publicatie downloaden - Erfgoed Utrecht
publicatie downloaden - Erfgoed Utrecht
publicatie downloaden - Erfgoed Utrecht
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4
i n h o u d<br />
11 Lieu<br />
<strong>Utrecht</strong> online<br />
26 Heemschut<br />
de mémoire<br />
Monumentopname van...<br />
colofon<br />
Kikkers en slangen<br />
16<br />
aktief<br />
Verdedigingswerken<br />
31<br />
8<br />
Kerk te Vreeland<br />
Interview met Ingrid den Daas<br />
Nieuwe boeken<br />
4<br />
21 Het<br />
32<br />
12<br />
<strong>Utrecht</strong>s Archief<br />
28<br />
gm kwadraat is een uitgave van <strong>Erfgoed</strong>huis <strong>Utrecht</strong>, Het <strong>Utrecht</strong>s Archief, de Provinciale Commissie <strong>Utrecht</strong> van de Bond Heemschut en de sec-<br />
ties Cultuurhistorie en Monumenten van de gemeente <strong>Utrecht</strong> en verschijnt 4x per jaar. Het <strong>Utrecht</strong>s Archief Contactpersoon: Nettie Stoppelenburg,<br />
Alexander Numankade 199-201, 3572 KW <strong>Utrecht</strong>, tel. 030-2866611 Provinciale Commissie <strong>Utrecht</strong> Bond Heemschut Contactpersoon: Hein<br />
Kuiper, Mijzijde 49, 3471 GP Kamerik, tel. 0348-401435 Secties Cultuurhistorie en Monumenten van de gemeente <strong>Utrecht</strong> Contactpersoon:<br />
René de Kam, Cultuurhistorie gemeente <strong>Utrecht</strong>, Zwaansteeg 11, 3511 VG <strong>Utrecht</strong>, tel. 030-2863990 Redactie Edwin Maes, Fred Vogelzang en<br />
Jacquelien Vroemen Redactie-adres Herenstraat 28, 3512 KD <strong>Utrecht</strong> Telefoon 030-2343880 Fax 030-2328624 E-mail fsce@erfgoed-utrecht.nl<br />
Internet www.erfgoed-utrecht.nl Grafisch ontwerp Ontwerpkantoor Rotterdam, Marjorie Specht Druk PlantijnCasparie <strong>Utrecht</strong> ISSN 1571-442X<br />
A f b e e l d i n g o m s l a g : P o r t r e t v a n P e t r u s v a n O o s t h u i j s e , d o o r J . J . L o o s e , 1 8 1 0 .<br />
Traditiegetrouw komt het herfstnummer van G M 2 uit vlak voor Open Monumentendag en<br />
daarom besteden we uiteraard veel aandacht aan het thema van dit jaar, verdedigingswer-<br />
ken. Dit najaar staan meer spannende gebeurtenissen op de agenda: de officiële opening<br />
van de Collectie <strong>Utrecht</strong>, het digitale museum van onze provincie, een paar maanden later<br />
gevolgd door de start van de portal <strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> On line. De zomer, met veel ‘technisch<br />
weer’, biedt de archeologen gelegenheid om het bodemarchief te bestuderen, al wordt er<br />
in onze provincie zoveel gebouwd dat ze het werk nauwelijks kunnen bijbenen. Waartoe al<br />
dat noodgedwongen gegraaf kan leiden leest u in de bijdrage van Herre Wynia. Zomer is<br />
ook de tijd van het Kerken Kijken: een vrijwilliger biedt een kijkje in de keuken, om het<br />
in een wat ongelukkige beeldspraak te vatten.<br />
Maar in de zomer bent u natuurlijk zelf ook veel op pad geweest, om elders cultureel erf-<br />
goed te bezoeken. Dat heeft u misschien op ideeën gebracht over uw eigen lokaal erfgoed.<br />
Het eigen erfgoed te bezien in contrast met wat u ergens anders hebt gezien, geeft soms<br />
aanleiding om met andere ogen naar het vertrouwde te kijken. Welke vragen komen bij u<br />
op, wat voor inzichten kan erfgoed bieden? Die vragen stellen ook de toeristen. Welke vor-<br />
men geschikt zijn om hen de antwoorden te presenteren, hangt af van wat u aan wie zou<br />
willen vertellen. In de boekenrubriek wordt daarvoor een aardige handleiding besproken.<br />
Kortom, is voor onze massamedia de zomer komkommertijd, voor het cultureel erfgoed is<br />
het topdrukte! De redactie
E d w i n M a e s<br />
V i s i e k a a r t v a n d e<br />
C u l t u u r h i s t o r i s c h e<br />
H o o f d s t r u c t u u r.<br />
D e i n 174 5 a a n g e l e g d e A s s c h a t t e r k a d e ,<br />
o n d e r d e e l v a n d e G r e b b e l i n i e<br />
Verdedigingswerken in de provincie <strong>Utrecht</strong><br />
‘Merck<br />
toch hoe<br />
sterk’<br />
De Open Monumentendag, die plaats vindt in het weekend van 11 en 12 september, staat<br />
onder de titel ‘Merck toch hoe sterk’ dit jaar in het teken van verdediging. In de provincie<br />
<strong>Utrecht</strong> zal vooral aandacht worden besteed aan de Limes, de Nieuwe Hollandse Waterlinie<br />
en de Grebbelinie. Voor wie niet genoeg kan krijgen van verdedigingswerken is gedurende<br />
de hele maand september, tijdens de jaarlijkse fortenmaand, een groot aantal forten open-<br />
gesteld voor publiek.<br />
‘God heeft de wereld geschapen, behalve Nederland:<br />
dat hebben de Hollanders zelf gemaakt’, aldus een<br />
oude, van origine Franse, zegswijze. Water heeft in de<br />
geschiedenis van ons land altijd een grote rol gespeeld.<br />
De oudste overblijfselen van de bewoners van noor-<br />
delijk Nederland, de terpen en wierden, vertellen over<br />
de strijd met water. Het bestaande land moest worden<br />
verdedigd tegen hoog water en hier en daar won men<br />
nieuw land bij. Water was echter niet alleen een<br />
natuurlijke vijand, het was bij oorlogsdreiging en de<br />
nadering van vijandelijke invasielegers ook een wel-<br />
kome bondgenoot. De Romeinen gebruikten de Rijn,<br />
rond het jaar 50 voor Christus tot de vierde eeuw na<br />
Christus, als natuurlijke grens (Limes). Ook op klei-<br />
nere schaal bleef water in de daaropvolgende eeuwen<br />
als barrière tegen indringers fungeren: een sloot om<br />
een huis of een nederzetting, een gracht om een kas-<br />
teel of stad. Doordat men op het waterlandschap, met<br />
behulp van dijken, polders, molens, afwateringen,<br />
sluizen en ontginningen steeds meer greep kreeg,<br />
werd de eventuele toepassing van water als defensie-<br />
middel, steeds effectiever. Het doel van de waterlinie<br />
was om zoveel mogelijk het water het werk te laten<br />
doen. De militaire inspanningen konden zich dan con-<br />
centreren op de zwakke plekken in de linies, zoals de<br />
accessen: alle plaatsen waar de linie werd doorsneden<br />
door wegen, spoorlijnen, kanalen, rivieren en dijken.<br />
Hier werden versterkingen of forten gebouwd, zo<br />
nodig aangevuld met batterijen en andere kleinere<br />
werken. Het concept van een waterlinie voor onze<br />
landsverdediging ontstond aan het eind van de<br />
zestiende eeuw, tijdens de Opstand. Dit idee paste<br />
men op de valreep en met succes toe tijdens de<br />
Franse invasie van 1672. Zo groeide de toepassing van<br />
waterlinies uit tot een van de meest constante hoofd-<br />
elementen in de Nederlandse defensie. Op dit moment<br />
4 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 5
zijn in de provincie <strong>Utrecht</strong> nog restanten te zien<br />
van vier waterlinies: de Oude Hollandse Waterlinie,<br />
de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Stelling van<br />
Amsterdam en de Grebbelinie.<br />
Romeinse Limes<br />
Van de Romeinse Limes, een natuurlijke grens langs<br />
de Rijn die destijds langs <strong>Utrecht</strong> en Leiden liep en bij<br />
Katwijk in zee uitmondde, is bovengronds vrijwel niets<br />
meer te zien. De meeste resten bevinden zich nog<br />
ondergronds, zoals een grensweg, forten, kampdorpen,<br />
grafvelden en boerderijen. Behoud op de vindplaats,<br />
archeologen zeggen ‘in situ’, heeft tegenwoordig de<br />
voorkeur. Een grote bedreiging vormen nieuwbouw-<br />
plannen, waardoor eventuele kostbare schatten die in<br />
de grond zitten verloren kunnen gaan. Goede samen-<br />
werking en afstemming tussen gemeenten, project-<br />
ontwikkelaars en archeologen is dan ook noodzakelijk.<br />
In de VINEX-wijk Leidsche Rijn werden recent zeer<br />
spectaculaire vondsten gedaan: een weg, schepen en<br />
in november 2002 werden resten blootgelegd van een<br />
Romeins militair bouwwerk uit de eerste eeuw na<br />
Christus. De ontdekking van de wachttoren wierp<br />
nieuw licht op de bewaking van de Romeinse rijks-<br />
grens en trok veel bekijks vanuit publiek, media en<br />
politiek. De <strong>Utrecht</strong>se Limes staat weer in de belang-<br />
stelling van een brede groep van de bevolking, en dat<br />
is, naast onderzoek, een belangrijke basis voor het<br />
behoud van de Limes.<br />
<strong>Utrecht</strong>se bastions<br />
Verdedigingswerken kregen vaak letterlijk plaats in<br />
steden, waardoor ze eeuwenlang de mogelijkheid van<br />
stedelijke groei beperkten. Als antwoord op de nieuwe<br />
uitvinding, buskruit, ontstond in de vijftiende eeuw<br />
een vestingstelsel met bastions. Het bastion was een<br />
uitbouw van de muur, net als vroeger de toren, maar<br />
dan lager en in een sterk doorontwikkelde vorm. De<br />
bastions lagen op een regelmatige afstand van onge-<br />
veer 225 meter, wat overeenkwam met het bereik van<br />
een musketschot. De verdedigers konden vanaf het<br />
ene bastion nog net de belagers van het volgende<br />
bastion beschieten, en ook de tussenliggende wal<br />
bestrijken. Ook <strong>Utrecht</strong> kreeg in de zestiende eeuw<br />
ten tijde van Karel V zijn bastions. Bij de noordelijke<br />
toegang tot de Oudegracht kwam bastion Morgenster<br />
en aan de zuidzijde de bastions Sterrenburg, Manen-<br />
burg en Zonnenburg. De stadswallen snoerden de<br />
stad, naarmate deze groeide, steeds meer in en trok-<br />
ken een scherpe grens met het ommeland. Toen rond<br />
1830 de verouderde stadswallen werden geslecht,<br />
kreeg de (tuin)architect J.D. Zocher jr. de opdracht<br />
voor het aanlegen van een singelplantsoen. Enkele<br />
bastions bleven gedeeltelijk nog bewaard maar ver-<br />
dwenen soms letterlijk onder de puin. Tijdens recente-<br />
lijk archeologisch en bouwhistorisch onderzoek gaven<br />
zij hun geheimen prijs. Zo kwam bijvoorbeeld de oor-<br />
spronkelijke keien bestrating van Zonnenburg nog<br />
grotendeels intact te voorschijn. U kunt deze onder-<br />
meer tijdens de Open Monumentendag betreden en<br />
bewonderen.<br />
Nieuwe Hollandse Waterlinie<br />
Bijna 200 jaar geleden besloot Willem I de Nieuwe<br />
Hollandse Waterlinie te bouwen, een langgerekte<br />
verdedigingslinie van zeventig forten, batterijen en<br />
inundatieterreinen, die vanaf de Zuiderzee tot aan<br />
de Brabantse Biesbosch liep. Dankzij een ingenieus<br />
waterhuishoudkundig systeem kon zo binnen een<br />
kleine drie weken een strook land over een lengte van<br />
85 kilometer onder water worden gezet. De militaire<br />
functie van de Waterlinie had een duidelijke invloed<br />
op het omringende landschap. Zo mocht volgens de<br />
Kringwet uit 1853 in de schootsvelden niet of niet blij-<br />
vend worden gebouwd, afhankelijk van de afstand tot<br />
het fort. Door een veranderde manier van oorlogvoe-<br />
ren verloor de Waterlinie na de Tweede Wereldoorlog<br />
haar oorspronkelijke functie, met als gevolg dat het<br />
aanzien van de linie drastisch veranderde. Zo verrezen,<br />
nadat de Kringwet in 1951 werd opgeheven, in de<br />
schootsvelden van forten ten oosten van de stad<br />
<strong>Utrecht</strong> nieuwe stadswijken. Hoewel het merendeel<br />
van de forten intact bleef is er sindsdien geen sprake<br />
meer van een eenduidig beheer.<br />
De bouwwerken en terreinen zijn in handen van ver-<br />
schillende overheden en particulieren, en op enkele<br />
uitzonderingen na, gesloten voor het publiek.<br />
Verscholen in het groen, vaak verwaarloosd, dreigden<br />
deze ingenieuze waterwerken verloren te raken voor<br />
6 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 7<br />
Literatuur<br />
de toekomst.<br />
Inmiddels lijkt het tij zich ten positieve te keren.<br />
De forten en overige elementen van de linie worden<br />
erkend als voorbeelden van Nederlandse cultuur en<br />
landschappelijk erfgoed, en de Nieuwe Hollandse<br />
