Het Blaatje Nr. 4 - Faculteit der Sociale Wetenschappen

socsci.ru.nl

Het Blaatje Nr. 4 - Faculteit der Sociale Wetenschappen

Colofon

Het Blaatje is een uitgave van de Nijmeegse studievereniging van sociologie ‘Den Geitenwollen Soc.’.

Het vierde nummer in de negende jaargang uitgegeven op 7 April 2009.

Op internet te vinden via www.dengeitenwollensoc.nl

Kopij naar dengeitenwollensoc@gmail.com

Oplage 120

© DGWS

Hoofdredacteur:

Miriam Dorigo

Eindredacteur:

Miriam Dorigo

2

Blaatje April 2009

Redactie:

Roel Steendijk

Joep van Helden

Eline Wester

Anne ten Cate

Joris Blaauw

Marloes de Hoon

Matthijs Brink

Reneé van der Zanden

Grafisch ontwerp:

Miriam Dorigo &

Roel Steendijk

Fotografie:

Matthijs Brink

Met bijdrage van:

Roel Franken

Met dank aan:

Joost Fledderus

Wouter Jans

Meike van der Linden


Voorwoord

NVAO, de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie voor het hoger onderwijs heeft onze opleiding sociologie

(zowel de bachelor als master) als excellent beoordeeld. We dienen nu als voorbeeld voor sociologieopleidingen

in binnen- en buitenland, en daarmee wil ik de vakgroep van harte feliciteren!

Hopelijk zal Ed Hollander de opleiding niet alleen met taart, maar ook met de middelen voor nog een

hoogleraar belonen, dan kan de toenemende stroom sociologie-studenten met open armen welkom worden

geheten.

In dit Blaatje hebben we het belangrijke sociologische thema armoede onder de loep genomen. Helaas niet

op de excellente manier van kwantitatief multilevel regressie-analyse onderzoek, maar met enkele interviews

met arme mensen in het binnen- en buitenland. Soms moet je inzoomen om het bredere plaatje te

begrijpen, is onze insteek. CBS-cijfers over de aantallen mensen die onder de armoede-grens leven maken

meer indruk als je kunt zien wat dat in de praktijk betekent. Lees daarom ons Dossier Armoede!

De Joep is vernieuwd: nu poëtischer, leuker en mooier (niet Joep zelf, niet alleen Joep vraagt zich af of dat

überhaupt mogelijk is, maar de opmaak ziet er naar mijn bescheiding mening beter uit).

We hebben een nieuwe rubriek, die Reflectie op je Collectie heet. Heb jij nog een verstoffende verzameling

guldens of wil je eindelijk ruchtbaarheid geven aan je horloge-manie, dan is dit je kans!

Nu de lente weer is aangebroken, de vogeltjes zingen en de katten loeren, kunnen we ook weer in het gras

achter de Thomas van Aquino-straat gaan liggen. Laat dit je productiviteit niet beïnvloeden! De zware vakken

Regressie-analyse en Weerstand tegen Minderheden beginnen maar net, en die scriptie moet ook af. Ik

heb al voldoende studenten zien pezen om te begrijpen dat dat excellent-keurmerk stiekem alleen gegeven

wordt omdat ze bij sociologie hebben begrepen dat 28 uur per ECTS ook écht 28 uur betekent. Dat is iets

dat ik bij de samenstellers van mijn minor-vakken soms betwijfelde.

Tussen de colleges door (en misschien ook wel tijdens) hoop ik dat je je zult vermaken met dit Blaatje!

Miriam Dorigo

Blaatje April 2009 3


6

8

12

14

16

Verder in het Blaatje: 3 Voorwoord 5 Bestuurlijke Babbels

13 Suikerkontje 15 De eerstejaars ervaring 17 De Joep 18 OLC en

Strapatsen

4

Als je op dieet bent, mag je dan nog wel in de menukaart

kijken? Hoe staat het met overspelig Nederland? Hoeveel

van ons hebben er een liefje naast en hoe komt het toch dat maar liefs 10

procent van Nederland een bastaardkindje is?

Dossier: Armoede Zowel in Nederland als in het buitenland komt

armoede op grote schaal voor. De schrijnende verhalen waar je elke dag

voorbij loopt in de supermarkt, en de mensen die je op tv terugziet in de

ongelofelijke statistieken. Lees hier hun verhaal.

Levenslessen en foto’s Een foto-column door onze

fotograaf Matthijs Brink met daarin wijze lessen met betrekking

tot essentiële zaken zoals geduldige foto’s, dure foto’s en fotografische

hoogstandjes.

Coca-Cola. Het verboden onderzoek door

William Reymond. Alles wat je denkt te weten over Coca

Cola is een leugen, en de Fransman William Reymond heeft het

op zich genomen deze te ontmaskeren. Lees en huiver.

Reflectie op je collectie Onze nieuwe rubriek Reflectie

op je Collectie geeft mensen de kans eindelijk uit de kast te komen

met hun postzegelverzameling en ook de ‘sociaal wenselijke’

dvd-, cd -en gestolen straatnaambordjes-verzamelingen. In deze

eerste aflevering de dvd’s van Andrea Bongers!

Blaatje April 2009

Blaatje

I

N

H

O

U

D

Uitgave 4

Jaargang 10

aPRIL 2009


Het leed dat plannen heet..

Het begint altijd goed. Een nieuw jaar, nieuwe maand, week of dag, altijd plan je ze, je plannen. Maar dan.. ja, dan

houdt het meestal op. Dan gooi je de goede plannen in een kastje om ze daar te laten verstoffen zolang als het kan.

Zo ook nu, nu ik een paar uur voor de deadline van ‘t Blaatje dit stukje uit mijn mouw probeer te schudden.

Gelukkig bestaan er voor mensen zoals ik twee vormen van plannen: één waarbij goede voornemens en de uitvoeringen

hiervan de sleutels tot succes zijn en één waarbij agenda’s de boventoon voeren. En laat deze laatste vorm

nou toevallig één van mijn specialiteiten zijn...

Woensdag 8 april, midden in de tentamenweek, wordt er een themaloos GWS-feest georganiseerd. Het is een open

feest waarbij vriendjes, vriendinnetjes, broertjes, zusjes en andere relaties meegenomen mogen worden. De locatie

e.d. staan nog niet helemaal vast, maar lees de aankomende nieuwsbrief voor meer informatie en houd 8 april vrij in

je agenda!

Dan is woensdag 15 april dé avond waarop ieder wannabe-become-famous-again GWS-lid zijn hart kan ophalen.

Word één avondje weer even helemaal iemand anders tijdens de Maxi Playbackshow en kruip bijvoorbeeld eens in

de huid van Jan Smit, de Dolly Dots, André Hazes of andere minder bekende artiesten zoals Beyoncé, de Spice Girls of

de Backstreet Boys.

