DEKflTHOLIEKS JOURNALIST

webstore.iisg.nl

DEKflTHOLIEKS JOURNALIST

DEKflTHOLIEKS JOURNALIST

EERSTE JAARGANG

MAANDBLAD NO. 2

NOVEMBER 1946

REDACTIE: AD. BEVERS

A. L. G. M. VAN OORSCHOT

S. H. A. M. ZOETMULDER

INZENDINGEN AAN HET SECRETARIAAT: STATIONSSTRAAT 10 - UTRECHT (TELEFOON 6529 HILVERSUM)

ORGAAN VAN DEN KATHOLIEKEN NEDERLANDSCHEN JOURNALISTENKRING

Pers in de branding

^ aarmate de papiertoewijzing ruimer wordt, zal de

J-^ vraag stijgend actueel zijn: hoe is de verstandhouding

tusschen de katholieken en hun pers?

Het gaat hier in algemeene lijnen om de katholieke

pers als zoodanig. Van haar moet men kunnen zeggen,

trouwens van de heele katholieke cultuur met de katholieke

school, dat zij in de wereld is gekomen, om getuigenis

te geven van de waarheid.

Nooit duidelijker heb ik dat getuigenis verstaan als

destijds in de Vaticaansche zalen van 'de wereldperstentoonstelling,

waar met materiaal en veel cijfers werd geopenbaard,

wat de katholieke pers in alle landen' van de

wereld al zoo voortbracht. Dat het Nederlandsche perswezen

vèr vooruit stond en een lichtend voorbeeld mocht

heeten, was duidelijk. Maar dat was nu juist tien jaar

geleden!

Inderdaad! Wij hadden reden, verblijd te zijn.

Dank zij de heldhaftige inspanning van voorgaande

geslachten, kon — de numerieke minderheid van de

katholieken in Nederland ten spijt — het katholieke

leven in ons vaderland in volle vrijheid en op alle geb ; ed

zich ontplooien.

Daarbij was de ontwikkeling van onze eigen katholieke

pers een gelukkig feit gebleken.

Sindsdien lag zij gelijkgeschakeld in de kluisters van

een dictatorialen bezetter. Maar nu moet zij wederom

— evenals in den tijd der emancipatie van de vorige

eeuw — zich losmaken uit de minderwaardigheidspositie,

waarin zij langen tijd was gevangen.

Tusschen het optreden van den eersten katholieken

journalist in Nederland, omstreeks 1815, en den groei van

onze huidige katholieke dagbladen, liggen jaren van

proefnemingen en zorgen, van strijd en achterdocht van

tegenwerking.

Onze eigen kranten hebben het wel nooit, zelfs niet in

tijden van hoog-conjunctuur, gebracht tot oplagen van

twee en een half millioen gelijk Ie Petit Parisien, tot een

omvang van 240 bladzijden zooals Amerikaansche bladen,

tot een journalistieke bezetting van een kleine tweehonderd

man gelijk menig wereldorgaan, tot 50 zetmachines

en 30 rotatiepersen evenals het Londensche Weekly News

of tot het bezit van 8000 vierkante kilometers bosch zoo-'

als de Daily Mail in New Foundland — maar de Nederlandsche

katholieke pers heeft op den huidigen dag een

record bereikt van een verspreiding onder menschen die

denzelfden godsdienst belijden.

Een tijd

vol geestelijke

verwarring

Dat nu is een cultuurwinst, zoo merkwaardig in verband

met den langen tijd, toen andersdenkende medeburgers

betrekkelijk laag op ons neerzagen, als op menschen

van den tweeden rang. Katholieke krantenschrijvers

realiseeren zich dit niet steeds voldoende.

Met het wapen in de hand hebben de collega's, die ons

voorgingen, moeten worstelen. Dankbaar dient te worden

herdacht de blinde pionier Le Sage ten Broek, heldhaftige

strijder voor een katholieke pers. Hij, en die na hem

kwamen, streden meer dan honderd jaar achtereen. Onder

hun organen was veel geboorte, zij het dan ook wel

sterfte.

* * *

De liefde tot zijn €-igen pers is den katholieken journalist

geleidelijk in het bloed gekropen. En nu gaat de lijn

gelukkig weer — langzaam maar zeker stijgend — omhoog.

Om een beeld van Ruusbroec te gebruiken: de zon

ovel* de lage landen is weer hooger en hooger geklommen!

Het wordt volop dag voor de katholieke pers in Nederland.

En de tijd leert ook ten opzichte van haar, dat wijn,

die goed is, graag gedronken wordt— ook al wordt die

wijn zonder krans opgediend.

Na het kwistig wierookgezwaai van vroeger, ziet men

de katholieke dagbladpers thans méér overeenkomstig

ONZE JAARVERGADERING

Omdat verschillende collega's op 16 November

zakelijke bezigheden hebben, is de

eerste jaarvergadering der leden uitgesteld

tot Zaterdag 23 November des namiddags

twee uur in hotel „Het Kasteel van Antw%rpen"

aan de Oude Gracht te Utrecht.

Beschrijvingsbrief en bijbehoorende statuten

ontvangen onze leden in den loop van

de volgende week. Af deelingen, die tijdig

de agenda behandelen, kunnen amendementen

inzenden aan het bureau van ons

Secretariaat, vóór 18 November.


de realiteit van het begrip, dat een volk zijn pers moet

verdienen. En dan behoeft men zelfs niet bekend te zijn

in het Mekka van de katholieke journalistiek, om aan de

weet te komen, dat onze pers met onmisbaar geestelijk

voedsel haar wasdom gestadig uitbreidt.

Er waren Nurksen, die onze pers over haar hoogtepunt

heen zagen, toen de radio een belangrijke plaats in het

geestesleven van den mensch ging innemen. Het is waar

— óók de radio helpt mee aan massaverspreiding van

ideeën; en misschien zal de televisie een concurreerend

verschijnsel blijken te zijn, als straks de foto-pagina's

van onze kranten weer mogelijkheid van verschijning

krijgen. Doch er zal verschil van beteekenis blijven tusschen

beiden. De radio bereikt onmiddellijk millioenen

menschen; maar zij is niet in staat bepaalde gedachten

zwart op wit vast te houden. De pers daarentegen, die

niet op één slag de groote massa oogenblikkelijk onder

haar gehoor telt, geeft intusschen iets op schrift, waarmede

de lezer als met het bekende boekske kan nederzitten

in een hoekske, om er te mijmeren en te overwegen.

Als cultuurmiddel zal de katholieke pers — het zout

der aarde, dat niet verschaalt •— zeker de geestesmarkt

blijven beheerschen. Haar redacteuren zullen invloed en

overwicht moeten aanwenden als 'n huisvriend vooral,

wiens gezelschap te moeten missen, een leegte over laat.

De menselijke opvoeding moet door onze pers worden

voortgezet in een drielêdigen vorm: het boek, het tijdschrift

en de krant. Van deze drie maakt geen enkele

den ander overbodig.

Bezien naar de innerlijke waarde, krijgen we eerst het

boek, dan het tijdschrift en daarna de krant; maar in de

tijdsorde staat onbetwist te krant nummer één.

Ook de uitgaande en door-genietende mensch wil zijn

krant wel als nummer één erkennen. Hij juicht den

schrijver van harte toe — zij het vaak op deze onverantwoorde

manier, dat hij zooveel mogelijk wil ontvangen

voor zoo weinig mogelijk geld. Hij is zoo ongeveer als de

vereenigingsman, die meent, zijn contributie te kunnen

Bij onze Zuiderburen

Journalistieke voordeelen in België

Niet ten onrechte gaat ons land

meer en meer Zuidwaarts zien, over

de grenzen, bij onze Belgische buren..

Een hardnekkig vooroordeel heeft hen

langen tijd achterlijk genoemd, ook

toen voor deze kenschetsing geen

reden (meer) bestond en de gemakkelijke

opvatting, dat alle licht nu eenmaal

uit het Noorden moet komen —

vóorlooper of restant van Duitsche

waandenkbeelden? — liet daardoor in

den schaduw, dat wij juist van de

Belgen in verscheidene opzichten kunnen

leeren; wij noemen hier slechts

onderwijsmethoden en de toepassing

van sociale wetten.

Het zou ons verwonderd hebben,

indien niet onze Belgische vakbroeders

ook voor hun stiel konden wijzen op

gebruiken en toestanden, die de beschouwing

waard zijn, te meer, nu wij

hier zitten te dokteren aan de hoognoodige

regelingen voor de beoefenaren

van de journalistiek.

De dusgenaamde journalistenpas,

waarmee ons tijdens de bezetting het

departement van Volksvoorlichting en

Kunsten had gelukkig gemaakt en die

mutatis mutandis werkelijk niet kwaad

was, kent België al voor dezen oorlog.

Er bestaat daar slechts een organisatie,

de Belgische Persbond. Wie hiervan

twee jaren lid is, kan, indien de

reportage zijn hoofdvak is, een pers-

I kaart van het ministerie van binnenlandsche

zaken krijgen en heeft daarmee

een stuk in handen, dat voor de

uitoefening van zijn vak niet alleen

uitermate practisch is, doch dat tevens

iets laat blijken van de %roote waarde,

die officieele en semi-officieele lichamen

daar reeds vroegtijdig aan dit'

goed functioneeren gehecht hebben.

De perskaart geeft n.1. recht op 75

procent reductie op de spoorwegen en

op de boot Ostende—Dover. De tevens

uitgereikte Debet-kaart maakt het mogelijk,

zonder contante betaling, dus in

latere verrekening, telegrammen te

verzenden en zij geeft 25 procent

reductie op het gebruik van een openbare

telefoon. Let wel, dat dit alles

reeds van voor 1940 is.

Nu is zulk een perskaart niet het

werpen in een automaat, waaruit hij dan aanstonds een

overvloed van materieel voordeel verwacht.

