jaarverslag 2010 - Convenant Gezond Gewicht

convenantgezondgewicht.nl

jaarverslag 2010 - Convenant Gezond Gewicht

Inhoudsopgave

Voorwoord 1

1 Inleiding 2

2 Cijfers overgewicht 7

3 Deelconvenant school 10

4 Deelconvenant consument & vrije tijd 14

5 Deelconvenant werk 18

6 Deelconvenant JOGG 22

7 Convenantbureau 27

8 Adressen convenantbureau, partners 28

en overige organisaties

Lijst met afkortingen, voetnoten, colofon 31


Doorstart

Het eerste jaar van het Convenant Gezond Gewicht zit er

bijna op. De ‘doorstart’ van het in 2005 opgestelde

Convenant overgewicht is een feit. Op alle deelterreinen:

werk, school, consument & vrije tijd en JOGG (Jongeren

Op Gezond Gewicht) zijn dit jaar flinke slagen gemaakt.

Met steun van een enthousiast en versterkt team op het

convenantbureau hebben alle convenantpartijen per

deelconvenant de plannen voor de komende vijf jaar

vastgesteld en nieuwe activiteiten ondernomen. Door de

nieuwe structuur is de samenwerking verbeterd tussen de

partijen die het verschil kunnen maken in de praktijk: in

de bedrijven, op de scholen, in de winkels en de wijken.

Het Convenant Gezond Gewicht bouwt verder op het

kabinetsbeleid zoals vastgelegd in de Nota Overgewicht

van 2009. Publiekprivate samenwerking, gerichte voor ­

lichting en activiteiten die gezond eten en bewegen

gemakkelijker maken, vooral voor jongeren en hun

ouders, vormen de kern van de deelconvenanten.

Cijfers van landelijke onderzoeken die het Convenant

Gezond Gewicht gebruikt bij de monitoring en evaluatie,

laten zien dat zo’n gerichte, directe aanpak nodig is en

werkt. Overgewicht is weliswaar een nationaal (en internationaal)

probleem, maar er zijn grote verschillen

tussen verschillende groepen mensen en hun leef­ en

werkgebieden.

Met het effectief en efficiënt bestrijden van overgewicht

draagt het convenant bij aan het terugdringen van de

snel stijgende kosten voor de gezondheidszorg. Maar

investeren in activiteiten die gezond eten en voldoende

bewegen bevorderen, levert veel meer op dan alleen

financieel voordeel. Fitte mensen voelen zich beter,

kunnen meer aan, hebben meer plezier in het leven,

op het werk en op school. Leven langer en gelukkiger.

Met die boodschap gaan we de komende jaren ambi tieus

en gericht door om ouders, kinderen, jongeren, ouderen,

politici, werkgevers en werknemers, docenten, artsen en

onderzoekers allemaal in beweging te brengen en te

houden voor een gezonde leefstijl in een gezonde

leefomgeving.

Voorwoord

We rekenen daarbij op de steun van het nieuwe kabinet

en de nieuwe gemeenteraden die dit jaar gevormd zijn.

Zij kunnen ook op ons, de partners van het Convenant

Gezond Gewicht, rekenen. Ik zal mij de komende jaren

blijven inzetten om onze ambitie ‘Nederland de gezondste

jeugd van Europa’, waar te maken.

Met vriendelijke groet,

Paul Rosenmöller

Voorzitter stuurgroep

1


2

1 Inleiding

“Rijksoverheid is

zeer betrokken”

“Om de energie die het convenant bij partijen en

personen heeft opgewekt vast te houden en de

ontwikkelde plannen en aanpakken om te zetten in

integrale en structurele activiteiten, heb ik ingezet op

een vervolg van het convenant. Ons beleid heeft zich

gericht op verscherping en verbinding van bestaand

beleid. Versterking van de lokale integrale aanpak

zorgt voor slagkracht. Verbinding van informatie,

partijen, professionals en kennis zorgt voor transparantie

en doelmatigheid. Onder andere de uitvoering

van de Kamermoties, 100% gezonde schoolkantines

in 2015 en de implementatie van de Epode-aanpak

bij gemeenten, verloopt via het convenant. De rijksoverheid

is een van de partijen bij het convenant en

is zeer betrokken.”

Ab Klink,

oud­minister van VWS 1


Het aantal kinderen en volwassenen dat te zwaar is,

neemt toe in Nederland. Het is een groeiend probleem.

Voor mensen met overgewicht, maar ook voor de

samenleving. Het Convenant Gezond Gewicht streeft

naar een goede balans tussen eten en bewegen.

Het Convenant Gezond Gewicht is een vervolg op het

Convenant overgewicht (2005-2010). Bewust werd

gekozen voor een nieuwe naam: niet langer het

probleem, maar het resultaat staat centraal. De convenantpartners

willen overgewicht en obesitas op de

maatschappelijke agenda zetten en mensen

bewustmaken van de gezondheidsrisico’s. Ook willen

de convenantpartners de groei van overgewicht en

obesitas omzetten in een daling. Die trendbreuk

hebben de partners zich voor de loop van dit

convenant ten doel gesteld.

Op 23 november 2009 werd tijdens de Nationale Balans

Top in Den Haag het Convenant Gezond Gewicht

getekend. Minister Klink van Volksgezondheid, Welzijn en

Sport plaatste zijn handtekening, evenals ruim twintig

organisaties: bedrijven, sportorganisaties, maatschappelijke

organisaties, gemeenten en werkgevers­ en

werknemersorganisaties. Het Convenant Gezond

Gewicht loopt van 2010 tot 2015.

De rijksoverheid vindt dat het Convenant Gezond

Gewicht duidelijk meerwaarde heeft. De Nota Over ­

gewicht uit 2009 prijst de gezamenlijke actie van

overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties.

De samenwerking tussen de convenantpartijen, die al

begon in 2005, werpt vruchten af. Overgewicht en

obesitas staan bij steeds meer organisaties op de agenda

en de bewustwording in de samenleving is toegenomen.

De samenwerking gaat nu door met nog meer ambitie

en concretere afspraken.

Jaarverslag

Dit jaarverslag rapporteert over de activiteiten uit het

koepelconvenant in 2010, het eerste jaar van het Convenant

Gezond Gewicht. Ook beschrijft het de uitvoering, de

realisatie van ambities en inspanningsverplichtingen van de

deelconvenanten in dezelfde periode. Het spreekt voor zich

dat het Convenant Gezond Gewicht geen nieuwe start is. De

activiteiten die begonnen onder het Convenant overgewicht

gaan door, met vernieuwde ambitie. In dit jaarverslag

komen vooral nieuwe elementen en activiteiten aan de orde.

Nieuwe structuur

Het Convenant Gezond Gewicht heeft een nieuwe organisatiestructuur.

Hierdoor is het voor organisaties effectiever om

samen te werken en om concrete afspraken te maken,

omdat partijen bij die ambities betrokken zijn waar zij een

rol kunnen spelen en invloed kunnen uitoefenen. In het

koepelconvenant zijn de algemene doelstellingen

opgenomen en procedurele en organisatorische afspraken

gemaakt. Daarnaast zijn er vier deelconvenanten: werk,

school, consument & vrije tijd en JOGG (Jongeren Op

Gezond Gewicht). In de deelconvenanten zijn partijen actief

die op hun terrein daadwerkelijk invloed kunnen uitoefenen.

Daarnaast werkt het convenant samen met kennisinstituten,

netwerken en organisaties die beschikken over kennis op

het gebied van overgewicht en obesitas. Zoals het Centrum

Gezond Leven van het RIVM en het Voedingscentrum.

Activiteiten

koepelconvenant

Stuurgroep

De stuurgroep ziet erop toe dat de afspraken uit het koepelconvenant

en de deelconvenanten worden uitgevoerd.

Verder brengen stuurgroepleden desgewenst hun deskundigheid

in voor de uitvoering van de deelconvenanten en

beantwoorden zij vragen van het convenantbureau. Elke

partij van het koepelconvenant is vertegenwoordigd in de

stuurgroep. De convenantpartijen hebben Paul Rosenmöller

opnieuw verzocht en bereid gevonden voorzitter van de

stuurgroep te zijn.

Stuurgroep

Paul Rosenmöller

Voorzitter

Dhr. M. Jansen Dhr. M. Limmen

3


4

Ambassadeur Gezond Gewicht

en JOGG

Naast voorzitter van de stuurgroep, is Paul Rosenmöller

ook nationaal ambassadeur Gezond Gewicht en JOGG.

Hij heeft in 2010 op vele bijeenkomsten, congressen en

symposia gesproken en treedt regelmatig op in de media

om het convenant en haar activiteiten breed in de

samenleving onder de aandacht te brengen.

“ Congres Overgewicht -

samen op weg naar de juiste balans

Zwolle, de eerste JOGG gemeente van

Nederland, Paul Rosenmöller en

Wethouder E. Dannenberg ondertekenen

samen de intentieverklaring voor

Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG).

Paul Rosenmöller over gezonde

werkvloer.

Den Haag eerste grote JOGG stad!

Paul Rosenmöller en Wethouder Rabin Baldewsingh ondertekenen

samen de intentieverklaring voor Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG).

Gezonde Jongeren speerpunt

gemeente Den Haag.

Symposium

‘De gezonde werkvloer:

recht of plicht?’


Plannen van aanpak vastgesteld

De stuurgroep heeft op 28 april 2010 voor de eerste keer in

de nieuwe samenstelling vergaderd. In dit overleg heeft ze

van elk deelconvenant het plan van aanpak vastgesteld voor

de komende vijf jaar. De stuurgroep vond dat er veel

concrete afspraken zijn gemaakt en sprak de verwachting uit

dat de convenantpartijen elkaar bij de uitvoering zullen

versterken. De afgelopen jaren zijn de deelnemers veel

eigen activiteiten gestart om overgewicht en obesitas terug

te dringen. De stuurgroep wees erop dat gezamenlijke

projecten de voorkeur hebben. Door het convenant is een

proces in gang gezet om de samenhang tussen de activiteiten

van de verschillende partijen te vergroten. Daardoor

valt er de komende jaren (nog) meer effect te verwachten

van de activiteiten uit de plannen van aanpak.

Convenantbureau

Vanwege de nieuwe structuur van het convenant is ook het

convenantbureau anders ingericht. Accountmanagers

begeleiden de uitvoering van de deelconvenanten en JOGG

heeft een aparte afdeling binnen het bureau. Op dit

moment wordt gewerkt aan het onderbrengen van de

convenantactiviteiten in een zelfstandige stichting.

