Hoofdstuk 5.pdf - Viso
Hoofdstuk 5.pdf - Viso
Hoofdstuk 5.pdf - Viso
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
5.1 BTW (1)<br />
De btw is een eenmalige verbruiksbelasting die in elk<br />
stadium van de productie en de distributie geheven wordt<br />
op de in dat stadium aan het product toegevoegde waarde.<br />
De toegevoegde waarde is het verschil tussen de<br />
verkoopprijs en de aankoopprijs.<br />
Tarieven<br />
0% (vrijstelling, vb. scholen, ziekenhuizen, dagbladen)<br />
6% (verlaagd, levensnoodzakelijke goederen)<br />
12% (verlaagd, vb. luiers, sociale huisvesting, margarine,<br />
…)<br />
21% (normaal, alle andere goederen en diensten)
5.1 BTW (2)<br />
De maatstaf van heffing is het bedrag waarop de BTW wordt<br />
berekend. (verkoopprijs exclusief BTW)<br />
De btw-plichtige is de handelaar die handelingen verricht die<br />
in het btw-wetboek zijn opgenomen.<br />
Aftrekregeling<br />
Het btw-bedrag bij aankoop mag worden afgetrokken van het btwbedrag<br />
dat bij verkoop wordt geïnd.<br />
Voor sommige diensten is de btw slechts 50% aftrekbaar (bv.<br />
autokosten).<br />
Voor sommige diensten is de btw niet aftrekbaar (bv.<br />
restaurantkosten).
5.2 Factuur en creditnota (1)<br />
Een factuur is de schriftelijke bevestiging van een<br />
schuldvordering uit een overeenkomst tot levering van<br />
goederen of diensten, van de verkoper t.o.v. de koper.<br />
Uiterlijk afleveren de 5 e werkdag van de maand na levering<br />
Aan particulieren worden in principe geen facturen afgeleverd, tenzij:<br />
Goederen voor beroepsdoeleinden<br />
Aankoop, onderhoud, herstelling voertuigen<br />
Werken in onroerende staat (huizen, …)<br />
Aankopen in inrichtingen waar eigenlijk enkel zelfstandigen kunnen kopen<br />
(vb. veiling, Makro, …)<br />
Facturen moeten 7 jaar bewaard worden
5.2 Factuur en creditnota (2)<br />
Factuurvermeldingen<br />
Hoofding (administratieve gegevens)<br />
Factuurnummer en –datum, gegevens onderneming (adres,<br />
ondernemingsvorm, nummers, …), gegevens koper, leveringsdatum<br />
Midden<br />
Gedetailleerde prijsberekening (aantal, eenheidsprijs)<br />
BTW-tarief, maatstaf van heffing, BTW-totaal<br />
Bijzondere voorwaarden (korting, vervoerskosten, …)<br />
Algemene verkoopsvoorwaarden<br />
Geldig voor alle klanten (kleine lettertjes op de keerzijde)<br />
Bijzondere verkoopsvoorwaarden<br />
Enkel voor specifieke klant (handels- en financiële korting, …)
5.2 Factuur en creditnota (3)<br />
Elektronisch factureren<br />
Toegelaten mits akkoord van de klant<br />
Via elektronische handtekening (waarborgt de authenticiteit van de herkomst)<br />
Levert tijdwinst op (niet printen, frankeren, posten, …)<br />
Factuurberekening<br />
zie schema (handboek p.209)
5.2 Factuur en creditnota (4)<br />
Klacht<br />
Formuleer steeds zakelijk en beleefd wat het probleem is en wat je van<br />
de leverancier verwacht<br />
Soms volgt een verlaging van het factuurbedrag; dan wordt een<br />
creditnota opgestuurd<br />
Creditnota<br />
Opgesteld door de verkoper; doet factuurbedrag verminderen<br />
Gebruikt bij:<br />
Fout in de factuur<br />
Korting na het opstellen van de factuur<br />
Meer goederen aangerekend dan geleverd<br />
Gefactureerde goederen waren beschadigd
5.3 Boekhouding als beleidsinstrument (1)<br />
Boekhouding<br />
Bezorgt alle informatie om onderneming behoorlijk te beheren<br />
Bezorgt klare kijk op commerciële en financiële toestand van de zaak<br />
Verplicht door de overheid<br />
Op de hoogte blijven van betalingen, klanten en leveranciers<br />
Noodzaak<br />
Alle bedrijfsverrichtingen moeten verplicht in een geordende vorm<br />
worden genoteerd
5.3 Boekhouding als beleidsinstrument (2)<br />
Vormvoorwaarden<br />
Volledig (alle verrichtingen ingeschreven)<br />
Correct (alle inschrijvingen aan de hand van bewijsstukken)<br />
Aangepast aan aard en grootte van de ondernemingen<br />
Boeken of programma’s moeten:<br />
Wettelijk stelsel volgen (volledig of vereenvoudigd)<br />
Wettelijk stelsel volgen (volledig of vereenvoudigd)<br />
Handelsnaam onderneming dragen<br />
Soort boek en nummer in de reeks<br />