De katholieke pers heeft onmiskenbaar groote beteekenis

in onzen tijd van geestelijke verwarring. Nieuwe gedachten,

nieuwe bewegingen, nieuwe eischen breken met

aandrang baan in ons volk. Bepaalde dwalingen en gevaren

zijn gelukkig uit den tijd geraakt; maar nieuwe

dwalingen — oude wel is waar, in nieuw kleed — zijn veel

gevaarlijker. Zij trachten ons volk op een zijspoor te

brengen en de grondslagen zelf van het Christendom te

ondermijnen. Zeer velen uit alle klassen en standen,

mannen in hooge functies en,, de stuurlooze massa van de

straat, schenken aan deze dwalingen, helaas, maar al te

gretig gehoor.

Stel nu, dat de katholieke pers eens een maandlang

staakte; wat zou dan het aantal onwaarheden stijgen, wijl

ze niet konden worden weersproken!

Maar gelukkig:, de katholieke pers staakt niet en zal

niet staken, zoolang er niet wederom een despoot komt,

die ze verbiedt, zooals de Duitsche bezetter deed. En ze

zou niet kunnen staken, nu de stroom van wereldgebeurtenissen

ons heeft gesleurd in een branding, een beroering,

zooals de geschiedenis tot nu toe maar weinig heeft

gekend.

De orde der maatschappelijke toestanden van landen

en volkeren is geschokt; menschen dolen verder; feller

dan ooit staan de twee onsterfelijke machten van Licht

en Duisternis tegenover elkander. Op de puinhoopen van

de wereldruïne willen zij een nieuwe maatschappij bouwen.

De katholieke journalist weet, aan welken kant hij

moet strijden.

Als de Vader in Rome klaagt over de grootste ramp

van onze eeuw, dan weten wij hier, dat die pauselijke

klacht gelukkig niet in haar algemeenheid van toepassing

is op ons katholieke volk in Nederland, omdat onze

pers duizenden naar omhoog, naar christelijke liefde en

rechtvaardigheid stuwt.

VAN OORSCHOT.

bezit van iedereen in het vak, die het

twee jaren beoefent; ze is uitsluitend

voor de geregelde verslaggevers. Zoo

zullen bij het agentschap Belga slechts

zes van de dertig redacteuren dit stuk

hebben.

Toen er na den oorlog auto's moesten

worden toegewezen, was er een

voorrangspercentage van drie uitgetrokken

Un behoeve van de journalisten.

In de Markiesstraat te Brussel heeft

de Persbond zijn Maisón de la Presse,

waarin het secretariaat der organisatie

is gevestigd, werkkamers en telefonische

verbindingen, een leestafel, enz.

voor de leden ter beschikking zijn.

Secretaris is thans het lid der hoofdredactie

van het Agentschap Belga,

Léon Duwaerts.

Er is voor de Belgische journalisten

een eigen ziekenkas in oprichting. Zij

zijn evenwel vrij in de keuze van pensioen-kas,

ongevallenverzekering, enz.

Voor alle sociale voorzieningen, met

inbegrip van de loonbelasting, betalen

de journalisten 134 procent en de

directies der dagbladen of nieuwsagentschappen

16 procent van het toegekende

salaris. De directies voldoen

ook de vakbondscontributies, de leden

contribueeren een uniform bedrag voor

den kring, waarvan zij plaatselijk lid

zijn; deze kring laat zich het best vergelijken

met de Amsterdamsche Pers.

S. Z.


STORM OP DE

De bewogen tijden, die de Amsterdamsche

Effectenbeurs doormaakt,

hebben op een goed moment ook "een

stormachtigen dag voor de pers doen

ontstaan, waarbij het een oogenblik

hevig heeft gewaaid om het lichtbaken

van de persvrijheid. Het geval op

zichzelf is niet zoo erg dramatisch,

doch er was toch een kostelijk beginsel

mee gemoeid en daarom is het waard

hier gesignaleerd te worden.

Het geval speelde zich af op dien

dag, waarop de Beurs in opstand kwam

tegen de bekende en opzienbarende

verklaringen, die minister Lieftinck

had afgelegd. Er werd een redevoering

afgestoken, doch sommige leden van

den Raad van Bijstand jwilden daarna

op de beursredacteuren, die er levensgroot

bijgestaan hadden, pressie

uitoefenen, opdat er niets van in de

krant zou komen.

Nu is de Beurs een openbare plaats

en de redevoering werd in het openbaar,

in het bijzijn van een ongeteld

aantal honderden beursbezoekers gehouden.

Er was dus geen kwestie van,

dat er ook maar de minste indiscretie

begaan zou worden, wanneer de beursredacteuren

den inhoud van het gesprokene

in hun bladen zouden vermelden.

Het was volkomen een zaak

van hun prudentie of zij dit al dan

niet zouden doen, en het was duidelijk,

dat anderen daarop geenerlei zeggenschap,

laat staan aandrang om het

feit te verzwijgen konden uitoefenen.

Niettemin is dit toch geschied en

natuurlijk onder uiting van het dreigement

van intrekking van de beurskaart.

Het is op zichzelf heel goed te

begrijpen, dat al deze booze en ongepaste

woorden geuit zijn door menschen,

die in een ietwat opgewonden

toestand verkeerden en zich van de

portee van hun houding op dat moment

niet duidelijk rekenschap gaven.

Maar het feit is geschied en het zou

kwade gevolgen kunnen hebben.

Daarom hebben de beide samenwerkende

journalistenorganisaties onverwijld

een stap ondernomen bij het Dagelijksch

Bestuur van de Vereeniging

voor den Effectenhandel om dit dagelijksch

bestuur de werkelijke positie

van de onafhankelijke journalisten

onder het oog te brengen, bij welke

gelegenheid tevens is gewezen op het

voorkomen van een voor het handhaven

van de zuivere verhoudingen schadelijke

mededeeling, die voorkomt op

de perskaarten, welke toegang geven

EFFECTENBEURS

tot de Beurs. Het is de zinsnede, waarin

wordt bekend gemaakt, dat de kaart

te allen tijde zonder opgaaf van redenen

kan worden ingetrokken. Deze

mededeeling zou inderdaad in penibele

omstandigheden, zooals de Beurs thans

beleeft, het kwaad, waarvan op dien

bewusten dag sprake was, in de hand

kunnen werken.

De samenwerkende vereenigingen

hebben het Dagelijksch Bestuur van de

Vereeniging voor den Effectenhandel

dan ook laten weten, dat deze Vereeniging

zich, wanneer zij meent reden te

hebben zich te beklagen over het ontoelaatbare

gedrag van een journalist

zich, zooals iedereen, altijd met een

klacht tot de journalistenvereenigingen

kan wenden. Indien deze klacht juist

mocht blijken te zijn, dan zullen de,;e

Kranten in kazernes

Zooals de minister van Oorlog kort

tevoren in de Tweede Kamer had medegedeeld,

heeft hij medio October een

legerorder uitgevaardigd, waarin hij

drie met name genoemde en overigens

met hun i geestesrichting aangeduide

bladen uit de kazernementen weert. Het

zijn het communistisch dagblad „De

Waarheid", het blad „Geeft Acht" en

het orgaan van den tóen juist gearresteerden

maar kort nadien vrijgelaten

soidisant „professor" Pootjes uit Hilversum

„De Vredestichter". Als de inhoud

van dezen Vredestichter van hetzelfde

kaliber is als de brochure van dezen

heer over de grondwet, dan onthoudt

de minister zijn jongens een stuk kostelij

ken kolder, waarvan men zich, ook

zonder tot De Linie te behooren, afvraagt,

hoe het mogelijk is, dat daar

zulk fraai papier voor beschikbaar is.

Scherts terzijde! Bij de beoordelingvan

de mérites van dezen maatregel,

die in het geheel niet nieuw is en in

een roerig verleden ook „Het Volk" wel

eens getroffen heeft, dienen we in het

oog te houden, dat hier geen aanslag

op de persvrijheid gedaan wordt. Het

staat den soldaten geheel vrij, buiten

de kazerne de krant hunner keuze te

lezen. Binnen de muren en het hek, de

fortgracht of de afrastering is evenwel

de minister en in eerste instantie de

commandant de baas, en het is deze,

die de verantwoording heeft voor de

aan hem toevertrouwde militairen in de

eerste en voor het handhaven van de

goede orde en zoo mogelijk van den

goeden geest in de tweede plaats. Oordeelt

een bevelhebber bepaalde daar ter

lezing gelegde, in zekeren zin dus gastvrijheid

genietende, lectuur niet overeenkomstig

de regels van het huis, dan

verwijdert hij ze. Hij zal daarbij met

beleid en terughoudendheid te werk

gaan; de practijk is meestal zoo, dat

organisaties niet schromen de noodige

maatregelen te nemen.

Zulke kwesties zouden inderdaad, als

zij zich zouden voordoen, gevallen voor

den tuchtraad zijn, die in oprichting

is. De journalisten zijn doende de apparatuur

te scheppen, waarmede zij, waar

noodig, de saneering van hun eigen

vak ter hand kunnen nemen. Eenzydige

bemoeiingen van buitenstaanders

zijn daarbij niet noodig en kunnen ook

niet geduld worden. Een tuchtraad voor

journalisten kan collega's, die in de

verleiding zouden komen om uit den

band te springen, een waarschuwing

zijn, hij kan van den anderen kant

ook journalisten, die op hun goed recht

staan, een stevigen steun in den rug

geven. Al is dit geval op de Effectenbeurs

waarschijnlijk niet van ernstigen

aard, het levert toch reeds een bliju uit

de practijk op, hoe noodig het is, dat

een tuchtcollege voor journalisten gaat

functioneeren. L. H.

het eerst de spuigaten moet uitloopen,

eer in ons vrijheidlievend land een

verbod valt.