Monitoring

Voor de monitoring maakt het convenantbureau gebruik

van gegevens uit twee landelijke onderzoeken: POLS

(Permanent Onderzoek LeefSituatie) van het CBS en de

Monitor Bewegen en Gezondheid (onderdeel van OBiN:

Ongevallen en Bewegen in Nederland). De monitor wordt

beheerd door TNO. Speciaal voor de monitoring van het

Convenant Gezond Gewicht worden binnen OBiN, sinds mei

2010, aanvullende vragen gesteld over (determinanten van)

eetgedrag.

Tijdens de Nationale Balans Top op 22 november 2010

presenteerde TNO een eerste gedeelte van de nulmeting

van de OBiN gegevens en de meest recente cijfers van het

CBS. Deze nulmeting onder de Nederlandse bevolking geeft

inzicht in de bewustwording van overgewicht en obesitas en

kennis over de gezondheidsrisico’s en de mogelijkheden

voor preventie en aanpak. Het convenant gebruikt POLS van

het CBS om de trend te meten van overgewicht en obesitas

onder kinderen en volwassenen in Nederland.

Koninklijke Vereniging van

leraren Lichamelijke Opvoeding

Dhr. P. den Ouden Dhr. L. Hartveld Mevr. R. den Besten Dhr. L. de Vries Mevr. Y. Sanders Dhr. L. van Grinten


Financiën

Het Convenant Gezond Gewicht ontvangt gedurende de

looptijd van het convenant een financiële bijdrage van

de ministers van VWS, OCW en in 2010 van Jeugd en

Gezin.

Daarnaast dragen de convenantpartijen financieel bij aan

de uitvoering, naast de inzet van eigen mens kracht en

middelen. Ook andere partijen hebben financieel bijgedragen.

Het convenantbureau bracht in november 2010

financieel verslag uit aan de stuurgroep. Vanaf 2011 doet

het bureau dat elk halfjaar. Het ministerie van VWS heeft

aanbevolen ook voor de deelconvenanten met bud get­

ten te werken. De stuurgroep houdt hiermee, voor zover

mogelijk, rekening bij het vaststellen van de jaarbegroting

voor 2011.

Communicatie

Het communicatiebeleid ondersteunt de activiteiten van

het Convenant Gezond Gewicht en helpt de doelstellingen

van het convenant te realiseren. De volgende

communicatiedoelstellingen en ­middelen zijn hiervoor

vastgesteld.

1 Overgewicht en obesitas op de maatschappelijke

agenda zetten, evenals de maatregelen voor het

terugdringen ervan ­ zowel op nationaal, regionaal als

lokaal niveau.

2 Zorgen dat Nederlanders zich beter bewust zijn van

de gezondheidsrisico’s van overgewicht en obesitas.

Ook moeten mensen meer kennis hebben over deze

risico’s en weten welke maatregelen bijdragen aan de

preventie en aanpak van overgewicht en obesitas.

3 Het introduceren en positioneren van JOGG als

landelijke beweging en merk voor een gezonde en

actieve leefstijl.

Het Convenant Gezond Gewicht wil verschillende

doelgroepen bereiken. De keuze van communicatiemiddelen

is afhankelijk van de boodschap en de

doelgroep. Om goed aan te sluiten bij de betreffende

doelgroep worden vanuit de deelconvenanten ook

communicatieactiviteiten ontwikkeld.

Het Convenant Gezond Gewicht gebruikt, met name,

de volgende communicatiemiddelen:

Website

De website van het Convenant Gezond Gewicht heeft een

kleine restyle ondergaan. Informatie op de site is nu beter te

vinden. Bepaalde teksten zijn herschreven en de partnerpagina’s

zijn bijgewerkt en voorzien van recente gegevens. In

2011 wordt het extranet verbeterd zodat dit voor de convenantpartners

weer toegankelijk is om te rapporteren over de

voortgang van hun activiteiten. Naast nieuwsberichten van

het convenant staat er ook informatie op de website over de

convenantpartners. Relevante artikelen uit de media zijn op

de website via een link te vinden. De vernieuwde website

bevat ook informatie voor de pers, zoals factsheets en

fotomateriaal.

Nieuwsbrief

De nieuwsbrief bevat recente berichten over de activiteiten

van het convenant en haar partners. De nieuwsbrief gaat

vier keer per jaar uit naar de partners, overige betrokken

partijen en geïnteresseerden. Net als de website van het

Convenant Gezond Gewicht is ook de vormgeving van de

nieuwsbrief aangepast.

Artikelen, interviews en columns

Paul Rosenmöller wordt regelmatig benaderd voor een

interview. Ook de leden van het convenantbureau en

partners zijn beschikbaar voor interviews in vakbladen,

kranten en websites of via radio­ of tv­programma’s. Vanaf

2011 krijgen partners van het convenant de gelegenheid

iets te vertellen over hun recente activiteiten, bijvoorbeeld

in de vorm van een column, op de website van het

Convenant Gezond Gewicht.

Factsheets

Om de communicatie te stroomlijnen, heeft het convenantbureau

factsheets van het koepelconvenant en de deelconvenanten

toegezonden aan de deelnemers. Voor de verdere

verspreiding onder het publiek zijn deze op de website van

het convenant geplaatst. De factsheets geven een

beschrijving van de ambities en activiteiten van het

betreffende deelconvenant.

Dhr. van Zijl Dhr. H. Stam Dhr. E.R. Steenborg

Mevr. C. Ros Dhr. E. Lenselink Mevr. T. van den Heuvel

5


6

Communicatie door convenantpartijen

Deelnemers aan het convenant hebben hun leden en

achterban in 2010 geïnformeerd over de afspraken die

zijn gemaakt. Onder andere via hun websites en periodieken.

Voor de komende jaren staan voorlichting en

communicatie over het convenant, en vooral over de

doelstellingen en bijbehorende activiteiten, vast op de

agenda van de deelnemers. Hun achterban blijft zo niet

alleen op de hoogte, maar wordt ook zelf aangemoedigd

om de stijgende trend van overgewicht en obesitas te

keren.

Congres Overgewicht

Samen met het ministerie van VWS organiseerde het

Convenant Gezond Gewicht het Congres Overgewicht.

Dit vond plaats op 14 januari 2010 bij het ROC Midden

Nederland te Utrecht. Er waren meer dan 300

deelnemers, waaronder GGD­medewerkers, gemeenteambtenaren,

zorgprofessionals, bedrijfsleven, universiteiten

en partners van het Convenant Gezond Gewicht.

JOGG­ambassadeur Paul Rosenmöller en drie leerlingen

van het ROC Midden Nederland lanceerden de website

van JOGG. ’s Middags volgden de deelnemers kennissessies.

Bij een van deze sessies lichtte het Convenant

Gezond Gewicht de JOGG­ aanpak toe. Aan het einde

van de dag kwamen tijdens een vernieuwende

mindmapsessie de uitkomsten van de kennissessies

samen in een masterplan. Dit masterplan helpt de

deelnemers aan de slag te gaan om samen de juiste

balans te bereiken.

Nationale Balans Top

De Nationale Balans Top is het jaarlijks congres van het

Convenant Gezond Gewicht. Deelnemers horen op deze

dag het laatste nieuws over de activiteiten en de plannen

voor het komende jaar. In november 2010 was het

onderwerp Fit for You(th). Er vonden onder andere

dialogen plaats tussen jongeren, partners van het

convenant en prominenten. Daarbij stond de vraag

centraal hoe de ideale toekomst met JOGG eruitziet en

hoe we dit ideaalbeeld samen kunnen waarmaken.

Professor Jeff French, CEO van Strategic Social Marketing

Ltd, gaf een introductie over sociale marketing, een van

de pijlers van JOGG. Op het marktplein waren de meest

recente activiteiten van de partners uit de verschillende

deelconvenanten te zien. De Nationale Balans Top vond

plaats op de Haagse Hogeschool.

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en

Wetenschap

Dhr. A.J.J. Dingelstad Mevr. K. Kervezee Mevr. A. van de Kamp Dhr. C.W. van der Waaij Dhr. J. van Zundert Dhr. T. Verheij


2 Cijfers overgewicht

Voor de monitoring en evaluatie van de doelstellingen in

het Convenant Gezond Gewicht, is begin 2010

afgesproken om aan te sluiten bij twee lopende

landelijke onderzoeken:

• De Monitor Bewegen en Gezondheid (onderdeel van

OBiN: Ongevallen en Bewegen in Nederland) voor het

meten van (determinanten van) eet­ en beweeggedrag,

determinanten van een gezond gewicht en

het aanbod en gebruik van relevante activiteiten op

scholen en bij bedrijven. Deze monitor wordt beheerd

door TNO.

• POLS (Permanent Onderzoek Leefsituatie) van het CBS

voor de trendmeting van overgewicht en obesitas.

Tijdens de convenantperiode zullen jaarlijks resultaten

uit deze twee onderzoeken worden weergegeven in het

jaarverslag van het convenant. De cijfers in dit jaarverslag

dienen als een eerste aanzet voor de nulmeting. Bij het

ter perse gaan van dit jaarverslag waren de gegevens van

de Monitor Bewegen en Gezondheid (onderdeel van

OBiN) nog niet gereed. Daarom zijn voor de monitoring

en evaluatie van het convenant in dit jaarverslag alleen

de gegevens van POLS vermeld.

Tijdens de Nationale Balans Top op 22 november 2010

maakte TNO de gegevens van De Monitor Bewegen en

Gezondheid bekend. Vanaf dat moment zijn deze cijfers

ook beschikbaar gesteld op de website van het

convenant: www.convenantgezondgewicht.nl.

Dit jaar zijn ook de gegevens van de Vijfde Landelijke Groeistudie

van TNO (10 juni 2010) bekend gemaakt. De BMI

gegevens uit dit onderzoek zijn verkregen door kinderen en

jongeren te wegen en meten. Deze meetmethode is anders

dan bij POLS en OBiN, daar is sprake van zelfrapportage.

Omdat de gegevens uit de Vijfde Landelijke Groeistudie zeer

recent zijn, staan deze cijfers in dit jaarverslag. Ook zijn internationale

gegevens opgenomen. De gegevens uit de Vijfde

Landelijke Groeistudie en de internationale gegevens

worden niet gebruikt voor de monitoring en evaluatie van

de doelstellingen van het convenant.