Zoals ook vorig jaar, zal er ook dit jaar weer geragd worden! Op dinsdag 21 april is er in samenwerking met Umoja

een pubquiz georganiseerd om ook dit jaar weer zoveel mogelijk geld binnen te slepen voor de twee goede doelen

van de Ragweek. Vanaf 20.00 uur zal het Cultuurcafé op de campus in het teken staan van stichting Let Kids Smile &

Stichting Leergeld Nijmegen, waar ook jij voor slechts €2,- al bij kan zijn! Kijk voor meer informatie op www.ragweek.

nl.

Iedere woensdagmiddag tussen 16.00 – 17.00 uur wordt er heftig getraind en dat is niet zonder reden, want in het

weekend van 25 april is het dan zover; de Batavierenrace. Tijdens deze grootste estafetteloop van Europa zullen 25

GWS-helden al hardlopend met bloed, zweet en tranen strijden voor een zo hoog mogelijke positie. Vanaf 00.00

uur zullen totaal 12.000 studenten verdeeld over zo’n 300 ploegen van Nijmegen naar Enschede rennen om daar ’s

avonds hun slag te slaan op het welbekende Vatenbieren-feest. Meer informatie over dit spectaculaire evenement

kun je vinden op www.batavierenrace.nl of bij Meike & Joris C.

Dan toch nog even iets studiegerelateerds, op vrijdag 15 mei tussen 10.45 – 12.30 uur zal er bij de cursus ‘Lifecourse

in Perspective’ een gastcollege gegeven worden door Abram de Swaan. Onder andere bekend van zijn boek Zorg en

de staat; welzijn, onderwijs, gezondheidszorg in Europa en de Verenigde Staten in de Nieuwe Tijd zal De Swaan in

CC05 spreken over de sociogenese van gewelddadigheid.

Zet deze activiteiten vandaag nog allemaal in je agenda en zorg ervoor dat je het leed dat plannen heet nastreeft..!

Jolyn Kersten secretaris SVDGWS

Bestuurlijke babbels

Ieder Blaatje licht het bestuur een tipje van de sluier op

Blaatje April 2009 5


Als je op dieet bent, mag je dan nog

Enkele weken geleden in de kroeg begon één van mijn vrienden het gesprek met deze opmerking: ‘Als je op

dieet bent, dan mag je nog wel in de menukaart kijken’. Dit zei hij terwijl hij het meisje dat net langs onze

tafel liep bleef nastaren. Met zijn opmerking bedoelde hij (in termen van relaties) dat als je een vaste relatie

hebt, je altijd nog wel naar andere vrouwen/mannen dan je partner mag kijken, zolang je er maar vanaf

blijft.

Na deze opmerkingen volgden al snel andere ‘foute’ maar toch grappige opmerkingen als: ‘het is leuk om zo nu

en dan buiten de deur te eten.’ Vertaald: het is soms wel leuk om met een ander dan je vaste relatie het bed in te

duiken. Of: ‘buiten de deur eten is wel duurder, maar dan kan je wel gelijk met het toetje beginnen.’ Vertaald: naar

de hoeren gaan kost geld, maar dan kan het voorspel wel worden overgeslagen. Een andere jongen had ook nog een

grappige opmerking bedacht: ‘buiten de deur eten is lekker, leuk en spannend en je kunt de afwas en ander afval ook

nog eens achterlaten.’ In relatietermen vertaald: Vreemdgaan is lekker, leuk en spannend en je ervaart alleen maar

de voordelen. Deze situatie zette me aan het denken en ik besloot dat het hoog tijd werd om eens te kijken hoe het

met het ‘buiten de deur eten’ in Nederland staat.

Hoewel aardig wat mensen vreemdgaan, wijst 90 procent van de mensen vreemdgaan af1 . Vreemdgaan is dus iets

waar mensen niet openlijk over praten. Mensen geven op vragen over vreemdgaan sociaal wenselijke antwoorden,

waardoor cijfers en feiten over vreemdgaan en buitenechtelijke relaties worden onderschat. Toch zijn er wel cijfers

over dit onderwerp bekend. Daarnaast is

wat mensen onder vreemdgaan verstaan erg

verschillend en is er een groot grijs gebied. 2

De definitie van vreemdgaan verschilt van

cultuur tot cultuur en van koppel tot koppel. 3

De één verstaat onder vreemdgaan al flirten of

zoenen, terwijl de ander net als de Dikke Van

Dale onder vreemdgaan echt alleen seksueel

contact met een ander dan je vaste partner

verstaat.

6

Blaatje April 2009

Uit het seksonderzoek gedaan door Durex in

2005 blijkt dat 31 procent van de Nederlanders

wel eens is vreemdgegaan. Wereldwijd

blijkt 22 procent van de mensen wel eens

vreemd te gaan. Nederland scoort dus behoorlijk

boven het wereldwijde niveau, maar

onder welke leeftijdscategorie deze enquête

is afgenomen is jammer genoeg niet bekend.

Verder blijkt dat tien procent van de kinderen

buitenechtelijk is verwekt en uit diverse

DNA-onderzoeken is gebleken dat alleen al in

Nederland 1.600.000 mensen rondlopen die

buitenechtelijk zijn verwekt 1 .

De verklaring hiervoor heeft de Engelse

bioloog Robin Baker aangedragen. Hij heeft

namelijk onderzoek gedaan naar spermaoorlogen.

Volgens Baker (2006) 4 bevat het

sperma van een man slechts 1 procent zaad

dat daadwerkelijk de eicel van een vrouw zou

kunnen bevruchten. De andere 99 procent

van het sperma is er om spermacellen van een

andere man uit te schakelen. Robin Baker zegt


wel in de menukaart kijken?

dan ook dat vrouwen geen monogame wezens

behoren te zijn, anders hadden spermacellen

niet voor een groot deel deze functie

gehad. Daarnaast zouden vrouwen ook nog

de voorkeur voor de man kunnen geven die

zij willen om kinderen van te krijgen. Het is

namelijk volgens Robin Baker zo dat als

vrouwen een orgasme krijgen zij sneller

bevrucht zullen raken, dan wanneer er geen

orgasme gekregen wordt. Het is bovendien

bewezen dat vrouwen bij hun minnaar sneller

klaar komen dan bij hun vaste partner.

Ook is gebleken dat mannen die naar bed

gaan met een vrouw die een vaste partner

heeft een dubbele dosis zaad produceren. Een

ejaculatie bevat normaal 300 miljoen spermazoïten,

terwijl het sperma van een minnaar

600 miljoen spermazoïten bevat. Het gevolg

is dus dat vrouwen een grotere kans hebben

om van een minnaar zwanger te worden, dan

van hun vaste partner. Waardoor de kans op

buitenechtelijke kinderen dus groter wordt 1 .

En als je dan betrapt wordt door je vaste

partner op het ‘buiten de deur eten’ dan zal

dat gevolgen hebben voor je relatie. Uit cijfers

van het CBS is gebleken dat het aantal echtscheidingen

sterk is toegenomen. Het aantal

echtscheidingen is van 2004 tot 2005 met

2000 toegenomen tot 33.000, wat te vergelijken

is met 100 echtscheidingen op een dag 5 .