Het adagium eens dichters: dat ware

vrijheid luistert naar de wetten is

met een variant in het onderhavige geval

het vraagpunt voor velen geworden:

of de vrije Waarheid wel naar de

wetten luisterde. De wetten nu zijn

rekbaar in hun grenzen en de tot oordeelen

bevoegde instantie gaat daarbij

ook harerzijds subjectief te werk. Iets

wat strafrechtelijk niet te vervolgen

is, zal in de meeste gevallen veel gevaarlijker

zijn dan de publicatie, die

dadelijk vat geeft; weinigen weten dit

beter dan goed onderlegde oude rotten

in ons vak. Op een gegeven en niet

meer te ontloopen oogenblik zal een

commandant dus moeten zeggen: halt;

hier worden de regels der gastvrijheid

overtreden. Er uit!

Wie met dezen gang van zaken geen

vrede kan hebben, bedenke, dat de militair

een eigen stand vormt, met eigen

code, eigen reglement op de krijgstucht,

eigen — en daarin is hij eenig

— rechtspraak. Bij hem liggen de normen

nauwer. Hij moet tucht kennen

en met het aanvoeren van dit begrip

tasten wij de zaak in de kern en

geven daarmee tevens de moeilijke

aanvaardbaarheid van het begrip aan.

Wie tot een geloof behoort, dat ook

kloosterorden, dat ook een geestelijken

stand kent, zal evenwel met die aanvaarding

minder moeite hebben; hij

heeft de vergelijking bij de hand. Bovendien:

toen tijdens de bezetting directeuren

van bizondere scholen verboden,

dat leerlingen in uniform van

jeugdorganisatie de school bezochten,

stonden wij voor een vrijwel eender

geval en toen is in alle kampen deze

maatregel toegejuicht. S. Z.

i 3


Ons contact met de directeuren

Een van de heugelijke gebeurtenissen in de jonge geschiedenis

van onze organisatie is de totstandkoming van

een contactcommissie, bestaande uit vier bestuursleden

van de vereeniging „De Nederlandsche Dagbladpers 1945",

twee van den Nederlandschen Journalistenkring en twee

van den Katholieken Ned. Journalistenkring. Deze commissie,

die Dinsdag 15 October in Den Haag haar veelomvattende

werkzaamheden begon, is samengesteld uit

de volgehde heeren: J. v. d. Kieft, directeur, van Het Vrije

Volk te Amsterdam, Joh. Kuypers, directeur van De Maasbode

te Rotterdam, W. van Norden, directeur van Het

Parool te Amsterdam en N. van der Drift, directeur van

De Waarheid te Amsterdam, mr. M. Rooy te Rotterdam

en J. J. F. van den Bergh te Amsterdam, voorzitter en

secretaris van den N.J.K., L. Hanekroot te Den Haag en

A. L. G. M. van Oorschot te Hilversum, resp. voorzitter en

secretaris van den Kath. Ned. Journalistenkring. Secretaris

is mr. O A. Steketee.

In het eerste jaar zal als voorzitter van de commissie

optreden de heer v. d. Kieft, in het volgende jaar mr. Rooy

en verder bij toerbeurt eveneens een directeur en een

journalist.

Er werd een Representatie-subcommissie gekozen, waarin

zitting zullen nemen de secretarissen van de Dagbladpers

en de Journalistenfederatie en een bestuurslid van elk

der beide organisaties. Deze commissie hoopt spoedig een

uniforme journalistenkaart te kunnen uitgeven, die ook

noodig zal zijn voor niet-georganiseerde journalisten. Deze

kaarten hebben twee typen: een voor journalisten in

hoofdberoep, een voor sportverslaggevers. Met het hoofd

van de Rijkspolitie zal worden overlegd over de voortgezette

uitgifte van perspenningen in de groote steden.

Salarisregeling.

Een agenda-punt, dat den journalisten ongetwijfeld sterk

zal aanspreken, is dat van de salarisregeling. Tijdens

deze eerste vergadering van de contactcommissie werden

inleidende besprekingen gevoerd, die een positief resultaat

hebben opgeleverd. Een commissie ad hoc, waarin de

directeuren- en journalistenorganisaties zijn vertegenwoordigd

met onderscheidenlijk vijf en" vier leden, zal zoowel

de salarisregeling als andere arbeidsvoorwaarden op haar

urgentieprogram nemen. Voor hen, die nu nog staan op

het oude peil, zal een noodregeling worden voorbereid,

waarbij de commissie onmiddellijk overleg zal plegen met

de betrokken directies.

Verder is samengesteld een commissie van beroep inzake

ontslagverlening aan journalisten, bestaande uit secretarissen

van Directeurenvereeniging en Journalistenfederatie,

met den heer v. d. Drift als derde lid en den heer

V. d. Bergh als plaatsvervanger.

Persconferenties.

Een veelbesproken onderwerp is dat van de persconferenties.

Ter breideling zal ook hier een commissie werkzaam

zijn, bestaande uit drie leden: twee journalisten en

een directeur. Uiteraard zullen de namen van de benoemden

niet worden gepubliceerd, opdat de commissie zoo

onafhankelijk mogelijk kan optreden.

De aanstelling van buitenlandsche correspondenten

REEDS ZIJN BELANGRIJKE OVEREENKOMSTEN GETROFFEN

voor de dagbladen ondervindt nogal moeilijkheden wegens

de beperkte deviezenpositie. De Britsche autoriteiten hebber,

voor Berlijn het maximum aantal Nederlandsche

journalisten gesteld op vijf, plus een voor het A.N.P. Niettemin

wordt aangestuurd op verhooging van het aantal

met twee. Men zal voorloopig nog zooveel mogelijk combinaties

moeten treffen. Daarbij is thans het advies gegeven,

nog niet vast te leggen, welke bladen vrijwillig zullen

combineeren. Statenlooze journalisten in ons land

zullen voor uitzending niet aan bod kunnen komen, omdat

de Engelschen hen niet willen militairiseeren.

Voor correspondenten van den Economischen Voorlichtingsdienst

kan de contactcommissie natuurlijk geen zorg

dragen, omdat deze dienst een instantie is van de Rijksoverheid.

Dagbladpers en publiek.

Het gezag van de dagbladpers bij het publiek was het

volgende onderwerp van ernstige bespreking. Een van de

hulpmiddelen is een tuchtcollege voor journalisten, uiteindelijk

onder presidium van een bekend rechtskundig

hoogleeraar, met als leden een journalist, die juridisch

geschoold is, en een bestuurslid van De Dagbladpers,

bijgestaan door een jurist als secretaris. De tuchtrechtspraak

zal in eersten aanleg uitgaan van de commissies

voor het tuchtrecht uit beide Journalistenkringen. De

bekroning moge zijn een perswet, waardoor officieel kan

worden ingegrepen en een overtredend journalist desnoods

uit het beroep kan worden gestooten.

Verband met deze aangelegenheid houdt de vakopleiding.

Om deze in goede banen te kunnen leiden, zal worden

gestreefd naar de vestiging van journalistieke leerstoelen.

Voor wat den K.N.J.K. betreft, is reeds contact gelegd

met de rectores magnifici van Nijmegen en Tilburg, die

professoren hebben aangewezen in de commissie voor de

vakopleiding van onzen Kring. Verder zijn besprekingen

gaande met de leiding van het Ned. Schriftelijk

Studiecentrum van de Paters Augustijnen te Culemborg

en eenige anderen. Het verkrijgen van een journalistendiploma

moet het resultaat zijn van deze wetenschappelijke

vorming en van de eveneens noodzakelijk te bereiken

technische bekwaamheid in het bedrijf.

Het papier-probleem.

In de vergadering van de contactcommissie is tenslotte

gesproken over het papier-probleem. Volgens de jongste

gegevens schijnt er voldoende voorraad te zijn voor een

krant van vier groote of acht kleine pagina's dagelijks.

En op nieuwen aanvoer van overzee, waarvoor een deputatie

van De Dagbladpers is bezig geweest, kan evenzeer

worden gerekend. Er is evenwel nog een Rijksbureau voor

Papier; en hier zijn obstakels opgeworpen, die blijkbaar

(of schijnbaar?) moeilijk kunnen worden verwijderd.

Er is nog een schrijven van de besturen der twee

journalistenkringen gericht aan het dagelijksch bestuur

van de Vereeniging voor den Effectenhandel, in welken

brief de positie van de pers op de beurs wordt verklaard.

Daartoe bestond aanleiding wegens een dreigend conflict.

De vrijmoedige gedachtenwisseling in de contact-commissie

en de wijze, waarop eendrachtig (zonder een gedwongen

apparaat van stemming) belangrijke beslissingen

in het belang van de journalistiek en haar vertegenwoordigers

konden worden genomen, stemt hoopvol voor

de toekomst. v. O.


Federatie

van Nederlandsche

journalisten

Grondslagen voor een nauwe samenwerking

De ledenvergadering van 23 November a.s. zal onder andere tot taak

hebben de behandeling en goedkeuring van de zoogenaamde federatie-statuten.

Deze statuten gaan uit van de overweging, dat het voor een goede

vervulling van de door den Ned. Journalistenkring en den Katholieken

Ned. Journalistenkring ondernomen taak zoowel in het belang van de

Nederlandsche pers als van de Nederlandsche journalisten noodzakelijk

moet worden geacht, dat de N.J.K. en de K.N.J.K. zeer nauw

samen werken.

Goedkeuring van de hieronder afgedrukte ontwerp-statuten zal tot

bekroning hebben de Stichting der Federatie van Nederlandsche journalisten.

NAAM.

tlLL^Pr

veree , ni f in g draa St den naam: Federatie van Nederlandsche

Journalisten en is te Amsterdam gevestigd. Zij is aangegaan

voor den tijd van 29 jaren en 11 maanden.

DOEL.

£L * n & F f e ? tie ' Zich P laatg ende op den grondslag van de

door de Grondwet erkende persvrijheid eenerzijds en van de uit

de gemeenschapstaak voortvloeiende verantwoordelijkheid van

den journalist anderzijds, heeft ten doel de behartiging van Te

belangen van de Nederlandsche pers in het algemeen en die

van de Nederlandsche journalisten in het bijzondeT

MIDDELEN.