Dhr. T. Schmitz Mevr. Y. van Sluys

Dhr. M. Merkelbag Mevr. J. de Jager Dhr. P. van Rooij

7


8

45%

40%

35%

30%

25%

20%

15% 45%

10% 40%

5% 35%

0%

30%

A

Eerste aanzet nulmeting

Convenant Gezond Gewicht

via POLS

Trends van overgewicht 2

De uitkomsten voor matig overgewicht bij volwassenen

van 20 jaar of ouder waren in 2009 nagenoeg gelijk aan

die van 2008. Vier op de tien mannen en drie op de tien

vrouwen hebben matig overgewicht. Het percentage

volwassenen met ernstig overgewicht blijft echter nog

steeds toenemen. Bij mannen (11,2%) was het aandeel

met ernstig overgewicht sinds 1981 niet eerder zo hoog

(overgewicht en obesitas berekend op basis van zelfrapportage

van lengte en gewicht).

Mannen: Vrouwen: matig ernstig overgewicht (25≤BMI


C

Internationale ontwikkelingen 4

Volgens de laatste cijfers van de Wereld Gezondheidorganisatie

(WHO) zijn er nog steeds wereldwijd

1,6 miljard volwassenen met overgewicht en lijden

er minstens 400 miljoen volwassenen aan obesitas.

De dramatische toename van het wereldwijde lichaamsgewicht

wordt door de WHO bestempeld als Global

Epidemic. Als deze ontwikkeling doorzet, zullen tegen

2015 zo’n 2,3 miljard mensen te zwaar zijn, van wie er

zeker 700 miljoen aan obesitas lijden.

• In de afgelopen dertig jaar is het aantal kinderen in

de VS met overgewicht verdrievoudigd. Bijna een op

de drie kinderen is nu te zwaar. Van de kinderen en

pubers lijdt inmiddels al zo’n 17% aan ernstig

overgewicht. De kosten van medische hulp aan

obesitaspatiënten in Amerika bedragen jaarlijks

150 miljard dollar.

• Zuidoost­Azië, Midden­Oosten en Afrika laten zowel

in welvaart als in overgewicht een stijgende lijn zien.

• In Europa heeft een derde van de kinderen

overgewicht.

• Gebrek aan beweging en een ongezonde leefstijl zijn

nog steeds grote risico’s voor ziektes als obesitas.

Jaarlijks overlijden wereldwijd 2,6 miljoen mensen

aan de gevolgen van overgewicht.

Inleiding deelconvenanten

Het kwam al aan de orde in hoofdstuk 1: het Convenant

Gezond Gewicht bestaat uit de deelconvenanten school,

werk, consument en vrije tijd en JOGG (Jongeren op

Gezond Gewicht). De deelnemende partijen hebben zich

in elk geval bij één deelconvenant aangesloten maar

soms ook bij meerdere. Uitgangspunt is, dat een

organisatie een concrete bijdrage kan leveren aan een

deelconvenant, bij voorkeur in de vorm van gezamen lijke

projecten die mogelijk kwantitatief meetbaar zijn.

Voor het deelconvenant JOGG geldt een iets andere

aanpak. Dit deelconvenant is ondertekend door alle

partners van het koepelconvenant. Voor JOGG is geen

werkgroep gevormd, maar een begeleidingscommissie.

Voor elk van de vijf pijlers van JOGG is er een vertegenwoordiger

in deze commissie die het JOGG­bureau

adviseert over de strategische koers, keuzes en middelen.

D

Conclusie

Uit de gepresenteerde gegevens blijkt dat het percentage

overgewicht in Nederland nog altijd een stijgende lijn

vertoont, zowel bij kinderen en jongeren als bij

volwassenen. Voor volwassenen geldt deze stijgende lijn

ook voor obesitas. Wat betreft obesitas bij kinderen en

jongeren laat het POLS onderzoek zien dat het percentage

zich iets stabiliseert, echter volgens de Vijfde Landelijke

Groeistudie blijft het percentage kinderen en jongeren met

obesitas stijgen. Aandacht en actie ter voorkoming en terugdringing

van overgewicht en obesitas bij zowel kinderen en

jongeren als volwassenen blijft dan ook hard nodig.

Plannen voor de komende jaren

Vanzelfsprekend zijn de convenantpartijen in 2010

doorgegaan met de vele activiteiten waarmee zij al onder

het Convenant overgewicht zijn begonnen. In 2010, maar

vooral in de komende jaren, zullen ze vanuit deze activiteiten

nog meer de verbinding zoeken. Waar is nog meer

samenwerking mogelijk? En welke projecten kunnen

samengaan? Dit proces is met het convenant in gang gezet

en zal de komende jaren verder doorgaan.

Natuurlijk zijn er ook nieuwe initiatieven. Het eerste kwartaal

van 2010 heeft iedereen hard gewerkt aan de plannen van

aanpak per deelconvenant. De plannen bestrijken de gehele

looptijd van het convenant. Conform de eisen bevatten de

plannen van aanpak minimaal de activiteiten, de taken en

verantwoordelijkheden van partijen en een planning. Verder

zijn in 2010 per deelconvenant de werkgroepen, en voor

JOGG de begeleidingscommissie, ingesteld en voorzitters

gekozen.

Hierna volgt per deelconvenant een verslag van een aantal

nieuwe elementen en de inzet voor 2010. Dit is een greep uit

de inspanningen die partijen in 2010 hebben geleverd.

Voor een compleet beeld wordt verwezen naar de plannen

van aanpak: www.convenantgezondgewicht.nl.

9


10

3 School

“Samenwerken

maakt het verschil”

“De aandacht voor voeding en bewegen binnen de

mbo-opleidingen krijgt door de samenwerking

binnen dit convenant echt meer aandacht. Door de

verschillende ervaringen te bundelen, kan het

middelbaar beroepsonderwijs werken aan

gezondere scholen waarin bewegen en voeding, in

een goede balans, bijdragen aan het opleiden van

gezonde werknemers. Nederland beter maken door

te werken aan gezonde studenten en daarmee aan

gezonde werknemers, is een doel in het mbo dat

ik van harte ondersteun.”

Jan van Zijl

voorzitter MBO Raad


Alle kinderen en jongeren hebben recht op een

gezonde schoolomgeving. Dat vinden de partners van

het deelconvenant school. School is een goede ingang

om theorie en praktijk over gezonde voeding en

bewegen samen te brengen. Hier kan bij kinderen en

jongeren de basis worden gelegd voor gezond en

bewust gewoontegedrag later.

Ambities deelconvenant school

Een gezonde leefstijl op het gebied van voeding en

bewegen verdient een integrale en structurele aanpak

op scholen. Het deelconvenant school wil dat

bevorderen door:

1 Effectieve lesmethodes.

2 Een gezonde schoolkantine en een gezond aanbod

in automaten.

3 Elke dag één uur sport en bewegen voor, tijdens of

na school.

4 Ouders, scholen en onderwijscateraars bewustmaken

van het belang van gezonde voeding en bewegen.

Werkgroep deelconvenant school

• NHS (voorzitter)

• G4

• GGD Nederland

• KVLO

• MBO Raad

• NISB

• NOC*NSF

• NVD

• NZO

• PO-Raad

• Productschap Tuinbouw, vertegenwoordigd door

de stichting GroentenFruit Bureau

• Veneca

• Vewin

• VIDA

• VO-Raad

Het Voedingscentrum en het RIVM Centrum Gezond

Leven zijn als kennisinstituten nauw betrokken bij de

verschillende activiteiten van de partijen.

5 Samenwerken met relevante partijen in de omgeving van

scholen, zoals gemeenten, sportverenigingen en

bedrijven.

6 Schoolbeleid over gezond eten en drinken.

7 Monitoring en evaluatie binnen scholen.

8 Signalering en doorverwijzing jeugdgezondheidszorg.

Inspanningsverplichtingen

deelconvenant school

De partijen hebben zeven subwerkgroepen ingesteld om

uitvoering te geven aan de inspanningsverplichtingen van

deelconvenant school:

1 Lobby

Deze werkgroep lobbyt bij overheid, gemeenten en scholen

voor een integrale aanpak van overgewicht op de scholen.

2 Samenhang

De werkgroep samenhang versterkt het verband tussen de

vele bestaande en nog te ontwikkelen beweeg­ en

voedingsinterventies en wil het scholen gemakkelijker

maken om aan de slag te gaan.

3 Ouderparticipatie

De partijen uit deze werkgroep bevorderen dat ouders zich

beter bewust worden van de noodzaak voor hun kinderen

om voldoende te bewegen en gezond te eten.

4 Gezonde Schoolkantine

Deze werkgroep stimuleert een gezonde schoolkantine op

alle scholen en een gezond aanbod in de automaten. Het

convenant geeft uitvoering aan de Kamermotie 100%

gezonde schoolkantines in 2015.

5 Sport: beweegnorm

Deze werkgroep werkt aan het verhogen van het aantal uur

sport en bewegen voor, tijdens of na school.

6 Sport: vakleerkracht primair onderwijs

Deze werkgroep pleit voor het vergroten van de kwaliteit

van het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs, door het

stimuleren van de terugkeer van de vakleerkracht.

7 Kwaliteitsstandaard voortgezet onderwijs

Deze werkgroep ontwikkelt samen met middelbare scholen

een kwaliteitsstandaard voor een gezonde leefstijl op het

gebied van voeding en bewegen.

Het is de bedoeling dat alle interventies uit het deelconvenant

school in de Interventiedatabase van het CGL komen

te staan.

v.l.n.r.: Marlies van den Bel (PO­Raad), Femke Hoekstra (G4), Liesbeth Preller (NISB), Jan Faber (MBO Raad), Wineke Remijnse (NVD), Margret Ploum (VCN), Karen van Reenen (NHS), Vivian Bos (CGL),

Sabine Neppelenbroek (GGD Nederland), Aad Vernooij (NZO), Guus Klein Lankhorst (KVLO), Wendy van Hal (convenantbureau). Niet op de foto: Marja Slagmoolen (GroentenFruit Bureau),

Gerda op het Veld (NOC*NSF), Liesbeth Dirven (Veneca), Cees Verkerk (Vewin), René van Winden (VIDA), Martin Merkelbag (VO-Raad)

11


12

Nieuwe activiteiten en inzet 2010

Toetreding Nederlandse Zuivel Organisatie

In 2010 trad de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO,

lid FNLI) toe tot het deelconvenant school. Deze partij is

onder meer betrokken bij de website Gezonderwijs en

heeft een onderwijsaanbod voor het primair­ en

voortgezet onderwijs.