Waterlinie is in de nota Belvedere aangewezen als<br />
Nationaal Project. Op dit moment is een maatschappe-<br />
lijk debat gaande over de toekomst van de Waterlinie,<br />
waarin de vraag centraal staat hoe de hedendaagse<br />
ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming kan<br />
worden gebracht met de cultuurhistorische waarde<br />
en betekenis van de Waterlinie.<br />
Grebbelinie<br />
De Grebbelinie ligt op de overgang van de Heuvelrug<br />
naar de Gelderse Vallei en werd in de tweede helft van<br />
de achttiende eeuw aangelegd ter verdediging tegen<br />
f o t o ’s v a n l i n k s n a a r r e c h t s :<br />
H e t R o m e i n s e s c h i p d a t o m s t r e e k s h e t j a a r 1 8 0 m e t<br />
a l l e s e r o p e n e r a a n z o n k , w e r d i n 2 0 0 3 o p g e g r a v e n<br />
i n L e i d s c h e R i j n ( f o t o A B C ) , d a a r n a a s t : E e n l o o p g r a a f ,<br />
D e G r e b b e l i n i e , d a a r n a a s t : D e t e b e z i c h t i g e n b i n n e n p l a a t s<br />
v a n b a s t i o n Z o n n e n b u r g , d a a r n a a s t : D e G r e b b e l i n i e ,<br />
d a a r n a a s t : N i e u w e H o l l a n d s e Wa t e r l i n i e : Fo r t H o n s w i j k t e<br />
H o u t e n , d a a r o n d e r : N i e u w e H o l l a n d s e Wa t e r l i n i e : Fo r t t e<br />
L o e n e n<br />
de vijand uit het oosten. Vlak voor het uitbreken van<br />
de Tweede Wereldoorlog is de linie verbeterd met<br />
enige honderden betonkazematten en veldverster-<br />
kingen. Het is de enige verdedigingslinie waar in de<br />
meidagen van 1940 hevig is gevochten. Na opheffing<br />
als verdedigingslinie in 1951 zijn delen van de liniewal<br />
afgegraven, de aardwerken overwoekerd en de vele<br />
sluisjes en dergelijke vervallen geraakt. Hoewel nog<br />
vrijwel het samenhangende stelsel van dijken, aarden<br />
en betonnen verdedigingswerken en waterlopen met<br />
stuwen en sluizen compleet aanwezig is, is veel van<br />
de historische Grebbelinie niet meer als zodanig in<br />
het landschap zichtbaar. Aan de herkenbaarheid en<br />
de beleefbaarheid van deze linie wil de provincie veel<br />
doen. In dat kader zijn er allerlei activiteiten gepland<br />
voor 2005 in het kader van het 250-jarige bestaan van<br />
de Grebbelinie.<br />
Recente belangstelling<br />
Na lang een verborgen en bijna vergeten bestaan te<br />
hebben geleid staan onze verscheidene verdedigings-<br />
werken de laatste tijd weer volop in de belangstelling<br />
van het publiek. Deels door nieuwe vondsten en<br />
inzichten, belangstelling vanuit de politiek, de media,<br />
door talrijke <strong>publicatie</strong>s en nu dan ook als thema van<br />
de Open Monumentendag. De Stelling van Amsterdam,<br />
een verdedigingsgordel rond Amsterdam, is op de<br />
Werelderfgoedlijst geplaatst en de Nieuwe Hollandse<br />
Waterlinie heeft ruime aandacht gehad door de nominatie.<br />
Het Belvedereproject heeft hierin zeker een stimule-<br />
rende rol. De tendens om ons gebouwde erfgoed in<br />
relatie met zijn (directe) omgeving te benaderen heeft<br />
een positieve invloed op de monumentenzorg. •<br />
Fred Feddes, Merck toch hoe sterk. Monumenten van verdediging (Stichting Open Monumentendag, Amsterdam 2004)<br />
Paul Vesters (red.), De Stelling van Amsterdam; Harnas voor de hoofdstad (<strong>Utrecht</strong> 2003)<br />
Chris Will, Sterk Water. De Hollandse Waterlinie (<strong>Utrecht</strong> 2002)<br />
N. Matsier, C. de Keyzer en S. Schepel, De Nieuwe Hollandse Waterlinie (Zwolle 2001)<br />
De Grebbelinie. Van verdediging naar bescherming (gratis folder met fiets, kano en wandelroutes langs de Grebbelinie, <strong>Utrecht</strong> 2004)<br />
B. Klück, A. Hemmes en R. de Kam, Het <strong>Utrecht</strong>se antwoord. De bastions van Karel V (<strong>Utrecht</strong>se stadsgeschiedenissen deel 2, <strong>Utrecht</strong> 2004)
H e r r e Wy n i a<br />
Ze kwekten niet<br />
ze kwaakten niet<br />
Eén van de leukste taken van een archeoloog is het achterhalen van het verhaal achter een<br />
vondst of vindplaats. Het begint met speurwerk, waarbij alles wat hij/zij bij een opgraving<br />
tegenkomt een aanwijzing kan geven. Hierbij kan een onderscheid gemaakt<br />
worden tussen informatie afkomstig van ‘mobilia’, zoals scherven en<br />
botten, en ‘immobilia’, zoals greppels, kuilen en waterput-<br />
ten. Een archeoloog heeft echter lang niet altijd<br />
alle kennis in huis om de maximale hoeveelheid<br />
informatie aan vondsten te kunnen onttrekken;<br />
daar zijn specialisten voor nodig.<br />
Eén van de deskundigen waar veelvuldig een beroep<br />
op wordt gedaan, is de paleozoöloog of deskundige in<br />
dierlijk botmateriaal. Het merendeel van de in archeo-<br />
logische context aangetroffen botten is afkomstig van<br />
in het verleden genuttigd voedsel. De paleozoöloog<br />
kan aan de hand van dit materiaal bijvoorbeeld vast-<br />
stellen wat voor dieren het betreft en op welke leeftijd<br />
ze zijn geslacht. Soms worden er echter zaken aange-<br />
troffen die afwijken van het bekende beeld en daar-<br />
door om extra aandacht vragen. Zo werd in 2003 in<br />
Leidsche Rijn tijdens een opgraving van een op een<br />
rivieroever gelegen nederzetting uit ongeveer 20-50<br />
na Christus, bij het maken van een doorsnede van een<br />
één meter diepe kuil, een laag klei aangetroffen die bij<br />
nadere bestudering vol bleek te zitten met kleine bot-<br />
jes. Eén ervan bleek het onderkaakje van een muis te<br />
zijn. Gezien de hoeveelheid botjes zouden er in de kuil<br />
vele tientallen muizen begraven moeten zijn. Was dit<br />
wellicht het resultaat van het ruimen van een muizen-<br />
plaag die had huisgehouden in de bij de opgraving<br />
aangetroffen graanopslagplaatsen? Om vast te kun-<br />
nen stellen of alle botjes inderdaad van deze knaag-<br />
diertjes afkomstig waren, werd een kwart van deze<br />
laag, ongeveer vijf liter, in een plastic zak geschept en<br />
naar een paleozoöloog gestuurd. Bij het schoonmaken<br />
van de grote hoeveelheid zeer fragiele botjes bleek al<br />
snel dat deze niet afkomstig waren van muizen, maar<br />
van kikkers en padden! Het muizenkaakje, zo bleek<br />
later, was afkomstig van slechts één spitsmuis. Maar<br />
wat deden al deze diertjes in een kuil en om welke<br />
soorten kikkers en padden ging het precies? Waren ze<br />
er per ongeluk ingevallen of hadden mensen daar de<br />
hand in gehad? En zo ja, wat kon daarvan de reden<br />
zijn geweest? Vormden de dieren een plaag of juist<br />
een gewild product? Om op al deze vragen een ant-<br />
woord te krijgen, diende verder onderzoek plaats te<br />
vinden.<br />
Als eerste werden de soorten amfibieën en het mini-<br />
maal aantal individuen per soort bepaald. De botjes<br />
bleken afkomstig te zijn van tenminste 124 individuen,<br />
f o t o ’s b o v e n : E e n d e e l v a n d e a a n g e t r o f f e n k i k k e r b o t j e s n a d a t z e s c h o o n g e m a a k t e n o n d e r z o c h t z i j n .<br />
f o t o r e c h t s : Tu s s e n d e v e l e k i k k e r b o t j e s w e r d e n o o k w a t o v e r b l i j f s e l e n v a n d e p a d o f B u f o b u f o a a n g e t r o f f e n .<br />
f o t o l i n k s : D e R a n a e s c u l e n t a w a a r v a n d e b i l l e n a l i n d e R o m e i n s e t i j d e e n l e k k e r n i j w a r e n .<br />
Romeinen waren liefhebbers van in vissaus gestoofde kikkerbilletjes<br />
of gebraden kikkerbilletjes overgoten met honingsaus...<br />
bestaande uit twee gewone padden (Bufo bufo) en 122<br />
groene kikkers (Rana esculenta). Het onderzochte mon-<br />
ster vormde slechts een kwart van de totale hoeveel-<br />
heid materiaal uit de kuil, waardoor het totaal aantal<br />
aanwezige individuen op een kleine vijfhonderd geschat<br />
vaak voor te komen, waardoor ook deze verklaring<br />
niet waarschijnlijk is. Wellicht dat de levenswijze van<br />
de aangetroffen soorten een aanwijzing geeft. Kikkers<br />
en padden houden immers een winterslaap, waarbij<br />
vaak meerdere individuen bij elkaar in de modder<br />
kruipen. Zou het kunnen zijn dat ‘onze’ kikkers een<br />
winterslaap hielden, maar dat de afdekkende laag<br />
klei te dun was om de ergste koude tegen te houden,<br />
waardoor ze waren bevroren? Maar ook deze verkla-<br />
ring gaat waarschijnlijk niet op: de kuil lag slechts een<br />
kleine dertig meter van een rivier, die vermoedelijk<br />
een veel betere plek was om te overwinteren.<br />
De laatste mogelijke verklaring is dat de kuil, wellicht<br />
per ongeluk, als valkuil heeft gediend. De kikkers zouden<br />
daar dan tijdens de trek in het voorjaar of de herfst in<br />
terecht zijn gekomen. De aanwezigheid van de jonge<br />
kikkers in de kuil zou dan wijzen op een trek in de herfst.<br />
Dat het juist kikkers zijn die in ‘valkuilen’ worden gevon-<br />
den, heeft te maken met het feit dat ze niet goed kunnen<br />
klimmen. Padden, die ook trekken, kunnen daarentegen,<br />
door de vorm van hun pootjes, wel goed klimmen en<br />
daardoor ontsnappen aan een wisse dood. Wat de<br />
goede verklaring ook is; de honderden Romeinse kik-<br />
kers op de bodem van de kuil vormen hoe dan ook de<br />
afspiegeling van een drama dat zich een paar duizend<br />
jaar geleden in Leidsche Rijn heeft afgespeeld. Ze kwekten<br />
niet, ze kwaakten niet, van honger en verdriet… •<br />
8 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 9<br />
moet worden!<br />
Door naar de vorm van het opperarmbeen te kijken,<br />
bleken 81 aan mannetjes, 63 aan vrouwtjes en 28 aan<br />
jonge kikkers toe te schrijven. De botjes van de laatste<br />
groep waren dermate klein dat het toekennen aan een<br />
bepaald geslacht niet mogelijk was.<br />
Een mogelijke verklaring voor een dergelijke hoeveel-<br />
heid kikkers leek dat ze leverancier waren van kikker-<br />
billetjes. Het is bekend dat de Romeinen liefhebbers<br />
waren van in vissaus gestoofde kikkerbilletjes of<br />
gebraden kikkerbilletjes overgoten met honingsaus,<br />
zo blijkt uit het kookboek De Re Coquinaria dat in de<br />
1ste eeuw na Christus is geschreven door Apicius.<br />
Ook het woord esculenta uit de latijnse naam verwijst<br />
naar het eetbaar zijn van de aangetroffen kikkersoort.<br />
Helaas moest deze optie al snel worden uitgesloten<br />
aangezien alle skeletonderdelen, inclusief achterpoten,<br />
aanwezig waren.<br />
Bij een aantal botjes waren (deels geheelde) breuken<br />
zichtbaar die erop zouden kunnen duiden dat de men-<br />
sen uit de nederzetting een kikkerplaag hebben aange-<br />
pakt. Maar botbreuken blijken bij amfibieën relatief
C . I s i n g s<br />
‘Spiraalvormig gebogen reep van ijzer, nabootsing van<br />
een slang’, zo wordt een voorwerp met het nummer AD<br />
71 beschreven in de vondstenlijst van de opgraving van<br />
het jaar 1893 te Vechten, een jaar waarin veel interessant<br />
materiaal aan het licht kwam. In het nooit gedrukte<br />
Vervolg op den Catalogus der Archaeologische Verzameling<br />
van het Prov.Utr.Gen. (1890-1904) heeft G.A. Hulsebos<br />
er de woorden ‘naar het schijnt’ aan toegevoegd.<br />
Blijkbaar twijfelde hij er aan of hier inderdaad sprake<br />
was van een slang.<br />
Geen slang maar...<br />
een pen!<br />
f o t o b o v e n : D e i n Ve c h t e n g e v o n d e n p e n -<br />
p u n t v a n e e n R o m e i n s e v u l p e n . f o t o l i n k s :<br />
H e t s c h r i j f p e n n e t j e d a t i s a a n g e t r o f f e n i n<br />
h e t R o m e i n s e s c h i p D e M e e r n 1 ( h e t s t o k j e<br />
i s r e c e n t ) . Fo t o : To n P e n d e r s , R O B<br />
Het voorwerp is echter niet van ijzer, maar van brons,<br />
een blauwe verkleuring is er vermoedelijk de oorzaak<br />
van dat men aan ijzer dacht. De vergelijking met een<br />