Art. 3. De Federatie tracht haar doel te bereiken langs wettigen

weg en wel in het algemeen door de in den N.J.K en den

K.N.J.K. vereenigde journalisten gezamenlijk te vertegenwoordig^

„ gemeenschappelijke aangelegenheden, met uitzont

L II « v aarVan de b e h a r t i ^ krachtens haar aard

aan de afzonderlijke vereenigingen is voorbehouden; de door

haar gebezigde bijzondere middelen zijn die, welke aan be?de

vereenigingen gemeenschappelijk zijn, te weten:

«i^hf/rf IT Cn H an me K dewe rking zoowel bij het totstandkomen

als bij het ten uitvoer brengen van al die maatregelen die het

geordend en onafhankelijk functionneeren der pers in verband

met haar maatschappelijke taak kunnen bevorderenb.

het bevorderen van gezonde toestanden en goede verhou-

S n * b i n n e n dC Ned erlandsche Pers, met name door het tot

stand brengen van blijvende samenwerking op voet van gelijk

S m r e /l Pre ff ntaÜeVe ver eenigingen van dag-, nieuwsblad-,

en tijdschriften-uitgevers;

c. het bevorderen van een goede opleiding van journalisten;

d. het streven naar regeling van het beroep van journalist' er

het bevorderen van het aanzien van den stand der journaïsten

met name door het instellen van een tuchtregeling; '

e. arbitrage tusschen journalisten en derden, tusschen journalisten

onderling en tusschen journalisten en uitgevers;

MI h «- y er , tegenwo ordigend, regelend en bemiddelend optreden

bij officieele en andere gelegenheden, waarbij de belangen der

Misbruik

van Persconferenties

T* e persconferenties zijn een groei-

M ^ end euvel in onze Nederlandsche

perswereld. Er zijn er veel te veel

hun kwaliteit is te laag en hun bijverschijnselen

zijn onaangenaam

Zoo schreef „De Nieuwe Nederlander"

in het nummer van 2 October

1946. Aan de hier volgende beschouwing

van de redactie behoeft weiniote

worden toegevoegd. Zij sluit aan bij

wat sedert lang wringt in onze iournalistieke

gelederen.

Steeds meer worden Dersconferenties

gelegenheden, waar de „heeren" van

de pers met eten en drinken worden

volgestopt in de hoop, dat zii in de

goede stemming zullen raken om

het ter persconferentie aanbevolen

stoffelijke en geestelijke Droduct in

hun courant eenigen lof toe te

zwaaien. Het mag niet voorkomen, dat

iemand, die namens een groote semioverheidsinstelling

de pers een uiteenzetting'

geeft over de werkzaamheden

daarvan, kenneliik onder den

invloed is van de heerlijke dranken,

welke op een voorafgaande receptie

werden geschonken. Het mag ook niet

voorkomen, dat de persconferentie van

een hooggeplaatst buitenlandsch militair

in het water (of liever in de spiritualiën)

valt, omdat, wanneer de

conferentie eenmaal begint, de generaal

evenzeer onder den invloed i's als

de aanwezige journalisten. Zulke verschijnselen

geven een verre van nrettigen

indruk van degenen, die de" persconferenties

leiden. Zij zijn ook volstrekt

misplaatst in een tijd van

soberheid, of laten wij voorzichtig zijn

en zeggen: in een tijd, die een tijd

van soberheid zou moeten zijn.

Maar het is naar den kant van de

pers gezien nog veel bedenkelijker, dat

men meent deze met een kluitje in

het riet te kunnen sturen en als een

kind met wat lekkers te kunnen zoet

houden. Groote soberheid dient bij het

aanvaarden van ververschingen en dergelijke

door de vertegenwoordigers van

de pers te worden betracht en zij moeten

ook niet aarzelen óf door woorden

óf door wegblijven te protesteren,

wanneer hun gastheeren toch de houding

blijven aannemen, dat zij de pers

op zoo goedkoope wijze meenen te kunnen

lijmen.

W» edenkelijk is ook de veelvuldigheid

••-•van persconferenties in deze dagen

Die veelvuldigheid brengt mede, dat de

betrokken overheidsinstanties en particuliere

lichamen niet altijd met hun

beste vertegenwoordigers achter de

tafel verschijnen en dat de pers van

den weeromstuit uit haar toch reeds

beperkte redactiestaven ook niet altijd

de besten zendt. Het droevige gevolg

is een steeds verder dalen van het peil

van de gedachtenwisseling. Het is beschamend

om van buitenlandsche

journalisten te moeten hooren, hoe

tam en onbelangrijk zij de Nederlandsche

persconferenties vinden — en

juist door de schuchtere gedragingen

van den gemiddelden ' Nederlandschen


pers zijn betrokken, alsmede het vergemakkelijken van beroepsbezigheden;

g. het bevorderen van zoodanige arbeidsvoorwaarden voor

journalisten als in overeenstemming zijn met hun maatschappelijke

positie, waaronder het bevorderen van pensioenverzekering

voor journalisten, hun weduwen en weezen, een en ander

door het sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst door

de beide vereenigingen;

h. het samenwerken inzake de uitgave van de organen der

beide vereenigingen, benevens het bevorderen van het onderling

verkeer;

i. het samenwerken met de Buitenlandsche Persvereeniging in

Nederland, met de representatieve organisatie van persfotografen

en met vereenigingen van vakgenooten in het buitenland;

j. andere wettige middelen, die aan het doel bevorderlijk kunnen

zijn.

JOURNALISTEN.

Art. 4. De Federatie beschouwt als journalist:

a. dengene, die er zijn hoofdberoep van maakt;

hetzij mede te werken aan de redactioneele leiding of aan de

redactioneele samenstelling van den inhoud van een dagblad,

nieuwsblad of tijdschrift voor zoover deze inhoud bestaat uit

nieuwstijdingen, verslagen of artikelen;

hetzij nieuwstijdingen, verslagen of artikelen welke voor een

dagblad, nieuwsblad of tijdschrift zijn bestemd, dan wel door

een persbureau worden verspreid, op te stellen of redactioneel

te verzorgen; hetzij nieuwstijdingen of verslagen welke door de

radio worden verspreid op te stellen of redactioneel te verzorgen.

b. dengene, die optreedt als hoofdredacteur van een dagblad

zonder dat hij daarvan zijn hoofdberoep maakt.

Eigenaren-hoofdredacteuren, en eigenaren-redacteuren, of, indien

de uitgever een rechtspersoon is, directeuren-hoofdredacteuren

en directeuren-redacteuren van dag- of nieuwsbladen

worden niet als journalist in den zin van dit artikel beschouwd.

Als persbureaux in den zin van dit artikel worden beschouwd de

in het Koninkrijk gevestigde of vertegenwoordigde instellingen

tot het verstrekken van nieuwstijdingen, verslagen of artikelen

aan dagbladen, nieuwsbladen of tijdschriften, dan wel aan den

radio-omroep, met uitzondering van de overheidsorganen, waaraan

een voorlichtingstaak is opgedragen en van die instellingen

welker werkzaamheid uitsluitend of mede pleegt te bestaan in

het verspreiden van nieuwstijdingen, verslagen of artikelen die

op een of meer bepaalde privaatrechterlijke ondernemingen betrekking

hebben.

LEDEN.

Art. 5. Leden van de Federatie zijn de Nederlandsche Journalisten-Kring

(N.J.K.) en de Katholieke Nederlandsche Journalisten-Kring

(K.N.J.K.).

FEDERATIEBESTUUR.

Art. 6. Het bestuur van de Federatie wordt gevormd door drie

leden, aan te wijzen door den N.J.K., en drie leden, aan te wijzen

door den K.N.J.K. Elke vereeniging zal in ieder geval haar

voorzitter en secretaris aanwijzen. Deze aanwijzing geschiedt

telkens voor een jaar, aanvangende op 1 Mei; ingeval van tusschentijdsche

vervanging van een zittenden vertegenwoordiger,

geldt de aanwijzing voor het overige deel van het loopende jaar.

Als voorzitter van de Federatie treedt op de voorzitter van een

van de vereenigingen, het eerste jaar de voorzitter van den

N.J.K., het daaropvolgende jaar die van den K.N.J.K. en zoo

vervolgens bij toerbeurt. Op soortgelijke wijze wordt voorzien in

het vice-voorzitterschap, welke functie in het eerste jaar wordt

vervuld door den voorzitter van den K.N.J.K.

Het Federatiebestuur beslist bij meerderheid van stemmen. Bij

6

journalist. Tot een verlaging van het

peil draagt ook bij de overvloed van

hoogst onbelangrijke vereenigingen en

instellingen, die alle aan de mode offeren

door ook hun eigen persconferenties

te gaan geven.

Men vergeet bij het houden van een

persconferentie dikwijls ook, dat het

medegedeelde van eenig belang moet

zijn. Indien het alleen maar gaat om

feitelijke mededeeling die men even

goed in een gestencild memorandum

aan de pers zou kunnen voorleggen, is

het eenvoudig tijd verknoeien om een

groot aantal journalisten daartoe bijeen

te roepen. Wij.begrijpen heel goed,

dat dit toch dikwijls gebeurt, omdat de

betrokken instanties van een schriftelijke

mededeeling weinig heil meer verwachten.

Wij kunnen ons dat best

voorstellen, maar daartegen is een zeer

eenvoudige remedie: laat men ook het

aantal schriftelijke stukken, dat men

aan de verschillende redacties rondzendt,

eindelijk eens wat beperken.