In 2006 nam het aantal scheidingen af naar

31,700. Botsende karakters en ‘iemand anders

in het spel’ zijn volgens het CBS

de voornaamste redenen waarom mensen zijn

gescheiden, gevolgd door op elkaar uitgekeken

zijn en onverenigbare toekomstplannen.

Zo, ik hoop dat ik jullie genoeg heb kunnen bijspijkeren op dit gebied. Dan is het enige wat me nog rest het meegeven

van enkele tips. Ten eerste: stel je altijd netjes voor, zo voorkom je dat je vreemdgaat. Tip 2: als je vreemdgaat, doe

het dan veilig, want voor je het weet is dat ‘buiten de deur eten’ niet meer buiten de deur eten, maar ‘thuis blijven

eten’ en moet je een ander restaurant zoeken om in de menukaart te kunnen kijken.

Anne ten Cate

Tabel: Voornaamste redenen voor echtscheiding in 2006 in procenten

(meerdere redenen mogelijk), opgesplitst naar geslacht.

1. http://www.vreemdgaan-overspel.nl/feiten.html (hoe betrouwbaar deze gegevens zijn, durf ik niet te zeggen).

2. http://daretoo.nl/2009-02-27/vreemdgaan-not-done

3. http://nl.wikipedia.org/wiki/Ontrouw

4. Robin Baker (2006). Sperm Wars: Infidelity, Sexual Conflict, and Other Bedroom Battles. Thunder’s Mouth Press.

5. http://www.verbeterjerelatie.nl/onderzoek/echtscheiding/__

Blaatje April 2009 7


Dossier Armoede

Om erachter te komen hoe mensen het redden als zij leven in armoede, hebben Roel, Joris en Miriam interviews

gehouden met arme mensen uit verschillende landen. Voor Roel is dat China, voor Miriam Zuid-Afrika,

en Joris heeft in Nederland onderzocht hoe het is om in armoede te leven. Hoe besteden deze mensen hun

magere inkomen, wat zijn de dagelijkse zorgen van hun bestaan?

Lees dit stuk met méér dan de gebruikelijke afstand. Stel je voor dat je een van deze mensen bent, probeer

eens een oplossing te bedenken voor hun situatie. Het doel van dit artikel is niet je schuldgevoel aan te

spreken, maar je voorstellingsvermogen. Succes ermee.

Armoede is overal

8

Blaatje April 2009


Armoede in Nederland

Veel mensen leven in de veronderstelling dat armoede in Nederland niet of nauwelijks voorkomt en als er

daadwerkelijk sprake is van ‘armoede’, dan is dat wel ontzettend relatief. Vaak wordt al snel de vergelijking

met Afrika of Azië getrokken, daar kennen ze immers echte armoede. Aan de hand van een eigen ervaring

en wat cijfers wil ik dit beeld proberen te nuanceren en laten zien dat er daadwerkelijk schrijnende armoede

voorkomt in ons land!

Ik denk terug aan november 2006. Laat in de ochtend

word ik gebeld door een vrouw. Ze vraagt of ze spreekt

met de fractiesecretaris van Groenlinks en nog voordat

ik bevestigend heb kunnen beantwoorden start ze

haar relaas. Ze beschrijft hoe haar ‘Steunpunt Armoede

Rheden’ wordt overspoeld door mensen die in nood zijn.

Daar was niets relatiefs aan. Mensen dreigden te worden

afgesloten van gas, water en elektriciteit aan de vooravond

van de winter, dagelijkse boodschappen konden

niet betaald worden en moeders vreesden dat zij geen

Sinterklaascadeaus konden kopen voor hun kinderen.

Toen ik kort daarna in contact werd gebracht met een

alleenstaande vrouw, Annemarie, met drie kinderen die

rond moest komen van een bijstandsuitkering wist ik het

zeker: armoede in Nederland bestaat!

Recente cijfers tonen aan dat ongeveer acht procent van

de Nederlandse bevolking een inkomen onder de armoede

grens heeft. Deze grens ligt voor gezinnen met één

of meerdere kinderen rond de vijftienhonderd euro per

maand (kennislink.nl). Van dit bedrag moeten alle vaste

lasten (belastingen, verzekeringen, schoolgelden, etc.)

nog af. Een bijstandsuitkering is gemiddeld net zo hoog

als het minimumloon (per 1 januari 2009 is dat vastgesteld

op 1381,20 door het Ministerie van Sociale Zaken

en Werkgelegenheid).

Ik leerde Annemarie dus kennen via het Rhedense steunpunt

voor armoede, samen met haar kinderen woonde

ze in Velp. Ik kwam binnen in een huisje dat geverfd in

vrolijke lichte kleuren gezellig aandeed. De tafel was

gedekt met een kleedje van de Zeeman, de kinderen

speelde met speelgoed van de Action en ’s avonds kwam

er eten van de Lidl op tafel. Het leek er gezellig. Ik zeg

expres dat het er gezellig léék. Achter het masker van

vrolijkheid ging namelijk een dagelijkse strijd verborgen.

Annemarie kon maximaal vijf euro per dag uitgeven aan

eten. Door te bezuinigen op eten spaarde ze een beetje

voor kleding voor de kinderen en zichzelf en voor onverwachte

uitgaven.

Annemarie is niet de enige vrouw die moet bezuinigen

op eten. De voedselbank schat dat ruim tien procent van

de Nederlandse gezinnen bezuinigt op primaire uitgaven,

omdat ze anders maar met moeite het hoofd boven water

kunnen houden.

Gelukkig bieden lokale overheden hulp. Zo zijn er

‘witgoed-plannen’ die bijstandsgezinnen financieel hulp

bieden bij de aanschaf van een wasmachine en veel

gemeenten betalen (een deel van) de contributie voor de

sportclub van de kinderen.

Via Annemarie leerde ik Jorg kennen. Samen met zijn

moeder huurde hij een bovenwoning, ook in Velp. Jorg

zat in de vierde klas van het atheneum. Het leren ging

goed, hij haalde alleen maar voldoendes. Internetgebruik

werd echter een probleem; zijn moeder kon geen computer

betalen en na schooltijd en in het weekend had

Jorg dus geen toegang tot internet. In onze samenleving

betekent dat een absolute achterstand. Gelukkig werd

Jorg geholpen door de plaatselijke Rotary, maar het is

maar de vraag of al die andere jongeren hetzelfde geluk

als Jorg hebben.

Naast geen toegang hebben tot internet is de aanschaf

van studieboeken, het betalen van schoolgeld of het

betalen van deelnemersgeld voor activiteiten een terugkerende

hel voor sommige mensen. Hun kinderen wordt

ieder pleziertje ontzegd, omdat nou eenmaal alles geld

kost. Er bestaan inderdaad allerlei regelingen om mensen

onder de armoedegrens te helpen. Dat is goed, absoluut

goed! Maar iedere keer weer die drempel passeren om

tegen een ambtenaar, schoolmedewerker, buurman

of wie dan ook je situatie uit te moeten leggen is heel

zwaar.

