrum?

• Richard A. Lovett (2007), Yellowstone Is Rising on Swollen “Supervolcano”

• Scott Norris (2006), Supervolcano Raises Yellowstone, Fuels Geysers, Study

Says

• http://www.usgs.gov/ (bezocht op 30-09-2008)

girugten november 2008


Interstate Highways System

De verplaatsingsafstanden in de Verenigde Staten kunnen behoorlijke proporties aannemen. Dit is niet gek in een land met een

oppervlakte van ruim 9,5 miljoen vierkante kilometer. Het vliegtuig wordt in de Verenigde Staten bij binnenlandse verplaatsingen

dan al snel als vervoersmiddel gekozen, zeker wanneer het deze grote afstanden betreft. Reizen met het vliegtuig is dan niet alleen de

snelste maar ook de goedkoopste manier. Dit maakt het autovervoer niet minder belangrijk. Op kleine schaal zijn de Amerikanen door

de grote hoeveelheid ‘Urban Sprawl’ en ‘Suburbanisatie’ sterk afhankelijk van de auto, en hierdoor ook van het wegennetwerk. Ook de

middellange verplaatsingen worden nog vaak met de auto gedaan. Deze vinden over het algemeen plaats over de Interstate Highways;

het huidige Amerikaanse snelwegennet heeft een totale lengte van maar liefst 75.044 kilometer. Het snelwegennet is dan ook van groot

belang voor de mobiliteit in de Verenigde Staten en laat ook op sociaal en economisch vlak zijn sporen na.

Hoe het allemaal begon

In 1938 kwam in de Verenigde Staten het idee naar voren dat er voordeel

te behalen viel door de afzondelijke staten met elkaar te verbinden

door middel van uitgebreid nationaal snelwegennet. Dit ondermeer in

tijden van oorlog. Door de aanleg van dit wegennet zou de mobiliteit

tussen de verschillende staten toenemen en zou het leger zich sneller

in het binnenland kunnen verplaatsen. Ook bij een eventuele evacuatie

van grote steden zouden deze wegen een belangrijke rol kunnen gaan

vervullen. Het wegennet dat aangelegd moest gaan worden zou de

naam ‘Interstate Highway System’ gaan dragen. Concretisering van dit

idee leidde tot ‘the Federal-Aid Highway Act of 1956’, ook wel bekend

als ‘National Interstate and Defense Highways act’. Een 20-jaren plan

was hiermee in leven geroepen. Het plan hield de realisatie van 66.000

kilometer aan ‘Interstate Highways’ in. Dit zou maar liefst 41 miljard

dollar gaan kosten.

Het begon als een goed plan. Echter liep deze tijdens de realisatie hiervan

enkele deuken op. Zo bleek deze uitvoering niet binnen twintig jaar te

lukken, maar met een vertraging van enkele jaren pas in 1980 voltooid

te zijn. De hoeveelheid verkeer was in tussentijd meer toegenomen dan

Figuur 1: Het (geplande) Interstate Highway System.

girugten november 2008

beoogd. Zelfs zoveel meer dat de capaciteit van de in die tijd aangelegde

Interstate Highways niet meer voldoende was. In 1996 was de lengte

toegenomen tot 72.500 kilometer om in deze capaciteit te voorzien.

De capaciteit was niet het enige struikelblok. Ook de raming voor de

kosten bleek niet te kloppen. De begrootte 41 miljard dollar was in

1996 al opgelopen tot 329 miljard dollar. Hierbij is echter geen rekening

gehouden met de inflatie. Omgerekend naar de dollars uit 1957 is dit 58,5

miljard dollar; een toename van zo’n 43%. Een grote tegenvaller dus.

Desondanks is het Interstate Highway System inmiddels “klaar” en heeft

het een uiteindelijke lengte van 75.044 kilometer.

Huidige Situatie

Ondanks dat het Interstate Highway System een nationaal netwerk is,

behoren de Interstate Highways tot het snelwegensysteem van de staat

waarin ze liggen. Deze verzorgt ook de aanleg en het onderhoud van de

wegen. Hierbij moeten de staten wel voldoen aan de standaarden van de

‘American Association of State Highway and Transportation Officials’

(AASHTO). In AASHTO’s publicatie: ‘A Policy on Design Standards

- Interstate System’ zijn deze standaarden opgenomen. Het gaat onder

-door Marjolein Verheijen-

11


12

Verenigde Staten

andere om richtlijnen over de constructie en de vormgeving van de

wegen binnen de Verenigde Staten. Deze zijn dus voor alle staten gelijk,

zodat het Interstate Highway System eenduidig blijft.

Ook voor de nummering van de wegen worden landelijk dezelfde regels

gehanteerd. Het komt op het volgende neer: de Interstate Highways zijn

genummerd aan de hand van de richting waarin ze liggen; noord-zuid

of oost-west. De oneven nummers zijn voor de noord-zuid routes en

even nummers worden gegeven aan de oost-west routes. Voor de noordzuid

routes begint de nummering in het westen. Hier zijn dus de laagste,

oneven, wegnummers te vinden. Voor de routes van oost naar west zijn

de lage, even, wegnummers te vinden in het zuiden. De nummering is

langs de weg weergegeven op borden in de vorm van een schild, in de

kleuren rood en blauw, met witte letters. Hierop staat naast het nummer

ook het woord ‘Interstate’ en de naam van de staat waardoor de weg

loopt. Zie figuur 2.

Verder is er de ‘Federal Highway Administration’(FHWA). Dit is een

afdeling van het Amerikaanse departement van transport, gespecialiseerd

in highways. De FHWA heeft globaal twee programma’s, ‘The federalaid

highway program’ en ‘the federal lands highway program’. De eerste

van de twee is van belang als het gaat om de Interstate Highways. Er

wordt gekeken of de standaarden vastgesteld door de AASHTO worden

gehandhaafd, waarbij vooral gelet wordt op de constructie en kwaliteit

van de wegen. Deze wil vooral in de grote steden namelijk nog wel eens

wat te wensen overlaten.

Gevolgen

Een nationaal snelwegennet is aangelegd, met alle gevolgen van dien.

Een verbeterde verbinding tussen de afzonderlijke staten is hiermee

als beoogd doel zeker bereikt. Bovendien staat het Interstate Highway

System in goede verbinding met de Canadian Highways. Hiermee

is ook de internationale bereikbaarheid er op vooruit gegaan. Maar

de belangrijkste vooruitgang op dit gebied is de verbinding van

de verschillende grote steden. Door onder andere deze verbeterde

bereikbaarheid, maar ook de hogere snelheden die deze wegen mogelijk

maken zijn de transportkosten na de komst van de het Interstate Highway

System maar liefst met 17% gedaald. Hiernaast kunnen voorheen slecht

bereikbare gebieden beter benut worden en ontstaan er voor bedrijven

aantrekkelijke vestiginsplaatsen gelegen aan deze wegen. Indirecte

gevolgen uiten zich in nieuwe inversteringen die worden ‘uitgelokt’ en

een toename van de werkgelegenheid. De aanleg van het snelwegennet

brengt dus een groot aantal positieve economische effecten met zich

Route 66

De bekendste Amerikaanse snelweg is ongetwijfeld de U.S.

Route 66 – ook wel bekend als “Main Street of America”. Deze

historische snelweg begon in Chicago en eindigde aan het

strand van de Stille Oceaan in Santa Monica bij Los Angeles.

De totale lengte van de snelweg bedroeg 3940 kilometer.

Route 66 was een zeer belangrijke autoweg ten tijde van de

migrantenstromen in de jaren ’30 en de gemeenschappen

langs de autoweg profiteerden goed van deze stromen. In 1985

werd de route echter opgeheven omdat de route niet langer

relevant was en eigenlijk al vervangen was door de Interstate

Highway System. Route 66 heeft een grote rol gespeeld in de

Amerikaans cultuur en

spreekt veel mensen nog

altijd tot de verbeelding.

In 2008 is Route 66

toegevoegd aan de ‘World

Monuments Watch list

of 100 Most Endangered

Sites’ van het Worlds

Monuments Fund.

Figuur 2: Wegmarkering

mee, zelfs zo positief dat voor elke geïnversteerde dollar al 6 dollar is

terug verdiend.

Sociale effecten van het Interstate Highway System zijn terug te vinden

in de toegenomen veiligheid van de wegen, toename van de mobiliteit en

een hoger welvaartsniveau. Mensen hebben meer tijd en geld over voor

andere dingen door de afname van reistijd en daling van de reiskosten.

Verder is het aantal aantrekkelijke woonlocaties uitgebreid. Met name

het wonen in goed ontsloten ‘SubUrbs’ wordt onder de Amerikaanse

bevolking gewaardeerd. Het Interstate Highway System draagt ook hier

zijn steentje aan bij.

Helaas zijn niet alle gevolgen van de Interstate Highways positief.

Binnen de steden hebben de Interstate Highways soms zelfs een negatief

girugten november 2008


effect. Dit komt voornamelijk door de barrièrewerking die de wegen

op de stad hebben. Het scheidt verschillende woonwijken van elkaar

en soms worden woonwijken zelfs in tweeën gedeeld door deze alles

doorkruisende snelwegen. Dit komt niet ten goede van de stedelijke

samenhang. Ook de toename van het auto gebruik kan als negatief gevolg

worden gezien, maar daarmee belanden we aan bij de veel besproken

CO 2 -problematiek.

girugten november 2008

Bronnen:

• Cox, W. en J. Love (1996), The Best Investment A Nation Ever Made. the

American Highway Users Alliance.

• Getis, A., J. Getis en I.E. Quastler (2001), The United States and Canada:

The Land and the Poeple. Hawkins, TN: Quebecor Printing Book Group.

• Janelle, D.G. (1992), Geographical Snapshots of North America. New York:

The Guilford Press.

• Prince, B. en P. Guinness (1997), North America: An advanced geography.

Great Britain: Holder & Stoughton.

• http://www.fhwa.dot.gov/programadmin/interstate.cfm (bezocht op 12-10-

2008)


www.wikipedia.org (bezocht op 08-10-2008)

13


-door Niels van Beurden & Marjolein Verheijen-

14

Verenigde Staten

De Ontwikkeling van New Orleans

De grootste stad van de Amerikaanse staat Louisiana is New

Orleans. Deze stad, gelegen aan de oevers van de Mississippi,

telde in 2007 nog maar 239,124 inwoners. In 2000 waren dit er nog

484,674. De oorzaak hiervan zijn de vele orkanen die New Orleans

de laatste jaren hebben geteisterd. Niet alleen deze orkanen zijn

‘kenmerkend’ voor de stad. Ook is in de stad de zogenaamde

(stedelijke) gridstructuur duidelijk terug te vinden en ligt hier de

oorsprong van vele swingende Jazz-stijlen.