Men weet nu eenmaal, dat alle kranten

nog te woekeren hebben met een

ernstig gebrek aan papier en dus

alleen het allernoodzakelijkste kunnen

publiceeren. Natuurlijk zijn er altijd

bezwaren te maken tegen de keus, welke

de redacties doen uit het hun aangeboden

materiaal, maar iuist, als degenen,

die aan de couranten schriftelijk

materiaal aanbieden, zichzelf reeds

beperkingen opleggen, is het voor de

redacties gemakkelijker een keus te

doen uit de dan belangrijker stof, welke

hun wordt voorgelegd.

ls wij aan het artikel van „De

A Nieuwe Nederlander" een gedachte

verbinden, is het deze, dat

journalisten zelf véél kunnen doen om

de hierboven geschetste mis-toestanden

tegen te gaan. Nog te vaak zijn vooral

de onervaren en de bij vele kranten

„aangewaaide" redactie-vertegenwoordigers

gebrand op persconferenties,

daarbij speculeerende op materieel onthaal.

Wij kennen zulke ten onrechte bij

de pers terecht gekomen „journalisten",

die zelf naar bepaalde instanties

gingen, om aan dezen persconferenties

te ontwringen. Ook op hen slaat, wat

collega Werkman concludeerde in het

orgaan van den N.J.K.:

„Dergelijke sujetten hooren in ons

vak niet thuis: zij zijn in staat om in

een verwonderlijk snel tempo den goeden

naam, die de Nederlandsche journalist

over het algemeen vroeger had,

voor altijd door het slijk te halen."

SMUTS

TOT DE PERS

De wereld is ziek en het is

„jullie plicht", zoo zeide Smuts

tot Nederlandsche persvertegenwoordigers,

te helpen de wereld

beter te maken. Niet alleen voor

de politici, maar ook voor de

pers is een groote taak weggelegd,

waaraan ieder moet medewerken.


staking van stemmen wordt een voorstel geacht te zijn verworpen,

evenals wanneer de meerderheid van oordeel is dat het een

zaak van beginsel is en alle aanwezige leden behoorende tot den

N.J.K. of tot den K.N.J.K. zich tegen het voorstel verklaren.

De secretaris van de Federatie heeft een adviseerende stem.

FEDERATIEBUREAU.

Art. 7. Voor de dagelijksche behandeling van zaken van de

Federatie vormt zij een bureau, dat wordt waargenomen door

een secretaris, die door den Federatieraad wordt benoemd en

ontslagen, en wiens bezoldiging, rechtspositie en instructie door

dezen raad worden geregeld. Deze functionaris is bevoegd het

bureau te vertegenwoordigen, doch is verplicht ten aanzien van

bepaalde bij bestuursbesluit omschreven onderwerpen te handelen

in overleg met den voorzitter. In geval van ontstentenis

van den secretaris neemt het lid van het Frederatiebestuur, dat

daartoe bij bestuursbesluit wordt aangewezen, het secretariaat

waar.

GELDMIDDELEN.

Art. 8. Een van de bestuursleden wordt belast met het beheer

van de geldmiddelen van de Federatie. Hij is ter zake verantwoording

schuldig aan den Federatieraad die bevoegd is zich

van deskundige hulp voor de uitoefening van deze controle te

voorzien. Elk half jaar, nl. op 1 Mei en 1 November, wordt de

rekening over het afgeloopen halfjaar aan den Federatieraad

ter vaststelling voorgelegd.

De kosten van het bureau volgens de vastgestelde rekening

komen ten laste van den N.J.K. en den K.N.J.K. en wel in verhouding

tot de aantallen leden van elk der vereenigingen.

FEDERATIERAAD.

Art. 9. De Federatieraad wordt gevormd door de voltallige besturen

van den N.J.K. en den K.N.J.K. Hij vergadert ten minste

twee maal per jaar onder leiding van den voorzitter van de

Federatie. De secretaris van de Federatie heeft een adviseerende

stem. Behalve de bevoegdheden uitdrukkelijk bij dit reglement

aan den Federatieraad opgedragen, behandelt en beslist hij

alle aangelegenheden, welke de statutaire organen van den

N.J.K. en den K.N.J.K. als van gemeenschappelijke belang aan

den Federatieraad ter behandeling en beslissing overlaten

De Federatieraad beslist bij meerderheid van stemmen; een

besluit wordt geacht niet te zijn aangenomen indien de stemmen

staken, dan wel indien de meerderheid van oordeel is dat

het een zaak Van beginsel is en alle aanwezige leden behoorende

tot den N.J.K. of tot den K.N.J.K. hun stem tegen een voorstel

uitbrengen.

VERTEGENWOORDIGING.

Art. 10. Het Federatiebestuur vertegenwoordigt de Federatie in

en buiten rechte. Het is behoudens het bepaalde in artikel 11

bevoegd zelfstandig op te treden ter behartiging van de belangen

der pers in het algemeen en der Nederlandsche journalisten

in het bijzonder. Het Federatiebestuur zorgt voor representatie

der vereeniging bij officieele gelegenheden daar en wanneer

dit naar zijn oordeel noodig is, of de Federatieraad dit

aan het Federatiebestuur opdraagt.

Zoowel bij' afzonderlijke gelegenheden als in blijvende representatieve

organen zal de Federatie zoodanig zijn vertegenwoordigd,

dat met de samenstellende deelen van de Federatie

zooveel mogelijk op voet van gelijkheid wordt rekening gehou-

SECTIES.

Art. 11. De secties als bedoeld in artikel 22 van de statuten van

den N.J.K. en den K.N.J.K., die een zelfde journalistiek belang

Papierbestuit

en papieren besluit

De papierschaarschte en de papierbevoorrechting

houdt nog steeds de

pennen in beweging ,ook die van het

parlement. Zoo heeft het Kamerlid

Thomassen den minister van Onderwijs,

Kunsten en Wetenschappen vragen

gesteld over het overschrijden van

den papiernorm door het weekblad

Elsevier, het deswege veel benijde

orgaan. In het antwoord van Minister

Gielen is nu aangekondigd, dat hij in

overleg met zijn ambtgenoot van Economische

Zaken op korten termijn

maatregelen zal treffen, die aan den

gesignaleerden misstand een einde zullen

maken.

Voor de zooveelste maal vestigt deze

papier-affaire dus de aandacht op de

ontoereikendheid van de sancties.

Voor maatregelen zijn intusschen niet

alleen de middelen noodig, maar moet

ook de wil aanwezig zijn, om ze toe

te passen. Is die wil er steeds, ook bij

die instanties, die wel degelijk een

stok in de hand en niet slechts achter

de deur hebben?

Een der nummers van het orgaan

van de Nederlandsche Dagbladpers

heeft er dezen zomer het antwoord op

gegeven. Het betrof hier een provincie-blad,

dat kans gezien had door zijn

(inmiddels ontslagen) directeur maanden

lang papier te ontvangen voor een

oplage, die eenige tienduizenden nummers

hooger lag dan in werkelijkheid

het geval was. Waar dat papier bleef

bij een blad, dat zich overigens aan

de regels voor het aantal pagina's per

week hield, mag men raden. Het zou

evenzeer onderhoudend zijn te raden

naar de sanctie, die de NDP toepaste

maar men zal die nooit raden, zoolang

men blijft gelooven aan het ongewenschte

van het stellen van weinig

minder dan een premie op het overtreden

van voorschriften.

De bladen krijgen boven hun oplaag

tien procent daarvan voor uitschiet.

Het blad-in-overtreding zag dit voordeel

van vele maanden gehonoreerd

met... slechts vijf procent uitschiettoeslag

gedurende een maand.

Das Fettchen Papier... S. Z.

Uit de kranten:

De Eastman Kodak Company

heeft in Amerika geëxperimenteerd

met een fototoestel, dat

niet alleen foto's maakt, maar ze

ook ontwikkelt en projecteert

binnen de 15 seconden. Het toestel

werd vertoond op een vergadering

van hoofdredacteuren in

New York. Zij werden bij de ingang

gefotografeerd met 1/10.000

seconde en nog vóór zij op hun

stoelen zaten, zagen zij hun aankomst

op het witte doek geprojecteerd.


vertegenwoordigen, zullen haar taak in het verband van de

Federatie gezamenlijk vervullen. Daartoe wordt een gemeenschappelijk

bestuur gekozen, waarvan de samenstelling wordt

geregeld in een door den Federatieraad vast te stellen reglement

en waarvan de leden in bij dit reglement vastgestelde verhouding

worden aangewezen door de secties van den N.K.J. en den

K.N.J.K. elk.

Het bepaalde in de vorige alinea geldt eveneens de samenwerking

tusschen de secties hoofdredacteuren van den N.J.K. en

den K.N.J.K., die gezamenlijk, zoowel naar buiten als tusschen

de leden onderling die algemeene belangen van de Nederlandsche

pers zullen behartigen, waarbij de redactioneele leiding

der dagbladen of persbureuax rechtstreeks is betrokken. De

door den Federatieraad vast te stellen reglementen zullen zooveel

mogelijk aansluiten bij de reglementen welke de N.J.K. en

de K.N.J.K. voor hun afzonderlijke secties hebben vastgesteld.

AFDEELINGEN.

Art. 12. De afdeelingen van den N.J.K. en den K.N.J.K. die een

zelfde of nagenoeg hetzelfde gebied bestrijken zullen in het

verband der Federatie haar taak gezamenlijk vervullen. Daartoe

wordt een gemeenschappelijk bestuur gekozen, waarvan de

samenstelling wordt geregeld in een door den Federatieraad

vast te stellen reglement en waarvan de leden in een bij dat

reglement vastgestelde verhouding zullen worden aangewezen

door de betrokken afdeelingen van den N.J.K. en den K.N.J.K.

elk.

Indien daaraan behoefte blijkt te bestaan kunnen in bepaalde

plaatsen afzonderlijke representatiecommissies worden ingesteld,

waarvan de samenstelling, gehoord de besturen van de

betrokken afdeelingen van den N.J.K. en den K.N.J.K., wordt geregeld

in een door den Federatieraad vast te stellen reglement

en waarvan de leden in een bij' dat reglement vastgestelde verhouding

worden aangewezen door de betrokken afdeelingen

van den N.J.K. en den K.N.J.K. elk, op aanbeveling van tenminste

vijf leden van deze vereenigingen, die werkzaam zijn in het

gebied van de ingestelde commissies.