Lobbybrief

De werkgroep is in 2010 gestart met het opstellen van

een position paper voor gemeenten, scholen en de

politiek. Het is een oproep om aandacht en bekendheid

te geven aan het belang van een integrale aanpak op

scholen om overgewicht en obesitas te voorkomen.

Samenhangbijeenkomst

In het najaar van 2010 vond een bijeenkomst plaats om

meer samenhang aan te brengen in het aanbod van

voedings­ en beweeginterventies. Er werd gesproken

over het ideale scenario voor een gezond aanbod van

eten en drinken en meer bewegen en sport op scholen

(primair, voortgezet en MBO). Centraal stonden de vragen

‘Hoe maken wij het scholen gemakkelijker’ en ‘Hoe laten wij

de scholen door de bomen het bos weer zien?’ Hierbij speelt

een belangrijke rol dat van scholen al veel gevraagd

wordt en er prioriteiten liggen bij rekenen en taal. Naar

aanleiding van deze bijeenkomst wordt het ideale

scenario verder uitgewerkt met een daarbij behorend

plan van aanpak.

Inventarisatie activiteiten en interventies

ouderparticipatie

Welke activiteiten en interventies bestaan er op het

gebied van ouderparticipatie? Een landelijke bijeen komst

is georganiseerd om te weten te komen wat verschillende

landeli jke instituten al doen op het gebied van ouderparticipatie.

In 2011 wordt verder gekeken naar de mogelijke

samenhang tussen deze activiteiten.

“Taal en rekenen zijn belangrijk, maar het is ook belangrijk

dat een kind lekker in zijn vel zit. Daarom voeren we een

lobby vanuit het deelconvenant school. We willen de sense

of urgency van overgewicht meer op de kaart zetten bij

overheden en scholen. Gelukkig zijn veel gemeenten en

scholen er al mee bezig maar er valt nog veel te winnen.

Scholen weten wel dat aandacht voor gezond leven voor

kinderen belangrijk is, maar zien niet altijd in dat ze daar

zelf ook een rol in en belang bij hebben. Een voorbeeld? Een

kind dat lekker in zijn vel zit levert betere schoolprestaties.”

Gezonde schoolkantine en rondetafelgesprekken

cateraars

Dit jaar organiseerden het Convenant Gezond Gewicht en

het Voedingscentrum gezamenlijk een symposium over de

gezonde schoolkantine. De titel was: ‘Alle schoolkantines

gezond in 2015, maar hoe?’ Het W.J. Bladergroen College uit

Purmerend won de Stimuleringsprijs De Gezonde Schoolkantine

2009­2010.

In het najaar organiseerde de werkgroep gezonde schoolkantine

rondetafelgesprekken met cateraars. Hiermee wil zij

draagvlak creëren voor gezonde schoolkantines in

Nederland volgens de richtlijnen van de Gezondheidsraad.

Bewegen en sport

Het deelconvenant school bouwt een samenwerking op met

het Platform Sport, Bewegen en Onderwijs, ingesteld door

het ministerie van VWS. Zo sluit het deelconvenant aan bij

de hoofddoelstelling van dit platform dat 50% van de

jeugdigen in 2012 voldoet aan de beweegnorm: 60 minuten

matig intensief bewegen per dag. Daarnaast willen de

partijen uit het deelconvenant de kwaliteit van het

bewegingsonderwijs in het basisonderwijs verbeteren.

Onder andere is de ‘Campagne 3+2 = een fit idee’ van de

KVLO opgezet. De KVLO wil voor iedere leerling drie uur gym

per week op school door een vakleraar én een naschools

sportaanbod van twee uur voor primair, voortgezet en

middelbaar beroepsonderwijs. Zo kan elk kind van 6 tot

18 jaar op iedere doordeweekse dag een uur sporten en

bewegen onder deskundige begeleiding.

“Een gezond kind presteert beter”

Karen van Reenen

programmaleider Jeugd Nederlandse Hartstichting en voorzitter

werkgroep deelconvenant school


Nationaal Schoolontbijt

Van 2 tot en met 5 november 2010 vond voor het achtste

achtereenvolgende jaar het Nationaal Schoolontbijt

plaats. Het thema was ‘Samen ontbijten geeft energie’.

Aan dit grootste ontbijtevenement van Nederland deden

2500 basisscholen mee. Haagse basisschoolkinderen

ontbeten op 3 november tijdens het Haagse Binnenhofontbijt

samen met leden van de Eerste en Tweede Kamer.

Het Convenant Gezond Gewicht steunt Het Nationaal

Schoolontbijt. Paul Rosenmöller was aanwezig bij het

Binnenhofontbijt.

Gezondste schoolkantine

staat in Purmerend

Gezond eten en drinken, dat staat bij het

W.J. Bladergroen College in Purmerend voorop.

De school heeft met zijn gezonde kantineaanpak de

Stimuleringsprijs De Gezonde Schoolkantine

2009-2010 gewonnen. Met de hoofdprijs van 10.000

euro gaat de school biologische producten en verse

sappen verkopen.

De leerlingen bereiden en verkopen zelf smoothies en

vers afgebakken bruine broodjes met gevarieerd gezond

beleg. Ze volgen kooklessen en lopen stage in de

kantine. In de lessen besteedt de school eveneens

aandacht aan gezond eten. Het Bladergroen College is

onderdeel van de Purmerendse ScholenGroep en ook

voor de overige scholen maken de leerlingen gezonde

broodjes. Zo vervult het Bladergroen College een

voorbeeldfunctie voor de omgeving.

160 scholen deden mee

Het aanbod in de gemiddelde schoolkantine bestaat

lang niet altijd uit een evenwichtig en gezond aanbod.

Daarom reikt het Voedingscentrum elk jaar een prijs om

gezonde schoolkantines te stimuleren. De scholen uit het

voortgezet onderwijs worden uitgedaagd om plannen te

bedenken om hun school gezond(er) te maken. De prijs

is drie keer uitgereikt sinds 2007 en al 160 scholen deden

mee. Waarom zoveel aandacht voor de schoolkantine?

Het is dé plek om jongeren een goed voedingspatroon

aan te leren, zeker als er in de lessen ook aandacht aan

wordt besteed. Uit onderzoek blijkt bovendien dat

leerlingen liever geen ongezonde hap in de schoolkantine

zien. Bij een onderzoek naar automaten bleek

dat als er meer laag caloriehoudende snoep, snacks en

frisdranken in zitten, scholieren vaker voor deze

producten kiezen. Bovendien is het aannemelijk dat eten

en drinken de leerprestaties beïnvloeden.

Het Voedingscentrum hoopt dat andere scholen zich

laten inspireren door de winnaars. Zeker op weg naar

2015, het jaar waarin alle schoolkantines in Nederland

gezond moeten zijn.

13


14

Gezonde voeding

hoort bij sporten”

Gezonde voeding hoort bij sporten, NOC*NSF wil daar

sporters en verenigingen bewust van maken. Daarom zijn

wij betrokken bij het project De gezonde sportkantine van

het deelconvenant consument en vrije tijd. In navolging

van de gezonde keuze in de school- en bedrijfskantine

gaan we aan de slag om de sportkantine gezonder te

maken. We roepen verenigingen op om creatief te zijn,

zoals de sportvereniging Houtrust in Den Haag. Het

broodje gezond wordt daar wisselend vernoemd naar de

ouder die de meeste kilometers (tijdens de training van

hun kinderen) aflegt op de hometrainers die ze in de

kantine hebben geplaatst. Hartstikke leuk, effectief en

origineel!”

Erik Lenselink

manager sportontwikkeling NOC*NSF

4 Consument & vrije tijd


Een gezonde keuze moet de gemakkelijke keuze zijn,

volgens het deelconvenant consument & vrije tijd.

De convenantpartijen willen consumenten helpen bij

het maken van gezonde keuzes voor eten en drinken

en daarnaast voldoende beweging en sport

bevorderen.

Ambities deelconvenant

consument & vrije tijd

1 De consument is beter in staat een balans te vinden

tussen voeding en bewegen.

2 Er is een aanbod van producten, concepten en

gerechten die eenvoudiger passen in een gezond

voedingspatroon.

3 Voorlichting en informatieverstrekking over voeding,

bewegen en sport in het algemeen en op productniveau.

4 Dagelijks bewegen gecombineerd met sport en spel

bevorderen en zo een lichamelijk actieve leefstijl van

de consument stimuleren.

5 De consument op lokaal niveau in staat stellen

gezond te eten, meer te bewegen en te sporten

(JOGG).

Werkgroep deelconvenant

consument & vrije tijd

• FNLI (voorzitter)

• CBL

• KHN

• NISB

• NOC*NSF

• Productschap Tuinbouw, vertegenwoordigd door

de stichting GroentenFruit Bureau

• Vewin

Het Voedingscentrum en het RIVM Centrum Gezond

Leven zijn als kennisinstituten nauw betrokken bij de

verschillende activiteiten van de partijen.

Inspanningsverplichtingen deel ­

convenant consument & vrije tijd

• Verlagen van de energetische waarde en voedingswaarde

van voedingsmiddelen.

• Fabrikanten, koks en productontwikkelaars informeren

over mogelijkheden om nieuwe producten, concepten en

recepturen te ontwikkelen.

• Verantwoorde portiegroottes aanbieden.

• Een groter aanbod van producten met een keuzebevorderend

logo in supermarkten.

• Voorlichting en informatie over de gezonde keuze en

meer bewegen op etiketten, door gebruik van logo’s en

de omgeving waar producten worden gekocht.

• Georganiseerde sporten en het sportaanbod versterken,

waardoor mensen meer gaan bewegen. Mogelijk in

combinatie met school en werk.

• Goede en eenduidige voorlichting aan de consument

over bewegen en sport voor een betere balans tussen

bewegen en eten en drinken.

Gezonde sportkantine: aanbod van eten en drinken

passend in een gezond voedingspatroon.

Nieuwe activiteiten en inzet 2010

Dit deelconvenant wil de balans tussen voeding en

bewegen verder versterken. Dit door partijen vanuit de

voedingskant en de beweegkant nauwer te laten samenwerken.