slang is waarschijnlijk te herleiden tot een oppervlakkige<br />
gelijkenis met spiraalvormige vingerringen in de vorm<br />
van een slang, zoals bijvoorbeeld een gouden ring in<br />
het museum te Napels, die vermoedelijk uit Pompeii<br />
afkomstig is. Deze ring is vervaardigd uit een platte reep<br />
goud, de kop is afzonderlijk en in het rond gemaakt, ter-<br />
wijl op de ring eronder de schubben van de slangenhuid<br />
zijn aangegeven. Het hier besproken bronzen voorwerp<br />
is eveneens uit een platte reep vervaardigd, maar aan de<br />
bovenkant eindigt hij in een punt. Op die punt is een<br />
versiering in laag reliëf te zien: een V-vormige plant met<br />
krullende bladeren. Geen enkel detail wijst op een af-<br />
beelding van een slang. De vraag is nu: is dit een sieraad<br />
geweest, of werd het voor een ander doel gebruikt? Bij<br />
gelijkwaardige vondsten in Engeland dacht men aanvan-<br />
kelijk aan ossenprikkels, wat inderdaad ook een moge-<br />
lijkheid is, maar een geheel andere toepassing werd ont-<br />
dekt tijdens opgravingen in Chesterholm, het Romeinse<br />
Vindolanda. De Romeinse legerplaats Vindolanda is een<br />
van de oudste Romeinse forten in Noord-Engeland,<br />
gelegen aan de grensweg Stanegate, die tijdens de aan-<br />
wezigheid van legeraanvoerder Agricola werd aange-<br />
legd. Men had er oudtijds en ook nu nog veel hinder<br />
van wateroverlast. Voor de Oudheid blijkt dat onder<br />
andere uit een laag mos en varens, die als vloerbedek-<br />
king diende om het vocht tegen te houden. In die voch-<br />
tige laag is in Vindolanda allerlei materiaal bewaard<br />
gebleven. Het meest spectaculair was de vondst van<br />
een groot aantal fragmenten van houten plaatjes, waar-<br />
op met inkt geschreven was. Zij geven een beeld van<br />
het leven in Vindolanda, zowel over persoonlijke zaken<br />
als over de logistiek. Ook enkele pennen werden gevon-<br />
den, de meeste van het bekende stylus type, bedoeld<br />
om in was te schrijven, maar ook houten penhouders<br />
met als pen een bronzen spiraal werden er aangetrof-<br />
fen. In een paar gevallen was de penhouder in de lengte<br />
doorboord en vertoonde inktresten: de oudste vulpen<br />
was gevonden. Hoewel andere toepassingen niet geheel<br />
uit te sluiten zijn, is het waarschijnlijk dat het op een<br />
slang gelijkende voorwerp uit Vechten, eveneens de pen<br />
van een vulpen geweest is. De datering ervan is onzeker,<br />
daar de precieze vondstomstandigheden niet bekend<br />
zijn. In Vindolanda zijn deze pennen gebruikt door de<br />
Romeinse soldaten van het Coh.IX Bat., die er tussen<br />
de jaren 90/92 en 105 gelegerd waren. Maar wanneer<br />
ze voor het eerst in zwang kwamen en tot wanneer ze in<br />
gebruik bleven, is nog onbekend. Voor de versiering heb<br />
ik nog geen parallel gevonden, het lijkt erop, dat het<br />
geheel uit een stuk brons met een versierde rand is<br />
geknipt. Misschien uit een afgedankt voorwerp? •<br />
Tijdens het onderzoek naar het vorig jaar in Leidsche Rijn geborgen schip De Meern 1, heeft ROB-medewerker Jos Bazelmans kortgeleden een klein<br />
metalen voorwerp eveneens als vulpen geïdentificeerd. Het is na de hierboven beschreven pen, pas de tweede die er in Nederland gevonden is.<br />
Literatuur<br />
Birley, Anthony, Garrison Life at Vindolanda. A Band of Brothers, (Stroud 2002)<br />
Muller Fzn, S., ‘Verslag over de opgravingen van Romeinsche oudheden te Vechten, gedaan op kosten van PUG in de jaren 1892-1894.’<br />
In: Verslag van het verhandelde in de Algemeene Vergadering van het PUG den 25 Juni 1895, (<strong>Utrecht</strong> 1895), p. 151<br />
1 0 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 1 1<br />
M a r i a We v e r s<br />
De Aloysiusschool kwam er met drie lokalen en aan-<br />
gebouwde onderwijzerswoning, ontworpen en aan-<br />
genomen voor een bedrag van 14.000 gulden. Op<br />
15 oktober 1895 meldt De Gooi en Eemlander: ‘Nadat<br />
eerst een plechtige H. Mis was opgedragen, is gister-<br />
morgen de nieuwe R.K. school in gebruik genomen,<br />
met 44 leerlingen. Het gebouw ziet er netjes uit. De<br />
lokalen zijn frisch en luchtig’. Deze school werd ‘klom-<br />
penschool’ genoemd vanwege haar boerenpopulatie.<br />
Vanaf 1920 worden alle kosten door Rijk en Gemeente<br />
betaald als gevolg van de gelijkstelling van openbaar<br />
en bijzonder onderwijs. Er is geld ter beschikking en<br />
zo komt er een nieuwe R.K. school naast de Aloysius-<br />
school, de Bonifaciusschool. In 1945 fuseren beide<br />
scholen en zo wordt de school waar mijn ouders leren<br />
lezen en schrijven een school voor middenstandskin-<br />
deren en kinderen van boerenafkomst. De klompen<br />
staan dan naast de leren schoenen.<br />
Lieu de mémoire<br />
De lagere school waar ik in 1952 naar toe ga is ín<br />
de nieuwe school, de Aloysiusschool, op steenworp<br />
afstand van mijn huis. De school is imposant en<br />
f o t o l i n k s : A l o y s i u s s c h o o l n a d e v e r b o u w i n g<br />
v a n 1 9 6 5 , s p e e l p l a a t s z i j d e , m e t r e c h t s d e<br />
s c h o o l n u . t e k e n i n g : o n t w e r p v o o r g e v e l<br />
1 8 9 5 . f o t o r e c h t s : o m s l a g v a n h e t h e r d e n -<br />
k i n g s b o e k j e 1 0 0 j a a r A l o y s i u s b a s i s s c h o o l<br />
De geschiedenis van mijn school<br />
Aan het einde van de 19de eeuw, de eeuw waarin de emancipatie van o.a. de katholieken zich<br />
voltrok, was er binnen de Nicolaasparochie van Baarn een sterke behoefte aan een eigen<br />
R.K. school. De totstandkoming werd bekostigd door de parochie.<br />
prominent aanwezig in de Kerkstraat tegenover de<br />
Nicolaaskerk. In de school ruikt het naar inktpotjes,<br />
gummetjes en urinoirs. Als je binnenkomt is er de hal<br />
met gele tegeltjes en een brede trap naar boven. Dit is<br />
de plek waar de jaarlijkse schoolfoto gemaakt wordt.<br />
Het centrum van de school. Aan deze hal liggen de<br />
lerarenkamer en het conciërgehok. Van hieruit kom je<br />
in de kelder waar in de herfst de kolen worden gestort<br />
om de school in de winter te kunnen verwarmen.<br />
Ook staat in de hal een grote klok, waar kinderen in<br />
het openbaar hun ‘straf uitstaan’, slechts het hoofd<br />
der school legt deze straf op.<br />
De zolder strekt zich uit over het hele gebouw. Het is<br />
er geheimzinnig met veel spinnenwebben, afgedankt<br />
meubilair, oude schoolplaten en rekwisieten van<br />
toneelvoorstellingen van leerlingen. Een voorrecht<br />
om hier rond te lopen...<br />
Nu is de Aloysiusschool een moderne basisschool,<br />
bestemd voor kinderen van vier tot twaalf jaar.<br />
Hoewel het onderwijs met zijn tijd meegroeide, blijft<br />
het gebouw vertrouwenwekkend en maakt me een<br />
beetje melancholiek. •
E d w i n M a e s<br />
te Vreeland<br />
Het kerkbestuur kan en wil het kerkje niet langer onder-<br />
houden. Een koper is wellicht snel gevonden als het<br />
kerkje een woonbestemming krijgt, dit zou echter ten<br />
koste gaan van het unieke interieur. Hoe nu verder?<br />
Lion Cachet<br />
Op 26 november 1905 werd door een verwoestende<br />
brand de uit 1892 daterende ‘doleantie’-kerk aan de<br />
Nigtevechtseweg bijna geheel in de as gelegd. Al snel<br />
besloot de Gereformeerde Kerk om de in Vreeland<br />
wonende kunstenaar, binnenhuisarchitect en gemeen-<br />
telid Carel Adolph Lion Cachet (1864-1945) de opdracht<br />
voor de herbouw te geven.<br />
Kerk<br />
In de gemeente Loenen treft men een groot aantal kerkgebouwen aan voor de verschillende<br />
gezindten. Een opmerkelijk gebouw, hoewel uiterlijk misschien vrij eenvoudig van aard, is<br />
de Gereformeerde Kerk aan de Nigtevechtseweg te Vreeland. Het kerkje, ontworpen door de<br />
bekende binnenhuisarchitect C.A. Lion Cachet, wordt echter niet meer als zodanig gebruikt<br />
en raakt langzaamaan in verval.<br />
Lion Cachet, een pionier van de Nederlandse Art<br />
Nouveau, genoot internationale bekendheid door zijn<br />
meubel- en interieurontwerpen, onder meer van luxe<br />
passagiersschepen. Daarnaast voorzag de kunstenaar<br />
ook postzegels, boekbanden, tapijten en tegeltableaus<br />
van een fraaie vormgeving in Art Nouveau-stijl.<br />
Het ontwerp dat Lion Cachet, zelf een trouw kerkgan-<br />
ger, voor de kerk maakte was sober van aard. De recht-<br />
hoekige bakstenen zaalkerk moest rechtstreeks wor-<br />
den gebouwd op de fundamenten van het afgebrande<br />
kerkgebouw. De bewaard gebleven consistorie van de<br />
voormalige kerk werd opgenomen in de nieuwbouw<br />
die in de trant van Berlage werd uitgevoerd.<br />
Hoewel Lion Cachet beschikte over een beperkt bud-<br />
get en zich diende te houden aan de eis van eenvoud<br />
die aan een gereformeerde kerk werd gesteld, wist hij<br />
met zijn verrassend materiaalgebruik van de verschil-<br />
lende onderdelen een bijzonder interieur te ontwerpen.<br />
Zo zijn de wanden wit bepleisterd met elementen van<br />
rode en gele verblendsteen. Boven de galerij bezit de<br />
wand een drietal rondboogvensters met oranjekleurig<br />
glas. De vloer is bekleed met granitoplaten. Een vloer-<br />
mozaïek in het portaal geeft het jaartal van de her-<br />
bouw en de gestileerde initialen van C.A. Lion Cachet<br />
en H. van Emmerik aan. Van Emmerik was gemeente-<br />
raadslid en had tijdens de bouw nauw samengewerkt<br />
met Lion Cachet. Een houten gewelf met origineel<br />
kurken plafond, tussen met houtsnijwerk uitgevoerde<br />
spanten, overdekt de ruimte. Bij de uitvoering van de<br />
hoge kansel gebruikte Lion Cachet twee houtsoorten:<br />
het sobere eiken en het exotische en dure Coromandel.<br />
Door het gebruik van verfijnde materialen, de versie-<br />
ringen met snijwerk in de lambrisering en het decora-<br />
tief gebruik van teksten (die in geen enkele Gerefor-<br />
meerde Kerk in Nederland voorkomt), wist Lion Cachet<br />
van het kerkje in Vreeland iets bijzonders te maken.<br />
Binnen de gereformeerde kerkbouw, waar ‘Jugendstil-<br />
elementen’ zeer uitzonderlijk zijn, is het kerkje dan<br />
ook een unicum.<br />
Hergebruik of herbestemming: de onzekere toekomst van een kerkgebouw<br />
To e g a n g s d e u r v a n h e t k e r k j e a a n<br />
d e N i g t e v e c h t s e w e g t e Vr e e l a n d<br />
f o t o r e c h t s : G l a s - i n - l o o d v e n s t e r<br />
i n R o m a a n s e b o o g v o r m<br />
1 2 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 1 3
o v e n : B r i e f k a a r t v a n h e t i n t e r i e u r v a n h e t G e r e f o r m e e r d e k e r k j e t e Vr e e l a n d m e t g e z i c h t<br />
o p d e e i k e h o u t e n k a n s e l , 1 9 0 6 / 1 9 0 7 r e c h t s : B r i e f k a a r t e n v a n h e t k e r k j e t e Vr e e l a n d u i t<br />
o m s t r e e k s 1 9 3 0 ( l i n k s ) e n o m s t r e e k s 1 9 70 ( r e c h t s )<br />
Op 20 december 1906 werd het kerkgebouw voor het<br />
eerst in gebruik genomen. Voor de kerkelijke gemeen-<br />
te moet het interieur al gelijk vertrouwd zijn geweest<br />
aangezien zij tijdens de bouw haar diensten in het<br />
atelier van de kunstenaar mochten houden.<br />
Samen Op Weg<br />
Nadat de Nederlandse Hervormde Gemeente en de<br />
Gereformeerde Kerk te Vreeland samengingen tot de<br />
Samen Op Weg Gemeente, werden de diensten voor-<br />
namelijk in de grote St. Nicolaaskerk te Vreeland<br />
gehouden. Er was nog maandelijks een dienst in het<br />
gereformeerde kerkje totdat op zondag 17 juni 2001<br />
de dominee voor het laatst de kansel betrad.<br />
Aangezien de St. Nicolaaskerk voldoende ruimte bood<br />
om alle gelovigen te herbergen, was dit kerkje overbo-<br />
dig geworden. Het kerkbestuur dat dringend geld<br />
nodig had voor de restauratie van de St. Nicolaaskerk<br />
en de bouw van een nieuw bijgebouw voor de jeugd,<br />