Praktische uitwerking<br />
Zonder uitstel inschrijven<br />
Volgens verantwoordingsstuk<br />
Chronologisch<br />
Volledig (geen weglatingen)
5.3 Boekhouding als beleidsinstrument (3)<br />
Bewaring<br />
De drager (papier of CD-rom) 10 jaar bijhouden (te beginnen vanaf 1<br />
januari volgend op het jaar van de afsluiting)<br />
Verantwoordingsstukken (facturen, kastickets, rekeninguittreksels, …) moeten<br />
7 jaar worden bewaard<br />
Voor elektronische boekhouding moeten de programma’s en de systemen<br />
Voor elektronische boekhouding moeten de programma’s en de systemen<br />
waarmee de bestanden kunnen gelezen worden minstens 7 jaar worden<br />
bijgehouden
5.4 Balans en resultatenrekening (1)<br />
Inventaris<br />
Wettelijk verplicht<br />
Jaarlijks opmaken<br />
Gedetailleerde lijst van de bezittingen en schulden van een<br />
onderneming en hun waarde<br />
Men kan nagaan of de werkelijkheid overeenstemt met de boekhouding<br />
Vermogen<br />
Vanwaar komt het vermogen? (oorsprong)<br />
Waarvoor wordt het vermogen gebruikt? (aanwending)
5.4 Balans en resultatenrekening (2)<br />
Oorsprong van het vermogen (passief)<br />
Eigen vermogen komt uit privévermogen van de ondernemer<br />
Vreemd vermogen is afkomstig van derden (leningen, schulden aan<br />
leveranciers) en zijn de schulden<br />
De som van eigen en vreemd vermogen is totaal vermogen<br />
Aanwending van het vermogen (actief)<br />
Vaste middelen worden blijvend in de onderneming gebruikt (gebouwen,<br />
machines, voertuigen, meubilair, …)<br />
Vlottende middelen kunnen in geld worden omgezet of zijn reeds ter<br />
beschikking van de onderneming (handelsgoederen, vorderingen op klanten,<br />
bankrekening, geld in kas, …)
5.4 Balans en resultatenrekening (3)<br />
Balans<br />
Geeft beknopt de toestand van een onderneming op een bepaald<br />
ogenblik weer<br />
Bestaat uit passiefzijde (rechts) en actiefzijde (links)<br />
Passief (oorsprong van vermogen)<br />
Eigen vermogen, vreemd vermogen (schulden minder dan 1 jaar, schulden<br />
Eigen vermogen, vreemd vermogen (schulden minder dan 1 jaar, schulden<br />
meer dan 1 jaar)<br />
Actief (aanwending van vermogen)<br />
Vaste activa (vaste middelen)<br />
Vlottende activa (vorderingen op meer dan 1 jaar, voorraden, vorderingen<br />
op minder dan 1 jaar, liquide middelen)<br />
Wijzigingen in actief en passief<br />
Elke wijziging verandert balans maar actief = passief
5.4 Balans en resultatenrekening (4)<br />
Splitsing van balans in rekeningen<br />
Een rekening heeft een T-vorm<br />
Linkerzijde: D(ebet)<br />
Rechterzijde: C(redit)<br />
Actiefrekening<br />
Opent debet<br />
Vermeerdert debet<br />
Vermindert credit<br />
Passiefrekening<br />
Opent credit<br />
Vermeerdert credit<br />
Vermindert debet
5.4 Balans en resultatenrekening (5)<br />
Saldobepaling<br />
D-zijde groter dan C-zijde geeft debetsaldo (DS)<br />
C-zijde groter dan D-zijde geeft creditsaldo (CS)<br />
Rekeningenstelsel<br />
Klasse 1: eigen vermogen en schulden op +1 jaar<br />
Klasse 2: vaste activa en vorderingen op +1 jaar<br />
Klasse 3: voorraden<br />
Klasse 4: vorderingen op -1 jaar en schulden op -1 jaar<br />
Klasse 5: financiële rekeningen<br />
Klasse 6: kostenrekeningen<br />
Klasse 7: opbrengstenrekeningen
5.4 Balans en resultatenrekening (6)<br />
Journaal<br />
Debet aan Credit<br />
BTW-rekeningen<br />
Terug te vorderen BTW (aftrekbare BTW)<br />
BTW op de aankoop terugvorderen van de staat<br />
Op de actiefzijde van de balans (dus op debetzijde invullen)<br />
Te betalen BTW (verschuldigde BTW)<br />
BTW op de verkoop verschuldigd aan de staat<br />
Op de passiefzijde van de balans (dus op creditzijde invullen)<br />
Het verschil tussen beide BTW’s terugvorderen van of bij betalen aan<br />
de staat
5.4 Balans en resultatenrekening (7)<br />
Proef- en saldibalans<br />
Tussentijds opgesteld om te voorkomen dat fouten pas op het einde van<br />
het jaar zouden worden ontdekt.<br />
Resultatenrekeningen<br />
Berekenen van winst of verlies<br />
Bedrijfsresultaat (vanuit beroepsactiviteiten)<br />
B0-BK<br />