COMMISSIE VOOR INTERNATIONAAL VERKEER.

Art. 13. De Federatie stelt in een commissie voor internationaal

verkeer, bestaande uit den voorzitter van de Federatie, twee

leden vart den N.J.K. en twee leden van den K.N.J.K.; als secretaris

treedt de secretaris van de Federatie op.

Deze commissie heeft tot taak het onderhouden van het contact

met de internationale organisatie van journalisten, waarbij

de Federatie is aangesloten, alsmede het voorbereiden van

de bijwoning der door deze internationale organisaties te houden

vergaderingen en congressen en van de door de Federatie in

te dienen voorstellen.

Zij brengt ten minste eenmaal per jaar verslag van haar werkzaamheden

aan den Federatieraad uit.

De aanwijzing van een lid in de executieve van de internationale

organisatie van journalisten geschiedt door den Federatieraad.

ORGANEN.

Art. 14. De door den N.J.K. en den K.N.J.K. uit te geven organen

zullen zoowel redactioneel als technisch zooveel mogelijk in

onderling overleg worden samengesteld. Met volledig voorbehoud

van de onafhankelijkheid der beide redacties, zijn deze bevoegd

aan den inhoud van elkanders organen al die artikelen, verslagen

en berichten te ontleenen, die zij voor opneming in hun

eigen orgaan geschikt achten. Ter bevordering van de redactioneele

samenwerking wordt een commissie ingesteld, bestaande

uit den secretaris van de Federatie, twee leden, aan te wijzen

door den N.J.K., en twee leden, aan te wijzen door den K.N.J.K.

Elke vereenigirig draagt de kosten van haar eigen orgaan, met

dien verstande dat de zetkosten van het gemeenschappelijk ge-

ALLERLEI OFFICIEELS

(

>

Verplichtingen

De door de oprichtingsvergadering van den

K.N.J.K. vastgestelde contributie van 1 pet.

van het salaris heeft onder sommige leden

en ook onder enkele collega's die nog geen

lid zijn, maar het behooren te worden, de

klacht doen opgaan, dat deze contributie te

hoog is. Er zijn inderdaad collega's, die zich

door deze contributie hebben laten weerhouden

om toe te treden tot den K.N.J.K. Er

zijn er anderen, die reeds lid zijn, maar die

achteraf bezwaren maken tegen het voldoen

van de contributie.

Het moet den weerstrevenden leden in de

eerste plaats duidelijk zijn, dat het bestuur

op dit moment met deze bezwaren geen rekening

kan houden en er ook geen rekening

mee mag houden. De contributie is door de

ledenvergadering vastgesteld. Het is de plicht

van het bestuur, dit besluit uit te voeren.

Bovendien zijn er op de oprichtingsvergadering

geen ernstige bezwaren tegen het contributie-percentage

vernomen.

Dit bewijst, dat er een groot aantal leden

is, dat het nut en de fundamenteele noodzakelijkheid

van een krachtige journalistenvereeniging,

die in staat is om te werken en

daden te verrichten, ten volle beseft. Het bewijst

tevens, dat een meerderheid zich helder

voor oogen heeft staan de groote en belangrijke

taken, die de journalistenverenigingen

in dezen tijd en in de komende jaren hebben

te verrichten.

Het aangaan van een collectieve arbeidsovereenkomst,

het oprichten en doen f unctionneeren

van een tuchtrechtspraak, het inrichten

van de opleiding tot de journalistiek, het

zijn geen kleine verplichtingen, die de journalistenverenigingen

op zich genomen hebben.

Het zijn ook geen geringe doeleinden, die

zij nastreven in het belang van eigen positie

der journalisten en hun gezinnen, maar evenzeer

ook in het belang van ons vak, waarvoor

nu de kans gegeven is om het eindelijk gezond

te maken en het 't aanzien te verschaffen,

dat het bitter noodig heeft.

Wat voor den oorlog nooit mogelijk is geweest,

ligt thans binnen ons onmiddellijk bereik.

Er kan thans een innige samenwerking

tusschen alle journalisten van Nederland bewerkt

worden, een samenwerking, die ons op

één lijn zal brengen tegenover de vele problemen,

die om oplossing vragen. Maar daarvoor

is het noodig, dat de katholieke journalisten,

die een zoo belangrijke groep uitmaken,

ook met al hun kracht aan het werk

meedoen. Een zwakke en onmachtige K.N.J.K.

bederft niet alleen onze eigen kansen, hij is

ook schadelijk voor de kracht, die er van de

geheele journalistenbeweging behoort uit te

gaan. Hij zou het heele werk verlammen.

Dit is het, wat er op het spel staat. Wie

zich laat leiden door de inderdaad niet overmatig

bemoedigende ervaringen van voor-oorlogsche

jaren, lijdt aan een ernstige misvatting

en onderschatting van de situatie. De

omstandigheden waren toen inderdaad zeer

ongunstig. Thans echter zijn ze gunstig.

Thans moeten wij dan ook de consequentie

trekken uit het feit, dat wij met dit verleden

gebroken hebben, en moeten wij den

moed opbrengen om opnieuw te beginnen en

het offer, dat dit van ons vraagt, bij te

dragen.


deelte van den inhoud van beide organen over de beide vereenigingen

wordt verdeeld in dezelfde verhouding, waarin over he

ko mS e n arSTt d e ^ Van h6t Fe ^raSebur a e o^eeï-

S h t Van de verenigingen werden ge-

TUCHTRECHTSPRAAK.

Art. 15 Het toezicht op de naleving van de in artikel 13 van

de statuten van den N.J.K. en van den K.N.J.K. omschreven

verplichting wordt opgedragen aan een Raad van Tucht Te

staande uit een Journalist N.J.K. en een JournaSS S ? K en

drie onafhankelijke leden onder wie een voorzitter-juris?'

De leden van den Raad van Tucht, en de secretaris die jurist

moet Zljn, alsmede hun plaatsvervangers, worden v^or den t?d

orgarfen ^ SS^?**"* f** Feder ^raad van de statuaïe

organen van den N.J.K. en den K.N.J.K.

zich sLintT J 1 1 8 * N 'i- K of een Journalist K.N.J.K., die

zich schuldig maakt aan een handeling of een gedrasine welke

s^T£l e lTï en St r d . der Ne ^rlandscS joSaSn

toepassend Van UCht 6en der Volgende maatregelen

Ie. waarschuwing;

2e. berisping;

l ^ T S ^ T ^ o Z T u T l ^ ^ ais lid der vereeni-

d'beïokSelid'is 11 ^ ledeiÜiJSt Van de *""****. waarvan

De Raad van Tucht kan besluiten, dat zijn beslissing in dier

voege bekend wordt gemaakt als hij' in het belang van de journalistiek

wenschelijk oordeelt.

J

Bij een door den Federatieraad vast te stellen tuchtreglement

worden geregeld de wijze van indiening van klachten oroTes

r:rt en i3 al vrn at dr, r f e t r r het toezicht ° p de n "-s «

in art. 13 van de statuten van den N.J.K. en den KNJK om

schreven verplichting door den Raad van Tucït bevordeSjkTs.

tnt'J 7 ' Aan ï et oordeel v an den Raad van Tucht kunnen geschillen,

waarbij journalisten N.J.K. of journalisten KNJK

d e e r n Z o a ndP V r ** Uitoeï J^ n h beroeo zijn ïetSken woï

v!n Z 7° V ? en ' mdien partijen daartoe h un toestemming ge-

2 * d f S L n g r h H lei J; niet ln der mlnne ^gelegd dS gesust

de Raad. Onder de hierbedoelde geschillen ziin beerener,

die tusschen journalisten en uitgevers van dagbladen Seuwï

b aden of tijdschriften of ondernemers van persbureaux met

iT^^TLTr"^^ Welke de aSs^TwaTrbetrokken

^irniH«t besllssm S * an de Raad van Tucht aan den

wïgt k ariikr0Sgen en ^ maatregelen ' g — d in het

WIJZIGING EN ONTBINDING.

Art. 18. Tot wijziging van deze statuten is het besluit noodie

van de algemeene vergadering van den N.J.K. en de 'van de?

K.N.JK, welke besluiten moeten voldoen aan de vereiJchten

SaSap^r S TS^^J^^^^ £

besluit moet voldoen aan de vereischten, omschrevenin het

dIn e S.re d n e Sn V S e jK d ^ """ 26 * " ^

SSSS ££SS S^ÏÏn in werking alvorens daa -

NA ONTBINDING.

Art 19. In geval van ontbinding geschiedt de vereffening met

Het bestuur is intusschen zeer wel overtuigd

van de betrekkelijke zwaarte van dit

offer, en het overweegt dan ook middelen

om de contributie in progressiviteit te heffen

waardoor de lasten meer evenredig over

ieders draagkracht verdeeld worden. De contributie

werd voor dit eerste jaar slechts

vastgesteld volgens een globale schatting Zij

moest daarom ongedifferentieerd zijn de na

dere uitkomsten moesten leeren in hoeverre

differentiatie gewenscht en mogelijk was Het

kan geenszins de bedoeling van het bestuur

zijn de leden zoo zwaar mogelijk te belaster

doch het bestuur moet wel vasthouden aan

den eisch, dat zij binnen redelijke grenzen

zullen presteeren wat noodzakelijk is om de

taak, die de K.N.J.K. zich heeft gesteld te

kunnen vervullen.

Voor het overige mogen die collega's die

nog niet zijn toegetreden, bedenken, dat verlaging

der lasten eerder mogelijk wordt naarmate

het ledental grooter is. Door niet toe

te treden als lid veroorzaken zij automatisch

de noodzaak voor andere collega's, hoogere

lasten te aanvaarden in het belang van werk

dat mede voor hen wordt gedaan.