deed het kerkje in de verkoop. De opbrengst van de<br />
kleine kerk zou goed gebruikt kunnen worden voor de<br />
exploitatie van de grote kerk en het nevengebouw.<br />
Na zo’n kleine drie jaar tevergeefs te hebben getracht<br />
een ander kerkgenootschap te vinden dat van de kerk<br />
gebruik zou willen maken, wil het kerkbestuur dit<br />
monument nu met een woonbestemming verkopen.<br />
In zijn ogen kan door de koop van een particulier het<br />
gebouw dat anders tot een bouwval dreigt te verval-<br />
len, ook in de toekomst in een goede staat blijven.<br />
Een niet aantasten van het karakter van de architec-<br />
tuur van Lion Cachet en het laten samengaan met een<br />
modern interieur kan, aldus het kerkbestuur, zeer<br />
waardevol en verrassend zijn.<br />
Hoewel de Monumentencommissie, de Rijksdienst<br />
voor de Monumentenzorg en het Loenens college<br />
negatief adviseerden, heeft een meerderheid van de<br />
Loenense gemeenteraad in juni 2004 toch ingestemd<br />
met een bestemmingswijziging. Het belangrijkste<br />
argument voor de voorstemmers was dat de realisatie<br />
van een woonfunctie de beste garantie bood om op<br />
lange termijn zoveel mogelijk elementen van het<br />
monument te behouden.<br />
Uniek interieur<br />
Wanneer het kerkje een woonbestemming krijgt, zal<br />
ongetwijfeld het monumentale en beschermenswaar-<br />
dige interieur ernstig worden aangetast. Er zijn veel<br />
aanpassingen nodig, zoals de aanleg van een verdie-<br />
pingsvloer en het verwijderen van de kerkbanken.<br />
Door deze aanpassingen zal het interieur niet in zijn<br />
geheel en gaaf gehandhaafd kunnen blijven. En ieder-<br />
een in Loenen, inclusief het kerkbestuur, is het over<br />
een ding eens: ‘dit interieur is nu juist wat dit kleine<br />
kerkje zo uniek maakt’. De monumentale waarde van<br />
het kerkje ligt met name in het interieur dat juist in zijn<br />
geheel in samenhang met het gebouw ontworpen is.<br />
Bij een eventuele woonbestemming vreest men ook<br />
voor het lot van het 18de-eeuwse pijporgel dat op een<br />
galerij boven het portaal in het kerkje geplaatst is.<br />
Het Rococo-orgel, waarvan de kast uit Noord-Holland<br />
komt en het pijpwerk afkomstig is van een Rooms-<br />
katholieke kerk te Hilversum, is van buitengewone<br />
kwaliteit en verkeert in perfecte staat.<br />
Hoe kan men nu dit cultureel erfgoed in tact houden<br />
en bewaren voor het nageslacht?<br />
Belangrijk voor de toekomstige status van het gebouw<br />
is dat het door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg<br />
als rijksmonument wordt aangewezen. Plaatsing op<br />
de lijst is aangevraagd waardoor het gebouw al een<br />
zekere bescherming geniet.<br />
Er zijn ook al alternatieve mogelijkheden bedacht<br />
om het kerkje in zijn originele monumentale staat<br />
te behouden. Zo heeft de heer A.J.A.M. Lisman uit<br />
Nieuwersluis een bod op het kerkje gedaan, dat hij<br />
een culturele bestemming wil geven. Hij zou het<br />
kerkje willen bestemmen als cultureel centrum voor<br />
bijvoorbeeld exposities of voor concerten van kleine<br />
ensembles voor circa 100 bezoekers. Vanwege deze<br />
rustige en waardige bestemming zal het interieur, mis-<br />
schien nog wel meer dan in het verleden, regelmatig<br />
door iedereen te bewonderen zijn. Het kerkbestuur is<br />
nog niet op het bod van de heer Lisman ingegaan,<br />
omdat dit volgens het bestuur nog te ver onder de<br />
taxatiewaarde ligt.<br />
Lion Cachet woonde een groot deel van zijn leven in<br />
Vreeland. De sierkunstenaar en ontwerper zou in deze<br />
vertrouwde omgeving zijn belangrijkste ontwerpen<br />
maken. Binnen zijn oeuvre nam het ontwerp van het<br />
Vreelandse kerkje een bijzondere plaats in, temeer<br />
omdat het gros van zijn werk, voornamelijk scheeps-<br />
interieurs, letterlijk is verdwenen. De kerk is ook alge-<br />
meen van belang vanwege de cultuur- en architectuur-<br />
historische waarde. Het zou de Vreelanders sieren als<br />
zij het werk van hun gemeentelid zouden bewaren<br />
voor het nageslacht. •<br />
1 4 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 1 5<br />
Literatuur<br />
Ton Fafianie, Hans Vlaardingerbroek, Leo Wevers en Claire Boels, Loenen. Geschiedenis en architectuur (Zeist 2000).<br />
Mechteld de Bois (red.), C.A. Lion Cachet 1864-1945 (catalogus Drents Museum Assen,<br />
Museum Boymans-van Beuningen Rotterdam 1994).
D o r i e n W i j s t m a<br />
www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >><br />
>> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutre<br />
Museum zonder<br />
muren en gemeentegrenzen<br />
Wat vertelt een vork over het leven van de Duitse ex-keizer Wilhelm I I, die zijn laatste<br />
twintig levensjaren op Huis Doorn woont? Wie was de papieren minnaar van Belle van<br />
Zuylen? En welk geheim openbaart het zogenaamde verklikkertje? Bijna is het zover. Vanaf<br />
6 oktober zijn de antwoorden te lezen op www.collectieutrecht.nl.<br />
Op 6 oktober lanceert het <strong>Erfgoed</strong>huis <strong>Utrecht</strong> de<br />
website Collectie <strong>Utrecht</strong>; de site waarop een selectie<br />
van voorwerpen, monumenten en landschappen het<br />
verhaal vertelt van de geschiedenis van de provincie<br />
<strong>Utrecht</strong>. De voorwerpen zijn afkomstig uit de <strong>Utrecht</strong>se<br />
musea, archieven, historische verenigingen en archeo-<br />
logische instellingen. Doordat de verhalen de binden-<br />
de factor vormen tussen de voorwerpen en ook tussen<br />
de erfgoedinstellingen, is www.collectieutrecht.nl<br />
eigenlijk een digitaal provinciaal museum. Het is een<br />
museum zonder muren en gemeentegrenzen.<br />
Op verschillende manieren is er kennis te vergaren<br />
over een specifiek thema of onderwerp. Als in een<br />
ontdekkingstocht kun je binnen de site van verhaal<br />
naar verhaal, van object naar object dwalen. Maar ook<br />
kun je door de zoekmachine recht op je doel afgaan.<br />
Ben je bijvoorbeeld geïnteresseerd in textiel? Tik dit<br />
trefwoord in en alle objecten op de site die tot deze<br />
categorie behoren, verschijnen.<br />
Voorbereid op pad<br />
Enerzijds beoogt de site de bezoeker bewust te maken<br />
van de rijkdom aan erfgoed in de provincie <strong>Utrecht</strong>.<br />
De site bevat ook objecten die normaliter niet te zien<br />
zijn omdat ze zich bijvoorbeeld in het museumdepot<br />
bevinden. Of een monument, dat de tand des tijds<br />
niet heeft overleefd, komt tot leven door afbeeldingen<br />
die het verhaal over deze plaats vertellen. Op deze wijze<br />
worden hiaten opgevuld. Maar zeker ook wil Collectie<br />
<strong>Utrecht</strong> het publiek aansporen tot een bezoek aan een<br />
museum of een andere erfgoedinstelling. Door de ver-<br />
halen achter het erfgoed te lezen, krijgt een voorwerp<br />
achtergrond en betekenis. Wie de spannende legende<br />
van de heilige Cunera kent, zal met andere ogen naar<br />
Wie de spannende legende van Cunera kent,<br />
zal met andere ogen naar haar worgdoek kijken.<br />
haar vermeende worgdoek kijken. Op Collectie <strong>Utrecht</strong><br />
is kennis te vergaren waarmee meer plezier aan het<br />
cultureel erfgoed te beleven valt. Want surfen op inter-<br />
net is leuk, maar het is nog veel leuker om het cultu-<br />
reel erfgoed in het echt te bewonderen. De site moet dus<br />
zeker ook verleiden tot een bezoek. Bovendien geeft de<br />
site slechts een selectie van voorwerpen. Wie weet wat<br />
er in het museum nog meer te ontdekken valt!<br />
Onderlinge samenhang<br />
Op de website Collectie <strong>Utrecht</strong> is – net als in elk<br />
museum – een schat aan mooie voorwerpen te<br />
bewonderen. Het voordeel van de internetsite is dat<br />
objecten die een relatie hebben met hun omgeving of<br />
een voorwerp uit een andere instelling, elkaar hier vir-<br />
tueel ontmoeten. Doordat ze buiten de muren van het<br />
museum kunnen treden, zijn de objecten even terug in<br />
V i j f o n t w e r p p a g i n a ’s v a n w w w. c o l l e c t i e u t r e c h t . n l .<br />
Ys f o n t e i n I n t e r a c h i e v e M e d i a , A m s t e r d a m .<br />
hun oorspronkelijke culturele context; een context die<br />
in een museum dikwijls onzichtbaar is. Zo zijn de<br />
18de-eeuwse Belle van Zuylen en haar vriendin en<br />
nichtje Annebetje van Reede op de site herenigd.<br />
Annebetje die sinds haar huwelijk de zomermaanden<br />
op Kasteel Amerongen vertoeft, is geboren op Slot<br />
Zuylen en de adellijke freules logeren regelmatig bij<br />
elkaar. Een brief van Belle’s hand vertelt bij een portret<br />
van Annebetje over haar standvastige karakter en<br />
ongezonde leefwijze.<br />
Tijdskoppeling<br />
Dikwijls zijn in een museum voorwerpen chronolo-<br />
gisch of thematisch geordend. Echter, op de website<br />
kunnen ook voorwerpen uit verschillende tijden wor-<br />
den samengebracht. Naast recente opgravingen geeft<br />
ook een 16de-eeuws handschrift van Buchell ons een<br />
1 6 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 1 7
eeld van de Romeinse archeologische vondsten uit<br />
die tijd. En de patriotten die vlak voor 1800 in opstand<br />
komen tegen stadhouder Willem V kiezen als geuzen-<br />
naam ‘Bataven’, naar de opstandige Bataven uit de<br />
Romeinse tijd. Maar ook door diachrone thema’s<br />
– onderwerpen die je door alle eeuwen heen volgt –<br />
zijn voorwerpen met elkaar in verband gebracht. Eten<br />
en drinken in <strong>Utrecht</strong> verbindt een 18de-eeuws porselei-<br />
nen servies uit museum A met een drinkglas uit<br />
archeologische instelling B.<br />
Over zoeken in Houten en andere plaatsen<br />
Een bewoner van de Vechtstreek of een toerist die<br />
Houten aandoet, wil wellicht meer over die omgeving<br />
weten. Geografisch zoeken op de website kan ook!<br />
Door vanaf de startpagina de ingang Collectie op locatie<br />
te kiezen, verschijnt een plattegrond van de provincie.<br />
Op het kaartje klikt de bezoeker op een dorp of stad.<br />
De verhalen, objecten en instellingen die bij de betref-<br />
fende plaats behoren, komen dan in beeld.<br />
Deze geografische koppeling maakt opeens het ver-<br />
band zichtbaar tussen bijvoorbeeld Fort Vechten uit<br />
de 19de eeuw en het Romeinse castellum Fectio.<br />
Huis Sparrendaal in Driebergen en kamp Zeist bij<br />
Austerlitz blijken in de Franse Tijd een relatie te heb-<br />
ben. De eigenaar van de buitenplaats verkocht niet<br />
alleen kleding en schoeisel aan de Franse soldaten,<br />
maar ook een deel van zijn bos voor de bouw van het<br />
kamp. Bij het opnieuw bebossen van de heidegrond<br />
gebruikte hij de fecaliën uit de soldatenlatrines als<br />
mest.<br />
Leuke weetjes<br />
www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >><br />
>> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutrecht.nl >> www.collectieutre<br />
Elk object op de site is voorzien van kwalitatief hoog-<br />
waardig beeldmateriaal en een levendige toelichting.<br />
Ook zijn er een heleboel leuke extra’s bij de objecten<br />
te lezen, zoals recepten, gedichten, liedjes, anekdotes,<br />
weetjes en fragmenten uit brieven, dagboeken en oog-<br />
Willem V. Bij een ander object is weer extra informatie<br />
over de herkomst, restauratie of vindomstandigheden<br />
te lezen. Bij elk voorwerp is een link naar de ‘verbin-<br />
dende’ verhalen of naar een ander object aangebracht<br />
en ook is er een verwijzing naar de instelling waar het<br />
zich bevindt. De moeilijke termen in de teksten wor-<br />
den nader toegelicht via pop-ups. En voor wie na een<br />
bezoek aan de site meer wilt weten van een onder-<br />
werp, kan bij elk thema een blik werpen op de litera-<br />
tuurlijst.<br />
Lancering<br />