Het project ‘De gezonde sportkantine’ is daar een

mooi voorbeeld van. Het deelconvenant wil zich de

komende jaren ook richten op de gezonde keuze voor eten

en drinken in recreatie­ en attractieparken, bij evenementen

en op andere locaties waar mensen vrije tijd doorbrengen,

zoals bioscopen.

v.l.n.r.: Cécile Prakke (convenantbureau), Evelien Brugman (KHN), Valérie Klostermann (VCN), Juul van Rijn (NISB), Christine Grit (FNLI), Marja Slagmoolen (GroentenFruit Bureau),

Carolien Frenkel (convenantbureau), Henrieke Crielaard (CBL). Niet op foto: Martine Witteveen (NOC*NSF), Cees Verkerk (Vewin)

15


16

“Minder zout en minder energie”

“De leden van FNLI zijn druk bezig met

productherformulering. We werken aan

producten die minder zout bevatten, een betere

vetzuursamenstelling hebben en bovendien

minder energie leveren. Dit laatste doen we door

de energiedichtheid te verlagen of door de porties

te verkleinen. Inmiddels hebben we 10%

zoutreductie behaald. Regelmatig moedigen we

onze leden aan om verdergaande stappen te

ondernemen, onder andere via nieuwsberichten,

tips om recepturen aan te passen en

informatiesessies. En uiteraard via het FNLI

Zichtboek, een online boek dat laat zien wat de

levensmiddelenindustrie doet om overgewicht in

Nederland aan te pakken.”

Verbeterde productsamenstelling

en portiegroottes

CBL, FNLI en KHN gaan meer samenwerken. Ze stimu leren

hun leden om de energiedichtheid van producten,

concepten en gerechten te verlagen en portiegroottes te

optimaliseren. In het plan van aanpak zijn hiervoor

verschillende activiteiten opgenomen, zoals het verbinden

van de taskforces zout en vetzuur samen stelling aan het

convenant, productinnovatie en de verdere ontwikkeling

van Europees gestandaardiseerde portiegroottes.

De FNLI rapporteert jaarlijks over verbeterde productsamenstelling

van de Nederlandse levensmiddelenindustrie.

KHN en CBL werken aan een betere samenwerking tussen

groothandels en horecaondernemers. Dit om de

bekendheid van horecaondernemers met producten die

gemakkelijk in een gezond voedingspatroon passen te

vergroten en hen te stimuleren bewuster in te kopen: met

aandacht voor varianten met minder energie, minder zout

of een betere vetzuursamenstelling.

De gezonde sportkantine

In eerste instantie door NOC*NSF en KHN, maar in nauwe

samenwerking met alle partijen, wordt de komende

convenantperiode gewerkt aan de gezonde sportkantine.

Omdat er nog weinig bekend is over sportkantines, zijn de

deelnemers begonnen met een inventarisatie van het

aantal sportkantines, het aantal sportverenigingen en de

belangstelling bij de verschillende sporten voor dit

project. Ook inventariseren zij hoeveel kantines er in eigen

beheer zijn en hoeveel er zijn uitbesteed aan horecaondernemers.

Veel verschillende sportlocaties zijn betrokken

in de inventarisatie, van zwembaden, fitnessbedrijven tot

aan maneges en sportverenigingen. De ervaringen met de

gezonde schoolkantine komen in dit project goed van pas.

Christine Grit

manager Voeding & Gezondheid FNLI

Voorlichting consument

Gezond eten en voldoende bewegen is ook een keuze.

Maar om de gezonde keuze te maken, is bewustzijn en

kennis noodzakelijk. Voor een betere voorlichting aan de

consument werken de convenantpartijen op veel

onderdelen samen.

Nieuw is het project ‘Impulsaankopen bij de kassa’. Elke

winkelformule die is aangesloten bij het CBL gaat een proef

uitvoeren om in het schap voor de kassa ook de gezonde

keuze aan te bieden. Het CBL zet zich er verder voor in dat

de voedingswaardedeclaratie op 80% van de huismerken

komt te staan. Ook de FNLI stimuleert haar leden om zoveel

mogelijk de voedingswaarde te vermelden, veelal in

combinatie met de Dagelijkse Voedingsrichtlijn. De partijen

zetten zich er verder voor in dat meer producten in aan merking

komen voor een eenduidig keuzebevorderend logo.

Het deelconvenant ondersteunt verder de massamediale

campagne van de stichting KidsVitaal voor kinderen van

7­12 jaar. Ook is afgesproken dat de convenantpartijen

aandacht vragen voor elkaars campagnes, zoals de

campagne ‘2X2’ van het GroentenFruit Bureau en ‘Het nieuwe

eten’ van het Voedingscentrum. De Vewin heeft de

voorlichting voor het drinken van kraanwater voortgezet

met de campagne ‘Kraanwater, daar kom je klok mee rond’.


Sport en bewegen

Convenantpartijen roepen consumenten op mee te doen

aan de activiteiten van het NISB en NOC*NSF. NOC*NSF

moedigt, onder andere, inactieve Nederlanders aan te

gaan sporten. Hiervoor is bijvoorbeeld ‘Proeftuinen

nieuwe sportmogelijkheden’ opgezet, om uit te testen

welk sportaanbod het aantrekkelijkst is om ook daad ­

werkelijk te gaan sporten. NISB wil de 30­minuten

bewegen campagne voortzetten en ook supermarkten,

de levensmiddelenindustrie en de horeca gaan aandacht

besteden aan het belang van voldoende bewegen en

sport.

Er is een belangrijke ontwikkeling gaande op het

gebied van voeding, meent Koninklijke Horeca

Nederland (KHN). Het aanbod van verse sappen,

salades en gezonde broodjes krijgt steeds meer de

overhand in het straatbeeld. Met een toenemende

vraag naar kwaliteit biedt dit voor horecaondernemers

een kans om zich te onderscheiden.

KHN behartigt de belangen van 20.000 horecaondernemers.

Van snackbars en hotels tot restaurants en

bedrijven in het toerisme en de recreatie. Gezonde

voeding aanbieden is volgens KHN niet alleen een kans

voor horecabedrijven. De horeca heeft als aanbieder van

voeding ook een maatschappelijke rol. Daarom wil KHN

haar leden bewustmaken van wat zij aanbieden, zodat ze

goede keuzes kunnen maken op het gebied van voeding.

Ook kleine stapjes

Zo is er de campagne Verantwoord frituren, die ondernemers

aanmoedigt vloeibaar frituurvet te gebruiken. Bij

de Caloriechecker, gemaakt met het Voedingscentrum,

kunnen koks online de ingrediënten van een gerecht

invoeren en zien wat de voedingswaarde is. Verder werkt

KHN samen met groothandels, zodat ondernemers ook

als ze inkopen doen aandacht hebben voor gezondheid.

De KHN regioadviseurs spelen een belangrijke rol. Zij

kunnen horecaondernemers in het land laten zien dat je

al met kleine stapjes gezonder bezig kunt zijn.

Opleidingen

Het Voedingscentrum adviseert mbo­opleidingen voor

categorymanagers, productontwikkelaars en marketeers in

de horeca, food en retail en levert input om gezondheid en

voeding in de opleidingen meer aandacht te geven. Daarbij

richt het Voedingscentrum zich op zowel de opleidingen als

op de instellingen die lesmaterialen maken. Voor het hbo

wordt de hbo Bachelors Award ingesteld voor food ­

managers. KHN neemt in het trainingsprogramma voor de

regioadviseurs ook het thema gezonde voeding op. Omdat

er verschillende partijen zijn die opleidingen en trainingen

ontwikkelen, zijn er afspraken gemaakt om nauwer samen

te werken.

Kansen voor gezonde

voeding in de horeca

17


18

5 Werk

“Overgewicht verdient

aandacht - ook op het

werk”

“Overgewicht is een serieus risico voor de individuele

gezondheid én een groeiend maatschappelijk probleem.

Bewustwording en aanpak van dit probleem verdient

daarom aandacht op school en op de werkvloer. Het CNV

vindt dat het hoort bij de algehele zorg voor veiligheid en

gezondheid op het werk. Het is belangrijk om gezonde

voeding en het belang van regelmatig bewegen steeds

aan de orde te stellen. Campagnes, gezondheidsweken en

regelmatig aanbieden van healthchecks met daarnaast

aanbod van gezonde lunches en sportactiviteiten kunnen

helpen om gezonder te gaan leven. Het blijft echter de

keus van de individuele werknemer om hieraan deel

te nemen.”

Sonja Baljeu

beleidsadviseur Arbeidsomstandigheden

vakcentrale CNV


In tijden van vergrijzing, langer doorwerken en concurrentie

op de arbeidsmarkt is het belangrijk om fit for

the job te blijven. In het deelconvenant werk zijn

afspraken gemaakt om een gezonde leefstijl in en om

de werkomgeving te bevorderen.

Goed werkgeverschap, maatschappelijke betrokkenheid

en het kunnen sturen op ziekteverzuim – het zijn

voor werkgevers allemaal redenen die een gezond

gewicht en een gezonde leefstijl uitgangspunt van

bedrijfsbeleid maken. De werkvloer is een logische

omgeving om vitaliteit en een gezonde leefstijl te

stimuleren en faciliteren.

In deze nieuwe convenantperiode werken werkgevers

en werknemers nauw samen. Ze stimuleren bedrijfsrestaurants

en andere verkooppunten op de werkvloer

(zoals automaten) met een gezond aanbod en

moedigen mensen aan dagelijks te bewegen en meer

te sporten. Goede praktijkvoorbeelden kunnen

anderen inspireren. Daarom staat het delen van kennis

en ervaring in dit deelconvenant centraal.

Werkgroep deelconvenant werk

• VNO-NCW (voorzitter)

• CNV

• FNLI

• FNV

• MHP

• MKB-Nederland

• NISB

• NOC*NSF

• Productschap Tuinbouw, vertegenwoordigd door

de stichting GroentenFruit Bureau

• Veneca

• VIDA

Het Voedingscentrum is als kennisinstituut nauw

betrokken bij verschillende activiteiten en brengt ook

eigen activiteiten in. Namens NOC*NSF is stichting

Sport en Zaken actief in de werkgroep.

Ambities deelconvenant werk

1 Werkgevers en werknemers ervan bewustmaken dat de

werkvloer een logische omgeving is om een gezonde

leefstijl te stimuleren en te faciliteren.

2 Activiteiten bevorderen die zijn gericht op een gezonde

leefstijl in het algemeen, en een gezond aanbod van eten

en drinken in en om de werkvloer in het bijzonder.