Overal moet je weer overtuigend bewijzen dat je

aanspraak maakt op een individuele regeling. Dat is niet

alleen onhandig, maar ook vermoeiend en ontzettend

vervelend. Je moet alle zeilen bijzetten om je hoofd

boven water te houden, maar ondertussen moet je aan

tientallen verschillende mensen je situatie uitleggen en

al smekend je hand op houden.

De situatie is schrijnend in Nederland. Gelukkig heeft

Annemarie haar vervelende periode min of meer de rug

toegekeerd en begint Jorg over een jaar aan een universitaire

carrière en heeft hij de kans om zijn situatie te

ontstijgen, vele anderen hebben of krijgen die kans niet.

Hun situatie is bijna uitzichtsloos te noemen en ik vind

dat verschrikkelijk!

Armoede moet wereldwijd worden uitgebannen, dus ook

in Nederland!

Joris Blaauw

Blaatje April 2009 9


Armoede in China en Zuid-Afrika

10

Uitzicht over de stad Wuhan

China

De Yangtze rivier hebben we gisteravond achter ons

gelaten en we zijn met een bus vol onbekende Chinezen

gedropt, ergens in het Wuchang gedeelte van Wuhan.

Vanuit de andere hostels was al duidelijk dat Wuhan

geen typische toeristenstad was en zodoende was er

ergens in die enorme stad ook maar één Youth Hostel.

Gelukkig waren hier de taxichauffeurs, hoewel even

onverstaanbaar, een stuk betrouwbaarder dan in Beijing

of Chengdu. Na een klein half uur gereden te hebben

stopten we rond 6 uur ’s ochtends voor het hostel waar

we eindelijk een redelijk bed konden krijgen. We liepen

naar binnen en achter de balie stond een vrolijk lachend

meisje die ons meteen hielp een kamer te bemachtigen,

en die ons uitleg over het hostel gaf. Behalve Laurence,

het baliemeisje, en ik leek er niemand te zijn en ook niemand

meer te komen. Uitgeblust van de reis besloten we

haar toch weer alleen achter te laten en een warm bed

op te zoeken.

Wuhan is een grijze stad waarin vergeleken met andere

grote steden nauwelijks cultuur te vinden is. Vóór de

grote trots van de stad, een enorme brug voor trein en

auto, ligt de beroemde Yellow Tower, en ergens in het

zuidoosten van de stad schijnt een vakantieverblijf van

de grote Mao te fonkelen. In de Han-dynastie (rond

Blaatje April 2009

Christus) was Wuhan het economische centrum van

China en vandaag de dag komen de handelaren nog

uit Sjanghai langs de rivier naar beneden om goedkope

deals te maken. Het heilsdoel van de stad lijkt dan ook

sterk met die van het oud communistische regime verbonden

te zijn: werken, werken en nog eens werken.

Bij het plannen van de vervolgreis richting Beijing leerde

ik de baliemedewerkster Sunshine beter kennen. Waar

toeristen urenlang op het internet aan het ploeteren zijn

kreeg zij het via MSN en de telefoon het binnen een uur

voor elkaar dat ik voor 500 Yuan (zo’n 60 euro) met het

vliegtuig verder kon. Terwijl ik aan het wachten was op

mijn sweet-sour pork bond ik het gesprek met haar aan.

Ze is enig kind en haar

ouders wonen ook in Wuhan. Ze heeft de middelbare

school afgemaakt met een major in maritieme wetenschappen.

Voor de afgelopen drie jaar werkte ze in het

Pathfinders hostel en het beviel haar goed. In een week

werkt ze alle zeven dagen met een gemiddelde van 10

uur per dag. Daarvoor mocht ze in een klein hokje slapen

achter de balie, elke dag twee keer eten pakken (maar

geen duur vlees of vis) en krijgt ze in de maand tussen de

1200-1500 Yuan (zo’n 150 – 180 euro) afhankelijk van het

aantal uur dat ze heeft gemaakt.

Natuurlijk moet je armoede als iets relatiefs zien. De leefstandaarden

liggen veel lager in China dan in ons ‘rijke’

westen. Om een voorbeeld te geven kost een maagvullende

bak noodles slechts 2 yuan, zo’n 25 eurocent en

iemand trakteren op McDonald’s is vergelijkbaar met een


Naam: Sunshine (Chinezen mogen een eigen

Engelse naam verzinnen)

Leeftijd: 22 jaar

Plaats: Wuhan, China

Scholing: Middelbare school diploma

Baan: Baliemedewerkster Pathfinders Youth

Hostel in Wuhan

Familie: Enig kind met ouders in Wuhan

avondje in ‘de Ontmoeting’. Daarnaast is de mentaliteit

van de Chinees totaal anders dan die van de Europeaan.

De Chinese samenleving is sterker gericht op het overleven,

op de primaire behoeften. Onderdak en voedsel

zijn samen met sterke familiebanden voldoende om een

gelukkig leven te leiden. Om die reden was ze ook meer

dan tevreden, ze kreeg eten en onderdak van haar werkgever.

Daarnaast had ze voor een Chinees meisje een

redelijk salaris waardoor ze kon sparen en op vrije dagen,

hoe weinig dat er ook mogen zijn, reisjes kon maken.

Met mijn laatste vraag vroeg ik haar naar haar dromen

voor de toekomst. Die moesten er toch zeker zijn bij zo’n

intelligent en knap meisje. Eerst reageerde ze negatief

en vertelde dat ze geen dromen had maar al snel kwamen

de fantasieën van het reizen en de wereld verkennen

bovendrijven. Ze wilde wel eens naar Nederland

komen want daar moest het toch prachtig zijn. Natuurlijk

nodigde ik haar uit om zeker eens naar Nederland te

komen maar zulke dromen blijven voor de gemiddelde

Chinees toch altijd dromen. Net een treetje te hoog

gegrepen.

Roel Steendijk

Zuid-Afrika

Het brood ruikt zurig, naar gist, en het moet weg. Maar

voor ik het in de prullenbak kan gooien bedenk ik me en

knoop de zak goed dicht. Ik open de buitendeur, de traliedeur

en daarna de deur van het appartementencomplex,

en leg het zakje opzichtig naast de vuilnisbakken. Vijf

minuten later vertrekken we naar het strand. Het brood

is verdwenen.

Laurence, de concierge, heeft het meegenomen. Joshua,

bij wie ik logeer, heeft het me uitgelegd. Deze man heeft

wel een baan, maar als hij ziet dat ze eten weggooien

wordt hij boos. Dan zegt hij: “The kids are hungry, give it

to me!”. Hij heeft 5 kinderen, ze hebben honger, dus als

we oud brood, overrijp fruit en dergelijke hebben, dan

stoppen we die in een klein tasje en we leggen die naast

de vuilnisbak. Ik vind het geen fijn idee om deze man oud

brood te geven, maar hij wil het graag. Dus ik stop er ook

wat verse appels bij – mijn manier om m’n geweten te

sussen als ik in Zuid-Afrika ben.