Historie

Net als andere gebieden in Amerika was ook New Orleans aan het

koloniale geweld onderhevig: gesticht in 1718 door de Fransen, in 1763

overgedragen aan Spanje, weer terug in Franse handen in 1801 en

uiteindelijk door Napoleon verkocht aan de USA in 1803.

Hierna kwam de groei van de stad en welvaart snel op gang. Met

name de komst van de stoomboot en de gunstige ligging aan de rivier

de Mississippi hebben New Orleans flink geholpen bij het op poten

zetten van een levendige economie. Al snel ontstond hier de grootste

slavenhandel van Amerika wat ook de rest van de lokale economie op

sleeptouw nam.

Helaas voor de economie van New Orleans werd de slavenhandel in

de 20e eeuw afgeschaft, waarna het meteen een stuk minder goed ging

met de stad. Er verdwenen veel banen, het onderwijs was slecht en de

criminaliteit steeg. Tel daar de nodige orkanen en overstromingen nog

bij op en er blijft weinig over van de eens zo florerende stad.

Orkanen

New Orleans heeft een subtropisch vochtig klimaat.

Praktisch omringd door de zee en grote meren en

doorsneden door de machtige Mississippirivier maakt dit

de stad tot een bijzonder goed target voor overstromingen

en orkanen. Hoewel er vele orkanen zijn te benoemen

uit het verre verleden, zijn het eigenlijk pas de relatief

recente orkanen die de meeste schade hebben doen

ontstaan. Menig persoon zal de naam Katrina uit 2005

nog goed voor de geest staan. Voor het eerst ooit werd de

stad verplicht geëvacueerd. Zeker driekwart van de stad

overstroomde en het aantal doden ligt waarschijnlijk ruim

boven de 1500 personen (veel lichamen worden nog steeds

“vermist”). Sindsdien hebben de orkanen Rita (2005) en

Gustav (2008) nog de nodige schade aangericht, hoewel

dit in vergelijking met Katrina weinig voorstelde.

Erger dan dit is de wederopbouw van de stad die nog

steeds nauwelijks van de grond gekomen is. Twee jaar na de

orkaan Katrina werd de bevolking van New Orleans nog

steeds op niet veel meer dan de helft geschat van wat het

ooit was. Op veel plekken groeit het onkruid huizenhoog.

Helaas is dit laatste in de meeste gevallen nog altijd in

figuurlijke zin… Hoeveel miljard kost dat Amerikaanse

reddingsplan voor de economie ook alweer?

Gridstructuur

Het wegennet van New Orleans heeft een duidelijk

structuur; een gridstructuur. De wegen lopen parallel

aan elkaar en kruizen elkaar bij benadering loodrecht,

waardoor een raster van wegen ontstaat. Het gaat hier om

gelijkwaardige wegen, een ongedifferentieerd raster, wat

een uniform wegennet tot gevolg heeft. In Amerika komt

deze wegstructuur vaak voor. Dit is veroorzaakt door de in het verleden

gehanteerde bouwblok-verkavelingsstructuren. In New Orleans is dit

vooral op een laag schaalniveau nog steeds goed te herkennen.

Het voordeel van zo’n gridstructuur is dat het flexibel is ten aanzien

van de lokalisering van verschillende functies en activiteiten. Er is

namelijk niet één centrale plaats te vinden binnen het wegennet van

een gridstructuur wat logischerwijs als het centrum zou kunnen worden

beschouwd. Door de uniformheid van het wegennet zou die theoretisch

gezien overal kunnen zijn. In de praktijk blijkt dit vaak niet het geval.

Het hoofdwegennet toont namelijk een afwijkende, radiale structuur.

Deze wegen lopen wel richting één punt en sluiten daar op elkaar aan.

Op deze plek vind je inderdaad ook het centrum van New Orleans, met

vele bezienswaardigheden en het City Park. Het ligt aan de Mississippi,

wat was te voorzien omdat New Orleans is ontstaan als Havenstad.

De gridstructuur van New Orleans

girugten november 2008


Jazz

Aan het eind van de negentiende en het begin van

de twintigste eeuw wordt uit de mix van Afrikaans-

Amerikaanse Rhythms en improvisatiemethoden,

Europese muziekstijlen en Ragtime een nieuwe

muziekstijl geboren: de Jazz. Het allereerste begin is

onder de zwarte bevolking van New Orleans. Het is

echter The Original Dizieland Jazz Band, een blanke

band, die in 1917 de eerste Jazz-opname maakte. Al snel

hierna wordt de Jazz ook buiten New Orleans bekend.

Toch blijft New Orleans een belangrijke rol spelen

binnen de wereld van Jazz-muziek en andersom speelt

de Jazz nog steeds een belangrijke rol in New Orleans.

Met name in de wijk ‘French Quarter’ leeft de jazz nog

altijd volop. In deze buurt vind je tevens het belangrijkste

nachtleven van New Orleans. In deze buurt valt dan

ook volop live te genieten van jazz-muziek, zowel op

straat als in de vele cafés. New Orleans is dan ook niet

voor niets stad nummer één van de Verenigde Staten als

het gaat om live muziek.

Bronnen:

• http://www.city-data.com/us-cities/The-South/New-

Orleans.html (bezocht op: 12-10-2008)

• http://www.wikipedia.org (bezocht op: 12-10-2008)

• Voogd, H. (2006), Facetten van de planologie. Alphen a/d

Rijn: Kluwer uitgeverij. Zevende druk.

girugten november 2008

New Orleans na Katrina

De Skyline van New Orleans

15


-door Wietske Wilts-

Plaatsnamen over de grens

Half buiten het Drentse dorpje Ruinen, tussen Hoogeveen en Steenwijk, ligt de weg ‘Engeland’. Het

zijn eigenlijk meerdere kleine wegen die dit buurtschapje vormen. Wie het smalle, kronkelende,

met grijze klinkers bestrate weggetje inloopt, krijgt toch een beetje een Engeland-gevoel. Het volle

struikgewas aan weerszijden van het weggetje doen denken aan de heggen in het echte Engeland.

Als het prikkeldraad tussen de weilanden nu vervangen zou worden door lage stenen muurtjes,

zou dit landschap met haar lichte glooiing beslist als Engels bestempeld kunnen worden.

De ‘biodiversiteit’ is in Engeland hoog: er zijn schapen, parkieten, honden en shetlandpony’s

te vinden. Er is ook een veldje waar paarden kunnen rennen en in een weide verderop grazen

koeien vreedzaam. Ook vliegt er regelmatig een zwerm vogels over, die elke keer gade geslagen

wordt door een eenzame witte geit. Wellicht komt deze grote verscheidenheid aan dieren door de

aanwezigheid van het bedrijf ‘Hofman Diervoeders’.

Wat betreft mensen daarentegen is het in Engeland betrekkelijk rustig: hoewel er meer dan vier

fietsroutes door dit streekje voeren, is de enige weggebruiker een langzaam fietsende oude man

met een zwarte hoed.

Via het erf van een huis met het straatnaambordje ‘Engeland’ op de muur kan men de weg

verder volgen tot in een bos, waar de weg onverhard wordt en bedolven is onder een goudgeel

bladerdek. Er duikt er een klein huisje op, Engeland 7, dat door haar kleine raampjes wel iets weg

heeft van een originele Engelse ‘cottage’. De wapperende Drentse wimpel doorbreekt echter deze

illusie. Nog even verder doemt ineens een molen op die uitkijkt over een licht glooiende vlakte

met schaapjes. Deze achtkantige ‘Zaandplatte’ is alleen op zaterdag open en in de verroeste

fietsenrekken is plaats voor tien fietsen. En last but not least is er in het ‘lands end’ van

Engeland nog een camping te vinden, die, hoe verrassend, helemaal leeg is.

16 girugten november 2008


girugten november 2008

17


-door Claire Vernède & Jurjen Zuijdendorp-

18

Verenigde Staten

UNITED STATES GANGS

Uit het rapport, ‘Highlights of the 2004 National Youth Gang Survey’ gepubliceerd in 2006 blijkt dat er binnen de Verenigde Staten

ongeveer 760.000 bendeleden actief zijn en dat er ongeveer 24.000 bendes bestaan. In ruim 3.000 Amerikaanse steden zijn straatbendes

aanwezig; vier keer meer dan 30 jaar geleden. Hoe komt het dat er zoveel mensen lid zijn van een bende? Wat betekent het lidmaatschap

voor een individu? Hoe manifesteren bendes zich? Hoe ziet de beeldvorming in de media er uit?

Wat is eigenlijk een bende? Een bende kan gedefinieerd worden als

een groep van twee of meer individuen die een voortdurende relatie

onderhouden, een gezamenlijke identiteit delen en zich regelmatig bezig

houden met criminele activiteiten of daar verdacht van worden.

In Amerika wordt een bende echter gezien als een los georganiseerde

groep die de macht uitoefent en controle heeft binnen een bepaald

territorium, waarbij vaak geweld gebruikt wordt – al dan niet tegen het

bestrijden van andere bendes. Deze territoria kunnen variëren van het

lokale basketbalpleintje tot internationale handelsroutes.

Bendes worden gerelateerd aan crimineel gedrag en zorgen voor grote

problemen in Amerikaanse steden en dorpen. Maar waarom vormen

bendes zich en hoe komt het dat individuen zich aanmelden? Er zijn

veel redenen waarom mensen zich aangetrokken kunnen voelen tot een

bende. De belangrijkste reden is het verlangen van mensen om ergens bij

te horen. Sociale discriminatie en uitstoting zijn de belangrijkste factoren

tot de vorming van een bende. Bendes kunnen beschouwd worden als

een soort van support systeem; ze bieden mogelijkheden tot overleving

die de normale maatschappij de leden niet biedt. Er zijn echter nog veel

meer factoren die bendevorming stimuleren. Men kan denken aan de

afwezigheid van een familie, rolmodellen en gebrek aan discipline.

Het gevoel van machteloosheid, afwezigheid van veiligheid, weinig

economisch perspectief, laag opleidingsniveau, weinig zelfvertrouwen,

overschot aan vrije tijd, etc. Dit zijn factoren die een individu kunnen

doen besluiten om lid te worden van een bende, voornamelijk om het

gevoel om ergens bij te horen, om te kunnen stijgen in sociaal aanzien en

om een rol van betekenis te kunnen spelen.