3 Bedrijfsbeleid voor een gezonde leefstijl en vitaliteitbeleid

stimuleren en bevorderen vanuit een business

case benadering.

4 Lokale bedrijven stimuleren mee te doen aan de lokale

aanpak JOGG.

Inspanningsverplichtingen

deelconvenant werk:

• Actieve communicatie en voorlichting aan leden en

achterban over het belang van een gezonde leefstijl, ook

op de werkvloer.

• Ervoor zorgen dat vitaliteit en gezondheid regelmatig op

de agenda staan van werkgevers en werknemers.

• Het delen van kennis en informatie over best practices

stimuleren.

• Bevorderen dat bedrijfsrestaurants en overige verkooppunten

op het werk een gezond aanbod in eten en

drinken voeren.

• Gedurende een werkdag (natuurlijke) beweegmomenten

bevorderen.

• Stimuleren dat werknemers deelnemen aan beweeg ­ en

sportactiviteiten en dit waar mogelijk en nodig

faciliteren.

• Bevorderen dat er voldoende instrumenten en opleidingsmaterialen

zijn om activiteiten bij leden en achterbannen

van de convenantpartijen te ondersteunen.

v.l.n.r.: Liesbeth Dirven (Veneca), Eric van der Veen (Stichting Sport en Zaken), Marja Slagmoolen (GroentenFruit Bureau), Nynke Bergsma (FNLI), Henk van der Velden (FNV),

Sonja Baljeu (CNV), Milo Bakker (MKB), Cécile Prakke (convenantbureau). Niet op foto: Alfred van Delft (VNO­NCW), Carolina Verspuij (FNV Formaat), Hans Arends (NISB),

Klaartje de Boer (MHP), Margret Ploum (VCN), René van Winden (Vida)

19


20

“Vitale werknemers,

nu en in de toekomst”

“Communicatie en voorlichting zijn de belangrijkste

activiteiten uit het deelconvenant werk. Anderen

inspireren en enthousiasmeren met goede

voorbeelden uit de praktijk, daar zetten we sterk op

in. Door communicatie naar onze achterbannen, die

op hun beurt weer richting bedrijven communiceren,

wordt de bewustwording voor vitaliteit en een

gezond gewicht op het werk vergroot. Mensen

brengen veel tijd door op het werk, dus het is een

geschikte plek om hier aandacht voor te vragen.

Daarbij pleit ik er zeer voor dat het niet blijft bij een

ad hoc activiteit of een actieweek, maar dat

communicatie over een gezonde leefstijl een vast

onderdeel wordt in het communicatiebeleid van

bedrijven. Ons uiteindelijk doel: duurzaam

bedrijfsbeleid op dit gebied. We moeten in

Nederland een voorsprong opbouwen met vitale

werknemers voor nu en in de toekomst.”

Kees van der Waaij

bestuurder VNO­NCW en directievoorzitter

Unilever Nederland Holdings B.V.

Nieuwe activiteiten

en inzet 2010

Gezonde leefstijl en

communicatiebeleid

Communicatie en voorlichting aan de achterban over het

belang van een gezonde leefstijl in en om de werkomgeving.

Dat is een van de belangrijkste inspanningsverplichtingen

van de partijen die deelnemen aan dit

deelconvenant.

In het plan van aanpak heeft de werkgroep een communicatieplan

opgenomen om de bewustwording van een

gezonde leefstijl en vitaliteit te vergroten. Het is de

bedoeling dat dit niet ad hoc gebeurt, maar dat het

structureel een plek heeft in het communicatiebeleid

van bedrijven en organisaties. De uitvoering van het

communicatieplan is een gezamenlijk project van alle

partijen. In 2010 zijn hiervoor onder meer een factsheet,

teksten voor websites en basisinformatie over best

practices gemaakt.

Symposium en brochure

Op 11 oktober 2010 organiseerde het Convenant Gezond

Gewicht en de Stichting van de Arbeid het symposium ‘De

gezonde werkvloer: recht of plicht?’. Naast het delen van best

practices stond de vraag centraal in hoeverre een werkgever

zich met de leefstijl van het personeel mag bemoeien en

wanneer sprake is van een inbreuk op de persoonlijke

levenssfeer. Ieder jaar zal een symposium worden georganiseerd

met steeds een andere invalshoek. Om de aandacht

voor vitaliteit en een gezond gewicht verder te vergroten,

hebben het deelconvenant en de Stichting van de Arbeid

een brochure gemaakt: ‘Maak werk van vitaliteit’.

De FNLI heeft twee posters gemaakt voor gezond eten en

meer bewegen op het werk. Iedereen kan ze op het eigen

werk gebruiken met vermelding van het eigen logo. Volgens

het communicatieplan zullen de convenantpartijen in de

bedrijfs­, branche­ en vakbladen minstens twee keer per jaar

aandacht besteden aan gezond eten en meer bewegen. In

2011 wordt bekeken of dat goed verloopt. Verder gaat het

deelconvenant in 2011 opnieuw best practices verzamelen

bij de achterban van de convenantpartijen. Dat gebeurt

tweejaarlijks.

Uitgangspunten in de communicatie:

• Doe het als werkgevers en werknemers samen.

• Houd het eenvoudig: beter kleine stappen dan

ingewikkelde systemen.

• Zorg dat de aanpak dichtbij de mensen zelf ligt, positief

en concreet is.

Gezonde leefstijl en vitaliteit moeten onderdeel worden

van duurzaam bedrijfsbeleid.

Best practices beter toegankelijk

Goede voorbeelden stimuleren en inspireren anderen om

ook aan de slag te gaan met een gezonde leefstijl en

vitaliteit op de werkvloer. De convenantpartijen gaan

samenwerken om de bestaande databanken met praktijkvoorbeelden

beter toegankelijk te maken. Het is niet de

bedoeling om iets nieuws te creëren, maar aan te sluiten

bij de bestaande databases van CGL, NISB, TNO en anderen.

Dat zal niet eenvoudig zijn, maar toch vindt iedereen het

belangrijk te onderzoeken of dit kan.


Breder inzetten van beweeg­ en

sportactiviteiten

De bestaande activiteiten op het gebied van gezonde

voeding en bewegen en sport worden met meer effectiviteit

ingezet op de werkvloeren van het bedrijfsleven en

de publieke sector. Samen met de relevante brancheorganisaties

zet het NISB activiteiten in bij het MKB en

gemeentelijke instellingen. Daarnaast komen er activiteiten

voor zogenaamde risicosectoren, zoals de levensmiddelenindustrie,

papier­ en grafische industrie en de

transportsector. In aansluiting op het Olympisch Plan

2028 wordt bedrijfssport bevorderd. Stichting Sport en

Zaken zet zich in voor een gezonde bevolking, fitte

werknemers en vitale ouderen.

Fitness for the job

Hein Knaapen van KPN was spreker op symposium

“De gezonde werkvloer: recht of plicht?”

De opkomst was groot op 1 oktober 2010 op het

jaarlijkse symposium van het Convenant Gezond Gewicht

en de Stichting van de Arbeid. Centraal stond de vraag in

hoeverre een werkgever zich mag bemoeien met de

leefstijl van het personeel en wanneer sprake is van een

inbreuk op de persoonlijke levenssfeer.

Nieuwe arbeidsverhoudingen

KPN benadert dit vraagstuk vanuit de optiek dat er

nieuwe arbeidsverhoudingen zijn ontstaan. Een bedrijf

biedt niet meer de (langdurige) bescherming, zoals dit in

de jaren vijftig het geval was. Flexibiliteit van

werknemers is van groot belang. Bij nieuwe arbeidsverhoudingen

zijn talent, vakmanschap en gezondheid –

fitness for the job – de kernelementen. En de mensen zijn

hiervoor zelf verantwoordelijk.

Opleidingen voor ondernemingsraden

Integraal gezondheidsmanagement is opgenomen in de

opleidingsmodules voor ondernemingsraden. Het is de

bedoeling dat meer aandacht wordt gegeven aan een

gezonde leefstijl en overgewicht. FNV Formaat en de

convenantpartijen willen dat veel meer leden van ondernemingsraden

een opleiding of training op dit gebied

volgen.

KPN zorgt voor een gezonde werkomgeving en daar

bovenop is in de CAO geregeld dat iedere werknemer

1000 euro krijgt dat besteed moet worden aan de eigen

inzetbaarheid. De werknemer bepaalt zelf hoe.

Werkgevers en werknemers moeten elkaar tegemoet

treden als het gaat om een gezonde leefstijl en het fit

blijven for the job. Hein Knaapen noemt dit wederzijds

risicomanagement. En dat verdient, wat KPN betreft, de

voorkeur boven de juridisering van dit thema.

21


22

6 JOGG

“JOGG is bewezen

effectief”

“Iedereen begrijpt dat overgewicht een complex vraagstuk

is. Het is anders dan roken, waarbij je weet dat elke peuk

slecht is. Een kortdurende interventie zoals bijvoorbeeld

een gezondheidsweek is leuk, maar beklijft niet. De

aanpak van overgewicht moet echt in de genen gaan

zitten van een bedrijf, school of gemeente. De kracht van

JOGG? Aan de ene kant is het bewezen effectief. In

Frankrijk hebben we gezien dat je er echt een trendbreuk

mee kunt realiseren. Aan de andere kant is het ook

eenvoudig: we moeten het samen doen. JOGG is de

paraplu waaronder alle interventies samenwerken. Vooral

de publiek-private samenwerking maakt JOGG sterk.”

Paul Rosenmöller

voorzitter stuurgroep Convenant Gezond Gewicht

en ambassadeur JOGG


JOGG is een beweging waarbij iedereen in een stad, dorp

of wijk zich inzet om gezond eten en bewegen voor

jongeren gemakkelijk en aantrekkelijk te maken.

Jongeren van 0 tot 19 jaar, hun ouders en de omgeving

staan centraal. Het is een lokale en duurzame aanpak die

ervoor zorgt dat voldoende bewegen en gezonder eten

de norm wordt.

In een JOGG­gemeente werken alle partijen samen op

gebieden die een gezond gewicht als onderdeel van een

gezonde leefstijl bevorderen. Zoals onderwijs, zorg,

welzijn, wonen (sociale en fysieke omgeving), levensmiddelenaanbod,

sport, recreatie en media. Met een

duidelijke, aansprekende boodschap die zich uit in

zichtbare, concrete acties.

