de geschiedenis van Parijs

bouwkunde.hz.nl

de geschiedenis van Parijs

excursiegids

WERKEN BIJ VERSCHILLENDE

OPDRACHTGEVERS MET DE

ZEKERHEID VAN EEN VAST

CONTRACT?

sponsored by

Bij YACHT kun je aan de slag als

Projectmanager

Projectleider

Constructeur

Risk-engineer

Werkvoorbereider

Opzichter

Beleidsmedewerker

Preventist / inspecteur

Bouwplantoetser

YACHT

7-9 juni 2007

samengesteld door studenten van de opleiding Bouwkunde

Voor meer informatie, kijk op

www.yacht.nl of mail naar

Niels.colet@yacht.nl

INTERIM-PROFESSIONALS.

VAN BETEKENIS.


index gebouwen

01 Eiffeltoren

02: Palais de Chaillot

03: Grand Palais

04: Petit Palais

05: Notre Dame

06: le Louvre • het oude gebouw

07: le Louvre • de nieuwe entree

08: Arc De Thriomphe Du Carrousel

09: La Grande Arche

10: Cité Universitaire • Nederland

11: Cité Universitaire • Brazilië

12: Cité Universitaire • Zwisterland

13: Le Corbusier • Villa la Roche

14: Le Corbusier • Villa Savoye

15: CNIT

16: Notre Dame de Pentecote

17: Opéra Bastille

18: Opéra Garnier

19: Dôme des Invalides

20: het Pantheon

21: Sacre Coeur

22: Parc André Citroën

23: Galeries Lafayette

24: Musée D’Orsay

25: Forum Des Halles

26: Centre Pompidou

27: Parc de la Villette pack en folies

28: Parc de la Villette Museum en

Geode

29: Parc de la Villette Cité de la

Musique

30: Bibliotheque National de France

31: Institut du Monde Arabe

32: Musée du Quai Branly

33: Samaritaine Beaubourg

34: Palais de Tokyo

35: Paleis van Versailles

inhoudsopgave

Programma Excursie 2

Parijs toen 5

Parijs nu 15

Gebouwbeschouwingen 47

Krante-artikelen 180

Bronvermelding 182

Deelnemers Excursie 183

Metrokaart Parijs + gegevens hotel 185

groepsfoto excursie 2007

de excursiegroep uit 2003 onder de Eiffeltoren

2 Algemeen

sponsored by

Algemeen

sponsored by 3


4

programma excursie (onder voorbehoud)

Donderdag 7 juni 2007

04.00 uur opstappen in Vlissingen

04.25 uur opstappen in Goes

04:50 uur opstappen in Bergen op Zoom.

In de bus regelen we de kamerindeling.

10:00 uur Villa Savoye

11:00 uur start rondrit langs de rand van Parijs met o.a.

Parc André Citroën, Cité Universitaire

La Defense en Parc de la Villette

lunch in de bus (zelf meenemen)

14:00 uur aankomst hotel en verdelen kamers

14:30 uur uitreiken metrokaarten en vertrek naar het

centrum.

Vrijdag 7 juni 2007:

08.00 uur Gezamenlijk ontbijt

08:45 uur Check Out uit het hotel

09:00 uur bezoek gebouwen in de binnenstad van Parijs

15.00 uur vrij in te vullen door de studenten

21:30 uur vertrek bus van onder de Eiffeltoren

aankomst 9 juni 2007 van af 03:00 uur

Hotel

Etap Hotel Paris La Villette 19ème57-63, Avenue Jean Jaurès

75019 PARIS; FRANCE

Tel : (+33)892680891; Fax : (+33)142034443

Algemeen

Verder nog

• eten en drinken kun je op eigen gelegenheid. Je

dient zelf eten en drinken voor in de bus mee te

nemen; we stoppen wel geregeld onderweg, zodat

je ook wat kunt kopen.

• beddengoed is beschikbaar in het hotel, neem dit

niet mee.

• handdoeken (+ washandjes) wel zelf meenemen

• je krijgt van ons een excursiegids met hierin voornamelijk

informatie over de architectuur van Parijs.

• neem je collegekaart mee: hiermee kan je bij musea

e.d. veel korting krijgen.

• aan het einde van de reis verzamelen de docenten

van de opleiding alle foto’s voor een gezamelijke

DVD. Neem eventueel je USB-kabeltje mee!

telefoonnummer docenten

vanuit Parijs:

06 99 72 41 24

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

Hoe het begon

4500 jaar voor Christus is op het eiland Ile de la

Cité, wat in de Seine ligt, een Gallische nederzetting

ontstaan. Deze nederzetting wordt vooral bewoond

door vissers.

Veel later, 800 voor Christus, trekken de Galliërs weg

van het eiland om klimatologische problemen.

500 jaar later heeft de Keltische Parisii stam een

nederzetting gesticht op het eiland. Het gebied

om het eiland is moerassig door overstromingen

van de Seine. De grond was hierom erg vruchtbaar.

De Kelten leefden van de landbouw en handel. De

nederzetting bestond uit niet meer dan hutten op

het eiland in de Seine.

In het jaar 53 voor Christus viel het Romeinse rijk

onder leiding van Ceasar de nederzetting aan en

bezette het. De Seine werd door de Romeinen

overbrugt. Bij die oever bouwden ze een Mercuriustempel.

Dit was de eerste tempel in dit gebied. Ook

verstedelijkten ze het eiland aan de linker oever.

De Romeinse bezetting van Parijs duurde driehon- Badhuis boulevard St. Michel en St.-Germain

derd jaar en pakte uiteindelijk gunstig uit voor de stad. De Romeinse architecten, of Quiriten,

waren vastberaden het dorpje uit te bouwen tot een “beschaafde” stad. Ze bouwden markten,

tempels, badhuizen, bruggen, villa`s, een circus (een heel bekend arena waar veel circussen

werden gehouden van de Ärènes de lutèce, deze werd in de tweede eeuw gebouwd), een

aquaduct en een netwerk van rechte wegen die de districten afbakenden; een ontwerp dat

de Romeinen ook voor hun militaire kampementen gebruikten.

Aan het eind van de Romeinse overheersing had Parijs ongeveer 8000 inwoners.

De badhuizen die de Romeinen bouwden staan er nog steeds aan de boulevard St. Michel

en St.-Germain. Er zijn nog veel meer restanten terug te vinden van de Romeinen onder het

huidige Notre Dame.

Het gebied had nu ongeveer 8000 inwoners. In het jaar 285 rukken de barbaren op en vernietigen

de hele stad door brandstichting. Jaren later (in 360) wordt Julien uitgeroepen tot

keizer. De stad Lutetia wordt nu Parijs, de naam komt van het Keltische woord ‘’boot’’.

Parijs ging in de aanval. Het eerste wat Parijs in wilde nemen in het jaar 451, zijn de Hunnen.

Dit lukte hun niet. De Hunnen worden in de strijd geleid, deze strijdt noemt men de ‘’Attila

Hun”. De Parijzenaren wilden vluchten, maar een geestelijke verteld hen dat ze moeten blijven

om Parijs te verdedigen. Zo weten ze uiteindelijk de aanvallers te verslaan.

Clovis, de leider van de Fransen, verslaat de Romeinen in het jaar 485. Ook neemt hij Parijs in

en benoemd het tot de hoofdstad van het Merovingingsen-Rijk. Op de plek waar hij wordt

begraven wordt een Basiliek gebouwd. Later wordt hier het Pantheon gebouwd. Tot op de

dag van vandaag worden hier de belangrijke Fransen begraven. Parijs bleef groeien, de stad

kende nu 20.000 inwoners. De handel in luxe artikelen gaf Parijs de bijnaam ‘’ de stad van

de luxe’’, en stond ook bekend als het centrum van kennis en macht. De kerk speelde hierin

Parijs toen

sponsored by 5


4500 BC - 1610 AD

een belangrijke rol in het intellectuele en spirituele

leven en was de motor achter onderwijs en technologische

vooruitgang, zoals het droogleggen van

land en het graven van kanalen.

Heel Parijs was in 535 volgebouwd met kerken. Het

meest beroemde gebouw (geweid aan st. Etienne)

was een bescheiden kerk op het eiland Ile de la Cité.

Rond het jaar 1000 wordt dit de Notre Dame. Een

ander bekend klooster wat toen gebouwd is, is het

st. Germain des Pres, dit klooster is meerdere malen

vernietigd en weer herbouwd.

In het jaar 751 waren de koningen uit Parijs vertrokken

en raakte Parijs in verval. De handel trok weg uit

de stad.

Parijs was niet langer een stad vol prachtige ruïnes.

Het was wel prachtig genoeg om gierigaards aan

te trekken. Vooral de Teutonen, die als aasgieren de

omgeving van Parijs afkamden. De Normandiërs,

afstammelingen van de Vikingen, kwamen op de

stad af omdat Parijs, volgens verhalen, vol met goud

en zilver zou zijn. Tijdens de eerste helft van de

negende eeuw kreeg Parijs te kampen met steeds

nieuwe indringers die tijdens de tocht over de Seine

eerst Bourgondië vernietigde en daarna de hoofd-

Notre Dame

stad plunderden en meerdere keren in brand zetten.

Die keren dat de stad de indringers buiten de poort wist te houden, was dit alleen in ruil voor

veel kostbaarheden.

In 886, het jaar van de laatste Normandische expeditie, was Parijs moegestreden, elke kerk

leeggeroofd en de bevolking gedecimeerd.

In 911 maakte koning Karel de Simpele een einde aan de Normandische dreiging door barbaren

het gebied ten westen van Gallië te geven, dat later Normandië zou worden.

Toen de vrede terugkeerde werden de laatste Karolingen, de indringers die stad hadden laten

leegplunderen en platbranden, de stad uitgegooid en viel de macht in handen van het leger.

Odo (ook wel Eudes genoemd), hertog van Parijs, die de stad was blijven beschermen, riep

zichzelf uit tot koning en luidde het begin in van het Capetiaanse rijk. Eindelijk de Capetianen,

aan wie de Parijzenaars zoveel te danken hadden!

In het jaar 987 ontstond er voor Parijs een nieuw commercieel tijdperk. De moerassen werden

drooggelegd en de stad kon zich goed uit gaan breiden.

De oude kerk van St-Etienne werd in 1163 afgebroken om plaats te maken voor de Notre

Dame.

In 1163 besloot bischop Maurice de Sully de kathedraal Notre-Dame te bouwen op de plek van

de oude kerk St-Etienne.

Voor die tijd was de kathedraal een ongewoon en zeer uitdagend staaltje architectuur. Het

was wonderbaarlijk gebouw met kruisgewelven en grote ramen waardoor het licht naar

6 Parijs toen sponsored

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

binnen kan vallen. De bouw van de Notre-Dame was

een enorme klus waarbij twee eeuwen lang in totaal

160.000 arbeiders, architecten en kunstenaars

uit Parijs werkten aan

een echt meesterstuk dat pas aan het begin van de

veertiende eeuw klaar was.

Toen in 1180 Filips II aan de macht kwam, liet hij de

stad renoveren en straten aanleggen. Hij bouwde

fonteinen die werden gevoerd met water uit de

rivier de Belleville en zorgde voor omleidingen voor

het afvalwater, dat richting een open riool in de buitenwijken

van de stad spoelde. Hij ontwikkelde ook

een vuilophaalsysteem, waarvoor hij kustbewoners

Parijs rond 1180

inschakelde die afval op openbare afvalbergen deponeerden. Dit afval zou zich door de eeuwen

heen ophopen en uiteindelijk de heuvel vormen waarop het Parc Buttes-Chaumont ligt.

Ook is in dit jaar het Louvre gebouwd. Het Louvre was oorspronkelijk een vesting en het nam

maar liefst 43 jaar in beslag om dit te bouwen.

Nog eens 10 jaar later besloot de koning dat de

welgestelde moesten meebetalen aan de omheining

van de stad. Zo werd Parijs verdedigd tegen de

aanvallen van buitenaf.

In 1215 werd de Parijse universiteit opgericht, dit is

goed voor de status van de stad.

In het jaar 1246 liet de koning de st. Chappelle bouwen,

dit werd door de koning gebruikt als slaapkamer,

nu is het een gerechtshof. Het gebouw wordt

gezien als een van de grootste architectonische

meesterwerken van de westerse wereld en was uitgevoerd

in Gotiek. De bouw duurde ongeveer 2 jaar.

Een Fransman wordt koning in het jaar 1340, ten na-

dele van een Engelse troonopvolger. Dit was mede

de oorzaak van de 100-jarige oorlog. Er brak een periode van honger en epidemieën aan.

8 jaar later wordt Parijs getroffen door de pest, al snel lagen de straten vol met lijken. Het

Franse hof vestigt zich in 1364 in het Louvre, de forten Bastille en Vincennes.

Bij het fort de Bastille wordt in 1380 de bekende gelijknamige gevangenis gebouwd.

Jeanne d’ Arc bevrijd een aantal Franse steden van de Engelsen in 1420 tijdens de 100-jarige

oorlog. Toen ze in 1429 Parijs wilde bevrijden, mislukte dit. 7 jaar later trekken de Engelsen

zich terug uit Parijs. In 1453 eindigde de 100-jarige oorlog eindelijk. Parijs was er zeer slecht

aan toe, de stad lag voor een groot deel in puin. In 1470 wordt de allereerste drukpers ter

wereld in gebruik genomen in Parijs. In 1528 voltooide Frans I de herbouw van de stad, en

ging hij het Louvre bewonen nadat deze ook gerestaureerd was. Dit was het tijdperk van de

hoge Renaissance en de stadsvernieuwing naar Italiaans voorbeeld. In deze periode was de

architectuur nog Gotisch. In deze tijd zijn de eerste lantarenpalen gekomen.

In 1548 had Parijs ongeveer 300.000 inwoners, 10.000 huizen met minimaal drie verdiepingen,

16 fonteinen, 40 badhuizen, een aquaduct in aanbouw en ongeveer 50 religieuze

Parijs toen

Parijs rond 1580

by 7


4500 BC - 1610 AD

gebouwen.

Als laatste teken van de Renaissance werd de

triomfboog van Porte St-Antoine gebouwd, die zou

fungeren als model voor de poorten van St-Dennis

en St-Martin die onder Lodewijk XIV werden opgetrokken.

In 1589 verbeterd Hendrick IV de riolering

en de infrastructuur. De beroemde brug ‘Pont Neuf’

wordt ook in dit jaar voltooit. Dit is de alleroudste

brug in Parijs die nog bestaat. In 1609 begint de

bouw van place Royale. Dit was het eerste plein dat

in Parijs gebouwd is de huizen zijn symmetrisch ge-

bouwd rond een open ruimte. In 1800 zal dit plein omgedoopt worden in Place des Voyages.

groepsfoto van de excursiegroep uit 2003 in Parc André Citroën

sponsored 8 Parijs toen

Pont Neuf

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

Het jaartal 1610 betekende het einde voor de al 57

jaar regerende Franse koning Hendrik IV. Op 14 mei

werd de koning vermoord door een fanatieke monnik

genaamd François Ravaillac die geen vertrouwen

had in deze koning. De koning zou worden

opgevolgd door zijn zoon Lodewijk XIII, maar omdat

Lodewijk XIII toen slechts 8 jaar oud was trad zijn

moeder Maria de’Medici op als leider. Op 13 jarige

leeftijd werd hij in 1615 meerderjarig verklaard en

trouwde hij met Anna van Oostenrijk, de dochter

van Filips III van Spanje. In 1617 liet de koning de

regeringszaken over aan zijn vriend de hertog van

Luynes, hiermee ontnam hij zijn moeder van haar

taak. Hertog van Richelieu en bisschop van Luçon,

beter bekend als kardinaal Richelieu wilde zich

opwerken in de kroonraad.

Met het beleg van La Rochelle (1628) brak hij de

machtspositie van de protestanten, die al hun

privIleges verloren, behalve gelijkberechtiging

voor de wet en het recht op vrijheid van eredienst.

Henri IV

Tegenover de Rijksgroten trad de kardinaal even kordaat

op. De moeder, de echtgenote en de broer van de koning Gaston van Orléans zwoeren

daarom dat zij Richelieu zouden breken.

Op 10 November 1630 liet de koning zijn moeder verbannen nadat zij hem heeft laten kiezen

tussen haar en zijn knecht. Verder werden verschillende hoge edellieden vermoord omdat

ze beschuldigd werden van hoogverraad tegen Richelieu en zijn complot. Verder werden er

belastingen ingevoerd, die volgens de kardinaal en de koning de grootheid van Frankrijk in

stand moesten houden.

Belangrijke gebouwen uit de periode 1610-1789

De belangrijkste gebouwen die in de tijd 1610 tot 1789 in Parijs belangstelling wekten zullen

we even kort toelichten.

Tot deze gebouwen horen:

• Les Invalidess (1671)

• Pantéon (1789)

• Palais Cardinal ( 1632)

• Bastille

• Palais du Luxembourg (1615)

• Saint-Sulpice (1646)

• Kasteel van Versailles(1624)

• Place du Vendome (1763)

• Porte Saint Denis

Palais du Luxembourg (1615)

Parijs toen

Palais du Luxembourg

by 9


1610 - 1789

Het Palais du Luxembourg is gelegen in het 6e arrondissement

in Parijs. Er werd in 1615 met de bouw

begonnen onder leiding van architect Salomon de

Brosse. De opdrachtgeefster was Maria de’ Medici. In

1625 betrad ze het paleis, maar haar verblijf was van

korte duur omdat ze werd verbannen naar Keulen.

Tijdens de revolutie werd het paleis gebruikt als

gevangenis. Later werd het paleis een samenkomst

voor verschillende parlementaire vergaderingen.

Tussen 1836 en 1841 breidde Alphonse de Gisors het

gebouw uit.

Kasteel van Versailles (1624)

Om zijn macht te tonen liet Lodewijk buiten Parijs een geheel nieuw paleis bouwen,

genaamd Versailles. Het Kasteel van Versailles ligt, zoals de naam al zegt, niet in Parijs. Het

heeft echter wel te maken met de geschiedenis van Parijs. Versailles ligt 20 km ten westen

van Parijs. In 1624 kwam er een jachtslot voor koning Lodewijk XIII.

Na 1661 werd het in opdracht van Lodewijk XIV uitgebreid tot paleis, onder architect Luis Le

Vau. In 1680 werd het paleis onder architect Jules Hardouin-Mansart enorm uitgebreid en tot

zijn huidige vorm verbouwd. Het interieur werd door Charles le Brun ontworpen. Het is één

van de grootste kastelen van de wereld en het grootste van Europa. Er word geschat dat er op

het einde van de regeerperiode van Lodewijk XIV dagelijks zo’n 3000 tot 10000 hovelingen in

het kasteel bevonden. Het kasteel was ook het regeringscentrum en het militaire hoofdkwartier

van Frankrijk.

Palais Cardinal (1632)

In opdracht van kardinaal de Richelieu werd het palais Cardinal gebouwd onder architect

Jacques Lemercier. De bouw startte in 1632.

In 1642 stierf de kardinaal en liet hij het paleis na aan Lodewijk XII. Deze stierf echter vlug,

waardoor hij het op zijn beurt aan zijn weduwe Anna van Oostenrijk, samen met haar zoon

Lodewijk XIV. In 1648 verliet zij het paleis noodgedwongen door de opstand van de Fronde.

Toen Lodewijk XIV terug in de hoofdstad kwam stelde hij het gebouw ter beschikking aan

Henriette van van Frankrijk en daarna aan haar

dochter Henriette van Engeland. Toen deze plotseling

overleed schonk Lodewijk het aan haar en zijn

eigen broer Filips van Orléans.

In 1780 viel het gebouw toe aan Louis-Philippe van

Orléans, die het liet verbouwen door architect Victor

Louis.

Porte Saint Denis

Om de overwinningen van Lodewijk XIV te vieren

werd in 1674 de Porte Saint-Denis gebouwd in Parijs.

Dit is een triomfboog ter ere van onder andere de

10 Parijs toen sponsored

Kasteel van Versailles

Porte Saint Denis

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

overwinning bij de Rijn. In de zijkant van de boog

zijn enkele beelden uitgesneden. Een huIlende

vrouw met daaronder de verdwenen plaatsen bij

de rijn en andere in plekken in Nederland waar is

gevochten. De Arc de Triomf is dus niet de eerste

triomf boog die in Parijs is gebouw.

Saint-Sulpice (1646)

De Saint-Sulpice kerk staat in de gelijknamige wijk

in Parijs. De bouw hiervan is begonnen in 1646. Pas

32 jaar later was het koor gereed waarna er 50 jaar

niets gebeurde met het gebouw. In 1732 ontfermde

men zich over de façade. De zuidtoren is nooit

afgemaakt. De kerk is gebouwd op de ruïnes van een

oude tempel gewijd aan de godin Isis. De kerk werd

bij het grote publiek bekend nadat ze was genoemd

in de bestseller “de Da Vinci Code

Les invalides (1671)

Dit monument bestaat uit drie gebouwen, namelijk

het Hôtel National des Invalides, de Eglise St-Louis

en de Dôme des Invalides. Het monument is gelegen

in het 7e arrondissement in Parijs. Het werd

gebouwd om onderdak te bieden aan de invalide

soldaten van de vele oorlogen. Deze waren voorheen aangewezen op een klooster of ze

werden bedelaar. Het Hôtel National des Invalides met de Eglise St-Louis werden ontworpen

en gebouwd tussen 1671 en 1676 door de architect

Libéral Bruant.

De Dôme des Invalidess werd gebouwd tussen 1677

en 1735 door de architect Jules Hardouin-Mansart.

De Dome bestaat uit een koepelkerk met een vergulde

koepel. De Dome dient niet alleen als onderdak

maar ook als grafkelder van belangrijke personen.

Zelfs Napoleon ligt begraven in deze Dome.

Place Vendome

Place Vendome is een achthoekig plein vlak bij het

centrum van Parijs. Het plein is gemaakt van 1686

tot 1702. Napoleon liet hier later een tientallen meters

hoge kolom neerzetten genaamd de Colonne

de Vendôme. In 1763 werd de Place de la concorde

gebouwd. Dit is ook een achthoekig plein met een

kolom alleen is dit plein een stuk groter. Het plein is

maarliefst 8 hectare groot en er staat een 23 meter

Parijs toen

Dôme des Invalides

by 11


1610 - 1789

hoge obelisk in het midden van het plein, ook wel de

naald van Cleopatra genoemd.

Bastille

In de 17e eeuw werd dit bouwwerk verandert in een

gevangenis. Vele beroemde gevangenen hebben

hier gezeten, waaronder “de man in het ijzeren masker”.

Op 14 juli 1789 werd de Bastille bestormd door

een grote menigte. Deze bestorming is het symbool

van de start van de Franse Revolutie. Dit gebouw

werd vooral belangrijk na 1789.

In 1784 werd begonnen met de Mur des Fermiers

généraux, ook wel de muur van de boeren genoemd.

Deze 24 kilometer lange stadsmuur diende niet voor

de verdediging van de stad, maar om de tolheffing

in goede banen te leiden. Hierdoor kon je Parijs niet

in met goederen zonder er belasting over te betalen

aan de Ferme générale.

Pantéon (1789)

Het Pantéon is gelegen in het 5e arrondissement in

Parijs. Er werd in 1758 met de bouw begonnen en in

1789 was het gebouw klaar. Het werd gebouwd in

opdracht van Lodewijk XV die beloofd had, wan-

‘’ De naald van Cleopatra’’

neer hij zou herstellen van een ziekte, een kerk zou

bouwen. De architect was Soufflot. De afmetingen van het gebouw zijn 110 meter lang bij 84

meter breed en 83 meter lang. Sinds 1885 is het officieel een tempel voor grote Fransen. Sins

1791 zijn er zo’n 50 mensen bijgezet.

Pantéon

sponsored 12 Parijs toen

Bastille

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

De Franse Revolutie in Parijs

Enkele jaren voor de revolutie liet Lodewijk de 16de

een nieuwe Mur de Fermiers Generaux aanleggen.

Dit was niet bedoeld om de staat te verdedigen,

maar om meer belastingen te kunnen heffen. De

Mur de Fermiers Generaux komt overeen met het

tracé van de huidig buitenste boulevards.

Het begin van de Franse Revolutie is een oorzaak

geweest van veel schade aan het architecturaal en

kunst patrimonium van Frankrijk. De revolutie is wel

het begin geweest van de democratie en de huidige

Westerse waarde van onze maatschappij.

De revolutie begon op 14juli 1789 met de bestorming

van de Bastille.

De Bastille was de gevangenis die sinds die Middeleeuwen

gebruikt werd om de vijanden van de

monarchie in op te sluiten. Tevens was de Bastille

voor het gewone volk min of meer het symbool van

de onderdrukking geworden. De gevangenen die in

de Bastille zaten ( ten tijde van bestorming waren

dat er maar 8) werden bevrijd en de Bastille werd

afgebroken. De Staten Generaal werd opgeheven

en men richtte de Nationale volksvergadering op

waarin bepaald werd dat het feodalisme opgeheven

Een guillotine uit 1868

werd.

Feodalisme was een middeleeuwse oplossing voor de enorme chaos die er na de val van het

Romeinse Rijk was ontstaan. Dit zorgde voor orde en hiërarchie.

Na de zogenaamde liberale fase brak de terreur aan en werden de TuIlerieën (koninklijke

Paleizen) ingenomen en Lodewijk XVI werd na een mislukte ontsnappingspoging ter dood

gebracht met een guillotine.

Na Lodewijk volgde zijn vrouw en nog 60.000

andere mensen die volgens de radicalen verdachte

personen waren.

Het Christelijke geloof werd verboden en alle

grenzen werden gesloten waaronder ook de pas

gebouwde Madeleine. Er werd meteen met een

nieuwe jaartelling begonnen, omdat men wilde

geloven dat er geen verleden meer was. De terreur

liep na ongeveer een jaar ten einde.

In de rust die volgde nam een jonge generaal de

macht. Toen het er op leek dat de onrust weer zou

toenemen door de instabiele regering. De tijd van

Napoleon Bonaparte brak aan. Napoleon vestigde

Parijs toen

Bestorming Bastille in 1789

by 13


1789 - 1885

zich als consul in de TuIlerieën en in 1804 kroonde

hij zichzelf als keizer in de Notre Dame. De Cathédrale

Notre-Dame de Paris (Onze-Lieve-Vrouwekathedraal

van Parijs) is een in vroeg-Gotisch stijl

gebouwde kathedraal op het eiland in de Seine, “Ile

de la Cité”, in het centrum van Parijs. De kathedraal

werd in opdracht van Bisschop Maurice de Sully

gebouwd in de tijd van Lodewijk VII. In 1163 werd

met de bouw ervan begonnen waarbij de eerste

steen door paus Alexander III geplaatst werd. De

bouw werd in 1345 voltooid. De Notre-Dame is

130 meter lang. De twee niet-afgebouwde torens,

die een hoogte hebben van 69 meter, kunnen

beklommen worden en bieden een uitzicht over de

stad. Door het boek “De klokkenluider van de Notre-

Damme” geschreven door Victor Hugo in 1831 heeft

de Notre-Damme zijn wereld bekendheid gekregen.

Hij verzoende zich met de kerk en hij voerde administratieve

systemen en ook het onderwijsstelsel

in. Met Napoleon kwam de rust weer en keerde de

bouwwoede weer terug. Napoleon wilde in Parijs

de sfeer van het keizerlijke Rome oproepen, daarom

bouwde hij de Arc de Triomphe du Carroussel . Deze

triomfboog werd gebouwd in 1805. Hij liet dit monument

bouwen naar aanleiding van zijn overwinningen

in 1805 toen hij tot koning van Italië werd

gekroond. Hij was aan de macht tot 1814. Op de

boog staat het vierspan met de Godin van de vrede

wat pas later in 1828 gemaakt werd. De boog hoorde

vroeger bij het TuIlerieën-paleis maar dit werd door

een brand verwoest in 1871.

In 1806 werd begonnen met de bouw van een

tweede triomfboog, de Arc de Triomphe op het plein

”Place de l’EtoIle” wat nu “Place Charles de Gaulle”

heet.

De Arc de Triomph du Carroussel

De Arc de Triomphe ; De bouw werd begonnen in

1806 deze bouw duurde tot 1836. De Arc de Triomphe is een eerbetoon aan zijn legers. Bovendien

hoorde het geen boog te worden maar een olifant met overgewicht en een waterspuwende

slurf. De namen van de plaatsen waar Napoleon zijn overwinningen behaalde zijn

binnen in het arc complex in de muren gegraveerd. Ook zijn de namen van 660 generaals en

officieren in de muren gegraveerd. Onder de Arc ligt het graf van de onbekende soldaat uit

1921 sindsdien brand hier een eeuwig durende vlam.

Ook bouwde hij de Madeleine kerk ter ere van ‘la Grande Armée’ (Het grote leger). De Madeleine

kerk is één van de bekendste kerken van Parijs en ook één die het minst lijkt op een kerk.

14 Parijs toen sponsored

De Madeleine

De Notre-Dame

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

De kerk is toegewijd aan Maria Magdalena. Men

begon met de bouw in de 18e eeuw. De kerk werd

afgebroken tijdens de Franse Revolutie. Napoleon

wilde er een tempel bouwen ter ere van zijn leger.

In 1806 werd de bouw hervat en in 1842 werd de

bouw beëindigd. Op dat moment had het gebouw

geen bestemming meer. Uiteindelijk werd het

opnieuw een kerk. Het gebouw heeft het uiterlijk

van een Griekse tempel, omringd door een rij van

52 Corinthische zuIlen van 20 meter hoog. Het plein

rond deze kerk is het centrum van de rijkere buren.

Het is omgeven door dure restaurants en exclusieve

winkels.

Vercolgens werden de beurs en een heel stel brug-

gen gebouwd. Het Louvre werd verder uitgebreid en het museum raakte vol met al dan

niet gestolen kunstschatten. Ook begon hij met de modernisering van de stad. De Seine

werd ingebed tussen hoge kaaimuren. Tevens werden de straten voorzien van voetpaden en

gasverlichting. Onder de straten werd een uitgebreid rioolsysteem aangelegd. In 1828 reed de

eerste paardentram. Parijs telde meer dan 700.000 inwoners, meer dan 1.000 straten werden

verlicht met meer dan 10.500 gasverlichte lantaarns,

een 50-tal markten, 5 slachthuizen, een speciale

wijnopslagplaats en 4.000 openbare verkeersrijtuigen.

Door industrialisering werd het lot van de arbeider

ellendig. De eerste socialistische denkbeelden kwamen

tot stand en waren de oorzaak van de februarirevolutie

van 1848.

Napoleon voerde voortdurend oorlog en had het

grootste gedeelte van Europa waaronder ook het

huidige Nederland in zijn macht. Aan het begin van

de 19de eeuw kwam aan zijn greep op de macht

in Europa een einde. Na de inval van de Pruisische,

Oostenrijkse en Russische troepen in Parijs treedt hij in 1814 af en wordt verbannen naar Elba.

In 1815 komt hij terug en laat hij zijn volle sterkte nog eenmaal zien met het Franse volk. Bij

Waterloo word het echter verslagen en verbannen naar Sint Helena waar hij in 1821 sterft.

De Franse monarchie word weer herstelt en een familielid van Lodewijk de XVI word koning

Lodewijk de XVIII.

In Parijs breekt opnieuw een revolutie uit in juli 1830, dit keer omdat koning Karel de X meer

macht naar zich probeerde te halen. Hij legde de pers aan banden. Parijs is drie dagen het toneel

van barricades en rellen, waarbij het leger niet durft in te grijpen. Karel de X vlucht naar

Engeland en er volgt een wisseling van de macht, waarbij de held van de revolutie Lafayette

een nieuwe koning naar voren schuift genaamd Louis Filipe.

Na Louis Filipe kwam Napoleon Bonaparte aan de macht. Hij word de eerste president van

de tweede republiek. Na verloop van tijd haalt hij alle macht naar zich toe en in 1851 roept hij

zichzelf uit als keizer van het tweede Franse Keizerrijk. Napoleon doet ontzettend veel voor de

Parijs toen

De Arc de Triomphe

De Madeleine kerk

by 15


1789 - 1885

stad en bracht Frankrijk weer terug op de kaart van

Europa als serieuze natie.

In het tweede keizerrijk veranderde Parijs van uitzicht.

De overbevolkte stad van 1 miljoen inwoners

had nog altijd een middeleeuwse wegen infrastructuur.

Napoleon III wilde de hygiëne verbeteren en

de haarden van sociale onrust uitroeien. Daarvoor

moesten zijn troepen zich snel door de stad kunnen

verplaatsen. In 1853 stelde Napoleon III in Parijs een

administrateur aan die in de provincie reeds zijn

kwaliteiten had bewezen. Deze man was baron

Haussmann. Zijn naam zou voor altijd verbonden

blijven met de uitbreiding van Parijs in de negentiende

eeuw. Parijs werd door Haussmann een

moderne stad en hiervoor was een stedenbouwkundig

plan nodig dat lang stand zou houden. In amper

vijftien jaar voltooide Baron Haussmann zijn taak en

herschiep de oude stad tot een modern en prestigieuze

metropool. Tientallen bouwputten werden

geslagen, straten werden opengelegd en complete

buurten en huizenblokken werden afgebroken. Hiervoor

kwamen brede boulevards zoals de Boulevars

St-Germain, St Michel, Sébastopol en de Aveneu de

L’Opéra, in de plaats met statige appartementenhuizen

aan beide kanten.

In het jaar 1857 is er een Boulevard aangelegd die

genoemd is naar de stadsarchitect Baron Haussmann.

Althans het grootste deel was in het jaar 1857

aangelegd. Het andere deel was pas 75 jaar later

aangelegd. De boulevard kostte bijna 100 miljoen

Francs. De lengte van de boulevard is 2,53 kilometer

en de gemiddelde breedte is 30 meter. Met 430.000

passanten per dag en met talrijke winkels, kantoren

en hotels is de Boulevard Haussmann het grootste

commerciële centrum van Europa. Ze staat bekend

als de straat met de ‘Grands Magasins’: grote warenhuizen

als Le Printemps (architect Paul Sédille, 1881)

en Galeries Lafayette (architect Ferdinand Chanut,1908)

zijn er gevestigd. Er bevinden zich echter

ook grote appartementencomplexen; de stijl waarin

ze gebouwd zijn, wordt “architecture haussmannienne”

genoemd.

Er werden nieuwe theaters (zoals de Opéra Garnier)

en kerken gebouwd en er werden openbare parken

aangelegd. Opéra Garnier is een operagebouw in

16 Parijs toen sponsored

stadsarchitect Baron Haussman

Boulevard Haussmann

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

Parijs. Het is gebouwd tussen 1861 en 1875. Opéra

Garnier is ontworpen door de architect Charles Garnier

in opdracht van Napoleon III. De Opera is in 1861

ontworpen en zou geopend worden in 1871. Door de

Frans-Duitse oorlog werd de opening uitgesteld tot

5 Januari 1878. Het Interieur is rijkelijk voorzien van

bladgoud, fresco’s en marmer. Het plafond is in 1964

beschilderd door Marc Chagall. De Steil is Neo-Barok

eclectisch en potsierlijk extra vagant te noemen. Het

is het grootste operagebouw ter wereld met een

oppervlakte van ruim 11.000 m2 . Het gebouw is 125

meter breed, 173 meter lang en 73,6 meter hoog. De

opera zaal biedt plaats aan 2131 toeschouwers. De

kroonluchter die in de centrale zaal hangt weegt 6

ton en werd door Garnier zelf ontworpen.

Het gebouw is ondermeer bekend omdat het

verhaal dan ‘The Phantom of the Opera’ zich daar Operagebouw Garnier

afspeelt.

Riolen en leidingen voor water en gas werden gemoderniseerd. Nu kon het verkeer zich ontwikkelen

en steeg het aantal inwoners van 1 miljoen naar 1.825.000 en het aantal voertuigen

naar 60.00.

Parijs toen

De uitbreidingen van Parijs in de loop van tijd

by 17


1889 - nu

La Belle Epoque

De tijd van Belle Epoque is aangebroken. In deze

tijd staat Parijs symbool voor elegantie. Een vrije

vertaling voor Belle Epoque is de mooie eeuw. Na de

1e Wereldoorlog is deze naam ontstaan omdat men

toen terugkeek naar de tijd voor de oorlog en men

besefte toen hoe goed het allemaal was.

In 1889 vond in Parijs de wereldtentoonstelling

plaats (de wereldtentoonstelling werd door 3,2 miljoen

mensen bezocht), de Eiffeltoren werd gebouwd,

de Sacré-Coeur werd gebouwd en het was de tijd

van het cabaret. De Eiffeltoren die zich bevindt op de

Champ de Mars werd gebouwd voor de wereldtentoonstelling

en de bedoeling was dat deze maar 20

jaar zou blijven staan. Omdat de toren goed dienst

kon doen als radio toren, werd besloten om de geheel

uit vakwerk opgetrokken toren te laten staan.

In 1898 werd er namelijk na de ontdekking van de

draadloze telefonie een radioverbinding gelegd

tussen de torentop van de uit 15.000 stukjes stalen

delen opgebouwde Eiffeltoren en het Panthéon.

In het jaar 2000 werd te toren verlicht met talloze

lichtjes en schijnwerpers. Elk jaar op 14 julliet, de Gustave Eiffel

nationale feestdag, wordt rond de Eiffeltoren een groots vuurwerk afgestoken ter ere van de

verjaardag van de Franse Revolutie. De bouw van de Eiffeltoren viel namelijk samen met de

honderdste geboortedag van de Franse Revolutie. Het is een grandioos object uit de tijd van

de industriële revolutie. Gustave Eiffel (Dijon, 1832-1932) wist uit zijn ervaring als viaductbouwer

een toren neer te zetten die tot 1930 behoorde tot hoogste gebouw van de wereld.

De Sacré-Coeur is een basiliek, een kerk, opgebouwd uit travertijn. Het is ontworpen door de

architecten P. Abadie en Magne die de Romaans en

Byzantijnse bouwstijl hebben gebruikt. De opdrachtgevers

van de Sacré-Coeur waren de twee zakenlui,

Alexandre Lengentil en Rohault de Fleury. Zij hadden

een belofte gemaakt bij het uitbreken van de Frans-

Duitse oorlog. Ze zouden overgaan tot bouwen van

de Sacré-Coeur als de bezetting van Frankrijk werd

voorkomen. Parijs werd belegerd en er kwam een

oorlog maar tot een feitelijke bezetting kwam het

niet waardoor werd begonnen met de bouw.

In het jaar 1900 werd de Parijse metro gebouwd. De

toegangspoorten van de metro zijn typerend voor

de Belle Epoque, ze zijn ontworpen door Guimard.

Guimard was een van de belangrijkste vertegenwoordigers

van Art Nouveau. Tegenwoordig is het

18 Parijs toen sponsored

omvang van de stad in 1895 en heden

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

tramnetwerk gegroeid tot het belangrijkste middel

van openbaar vervoer in de stad. Er zijn 16 lijnen met

een lengte van +- 220 km.

Het einde van La Belle Epoque was het uitbreken

van de eerste Wereldoorlog. De binnenstad van

Parijs had op dit moment ongeveer 2,8 miljoen

inwoners, maar de voorsteden bleven groeien. Na de

eerste Wereldoorlog kwam de architectuur in Parijs,

maar ook in de rest van Frankrijk, even tot stilstand.

Iedereen was ontgoocheld over wat er in de eerste

Wereldoorlog gebeurd was en iedereen was zijn

individuele ramp aan het verwerken. In de eerste

Wereldoorlog was een deel van Frankrijk bezet

geweest en was het in een gruwelijke oorlog beland

met Duitsland.

Vele mensen hadden iemand verloren en het land

was als het ware met een zwarte sluier bedekt. Ook

ontstonden er spanningen tussen de verschillende

maatschappelijke klassen. In de tijd tussen Wereldoorlog

1 en Wereldoorlog 2 werd dus weinig tot niets

nieuws gebouwd hoogstens werd er wat gerestaureerd.

Wat betreft architectuur had in de tweede De metro-toegang, ontworpen door Guimard

Wereldoorlog een catastrofe kunnen gebeuren. Waardoor het Parijs van nu niet zou hebben

bestaan. Parijs was bezet door de Duiters. Hitler had zijn generaal Von Choltitz de opdracht

gegeven een deel van de stad te verwoesten. Door weigering van de generaal, wat hem

waarschijnlijk de kop heeft gekost, is deze ramp niet tot uiting gekomen. Een ander gevaar

was dat de Duitsers van plan waren de Eiffeltoren te slopen. Dit alles omdat zij dachten dat

Gustavv Eiffel een jood was. Gelukkig voor Parijs is het bij een plan gebleven. Omstreeks 1950

had de binnenstad van Parijs 2,8 miljoen inwoners en de voorsteden 2,4 miljoen inwoners.

Art Deco

Art Deco (1915 - 1940) is een stijl in de architectuur.

De stijl is genoemd naar de tentoonstelling van de

toegepaste kunst “Exposition Internationale des

Arts Décoratifs et Industriels Modernes” in Parijs in

1925. Het is een verzamelnaam die betrekking heeft

op diverse stromingen, maar Art Deco is voornamelijk

een reactie op Art Nouveau en Jugendstil.

Perret

Voor en tussen de twee oorlogen was Perret één

van de belangrijkste architecten die de architectuur

benaderde als constructeur. Dit betekende dat gebouwen

werden opgebouwd uit klassieke elemen-

Parijs toen

omvang van de stad in 1940 en heden

by 19


1889 - nu

ten als balken en zuIlen, maar hij combineerde deze klassieke bouwelementen met het nieuw

ontwikkelde gewapend beton. Perret was één van de eerste ontwerpers die in gebouwen

gewapend beton gebruikt. Hij is dus de grondlegger van het gebruik van gewapend beton. In

Parijs zijn meerdere gebouwen van Perret te bewonderen.

Om Perret te eren is er zelfs een award naar

hem vernoemd die vergeven wordt aan de architect

die bij het ontwerpen van de vorm van een gebouw

de nadruk legt op de basisstructuur. De vormgeving

is strak en eenvoudig, Villa Savoye is een voorbeeld

van deze architectuurvorm. Lange, dunne vormen,

gebogen oppervlakten en heldere kleuren waren typerend

voor deze bouw en kunststijl. Villa Savoye is

ontworpen door de bekende Architect Le Corbusier.

Hij probeerde tussen de eerste en tweede Wereldoorlog

de stilstand in de architectuur te doorbreken

door een nieuwe bouwstijl te gebruiken. Zijn manier van bouwen werd als eerst gebruikt in

woningen. Het allereerste werk van Le Corbusier was genaamd “Pavillon de l’Esprit Nouveau”

, vrij vertaal “pavilioen van de nieuwe geest”. Dit doelt op de stilstand binnen de architectuur

in Frankrijk die hij wilde doorbreken. De regels van zijn architectuur omschreef hij in het

manifest: “Vijf kernpunten van een nieuwe Architectuur”.

De Vijfde Franse Republiek

Net als in de 19e eeuw, wordt er weer gebouwd in Parijs. Grote projecten als het kantoorcentrum

La Défense, het Centre Pompidou, het museum Quai d’Orsay en het Louvre werd

uitgebreid. Deze uitbreiding van het Louvre zou een rel teweeg brengen in Frankrijk. Vele

mensen vonden de glazen piramide totaal niet passen bij het oude Louvre en vonden dat de

Architect hier totaal niet over had nagedacht. Na goed bestuderen bleek dat de architect I.M

Pei toch wel een link had gemaakt tussen het oude

Louvre en de glazen piramide. De verhoudingen van

het oude gebouw zaten namelijk in de piramide

verwerkt.

Toch vinden vele Fransen het nog steeds een

schande dat dit gebouw er staat, maar er worden

veel mooie sfeer foto’s gemaakt en de piramide

staat er al een aantal jaar en wordt door vele mensen

bezocht.

Tevens wordt de tijd na de oorlog gekenmerkt door

de grote hoeveelheden Algarijnen en Marrokanen

die naar Parijs komen. De voorsteden groeien tot 8 miljoen inwoners. In 2005 leidde ernstige

onrusten in de voorsteden tot hevige rellen.

De jaren 50 en 60 waren door de sterke groei de jaren waarin miljoenen mensen forensten

met de bus en de auto naar de rand van de oude stad. Charles de Gaulle was president, later

zou hij een vliegveld in de stad naar zich vernoemd krijgen. Delouvrier had een visie die de

structuur van Parijs ten goede kwam.

20 Parijs toen sponsored

Villa Savoye

Theater Marigny

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

Zijn visie was niet om in het oude hart van Parijs het

culturele en administratieve te laten zijn, maar om

een bredere autoweg te maken. De Périferique en

de Seine-autoweg. Om het zakencentrum buiten de

binnenstad te plaatsen is gekozen voor La Défense.

Tevens werd in Parijs de Montparnasse gebouwd.

Vele Fransen vinden het een van de meest lelijke architectonische

bouwwerken van Parijs. De Montparnasse

is gevestigd tussen, in relatieve zin, laagbouw.

Na de bouw in 1974 werd een verbod gesteld op

bouwen van torens in de binnenstad hoger dan 37

meter, maar volgens vele inwoners van Parijs was

het kwaad toen al geschied.

La Défense

La Défense is een kantorenwijk in Parijs waar slechts

20.000 mensen wonen en wel 150.000 mensen werken. Het is 800 hectare groot en heeft

2,5 miljoen m2 omvang van de stad in 1959 en heden

oppervlak. De moderne wijk ontleent haar naam aan een gedenkteken voor

de verdediging van Parijs in de Frans-Duitse oorlog van 1870-187. De planning van dit grote

urbanisatieproject gaat terug tot in de late jaren ’50. De binnenstad van Parijs is een groeiende

tertiaire sector waardoor de voormalige woonruimte, die plaats moest maken voor La

Défense, onteigend werd en er plaatsgemaakt werd voor grote onderneming van zowel de

private sector als de overheid.

Hiervoor moest veel gebeuren zo moest het wegennet opnieuw getekend worden en moesten

er nieuwe woningen gecreëerd worden. De kantorenwijk is opgebouwd in twee zone’s

namelijk zone A en zone B.

Zone A ligt direct na Pont de Neuilly in het verlengde van de as de concorde, Arc de Triomphe.

Deze zone is 130 hectare groot. Voorop in het plan stond dat het een aantrekkelijk leefbaar

zakelijk centrum moest worden. In de kantorenwijk La Défense werd als eerste het Palais de

la Défense gebouwd, dit gebouw huisvest het centrum

voor industrie en heeft de grootste overwelfde

ruimte per steunpunt.

Zone B met een oppervlakte van 650 hectare is

vooral bestemd voor bewoning, hier zijn dan ook

veel woonflats gebouwd. Parken, cultuurcentra’s en

hogescholen zijn eveneens in deze zone gesitueerd.

Het project was dus architectonisch waardevol en

modern, maar doordat het gebied zo klein was en

de toegeschreven functie’s zo groot werd al snel de

hoogte ingebouwd en werden de eerst opgestelde

hoogtebeperkingen overschreden. Mede hierdoor

vonden weinig van de oorspronkelijke bewoners

hun weg terug naar La Défense.

Emil Aillaud (1903-1988), architect voor deze zone,

Parijs toen

Ligging La Defense t.o.v. de Seine

by 21


1889 - nu

zocht voor de door

hem ontworpen

woonwijken naar

betere stedenbouwkundige

en

architectonische

oplossingen, dit

paste daarmee

goed in het idealisme

van de wijk

La Défense. Aillaud

kreeg de opdracht

om voor de wijk een

bebouwingsdichtheid

van 250 woningen

per hectare

te ontwerpen. Hij

kwam vervolgens

met het ontwerp

van hoge, slanke

woontorens die

La Defense

door het geringe

oppervlak vrij veel

terrein overlaten dat vervolgens beplant kon worden met bomen, tussen speelheuvels voor

kinderen.

Presidenten

Kenmerkend voor presidenten is dat elke president iets wil achterlaten wat aan hem

herrinert. Zo had Gaulles opvolger, Georges Pompidou, ook een wens. Het Centre Georges

Pompidou, is een centrum voor moderne kunst in Parijs dat toonaangevend is in de wereld.

Het werd in februari 1977 geopend. De wens van de president kwam in vervulling hij wilde

dat er in Parijs een groot publiekscentrum werd gebouwd waar alle vormen van kunst een

uiting konden krijgen. Dit gebouw is ontworpen door Richard Rogers en de bekende Renzo

Piaono. De kleuren geven de functie aan en de bedoeling is geweest om het gebouw binnenste

buiten te keren.

Mitterand

Francois Mitterand was de president die voor Parijs veel betekend heeft. Hij bedacht het plan

voor de Grand traveaux. Deze Grand Traveaux bestond uit het restaureren van oude gebouwen

en het bouwen van nieuwe moderne gebouwen. De Grand Traveaux werd in de volgende

chronologische volgorde uitgevoerd:

* Le Parc de la Villette (1987)

* La Cité des Sciences et de l’industrie (1982)

* L’Institut du Monde Arabe (1987)

22 Parijs toen sponsored

sponsored by

de geschiedenis van Parijs

* Le Nouveau Ministère des Finances à Bercy ( 1987)

* La Grande Arche de la Défense (1989)

* L’Opéra Bastille ( 1994)

* Le Grand Louvre et sa Pyramide (1994)

* La Cité de la Musique (1995)

* La Nouvelle Bibliothèque Nationale (1995)

Actueel

Tegenwoordig is Parijs de culturele hoofdstad van Europa met 2 miljoen inwoners in het

centrum en 11 miljoen inwoners in de voorsteden. Parijs is een stad met een heldere indeling,

dit komt mede door de brede boulevards en de ronds points. Kenmerkend voor Parijs is dat de

as die Hausmann van het Louvre tot voorbij de Arc de Triomph heeft getrokken, nog steeds de

as van de stad is. Deze is later doorgetrokken tot La

Défense.

Wat nog meer kenmerkend is voor Parijs, zijn de

groeikernen. De zogenaamde Villes

Nouvelles. Er zijn er vijf; Cergy-Pontoise en St-Quentin-en-Yvelines

ten westen van de stad. Marne-La-

Vallée, Melun-Sénart en Evry liggen ten oosten van

de stad. Elke stad heeft zijn eigen karakter en is goed

bereikbaar met de metro van Parijs.

