Infobrochure Implantaten Infobrochure Implantaten

mediplace.be

Infobrochure Implantaten Infobrochure Implantaten

DATUM: ..........................................................

- 1 implantaat:

Dr. Guy Brijs - 1 healing abutment:

Stomatologie –Implantaten - botvervangproduct:

Mond-, Kaak-, en - membraan:

Aangezichtsheelkunde - controle

€ 800

Infobrochure Infobrochure Implantaten

Implantaten


Inleiding

In deze brochure kunt u lezen wat een implantaat is en welke mogelijkheden er zijn om met behulp

van implantaten tanden en kiezen die verloren zijn gegaan, te vervangen.

Index

1. Het probleem p3

2. De oplossing p3

Wat is een implantaat? P3

Waar worden implantaten van gemaakt? P3

Welke problemen kunnen met implantaten worden opgelost? P4

Bij wie kunnen implantaten toegepast worden? P5

3. De behandeling p6

3.1. Het onderzoek p6

3.2. Het plaatsen van implantaten p6

3.3. De ingroei-fase p7

3.4. Het plaatsen van een Healing Abutment p7

3.5. Het onderhoud p7

4. Mogelijke complicaties P8

5. Roken P8

6. Voor - en nadelen p8

2


1. HET PROBLEEM

Tanden en kiezen kunnen verloren gaan door een ongeval, tandbederf en/of ontsteking van het

tandvlees en het omringende steunweefsel.

Uiteindelijk kan dit leiden tot volledige tandenloosheid en bent u aangewezen op een kunstgebit.

Het kaakbot zal echter langzaam slinken, waardoor er minder steun aanwezig zal zijn en het

kunstgebit los kan gaan zitten.

2. DE OPLOSSING

2.1. Wat is een implantaat?

Een natuurlijke tand of kies bestaat uit

twee gedeelten: een kroon en een wortel.

Een implantaat is een kunstwortel die

gemaakt is van titanium. Dit materiaal

wordt door het lichaam en het

omringende bot goed verdragen.

Implantaten zijn klein, hebben een

doorsnede van 3,3 tot 5,0 mm en een lengte van 7 tot

16 mm.

Ze zijn ongeveer net zo groot al een natuurlijke tandwortel.

Wanneer het bot voldoende aan de kunstwortel is vastgegroeid, kan het implantaat dienen als basis

voor een kroon, of dienen als steun voor een gebitsprothese. Het gedeelte dat op het implantaat en

boven het tandvlees zit, wordt de suprastructuur genoemd. Deze suprastructuur kan worden

gevormd door een kroon, een brug of een overkappingsprothese.

2.2. Waar worden implantaten van gemaakt.

Onder de zogenaamde weefselvriendelijke metalen is titanium één van de beste stoffen voor het

vervaardigen van implantaten. Daarom komt het gebruik van titanium in de moderne geneeskunde

zeer veelvuldig voor (bijvoorbeeld bij: botbreukplaten, kunstgewrichten en pacemakers). Titanium

wordt door het menselijk lichaam volledig geaccepteerd; dat wil zeggen dat er geen afweerreactie

van het lichaam optreedt.

3


2.3. Welke problemen kunnen met implantaten worden opgelost?

Er zijn verschillende situaties waarin implantaten kunnen worden toegepast.

a) Als één enkele tand of kies ontbreekt: bijvoorbeeld door een ongeval, kan in de ontstane ruimte

een implantaat worden geplaatst. Op dit implantaat wordt later een kroon aangebracht. Deze

behandeling biedt het grote voordeel dat de naburige tanden onaangetast blijven en niet hoeven te

worden afgeslepen voor het plaatsen van een brug.

b) Als er een paar tanden of kiezen ontbreken: zou er een brug of een gedeeltelijke uitneembare

prothese kunnen worden gemaakt. Voor het maken van een brug moeten tanden en kiezen beslepen

worden. Zeker wanneer het gezonde tanden en kiezen betreft, is dat natuurlijk jammer. Het dragen

van een uitneembare wordt vaak als hinderlijk ervaren en belast bovendien de nog aanwezige

tanden en kiezen. Implantaten kunnen een aantrekkelijk alternatief zijn. Op de implantaten kan een

brugconstructie worden gemaakt, net zoals op de natuurlijke tandwortels.