Naam: Albert

Leeftijd: 40 jaar

Plaats: Kaapstad, Zuid-Afrika

Scholing: Middelbare school diploma en opgeleid

tot verpleger

Baan: Car guard, op auto’s passen voor een

vrijwillige bijdrage van de eigenaar

Familie: vriendin en 1 zoon

Ik leer een carguard kennen die regelmatig op mijn

gehuurde auto let; zijn naam is Albert. Hij ziet eruit alsof

hij rond de 25 jaar oud is, maar onthult dat hij 40 is. Tien

jaar geleden is hij uit Congo vertrokken, maar hij spreekt

nu perfect Engels. Met het letten op auto’s krijgt hij

vrijwillige bijdrages van de eigenaren, die uiteenlopen

van 1 tot 5 rand. Albert verdient 80 rand per dag (zo’n 6

euro) en ter vergelijking; brood kost ongeveer 8-10 rand,

melk 12.. Hij let op auto’s in het stadsdeel Camps Bay,

de rijkste buurt in heel Kaapstad - ik probeer me voor te

stellen hoeveel de carguards in de buitenwijken verdienen,

dat kan niet veel zijn.

Albert heeft, in weerwil van zijn situatie, een heel vrolijke

sfeer om zich hangen, en hij vertelt graag zijn verhaal. Ik

begin met de vraag naar zijn opleidingsniveau en hoor

dat hij een afgestudeerd verpleegkundige is; “In Congo

werkte ik als verpleegkundige, hier let ik op de auto’s

en als het kan werk ik bij een fabriek als beveiligingsmedewerker.

Ik heb geen verblijfsvergunning dus ik kan

niet in een ziekenhuis werken”. Waarom vraagt hij geen

verblijfsvergunning aan, vraag ik. Albert antwoordt dat

hij het wel eens geprobeerd heeft, maar het betreffende

ministerie is zo’n logge machine dat hij al twee dagen

in de rij staat voordat hij überhaupt bij het juiste loket

aankomt om de aanvraag te doen. Hij kan het zich niet

veroorloven om twee dagen of langer niet te werken en

daarnaast kosten de papieren die je nodig hebt om de

aanvraag te doen op zichzelf ook geld, dat hij niet heeft.

Albert vertelt dat hij in Kaapstad een vriendin heeft, die

hij ziet in de weekends. Hebben ze kinderen? Nee, maar

hij heeft een zoon van 14 in Congo. “Ik heb mijn zoon al

tien jaar niet gezien”, vertelt hij op een hartbrekende

dagelijkse toon. “Mijn grote droom is dat ik bij zijn middelbare

schooldiploma-uitreiking kan zijn. Maar de reis is

erg duur en moeilijk.” De realiteit van Alberts bestaan is

zo hard en toch heeft hij zo’n levenslust en grote dromen

en plannen. Hij wil uiteindelijk toch weer als verpleger

aan de slag, en hij wil ook graag dat zijn zoon naar Zuid-

Afrika komt. “Misschien kan hij hier studeren, misschien

wil hij terug naar Congo, maar hij moet meer van de

wereld zien”. De vraag is niet of Albert genoeg (wils)

kracht heeft om zijn dromen waar te maken, maar wel of

het systeem het hem ooit zal toestaan.

Miriam Dorigo

Blaatje April 2009 11


Levenslessen en foto’s

Ik kwam laat thuis en mijn vader had post. “Wat deed jij op 24 februari om tien voor zes?” “Eh, weet ik niet,

hoezo?”. Hij duwde mij zijn post onder mijn neus. Het kwam van het CJIB, het Centraal Justitieel Incasso Bureau

in Leeuwarden.

“Met het voertuig met onderstaand kenteken, (…) De

gegevens van de overtreding en het verschuldigde bedrag

staan hieronder vermeld”. Met het schaamrood op de

kaken moest ik bekennen dat ik waarschijnlijk degene was

geweest die op fotofilm nummer 3090552 was vastgelegd,

en dus het delict met feitcode VF030 had begaan. Dat is

een overschrijding van de maximum snelheid op (auto)

wegen buiten bebouwde kom, met 30 km/h. Een klap in

het gezicht ter waarde van €192,00.

Dit drama heeft plaatsgevonden op de Rijksweg tussen Ede

en Veenendaal, ter hoogte van Ederveen. Op 24 februari

om 17.49 uur was ik in allerijl onderweg naar mijn vriendin.

Ik wilde maar één ding: daar zo snel mogelijk zijn! Natuurlijk

weet je dat je niet te hard moet rijden, maar dat gaat

een keer fout. Tijd voor een oude levensles: haastige spoed

is zelden goed. Wat een cliché, wat een vreselijk cliché,

omdat hij zo vreselijk waar is.

Met deze levensles had ik voor mezelf ook een nieuw

levensdoel gevonden: vertragen. En dat is moeilijk, als je

achterin je hoofd steeds een knagend gevoel hebt dat iets

sneller kan. Verplicht rustig aan doen is moeilijk en zenuws-

12

Blaatje April 2009

lopend, daar kwam ik al snel achter. Daarom ben ik op zoek

gegaan naar iets waarmee ik bezig kan zijn en wat ook nog

veel tijd en geduld kost. Een goed excuus om toe te geven

aan een kooptic.

Al snel zat ik me in de auto richting Valkenswaard heel erg

aan de maximumsnelheid te houden. Ik was op weg om

een nieuwe oude camera te kopen, die ik had opgespoord

via marktplaats.nl. Het apparaat uit de jaren ‘70 weegt

überhaupt te veel om je mee te haasten. Ik heb er een

paar dagen over gedaan voor ik een winkel vond waar een

zogenaamde rolfilm voor deze speciale middenformaat

camera te koop is. Gelukkig is het lekker onthaasten om

alles uitgebreid in te stellen voor je een foto maakt. Voor

ik mijn eerste foto had gemaakt was ik al enkele minuten

verder. Dat wordt nog leuk als ik lang moet wachten voor

het rolletje ontwikkeld is.

(Jammer genoeg zat er op 24 februari in die flitspaal niet

iemand die op zo’n manier foto’s maakte.)

Matthijs Brink


Suikerkontje

Suikerklontje. Suikerklontje. Suikerklontje. Suikerklontje.

Zeg dit woord een paar keer achter elkaar op top speed

en je komt op de titel van deze column uit. Ik maak me

er zo ontzettend veel zorgen over! De suikerk(l)ontjes.

Laatst was ik in de winkel (welke dat was laat ik aan uw

fantasie over) en er zat een kleine snotneus op de arm

van papa. Ze stonden voor me in de rij voor de kassa. De

oogjes van het kind waren wat rood en opgezwollen. In

haar vuistje had ze een knalrode lolly van stuiterbalformaat.