Tegenwoordig heeft Parijs nog steeds te kampen

met grote verkeersproblemen, de metro werkt dan

weliswaar goed, maar er hoeft nog maar iets te

gebeuren of het autoverkeer loopt vast. Met het

vliegtuig naar Parijs is ook geen probleem, er is Aéroport

Charles de Gaulle, het grootste van Europa en

nog een grote luchthaven Aéroport d’Orley. Andere

luchthavens van Parijs zijn Bourget en Beauvais.

Tevens is Parijs goed bereikbaar per trein, te denken

valt aan de Thalys.

Architectonisch gezien is Aéroport Charles de Gaulle

een fantastisch object. Een aantal jaar geleden

is echter de nieuwe terminal van dit vliegveld

ingestort met helaas fatale gevolgen. Met een deel

van de nieuwe terminal stortte namelijk ook een

loopbrug naar beneden. De discussie die hierna oplaaide

ging over het risico van moderne gebouwen.

De veiligheid van een gebouw mag niet te lijden

hebben onder het ontwerp. Veel mensen vroegen

zich na het instorten van deze terminal af of dat ook

door architecten werd gehandhaafd.

Parijs toen

Vliegveld Charles de Gaulle

by 23


wijken in Parijs

Ile de la Cité en île de st.-louis

De eilanden in de Seine zijn de Île de la Cité en de Île st.-Louis

De Ile de la Cité staat bekend om de hoog oprijzende gotisch Notre Dame en

de Sainte Chappelle en het Justitieel paleis. Feitelijk bevind het wezen van Parijs

zich op het Ile de la Cité, omdat dit de basis is van de koninklijke, juridische

en kerkelijke macht. Op de kop van het eiland, dat op de vorm van een schip

lijkt staat, een ‘2e vrijheidsbeeld’. Dit beeld staat in een groot park. Het wordt

genoemd Square du Vert Galant.Beide eilanden in Parijs hebben een heel verschillende gescheidenis.

Dit verklaart ook hun uiteenlopende karakter. Het île st.-Louis staat volgebouwd

met herenhuizen. Vroeger woonden hier de rijke mensen van Parijs. De huizen stammen uit

de 17e eeuw en geven deze wijk een rustgevend karakter.

Quartier Latin

In het oudere Latin ligt het College de France. Hierdoor heeft deze wijk een

universitair karakter. Dit gedeelte van de stad wordt gekenmerkt door de vele

studenten en boekwinkeltjes voor de studenten. Het staat vol met kleine,

goedkope winkeltjes en stalletjes voor een kleine hap. Quartier Latin is een

hele oude wijk, maar met nieuwe ideeën. De wijk heeft een lange traditie met

de jongerencultuur. Vroeger draaide het in de wijk om de filosofie en de kunst,

maar tegenwoordig staat de mode en literaire erfenis in de wijk centraal. Quartier Latin heeft

vele mooie grote parken en in deze wijk kan je dus lekker rustig rondslenteren en in de grote

parken vertoeven.

St. Germain en Montparrasse

Vroeger was dit het centrum van de intellectuelen en de artistieke

gemeenschap. Dit is nu veranderd, maar nog steeds is de oude sfeer van de

wijk te proeven in de vele barretjes en cafés. Deze erfenis leeft dus door tussen

de hoge kantoortoren en het uitgebreide uitgaansleven.

Net als in Quartier Latin zijn er in deze wijk van Parijs veel mooie parken

aangelegd tussen de nieuwe bebouwing. Meer dan eens wordt op de pleinen

en in de parken door creatievellingen uit de wijk voor cultfilms gefilmd. Na

de tweede Wereldoorlog trokken de artiesten naar de wijk omdat de huur daar zo laag was.

Deze creatieve bevolking geeft deze wijk nog steeds zijn karakteristieke sfeer.

Châtelet en Les Halles

Les Halles was oorspronkelijk een markt. Tegenwoordig heeft de wijk nog

steeds een soortgelijke functie omdat er een gigantisch ondergronds winkelcentrum

ligt. De smalle achterafstraatjes doen denken aan het authentieke

Parijs: overbevolkt, gevaarlijk, maar bijzonder levendig. In het ondergrondse

winkelcentrum is veel moderne en populaire kleding te vinden. Dit is ook de

reden dat er veel jongeren rondlopen. Buiten dit winkelcentrum zijn er ook

nog veel authentieke winkeltjes en delicatessenzaken te vinden waardoor de

karakteristieke trekken van deze handels/markt-wijk zichtbaar worden.

In deze wijk gaat oud en nieuw goed samen. Naast de oudere authentieke winkels is hier

de stad in detail

sponsored by

sponsored 24 Parijs nu

Parijs nu

ook het moderne en bekende Centre Pompidou te

vinden.

De Marais en Bastille

Marais betekent moeras en daar komt de naam

ook vandaan. Het gebied was eerst een moeras,

maar dit veranderde in de 14e eeuw. De buurt werd

steeds belangrijker omdat het dicht bij het Louvre

lag. De Marias word nu gezien als een van de meest

fascinerende wijken van Parijs. De architectuur van

deze wijk werd na de revolutie verwaarloosd en

dat kwam voornamelijk doordat het een volkswijk

werd. In de jaren 60 veranderde dit door de vele

restauraties die werden uitgevoerd. Nu zijn vele musea gevestigd aan de hoofdstraten van

deze buurt. In de smallere straten zijn nu nog veel galerieën en boetiekjes te vinden. In deze

buurt zijn veel verschillende gemeenschappen te vinden zoals: Joden, Algerijnen en Aziaten.

De belangrijkste bezienswaardigheden zijn hier voornamelijk de boetiekjes, galerieën, en

de gerenoveerde musea. Het Place des Vosges, musée Picasso en musée Carnavalet zijn de

belangrijkste bezienswaardigheden. Het Place des Vosges is het oudste

plein van Parijs en werd vroeger gebruikt voor toernooien en toneel. De

Bastille is voornamelijk bekend van bestorming van de gevangenis in 1789.

Deze bestorming betekende het begin van de Franse Revolutie. De Colonne

de Juillet herinnert nog aan deze gebeurtenis. Tegenwoordig is het ook bekend

van de vele winkels, restaurants en clubs. De Bastille is ook de plaats

voor moderne mensen.

Chaps-Élysées

Volgens veel kenners is de Chaps-Élysées de plek waar Parijs zich van zijn

beste kant laat zien. Wanneer je voor het eerst naar Parijs komt mag je de

Chaps-Élysées eigenlijk niet missen. Aan deze beroemde straat ligt de al

even beroemde Arc de Triomphe. Het geschitter van de lichten rondom de

Place de la Concorde geeft je het Franse gevoel van grootsheid. Ooit was

dit de boulevard voor de aristocraten, maar nu is het een van de meest

bekende winkelstraten ter wereld. Hier liggen de grote bioscopen van Parijs, de fastfood

restaurants, de warenhuizen met de duurdere kledingmerken, automerken en vliegtuigmaatschappijen.

Wanneer je op deze bekende boulevard

een zijstraatje inloopt kom je in het hart van de

Haute Couture van Parijs. Dit is al zo sinds eeuwen.

Evenwijdig aan de Chaps-Élysées lopen een aantal

straatjes waar de beste ateliers van bekende

kunstenaars uit Parijs te vinden zijn. Het staat hier

ook vol met elegante winkels en delicatessezaakjes.

In het gebied rondom de Chaps-Élysées ligt ook het

presidentieel paleis. Het paleis is door de minnares

by 25


wijken in Parijs

van Napoleon ingericht met ontzettend dure en decadente meubels. Vanaf de Place de la

Concorde is er een adembenemend uitzicht over de Chaps-Élysées met als eindpunt de Arc

de Triomphe. Wanneer je naar de andere kant kijkt, kijk je uit op het Louvre met zijn hightech

glazen piramide.

De Chaps-Élysées was vroeger een onbewoond en slecht onderhouden stuk van Parijs. Dit

is in 1830 veranderd toen architecten dit deel van de stad opnieuw gingen aanleggen. De

opknapbeurt zorgde voor een positief effect op de omgeving. Recentelijk is het hele gebied

rondom de Chaps-Élysées opgeknapt doordat de parkeerplaatsen zijn verwijderd en de toch

al erg brede trottoirs nog verder zijn uitgedijt. De reputatie die de Chaps-Élysées nog steeds

heeft overgehouden uit de periode dat de boulevard voor de welgestelden van de stad was, is

helaas langzaam aan het verdwijnen door de komst van de ontsierende fastfood restaurants

en de gigantische bioscoopcomplexen.

Les Grands Boulevards

Het gebied wat Les Grands Boulevards heet, is in de 19e eeuw aangelegd.

Dit gedeelte van Parijs bestaat uit brede straten en rijkelijk gedecoreerde

gebouwen. Hier zijn ook de Opéra, theaters en tentoonstellingszalen te

vinden. Natuurlijk mogen hier ook de grote warenhuizen, delicatessenzaken,

boetieks, modehuizen en cafés niet ontbreken. Dit gedeelte van Parijs

was oorspronkelijk de rosse buurt. Nadat deze door een preutse koning

gesloten werd, werd het gebied overspoelt door de massa. Het werd het

uitgaanscentrum van Parijs, waarbij de rijken aan de ene kant van het gebied vertoefden en

de armen aan de andere kant rondhingen. Het opéragebouw, genaamd Opéra Garnier is een

van de grootste ter wereld. De straten rondom

dit gebouw zijn zelfs zo aangelegd dat ze het

gebouw nog grootser laten overkomen.

Kunstenaars van diverse disciplines voelen zich

tot deze buurt aangetrokken. Dit geeft het

stadsdeel een aparte sfeer, met een echt gevoel.

In dit deel van de stad komen ook nogal wat

overdekte winkelgalerijen voor. Zij bieden plaats

aan de kleine sfeervolle winkeltjes en boetieks.

In dit deel van Parijs zijn ook de meest luxueuze

en duurste winkels te vinden.

Invalides en Eiffeltoren

Alles in deze wijk is samen te vatten met één

woord: “groot”. Neem aan

voorbeeld aan de Eiffeltoren

en de Ecole Militaire. In

deze wijk bevinden zich veel

buitenlandse ambassades en

grote herenhuizen. Deze wijk

is één van de welvarendste

de stad in detail

sponsored by

sponsored 26 Parijs nu

Parijs nu

wijken van Parijs. Een veelgebruikte afkorting voor deze wijk is BCBG. Deze afkorting staat

voor Bon (goed), Chic, Bon Genre (goede soort). Deze wijk is een wijk voor diamantenringen,

Porsche en rashonden. De grote herenhuizen in de wijk zijn gebouwd door de rijke bevolking

uit de wijk Marais. Deze rijke inwoners vertrokken in de 18de eeuw uit deze wijk om in Invalides

en Eiffeltoren te wonen. Deze herenhuizen bevinden zich aan brede boulevards. Één van

de mooiste boulevards is het drukke Champs de Mars. Het bekendste bouwwerk van Parijs,

de Eiffeltoren, bevindt zich in deze wijk. Eigenlijk zegt de nam het al. Vanaf de Eiffeltoren heb

je een schitterend uitzicht over de rest van Parijs. Een ander belangrijk bouwwerk in deze wijk

is de militaire academie, de École Militaire, op deze school genoot Napoleon zijn opleiding.

Nabij dit complex bevindt zich ook de graftombe van Napoleon Bonaparte. Een ander kenmerk

van deze wijk is het vele groen. Dit groen bevindt zich vooral in de parken.

Het 16de arrondissement

Het 16de arrondissement straalt een luxe uit. Deze wijk staat bekend om zijn weelde en welgestelde

inwoners van dit stadsdeel. Het 16de arrondissement wordt wel

als saai stuk Parijs gezien, maar voor iemand die van kunst houdt biedt

deze wijk een zeer groot aanbod aan de verschillende musea. Ook voor de

architectuur liefhebber zijn er heel wat gebouwen te zien in Art-Nouveau

en Art-Deco stijl. Voor de rijke bevolking is deze wijk een prima gebied. Zowel

oud als jong wil hier wonnen. Naast de prachtige woningen zijn wordt

het straatbeeld bepaald door banken, multinationals en dure hotels.

Montmartre

Montmartre is een wijk waar vooral veel kunstenaars gevestigd zijn. Tegen

het einde van de 19de eeuw was Montmartre een ontmoetingsplaats voor

veel kunstenaars, schrijvers en dichters. Deze kunstenaars troffen elkaar

vooral in bordelen en cabarets. In de wijk Monmartre grossiert het ook

van deze uitgaansgelegenheden. Voor de rijkere inwoners van Parijs was Montmartre een

achterstandswijk. Daardoor zijn de meeste kunstenaars vertrokken en is er niet echt meer

een nachtleven in deze wijk. Echter zijn er in Montmartre niet alleen uitgaansgelegenheden

er bevinden zich ook musea. Als je door de wijk loopt waan je jezelf zo af en toe op het platteland.

Dit komt mede door het groen van klimop op de huizen. Kenmerkend voor deze wijk

is een heuvel. Deze heuvel (de Butte) wordt jaarlijks door velen toeristen beklommen. Boven

op de heuvel bevindt zich het Place du Tertre, het

hoogste punt van Parijs. Vanaf deze heuvel heb je

een fascinerend uitzicht over de stad Parijs. Bovenop

de heuvel zijn veel snel kunsttekenaars actief, door

wie je, je kunt laten natekenen. Op de helling van

deze heuvel bevindt zich een wijngaard. Een belangrijk

bouwwerk in deze wijk is de kerk de Sacré-Coeur.

Een ander bekend gebouw uit het nachtleven van

Parijs bevindt zich ook in deze wijk. Namelijk de

Moulin Rouge.

by 27


wijken in Parijs

Rond de Périphérique

Dit gebeid tekent de stadgrenzen van Parijs af. Het wordt vaak de rondweg

van Parijs genoemd. De Phériphérique omvat heel Parijs en bestaat

uit twee prachtige landschapparken, voormalige dorpen die rondom Parijs

lagen en het ambitieuze stedelijk project La Défense.

Doordat de Phériphérique vroeger uit deze kleine dorpjes bestond zie je

nu zelf binnen dit gebied heel wat afwisseling en kent ieder stukje zijn eigen

karakteristieken. Je kan zeggen dat Parijs één stad is met een heleboel

kleine steden.

De twee stadsparken Bois de Boulogne en Bois de Vincennes zijn het bezoeken waard, de rust

en stilte die je daar ervaart is immens. Bois de Boulogne strekt zich uit over 863 hectare. Er

bevinden zich twee vijvers die op verschillende hoogtes liggen. Het park kent twee gezichten,

overdag een prachtige natuur maar `s avonds kun je beter niet in het park bevinden.

Het wordt dan namelijk de ontmoetingsplaats voor de onderwereld. Dit was al in de tijd van

Napoleon en het is nog steeds niets veranderd.

La Défense is de kantorenwijk in Parijs. De wijk ligt

in het verlengde van de “historische as”, die loopt

vanaf het Louvre via de Arc de Triomphe naar het

westen. In deze as staat een imposant bouwwerk La

Grande Arche, met 90 m hoog, geeft deze buurt een

kenmerkende uitstraling. Al vallen de vele wolkenkrabbers

die zich rond dit gebouw bevinden toch

net iets meer op. Er wonen niet veel mensen in deze

wijk maar er werken wel dagelijks 150.000 mensen

op 2,5 miljoen vierkante meter kantooroppervlakte.

De wijken die aan deze Phériphérique grenzen

hebben een eigen identiteit en dit maakt de rondweg een zeker de moeite waard om zo alle

kanten van Parijs te zien te krijgen.

De TuIleriëen

De TuIleriëen zijn vooral bekent om het Louvre. Het Louvre dat eerst

onderdak bood aan de Franse koningen en nu plaats biedt aan een van

de beste collecties van de wereld. Het karakter van de wijk wordt vooral

gegeven door de pleinen, tuinen

en binnenhoven. Daarbij geeft

de geschiedenis van dit deel nog

een extra toevoeging aan deze buurt, zo is op het

Place de la Victoires nog een standbeeld te vinden

van Lodewijk XIV. Het plein was ontworpen om het

beeld zo goed mogelijk uit te laten komen.

Tegenwoordig worden de gebouwen in deze buurt

gebruikt als restaurant of hotels. Ook de modehuizen

hebben zich in dit deel van de stad gevestigd.

Zo zijn er modehuizen van Cartier, Boucheron en

de stad in detail

sponsored by

sponsored 28 Parijs nu

Parijs nu

Chaumet te vinden. Door de aanwezigheid van deze dure winkels is deze wijk vooral intrek

bij de rijkere mensen. De grootste bezienswaardigheden in deze buurt zijn: Het Louvre, Palais

Royal, Jardin du Palais Royal en de Jardin des TuIleries. Naast deze bezienswaardigheden zijn

er nog vele anderen waaronder veel standbeelden en gebouwen.

Randsteden van Parijs

Parijs , samen met zijn rondsteden, vormt een enorme metropool. In Parijs wonen 2.153.600

mensen in 2006. De bevolkingsdichtheid is 20163,6 inw/km 2. In de randsteden van Parijs

wonen veel mensen die in Parijs zelf werken, forenzen dus. Dit met gevolg dat Parijs een overdruk

wegenstelsel heeft, rond en in de stad.

Parijs en Europa

Parijs is een deel op zichzelf als we het alleen al op economiegebied bekijken. Parijs is een

maatgevende stad voor de hele wereld. Parijs is de

hoofdstad van Frankrijk en speelt in Frankrijk zelf

een belangrijke rol. De Eiffeltoren in Parijs is het

object wat wereldwijd geassocieerd wordt met

Frankrijk. Het staat zelfs op de nominatielijst voor de

New 7 Wonders of the World. Ook wij als Europa zijn

blij met de stad Parijs. Dit om zijn vele monumentale

gebouwen en interessante geschiedenis.

Jasper Florie’s fotoverslag van Parijs 2003

by 29


openbaar vervoer in Parijs

Algemeen

De metro is een relatief oude vorm van openbaar spoorwegvervoer, welke

vooral in grote “hoofd”steden word gebruikt. Het voordeel van de metro is

dat deze een eigen spoor heeft waardoor er geen gelijkvloerse kruisingen zijn.

Dat betekent dus dat de lijn vaak is aangelegd in een tunnel of op een viaduct.

De metro heeft een vrij hoge rij-frequentie en een grote reizigerscapaciteit.

Qua gewicht en stationafstand past de metro ongeveer in het midden van

het rijtje tussen de trein en de tram.

Geschiedenis van de metro

De eerste metro ter wereld werd op 10 januari 1863 geopend in London. Deze bestond uit

houten coupés en werd getrokken door een stoomlocomotief. Er werd al snel overgestapt

op elektriciteit, omdat de stoomlocomotief voor veel roet en rookoverlast zorgde

waardoor de omgeving vervuild raakte. De eerste metro buiten London ging rijden in de

hoofdstad van Hongarije, namelijk Boedapest. Daarna kwam de metro rond 1900 ook in Parijs

te rijden. De metro in London werd toepasselijk “Underground” genoemd en in New York de

Subway. In Duitstalige landen spreekt men van de Untergrundbahn.

De Nederlandse metro kwam pas veel later en werd de Stadsspoorweg genoemd. Het woord

metro komt van het Frans woord “Chemin de Fer Métropolitain”, welke in de volksmond

wordt afgekort tot Metro. Metropool betekent hoofdstad.

Op 19 juli 1900 werd in Parijs lijn 1 geopend tussen Porte

Maillot en Porte de Vincennes. Deze lijn was gebouwd

door de Compagnie du Chemin de Fer Métropolitain de

Paris (CMP). In 1910 werd de Société du Chemin de Fer

Electrique Nord-Sud de Paris (Nord-Sud) opgericht die

de lijnen A en B bouwde (de huidige lijnen 12 en 13). In

1930 werd Nord-Sud overgenomen door de CMP. In 1948

werd deze onderneming overgenomen door de overheid

en kreeg de naam RATP (Régie Autonome des Transports

Parisiens). In 1956 is de metro op rupsbanden geïntrodu-

ceerd. Op 5 van de 16 lijnen rijden in 2004 metrostellen

op luchtbanden.

Originele houten coupés 1863

In 1998 opende Parijs metrolijn 14, volautomatisch, zonder bestuurder. Deze treinen kunnen

rijden met de uitzonderlijk hoge frequentie van elke 85 seconden, zijn 90 m lang en hebben

elk een capaciteit van bijna 800 passagiers. Lijn 14 vervoert iedere dag snel en comfortabel

240.000 passagiers. Bijna 200 miljoen reizigers hebben al zonder problemen gereden met

lijn 14. Momenteel zijn ze bezig om lijn 14 te verlengen. Er wordt een stuk aangelegd tussen

station Bibliothèque Nationale richting Olympiades omdat dit een dichtbevolkt gebied is

met maar weinig openbaar vervoer. De opening van dit deel van het traject stond geplanned

voor april 2007, maar deze is uitgesteld nadat 1 van

de tunnels die toevallig onder een basisschool liep

instortte. Er waren op dit moment gelukkig geen

kinderen op school.

de stad in detail

sponsored by

sponsored 30 Parijs nu

Parijs nu

Metro in Parijs

De metro is het snelste en gemakkelijkste openbare

vervoersmiddel in Parijs. De Parijse metro vervoert

dagelijks tussen de 4 en de 6 miljoen mensen. In

2000 werd het honderdjarige Parijse bestaan van

de metro gevierd. De Parijse metro wordt onderhouden

door de RATP (Régie Autonome des Transports

Parisiens) Autonoom Beheer van het Parijse Vervoer,

dat 16 lijnen heeft en een netwerk vormt met een

lengte van 213 kilometer waaronder 297 stations.

Alle lijnen hebben een kleur en een nummer en

staan op plattegronden aangegeven die op papier

te krijgen zijn, maar die ook op borden staan die

in elk metrostation in Parijs hangen. De lijnen van

de RER (het regionaal expresnet) kunnen ook met

een metrokaartje worden gebruikt. De metro is een

ideaal vervoersmiddel om snel door Parijs te reizen. De verschillende lijnen rijden allemaal

over eigen sporen; er is dus geen enkel perron dat door meer dan één lijn gebruikt wordt.

Bij het overstappen moet men altijd door de gangen van het metrostation naar een ander

perron lopen. Er zijn losse kaartjes, carnets met tien kaartjes, toeristische dagpassen (Mobilis)

en meerdaagse passen (Paris Visite) te koop. Voor je de metro ingaat stop je het kaartje in de

automaat. Bij een geldig toegangsbewijs gaat het poortje open, bij de RER is dit ook nodig bij

de uitgangen. Met een kaartje kun je zolang onder de grond reizen en zovaak overstappen als

je wilt (binnen een zone), maar zodra je het systeem verlaat en daarna weer wilt instappen,

moet je weer een nieuw kaartje gebruiken.

Overstappunten zijn die metrostations die aangeduid

worden met een open rondje ‘o’ (correspondances)

op de plattegrond. Daar kan men overstappen

op een andere lijn. De metro rijdt van een uur of vijf

‘s morgens tot één uur ’s nachts.

De metro stations zijn duidelijk herkenbaar aan

hun logo, een grote M in een cirkel, niet te verwarren

met de welbekende Mac Donalds. Alle stations

staan op de plattegronden aangegeven. De metrostations

zelf worden aangegeven door het bord ‘Metropolitain’

in groene letters, een rode lantaarn met

in het wit het woord ‘Métro’ of een grote gele ‘M’ in

een cirkel en zijn overal gemakkelijk te vinden. De

uitgang wordt aangegeven met blauwe borden met

het woord ‘sortie’, overstappers volgen de oranje

borden met het woord ‘correspondance’.

De bekendste Parijse metrostations zijn die waar

men uitstapt voor de belangrijkste bezienswaardigheden

van Parijs zoals:

by 31


openbaar vervoer in Parijs

• Anvers (voor de Sacré-Coeur)

• Hôtel de Ville (voor Hôtel de Ville)

• Champ de Mars (metrostation)

• Tour Eiffel (metrostation) (RER) (Eiffeltoren)

• Invalides (voor Hôtel des Invalides)

• Pigalle / Blanche (voor Moulin Rouge)

• Charles de Gaulle - ÉtoIle (voor de Arc de Triomphe)

• Palais Royal - Musée du Louvre (voor het Palais Royal en het Louvre)

• Saint-Michel-Notre-Dame (RER)

• Havre-Caumartin (voor de grote warenhuizen rond Boulevard Haussmann)

De afstand tussen twee stations is met gemiddeld 580 meter, dat is veel kleiner dan bij de

meeste andere grote metrosteden.

Zie achterin dit boekje de overzichtskaart van de metrolijnen

De tram

De tram is een voertuig dat geleid wordt met een rails, dus net als de trein en de

metro. De tram onderscheidt zichzelf echter van deze twee doordat hij meestal op de

openbare weg tussen het andere verkeer rijdt. Ze hebben dan ook richtingaanwijzers

en remlichten enz.

De meeste trams rijden in de steden. Over het algemeen zijn de interlokale trams

vervangen door busdiensten. De tram wordt tegenwoordig meestal aangedreven door elektromotoren

die hun stroom halen van een leiding boven de rails.

In Parijs functioneert de tram sinds het jaar 1855. Toen echter in het jaar 1900 de eerste metrolijn

in gebruik werd genomen, is het lot van de toenmalige trams bezegeld. Het metronet

groeide snel uit en verdrong hiermee de tram. Ook

vormde de tram een obstakel voor het groeiende autoverkeer.

Op 15 maart 1937 werd de laatste tramlijn

opgeheven.

Sinds 1992 word een nieuwe tramlijn gebruikt. Hiermee

wil men het gebruik van de auto terugdringen.

De tram is een hele interessante manier om van de

ene kant van Parijs naar de andere kant te komen.

Het is anders dan de bus en in de Metro zie je niet

waar je onderweg langs komt.

Op het moment zijn vier tramlijnen in Parijs in

gebruik.

De T1 loopt aan de noordzijde van Parijs en verbindt

tram op lijn T1

Saint-Denis met Noisy-le-Sec. Zoals eerder genoemd werd deze lijn in 1992 in gebruik genomen.

De T2 ligt in het zuidwesten van Parijs en verbind de wijk La Défense met Issy-les-Moulineaux.

Deze lijn is in gebruik genomen in 1997 en loopt over een oud spoorwegtracé. In 2009

moeten er twee verleningen van deze lijn klaar en in gebruik zijn. Deze lijn word ook wel

Trans Val-de-Seine genoemd.

De T3 ligt geheel binnen de stad en loop over de ring van boulevards net binnen de Périphé-

de stad in detail

sponsored by

sponsored 32 Parijs nu

Parijs nu

rique. De lijn loopt van Porte d’Ivry naar boulevard Victor. De lijn word afgestemd op 100.000

passagiers per dag. Hiermee is het een van de drukste tramlijnen van Europa. De lijn is pas

uitgebreid. De aanleg hiervan begon in de zomer van 2003 en hij is geopend op 16 december

2006. Deze lijn wordt ook wel Tramway des Maréchaux genoemd. De futuristische haltes

langs deze lijn worden verlicht met lampen in de bovenkant van de overkapping die gedimd

kunnen worden en door spotjes aan de voet van de bomen die een gevoel van veiligheid moeten

geven. De T3 heeft 17 stations en is 7.9km lang. De totale reisduur is 24 minuten.

De T4 is een project van de Franse spoorwegen en loopt over een oude spoorliljn tussen

Bondy en Aulnay-sous-Bois. Deze lijn is geopend op 18 november 2006.

De T8 moet Châtillion gaan verbinden met Viroflay. De werkzaamheden starten naar verwachting

in 2007 en de opening hiervan is gepland in 2010.

RER

Het metro netwerk wordt aangevuld door de RER (Réseau Express Régional) Dit zijn de

regionale treinen die Parijs met zijn voorsteden verbinden. Deze treinen gaan elke 12

minuten en vormen dus een makkelijke en efficiënte verbinding waarbij je nooit lang

hoeft te wachten. Het RER-netwerk is ontstaan door een aantal bestaande treinroutes

aan elkaar te koppelen door ondergrondse tunnels onder de stad. De RER komt bij

alle kopstations uit de grond en gaat vanaf daar verder als normale stadstreinen. De

RER treinen zijn te herkennen aan het feit dat ze altijd links rijden. Verder werken de metro en

de RER vrijwel op de zelfde manier alhoewel de RER wagons iets groter zijn. De SNCF wagons

zijn dubbeldekkers. Terwijl die

van de RATP enkeldekkers zijn.

De RER kent 5 lijnen, lijn A, B, C, D

en E. Lijn A en B zijn van RATP en

SNCF. Lijnen C, D en E zijn alleen

van SNCF.

Vervoersbewijs Parijs

Zorg altijd voor een geldig

vervoersbewijs Er wordt vaak,

en vooral in de avonduren vaak

gecontroleerd en de boetes zijn

prijzig. Hier volgen de vervoersbewijzen

die gebruikt kunnenworden

in Parijs

Carnets

De metro en de bus gebruiken dezelfde

kaartjes, deze kosten 1,40

per enkeltje maar wanneer men

een boekje koopt met 10 kaartjes

kost dit maar 10 euro. Deze

boekjes (Carnets) zijn niet alleen

by 33


openbaar vervoer in Parijs

te koop bij alle bus en metro stations maar ook bij

enkele “Tabacs”. De kaartjes zijn geldig op:

• Het gehele metronet

• De RER ( RATP en SNCF)

• Het optIle-netwerk ( al het busvervoer in de voor

steden)

Dit zijn de beste en goedkoopste kaartjes indien u

niet al te veel wilt reizen.

Paris Visite Pass

Een andere optie is de Paris Visite Pass. Deze kaart

is alleen voor toeristen en is afhankelijk van wat je

wilt. De kaart is enkele dagen geldig op metro bus

en treinen binnen 3, 5 of 8 zones. De kosten variëren

nogal maar je krijgt met deze kaart wel korting

bij diverse attracties, waaronder Disneyland Resort

Parijs, Le Cité des Sciences en Bal du Moulin Rouge.

Voordat u de pas gebruikt moet u er eerst uw naam

en het kaartnummer op schrijven en vergeet ook

vooral niet de geldigheidsdatum. De kaart is redelijk prijzig en alleen aan te raden indien u

veel gaat reizen.

Kinderen onder de

4 kunnen gratis

reizen.

“Zone kaart”

Mobilis Pass

Als u Parijs maar

kort bezoekt kunt

u ook een Mobilis

kaart kopen. Dit

is een dagkaart

waarmee u voor

maar 5,30 euro

op de metro,bus,

RER en de SNCF

treinen naar de

voorsteden kunt

rijden, tot aan

Disneyland toe.

De kaart is op alle

metro stations

verkrijgbaar.

Mobilis 1 dag pas:

1-2 zones: euro

de stad in detail

sponsored by

sponsored 34 Parijs nu

Parijs nu

5,20

1-3 zones: euro 6,95

1-4 zones: 8,75 euro

1-5 zones: 12,00 euro

1-6 zones: 15,25 euro

1-7 zones: 16,80 euro

1-8 zones: 18,30 euro

Handig als u maar 1 dag blijft en alleen in 1 buurt

van Parijs blijft.

Carte orange

Met de carte orange heeft u een week of een maand

lang recht op onbeperkt reizen binnen de gekozen

zones op al het openbaar vervoer van maandag

tot maandag. Hier heeft u wel een pasfoto voor

nodig en u dient een handtekening te zetten op het

kaartje. Deze kaart wordt het meest gebruikt door

Parijzenaren zelf. De prijs varieert tussen 15,00 en

49,00 euro.

Handige en makkelijke manier om te reizen indien u

een langere tijd in Parijs verblijft.

by 35


gevolgen van de revolutie

Tijdens de Franse Revolutie hebben er een aantal belangrijke gebeurtenissen plaatsgevonden

met betrekking tot de politiek. Deze gebeurtenissen oefenen vandaag de dag nog steeds

invloed uit op de samenlevingen in veel verschillende landen. Zo is Frankrijk tijdens de Franse

Revolutie van een monarchie veranderd naar een constitutionele monarchie. Dat wil zeggen

dat het koningshuis werd afgeschaft en dat de macht van de adel en geestelijkheid teruggedrongen

werd.

Later werd Frankrijk een republiek. Omdat Frankrijk een republiek werd moest er ook een

grondwet komen. Dit hoort namelijk bij een republiek. In het zelfde jaar dat Frankrijk een

republiek werd (1789) kwam de “Verklaring van de rechten van de mens en burger” tot stand.

Dit is een lange tekst waarvan de inhoud over de rechten van de mens gaat en waarbij de

vrijheid van de mensen in Frankrijk centraal staat.

De drie bovenstaande zaken die hebben plaatsgevonden tijdens de Franse Revolutie hebben

nog steeds invloed op de samenleving van veel landen over de hele wereld waar Nederland

ook toe behoort.

Frankrijk is bijvoorbeeld tijdens de eerste jaren van de Revolutie een republiek geworden.

Vandaag de dag heb je nog steeds te maken met de republieken en het republikeins genootschap

in Nederland. Bij het vormen van een republiek kwam er natuurlijk een grondwet. Ook

hebben wij in Nederland vandaag de dag nog met een grondwet te maken.

Ook is er natuurlijk de verklaring van de rechten van de mens nog, die tijdens de revolutie

werd gevormd (in Frankrijk) voor de mensen en burgers die toen in Frankrijk leefden. Deze

oefent in Nederland vandaag de dag nog steeds invloed uit op de politiek.

De gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden in Frankrijk zijn enorm belangrijk voor de

geschiedenis van de mens.

Het begin van de Franse republiek

Aan het eind van de achttiende eeuw werd Frankrijk

geregeerd door koning Lodewijk XVI. Hij was

geboren in het kasteel van Versailles waar hij vrijwel

zijn hele leven heeft gewoond. Hij leefde van 1754

tot 1793.

Koning Lodewijk XVI regeerde Frankrijk in de periode

tussen 1774 en 1792. Lodewijk XVI was een ambitieuze

koning die probeerde Frankrijk van de finan-

Kasteel van Versaille

ciële schulden te verhelpen, die waren veroorzaakt door zijn vader en grootvader Lodewijk

XIV en Lodewijk XV. Lodewijk XVI had het beste met het land voor maar na de zomer van

1789 kwamen er grote politieke veranderingen in Frankrijk. Rond het jaar 1790 hadden al veel

edelen Frankrijk verlaten en Lodewijk en zijn vrouw (Marie Antoinette) waren dat zelf ook

van plan. In 1791 werd Frankrijk een constitutionele monarchie. Lodewijk XVI en zijn vrouw

woonden nog steeds in Frankrijk maar in juni van dat jaar deden ze een poging tot ontsnappen.

Bij de ontsnappingspoging waren ze ontmaskerd en teruggebracht naar Parijs. Vanaf dit

moment was de band tussen Lodewijk en het Franse volk totaal verbroken. In het jaar 1792

het koningschap afgeschaft door de Nationale Conventie van Frankrijk. Vanaf dit jaar wordt

Frankrijk een republiek. In 1793 zijn koning Lodewijk XVI en Marie Antoinette terechtgesteld

en hun straf was onthoofding. Frankrijk was nog geen decennium een republiek, want in het

de stad in detail

sponsored by

sponsored 36 Parijs nu

Parijs nu

jaar 1799 greep Napoleon de macht als dictator.

Tot het jaar 1830 waren er in Frankrijk verschillende

machtsvormen. Vanaf dat jaar werd de Franse

republiek weer ingevoerd en behouden en werd het

erfelijke staatshoofd vervangen door een gekozen

heerser. Vandaag de dag geldt voor Frankrijk hetzelfde

principe als toen der tijd in Frankrijk.

De republiek in Nederland

De republiek in Nederland zoals we die ooit gekend

hebben, is begonnen vanaf het jaar 1588. In het jaar

1581 is de Spaanse koning afgezworen door de Staten-Generaal.

In principe was Nederland geen echte

republiek omdat de koningsfamilie vrijwel alle macht had. De reden waarom Nederland een

republiek was, was omdat Nederland een sterk democratisch stelsel had in tegenstelling tot

omliggende landen.

Er zijn verschillende pogingen gedaan tot het afzweren van de koninklijke familie in Nederland.

Deze pogingen waren echter tevergeefs. Uiteindelijk heeft de koninklijke familie altijd

een rol gespeeld in de Nederlandse republiek.

In 1795 werd Nederland een republiek zonder koning als hoofd van het land. Een decennium

later heeft Napoleon er echter voor gezorgd dat Nederland

weer een koninkrijk werd, met zijn jongere

broer als koning.

Willem VI roept zichzelf uit tot koning in het jaar

1815. Vanaf dit jaar is Nederland een monarchie. De

macht van de koningsfamilie is in de loop der jaren

wel aanzienlijk teruggedrongen en de acceptatie

van de monarchie is er over een groot deel van het

volk. Er zijn echter een aantal bewegingen die de

monarchie streng tegen willen gaan. Deze groep bevat

de zes republikeinse bewegingen. Deze bewegingen

zijn het [Republikeins Genootschap], het Nieuw

Republikeins Genootschap, het Nieuw Republikeins

Gezelschap, de Republikeinse Moderne Partij, het

Republikeins Platform en tot slot de Republikeinse

Onthoofding van Lodewijk XVI

Republikeins genootschap tijdens de oprichtingsvergadering in

1996

Socialisten. Ze zijn opgericht in 1996 en hebben alle zes als doel voor ogen de republiek in

Nederland zo dichtbij mogelijk te halen. De ene partij heeft net iets andere doelen voor ogen

als de andere partij. Leden van de ene partij zijn lid van andere partijen. Samen proberen deze

partijen van Nederland een republiek te maken waarbij het koninklijk huis geen rol speelt in

de politiek maar waar de hoogste macht van Nederland bestaat uit één gekozen president.

De grondwet in Frankrijk

Vóór de revolutie had Frankrijk een grondwet maar deze stond in het teken van de koning en

niet van het volk. Het volk greep op den duur de macht en de koning werd van de troon ge-

by 37


gevolgen van de revolutie

stoten. Hij deed een vergeefse ontsnappingspoging uit Frankrijk. Hij werd gauw ontmaskerd

en teruggebracht naar Parijs. Een aantal maanden na de ontsnappingspoging van koning Lodewijk

XVI werd er een nieuwe grondwet goedgekeurd. Degene die de macht kregen over de

wetgeving waren de Assemblée Nationale Législative. Deze vormden de nieuwe machtsvorm

in Frankrijk. De Assemblée Nationale Législative bleef aan de macht tot 1793. In dit jaar direct

na de onthoofding van Lodewijk XVI begon de massale opstand tegen de revolutie en de

republiek. Er kwam vanaf dit moment een nieuwe grondwet. De macht kwam in de handen

van het Comité de Salut Public en hierna volgde de periode van het schrikbewind. Dit is een

periode van terreur in Frankrijk.

Er werden vele acties ondernomen om er voor te zorgen dat het terreur ophield in Frankrijk.

In het jaar 1795 kwam er een nieuwe grondwet. De economische positie van Frankrijk liep

sterk op vanaf deze periode. Hierop volgde dat er in de grondwet kwam te staan dat er in

Frankrijk een tweekamerstelsel kwam. Dit bestond uit de Raad van vijfhonderd en tweehonderdvijftig

senatoren. Er werden verschillende acties genomen tegen de rebellenacties zoals

de inzet van het leger. Dit was de eerste keer dat een

grondwet goede gevolgen vertoonde.

Tussen de achttiende en twintigste eeuw zijn er

meerdere grondwetten in Frankrijk geweest. De laatste

dateerde van 1958. Deze werd door middel van een

referendum aangenomen.

De grondwet in Nederland

In Nederland kwam de eerste grondwet tot stand in

het jaar 1789 door de Nationale Vergadering. In 1813 liet

[Willem VI] een nieuwe wet ontwerpen. In deze wet

ging er veel aandacht uit naar het vorstenhuis. De vorst

kreeg veel macht en de Staten-Generaal weinig. Een

aantal vrijheden werden in deze wet vastgelegd. Het

was niet helemaal geregeld zoals het nu geregeld is.

De vorst kon namelijk om de grondwet heen en hoefde

wetsvoorstellen niet voor te leggen aan de Staten-Generaal

ter goedkeuring.

Tussen 1789 en 1983 zijn er in Nederland ontwettend

veel wetsherzieningen en –veranderingen geweest. In

1983 is er afgesproken dat er een algehele herziening

plaats zal vinden. De opzet van de grondwet verandert

en er komen nieuwe grondrechten bij. Na 1983 zijn er

nog een aantal kleine herzieningen van de grondwet.

Willem I (VI) der Nederlanden

Verklaring van de rechten van de mens en

burger tijdens en na de Franse Revolutie in Frankrijk

De Franse Revolutie van 1789 heeft er toe geleid dat er een verklaring van de rechten van de

mens en burger is gekomen. Deze verklaring omvatte alle rechten die een individu of groep

mensen heeft. Drie en een halve maand werdt er keihard gewerkt aan de nieuwe rechten

de stad in detail

sponsored by

sponsored 38 Parijs nu

Parijs nu

voor de burger in het jaar 1789. Op 27 augustus 1789 zijn de rechten opgesteld. Ze waren

gebaseerd op Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap. Men werd vrijgelaten als het ging om

gedachten over godsdiensten. Personen met veel geld hadden niet automatisch meer macht

dan armere mensen. Broederschap ging over eerlijk handelen met elkaar en niet elkaar bedriegen.

Zowel voor de burgers, als voor de koning golden deze wetten en rechten.

De universele verklaring van de rechten van de mens bestaat uit een fundamentele tekst.

Dit geschrift omvat alle rechten die waren opgesteld na de Franse Revolutie van 1789. De

Franse benaming voor verklaring van de rechten van de mens en burger is “la Declaración de

los Derechos del Hombre y del Ciudadano”. Deze tekst is te vinden in een museum in Parijs,

namelijk het Musée de l’Homme.

De verklaring heden ten dage

Er is in de geschiedenis een moment geweest waar landen inzagen dat er een internationale

versie van de mensenrechtenverklaring moest komen: de universele verklaring van de

rechten van de mens. Dit was een aantal jaar na de 2e Wereldoorlog. De vorming van de Verenigde

Naties was om ervoor te zorgen dat er wereldvrede zou komen, waar veel landen dan

hetzelfde over zouden moeten denken. In 1948 werd de universele verklaring van de rechten

van de mens ingevoerd. Dit was en is nog steeds een verklaring die geld voor de Verenigde

Naties. Deze verklaring is een aantal keer aangepast en aangevuld maar de basis is hetzelfde

gebleven als de verklaring van de rechten van de mens en burger, uit de Franse Revolutie.

Na de 2e Wereldoorlog zijn er een aantal oorlogen geweest waardoor het er naar uitziet dat

het niet makkelijk is om ons aan de universele verklaring te houden. Bij elk van de oorlogen

worden er militaire machten gestuurd om ernstige schendingen van de rechten van de mens

tegen te gaan, te stoppen of te straffen. Vandaag de

dag wordt de universele verklaring van de rechten

van de mens nog steeds gebruikt door advocaten en

rechtbanken. Internationale rechters debatteren regelmatig

om te kijken of de nog steeds overeenkomt

met internationale regelgeving.

Conclusie

Tijdens de Franse Revolutie zijn er veel politieke veranderingen

geweest die vandaag de dag nog steeds

veel terug te vinden zijn in verschillende landen. De

drie benoemde gebieden waar verandering heeft

plaatsgevonden waren de republiek, de grondwet en

de verklaring van de rechten van de mens en burger.

Voor elk van deze onderwerpen heeft het een

Musée de l’Homme

behoorlijke tijd geduurd tot dat het was uitgegroeid tot wat het nu is. Neem bijvoorbeeld

de grondwet waar zo ontzettend veel veranderingen aan zijn geweest vanaf het gevormd

werd tot wat het op dit moment is. Deze veranderingen zijn van enorm groot belang geweest

voor de Verenigde Naties en andere landen op de wereld. De veranderingen tijdens de Franse

Revolutie hebben ervoor gezorgd dat er een wereldwijd systeem is waarin politieke zaken uit

veel landen volgens een universeel systeem geregeld is met elk land zijn kleine verschillen

van andere landen.

by 39


gevolgen van de revolutie

la Declaración de los Derechos del Hombre y del Ciudadano

de stad in detail

sponsored by

sponsored 40 Parijs nu

Parijs nu

Bruggen

Parijs is een stad die bestaat uit een noordelijk en

een zuidelijk gedeelte. De grens tussen deze gebieden

is de Seine. De Seine is een van de bekendste

rivieren van Frankrijk. Om een goede verbinding te

maken tussen noord en zuid zijn er in de loop van de

jaren in totaal 37 bruggen aangelegd. Zonder deze

bruggen zou het Parijs van nu waarschijnlijk niet

bestaan hebben. De bruggen gaan we nu van oost

naar west bespreken.

1. Pont Amont is 270 meter lang en is aangelegd voor

de Boulevard Périphérique en is opgetrokken uit gewapend

beton, het is de 2e langste brug van Parijs.

2. Pont National is 188,5 meter lang en is gefundeerd op 5 stenen bogen op brugpijlers. De

brug die gebouwd is in 1853, is in 1944 verbreedt tot 34 meter breed en is gebouwd op bevel

van Hausmann om boulevard Poniatowski en de boulevard Masséna met elkaar te verbinden.

3.Pont de Tolbiac is net als Pont National, gebouwd op 5 stenen bogen, ze stamt uit 1882.

4.Passerelle Simone-de-Beauvoir (afb), werd in 2006 geopend. Ze is van hout en staal gebouwd

en dient als voetgangers en fietsbrug. Ze is ontworpen door de Oostenrijkse architect

Dietmar

Feichtinger

en

vernoemd

naar de

vrouw

van Jean

Paul

Sartre.

Een

brug

waarbij

duidelijk

te zien is dat er een architect aan te pas gekomen is.

5.Pont Charles-de-Gaulle is gemaakt van twee stalen dekken, lijkend op vleugels van een

vliegtuig. Deze zijn geplaatst op stalen pijpen. De overspanningen van deze brug zijn tot 84

meter groot. De totale lengte is 208 meter.

6.Viaduc d’Austerlitz is een metalen spoorwegbrug voor metrolijn 5. Ze werd in 1903 gebouwd

en is een boogbrug die rust op 2 pijlers op de oevers. De brug heeft een lengte van 140 meter.

7.Pont d’Austerlitz, de huidige brug is de in 1854 herbouwde brug, welke oorspronkelijk stamt

uit 1801. Deze is later weer aangepast tot een breedte van 30 meter, het is een stenen brug

terwijl de brug uit 1801 de tweede stalen brug van Parijs was.

8.Pont de Sully, gebouwd in 1876 bestaat uit 3 metalen bogen steunend op stenen pijlers.

by 41


uggen en parken

De brug werd in 1877 geopend en is gebouwd op

verzoek van Hausmann.

9.Pont de la Tournelle is in 1928 voltooid en bestaat

uit 3 betonnen bogen, de totale lengte beslaat 122

meter.

10.Pont-Marie (afb) is na de Pont Neuf, de oudste

brug van Parijs. De traditie wil dat men een wens

doet bij het varen onder de pont Marie door, die voor

de meest romantische van Parijs doorgaat.

11.Pont Louis Phillipe, de stenen brug van 3 bogen,

heeft een lengte van 100 meter en is in 1962 opengesteld

aan publiek.

12.Pont de l’Archevêché, is wederom een stenen brug gefundeerd op 3 bogen. De oorspronkelijke

brug stamt uit 1928 maar doordat vele schepen

er tegen aan vaarden, door de lage bogen, is de brug

gereconstrueerd. Tevens zijn in 1911 sterke vangrails

aangebracht omdat in dit jaar een bus de Seine in

reed.

13.Pont Saint-Louis (afb), in 1968 werd besloten

deze brug te bouwen. Eén ding was belangrijk, dat

het niet opviel bij een belangrijk gebouw in Parijs,

namelijk de Nôtre-dame. Een eenvoudig ogende

brug met een constructie van stalen spanten was

het resultaat.

14.Pont au Double. De uit gietijzer opgetrokken brug is 31 meter lang en 20 meter breed. De

oorspronkelijke brug is in 1882 geheel herbouwd tot de huidige brug.

15. Pont d’Arcole In 1856 gebouwd en opgebouwd uit metalen spanten en een betonnen dek.

16.Petit-Pont een gewelfde brug met een overspanning van 32 meter is gebouwd op de locatie

waar de eerste brug over de Seine werd gerealiseerd.

17.Pont Notre-Dame, ook wel Grand-Pont genoemd. In 1919 werd de brug gerenoveerd, en de

constructie baseert zich sinds dien op een metalen boog die geflankeerd is met stenen.

18.Pont Saint-Michel (1857) is opgebouwd uit 3 stenen elliptische bogen. De grote N’s op het

bouwwerk, verwijzen naar de tijd van het tweede keizerrijk.

19.Pont au Change Deze brug, gebouwd tussen 1639 en 1647, bestond uit zeven stenen bogen,

waarvan zes in de Seine. De brug was 32.60 meter wijd en daarmee de breedste van de stad

in die tijd. In de 19de eeuw leidde de druk van de urbanisatie politiek van Haussmann ertoe

dat de brug moest worden herbouwd.

20.Pont Neuf (afb), Het crème de la crème onder de bruggen. De betekenis van Pont Neuf is

de nieuwe brug. De brug is voltooid in 1609 onder het bewind van Hendrik IV. Hij houdt nog

steeds toezicht op de brug in de vorm van een ruiterstandbeeld. Met zijn superieure design

de stad in detail

sponsored by

sponsored 42 Parijs nu

Parijs nu

en decoratie was de brug de centrale spil van de koninklijke architectuur. De Pont verbindt

de 2 helften van de stad met elkaar. Het is een gemetselde brug die in het midden wordt

ondersteund op het eiland. De brug bestaat uit in totaal 12 bogen. Kenmerkend aan de brug

is dat geen een van de bogen gelijk zijn, de brug is totaal asymmetrisch. De overspanningen

variëren van 9 tot 19 meter. De Pont Neuf lijkt wel onsterfelijk en blijft het middelpunt van

het Parijse leven vormen. Bij elke pijler stolp overigens elke borstwering naar buiten, zo werd

een handelsplaats gecreëerd. Toen in 1985 de brug werd ingepakt, werden de afmetingen nog

eens extra benadrukt.