De afgelopen maanden is de laatste hand gelegd aan<br />
de eerste vier thema’s waarmee de website van start<br />
zal gaan: Romeinen in <strong>Utrecht</strong>; <strong>Utrecht</strong>, kern van de<br />
kerstening; Het rijke <strong>Utrecht</strong>se buitenleven en Fransen<br />
in <strong>Utrecht</strong>. In de toekomst wil het <strong>Erfgoed</strong>huis <strong>Utrecht</strong><br />
steeds nieuwe thema’s toevoegen. Omdat nog niet alle<br />
instellingen op de site zijn vertegenwoordigd, wordt op<br />
korte termijn begonnen met thema’s die de rest van de<br />
<strong>Utrecht</strong>se erfgoedinstellingen zullen dekken.<br />
Inmiddels heeft fotograaf Cees de Jonge alle voorwer-<br />
pen gefotografeerd en ontwierp bureau IJsfontein een<br />
prachtige site. Dit ontwerp is in samenwerking met<br />
technisch bureau Q42 van een overzichtelijke (database)-<br />
structuur voorzien. Hierdoor is er de mogelijkheid uit-<br />
gebreid te zoeken binnen de site.<br />
Op 6 oktober gaat www.collectieutrecht.nl officieel on<br />
line. De presentatiemiddag wordt opgeluisterd door<br />
een toespraak van de <strong>Utrecht</strong>se Gedeputeerde voor<br />
Cultuur, de heer Van Bergen en enkele lezingen over<br />
erfgoed en websites.<br />
Uiteraard hopen wij dat alle erfgoedinstellingen hun<br />
bezoekers straks willen attenderen op deze verrassen-<br />
de site: want een bezoek aan de één kan leiden tot een<br />
bezoek aan de ander. Verwijs dus door naar de site en<br />
getuigenverslagen. Zo staat bij een Romeinse kookpot naar andere erfgoedinstellingen, want het verhaal over<br />
een eigentijds recept voor een stoofpotje en vergezelt de provincie <strong>Utrecht</strong> volg je tenslotte overal! •<br />
het liedje Hop Marjanneke een portret van Prins Voor meer informatie kunt u terecht bij het <strong>Erfgoed</strong>huis <strong>Utrecht</strong>: Marianne de Rijke, Marie Baarspul en Dorien Wijstma<br />
a f b e e l d i n g l i n k s : P o r t r e t v a n P e t r u s v a n O o s t h u i j s e ,<br />
d o o r J . J . L o o s e , 1 8 1 0 . C o l l e c t i e Ve r e n i g i n g H e n d r i c k<br />
d e K e y s e r, A m s t e r d a m . Va n O o s t h u i j s e – e i g e n a a r v a n<br />
d e b u i t e n p l a a t s S p a r r e n d a a l – m a a k t e r o n d 1 8 0 5 o p<br />
s l i m m e w i j z e g e b r u i k v a n d e a a n w e z i g h e i d v a n h e t<br />
k a m p Z e i s t b i j A u s t e r l i t z .<br />
a f b e e l d i n g b o v e n : T h e e b u s t e r h e r i n n e r i n g v a n<br />
d e t e r u g k e e r v a n W i l l e m v a n O r a n j e , 178 7- 179 9 .<br />
C o l l e c t i e M u s e u m F l e h i t e , A m e r s f o o r t . T i j d e n s d e<br />
F r a n s - B a t a a f s e t i j d ( 174 5 - 1 8 1 3 ) v o e r d e n v o o r - e n<br />
t e g e n s t a n d e r s v a n S t a d h o u d e r W i l l e m V e e n w a r e<br />
b e e l d o o r l o g . D e z e t h e e b u s w a s e e n p r o d u c t v a n d e<br />
v o o r s t a n d e r s v a n O r a n j e .<br />
1 8 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 1 9
W i l l e m k e L a n d m a n<br />
Startpunt voor zoekacties<br />
Naast ‘Collectie <strong>Utrecht</strong>’ draait er nog een tweede<br />
internet-project binnen het <strong>Erfgoed</strong>huis, ‘<strong>Erfgoed</strong><br />
<strong>Utrecht</strong> Online’. Het is in dit blad al eerder gezegd;<br />
de beide ICT-projecten <strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online en<br />
Collectie <strong>Utrecht</strong> zijn innig verweven, als schering<br />
en inslag. Zoals ‘Collectie <strong>Utrecht</strong>’ de etalage is voor<br />
Stichts erfgoed, zo vormt ‘<strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online’<br />
het portaal; een verwijzende website waar de bezoeker<br />
snel en gemakkelijk zijn weg vindt naar het provincie-<br />
brede erfgoed. Anders dan bij ‘Collectie <strong>Utrecht</strong>’, waar<br />
je in de verhalen op de site zelf zoekt, vormt de portal<br />
het startpunt om op de sites van ándere organisaties<br />
te zoeken.<br />
Samenwerking van start<br />
<strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online >><br />
Om de bezoeker goed van dienst te kunnen zijn, is<br />
het belangrijk dat de <strong>Utrecht</strong>se erfgoedinstellingen<br />
samen afspraken maken over de wijze waarop ze<br />
erfgoedobjecten onder de aandacht willen brengen.<br />
Tenslotte bepaalt dat voor een groot deel welke zoek-<br />
resultaten de portal straks kan tonen. Daarom buigen<br />
sinds mei van dit jaar een aantal erfgoedgroeperingen<br />
zich over de beste aanpak. Zo moeten we het eens<br />
worden over de zoekmethode op de portal, de tech-<br />
nische standaarden die we hanteren, de aansluiting<br />
bij landelijke erfgoedinitiatieven, en nog veel meer.<br />
>> <strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online >><br />
Webportal <strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online<br />
nadert voltooiing<br />
Wiel uitvinden<br />
In de pilotfase van <strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online doen een<br />
beperkt aantal instellingen mee. Deze organisaties<br />
vinden als het ware het wiel uit voor hun collega-<br />
instellingen. Het gaat onder meer om Het <strong>Utrecht</strong>s<br />
Archief, Museum Flehite Amersfoort, het <strong>Utrecht</strong><br />
Project (Universiteit van <strong>Utrecht</strong>), Stichting Stichtse<br />
Geschiedenis, Centraal Museum, Universiteitsmuseum,<br />
Zeister Historisch Genootschap, Stichts-Hollandse<br />
Historische Vereniging, Historische Kring Tussen Rijn<br />
en Lek, Stichting De <strong>Utrecht</strong>se Molens en <strong>Utrecht</strong>s<br />
Archiefnet. Een aantal van deze instellingen partici-<br />
peert ook in ‘Collectie <strong>Utrecht</strong>’; dit komt de samen-<br />
werking tussen beide websites alleen maar ten goede.<br />
Portal eind 2004 voltooid<br />
Op dit moment zitten we midden in het bouwproces.<br />
Het <strong>Utrecht</strong>se webbureau ‘ab-c media’ is aangezocht<br />
om de vormgeving en de techniek achter de portal te<br />
realiseren. Eind december 2004, dus een paar maanden<br />
na ‘Collectie <strong>Utrecht</strong>’, is de portal klaar voor lancering<br />
op het wereldwijde web. In het volgende nummer van<br />
GM 2 kunt u alles lezen over het resultaat van het<br />
samenwerkingsproject ‘<strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online’. •<br />
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de<br />
projectgroep ‘<strong>Erfgoed</strong> <strong>Utrecht</strong> Online’, tel. (030) 234 3880<br />
W i e s t r a k s o p d e p o r t a l z o e k t , k r i j g t z o ’n<br />
p a g i n a m e t t r e f f e r s t e z i e n . H e t e r f g o e d<br />
v a n a l l e r l e i i n s t e l l i n g e n w o r d t o v e r z i c h t e -<br />
l i j k o p e e n r i j t j e g e z e t .<br />
2 0 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4<br />
C . A . v a n K a l v e e n<br />
Van kleine kapittels en<br />
grote kloosters<br />
B l a d z i j d e u i t h e t o u d s t e o f e e r s t e c a r t u l a r i u m v a n h e t k a r t u i z e r k l o o s t e r N i e u w l i c h t ,<br />
a a n g e l e g d c a . 1 4 0 7 ( i n v. n r. 1 , f . 1 9 r ) .<br />
In de late Middeleeuwen waren er in en om de stad <strong>Utrecht</strong> talrijke kloosters. Ook de ande-<br />
re steden in het Sticht telden ieder één of meer van deze instellingen. Bij de Reformatie<br />
eind zestiende eeuw werden alle mannenkloosters opgeheven en de vrouwenkloosters<br />
omgevormd tot protestantse conventen van ongehuwde dames, zogenaamde jufferen. De<br />
grootste, oudste en deftigste van al die kloosters kwamen met hun rijkdommen in bezit en<br />
onder bestuur van de Staten van <strong>Utrecht</strong>, de soevereinen van het <strong>Utrecht</strong>se gewest.<br />
Nadat begin zeventiende eeuw de laatste katholieke<br />
broeders en zusters van deze conventen waren over-<br />
leden, stelden de Staten voor elk van deze instellin-<br />
gen een eigen rentmeester aan, die uit de inkomsten<br />
van de voormalige kloostergoederen de uitkeringen<br />
voor de jufferen betaalden. Bij de mannenkloosters<br />
werden deze inkomsten volledig aangewend voor de<br />
salariëring van predikanten en leerkrachten op het<br />
platteland en voor rentebetalingen en aflossingen van<br />
de oorlogsleningen en andere leningen van de Staten.<br />
2 1
J a c o b v a n A b c o u d e e n G a a s b e e k ( 1 4 0 0 - 1 4 5 9 ) , s t i c h t e r v a n h e t k l o o s t e r M a r i ë n b u r g t e S o e s t . Te k e n i n g v a n<br />
e e n v e n s t e r u i t d e D o m k e r t e U t r e c h t w a a r o p t e v e n s d e w a p e n s v a n h e t g e s l a c h t Va n A b c o u d e , a f k o m s t i g u i t<br />
d e M o n u m e n t a p a s s i m i n t i m p l i s a c m o n a s t e r i i s Tr a j e c t i n a e u r b i s a t q u e a g r i i n v e n t a v a n A e r n o u t v a n B u c h e l ,<br />
c a . 1 6 1 5 . H U A , c o l l e c t i e B i b l i o t h e e k . D e M o n u m e n t a v a n A e r n o u t v a n B u c h e l .<br />
De archieven van deze door de Staten bestuurde<br />
kloosters, ook wel aangeduid als de Statenconventen,<br />
berusten al sedert de negentiende eeuw bij het Rijks-<br />
archief <strong>Utrecht</strong> en tegenwoordig bij Het <strong>Utrecht</strong>s<br />
Archief. Wie deze archieven wilde raadplegen, was<br />
lange tijd aangewezen op de in 1905 verschenen<br />
Catalogus van de archieven van de kleine kapittelen en<br />
kloosters van de hand van J. de Hullu en S.A. Waller<br />
Zeper. Sinds 1975 zijn de in deze Catalogus beschre-<br />
ven archieven echter stuk voor stuk aan een herinven-<br />
tarisatie onderworpen, waarbij een vollediger en meer<br />
gedetailleerde beschrijving werd beoogd. Dit heeft<br />
geresulteerd in de <strong>publicatie</strong> van tal van nieuwe<br />
inventarissen in de reeks gedrukte inventarissen van<br />
het Rijksarchief <strong>Utrecht</strong> (nrs. 1, 8, 19 en 85) en later in<br />
de serie Toegangen van Het <strong>Utrecht</strong>s Archief, waarin<br />
twee jaar geleden de inventaris van de archieven van<br />
de vijf adellijke vrouwenkloosters verscheen (nr. 5).<br />
Inmiddels zijn ook de inventarissen van de zes laatste<br />
deelarchieven uit het grote conglomeraat van de<br />
archieven van de Statenconventen voltooid, te weten die<br />
van het kapittel van Ter Horst bij Rhenen en het kapittel<br />
van Montfoort, alsmede de archieven van het kartuizer-<br />
klooster Nieuwlicht bij <strong>Utrecht</strong>, het tertiarissenklooster<br />
St. Agnes te Rhenen (St. Agnietenklooster), het domini-<br />
canessenklooster St. Maria Magdalena te Wijk bij Duur-<br />
stede en het brigittenklooster Mariënburg te Soest.<br />
Gebundeld in één verzamelinventaris zullen deze inven-<br />
tarissen in de maand september van dit jaar verschijnen<br />
als deel 6 van de eerder genoemde reeks.<br />
Afgezien van het archief van het klooster Nieuwlicht<br />
zijn deze archieven van de genoemde instellingen<br />
maar zeer ten dele bewaard gebleven. Wel resteren<br />
van vrijwel alle genoemde kloosters een of meer, vaak<br />
zeer fraai uitgevoerde cartularia. Waar de oorspronke-<br />
lijke akten doorgaans niet zijn overgeleverd, zijn deze<br />
cartularia van grote waarde voor de onderzoeker.<br />
Dankzij de uitvoerige specificaties in de bijlagen kan<br />
deze nu gemakkelijk in de inhoud daarvan doordrin-<br />
gen. Behalve als bron voor genealogisch onderzoek<br />
zijn deze archieven ook van grote waarde voor onder-<br />
zoek op het terrein van de nederzettings- en omge-<br />
vingsgeschiedenis. Zo bieden de archieven van de<br />
kloosters te Rhenen, Wijk en Soest talrijke gegevens<br />