c) Als alle tanden en kiezen ontbreken en het bestaande kunstgebit onvoldoende houvast op de

botkam heeft, dan kan het kunstgebit op implantaten worden vastgeklikt. Bovendien wordt het

slinken van het bot door de aanwezigheid van de implantaten sterk afgeremd.

4


2.4 Bij wie kunnen implantaten toegepast worden?

In principe kunnen implantaten bij iedereen die gezond is, worden aangebracht, ongeacht de

leeftijd. Er zijn echter wel een aantal voorwaarden waaraan moet worden voldaan om in

aanmerking te komen voor implantaten.

Deze voorwaarden zijn:

1. Er moet voldoende bot aanwezig zijn om implantaten in vast te laten groeien.

2. Wanneer er nog eigen tanden of kiezen aanwezig zijn moet het tandvlees rondom deze

gebitselementen gezond zijn of gezond kunnen worden gemaakt.

3. Tot slot is een goede motivatie van de patiënt een absolute voorwaarde voor de behandeling

met implantaten. Het is van belang de implantaten en de suprastructuur goed te blijven

onderhouden; goed onderhoud en goede mondhygiëne zijn essentieel voor het succes.

Absolute tegen-indicaties voor implantaten:

• ernstig hartinfarct minder dan 6 maanden geleden

• cerebro-vasculair trauma minder dan 6 maanden geleden

• verminderde immuniteit (chemotherapie, aids,…)

• intraveneuze toediening van bifosfonaten

Relatieve tegen-indicaties voor implantaten:

• patiënten die anti-stollingsmiddellen innemen en die meerdere implantaten in een zelfde

kwadrant laten plaatsen

• diabetes patiënten type II met een slechte controle van de bloedsuikerspiegel

• orale inname van bifosfonaten sinds langer dan 3 tot 5 jaar

Tandimplantaten zijn niet tegenaagewezen bij osteoporosepatiënten onder bifosfonaten.

Het stoppen van bloedverdunners voor kleine chirurgische ingrepen, zoals extracties en

implanteren, wordt niet aanbevolen. Er is geen bewijs dat implanteren gecontraïndiceerd is bij

patiënten die bloedverdunners nemen.

Mocht u één van deze medicatie nemen, gelieve de kaakchirurg voor de ingreep te verwittigen:

Aclasta, Actonel, Aredia, Bondronat, Bonefos, Bonviva, Denosumab ( Xgeva®), Fosamax,

Fosavance, Merck-Alendronate, Merck-Pamidronate, Osteodidronel, Pamidrin, Pamidronaat

Mayne, Skelid, Zometa, Avastin, Sutent, Denosumab (Xgeva®)

5


3. DE BEHANDELING

3.1. Het onderzoek

Voordat implantaten worden aangebracht, vindt uitgebreid vooronderzoek

plaats. Er wordt bekeken of de algemene gezondheid goed is en vervolgens

wordt onder andere met behulp van röntgenfoto’s de conditie van het kaakbot

onderzocht. Meestal dient er een Dentascan te worden gemaakt, om het

botvolume te bepalen.

3.2. De implantatie

Het plaatsen van een implantaat is een kleine operatieve ingreep. Deze ingreep kan meestal onder

plaatselijke verdoving gebeuren. Er wordt een opening in het tandvlees gemaakt; vervolgens wordt

in het bot een gaatje geboord waar het in het implantaat precies in past. Het tandvlees wordt

tenslotte met hechtingen gesloten.