21. Passerelle des Arts De naam van deze brug is afkomstig van Muséum Central des Arts,

het Louvre. Het was de eerste metalen brug in Frankrijk, tevens de 3e van de wereld in haar

soort(2 anderen stonden in Engeland) De gietijzeren brug stamt uit 1804.

22. Pont du Carrousel is gebouwd eind jaren 30. Het verving een stalen brug uit 1834 die was

ontworpen door ing. Antoine-Rémy. Nu is het een brug van gewapend beton die bekleed is

met natuursteen. Op de 4 hoeken van de brug staan de beelden van Louis Peti tot uit 1846,

nijverheid, overvloed, de stad Parijs en de Seine. Aan de uiteinden staan kandelaberzuIlen die

zijn gemaakt door beroemde siersmit Raymond Subes.

23. Pont Royal is na de Pont Neuf en de Pont Marie, de oudste brug van de stad. Ze is voltooid

in 1689 en bestaat uit 5 gemetselde bogen.

24. Pont de Solférino is in 1999 voltooid en een metalen spant van 106 meter, rustend op twee

steunpunten verbindt de 2 oevers met elkaar. Het dek is afgewerkt met hardhout.

25. Pont de la Concorde, waarvan de Egyptische obelisk in het midden het indrukwekkendste

is. Het is een brug die in 1791 gebouwd is van de resterende stenen van de vernielde Bastille.

In 1931 is de brug 2x zo breed gemakt.

26. Pont Alexandre( afb) is gebouwd om landen en

mensen met elkaar te verenigen, voor de Exposition

Universelle tot the glory of war and peace (1900).

Het is één van de elegantste bruggen van Parijs. De

metalen constructie is omvlochten met de prachtigste

versieringen. De brug overspant de Seine in 1

vlakke boog, 108 meter. De brug vertolkt het verdrag

tussen Frankrijk en Rusland, de gesloten alliantie in

1892. Een waar kunstwerk in Art-Nouveau stijl.

27. Pont des Invalides Deze brug was oorspronkelijke

een hangbrug die de Seine in 1 keer overstak. Tegenwoordig is het een uit 1956 stammende

stenen brug. Kenmerkend zijn de versieringen met trofeeen en figuren.

28. Pont de l’Alma werd in 1856 door Napoleon III gebouwd om zijn eerste overwinning in de

Krim op 20 september 1854 te vereeuwigen. De huidige brug is een vervangende versie van

de oorspronkelijke.

29. Passerelle Debilly is opgenomen in de lijst van historisch monument. De brug stamt uit

1900 en is een metalen voet(boog) brug.

30. Pont d’Léna werd in 1814 voltooid en is vernoemd naar de gewonnen slag bij Jena, Standbeelden

bij de oprit van de brug en arenden versieren de brugpijlers en kades.

31. Pont de Birha Keim (afb) bestaat uit twee ongelijke metalen structuren. De totale lengte

bedraagt 237 meter en doet dienst als spoor en autobrug.

by 43


uggen en parken

32. Pont Rouelle Deze brug is in 1900 voltooid,

voor de Exposition Universelle. De huidige Pont de

Grenell werd in 1968 voltooid en is opgetrokken uit

stalen spanten van wel 30 meter.

33. Pont Mirabeau, een prachtige stalen brug die

door Resal is ontworpen (ook Pont Alexander en

Debilly) De brugpijlers zijn versierd met beelden van

de 4 zeeheiligen. Het is overigens een stalen brug

omdat anders de overspanningen te groot werden.

34. Pont du Garigliano, deze 209 meter lange brug is

in 1966 voltooid en is de hoogste brug over de Seine,

ze is aangelegd voor de autosnelweg. Pont Aval is de

langste brug van Parijs, deze is 312,5 meter lang en in

1968 voltooid. Net als Pont Amont is ze aangelegd voor de Boulevard Périphérique.

Parken

Parijs is een stad die ook wel bekend is om zijn vele tuinen en parken. Per jaar zijn er miljoenen

mensen die voor deze parken naar Parijs komen. Ook voor kunstenaars zijn de parken en

tuinen van Parijs een ultieme plek om inspiratie op te doen. De vele tuinen die in Parijs liggen

behoren vaak toe aan een luxe landhuizen. Deze luxe landhuizen zijn veelal gebouwd door

bekende personen uit die tijd en bij die landhuizen werd ook altijd veel tijd en geld gestoken

in de tuin. De parken en tuinen vormen het groene hart van Parijs, daarom zijn ze voor

de Parijzenaars dus erg belangrijk. Van de meeste parken wordt hieronder een beschrijving

gegeven. Van enkele kleine parken wordt aan het eind in een plattegrond aangegeven waar

ze in Parijs liggen.

Parc Andre Citroën

Opdrachtgever: Gemeente bestuur van Parijs,

departement van parken en tuinen; Architecten: J.P

Viguier, J.F Jordry, A. Provost, P. Berger, G. Clement;

Datum voltooiing:1992.

Het Parc Andre Citroën is bedoeld als conceptuele

multi-tuin. Er is afstand genomen van een multicultureel

forum of het idee van een park als recreatie

plaats, maar dit park moet vooral dienen als plaats

waar de natuur beschouwd kan worden. De vorm

van het park dateert uit 1985. In dat jaar was er een

wedstrijd uitgeschreven om een park te ontwerpen

op de plek van het voormalige fabrieksterrein

van autofabrikant Citroën. Het park is een van de

belangrijkste groene ruimte die in de 20e eeuw is

aangelegd.

Als je de opbouw van de tuin ziet, dan valt de middentuin

het meeste op. Deze tuin van maar liefst

de stad in detail

sponsored by

sponsored 44 Parijs nu

Parijs nu

10 hectare groot, omvat een zeer breed glooiend landschap met aan de zijkanten kassen en

terrassen. Ook opvallend zijn de witte en de zwarte tuinen. Ze worden zo genoemd, omdat

in de ene bomen en planten staan met lichte bladeren en met witte bloesem. De zwarte tuin

is echter is sterk bebost en dus donkerder. Aan de kant van het park waar ook de zwarte tuin

zich bevindt is meer een echte tuin te vinden met veel gras en bloemen. Terwijl aan de kant

van de witte tuin een meer steenachtig park is met veel gebouwtjes en beeltenissen uitgevoerd

in steen.

Jardins de Luxembourg

Opdrachtgever: Marie de Medicis, weduwe van

Henri IV; Architecten: Salomon de Brosse; Datum

voltooiing:1620

Deze tuin stamt al uit 1620 en werd gebouwd voor

de weduwe van Henri IV. De weduwe wilde een tuin

waarin ze vooral veel kon doen. Wat ze kreeg was die

tuin, maar natuurlijk geheel in Franse stijl met veel

gras en bloembedden. In de tuin staan ook ruim 300

bomen waaraan diverse soorten appels en peren

groeien en in de tuin staan ook veel sculpturen,

onder andere een beeld van een Cycloop, een kleine

versie van het Vrijheidsbeeld en ook veel beelden van Franse koninginnen.

Wat ook opvallend is aan dit park of deze tuin is dat er een erg mooie fontein staat, genaamd

Fontaine de Medicis. Dat is overigens niet de enige fontein, want er staan nog veel meer

fonteinen. Wat leuk is om te weten is dat de bloemen zo neer gezet zijn dat in alle seizoenen

er bloemen bloeien en dat het in dit park alle seizoenen aantrekkelijk is.

Jardins de TuIleries

Opdrachtgever: Niet bekend; Architecten: Le Nôtre;

Datum voltooiing:1664

Deze tuin ligt tussen Carrousel du Louvre en place la

concorde. De tuin is 25 hectare groot en bevat twee

terrassen. Het park staat bekent om twee gebouwen

en om de vele standbeelden van bekende beeldhouwers.

De twee gebouwen zijn de Orangerie en het

Musée du Jeu de Paume. Ook wordt hier elke zomer

de kermis gehouden.

Park de la Villette

Het park werd vanaf 1986 aangelegd, naar een ontwerp van Bernard Tschumi. Het is een

park met een oppervlakte van 25 hectare en gelegen aan canal de l’Ourq. In dit park is ook

moderne kunst te vinden.

Bercy

Dit is een van de recentst aangelegde parken(1994). Zoals de naam wel zegt ligt dit park in

de buurt van de het sportpaleis bercy waar vele grote evenementen worden gehouden. Het

by 45


uggen en parken

park is gebouwd op de vroegere wijnkelders van Bercy, sommigen van de nu nog bestaande

laantjes stammen uit die tijd. (zie verderop in deze gids)

Bois de Boulogne

In het park dat stamt uit de 14de eeuw, kan uitstekend gewandeld worden en er zijn veel

activiteiten die je er kunt ondernemen. In dit park bevindt zich een zwembad, een manege,

ook bootverhuur en fietsverhuur. Al stamt dit park uit de 14de eeuw het is in de jaren wel erg

veranderd. Dit park wordt ook wel de longen van Parijs genoemd.

Bois de Vincennes

Een park uit de 18de eeuw, in dit park zijn onder andere ook nog kloosters te vinden. Een tijdje

heeft er een weg gelopen door het park, maar deze weg is een aantal jaren geleden omgelegd

en nu is het park weer een plek van rust.

Le Jardin Dupleix

Een park gelegen in het hart van Parijs en is in verhouding met andere parken klein. Deze tuin

is uit de 20e eeuw en is ontwerpen door Anne-Sylvie Bruel en Christophe Delmar.

Le Parc de Bagatelle

Dit park staat bekend om zijn rozentuin, iristuin en vijver. Bekende schilders hebben op deze

plek hun schilderijen met daarop bloemen gemaakt.

Le Parc des Buttes Chaumont

Een park dat uitstekend geschikt is om na een lange dag werken even te relaxen. Wat dit park

speciaal maakt is de waterval die in dit park aanwezig is.

Le Parc Floral de Paris

Het ligt in het al eerder aan de orde gekomen bois de vincennes. Dit park is tevens een openluchtmuseum

en in het verleden zijn hier bloemenshows gehouden.

Le Parc Georges Brassens

Park vernoemd naar dichter en musicus Georges Brassens. Dit park heeft een erg moderne

uitstraling en ook het verleden van het park is duidelijk aanwezig.

Le Parc Montsouris

Een park gelegen op een ondergronds gangenstelsel.

Veel schilders komen voor dit park naar Parijs,

omdat in dit park vele mooie tafereeltjes te vinden

zijn. Ook zijn er in dit park veel standbeelden te

vinden.

Le Parc Monceau

Dit park is bekend om zijn prachtige hekwerken die

het park scheiden van de stad. Ook in dit park zijn

veel standbeelden te vinden. Deze tuin wordt vaak

omschreven als een weelderige formele tuin.

Le Jardin des Plantes

In dit park hebben ze een dierentuin en ook hebben

ze er een botanische school. Dit park of tuin is de eerste botanische tuin van Parijs en is dus

een mijlpaal in de geschiedenis van Parijs. Het park stamt al uit de 16e eeuw.

01: Eiffeltoren

Ontwerper

Alexandre Gustave Eiffel is een bekend architect.

Zijn grootste werk dat vernoemd is naar zijn eigen

achternaam is de Eiffeltoren. Gustave Eiffel werd

geboren in Dijon, Frankrijk, op 15 december 1832 en

stierf op 27 december 1923. Zijn vader was een Duitse

officier, dit verklaart zijn Duitse naam. Gustave

Eiffel heeft voor de wereldtentoonstelling te Parijs,

in 1889, een gigantische toren gebouwd. Hij begon

hieraan in 1887 en de bouw eindigde uiteindelijk in

het jaar van de wereldtentoonstelling. Gustave is

overigens niet de werkelijke bedenker van de Eiffeltoren,

maar hij kocht het ontwerp over van Maurice

Koechlin & EmIle Nouguier, nadat zei veel belovende

woorden hadden ontvangen over dit plan. Het volgende

bekende werk van Eiffel is het vrijheidsbeeld

in New York. Hij heeft dit in samenwerking met de

Franse beeldhouwer Frederic Bartholdi ontworpen.

Deze twee bouwwerken zijn over heel de wereld erg

bekend geworden en maakte zijn naam over heel

de wereld bekend. Maar in Frankrijk staat Eiffel ook

bekend om het ontwerpen van vele spoorbruggen.

De spectaculairste brug is het Viaduc de Garabit die

Alexandre Gustave Eiffel

een lengte heeft van 500 meter en een hoogte van

122 meter, over het dal Truyère. Het was voor die tijd

een erg vooruitstrevend bouwwerk. Naast de vele bouwwerken in eigenland heeft hij ook

heel wat ontworpen voor buiten de landsgrenzen, zoals de brug in Porto, Dom Luis I.

Eiffel stond bekend als de Esperantist. Hij zei zelf dan ook: “Esperanto... zonder zelf de moed

gehad te hebben om het te leren, waarvoor mijn hoge leeftijd mij kan verontschuldigen, zal ik

nooit nalaten het kinderen aan te raden, aangezien het een van de makkelijkste dingen is die

zij kunnen leren.”

Gebouwanalyse

1. De Eiffeltoren is

voor Parijs en eigenlijk

wel voor heel Frankrijk

een kenmerkend

element. Wie Frankrijk

hoort denkt eigenlijk

meteen aan de

Eiffeltoren. Het is het

monument van Parijs

en is gelegen aan de

Seine in het 7de ar-

Het vrijheidsbeeld in New York; Viaduc de Garabit; Eiffeltoren klaar voor de tentoonstelling

sponsored by

46 Parijs nu

Gebouwbeschouwing sponsored

by 47


01: Eiffeltoren

rondissement.

De Eiffeltoren werd voor de Wereldtentoonstelling in

1889 gebouwd en moest zorgen voor een trekpleister op

deze tentoonstelling. Het was tenslotte het grootste uit

ijzer opgetrokken bouwwerk. Dit bouwwerk gaf Gustave

Eiffel ook wel de bijnaam “goochelaar met ijzer”. Om zo`n

toren te gaan bouwen zijn er wel degelijk tekeningen

nodig.

Op de afbeelding is te zien hoe ze dachten de constructie

te kunnen gaan maken. Om een idee te krijgen van de

hoogte staan rechts van de toren bestaande gebouwen.

De toren is 317 meter hoog, zonder televisie antenne, met

is hij 324 meter, maar dit valt te betwijfelen. Door hogere

temperaturen zet ijzer namelijk uit en kan de hoogte erg

verschillen in de winter ten opzichte van de zomer. De

toren is op de basis 125 meter breed. In totaal weegt de

toren 10100 ton, voor die tijd is het

toch een knap staaltje bouwkunst,

met voor die tijd vrij nieuwe materialen.

De toren is opgebouwd uit 4 poten die

langzaam naar elkaar toelopen. Tussen

de poten zitten verbindingsplatforms,

die zorgen voor de stevigheid

en waar ook twee restaurants bevinden.

De bouwstijl van de Eiffeltoren

is typisch Jugendstil, dat gekenmerkt

werd door gietijzeren constructies. In

deze periode kwam namelijk de industrialisatie

in opkomst. Fabrieksmatige

bouwwerken kwamen in opkomst,

zodat alles op de bouw in elkaar gezet

kon worden.

Laten we eerst beginnen bij de fundering

van de toren. Zoals jullie zien

staat de fundering wat scheef. Dit is

zo gedaan om de spatkrachten uit de

bogen, die zich op het onderste deel

bevinden beter af te kunnen voeren.

Overigens is alleen op het eerste

gedeelte zo`n boog te vinden om de

krachten uit de rest van de toren beter

af te kunnen voeren naar de grond.

Tijdens de bouw van het eerste stuk

van de toren is zijn de vier poten on-

Bouwtekening Eiffeltoren

01: Eiffeltoren

Afbeeldingen van de bouw van de Eiffeltoren.

sponsored by

48 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

dersteund door hulpsteigers

om te voorkomen

dat de constructie in

elkaar zou zakken. Het

platform op de eerste

verdieping werd ook

lange tijd ondersteund

met een steiger, je zou

het kunnen zien als de

vijfde poot van de Eiffeltoren.

Deze is weggehaald

vanaf het moment

dat boog compleet was.

De constructie was dan

sterk genoeg om zichzelf

te kunnen dragen. Vervolgens werd doorgebouwd tot aan het

topje van de Eiffeltoren.

De constructie van de Eiffeltoren bestaat uit 15.000 gietijzer balken/profielen

die met zo`n 2,5 miljoen klinknagels aan elkaar zijn

gezet. In de toren zitten heel wat driehoeken die de constructie

sterk en stabiel maken. De driehoek is in de bouw een veel gebruikte

vorm die een gebouw stevig en stabiel maakt. En de toren

hierdoor een heel open aanblik geeft.

IJzer moet goed beschermd worden tegen de buitenlucht om te

voorkomen dat het gaat roesten. Dit wordt gedaan door hem om

de zeven jaar te schilderen. Dit is alleen eenvoudiger gezegd dan

gedaan. 25 mensen zijn dan ongeveer een jaar lang bezig om alles

te schilderen. Want het totaal te schilderen oppervlak bestaat uit

200.000 m2 Fundering Eiffeltoren

. De schilders hebben hier zo`n 50 ton aan verf voor

nodig.

Wat is nu de reden dat de Eiffeltoren daar is naar gezet. De Eiffeltoren

werd gebouwd voor de Wereldtentoonstelling, dit vond

altijd plaats op Champ de Mars. Dit complex bestond uit een

U-vormig Paleis, Palais Chaillot, de Galerie des Machines (dit is

overigens in 1910 afgebroken) met aan het einde Ecole Militaire

en sinds 1889 de Eiffeltoren. Eiffel bouwde de toren tegenover de

brug over de Seine.

De Eiffeltoren staat op een van de vele “historische” assen die in

Parijs te vinden zijn.

Op de platforms die zich in de Eiffeltoren bevinden zaten tijdens

de wereldtentoonstelling verschillende restaurantjes en winkeltjes

waar dingen gekocht konden worden. In de jaren tachtig

werd hier voor een restaurant een eind aan gemaakt. De ondersteunende

constructie van het restaurant werd ontmanteld en zo

kon het restaurant uit de Eiffeltoren worden gehaald. Het geheel

by 49


01: Eiffeltoren

is uiteindelijk verkocht en heropgebouwd in New

Orleans, Louisianne in de Verenigde Staten. Maar

wees niet getreurd wie toch op grote hoogte wil

eten en wil genieten van het prachtige uitzicht kan

dit nog steeds doen. Er zijn namelijk nog steeds

twee restaurants actief in de Eiffeltoren. Altitude

95, dit is gelegen op de eerste verdieping en Le Jules

Verne dat gelegen is op een hoogte van 125 meter.

Het zal alleen wel wat kosten bij Le Jules Verne te

eten, want dit restaurant heeft één Michelinster,.

8. De fundering van de Eiffeltoren is gemaakt van

grote betonnen / gemetselde blokken. In totaal zijn

er vier van zulke blokken gemaakt om de toren te

kunnen dragen. De afmetingen zijn 6 x 6 x 2 meter.

Maar dit geldt niet voor de kant van de Seine. Deze

grond was namelijk te drassig hierdoor hebben ze

die blokken verstevig en hebben deze een afmeting

van 10 x 6 x 2 meter gekregen. Daarnaast zit er

nog een vernuftig staaltje werk in. De blokken zijn

namelijk voorzien

van hydraulische

persen waarmee ze

correcties kunnen

uitvoeren om de fundering van de toren goed recht te krijgen.

Wetenswaardigheid is dat er voor de fundering 31.000 m3

werd afgegraven om de fundering te kunnen plaatsen.

Naast beton is als anders bouwmateriaal gebruik gemaakt

van gietijzer. Het gebruik van ijzer werd sinds de industriële

revolutie veelvoudig gebruikt. Men kon met ijzer veel meer

kanten op en zulke ingewikkelde instructies maken zoals de

Eiffeltoren. Het geheel werd, zoals eerder al vermeld werd,

met 2,5 miljoen klinknagels in elkaar gezet. Het ijzer moet

natuurlijk goed beschermd worden en

wordt daarom geconserveerd met verf.

Vanaf het ontstaan van de toren is hij

al 17 keer geschilderd. Opvallend is dat

de kleur van de toren per verfbeurt

verschilt.

Vanuit de Eiffeltoren, Ecole Militaire en Palais de Chaillot

info:

Adres: Champ de Mars

Tel: +33 (01) 4411 2323

Groepen: +33 (01) 4411 2322

Fax: +33 (01) 4411 2322

Website :http://www.tour-eiffel.fr/

Openingstijden: Dagelijks van

09.00 tot 18.00 uur, in de zomer tot

24.00 uur

Entreeprijzen: Naar de top voor

10,00 euro

Bereikbaarheid: Metrostation Bir-

Hakeim, Trocadéro, Ecole Militaire

Ontwerper: Gustave Eiffel

Bouwperiode: 1887-1889

02: Palais de Chaillot

Ontwerper

Palais de chaillot is door drie ontwerpers bedacht: Léon Azema, Louis-Hippolyte

BoIleau en Jacques Carlu.

Léon Azema is op 20 januari 1888 geboren. Hij wilde graag een studie

gaan doen, maar die konden zijn ouders niet betalen. In 1902 gaat hij naar

Parijs en wordt daar leerling van Gaston Redon. Tien jaar later moet hij in

dienst bij het leger. Hij wordt gevangen genomen als hij ernstig verwond

is en zit 5 jaar vast in Charleroi. Ze merken in de gevangenis dat hij een

bijzonder talent heeft voor tekenen en geven hem daar ook potloten en Léon Azema

papier. Veel later weer terug in Parijs, begint hij vanaf 1928 aan de restauratie

van het paviljoen van Hannover. Hij ontwerpt en restaureert vele tuinen in Parijs.

Tussen 1933 en 1935 bouwt hij de Kerk Antoine van Padua. Hij bewijst hiermee dat hij een van

de zeldzame Franse architecten die gevoelig is voor expressionisme. Bij een tentoonstelling

van Parijs van 1937 helpt hij bij de bouw van Palais de Chaillot, samen met Jacques Carlu en

Louis-Hippolyte BoIleau. Léon is tot aan zijn dood blijven schilderen en tekenen. Hij is op 1

maart 1978 gestorven en op 8 maart 1978 begraven. Louis-Hippolyte BoIleau is in 1898 geboren

en gestorven in 1948 hij was een Franse architect. Jacques Carlu, geboren op 4 juli 1890

in Bonnières-sur-Seine. Hij was een Franse architect en historicus in de architectuur. Hij was

een broer van de afficheontwerper Jean Carlu. Hij was getrouwd met de schilder Anne Carlu.

Jacques Carlu is overleden op 12 maart 1976 in Parijs.

Ander werk van Léon Azema is: L’Ossuaire de Douaumont (1920-1932); van Louis-Hippolyte

BoIleau is: Pavillon du Togo et du Cameroun (1931); van Jacques Carlu is: Restaurant ‘le Neuvième’

in Montréal (1931)

le Neuvième Pavillon du Togo et du Cameroun Pavillon du Togo et du Cameroun

Gebouwbeschouwing

1. Palais de Chaillot is in 1937 gebouwd voor de wereldtentoonstelling van Parijs. Het ligt

helemaal in het westen van Parijs, vlak bij de Eiffeltoren. Op de plaats waar nu Palais de

Chaillot nu staat, stond eerst het oude Palais du Trocadéro, Napoleon had dit paleis voor zijn

zoon laten bouwen. Dit oude paleis werd net voor de internationale tentoonstelling vernietigd

en vervangen door Palais de Chaillot die nu de heuvel bedekt. Het werd ontworpen in

de stijl van het neoClassicisme door drie architecten. Palais de Chaillot heeft 2 vleugels die

een brede boog vormen. De beide vleugels zijn 195 meter lang. De 2 vleugels missen eigenlijk

een centraal gebouw die ze verbind. Doordat dat gedeelte weg is gelaten is er een soort

sponsored by

50 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 51


02: Palais de Chaillot

doorkijk vanaf de plaats waar Palais du

Trocadéro stond, door de opening tussen

de twee gedeeltes van Palais de Chaillot,

onderdoor de Eiffeltoren en verder. Op de

verdieping komt het licht onder andere

via het dak naar binnen. Het gebouw is

verfraaid met citaten van Paul Valéry.

Tussen de twee enorme vleugels, die

wijzen naar de Seine, ligt een prachtig

terras. Vanaf het terras in de tuin heb je

een heel mooi uitzicht over de Eiffeltoren

en de hele linker oever van de Seine. Via

brede trappen kom je in de mooie tuin, die meer dan 9 hectare grond in beslag neemt. In de

spectaculaire tuin is een mooie vijver, 20 waterkanonnen en 12 waterzuIlen. Een paar keer

per uur gaan deze fonteinen water spuwen. Het zorgt voor een grandioos waterfestijn. De

twee tuinen in de Engelse stijl herinneren aan de creaties van Alphand. Voorafgaand aan de

tuin die er nu ligt heeft de tuin ontworpen door alphand er gelegen. Ze hebben hem in ere

gehouden door de vele stroompjes, rotstuinen en een kleine brug terug te laten komen in de

nieuwe tuin. In het gebouw zitten vandaag de dag een aantal musea. In de zuidelijke vleugel

Musée nationaal de la marine(zeemuseum), en Musée de Homme (Het museum over de

mensheid - met een hele grote collectie kunst en gebruiksvoorwerpen van alle mensenrassen

en culturen uit Europa, Amerika, Azië en Afrika in de prehistorie). In de oostelijke vleugel nationale

des monuments Français Musée (hier kan je afgietsels vinden van de beedhouwerken

vanaf de romaanse tijd tot aan de 19e eeuw). Onder de oostelijke vleugel zit ook een enorm

theater gebouwd met 2600 zitplaatsen. Dit theater is meerdere malen gebruikt voor internationale

vergaderingen. Bijvoorbeeld de vergadering

waarbij de universele verklaring, van de rechten van

de mens, in 1948, is goedgekeurd. Palais de Chaillot

vormt samen met de Eiffeltoren, het Champ de Mars

en de Ecole Militaire: dat is één van de enorme assen

in Parijs. De ingangen voor deze musea liggen aan de

achterkant van het gebouw aan de kant waar vroeger

Palais du Trocadéro stond. In 1997 is er een enorme

brand geweest in Palais de Chaillot. De brand was

vooral in het Filmhuis, dat was opgezet door Henri

Langlois aan het eind van de jaren 30. De filmzaal was

toen een liefhebberij voor alle generaties in Parijs. Ze

hebben de filmzaal de Chaillotzaal genoemd om hem

02: Palais de Chaillot

te kunnen onderscheiden van de rest van het Palais

de Chaillot.

5. Palais de Chaillot is een zeer kunstig bouwwerk.

De binnenkant is in het paviljoen helemaal beschildert

met de jaargetijde. En de buitenkant is bewerkt

met in totaal 71 schilderijen en beelden. Boven bijna

alle beelden staan citaten van Paul Valéry. Alles bij

elkaar geeft een goed inzicht over wat de kunst in

de jaren 30 inhield.

8. Het gebouw is geheel gemaakt van kalkzandsteen.

De constructie is gemaakt van staal met daar

over heen een afwerklaag, ook van kalkzandsteen

(zie afbeelding).

sponsored by

52 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

bewerkt plafond

constructie plafond

info:

openingstijden:

musée du Cinéma

open van 10 uur tot 17 uur

Maandag dinsdag en op feestdagen

gesloten.

rondleidingen: 10,11,14,15,16,17 uur

musée National des Monuments

Français

open van 10 uur tot 18 uur

gesloten op maandag

musée des Matériaux du C.R.M.H

Open op afspraak

gesloten op zaterdag, zondag en

feestdagen

musée de l’Homme

open vanaf 9.45 uur tot 17.15 uur

gesloten op dinsdag en feestdagen

musée de la Marine

open van 10 uur tot 18 uur

gesloten op dinsdag 1 mei

Théatre national de Chaillot

adres: Place du Trocadéro ;

75016, Parijs Metro: Trocadéro

buslijnen 22, 30, 32, 63, 72, 82

Palais de Chaillot is in 1937 gebouwd

by 53


03: Grand Palais

Gebouwbeschouwing

1. Als er naar de ligging van het gebouw Grand Palais wordt gekeken, valt er wel iets op, het

is namelijk gesitueerd tussen een bosrijk gebied terwijl het midden in Parijs ligt waar veel

gebouwen staan, deze andere gebouwen staan een paar honderd meter verderop. En ook

een aantal naast het Grand Palais waaronder het Petit Palais. Het is een aantrekkelijke locatie

aangezien het bos de aandacht trekt van de meeste mensen en meteen de blik valt op het

gebouw wat daar middenin ligt.

De belendende panden liggen los van het Grand Palais, er zijn niet heel veel vormovereenkomsten

aangezien het gebouw nogal veel ronde vormen heeft en de omliggende gebouwen

niet zozeer. Wel zijn alle gebouwen van dezelfde hoogte en dat maakt het samen een volledig

geheel. Dit geldt ook voor de kleuren die zijn allemaal grijs, behalve het dak is een beetje

lichtblauw maar dat maakt het geheel weer wat harmonischer. De bomen rondom het gebouw

zorgen voor een rustig effect en van bovenaf is het mooi te zien dat de ‘ronde’ bomen

overeen komen met het ronde dak van het Grand Palais.

De bouwmassa is vooral te beschrijven als hoog en smal want het gebouw is in tegenstelling

tot de lengte niet zo heel erg breed. De bouwmassa van gebouwen kunnen op allerlei manieren

geleed zijn, dit is ook het geval bij Grand Palais, het is niet een bouwblok maar bestaat uit

delen die horizontaal geschakeld zijn. In het midden van een rechthoek is een ander rechterhoek

geplaatst en op de kop daarvan nog een rechthoek die schuin tegen de gevel is gezet.

2. De hoofdvorm van het Grand Palais is lastig te bepalen. Aangezien het veel ronde vormen

met zich meedraagt zou je denken aan een halve bol

of een dergelijke vorm, maar als je naar de plattegrond

kijkt is goed te zien dat de hoofdvorm het karakter

heeft van een vierkant of eigenlijk meer een rechthoek.

Deze vorm word een geometrische vorm genoemd. De

afmetingen van het gebouw zijn niet indrukwekkend,

want de hoogte is niet veel hoger als de omliggende

gebouwen. Het gebouw is relatief breed en redelijk lang

in tegenstelling tot de andere gebouwen, bijvoorbeeld

Petit Palais wat ernaast ligt. De voorgevel van het Grand

Palais is imposant. Hij is 240 meter lang en heeft Ionische

zuIlen die 20 meter hoog zijn.

Het beeld bij de entree

03: Grand Palais

sponsored by

54 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

3. Het Grand Palais heeft een imposante neoclassisistische

façade en overweldigend dak. Het dak

is namelijk van glas en 12 jaar geleden is dit reusachtige

glazen dak ingestort. Het paleis heeft twee

entrees namelijk 1 op de hoek en de andere in het

midden, de entree op de hoek heeft 2 Ionische zuIlen

die direct de aandacht grijpen. Ook de beelden zijn

indrukwekkend en is een man op een paard te zien.

4. Het Grand Palais is een grote glazen tentoonstellingshal

gebouwd door Louvet en Daglone voor de

Wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs. Het Grand

Palais is gelegen in het VIIIe arrondissement. Het werd gelijktijdig met het Petit Palais en de

Pont Alexandre III gebouwd.

Tegenwoordig wordt het Grand Palais vooral gebruikt als expositieruimte. Er zijn hier al veel

belangrijke tentoonstellingen van schilderijen gehouden. Het Grand Palais is een keer gerenoveerd

toen het glazen dak instortte.

Een ander gedeelte wordt gebruikt door het Palais de la Decouverte. Dit museum richt zich

op de voortschrijdende wetenschap en de aandacht wordt vooral gericht op de laatste ontdekkingen

van de mensheid.

5. Hieronder is een plattegrond te zien van het Grand Palais, het bovenste stuk bevat het

Palais de la decouverte. De constructie is vooral gemaakt met staal en veel zuIlen.

Over het interieur is niet veel te zeggen, want in het gebouw is het een lege ruimte, dus gewoon

een hal waar niks instaat, behalve een aantal tafeltjes. Aan het plafond hangen allerlei

verschillende ronde lampen.

7. Tegenwoordig worden er in

het Grand Palais tentoonstellingen

gehouden, met veel

exposities van verschillende

thema’s.

8. Het Grand Palais is 100 jaar

geleden gebouwd, er is veel

gebruik gemaakt van gietijzer,

hieruit zijn een hoop bestanddelen

gemaakt, maar er is ook

veel beton gebruikt. Het dak

is een staalconstructie wat

zorgt voor de overspanningen.

De ornamenten zijn van

messing en koper. Vandaar

dat het beeld met de man op

by 55


03: Grand Palais

het paard groen is geworden. De uitstraling van het

gebouw heeft een grijze kleur. En binnenin het gebouw

een groen/grijze kleur van het staal. De dakrand

is van staal waarin versieringen zijn gemaakt.

Interieur

info:

Het Grand Palais is toegankelijk

voor iedereen die het museum wil

bezoeken, het is geopend van 10 tot

8uur s‘avonds behalve op dinsdagen.

Op dinsdag is het paleis geopend tot

10 uur. Het kost 8 euro per persoon

als je geboekt heb en anders 14 euro.

Er zijn verschillende manieren om er

te komen, met de metro : lijn 1, 9 en

13 : Champs-Elysées-Clemenceau stations

(lines 1-13) or Franklin-Roosevelt

(lines 1-9).

Met de bus : route 28, 32, 42, 72, 73,

80, 83, 93.

Voor meer informatie zie : http://

www.rmn.fr/gngp-gb/index.html

04: Petit Palais

Ontwerper

Charles Girault (Cosne-Cours-sur-Loire, 1851 - Parijs, 1932) was een Frans

architect. Hij werd geboren in Cosne-Cours-sur-Loire en het bleek al

snel dat hij artistieke talenten had. Hij ging naar Parijs en werd daar

leerling van de beroemde Honoré Daumet aan de prestigieuze L’École

Nationale Supérieure des Beaux-Arts. Toen hij daar klaar was ging hij

zich bezighouden met het ontwerpen van gebouwen.

Tevens was hij ook de architect van het Koninklijk Museum van Midden-Afrika

in Tervuren, uit 1910, een ander meesterwerk van zijn hand was Château Royal de

Laeken / Koninklijk kasteel van LakenParijs.

Het bekendste bouwwerk van Charles Girault is zondermeer de triomfboog in het Jubelpark

in Brussel, dat dateert van 1905. Gebouwd in opdracht van Koning Leopold II.

Gebouwbeschouwing

1. Le Petit Palais ging voor het eerst voor het publiek open op 11 december 1902. In die tijd was

het gelegen tussen de Champs-Elysees en Avenue Alexandre III in het 8e arrondissement

van Parijs. Het ligt op het plein waar ook het Palais des Papes de Rocher des Doms en de

kathedraal gelegen zijn. Het Petit Palais is gelijk gebouwd met het Grand Palais dat er recht

tegenover ligt. De gebouwen zitten niet aan elkaar vast en zijn omringd door bebossing.

Als men van bovenaf op het Petit Palais kijkt lijkt het gebouw op een halve zeshoek, die aan

de binnenkant een holte heeft in de vorm van een halve cirkel. Van vooraf bekeken ziet het

gebouw er rechthoekig uit met een halve cirkel erboven op (de koepel). Het Petit Palais heet

niet voor niets ‘Petit’ Palais, het is het ‘kleine’ broertje van het Grand Palais, dat een heel stuk

groter is dan de Petit Palais. Dit is goed te zien op het volgende plaatje. De façade van het

Petit Palais is 150 m breed.

2. Het Petit Palais heeft een neoclassicistische/Barokke

façade wat zich kenmerkt door het gebruik

van veel zuIlen en veel Art Nouveau smeedijzerwerk,

met name de deur en de mooi versierde ingang

vallen meteen op. Verder is er ook veel glas en ijzer

gebruikt, nieuwe materialen in die tijd. De zinken

koepel is ook een aspect dat meteen opvalt, omdat

deze hoog boven het ‘lage’ gebouw uitsteekt. De

deur aan de ingang van het Petit Palais is tevens een

typisch stuk van de Art Nouveau stijl. Het geeft de

spaghettisliertstijl van die tijd weer en is goudkleurig.

De meeste ramen van het gebouw zijn vierkant

sponsored by

56 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 57


04: Petit Palais

van vorm en voor die tijd redelijk groot omdat de

kunstwerken alleen aan daglicht mochten worden

bloot-gesteld. Het dak van het Petit Palais bestaat

grotendeels uit een zadeldak van dakpannen. Verder

is er een koepel met ramen die licht doorlaten.

3. Het Petit Palais aan de Avenue Winston-Churchill

werd door architect Charles Girault ontworpen voor

de Wereldtentoonstelling van 1900. Na verloop van

tijd takelde het gebouw steeds verder af en had het

last van lekkage. Brokstukken van de gevel kwamen

los en de tuin werd gesloten voor het publiek. In

1998 werd beslist om het complex te renoveren. De

opdracht werd toegewezen aan het architectenbureau Chaix et Morel. Na vier jaar sluiting

opent het Petit Palais in Parijs in december 2005 opnieuw zijn deuren. Renovatiewerken hebben

het ruim honderd jaar oude gebouw zijn origineel ontwerp terugbezorgd, maar hebben

ook extra ruimtes gecreëerd. Het Petit Palais is sinds 1902 de thuisbasis van le Musée des

Beaux-Arts de la Ville de Paris. De expositieruimte werd van 15.000 vierkante meter uitgebreid

tot 22.000 vierkante meter. De restauratie heeft in totaal 72 miljoen euro gekost.

4. De plattegrond van het gebouw

lijkt op een halve zeshoek,

die aan de binnenkant een holte

heeft in de vorm van een halve

cirkel. In die holte is een schitterende

tuin aangelegd. Het

gebouw bevat veel zuIlen als

decoratie maar dit is tevens ook

als ondersteuning voor de buitenwanden.

Het interieur bevat

veel smeedwerk en versieringen,

verder zijn de plafonds binnen

bijna overal geschilderd. Wat opvalt

is dat er ook veel licht aanwezig is in het gebouw, dit is logisch omdat

men in die tijd gebruik maakte van het daglicht om de kunst te bekijken.

In het interieur is vooral natuursteen gebruikt, dit geeft een sjiek uiterlijk.

In het NeoBarokke Petit Palais waren smeedijzeren traliewerken en trappenhuizen

verwerkt met typische Art-Nouveau-zweepslagmotieven

5. Het Petit Palais aan de Avenue Winston-Churchill werd door architect

Charles Girault ontworpen voor de Wereldtentoonstelling van 1900, in

opdracht van de stad Parijs. Hij kreeg daarbij de opdracht om bijzondere

aandacht te besteden aan de lichtinval, want de kunstwerken van het museum

mochten alleen aan het daglicht worden bloot gesteld. Verder werd

verlangd nog vast te houden aan de romantisch-classicistische bouwstijl,

04: Petit Palais

het gebouw moest echter functioneel zijn. Er moest ook gebruik gemaakt worden van de

nieuwe materialen: glas en metaal.

6. Het Petit Palais was een plaats waar geïnteresseerden in de kunst samenkwamen om

kunst van over de hele wereld te bewonderen.

7. Het gebouw bevat veel natuursteen, verder is er veel gietijzer verwerkt, met name bij de

trappen en bij de ramen en deuren. De koepel is van zink en de ramen zijn van glas. Glas en

staal stonden bij deze bouw centraal omdat dit in die tijd de modernste producten waren. De

ingang is verguld met bladgoud.

info:

Toegangsprijs I gratis, alleen voor

tentoonstellingen gelden entreeprijzen.

Die verschillen echter per

tentoonstelling.

Locatie en hoe daar te komen

Musée des Beaux-arts de la Ville de

Paris

Avenue Winston-Churchill

75008, Parijs

Tel: +33 (01) 4005 5678

Metro: Champs Elysées Clemenceau

Bus: 42, 72, 73, 80, 83

Website voor meer informatie

http://www.Parijs.nl/id/185

Ontwerpen en bouwperioden:

Ontwerp


05: Notre Dame

Ontwerper

De ontwerper van de Notre-Dame is Maurice de Sully, de bisschop van Parijs. Hij was geboren

in het jaar 1100 en overleden in het jaar 1196. In 1140 werd de Sully professor in de Theologie

en hij werd een priester. In 1160 is de Sully benoemd tot bisschop van Parijs. Hij was een

vriend van Lodewijk VII. Dit was ook de persoon die de Sully de mogelijkheid bood om de

Notre-Dame te bouwen naar eigen wensen van de Sully. De Sully nam deze kans met open

armen aan. De eerste steen werd in 1163 gelegd. Het

eerste dat de Sully voor ogen had om te bouwen

was een kathedraal maar niet in de vorm zoals de

kathedraal die er nu staat. In het jaar 1182 werd de

kerk ingewijd. In 1196 was de kathedraal bijna klaar.

Maurice de Sully kwam 11 September 1196 te overlijden.

Hij had bijna de gehele bouw van de Notre-

Dame meegemaakt.

Gebouwanalyse

1. Als je naar de ligging van de Notre-Dame kijkt valt

het op dat het gebouw in het water ligt, of beter gezegd, het is omringt door water. De Notre-

Dame is een kathedraal die ligt op het eiland in de Seine in het centrum van Parijs. Het is dus

gedeeltelijk afgeschermd van de andere gebouwen rondom, maar buiten het eiland liggen

er genoeg gebouwen. Zoals gezegd ligt het gebouw

los van de andere gebouwen. De omliggende

gebouwen vertonen wel wat vormovereenkomsten

en stammen af van de gotiek, het is dus niet zo dat

de omliggende gebouwen alleen maar moderne

gebouwen zijn.

Als we naar de bouwmassa van de Notre-Dame kijken

zien we dat het niet een extreem hoog gebouw

is, de hoogte is 69 meter dat is redelijk in verhouding

met de lengte deze is 130 meter. Je kan dus wel

concluderen dat het gebouw lang en hoog is, als de

Notre-Dame afgebouwd zou zijn zou het nog een

stuk hoger zijn geweest.

Een bouwmassa kan op allerlei manieren geleed

zijn, als we het dan over de Notre-Dame hebben is

te zien dat het een enkel bouwblok is met aan de

kop een halve cirkel.

De hoofdvorm heeft het karakter van een geometri-

Ligging van de Notre-Dame op een eiland

Vorm van de Notre-Dame, Lengtemaat veel groter dan hoogtemaat

sche vorm, namelijk de rechthoek, dit rechthoek is versiert. Aangezien het een vierkant is, is

al een beetje duidelijk wat de verhoudingen in de afmetingen zijn namelijk de lengte groter

dan de breedte, de lengte is 130 meter. De hoogte 69 meter wat eerder al aangegeven is. De

69 meter is het hoogste punt van de Notre-Dame en dat is beeldbepalend voor het gebouw,

dat trekt de aandacht van de mensen. Door het gebruik van hoge ramen komt de breedte

05: Notre Dame

minder massaal over. Verdere afmetingen zijn de

breedte van 50 meter, 12,50 meter brede en 34 meter

hoge middenschip.

2. De façade van de Notre-Dame is erg aangrijpend

en een van de belangrijkste delen van het gebouw,

de twee torens grijpen direct de aandacht bij de

entree, ook de cirkel in het midden waar glas in lood

in geplaatst is grijpt de aandacht. Er zijn niet veel

ramen geplaatst aan de voorgevel, dit doet denken

dat het gebouw een stuk kleiner is. Over het dak

zijn verschillende dingen te zeggen, het dak van de

2 torens zijn plat van boven, maar de rest van het

gebouw heeft een puntdak met een grootte hellingshoek.

Er zijn allerlei kleine torentjes geplaatst

wat het gebouw een mooie uitstraling geeft. De

ramen aan de zijkant van het gebouw zijn allemaal

in ronde vormen gemaakt.

3. Aangezien Maurice de Sully (bisschop van Parijs)

degene was die een nieuwe kathedraal wilde laten

bouwen, had de eerste functie van het gebouw te Façade, entree, deuren en ramen

maken met geloofsovertuiging. Het moest namelijk

een Rooms-katholieke kathedraal worden. Een ander godsdienstig aspect is dat er relikwieën

van Jezus Christus bewaard zijn gebleven. Een voorbeeld van zo’n relikwie is de doornenkroon

die Hij droeg bij de kruisiging. Ook is er in de Notre-Dame nog een stuk van het kruis van

Jezus Christus en één van de nagels waarmee Hij genageld is. Je kunt

niet zeggen dat de Notre-Dame een functie heeft als museum maar

er zijn dus wel degelijk stukken uit de geschiedenis terug te zien die je

normaal alleen in musea kunt vinden. Vandaag de dag is de Notre-

Dame mede daarom een toeristen trekpleister. Tegenwoordig dient de

Notre-dame als toeristische trekpleister en het gebouw wordt ook nog

gebruikt als Rooms-katholieke kerk. De functie waarmee het tot stand

is gekomen is dus bewaard gebleven in de loop der jaren. In het jaar

1160 draagt Maurice de Sully op om de huidige kathedraal te slopen

om ruim baan te maken voor een nieuwe kathedraal. De eerste steen

van de Notre-Dame werd in 1163 gelegd, onder de heerschappij van

Lodewijk VII en onder leiding van bisschop van Parijs, Maurice de Sully.

In het jaar 1182 werd de kerk ingewijd. De bouw kende drie fasen: In de

eerste werd het koor voltooid, ongeveer tien jaar later werd het schip

gebouwd tussen 1200 en 1225. Oorspronkelijk was de Notre-Dame

ontworpen met op de voorgevel twee puntvormige torens met een

hoogte van boven de 100 meter.

Eerste ontwerp

sponsored by

60 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 61


05: Notre Dame

Het uiteindelijke ontwerp had echter twee torens, met een hoogte van

bijna 70 meter, die afgeknot waren ten opzichte van de torens uit het

oorspronkelijke ontwerp (plaatje). Rond het jaar 1250 stonden de twee

torens al op de gevels en waren de architecten Jean de Chelles en Pierre

de Montreuil met de vergroting van het dwarsschip begonnen. Tussen

de jaren 1250 en 1345 zijn de overige elementen van de Notre-Dame

compleet gemaakt. Dit hield in: de noordgevel en het eerste koorkapel.

Uiteraard werden ook de roosvensters en het beeldhouwwerk voltooid. Na

de verwoesting en plundering tijdens de franse revolutie werd de kathedraal

tussen 1845 en 1866 gerestaureerd. Degene die ervoor heeft gezorgd

dat de Notre-Dame bleef staan was Viollet-le-Duc, één van de meeste

beroemde architecten in Frankrijk.

5. De Notre-Dame is een compacte kerk ten opzichte van voorgaande kerken. De kerk heeft

van buiten het traditionele kruisvorm hoewel het grondplan in principe rechthoekig is. Zijbeuken

en dubbele kooromgang liggen in elkaars verlengde en vormen zo eenheid. De transepten

volgen dezelfde buitenmuur maar zijn alleen hoger dan zijbeuken en kooromgang.

De torens tussen het schip en de transept komen te

vervallen zodat er geen onderbreking in de zicht-as

is. De kerk straalt ruimte uit. Er is een hoge galerij

boven de binnenste van de zijbeuken, waardoor de

ramen pas vrij hoog in de muur beginnen. Hierdoor

vindt de afvoer van zijwaartse krachten niet alleen

plaats via de (duidelijk decoratieve) luchtbogen,

maar ook via de muren. De Notre-Dame laat zien

wat de ramen voor effect hebben voor het licht in de

ruimte binnen de kerk. Het roosvenster in de westgevel

ligt vrij diep in de muur waardoor het vrij donker

lijkt. Het later aangelegde en grotere roosvenster

in de zuidtransept ligt verder naar buiten waardoor

het een effect van grote transparantie geeft. De

westgevel met de twee torens voldoet helemaal

aan het adagium van Suger: harmonie, geometrie,

evenwicht. De massaliteit van het volume van de

Notre-Dame wordt afgezwakt door de gevelversieringen,

de ramen en het grote portaal. De steilheid

van de ruimte en zijn typisch gotisch. Er is iets dat

binnen de kerk op valt en dat zijn veel naar bovenlopende

lijnen. Dit maakt de kerk levendig. De ramen

zorgen voor veel licht inval in de kerk. In de kerk is de

dubbele knik in de as van de kerk gemakkelijk terug

te vinden. Het gewelf van 35 meter hoog bestaat uit

zesdelige kruisribgewelven die onregelmatige vierkante

traveeën overspannen. De niet dragende koor-

Plattegrond van de Notre-Dame

Violet-le-Duc

05: Notre Dame

en middenschipwand wordt op uniforme wijze geleed door de dragende zuilen, van waarop

de diensten vertrekken die als rib doorlopen in het gewelf. De wand bestaat uit drie delen: de

eerste bogenrij, de tweede bogenrij en de lichtbeuk. Er zijn in de kerk drie roosvensters. De

westelijke gevel heeft er één, de noordelijke gevel en ook de zuidelijke gevel. Bij de ingang

van het gebouw staat een beeld van Maria met kind. In de kooromgang, op de afsluitwand

van het koor, vinden we beschilderde reliëfbeelden uit de eerste helft van de 14e eeuw. Aan de

noordkant zijn het scènes uit het leven van Christus; aan de zuidkant: Christus verschijningen

na de Verrijzenis. Het zijn levendige gehelen waarbij de figuren evenwichtig geschikt zijn. Het

koorgestoelte dateert uit de 17e eeuw (de tijd van Lodewijk XIII). Op het hoofdaltaar hebben

we de piëta van N. Coustou geflankeerd door Lodewijk XIII en Lodewijk XIV (A. Coysevox). Het

orgel van Cliquot dateert van 1730.