over het Kromme Rijngebied, de Neder-Betuwe en de<br />
Eemvallei.<br />
Kapittels<br />
De genoemde zes instellingen hebben een uiteenlo-<br />
pend karakter en liggen geografisch verspreid over de<br />
K a s t e e l Te r H o r s t . Te k e n i n g<br />
d o o r L . P. S e r r u r i e r, c a . 173 0 .<br />
H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
H e t p o o r t g e b o u w e n d e b o e r d e r i j v a n h e t<br />
v o o r m a l i g k a r t u i z e r k l o o s t e r N i e u w l i c h t<br />
a a n d e t e g e n w o o r d i g L a a n v a n C h a r t o i s e<br />
t e U t r e c h t . Fo t o R M D , 1 9 5 8 .<br />
provincie. Twee ervan zijn kapittels, dus colleges van<br />
het officiële dagelijkse koorgebed van de katholieke<br />
kerk. Het oudste van de twee betreft het in 1344 opge-<br />
richte kapittel van de kapel van het bisschoppelijk kas-<br />
teel Ter Horst beoosten Rhenen. Het kapittel bestond<br />
uit 4 à 5 kanunniken. Na de verwoesting van het kas-<br />
teel en de kapel in de oorlog met Gelderland in 1527-<br />
1528 raakten de kanunniken verspreid over verschillen-<br />
de locaties in het Sticht. Zo fungeerde een van hen als<br />
aalmoezenier van de <strong>Utrecht</strong>se dwangburcht Vreden-<br />
burg. In de loop van de zeventiende eeuw werden de<br />
bezittingen van dit kleine kapittel door de Staten van<br />
<strong>Utrecht</strong> verkocht en maakten zij van de opbrengst een<br />
beleggingsfonds ten behoeve van enkele begunstig-<br />
den, hetgeen tevens het einde van de zelfstandige<br />
archivering betekende.<br />
Het tweede kapittel werd kort vóór 1400 gesticht in<br />
de kerk van de stad Montfoort. Als kanunniken van<br />
dit kapittel fungeerden de pastoor van de kerk, die<br />
als deken van het convent optrad, en de dertien<br />
vicarissen die aan de altaren van de kerk waren ver-<br />
bonden. Deze kanunniken worden ook wel aangeduid<br />
als memorieheren, omdat hun godsdienstoefeningen<br />
primair waren bestemd voor de zielenrust van de<br />
D e o v e r b l i j f s e l e n v a n k a s t e e l Te r H o r s t .<br />
Te k e n i n g d o o r L . P. S e r r u r i e r n a a r P r o n k , 173 2 .<br />
H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
E e r s t e b l a d z i j d e v a n d e<br />
o p r i c h t i n g s k r o n i e k v a n<br />
h e t k a r t u i z e r k l o o s t e r<br />
N i e u w l i c h t ( i n v. n r. 4 , f . 1 r )<br />
begunstigers van de kerk. Die middeleeuwse begun-<br />
stigers staan met uitvoerige opgaven van hun schen-<br />
kingen geregistreerd in het kostbare Memorieboek,<br />
het kernstuk van het Montfoortse kapittelarchief.<br />
De Staten van <strong>Utrecht</strong> wisten uiteindelijk alle rechten,<br />
goederen en benoemingen over te nemen van de<br />
plaatselijke burggraaf, de stad Montfoort en het kapit-<br />
tel zelf. De Staten lieten het college uitsterven, waarna<br />
het kapittel werd gereduceerd tot een beheerskantoor<br />
van de bezittingen en landerijen te Montfoort en<br />
omgeving (Willeskop, Heeswijk etc.). Naast gegevens<br />
over de goederen van het kapittel zijn in dit archief<br />
(dat zelfs nog stukken uit de negentiende eeuw bevat)<br />
ook aardige gegevens te vinden over pastoors, predi-<br />
kanten, vicarissen en schoolmeesters van Montfoort<br />
omstreeks 1600 en over het onderhoud van kerk en<br />
toren in de achttiende eeuw.<br />
Chartroise<br />
Pièce de résistance van de binnenkort te verschijnen<br />
verzamelinventaris vormt de inventaris van het archief<br />
van het kartuizerklooster Nieuwlicht bij <strong>Utrecht</strong>, in de<br />
volksmond ‘Chartroise’ genoemd. Het archief is tame-<br />
lijk volledig bewaard gebleven. Behalve persoonsgege-<br />
vens over talloze begunstigers die in en rond het<br />
2 2 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 2 3
G e z i c h t o p d e s t a d R h e n e n , m e t<br />
i n h e t m i d d e n d e S t . C u n e r a k e r k .<br />
F r a g m e n t v a n e e n k a a r t v a n d e<br />
Ve l u w e , 1 5 5 2 . H U A , c o l l e c t i e B e e l d<br />
( o r i g i n e e l i n R A G e l d e r l a n d ) .<br />
G e z i c h t o p d e s t a d M o n t f o o r t m e t<br />
d e k e r k v a n S t . J a n E v a n g e l i s t .<br />
G r a v u r e d o o r S . v a n L a m s w e e r d e ,<br />
c a . 170 0 . H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
klooster begraven werden, vindt men hier in ruime<br />
mate gegevens over de landerijen van het klooster<br />
B i d d e n d e k a r t u i z e r m o n n i k . Z i j p a n e e l v a n e e n d r i e -<br />
l u i k m e t G e t h s e m a n e , d o o r J a n v a n S c o r e l , c a . 1 5 3 5 .<br />
Ve r m o e d e l i j k h e e f t d i t d r i e l u i k a l s a l t a a r s t u k b o v e n<br />
h e t h o o f d a l t a a r v a n d e k e r k v a n h e t k a r t u i z e r k l o o s t e r<br />
N i e u w l i c h t g e h a n g e n . Fo t o M u s e u m H e t C a t h a r i j n e c o n v e n t<br />
U t r e c h t .<br />
met hun pachters en huurders sedert 1392, het stich-<br />
tingsjaar van het klooster, of zelfs nog daarvóór. Het<br />
klooster werd gesticht en voortdurend begunstigd<br />
door leden van de adellijke familie Van Abcoude en<br />
Gaasbeek, die overigens ook nauw betrokken waren<br />
bij de stichting van de vrouwenkloosters in Soest en<br />
Wijk bij Duurstede.<br />
Het archief bevat ook interessante informatie over de<br />
bedijkingen, het polderbeheer en de akkerbouw onder<br />
leiding van de kartuizermonniken, niet alleen in het<br />
Sticht maar ook ver daarbuiten, zoals op het eiland<br />
Putten en de Hoeksche Waard, met name voor de peri-<br />
H e t k a r t u i z e r k l o o s t e r<br />
N i e u w l i c h t b i j U t r e c h t .<br />
Te k e n i n g d o o r L . P.<br />
S e r r u r i e r n a a r e e n o u d e r e<br />
t e k e n i n g u i t 1 6 3 5 , c a . 173 0 .<br />
H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
D e ‘ M u n n i k e n b o o m ’, e e n<br />
o u d e l i n d e , s t o n d t o t<br />
1 8 5 1 i n d e t u i n v a n h e t<br />
v r o e g e r e k a r t u i z e r k -<br />
l o o s t e r. U t r e c h t s e k i n -<br />
d e r e n w e r d v e r t e l d d a t<br />
h u n b r o e r t j e s e n z u s j e s<br />
u i t d e z e h o l l e l i n d e -<br />
b o o m k w a m e n . E r w a s<br />
z e l f s e e n l i e d j e v o o r d e<br />
b a b y ’s : ‘ P l u k m i j n p l u k<br />
m i j n ’ k z a l a l l e d a g e n<br />
z o e t z i j n ’. H U A c o l l e c t i e<br />
B e e l d ( A t l a s C o e n e n v a n<br />
’s - G r a v e s l o o t ) .<br />
ode van het herstel na de St. Elizabethvloed, de grote<br />
Nederlandse overstroming van 1421. Dichter bij huis<br />
hadden de <strong>Utrecht</strong>se kartuizers uitgestrekte veengebie-<br />
den in eigendom, ontginning en exploitatie in en rond<br />
Veenendaal, dus tussen Renswoude en Rhenen.<br />
Vrouwenkloosters<br />
Het St. Agnietenklooster te Rhenen dateert van<br />
omstreeks 1388. Het behoorde tot de stichtingen van<br />
de zusters van het Gemene (gemeenschappelijke)<br />
Leven, die zich kenmerkten door hun gerichtheid op<br />
praktische vroomheid en boetvaardigheid. Zij maakten<br />
deel uit van de door Geert Grote geïnitieerde beweging<br />
van de Moderne Devotie. De nonnen, onder wie nogal<br />
I n t e r i e u r v a n h e t k o o r e n d e z i j k a p e l l e n v a n d e k e r k<br />
v a n S t . J a n E v a n g e l i s t , v ó ó r d e R e f o r m a t i e h e t d o m e i n<br />
v a n h e t k a p i t t e l v a n m e m o r i e h e r e n . Te k e n i n g , a n o n i e m ,<br />
a c h t t i e n d e e e u w. H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
O v e r z i c h t v a n h e t k l o o s t e r t e r r e i n<br />
v a n h e t S i n t A g n i e t e n c o n v e n t .<br />
R e c o n s t r u c t i e d o o r F. G a a s b e e k .<br />
U i t : M . A . v a n d e r E e r d e n -Vo n k<br />
e . a . , W i j k b i j D u u r s t e d e 7 0 0 j a a r<br />
s t a d ( H i l v e r s u m 2 0 0 0 ) .<br />
G e z i c h t o p d e s t a d W i j k b i j D u u r s t e d e . R e c h t s v a n d e k e r k<br />
v a n S t . J a n B a p t i s t d e k e r k v a n h e t S t . A g n i e t e n k l o o s t e r.<br />
K o p e r g r a v u r e , c i r c a 1 6 2 0 . H U A , c o l l e c t i e B e e l d .<br />
wat weduwen, waren afkomstig uit de hogere kringen<br />
van Rhenen en omgeving, soms ook uit de Betuwe.<br />
De invloed van de stad op dit slotklooster was groot.<br />
Opmerkelijk waren de onderaardse gangen van het<br />
klooster naar de St. Cunerakerk en naar de boerderij<br />
en schuren aan de overkant van de straat waaraan<br />
het klooster was gelegen.<br />
Tien jaar later dan in Rhenen, namelijk in 1398, werd<br />
ook in Wijk bij Duurstede een vrouwenklooster gesticht:<br />
het St. Maria Magdalenaklooster. Het betrof een<br />
dominicanessenklooster met koorzusters voor religi-<br />
euze taken en een kleinere groep lekenzusters voor<br />
de meer huishoudelijke taken. Velen van hen waren<br />
afkomstig uit de adellijke of betere burgerfamilies.<br />
O P E N DAG I N H E T U T R E C H TS A R C H I E F<br />
Zaterdag 30 oktober van 10.00 tot 16.00 uur<br />
‘Archieven in de etalage’, zo was de titel van een rap-<br />
port dat in 2000 verscheen en dat vooral gericht was<br />
op de publieksgerichte activiteiten van de archief-<br />
diensten in Nederland. Sindsdien zijn er vele andere<br />
rapporten over datzelfde thema verschenen, maar de<br />
teneur was overal dezelfde: er ligt zoveel prachtig<br />
materiaal in de depots en de archiefdiensten kun-<br />
nen zoveel hulp bieden, maar er wordt nog te weinig<br />
gebruik van gemaakt. En dus is de opdracht: zorg dat<br />
je zichtbaar wordt in het culturele leven van de stad<br />
en van de provincie.<br />
Dat kan door inventarissen en bronnen op internet te<br />
brengen en zo de toegang tot het archiefmateriaal te<br />
vereenvoudigen; dat kan door onderzoeksgidsen uit te<br />
geven die de gebruiker een steun in de rug bieden bij<br />
een onderzoek en dat kan ook door mee te werken<br />
aan exposities die door andere culturele instellingen<br />
gerealiseerd worden of door zelf exposities te maken<br />
en door zoveel mogelijk zichtbaar te zijn en mensen te<br />
attenderen op je bestaan.<br />
Daarom was Het <strong>Utrecht</strong>s Archief een van de eerste<br />
instellingen om de eigen Nieuwsbrief op te heffen en<br />
mee te doen met G M 2 onder het motto: samen zijn we<br />
2 4 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 2 5<br />
zijn sterk.<br />
Dat is ook de reden waarom Het <strong>Utrecht</strong>s Archief mee<br />
doet met de landelijke Open Archievendag op 30 okto-<br />
ber. Het landelijke thema is Archiefschatten, maar in<br />
<strong>Utrecht</strong> willen wij die dag de schijnwerper richten op<br />
de 750-jarige gotische Dom. Dat is toch <strong>Utrecht</strong>s groot-<br />
ste en zichtbaarste schat, waarover in de archiefdepots<br />
veel materiaal te vinden is, zoals bijvoorbeeld de akte<br />
van bisschop Hendrik van Vianden uit 1253 die het<br />
mogelijk maakte dat de Dom gebouwd werd. Tevens zal<br />
in de studiezaal een internetcafé geopend zijn, zal een<br />
aantal oude films te bekijken zijn en is het mogelijk<br />
een kijkje achter de schermen te werpen bij de restau-<br />
ratieafdeling en de Fotodienst.<br />
U bent van harte welkom.<br />
Het lag in het stadsdeel waar nu de katholieke kerk<br />
met bijbehorende gebouwen staat. Heel anders was<br />
het karakter van het klooster Mariënburg te Soest, dat<br />
omstreeks 1457 werd gesticht in het centrum van het<br />
dorp, niet ver van de kerk. Het klooster behoorde tot<br />
de orde van St. Brigitta. Het complex bestond uit twee<br />