Als er een implantaat wordt geplaatst in de bovenkaak, kan er een kleine perforatie van de

sinusbodem ontstaan, gelukkig zonder gevolgen. Wanneer men achteraf de neus snuit, zelfs na

enkele weken, kan er soms een beetje bloed bijzitten, zonder verdere betekenis. De bedoeling is

immers om zoveel mogelijk de beschikbare hoogte te benutten. Daarom wordt het implantaat tot in

de sinusbodem geplaatst om zo groot mogelijke stabiliteit te bekomen.

De ingreep duurt, afhankelijk van het aantal implantaten tussen de 30 en 90 minuten. Over het

algemeen vallen de nabezwaren zoals pijn en zwelling erg mee. Zwelling die na de operatie

ontstaat, kan door het koelen van de wang worden beperkt en zelfs gedeeltelijk voorkomen. (na de

ingreep ijs of een Cold-Pack tegen de mond houden)

6


3.3. De ingroei-fase

Het vastgroeien van de implantaten nam vroeger altijd 3 maanden (voor de onderkaak) en 6

maanden (voor de bovenkaak) in beslag. De tijdsduur is afhankelijk van een aantal factoren zoals

hoeveelheid en kwaliteit van het bot en het type implantaat dat wordt geplaatst. In optimale

omstandigheden kan men al onmiddellijk (dit is ten laatste na enkele dagen) of na een maand de

tanden erop bevestigen; soms moet er toch nog meerdere maanden worden gewacht. Tijdens de

ingroei-fase wordt er klinisch en radiologisch gecontroleerd op een goede genezing. Het is in deze

periode meestal mogelijk een tijdelijke voorziening (noodkroon, noodbrug of kunstgebit) te maken.

Uw tandarts zal hierover vooraf informeren. (meestal betekent dit de aanpassing van een reeds

bestaande uitneembare prothese)

Wanneer mogen de implantaten belast worden door de tandarts?

• uitgestelde belasting (zeldzaam; enkel bij greffen of extreem weinig bot): de tanden worden

geplaatst na een periode van 3 tot 6 maanden na de implantaatplaatsing

• vroegtijdige belasting (gebruikelijk): de tanden worden geplaatst na een periode van 48 uur

tot 3-4 maand na de implantaatplaatsing

• immediate belasting (in optimale omstandigheden en voor volledige restauraties): de tanden

worden binnen de 48 uur geplaatst, in contact met het tegenoverstaande gebit

• immediate restauratie (in optimale omstandigheden en voor een beperkt aantal tanden): de

tanden worden geplaatst binnen de 48 uren die volgen na de implantaatplaatsing, maar niet

in contact met het tegenoverstaande gebit.

3.4. Het plaatsen van een Healing Abutment

Gebeurt meestal tijdens de implantaatplaatsing

(= 1 fase: m.a.w. alles gebeurt tijdens één ingreep). Bij 2 fases wordt er na de ingroei-periode onder

lokale verdoving een klein stukje tandvlees weggehaald zodat het implantaat terug zichtbaar wordt.

Op het implantaat wordt dan een Healing Abutment geplaatst dat door het tandvlees komt.

Dit stukje dient om het tandvlees te laten genezen en zodanig te vormen dat er later een kroon of

prothese geplaatst kan worden.

Het wondje wordt dan gehecht met een zijde draadje dat na 2 à 3 weken verwijderd mag worden.

De plaatsing van het healing abutment in een tweede fase en dus tijdens een tweede kleinere ingreep

is eerder zeldzaam, namelijk enkel bij implantaten die met onvoldoende kracht in het bot konden

worden vastgezet.

De healing abutments worden handmatig vastgezet zodat de tandarts deze er later makkelijk kan

afhalen. Hierdoor zou het wel eens kunnen dat er een healing abutment los komt te staan of zelfs

eruit komt tijdens de ingroeifase. Gelieve ons dan te contacteren zodat het er opnieuw opgeplaatst

kan worden.

7


3.5. Het onderhoud

Een goede mondhygiëne en regelmatige controles (elke 3 tot 6 maanden) zijn essentieel voor een

lange levensduur van de implantaten. Uitgebreide onderzoeken en

ervaringen hebben inmiddels aangetoond dat implantaten, mits goed

onderhouden, na tientallen jaren nog uitstekend kunnen functioneren.