De ene bende is de andere bende niet en er kunnen verschillende typen

bendes worden onderscheiden. De meest laagdrempelige bende is de

zogenaamde ‘school-yard gang’ – de schoolplein bende. Het lidmaatschap

van dit soort bendes en de bijhorende activiteiten kunnen leiden tot

voortijdig schooluitval en de kan de basis ontnemen van het uitzicht op

een goede toekomst. De laagdrempeligheid kan een opstap vormen naar

de meer georganiseerde vorm van bendes.

Zogenaamde ‘scavenger gangs’ kenmerken zich door de slechte

organisatie en zijn vaak de minst succesvolle bendes. Het zijn eerder

gelegenheids geweldplegers en de leden zijn over het algemeen

toevankelijk voor gewelddadig en wandadig gedrag. De structuur en

de hiërarchie veranderen vaak zonder enige aanleiding. Veelal wordt

kleinschalige criminaliteit bedreven, vaak spontaan en zonder enige

plannen.

De ‘territorial gangs’ zijn over het algemeen beter georganiseerd en

gestructureerd dan de scavenger gangs. Ze claimen een eigen gebied

waarvan ze vinden dat zij hierover de baas zijn. Dit wordt veelal met

geweld tegen andere bendes geuit om hun territorium te verdedigen. Vaak

vormen ze een sociaal opvangnet voor de leden binnen het territorium.

De ‘corporate gangs’ zijn de meest georganiseerde bendes en worden

geleid door intellectuele criminelen. De bendes zijn opgericht voor het

vormen van verschillende netwerken, bijvoorbeeld voor het dealen van

drugs. Het doel hierbij is het behalen van maximale winst. Leden die actief

zijn in bendes uiten het lidmaatschap meestal niet door bijvoorbeeld het

zetten van tatoeages, het dragen van bepaalde kleren of sierraden, Maar

meestal laten ze zich leiden door een bepaalde etiquette. Een afwijking

hierop kan leiden tot zware straffen. Ook deze gangs zijn territoriaal

ingesteld maar meer op het gebied van een bepaald soort netwerk.

Al deze verschillende soorten bendes staan in verband met elkaar en

maken onderdeel uit van een groter geheel. Het is moeilijk om een bende

afzonderlijk te typeren want een territorial gang kan deel uitmaken van

een corporate gang als ze bijvoorbeeld zorg dragen voor de verkoop van

drugs op straat.

Media en uitingen van bendes

Het beeld van bendes dat door de media verspreid wordt, is vooral een

beeld van het leven op straat met veel blingbling, zoals dure auto’s,

sieraden en vooral ook heel veel geld. In de meeste situaties klopt dit

beeld niet geheel niet, het is eerder omgekeerd. Vaak bestaan de gangs

uit werkloze jongeren die het helemaal niet zo breed hebben. Het is

echter wel een apart soort maatschappij is die zich wil afzetten van de

girugten november 2008


est. Ze identificeren zichzelf als een aparte groep mensen met een eigen

territorium. De straat of de buurt eigenen ze zich toe, en ruimtes waarvan

ze vinden dat het is afgescheiden van de rest van de maatschappij.

Ze delen dezelfde cultuur en dit komt tot uiting in onder andere het

dragen van dezelfde kleding, het voeren van een eigen straattaal en ze

vormen hun eigen regels en wetten, die alleen gelden binnen de groep.

Ook de deelname aan criminele activiteiten speelt een belangrijke rol

binnen bendes. Ze moeten zich niet alleen afzetten tegen de ‘niet-gang’-

maatschappij, maar ook tegen andere bendes. Ook binnen de groep speelt

geweld een belangrijke rol. Er heerst namelijk een hiërarchie binnen een

bende en om deze te behouden wordt met geweld duidelijk gemaakt hoe

de rollen zijn verdeeld binnen de groep.

Een andere uiting van een bende is dat ze graag sociale instellingen

willen organiseren. Hier kan gedacht worden aan scholen, het rechtelijk

systeem, maar ook de familie en zelfs het leger. Een tijdje terug werd

duidelijk dat er leden van een bende het leger ingaan, opdat ze met meer

kennis over wapens en vechttechnieken terugkeren naar hun bendes.

Hiërarchie in een bende is cruciaal, het maakt de machtsverhoudingen

bekend en het geeft tevens de status aan.

Gangs in de toekomst?

Wetenschappers en onderzoekers zijn pessimistisch over de toekomst.

De factoren die ervoor zorgen dat mensen zich aanmelden bij een bende

zijn moeilijk te bestrijden. De verslechtering van sociale en economische

condities en de verharding van de Amerikaanse maatschappij hebben

erbij toegedragen dat mensen die zich niet kunnen redden in de

maatschappij meer geneigd zijn zich bij een bende aan te sluiten. Zoals

eerder genoemd fungeert een bende als sociaal opvangnet en biedt

een manier tot overleven, een lidmaatschap geeft zelfvertrouwen en

girugten november 2008

biedt toekomst. De cultuur van een bende waaronder het plegen van

misdrijven, het feesten en de vorming van een hechte loyaliteit zorgen

voor de vorming van nieuwe waarden en normen voor een lid. Juist

die verandering in het denken over wat goed en wat slecht is maakt de

bestrijding van bendes extra moeilijk. De vorming van bendes geeft aan

dat de maatschappij heeft gefaald voor de individuen die zich aanmelden

tot een bende. Er zou dus meer aandacht en geld besteedt moeten

worden aan maatschappelijke instanties die ervoor kunnen zorgen dat de

mannelijke jeugd en adolescenten op het zogenaamde rechte pad blijven.

Het onderwijs speelt hierin een cruciale factor. Schooluitval moet worden

voorkomen en het behalen van een diploma moet als prioriteit worden

gesteld. Dit biedt een goede opening tot de maatschappij en verhoogt

de zelfredzaamheid, het zelfvertrouwen en het geeft een toekomst. De

werkelijkheid is echter anders. De kansarmen in de samenleving blijven

kansarm en zijn genoodzaakt om zich via andere manieren te redden.

Het lid worden van een bende is voor deze mensen vaak een goede

uitkomst…

Bronnen:

• U.S. Department of Justice - Highlights of the 2004 National Youth Gang

Survey

• Deborah Prothrow-Stith. “Not All Gangs are the Same: Types of Youth

Gangs”.

• http://faculty.missouristate.edu/m/MichaelCarlie/what_I_learned_about/

what_i_learned.htm

• http://www.globalisering.com/index.php?page=3&articleId=323


http://en.wikipedia.org/wiki/Gangs

19


-door Niels van Beurden-

20

Verenigde Staten

Typisch Amerika

een wereld van verschil!

Ben jij wel eens in Amerika geweest? Misschien wel, waarschijnlijk niet. Hoewel Amerika een paar eeuwen geleden nog een groot

natuurcontinent was, is er sinds Columbus in 1492 voet aan wal zette veel veranderd. In hoog tempo werd gebied verkend, werden er

spoorwegen aangelegd en werden er steeds meer en grotere steden uit de grond gestampt. Iedereen zal wel een bepaald beeld hebben

van dat ‘typische’ Amerika. In dit artikel wordt een blik geworpen op een viertal grote bekende steden om nog een extra duit in het zakje

te doen. Want één ding kan vast gezegd worden: dat typische beeld dat veel mensen van Amerika hebben is voor een groot deel gewoon

waar. San Francisco, Las Vegas, Chicago en natuurlijk New York zullen aan bod komen. Elk van deze steden heeft zo zijn eigen unieke

eigenschappen en bijzondere Amerikaanse trekjes.

San Francisco

Het eerste wat opvalt wanneer je in San Francisco komt, is het

heuvelachtige landschap. San Francisco staat bekend om de hellingen

waar nauwelijks tegenop te fietsen is en natuurlijk om de ligging op

de transversale San Andreasbreuk. Gelukkig is dit landschap voor de

gemiddelde Amerikaanse hummer geen probleem, maar hoe zit dat met

het openbaar vervoer? Een simpele doch effectieve oplossing hiervoor

zijn de zogenoemde ‘cable-cars’. Deze populaire vervoerswijze werkt

door middel van een soort ouderwetse tram die door een kabel wordt

voortgetrokken (en tegengehouden!). Voor veel toeristen een attractie

op zich om lekker aan de zijkant half uit de tram hangend zich door deze

mooie stad te laten verplaatsen. Zo zou je bijvoorbeeld langs kunnen

gaan bij de Golden Gate Bridge. Tegenwoordig één van dé symbolen

De Golden Gate Bridge

van San Francisco en nog steeds behorende bij de wereldtop van bruggen

met de langste overspanningen. Een demografisch wist-je-dat-je: sinds

de opening in 1937 hebben ruim 1300 mensen zelfmoord gepleegd door

van de brug te springen; dit is dus niet echt origineel meer.

In de baai van San Francisco ligt ook een erg bekend eiland met als

bijnaam The Rock: Alcatraz dus! Deze oud-gevangenis, ook wel bekend

van de films ‘Escape from Alcatraz’ en ‘The Rock’ is tegenwoordig een

nationaal park dat is opengesteld voor publiek. Zowel het eiland als

de gevangenis zelf zijn te bekijken al dan niet begeleid door een mooi

verhaal via een koptelefoon.

Wat ook typisch Amerikaans is: als je gaat slapen zul je merken dat het

leven (en verkeer!) in Amerika 24 uur per dag door gaat, ook ’s nachts

dus.

girugten november 2008


Las Vegas

Nergens leven de mensen meer ’24 uur per dag’ dan in Las

Vegas, ‘City of Lights’ of ‘Entertainment Capital of the World’.

Waarschijnlijk allemaal namen die voor zich spreken. In

een casino zul je nooit een klok zien en je blijft ook het liefst

binnen het bereik van de aangename airco’s gezien de in het

zomerseizoen ondraaglijke hitte buiten. Het grote nadeel van

deze entertainmentindustrie ligt voor de hand: het vreet energie.

De nabijgelegen (Hoover)dam levert al lang niet meer genoeg

stroom om de stad te voorzien en ook de watervoorraad dreigt

snel op te raken. Zal deze stad voor zijn eigen ondergang

zorgen? Hoewel er nog ondergrondse waterreserves zijn en er

verscheidene koolcentrales zijn aangelegd blijft de vraag naar

energie en water snel stijgen…

De bekendste straat in Las Vegas is ‘The Strip’. De 6,5 kilometer

lange boulevard zit volgestampt met de meest luxueuze

combinaties van hotels, casino’s en restaurants. Schaalvoordelen

komen duidelijk naar voren wanneer er gegeten wordt in één van

de grotere buffetaangelegenheden. Alleen al van de loopafstand

langs de buffettafels zou je trek krijgen! Er zijn echter meerdere

manieren om je in Las Vegas te onderscheiden. Zo zou je een piramide

of sfinx na kunnen bouwen, de Eiffeltoren, het vrijheidsbeeld of een

sprookjeskasteel. Je kunt het zo gek niet bedenken of het staat in Las

Vegas. En als je er toch bent, vergeet dan niet om nog even te (her)

trouwen, dat schijnt er erg romantisch te zijn. En ook hier zijn vele films

opgenomen. De bekendste voor ons zijn wellicht ‘Oceans 11,12 & 13’.