6. Bij de bouw van de Notre-Dame had de bouwheer Stenen kruisribgewelf

de algehele leiding. De bouwheer wil zeggen de

opdrachtgever. In de tijd dat de Notre-Dame gerealiseerd moest worden hield de opdrachtgever

zich ook heel intensief bezig met het ontwerp van het gebouw. De opdrachtgever van

de bouw van de Notre-Dame was Maurice de Sully. Sully was een briljant prediker. Hij is in

1160 benoemd tot aartsbisschop van Parijs en mocht van zijn vriend Lodewijk VII zijn eigen

katherdraal laten bouwen. Sully wilde een gebouw dat gewijd was aan de maagd Maria. Hij

wilde de twee kerkgebouwen die er stonden vervangen door één kerkgebouw. Het mooiste

en grootste kerkgebouw ooit.

7. De Notre-Dame ligt op een eilandje in de Seine. De Seine is een natuurgebied dat door Parijs

stroomt. Omdat de Notre-Dame in een natuurgebied ligt is dit dus het enige ecologische

aspect van de Notre-Dame.

De kathedraal Notre-Dame zegt al genoeg over zijn maatschappelijke context. Het dient binnen

Parijs als kerk. De maatschappelijke context is dus godsdienstig.

8. Zowel binnen als buiten de Notre-Dame zijn de meeste constructieve en decoratieve

gemaakt van steen. In de wanden zijn in een bepaald metsel verband zandstenen gelegd met

vrij grote afmetingen. Deze zijn met een bepaalde specie met elkaar verbonden. Het metselverband

is niet overal gelijk. Wel een veel voorkomend

verband is het halfsteens-verband. De dakconstructie

is gemaakt van dikke houten balken die in een vrij

complexe manier aan elkaar zijn geconstrueerd. Op het

dak liggen zandsteen dakelementen die er voor zorgen

dat het hemelwater afgevoerd kan worden via een van

zandsteen gemaakte goot. De glas-in-lood ramen zijn,

zoals de naam al zegt, gemaakt van gekleurde glasplaatjes

die in lood gelegd zijn. Een bekend voorbeeld

van glas-in-lood ramen zijn de roosvensters in drie van

de gevels van de Notre-Dame.

sponsored by

62 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by Roosvenster in één van de gevels van de Notre-Dame

63


05: Notre Dame

Bouwperiodes van verschillende elementen zijn als volgt weergegeven.

A. Façade (1200 - 1225)

B. Narthex (1163 - 1182)

C. Schip (1163 - 1182)

D. Middenpad (1163 - 1182)

E. Zijpaden (1163 - 1182)

F. Kapel (1250 - 1345)

G. Transept (1163 - 1182)

H. Kruising (1163 - 1182)

I. Koor (1163 - 1182)

J. Koor (1163 - 1182)

K. Zijpaden voor het koor (1163 - 1182)

L. Kapellen van het zijpad van het koor (1250 - 1345)

M. Ambulant (1250 - 1345)

06: le Louvre • het oude gebouw

Ontwerper

Het Louvre kent naast een rijke historie van het gebouw ook een rijke

historie aan architecten die hebben bijgedragen aan het vormen van het

betreffende gebouw zoals deze nu te bezichtigen is. Dit mag ook wel want

aan het Louvre is een 8 tal eeuwen gebouwd de laatste architectonische

toevoeging vond plaats in 1993 door I.M. Pei namelijk de piramide die symbool

staat voor de eeuwigheid, deze piramide laten we bij deze analyse

buiten beschouwing.

Gebouwbeschouwing

Door de jaren heen hebben achtereenvolgens de volgende architecten aan het Louvre hun

bijdrage gegeven: Androuet Ducerceau, Lemercier, Levau, Parrault, Percier en Fontaine,

Viscontie en Lefuel. Deze architecten hebben eigenlijk allemaal het groots opgezette plan

uit 1546 gemaakt door Pierre Lesco. Pierre Lescot die als grondlegger gezien kan worden van

het huidige Louvre leefde van 1515 tot 1578. Hij was een Frans architect en legde samen met

de beeldhouwer Goujon de grondslag voor het Franse Classicisme. Van hun eerste gemeen-

Musée Carnavalet Fontaine des Innocents Le Chateau de Vallery

schappelijk werk, het doksaal van de St-Germain l’auxerrois (1541-1545) zijn slecht enkele

fragmenten bewaard gebleven. Lescot werkte ook aan het Hotel de Ligneris, het tegenwoordig

Musée Carnavalet (1554) Ook heeft Lescot de Fontaine des Innocents in 1949 ontworpen.

Tenslotte heeft hij Le Chateau de Vallery

ontworpen.

1. Het Louvre was in het begin een

vestingtoren aan de rivier, een voor bescherming

van de stad Parijs opgericht

bouwwerk. Een vijandelijke aanval van Filips II Augustus (1223)

de vikingen viel het eerst te verwachten

Karel V (1380) Hendrik II (1559)

daar waar nu het Louvre museum gevestigd is. Het Louvre vormde hier (1190) het westeinde

van de stad, La Bastille had dezelfde vergelijkbare functie in het oosten van de stad.

Het grootste gedeelte van het Louvre is gebouwd in Renaissance en Classicistische stijl, het

oorspronkelijk Louvre was het kasteel van Filips II. Dit gebouw was zeer massief gebouwd

omdat dit als vestiging diende, Louvre betekent immers niets anders dan vesting. Overigens

zijn de fundamenten van de oudste vesting op deze plaats nog te bezichtigen.

sponsored by

64 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

gebouwanalyse post-muur gebouw

1.3 + 1.4 (zie achterin)

by 65


06: le Louvre • het oude gebouw

De meeste delen van het Louvre zijn voorzien van gevels

met vele kleine bogen. Echter een aantal delen, zoals

de collonade van Perrault is echter meer een klassieke

bouwstijl, veel massa is hier te zien en er zijn kleine

raamopeningen, het toppunt van een Frans Classicisme

volgens Perrault.

In eerst instantie lag Louvre aan de rand van de stad,

waar slechts weilanden in de omgeving lagen. Tegenwoordig

ligt het Louvre midden in de stad. Opvallend

is dat nergens in de buurt hoogbouw plaats gevonden

heeft. Waarschijnlijk omdat het Louvre de aandacht moet

krijgen.

2. De hoofdvorm van het Louvre is op onderstaande afmeting

duidelijk te zien. Kenmerkend aan het gebouw is

dat het min of meer te spiegelen valt. In totaal is er

60. 000 m 2 aan tentoonstellingsruimte en de totale

grootte is 160106 m 2 groot.

Het Louvre bestaat eigenlijk uit allemaal balken met

daartussen kleine torens. Het oorspronkelijk idee van Lescot

was om naast het middeleeuwse vierkant, 9 assen te

vormen,deze vormt nu de zuidelijke helft van de westvleugel.

Het Louvre is over de gehele lengte 3 bouwlagen

hoog, met plaatselijke verhogingen van kleine torens.

Het Louvre is zo groot dat het je 45 minuten kost om er

omheen te wandelen.

3. Pierre Lescot bouwde het Pavillon du Roi en de zuidwestelijke

hoek van de Cour Carrée. Het twee verdiepingen

hoge renaissancepaleis werd volgens de lokale

traditie van hoge zadeldaken voorzien. Ook wordt de

verticale bouw benadrukt door de lijsten.

De colonnade van Perrault is zo als eerder vermeldt een

meer klassiek gebouw, deze is voorzien van een zadeldak

in het midden van de gevel, waardoor eigenlijk een beeld

van midden en zijschip ontstaat.

Tevens is er gebruik gemaakt van het Classicisme,

verticale paviljoenen en horizontale gevels, sober maar

versierd met fijne decoraties als de Franse lelie.

De façade van Perrault is een veel besproken onderwerp.

Over het lange stuk staan 28 zuIlenparen verdeeld, omringd

door hoekrisalieten en in het midden de middenrisaliet.

Velen vragen zich af of ze in Griekenland of Rome

ook 28 zuIlenparen zo droog naast elkaar hadden gezet.

Als nieuwe, waardevolle ingang voor het Louvre is in

06: le Louvre • het oude gebouw

1993 de glazen pyramide in gebruik genomen. Deze

hoofdingang vervangt 40 verschillende ingangen.

Opvallend is dat in de colonnade kleine ramen

aanwezig zijn en dat in het Renaissance gedeelte,

ramen gevestigd zijn die of vierkant zijn of een

flauwe ronde boog hebben, weliswaar kleine ramen

waardoor het gebouw een vrij massief uiterlijk

heeft.

4. Het oudste gedeelte van het Louvre is ontstaan

in 1190, toen diende het als fort, gevangenis, wapen

en kunst opslagplaats. Rond 1360 werd het een koninklijke

residentie waar allerlei koninklijke gelegenheden

gehouden werden. Het gebouw veranderde

toen Karel de vijfde er torens, standbeelden en

schoorstenen er bij liet bouwen.

In 1415 hebben de Engelsen geprobeerd het Louvre

te plunderen, hierdoor zijn schatten van het

oorspronkelijke Louvre in het buitenland beland. Schematische weergave van het Louvre

Door deze plundering werd het gebouw aan haar lot

over gelaten en werd het een ruïne. In 1527 heeft het Louvre een grote renovatie ondergaan

onder het bewind van Frans de eerste, in 1540 was het bouwwerk geheel opgeknapt en in

1546 kwam de hand van Pierre Lescot er aan te pas. Vervolgens trok Hendrik de tweede in het

gebouw. Zodoende begon men aan de bouw en elke koning na Frans de eerste had zijn eigen

visie op het Louvre. Tijdens het bewind van Lodewijk V kreeg het gebouw de faam die het

nog steeds heeft, het werd het middelpunt van kunstenaars en handwerklieden. Tijdens het

bewind van Lodewijk IX waren er al 2400 kunstvoorwerpen en werd er een groot deel bijgebouwd,

maar hij verplaatste zijn hof naar Versaille met het gevolg dat het Louvre tientallen

jaren verhuurd werd, het raakte zo in verval dat bijna besloten werd om het af te breken.

Napoleon III gaf het Louvre zijn definitieve vorm. Hij liet twee gebouwenblokken bouwen om

de vleugels aan te vullen. Het Paleis van de TuIleries ging echter door brand verloren.

Tegenwoordig is het nog steeds een wel gewaardeerd museum waar per jaar ca. 5 miljoen

mensen pronkstukken als de Mona Lisa komen bekijken. Typerend is dat de collectie die bekeken

kan worden maar 5% van het totaal is.

5. Het Louvre zelf is op dit moment onderverdeeld in acht aparte afdelingen. Voordat het

Louvre geopend werd had het de functie als vesting ontmoetingsplaats voor de jacht en

daarna ook als gevangenis. De plattegronden evenals

de constructie, interieur, meubilair en licht zijn

daarom vanzelfsprekend drastische veranderd. Wel

kan gesteld worden dat mede door deze geschiedenis

constructief gezien een stevige opbouw heeft

gezien de functie’s.

Het hedendaagse Louvre werd gekenmerkt door Louvre, Richelieu

zijn donkere gangen en ontoegankelijkheid. Dit is

sponsored by

66 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored gebouwanalyse post-muur gebouw

4.2 + 4.3 (zie achterin)

gebouwanalyse post-muur gebouw

4.2 + 4.3 (zie achterin)

by 67


06: le Louvre • het oude gebouw

veranderd na de aanbouw van het ‘nieuwe Louvre.’

Het Louvre heeft 5 inpandige pleinen en een groot

plein/tuin die gedeeltelijk omsloten is door de

‘vleugels’ van het Louvre. Het interieur kent vele

kunstobjecten waaronder het wereldberoemde

olieverfschilderij geschilderd door Leonardo da Vinci,

de Mona Lisa. Dit schilderij met een afmeting van

slechts 77 x 53 cm is één van de vele kunstobjecten

die het Louvre telt. Er zijn zoveel objecten dat ‘het

bedrijf’ te groot zou worden als alle werken tentoon

werden gesteld. De Mona Lisa is tevens gevestigd in

de Grande Galerie, welke overkoepeld word door een

glazen koepel. Tevens zijn 3 binnenplaatsen voorzien

van immense glazen koepels. De draagconstructie

van de zadeldaken die op het hele Louvre te zien

zijn, dragen op allemaal kolommen. Tussen deze

kolommen zijn de ramen gevestigd.

6. De eerste vertegenwoordigers van het koningsgeslacht

van Capetingers lieten op de plek van het

huidige Louvre in de vroege Middeleeuwen een

vestiging bouw. Frans I, renaissance vorst, ontwierp

plannen voor een algehele verbouwing van het Louvre

en kan gezien worden als opdrachtgever van het

huidige Louvre. Hij gaf opdracht aan Pierre Lescot

die in samenwerking met de beeldhouwer Goujon

begon aan de Cour Carree en werkte tot zijn dood in La grande Galerie

1571. Door de jaren heen veranderderde de opdrachtgevers

en werden hun wensen ook gedeeltelijk uitgevoerd, echter kan wel gezegd worden

dat het idee van Pierre Lescot als rode draad gevolgd werd

06: le Louvre • het oude gebouw

bang om te verdwalen of ondeskundig/onvoorbereid

door het Louvre te lopen. Hierdoor komt het

vaak voor dat een bezoek uitgesteld wordt totdat

ze gepensioneerd zijn. Algemeen kan dus gezegd

worden dat men trots is op het Louvre waarbij de

mate van trotsheid afhangt van de gebeurtenissen

die invloed hebben op het Louvre. De Fransen zij ook

betrokken bij het Louvre omdat zij zelf degene zijn

die het museum subsidieerden.

“De colonnade, het toppunt van het Frans

Classicisme.”,aldus Perrault

8. Het Louvre is een heel groot gebouw dat door

de eeuwen verschillende aanpassingen heeft

doorstaan en is gelegen bij de Seine in Parijs. Het

overgrote deel van de buitenzijde van het Louvre is

toe te schrijven aan de steensoort: lichte kalksteen.

Gesteld kan worden dat vele bouwmaterialen zijn gebruikt voor de bouw van het Louvre, van

Parijse kalksteen voor het Middeleeuwse Louvre, Steen uit Conflans voor de decoraties, wormstrepig

metselwerk als oppervlak voor de Cour de Sphinx, Keizerlijk marmer voor de beelden

en zelfs ook carrara-marmer. Maar ook imitatie is in het Louvre te zien, zo zijn de muren van

de vertrekken van Anna van Oostenrijk bedekt met gestuct imitatiemarmer. Andere materialen

als grijs, blauw, groen, rood, geel marmer zijn gebruikt, evenals steen uit Chassange en

steen uit Bourgonge. Maar ook de traditionele baksteen is gebruikt, dit voor de stallen van

Napoleon de derde.

info:

Adres:Palais du Louvre; Cours Napoléon;

75001, Parijs

Bouwtijd : 1190-1993

Openingstijden :

Elke dag geopend van 09.00 - 18:00.

Gesloten op dinsdag. Voor specifieke

openingstijden van de verschillende

ingangen en onderdelen van het

Louvre zie de website.

Gesloten op dinsdag, 1 januari, 1 mei,

15 augustus en 25 december.

Op woensdag- en vrijdagavond is het

Louvre tot 21:45 geopend.

Prijs : Volwassenen:

8,50euro (van 18.00 - 21:45

6,00 euro)

Kinderen onder 18 jaar: gratis

De eerste zondag van de maand en

op 14 juli is entree voor iedereen

gratis, Voor tijdelijke tentoonstellingen

kunnen de prijzen verschillen.

Openbaar vervoer:

Metro: Palais-Royal, Louvre

Bus: 21, 24, 27, 39, 48, 67, 68, 69, 72, 75,

7 ,81, 85, 95

Website: www.Louvre.fr

De tussen 1667-1673 gebouwde

façade door Claude

Perrault is nu de alom

bekende monumentale colonne.

Deze is gemaakt van

hoge dubbele kolommen

waarvoor Perrault gewapend

beton gebruikte, de

galerie wordt onderbroken

door ramen. In het Louvre

zelf is veel marmer terug te

vinden in vormen van korinthische

pilaren. Ook zijn er

een aantal glazen koepels

sponsored by

68 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored gebouwanalyse post-muur gebouw

4.2 + 4.3 (zie achterin)

Cour Carrée

7. Het Musee de Louvre heeft door de jaren heen een divers imago gehad. Dit was afhankelijk

van de interesse van de mens die werd veroorzaakt door bijvoorbeeld de media. Mensen in

Parijs zijn trots op het Louvre, maar sommige vooral oudere mensen zijn er ook bang van,

plattegrond van het Louvre

gebouwanalyse post-muur gebouw

4.2 + 4.3 (zie achterin)

by 69


07: le Louvre • de nieuwe entree

Ontwerper

De architect van de piramide du Louvre is de Chinees-Amerikaanse

Architect Ieoh Ming Pei. Pei is geboren in Canton in China in 1917. Toen hij

achttien was is hij naar de Verenigde Staten gegaan om daar architectuur

te studeren aan de MIT en aan Harvard. Tussen 1942 en 1945 werkte

hij als betontechnoloog. Na wat andere bedrijven kwam hij terecht bij

een bedrijf waar hij op de architectuur afdeling ging werken. Architectuur

interesseerde hem wel en in 1960 begon hij zijn eigen bedrijf. Vanuit

Ieoh Ming Pei

dit bedrijf heeft hij veel ontwerpen gemaakt waaronder de Piramide du

Louvre de huidige ingang van het Louvre. I.M Pei is vooral bekend door zijn gebouwen met

staal en glas. Pei gebruikt het staal als constructie en het glas geeft samen met het staal een

modern imago. Door de combinatie van glas met staal domineert de ruimte in de gebouwen

van Pei. Toch vindt Pei dat architectuur niet als tijdsgebonden gezien moet worden. Dit

in tegenstelling tot zijn inspiratiebron Walter Gropius. Over de ontwerpen van Pei zijn veel

controversen ontstaan, doordat hij vaak moderne gebouwen zet in een omgeving met veelal

oude gebouwen. Iets wat veel mensen niet begrijpen. Naast de piramide du Louvre heeft Pei

meer gebouwen ontworpen. Opvallend is de Apple store in New York. In plaats van een glazen

piramide is dit een glazen kubus. Deze kubus geeft eveneens toegang tot een ondergronds

gebouw. Andere ontwerpen van Pei zijn het Duits historisch museum en de Bank of China

Tower in Hongkong.

Apple Store New York; Duits historisch museum in Berlijn; Bank of China in Hongkong

Gebouwbeschouwing

1. De Piramide du Louvre is de ingang van het Louvre en staat dus voor het bekende museum.

De Piramide staat op een groot plein met naast zich nog enkele kleine piramides. Rondom de

Piramide staan fonteinen die de nodige sfeer met zich mee brengen. Rondom de Piramide ligt

een vijver, waardoor je door de weerspiegeling van de Piramide op het water kan zien waar

de Piramide onder de grond zich bevindt. Naast dat deze plek zo bijzonder is omdat het voor

een groot en bekend museum staat, ligt ook dit gebouw op de Grand Axis of historische as

van Parijs. Tussen dit gebouw en la Grande Arche kan je een lijn trekken en dan zal je op deze

lijn ook de beiden Arc de Triomphe’s vinden en ook de obelisk. Samen met la Grande Arche

wordt dit gebouw gezien als de afsluiting van een tijdperk waarin de axe historique in Parijs

07: le Louvre • de nieuwe entree

is ontwikkeld.

In dit gebouw zit weinig echte massa. Dit is ook gebruikelijk bij een modern gebouw. De combinatie

van glas met staal maakt het een hele lichte constructie waarin lichtval een belangrijke

rol speelt. Toen dit gebouw neergezet was bleken vele Parijzenaars en andere Fransen

boos te zijn. Hoe kon het nou dat zo een mooi oud gebouw een zo moderne ingang heeft.

Veel mensen snapten ook niet wat de link was tussen de Piramide en het Louvre zelf. Toch

bleek Pei wel gekeken te hebben naar het omliggende gebouw. Als je goed kijk(zie plaatje)

dan zie je dat de Piramide precies dezelfde hoogte heeft als het Louvre. Ook lijkt het alsof de

punt van de Piramide een deel van het gebouw aanwijst. In ieder geval richt het bij het zien

van deze foto de focus daar op.

2. De hoofdvorm van dit gebouw spreekt voor zich, namelijk

de naam is Piramide du Louvre, of te wel het gaat

hier om een piramide. Het leuke wat je op veel plaatjes

niet kan zien is dat er ondergronds ook een Piramide zit.

sponsored by

70 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by De piramide in verhouding tot omliggend gebouw

71


07: le Louvre • de nieuwe entree

Natuurlijk wel een omgekeerde

piramide. De Piramide

heeft een hoogte van 21,6

meter, een basislijn van 43,2

meter en een hellingshoek van

50,7 graden. Deze afmetingen

zijn in proportie de afmetingen

van de grote piramide in

Gizeh. Deze proportie is wel zo

gekozen dat de hoogte van de piramide ongeveer overeenkomt met het omliggende Louvre.

Naast de grote piramides staan er ook nog een aantal kleine piramides. Deze piramides

hebben in verhouding tot de grote piramide maar een geringe hoogte. Deze kleine piramides

die dienen als lichtkoepel worden door Pei zelf piramidions genoemd en zorgen dus voor de

ondergrondse verlichting van de ruimtes daar.

3. De façade is geheel van glas

en staal. Als de fonteinen aangaan

is dit geheel een prachtig

zicht en geeft deze piramide

een mooi affiche voor het

museum. Eigenlijk kan je wel

zeggen dat de hele piramide

bestaat uit ramen. Lichtval is

voor Pei heel belangrijk binnen

een gebouw. Daarom zal

je in zijn ontwerpen veel glas

zien zoals hier ook weer het

geval is. De entree is van een

afstandje niet echt goed te

zien. Dit om de zuivere geometrie

van de piramide niet te

veel aan te tasten. De entree is

een inham van een aantal meters breed en een diepte van ongeveer 2 meter. De piramide zelf

is de entree voor een ander gebouw en als je binnenkomt in de

piramide is daar een heel ruimtelijk gevoel. Doordat je de lucht

gewoon kan zien lijkt de piramide nog grootser dan het al is.

4. De functie van de piramide is een entree vormen voor het

complexe Musée du Louvre. Het Louvre is een groeicomplex.

Het begon als kasteel en is met vele vleugels uitgebreid en is

nu een heel complex gebouw. Om de mensen duidelijk te laten

zien waar de ingang van het Louvre zich bevond is besloten

dit gebouw neer te zetten. In het ondergrondse deel van de

piramide zitten winkeltjes van het museum, filmzalen van

het museum en restaurant van het museum. De bouw van dit

Plattegrond van ondergrondse deel van Piramide du Louvre

07: le Louvre • de nieuwe entree

gebouw is begonnen rond 1988 en de “oplevering”

was in het jaar 1991. Door het vele glas zullen de “ramen”

in dit gebouw regelmatig gewassen moeten

worden. Door de moderne bouwmethode met een

staalskelet zal dit gebouw niet aangetast worden

door zure regen en dergelijke. Een erg onderhoudsvriendelijk

gebouw dus. De precieze betekenis van

de piramide is volgens Pei: “het is een snijpunt van

twee betekenislijnen, een functionele betekenis als

lichtkoepel en een monumentale betekenis”

5. De plattegrond van de piramide zelf is er eigenlijk

niet. Het is interessanter om te kijken wat er zich

onder de piramide bevindt. De grote piramide fungeert als ingang voor het achterliggende

Musée du Louvre. Het plein onder de grote piramide biedt toegang tot de drie vleugels van

het museum zelf. Ook is op de plattegrond goed te zien dat er in elke hoek van het plein een

aparte ruimte zit. In de ene hoek zit een souvenirwinkel in een andere zit een restaurant en in

weer in andere staat een groot beeldscherm en kunnen dus films bekeken worden.

Naast de grote piramide zijn er ook nog drie kleine piramides. Deze kleine piramides bevinden

zich boven de eerdergenoemde drie verbindingswegen die leidden naar de drie verschillende

vleugels van het museum. De drie kleine piramides zorgen voor het licht in deze

gangen. Door het gebruik van natuurlijk licht zal er overdag geen elektrisch licht gebruikt te

hoeven worden. Natuurlijk zorgt de grote piramide voor het licht op het onderliggende plein.

Hierdoor krijg je op dit ondergrondse plein het gevoel dat je toch nog buiten staat. Ook hier

hoeft dus overdag geen elektrisch licht aanwezig te zijn.

Het interieur van de piramide volgt de stijl van de piramide. Het interieur is vooral modern.

De trap, zoals goed te zien is op de foto, is net zoals de piramide gemaakt van glas en staal.

Ook de plafondafwerking is van metaal, waardoor ook het interieur een modern imago heeft.

De constructie bestaat geheel uit staal. Het glas ligt in een stalen frame en dit stalen frame

wordt bij elkaar gehouden door een achterliggend stalen frame welke bij elkaar gehouden

wordt door middel van staalkabels. Vanaf de buitenzijde gezien is deze achterliggende constructie

niet te zien en lijkt het stalen frame waarin de ramen liggen de hoofddraagconstructie

te zijn, maar vanaf de achterzijde van de ramen gezien is dit duidelijk niet zo. De stalen

sponsored by

72 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Foto van het interieur van de Zuid-Oost hoek van de Piramide du

Louvre.

by 73


07: le Louvre • de nieuwe entree

kabels en het stalen frame achter de ramen zorgen voor de benodigde stabiliteit en zijn

eigenlijk de hoofddraagconstructie.

6. Het was Francois Mitterrand, president van Frankrijk die de beslissing nam om het Palais

du Louvre (eerst was het ministerie van Financiën erin gehuisvest) te veranderen in één van

de grootste musea te wereld, Musée du Louvre. De bedoeling van Piramide du Louvre (door

I.M. Pei 1989) was om dit museum goed toegankelijk te maken doormiddel van een mooie

entree. De entree moest het centrum van het nieuwe netwerk van verbindingswegen onder

het Cour Napoleon worden. Al deze verbindingswegen leiden naar een ander deel van het

museum.

7. Opdrachtgever Francios Mitterrand, president van Frankrijk heeft opdracht gegeven tot

het bouwen van het Piramide du Louvre. De keuze werd gemaakt aan de hand van een vrij

grove schetst gemaakt door I.M. Pei. Vanuit de bevolking kwam veel protest tegen de keuze,

welke inhield dat er een glazen piramide voor het Louvre zou komen te staan. Het moderne

Piramide du Louvre paste niet bij de klassieke trots van Parijs, het Musée du Louvre. Inmiddels

is het tij gekeerd en heeft de Piramide du Louvre de harten van vele Fransen gewonnen. De

Piramide du Louvre heeft het Musée du Louvre geholpen in de top 4 van de grootste musea

ter wereld te komen.

8. De materialen die gebruik zijn voor het realiseren van de Piramide du Louvre zijn met

elkaar verbonden stalen kabels waartegen zich de stalen ruitframe’s zitten met daarin het

glaswerk. Dit glaswerk is licht getint en ontworpen door St. Gobian. Hierbij is gekozen voor

een tint die in overeenstemming is met de honingkleurige stenen van

het ‘oude Louvre.’

Omdat de draagstructuur van de piramide van staal is, moet deze beschermd

worden tegen brand. Staal gedraagt zich namelijk bij brand

anders dan de meeste bouwmaterialen. Het is zo dat staal bij een bepaalde

temperaratuur begint in elkaar te zakken. Bij de piramide du

Louvre hebben ze het staal beschermd met een bepaalde coating. Dit

kan je op de volgende foto goed zien, er is namelijk geen bekleding te

zien dus zal er een verflaag aangebracht zijn die voor de nodige brand

bescherming zorgt.

info:

Adres: Zie musee du Louvre

Bouwdatum: 1991

Openingstijden: 9:00-18:00

Prijs: Entree piramide zelf is gratis,

voor prijzen museum zie musee du

Louvre.

Openbaar vervoer: Metro : station

Palais-Royal/musée du Louvre

Bus : bus 21,24,27,39,48,68,69,72

,81,95

Website: http://www.Louvre.fr/

Close-up van de constructie van de Piramide du Louvre

08: Arc De Thriomphe Du Carrousel

ontwerpers

Arc de thriomphe du Carrousel

De architecten van de Arc de Triomphe du Carrousel

zijn Percier en Fontaine.

Zij kregen samen de opdracht om de nieuwe triomfboog

voor Napoleon te ontwerpen. Percier(1764-

1834) en Fontaine (1762-1853) zijn beide neo-klassisitische

Franse architecten. Percier en Fontaine

studeerden beiden aan de Académie des Beaux-Arts.

Samen behaalde ze de tweede plaats bij de Prix de

Rome en hebben ze veel gebouwen ontworpen. Zo Links: Charles Percier Rechts : Pierre Fontaine

hebben ze één van de toen nieuwe vleugels van het Louvre ontworpen en zijn zij de architecten

van bijna alle gebouwen aan de Rue de Rivoli (zie afbeelding). Samen zijn Percier en

Fontaine de grondlegger van het neo-klassisisme. Ook wel bekend onder de naam empire

style.

De rue rivoli vanaf de achterzijde gezien.

Gebouwbeschouwing

Arc de thriomphe du Carrousel

1. Deze triomfboog is gelegen voor het Louvre. De

boog is zo geplaatst dat je door deze poort de grote

Arc de Triomphe kan zien liggen. In de omgeving van

deze poort staan dus geen gebouwen behalve het

Louvre en daarom valt de poort extra op. Hetgeen

Napoleon er ook mee wilde bereiken, want het was

toch een triomfboog en nu kon iedereen zien wat hij

allemaal bereikt had en nog ging bereiken. Duidelijk

aan deze poort is dat er veel bouwmassa aanwezig

is en dat er geen mogelijkheid is om in de poort

te gaan, wat bij de grote arc wel mogelijk is. Aan

de ligging en de plaatsing is duidelijk dat het hier

gaat om een gebouw dat voor iedereen zichtbaar is,

namelijk van vrij ver is de triomfoog al te zien. De boog ligt ook op de Grand Axis van Parijs

zodat dit gebouw dus erg opvallend is.

2. De vorm van deze triomfboog is afgeleid van de triomfboog van keizer Septimus Severus,

sponsored by

74 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 75


08: Arc De Thriomphe Du Carrousel

die in het Romeinse Rijk ook een triomfpoort

had laten bouwen. De afmetingen van het

geheel zijn: 19,2 meter hoog(tot aan hoogste

punt), 22,86 meter breed en 7,3 meter diep.

De afmeting van de bogen zijn: de grote is 6,4

meter hoog en 2,75 meter breed en de kleine

is 4,7 meter hoog en ook 2,75 meter breed. Dit

lijkt niet zo te zijn, maar het is wel de waarheid

en als je voor de boog staat zal dit beter

passen dan als het nu van een papiertje lijkt.

3. Boven op de Arc staat de vierspan met de

godin van de vrede. Deze is gemaakt in 1828.

Op alle zijden staan oorlogstaferelen, dit zijn alle veldslagen die Napoleon Bonaparte had

gewonnen. Door deze vele oorlogstaferelen konden de Fransen allemaal zien wat Napoleon

al gedaan had voor Frankrijk. De pilaren aan de voorzijde zijn van marmer. Toch is het wel

tegenstrijdig, de godin van de vrede op een boog met allemaal oorlogstaferelen.

4. In 1806 is de bouw van de Arc de Triomphe du Carrousel begonnen en in 1808 is hij opgeleverd.

Eigenlijk kan je zeggen dat deze boog weinig functie heeft. Het is voor Napoleon een

stukje imponeren van het volk zodat hij zijn eigen volk tevreden houdt. In die tijd hadden

waren weinig mensen op de hoogte van wat voor veldslagen er allemaal waren en op deze

manier konden ook deze mensen zien wat Napoleon allemaal voor hen betekend heeft. Het is

gerechtvaardigd te zeggen dat deze triomfboog voor Napoleon zelfverering is.

5. Deze triomfboog is een massief object en dus is er geen interieur. De constructie bestaat

uit acht pilaren. Aan de voor en achterzijde staan 4 pilaren. Tussen deze pilaren zitten rondbogen.

Aan de voorzijde duidelijk te zien. Bovenop die pilaren ligt de bovenconstructie waar

de vierspan opstaat. Een plattegrond van dit gebouw is er niet echt, omdat het een massief

object is. De plattegrond van de constructie zou de eerder beschreven acht pilaren bevatten,

maar verder niets. Daarom is deze plattegrond niet toegevoegd, maar in het sketch up plaatje

kan je de constructie zien.

6. De opdrachtgever voor de bouw van deze triomfboog is Napoleon Bonaparte. Hij wilde

een boog maken om aan het volk te laten zien wat hij allemaal bereikt heeft. De enige eis die

gesteld werd was dat het genoeg ruimte bevatte om alle veldslagen

info:

die Napoleon erop wilde zetten er op te kunnen zetten.

Locatie: Voor de piramide van het

Louvre

Website: geen specifieke website

www.wikipedia.fr geeft meeste

informatie

Bereikbaarheid: Via metro Halte

Louvre

Opdrachtgever : Napoleon Bonaparte

Jaartal begin : 1806

Jaartal oplevering: 1808

7. Over ecologische aspecten valt weinig te zeggen, hier is namelijk

geen rekening gehouden. Over deze triomfboog zal toch wel gepraat

zijn, het is namelijk voor te stellen dat een inwoner van Parijs niet blij

geweest zal zijn met het vele geld dat er in de triomfboog gegaan is.

Verder is het niet exceptioneel of speciaal dat er nu nog over gepraat

werd.

08: Arc De Thriomphe de l’Etoile

8. De Arc zelf is gemaakt van een soort kalksteen,

deze werd in de tijd waarin deze boog gebouwd

werd veelvuldig toegepast. De pilaren zijn gemaakt

van een rood/roze kleur marmer. Het vierspan op

de boog is gemaakt van brons. Natuurlijk word ook

deze boog regelmatig onderhouden, omdat ook hier

sprake is van verschillende soorten aantasting.

Ontwerper

Arc de Triomphe de’l etoIle

De ontwerper van de Arc de Triomphe is François

Thérèse Chalgrin (1739-1811). Chalgrin was een

Franse architect die gestudeerd heeft in Servandoni

in Italie waar hij winnaar werd van de ‘Grand Prix du

Rome’ (1758). Hij herbouwde in 1777 een deel van de

kerk van St. Sulpice in Parijs. Zijn meest invloedrijke

werk was de kerk van St. Philippe-du-Roule waarbij

de kerkelijke architectuur opnieuw geïntroduceerd

werd. Ook vergrootte hij de ‘College de France. En

in 1806 kreeg hij de opdracht van Napoleon tot het

bouwen van een overwinningssymbool wat de ‘Arc

de Triomphe de l’EtoIle werd. Kort na de start van de

bouw van dit bouwwerk overleed François Thérèse

Chalgrin.

Gebouwbeschouwing

Arc de Triomphe de’l etoIle

1. De Arc de Triomphe ligt aan het einde van de

Champs-Elysées, op de top van de Chaillot hill

midden op de rotonde/plein Place de Gaulle waarvandaan

12 straten gekozen kunnen worden. Aan

de aangrenzende straten zijn veel bomen waardoor

het aangenaam maakt een terrasje te pakken, die

hier veel te vinden zijn. Als door de Arc de Triomphe

gekeken wordt kunnen achterliggende triomfbogen

gezien worden. De belangrijkste en bekendste straat

die aan de rotonde ligt is de Champs Elysées. Duidelijk

blijkt dus dat dit bouwwerk door veel mensen te

zien moest zijn. In de plattegrond van de stad lopen

veel van de wegen naar deze Arc de Triomphe.

2. Omdat de Arch de Triomph gezien moest worden

vanuit de omgeving om de overwinningen te vieren

die Napoleon met de vrijwilligers en generaals had

sponsored by

76 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

St. Sulpice in Parijs

by 77


08: Arc De Thriomphe de l’Etoile

gevierd tegen de barbaren, moest de Arc van grote

afmeting worden. De Arc de Triomphe heeft als

hoofdvorm een grote boog die een afmeting heeft

van 54 hoog en 48 met breed. De boog is zo groot

dat er zelfs een keer een vliegtuig onderdoor is

gevlogen.

3. Op het monument zijn veel beeldhouwwerken te

zien van o.a. naakte Franse mensen die de barbaren

verslaan. De beeldhouwwerken zijn gemaakt

door de volgende beeldhouders: Jean-Pierre Cortot,

l’église Saint-Philippe-du-Roule

Francois Rude, Antoene Etex, Pradier en Lemaire. Het

dak is plat met daarboven een kleiner dak met aan de randen wederom beeldhouwwerken.

De boog kent vier ingangen waarbij een hoofdopening die als twee hoofdingangen gezien

kan worden en twee kleinere ingangen die loodrecht op de hoofdopeningen staan. In de

Arc de Triomphe zitten geen ramen en deuren die echt opvallen, ze zijn er wel omdat het

mogelijk moet zijn om naar boven te kunnen maar in eerste instantie lijkt de aanwezigheid

te ontbreken.

4. De Arc de Triomphe is gebouwd in 1806 vanwege de viering van de overwinning van de

veldslagen van Napoleon. Per gewonnen veldslag is er een schild geplaatst, te zien boven in

de Arc, waarvan er 30 hangen. Ook staan er namen van 558 generalen die veldslagen gewonnen,

sommige zijn onderlijnd omdat deze zijn overleden in de strijd. Ook is er onder de Triomfboog

een onbekende soldaat begraven in 1920 die symbool staat voor de slachtoffers die

gevallen zijn in de oorlogen. Bij dit graf brandt ook een vlam ter nagedachtenis aan de velen

Franse soldaten die zijn gesneuveld. Omdat de Triomfboog op een rotonde is gelegen en de

gesteente gevoelig zijn voor uitlaatgassen zal er regelmatig onderhoud uitgevoerd moeten

worden. Een aantal jaar geleden is er ook een lift de triomfboog gezet zodat ook mindervalide

van het uitzicht op de Arc kunnen genieten.

5. Er is geen meubilair in het gebouw aanwezig, in ieder geval niet die origineel daarin opgenomen

waren en deze hebben dus met de uitstraling van het gebouw niet veel te maken. De

08: Arc De Thriomphe de l’Etoile

plattegrond kan gezien worden als een boog met 2

ingangen waarbij twee ingangen in de constructieve

delen van het bouwwerk zijn gemaakt. Als interieur

kunnen de hiervoor genoemde schilden, namen van

generalen en de brandende vlam genoemd worden.

6. De opdrachtgever van de Arc de Triomphe was Napoleon

Bonaparte. Hij gaf opdracht tot het bouwen

van een bouwwerk dat symbool zou moeten staan

voor zijn behaalde overwinningen.

7. De Arc de Triomphe heeft op het moment een belangrijke positie in de stad Parijs. Omdat

dit een centraal punt is (er komen 12 wegen op uit) is dit een bruisend deel van Parijs. Toen in

1806 begonnen werd met de

bouw van deze triomfboog

was er hevig verzet tegen deze

boog. Eigenlijk was het niet de

boog waartegen de protesten

waren. Het waren meer

protesten tegen Napoleon

Bonaparte. Hierdoor heeft de

bouw van deze boog wel 20

jaar stil gelegen, maar uiteindelijk

werd toch besloten de

boog af te maken. De boog

staat ook wel symbool voor

de macht/sterkte van Frankrijk rond 1800.

8, De Arc de Triomphe is voornamelijk opgebouwd uit kalkzandsteen. Deze steensoort is

gevoelig voor vervuiling zoals uitlaatgassen van de auto’s die daarom ook een gevaar vormen

voor de status van dit monument. Het bouwwerk wordt daarom op dit punt goed in de gaten

gehouden door de verantwoordelijke

hiervoor.

sponsored by

78 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Adres: Place de Gaulle

Bouwtijd :

1806-1836

Openingstijden : 10.00 tot 23.00

Prijs : 30 euro voor groep scholieren(30)

Openbaar vervoer: Metro: lijn 1, 2 and

6, station Charles-de-Gaulle-EtoIle

RER: lijn A, station Charles-de-Gaulle-

EtoIle; Bus: lijn 22, 30, 31, 52, 73, 92

en Balabus

by 79


09: La Grande Arche

Ontwerper

De architect van La Grande Arche is de Deen Johann Otto von Spreckelsen.

Von Spreckelsen won de inschrijving voor dit gebouw. Deze inschrijving

was voor een gebouw dat de wijk La Defense zou verbinden met

de historische binnenstad. Von Spreckelsen leefde van 1929 tot 1987. Hij

was onder andere architect, maar ook professor aan de kunstacademie.

Von Spreckelsen is ondermeer bekend door de ontwerpen van verschillende

Deense kerken. Vooral de sobere stijl van de kerken en het weinige

daglichtopeningen vallen daarbij op. Alle gebouwen van von Spreckelsen Otto von Spreckelsen

hebben een geometrische, vorm alles is strak en lineair. Ronde vormen zul

je in zijn ontwerpen niet tegenkomen. De bouw van de Arche begon in 1989. Dat is dus nadat

von Spreckelsen was overleden. Paul Andreu nam de honneurs voor van Spreckelsen waar,

maar het ontwerp bleef zoals hij door von Spreckelsen was bedoeld. Opmerkelijk is dat Von

Spreckselen alleen 4 kerken en zijn huis heeft gerealiseerd.

Sankt Nikolaj Kirke (katolsk) in Esbjerg 1969; Stavnsholt Kirke in Stavnsholt 1981; Vangede Kirke i Vangede 1974

Gebouwbeschouwing

1. Dit gebouw is gelegen in de wijk La Defense. Het is ontworpen om de verbinding te maken

tussen de wijk La Defense en het historische centrum van Parijs. La Grande Arche ligt daarom

op de historische as van Parijs. Op die historische as liggen ondermeer de Arc de Triomphe de

l’EtoIle, de obelisk, de Arc de Triomphe du Carrousel en de piramide van het Louvre en het Louvre

zelf. Overigens is goed te zien dat La Grande Arche niet geheel haaks op de as staat, maar

licht verdraait. Door deze verdraaiing zit er ook een zekere zin van afzijdigheid in dit gebouw.

De kubus staat onder een hoek van 6,5° met de middenas van La Défense, omdat de Cour

Carrée eenzelfde hoek maakt ten opzichte van het Louvre. Het gebouw staat tussen over het

algemeen hoogbouw. Dit komt doordat de wijk La Defense een kantoorwijk is en de grond

in Parijs duur is. Toch valt La Grande Arche door zijn

ontwerp wel op. Vanuit het historische hart van Parijs is

dit “raam” het eerste wat je opvalt als je naar de wijk La

Defense kijkt. La Grande Arche ligt in het verlengde van

de Champs-elysees, dit is de hoofdweg in het centrum

van Parijs. Dit gebouw is zo in het landschap geplaatst

dat je hem altijd ziet als je vanaf het centrum naar La

Defense gaat.

Zoals goed te zien is op bovenstaande foto is dat La

Grande Arche weinig bouwmassa heeft. Het grootste

deel van het gebouw is “lucht”. Alleen aan de boven-

Doorsnede van de Arch

09: La Grande Arche

zijde onderzijden en twee zijkanten kunnen kantoren zitten. Dit gebouw is niet gemaakt om

mensen te herbergen, maar het is gebouwd om een verbinding te maken en waarschijnlijk

ook om mensen richting de wijk La Defense te krijgen. De afbeelding toont dat onderdoor La

Grande Arche onder andere een autoweg gelegen is.

2. De hoofdvorm van dit gebouw is een kubus. Alleen

is van deze kubus het midden weg gehaald, daarom

lijkt het op een raam. Officieel mag je de hoofdvorm

ook geen kubus noemen, namelijk de afmetingen

van dit gebouw zijn: 110m hoog, 108m lang en 112m

breed. Bij benadering is de hoofdvorm dus een kubus.

Alleen is deze vorm totaal niet meer te herkennen

in dit gebouw. Door de taps toelopende voor

en achterzijden lijkt het gebouw veel hoger te zijn

dan breder. In werkelijkheid is dit dus niet zo. Von

Spreckelsen zelf zei over zijn ontwerp: Het raam is

te groot voor een raam op de omgeving; het richt de

blikken hoger, naar de lucht, naar ongeziene verten.

Het is een venster op de wereld. Dit geeft aan waarom

hij de illusie heeft willen wekken dat dit gebouw

hoger is dan breder. Het moest omhoog gericht

zijn. Het raam is door de hoogte te groot geworden

sponsored by

80 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

CCTV-gebouw in China

by 81


09: La Grande Arche

om alleen een raam te zijn op de omgeving. De

link valt te leggen tussen La Grand Arche en het

nieuw CCTV gebouw in China, ontworpen door

Rem Kolhaas, dit gebouw heeft namelijk ook een

venster, alleen dit kantoor gebouw is ontworpen

voor de Chinese televisiemaatschappij.

3. De overweldigende vorm van het gebouw

maakt het noodzakelijk om de detaillering aan

de buitenzijde ondergeschikt te maken. Om

de vorm van het gebouw niet te verstoren en

de aandacht te vestigen op het venster, is er

gekozen voor een systeem van blokken van 9 bij

9 feet. Echter de constructie van het binnendak

dient weer wel om de abstracte vorm af te breken.

In deze elementen zijn de ramen opgenomen en opvallend is dat aan de voorzijde geen

ramen gevestigd zijn, dit omdat dan de aandacht wordt gevestigd op het venster en niet op

de detaillering aan de voorzijde.

Aan de voorzijde van het gebouw is een enorme trap te zien, een grootse entree. De werkelijke

entree echter zijn er drie. In het midden heb je er één en aan de linker en rechterzijde ook.

Waarschijnlijk is de middelste entree bedoeld om in het onderste deel van de arche te komen

en de linkse en de rechtse entree zijn voor de etages in de twee poten. De lift is bestemd voor

de mensen die op de bovenste verdieping werken. Het dak is te bereiken met 4 glazen liften

tussen 2 poten.

In de voorgevel zijn geen ramen te zien. Dan is automatisch de vraag waar zitten die ramen

dan. In het zijaanzicht kan je goed zien dat het grootste deel van de linker en rechterzijgevel

glas is. Daar zitten dus de ramen. Als je vanaf de voorkant op het gebouw kijkt lijkt het dus

gesloten en het lijkt niets anders te zijn dan een sculptuur, maar niets is minder waar, want

aan de zijkanten is goed te zien dat het gebouw helemaal niet een sculptuur is. Er zitten

veel kantoren in dit gebouw en het is veel minder

gesloten als dan aan de voorkant blijkt. Dit is niet

vreemd, want wie de andere gebouwen van von

Spreckelsen bekijkt ziet hetzelfde. Zijn gebouwen

moet altijd een gesloten karakter hebben. Maar om

de gebouwen toch leefbaar te houden zijn er aan de

niet zichtzijde altijd ramen aangebracht.

Het dak fungeert als een uitzichtplaats, waar je een

panoramazicht hebt van 360 graden.

4. Na de Eerste Wereldoorlog werd de Arc de Triomphe

een gewaardeerd monument, dit door het graf

van de onbekend soldaat. Het stadsbestuur vond dat

er een te abrupt einde kwam aan de as door de stad.

Er moest iets gedaan worden met deze plaats, en in

1926 werd een architectenwedstrijd uitgeschreven.

plattegrond van de Arch en zijn 12 kolommen

09: La Grande Arche

Ook le Corbusier deed hieraan mee, de wedstrijd

werd echter nooit voltooid. Ook in 1931 werd een

wedstrijd gehouden, de voorwaarde was dat het te

ontwerpen gebouw niet hoger werd dan de Arc de

Triomphe. In 1983 werd Von Spreckselen na de derde

wedstrijd uitgeroepen tot winnaar. La Grande Arche

werd geopend op 14 juli 1989, precies 200 jaar na de

bestorming van de Bastille, waarmee ook de functie

als monument onderschreven werd.

Naast de verbindingsfunctie en monumentale van

dit gebouw heeft het een aantal andere functies.

In het gebouw zitten ruimtes voor vergaderingen,

conferenties, exposities en natuurlijk zitten er veel

kantoren in dit gebouw, hetgeen logisch is voor een

gebouw in een zakenwijk. Op het moment wordt

het veelal bezocht door toeristen. Het gebouw

wordt veelal gebruikt door kantoorpersoneel. Doordat

het gebouw aan het einde van de beroemde as

in Parijs staat, wordt het ook wel genoemd: ‘la touche finale’. Omdat dit gebouw nog niet oud

is (1989), is het alleen nog maar gebruikt door de eerder beschreven mensen en gebruikt voor

de eerder beschreven functies. Ook is er in het gebouw een restaurant aanwezig, een souvenirwinkel

en de mogelijkheid bestaat om een rondleiding te krijgen.

5. Zoals voorgaand vermeld, bestaat de gevel uit blokken van 9 bij 9 feet. Deze zijn volledig

geprefabriceerd en ze zijn daarna geplaatst in de gevel. Zeer eenvoudig met behulp van 2

haken aan de bovenzijde en 2 klemmen aan de onderzijde van het element.

Tussen de boogpijlers hangt aan stalen kabels een reusachtige wolk, die mistslierten moet

voorstellen, welke tussen grote wolkenkrabbers ook hangen. De overspanning, op 70 m

hoogte, rust op balken van 9 m en 70 m lengte, de 12

palen waarop La Grande Arche is gefundeerd zijn 30

meter lang. (zie afbeelding)

Links is de plattegrond te zien van een van de

bovenste etages. Duidelijk te zien is dat links en

rechts kantoren zitten. Dit is aan de buitenzijde ook

goed te zien, omdat daar de ramen zitten. Aan de

noordzijde zijn drie zalen te zien waar lezingen en

conferenties gehouden kunnen worden. Mogelijk

kunnen hier ook films afgespeeld worden, waaronder

een film over hoe La Grande Arche gebouwd is.

Aan de zuidzijde zijn waarschijnlijk drie open ruimtes

te zien, mogelijk zijn dit de expositieruimtes.In

het eerste blokje links van het midden zijn hoogst

waarschijnlijk de liften.

De maquette toont hoe het betonnen skelet van de

Arche in elkaar zit. De balken van 9 meter zijn hier

sponsored by

82 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

maquette

by 83


09: La Grande Arche

ook duidelijk zichtbaar. De voet van het gebouw is net als de top van het gebouw, ook in de

vorm van een skelet. Het interieur van het gebouw is van hetzelfde soort als het exterieur van

het gebouw. De kantoren zijn elegant ingericht. Men spreekt over de combinatie van elegantie,

prestaties en onafhankelijkheid, die in de kantoren wordt gevormd. Aan lichtinval is geen

gebrek is, uit foto’s van kantoren blijkt zelfs dat het gebouw zeer veel lichttoetreding heeft.