Niets aan de hand zou je zeggen, maar dat is niet waar!

Bij ouders van nu moeten toch de alarmbellen gaan rinkelen

bij het zien van een kindje van amper drie jaar met

een lolly in haar handje? Een lolly die niet eens in haar

mondje past en waarvan de tong een electriciteitsschok

krijgt, mocht de tong beslissen een likje te nemen. Maar

ja, als de lieve schat maar stopt met janken!

Vroeger, toen ik nog een dreumes was, gaf mijn ma mij

een krentenbol of een soepstengel in de winkel als ik

vervelend was, iets wat natuurlijk zelden voorkwam. 1 Ik

weet niet meer wanneer er bij ons voor het eerst een

pak vla op tafel stond. Mijn moeder zette ons zelfgemaakte

griesmeelpap, spinnenkontenpap en prol voor,

of gaf ons een gedroogd appeltje. Cola kregen wij vanaf

een jaar of negen, op zaterdag, met één bakje chips. We

vonden cola niet eens lekker, maar het was hartstikke

stoer! Dus je dronk het op, met tranen in de ogen van de

prik. Tegenwoordig lopen de kinderen met hele zakken

chips en flessen cola over straat. Doordeweeks.

Anno 2009 moet niet alleen alles sneller, maar worden

kinderen ook volgestopt met suiker, zodat ze maar

stil blijven. Kinderen van nu zouden het slecht hebben

omdat ze verwaarloosd worden omdat de ouders allebei

werken. Mijn constatering is eerder dat ze verwend worden

en volgestopt worden met suikerbommen, omdat

ouders veel meer over het krijgen van een kind nadenken.

Ze willen alles op alles zetten om het het kind naar

de zin te maken. Vaak ten koste van het kind zelf! Je ziet

ouders door de supermarkt struinen en aan hun kind van

drie vragen: ‘Wat wil je vandaag eten, lieverd?’ Alsof kinderen

van drie weten wat ze nodig hebben. Die beslissing

kunnen ze nog niet maken! Ze hebben zekerheid nodig;

op driejarige leeftijd moet nog voor de dreumes besloten

worden of het ’s avonds boerenkool of macaroni wordt.

Trouwens, niet alleen kinderen krijgen teveel suiker binnen...

Iemand zei laatst tegen me dat haar tandarts al tien jaar

1. Bron: Corry Wester, 58 jaar oud, moeder van vier kinderen. Verdere

informatie te verkrijgen bij ondergetekende.

geen gaatje bij haar had ontdekt, maar bij het laatste

bezoek opeens zijn boor vakkundig in twee van haar

kiezen had gezet. Dit alles zou het gevolg zijn van de

financiële crisis, de tandarts had het blijkbaar ook

moeilijk. Omdat het zo’n beetje overal bekend is dat

studenten Tandheelkunde later de grootste geldschepen

vol euro’s kunnen verwachten als zij gaan werken, denk

ik niet dat we de tandarts als ‘zielige-man-lijdend-onder-

kredietcrisis-en-creatieve-vinder-van-extra-caries-in-mijn-grotje-vol-bacteriën’

kunnen betitelen. Ik denk eerder

dat het slachtoffer van de boor gewoon teveel suiker

naar binnen heeft gewerkt. Ze zal de enige niet geweest

zijn.

Teveel suiker binnen krijgen is tegenwoordig niet moeilijk,

want het zit overal bijna in, en meer dan vroeger. Ik

snap trouwens ook best dat we de bomen door het bos

soms niet meer zien als we in de supermarkt zijn. Als er

van elk product maar één merk te verkrijgen was, stel je

eens voor hoeveel schappen een supermarkt dan nodig

zou hebben. Juist, veel minder. Hoezo Nederland is vol?

Vol met suikerklontjes. Suikerklontjes. Suikerkontjes.

OEPS.

Eline Wester

Blaatje April 2009 13


14

Coca-Cola.

Het verboden onderzoek

Schrijver: William Reymond

Vertaling: M. Gaasbeek

Uitgegeven in: 2007

Uitgeverij: de Geus B.V. te Breda

Coca-Cola is overal: thuis, op het werk, op scholen en universiteiten, in het ziekenhuis, in de supermarkt,

op televisie en bij je buren. Bijna 95 procent van de wereldbevolking kent het krullerige logo en per seconde

worden er 7000 flesjes Coca-Cola gedronken. Na water is Coca-Cola het meest gedronken drankje ter

wereld.

In het boek ‘Coca-Cola. Het verboden onderzoek’ beschrijft

William Reymond op een bijna wetenschappelijke

zijn onderzoek naar de geheimen van ‘The Coca Cola

Company.’

In het eerste deel van zijn boek beschrijft hij hoe Coca-

Cola er alles aan heeft gedaan en doet om mensen te

laten geloven in de legende van het merk. Reymond

maakt korte metten met de legende door deze te

vergelijken met historische bronnen, gegevens van

rechtbanken en overheden en eerder verschenen

boeken over Coca-Cola.

Volgens ‘The Company’ begon het Coca-Cola avontuur

in 1886 toen een warrige scheikundige per

ongeluk Coca-Cola uitvond. Deze naïeve, niet

commercieel ingestelde man bracht zijn drankje

op de markt en blij verrast door de bijzonder

frisse edoch pittige smaak wierp de natie zich

aan zijn voeten. Dit is wat Coca-Cola ons wil

doen geloven. In werkelijkheid is het ontstaan

van Coca-Cola echter een samenspel tussen

een gewiekste wetenschapper, het commercieel

talent van een gazeusefabrikant, het kapitaal

van weer een derde en een beetje geluk.

In totaal duurde het bijna twintig jaar voordat de

gazeuse op de markt gebracht kon worden (niks

geen stom toeval). Door langdurig zoeken naar

een exclusieve formule (Coca-Cola noemt dit

7x) en de perfecte verhouding Cola-noten en

Coca-bladeren (ja, Coca-Cola bevatte de eerste

veertig jaar van haar bestaan cocaïne) wist de

drie-eenheid van slimme mannen perfect in te

spelen op het alcoholverbod dat net bekrachtigd was in

het hele zuidelijke Amerika.

Reymond gaat daana nog honderden bladzijden door op

alle feiten en verhalen die zijn verdraaid door de bazen

van Coca-Cola. Hij beschrijft vele rechtszaken, schandalen

en gevallen van bedrijfsspionage van Pepsi Co. bij Coca

Cola en van Coca Cola bij Pepsi Co. Een groot deel van

Blaatje April 2009

het boek gaat over de expansiedrift van Coca-Cola die

heeft geresulteerd in een afzetgebied van 200 landen.