Het Bellagio is er echt, evenals de schitterende fonteinenshow.

Chicago

Dankzij de ligging aan het grote Lake Michigan en het gematigde

continentale klimaat staat er altijd wel een stevige wind in Chicago, ‘The

Windy City’. Met ‘The City of Broad Shoulders’ wordt er gerefereerd

aan de sterke industrie die de stad eind negentiende eeuw op poten

had weten te zetten. Nog steeds speelt de stad een belangrijke rol in

de Amerikaanse economie. Het succes hiervan ligt in de fundamentele

De ‘Navy Pier’

girugten november 2008

Het Bellagio met de fonteinen

diversiteit aan economische peilers, waarvan de financiële sector, de

handel, distributie en de medische sector er enkelen zijn.

Op toeristisch vlak is de ‘Navy Pier’ de place to be. Deze pier die in

de oorlog nog dienst deed als basis voor de U.S. Navy (vandaar de

naam) is helemaal omgetoverd tot toeristische trekpleister vol met

attracties, van een reuzenrad tot het Chicago Shakespeare Theater. Ook

op culinair gebied beweert de stad hoge ogen te gooien. Neem nou

bijvoorbeeld de enige echte Chicago-style hotdog; er is natuurlijk geen

enkel vijfsterrenrestaurant dat daar aan kan tippen, aldus de gemiddelde

Chicago-Amerikaan!

Opvallend aan Chicago en eigenlijk totaal anti-Amerikaans is het grote

fietswegennet met bijbehorende faciliteiten. Waar je in de meeste steden

in Amerika blij mag zijn als je überhaupt een fiets kunt krijgen wordt er

in Chicago zelfs jaarlijks een fietsevenement gehouden, waarbij een van

de belangrijkere autowegen wordt afgesloten voor auto’s om fietsers een

vrije doorgang te garanderen. Het gaat hier uiteraard uitsluitend om de

zondagmorgen.

21


22

Verenigde Staten

New York

The Big Apple. Ja, het (verkeer) is er altijd een chaos; ja, meer dan

de helft van de auto’s zijn gele taxi’s; en ja, in elke straat zit een fastfoodtent.

Door de continue aanwezigheid van hoge gebouwen zal het

er op straat niet snel koud worden. Wel kan het zo zijn dat er opeens

midden op een kruispunt een schoorsteen staat als uitlaat voor stoom

van de ondergrondse stadsverwarming.

Een aantal bekende New Yorkse namen zijn:

• Brooklyn Bridge

De eerste brug met staalkabels en tevens een stadsicoon en

skylinetyperend kunstwerk.

• Statue of Liberty / Vrijheidsbeeld

Ontworpen door Gustave Eiffel en geschonken door Frankrijk in

1886. Het beeld heet alle mensen welkom in New York.

• Empire State Building

Sinds het instorten van de Twin Towers (voorlopig) weer het

hoogste gebouw van New York. Tevens staat het gebouw bekend

om de snelle liften en het geweldige uitzicht dat door vele toeristen

wordt bewonderd.

• Ground Zero

Hoewel er al weer druk gebouwd wordt aan een nieuwe toren,

blijft dit stuk grond –de voormalige plek van de Twin Towersvanzelfsprekend

een belangrijke monumentale waarde houden.

• The New York Yankees (Stadium)

In Amerika is niets populairder dan honkbal. De Yankees zijn in

deze tak van sport misschien wel het bekendste team van de hele

Times Square


wereld. In het stadion zijn uiteraard emmers friet en literbekers met

cola verkrijgbaar. Zelfs de stoplichten in de buurt zijn aangepast aan

de ‘yankee-gekte’.

Broadway

De naam doet wellicht een belletje rinkelen. Broadway is één van de

bekendste winkelstraten van Amerika. Alles is er te koop.

En zo kunnen we nog wel eventjes doorgaan. New York, the city that

never sleeps. Het gigantische metrocomplex dat alle stadswijken met

elkaar verbindt; Central Park dat jaarlijks twintig miljoen bezoekers

trekt; het gemiddelde hotelontbijt dat letterlijk uit muffins kan bestaan

etcetera.

Wel moge het duidelijk zijn dat alles zijn voor- en zijn nadelen heeft, en

er ook binnen Amerika zelf grote verschillen zijn tussen de steden, het

landschap en de cultuur. Maar misschien is dát nou wel juist typisch

Amerika…

Bronnen:

• http://www.take-a-trip.eu/nl

• http://en.wikipedia.org/wiki

• http://www.nyc.gov/portal/site/nycgov/?front_door=true

• http://www.lasvegasnevada.gov/

• http://www.sfgov.org/

girugten november 2008


Inleiding

‘Er gaat niets boven Groningen’

Deze slogan, die de stad Groningen op de spreekwoordelijke kaart

moet zetten, heeft al menig advertentie, reclameblok en zelfs postzegel

gesierd. Veel studenten die hun studie volgen aan de Rijksuniversiteit

Groningen (RUG) zullen instemmen met deze slogan. Maar geldt dat

ook voor afgestudeerden? Blijven zij in Groningen of trekken ze weg om

zich elders te vestigen? De Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen (hierna:

FRW) stelt veel in het werk om in contact te blijven met haar alumni. Zo

is recent de alumnivereniging Professor Keuning Vereniging opgericht.

Deze vereniging, genoemd naar de grondlegger van het geografie

onderwijs in Groningen, stelt zicht ten doel de contacten tussen de FRW

en haar afgestudeerden, en tussen de afgestudeerden onderling hecht te

houden. Dit helpt de FRW de aansluiting tussen het onderwijsprogramma

en de arbeidsmarkt op peil te houden. De faculteit probeert zo goed

mogelijk bij te houden waar haar alumni zich bevinden. Van deze cijfers

hebben we bij het schrijven van dit artikel gebruik kunnen maken. In

dit artikel gaan we na waar de afgestudeerden van de jaren 2004 – 2007

heen zijn getrokken. We staan daarbij uitgebreid stil bij de verschillen

tussen afstudeerrichtingen en naar geslacht. Ook proberen we, op basis

van cijfers uit de WO-Monitor, iets te zeggen over de redenen achter

deze patronen. Hoewel dit alleen in algemene termen lukt, zien we toch

enkele verrassende patronen.

Data

De cijfers die ons door de faculteit beschikbaar zijn gesteld beslaan

bijna 500 afgestudeerde studenten. De circa 10 alumni woonachtig in

het buitenland zijn buiten beschouwing gelaten. De kwaliteit van het

aangeleverde materiaal valt of staat met de mate waarin afgestudeerden

hun adreswijzigingen (blijven) doorgeven aan FRW. Teneinde na te gaan

of er op dit punt problemen zijn hebben we de cijfers van FRW vergeleken

met die uit de WO-Monitor. Hieruit blijkt dat volgens de FRW cijfers

aanzienlijk meer afgestudeerden in Groningen wonen dan volgens de

WO-monitor. Met andere woorden: er is reden om aan te nemen dat niet

alle verhuizende alumni hun adresgegevens even tijdig doorgeven aan

FRW. De lezer mag dit beschouwen als een oproep! Het bovenstaande

dient in het achterhoofd gehouden te worden bij de interpretatie van de

resultaten. Desondanks maken we dankbaar gebruik van de FRW cijfers;

ze stellen ons in staat de stromen gedetailleerd per opleidingsrichting

weer te geven. De WO-Monitor is gebaseerd op een jaarlijkse survey

van recent afgestudeerden aan universiteiten in Nederland. Hieruit

hebben we de afgestudeerde RUG Ruimtelijke Wetenschappers gefilterd,

over de afgelopen jaren (1998 – 2006). Het betreft dus een iets langere

periode, wat ons een wat bredere kijk geeft op de situatie van deze

afgestudeerden.

De regio

Hoewel we beschikken over informatie over de woongemeente van de

afstudeerden, presenteren we voor de overzichtelijkheid van de kaart de

gegevens per provincie. Wel is duidelijk dat de afgestudeerden vooral

in de grotere steden wonen. Omdat er nauwelijks verschillen in de

girugten november 2008

Masterthesis

Spreiding van afgestudeerde

Ruimtelijke Wetenschappers

Studenten van de Groninger Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen blijven relatief vaak in de regio Groningen wonen na het

afstuderen. Voor deze groep is de Randstad niet het zwaartepunt, wat verwacht zou kunnen worden. Flevoland, en het zuiden, lijken al

helemaal niet in trek te zijn als vestigingsplaats. Dit kan verschillende oorzaken hebben. Migranten richting het westen en oosten van

Nederland hebben gemiddeld genomen een iets betere baan, maar dit lijkt voor bepaalde groepen alumni geen doorslaggevende reden

om te verhuizen te zijn. In dit artikel is te lezen uit welke alumni deze groepen bestaan.

ruimtelijke patronen zijn tussen de afstudeerjaren, kijken we alleen naar

de totalen.

Met ingang van het collegejaar 2002/2003 is de FRW begonnen met het

nieuwe onderwijsprogramma: het bachelor-master systeem (zie studiegids

op: www.rug.nl/frw). Dat betekent dat de eerste afgestudeerden aan de

FRW die het BaMa-programma volgden pas rond 2006 de universiteit

verlieten. Dat brengt voor dit onderzoek met zich mee dat de gegevens

van de alumni onder te verdelen zijn in afgestudeerden oude stijl

en afgestudeerde BaMa-studenten (nieuwe stijl). Omdat deze beide

groepen lastig samen te voegen zijn, aangezien de afstudeerrichtingen

niet met elkaar overeenkomen, is besloten ze apart te visualiseren en te

beschrijven.

Alumni oude stijl

Ten eerste kijken we naar de alumni oude stijl (zie figuur 1), met drie

afstudeerrichtingen: 1. Sociale Geografie (75 alumni), 2. Sociale

Geografie & Planologie (82 alumni) en 3. Technische Planologie (98

alumni). Figuur 1 is gebaseerd op de FRW cijfers. De omvang van

de cirkels geeft de aantallen weer, de partjes zijn de respectievelijke

studierichtingen.