De JOGG­aanpak is gebaseerd op het succesvolle Franse

Epode (Ensemble Prévenons l’Obésité Des Enfants), dat

zo’n tien jaar geleden in Frankrijk startte. De ministers

van VWS en Jeugd en Gezin hebben in de nota

Overgewicht van 2009 de landelijke vertaling van de

Epode aanpak in Frankrijk krachtig ondersteund als

kansrijk initiatief om via publiek private samenwerking

resultaten te boeken. Dit is nog eens benadrukt tijdens

de behandeling van de nota in de Tweede Kamer in

september 2009. In mei 2009 heeft het Convenant

overgewicht, de voorganger van het Convenant Gezond

Gewicht, zich in Parijs laten informeren over Epode.

Vervolgens zijn de voorbereidingen gestart om een

soortgelijke beweging in Nederland op te zetten. Sinds

begin 2010 wordt er hard gewerkt om de JOGGbeweging

in gang te zetten. Alle 27 partners van het

Convenant Gezond Gewicht hebben het deelconvenant

JOGG getekend.

JOGG fungeert als de paraplu waaronder bestaande

effectieve activiteiten versterkt worden ingezet. De

JOGG­aanpak is gebaseerd op vijf pijlers.

v.l.n.r.: Mariken Leurs, Paul Rosenmöller, Annet Bertram, Rob Oudkerk, Marcel Schuttelaar. Niet op de foto: Jaap Seidell, Teun Verheij

Vijf pijlers van JOGG

1 Politiek bestuurlijk draagvlak: Gezond gewicht, als

onderdeel van een gezonde leefstijl, heeft een

belangrijke plaats in het collegeprogramma. Burgemeester

en wethouders zijn enthousiast, bekend met en

betrokken bij de JOGG­beweging.

2 Publiek-private samenwerking: Het lokale bedrijfsleven is

nauw betrokken bij de JOGG­aanpak. Het denkt mee in

het projectteam, levert communicatiekracht en draagt

financieel bij aan activiteiten.

3 Sociale marketing: Gezondheid verkopen als een mooie

spijkerbroek. Daar draait het om bij sociale marketing.

Een JOGG­gemeente past de principes van sociale

marketing toe op de lokale situatie.

4 Wetenschappelijke begeleiding en evaluatie: Een JOGGgemeente

gebruikt de meest effectieve interventies en

meet het effect hiervan. Daarnaast wordt het proces

gemeten en waar nodig bijgestuurd. Uiteraard wordt ook

de BMI van kinderen gemeten.

5 Verbinding preventie en zorg: Deze pijler is uniek voor de

Nederlandse JOGG­aanpak. In een JOGG­gemeente

signaleren (zorg)professionals overgewicht in een vroeg

stadium. De zorg is goed op elkaar afgestemd en

jongeren die zorg nodig hebben, komen direct op de

juiste plek terecht.

Begeleidingscommissie

JOGG 2010

Paul Rosenmöller, voorzitter stuurgroep Convenant

Gezond Gewicht en ambassadeur JOGG

Annet Bertram, gemeentesecretaris Den Haag

Jaap Seidell, hoogleraar Voeding en Gezondheid aan

de Vrije Universiteit van Amsterdam

Rob Oudkerk, lector leefstijlverandering bij jongeren

aan de Haagse Hogeschool

Mariken Leurs, hoofd Centrum Gezond Leven, RIVM

Teun Verheij, directeur Albron

Marcel Schuttelaar, directeur Schuttelaar & Partners

23


24

Organisatie JOGG

Het convenantbureau heeft sinds 15 mei 2010 een

aparte afdeling JOGG met twee medewerkers. Het

JOGG­bureau ondersteunt gemeenten met kennis,

trainingen en communicatiemiddelen die zijn gericht

op de uitvoering van de JOGG­aanpak. Daarbij maakt

het bureau gebruik van alle kennis die aanwezig is of

wordt ontwikkeld, in nauwe aansluiting met universiteiten

en kennis instituten.

Paul Rosenmöller, voorzitter van de stuurgroep

Convenant Gezond Gewicht, is ambassadeur van JOGG

en lid van de begeleidingscommissie. De begeleidingscommissie

is in 2010 vijf keer bijeen geweest en heeft

adviezen gegeven over onder andere het plan van

aanpak, de positionering van JOGG en de werving van

gemeenten en bedrijfspartners.

Ambitie en doelstelling JOGG

JOGG wil de stijging van overgewicht en obesitas bij

jongeren terugdringen en omzetten in een daling. De

ambitie is dat de JOGG­gemeenten in 2020 de gezondste

jeugd van Europa hebben. JOGG maakt gezond eten en

bewegen voor jongeren gemakkelijk, aantrekkelijk en

vanzelfsprekend. In 2015 zijn er minimaal 75 gemeenten

die de JOGG­aanpak toepassen. Zo bereikt JOGG naar

verwachting vijf miljoen jongeren en ouders.

Eerste JOGG­gemeenten

De eerste zes gemeenten die met de JOGG­aanpak aan

de slag gaan, hebben zich inmiddels bij de JOGGbeweging

aangesloten. Zwolle is op 19 februari 2010 de

eerste JOGG­gemeente van Nederland geworden. Den

Haag volgde op 30 juni. Op 3 november hebben zich nog

eens vier gemeenten aangesloten: Amsterdam,

Rotterdam, Utrecht en Veghel. Samen vormen zij de

koplopergemeenten en helpen ze mee om de JOGGbeweging

groot te maken door actief aan de slag te gaan

met de vijf pijlers, mee te denken over de inhoud van het

ondersteuningspakket en best practices te delen.

Landelijke bedrijfspartners

Het JOGG­bureau werkt samen met een groep landelijke

partners om de JOGG­beweging in Nederland groot te

maken. De partners trekken samen op om gezond gewicht,

als onderdeel van een gezonde leefstijl,

van jongeren te bevorderen.

“Social marketing:

valuable tool within

public health”

“Social marketing is the process of developing

social change programmes based on citizen or

customer insight. It is about creating services,

environments, products and systems that help

people change, not telling them what to do or how

to do things. It is also about creating solutions that

are valued by people, things they want to do

because they are fun and rewarding. Social

Marketing is increasingly recognised as a valuable

tool within public health, where it can improve

health and reduce health inequalities. It is

particularly important for influencing voluntary

lifestyle behaviours such as smoking, drug use,

drinking and diet.”

Professor Jeff French

Strategic Social Marketing Ltd Hampshire UK,

en spreker op de Nationale Balans Top 2010


Communicatiemiddelen en

JOGG­website

Het JOGG­bureau heeft in 2010 een producten­ en

dienstenpakket ontwikkeld voor gemeenten; de

JOGG­kit. Dit pakket, dat voor JOGG­gemeenten ook

online beschikbaar is, bevat onder andere stappenplannen,

handleidingen en uitleg over trainingen en

bijeenkomsten die JOGG organiseert. De eerste

trainingen voor projectleiders in de koplopergemeenten

zijn inmiddels gestart.

In 2010 zijn ook richtlijnen ontwikkeld om een correcte

communicatie rondom het initiatief te waarborgen, is

een algemene brochure over JOGG gemaakt en een

zogenaamde moodfilm opgenomen. Deze film is voor

het eerst getoond tijdens de Nationale Balans Top op

22 november 2010. Verder is er een website ontwikkeld:

www.jongerenopgezondgewicht.nl. De site legt de JOGGaanpak

uit en presenteert het aanbod van het JOGGbureau.

Ook worden gemeenten, professionals, lokale

bedrijven en andere partijen gestimuleerd om zich aan

te sluiten bij de JOGG­beweging.

Partijen bundelen krachten

Jongeren in wijk

(ouders/gezin)

Nieuwsbrief JOGG

Naast de nieuwsbrief van het Convenant Gezond

Gewicht is er een aparte nieuwsbrief JOGG. De

nieuwsbrief bevat recente berichten over de activiteiten

van JOGG en die van de betrokken partners.

De nieuwsbrief JOGG gaat vier keer per jaar naar de

gemeenten, de partners, overige betrokken partijen en

geïnteresseerden.

Persconferentie

Op 3 november 2010 vond er een persconferentie plaats

om landelijk de aandacht te vestigen op JOGG.

Scholieren en prominenten zorgden onder leiding van

een dansschool voor een spectaculaire aftrap van de

JOGG­persconferentie. Dit deden zij in de vorm van

flashmob. Een flashmob is een (grote) groep mensen die

plotseling op een openbare plek samenkomt, iets

ongebruikelijks doet en vervolgens weer snel uiteen valt.

Tijdens de persconferentie zijn de bedrijfspartners van

JOGG en de koplopergemeenten bekendgemaakt.

25


26

Zwolle is

de eerste JOGG­stad

Een primeur voor Zwolle. De stad werd in februari 2010

de eerste JOGG-gemeente van Nederland. De

gemeente wil de gezondheid van de jeugd én de

gelijke kansen op een goede gezondheid verbeteren.

De gemeente Zwolle pakt overgewicht bij kinderen al

langer aan. In 2006 startte de GGD voor de gemeente het

programma ‘Samen Gezond’ in de wijken Diezerpoort en

Holtenbroek. Hiermee is een goede basis gelegd voor de

integrale aanpak van overgewicht in de hele gemeente

Zwolle.

JOGG in collegeakkoord

Het college van B&W besloot in mei 2009 de huidige

aanpak van overgewicht bij 0­ tot 19­jarigen conform de

Epode­aanpak te verbreden naar ‘De Gezonde Stad’.

Er gaan meer partners meedoen en bovendien wordt

voortaan de JOGG­aanpak toegepast. Met het bestuurlijke

draagvlak zit het goed. Het nieuwe college van B&W heeft in

haar collegeakkoord opgenomen:

“We zetten in op een gezonde leefwijze van onze inwoners,

onder andere door het continueren van de Jongeren op Gezond

Gewicht-aanpak.”

Op 19 februari 2010 tekenden wethouder Erik Dannenberg

en Paul Rosenmöller de intentieverklaring. Het werk gaat

verder onder de noemer ‘Zwolle Gezonde Stad’. De komende

jaren richt Zwolle zich hoofdzakelijk op een gezonde leefstijl,

gezonde zorg en een gezonde sociale en fysieke omgeving.