6. Vereist werden: uitzichtteras, zaal voor bijeenkomsten en conferenties, tentoonstellingsruimten

kantoren en dienstruimten. Maar La Grande Arche moest vooral een monument

worden.

7. Over de moderne wijk, zijn de meningen verdeeld.

De één vindt het, het toppunt van hedendaagse architectuur,

de ander ervaart het als te groots en ongezellig.

Symbolisch is dat de Arche op 14 juli 1989,

de 200ste geboortedag van de Franse Revolutie,

werd ingewijd. De Boog verdedigt de mensenrechten,

de

boog

van

broederschap,

in die

zijn

staat

de boog

goed

ramen in La Grande Arche.

09: La Grande Arche

bekend in maatschappelijk opzicht.

“Het raam is te groot voor een raam op de omgeving; het richt de blikken hoger, naar de

lucht, naar ongeziene verten. Het is een venster op de wereld” Aldus Von Spreckselen.

8. Het gebouw weegt 300.000 ton en heeft 450 miljoen euro gekost. De liften zijn onder

andere van glas vervaardigd en het hele gebouw rust slechts op 12 pijlers. De gevel bestaat

uit geanodiseerd aluminium dat op de betonnen gevel is bevestigd. De constructie van het

binnendak of ‘les nuages’ is niet van de Deense architect. De façade is dan nu van aluminium

gemaakt, brons was de wens geweest van Von Spreckselen, dan wel roestvast staal. De binnengevels

van de Arche de l’ Humanite zijn bekleed met Carrera marmer,de buitenzijden met

een lichtgrijze marmersoort die beter weerstaat aan de luchtvervuiling. Elke plaat weegt 800

kg, 35,000 platen zijn verwerkt en ze kosten 90.000 euro per stuk. De platen van 2,8 bij 2,8

meter zijn bevestigd in een

aluminium frame met daarin

bruingetinte vensters. Geen

wonder dat het gebouw 450

miljoen euro heeft gekost.

sponsored by

84 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Adres: parvis de la Défense; 92044

Paris La Défense cedex

Tel : 01 49 07 27 27

Bouwdatum : 1989

Openingstijden : 10h à 20h 1 april tot

30 September 2007

Prijs : 6 euro voor scholieren

Openbaar vervoer: Gare saint-Lazare

Website: http://www.grandearche.com/

by 85


10: Cité Universitaire • Nederland

Ontwerper

Het gebouw Cité Universite Nederland is ontworpen door de Nederlandse

architect Willem Marinus Dudok. Willem Marinus Dudok is geboren op

6 juli 1884 in Amsterdam. Dudok is begonnen in het leger. Hij was daar

een forten bouwer. In 1915 kwam hij in dienst van Gemeente Hilversum.

In deze periode was Hilversum een snelgroeiende stad. Dudok ontwierp

voor deze stad in ontwikkeling veel gebouwen waaronder veel scholen en

ander openbare gebouwen. Dudok bepaalde voor een groot gedeelte het

aangezicht van Hilversum. Hij ontwierp ook vele wijken. Willem Dudok

werd in 1928 benoemd tot de gemeentelijke architect van Hilversum. Één van zijn bekendste

gebouwen in Hilversum was het raadhuis [zie afbeelding 2]. Dudok werd niet alleen bekend

door gebouwen maar ook door het ontwerpen van monumenten. Een bekend voorbeeld van

een monument die Dudok ontwierp, is het ontwerp bij de afsluitdijk. Dudok ontwierp niet

alleen gebouwen in Hilversum. Een ander gebouw dat Dudok ontwierp is de bijenkorf in

Rotterdam [afbeelding 3]. Dit gebouw werd tijdens de 2e Wereldoorlog zwaar beschadigd is

nu afgebroken. Voor de oorlog ontwierp hij ook een gebouw in Utrecht, de stadsschouwburg.

[afbeelding 4]. In 1954 ging Dudok met pensioen. 0p 6 april 1974 overleed Dudok op 89 jarige

leeftijd. Gebouwen die zijn ontworpen door Dudok:

andere ontwerpen van Dudok

Gebouwbeschouwing

1. Het gebouw cite Universite Nederland is gelegen in het 14de arrondissement van Parijs. Het

is gelegen in de wijk Quartier Montsouris Dareau. Het gebouw van Dudok staat op een groot

complex waar allerlei gebouwen staan. In totaal

staan er 38 gebouwen op het complex. Al deze

gebouwen zijn door verschillende landen gebouwd.

Het Cité universite complex is een groot terrein aan

de rand van Parijs. Het Nederlandse gebouw staat

aan de rand van het Park. Het staat rechts van het

Franse instituut. Het Franse instituut is veel groter

dan het Nederlandse. Qua hoogte is het Franse ook

10: Cité Universitaire • Nederland

wel wat hoger maar veel scheelt dit niet. Achter het

Nederlandse gebouw ligt het Indonesische gebouw.

Dit gebouw is qua oppervlakte niet veel kleiner dan

Nederland maar qua hoogte wel. Het Nederlandse

gebouw behoort qua oppervlakte tot 1 van de grootste

van heel het terrein. Qua hoogte behoort het

ook tot de hoogste gebouwen.

2. De hoofdvorm van het gebouw is een rechthoek.

Midden in het gebouw zit een patio. Het bruto

vloeroppervlakte van het gebouw is 8330 m 2 , het geveloppervlakte

is 6800 m 2 . De Bruto inhoud van het

gebouw is 23.400m3. Het gebouw is 50 meter lang

en 56 meter lang de hoogte is 32 meter hoog op zijn

hoogste punt. Zoals u kunt zien op afbeelding 5. Is het gebouw van Dudok een gebouw wat

afwisselend is van hoogte. De hoogte is op geen enkele plaats gelijk. Eigenlijk bestaat hetuit

een groot aantal balken. Je kunt het gebouw eigenlijk opdelen in 5 balken. Je hebt vier balken

rond de Patio. En 1 hoge balk die de hoogte

ingaat.

3. Het gebouw bestaat uit vier gevel aanzichten. Deze gevelaanzichten kunt u hieronder

vinden. Als Dak vorm heeft

het hele gebouw een plat

dak. Op sommige plaatsen

heeft een dak een overstek. De

hoofdingang van het gebouw

bevindt zich in de oostgevel.

De ingang kun je betreden

door eerst de trappen op te

lopen. In de zuidgevel zit nog

een deur. In het gebouw zit één

Zuid- en westgevel

rond raam. Voor de rest zitten er vooral veel vierkante/rechthoekige ramen in het gebouw. In

de noordgevel zit veel glas dit zorgt voor licht in de hoge toren.

In de doorsnede kunt u goed zien dat het gebouw uit meerdere verdiepingen bestaat. Je kunt

ook goed zien dat zich onder het maaiveld ook nog twee kelders bevinden.

4. Het gebouw had als functie te dienen als huisvesting

voor studenten. Deze studentenhuizen werden

foundations genoemd. Het gebouw zou dienen

als studentenhuizen voor Nederlandse studenten.

Het gebouw is op dit moment erg verwaarloosd

en is nu niet bewoonbaar. De staat wil het gebouw

weer terug krijgen in zijn oorspronkelijke functie.

Het gebouw was klaar in 1938 en toen werd het

gebouw geopend. Het gebouw moest daarna nog

ingericht worden, de tweede en derde verdieping

van de oostvleugel werden in 1945 ingericht. In 1990

werd de keuken opnieuw ingericht en uitgebreid,

sponsored by

86 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 87


10: Cité Universitaire • Nederland

door in studeerkamers de

keuken te verplaatsen.. Het

gebouw was in slechte staat,

in februari en maart 1999

vond en technische analyse

plaats. De betonnen funderingen

van het gebouw waren

nog allemaal in orde. In de

muren rondom gebouw waren

veel kleine scheuren ontstaan.

De kozijnen van het gebouw

waren allemaal in een slechte

staat. Het gebouw moet gerenoveerd

worden. De totale

kosten voor het renoveren van

het gebouw zijn 7.800.482

euro. De grootste kosten zitten

in het restaureren van de

buiten en binnen wanden. oostgevel, noordgevel, langdoorsnede, dwarsdoorsnede

5. Op de plattegrond is goed

de patio binnen het gebouw te zien. De patio was het centrale punt van het gebouw. In deze

patio was ook een vijver aangebracht deze vijver is ook goed te zien. Het gebouw heeft in

totaal 9 verdiepingen en een begane grond en twee kelder verdiepingen. De constructie van

het gebouw bestaat uit gewapend beton met koppelbalken. Over deze koppelbalken liggen

de vloeren. De fundering van het gebouw bestaat uit een strokenfundering van stampbeton.

De constructie is voor de rest uitgevoerd in zwaar ijzer (de wapening). Het interieur van

de studentenkamers is over het algemeen hetzelfde. De kamers bezitten een bureau, bed,

wandbetimmering met kasten, de vloer is belegd met eiken strokenparket. In het gebouw zit

onder andere een muziekzaal, grote zaal, thee galerij, wasserij en een kelder. Het licht in het

gebouw speelt een belangrijke rol. De glasschacht vormt voor veel licht in de toren. Voor het

licht in de studentenkamer zitten veel ramen. Op de beneden verdieping zorgen grote ramen

voor veel licht in de ramen. In de grote zalen zorgen ook veel grote glas partijen voor veel

licht.

6. De opdrachtgever voor het ontwerpen van het gebouw was de Franse minister van onderwijs

André Honnorat. Deze minister wilde goede studentenvoorzieningen creëren. En andere

reden voor het maken van de Cité was, dat de contacten tussen verschillende

culturen de kans op oorlogen zou verkleinen. In het programma van

eisen stond onder meer, dat het gebouw ontworpen moest worden door

een Nederlandse architect. De keuze viel op Dudok omdat de Fransen onder

de indruk waren van zijn Raadhuis in Hilversum(zie afbeelding 2). Het

gebouw moest eenvoudig en sober zijn. Er moest geen overbodige luxe

in het complex zitten. In het gebouw moesten volgens de opdrachtgever

minstens 100 studenten gevestigd kunnen worden. Er moest een strikte

scheiding zijn tussen jongens en meisjes afdelingen. De opdracht gevers

eisten ook appartementen voor de staf, een inlichtingenbureau, conferen-

10: Cité Universitaire • Nederland

tie ruimte, bibliotheek, muziekkamer

en studeerkamers.

Aan al deze eisen heeft Dudok

voldaan

7. Qua ecologische aspecten

heeft het Cité Universitaire

geen bijzondere aspecten. Qua

maatschappelijk heeft het gebouw

wel een grote waarde.

Het gebouw is genomineerd

om op de monumentenlijst

in Frankrijk te komen. Het

gebouw heeft voor Nederland

ook wel een belangrijke

waarde. Het gebouw vertegenwoordigd

Nederland in

het park en daarom moet het

in perfecte staat zijn, om een

goede indruk te maken. Mede

hierdoor heeft het ministerie

van onderwijs, cultuur en

wetenschap een bedrag beschikbaar gesteld voor de renovatie van het gebouw.

8. De buitenwanden van het gebouw zijn gemaakt uit een betonnen skelet. Dit is gevuld

met metselwerk van niet dragende holle baksteen. Een aantal wanden zijn wel gemaakt van

dragende bakstenen. Alle wanden zijn na voltooiing van de bouw afgewerkt met een pleisterlaag.

De dragende binnenmuren van het gebouw zijn uitgevoerd in massieve bakstenen. De

kozijnen in het gebouw zijn allemaal gemaakt van staal. De vensterbanken van zwart marmer.

Alle vloeren zijn gemaakt van beton. Ook alle plafonds zijn afgewerkt met een stuclaag.

De platte daken zijn opgebouwd uit keramische holle elementen. Een

10 tal jaar geleden is de dakbedekking aangepast. De dakranden van

het gebouw bestaan uit gewapend beton. En zijn ook 10 jaar geleden

aangepakt en bedekt met zink en aluminium.

sponsored by

88 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Architect: Willem Marinus Dudok

Ontworpen: definitief ontwerp 1928

Bouwperiode: 1928-1938

Website: http://new.ciup.org/neerlandais.htm

Telefoonnummer: +33 140 78 5000

Fax: +33 153 01 6742

Openingstijden: Het gebouw is op

alle dagen geopend.

Adres: Collège Néerlandais

61, boulevard Jourdan

75014 Paris

Bereikbaarheid:

Het gebouw is makkelijk te bereiken.

Het eerste gebouw dat te zien is

als je van het metro station porte

d’Orleans richting het terrein loopt.

Vanaf het station naar links gaan en

je komt het vanzelf tegen.

by 89


Modulor

11: Cité Universitaire • Brazilië

Ontwerper

De ontwerper van Maison du Brésil is de Franse Architect Le Corbusier.

Zijn echte naam is Charles Edouard Jeanneret en hij is van herkomst een

Zwitserse architect, stedenbouwkundige, schilder en publicist. Le Corbusier

is geboren op 6 oktober 1887 en verdronken op 27 augustus 1965.

Hij hoort bij één van de grootse en meest besproken architecten van de

20ste eeuw. Le Corbusier vestigde zich in 1917, na uitgebreide studiereizen,

in Parijs. Waar hij de nieuwe richting in de schilderkunst, het purisme,

propageerde. In de periode 1920-1925 publiceerde hij veel artikelen met

bouwkundige ideeën in het door hem opgerichte tijdschrift L’Esprit Nouveau

. Deze gepubliceerde ideeën werden in de praktijk toegepast bij zijn

ontwerpen voor de Citrohan-Huizen 1919 en in andere huizen. De ontwerpen

van Le Corbusier hebben verschillende kenmerkende eigenschappen

zo heeft hij voor het eerst pilotis toegepast, dit zijn vrijstaande zuIlen van

gewapend beton, waarop het

bouwwerk rust. Ook kan gezegd

worden dat bij de ontwerpen, de

versieringen ontbreken. Hierdoor

ontstaan basisvormen zoals de kubus,

rechthoek, plat vlak, of cilinder. Door het maken

van doorlopende vensterrijen, glazen wanden en

platte daken bereikte hij dit en hierdoor ontstond

tevens ruimtewinst.

In de bouwwereld heeft Le Corbuisier tevens veel

invloed gehad door het introduceren van zijn ideeën

over een huis als machine die zo weinig mogelijk

inbreuk mocht maken op de individuele vrijheid

van de mens en de omringende natuur. Hij deed dit

doormid-

del van het

modulorsysteem

Maison Citrohan

Charles Eduoard Jeanneret

dat uitging van de verhoudingen van het menselijk

lichaam. Onderstaande afbeelding, geeft weer op

welke manier Le Corbusier rekening hield met het

menselijk lichaam.

Zijn ideeën werkte hij vooral uit voor de Tweede

Wereldoorlog, realisatie vond voornamelijk na deze oorlog plaats. In de Foundation Le Corbusier

te Parijs zijn de grootste collectie van zijn schilderijen en tekeningen en zijn bibliotheek

gehuisvest.

Villa Savoye, in Poissy is gebouwd tussen 1928-1931en wordt gezien als een van zijn grote

projecten en tevens als pronkstuk uit de architectuur van de 20ste eeuw. De Villa is gebouwd

door Dhr. Savoye een rijke verzekeraar.

Unité d’Habitation in Marseille is ook ontworpen door Le corbusier, het vertoond echter wel

11: Cité Universitaire • Brazilië

grote overeenkomsten met Cité Universitaire Brasil in Parijs.

Notre Dame du Haut, is een van de beroemde werken van Le Corbusier, opvallend is dat hier

de strakke verhoudingen van de bovenstaande gebouwen niet terug te vinden zijn. Wel is

veel beton gebruikt, zo is Notre Dame du Haut een gebouw bestaand uit beton, brutalistisch

Villa Savoye; Unité ‘d Habitation; Notre Dame Du Haut

maar niet zo als het gebouw in Marseille.

Andere werken van Le Corbusier in Parijs zijn:

1. Villa at Vaucresson, 1922,

2. Studio Apartment for Ozenfant, 1922,

3. La Roche Jeanneret Houses, 1923,

4. House for the sculptor Lipschitz, 1924,

5. Maison Cook, 1926,

6. Dortoir du Palais du Peuple, 1926,

7. Villa at Garches, 1927,

8. Maison Planeix, 1927,

9. Maison Church, 1928,

10. AsIle Flotttan, 1929,

11. Villa Savoye, 1929,

12. Pavillion Suisse, 1930

13. Apartment for M. Beistegui, 1930

14. Cité de Refuge, 1932

15. Appartments, 1933

16. Residence at La celle st. Cloud, 1935

17. Maison Jaoul, 1954

18. Maison du Brésil, 1959

Gebouwbeschouwing

1. Cité Universitair is verdeeld over 2 grote parken. In totaal zijn er 38 verschillende gebouwen

gelegen, het park is 40 hectare groot en er zijn zo’n 6000 residenties. Doordat er 38 gebouwen

gelegen zijn op een ruim gebied van 40 hectaren en ontworpen door bekende architecten

zoals Dudok en Le Corbusier, kan Cité Universitair ook als een groot museum gezien

worden. In dit museum worden de bouwstijlen van deze periode en landen vertoond.

De Cité is gelegen binnen de periferie van Parijs. Desondanks dat het binnen de periferie ligt,

geeft het een wijds gevoel. Op onderstaande afbeelding is te zien waar het gebouw ligt ten

opzichte van alle andere gebouwen.

sponsored by

90 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 91


11: Cité Universitaire • Brazilië

Naastgelegen gebouwen

de Cité van Marokko,

Indië,Noorwegen,

Zwisterland(ook van Le Corbusier)

en Portugal.

Het gebouw past goed in zijn

omgeving, het lijkt op het

gebouw van Zwitserland en

de naast gelegen gebouwen

zijn van dezelfde orde van

afmetingen als Maison du

Brésil. Tevens het een gebouw Overzicht van het park

met weinig bouwmassa, het

bestaat uit een skelet, welke veel ruimte creëert en de bouwmassa beperkt laat.

2. Onderstaande afbeelding, laat duidelijk zien dat

het hoofdgebouw van Maison du Brésil bestaat uit

een balk op een pijlers. Doordat het gebouw iets

los komt van de grond, heeft het gelijk een monumentaal

uiterlijk. In de balk van 5 bouwlagen hoog,

zijn 22 kamers voor 2 personen, en 78 kamers voor 1

persoon gevestigd.

In de plattegrond is weinig structuur aan de brengen,

echter opvallend is dat de laagbouw aan de

achterkant, bestemd is voor culturele activiteiten, de hoogbouw in het midden voor studenten

is, en de directie aan de voorzijde zit. Zo zijn de studenten toch dichter bij het culturele

centrum gevestigd dan de directie. De reden dat de laagbouw met een schuindak is uitgevoerd,

heeft te maken met het feit dat daar een vegetatiedak op gevestigd is. De vegetatie en

het schuin aflopen van het dak zorgt ervoor dat het overloopt in de natuur.

3. De façade van maison Brésil is geschilderd in primaire kleuren en in de kleuren van de

Braziliaanse vlag. Kenmerkend van Le Corbusier is het toepassen van bandramen, in de oostgevel

is dit toegepast, echter de westgevel kenmerkt zich door bandramen in het midden en

vierkante ramen in de rest van de gevels. De plattegrond laat zien dat achter de westgevel

o.a. het trappenhuis zich bevindt, mede daardoor zal de indeling van de achtergevel anders

zijn. Achter de oostgevel bevinden zich de kamers

voor studenten. Een ander kenmerk van Le corbusier

is dat hij in de kopgevels ramen toepast, echter bij

Maison Brésil is dit niet het geval.

Het dak van het hoofdgebouw is

plat, Le Corbusier past vaak een

daktuin toe, echter is dat bij het

hoofdgebouw van Maison Brésil

is dit niet het geval. De lagere

gebouwen zijn echter wel voor-

Schematische weergave van Maison du Brésil in een folder

Schematische plattegrond

11: Cité Universitaire • Brazilië

Façade van Maison Brésil Braziliaanse vlag

zien van een vegetatiedak. De gevels hiervan zijn vervaardigd van een ander materiaal. Dit is

om de accenten op het hoofd gebouw te leggen. De entree is als het ware onder het gebouw

gelegen, de kamers van de

studenten beginnen namelijk

pas om de 1e verdieping. Hetgeen

weer typerend is voor Le

Corbusier, hij koos ervoor om

de tuin als het ware door te

laten lopen onder het gebouw.

Westgevel; Oostgevel; Kopgevel

4. In 1952 startte de Braziliaanse regering met Lucio Costa, de plannen voor een huis voor

Braziliaanse studenten in Parijs. Le Corbusier wordt gekozen om het gebouw te ontwerpen,

in 1957 werd met de bouw begonnen en Maison du Brésil werd in 1959 ingewijd. In 1997

is begonnen met de renovatie van het gebouw, gesteund door de Braziliaanse regering en

het Franse Ministerie van Cultuur. De kamers worden gemoderniseerd

en de culturele ruimtes worden opnieuw ingericht, dit met het oog op

de verspreiding van de Braziliaanse

cultuur. De renovatie vond

plaats onder leiding van Bernard

Bauchet en Hubert Ri, dit wel in

overleg met belanghebbende als

Stichting Corbusier. In September

2000 werd het gebouw heropend.

Momententeel bezoeken

elke maand ongeveer 500 personen,

studenten of architecten

het gebouw. Sinds 2002 is een

permanente tentoonstelling te

bezichtigen over de bouw en de

restauratie.

Het gebouw Maison du Brésil

huisvest tegenwoordig niet

vegetatiedak

sponsored by

92 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

entree

indeling Maison du Brésil

by 93


11: Cité Universitaire • Brazilië

alleen studenten uit Brazilië maar ook uit vele andere landen.

Daarnaast is het gebouw een interessante bezienswaardigheid

geworden om te bezoeken waarvoor een entreeprijs wordt gevraagd

van 2 á 3 euro. Dat het gebouw interessant is, is veroorzaakt

doordat het gebouw ontworpen is door Lucio Costa (Braziliaanse

architect) en Le Corbusier, twee belangrijke architecten uit de 20e

eeuw. Verder zijn er een bibliotheek een theater, een cafetaria,

een expositie ruimte, een computer ruimte, een vergaderruimte

en leraren kantoren voor docenten in het gebouw gevestigd. Het

belangrijke monument maakt sinds 1985 deel uit van het levendige

Cité Universitaire. Le Corbusier paste als één van de eersten, gewapend

beton toe. Betonrot kwam echter voor bij Maison du Brésil,

tijdens de renovatie is dit aangepakt.

5. Op de onderstaande afbeelding is te zien hoe het gebouw

is opgebouwd. Het middelste deel rust op pijlers. In dat deel

zijn de studenten gehuisvest, en is de entree gevestigd(1), aan

oostzijde(onderzijde afbeelding)zijn van links naar rechts, het appartement van de directeur

gevestigd(11), zijn kantoor(12), het secretariaat (13) en de bibliotheek(14).

Aan de westzijde zijn gevestigd, de hal(2), kleine bar(3), appartement van de conciërge(4), de

loge(5), de toIletten(6), het theater(7), de speeltafels(8) ende garderobe(9)

Als op het hoofdgebouw wordt

ingezoomd, blijkt dit te bestaan

uit kamers voor 1 persoon(15) en

kamers voor 2 personen(16), ook is

een zogenaamde Salle de Musique

aanwezig(17), een collectieve

keuken(18), toIletten(19), 2 trappenhuizen

en een studiezaal(21)

en atelier(20). Nu is ook te zien,

waar de ramen in gevel, gevestigd

zijn in de ruimtes. Doordat elk

appartement 1 of meerdere ramen

heeft, is de hoeveelheid licht per

kamer gunstig. De appartementen

beschikken over veel daglicht en

over een balkon. Weer typisch Le

Corbusier om een balkon toe te

passen als zonwering, echter of dit

in dit geval veel nut heeft gehad,

bij een gevel op het oosten gericht.

Een nadeel is dat de appartementen

op het oosten zijn gericht, in de

avonduren zal het er snel donker

zijn.

betonrot

11: Cité Universitaire • Brazilië

Duidelijk is dat de gevel hier slechts als decoratie

dient, de draagstructuur bestaat uit betonnen

schijven en een skelet. Doordat de draagstructuur

een skelet is, bestaat de mogelijkheid om de ruimtes

tussen te schijven vrij in te delen.

6. In 1947 werd er een discussie gestart over het

vestigen van een Braziliaans huis. De opdrachtgever

van Maison Brasil in Parijs is de regering van Brazilië

geweest want in het Cité Universitaire werden in eerste instantie gebouwen gebouwd door

verschillende deelnemende landen om daar hun studenten, docenten en andere onderzoekende

personen te kunnen huisvesten. Tegenwoordig zijn de gebouwen bezet door mensen

van andere afkomst dan het land waardoor het gebouw is neergezet. En heeft het meerdere

functies gekregen dan alleen huisvestiging zoals een theather en bibliotheek.

7. Sommigen bekritiseren Maison du Brésil, het zou een extremere en surrealistischere uitwerking

zijn van Cité Universitaire Suisse. Overeenkomsten als het feit dat het op pijlers staat

en dat het ook een balk is, zijn te vinden. Echter de overeenkomsten met Unité d’Habitation

in Marseille, zijn veel sterker. Overigens is Cité Universitaire maatschappelijk gewaardeerd

met 38 verschillende gebouwen waarbij de studenten in uitzonderlijke culturele context van

de Universitaire internationale stad van Parijs kunnen genieten.

8. Het door le Corbusier ontworpen gebouw ziet er in eerste instantie heel modern uit, zo valt

vooral de strakke vorm op en het gebruik, naast de opvallende kleuren, van beton. De betonnen

elementen vormen doorlopende vensterrijen en er is gebruik gemaakt van veel glazen

wanden en zuIlen van beton. Deze elementen/materialen zijn hedendaags gebruikelijk om

veelvuldig toe te passen in nieuwbouw in tegenstelling tot de tijd waarin het Cité Universitaire

Brasil werd gebouwd (1957). Rond die tijd was het veel gebruikelijker om versieringen

toe te passen aan de gevelelementen. Le Corbusier koos hier expres niet voor omdat door

zijn ontwerp meer bruikbare ruimte ontstond. De betonnen zuIlen zijn van gewapend beton

die ook innoverend zijn voor die tijd en voor het eerst zijn toegepast door Le Corbusier bij de

Citrohan-Huizen 1919.

De west- noord- en zuidelijke gevels zijn met gewassen beton bekleed. De voorgevel bestaat

naast de uit honderd geschilderde levendige gekleurde objecten uit

afwisselend ruw en gewassen beton. Binnen is veelal het plafond van

ontkist beton en enkele wanden bij de entree zijn met glas opgebouwd.

De gevels van de laagbouw bestaan uit een soort natuursteen, welke

nog steeds een brutalistisch uiterlijk geeft, doordat grote stukken

steen zijn toegepast.

sponsored by

94 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Het park is te bezichtigen van 7.00

–22.00 u

Adres: Boulevard Jourdan; 75014 Paris

Tel : 01 58 10 23 00; Fax : 01 45 81

36 60

Bouwdatum : 1957-1959

Openingstijden : 10h à 20h 1 april tot

30 September 2007

Prijs : 2 a 3 euro

Openbaar vervoer: Station Cité

Universitair

Bus 21 67 68 PC1

Website: www.maisondubresil.org

by 95


12: Cité Universitaire • Zwisterland

Ontwerper

zie het gebouw hiervoor.

Gebouwbeschouwing

1. In het 14e arrondissement

van Parijs ligt het park Cité

Universitaire de Paris. Dit is

een groot campuscomplex

waar buitenlandse studenten,

die voor korte tijd in Parijs

verblijven, onderdak kunnen

krijgen. In dit park staan 38

verschillende gebouwen met

De ligging van het Zwitserse paviljoen in het park Cité Universitaire de Paris

achtergronden van verschillende landen. Er staan twee gebouwen die ontworpen zijn door

de architect Le Corbusier. Eén daarvan is ‘het Braziliaanse huis’ en het andere is ‘het Zwitserse

huis’. Het Zwitserse paviljoen, zoals het ook wel genoemd wordt, is omringd door vele massale

gebouwen. Het Zwitserse paviljoen zelf is ook een vrij massaal gebouw. Dit komt door

de breedte van het gebouw, de bouwmaterialen en de hoofdvormen van het gebouw. In het

park Cité Universitaire de Paris is er veel aandacht

besteed aan de architectuur. Alle 38 gebouwen hebben

iets bijzonders. Je kunt ook wel zeggen dat ze

allemaal uniek zijn. Maar wat er voor zorgt dat ze bij

elkaar passen is het feit dat de gebouwen traditioneel

zijn voor de cultuur waarbij ze horen. Het

gebouw van Le Corbusier was dat niet. Dus je zou

kunnen zeggen dat het gebouw om die reden niet

in deze omgeving past. Maar het gebouw is massaal

net als alle andere gebouwen en het representeert

Façade van het gebouw (drie dieptes)

een bepaalde cultuur net als elk ander gebouw daar.

Om deze redenen zou je kunnen zeggen dat het

gebouw wel in z’n omgeving past.

2. De hoofdvorm van het gebouw is een duidelijke geometrische vorm namelijk een balk.

Deze balk staat echter op een aantal poten, wat overigens een kenmerk van werken van Le

Corbusier is. Het gebouw staat op palen die de ervoor zorgen dat de eerste verdieping recht

boven de grond is gelegen. Deze poten hebben de vorm van beenderen. De begane grond

bestaat uit een ruimte met een aantal rechte en gebogen vormen. Deze ruimte kun je zien als

een losstaande aanbouw aan de balkvorm (de hoofdvorm van het gebouw). Deze aanbouw

is deels doorgetrokken naar de top van de balkvorm maar een ander deel blijft slechts op

de begane grond van het gebouw. Deze aanbouw is tevens het trappenhuis van het gehele

gebouw. Vandaar dat deze is doorgetrokken naar de top van het gebouw. Exacte afmetingen

van het gebouw zijn niet bekend maar de breedte van het appartementen complex zal ongeveer

70 á 80 meter zijn met een lengte/diepte van ongeveer 15 meter.

12: Cité Universitaire • Zwisterland

3. De voorgevel of façade van het gebouw bestaat

uit een gebouw dat een beetje afwijkt van het

hoofdgebouw. Op de begane grond is in de voorgevel

een holgebogen muur opgenomen. De eerste tot

en met de topverdieping liggen een aantal meter

verder naar achter als je deze verdiepingen bekijkt

vanaf de voorgevel. Het geen dat dan als eerste te

zien is, is het trappenhuis (ook met een holgebogen

voorzijde). Op de achtergrond daarvan ligt het appartementen

complex. Deze drie delen (receptie/entree,

trappenhuis en appartementencomplex) zijn

wel allemaal aan elkaar verbonden maar ze liggen

vanaf de voorgevel wel in verschillende dieptes. Het

dak van het gebouw is plat en volgt precies de vorm van de gevels. Er is dus geen sprake van

een dakoverstek. In de deuren van het gebouw is veel glas verwerkt. Als je vanaf een afstand

naar het bouw kijkt lijkt het alsof de ramen in gebouw niet voorzien zijn van een kozijn. De

ramen in het trappenhuis bestaan uit kleine rechthoekige stukken glas.

4. Het Zwitserse paviljoen is in 1930 ontworpen door Le Corbusier en Pierre Jeanneret. Samen

met 37 andere gebouwen kwam het Zwitserse paviljoen op het park Cité Universitaire de Paris

te staan met als doel buitenlandse studenten onderdak te geven. In het Zwitsers paviljoen

zijn er 42 kamers voor studenten. Ook bevat het gebouw een loge van conciërge, een eetzaal

en een bibliotheek. Toen in 1933 het gebouw werd ingewijd heeft het bij Zwitserland gezorgd

voor wat discussies omdat Zwitserse mensen in gedachten hadden dat er een traditioneel

Zwitsers gebouw zou komen te staan. Het gebouw was echter modern. Het is dus een revolutionair

gebouw geworden voor z’n tijd. Sinds 1986 is het Zwitserse paviljoen een nationaal

monument en wekelijks trekt het nog 200 a 300 bezoekers. In de loop der jaren heeft het

gebouw een aantal veranderingen ondergaan. In 1953 bijvoorbeeld is de voorgevel gewijzigd

en een aantal jaar later ontwerpt Le Corbusier nog een aantal meubels voor het gebouw. Ook

worden in 1957 de kamer qua kleuren nog wat aangepast. Verder is het gebouw nog steeds in

originele staat te zien in het park Cité Universitaire de Paris.

5. Het Zwitserse paviljoen bestaat in principe uit twee delen al het gaat om de constructie.

Je hebt het appartementencomplex dat rust op

dikke betonpalen een verdieping boven de grond

en je het de receptie en het trappenhuis dat hoogst

waarschijnlijk ook op een paalfundering rust maar

deze is boven de grond niet zichtbaar. Oftewel de

receptie en het trappen huis zijn gelijk met het

maaiveld en het appartementen complex zit ca. 3 a

4 meter boven het maaiveld. Om een constructie zo

groot al het trappenhuis overeind te houden zijn er

uiteraard ook nog kolommen onderin het trappenhuis

aangebracht van beton. De wanden zijn ook

van beton gemaakt. Zowel de verdiepingsvloeren

sponsored by

96 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Ramen in het trappenhuis en de slecht zichtbare kozijnen in de

voorgevel

Parkachtige omgeving rond het gebouw

by 97


12: Cité Universitaire • Zwisterland

als het dak van het

studentencomplex

is vervaardigd van

beton. Le Corbusier

staat er om bekend

staat dat hij daken

ontwerpt waar je

een tuin op zou kunnen

aanbrengen.

Het interieur binnen

het gebouw is grotendeels

ontworpen

door Le Corbusier

zelf. Dit geldt voor

zowel de studenten appartementen als in het trapgebouw.

Opmerkelijk is dat Le Corbusier veel gebruik maakt van kleuren

binnen het gebouw in de vorm van meubilair. Ook past

hij natuursteen toe, maar ook metaal en leer in de vorm van

stoelen en banken. Binnen de appartementen is veel hout

terug te vinden. Vloer bedekking is verder niet echt opmerkelijk

binnen het gebouw. Er wordt hier en daar stoffenvloerbedekking

toegepast en op andere plaatsen weer tegelvloeren.

Wel is ook erg opmerkelijk dat Le Corbusier veel strakke lijnen

heeft toegepast in het interieur. Er zijn veel grote witte vlakken

op de muren aangebracht en ook zoals eerder vermeld

hier en daar een muurschildering. Je kunt dus zeggen dat

het gebouw er van buiten vrij kaal uitzien (grof betonkleur is

behouden) en binnen zijn ook wel die strakke lijnen gebruikt

die buiten ook terug te vinden zijn maar van binnen valt op

dat er vrij veel felle kleuren zijn toegepast. Van binnen leeft

het meer dan van buiten. Dit word dan ook nog iets versterkt

door de lichtinval. Le Corbusier heeft vrij grote oppervlakken

gebruikt in de gevel als het gaat om glas. Dit zorgt, in

combinatie met die

kleuren, voor een

opleving binnen het

gebouw.

Gebruik van metaal (bank, stoelen, tafel), leer en natuursteen.

Lichtinval binnen de ruimte en opleving door kleuren

Appartement (veel toepassing van hout, strakke lijnen en felle

kleuren)

6. In 1930 is het

Zwitsers paviljoen

gebouwd. Zwitserland

mocht een

gebouw neerzetten

dan Zwitserland

min of meer zou

12: Cité Universitaire • Zwisterland

kenmerken en vertegenwoordigen. Aangezien Le Corbusier een Zwitsers/Franse architect

was gaf het Comité van Zwitserse Universiteiten Le Corbusier de opdracht om het Zwitserse

paviljoen te bouwen. Eén van de eisen van het comité was dat het gebouw voor studenten

traditionele architectuur uit Zwitserland zou weergeven. Le Corbusier zette echter een revolutionair

gebouw neer. Dit zorgde hier en daar in Zwitserland voor wat discussies en ophef

maar uiteindelijk is het gebouw wel geaccepteerd.

7. Om het Zwitsers paviljoen is een tamelijke bebouwde omgeving. Wel zijn alle gebouwen

binnen het park Cité Universitaire de Paris omgeven door grasvelden en ook zijn er in het

park bomen te vinden. Kenmerkend aan de grasvelden is, is dat de grasvelden perfect gesneden

zijn. Kenmerkend aan de bomen is, is dat ze enorm groot zijn. Je hebt binnen het park

dus wel degelijk het gevoel dat je in een park bent. Binnen de maatschappij is het Zwitsers

paviljoen een bezienswaardigheid voor toeristen. Ook dient het nog steeds als appartementen

complex voor studenten.

8. Le Corbusier heeft bij het ontwerpen van het

gebouw veel gebruik gemaakt van het materiaal

beton. Ook is dit terug te vinden op de gevels van

het gebouw. Je ziet namelijk veel ruwbeton blokken.

Ook is er in de gevel veel gebruik gemaakt van glas.

De kromme gevel op de begane grond bij de receptie

is gemaakt van beton met daarin ruwe grindkorrels

(decoratief), omdat het zo’n enorme constructie is

Zwitsers paviljoen ’s avonds. Rijkelijke toepassingen van verschil-

zal er ook veel gebruik zijn gemaakt van staal om lende kleuren in verschillende appartementen

het gebouw overeind te houden. Af en toe zie je ook

hout terug buiten het gebouw maar dat zal niet veel

verder gaan dan de kozijnen. Binnen het gebouw is

wel veel hout toegepast met name in de appartementen

van de studenten. Je ziet het onder andere

terug als scheidingswand tussen de keuken en het

bed.

sponsored by

98 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Adres : Fondation Suisse; 7, bd

Jourdan – F; 75014 Parijs

Tel: 01 44 16 10 10; Fax: 01 44 16 10 30

Reis per trein: Station RER B Cité

Universitaire

Reis per bus: 67, 21 en PC

Openingstijden: 10.00 – 12.00; 14.00

– 17.00

Website: http://www.fondationsuisse.fr/

by 99


13: Le Corbusier • Villa la Roche

Ontwerper

zie het gebouw hiervoor.

Gebouwbeschouwing

1. Villa la Roche is gelegen aan: 10, square du Docteur

Blanche in het 16de arrondissement. Villa la Roche

ligt aan de rand van Parijs. Dichtgelegen bij de

randsteden van Parijs. In het noordwesten van het

gebouw bevindt zich een groenstrook. Het gebouw

zelf is ook in het groen gebouwd. De villa is ingebouwd

door huizen, deze huizen zijn ongeveer in

dezelfde periode gebouwd. De wijk was in de jaren

1930 een rijke woonwijk. Een mooi contrast geeft

het dat de huizen ongeveer in hetzelfde periode

gebouwd zijn maar dat Villa la Roche er uitspringt

als een “modern gebouw”. Qua hoogte past het gebouw

goed in de omgeving. De hoogte is niet groter,

het springt er niet uit. De hoogte komt overeen met

de hoogte van de omliggende gebouwen.

2. De hoofdvorm van Villa la Roche is een balkvorm.

Het huis bestaat uit twee balken.deze vormen samen

een L. Er zijn ook kleine halve vormen aanwezig

maar dit behoort niet tot de hoofdvormen. De villa

is gebouwd in maart 1924 en was klaar in maart

1925. Het gebouw bestaat uit drie verdiepingen.

Met als laatste verdieping een dakterras. Op het

dakterras zijn een aantal overdekte plaatsen.

3. De façades van het gebouw worden gekenmerkt door hun spierwitte kleur. In de gevels

bevinden zich ook veel ramen. Deze ramen zorgen voor licht in het gebouw. De gevels zijn

niet allemaal even recht. De façade bestaan ook uit uitstekende vormen en openingen. De

openingen worden gevormd door balkons. De gevel van het hangende gedeelte op steunpilaren

heeft een gebogen gevel. Zoals te zien op de plattegronden verder op in de excursiegids.

Een andere gevel is het dak, zoals vaker bij

Le Corbusier, een leefgedeelte gevormd door een

enorm terras dat bijna het gehele oppervlakte van

het dak beslaat. Op het dak zou ook een daktuin gevormd

kunnen worden. De hoofdingang van de Villa

bevindt zich in de hoofdgevel Boven de deur bevindt

zich een afdakje. In deze gevel bevindt zich verder

op ook nog een deur. De tweede verdieping bestaat

uit veel ramen. Deze ramen zorgen voor veel licht

op deze verdieping. De derde verdieping bestaat uit

13: Le Corbusier • Villa la Roche

wat minder ramen op enkele plaatsen bevinden zich

wel wat ramen. De begane grond bestaat uit het

minst aantal ramen.

4. Het gebouw had als oorspronkelijk functie een

woning voor de familie La Roche en Jeannert. Het

gedeelte van La Roche, het grootste gebouw, bestaat

voor het grootste gedeelte uit galerieën. Raoul la Roche

was een fanatiek kunstverzamelaar en wilde in

de villa zijn schilderijen en kunstwerken opslaan. La

Roche woonde in dit huis alleen met zijn bediende.

Nadat Raoul la Roche stierf werden zijn kunstwerken verplaatst naar een museum in Basel.

In 1968 vestigde de foundation le Corbusier zich in de villa. Want Raoul la Roche had de villa

gedoneerd aan de foundation. De villa werd opengesteld voor bezoekers. In 1970 werd Villa

la Roche grondig gerenoveerd. Tijdens de renovatie moesten er vooral aanpassingen gedaan

worden om te voldoen aan de nieuwe veiligheidsregels. Ook werden er nieuwe verbindingen

gemaakt tussen de twee gebouwen die daarvoor alleen te bereiken waren via het dakterras.

Ook werden de vloeren gerestaureerd, deze werden zoveel mogelijk in de oorspronkelijke

staat gebracht, echter waren niet alle materialen meer te verkrijgen.

sponsored by

100Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

5. Er zijn drie verdiepingen inclusief de begane grond. De plattegronden

kunt u hier naast vinden. Het zijn de plattegronden de

na de aanpassingen van 1970. De constructie bestaat uit beton.

Dit is vooral gebruikt in de fundering. Het oorspronkelijk geplande

materiaal, baksteen met pleisterwerk was niet stevig genoeg

om de deuren aan te bevestigen en daarom moesten sommige

muren worden verstevigd met beton. Het interieur van de Villa

is ook helemaal ontworpen door Le Corbusier en Jeannert. Het

grootste gedeelte van het interieur is gemaakt door R. Louis.

Dit was de favoriete timmerman van le Cobusier. Er werden ook

metalen stoelen geleverd die zowel binnen en buiten gebruikt

kunnen worden. Het licht leverde in het begin een probleem. De

verlichting was te zwak en moest daarom vervangen worden

door sterkere. Op dit moment is de verlichting sterk genoeg.

6. De opdrachtgever van het ontwerpen is Raoul la Roche. Hij

was een goede vriend van le Corbusier. Nadat La Roche de villa

Schwob in La Chaux-de-Fonds (1916) had gezien, gaf hij Le Corbusier

opdracht voor hem ook een huis met galerie voor zijn verzameling

te bouwen. Het huis was bedoeld voor hem een bediende.

Over de kosten wordt geen woord gerept.

7. Villa la Roche betekent wel wat voor de maatschappij. Het is

een museum waar veel kunst te vinden is. Het heeft een maatschappelijke

betekenis. Voor ecologische aspecten is villa la Roche

by 101


13: Le Corbusier • Villa la Roche

geen goed voorbeeld. Met zijn vele ramen zou de

villa op dit moment niet voldoen aan de EPC-norm.

Citaat: Het is het oerinstinct van elk levend wezen

om zich te voorzien van een onderdak.

8. Het gebouw is voor het meest opgebouwd uit

beton. De muren zijn allemaal gepleisterd. Het

ondersteunende gedeelte van het zijgebouw is

opgebouwd uit beton. Voor de ramen is gebruik

van doorzichtig glas. Als dak bedekking is gebruik

gemaakt van tegels. Die op de het dak geplaatst zijn.

Binnen in het gebouw zijn op de vloeren, in de gang,

witte tegels gebruikt 10 bij 10 cm hierdoor lijken de

ruimtes groter. De bibiotheek, de slaapkamers en de

woonkamer

is

bedekt

met bruin

linoleum.

De andere

ruimtes

zijn bedekt

met zwarte

tegels van

14 bij 14 cm.

Le corbusier

heeft

gebruik gemaakt

van

optische

De onderste plattegrond van is de plattegrond van de begane

grond.

illusies, om de woning groter te laten lijken. Villa la

Roche was één van de eerste

woningen die helemaal van

beton was gemaakt. Er is

ook gebruik gemaakt van

bakstenen. Deze baksten

zijn niet te zien omdat er

een laag pleisterwerk op

geplaatst is.

info:

Website: www.fondationlecorbusier.

asso.fr

Telefoonnummer: +33 1 42 88 41 53

Openingstijden: September 1 to July

31, dagelijks van 10-12:30 en 13:30

en 18:30

Villa la Roche is gesloten op alle

feesdagen.

De villa is tien minuten lopen in het

westen van Jasmin metro station op

Lijn 9. Van het metrostation volg rue

Jasmin (richting south-west) tot het

einde, ga naar rechts naar rue Raffet,

dan naar rechts naar rue du Docteur

Blanche. Docteur-Blance is een prive

plein wanneer je het plein betreden

hebt is het aan je rechter hand.

14: Le Corbusier • Villa Savoye

Ontwerper

zie het gebouw hiervoor.

Gebouwanalyse

1. Eén van de bekendste werken van de architect Le

Corbusier is Villa Savoye. Het gebouw is gelegen op

een grote, beboste locatie die op het Seinedal uitkijkt.

Het gebouw is gebouwd op een lichte locatie.

Het gebouw is op deze manier opgenomen in de

natuur en toch staat het er los van. Dit komt door de

Weergave van de ligging en de bouwmassa van het gebouw

aangewende kolommen en de witte kleur die veel

toegepast is in het gebouw. Het gebouw is de perfecte illustratie van de vijf punten die Le

Corbusier in 1927 formuleerde. Het gebouw lijkt vrij massaal opgebouwd, omdat het van buitenaf

een balk is. Vanaf een afstand ziet het gebouw er uit als een doos op een aantal poten.

Je zou dus kunnen zeggen, omdat het gebouw op

pijlers staat, dat het goed past in z’n omgeving van

bomen en bossen. De meningen hierover zijn echter

behoorlijk uiteenlopend.

2. Net als bij andere werken van Le Corbusier is de

hoofdvorm van Villa Savoye een duidelijke geometrische

vorm namelijk een balk. Je ziet een heel erg

kubistische vorm terug in dit gebouw. Deze vorm

staat op pijlers en is voorzien van een tuin en terras

op het dak met een gekromde muur. De pijlers

zorgen ervoor dat een deel van het gebouw zweeft

boven het maaiveld. De poten hebben niet zulke

grote afmetingen. Het zijn er daarom wel vrij veel.

Het dakterras/-tuin is voorzien van een kromme

wand met een opening. Dit is iets dat je ook vaker

terugziet in werken van Le Corbusier. Dit is dus een

gebouw op poten, in de vorm van een balk met een

maximaal benut dakterras. De afmetingen van de

rechthoekige vorm zijn ongeveer 19 bij 21,5 meter.

De hoogte van het gebouw zal rond de 10 á 12 meter

liggen.

3. Wanneer je kijkt naar de façade van Villa Savoye

dan valt gelijk op dat je vanaf elk aanzicht te maken

hebt met een rechthoek. De gevels hebben ongeveer

dezelfde afmetingen. Het dak heeft uiteraard andere afmetingen. Als dakvorm is een simpel

platdak uitgekozen door Le Corbusier met uiteraard een terras erop. Er is geen sprake van een

overstek. Op deze manier lijkt het dak van het gebouw net iets onder de bovenkant van de

gevels te zitten. Ook is op deze manier de gevel vrij van draagconstructies en dergelijke. Iets

sponsored by

102 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Situering van het gebouw

balkachtige vorm op poten (zuIlen) met een kromme wand op

het dak

by 103


14: Le Corbusier • Villa Savoye

anders dat gelijk opvalt als je de façade bekijkt is dat

tussen de kolommen een smalle verdieping zit (de

begane grond). Dit ziet er uit als een centraal steunpunt

voor het gebouw. Dan houden de kolommen

het gebouw verder

recht overeind.

Je ziet een aantal

plattegrond (perspectief), begane grondvloer en

kolommen,1e verdieping, dakterras

Toepassing horizontale ramen

dieptes die zijn opgenomen. De entree van het gebouw valt

niet erg op. De hoofdingang zit in de gebogen glazen wand.

De gebogen wand komt niet goed naar voren, omdat het is

opgenomen in de begane grondvloer die centraal onder de

hoofdvorm van het gebouw ligt. De entree bestaat uit een

dubbele deur met veel glas daarin opgenomen. Wanneer

je door deze deur gaat kom je in een hal met een spiltrap

en een afgeschuinde overloop naar de bovenverdieping. In

de deuren buiten het huis is veel glas opgenomen. Binnenshuis

zijn de deuren gewoon van hout. Een behoorlijk

opmerkelijk punt in het gebouw is dat de ramen in de vorm

van horizontale stroken geplaatst zijn. Dit is tevens één

van de kenmerken van de gebouwen van Le Corbusier. De

reden waarom hij dit toepaste in zijn gebouwen was dat

het zorgde voor een gelijkmatige verlichting en ventilatie. In

de wanden op het terras van de eerste verdieping zijn ook

sparingen aangebracht maar hier zit geen kozijn of raam in.