Figuur 1: Alumni oude stijl: geclassificeerd naar afstudeerrichting. Bron: FRW

-door W. Westendorp en V.A. Venhorst-

23


Uit figuur 1 blijkt duidelijk dat de meeste alumni nog in de provincie

Groningen wonen (104 alumni, ongeveer 41%). De grootte van de cirkel

geeft het absolute aantal alumni weer, dus hoe groter de cirkel, hoe

groter de groep alumni is die er zich heeft gevestigd. Verder valt op dat

relatief veel alumni terug te vinden zijn in de noordelijke drie provincies

(bij elkaar 55% van de alumni), evenals Overijssel. Blijkbaar blijven toch

redelijk wat afgestudeerde studenten in Noord- Nederland hangen en is

de Randstad, met een kleine 30% van alle alumni oude stijl, niet zozeer

het zwaartepunt. Dat is wel opvallend, aangezien de Randstad wel als het

economisch zwaartepunt van Nederland wordt gezien.

Ook over de afstudeerrichtingen kan het een en ander gezegd

worden. Over het algemeen houdt de provincie Groningen relatief

weinig Technisch planologen vast: nog geen derde van de alumni

in de provincie Groningen is Technisch Planoloog. Alleen Drenthe

scoort op dit punt nog slechter. Daarentegen zitten er in Groningen,

evenals Noord- Holland, relatief veel alumni met afstudeerrichting

Sociale Geografie& Planologie. Wat overigens erg opvalt is dat de

gehele provincie Flevoland niet in het plaatje voorkomt. Kennelijk is

Flevoland niet interessant voor deze groep alumni oude stijl om zich

te vestigen. Tenslotte is het helder dat het zuiden van Nederland het als

vestigingsplaats niet goed doet. Slechts een heel klein aantal (voornamelijk)

Technisch Planologen heeft zich zo ver van Groningen gewaagd.

Alumni nieuwe stijl: BaMa- structuur

Dan de andere groep: de alumni die de mastertitel achter hun naam

hebben staan. Bij die groep is er sprake van meer afstudeerrichtingen,

namelijk de volgende masteropleidingen: 1. Planologie, 2. Regional

Studies, 3. Vastgoedkunde, 4. Technische Planologie, 5. Population

Studies, 6. Economische Geografie en 7. Culturele Geografie. Ook

bij deze groep is de provincie Groningen verreweg de belangrijkste

vestigingsprovincie met zo’n 65%. Bij dit hoge percentage is wel enige

voorzichtigheid op zijn plaats. Het lijkt aannemelijk dat het werkelijke

aandeel lager ligt (in de orde van 40%), wegens de problemen met de

FRW cijfers zoals eerder geschetst.

Figuur 2: Alumni nieuwe stijl: geclassificeerd naar afstudeerrichting. Bron: FRW

Procentueel en absoluut gezien zitten binnen deze provincie nu ook

veel afgestudeerde technisch planologen: bijna de helft van de alumni

in Groningen is voormalig masterstudent Technische Planologie. Dit

is opvallend in vergelijking met de alumni oude stijl. Absoluut gezien

zitten er 60 TP’ers in Groningen, met (in dit verband) op de tweede

plek Overijssel, waar er slechts 6 zitten. Verder valt op dat Groningen

in vergelijking met de andere provincies relatief weinig alumni

Vastgoedkunde vasthoudt. Dit komt onder andere op het conto van

de provincie Utrecht, waar een groot deel (zo’n 80 %) van de alumni

voormalig student Vastgoedkunde is. Let wel: Groningen bergt absoluut

gezien nog steeds drie Vastgoedkundigen meer dan Utrecht (14 ten

opzichte van 11 alumni).

Van de relatief kleine masteropleidingen Population Studies en Regional

Studies blijven bijna alle alumni in Groningen. De vestiging in Limburg

van studenten Population Studies kan te maken hebben met de locatie

van het Centraal Bureau voor de Statistiek in Heerlen. Flevoland wordt

door de Masters wel als vestigingsplaats gekozen, al gaat het maar om 1%

van alle alumni. Zeeland valt echter buiten de boot.

Alumni: naar geslacht

Tenslotte kijken we naar het verschil in spreiding tussen beide geslachten.

Het aantal mannelijke alumni is in totaal 332 en vrouwelijke alumni

158, ofwel grofweg twee-derde is man. Met name in Oost-Nederland

(Overijssel en Gelderland) hebben de mannen zwaar de overhand. In

Noord- Brabant zijn de vrouwen juist relatief oververtegenwoordigd: het

aandeel mannen en vrouwen is hier nagenoeg gelijk.

Figuur 3: Alumni totaal: geclassificeerd naar geslacht/sekse. Bron: FRW

24 girugten november 2008


Achtergronden bij de ruimtelijke spreiding

Er zijn vele redenen aan te geven waarom alumni in Noord- Nederland

blijven. Zo kan het zijn dat een deel van hen opgegroeid is in die regio

en in de voor hen bekende omgeving willen blijven. Ook kan het zijn

dat ze een sociaal leven hebben opgebouwd en dat niet meer vaarwel

willen zeggen. Dat kan een vriendengroep zijn, lidmaatschap van een

vereniging, maar ook een mogelijke (toekomstige) partner. Ook kan een

vervolgstudie als reden genoemd worden.

Een belangrijke factor is daarnaast de arbeidsmarkt. De cijfers uit

WO-Monitor stellen ons in staat in algemene termen na te gaan hoe de

verhuizende geografen het op dit punt doen in hun bestemmingsregio.

Voor het overzicht vergelijken we de resultaten op landsdeelniveau,

waarbij we het zuiden buiten beschouwing laten wegens de lage aantallen

die zich daar heen begeven. In de tabel is een overzicht van de belangrijkste

verschillen en overeenkomsten gegeven naar bestemmingslandsdeel.

Gemiddeld genomen is na anderhalf jaar nog zo’n 4 procent van de RUG

geografen werkloos. Geografen van de RUG zijn vooral werkzaam als

(water-) bouwkunding ontwerper, projectleider, sociaal-wetenschappelijk

onderzoeker of docent. Van de werkenden is 88% in loondienst; bijna 9%

werkt als uitzend- of oproepkracht. Hier doen zich al wat interessante

verschillen voor: onder diegenen die in het noorden werken is het aandeel

met een tijdelijk (62% tegen zo’n 50%) of flexibel (46% tegen zo’n 25%)

contract groter dan onder diegenen die naar het oosten of westen zijn

getrokken. Kijken we naar het niveau van het werk, dan zien we dat

noorderlingen in termen van de algemene benutting (het vereist niveau)

niet veel onderdoen voor hun collega’s die naar het oosten en westen

zijn vertrokken. Ze blijven echter wel achter bij met name de alumni in

landsdeel oost als het gaat om de aansluiting werk en opleiding: het werk

lijkt in het noorden meer af te wijken van de opleidingsrichting.

Een zeer belangrijk punt is uiteraard het inkomen: ook hier blijven de

alumni in het noorden enigszins achter. Het reële bruto maandinkomen

voor alumni die werkzaam zijn in het noorden ligt zo’n 130 euro lager

dan van een alumnus in het oosten, en zo’n 210 euro per maand onder

dat van een alumnus werkzaam in het westen. Daar staat tegenover dat

in het noorden de gemiddelde werkweek het kortst is: zo’n 35 uur tegen

36 in het oosten en 38 in het westen. De gemiddelde uurlonen komen in

de laatstgenoemde landsdelen evenwel nog steeds hoger uit.

Welke conclusies kunnen hier nu aan verbonden worden? Is het zo, in lijn

met wat Gary Becker (1964) wel gesteld heeft, dat de beste studenten met

het hoogste ‘human capital’, het verst weg trekken en daarmee de beste

banen binnenhalen? De feiten lijken hier toch anders te liggen; alumni

die in het noorden werkzaam zijn doen niet onder voor hun collega’s

elders. Ze hebben gemiddeld 58 maanden over hun studie gedaan, tegen

55 maanden voor de alumni in het oosten, en maar liefst 60 maanden

voor de westerlingen, wat toch de groep is die de grootste afstand heeft

overbrugd. Het gemiddelde afstudeercijfer ligt voor alle groepen rond

de 7, waarbij we mogen aantekenen dat bijna alle studenten met een 8

of hoger in het noorden zijn gebleven. Het westen heeft het hoogste

aandeel studenten met een wat lager afstudeercijfer. Als er al een effect

van studieresultaat is, dan lijkt dit voor de geografen dus juist omgekeerd

te werken. Wellicht is de FRW er zelf in geslaagd de beste studenten te

behouden, bijvoorbeeld als promovendus of docent.

Conclusies

Het lijkt aannemelijk dat diegenen die nu in het noorden aan de slag

zijn, dit deels doen in een tijdelijke baan, terwijl ze op zoek zijn naar iets

beters. De verschillen tussen de landsdelen zijn aanwezig, maar over het

algemeen te overzien. Dus neemt men in het noorden wellicht (tijdelijk)

genoegen met een iets mindere baan, als hier andere positieve sociale

aspecten tegenover staan. Het feit dat men het in het oosten en westen

girugten november 2008

gemiddeld beter doet wil dus niet automatisch zeggen dat alleen daar

betere banen zijn te vinden. Het moet de moeite waard zijn om voor een

baan te verhuizen, want je geeft ook iets op. Bovenstaande resultaten

geven aan dat voor een flink deel van de RUG geografen de kwaliteit

van de baan elders de verhuizing de moeite waard maakte. Daar staat

tegenover dat een evenzeer groot deel van de alumni vooralsnog een

andere afweging maakt, of deze juist niet hoeft te maken: de beste alumni

blijven overwegend in het noorden. Zij zijn in staat in het wellicht dunnere

aanbod in het noorden goed aan de slag te komen, zonder de kosten

van een verhuizing. De verschillen naar studierichting zijn vermoedelijk

een reflectie van de verschillen in mogelijkheden op de diverse lokale

arbeidsmarkten, bijvoorbeeld het vertrek van de Vastgoedmasters naar

het westen van het land.

Tabel 1: Arbeidsmarktpositie RUG / FRW alumni. Bron: WO-Monitor 1998

– 2006

Bronnen:

• Becker, G. (1964). Human Capital. New York, Columbia University Press.