Het bestuur doet een beroep op de leden

die nu reeds neiging toonen om „achterstallig"

te worden, hun contributie op tijd te voldoen

en het rekent erop, dat het in de komende

ledenvergadering zal kunnen verklaren dat

de K.N.J.K, voltallig is

Afdeeling Utrecht

Zaterdag 5 October kwamen de TJtrechtsche

journalisten bijeen en uitten o.m. eenige wenschen

ten aanzien van de nieuwe collectieve

arbeidsovereenkomst, waarover de onderhandelingen

gaande zijn. College Wilbrink heeft

den- wnd. secretaris van den K.N.J.K hiervan

mondeling op de hoogte gesteld. In plaats van

collega Van Spanje werd college Chr Huygens

tot penningmeester gekozen. Vervolgen*

werden met de collega's, georganiseerd in den

N.J.K., verschillende misstanden, welke in

Utrecht bestaan, besproken.

In een enkele dagen daarna gehouden bespreking

der gezamenlijke besturen, werden

gemengde commissies benoemd, die zullen

trachten tot meer geordende toestanden te

komen, voor wat betreft het aantal persconferenties

en de in omloop zijnde perskaarten

Ook werd het vraagstuk van het optreden der

jongere collega's uitvoerig behandeld Er za'

een handleiding worden samengesteld, waarin

rechten, plichten en usances zoo nauwkeurig

mogelijk zullen worden omschreven.

A. DE GRAAF, secretaris.

Een primeur en de gevolgen

Naar Reuter 12 October uit Berlijn

seinde, hadden de geallieerde correspondenten

aldaar besloten den Franschen

autoriteiten om volledige inlichtingen

omtrent de uitzetting uit

Duitschland van den correspondent

van Agence France Press, Jacques Souvairan

— die het eerst het nieuws van

het verwerpen der verzoeken om gratie

van de door het Neurenbergsch tribunaal

veroordeelde nazi's doorgaf — te

vragen.

9


inachtneming van het bepaalde in art 1702 van het Burgerlijk

Wetboek, terwijl na kwijting van alle schulden, het overblijvende

vermogen wordt verdeeld onder den N.J.K. en den K.N.J.K.

in verhouding tot de aantallen leden van elk der vereenigingen,

zoals die laatstelijk op grond van artikel 8 van dit reglement is

vastgesteld.

NIET GEREGELDE ONDERWERPEN.

Art. 20. In die onderwerpen, waarin dit reglement niet voorziet,

kan bij besluit van den Federatieraad worden beslist. Zulk een

toesluit wordt geacht niet te zijn aangenomen, indien alle in de

vergadering aanwezige leden, behoorende tot den N.J.K. of tot

den K.N.J.K., hun stem tegen een desbetreffend voorstel uitbrengen

.

Ontwerp :

REGLEMENT

voor de aideelingen van den Kath. Nederl. Journalisten-Kring.

Art. 1. De afdeeling van den Kath. Ned.

Journalisten-Kring draagt den naam: „ ", afdeeling

van den Kath. Ned. Journalisten-Kring".

Zij is onderworpen aan de bepalingen van de statuten en het

huishoudelijk reglement van den Kring en van het reglement

van de Federatie van Nederlandsche Journalisten.

Art. 2. Behalve de algemeene journalistenbelang en, als omschreven

in de statuten van den Kring, behartigt zij de belangen

van de journalistiek en van haar leden in haar rayon, dat

zich uitstrekt over (de provincie )

Art. 3. Leden en adspirant-leden van den K.N.J.K., werkzaam

binnen het rayon dezer afdeeling, zijn automatisch lid der afdeeling,

verder kunnen zich bij haar aansluiten de buitengewone

leden, in haar rayon werkzaam geweest zijnde, dan wel, voor

zoover het gepensionneerden betreft, in haar rayon woonachtig,

De eere-leden van den K.N.J.K., in haar rayon woonachtig, genieten

dezelfde rechten als haar leden.

Behalve de vier genoemde categorieën kent de afdeeling ook

leden van verdienste. Deze worden benoemd door de algemeene

vergadering, op voordracht van het bestuur of van tenminste

vijf leden, op grond van hun verdiensten jegens de afdeeling

of jegens de journalistiek in het rayon van de afdeeling in het

algemeen.

De benoeming tot lid van verdienste kan ook posthuum geschieden.

Art. 4. Het lidmaatschap eindigt, zoodra de betrokkene zijn

werkkring verplaatst naar het rayon eener andere afdeeling, of

wanneer hij ophoudt lid van den K.N.J.K. te zijn.

Leden van verdienste kunnen op grond van een besluit van de

algemeene vergadering ontslagen worden, indien zij zich naar

het oordeel der vergadering tegenover de af deelingen misdragen

hebben, dan wel den goeden naam van de afdeeling naar buiten

hebben geschaad.

Art. 5. Het bestuur der afdeeling wordt door de algemeene

vergadering gekozen, en bestaat uit een voorzitter, en tenminste

vier leden. De voorzitter wordt als zoodanig door de vergadering

aangewezen. Het bestuur wijst zelf uit zijn midden een

secretaris, een penningmeester, een onder-voorzitter en eventueele

andere functionarissen aan. Eventueel kunnen bepaalde

functies gecombineerd worden. De voorzitter vormt met den

secretaris en een derde bestuurslid het dagelij ksch bestuur.

10

r

L NA ZES JAAR J

Wij zullen niet vergeten

16 November 1940.

De heer Pantie verzoekt buitenlandsche

persstemmen over de reis van

Molotov (naar Duitschland?) slechts

op de tweede pagina, in ieder geval

niet al te opvallend te plaatsen en alleen

de lezing van het D.N.B, te

nemen.

20 November 1940.

Verslagen van rechtszaken, waarbij

politieken partijen, bewegingen of

overtuigingen betrokken zijn, mogen

alleen worden gepubliceerd na goedkeuring

van de persafdeeling van het

Rijkscommissariaat, Kneuterdijk 20,

Den Haag.

22 November 1940

Over ontslag van Joodsche ambtenaren

mag niets worden gemeld, voordat

daaromtrent een officieel communiqué

is verschenen.

26 November 1940

Over demonstraties en moeilijkheden

van anderen aard, welke aan de Technische

hoogeschool of aan andere hoogescholen

en universiteiten hebben

plaats gevonden, mag niets worden

gemeld.

En nu: Vi/'/ jaar geleden

4 November 1941

In het vervolg mag in de verslagen

der sportevenementen geen mededeeling

meer worden gedaan omtrent de

weersgesteldheid.

8 November 1941

De Presse-Abteilung deelt mede, dat

het vanaf heden niet meer veroorloofd

is, over „Nederlandsen Indië" te

schrijven, noch in politieken, noch in

cultureelen zin.

13 November 1941

De Presse-Ableitung deelt mede, dat

het niet gewenscht is om zich sterk

met Afrikaansche mogelijkheden bezig

te houden.

17 November 1941

Het Departement van Volksvoorlichting

en Kunsten deelt het volgende

mede: in verband met de papierschaarschte

kunnen de dag- en nieuwsbladen

volstaan met één controleexemplaar

te zenden en niet zooals

tot nu toe, 2 of 3 exemplaren.

20 November 1941

Het Alg. Handelsblad van gisterenavond

bevatte een artikel „Nederland

wil niet vechten voor Engeland". De

Presse-Abteilung deelt mede, dat alle

bladen verplicht zijn, dit artikel woordelijk

over te nemen en er een goede

plaats aan te geven.

26 November 1941

In de dagelijksche persconferentie

heeft de heer Funke verklaard, hoogst

teleurgesteld te zijn over de wijze,

waarop de bladen de gebeurtenissen in

Suriname behandeld hebben. Spr.

meende, dat het gaat om een duidelijke

roof door de clique van Roosevelt.

Vrijwel ieder blad verschuilt zich

achter onschuldige, nietszeggende gemeenplaatsen.

(Deze rubriek wordt voortgezet.)


De benoeming der bestuursleden geschiedt bij meerderheid van

stemmen.

Art. 6. De jaarlijksche algemeene vergadering wordt bij voorkeur

gehouden kort voor de jaarlijksche algemeene vergadering

van den Kring, zoodat het mogelijk is op deze vergadering ook

de agenda voor de Kringvergadering te behandelen.

Het bestuur is verplicht telkenmale, voordat er een algemeene

Kringvergadering bijeenkomt, de af deeling bijeen te roepen teneinde

haar in de gelegenheid te stellen de agenda van de Kringvergadering

te behandelen.

Voorts kan het bestuur, zoo vaak het zulks noodig oordeelt de

leden m een vergadering bijeenroepen. Zulks moet geschieden

indien tenminste vijf leden daartoe een verzoek hebben

ingediend. Een dergelijk verzoek moet met opgave van redenen

gepaard gaan.

Art. 7. Voorstellen voor de vergadering moeten tenminste zeven

dagen tevoren bij den secretaris worden ingediend, en door

tenminste drie leden der afdeeling zijn onderteekend. Spoedeischende

voorstellen kunnen staande de vergadering worden ingediend.

De vergadering beslist of zij in behandeling zullen

worden genomen.

Art. 8. Op de vergadering mag een lid zonder toestemming der

vergadering over hetzelfde onderwerp niet meer dan twee

maal het woord voeren. De voorzitter en de indiener of eerste

neven r **°' ^ V0OTStel zljn van deze beperking ont-

Art. 9. Voor de stemmingen op de vergaderingen gelden dezelfde

regelen als vastgelegd in het huishoudelijk reglement van

den K.N.J.K. Alleen gewone leden hebben stemrecht. De overige

leden hebben wel het recht aan de besprekingen deel te nemen.