Naast de dagelijkse mondverzorging is regelmatig bezoek aan tandarts

nodig.

De tandarts zal aandacht besteden aan:

- gezondheid van het tandvlees

- het bot rondom de implantaten

- de suprastructuur, in verband met mogelijke slijtage van onderdelen die dan vervangen

moeten worden

U krijgt een controle afspraak 4 tot 8 weken na de ingreep. Tijdens deze afspraak wordt er een

controle radiografie gemaakt en wordt er getest of het implantaat voldoende geïntegreerd is. Het

stukje door het tandvlees (= healing abutment) wordt dan even van het implantaat afgehaald en er

wordt een pinnetje (= smart peg) in het implantaat gedraaid. Door middel van resonantie wordt er

dan gemeten of het implantaat voldoende vast staat en of de tandarts dan mag verder werken. Voor

deze controle dient u geen inspuitingen te krijgen en het is niet pijnlijk.

8


4. MOGELIJKE COMPLICATIES

Ja, in een klein percentage van de gevallen kunnen er problemen optreden:

Het implantaat groeit niet vast of kan na verloop van tijd weer los gaan zitten. In deze gevallen kan

het implantaat pijnlijk aanvoelen en zal zeker moeten worden verwijderd. Het bot en het tandvlees

genezen normaal. Na een zestal weken kan een nieuw implantaat worden aangebracht.

5. ROKEN

Studies tonen een veel hogere overlevingskans van implantaten bij niet-rokers dan bij rokers.

Een studie heeft aangetoond dat het stoppen met roken, 1 week voor de plaatsing en opnieuw

starten 8 weken na de implantaatplaatsing, een iets grotere overlevingskans geeft. Bij rokers die dit

protocol niet naleven, zien we een duidelijk hoger

aantal mislukkingen.

9


6. VOOR - EN NADELEN

Voordelen:

- Implantaten bieden een oplossing in aanvulling op de traditionele tandheelkunde, daar waar

geen klassieke tandheelkundige oplossing meer mogelijk zijn. Denk hierbij aan een niet

functionerende onderprothese: na de behandeling gaat het kauwen weer gemakkelijker

worden.

- Daarnaast kunnen kronen en bruggen op implantaten worden gemaakt. Dit zijn vastzittende

in plaats van uitneembare vervangingen van verloren tanden en kiezen.

Nadelen:

- Een behandeling met implantaten vergt een lange behandelingsperiode.

- De dagelijkse verzorging van de suprastructuur vergt een zekere inspanning.

- De behandelingen zijn duur en worden NIET terugbetaald door het ziekenfonds.

Er zijn bepaalde omstandigheden waarin implantaten wel worden terugbetaald; indien aan

de volgende voorwaarden wordt voldaan:

• als de patiënt minstens 70 jaar oud is

7. NA PLAATSING

• uitneembare prothese op twee implantaten in de onderkaak

• de onderkaak moet volledig edentaat zijn (= geen tanden, wortelresten en geen tanden

verwijderd minder dan een jaar geleden)

• minstens 1 jaar een uitneembare volledige onderprothese gedragen hebben

• terugbetaling door het ziekenfonds genoten hebben van de prothese in de onderkaak

minstens 1 jaar geleden

• de prothese moet een goede pasvorm, articulatie en occlusie hebben (= nog in goede

staat zijn)

• de bestaande onderkaakprothese moet gebruikt worden als overkappingsprothese (=

de prothese op de implantaten)

De al tot nu toe bekende onderzoeken hebben géén enkele impact op de implantaten.

Indien er dus na het plaatsen van implantaten om één of andere reden een scanner (MRI, echografie,

CT-scan,….) moet gebeuren, heeft dit geen invloed op het implantaat zelf.

Het is echter wel aan te raden om jaarlijks op controle te gaan bij de tandarts.

10

More magazines by this user
Similar magazines