• Studiegids Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen. www.rug.nl/frw/

onderwijs/studiegids/07-08/bacheloropleidingen.pdf [bezocht op 2 juli 2008]

• Dit artikel is gebaseerd op een opdracht in het kader van het vak

Regionale Arbeidsmarktanalyse. De auteurs danken dhr. Henk Oosterhoff

van het GIS Expertisecentrum en prof. Jouke Van Dijk voor hun adviezen en

mevr. Deliaan Muntinga voor het ter beschikking stellen van de FRW cijfers.

25


-door Inge de Vries-

De Top 5

Kleinste landen

1. Vaticaanstad (0,44 km²)

Dit uit 1929 stammende landje ligt middenin de Italiaanse hoofdstad Rome. Ook qua inwonertal is de staat de kleinste ter wereld: er wonen

824 mensen. Tot de Vaticaanse bevolking behoren voornamelijk op leeftijd gekomen priesters en nonnen, waardoor het Vaticaan de hoogste

vergrijzinggraad van de wereld heeft. Het is dan ook niet verrassend dat het land een geboortecijfer van 0.0 heeft. Er bestaat een Vaticaanse

nationaliteit, vooral zodat geestelijken met hun paspoort diplomatieke status kunnen krijgen. Ongeveer 500 mensen zijn in het bezit van een

Vaticaans paspoort en bijna iedereen daarvan heeft een dubbele nationaliteit. Ondanks het lage inwonertal is het vrijwel nooit rustig in Vaticaanstad,

dagelijks bezoeken duizenden toeristen de staat. Dit wordt grotendeels veroorzaakt doordat de hoofdzetel van de Rooms-katholieke kerk in het

Vaticaan is ondergebracht. Het staatshoofd van het land is de paus: op dit moment Benedictus XVI. De populairste trekpleister is de befaamde St.

Pietersbasiliek, de op één na grootste kerk ter wereld. Sinds 1984 staat Vaticaanstad op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De stad heeft ook een

eigen politiedienst die bestaat uit Zwitsers, een spoor van het leger dat de paus vroeger in dienst had.

2. Monaco (1,95 km²)

Met zijn 32.796 inwoners is Monaco het meest dichtstbevolkte land ter wereld. De meerderheid van de bevolking komt uit het buitenland: slechts 17

procent komt daadwerkelijk uit Monaco. De rest komt voornamelijk uit Frankrijk of Italië. De officiële taal van Monaco is Frans. De dwergstaat is

gelegen aan de kust van de Middellandse zee, vlakbij de Franse stad Nice en de Italiaanse grens. Monaco is een constitutionele monarchie met prins

Albert II als staatshoofd. De prins stamt af van de Grimaldi familie, die al sinds 1297 over Monaco regeert. Soevereiniteit van de staat werd echter

pas in 1861 officieel erkend. Ondanks de onafhankelijkheid van het land is Frankrijk verantwoordelijk voor de verdediging van Monaco. Vooral het

stadsdeel Monte Carlo staat bekend als een chique badplaats met een haven waar veel luxueuze boten liggen. Mensen komen er om te zien en gezien

te worden. Je vindt er ook fameuze, over de hele wereld bekende, casino’s. Ook staat Monaco te boek als een belastingparadijs: individuen hoeven

er geen belasting te betalen, dit verklaart onder andere de uitbundige levensstijl van de bewoners. Elk jaar wordt in Monaco de Grand-Prix in het

Formule-1 autoracen gehouden, en ook de UEFA Supercup (de voetbalwedstrijd tussen de winnaars van de Champions League en de UEFA Cup)

vindt er jaarlijks plaats in het voetbalstadion. De staat heeft zelf ook een eigen voetbalteam, dat meespeelt in de Franse competitie.

3. Nauru (21,2 km²)

Het eiland Nauru ligt in de Stille Oceaan en is de kleinste republiek ter wereld. De eerste Europese bezoekers bestempelden het eiland met de

naam “Pleasant Island”. Het is het kleinste land ter wereld met een internationale luchthaven, maar heeft niet één vliegtuig in haar bezit. Het enige

vliegtuig dat het land had is nu in handen van de Verenigde Staten. Nauru is het enige Oceanische land dat uit één eiland bestaat. De staat vierde dit

jaar haar veertigjarig bestaan, voorheen behoorde het tot Australië. Het landje was erg vermogend door haar enige natuurlijke bronnen: fosfaten.

De voorraad raakt echter bijna uitgeput en de toekomst van de bewoners is onzeker. Het land mag dan rijk zijn aan fosfaten, voor alle bronnen die

van levensbelang zijn, zelfs water, is zij afhankelijk van import. De bevolking, die ongeveer uit 14.000 mensen omvat, staat niet een erg lang leven

te wachten. De levensverwachting voor mannen is gemiddeld 53 jaar, en voor vrouwen 58. Dit heeft vooral te maken met de levenswijze van de

bewoners. Bijna de helft van de Nauruanen is diabetespatiënt en velen hebben last van overgewicht. Bovendien heeft Nauru een hoog percentage

rokers. Een grappig feit is dat Nauru het land is met het hoogste aantal postkantoren per hoofd van de bevolking.

4. Tuvalu (26 km²)

Deze in de Grote Oceaan gelegen groep van negen eilanden is één van de meest afgezonderde plaatsen ter wereld, ver van het vaste land verwijderd.

Er wonen rond de elf duizend mensen op Tuvalu, en bijna iedereen spreekt Tuvalaans. Ook Engels is er een officiële taal, maar wordt in het dagelijks

leven nauwelijks gebruikt. Vanaf 1978 is het land onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk. Het hoogste punt van het land ligt op slechts vijf

meter hoogte. Ook deze eilanden hebben nauwelijks natuurlijke hulpbronnen, het enige exportproduct is de gedroogde kern van kokosnoten. Tuvalu

is dan ook afhankelijk van buitenlandse steun. De dwergstaat probeert ook op andere manieren aan geld te komen: het was in het bezit van het

internetdomein .tv, wat voor enkele miljoenen verkocht is aan een Amerikaans bedrijf. Het grootste gebouw van Tuvalu is het drie verdiepingen

tellende hoofdkantoor van de regering.

5. San Marino (61 km 2 )

Dit land ligt net als Vaticaanstad in Italië. Wat meteen opvalt als je in San Marino bent, is de 756 meter hoge berg ‘Titano’, waarop drie forten

gebouwd zijn met uitzicht over de Adriatische kust. Het verhaal gaat dat San Marino is gesticht in de vierde eeuw na Christus door een steenhouwer

genaamd Marinus. Marinus maakte van deze plek zijn onderkomen en stichtte er een kleine leefgemeenschap. Door zijn isolatie kon het gebied zich

ontwikkelen en zijn onafhankelijkheid behouden. Er wordt beweerd dat San Marino de oudste republiek ter wereld is. Toerisme is de belangrijkste

bron van inkomsten, elk jaar bezoeken er 3 miljoen mensen het land. Men verdient er ook veel geld met Marinese postzegels, die alleen geldig zijn

in het land zelf. De postzegels zijn erg gewild onder verzamelaars. Ondanks het feit dat San Marino geen lid is van de Europese Unie, is de euro

de nationale munteenheid van het land. Van de dertig duizend inwoners van San Marino komen er maar duizend, voornamelijk Italianen, uit het

buitenland.

26 girugten november 2008


Maartje Beltman

In de rubriek ‘Op de bank van…’ komen personen aan het woord

die werkzaam zijn binnen de faculteit. Er gebeurt vaak meer aan

onze faculteit dan de gemiddelde lezer zal vermoeden. Daarom

een nadere kennismaking met de functies en de personen die hier

invulling aan geven. In deze editie komt Maartje Beltman aan het

woord; student-lid van het faculteitsbestuur.

Maartje, een introductie.

Hoi, ik ben Maartje Beltman, 22 jaar en vijfdejaars student aan de

faculteit. Ik kom uit een dorpje in Overijssel, namelijk Bathmen. Hier

ben ik geboren en getogen en ik heb hier met veel plezier mijn jeugd

doorgebracht. Ik ga nog elke maand terug om met vriendinnen af te

spreken en omdat het er gewoon gezellig is. Wat betreft hobby’s loop ik

zo nu en dan een rondje in het Noorderplantsoen en ik heb vroeger vrij

fanatiek saxofoon gespeeld. Ik heb deze bij de aanvang van mijn studie

echter met pijn in het hart verkocht.

Na mijn VWO moest ik beslissen wat ik wilde gaan studeren. Omdat ik

een technisch profiel heb gedaan, ben ik in eerste instantie gaan kijken

naar de technische studies. Eén van mijn favorieten was Civiele Techniek

& Management in Enschede maar ik miste een beetje de sociale kant. Ik

ben me toen verder gaan oriënteren in Groningen. Vooral omdat het een

erg leuke studentenstad is en omdat de studies Technische Bedrijfskunde

en Technische Planologie me erg aanspraken. Uiteindelijk heb ik voor

Technische Planologie gekozen en de studie vind ik nog steeds erg leuk.

Het is dus een goede keuze geweest!

Kun je wat vertellen over de historie van je

bank?

De bank komt uit Vollenhove. De bank is van

een broer of zus geweest van Jacco Kwakman,

een studiegenoot me. Toen hij een nieuwe

bank kreeg mocht ik zijn oude overnemen.

Nu staat hij dus op deze kamer met een mooi

kleed er overheen. Het mooie is dat ik de bank

heb gekregen en er dus niks voor betaald heb.

Althans, misschien was het zo weinig dat ik

het ben vergeten.

Je bent nu vijfdejaars student – wat heb je allemaal gedaan in deze

jaren?

Het eerste studiejaar heb ik gewoon doorlopen en in het eerste semester

van het tweede jaar heb ik mijn propedeuse gehaald. In het einde van het

tweede jaar ben ik naar Nieuw-Zeeland gegaan, waar ik verschillende

keuzevakken heb gevolgd. Dat was een hele mooie tijd en gelukkig heb

ik in de periode na het studeren nog wat kunnen reizen. Als ik later zal

terugdenken aan mijn studietijd, durf ik nu wel te zeggen dat dit een van

de mooiste momenten is geweest tijdens mijn studie. Nadat ik allerlei

commissies had gedaan bij studievereniging Ibn Battuta ben ik in mijn

vierde studiejaar in het bestuur gegaan.

Als je terugdenkt aan je bestuursjaar, wat is het eerste wat je te

binnen schiet?

Dat je elke week met elkaar vergadert over de meest uiteenlopende

dingen. Van bijvoorbeeld kleine problemen van een excursie tot financiële

vraagstukken. Maar als ik terugkijk, is het vooral de gezelligheid die

overheerste. Je hebt namelijk een jaar lang Ibn als nummer één in je

agenda staan – dat is niet altijd even leuk maar je werkt er met elkaar wel

heel hard aan en dat geeft je een heel goed gevoel. Ik heb onder andere

de Carrièredag georganiseerd. Dit was zeker één van mijn hoogtepunten.