Ook over de expansie is Coca-Cola niet eerlijk: The Company

wil ons doen geloven dat ieder nieuw ‘veroverd’

land te danken is aan dappere pioniers die het Coca-Cola

avontuur aandurfden in nieuwe onbekende landen. In

werkelijkheid blijkt echter dat (zoals elke grote

onderneming dat doet) Coca-Cola hele teams van

professionals eropuit stuurt om landen voor te

bereiden op de komst van dé Cola.

Een kleine honderd pagina’s voor het einde

begint Reymond ineens over een hele andere

kwestie. Niet langer gaat het over de onschul-

dige veranderingen in de legende van de

organisatie, maar nu gaat het over de rol die

Coca-Cola speelde in de Tweede Wereldoorlog.

The Company was doodsbang om het slachtoffer

te worden van de suikerrestricties die

overheden bedrijven oplegden in oorlog-

stijd. Bang om winsten te verliezen en gefocust

op het behoud van haar goede naam,

wierp Coca-Cola zich op als dé leverancier

van Cola voor de troepen die vochten tegen

Nazi-Duitsland. Nu nog geven veteranen aan

dat zij door alle moeilijke perioden heen zijn

gekomen dankzij Coca-Cola. Dat Coca-Cola

ruim 200 miljoen dollar winst maakte op

de verkoop aan het Pentagon neem je dan

al gauw voor lief. Tot zover de ‘vriendelijke

rol’ die Coca-Cola heeft gespeeld…

Ten tijde van de opkomst van Hitler werd Coca-Cola

Duitsland geleid door Max Keith. The Company die

voorzag dat de Duiste afdeling het zwaar kon gaan krijgen

beval Keith contact te leggen met de Duitse overheid.

Dit contact verliep blijkbaar zo goed dat Keith dé

troepenleverancier werd van Nazi Duitsland en dat niet

alleen; hij kreeg ook nog de beschikking over dwangar-


eiders om de productie op peil te houden.

Tot vandaag houdt het hoofdkantoor van Coca-Cola

vol dat wat gebeurde in Nazi-Duitsland op zichzelf

staat, Max Keith is als enige verantwoordelijk. The

Company heeft al het contact met de collaborerende

medewerker verbroken. Reymond heeft

echter de hand weten te leggen op documenten

die bewijzen dat The Company er alles aan heeft

gedaan om Coca-Cola Duitsland te helpen met het

vinden van ingrediënten om de productie veilig te

stellen. Na de oorlog mocht Max Keith de scepter

zwaaien over Coca-Cola in Zuid-Amerika. Blijkbaar

is The Company erg vergevingsgezind.

Coca-Cola. Het verboden onderzoek is absoluut

een leuk boekje. De schrijfstijl is prettig. William

Reymond heeft op een gedegen manier onderzoek

gedaan en de vele quotes maken het geheel lekker

leesbaar. Dat het schrikbarende deel over de rol

van Coca-Cola in de Tweede-Wereld oorlog pas

helemaal op het eind in korte tijd uit de doeken

wordt gedaan is erg jammer, vooral omdat Reymond

de eerste is die dit beschrijft.

Toch kan ik me niet losmaken van het gevoel dat

Reymond zelf erg warme gevoelens koestert voor

de drank uit Atlanta. De zinnen waarin hij

schrijft over de smaaksensatie die Coca-Cola

teweeg brengt bij de drinker zijn beeldend en

welhaast orgastisch. Kritiek komt daardoor minder

sterk over. Aan de andere kant is Reymond het levende

bewijs dat bijna niemand ter wereld zich kan

onttrekken aan de macht van Coca-Cola!

Joris Blaauw

Het boek

‘Coca-cola,

het verboden

onderzoek’,

door William

Reymond.

De eerstejaars

ervaring

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand,

de waarheid als een deur

Aan mij de eer om als een van de nieuwe eerstejaars te

schrijven over mijn verwachtingen van de studie, de vakken,

de universiteit, de mensen, de stad...

Het eerste semester is achter de rug en de daarbij horende

studieadviezen van de vakgroep zijn al bij de eerstejaars

op de mat gevallen. Het moment is daar, voor de jongste

sociologen-in-spé om nu te laten zien wat zij daadwerkelijk

allemaal al van de methode- en theorievakken hebben geleerd,

want inmiddels heeft het startschot voor het Leerproject

1-avontuur geklonken...

De groepjes zijn gemaakt en de onderwerpen verdeeld.

Echter, er kan geen leerproject zijn zonder gegevens, en

gegevens komen er niet zonder interviews. Maar begonnen

wordt er bij het begin.

Het programma gaat van start met het volgen van colleges

in de meest collegevolle week van waarschijnlijk de gehele

studietijd. Tijdens deze colleges zullen alle onderzoeksonderwerpen

geïntroduceerd worden. De volgende stap is de

introductie voor het interviewen. Interviewen vereiste toch

meer kennis dan ik vooraf had gedacht. In een week zijn gedurende

een aantal dagdelen, naast de basisregels voor het

interviewen, alle mogelijke (probleem-)situaties besproken,

daadwerkelijk alle! Variërend van het koekjesdilemma; een

koekje aannemen bij binnenkomst? Ja, nee, beleefd, onbeleefd?’

tot hoe je personen over kunt halen mee te werken

ondanks de rondrennende kinderen of de drukke baan.

Maar het magische woord bij bijna alle situaties met de geïnterviewde

is spiegelen. Zoals het spreekwoord al zegt, hij die

zich aan een ander spiegelt, spiegelt zich zacht. Spiegelen is

de baas, wordt een respondent boos, verdrietig, of wat dan

ook, je laat merken dat je het merkt, en stelt vervolgens een

plan van aanpak voor. Et voilà, problem solved.

Met de benodigde kennis op zak, wordt het tijd om daadwerkelijk

afspraken te maken en interviews af te gaan nemen.

Samen met je adressenlijst op pad, en de regels van

het interviewen nog vers in het geheugen; vragen voorlezen

precies zoals het er staat, alle antwoordcategorieën opnoemen,

een neutrale relatie behouden met de geïnterviewde

etcetera.

De afgelopen weken zijn er bij vele inwoners van de gemeente

Nijmegen door studenten sociologie aangebeld. En elk met

hetzelfde doel voor ogen: vijf personen vinden die bereid zijn

om mee te werken aan een interview. Na een aantal tentamens

waarbij net dit jaar de moeilijkheidsgraad in verhouding

tot de voorgaande jaren omhoog werd geschroefd, is het

interviewen daarentegen enigszins makkelijker gemaakt. Was

eerder langs de deuren gaan de enige manier om een respondent

aan te spreken, was er dit jaar ook de mogelijkheid

om telefonisch een afspraak proberen te maken. Zijn de afspraken

eenmaal binnen, dan kan het interviewen beginnen.

De informatieweken, het interviewen en het tentamen gehad.

Leerproject 1: Three steps down, 1 more to go!