gebouwen, één voor vrouwen (veruit het grootst in<br />
aantal) en één voor mannen. Beide vleugels waren<br />
gescheiden, verbonden zo men wil, door de kapel.<br />
De leiding over het klooster berustte bij de abdis.<br />
Van al deze kloosters is bijna niets meer over. Alleen<br />
het poortgebouw van het kartuizerklooster Nieuwlicht<br />
is heden ten dage nog te vinden vlakbij de Marnixlaan,<br />
niet ver van de Laan van Chartroise te <strong>Utrecht</strong>. •
M a a r t e n L e m m e n s<br />
aktief www.heemschut.nl/utrecht<br />
Heemschut<br />
Voorkom spijt meldt op tijd!<br />
Zoals u in eerdere nummers heeft kunnen lezen, krij-<br />
gen we vaak post van mensen die ons melden dat er<br />
in hun omgeving een stukje cultuur of natuur wordt<br />
bedreigd. Geen vrolijke berichten, maar toch zijn we<br />
er blij mee. Om ons beschermingswerk goed te kun-<br />
nen doen, is dergelijke informatie namelijk onontbeer-<br />
lijk. Hoe beter, en vooral ook hoe eerder we op de<br />
hoogte zijn, des te doeltreffender kunnen we ingrijpen.<br />
Het komt nogal eens voor dat we berichten krijgen die<br />
we haast als noodkreten kunnen betitelen. De inhoud<br />
daarvan kan ruwweg worden samengevat met: ‘we<br />
hebben al tevergeefs van alles geprobeerd, zou<br />
Heemschut nog iets kunnen doen?’. Helaas is het in<br />
een zo laat stadium ook voor ons vaak moeilijk om<br />
nog iets te bereiken; als de ambtelijke molens zich<br />
eenmaal in beweging hebben gezet, is het vaak moeilijk<br />
om ze weer stil te leggen.<br />
Het is goed dat de overheid, wanneer er bijvoorbeeld<br />
discussie ontstaat over een bouwproject waarbij<br />
monumenten in het gedrang dreigen te komen, er<br />
vaste procedures op na houdt om zo’n discussie in<br />
goede banen te leiden. Zowel de burger als de over-<br />
heid en projectontwikkelaars kunnen hun standpun-<br />
ten naar voren brengen en beslissen of en hoe een<br />
bepaald project doorgang kan vinden. Bij dergelijke<br />
discussies is Heemschut vaak ook betrokken, maar<br />
niet altijd zo bijtijds als wij graag zouden willen.<br />
Simpel gezegd: hoe eerder wij mee kunnen praten,<br />
hoe meer we kunnen bereiken.<br />
Daarom willen we alle monumentenminnaars op het<br />
hart drukken: aarzel niet om ons zo vroeg mogelijk te<br />
waarschuwen. Natuurlijk juichen we het van harte toe<br />
wanneer u zelf op de barricaden klimt, maar wanneer<br />
u onze hulp wilt inroepen, kunt u er nooit vroeg genoeg<br />
mee beginnen. Des te meer kans dat wij nog een zin-<br />
volle bijdrage kunnen leveren.<br />
(Her)gebruik van historische panden<br />
Als Heemschut ijveren we voor het behoud van histo-<br />
risch waardevolle panden, dat is bekend. Een dilemma<br />
dat hierbij nogal eens opduikt is: hoe maak je een oud<br />
gebouw weer nuttig en functioneel, zonder dat het<br />
karakter daarvan wordt aangetast? Vooral als een<br />
gebouw een totaal andere functie krijgt dan waarvoor<br />
het oorspronkelijk is gebouwd, kan dat stof voor dis-<br />
cussies opleveren.<br />
Een mooi voorbeeld is het elders in dit blad beschre-<br />
ven geval in Vreeland. Kun je een kerk zomaar ombou-<br />
wen tot woon- of bedrijfsruimte zonder dat daardoor<br />
zijn karakter verdwijnt? Als het alternatief verval en<br />
verwaarlozing is, lijkt verbouwing vaak nog het minst<br />
van twee kwaden. Maar wat als de kenmerken die een<br />
gebouw zijn karakter geven daardoor dreigen te ver-<br />
dwijnen, is verbouwing dan nog zo aantrekkelijk?<br />
Op dergelijke vragen valt geen eenduidig antwoord<br />
te geven, en dat houdt het beschermingswerk van<br />
Heemschut ook levendig. Er is altijd ruimte voor<br />
overleg en discussie, en per geval moet worden<br />
beslist hoe we er als Heemschut over denken en hoe<br />
we gaan optreden. Daarbij staan we altijd open voor<br />
andere opvattingen en denkbeelden, maar blijven we<br />
standvastig als we eenmaal een standpunt hebben<br />
2 6 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 2 7<br />
ingenomen.<br />
In kort bestek<br />
Kamerik<br />
Onlangs maakte het waterschap bekend dat het<br />
plannen heeft om de Kamerikse Wetering te gaan uit-<br />
baggeren en de vervuilde bagger achter een beschoei-<br />
ing in de oevers te storten. Het karakter van de wetering,<br />
dat eeuwenlang vrijwel onaangetast is gebleven, zal<br />
hierdoor ernstig worden verstoord. Heemschut heeft<br />
hier, samen met veel andere belangstellende organisa-<br />
ties, tegen geprotesteerd. Met succes: vooralsnog zijn<br />
de werkzaamheden gestaakt. Natuurlijk blijven we de<br />
zaak in de gaten houden.<br />
Het gemeentebestuur van Kamerik staat mogelijk ook<br />
het aanleggen van een tijdelijk baggerdepot door het<br />
waterschap toe. Dit depot blijkt gepland op de oever-<br />
wal van de Rijn, op een zichtlocatie, op een terrein pal<br />
naast twee archeologisch waardevolle locaties van 13e-<br />
eeuwse versterkte woningen. Het bodemarchief van<br />
bijvoorbeeld oude slotenpatronen gaat hierdoor verlo-<br />
ren. Het waterschap is bereid hierover met ons in<br />
gesprek te gaan. •<br />
Wilt u reageren, dan kunt u schrijven naar onze secretaris, dhr. H. Kuiper, Mijzijde 49, 3471 GP, Kamerik of mailen naar kuiper.duijnker@wxs.nl.<br />
Of bezoek onze website op www.heemschut.nl/utrecht U kunt ook bellen naar ons landelijk kantoor op 020- 622 52 92.
J a c q u e l i e n Vr o e m e n<br />
E d w i n M a e s<br />
‘Kerken<br />
doen mij wat’<br />
Inmiddels staan elk jaar rond de 150 vrijwilligers<br />
gedurende tien weken in elf kerken klaar om belang-<br />
stellenden te ontvangen, rond te leiden en van infor-<br />
matie te voorzien: ongeveer 35.000 bezoeken in<br />
totaal.<br />
Kerken Kijken is ondergebracht bij de STABU,<br />
Stichting Archeologie en Bouwhistorie van de stad<br />
<strong>Utrecht</strong>. Deze stichting is verantwoordelijk voor zowel<br />
Kerken Kijken als Open Monumentendag (die altijd<br />
valt op de laatste dag van Kerken Kijken). De feitelijke<br />
uitvoering wordt gedaan door een professioneel<br />
bureau, dat hiervoor betaald krijgt. Alle anderen:<br />
gidsen, werkgroepleden, teamleiders, stellen zich<br />
tevreden met een onkostenvergoeding.<br />
GM 2 ging op bezoek bij vrijwilliger Ingrid den Daas<br />
(58), teamleider/gids in de Lutherse Kerk en lid van<br />
de werkgroep Kerken Kijken <strong>Utrecht</strong>. Zij woont in een<br />
statig pand in de oude binnenstad, vlak bij ‘haar’ kerk.<br />
Hoe word je gids bij Kerken Kijken?<br />
‘Ikzelf heb in 2001 gereageerd op een advertentie<br />
in het Stadsblad en ben begonnen als gids in de<br />
Lutherse Kerk. Het jaar daarop werd ik teamleider<br />
in deze kerk. En nu doe ík als werkgroeplid zélf de<br />
intake-gesprekken met aankomende vrijwilligers; elk<br />
jaar hebben we een stuk of 25 nieuwe gidsen nodig.<br />
Meestal melden zich wat oudere mensen aan, die<br />
vaak net gestopt zijn met werken of binnenkort gaan<br />
stoppen. De nieuwe gids krijgt een uitgebreide<br />
informatiemap over de kerk: over het gebouw en het<br />
geloof. Wij hebben een introductieprogramma van<br />
twee dagen, de eerste dag krijgen alle gidsen een<br />
inhoudelijk programma, een lezing bijvoorbeeld door<br />
een museumconservator en een historische rondlei-<br />
ding. De tweede dag krijgen de nieuwe gidsen een<br />
training gidsvaardigheden van de gidsen van de<br />
Domkerk, en de wijkagent geeft instructie hoe je met<br />
moeilijke mensen om kunt gaan. Een nieuwe gids<br />
gaat dan meestal als derde gids mee om ingewerkt<br />
te worden. Het duurt wel een paar jaar voor je een<br />
gebouw echt goed ‘in je vingers hebt’, zeker omdat je<br />
gedurende tien weken maar één keer per week gidst;<br />
mede hierdoor blijven de gidsen bijna altijd een lange-<br />
re periode in hun ‘eigen’ kerk. Maar ook de onderlinge<br />
gezelligheid speelt hierbij een rol.’<br />
Hoe gaat het gidsen in de praktijk in zijn werk?<br />
‘Gemiddeld heeft een kerk 15 gidsen, en per dag staan<br />
er twee, of in de grote kerken, drie gidsen. Je bent<br />
geen rondleider die een standaard rondleiding<br />
afdraait, je gaat naar de mensen toe, begroet ze, als<br />
mensen interesse hebben in informatie neem je ze<br />
mee en ga je vertellen. Er zijn ook mensen die zelf<br />
willen kijken en met vragen naar je toe komen, en<br />
anderen willen een half uurtje het gebouw ondergaan<br />
en gaan zitten. Je kunt ook informatie op papier mee-<br />
geven. Het is handig als je Frans, Duits en Engels<br />
spreekt maar het is geen must, want we hebben boek-<br />
jes liggen in die talen en in het Spaans en Italiaans.<br />
Op het ogenblik krijgen we ook mensen uit Oost-<br />
Europa, uit de Oekraïne, Tsjechië, Slowakije, Rusland,<br />
Polen, die spreken vaak wel Engels. Ruim 10 procent<br />
van de bezoekers komt uit het buitenland. Vorig jaar<br />
kwamen in de Lutherse kerk nogal wat studenten die<br />
hier op kamers wonen. Dat druppelt dan zo’n beetje<br />
Al 22 jaar lang is een groot deel van de <strong>Utrecht</strong>se binnenstadskerken in de zomermaanden geopend<br />
voor publiek. Kerken Kijken <strong>Utrecht</strong>, dit jaar van 6 juli t/m 11 september, is in 1982 begonnen op<br />
initiatief van de toenmalige directeur van de VVV. Het leek haar aardig als al die mooie kerken, deels<br />
met belastinggeld gerestaureerd, zouden worden opengesteld voor het grote publiek.<br />
Interview met Ingrid den Daas, gids bij Kerken Kijken<br />
f o t o ’s l i n k s b o v e n : I n g r i d i n d e<br />
d e u r o p e n i n g v a n ‘ h a a r ’ L u t h e r s e<br />
k e r k i n d e H a m b u r g e r s t r a a t . D e<br />
L u t h e r s e K e r k w a s o o r s p r o n k e -<br />
l i j k e e n k a p e l , b e h o r e n d b i j h e t<br />
n o n n e n k l o o s t e r v a n h e t A b r a h a m<br />
D o l e k l o o s t e r e n g e w i j d a a n d e<br />
H e i l i g e U r s u l a . D i t w a s i n 1 4 1 2<br />
g e s t i c h t d o o r A b r a h a m D o l e , e e n<br />
r i j k U t r e c h t s b u r g e r ( d e s t r a a t<br />
a c h t e r d e k e r k h e e t d e A b r a h a m<br />
D o l e s t e e g ) . S i n d s d e R e f o r m a t i e<br />
w a r e n a l l e e n k e r k d i e n s t e n v a n<br />
H e r v o r m d e n t o e g e s t a a n , m a a r<br />
i n d e a c h t t i e n d e e e u w w e r d h e t<br />
b e l e i d h i e r o m t r e n t v e r s o e p e l d .<br />
I n 174 3 k r e e g d e L u t h e r s e<br />
g e m e e n s c h a p d e v o o r m a l i g e k a p e l ,<br />
d i e z i j u i t b r e i d d e n m e t t w e e h u i z e n<br />
a a n d e s t r a a t k a n t , m e t d a a r v o o r<br />
é é n v o o r g e v e l . D e L u t h e r s e k e r k<br />
z a g e r d a a r d o o r v a n b u i t e n a f n i e t<br />
d u i d e l i j k a l s e e n k e r k g e b o u w<br />
u i t . I n g r i d k r i j g t n u r e g e l m a t i g<br />
b e z o e k e r s u i t d e s t a d , d i e z e g -<br />
g e n : ‘n o o i t g e w e t e n d a t h i e r<br />
e e n k e r k z a t ! ’ D e ‘v e r m o m m i n g ’<br />
v a n d e k e r k w e r k t b l i j k b a a r n o g<br />
s t e e d s g o e d . f o t o l i n k s : Z i c h t o p<br />
d e d o o p t u i n v a n a f d e m i l i t a i r e<br />
b a n k o p d e g a l e r i j . f o t o b o v e n :<br />
A r t D e c o - z w a a n o p d e b u i t e n m u u r,<br />
s y m b o o l v o o r L u t h e r. I n e n o p<br />
d e k e r k z i j n n o g m e e r z w a n e n<br />
t e v i n d e n , e c h t i e t s o m e e n s a a n<br />
e e n g i d s t e v r a g e n t i j d e n s K e r k e n<br />
K i j k e n !<br />
2 8 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 2 9
innen, en met sommige mensen krijg je heel interes-<br />
sante gesprekken.’<br />
Moet je als gids ook goed met mensen om kunnen gaan?<br />