4. Zoals de naam zelf al zegt was Villa Savoye oorspronkelijk

ontworpen als villa of buitenhuis voor in weekenden. De

villa van gewapende beton werd gebouwd tussen 1928 en

1931. De villa is gesitueerd in Poissy vlakbij Parijs. Tijdens de

tweede Wereldoorlog is het gebouw verwoest. Een aantal

jaar na de oorlog is het gerestaureerd en tegenwoordig is

het ter bezichtiging opgesteld. Omdat Le Corbusier één van

de meest spraakmakende architecten van de vorige eeuw

was en Villa Savoye één van zijn bekendste gebouwen is, is

dit gebouw een enorme toeristische trekpleister. Aangezien

het gerestaureerd is, is het gebouw niet meer helemaal in

originele staat maar het oorspronkelijke ontwerp is wel

aangehouden. Op dit moment is het gebouw in een veel

betere staat dan wanneer het net gebouwd was. Direct na

de bouw namelijk bleken de waterleiding en de afvoer erg

slecht, maar een veel groter probleem was dat het huis een

slechte regenafvoer had. In de eerste jaren werden het huis

en zijn bewoners geteisterd door vele lekkages. Le Corbusier

heeft hier nooit echt iets aan gedaan. De bewoners

gingen het huis al snel steeds minder gebruiken en eind

14: Le Corbusier • Villa Savoye

jaren dertig werd het eigenlijk al niet meer gebruikt.

Gedurende de Tweede Wereldoorlog hebben

achtereenvolgens de Duitsers en de Amerikanen het

huis gebruikt als commandopost. In de jaren vijftig

was er zelfs sprake van sloop. In de jaren zestig

heeft het ministerie van Cultuur het huis onder zijn

hoede genomen door het op te nemen in de lijst van

historische gebouwen. Toen werd ook een eerste

restauratie uitgevoerd. Maar pas tijdens de tweede

restauratie, tussen 1985 en 1993, werden de waterleiding-,

afvoer- en lekkageproblemen definitief

opgelost en werd het huis opgeknapt met als doel

het open te stellen voor het publiek.

5. De constructie van het gebouw bestaat uit gewapende betonnen kolommen die bovenbouw

stabiel houden. Elke verdiepingsvloer wordt gedragen door kolommen. Op deze manier

zijn er geen dragende wanden nodig. Ook is op deze manier de woning vrij indeelbaar, omdat

je dus niet vast zit aan dragende wanden die niet weg te halen zijn. Ook dit is één van de

kenmerken van woningen van Le corbusier. Net als met veel andere werken van Le Corbusier

bevat ook Villa Savoye veel strakke lijnen, felle kleuren in combinatie met witgeverfde

massale vlakken. Ook in dit ontwerp van Le Corbusier zijn meubels opgenomen die ook

door hem ontworpen zijn. Deze meubels zijn gemaakt van vooral metalen constructies met

daaromheen vaak een lap leer of erbovenop een plaat kunststeen. Dit zouden dan banken,

stoelen en tafels zijn. Het is nu eenmaal een feit dat

Le Corbusier deze materialen veel toepaste in zijn

zelfontworpen meubilair. Ook is in het gebouw hier

en daar in de vorm van tafelbladen, glas terug te

vinden. Dit alles bij elkaar zorgt voor een luxueus en

hypermodern interieur en meubilair (voor de jaren

30). Zoals al eerder vermeld is gebruikte Le Corbusier

veel horizontale ramen. De reden hiervoor was een

gelijkmatige ventIlering. Niet alleen dat, want Le

Corbusier hield ook van daglicht in zijn gebouwen.

Deze horizontale stroken zorgen over een hele verdieping

voor vrij gelijkmatige lichtinval.

6. In 1928 wilde Pierre Savoye een weekend huis

laten bouwen voor hem en z’n vrouw. Degene die

ze daarvoor als architect namen was Le Corbusier.

Het is dus niet moeilijk om te achterhalen waar de

naam van het gebouw vandaan komt. Deze komt

van de opdrachtgevers en tevens de eerste eigenaars.

Het idee van meneer en mevrouw Savoye was

om een comfortabel ingericht weekendhuis te laten

bouwen. Dit heeft Le Corbusier weten te realiseren.

Inleving in het omliggende gebied

sponsored by

104 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Interieus en meubilair in villa Savoye

by 105


14: Le Corbusier • Villa Savoye

Echter door de problemen die er waren met lekkages

werd de komende 8 jaar het huis steeds minder

gebruikt. Daarna had de familie Savoye het huis

verlaten vanwege de problemen.

7. Villa Savoye staat in een natuurlijke omgeving

omringd door bomen en grasvelden. Het gebouw

staat niet in de buurt van andere gebouwen het is

dus enkel omringd door natuur. Kenmerkend is dat

de villa je het gevoel geeft dat je helemaal in de

natuur die leeft die om het gebouw heen is gelegen.

Dit komt doordat het lichtinval een meer ruimtelijk

gevoel geeft. Met andere woorden wanneer je in

de villa bent, lijkt het toch alsof je er buiten bent.

Ook kan het komen doordat Le Corbusier in zijn

ontwerp heeft meegenomen dat op het terras, op de eerste verdieping en op het dakterras,

veel beplanting groeit. Binnen de maatschappij diende de villa ooit als weekendhuis maar

tegenwoordig is het een toeristische trekpleister.

8. Een aantal bouwmaterialen die zijn toegepast zijn uiteraard beton. In dit beton zit ook

wapening oftewel er is gewapende beton gebruikt. Dit beton is netjes wit gepleisterd. Ook

zijn er binnen het gebouw en buiten op de begane grond een aantal glazen geveldelen

toegepast. Daarmee wordt dus bedoeld een wand die van vloer tot plafon bestaat uit glas.

Aangezien het dak min of meer bewoonbaar moet zijn is er op het dak ook een verdiepingsvloer

aangebracht. In het interieur is hier en daar hout opgenomen. Wat vooral veel terugkomt

is metaal met kunststeen, glas of leer. Dit kan dan zijn in de vorm van tafels, stoelen,

banken enz. Op de terrastegels van een bepaald soort kunststeen. Binnen het gebouw zelf is

een kunststeenvloer toegepast.

info:

Adres : Villa Savoye; 82, rue de Vilier;

78300 Poissy

Tel : 01 39 65 01 06; Fax : 01 39 65

19 33

Reis per trein : RER richting Poissy

Reis per bus: Bus 50 richting La Coudraie,

uitstappen bij de halte Lycée Le

Corbusier.

Reis per auto: De A13 vanuit Parijs

nemen richting Rouen. Afslag 6 en

dan Poissy aanhouden. Dat is de

D153. Nog voor het station naar

rechts en dan wordt villa Savoye

aangegeven.

Openingstijden: Alle dagen behalve

dinsdag en feestdagen. Van 1 april

tot 31 oktober: 9.30 -12.30

13.30 -18.00 Van 2 november tot

31 maart

16.30 (sluitingstijd)

Website: http://www.Parijsonline.nl/

15: CNIT

Ontwerpers

Bernard Louis Zehrfuss en Jean de Mailly, Robert Edouard Camelot ontwierpen

het Centre des Nouvelles Industries et Technologies.

Ingenieurs: Nicolas Esquillan (schelp), Jean Prouvé (façade)

De Franse architect Bernard Louis Zehrfuss was een van de architecten van

het CNIT. Hij werd geboren op 20 oktober 1911 en overleed in 3 juli 1996.

Naast het deels ontwerpen van het CNIT heeft hij veel meegewerkt aan

projecten in Tunesië, hier heeft hij o.a. een school en een ziekenhuis

ontworpen. Verder heeft hij een aantal kenmerkende gebouwen ontworpen

waaronder het Musée de la Civilisation Gallo-Romaine in Lyon, het

UNESCO gebouw in Parijs en de Franse Ambassade in Warschau.

Musée de la Civilisation Gallo-Romaine, Lyon ( Frankrijk ), 1972-75; UNESCO Gebouw (United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization);

Parijs 1953-58, 1963,1969,1977; De Franse Ambassade, Warschau ( Polen )1970

Gebouwbeschouwing

1. Het Centre des Nouvelles Industries et Technologies ( CNIT ) is een congrescentrum en een

tentoonstellinggebouw. Het CNIT is gebouwd in het jaar 1958 en was het eerste gebouw dat

in de La Défense ( het zakelijk centrum van Parijs ) is gebouwd.

Het gebouw is gebouwd op een natuurlijk hoger gelegen stuk land.

Om het gebouw heen zijn ook een aantal kenmerkende gebouwen te vinden.

Aan de voorkant van het CNIT gebouw is het “ Centre Commercial Les Quatre Temps” te vinden.

Dit is het grote commerciële centrum van het Défense.

Verder is naast het CNIT gebouw de“Espace Grande

Arche” te vinden.

2. Het CNIT gebouw heeft een zeer apart uiterlijk

dat veel mensen doet denken aan een schelp. Dit

komt door de platte voorkanten en de geribbelde

dakstructuur. Als de plattegrond van het gebouw

wordt bekeken ziet men een driehoekig gebouw

met 3 gelijke zeiden van 218 meter.

3. Het dak wordt gedragen door bolle voorgespannen

betonnen liggers en bestaat uit 3 in elkaar

sponsored by

106 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Bernard Louis Zehrfuss

by 107


15: CNIT

lopende bolle vlakken. Hierdoor ontstaat in het midden

van het gebouw een interessante symmetrische

vorm die kenmerkend is voor het CNIT gebouw.

Het gehele gebouw steunt op 3 punten, deze punten

zijn de hoeken van het gebouw. Links is de dakstructuur

en de manier waarop de betonnen dakdragers

bij elkaar komen en een steunpunt vormen goed te

zien.

Dit gebouw heeft het wereldrecord in handen van

de grootste overwelfde ruimte per steunpunt.

Het gebouw bedekt een totaaloppervlak van welliefst

22 500 m 2 en overspant een lengte van 218m.

De entree ligt aan de kant van “ Les Quatre Temps

“ en is gelegen in de afgeplatte voorgevel van het

gebouw.

6. Emmanuel Pouvreau was de opdrachtgever voor

de bouw van het gebouw. Hij gaf een aantal architecten

de opdracht om een tentoonstellinggebouw

te bouwen.

Op 12 September 1958 opende de Franse president

Generaal de Gaulle het CNIT. In de jaren die daarop

volgden werden grote tentoonstellingen en congressen

in het gebouw gehouden. Er kwamen vaak

meer dan 1 miljoen bezoekers.

In 1988 is men begonnen met het renoveren van het

gebouw. De renovatie duurde en jaar, en werd pas is

1989 afgerond. Het vloeroppervlak is hierbij vrijwel

verdubbeld. Er is toen ca. 100.000 m 2 bijgekomen en

het gebouw bestaat nu uit 4 verdiepingen.

Sinds de renovatie wordt het gebouw gebruikt als

congresgebouw en biedt deze ruimte voor o.a. tuinen,

restaurants, bars, winkels, luchtmaatschappijen

en een hotelvestiging van Hilton.

Tijdens de renovatie is een van de architecten; Bernard

Louis Zehrfuss als adviseur opgetreden.

ligging CNIT in La Défense

dakstructuur

8. De dragende elementen van

het gebouw zijn van gewapend

beton gemaakt. De 3

afgeplatte voorgevels zijn volledig

in ramen uitgewerkt.

Deze ramen zijn aan een stalen

frame bevestigd dat ook

te zien is als men buiten het

15: CNIT

gebouw staat. Het dak is uitgewerkt in beton met een lichte kleur. Doordat het dak een geribbelde

structuur heeft zal de structuur worden versterkt door de schaduwval.

De 3 glazen gevels zullen altijd donker ogen dan het dak doordat bij lichtval veel licht zal worden

teruggekaatst door het witte dak terwijl de ramen het licht zullen opnemen.

Dit geeft een bepaald effect aan het gebouw waarbij vooral het dak goed tot uiting komt. Dit

is ook de reden dan het gebouw vaak wordt vergeleken met een schelp.

sponsored by

108 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Website voor meer informatie:

http://www.Parisexpo.fr/pexpo/do/

Navigate?id=3&lang=en

by 109


16: Notre Dame de Pentecote

Ontwerper

Eerst zocht hij het in de muziek, maar uiteindelijk besluit hij dat hij iets

artistieks wil doen en laat de muziek voor wat het is. Hij besluit architectuur

te gaan studeren. Voor een van zijn eerste projecten ontvangt hij een

grote prijs. In zijn Carriere heeft hij al veel gebouwen ontworpen, zoals:

Notre dame de Pentecote, het Institut de Chimie et Biologie in Bordeaux,

de Faculté Sciences et Technique in Tours en de Bibliotheque in Parijs.

”Rien ne se construit sans être, ouvertement ou non, dessiné. ” Wat betekent

”niets van wat er gebouwd is wordt zonder ontwerp gemaakt”.

Faculté Sciences et Technique; Bibliothèque; Institut de Chimie et Biologie

Gebouwbeschouwing

1. Het Notre Dame de Pentecote is een katholieke kerk die is gelegen in de wijk la Defense. La

Defense is een moderne zakenwijk in Parijs, met veel moderne gebouwen Zoals: La Grande

Arche, de Tour Areva en Centre des Nouvelles Industries et Technologies. Het gebouw ligt voor

de Tour Areva wat voor mooie beelden zorgt, zoals te zien op de foto.

2. Het gebouw is voornamelijk kubusvormig. Met

daarvoor een grote schijf van ondoorzichtig glas. De

schijf is 35 m hoog en 19,5 m breed. De schijf is wel

heel erg dun met 80 cm. Aan de zijkant staat een

ander scherm van 16 bij 16 meter.

Het eigenlijke gebouw is ontstaan uit een kubus en

lijkt erg dicht. Toch is het binnen in het gebouw erg

licht.

3. Het aanzicht van het gebouw wordt vooral bepaald

de hoge glazen schijf die naast het gebouw

staat. Deze is gemaakt van ondoorzichtig glas, welke

wel licht door laat. Dit was ook de bedoeling van

de ontwerper. Het laat licht door en het schermt je

tegelijkertijd ook af van de buitenwereld. In de grote

schijf is een kruis verwerkt. Dit kruis is het symbool

van het katholieke geloof. Het andere wat kleiner

scherm is gemaakt om het gebouw af te schermen

van de snelweg zodat de mensen die binnen een mis

volgen niet gestoord worden door het vele verkeer.

Notre dame de Pentecoté

Franck Hammoutene

16: Notre Dame de Pentecote

Het geheel vormt binnen de rest van zijn omgeving

een klein stilte punt. Een plek om tot rust te komen

binnen de drukke wijk la Defense. Het scherm en

het gebruik van licht zorgen voor een scheiding van

de drukke wereld en de rustige omgeving in het

gebouw.

6. Het gebouw werd geopend in 2001. Aan het begin

van het nieuwe millennium. Het gebouw werd

gemaakt in opdracht van François Favreau, bisschop

van Nanterre. Met de bedoeling om mensen

tijdens hun werk naar de kerk te laten komen en

hun vertrouwen of geloof in het katholieke geloof

te verdiepen. Het gebouw is uitgevoerd in een

staalconstructie. Dit was vooral nodig in het grote

gebouw is dus erg goed te zien in de meubels. Het

licht in de kapel komt uit het noorden of het noordoosten.

Wat een specifieke betekenis krijgt tijdens

de diensten. Dit komt omdat het altaar noordelijk is

gericht.

De opdracht kwam van een christelijke kardinaal. De

bedoeling was om in een drukke buurt een ruimte

te creëren die voor de gelovigen de ruimte te bieden

om tussen het werk door tot rust te komen.

8. Het gebouw is ontworpen met kubistische gedachten.

Er zijn dus veel rechte lijnen. Ornamenten

zijn dan ook niet of nauwelijks aanwezig. Er zijn

wel enkele ornamenten aanwezig in de kerk voor.

Bijvoorbeeld kruizen.: een van glas en van staal.

sponsored by

110 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

sattelietfoto

scherm, omdat deze een oppervlak van

19,5 bij 35 m heeft en het de bedoeling

van de architect was om het scherm

zo dun mogelijk te behouden. Met het

gebruik van metaal was het mogelijk

om de dikte van het scherm op 80 cm

te behouden. Het gebouw is onderverdeeld

in 3 verdiepingen. Op deze 3

verdiepingen is er een kapelletje een

boekhandel en een restaurant.

Alle meubels in het gebouw zijn erg

strak van het ontwerp. Ze zijn een

verlengde van het ontwerp van het gebouw.

Het kubistische ontwerp van het

schets gezien vanaf snelweg

by 111


16: Notre Dame de Pentecote

De 2 belangrijkste materialen in dit gebouw zijn:

staal en glas. Voor de vloeren en de wanden is beton

gebruikt. Staal is voornamelijk toegepast in de

draagconstructie. Je ziet echter het staal ook terug

komen in de vorm van een kruis. Dit kruis is een link

naar het christelijke geloof. Het staal was vooral

belangrijk bij het maken van het hoge scherm dat

aan de zijkant van het gebouw staat. Zonder het

gebruik van staal zou het scherm veel dikker moeten

zijn, wat de essentie van het scherm te niet zou

doen. Een belangrijk onderdeel van het gebouw is

uitgevoerd in glas. Zoals op de foto te zien is, is het

horizontaal detail steunpunt wand

detail aansluiting op fundering van wand

glazen scherm

scherm uitgevoerd in ondoorzichtig glas.

In het scherm zie je ook een kruis dat van

doorzichtig glas is gemaakt. Het ondoorzichtig

glas word ook wel gelamineerd glas

genoemd. Dit glas is gemaakt in panelen

van 3 bij 1,5 m. Dit Glas is met 3 redenen

toegepast: Het maakt het mogelijk om het

doorzichtige glas toe te passen voor het

kruis, Het was sterk genoeg om het toe te

passen en het gaf het effect dat de architect

wilde bereiken.

info:

Adres: Maison d’Église; Notre Dame

de Pentecôte

1, Place de La Défense; 1 Av. de la division

Leclerc 92800 Puteaux

Prijs : gratis

Bouwperiode : 2001

17: Opéra Bastille

Ontwerper

De Opéra Bastille is ontworpen door architect Carlos Ott. Hij is geboren op

16 oktober 1946 in Montevideo, Uruguay. Carlos studeerde aan de universiteit

van Uruguay en haalde zijn diploma in 1971. Hij is nu Master of Architecture

and Urban design. Tussen 1975 en 1979 zat hij bij het architecten

bureau Moffat and Kinoshita in Toronto Canada. Bij dit bureau wonnen

ze de prijsvraag om het Royal Ontario museum in Toronto uit de breiden.

Later leide hij het architecten bureau Neish Owen Roland and Roy en won

hiermee de internationale wedstrijd voor de nieuwe opera in Parijs, de

Opera Bastille op 17 november 1983. Carlos is van Canadees-Uruguayaanse afkomst maar hij

woont momenteel in Canada. Enkele bekende gebouwen van hem zijn :

(Vlnr) Etisalat Headquarters, Abu Dhabi, United Arab Emirates; ANTEL Telecommunication Tower (2000), Montevideo, Uruguay; De

National Bank of Dubai (1997), Dubai, United Arab Emirates

Gebouwbeschouwing

1. De Opera Bastille ligt naast Place de la Bastille in het 12de arrondissement. Dit plein is de

historische plaats waar op 14 juli 1789 het Parijse volk de Bastille bestormde. De Bastille is

afgebrand maar tegenwoordig staat er de Opera

Bastille. Het gebouw ligt met de ingang richting het

plein en ligt op steenworp afstand van een haven.

De architect wilde het verleden van de wijk respecteren,

maar toch de link leggen tussen oud en

nieuw.

2. Het gebouw heeft een vrij ongewone ronde vorm,

bestaande uit een driehoek met afgerond punten.

Vanaf de voorkant lijkt het gebouw een beetje op

een boot, wat op zich een link geeft met de haven.

Het gebouw heeft 15 verdiepingen waarvan er 6

ondergronds liggen in verband met opslag van de

sponsored by

112 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

gebouwanalyse post-muur gebouw

5.2 + 5.3 (zie achterin)

by 113


17: Opéra Bastille

decors. Hiermee steekt het gebouw meer dan 80

meter boven straatniveau uit en nog eens zo’n 30

meter eronder. De oppervlakte is per verdieping ongeveer

22.000 vierkante meter, en in totaal 160000

m 2 . De grote zaal heeft maarliefst 2700 zitplaatsen,

wat erg veel is voor operabegrippen. Deze zaal is 20

meter hoog, 32 meter diep en 40 meter breed, waardoor

je op een oppervlak van 1280 m 2 komt.

3. De Façade bestaat uit een gebogen muur geheel

gemaakt van vierkante ramen. Hiervoor staat

een zwarte trapvormige strook ondersteund door

pilaren. Het lijkt een beetje op een halve vissenkom,

met daarvoor een zwarte triomfboog.

Aan de binnenkant is een grote hal waar het daglicht

ruimschoots naar binnen schijnt.

4. In 1968 kwam er een idee voor een nieuw operagebouw

door de componisten Pierre Boulez en

Maurice Béjart en de regisseur Jean Vilar. In 1982

besloot president Francois Mitterrand dat er een

nieuwe opera in Parijs moest komen. Eerst ging men

er vanuit dat het de vervanger moest worden van

de oude opera: Opéra Garnier. Deze bleef echter ook

nog gewoon bestaan. Uiteraard werd er een prijsvraag

georganiseerd, welke in 1983 werd gewonnen

door de Canadese architect Carlos Ott.

De bouw begon in november 1984 met de sloop van

het Gare de la Bastille. Het gebouw is opgeleverd in

1989 na jarenlang gezeur en getouwtrek over het

ontwerp. Er was nogal wat haast bij omdat de president

het gebouw af wilde hebben voor de viering

van de 200 jaar Franse Revolutie. Op deze dag, 14

juli 1989 werd de Opera National de Paris Bastille

(zoals het officieel heet) geopend. De functie van het

gebouw is natuurlijk een opera. Voordat dit gebouw

er stond werden de meeste opera’s opgevoerd in de

Opéra Garnier, maar sinds de opera Bastille er staat

worden hier de meeste opera’s opgevoerd. Het ballet

is nog wel gebleven in de Opéra Garnier. Andere

dingen die in het gebouw gedaan worden zijn:

leeractiviteiten, rondleidingen, conferenties.

5. Op de plek waar de opera nu staat was vroeger

Gare de la Bastille. Dit was het oude spoorwegstati-

17: Opéra Bastille

on in Parijs, maar deze is gesloopt in 1984. Vanwege

de vreemde vorm van het perceel heeft het gebouw

uiteindelijk deze ongebruikelijke vorm gekregen.

Door de enorme hoeveelheid glas in de gevel schijnt

er veel zonlicht naar binnen. Het interieur is erg modern,

in de grote zaal zijn de stoelen zwartbekleed

en vormen een contrast met de granieten muren en

het glazen plafond. In de opera zijn vijf beweegbare

podia. Het theater zelf is voorzien van hangende

tribunes en mooie sfeerverlichting. Verder is het

voorzien van de modernste en technische snufjes.

sponsored by

114 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored gebouwanalyse post-muur gebouw

5.2 + 5.3 (zie achterin)

6. De president wilde dat er een nieuw opera gebouw

kwam en de enige voorwaarde was: dat het

gebouw er stond voor de viering van de 200 jarige

revolutie. Hiervoor werd een prijsvraag gehouden.

Het gebouw moest uiteindelijk niet aan zeer veel

eisen voldoen, als het maar op tijd af kwam.

8. Een groot gedeelte van het gebouw bestaat uit glas, vooral de voorgevel. In de zalen is o.a.

gebruik gemaakt van blauwe graniet, perenbomenhout en marmer. De opdrachtgever en de

architect hadden geen verstand

van lijm en hadden daarom universele

lijm gebruikt. Door de warmte

uitzetting vervormen de tegels en

daardoor laat de lijm soms los. Om

deze reden zijn er tijdelijk netten

tegen de muur aan gespannen zodat

de voetgangers geen marmer

op hun kop krijgen.

info:

Openingstijden: Alleen op afspraak

10.00-17.30

Toegangsprijs: Standaardtarief: euro

10,00; Reductietarief: euro 8,00;

Groepstarief: euro 7,62

Locatie en hoe daar te komen: Metro:

Bastille

RER: Gare de Lyon; Bus: 20, 29, 65, 69,

76, 86, 87, 91

Website voor meer informatie:

http://www.operadeParis.fr/

Ontwerpen en bouwperioden;

Ontwerp 1983; Begin 1984; Klaar 1989

gebouwanalyse post-muur gebouw

5.2 + 5.3 (zie achterin)

by 115


18: Opéra Garnier

Ontwerper

De ontwerper van de Opéra is Jean Charles Garnier (1825-1898). Garnier

was een Franse architect naar wie zijn beroemdste creatie genoemd is. Op

17 jarige leeftijd werd hij toegelaten tot Ecole des Beaux-Arts en in 1848

kreeg hij de Prix de Rome. Garnier is doormiddel van een inzending betrokken

geraakt bij de bouw van Opéra Paris. In 1860 werd zijn inzending(uit

171 architecten), voor de nieuwe opera van Parijs, als winnaar uitgekozen.

Vele Fransen vonden dat het gebouw te rijkelijk versierd was, echter om

deze reden is het nu één van de mooiste gebouwen in Parijs.

Garnier heeft naast zijn beroemdste werk ook een aantal ander gebouwen ontworpen die de

vermelding waard zijn. Zo heeft hij het Monte Carlo Casino(uit James Bond 2006) in Monaco

ontworpen, welke net als de Opéra geheel in neo-Barokke stijl is uitgevoerd(1878). Niet minder

bekend is L’Observatoir de Nice(1885) ontworpen door Garnier en constructeur Gustave

Eiffel. Gustave Eiffel welke 1887 de Eiffeltoren ontwierp. Een ander werk van Garnier in Parijs

is, Theater Marigny, is door Charles Garnier aangepast in 1880.

Casino Monte Carlo l’Observatoire de Nice Theater Martigny

Gebouwbeschouwing

1. Opéra Garnier is gelegen

aan het naar het gebouw vernoemde

Place de l’opera. Dit

gebouw is niet voor niets op

deze plaats in Parijs gebouwd,

namelijk in de tijd waarin dit

gebouwd is waren de bestuurders

van Parijs bezig met een

grootschalige herinrichting

van de stad. Het plan was dat

er grote en brede boulevards

zouden ontstaan met lange

rechte zicht assen. Opéra

Garnier staat op een kruispunt

van een aantal belangrijke

straten en boulevards. Vanaf

18: Opéra Garnier

de Boulevard de l’opéra heb je een prachtig zicht op

dit gebouw.

Als je naar de gebouwen in de directe omgeving

van de opera kijkt dan zie je dat deze gebouwen allemaal

lager zijn dan de opera zelf. De opera moest

dus in zijn omgeving het belangrijkste gebouw

zijn, lijkt het. Dit was wel wat Garnier wilde, maar

Hausmann niet. Hausmann, een van de initiatiefnemers

van de herinrichting, wilde dat de omgevende

gebouwen even hoog zouden worden als de opera.

Hier toe stelde hij regels op. Garnier hield zich na

veelvuldig verzet toch aan deze regels en maakte

zijn ontwerp. Toen bleek dat Hausmann de gebouwen in de omgeving hoger had gemaakt

dan mocht. Toen besloten Garnier en de uitvoerder dat de Opera ook groter werd omdat zij

vonden dat de opera goed te zien moest zijn.

Tevens heeft Hausmann het Garnier moeilijk gemaakt door een bouwkavel in de vorm van

een ruit uit te geven.

2. Opéra Garnier is het grootste theater van de wereld, het heeft een oppervlakte van 11237

m 2 , dat is een breedte 97 bij een diepte van 125 meter. De centrale kroonluchter weegt 8 ton.

Er kunnen 2200 bezoekers in dit grandioze gebouw. De hoofdvorm van het gebouw is een

balk. Aan deze balk zitten aan de zijkant twee uitstulpingen en aan de achterkant loopt de

balk nog een stukje taps toe. Een van de twee uitstulpingen is een ingang voor de toenmalige

keizer Napoleon III.

Op hem was al een keer een aanslag geprobeerd te plegen en om het risico op een tweede

aanslag zo klein mogelijk te maken kreeg hij zijn eigen

ingang. Aan de andere kant werd ook een zelfde

uitstulping gemaakt waarin een expositieruimte

zat. Waarschijnlijk wisten weinig mensen van het

bestaan van de keizerlijke ingang.

3. Voor de beelden en andere versieringen van de

voorgevel heeft Garnier zelf schilders, mozaïek leggers

en beeldhouwers benadert. Zij moesten ervoor

zorgen dat het gebouw zijn weelderige en chique

imago kreeg. Duidelijk is in de voorgevel te zien dat

dit een gebouw in Barok stijl is. Veel versieringen en

vele beelden en ornamenten. Ook opvallend is de

kleurigheid van de gevels.

Vanaf de voorgevel gezien is het dak eerst een schildak

met een hele flauwe helling. Daarna komt de

koepel van dertig meter breed en daarachter zit een

zadeldak dat hoger is dan de koepel. Op de koepel

zit overigens op de top een beeldje. Dit is de lier van

Apollo het hoogste punt van de opera. (73,6m)

sponsored by

116 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored gebouwanalyse pre-muur gebouw

5.1 + 5.2 (zie achterin)

by 117


18: Opéra Garnier

Opvallend is dat er in de voorgevel geen duidelijke entree te zien is. Bij andere gebouwen zie

je nog wel eens trappen die de ingang duidelijk aangeven hier is dat niet duidelijk aanwezig.

Aan de voorzijde zijn twee ingangen te zien. Deze zitten in de twee naar voren geschoven

delen van de opera. Op de tweede verdieping zijn allemaal ramen te zien. Deze zijn tegenovergesteld

aan de deuren, die rond zijn aan de bovenzijde, rechthoekig van vorm. Tussen de

ramen staan halve pilaren.

4. De Opéra is gebouwd en wordt gebruikt als

operagebouw, het is gebouwd tussen 1861 en

1875. Door de Frans-Duitse oorlog is het in op 5

januari 1875 pas geopend en duurde de bouw

14 jaar. De bouw heeft tot dan toe 36 miljoen

franc gekost. Tegenwoordig zijn er vooral balletvoorstellingen

te zien. Het is weliswaar een

fantastisch gebouw, toch heeft het de nodige

verandering ondergaan. In 1881 kreeg de grote

zaal elektriciteit, in begin jaren 50 zijn er nieuwe

liften geplaatst en in 1990 is de grote restauratie

van start gegaan.

5. Garnier had grootse plannen voor het nieuwe

theater van Parijs, hij nam namelijk als voorbeeld

het meest bewonderde theater van Europa: Het

Grand Théatre in Bordeaux. (afbeelding)

Net als in het Grand Théatre, kom je binnen

via een ruime hal, waarin alle toeschouwers

kunnen verblijven in de pauze en voorafgaande

aan de voorstelling. Een grote trap leidt naar de

bovenste rij stoelen welke in een prachtige zaal

18: Opéra Garnier

gelegen zijn voorzien van een koepelvormig plafond

dat op een rij zuIlen rust. Een groot verschil tussen

het gebouw dat Garnier als voorbeeld nam en de

opera van Parijs is dat Garnier het in Neo-Barok stijl

uitvoert in plaats van het in Neo-Classistische stijl te

doen. Het trappenhuis is bij Garnier groot en weelderig

en voordat de toeschouwer de zaal betreedt, is

de schoonheid van het gebouw zich al bewezen.

Bouwkunst en esthetiek gaan in dit gebouw samen.

Op de afbeeldingen is duidelijk te zien dat Garnier

de dragende zuIlen in paren in de hoeken geplaatst

heeft. Dit heeft hij gedaan om het zicht in de zaal

niet te veel te belemmeren.

In de koepel komt geen daglicht, weliswaar om de

hinder van daglicht tijdens de voorstellingen te

vermijden. Overigens zou je denken dat de zaal het

grootste deel van het gebouw inneemt. Het tegendeel

is waar, want van het gebouw bestaat slechts

1/3 uit de zaal, 2/3 van het gebouw bestaat uit vestibules,

trappen, gangen, foyers, en de grootte toneel

en dienstruimtes. (zie doorsnede en plattegrond).

Garnier paste op grote mate gietijzer en staal toe.

Op de afbeeldingen is dit echter niet te zien, maar

de grote overspanningen verraden het feit dat er

een hulpconstructie aanwezig moet zijn. Achter de

afwerklagen van de koepel die 30 meter breed is,

zit namelijk een stalen hulpconstructie. De Opéra is

weelderig versierd en er zijn zeer kostbare materialen

gebruikt, zoals brons,goud, fluweel, nimfen en

marmer in rood,blauw, wit en groen, afkomstig uit

alle streken van Frankrijk. Het plafond is geschilderd

door Marc Chagall en het overweldigende aan het

interieur is de marmeren staatsietrap.

6. Opéra Garnier is ontworpen door de architect Charles Garnier in opdracht van Napoleon III

die vereiste dat het een prestigieus gebouw werd dat paste in de plannen van Hausmann en

Napoleon III.

7. Het schijnt dat keizerig Eugénie tijdens het bekijken van de bouwplannen, schreeuwde:

“verschrikkelijk, het is geen stijl, het is noch Grieks noch Romeins”. Het was Napoleon III, had

de keizer geantwoord. Tegenwoordig zien we het gebouw als 1 van de mooiste bouwwerken

in Parijs. De sculptuur in de Opéra heeft door de jaren heen voor nogal wat ophef gezorgd.

Het betreft 6 naakte dansende meisjes en een jongen met een tamboerijn en was niet

passend voor een operagebouw. Duidelijk zal zijn dat dit gebouw de EP bij lange na niet zal

halen.

sponsored by

118 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 119


18: Opéra Garnier

“Kortom, de Opéra was een tempel met de kunst

als godheid.”, aldus Garnier

8. Zoals eerder in deze gebouwanalyse genoemd

is gebruikte Garnier voor de constructie van de

gebouwen stalen frames in combinatie met

gietijzer. Aan de buitenzijde is door Garnier

veelal kalksteen verwerkt. Een eigenschap van

kalksteen is dat het snel aangetast wordt door

zure regen. Er is dus veel onderhoud nodig om

dit gebouw mooi te houden. In 1990 is er dan

ook een grote restauratie van start gegaan. Ook

is er aan de buitenzijde van dit gebouw gebruik

gemaakt van goud. Dat wil zeggen versieringsgoud.

In het vooraanzicht van de Opera is duidelijk

het goud te zien.

Aan de binnenkant is veelal gebruik gemaakt

van bladgoud en verschillende kleuren marmer

(ook Carera marmer) Dit is niet voor niets. De

opera moest namelijk status hebben en Garnier

wilde zich ook verzetten tegen de sobere Hausmann

urbanisme stroming. Door de versieringen

van bladgoud en door het gebruik van vele

verschillende kleuren marmer werd dit een heel

vrolijk gebouw. Opvallend aan dit gebouw is dat het lijkt alsof er vele dure materialen in dit

gebouw zitten, maar het tegendeel is waar: alles is juist zo goedkoop mogelijk opgelost. De

beeldjes die in het vooraanzicht duidelijk te zien zijn, lijken van goud, maar dat zijn ze niet.

Het is deels goud en voor het grootste deel goudkleurige verf. Zo ging dat met alle versieringen

en bouwmaterialen.

info:

Adres: Place de l’Opéra; 75009, Parijs

Bouwtijd : 1861-1875

Openingstijden : 10.00 tot 17.00(kassa

dicht om 16:30)

Prijs : 4 euro

Openbaar vervoer: Metro: Opéra,

Chaussee d’Antin

RER: Auber; Bus: 20, 21, 22, 27, 29, 31,

39, 42, 52, 53, 66, 68, 81, 95

Website: http://visites.operade-

Paris.fr/intro.asp

19: Dôme des Invalides

Ontwerper

Liberal Bruant (ca 1635 – Parijs, November 22, 1697) was een Franse architect.

Hij was het meest bekend als ontwerper van de Dôme des Invalides

te Parijs. De Dôme des Invalides is later afgewerkt door zijn leerling Hardouin-Mansart.

Liberal Bruant leefde in de tijd dat de Barok z’n bloeiperiode

kende en dat is goed te zien aan de gebouwen die hij ontwierp. Liberal

was de bekendste in een familie van architecten uit de 16e tot 18e eeuw.

Een ander bekend bouwwerk van hem is het Hôpital de la Salpêtrière, het

was een van de belangrijkste en bekendste centra voor psychiatrie en neurologie in Europa.

Hij heeft een kasteel gebouwd, Richmond Castle. Dit kasteel is gevestigd in North Yorkshire in

Groot Britannie. Ook heeft hij een hotel ontworpen, namelijk het Hôtel Libéral Bruant à Paris

Gebouwbeschouwing

1. De Dôme des Invalides is gelegen in het 7e arrondissement van Parijs. Vanaf de Pont

Alexandre III leidt een reusachtige esplanade van 500m lang en 250m breed naar het Hôtel

des Invalides. Dit is het gebouwencomplex dat rond de Dôme des Invalidess heen is gebouwd.

2. De Dôme des Invalides bestaat uit een koepelkerk met een vergulde koepel. De koepel

weegt 260 ton en is bedekt met bladgoud. De plattegrond

heeft de vorm van een Grieks kruis en de

kerk is twee verdiepingen hoog. De Dôme des Invalidess

is ongeveer 25 bij 25 meter en de totale hoogte

van het gebouw bedraagt 107meter.

3. De voorgevel is een meesterwerk van elegance

en symmetrie, Men ziet twee rijen zuIlen boven

elkaar, bekroond door een fronton en daarboven de

massieve tamboer met dubbele zuIlen. Daarna volgt

een band met ramen waartussen zich krulmotieven

bevinden. De ramen zijn omringd door krulmotieven

die de Barok stijl weergeven. Als men voor het gebouw

staat, is is de schitterenden koepel het eerste

wat meteen opvalt. Deze is versierd met slingers

sponsored by

120 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 121


19: Dôme des Invalides

en bloemmotieven in reliëf. De koepel is helemaal

verguld en eindigt in een open lantaarn met een

lange spits. De ingang van het gebouw bevindt zich

boven de grond en is makkelijk bereikbaar. Er leidt

een breed pad naar een trap van een tiental treden

hoog, waarna zich de ingang bevindt. In de bronzen

deuren staan de laatste woorden van Napoléon

gegraveerd.

Het dak van de Dôme des Invalides bestaat uit een

plat gedeelte van dakpannen en de opvallende

koepel.

4. Tussen 1671 en 1676 liet Lodewijk XIV het Hotel

met de Eglise St-Louis bouwen om een onderkomen

te verschaffen aan de oude en invalide soldaten van

de vele oorlogen. De schitterende Dôme van architect

Liberal Bruant die vervolgens is afgewerkt door

zijn leerling Hardouin-Mansart vervolledigde een

tijdje later het prachtig geheel dat typerend is voor

de Franse klasieke Barok. De bouwwerkzaamheden

werden in 1706 voltooid. In 1989 werden de koepel

en de versieringen opnieuw verguld. Daarvoor was

12 kilo goud nodig. Het grote fresco onder de koepel,

gemaakt door Charles de La Fosse, werd onlangs

gerestaureerd. Binnen in de kerk bevinden zich de

graftomben van Jozef Bonaparte en van de maarschalken

Foch en Vauban. Verder bevindt zich onder

de koepel de graftombe van Napoleon Bonaparte,

hij stierf in 1821 op St. Helena maar werd pas in 1840

overgebracht. Het stoffelijk overschot wordt door 6

kisten van 4x2x2.5 meter omsloten.

Naast hem ligt zijn zoon (de jonge Adelaar) die in

1831 in Wenen stierf. Twaalf manshoge engelen houden

de wacht rondom de tombes.

Ook nu bevinden er zich nog soldaten uit de oorlogen

van deze eeuw. Het is nu allang geen kerk meer

maar een soort mausoleum.

5. De koepel is zodanig dubbel uitgevoerd dat door

een grote opening in de binnenste mantel de door

vensters fel belichte buitenkoepel te zien is. Dit is

een typisch Barok ruimte effect. De kerk is gebouwd

in de classiserende Barokstijl. Deze stijl zit ook in

het interieur verwerkt. Binnenin de kerk wordt veel

gebruik gemaakt van kleur en licht effecten. Tevens

19: Dôme des Invalides

uiteindelijk voor gezorgd dat zijn

wens in vervulling is gekomen.

De Dôme des Invalidess diende

als kerk voor de soldaten, want

ze konden er bidden. Achteraf

besloot de koning de kerk te

gebruiken als graf. Louis Visconte

kreeg de opdracht voor het maken

van het praalgraf voor de

koning.

8. Een groot deel van het gebouw

bestaat uit natuursteen en

de binnenkant is afgewerkt met

verschillende kleuren marmer.

Verder is er glas aanwezig voor

de ramen en de koepel van de

kerk is verguld met een laagje

goud.

sponsored by

122 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Openingstijden: Alleen op afspraak;

10.00-18.00

Toegangsprijs: prijs: 6 euro voor

studenten

Locatie en hoe daar te komen; Bus

n°28, 63, 69, 80, 82, 83, 87, 92, 93,

Balabus; Uitstappen bij metrostations:

Invalides, Latour-Maubourg

of Varenne.

http://www.invalides.org/pages/infos.html

Ontwerp 1983; Begin 1984; Klaar 1989

zijn er ook veel versieringen aanwezig, ook typisch

voor Barok. Er wordt veel gebruik gemaakt van marmer,

wat een sjiek uiterlijk geeft De fresco aan de

binnenkant van de koepel is gemaakt door Charles

de la Fosse, een bekend persoon in zijn tijd.

6. Het Hôtel National des Invalides werd in 1671 opgericht

door Lodewijk XIV, de zonnekoning. Zijn eis

was een opvangcentrum te bouwen voor gewonde

en invalide soldaten die door de vele oorlogen een

opvangcentrum nodig hadden. Deze eis heeft hij

voorgelegd bij architect Liberal Bruant, heeft er

by 123


20: het Pantheon

Ontwerper

Op 22 Juni 1713 word in Frankrijk de architect Jacques-Germain Soufflot

geboren. Vanaf 1731 heeft hij 7 jaar architectuur gestudeerd aan de Franse

universiteit in Rome. Deze periode heeft hij studies gemaakt over de Romeinse

architectuur. Ook had hij veel interesse voor de Gotiek, een stijl die

op dat moment nog barbaars werd gevonden.

Jacques-Germain Soufflot is later weer teruggegaan naar Italie waar hij

ging werken voor de Markies van Marigny. Van deze markies kreeg hij

ook in 1755 de opdracht om voor de Franse koning Lodewijk XV de Église Jacques-Germain Soufflot

Sainte-Geneviève, het latere Pantheon, te ontwerpen.

Helaas heeft hij zelf het eindresultaat van zijn ontwerp niet gezien omdat hij in 1780, 9 jaar

voordat het Pantheon helemaal klaar was, is overleden. Zijn opvolger, Jean-Baptiste Rondelet,

heeft het werk afgemaakt.

Ander werk van Jacques-Germain Soufflot is:

• Temple du Change (Lyon)

• Hotel Dieu de Lyon (Lyon)

• Verbouwing aan het Chateau de Menars (Loir-et-Cher)

In zijn ontwerp is goed te zien dat hij waarde hecht aan de klassieke architectonische principes.

Het ontwerp is gebaseerd op rechte lijnen, duidelijke vormen en contouren. Ook probeert

hij in het ontwerp de slanke lijnen van Gotische constructies te verenigen met originele

Griekse vormen.

Hij is een van de eerste architecten die deze stijl gebruikte en daarom hij wordt gezien als een

van de grondleggers van het Neo-Classicisme.

Temple du Change Hotel Dieu de Lyon Chateau de Menars

Gebouwbeschouwing

1. Het Pantheon is gebouwd op de oude ruïnes van een klooster gewijd aan Genoveva, een

Franse heilige. Deze heilige werd aanbeden door mensen die bijvoorbeeld leden aan de Pest.

Ook koning Lodewijk XV leed aan de pest en hij geloofde dat deze heilige hem kon genezen.

Hij beloofde dat wanneer hij zou genezen van zijn ziekte, hij een kerk zou bouwen ter ere

van de heilige Genoveva. Dit is de reden dat het Pantheon oorspronkelijk Église Sainte-Geneviève

genoemd werd. Het Pantheon ligt dicht bij de Seine, in de wijk Quartier Latin. Het

gebied rondom het Pantheon is volgebouwd. Dit zorgt ervoor dat het slecht te zien is. Vanaf

de “Rue Soufflot” is het zicht op het Pantheon wel erg mooi. Deze straat zo is aangelegd dat

20: het Pantheon

de ingang van het Pantheon aan het einde van de

straat ligt.

2. Het Pantheon is een groot bouwwerk. De kerk is

110 meter lang, 84 meter breed en 83 meter hoog.

De hoofdvorm van het Pantheon is een Grieks kruis.

De entree van het Pantheon is gebaseerd op die van

het Pantheon in Rome. De entree van het Pantheon

in Rome is op zijn beurt weer gebaseerd op dat van

de Griekse tempels.

De entree is opgebouwd uit 22 Corinthische zuIlen.

Ook deze zijn weer terug te vinden in het Pantheon

van Rome en de Griekse tempels. Op deze zuIlen rust

de rijk gedecoreerde timpaan. Ook staan hier de

woorden: “Aux grands hommes la patrie reconnaissante”,

oftewel: “Voor de grote mannen, het dankbare

vaderland”. Deze tekst is hier geplaatst nadat

de kerk getransformeerd was tot een mausoleum

aan het einde van de Franse Revolutie.

De koepel op het Pantheon is gebaseerd op de “St.

Paul’s Cathedral” in London uit 1708, die ook een

Grieks kruis heeft als hoofdvorm. Dezelfde Corinthische

zuIlen die de entree vormen zijn hier ook

gebruikt om een cilindervormige “trommel” te creëren

waarop de uiteindelijke koepel rust. Deze koepel

weegt in totaal 10.000 ton.

Zoals je in de doorsnede kan zien heeft het Pantheon

een dubbele koepel. Een die je vanaf binnen

kan zien, en die speciaal versiert is, en de buitenste

koepel die de binnenkant van het Pantheon tegen

de elementen moet beschermen.

Aan deze constructie is de interesse van de architect

voor de Gotiek ook terug te zien. De inspiratie

voor deze slanke constructies met grote openingen

komt duidelijk uit die stijlperiode. Deze “trommel” is

momenteel ook de enige plek waar het zonlicht het

Pantheon binnen kan komen. Voor de Franse Revolutie

zaten er ook in de wanden van het kruis ramen,

maar die zijn dicht gemetseld.

Tegenwoordig is het Pantheon dus een mausoleum

voor de “grote Fransen”. Enkele bekende namen die

hier zijn bijgezet zijn: Victor Hugo, Jean Monnet,

Marie Curie en de architecten Jacques-Germain

Soufflot en Jean-Baptiste Rondelet.

Tegenwoordig is dit monument in het bezit van

sponsored by

124 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Zicht op het Pantheon vanaf de Rue Soufflot.

Vooraanzicht van het Pantheon.

Doorsnede van het Pantheon.

by 125


20: het Pantheon

de Franse monumentendienst. Hierdoor wordt het

Pantheon ook onderhouden en is het opengesteld

voor iedereen die er wil komen kijken.

Toen Koning Lodewijk XV de opdracht gaf voor het

bouwen van de kerk was de belangrijkste eis van

hem dat het moest verrijzen op de ruines van het

oude klooster.

Jacques-Germain Soufflot heeft het ontwerp naar

eigen inzicht vormgegeven en door zijn achtergrond

is de hoofdvorm uiteindelijk een Grieks kruis geworden,

zoals je kan zien op de plattegrond.

Zowel binnen als buiten zijn dezelfde Corinthische

zuIlen gebruikt. De zuIlen bij de entree zijn op een

aparte manier geplaatst waardoor ze het gebouw

een grootser perspectief geven. Nadeel was dat deze

zuIlen de belasting van de bovengelegen timpaan

niet konden dragen. Daarom heeft de architect

Jacques-Germain Soufflot een complexe “wapening”

ontworpen waardoor de zuIlen toch in staat waren

de timpaan te dragen.

5. Voor de constructie van het Pantheon is zoals je

kan zien veel gebruik gemaakt van steigers. Door de Plattegrond Pantheon

grote afmetingen van het gebouw moesten er echter

toch andere bouwmethoden gevonden worden om de koepel te bouwen. Hiervoor zijn uiteindelijk

speciale kranen ontworpen die je kan zien bij de plaats waar de koepel gaat komen.

Het interieur van het Pantheon is kunstig versiert. Overal in het Pantheon zijn muurschilderingen

te vinden die het leven van de beschermheilige van Parijs, Genoveva, laten zien. Deze

schilderingen zijn gemaakt door bekende schilders uit die tijd.

Ondanks dat de originele ramen uit het Pantheon

verdwenen en dichtgemetseld zijn, komt er nog

meer dan genoeg licht door de koepel naar binnen

om de kunst aan de muren goed zichtbaar te maken.

Toen het Pantheon gebouwd werd speelden de

ecologische aspecten niet echt een rol. Belangrijker

waren de maatschappelijke aspecten.

Het Pantheon is gebouwd om dé kerk van Parijs

te worden, gewijd aan zijn beschermheilige.

Ondanks dat in de loop der jaren het gebouw een

andere functie heeft gekregen, zijn het nog altijd de

maatschappelijke aspecten van het Pantheon die

belangrijk zijn. Het Pantheon is nu

de laatste rustplaats voor de grote uit de Franse

geschiedenis en daardoor is het niet alleen meer

een symbool voor Parijs, maar voor heel Frankrijk.

“Wapening” in de zuIlen en de timpaan.

20: het Pantheon

sponsored by

126 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

info:

Adres: Place du Panthéon; 75005,

Parijs; Tel: +33 (01) 4432 1800; Fax: +33

(01) 4407 3223

Website : http://pantheon.monuments-nationaux.fr/en/

Openingstijden: In de maanden April

tot September geopend van 10.00

- 18.30 en in de periode van Oktober

tot Maart geopend van 10.00 -18.00.

Entreeprijzen: Standaardtarief: euro

3,00

Bereikbaarheid: Metro: Cardinal Lemoine;

RER: Luxembourg ; Bus: 84, 89

Bouwperiode: 1758 tot 1789

8. De gevel

is bekleed

met

eenvoudig

metselwerk.

Hierdoor

komt wanneer

je er

van een

afstandje Constructie van het Pantheon.

naar kijkt, de

grote koepel beter uit ziet. Ook wanneer je dan dichterbij

komt, zorgt het relatief simpele metselwerk

dat je aandacht automatisch uitgaat naar de imposante

entree met de gedecoreerde façade. De grote

en massieve zuIlen stralen degelijkheid en grootsheid

uit en geven het Pantheon een statig uiterlijk.