Reneé van der Zanden

Blaatje Blaatje April aPRIL 2009 2009 15


Reflectie op je collectie

Een reflectie op de DVD-collectie van Andrea Bongers

(eerstejaars studente sociologie)

In deze nieuwe reeks zullen we ieder Blaatje een student uithoren over zijn interessante, mooie, bijzondere,

grote of bijzonder grote collectie. Heb jij een bijzondere collectie waarover je iets wilt vertellen, of ken jij iemand

met zo’n collectie? Geef dit dan door aan de redactie van het Blaatje! Blaatje@dengeitenwollensoc.nl

Hoe zou je deze collectie willen omschrijven?

Het zijn eigenlijk voornamelijk ‘jongensfilms’. Het zijn dan ook vooral mannen die vinden dat ik een goede collectie

heb. Het is ook gewoon een hele mooie collectie!

Hoe is deze collectie ontstaan?

Dat weet ik eigenlijk niet precies. Ik koop vaak films als ik aan het einde van een shopmiddag nog steeds geen

leuke kleiding gevonden heb. Een leuke film is meestal makkelijk te vinden, en die koop ik dan als soort van troost.

Waarschijnlijk heb ik al te veel van die middagen gehad.

Voor hoeveel geld heb je hier aan dvd’s staan?

Poeh.. het zijn ruim honderd dvd’s. Meestal koop ik ze per drie, dat kost dan 25 euro. Het zal op een totaal van ongeveer

500 euro uitkomen. Maar zo moet je niet denken, dat doet pijn…

Wat is de slechtste film uit je collectie?

Ehm… Saw III, daar schaam ik me wel een beetje voor. Scary Movie IV is trouwens ook een hele slechte film.

Bij welke film(s) uit je collectie heb je een traantje weg moeten pinken?

The Pianist is echt een tranentrekker. Bij The Notebook heb ik ook gehuild. Eigenlijk huil ik best vaak bij films.. O ja,

ook bij It, maar dat kwam doordat ik toen nog veel te jong was om die film te kijken, ik vond het zo eng dat ik ervan

moest huilen.

Van welke film zou je het einde graag willen veranderen?

Van The Pursuit of Happiness. Ik zou zo graag willen dat het gewoon allemaal goed komt!

Zal je collectie voor jouw gevoel ooit compleet zijn?

Nee, ik denk het niet. Er komen natuurlijk altijd weer goede nieuwe films uit op dvd. Ik ben alleen bang dat de dvd op

den duur zal gaan verdwijnen, dat zou jammer zijn.

Zou je voor ons een top 10 beste films uit jouw collectie willen samenstellen?

Ah nee, dat kun je echt niet van me vragen.. er zijn zoveel goede films!

Zou je het toch willen proberen?

Vooruit dan, ik zal mijn best doen...

Collectie Top 10 van Andrea Bongers

1. The Eternal Sunshine of the Spotless Mind

2. American History X

3. Children of Men

4. La Vita e Bella

5. The Usual Suspects

6. Snatch

7. A Beautiful Mind

8. Fight Club

9. The Pianist

10. Donnie Darko


Lopend over de Waalbrug, ballonnen in zijn rechterhand, de wereld tegemoet/achterlatend. Onder geschreeuw

van vrachtwagenchauffeurs liep hij, dromend over later en met een milde kater hobbelend in

zijn truncus cerebri. Ergens in het zwerk de snerpende orgelsolo uit What more can I do, vaag hoorbaar

boven razende banden en (nogmaals) bijna gekerm van vrachtwagenchauffeurs; zij bedoelden het goed,

maar begrijpen deden zij des te minder. En natuurlijk was daar de zon, als altijd: invloedrijk ingrijpend in de

alledaagse sfeer. Opborrelend nam een introverte extase bezit van het zondagskind. Ik denk dat we hem

vrolijk kunnen noemen.

Vrolijk kwam, wat na dagen pas zou blijken, op zijn bestemming. Onder het hoogste punt van de Waalbrug

op het asfalt dat de temperatuur van zijn lichaam had (alles had op dat moment zijn lichaamstemperatuur

behalve natuurlijk de zonnestraal die door de spijlen van de Waalbrug op haar viel, maar laat ik niet op de

zaak vooruit lopen die hij als summum doch verst verwijderd dacht). De bestemming was, hoe kon het ook

anders, geen geografisch statische plek, maar, hoe kon het ook anders, zij. Zij was daar.., aan het wachten

op haar bestemming (wat die was had zij niet zomaar kunnen zeggen) die zij onbewust onmiskenbaar herkende

aan de ballonnen.

Kijkend naar elkaar was het zonder woorden duidelijk dat zij (in dit geval hij en haar) daar niet konden

blijven, anders zouden zij een perfect moment en slechts één moment van perfectie beleven. Ondanks de

willekeurige verbindingen in zijn brein, veroorzaakt door de alcohol van gisternacht, zij en de dwazende

werking van de zon, was daar het beste wat hen op dat moment kon overkomen: de pragmatiek (met uiteindelijk

dank aan decibellen van vrachtwagenchauffeurs).

Tezamen hadden zij weinig tijd nodig om over

te gaan tot twee stappen naar rechts voor hem en

naar links voor haar, zodat de stampende massa van

een buitenzinnige vrachtwagenchauffeur zonder

vertraging zijn bestemming zou kunnen bereiken,

net als zij zojuist hadden gedaan, wat zoals gezegd

op dat moment nog niet helder was voor beide.

Wat er ook in de omgeving aan het gebeuren was,

zij stonden dicht tegenover elkaar aan de rand van

de weg, ongemerkt twee vingers van haar rechterhand

in zijn linker, hun haar nog stuivend van het

voorkomen drama, en stelden zich voor dat ze

elkaars adem voelden. Vanuit een passerende waalstomer

steeg I got my mojo working op toen hij zijn

eerste zin tegen haar sprak: ‘Zullen we de vangrail

overklimmen’. Het was lente in Nijmegen.

Joep van Helden

Lopend over de Waalbrug

Blaatje April 2009 17


olc nieuws

Zoals jullie weten zet de opleidingscommissie zich in voor de kwaliteit van de studie sociologie. Jullie kunnen

altijd de OLC leden aanspreken of op onze blackboardcommunity een forum bericht achterlaten met

jullie problemen, opmerkingen en vragen.

Maar nu heeft de OLC een vraag aan jullie! Voel jij je als student van de opleiding sociologie betrokken bij

de opleiding en zie je het wel zitten om samen met de docentleden van de OLC over de studie mee te kunnen

praten? Denk dan alvast na of je misschien volgend collegejaar niet in de opleidingscommissie wil zitten.

Wij zoeken namelijk enthousiaste en gemotiveerde studenten die aankomend collegejaar de studenten

van de opleiding sociologie willen vertegenwoordigen. Voel je je aangesproken laat het ons dan weten!

Spreek daarvoor Anne ten Cate, Joris Blaauw en Joris Cuppen, Hanneke van der Akker, Sybren Kooistra of

Dirian Schaap aan.

de OLC

Strapatsen

18

Blaatje April 2009


Blaatje April 2009 19

More magazines by this user
Similar magazines