Voornamelijk het vele regelen en het zelf verzinnen van dingen maakt je

erg zelfstandig, wat natuurlijk erg leerzaam is.

girugten november 2008

Op de bank van...

Dit jaar ben je student-lid van het faculteitsbestuur, kun je er wat

meer over vertellen?

Dit collegejaar zit ik in het faculteitsbestuur. Elk jaar neemt een

student hierin zitting met een adviserende rol met betrekking tot

onderwijskundige- en facultaire zaken. Ik woon dus alle vergaderingen

bij en denk mee over allerlei zaken. Je houdt ook contact met alle

studentorganisaties en met student-leden van andere faculteitsbesturen.

Ik heb ervoor gekozen omdat ik het erg leuk vind om naast mijn studie

nog wat te doen en nieuwe dingen te leren. Wat ik dit jaar praktisch doe

is het aansturen van de mentoraatgroepen. Dus voor de vakantie ben ik

begonnen met het werven van mentoren en nu ondersteun ik de mentoren.

Dit jaar zijn we actiever aan de slag gegaan met het begeleiden van de

eerstejaarsstudenten door middel van trainingen voor de mentoren. We

hopen dat het zijn vruchten afwerpt. Het mentoraatsysteem is zeker

iets om mee door te gaan. Het student-lidmaatschap is toch een unieke

functie want het biedt een ‘kijkje in de keuken’ van de faculteit en dat is

erg interessant en leuk om mee te maken.

Is het niet lastig om als student tussen al die belangrijke mensen

in te zitten?

Haha, in het begin kijk je er wel zo tegenaan, want ja, het zíjn ook

belangrijke mensen. Maar in het bestuur zelf wordt er heel serieus

geluisterd naar wat jij hebt te vertellen. Ik denk dat je met hard werken

en je goed voorbereiden veel kunt bewerkstelligen.

Wat ga je doen als je de studie hebt afgerond?

Ik heb bij een adviesbureau en bij de gemeente Rotterdam een dag

meegelopen om te kijken hoe het eraan toegaat. Dat was erg interessant

en ik ben ook van plan om stage te lopen om

zo ervaring op te doen en goed te kunnen

bedenken wat een leuke baan zou kunnen zijn.

Ik denk dat ik nog wel anderhalf jaar rondloop

op de faculteit en als dan echt alles af is, dan

wil ik het liefst voor een aantal jaar naar het

buitenland om te werken. Dan kan het nog

want je hebt dan nog alle vrijheid. Ik zie mezelf

later wel werken bij de overheid. Het liefste bij

een grote gemeente of bij de rijksoverheid.

Dat zijn ambitieuze plannen - Ja maar dat moet

ook! Als je geen ambitie hebt is het ook niet

leuk. Dat schiet niet op.

Het leven van een student gaat niet over rozen, heb je nog

bijbaantjes?

Jazeker! Ik werk bij de Gasunie Groningen en ik verzorg daar

rondleidingen. Ik doe het nu ongeveer drie jaar en voorheen kwamen

er allerlei verschillende groepen. Ibn Battuta heeft er in het verleden

ook rondleidingen gehad maar tegenwoordig mogen alleen relaties van

het bedrijf rondgeleid worden. De laatste tijd zijn er bijvoorbeeld veel

Russen van Gazprom in Groningen, die mag ik dan een rondleiding

geven. Je komt zo in contact met veel verschillende mensen. Verder heb

ik een oppasgezin waar ik eens in de twee weken de kinderen ophaal van

school en ze uiteindelijk op bed leg.

Wil je nog wat kwijt over de Verenigde Staten?

Amerika is een hele belangrijke en grote speler in de wereld en de huidige

ontwikkelingen, zowel negatief als positief, daar kan men niet omheen.

Zeker nu met de kredietcrisis. Ik ben erg benieuwd hoe dit verder gaat

verlopen en ik volg met interesse de debatten en de ontwikkelingen.

Of het allemaal goed komt weet ik nog niet, maar het lijkt me in ieder

geval niet verstandig om de kop in het zand te steken. We moeten maar

afwachten wat het gaat betekenen voor Nederland en Europa. Ik ben

nog nooit in Amerika geweest maar ik wil er nog wel graag een keer

naar toe!

-door Jurjen Zuijdendorp-

27


Ibn Battuta

Mededelingen van faculteitsvereniging Ibn Battuta

Het eerste blok van het jaar zit er alweer bijna op. Nu het collegejaar weer

in volle gang is, zit Ibn Battuta natuurlijk ook niet stil. Er is alweer een

hoop gebeurd, en er komen ook nog veel activiteiten aan. Als start van

het jaar was er een geslaagde introductie en een mooi introductiekamp in

Appelscha. Met de komst van de nieuwe eerstejaars is Ibn Battuta trots

te mogen zeggen dat het bijna 650 leden heeft.

Nieuwe commissies

Naast de vele activiteiten die al plaats hebben gevonden aan het begin van

dit jaar, heeft de vereniging ook weer een flink aantal nieuwe commissies

benoemd, te beginnen met de kersverse Eerstejaarscommissie. Deze

commissie zal veel activiteiten organiseren voor de andere eerstejaars,

maar ook voor ouderejaars. Daarnaast hebben we ook een nieuwe

Internetcommissie, zij zullen komend jaar de site onderhouden en

zorgen voor een up-to-date fotoboek op de website. Ook zal spoedig een

nieuwe Excursiecommissie aangesteld worden, die het komend jaar een

aantal studiegerelateerde excursies zal verzorgen.

Dit jaar zal voor het eerst de Carrièredag door een commissie

georganiseerd worden. Ibn Battuta en Pro Geo zullen deze commissie

samenstellen en aansturen. Ook nieuw is de Werkgroep Gala, deze zal in

het voorjaar een gala organiseren voor alle studenten van de faculteit.

Afgelopen activiteiten

Er zijn de afgelopen tijd weer veel interessante en leuke activiteiten

georganiseerd door verschillende commissies van Ibn Battuta. Zo

heeft de Excursiecommissie begin september het jaarlijks terugkerende

wadlopen georganiseerd, een modderige activiteit die door het mooie

weer zeer geslaagd was. Er kon zelfs gezwommen worden in de

Waddenzee. Ook organiseerden zij een mooie excursie door het centrum

van Groningen, waarbij veel onbekende plekjes aangedaan werden. Als

hoogtepunt van hun jaar organiseerden zij ook een tweedaagse excursie

naar het Ruhrgebied.

Tijdens het jaarlijkse BEC-koffieuur is de bestemming van de buitenlandse

excursie van het komend jaar bekend gemaakt. De zeven enthousiaste

commissieleden van de Buitenlandse Excursiecommissie zullen een reis

organiseren naar de miljoenensteden Istanbul en Sofia. Tijdens deze reis

zullen zij 49 studenten van de faculteit bekend maken met deze steden

en de cultuur van deze landen.

Ook de Sport- en Spelcommissie heeft niet stil gezeten. Naast

een voetbaltoernooi en Gotcha, organiseerde zij een liftwedstrijd

naar Frankfurt. Het weekend was zeer geslaagd, er was zelfs een

zaterdagprogramma georganiseerd met een stadswandeling.

Tot slot heeft ook de Lezingencommissie een drukke periode achter

de rug. Op 25 september organiseerden zij een zeer interessante lezing

over de toekomstige RegioTram die in en om Groningen moet gaan

rijden. Het eerste deel van deze lezing bestond uit het informeren over

wat de plannen zijn voor deze tram. Gedurende het tweede uur van de

lezing was er tijd en ruimte voor vragen en een uitgebreide discussie. In

verband met het zestigjarig bestaan van de faculteit heeft de Le’cie ook

een lezing georganiseerd over de historie van de faculteit. Tijdens deze

lezing werden de aanwezigen ingewijd in het ontstaan van onze faculteit,

het ontstaan van Ibn Battuta en over het studentenleven in de beginjaren

van onze faculteit. Sprekers waren Piet Pellenbarg, Oedzge Atzema en

Henk Strijker.

Vooruitblik

De komende tijd heeft Ibn Battuta ook weer een aantal activiteiten op

het programma staan. Zo zal 11 november weer een ALV gehouden

worden, met aansluitend een borrel. Op 17 november om 14.00 uur

wordt er een sollicitatiecursus georganiseerd voor masterstudenten en

studenten die aan het einde van hun bachelor zijn. Daarnaast organiseert

het bestuur 28 tot en met 30 november een korte buitenlandse excursie.

De bestemming van deze excursie zal nog bekend gemaakt worden,

maar het beloofd een leuk weekend te worden.

28 girugten november 2008


Mededelingen van studentenbelangenorganisatie Pro Geo

Het studiejaar is alweer een paar weken weken oud en het lijkt een druk jaar te gaan worden op het onderwijsgebied. Niet alleen worden volgend jaar

de minoren ingevoerd, ook gaan de bachelors Sociale Geografie & Planologie en Technische Planologie op de schop. Daarnaast heeft onze faculteit

ingestemd het rendementenplan van de RUG, waardoor en meer docenten kunnen worden aangesteld.

Op 16 oktober was de eerste faculteitsraadvergadering van dit jaar. We hebben het onder andere gehad over rendementen, de grote enquête ‘Honderd

over de RUG’ en hoe de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen daar uit komt, ook kwamen het Arbo- en milieuplan en de begroting van onze faculteit

aan de orde.

Afgelopen weken is Pro Geo hiernaast vooral druk bezig geweest met het zoeken van nieuwe leden voor de verschillende opleidingscommissies.

Deze mensen zijn jouw directe vertegenwoordiger, dus spreek hun aan met klachten, ideeën of opmerkingen over onderwijs. Speciaal voor de

nieuwe OC-leden organiseerde Pro Geo op donderdag 16 oktober een OC-dag. Tijdens deze dag werd uitgelegd wat je rechten en plichten zijn als

OC’er en was er een nuttige workshop ‘Zittend spreken & redevoering’. Wil je weten wie jouw OC’ers zijn, kijk dan op www.progeo.nl en klik in het

dropdownmenu ‘Organisatie’ op ‘Opleidingscommissies’.