De zachte kleuren van de muurschilderingen trekken

niet meteen je aandacht, maar laten op een subtiele

manier zien wat de geschiedenis achter het Pantheon

is.

Interieur van het Pantheon

by 127


21: Sacre Coeur

Ontwerper

De sacre coeur kende twee architecten. De architect van de oorspronkelijke

plannen was Paul Abadie. In 1884 stierf Paul Abadie en werd het werk

voortgezet door de architect Lucien Magne.

Paul Abadie, geboren op 9 november 1812 stierf op 3 augustus 1884. Hij

was een leerling van Eugène Violet-le-Duc.

Naast architect was Abadie ook restaurateur. Hij werkte mee aan de restauratie

van de Notre-Dame in Parijs, de Eglisé Saint-Croix van Bordeaux,

de kathedraal van St. Pierre en de Saint-Front van Périgueux. Voor de Sacre

Coeur haalde Abadie zijn inspiratie uit de Romaans-Byzantijnse bouwstijl.

Gebouwbeschouwing

2. De Sacre Coeur ligt in het 18e arrondissement in Parijs. Het staat op een heuvel, genaamd

de Montmartre. Dit is een tevens de kunstenaarswijk van Parijs. De hoogte van de heuvel

bedraagt zo’n 130 meter. Vroeger was het een dorp op zichzelf. Vanaf de heuvel heb je een

prachtig uitzicht over Parijs. De Sacre Coeur is vanaf de Eiffeltoren zichtbaar. Van de witte

koepels van de Sacre Coeur en de huisjes op het platteland begroeid met klimop tot neon,

fastfood, seksshows en toeristenbussen.

1. De Sacre Coeur is een zogenaamde kruisbaseliek. Dit heeft te maken met de hoofdvorm van

het gebouw: een kruis. Dit kruis komt tot stand door gebruik van de dwarsbeuk, het schip en

het koor. Voor de fundering zijn 83 putten van 45 meter diep gegraven. Het gebouw is 83 meter

hoog, 85 meter breed en 35 meter lang. De grootste koepel is 55 meter hoog en 16 meter

breed.

3. Wat meteen opvalt aan de façade is de spierwitte kleur van het gebouw. Er zijn twee

bouwstijlen gebruikt, namelijk Romaanse en Byzantijnse bouwstijl. Bij de hoofdingang heb

Notre Dame eglisé Saint-Croix St. Pierre

Paul Abadie

21: Sacre Coeur

je een overkapping die word

ondersteund door pilaren. Tussen

deze pilaren lopen bogen. Je moet

eerst een aantal trappen op voordat

je bij de hoofdingang bent. De

deuren in het hoofdportaal zijn

van brons en de reliëfs verbeelden

taferelen uit het leven van

Christus. De ramen zijn verticaal

gericht en worden ondersteund

door bogen. De dakvormen zijn

een aantal eivormige koepels. Tussen

de koepels ligt een zadeldak.

4. De aanleiding voor het bouwen

van de Sacre Coeur zijn

de 58000 gesneuvelden in de

Frans-Duitse oorlog van 1870-1871.

De Franse katholieken wilden ter

herdenking van deze slachtoffers

een grote basiliek op de heuvel

Montemartre plaatsen. Het was

de bedoeling dat de kosten van de

bouw gedekt werden door de giften van de bevolking. In 1873 werd echter besloten dat het

een staatsaangelegenheid werd.

De eerste steen is gelegd in 1875. Toen de architect Abadie in 1884

stierf was alleen de fundering afgerond. Het gebouw werd in 1914

afgerond, maar in 1919 ingewijd. De reden hiervoor was de eerste

Wereldoorlog. Er was oorspronkelijk 7 miljoen voor de bouw uitgetrokken,

maar de uiteindelijke kosten kwamen op zo’n 40 miljoen.

Een kapel in de crypte van de basiliek bevat een stenen urn met

het hart van Legentil. Dit

is een van de Katholieken

die het plan had voor de

bouw van de Sacre Coeur.

5. De constructie is gemaakt

met een kruisribgewelf.

De fundering

bestaat uit 83 putten van

45 meter diep, die daarna

volgestort zijn met stenen.

Ze zijn met ondergrondse

bogen aan elkaar

verbonden. Het plaatsen

sponsored by

128 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 129


21: Sacre Coeur

van de luidklok was geen makkelijke opgave. De klok is met zijn 19 ton de grootste en zwaarste

luidklok ter wereld. Als men binnenin de kerk rondkijkt, valt men meteen de versieringen

op. De kerk is binnen versierd met beeldhouwwerken en schilderijen. Ook vind je in de kerk 1

van ’s werelds grootste afbeeldingen van Jezus in mozaïek. Er komt veel licht binnen dankzij

de vele ramen in de gevels en de ramen net onder de koepels.

6. De opdrachtgevers voor de bouw van de Sacre Coeur waren de katholieken die een grote

basiliek wilden ter herdenking van de slachtoffers van de Frans-Duitse oorlog. Het programma

van eisen was een grote basiliek op Montmartre.

7. Vandaag de dag is de Sacre Coeur alleen nog een bezienswaardigheid. Je kunt hier ook overnachten

en er is ook gelegenheid om er te bidden. Een andere functie is dat door dit gebouw

de gesneuvelden van de Frans-Duitse oorlog herdacht worden. Voor de hoofdingang van de

Sacre Coeur ligt een parkje met veel trappen.

8. De stenen waarvan het gebouw gemaakt is, zijn van een steensoort uit Château-Landon.

Als het regent scheidt deze steensoort calciet af, waardoor de muren bleken. Hier komt de

witte kleur vandaan. Door dit proces heeft de kathedraal geen last van de vuIle lucht uit

Parijs. De inwendige structuur van de koepel is van steen.

info:

Openingstijden: De basilique :06.00

- 22.30; De dome en de crypte: 09.00

- 17.00.

Toegangsprijs: euro 5,00

Abbesses, Château-Rouge, Lamarck-

Caulaincourt

Locatie en hoe daar te komen: Metro:

Anvers, Abbesses, Château-Rouge,

Lamarck-Caulaincourt; Bus: 30, 54, 80,

85, Montmartrebus Bus: 30, 54, 80,

85, Montmartrebus

Prijs: Basiliek gratis; Crypte en dome:

Website voor meer informatie:

http://www.sacre-coeur-montmartre.com/

Ontwerpen en bouwperioden: Begin

1875; Klaar 1914

22: Parc André Citroën

Ontwerpers

De tuinen van het park André Citroën zijn omstreeks

het jaar 1990 ontworpen door 2 teams van beroemde

Franse architecten ; Patrick Berger / Gilles

Clément en Alain Provost / Jean-Paul Viguier.

Het park is door 4 personen ontworpen omdat de

jury een geschikt team moest kiezen voor de opdracht

niet kon kiezen tussen de 2 teams.

Gilles Clément; Jean-Paul Viguier

Alain Provost kreeg de leiding over het project.

Zijn werken zijn: Parc Andre Citroën in Parijs; Courneuve Park (1972-2000); De Eurotunnel

in Calais (1987); De Technocentra Renault, Guyancourt (1992-2000); De reconstructie van de

kasteeltuin van Villarceaux (1994-1999); en de Thames Barrier Park, in London (1995-2000).

Eurotunnel in Calais; Technocentra Renault; Thames Barrier Park in Londen

Gebouwbeschouwing

1. Het park is gelegen op de oude gronden van de Citroën fabriek in het 15e Arrondissement.

Dit ligt in het zuid-westen van de stad.

In het westen grenst het park aan de rivier de Seine. De hoofdingang van het park bevindt

zich aan de “ rue Balard. “

Het park heeft een totaaloppervlak van 138800 m 2

en is op te delen in 6 delen

• De Serre’s ( kassen )

• Jardin Blanc ( Witte tuin )

• Jardin Noir ( Zwarte tuin )

• Jardin des metamorphoses (seriële tuin )

• Jardin en mouvement (de tuin in beweging )

• Centrale grasperk

De 2 kassen bevinden zich aan het begin van het

rechthoekige middenplein. In de ene kas bevinden

zich sub-tropische planten. In de andere kas bevinden

zich sinaasappelbomen. Het zijn rechthoekige

constructies voornamelijk gemaakt van glas. Elke

kas wordt overeind gehouden door 8 stalen pilaren

bekleed met hout die bevestigd zijn aan een stalen

rechthoekvormige balkenconstructie aan het

plafond van de kas. De ramen worden overeind

sponsored by

130 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by Pilarenconstructie kassen in Londen

131


22: Parc André Citroën

gehouden door een staalconstructie die bevestigd is

aan de balkenconstructie op het plafond.

Het dak van de kassen is ook grotendeels gemaakt

van glas. Het dakoppervlak is over de breedte

verdeeld in 2 delen en op elk deel is een verhoging

gevormd in de vorm van een afgeschuind dak.

Hierdoor ontstaat een kanaal over de lengte van het

dak waarmee het regenwater voor een groot deel

afgevoerd kan worden.

De kassen zijn ongeveer 18 meter hoog, 12 meter

breed en 36 meter lang. Doordat er per kas enkel 8

pilaren staan als basisconstructie is het gebouw erg

doorzichtig hierdoor kan er veel licht naar binnen

vallen en is de beplanting vanaf buiten ook erg goed

te zien. Het centrale grasperk is 320 bij 130 meter

groot. In het park zijn 2500 bomen aangebracht,

70.000 struiken en 250.000 vaste planten. Er zijn in

totaal 8 serre’s en het wateroppervlak is ongeveer 1

hectare groot. Het element water heeft in het park

de hoofdrol gekregen. Er bevinden zich welliefst 130

fontijnen in het park. Het gehele park is in niveau’s

opgedeeld, dit is gedaan d.m.v. betonnen bakken

waarin beplanting is gebracht. Dit is een truc die

de architecten hebben toegepast om verschillende

omgevingen te kunnen creëren met elk hun eigen

eigenschappen. Verder hebben de architecten

verschillende tuinen kunnen creëren door gebruik

te maken van verschillende stijlen. Zo is er een witte

tuin, een zwarte tuin, een tuin in beweging en een

seriële tuin met allemaal verschillende kleuren.

8. Bij de serre’s is glas het belangrijkste materiaal.

Vanaf buiten is dit goed te zien, ondanks dat de constructieve

elementen ook erg belangrijk zijn bij een

constructie heeft de architect zich dit keer volledig

op het glazen bouwwerk gericht. Het moest er open

uit komen te zien en hierin is de architect volledig

geslaagd.

Natuursteen is vooral verwerkt in de bakken waarin

zich water bevindt. Dit water stroomt via de bakken

door het park.

Beton is vooral gebruikt om decoratieve poorten van

te maken waar men onderdoor kan lopen. Verder is

er beton gebruikt bij het maken van bakken waarin

de planten in zijn geplaatst.

Dakconstructie van de kassen

voorbeeld betonnen bakken

22: Parc André Citroën

info:

Toegang met de auto: Kade André,

straat Leblanc, straat Heilig-Charles,

straat van Montagne-de-la-Fage

- 1ë Parijs

De toegankelijkheid met de metro:

Metrolijn 8, Lourmel, plaats Balard of

RER databank Victor

Openingstijden: Het park is door

de weeks van maandag t/m vrijdag

8uur per dag geopend. In het weekend

is het park 9uur per dag open.

Sluitingstijden: Januari -17.30uur;

Februari - 18.00uur; Maart

- 19.00uur; 15 April t/m 15; Mei

- 21.00uur; 15 Mei t/m 31 Augustus

- 21.30uur

Toegangsprijs: Gratis

Voor meer informatie: http://www.

Paris.fr/portail/Parcs

sponsored by

132 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Verder is er staal gebruikt voor de dragende

constructie van de kassen en hout voor de

afwerking van de pilaren.

Verder bevinden zich in het park bankjes en

tafels die voornamelijk van beton en hout

zijn gemaakt.

Kas buitenkant

poorten

by 133


23: Galeries Lafayette

Ontwerper

De ontwerper van het vroegere warenhuis die de neven TheophIle Bader

en Alphonse Kahn openden is onbekend. De handel liep daar zo goed dat

het warenhuis flink is uitgebreid in de peroide van 1896 tot en met 1905.

In 1912 is door de architect Cahnautin een reusachtige koepel van glas

in lood gebouwd. TheophIle is de drijfveer achter de Lafayette door heel

Frankrijk en ook enkele andere Europese steden.

Gebouwbeschouwing

TheophIle Bader

1. Over de naam van Galeries Lafayette hoeft niet lang nagedacht te

worden. Het komt van de straat waar het aan ligt (la rue Lafayette). Galeries Lafayette is een

hoekhuis gelegen op de hoek van de volgende straten: la rue LaFayette & la rue Chaussée

d’Antin. In 1893 hebben de neven ThéophIle Bader en Alphonse Kahn een warenhuis geopend

in Parijs, Het was toen nog een klein warenhuis, niet te vergelijken met wat het nu is geworden.

De plaats van dit warenhuis is ideaal, het is dichtbij het operahuis en vlakbij de Grands

boulevards en vlakbij het station Saint-Lazare. Door al deze zaken trekt het de mensen sterk

aan.

In 1896 worden veel aangrenzende panden opgekocht om galeries Lafayette uit te breiden.

ThéophIle Bader vertrouwt de indeling van het grote warenhuis toe aan Georges Chedanne.

Georges geeft zijn werk dan over aan zijn leerling en groot kunstliefhebber, Ferdinand Chanut.

In 1912 wordt het warenhuis vooral bekend om de verfijning van de 5 verdiepingen, ook door

de grote koepel die dan gebouwd word door de architect Cahnautin word het warenhuis een

topattractie in Parijs. De enorme koepel is geïnspireerd op de Byzantijnse stijl. Hij is 33 meter

in doorsnede en bestaat uit tien bundels van glas in lood. De glas in lood voorstelling moet

een soort bloem voorstellen. Aan de binnenkant van het warenhuis onder de enorme koepel

is een grote open ruimte. Het licht schijnt hier mooi naar binnen. Dit was ook precies wat aan

de wensen van ThéophIle Bader voldeed.

Vanaf het dak van Galeries Lafayette is een schitterend weids uitzicht te zien over een gedeelte

van Parijs.

Het warenhuis telt in totaal tien verdiepingen en er worden meer dan 75.000 merken verkocht.

Ook zijn er tal van restaurants en bars in het warenhuis.

De etalages in het warenhuis moeten lust en verlangen wekken om te kopen. In Galeries

Koepel Lafayette; Galries Lafayette in Berlijn; oude foto Galeries Lafayette

23: Galeries Lafayette

Lafayette word kleding verkocht dat alleen daar verkocht mag

worden. Het warenhuis loopt heel erg met de tijd mee om zo

steeds aan de wensen

van de klant te voldoen.

Galeries Lafayette

is vooral gericht

op vrouwen, maar ook

op mannen.

8. Hetgeen wat

Galeries Lafayette zo

bijzonder maakt is

de grote koepel die

boven in het waren

huis is. Deze koepel is

gemaakt van glas in lood met tien bundels die een soort bloem

moeten vormen. Aan de buitenkant van Galeries Lafayette is

veel gewerkt met licht,

zodat als het donkerder

wordt Galeries

Lafayette ook een

prachtige uitstraling

heeft naar buiten toe.

Zeer waarschijnlijk

is Galeries Lafayette

gemaakt van kalkzandsteen.

info:

Openingstijden: Maandag tot zaterdag

van 09.30 uur tot 19.30 uur. En op

donderdagavond tot 21.00 uur

Adres: 40, boulevard Haussmann,

75009 Parijs

transport: Metrostation : Chaussée

d’antin - Lafayette; buslijn 26

website: www.galerieslafayette.com

Galeries Lafayette is gebouwd in

1893

sponsored by

134 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 135


24: Musée D’Orsay

Ontwerpers

Het Musee D’Orsay is oorspronkelijk als treinstation

ontworpen in 1900 door Victor Laloux. In 1979 verbouwd

tot museum door architectenbureau ACT en in

1980 heringericht door Gaetana Aulenti.

Victor Laloux (1850-1937) was een Frans Beaux-Arts

architect en winnaar van de Prix de Rome in 1878

en hoogleraar architectuur aan de Ecole des Beaux-

Arts. Hij is bekend geworden door de bouw van Gare

D’Orsay in 1898 en door de bouw van Hôtel de Ville in Tours in 1911.

Gaetana Aulenti

Het architectenbureau ACT is opgericht in 1973 door Pierre Colboc en Jean-Philippon en Rennaud

Bardon Met hun werk hebben ze verschillende prijzen gewonnen zoals de prijsvraag

van het Marché Saint Germain,

Paris in 1973 en in 1975

die van de stadshal van Massy.

Gaetana Aulenti is in 1927 geboren

in Palazzolo dello Stello

in Italie. Nadat ze haar studie

aan de Polytechnische school

architectuur in 1954 had

afgerond, begon ze een eigen

studio in Milaan. Daar maakte

ze tot 1962 grafische ontwerpen en begin jaren zestig werkte ze aan verschillende Italiaanse

projecten. Van 1960 tot 1962 gaf Aulenti les in architectuur aan de Venitiaanse school van

architectuur. Van 1960 tot 1967 gaf Aulenti les in architectuur op de Milanese school van architectuur.

Net als veel tijdgenoten ontwierp Aulenti tijdens de jaren zestig meubels voor het

warenhuis “La Rinascente”. In 1964 ontving Aulenti de eerste prijs op de Milanese triennale

voor haar werk in het Italiaanse Paviljoen. Ze ontwierp toen ook meubels voor Zanotta, zoals

haar meest bekende ontwerp ‘April’ in 1964, een vouwstoel van roestvast staal met verwijderbare

zitting en rugleuning en in 1984 haar tafel ‘Sanmarco’. In 1966 was Gae Aulenti vicepresident

van de Associatie voor Industrieel design. In de jaren zeventig begon ze met het

ontwerpen voor toneel en van 1976 tot 1978 werkte ze samen met het Prato Theater. In 1972

werkte ze mee aan de tentoonstelling in het MoMa (Museum of Modern Art in New York).

Afgezien van een serie Italiaanse bouwwerken, kreeg Gaetana Aulenti grote bekendheid door

haar herinrichting van het Parijse

Musee D’Orsay (1980-1986), het

design voor het Centre Pompidou(1982-1985),

voor het Palazzo

Grassi(1985-86) in Venetië en

door de herinrichting van Asian

Art Museum of San Francisco

(2000-2003).

“Musée d’Orsay”

Hôtel de Ville in Tours; Marché Saint Germain Paris

Victor Laloux

“April”

24: Musée D’Orsay

Gebouwbeschouwing

1. Het Musee D’Orsay (tot

1978 “Gare D’Orsay) ligt aan

de oever van de Seine, Rue de

Bellechasse en de Rue de Lille.

Het gebouw is in dezelfde stijl

als het Louvre en het Palais

des TuIleries aan de overkant

van de Seine. Het staat los van

alle omliggende gebouwen.

Hierdoor past het gebouw

goed in zijn omgeving. Door

de rijk gedecoreerde buitengevels

komt het gebouw

imponerend over.

2. Het gebouw heeft als hoofdvorm balken die tegen elkaar geplaatst zijn met in het centrum

van het gebouw een liggende cilinder.

3. Voor de façade koos de architect Victor Lalaux zelf

de decoraties uit, hiervoor zette hij een grote groep

academische schilders en beeldhouwers aan het

werk. Aan de kant van de Seine kwamen twee grote

stations klokken en drie sculpturen, die de steden

Bordeaux, Toulouse en Nantes moesten voorstellen.

De binnenkant van het station is bekleed met

roze-achtige stenen platen, een zinspeling op de

bouwkundige vorm van de klassieke basiliek. Het

doel van het gebouw was niet alleen “een fabriek

voor reizigers te zijn” maar ook om een representatief

begin van een bezoek aan Parijs. Het dak van het

gebouw wordt gevormd door een op booggewelven

stalen constructie met daarin glazen panelen zoals

bij de meeste stations het geval is.

sponsored by

136 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 137


24: Musée D’Orsay

4. Aan het eind van de 19de eeuw kocht de spoorwegmaatschappij

die de lijn naar Orléans exploiteerde

de Orleans Railroad Company het terrein

waar de ruïnes stonden van het voormalige Palais

d’Orsay, dat tijdens de opstand van de Commune in

1871 in vlammen was opgegaan. In 1897 schreef de

spoorwegmaatschappij een prijsvraag waaraan drie

architecten meededen; Lucien Magne, EmIle Bénard

en Victor Laloux. Victor Laloux kreeg de opdracht

om een station met een compleet inpandig hotel te

ontwerpen (Gare d’Orsay) dat qua stijl zou passen

bij de gebouwen in deze chique buurt met het Louvre

en het Palais des TuIleries aan de overkant van

de Seine. De bouwwerkzaamheden namen twee jaar

in beslag, maar precies op tijd voor de wereldtentoonstelling van 1900 kon het station op 14

juli 1900 in gebruik worden genomen. Het station Gare d’Orsay werd het begin en eindpunt

van alle verbindingen met het Zuidwesten van het land. Gare d’Orsay was tevens het eerste

station in Frankrijk dat aan elektrische tractie was aan gepast ( een station waar ook elektrische

treinen konden rijden). Voor een periode van ongeveer veertig jaar reden er dagelijks

tweehonderd treinen af en aan. Naarmate de

elektrische treinen krachtiger werden en de treinen

dus langer, waren de perrons steeds vaker te krap

voor deze treinen. In 1939 werd besloten het station

alleen voor regionaal treinverkeer te gebruiken en

een korte tijd darna moest het station gesloten

worden. Hierna heeft het een aantal uiteenlopende

bestemmingen gehad. Na de 2e Wereldoorlog deed

het dienst als opvangcentrum voor voormalig krijgsgevangenen

en in 1962 deed het dienst als decor

bij de verfilming van “Het Proces”.(“Het Proces” is

een roman oorspronkelijk geschreven door Kafka

een bekende Duitse schrijver) In 1973 is het station

nog als theater gebruikt door het gezelschap van

het oude station

de verbouwing van het oude station

Jean-Louis Barrault en Madeleine Renaud. Het inpandig hotel werd op 1 januari 1973 gesloten.

Toen er op een zeker moment de totale sloop van het gebouw werd overwogen, kwam het

idee om op het terrein een nieuw hotel te bouwen, maar in 1978 kwam het Gare d’Orsay op

de monumentenlijst zodat het behouden bleef. Toen het gebouw was gered, werd besloten

het te bestemmen als museum voor 19de-eeuwse kunst. De prijsvraag voor de verbouwing

werd gewonnen door de architecten ColBoc, Bardon en Philippinon. In 1979 werd een begin

gemaakt met de verbouwing. ACT, het architectenbureau van Rennaud Bardon, Pierre Colboc

en Jean-Paul Philippon, legde in de grote stationshal de gewelven bloot waarmee de ruimte

zijn monumentaliteit terug kreeg. Rechts en links van de middenas werden museumzalen

ingebouwd. Deze ontrekken voor een groot deel de booggewelven aan het zicht, maar maken

ook de museumstructuur mogenlijk. Geatana Aulentie, een Italiaanse Architecte, kreeg de

opdracht om het interieur van het Musée d’Orsay te ontwerpen. Zes jaar later, op 1 december

24: Musée D’Orsay

impressie collectie

1986, werd het nieuwe museum

door president Mitterrand

geopend. Om de kunstwerken

voor de museumcollectie te

selecteren koos men twee

belangrijke politieke gebeurtenissen:

1848 en 1914, het

begin van de Tweede Republiek

en het uitbreken van

de Eerste Wereldoorlog. Het

museum bevat een uitgebreide

collectie beeldende kunst,

decoratieve kunst en kunstnijverheidsproducten

uit de

periode 1848-1914, waaronder

schilderijen, beeldhouwwerken,

architectonische ontwerpen,

meubels, keramiek,

sieraden, foto’s, films, grafiek,

muziek, literatuur, enz. De

objecten zijn chronologisch

geordend en over drie verdiepingen

verdeeld.

Op het voorplein staan zes Interieur huidig museum

grote beelden, die de zes continenten

uitbeelden, waarbij Amerika in twee continenten is verdeeld.

De benedenverdieping is gewijd aan de periode 1840-1870. Aansluitend

zijn op de bovenverdieping werken te zien uit de periode van het

Impressionisme (1860-1880), het Post Impressionisme (Neo-Impressionisme)

en de scholen van Pontveer en de Nabis. De rondgang eindigt

op de tussenverdieping, waar werken te zien zijn uit het einde van

de 19de en het begin van de 20ste eeuw. Voordat het museumbezoek

begint, is rechts van de loketten “De geest van het vaderland” te zien,

een fragment van het haut-reliëf van de Arc de Triomphe van de hand

van Rude (1784-1855). Om de verzameling compleet te maken, probeert

het museum in de eerste plaats hoofdwerken op het gebied van de

schilder en beeldhouwkunst uit de periode van 1848 tot 1914 te verwerven.

Rond de afzonderlijke stukken worden bovendien de schetsen en

studies ervan aangekocht, die het creatieve proces in zijn verschillende

fasen laat zien, van idee tot voltooid werk.

5. De Italiaanse architecte Geatana Aulentie kreeg de opdracht voor

de vormgeving van het interieur. Hiervoor gebruikte ze een heldere

kalksteen die de museumzalen tot een eenheid maakt en bijdraagt

aan een lichte omgeving samen met het grote glazen koepeldak van

sponsored by

138 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 139


24: Musée D’Orsay

het station. Door gebruik te maken van terrassen en gangen wordt de binnenruimte horizontaal

in drie verdiepingen opgedeeld en wordt het de bezoekers mogelijk gemaakt om

een heel eigen route door het museum te volgen. Op een totaal tentoonstellingsoppervlak

van ong. 16.000 m 2 wat de helft is van de ruimte in het Louvre wordt er schilder en beeldhouwkunst

samen met fotografie en architectuur van de 19de eeuw tentoongesteld. Op de

begane grond wordt er voornamelijk kunst uit het tweede keizerrijk tentoongesteld. In de

centrale gang worden beeldhouw werken uit de periode 1850 tot 1875 tentoongesteld bijv:

De vier werelddelen 1867/1872 door Jean-Baptiste Carpeaux. In de zalen voor schilderkunst

op deze verdieping bevinden zich werken van Ingres, Delacroix, Moreau en vroege werken

van impressionisten van voor 1870 zoals Orfeus uit 1865 van Gustave Moreau. Het tweede

gedeelte van de rondgang bevindt zich op de bovenste verdieping. Hier wordt schilder kunst

van het Impressionisme en Neo Impressionisme aansluitend met stukken van Monet, Degas,

van Gogh, Cézanne en Gauguin tentoongesteld. Hier worden bijv. De kerk in Auvers-sur-Oise

uit 1890 door Vincent van Gogh en Waterlelies gemaakt in 1900 door Claude Monet getoond.

Op de tussenverdieping wordt de Salonschilderkunst getoond van 1880 tot 1900 zoals

Rozenstruiken onder bomen uit 1905 door Gustav Klimt. Het museum bezit tevens een grote

collectie kunstnijverheid en architectuurmodellen. Op de eerste verdieping staan werken uit

de kunstnijverheid en architectuur uit de periode van het tweede keizerrijk wat vooral in de

Gotische, Barok en Rococo stijlen komt zoals een kaptafel van François-Désiré en een maquette

van de Parijse Opera. Aan de hand van ontwerptekeningen en architectonische details

Begane grond; Tussenverdieping; Bovenste verdieping

24: Musée D’Orsay

krijgt men een duidelijk beeld van de stijl van Eugéne Haussmann. In de kleinere museumzalen,

die naar de bovenste verdieping leiden worden internationale decoratieve kunsten

getoond. Bijv. van de Mackintosh, de Chicago school met Louis Sullivan en Frank Lloyd Wright

zijn vertegenwoordigt.

info:

Openingstijden: Dagelijks geopend,

behalve op maandag; Gesloten op 25

december en 1januari

Van 30 september tot 20 juni: Di,

wo, vr, zat 10.00-18.00 uur; Do 10.00-

21.45 uur; Zo 9.00-18.00 uur ; Van

21 juni tot 30 september geopend

vanaf 9.00 uur; De kaartverkoop sluit

om 17.30 uur, donderdag avond om

21.15 uur

adres: Reu de la Légion d’Honneur 1

Openbaar vervoer : Metro ; Solférino

(lijn 12); RER; Lijn C, Musée d’Orsay;

Bus ; lijn 24, 63, 68, 73, 83, 84, 94

Informatie : Info-telefoon Musée

d’Orsay; 0033-1-40494814 of 0033-

1-45491111; www.Paris.com, www.

musee-orsay.fr

Bouwperiode: 1900 Opening van

de stationshal voor de Parijse

wereldtentoonstelling ontworpen

door Victor Laloux; 1939 Het

laatste trein verkeer rijd door het

station; 1977 Er wordt door de

Franse regering besloten om het

leegstaande station om te bouwen

tot museum; 1979 Architectenbureau

Act krijgt de opdracht om het station

te verbouwen; 1986 Het museum

opent zijn deuren.

6. De opdracht voor de bouw van het station is gegeven door de

Franse spoorwegen. De opdracht was om een station te ontwerpen

wat perfect bij de rest van de omgeving paste in de chique buurt met

het Louvre en het Palais des TuIleries aan de overkant van de Seine.

Voor het verbouwen van het station tot museum is opdracht gegeven

door President Valéry Giscard d’Estaing.

8. Victor Laloux ontwierp een constructie van 12.000 ton staal (ruim

twee keer zoveel als in de Eiffeltoren) en 35.000 m 2 glas. Iedere aanwijzing

voor de constructie werd achter een op het Louvre geïnspireerde

monumentale façade weggewerkt. Aan de binnenkant wordt

deze constructie aan het oog onttrokken door cassetteplafonds met

stucwerk. De binnenkant van het station werd bekleed met rozetvormige

natuurstenen platen.Voor de verbouwing van station tot

museum is alleen het interieur verbouwd. In het nieuwe interieur is

gebruik gemaakt van helder kalksteen wat bijdraagt aan de lichte

omgeving die nodig is in een museum.

sponsored by

140 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 141


25: Forum Des Halles

Ontwerper

Claude Vasconi is een architect en stedenbouwkundige architect. Hij is

geboren in 1940 in Rosheim in Alsace. Hij werkt vooral in Frankrijk en in

Duitsland. Hij begon als architect in 1970 in Parijs. In 1979 werd het Forum

Des Halles gebouwd(wat hij samen met Georges Pencreac’h ontwierp),

Hiermee kreeg de architect zijn bekendheid. Het project zorgde er voor dat

hij bekend werd bij het grote publiek. In 1982 krijgt hij de grote nationale

prijs van de architectuur. Hij is lid van de academie van architectuur en

ere lid van de Duitse architecten bond. Naast architect geeft hij ook les

Claude Vasconi

aan de School van architectuur van Montpellier en aan de univesiteit van

architectuur in Montreal. Hiernaast geeft hij nog vaak andere lezingen en is hij vaak jurylid

bij internationale ontwerpwedstrijden. Claude Vasconi heeft daarbij ook nog enkele boeken

geschreven en zijn er boeken uitgekomen over enkele van zijn projecten.

Hopital civil in Straatburg

Gebouwbeschouwing

1. De Forum Des Halles is gesitueerd in de buurt Les Halles. De Forum Des Halles Ligt in de

buurt van het Centre Pompidou, Bourse du Commerce en ook in de buurt van het Louvre. In

de buurt van Forum Des Halles is het drukste metrostation van europa, dit zorgt ervoor dat

het Forum Des Halles een druk bezocht winkelcentrum is. Het forum heeft geen

verdiepingen boven het grondniveau. Onder de grond bevinden zich 4 verdiepingen. Het

gebouw ligt los van ander gebouwen die in de buurt liggen. Ze worden meestal gescheiden

door straten. Hierdoor springt het forum des hallles in het oog en het staat daardoor op zichzelf

en is niet afhankelijk van de omliggende gebouwen.

2. Het gebouw heeft een grote bouwmassa. Het

grootste deel van deze massa licht onder de grond.

Het Forum Des Halles heeft ondergronds 4 verdiepingen

De 3e verdieping(vanaf het maaiveld gezien)

bevind zich helemaal onder Les Halles en gaat dus

ook helemaal onder de tuinen van Les Halles door.

Het gebouw bezet een groot deel van de lengte van

de naastliggende straat, daarnaast bezet het ook

centre hépato-biliaire in Parijs Institut de Sciences et d’Ingénierie

Supramoléculaire in Straatburg

Satellietfoto van het Forum Des Halles

25: Forum Des Halles

één derde van het oppervlak van Les Halles.

4. Tegenwoordig is de Forum Des Halles in gebruik

als een openbaar ruimte. Er zijn veel winkels,

restaurants en enkel discotheken in het gebouw

zo zijn er ook 2 bioscopen in dit gebouw. Het is het

drukst bezochte winkelcentrum in Parijs. Veel van

de bezoekers komen uit Parijs, maar het merendeel

komt uit de randsteden of zijn toerist. In het Forum

Des Halles ligt ook de grootste boekenwinkel ter

wereld. 44% van de bezoekers van het forum zijn

ook bezoekers voor deze winkel. Vroeger was de

Forum Des Halles een ontmoetingsplaats voor de Foto binnenplein Forum Des Halles

Parijsenaren. Er was daar een grote markthal, waar

ook de naam Les Halles vandaan komt. Er was een grote diversiteit aan producten te vinden.

In 1500 was het meer gespecialiseerd in de voedselsector. Het kreeg toen ook de bijnaam

de maag van Parijs”. Omdat Parijs groter werd, werd het ook drukker op de marktplaats. Het

werd op een moment zo druk dat er probelemen waren met de infrastructuur. Het zorgde

voor verkeersopstoppingen en het werd er steeds

drukker. De hallen werden verplaatst buiten Parijs

en werd vervangen door het Forum Des Halles.

De staat van het Forum Des Halles voldoet tegenwoordig

niet meer aan de veiligheidsnormen. Dit is

de reden dat er een prijsvraag is gehouden voor een

vervangend gebouw dat in de plaats komt voor de

Forum Des Halles. De prijsvraag voor het vervangende

ontwerp is gewonen door David Magin.

6. De opdracht was in opdracht van de gemeente,

dit om een doel te geven aan de enorme ruimte die Foto winkels in het forum

was ontstaan in de grond, na het verwijderen van de

oude marktplaats. Het belangrijkste was dat er iets kwam dat de functie van de oude marktplaats

zou overnemen. Het moest een Romeinse forum functie krijgen en toegankelijk voor

het grote publiek. Dit is de reden waarom er een winkelcentrum van gemaakt is.

7. Overdag is er een gezellige bedrijvigheid. Door het dichtbij zijnde metrostation en de locatie

is er altijd wel wat te beleven. Het trekt door de vele winkels veel toeristen. Daarbij komen

ook de nadelen. Het is een verzamelplek voor drugshandelaren en zakkenrollers.

8. De gebogen ramen in het Forum Des Halles zijn gemaakt van staal met glas. Het staal is

gebruik om de gebogen vormen te krijgen, wat met een andr materiaal niet te realiseren was.

Het glas vormt met het staal een geheel dat vanuit de lagere verdiepingen richting de hemel

is gericht.

sponsored by

142 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 143


25: Forum Des Halles

verdieping maailveld

verdieping -1

verdieping -2

verdieping -3

Forum Des Halles

3d model Forum Des Halles

verdieping -4

info:

adres: 101 Porte Berger; Cidex 274

Paris Cedex 01

meer informatie: tel: 01 44 76 96 56;

fax: 01 44 76 96 50

Toegankelijkheid: Metro: Châteletles-Halles;

RER: Les Halles station;

Bus: Station: Châtelet-Les Halles 21,

29, 38, 47, 58, 67, 69, 70, 72, 74, 75, 76,

81, 85, 96

Open: Ma t/m Za: 10:00 t/m 19:30;

Zo: gesloten

Toegangsprijs: n.v.t

Website: http://en.forumdeshalles.

com

26: Centre Pompidou

Ontwerpers

Renzo Piano geboren op 14 september 1937 te Gunua in Italië. Hij is afkomstig

uit een aannemers familie en heeft gestudeerd aan de technische

hogeschool in Milaan en studeerde daar in 1964 af als architect. Tot 1968

heeft hij hier gewerkt en besloot vervolgens zijn vader te gaan helpen in

Genua. In 1971 start hij samen met Richard Rogers een bedrijf op “Piano &

Rogers“. Deze twee hebben dan ook samen Centre Pompidou ontworpen

en is het bekendste bouwwerk van hun geworden. Dit zijn alleen niet de

enige ontwerpen van Renzo Piano geweest. In Nederland staan twee van Renzo Piano

zijn werken: NEMO in Amsterdam dat op de fundamenten van de IJtunnel

rust en de “Toren op Zuid” beter bekend onder het kantoor gebouw van KPN dat naast de

NEMO, Amsterdam; Toren op Zuid, Rotterdam; Zentrum pail Klee, Bern

Erasmusbrug te vinden is. Nog een bekend museum dat hij heeft ontworpen is Zentrum Paul

Klee dat gelegen is in de stad Bern.

Een uitspraak van Renzo Piano luidt als volgt: “Being an architect is the

best thing in the world: because, on this small planet, where there is nothing

left to discover, designing is one of the few great adventures left.”.

Richard Rogers is geboren op 23 juli 1933. Hij is een Britse architect en volgde

zijn opleiding aan Architectural Association School of Architecture in

Londen en vervolgde zijn studie aan Universiteit vanYale. Bekende werken

van hem zijn het Millennium Dome te Londen,Antwerpse Justitiepaleis

(dat wordt gezien als het hoogtepunt van de21ste bouwkunst in België) en Richard Rogers

het National Assembly for Wales. Bij al zijn werken staat de transparantie

centraal.

Millenium Dome, Londen ; National Assembly for Wales; Antwerps Justitiepaleis

sponsored by

144 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 145


26: Centre Pompidou

Gebouwbeschouwing

1. Het Centre Georges Pompidou is bij velen een

bekend bouwwerk dat zich in de binnenstad van

Parijs bevindt. Het is een zeer opvallend bouwwerk

door zijn zeer speciale en aparte vormgeving, dat in

de tijd van de bouw op heel wat weerstand mocht

rekenen. In 1977 was het dan eindelijk zover en werd

het gebouw geopend. Het gebouw is ontworpen

door twee architecten: Renzo Piano en Richard

Rogers, maar het was eigenlijk de wens van de toenmalige

Franse president Georges Pompidou, vandaar

ook de naam van het centrum. Toen het ontwerp gepresenteerd werd kwam er erg veel

weerstand, zo iets geks had men nog nooit gezien en paste volgens vele Parijzenaren niet in

hun stad. Georges Pompidou zette door, hij wilde een groot publiekcentrum creëren waar de

Parijse bevolking deel kon nemen aan de moderne

kunst en andere culturele activiteiten, deze denkbeelden

vonden plaats in 1969. Centre Pompidou is

gevestigd op plateau Beaubourg in de wijk Châtelet

en Les Halles en vormt nu het centrum van deze

wijk. Dat lag voorheen wat westelijker op Forum Les

Halles. Vroeger was dit een industrieel gebied waar

de markten werden gehouden. Dit maakt dan ook

snel de overstap op de vorm van Centre Pompidou.

2. 3. De uistraling van dit gebouw heeft namelijk

niets anders te maken dan met een grote industri-

Centre Pompidou, maquette

ele fabriek. Les Halles was voorheen ook industrie en vormen een link met elkaar. Ze liggen

namelijk in elkaars verlengde. Het ontwerp is gebaseerd op een groot rechthoekig gebouw

waar alle technische installaties, die je normaal binnen in een gebouw vindt, die nu aan de

buitenkant zijn geplakt. Overal lopen pijpleidingen over het gebouw heen en de roltrappen

lopen ook langs de buitenkant van het gebouw. Deze leiden je zigzagsgewijs naar boven.

Het Centre stampt uit de periode van de Avant-Garde

en zette het begin van de “high-tech” architectuur

in, dat liep van 1970 tot 1990. De bedoeling

hiervan was dat men zo alle ruimtes van het museum

goed kon gebruiken en niet in gebruik werden

genomen door deze roestige leidingen of roltrappen.

5. Een vrij vloeroppervlakte dat vrij indeelbaar is.

Daarnaast speelde mee dat de techniek niet verscholen

mag worden, maar juist getoond worden

aan het publiek.

Het gebouw heeft 4 verschillende kenmerkende

kleuren die in het oog springen. Zo zijn de groene

buizen bedoeld voor het transport van water, de

blauw die gebruikt men voor lucht/airco, door de

26: Centre Pompidou

gele lopen de elektriciteitskabels en de rode kleur kenmerkt het transport van mensen en

geeft aan dat hier mensen mogen komen. Alle leidingen zijn wel netjes aan één kant van het

gebouw gehouden, rue Beaubourg. Aan de voorkant steekt ook alleen maar een roltrap uit.

Deze gevel, aan pleinzijde, is helemaal gemaakt van glas en staal. De vloeren worden gedragen

door een stalen vakwerk die verbonden is aan de hoofddraagconstructie die gemaakt is

van massieve en holle stalen buizen. Het geraamte is vanaf de buitenkant goed te bewonderen.

Achter het frame wordt

het gebouw gesloten met

glas. Zo blijft de techniek weer

in het zicht van de mensen.

Het contrast met de omgeving

is alleen wel erg groot. Toch is

er een regelmaat in te vinden.

De stramien maten van Centre

Pompidou komen namelijk

overheen met de omliggende

bebouwing en alle afmetingen

komen verder voort

uit Parijs. Het enige dat echt

anders is, is de kleur en de

afwerking met alle leidingen

en roltrappen.

Centre Pompidou telt in totaal

5 verdiepingen bovengronds.

Die een afmeting hebben

van 166 bij 60 meter en het

gebouw is in totaal 42,5 meter

hoog. Deze ruimte is wel

geheel vrij indeelbaar doordat

het structuurskelet en alle

leidingen en transportmiddelen

zich aan de buitenkant van

het gebouw bevinden. Op ieder

moment van het jaar kan

de indeling anders worden

gemaakt afhankelijk van de

exposant op dat moment. On-

sponsored by

146 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 147


der de grond bevindt zich ook nog een deel. Hier zijn

parkeerplaats, busstations, winkels, cafés, een bioscoop

en nog enkele tentoonstellingszalen te vinden.

In totaal heeft het Centre Pompidou een vloer

oppervlakte van 70.000 m 2 . Het licht hellende plein

dat zich uitstrekt voor het Centre Pompidou wordt

regelmatig gebruikt voor activiteiten in het Parijse

straatleven. Een doel van de ontwerpers is geweest

cultuur en kunst dichtbij de bevolking te brengen.

Het museum is dan ook tot 22.00 uur open.

Dat het Centre Pompidou een museum is, is inmiddels

wel duidelijk. Het bevat de permanente collectie van het Musée national d’art moderne

en Centre de création industrielle en daarnaast zijn er verschillende tentoonstelling die per

periode verschillen.

Er bevindt zich een bibliotheek, Bibliothèque publique d’information, in het gebouw waar je

rechtstreeks toegang heb tot vele boeken, speciaal voor de gewone mens. De bioscoop die

zich ondergronds bevindt en daarnaast de vele theater, dans, muziek, symposia en debatten

die in Centre George Pompidou worden gehouden.

Na twintig jaar open te zijn geweest en maarliefst

160 miljoen bezoekers binnen gehad te hebben

moest er iets gebeuren aan het gebouw, het had zijn

tol geëist. Het gebouw werd volledig gerenoveerd

en meteen werd ook de binnenkant vernieuwd. De

Regelmaat

26: Centre Pompidou

architecten die hiervoor verantwoordelijk

waren zijn Renzo

Piano, die vanaf begin al actief

Bibliotheek

was bij het ontwerpen van het Centre, maar nu werd ook Jean-Francois

Bodin erbij gehaald. Op 1 januari 2000 was het dan zover het gerenoveerde

Centre Pompidou werd weer open gestelt voor publiek en kan er weer vele

jaren tegen aan.

8. Heel het gebouw is opgebouwd uit een stalenframe. Van kolomen en

dwarsliggers, zowel massief als hol. Overal in het gebouw zijn windverbanden

aangebracht om de constructie overeind te houden. De vloeren

worden gedragen door liggers met een driehoekpatroon,weer een

kenmerk de stabiliteit garanderen. De draagconstructie van het gebouw is

overal goed terug te zien doordat dit naar buiten is gehaald en niet netjes

is afgewerkt of bekleed met een

andere materiaal. Naast staal is

het andere hoofdbestanddeel

glas, dit zorgt voor de openheid

en transparantie. Alles is eigenlijk

bekleed met glas, zelfs de roltrappen.

Zoals werd gezegd zit er in

het gebouw veel staal. De totale

Constructie element Centre Pompidou

26: Centre Pompidou

massa hiervan bedraagt 16.500 ton.

info:

Adres:Place Georges Pompidou

- Entrée Piazza,

Rue Saint Martin; Tel: +33 (0)1 4478

1233

Website :http://www.centrepompidou.fr/

Openingstijden:Woensdag tot

maandag van 11.00 - 22.00

Entreeprijzen: Dagkaart: euro 10,00.

Met deze kaart heb je toegang tot

de exposities, het Museum en de

Brancusi Workshop

BereikbaarheidMetro: Rambuteau,

Hôtel de Ville

RER: Châtelet, Les Halles

Bus: 21, 29 38, 47, 58, 69, 70, 72, 74, 75,

76, 81, 85, 96

Ontwerper: Renzo Piano en Richard

Rogers

Bouwperiode: 1972 - 1977

sponsored by

148 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Leidingen en Roltrappen

by 149


27: Parc de la Villette pack en folies

Ontwerper

De ontwerper van het park is Bernard Tschumi, die het voormalige slachthuisterrein

in 1983 transformeerde in het huidige ViIlette.

Tschumi is geboren in Zwitserland op 25 januari 1944 en heeft een Franse

nationaliteit. Tschumie heeft gestudeerd tot 1969 aan de technische hogeschool

van Zurich. Vanaf 1970 tot 1979 leerde hij architectuur in Londen.

Vervolgens heeft hij nog gestudeerd aan het instituut van architectuur in

New York en aan de Princeton Universiteit. Een paar van zijn bekendste

“gebouwen” zijn:

• Alfred Lerner Hall in New York

• Lindner Athletic Center in Ohio

• Vacheron Constantin in Geneve

Lindner Athletic center:

Bernard Tschumi ontworp dit gebouw voor de

universiteit van Cincinnati

Vacheron Constantin:

Het bekende horlogemerk Vacheron Constantin

had een fabriek en hoofdkantoor nodig. Dit is

wat Bernard Tschumi er van heeft gemaakt.

Gebouwbeschouwing

1. Het park de la Villette is gelegen aan de rand van

het 19e arrondissement. Deze plek was een van de

laatst overgebleven grote plekken in Parijs. Het park

wordt doorsneden door het “Canal De l’Ourq”.

2. Het park is 35 hectare groot en hiermee het grootste

park in Parijs. Het is ongeveer een kilometer lang

en 700 meter breed. Op Pere Lachaise na is het ook

het grootste groengebied van Parijs. In totaal staan

er 26 rode follies, die over het hele park op een rooster met een maat van 120 meter staan.

Deze folies staan precies parallel aan het kanaal dat naast het park loopt. Elke follie heeft als

basis een kubus van 10 x 10 x 10 meter, hoewel ze

wel allemaal een andere vorm hebben.

3. De façades zijn vierkant en rood van kleur. De

meeste follies hebben platte daken die ook rood van

kleur zijn. De ramen zijn rechthoekig en de deuren

zijn van glas met een stalen omlijsting.

Bernard Tschumi

Alfred Lerner Hall:

Tschumi heeft dit gebouw ontworpen als hal voor

‘The Columbia University’ in New York.

27: Parc de la Villette pack en folies

4. De functie van het park is een combinatie van architectuur,

natuur en recreatie. Er bevinden zich dan

ook onder andere de volgende gelegenheden:

• concerthal

• theater

• festivalgebouw

• restaurants

• muziekmuseum

In het park is ook het Cité des sciences et de

l’industrie gevestigd, het grootste wetenschapsmuseum

van Europa. De follies hebben als functie om

verbindingen te maken tussen deze, verspreid liggende

elementen van het park. Op de plaats van het

park hebben vroeger de slachthuizen van La Villette

gestaan. Deze werden gesloten in het jaar 1974.

In 1982 werd door Bernard Tschumi de prijsvraag

gewonnen voor het ontwerp voor het grootste park

van Parijs. In 1998 was de aanleg van het park inclusief

alle gebouwen klaar.

sponsored by

150 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

5. Het park is opgebouwd uit drie verschillende

lagen, op een soort van rooster. Eerst heb je de 24

follies. Vervolgens heb je de 2e laag, de paden die

de verschillende delen van het park met elkaar

verbinden. De derde en laatste laag zijn de verschillende

terreinen, zoals het centrale plein waar je kunt

voetballen.

6. Het park is een plaats waar de mensen kunnen

wandelen en kunnen genieten van de aparte bouwstijl

van de folies. Er is veel water en groen aanwezig

en er zijn grote open velden waar je eens rustig kan

gaan zitten. De opdrachtgever voor het park was

president Mitterand. Nadat Tschumi de prijsvraag

gewonnen had voor het ontwerp van het grootste

park van Parijs en hij zijn concepten klaar had, ging

hij naar de president. Hij had toen vier ontwerpen

bij zich. Als eerste het 18e eeuwse park van versailles,

als tweede het 19e eeuwse park van Les Buttes-

Chaumont in Parijs, als derde het 20e eeuwse park

Brazilia en als laatste presenteerde hij ‘La Villette’

als ‘het’ 21e eeuwse park. De President zag wel wat

in zijn plannen en liet de bouw beginnen. De reden

hiervoor was dat Tschumi zijn speciale ontwerp van

by 151


27: Parc de la Villette pack en folies

het park geen relatie heeft met zijn omgeving. De follies zouden ook

veel publiek trekken omdat mensen zich zouden afvragen waar de

folies voor zouden staan.