‘Ja, en je moet ook moeilijke situaties aankunnen. Je<br />
hebt met junks te maken, met daklozen, en een kerk<br />
trekt ook wel mensen die psychisch wat minder stevig<br />
in de schoenen staan, dan is het ook prettig om met<br />
zijn tweeën te zijn. Ik heb wel eens bezoekers gehad<br />
waarvan ik dacht, nou... meestal waarschuwen we dan<br />
meteen de andere gids, we gaan er dan op af, leggen<br />
contact; je luistert naar hun verhaal, en wat ik ook wel<br />
eens doe als ik denk: ‘het is wel goed als hij gaat’, dan<br />
blijf ik in beweging, ik loop met hem mee en dan<br />
loods ik hem zo geleidelijk naar de uitgang. Maar voor<br />
mij is het contact met al die verschillende mensen<br />
één van de charmes van het gidsen. Ik vind het ook<br />
aardig om zelf in de binnenstad te wonen en allerlei<br />
soorten mensen tegen te komen. Het is ook heel erg<br />
leuk om mensen mooie onverwachte dingen te laten<br />
zien, waar ze normaliter aan voorbij zouden lopen.<br />
Dat ze de kerk uitgaan met het idee: “goh, dat wist ik<br />
nog niet!’<br />
Contact met de mensen vind je leuk,<br />
wat trekt je aan in kerken?<br />
‘Ik ben geïnteresseerd in cultuurhistorie en in kerk-<br />
gebouwen. Die gebouwen vertellen iets over de<br />
geschiedenis van de stad. En ik hou erg van de<br />
binnenstad, wij wonen hier nu twaalf jaar.<br />
Is Kerken Kijken misschien ook een mogelijkheid<br />
om je eigen omgeving beter te leren kennen?<br />
‘Ja, eigenlijk zou je dat best zo kunnen zeggen... we<br />
hebben 24 jaar in De Meern gewoond, en inderdaad,<br />
ik heb die cultuurhistorische interesse pas echt goed<br />
Kijk ook eens op de website www.kerkenkijken.nl<br />
gekregen vanaf het moment dat we hier kwamen<br />
wonen. Je zou het dus inderdaad verkennen van deze<br />
omgeving kunnen noemen.’<br />
Dus je zou ook gildegids kunnen worden?<br />
‘Nee, ik vind het niet zo aantrekkelijk om midden in<br />
de winter, weer of geen weer, door de stad te lopen<br />
met een groep mensen.’<br />
Heb je nog om andere redenen interesse in kerken,<br />
of is het puur cultuurhistorisch?<br />
‘Zo’n kerkgebouw doet mij altijd wat... hoewel beslist<br />
niet om religieuze redenen hoor!’<br />
Wat doet zo’n gebouw je dan?<br />
f o t o l i n k s : I n g r i d m e t d e<br />
g i d s e n A l i e B e r g e r e n J a a p<br />
K u n s t v o o r d e d o o p t u i n .<br />
f o t o r e c h t s : D e w e z e n b a n k<br />
Dus je gaat niet borduren? ‘Nee, dat zit er niet in!’<br />
‘Wat het mij doet? De Lutherse kerk bijvoorbeeld vind<br />
ik een heel charmant intiem gebouw, heel Duits ook,<br />
er gaat veel warmte van uit. Heel anders dan bijvoor-<br />
beeld de Pieterskerk, die vind ik ook prachtig, vooral<br />
de lichtval, maar wel afstandelijker. Kerken hébben<br />
iets, vaak is dat trouwens het speciale licht. En ook<br />
de achtergrondgedachte: wat beogen mensen nu om<br />
zo’n kerkgebouw neer te zetten, om daar zoveel in te<br />
investeren, mentaal, financieel en ook lijfelijk. Wat<br />
voor sociaal-psychologische factoren zitten daar ach-<br />
ter. Als sociaal wetenschapper vind ik dat boeiend.<br />
Inmiddels ben ik niet meer actief betrokken bij het<br />
arbeidsproces. De tijd om leuke dingen te doen is<br />
nu dus aangebroken. Ik zet me graag ergens voor in<br />
maar het moet ook nut hebben, relevant werk zijn,<br />
niet alleen maar een beetje mezelf bezighouden.<br />
Bovendien, als je niet meer werkt is het ook prettig<br />
om sociaal en intellectueel actief te blijven.’<br />
Dus je gaat niet borduren?<br />
‘Nee, haha, dat zit er niet in.’ •<br />
De Monumentopname<br />
van...<br />
Marja de Jongh, is werkzaam als medewerker<br />
behoud en educatie bij museum Het Rondeel<br />
3 0 g m k w a d r a a t n u m m e r 3 h e r f s t 2 0 0 4 3 1<br />
in Rhenen.<br />
Slopen of bewaren?! Is een actieve werkvorm die de afdeling Cultuur & School van het <strong>Erfgoed</strong>huis al enkele<br />
jaren met succes gebruikt in het voortgezet onderwijs. De redactie van GM 2 wil graag weten hoe deze<br />
opdracht uitgevoerd wordt door de mensen die verstand van monumenten (zouden moeten) hebben.<br />
Het meest favoriete monument<br />
Sommige monumenten zijn als som meer dan de afzonderlijke<br />
monumenten. Rhenen, gezien vanaf de Rijnoever, is daar een<br />
voorbeeld van. Jaarlijks bezoeken duizenden mensen te voet of op<br />
de fiets dit ‘museum aan de rivier’: een monument van een eeu-<br />
wen oud vestingstadje langs de Rijn. Echter ‘Het Oude Raadhuis’<br />
en de Cunerakerk, met zijn imposante toren, zijn de enig overge-<br />
bleven werkelijke monumenten. Toch dissoneert het in de Tweede<br />
Wereldoorlog, in een tamelijk sobere plattelandsarchitectuur<br />
(Delftse School), herbouwde centrum niet met deze werkelijke<br />
monumenten.<br />
Zou een monument moeten zijn<br />
Is een natuurreservaat een conservering van een monument?<br />
Mijn inziens is de Grebbelinie in dit spanningsveld beland.<br />
Naast de beroemde, veelvuldig op schildersdoeken en in kronieken<br />
vastgelegde verrichtingen van Tromp en De Ruyter, vormen ook de<br />
zuid-oostelijk gelegen verdedigingswerken van Holland een cultuur-<br />
historisch document. De geschiedenis van de Grebbelinie, een<br />
verzameling van verdedigingswerken en inundatiegebieden, vormt<br />
een afspiegeling van de ontwikkeling van het militair-strategisch en<br />
technologisch denken in Nederland. De vele visies die in de loop<br />
van de tijd tot transformaties van de verdedigingswerken hebben<br />
geleid, vormen een geschiedenis op zich. In een natuurreservaat<br />
dreigen echter, door de ontwikkeling van flora en fauna, de sporen<br />
van deze geschiedenis overwoekerd te worden.<br />
Als dit zou kunnen worden verwijderd<br />
Niet alleen bouwsels, maar ook het cultuurlandschap, vormen<br />
vrij toegankelijke prachtige monumenten. Soms heeft dit geleid<br />
tot juweeltjes van cultuurlandschap, zoals de grens tussen het<br />
gemengd bedrijf van de Gelderse Vallei en de bosbouw op de<br />
<strong>Utrecht</strong>se Heuvelrug. In dit landschap van beboste hellingen,<br />
akkerbouw en veeteelt, ontwikkelt zich echter gestaag de ‘witte<br />
schimmel’ van de zeer welgestelden. Niet verscholen in het bos,<br />
maar prominent in het oog springend, verschijnen in de bosranden<br />
riante mediterrane villa’s. Het is jammer dat hierbij het bouwver-<br />
gunningstelsel toch vooral een lokaal politieke aangelegenheid is,<br />
waarbij plaatselijke belangen een objectieve afweging vaak in de<br />
weg staan.
F r e d Vo g e l z a n g<br />
3 nieuwe<br />
In de net verschenen Handleiding ‘Laat de geschiedenis van uw<br />
omgeving zien’; komt de naar ik aanneem onbedoeld verkeerd<br />
gespelde term ‘stedenstripper’ voor. Misschien een Freudiaanse<br />
vergissing, een die een aanwijzing geeft voor de gevolgen van<br />
het massatoerisme voor het erfgoed: van je mooie stad blijft<br />
weinig over als er honderdduizenden mensen jaarlijks doorheen<br />
gejaagd worden. Dat is uiteraard ook niet de bedoeling van deze<br />
handleiding die is geschreven om plaatselijke erfgoedinstellingen<br />
als archieven, musea en historische verenigingen, een handvat te<br />
bieden hoe het lokale culturele erfgoed op een goede wijze aan<br />
bezoekers van buiten te presenteren. Er worden veertien vormen<br />
uitgewerkt, variërend van wandelingen, maquettes, videofilms tot<br />
verhalen vertellen. Feitelijk zijn al deze vormen gebaseerd op een-<br />
zelfde inhoud: de verhalen die de achtergrond van al die zichtbare<br />
monumenten en andere overblijfselen vormen. Ook een fiets-<br />
route is tenslotte pas leuk als het meer is dan een opsomming<br />
van ‘u ziet hier links….’. De handleiding benadrukt het maken van<br />
keuzes: het heeft geen zin om alles te willen vertellen. Verstandig<br />
is het, om de unieke elementen die lokaal aanwezig zijn te inven-<br />
tariseren en op basis daarvan een interessant verhaal op te bou-<br />
wen. Vervolgens kan dan de meest geschikte presentatietechniek<br />
worden gekozen. Een bijkomend voordeel is dat niet alle lokaal<br />
aangeboden cultuurhistorische producten dan op elkaar gaan<br />
lijken: juist dat wat uw woonplaats onderscheidt is uitgangspunt.<br />
Een klein terzijde daarbij kan zijn, dat daarmee het gewone dage-<br />
lijks leven van vroeger uit beeld verdwijnt. Maar misschien is uw<br />
woonplaats wel uniek door zijn gewoonheid…<br />
Zeker niet gewoon maar wel geschikt voor toeristen is de Fundatie<br />
van Renswoude, het fraaie Roccocopand aan het einde van de<br />
<strong>Utrecht</strong>se Lange Nieuwstraat. Dit jaar bestaat die fundatie, die<br />
door een rijke weduwe werd opgericht om begaafde jongelieden<br />
uit het ambachtskinderhuis een vervolgopleiding te bieden, 250<br />
jaar. Dat wordt ondermeer gevierd door een lijvige geschiedenis<br />
van deze en de andere twee, in Delft en Den Haag gelegen fun-<br />
daties, uit te brengen. De <strong>Utrecht</strong>se fundatie heeft besloten om<br />
een bouwkundige beschrijving van het pand te publiceren. Het<br />
boek, gebaseerd op de uitgebreide nagelaten archieven, waarin<br />
onder meer is bewaard gebleven hoe, door wie, en voor hoeveel<br />
geld de diverse onderdelen zijn gemaakt, biedt een uitgebreide<br />
beschrijving van in- en exterieur, dat voor een flink deel nog in<br />
oorspronkelijke vorm is bewaard gebleven. Bij veel voorwerpen<br />
als klokken, meubels, spiegels maar ook plafonds en gordijnen,<br />
zijn aardige anecdotes opgenomen, die een beeld geven van de<br />
inrichting door de eeuwen heen. Een nadeel van het boek is ech-<br />
ter, dat door de nadruk op de materiële overblijfselen, het gebruik<br />
en de mensen die daar hebben geleefd en gewerkt, niet uit de<br />
verf komt. Dat is waarschijnlijk ook veroorzaakt door de keuze,<br />
om naast dit boek nog een totale geschiedenis van de fundaties<br />
te laten schrijven, maar het zou de verhalen over het gebouw<br />
‘menselijker’ hebben gemaakt.<br />
Menselijk is zeker het boekje over het Driebergse instituut Coolsma,<br />
een bijzondere school die dit jaar haar eeuwfeest viert. De<br />
Driebergse historicus Dick Steenwijk, die al eerder succesvolle<br />
dorpsgeschiedenissen schreef, waarin mensen die voor toeris-<br />
ten aantrekkelijke verhalen willen vertellen over dat deel van<br />
de <strong>Utrecht</strong>se Heuvelrug zeker zullen putten, dook in het verle-<br />
den van deze christelijke meisjeskostschool, die in het vooral<br />
katholieke Driebergen een aparte plaats innam. De uit Meppel<br />
afkomstige Maria Coolsma betrok een groot huis en vestigde er<br />
meteen een internaat. De school kreeg machtige beschermheren,<br />
onder meer in de persoon van professor A. Noordzij, een belang-<br />
rijke figuur in de totstandkoming van het protestant christelijk<br />
onderwijs. Hij wist te voorkomen dat het internaat na de dood<br />
van Coolsma werd opgeheven door andere lokale coryfeeën te<br />
overtuigen zitting te nemen in een schoolraad en voor een nieuw,<br />
ruimer gebouw te zorgen. Het boek beschrijft de verdere geschie-<br />
denis en sluit af met vele interviews van docenten en leerlingen.<br />
W. Hoekstra, Laat de geschiedenis van uw omgeving zien.<br />
Handleiding voor het ontwikkelen van producten ter bevordering<br />
van het cultuurtoerisme, NCV/KCO (<strong>Utrecht</strong> 2004)<br />
D. Steenwijk, 100 jaar Coolsma. Jubileumuitgave met de<br />
geschiedenis van bijzonder primair onderwijs in Driebergen-<br />
Rijsenburg, Uitgeverij Kleine Geschiedenis van de Heuvelrug<br />
(Driebergen 2004)<br />
J. de Vries, De <strong>Utrecht</strong>se Fundatie van Renswoude. Het gebouw,<br />
de inrichting en de inventaris, Stichting Matrijs (<strong>Utrecht</strong> 2004)