Om de gelijke kansen op een goede gezondheid te

vergroten, richt de aanpak zich in de periode 2010­2013

vooral – maar niet uitsluitend – op kinderen en jongeren en

hun ouders met een lage sociaaleconomische status in de

wijken Diezerpoort en Holtenbroek.


7 Convenantbureau

Convenantbureau

Het convenantbureau kent vanaf 2010 een andere opzet

als gevolg van de nieuwe structuur van het convenant.

Voor de deelconvenanten zijn accountmanagers

aangesteld en binnen het bureau is de JOGG­afdeling

opgezet.

Het convenantbureau ondersteunt en coördineert de

uitvoering van de deelconvenanten en bewaakt de

onderlinge samenhang van de activiteiten. De accountmanagers

ondersteunen de werkgroepen en de activiteiten

uit de plannen van aanpak. Voorts ondersteunt het

convenantbureau de stuurgroep en de voorzitter van de

stuurgroep. Het convenantbureau draagt daarnaast zorg

voor, onder andere, communicatie, monitoring en

evaluatie, financiën en het jaarverslag.

v.l.n.r.: Carolien Frenkel (Hoofd convenantbureau), Wendy van Hal (Accountmanager deelconvenant school), Matthijs van Kampen (Accountmanager JOGG), Bonnie Pieterse (Secretaresse),

Daphne Ketelaars (Coördinator JOGG), Cécile Prakke (Accountmanager deelconvenant consument en vrije tijd en deelconvenant werk), Monica Remmelink (Communicatie)

27


28

8 Adressen convenantbureau,

partners en overige organisaties

Het convenantbureau

en de convenantpartners

Convenant Gezond Gewicht

Dhr. P. Rosenmöller,

voorzitter stuurgroep Convenant Gezond Gewicht

info@convenantgezondgewicht.nl

Mevr. C.S. Frenkel,

hoofd Convenantbureau Gezond Gewicht

carolien.frenkel@convenantgezondgewicht.nl

Mevr. D. Ketelaars,

coördinator JOGG

daphne.ketelaars@jongerenopgezondgewicht.nl

06 43154643

Zeestraat 84

2518 AD Den Haag

070 318 44 05

www.convenantgezondgewicht.nl

Mevr. H.J. Crielaard

070 3376200

Postbus 262

2260 AG Leidschendam

henrieke.crielaard@cbl.nl

www.cbl.nl

Mw. S. Baljeu

030 7511001

Postbus 2475

3500 GL Utrecht

s. baljeu@cnv.nl

www.cnv.nl

Mevr. C.T.F. Grit

070 3365150

Postbus 161

2280 AD Rijswijk

cgrit@fnli.nl

www.fnli.nl

Dhr. H. van der Velden

020 5816300

Postbus 8456

1005 AL Amsterdam

henk.vandervelden@vc.fnv.nl

www.fnv.nl

Gemeente Amsterdam

Mevr. F. Hoekstra

GGD Amsterdam, afdeling EDG

020 5555789

Postbus 2200

1000 CE Amsterdam

fhoekstra@ggd.amsterdam.nl

www.jumpin.nl

Gemeente Den Haag

Mevr. C. van Hooijdonk

GGD Den Haag

070 3537288

Postbus 12652

2500 DP Den Haag

carolien.vanhooijdonk@denhaag.nl

www.denhaag.nl/gezondgewicht

Gemeente Rotterdam

Mevr. A. Wulffraat

Dienst Sport en Recreatie

010 2672274

Postbus 70012

3000 KP Rotterdam

a.wulffraat@senr.rotterdam.nl

www.rotterdamlekkerfit.nl

Gemeente Utrecht

Mevr. K. van der Goot

Geneeskundige en Gezondheidsdienst

Gezondheidsbevordering en Epidemiologie

030 2863209

Postbus 2423

3500 GK Utrecht

k.van.der.goot@utrecht.nl

www.utrecht.nl/gezondgewicht


Koninklijke Vereniging van

leraren Lichamelijke Opvoeding

Mevr. S. Neppelenbroek

030 2523004

Postbus 85300

3508 AH Utrecht

sneppelenbroek@ggd.nl

www.ggd.nl

Dhr. G. Klein Lankhorst

030 6912810

Postbus 389

3700 AJ Zeist

Guus.Kleinlankhorst@kvlo.nl

www.kvlo.nl

Mevr. E. Brugman

0348 489 411

Postbus 566

3440 AN Woerden

e.brugman@horeca.org

www.horeca.org

Dhr. J. Faber

0348 753500

Postbus 2051

3440 DB Woerden

j.faber@mboraad.nl

www.mboraad.nl

Dhr. M. Bakker

015 2191212

Postbus 93002

2509 AA Den Haag

m.bakker@mkb.nl

www.mkb.nl

Mevr. K. de Boer

0345 851900

Postbus 575

4100 AN Culemborg

k.deboer@vc­mhp.nl

www.vakcentralemhp.nl

Mevr. K. van Reenen

070 3155555

Postbus 300

2501 CH Den Haag

k.vanreenen@hartstichting.nl

www.hartstichting.nl

Mevr. J. van Rijn

0318 490900

Postbus 643

6710 BP Ede (GLD)

juul.vanrijn@nisb.nl

www.nisb.nl

Dhr. E. Lenselink

026 4834400

Postbus 302

6800 AH Arnhem

erik.lenselink@noc­nsf.nl

www.noc-nsf.nl

Mevr. W. Remijnse

030 6346222

Postbus 526

3990 GH Houten

wremijnse@nvdietist.nl

www.nvdietist.nl

Dhr. A. Vernooij

079 3430300

Postbus 165

2700 AD Zoetermeer

vernooij@nzo.nl

www.nzo.nl

Mevr. Y.M. Boersma

070 4123456

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en

Wetenschap Postbus 16375

2500 BJ Den Haag

y.m.boersma@minocw.nl

www.rijksoverheid.nl

Dhr. M. Weekenborg

030 3100933

Postbus 85246

3584 BW Utrecht

m.weekenborg@poraad.nl

www.poraad.nl

29

Mevr. M. Slagmoolen

079 3470707

Postbus 280

2700 AG Zoetermeer

m.slagmoolen@groentenfruitbureau.nl

www.tuinbouw.nl


30

Mevr. E.M. Dirven

0183 626172

Postbus 693

4200 AR Gorinchem

veneca@zpg.nl

www.veneca.nl

Dhr. C. Verkerk

070 4144750

Postbus 1019

2280 CA Rijswijk

verkerk@vewin.nl

www.vewin.nl

Dhr. R. van Winden

0183 645026

Postbus 693

4200 AR Gorinchem

vida@zpg.nl

www.vida.nl

Dhr. M. Bakker

070 3490349

Postbus 93002

2509 AA Den Haag

m.bakker@vno­ncw.nl

www.vno-ncw.nl

Dhr. M. Merkelbag

030 2324800

Postbus 8282

3503 RG Utrecht

martin.merkelbag@vo­raad.nl

www.vo-raad.nl

Mevr. T. Noorlander

070 3407911

Parnassusplein 5

2511 VX Den Haag

th.noorlander@minvws.nl

www.rijksoverheid.nl

Mevr. M.W.J. Maasdam

030 6988911

Postbus 520

3700 AM Zeist

m.maasdam@zn.nl

www.zn.nl

Overige betrokken partijen bij

het Convenant Gezond Gewicht

Er zijn veel partijen die zich bezighouden met het

thema overgewicht. Informatie over deze partijen is te

vinden op de website www.convenantgezondgewicht.nl.

Hieronder worden de partijen genoemd die nauw met

het Convenant Gezond Gewicht samenwerken.

CGL van het RIVM

Mevr. M. Leurs

030 2748573

Postbus 1

3720 BA Bilthoven

centrumgezondleven@rivm.nl

www.loketgezondleven.nl

VCN

Mevr. M.L.M. Ploum

070 3068888

Postbus 85700

2508 CK Den Haag

ploum@voedingscentrum.nl

www.voedingscentrum.nl

Stichting Sport & Zaken

Dhr. E. van der Veen

026 483 44 67

Postbus 302

6800 AH Arnhem

eric@sportenzaken.nl

www.sportenzaken.nl/bedrijfssport


Lijst met afkortingen

CBL Centraal Bureau Levensmiddelenhandel

CBS Centraal Bureau voor de Statistiek

CGL Centrum Gezond Leven

CNV Christelijk Nationaal Vakverbond

FNLI Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie

FNV Federatie Nederlandse Vakbeweging

G4 De gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht

GGD Nederland Vereniging GGD­Nederland

JOGG Jongeren Op Gezond Gewicht

KVLO Koninklijke Vereniging voor leraren Lichamelijke Opvoeding

KHN Koninklijk Horeca Nederland

MBO Raad Middelbaar Beroepsonderwijs Raad

MKB-Nederland Koninklijke Vereniging MKB­Nederland

MHP Vakcentrale voor Middengroepen en Hoger Personeel

NHS Nederlandse Hartstichting

NISB Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen

NOC*NSF Nederlands Olympisch Comité * Nederlandse Sport Federatie

NVD Nederlandse Vereniging van Diëtisten

NZO Nederlandse Zuivel Organisatie

OCW Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

PO-Raad Primair Onderwijs Raad

RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

TNO Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek

VCN Voedingscentrum Nederland

Veneca Vereniging Nederlandse Cateringorganisaties

Vewin Vereniging van Waterbedrijven in Nederland

VIDA Vereniging Inzake Distributie en Diensten door Automaten en apparaten

VNO-NCW Vereniging VNO­NCW

VO-Raad Voorgezet Onderwijs Raad

VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

ZN Zorgverzekeraars Nederland

Voetnoten

1 Bron: TK 2009­2010­2822

2 Bron: CBS POLS, maart 2010

3 Bron: Schönbeck Y, Van Buuren S. Factsheet Resultaten Vijfde Landelijke Groeistudie. TNO, 10 juni 2010.

www.tno.nl/groei

4 Bron: World Health Report 1995­2008 en CBS

31


32

Colofon

Fit for You(th) is een uitgave van het Convenant Gezond

Gewicht.

Overname uit deze uitgave is toegestaan, mits met

bronvermelding.

November 2010

Tekst: Convenant Gezond Gewicht

Nieuwe Maan Adviseurs Maatschappelijke Vernieuwing

Redactie: Marieke Mittelmeijer

Fotografie: Sander Foederer, Den Haag

Vormgeving: SSO studio, Zoetermeer

Druk: RS­Drukkerij, Den Haag

More magazines by this user
Similar magazines