8. Voor de folies is er eigenlijk alleen maar staal gebruikt, hier zit een

rode coating overheen. Het hoofdgebouw is hoofdzakelijk van staal

en bevat veel glas. De bestrating in het park is bestraat met betontegels.

info:

Adres/Locatie: 211, Avenue Jean

Jaures; 75019, Parijs

Toegankelijkheid: Metro: Porte de la

Villette of Porte de Pantin

Openingstijden: 24/24uur

Prijs: Gratis

Bouwjaar: 1986

website: http://www.villette.com

28: Parc de la Villette Museum en Geode

Ontwerper

De architect van La Geode is Adrien Fainsilber. Hij is tevens verantwoordelijk

voor het nieuwe museum voor wetenschap en industrie dat is gevestigd

in het voormalige slachthuis van La Villette. Ruimte en licht zijn de

basis voor Adrien in de architectuur. Adrien Fainsilber is geboren in 1932.

Hij haalde zijn diploma in 1960 aan de École Nationale Supérieure des

Beaux-Arts. Dit is de universiteit van kleine kunsten in Parijs. Later werkte

hij bij het architectenbureau Sasaki in Cambridge Massachusetts.

Terug in Frankrijk hield hij zich bezig met het ontwikkelen van steden- Adrien Fainsilber

planning voor enkele regio’s in Parijs. Vanaf 1980 tot 1986 heeft Fainsilber

een groot deel van het Parc de La Villette ontworpen waaronder La Cité des Sciences et

de l’Industrie (het museum) en La Geode (de bioscoop). Adrien Fainsilber & Associés is zijn

nieuwe architectenbureau, opgericht in 2000 met 6 andere Architecten. Enkele bekende

gebouwen van hem zijn:

Het instituut voor Urologie in Parijs; Het museum voor moderne kunst in Straatsburg; Het ziekenhuis Simone Veil in Montmorency

Gebouwbeschouwing

1. La Geode ligt vlak voor een ingang naast het gebouw. Het is de spiegelende bol rechtsonder

op de afbeelding. Beide liggen redelijk centraal in het park.

2. De hoofdvorm van het Museum is duidelijk een

gigantische balk met van 270 meter lang en 110 meter

breed. De hoogte is 47 meter. Dit alles zorgt voor

oppervlakte van maarliefst 165.000 m 2 .

De hoofdvorm van La Geode is een geheel holle bol

met een diameter van 36 meter. De naam Geode

komt van het woord geodetisch, wat staat voor een

totaal uit driehoeken bestaande koepel. Door deze

speciale constructie is de schil van de bol zeer sterk

en wordt deze alleen maar sterker als je een grotere

constructie maakt. Omdat een geodetisch gewelf

geheel zelfdragend is, worden deze vaak toegepast

in tuinbouw kassen en tentoonstellingshallen omdat

er enorme overspanningen mee kunnen worden

gemaakt.

sponsored by

152 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by Het centrum voor wetenschap en techniek en La Geode

153


28: Parc de la Villette Museum en Geode

La Geode bestaat uit maarliefst 6433 driehoeken.

3. De Inkomsthal alleen al is 100 meter lang en 20

meter breed. Aan het plafond hangen 2 gigantische

spiegelende koepels die kunnen worden ingesteld

afhankelijk van de stand van de zon. Aan de zuidelijke

gevel zie je grote rechthoekige serres waarin

doorzichtige liften op en neer gaan langs een wand

van staal en glas.

4. La Geode is op zich al een zeer bijzonder gebouw

door zijn constructie en verschijning, maar aan de

binnenkant zit een OMIMAX koepel bioscoop met

een scherm van maarliefst 1000 m 2 . Doordat dit

scherm over 180 graden loopt is dit de ultieme 3d ervaring

en krijg je meer te zien dan je kan verwerken.

Tevens is dit de enige bioscoop ter wereld voorzien

van een 12.1 surround sound system met 4 subwoofers

die allemaal een diameter van 55cm hebben.

De bioscoop is voor 130 miljoen Franc gebouwd op 6

mei 1985 en is sindsdien 1 van de vele trekpleisters van het park.

5. La Geode bestaat uit 6433 gelijkzijdige driehoeken.

De driehoeken zijn gemaakt van roestvast staal

en zitten vast op een stalen frame. Het frame met

de spiegelende schil is zelfdragend maar er zitten

nog wel enkele constructies aan de binnenkant voor

het bioscoopscherm en de stoelen. In de doorsnede

kan je zien dat het scherm wel hol is, maar de film

wordt dus niet direct op de constructie geprojecteerd.

6. Het museum is gebouwd naar het initiatief van

president Giscard d’ Estaing. Het gebouw moest veel

Een geodetische vorm

publiek aantrekken, jongeren

èn volwassenen, mensen

die iets met wetenschap en

techniek hebben. Het zou dus

een moderne look krijgen, en

van veel moderne technieken

zijn voorzien. En dat is gelukt,

jaarlijks bezoeken meer dan 5

miljoen mensen het museum.

28: Parc de la Villette Museum en Geode

7. Het gebouw wordt omringd door een mooi park. Tegenwoordig is het ‘Museum en Geode

een plaats waar geïnteresseerden in techniek en wetenschap samenkomen.

8. Bij de bouw van het ‘Museum en Geode’ is gebruik gemaakt van een stalen constructie.

Verder is er veel gebruik gemaakt van glas, omdat dit altijd een ‘futuristische’ look geeft aan

het gebouw. De driehoeken waaruit de La Geode is opgebouwd zijn gemaakt van roestvast

staal.

info:

Openingstijden: Geopend van dinsdag

- zaterdag van 10.00 - 18.00; Op

zondag van 10.00 - 19.00

Toegangsprijs: Standaardtarief:

euro 7,50

Reductietarief: euro 5,50; Gratis toegang

voor kinderen onder de 7 jaar.

Openbaar Vervoer: Metro: Porte de

la Villette

Bus: 75, 139, 150, 152, PC

adres: Parc de la Villette; 30, Avenue

Corentin Cariou

75930, Parijs

meer informatie: Tel: + 33 (01) 4005

8000

bouwperiode: Begin 1980; Klaar 1986

sponsored by

154 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 155


29: Parc de la Villette Cité de la Musique

Ontwerper

Portzamparc is 63 jaar en heeft gestudeerd van 1962 tot 1969 aan de

Ecole Nationale des Beaux Arts in Parijs. Na zijn studie werkte die onder

Eugene Beaudouin een voormalig expressionist en iets later onder George

Candilis, hij benadrukte een systematisch design. Zijn hoogtepunt was in

1994 toen Portzamparc de architectuur prijs won. Hij heeft naast Cité de la

Musique ook de Dance School of Paris Opera ontworpen, een appartement

gebouw in Fukuoaka in Japan, en Hautes-formes een groot familie huis in

Parijs, wat gebouwd is in 1979.

Fukuoaka in Japan; Dance School of Paris; Hautes-formes in Parijs

Christian de Portzamparc

Gebouwbeschouwing

1. Het gebouw is een groep van instituten bedoeld voor muziek, en het ligt in de La Villette

quarter van Parijs in het 19de arrondissement, er zijn in totaal 20 arrondissementen. Een

paar beroemde gebouwen in de omgeving zijn Parc de la Villette en Cité des Science et de

L’Industrie, ook in Parc de la Villette. Dit is een park met veel architectuur en veel groen, er

staan veel moderne objecten, dit past redelijk goed naast het Cité de la Musique aangezien

dat ook redelijk modern is. Er is bij beide gebouwen veel met ronde en strakke vormen gewerkt.

Dus dat komt goed overeen.

De belendende panden liggen los van het Cité

de la Musique, er zijn nogal wat vormovereenkomsten

aangezien het gebouw nogal veel

ronde en strakke vormen heeft en de omliggende

gebouwen ook. Alle gebouwen zijn van

ongeveer dezelfde hoogte,met uitzondering

van één flat, maar toch maakt het samen een

volledig geheel. Dit geldt ook voor de kleuren die

over het algemeen wit zijn, behalve bij Parc de la

Villette: daar zijn een aantal rode objecten, wat

de twee gebouwen goed van elkaar scheidt. Het

gras rondom het gebouw zorgt voor een rustig

effect en van bovenaf is mooi te zien dat het

gras veel rechte vormen aanneemt net als het

gebouw zelf.

29: Parc de la Villette Cité de la Musique

2. De bouwmassa is vooral te beschrijven als hoog

en breed, want het gebouw is in tegenstelling tot

de lengte ook redelijk breed. De bouwmassa van

gebouwen kunnen op allerlei manieren geleed zijn,

dit is ook het geval bij Cité de la Musique, het is

niet een bouwblok maar het bestaat uit delen die

horizontaal en verticaal geschakeld zijn.

De hoofdvorm van Cité de la Musique is lastig te

bepalen aangezien het veel ronde vormen met zich

meedraagt, en ook weer wat rechte vormen dus je

zou denken aan een halve bollen en stukken vierkanten

aan elkaar geplakt of iets dergelijks, maar als

je naar de plattegrond kijkt is beter te zien dat de

hoofdvorm het karakter heeft van een cirkel met een stuk eraf gezaagd.

dak en gevel Cité de la Musique

sponsored by

156 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

3. De ingang is duidelijk

te vinden, aan de

rode kleur zie je dat

goed. Naast de ingang

staan allemaal vierkante

vormen. Cité de

la Musique heeft geen

neoclassisistische

façade, daar is het veel

te modern voor. Het

dak grijpt meteen de

aandacht als je van bovenafkijkt, je denkt meteen ‘hoe is dit

constructief uitgewerkt?’ , het is namelijk van glas beton maar

er zitten ook stukken glas in die schuin staan. Het gebouw

heeft 1 hoofd entree. De entree is bedekt met een lange metalen

buis wat kruist over het gehele gebouw. De ramen zijn

best opvallend, zoals op de foto is te zien, zijn er zeer veel kleine

rechthoekige ruitjes in de gevel, dit maakt het gebouw kleiner

dan dat het is.

4. Cité de la Musique is een hal gebouwd door Christian de

Portzamparc, de reden is er eigenlijk niet, hij wilde een gebouw

ontwerpen waarbij je de muziek terugzag in het gebouw. Cité

de la Musique is gelegen in het 19de arrondissement. Volumes,

ritme, beweging en gevoel voor kleur dat is wat hij wou. Christian

de Portzamparc heeft het samengesteld en bewerkt tot

een plek voor ontdekking, om naar te luisteren en de muziek te

volgen. Tegenwoordig wordt Cité de la Musique vooral gebruikt

als muziekruimte. Er zijn hier al veel belangrijke optredens van

muziekgroepen en artiesten gehouden. Het gebouw is nog

by 157


29: Parc de la Villette Cité de la Musique

niet zo oud, iets meer dan 10 jaar. Er is dus nog niet

veel renovatie nodig, maar er moet redelijk wat

onderhouden worden: zoals de verschillende kleuren

die gebruikt zijn te schilderen, en de vele kleine

ramen te wassen.

5. Hiernaast is een plattegrond te zien van het Cité

de la Musique, het bovenste stuk bevat het Palais de

la Decouverte. De constructie is vooral gemaakt met

staal voor de grote overspanningen. Op het toneel

waar opgetreden wordt, is een soort cilinder boven

geplaatst, met vierkante honingraten als gevel.

In die cilinder is in de top een groot licht geplaatst wat het goed verlicht. De zaal is ook prachtig

verlicht, op de muren zijn lichtgevende rondjes

geplaatst wat het rustgevend maakt en een mooie

groene kleur aan de wanden van de zaal, wat in alle

waarschijnlijkheid van kleur zal veranderen. De buitenkant

is ook goed verlicht en je ziet iedere wand

goed door de verlichting.

7. Tegenwoordig worden in het Cité de la Musique

veel voorstellingen gehouden van muzikanten, in de

grote zalen die daarvoor bestemd zijn. Ook zijn er af

en toe wat exposities te bezichtigen.

8. Bij de bouw van Cité de la Musique is veel

gebruik gemaakt van beton, zoals te zien is op de

vele afbeeldingen. Voor de grote overspanningen

zijn grote stalen liggers geplaatst. Naast beton en

staal is ook gebruik gemaakt van glas, veel gangen

hebben een dak van glas, die geeft veel licht in de

gangen en geeft een mooi effect. Aangezien het gebouw een modern gebouw is, kunnen we

29: Parc de la Villette Cité de la Musique

info:

De openingstijden van Cité de la Musique

zijn alsvolgt: Van dinsdag tot

zaterdag van 12:00 tot 18:00 open;

Op zondag van 13:00 tot 18:00 open;

maandag is de muziekhal gesloten.

De toegangsprijs is gratis, maar

je moet wel kaartjes betalen voor

voorstellingen.

Metro: station Porte de Pantin lijn

5 hebben.

Met de bus moet je de nummers

75,151 en PC2 en PC3 hebben.

Voor meer informatie zie; http://

www.cite-musique.fr/anglais/cite/

acces.html

Cité de la Musique , bouwperiode

1992.

sponsored by

158 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

concluderen dat het hoofdbestanddeel van het Cité

de la Musique “beton” is. Opmerkelijk is wel dat er

geen bakstenen zijn gebruikt aan de buitenkant van

de gevel.

Excursiegroep uit 2003 bij een maquette van Bibliothèque de France

by 159


30: Bibliotheque National de France

Ontwerper

De architect van de Bibliotheque National de France is Dominique Perrault.

Hij staat bekend als een radicaal innovatieve exponent van een

architectuur die niet bestaat. Zijn bouwstijl kenmerkt zich vooral door

het gebruik van open vlakken. Decoratie is afwezig in zijn ontwerpen.

In zijn recente werk streeft Perrault steeds meer naar coherentie tussen

het gebouw en de omgeving. Hij gebruikt de natuur als architectonisch

materiaal en omgekeerd roept zijn architectuur natuur op. Zijn lievelingsmateriaal

is glas vanwege de transparantie, die de gebouwen bijna in de

omgeving laat verdwijnen. Zijn meest bekende werk is de Nationale Bibliotheek van Frankrijk.

Perrault heeft gewerkt rond het begrip “leegte”. Het hart van het gebouw is een open plek

waar een dennenbos is aangelegd, als een plaats voor contemplatie. Een andere kenmerk is

dat helderheid en soberheid een grote rol spelen in zijn bouwstijl. Drie bekende werken van

hem zijn: L’Esiee, Cour de justice des Communautes Europeenes en de Velodrome in Berlijn.

L’Esiee, l’école supérieure d’ingénieurs en électronique et électrotechnique is een school voor ingenieurs electronica en elektrotechniek; Cour de justice

des Communautés européennes (Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen); de Velodrome van Berlijn

Gebouwbeschouwing

1. De bibliotheek ligt in het 13e arrondissement van Parijs, naast de rivier de Seine. Het gebouw

valt direct op omdat het het hoogste gebouw is in zijn streek. Men kan het complex

langs vier kanten bereiken, het is namelijk omringd door trappen.

2. Perrault ontwierp een rechthoek van ongeveer 60.000 m 2 , waarvan de hoeken worden

gevormd door vier L-vormige torengebouwen, met een park van circa 12.000 m 2 in het midden.

Het ontwerp van de torens moest een opengeslagen boek uitbeeldden. De torens zijn

genoemd naar het deel van de collectie dat erin

is opgeslagen:

• Tour des temps (Toren van de tijd)

• Tour des lois (Toren van de wetten)

• Tour des nombres (Toren van de getallen)

• Tour des lettres (Toren van de letters)

3. De façade van de bibliotheek is van glas en

staal. De bibliotheek kent eigenlijk vier fassades,

omdat hij langs 4 kanten betreden kan worden.

Het dak van de bibliotheek is plat. De entree

bestaat uit een grote, brede trap, waarna men

30: Bibliotheque National de France

vervolgens naar een gebouw links en een gebouw

rechts kan gaan. De deuren en ramen zijn vierkant

en van glas.

De Bibliothèque Nationale de France is een publieke

instelling onder toezicht van het Ministerie van

Cultuur. Het is een van de rijkste bibliotheken van

de wereld. Het vindt haar oorsprong in de privécollectie

van koning Karel V, opgericht in 1368 in het

Louvre. Maar van een echte vaste bibliotheek was

pas sprake onder Lodewijk XI in de vijftiende eeuw.

In 1868 werden de gebouwen aan de Rue Richelieu

sterk uitgebreid, onder andere met de beroemde

grote leeszaal, een technisch hoogstandje vanwege

de revolutionaire toepassing van gietijzer. In de

twintigste eeuw barstte het complex aan de Rue

Richelieu langzamerhand uit zijn voegen. Allerlei

noodoplossingen werden bedacht totdat in 1996

eindelijk een enorm nieuw gebouw aan de Quai

François-Mauriac in het dertiende arrondissement

geopend werd, de huidige Site François-Mitterrand,

ook wel de Très Grande Bibliothèque genoemd.

Tijdens de bouw traden vertragingen op. Ook rees

de vraag of de glazen torens wel geschikt waren

om als bibliotheek te dienen; - de ramen moeten

bijvoorbeeld op sommige plekken afgedekt worden

om de boeken tegen zonlicht te beschermen. De klimaatbeheersing was problematisch en

kostbaar. Daarom was de nieuwbouw lange tijd omstreden. Uiteindelijk werd het complex op

20 december 1996 geopend, ruim elf maanden na het overlijden van Mitterrand op 8 januari

1996

Op de Site François-Mitterrand wordt het grootste gedeelte van de bibliotheekverzameling

bewaard: ongeveer 10,000,000 boeken, 350.000 kranten- en tijdschrifttitels, ongeveer

1,000,000 microfiches en evenzoveel geluidsopnames.

sponsored by

160 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 161


30: Bibliotheque National de France

4. De bibliotheek bestaat dus uit 4 even grote L-

vormige gebouwen die elkaars verlengde zijn. In het

midden is een park aangelegd. Het gebouw bevat

veel ramen, er is vanbinnen dus veel licht aanwezig.

Het interieur is modern.

6. De opdrachtgever is het Ministerie van Cultuur.

Zij had een enorme bibliotheek nodig die de oude

bibliotheken zou vervangen. De eis was dat alle

boeken in de bibliotheek moesten passen en dat er

ook nog plaats was om exposities en dergelijke te

houden. Verder moest het ook een representatief

gebouw zijn.

7. De bibliotheek ‘National de France’ is een bron voor mensen die zich bezig houden met

literatuur. Het complex is als het ware één gemaakt met de natuur omdat er in het midden

een reusachtig park is aangelegd. De vier gebouwen worden tevens omringd door boompjes,

plantjes etc. Er zijn ook bankjes omheen gebouwd zodat men rustig kan gaan zitten. Dit is de

typerend voor de stijl van Perrault, die graag natuur met architectuur

samenvoegt.

8. Bij de bouw is veel gebruik gemaakt van glas, omdat het gebouw

bijna volledig uit ramen bestaat. Er is ook veel beton en staal gebruikt.

De constructie van het gebouw is van gewapend beton en de

trappen om het gebouw heen zijn ook van beton.

info:

Openingstijden: Dagelijks geopend

van 10.00 - 19.00.

Toegangsprijs: Standaardtarief:

3,00 euro

Het gebouw is voor iedereen toegankelijk.

Er zijn ook accommodaties

voor invaliden

Adres: 11, Quai François Mauriac;

75013, Parijs

Openbaar Vervoer: Metro: Quai de la

Gare; RER C: Bibliothèque François-

Mitterrand; Bus: 62, 89, 132

meer informatie: http://www.bnf.fr/;

Tel: +33 (01) 5379 5959

bouwperiode: Begin 1989; Klaar 1996

31: Institut du Monde Arabe

Ontwerper

Zie volgend gebouw.

Gebouwbeschouwing

1. Het Institut du Monde Arabe

ligt op een mooie plaats in

Parijs: het is gebouwd langs

de oever van de Seine en

lijkt daardoor wat vrijer in

de omgeving te liggen dan

de meeste gebouwen in de

Franse hoofdstad.

2. Het Institut du Monde Arabe bestaat in feite uit twee hoofdvormen. Deze hoofdvormen

zijn aan de achterzijde aan elkaar gekoppeld. Hierdoor krijgt hetzelfde gebouw twee verschillende

gezichten. Het eerste gebouw (noordgevel van het instituut) is gebouwd op de

fundamenten van het oude instituut. De lijnen van de gevel stromen mee met de natuurlijke

stroming van de Seine. Het tweede blok (zuidgevel van het instituut) is veel strakker van

vorm. Deze balk bestaat enkel uit strake lijnen. Deze lijnen lopen door over de hele gevel. De

hele gevel is uit glas opgetrokken en geeft een open indruk, zonder dat je veel van de binnenkant

van het gebouw kan zien. Tussen de twee gebouwen met de kenmerkende hoofdvormen

in, ligt een vrij ingesloten patio, die aan de achterkant begrenst is door het koppelstuk van de

twee hoofdvormen.

3. De zuidgevel van het instituut bevat het spectaculairse element van het hele Institut du

Monde Arabe. Achter het glas is deze hele gevel namelijk bekleed met een mechanisch systeem

wat de lichtinval reguleert.

Deze techniek was revolutionair omdat het gebouw zich op deze manier aanpaste aan zijn

omgeving. Het reguleren van de lichtinval door deze diafragma’s is belangrijk voor het instituut,

omdat het ook een museum bevat. De kunststukken uit dit museum worden op deze

manier tegen schadelijk zonlicht beschermd. Tevens krijg je met deze diafragma’s een vorm

die ook veel voorkomt in de arabische cultuur, waardoor het ook mooi binnen de gedachte

achter het gebouw past. Naast de zuidgevel ligt een vrij strak vormgegeven plein. Het motief

van de stenen van dit plein komt weer overeen met het motief van de lijnen in de gevel,

waardoor ook het plein bij het gebouw betrokken wordt. Op dit plein staan ook nog enkele

strak vormgegeven muren en blokken waardoor je een bepaalde zichtlijn op de gevel van het

gebouw kan krijgen.

Onder het plein loopt het Institut du Monde Arabe door. Hierdoor heeft het instituut een

grote ruimte voor bijeenkomsten zonder dat het zicht op de hoofdfaçade verstoord word.

Wanneer je over dit plein naar de ingang van het Institut du Monde Arabe loopt lijkt het alof

je onder het gebouw door kan lopen. De architect heeft deze kant van het gebouw de ilusie

gegeven dat het boven de grond hangt. Hiervoor heeft hij de buitenmuren van de gevel op

deze verdieping dieper het gebouw in gezet, waardoor alleen de kolomen die het gebouw

dragen op het eerste gezicht alleen zichtbaar zijn.

sponsored by

162 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

Plattegrond van het Institut du Monde Arabe op maaiveldniveu. Nr. 6 geeft de patio aan.

by 163


31: Institut du Monde Arabe

De architect speelt ook een beetje met de hoogte

van het maaiveld rondom het gebouw. De patio binnen

de twee hoofdgebouwen ligt namelijk 11,6 meter

boven het plein voor de ingang wat op hoogte

van het maaiveld ligt.

Ook binnen in het gebouw speelt de architect met

de hoogte. Meteen achter de entree ligt de hal waar

ook de liften zijn. Deze hal reikt tot de bovenste

verdieping waardoor de hoogte van het gebouw

overweldigend op je afkomt wanneer je de hal binnenstapt.

Ook de verticale lijnen in de hal werken

mee om de hal nog groter en hoger te laten lijken.

Het vele gebruik van glas geeft het gebouw binnenin

een open karakter.

Door de constructie-elementen ook zichtbaar te houden voor het publiek krijgt het gebouw

een solide en statige indruk. Door het gebruik van een plat dak blijft het aanzicht van het

gebouw een strak geheel. Dit is ook duidelijk te zien in de tekeningen van de façades.

5. Het interieur is net zo strak vormgegeven als het exterieur. Dezelfde rechte lijnen zijn doorgezet

om het instituut een rustige en neutrale uitstraling te geven. Ondanks dat de motieven

van het gebouw, bijvoorbeeld de diafragma’s of het tegelwerk, vrij druk zijn, behoudt het gebouw

een rustige uitstraling doordat ook deze motieven in strakke lijnen zijn vormgegeven.

Het instituut bevat een museum, bioscoop, uitgebreide bibliotheek, een expositieruimte en

een conferentiezaal.

6. Tevens heeft de opdrachtgever, een organisatie die de betrekkingen tussen Frankrijk en de

arabische landen in stand houdt, er zijn kantoor. Voor hen is het gebouw en de inhoud dus

een belangrijk aspect van hun werk.

7. Het Institut du Monde Arabe is dus ook van maatschappelijk

belang voor de Arabische immigranten

in Frankrijk. Ook voor de Fransen zelf die hier

bijvoorbeeld in het museum kennis kunnen maken

met de arabische cultuur.

De strakke lijnen van het exterieur zijn ook binnenin het instituut

doorgezet.

8. Het Institut du Monde Arabe is voor een belangrijk

deel opgetrokken uit glas. Dit maakt dat het gebouw

erg ruimtelijk en open lijkt. Door het gebruik

van het glas, het beton en roestvast staal krijgt het

gebouw een industrieel uiterlijk en door de strakke

lijnen en de simpele vormen een solide uitstraling.

De kleuren in het Institut du Monde Arabe zijn vrij

licht en neutraal gehouden waardoor het er ook niet

druk uitziet. Ook komt de buitenwereld achter de

glazen gevels hierdoor beter tot zijn recht. Doordat

Het diafragma-systeem dat de lichtinval bepaalt.

31: Institut du Monde Arabe

het beton en het roestvast

staal een vrij ruwe afwerking

en oppervlakte heeft, ontbreekt

het binnen wel aan een

warme sfeer. Ook wanneer de

diafragma’s weinig licht doorlaten

wordt het in het gebouw

best donker. Deze diafragma’s

blijken ook lastig te onderhouden,

omdat van de honderden

die er in de gevel zitten, er nog

maar een klein aantal werken.

Door het gebruik van dezelfde De façade van het Institut du Monde Arabe.

tegelpatronen en natuurlijke

vormen, vormt het gebouw een eenheid met zijn omgeving en staat de

moderne look niet in een

al te groot contrast met de

historische gebouwen uit de

buurt.

info:

Adres: 1, rue des Fossés-Saint-Bernard

; Place Mohammed-V; 75236 Paris

Cedex 05

Website: http://www.imarabe.org/

Openingstijden: Instituut geopend

van 10 tot 18 (behalve op maandag)

Bibliotheek geopend van 13 tot 20

(behalve op zondag en maandag)

Entreeprijzen: Standaardtarief:

euro 4,00

Bereikbaarheid: Métro : Jussieu,

Cardinal-Lemoine, Sully-Morland;

Bus : 24, 63, 67, 86, 87, 89

sponsored by

164 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 165


32: Musée du Quai Branly

Ontwerper

Het Institut du Monde Arabe en Musé du Quai Branly zijn ontworpen door

de bekende Franse architect : Jean Nouvell. hij is geboren op 12 Augustus

1945 in Fumel, Frankrijk. Hij heeft in Parijs architectuur gestudeerd aan

de École des Beaux-Arts. In 1970 begint hij dan op 25 jarige leeftijd zijn

eigen architectenbureau, maar pas een jaar na het oprichten van dit

bureau heeft hij zijn diploma gehaald. Het Institut du Monde Arabe is voor

Nouvelle zijn doorbraak geweest. Door het succes kreeg hij veel nieuwe

opdrachten binnen, zoals het Gasometer in Wenen, het Guthrie Theater Jean Nouvell

in Minneapolis en het Torre Agbar in Barcelona. In 1998 richt Jean Nouvell

zijn eigen atelier op. Momenteel werken er in het „Ateliers Jean Nouvel“ zo’n 160 bouwkundigen

samen aan ongeveer 40 projecten in het binnen- en buitenland. Ook is hij zich gaan

richten op het interieur, en worden er in zijn atelier ook meubels ontworpen. Jean Nouvell

staat bekend om de grote varieteit in zijn werk. Hij weet ook goed hoe hij met kleuren, materialen

en texturen moet omgaan. Door deze kwaliteiten is hij een van Frankrijks bekendste

architecten geworden.

Guthrie Theater in Minneapolis ; Gasometer in Wenen; Torre Agbar in Barcelona; Gasometer te Wenen

Gebouwbeschouwing

1. Het musée du Quai Branly staat vlak naast de Eiffeltoren aan de oevers van de Seine. Op

deze plek was nog een leeg stukje grond. Chirac wilde het gebouw dicht bij de Eiffeltoren

zodat veel toeristen het zouden zien. Het is een museum voor volkswijsheden en gebruiksvoorwerpen

die te maken hebben met volksgeschiedenis in Afrika, Azië, Oceanië en Noord-

en Zuid Amerika. Het moderne gebouw is een eigenlijk een kunstwerk op zich en vormt een

behoorlijk contrast met de exposities in het gebouw.

Hierdoor past het ook eigenlijk totaal niet in zijn

omgeving, maar het valt wel op.

2. Het gebouw heeft geen duidelijke hoofdvorm.

Het is een T-vormig gebouw met een boel rare hoeken

en uitsteeksels. Het museum

bestaat uit 4 gebouwen met een

totaal oppervlakte van 40.000

m 2 en is omringd door een tuin

van nog eens 18000 m 2 . Op de

32: Musée du Quai Branly

allerbovenste verdieping is nog een groot terras

waarvan je de Eiffeltoren uitstekend kan zien.

3. Één muur van 200 meter lang en 12 meter hoog is

aan de buitenzijde begroeid met planten. Dit om het

natuurlijke effect te benadrukken. Bij een andere gevel

steken er overal gekleurde kubussen uit de muur.

4. Het museum wordt gebruikt als etnologisch museum.

Etnologie is een wetenschap die volkenkunde

bestudeert. Dit wil dus zeggen dat in Quai Branly

veel dingen van verschillende volken te zien zijn. In

totaal bevat het museum zo’n 300.000 voorwerpen

uit landen als Afrika, Azië, Oceanië, Australië

en Amerika. Hiervan zijn er 3500 permanent voor

bezoekers te bewonderen. Het plan voor het museum

kwam in 1996 van de Franse president Jacques

Chirac. Hij wilde hiermee een cultureel monument

neerzetten dat hem zal overleven. Het was een politieke

wens om de menselijke begaafdheid te laten

zien vanuit de kunst. Er moest hierdoor met meer

respect een kijk op andere culturen en beschavingen

komen. Het museum is genoemd naar de Franse

natuurkundige

Edouard Branly

en is geopend op 23 juni 2006. Naast de functie van

museum bevat Quai Branly ook ruimtes voor tijdelijke

exposities, een mediatheek, een theater en een bioscoop.

recht, de andere vloeiend.

6. De opdrachtgever van het museum was zoals

eerder gezegd Jacques Chirac. Er moest een museum

komen dat hem zou overleven en een andere

kijk zou geven op andere culturen en beschavingen.

Hiervoor werd een prijsvraag gehouden, die dus

gewonnen werd door Jean Nouvel.

Jacques Chirac is niet de enige Franse president met

dit idee. We hebben er het Centre Beaubourg (president

Pompidou), Musée d’Orsay (president Giscard

d’Estaing) en de piramide bij het Louvre (president

sponsored by

166 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

5. Er is veel glas in het museum, waardoor er veel licht

binnenvalt. Het interieur verschilt nogal. Er zijn witte en

zwarte ruimtes, maar ook gekleurde. De ene ruimte is

by 167


32: Musée du Quai Branly

Mitterrand) aan te danken. Musée du Quai Branly is niet vernoemd naar de Franse natuurkundige

Edouard Branly maar naar de Quai Branly straat waar dit gebouw staat. Deze straat

is uiteraard wel naar hem vernoemd. Edouard Branly was een Franse natuurkundige en een

van de uitvinders van de draadloze telegrafie. Een ander museum is wel naar hem vernoemd

namelijk het natuurwetenschappelijk museum Musée Édouard Branly

7. De gigantische tuin is een gedeelte van het museum. De bijzondere vegetatie komt uit de

hele wereld en wordt beschermd tegen het verkeer op de kade door een 200 meter lange

glazen muur van 12 meter hoog.

8. Het museum is gedeeltelijk op 10 meter hoge palen

gebouwd. Het museum ligt daarmee op gelijke

hoogte met de meer dan 15 meter hoge bomen in

de tuin. Ook in de rest van het gebouw draait het

om transparantie, glas, hout,

vloeiende lijnen en warmte.

info:

Openingstijden

Dinsdag tot en met zondag van

10.00 tot 18.30 en op donderdagavond

tot 21.30

Metro: Anvers, Abbesses, Château-

Rouge, Lamarck-Caulaincourt

Bus: 30, 54, 80, 85, Montmartrebus

Website voor meer informatie:

http://www.quaibranly.fr/

bouwperiode: Ontwerp 1999; Begin

2002; Klaar juni 2006

33: Samaritaine Beaubourg

Gebouwbeschouwing

1. Als je naar de ligging van de Samaritaine kijkt valt het op dat het heel

goed gelegen ligt t.a.v de bereikbaarheid. Er staan veel gebouwen omheen

maar dit gebouw komt duidelijk naar voren door zijn omvang. Het is

namelijk veel groter dan de rest is zijn directe omgeving. De omliggende

gebouwen vertonen wel wat vormovereenkomsten en stammen af van

de Gotiek, het is dus niet zo dat de omliggende gebouwen alleen maar

moderne gebouwen zijn. De lengte van het gebouw heb ik niet kunnen

achterhalen maar ik kan wel concluderen op basis van foto’s die er ervan heb gezien dat de

verhoudingen best in verhouding zijn. Het gebouw is namelijk ??

2. De hoofdvorm die het gebouw heeft is vanaf de voorkant gezien voor de 1e 6 verdiepingen

een blok ( balk ) met daar bovenop een halve ovaal. Er zitten veel decoraties op en aan en de

voorgevel van het gebouw en de ramen staan ook niet allemaal recht.

Het is een balk dus we mogen ervan uitgaan dat de lengte is groter dan de hoogte is. Over de

hoogte en lengte van het gebouw hebben wij verder niks kunnen vinden zowel in de bibliotheek

als op het Internet.

3.De façade van de Samaritaine is overtuigend. Waarom wij dat woord gebruiken is omdat

het eruit springt wanneer je naar de rest van de gebouwen in de directe omgeving kijkt. Het

gebouw valt op tussen de gebouwen er omheen door de hoogte en de breedte van het gebouw.

Er zitten veel ramen in de voorgevel zodat je jezelf vanaf buiten al ongeveer voor kunt

stellen hoe mooi het uitzicht daar boven moet zijn. Ook voor de lichtval en de hoeveelheid

licht is dat gunstig want dat is belangrijk in een gebouw. De hoofdentree is erg centraal gelegen

dus wanneer je binnenkomt kom je door een relatief kleine deur een enorm atrium van

wel 5 verdiepingen hoog binnen. Over het dak verschilt iedereen van mening en wij waren

het erover eens dat het uit veel verschillende soorten daken bestaat maar eigelijk zijn het allemaal

platte daken. Sommigen lopen schuin op maar je ziet geen puntdak op het warenhuis.

Alleen de koepel heeft de vorm van een puntdak.

4. La Samaritaine Beaubourg is een warenhuis. Er is in 1870 door Ernest Cognacq en zijn echtgenote

Marie-Louise Jay opdracht gegeven dit gebouw te gaan realiseren.

Vanwaar de naam Samaritaine? Samaritaine komt van de hydraulische waterpomp die ze ook

sponsored by

168 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 169


33: Samaritaine Beaubourg

op le pont neuf hebben geïnstalleerd om de voorbijgangers van water te voorzien.

De bouw van het warenhuis die aan de 17 rue de la Monnaie en aan de 19 rue de la Monnaie

moest komen te liggen heeft een structuur van vier verdiepingen met een zichtbaar gelaten

metalen geraamte. De eerste winkel, die tevens een goede bereikbaarheid had omdat het

dicht bij le pont neuf gelegen was, bezette het ronde gebouw van het flatgebouw tussen de

straten van le pont neuf en de la Monnaie. In 1885 doet Cognacq een beroep op de architect

Frantz Jordaan. Hij vraagt hem hierbij dit gebouw opnieuw in te richten.

5.‘’La Samaritaine Beaubourg’’ is het grootste en oudste warenhuis van Parijs. Het warenhuis

opende zijn deuren in het jaar 1869. Men zou het kunnen vergelijken met ‘’Galeries Lafayette’’

maar ‘’La Samaritaine Beaubourg’’ verkoopt zijn producten tegen aanzienlijk lagere prijzen.

Onder andere wordt er in het warenhuis het merk Louis Vuitton Moët Hennessy verkocht. Het

interieur van ‘’La Samaritaine Beaubourg’’ bevat een

Art-Deco-trap en hangende galerijen. Dit is typerend voor het warenhuis. Het heeft bovenop

een glazen koepel en door het hele gebouw is een ijzeren constructie aangelegd voorzien van

weelderige bloemmotieven. De koepel op het gebouw zorgt voor een goede hoeveelheid licht

in het warenhuis. Over plattegronden en meubilair hebben wij niets kunnen vinden maar op

het plaatje staat een detail uit het warenhuis. Meestal wordt het meubilair afgestemd op

hoe het gebouw van binnen is vormgegeven en afgewerkt dus wij denken dat het redelijk

ouderwets ( houten frame met grote kussens / veel krullen en ronde vormen in het hout )

maar toch luxe meubilair zal zijn. Het panorama op de tiende verdieping is nog altijd een

toeristische trekpleister

7. Tussen 1905 in en 1910 wordt zijn buitenlandse versiering, in de geest van de nieuwe Kunst,

door de binnenhuisarchitect Francis Jordaan (draden van de architect), de schilder Eugène

Grasset (tekenaar van het uithangbord van de winkel), ferronnier Édouard Schenck en de

pottenbakker Alexandre Bigot verwezenlijkt. Tussen 1926 en 1928 wordt dit gebouw door de

architect Henri Wild vergroot. Deze vergroting creëert de huidige voorgevel. Op verzoek van

de Prefectuur wordt het geraamte van staal bekleed met een roomachtige kleur steen. De

winkel wordt een gebouw van in totaal tien verdiepingen hoog en staat op het perceel dat

wordt omgeven door de straten van les rues de Rivoli, du Pont-Neuf et Boucher. Rond 1930

is eindelijk de voltooiing van het gebouw een feit. Alle aanpassingen en verbouwingen zijn

dan achterwege. Samaritaine sluit zijn deuren woensdag 15 juni 2005 voor een onbepaalde

voorlopige duur. Volgens de eigenaar ( LVMH ) die Samaritaine sinds 2001 bezit is het doel

deze Parijse winkel te vernieuwen zodat hij na de verbouwingen en aanpassingen aan de

veiligheidsnormen voldoet. Een stalen constructie is namelijk niet erg brandveilig. Er werd

verwacht dat de situatie een aantal jaren zou duren. Zelfs is er in de O.R. (ondernemingsraad)

gestemd tussen een totale sluiting van 6 jaar en een gedeel-telijke sluiting gedurende 10 jaar.

Uit bezorgdheid ten opzichte van de werknemers heeft de betreffende minister toegezegd

dat de mensen die in die periode geen werk zouden hebben met betrekking tot het gebouw

een opleiding mochten volgen waarvoor ze ook nog eens hun oorspronkelijke loon zouden

krijgen om daarvan te kunnen leven.

6. De persoon die opdracht heeft gegeven dit gebouw te bouwen en er deze functie aan te

geven is Ernest Cognacq. U ziet hem rechts hiernaast op de illustratie.

33: Samaritaine Beaubourg

Artikel over het warenhuis

Het luxe-goederenconcern LVMH verwerft het Parijse warenhuis La Samaritaine - ooit de

ikoon van het nieuwe winkelen, nu een verlieslijdend consumentenmuseum.

Door onze correspondent PIETER KOTTMAN

Parijs, 24 NOV. Ooit waren er, op de tweede verdieping van de annex aan de Rue de la Monnaie,

apen te koop. Daar ging je naar kijken, heimelijk beseffend dat het geen pas gaf: apen

in een warenhuis. Ik heb op dezelfde afdeling, waar nu zelfs geen hondjes meer te vinden

zijn, nog eens een kip gekocht, met een blauw-zwart verenpak, die ik cadeau deed aan een

vriendin.

Rosa heette ze - die kip. La Samaritaine: uit nostalgie doe ik er nog wel eens boodschappen,

maar het in 1870 opgerichte warenhuis dat in de nadagen van de Second Empire het begrip

winkelen van een nieuwe dimensie voorzag is nu toch vooral een onoverzichtelijke doolhof

waarin zowel personeel als de gezochte koopwaar slechts moeizaam te traceren valt.

Gelegen tussen de Seine en de Rue de Rivoli, het hart van Parijs, waar eigentijdse ‘concepten’

als Marks & Spencer, Gap, H&M en Zara zich genesteld hebben, is La Samaritaine rots in de

branding van de oudere habitué. Hier ziet men nog kromgetrokken oude vrouwtjes en mannetjes

twee bananen in hun boodschappentas-op-wielen stoppen, om hun aankoop vervolgens

met trillende vingers af te rekenen bij een heel wat bitsere kassajuffrouw dan toen ze

nog rechtop liepen. De verliezen die het warenhuis in de loop der jaren leed - tot honderd

miljoen gulden, bij een omzet van toch nog 500 miljoen - kunnen zij niet goedmaken.

Toch heeft de luxe-groep LVMH van Bernard Arnault het oog laten vallen op La Samaritaine,

vernoemd naar de pomp op de Pont-Neuf die de dorstige voorbijganger tussen 1609 en 1813

daadwerkelijk van water voorzag. LVMH verwerft eerst 51 procent van de aandelen, nu nog in

handen van president-directeur Georges Renand, personeel en de Stichting Cognacq- Jay, die

sinds 1925 het leeuwendeel beheert. Op termijn wil LVMH 67 procent. De geschatte waarde

van het warenhuis, 1 miljard gulden, wordt niet in de laatste plaats bepaald door de 50.000

vierkante meter vloer op een van de duurste locaties van de Franse hoofdstad. LVMH verkeert

ongetwijfeld in het vertrouwen dat La Samaritaine net zo winstgevend is te maken als het

eerder opgekochte Bon Marché, waarvan de omzet in vijf jaar met 30 procent (tot bijna 600

miljoen gulden in 1999) is toegenomen.

Hoe verlieslijdend La Samaritaine ook is, de jaarcijfers zijn duizelingwekkend in het licht van

het bescheiden begin. Op 21 maart 1870 kocht ene Ernest Cognacq (1839-1928) een winkelpandje

van zes bij acht meter, op de hoek van rue

du Pont-Neuf en Rue de la Monnaie. Samen met

zijn vrouw Louise Jay, aanvankelijk verkoopster in

de zeer chique winkel Belle Héloise, bedenkt hij

een hypermoderne, revolutionaire winkelformule,

nu zo ingeburgerd dat het lijkt alsof het altijd zo

sponsored by

170 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 171


33: Samaritaine Beaubourg

geweest is: afdelingen die in elkaar overlopen, vermelding van de prijzen, afschaffing van het

loven en bieden en van de barrière tussen klant en koopwaar, de toonbank, en invoering van

de mogelijkheid tot ruIlen en zelfs terugbrengen van het gekochte. Wat je noemt een belle

époque.Aankoop van belendende pandjes, die een kruip-door-sluip-door-situatie tot gevolg

had, heeft zonder twijfel bijgedragen aan de ideëenrijkdom van het echtpaar Cognacq-Jay. In

1904 begon de bouw van het, nu op de monumentenlijst prijkende, grote warenhuis. Architect

Frantz Jourdain ontwierp het, in de optimistische industriële stijl van die jaren. Gietijzer

en glas vormden samen met de voorgeschreven pierre de taille, grote steenblokken, het

hoofdbestanddeel.

De ornamentatie was vanzelfsprekend in art nouveau-stijl, zelfs het ijzeren geraamte is tot

op heden voorzien van weelderige bloemmotieven. Er kwamen gerenommeerde houtbewerkers

(Janselme), beeldhouwers (Monot), keramisten (Bigot) en fresco-schilders (Francis

Jourdain, zoon van de architect) aan te pas. Een vijf verdiepingen hoog atrium, omringd met

gietijzeren trappen en zelfs een lift bezorgden de nieuwbouw een sfeer van luxueuze ruimte.

Het panorama op de tiende verdieping is nog altijd een toeristische trekpleister.

Uitbreidingen met winkel 2, 3, en 4 volgen vanaf 1930. Het echtpaar Cognacq-Jay is dan al gestorven,

kinderloos. Het had in 1914 een ook al revolutionair systeem van winstdeling voor het

personeel ingevoerd, een stoffige tentoonstelling op de tiende verdieping getuigt van hun

goede werken. Hun uitgebreide kunstcollectie ging naar een naar hen vernoemd museum,

gevestigd in Hôtel de Donon. La Samaritaine kwam in handen van neef Gabriel, die de ikoon

van het nieuwe winkelen samen met studiegenoot Georges Renand ging beheren. Diens

kleinzoon Maurice Renand verkoopt zijn aandelen nu aan LVMH.

34: Palais de Tokyo

Musée d’Art Moderne de la Ville de Paris

Ontwerper

De architecten Jean-Claude Dondel, André Aubert, Paul-Jean-Emile Viard en Marcel Henri

Albert Dastuque hebben gezorgd voor het huidige ontwerp van het Palais deTokyo, dat is

ontstaat nadat het is verwoest in de tweede wereldoorlog. Marcel Dastugue was geboren op

1881 en stief in 1970. Paul Viard is geboren in 1880. Helaas is er niet veel te vinden over deze

mensen op internet of in boeken.

Gebouwanalyse

1. Het Palais de Tokyo is vrij gemakkelijk

te vinden vanwege

de omvang van het gebouw.

Het ligt aan de weg, de D956,

die helemaal door Parijs gaat.

De gemakkelijkste manier

om er heen te gaan is via de

metro of bus, maar met de

auto zou ook goed kunnen.

Het enige nadeel aan de auto

is misschien het kwijt kunnen

van de auto. Als je met de metro

gaat moet u uitstappen bij

het station léna. Als je met de

bus gaat moet je lijn 32, 42, 63,

72, 80, 92 aanhouden. Lopend

is het ook te vinden als men van af de Eiffeltoren de Seine oversteekt en rechtsaf gaat.

Het Palais de Tokyo is het huis van het Mission du Patrimoine Photographique, het Centre

national de la Photographie, het FEMIS en andere organisaties die gerelateerd zijn aan de

kunst en de film. De collectie bevat fotografie en technieken en is altijd verfrissend nieuw. De

collecties worden vaak ook veranderd zodat er altijd variaties zijn in het museum.

2. Het gebouw heeft eigenlijk geen vaste hoofdvorm. Er zitten wel veel geometrische vormen

in zoals de rechthoek, vierkant, cirkel en driehoek. Vanaf de voorkant kun je een goede symmetrielijn

trekken. Zowel de symmetrische vleugels

in het grondplan, de monumentale colonnades en

de zware kroonlijsten verwijzen rechtstreeks naar

het nabijgelegen Palais de Challiot, en dienden als

inspiratiebron voor de ontwikkeling van de kunstberg

in Brussel. De klassieke opbouw van de gevels

straalt kracht en evenwicht uit. Dit wordt bevestigd

door de zorgvuldig gekozen verhoudingen in plan en

opstand. De voorgevel van het gebouw is gemakkelijk

te bepalen door de ligging. De voorkant van het

gebouw ligt aan een drukke weg en als je vanaf daar

kijkt zie je bijna aan de achterkant van het gebouw

een groot aantal pilaren staan.

sponsored by

172 Gebouwbeschouwing Gebouwbeschouwing sponsored

by 173


34: Palais de Tokyo

Als we naar de vorm en de grootte van het gebouw kijken, is het toch een vrij stevige constructie.

Vrijwel alles is gebouwd in een “rough and ready” stijl, volgens de architecten Anne

Lacaton & Jean-Philippe Vassal. Dit betekent dat vrijwel alles bestaat uit beton, de muren,

wanden en de segmenten. De buitenkanten zijn bewerkt met baksteen en marmer.

3. Het Palais de Tokyo werd gebouwd voor de internationale expositie van kunst en technologie

van 1937. Het gebouw werd gebouwd op de plek waar ooit een weeshuis stond in 1615 dat

was opgericht door Marie de Médicis. In het weeshuis bevond zich ook een zeepfabriek, waar

de weeskinderen hele dagen aan het werk gehouden werden. Naast het maken van zeep

hielden ze zich ook bezig met het maken van wandtapijten. Deze tapijten waren zo goed dat

Louis XIII in 1626 alles opkocht.

De meeste van de wandtapijten die te zien zijn in Versailles en in het Louvre werden daar

gemaakt. Na enige tijd werd de plek een militair depot geplaatst. In 1855 brandde dit depot

af maar werd binnen een jaar weer hersteld in de oude staat. Tijdens de tweede wereldoorlog

werd het tenslotte weer vernietigd. Tijdens de herbouw van het gebouw mochten de

architecten Dondel, Aubert, Viard en Dastuque het huidige gebouw ontwerpen. Het gebouw

wordt het Palais de Tokyo genoemd, omdat de nabijgelegen straat in de periode van 1571

– 1918 Tokio werd genoemd door de burgers. Daarna krijgt het de naam Avenue de New York.

De straat werd voordat hij Tokyo heette vernoemd

naar een genemraal van Napoleon, die Billy heette.

Deze generaal kwam om bij de slag bij Iéna.

”Het paleis is het huis van het Mission du Patrimoine

Photographique, het Centre national de la

Photographie, het FEMIS en andere organisaties die

gerelateerd zijn aan de kunst en de film. De collectie

bevat fotografie en technieken en is altijd verfrissend

nieuw. De collecties worden vaak ook veranderd

zodat er altijd variaties zijn in het museum.”

5. Het plaatje hierboven laat het oostelijke deel zien

van de plattegrond van het museum. De andere

kant van het gebouw, de westkant, heeft wel dezelfde naam is deel van het Pompidou Centre.

De constructie van het gebouw is gemaakt van solide beton. Deze draagt al het gewicht van

het gebouw en zorgt voor alle stabiliteit.

8. Het ontwerp van het museum is gemaakt uit beton. Het dragende deel van de constructie

zal dan ook uit beton bestaan. Deze zal het gebouw dragen. Deze wanden zijn bekleed met

bakstenen en marmer zoals je op de plaatjes terug kunt zien. De betonnen wanden en vloeren

zorgen voor stabiliteit voor het gebouw. De pi