Verder kun je altijd bij Pro Geo terecht met al je vragen, klachten en ideeën over onderwijs en onderzoek.

girugten november 2008

Pro Geo

29


Medelingen congresorganisatie Geo Promotion

Stichting Geo Promotion is een studentenorganisatie van de faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, die elk jaar een congres organiseert over een

geografisch of planologisch relevant thema. Op 6 februari 2009 zal Geo Promotion, tijdens haar twintigjarig bestaan wederom een congres

organiseren. Dit congres zal plaatsvinden in Martiniplaza in Groningen. Het thema van dit congres zal zijn:

Bedrijventerreinen

Tijd voor ruimtelijke kwaliteit!

Bedrijventerreinen zijn in de Nederlandse ruimtelijke ordening al geruime tijd onderwerp van discussie. Hierbij valt te denken aan overheden (rijk,

provincies, regio’s en gemeenten), de vastgoedsector (ontwikkelaars, makelaars en beleggers), eindgebruikers (ondernemers) en belangengroepen

(milieuorganisaties).

De problematiek omtrent bedrijventerreinen is dan ook divers. De ruimtelijke kwaliteit en het beheer is veelal ondermaats waardoor bedrijfsruimte

als belegging niet populair is. Door lage grondprijzen ontbreekt daarnaast een echte marktwerking. Van een integrale regionale afstemming voor

wat betreft de planning is bovendien vaak geen sprake. Tenslotte brengt herstructurering van verouderde terreinen financiële, organisatorische en

juridische obstakels met zich mee, hetgeen de ontwikkeling van nieuwe terreinen in de hand werkt. Dit gegeven is vervolgens weer strijdig met de

principes van zorgvuldig ruimtegebruik. De problematiek lijkt al met al op een vicieuze cirkel.

Vanwege de voornoemde thematiek voldoende interessante aanknopingspunten voor de organisatie van een bedrijventerreinencongres. Temeer

omdat het onderwerp hoog genoteerd staat op de politieke agenda, waarbij de ministers van VROM en EZ een speciale taskforce. bedrijventerreinen

in het leven geroepen hebben. Deze is in september 2008 met aanbevelingen gekomen die moeten bijdragen aan een meer duurzame en efficiënte

invulling van de beschikbare ruimte en heeft daarmee nieuwe stof tot discussie gegeven.

Tijdens het congres zullen verschillende aspecten van de problematiek rond bedrijventerreinen aan bod komen, waarbij het aspect herstructurering

een bijzondere plaats zal innemen. Wanneer je ons congres bezoekt, kom je behalve andere studenten ook docenten en mensen uit het bedrijfsleven

tegen. Met elkaar ga je dieper in op het thema door middel van sprekers, discussies en verschillende workshoprondes. Hierdoor krijg je een beter

beeld van hoe het er in de praktijk aan toe gaat, waardoor je de theorie van een bredere context kunt voorzien. Ook is het congres een mooie

gelegenheid om in contact te komen met professionals uit je vakgebied en toekomstige werkgevers.

De dagvoorzitter van het congres zal Prof. dr. J. van Dinteren zijn. Van Dinteren is bijzonder hoogleraar Planning, Ontwikkeling en Managment van

Werklocaties aan onze faculteit. Als spreker vanuit de wetenschap is Dr. E. van der Krabben (Radboud Universiteit Nijmegen) inmiddels bevestigd.

Op het moment zijn we nog druk bezig om ook nog interessante sprekers vanuit de overheid en het bedrijfsleven vast te leggen.

Voor meer informatie over het congres en het laatste nieuws over sprekers en workshops kun je op onze website (www.geopromotion.nl) kijken. We

hopen jou op ons congres in februari terug te zien.

30 girugten november 2008


girugten november 2008

Volgende keer...

Het volgende nummer verschijnt

begin januari in samenwerking met

Stichting Geo Promotion,

naar aanleiding van het congres op

6 februari met als thema:

Bedrijventerreinen

Tijd voor Ruimtelijke Kwaliteit!

31


-door Henk Nienhuis-

Uit het buitenland

Hey! How are you doing?

Het heeft bij mij altijd al geleefd om eens voor een tijd in het buitenland te wonen. Twee jaar geleden heb ik de voorlichting van meneer van Steen

al een keer bijgewoond. Uiteindelijk heb ik dit jaar de knoop doorgehakt en besloot ervoor te gaan. Ik had wat mij betreft de keus uit twee plaatsen.

Aangezien ik afgelopen jaar met de Transmongolië expres naar Rusland, Mongolië en China ben geweest hoefde ik niet meer die kant op. Ik wilde

graag naar Amerika en dan wel naar Seattle of Californië. Twee redelijk tegengestelde plaatsen: De ene is een grote stad waar het klimaat koud is als ik

er zou zijn, maar volgens verschillende bronnen wel een erg fijne plek om te wonen. Aan de andere kant Irvine, een “plaatsje” van 200.000 inwoners

dat voornamelijk uit ‘sprawl’ bestaat en een uurtje onder LA ligt in The OC, waar het praktisch altijd rond of boven de 20 graden is. Ook is Irvine een

heel goede uitvalsbasis om verschillende dingen in deze, volgens mij, mooie omgeving te bezoeken. Toen bood meneer Van Steen me aan om mee

te gaan naar de seminar van het Neurus programma, wat een uitwisselingsprogramma is tussen Amerikaanse en Europese studenten. De seminar

vond plaats in Berlijn en hier kwamen alle studenten die dat jaar deelnamen aan de uitwisseling. Hier kwam ik erachter, na met verschillende mensen

gepraat te hebben, dat ik naar Californië wilde. Nu ben ik dus hier voor het schrijven van mijn afstudeerscriptie in de UCI (University of California

in Irvine), welke naast de afdeling Urban planning ook een business school heeft met een Real Estate master.

Omdat ik ook nog wel wat meer van Amerika wilde zien dan alleen Californië ben ik voorafgaand aan mijn verblijf in Californië samen met een

vriend een twee weken durende reis gaan ‘plannen’. De planning kwam eigenlijk neer op het vliegen naar NY en aldaar een auto huren om vervolgens

langs de ‘Eastcoast’ naar Miami, Florida te rijden. Uiteindelijk pakte alles goed uit en zijn we in NY, Atlantic City, Washington, een nationaal park,

Savanah, Orlando, Miami en nog wat andere plaatsen geweest. In die plaatsen en de bijhordende omgeving hebben we alle highlights bekeken. In

Miami heb ik afscheid genomen van Jasper en toen stond ik er alleen voor. Vanaf Miami ben ik naar Chicago gevlogen, wat echt een super mooie

stad is; in ieder geval Chicago downtown. Zoals elke Amerikaanse stad is Chicago qua planning lekker simpel gehouden met allemaal blokken, maar

daarentegen wel met een hele mooie architectuur en een heel relaxte sfeer. Voordat ik naar Amerika ging had ik een beetje het beeld dat Amerikanen

niet heel vriendelijk zouden zijn. Ik weet niet hoe ik erbij kwam, maar het was er… Het tegendeel is echter waar want alle Amerikanen die ik tot nog

toe heb ontmoet zijn heel vriendelijk en willen je graag helpen. Vanuit Chicago ben ik met meneer Van Steen naar Urbana-Champaign gereden. Daar

vond het eerste seminar van dit jaar plaats, waar iedereen zijn onderzoeksopzet presenteert. Deze seminars hebben een relaxte sfeer waarbij je veel

advies krijgt van de verschillende aanwezige professoren. Ook zijn deze seminars een uitgelezen mogelijkheid om mensen uit verschillende delen van

de wereld te leren kennen. Na een leuk en informatief weekend, werd het tijd om naar de eindbestemming Irvine af te reizen.

Voor mij is Irvine een groot vakantieparadijs, want het is hier erg mooi, er zijn mooie stranden, leuke dingen om te doen etc. Zo heb ik onder andere

een mountainbike gekocht -dat kan hier echt super- en doe ik een zeilcursus van tien weken voor weinig geld. Grappig van Irvine is ook dat het

helemaal een ‘masterplanned community’ is. Dit zorgt ervoor dat alles heel erg op elkaar lijkt en omdat in de planningsgedachte iedereen hier een

auto heeft, bestaat de community uit veel brede wegen en je hebt hier echt een auto nodig. Ook wordt Irvine kunstmatig groen gehouden. Omdat het

hier volgens de Amerikanen ongeveer vijf dagen per jaar regent is alles nogal droog, dus wordt het nat gehouden door sproeiers die voornamelijk ‘s

avonds hun werk doen. Getuige ook de bosbranden hier in Zuid Californië. Daarnaast is het vrij gemakkelijk om mensen van de Urban and regional

planning department (MURP’s) te leren kennen.

Als uitvalsbasis voor het bezoeken van verschillende bijzondere plekken op de wereld is Irvine super. Zo ben ik al naar Las Vegas, Santa Monica,

Malibu, Hollywood etc. geweest. Komende week ga ik naar San Diego en San Francisco, wat twee fantastische steden schijnen te zijn. Daarnaast is

het ook de bedoeling om een aantal van de vele nationale parken hier te bezoeken en Irvine ligt heel dicht bij Mexico.

Het mooie van een tijd in een andere plaats leven, is dat je veel meekrijgt van verschillende soorten levensstijlen. Zo wordt Amerika ‘the land of the

freedom’ genoemd. Om heel eerlijk te zijn vind ik dat in heel veel opzichten nogal tegenvallen. Ze doen hier bijvoorbeeld heel moeilijk over het kopen

van alcohol en het betreden van een café. Je mag hier niet de straat oversteken op andere plaatsen dan waar aangegeven is. Het vreemde is, dat deze

strengere regels er zijn gekomen door de mensen zelf, aldus de Amerikanen. Als voorbeeld noemden ze hier dat er iemand een keer is omgekomen

door gewoon over te steken op straat. Vervolgens kwamen er rechtszaken waarbij steeds meer mensen zich achter de moeder van het slachtoffer

schaarden en vervolgens werd de wet aangepast en mag je alleen oversteken op bepaalde plaatsen.

Zoals ik al gezegd heb ben ik hier via het Neurus programma. Dit is een uitwisseling tussen universiteiten in Berlijn, Wenen, Groningen, Chapel

Hill (North Carolina), Urbana-Champaign (Illinois) en Irvine (Californië). Dit biedt de uitgelezen mogelijkheid om verschillende plaatsen te zien.

Naast het verblijf in de plaats die je kiest zijn er ook twee seminars; één in Amerika en één in Europa. Deze seminars zijn erg gezellig, informatief en

voornamelijk het eerste seminar is handig want daar krijg je allemaal tips hoe je het onderzoek het beste aan kan pakken en waar je aan informatie

kan komen.

Kortom, ik ben zeer blij met deze kans.

Take care

More magazines by this user
Similar magazines