Art. 10. aHet bestuur Wiegt de algemeene vergaderingen Het

schrijft tenminste eenmaal per jaar een vergadering uit, waarop

de bestuursleden gekozen worden. De vergadering stelt een rooster

van aftreding der bestuursleden vast in dien zin, dat de

zittingsduur van de bestuursleden, de drie jaar niet te boven

gaat. Voor de eerste maal wordt een bestuur gekozen dat in

zijn geheel na een jaar aftreedt. De daaropvolgende bestuursverkiezing

geschiedt volgens het inmiddels vastgestelde rooster

Behalve voor de verschillende categorieën leden zijn de algemeene

vergaderingen als regel ook toegankelijk voor leden van

den N.J.K., welke op de vergadering een adviserende stem

kunnen uitbrengen.

In bijzondere gevallen kan het bestuur voorstellen van dezen

regel af te wijken.

i rt Ji'

I f ldien de afdeelin g op grond van het reglement voor

de Federatie van Nederlandsche Journalisten samenwerkt met

een afdeeling van den N.J.K. zullen de voorzitter en een of

meer door de vergadering aan te wijzen bestuursleden deel uitmaken

van het bestuur van de afdeelingsfederatie.

Art. 12. De jaarlijksche algemeene vergadering als bedoeld in

art. 6 moet ten minste drie weken tevoren worden afgekondigd

S ? r °l P ! an dPie leden heeft het recht kandidaten te stellen

voor de bestuursverkiezing. De namen der candidaten moeten

ten minste tien dagen voor de vergadering aan den secretaris

zijn medegedeeld, die hen vermeldt op een nadere convocatie

Jonden 6 " WMk V °° r d6 vergadering aan de le den wordt toege-

Art. 13. Behalve de bestuursverkiezing behandelt de jaarlijksche

algemeene vergadering ook het jaarverslag van den secretaris

en de rekening en verantwoording van den penningmeester.

Voorg benoemt zrj de leden en plaatsvervangende leden van

Archivalia

(Enkele data uit de geschiedenis van den

K.N.J.K.)

30 September: Onder de 25 groote katholieke

organisaties, die den Raad van Toezicht

zullen vormen van de stichting .Katholiek

Thuisfront", behoort ook de Kath. Ned.

Journalistenkring.

Het bestuur besluit tot uitbreiding van de

commissie voor de vakopleiding, in den zin

van een coördinatie-commissie.

2 October: Het eerste nummer van ons

orgaan verschijnt bij de leden. Exemplaren

ter kennismaking zijn verzonden aan de dagblad-directies,

aan kerkelijke en wereldlijke

autoriteiten.

4 October: Een nieuw rondschrijven van

het secretariaat blijkt noodig te ziin, om het

definitief oprichten van afdeeling'en te stimuleeren.

7 October: De eerste contributie-kwitanties

worden aangeboden. Het gaat voor één keer

om een termijn van vier maanden; daarna

zal maandelijks worden gedisponeerd. Niet

alle leden waren ons bestuur ter wille.

15 October: Tezamen met de Nederlandsche

Dagbladpers is een Contactcommissie

gevormd, die reeds in haar eerste bijeenkomst

belangrijke besluiten nam (men zie

elders in dit nummer).

24 October: In de bestuursvergadering werd

uitvoerig besproken de agenda voor de

komende jaarlijksche vergadering der leden.

Uitvoerig werd gesproken over een mogelijk

nieuwe contributieregeling.

Adresveranderingen

Sedert de samenstelling van het eerste

orgaannummer, werden op het secretariaat

de volgende adreswijzigingen ontvangen:

P. Snijdewind, Sumatralaan 179, Apeldoorn;

van A.N.P. naar Gelderlander-pers.

H. H. J. van Reuth, redacteur Gelderlaader-pers;

van Rijswijk naar Eindhoven, Aalsterweg

169.

A. Elias, redacteur Christofoor, thans De

( Tijd, Den Haag, Sneeuwbalstraat 44.

J.N.A.Meerterburrie, redacteur Utrechtsch

Katholiek Dagblad, Zaagmolenkade 17 bis

Utrecht.

A. A. M. Oremus, thans redacteur Het Binnenhof,

Distelvinkenplein 8, Den Haag.

A. L. R. Welling, redacteur Utrechtsch

Katholiek Dagblad, thans Veemarktplein 12

Utrecht.

Aan ons bureau, Stationsstraat 10 te

Utrecht, sture men onverwijld adreswijzigingen

toe. Dat is dringend noodig voor 'n goed

functionneeren van vereenigingszaken en voor

de verzending van het orgaan.

Enkele correcties

In het eerste nummer van ons orgaan

moeten" enkele correcties worden aangebracht.

Waarom zou het bij ons anders zijn

dan bij de krant?

Bldz. 5 onder het kopje „Afdeelingen" is

weggevallen de regel, behelzende, dat sommige

van de genoemde collega's nog slechts

contactmannen zijn.

Bldz. 16. De minimum-prijs van advertenties

in ons orgaan is niet 15, maar 25 cent

per regel.

Met de spellings-wijze kwamen wii niet op

voet van vrede. Men zal voorloopig" nog de

kopij gedrukt zien in de spelling, waarin zij

werd geschreven. Wanneer straks het algemeen

consigne voor de pers zal leiden tot de

nieuwe spelling, zijn wij van de partij.

11


Art. 14. Het bestuur is bevoegd, behoudens zijn verantwoordelijkheid

tegenover de vergadering, in dringende en onvoorziene gevallen

zelfstandig op te treden, ter behartiging van de algemeene

belangen der leden, en de afdeeling te vertegenwoordigen,

waar en wanneer dit naar zijn oordeel nbodig is. Het kan

deze vertegenwoordiging ook aan een der leden opdragen.

Art. 15. De secretaris houdt de notulen der vergaderingen. Deze

moeten de namen bevatten der aanwezige leden en een korten

inhoud der ingekomen stukken en der genomen besluiten. Hij

brengt op de jaarvergadering verslag uit over de werkzaamheden

der afdeeling in het afgeloopen jaar.

Art. 16. De algemeene vergadering wijst telkenjare twee leden

en twee plaatsvervangende leden aan voor den Kringraad. Een

lid en een plv. lid dienen lid te zijn van het bestuur der afdeeling.

Art. 17. De afdeeling bestrijdt haar onkosten uit het aandeel,

dat haar uit de Kringkas wordt toegewezen. De penningmeester

stelt telkenjare een begrooting op, welke na goedkeuring door de

algemeene vergadering bij den penningmeester van den Kring

wordt ingediend. Ook legt hij rekening en verantwoording af

van zrjh beheer aan de algemeene vergadering. Zijn rekening

wordt na goedkeuring aan het Kringbestuur overgelegd.

Voor bijzondere gevallen kan de afdeeling aan het Kringbestuur

een subsidie aanvragen boven het haar uit de Kringkas toekomende

aandeel in de contributie.

Art. 18. Dit reglement behoeft de goedkeuring van het bestuur

van den K.N.J.K. Het kan ten allen tijde door de vergadering

gewijzigd worden. Deze wijzigingen worden eerst van kracht

na goedkeuring door het bestuur van den K.N.J.K.

Art. 19. In gevallen, waarin dit reglement niet voorziet, beslist

het bestuur, behoudens bekrachtiging van zijn besluit door de

vergadering.

12

. Aldus vastgesteld op de algemeene vergadering

van:

A ct>c V| *

& ecretssri^nst:

Nog niet alle collega's van Uw

blad sloten zich aan bij den

K.N.J.K. Beweegt hen zich

spoedig te melden. Dat kan

hun slechts ten voordeel zijn.

Stationsstraat 10

UTRECHT

Wie zich geroepen acht, voor

de redactie van zijn krant contactman

te zijn ten bate van

het bestuur van den Kath. Ned.

Journalistenkring, wende zich

tot het secretariaat: Stationsstraat

10, Utrecht. Tot dusverre

liep het geenszins storm!

Leden, die van redactie- en/of

huisadres veranderen, wordt

verzocht daarvan zoo spoedig

mogelijk kennis te geven.

Royaal papierverbruik

Het royale papiergebruik van Elsevier's

Weekblad, waarover het Kamerlid

Thomassen vragen aan minister

Huysman gericht heeft, is voor „Vrij

Nederland" aanleiding geweest eveneens

plannen voor uitbreiding bekend

te maken. Ditmaal echter is er met

een meerderheid, die in de overige gevallen

steeds achterwege is - gebleven,

van overheidswege gereageerd. De redactie

schreef naar aanleiding daarvan

in het nummer van 19 October 1946:

„Op last van den Minister van Economische

Zaken verschijnt ons blad

met ingang van de volgende week op

het formaat en in de omvang, door de

Persraad voorgeschreven.

Ons is medegedeeld, dat een goede

papiervoorziening eist, dat KSj overtreding

van de door dit college gestelde

regelen de papiertoewijzing en de verwerkingsvergunning,

welke op ons blad

betrekking hebben, worden ingetrok-

,ken.

Intussen zullen besprekingen gevoerd

worden met de Persraad, teneinde tot

een verhoging der voor deze categorie

periodieken gestelde normen te geraken."

„De Minister verplicht ons bovenstaande

verklaring op te nemen. Wij

zijn verheugd, dat de Overheid thans

eindelijk (nadat veel onherstelbaar onrecht

door haar maandenlang werd

toegelaten) van plan blijkt de regeling

van de weekbladpers met kracht door

te zetten. Wij hebben daar onzerzijds

reeds land voor gepleit. *

We merken echter op, dat ons geen

wetsregel bekend is, die ons verplicht

een door den Minister van Economische

Zaken opgestelde verklaring op te

nemen. De persraad kan zulks wel gelasten,

maar deed het niet."

EXTRA ABONNEMENTEN

op het maandblad „De Katholieke

Journalist" (ook voor niet

leden) f 5.— per jaar.

ADVERTENTIES

tegen een minimum prijs van

25 cent per regel. (Advertenties

mogen alleen zijn van en voor

journalisten).

KV. OC AftKtOCRSPEt* • AUSTEAOAM

More magazines by this user
Similar magazines