Financieel resultaat (ontvangen - betaalde intresten)<br />
FO-FK<br />
Uitzonderlijk resultaat<br />
UO-UK
5.4 Balans en resultatenrekening (8)<br />
Voorwaarden om bedrijfskosten te zijn<br />
Noodzakelijk zijn voor bedrijf<br />
Verband houden met bedrijf<br />
Gedaan zijn tijdens het boekjaar<br />
Bedoeld zijn om de winst te verhogen<br />
Eindbalans<br />
Bij begin boekjaar: beginbalans<br />
Tijdens boekjaar: alle handelsverrichtingen inschrijven in grootboek en<br />
journaal<br />
Tijdens boekjaar: maandelijks, driemaandelijks of halfjaarlijks proef- en<br />
saldibalans<br />
Einde boekjaar: inventaris opstellen, resultaat berekenen, eindbalans<br />
opstellen
5.5 Boekhoudreglementering (1)<br />
Zeer kleine onderneming<br />
Natuurlijke personen<br />
Jaaromzet kleiner dan € 500.000<br />
Vereenvoudigde boekhouding<br />
Kleine onderneming (grote onderneming)<br />
Minder (meer) dan 100 werknemers<br />
Niet meer dan één (meer dan één) van volgende criteria overschrijden:<br />
Jaaromzet € 7 300 000<br />
Balanstotaal € 3 650 000<br />
Gemiddeld 50 werknemers<br />
Dubbele boekhouding met MAR (AR)
5.5 Boekhoudreglementering (2)<br />
Vereenvoudigde boekhouding<br />
Verkoopdagboek<br />
Uitgaande facturen en creditnota’s<br />
Aankoopdagboek<br />
Inkomende facturen en creditnota’s<br />
Financieel dagboek<br />
Bank-, kas- en postverrichtingen<br />
Inventarisboek<br />
Overzicht van alle bezittingen (voorraad, tegoeden van klanten, eigen<br />
middelen, geld in kas of bank, vaste activa) en schulden (leveranciers en<br />
leningen) aan hun actuele waarde
5.5 Boekhoudreglementering (3)<br />
Volledige (dubbele) boekhouding<br />
Voor kleine en grote ondernemingen<br />
Jaarrekening neerleggen bij de Nationale Bank van België<br />
Balans<br />
Resultatenrekening<br />
Toelichting<br />
Sociale balans<br />
Personeelsbestand<br />
Bewegingen binnen personeelsbestand (in- en uit dienst)<br />
Maatregelen om tewerkstelling te bevorderen<br />
Gevolgde opleidingen werknemers
5.6.1 Rechtstreekse betaling (1)<br />
Geldsoorten<br />
Chartaal geld<br />
Munten en bankbiljetten<br />
Giraal geld<br />
Geld dat wordt overgemaakt van de ene rekening naar de andere<br />
Elektronisch geld<br />
Geldtransacties via kaarten met magneetstrook of chip<br />
Debetkaart (vb. Bancontact, Maestro)<br />
Creditkaart (vb. VISA, Eurocard, American Express)<br />
Bankieren met telefoon of computer is zelfbankieren of thuisbankieren
5.6.1 Rechtstreekse betaling (2)<br />
Kwijting<br />
Formulering op document dat de schuld aantoont (factuur, rekening, …)<br />
De schuldeiser verklaart dat de schuldenaar zijn schuld betaald heeft<br />
(voldaan, datum, handtekening schuldeiser)<br />
Kwitantie<br />
Apart document waarin schuldeiser verklaart dat schuld betaald werd<br />
Kassabon<br />
Kasticket met omschrijving goederen en totale bedrag<br />
Ontvangstbewijs<br />
Apart document waarin schuldenaar ontstaan van een schuld erkent
5.6.2 Onrechtstreekse betaling (1)<br />
Financiële instelling<br />
Handelaar in geld<br />
Nemen geld op(deposito’s) en geven intrest 1<br />
Verstrekken geld (leningen) en vragen intrest 2<br />
Intrest 2 is groter dan intrest 1<br />
Soorten rekeningen<br />
Rekeningnummer<br />
Identificatienummer financiële instelling (3)<br />
Rekeningnummer (7)<br />
Controlegetal (2)
5.6.2 Rechtstreekse betaling (2)<br />
IBAN-nummer<br />
International Bank Account Number<br />
Verplicht vanaf 1/1/11<br />
4 blokken van 4 tekens (begint met ISO-code van België, gevolgd door<br />
controlecijfer van 2 tekens en het oude rekeningnummer)<br />
Internationaal rekeningnummer<br />
Vb. 063-0255500-37 wordt BE35 0630 2555 0037<br />
BIC-code<br />
Bank Identification Code<br />
Hieraan herkent men internationaal de bank<br />
Code van de bank, gevolgd door code van het land<br />
Vb. KREDBEBB (KBC)
5.6.2 Rechtstreekse betaling (3)<br />
Zichtrekening<br />
Voor het dagelijkse beheer van geld<br />
Op elk ogenblik geld op zetten en af halen<br />
Soms onder 0 (max. € 1250,00)<br />
Spaarrekening<br />
Voor geld dat men niet onmiddellijk nodig heeft maar toch gemakkelijk<br />
wil kunnen opvragen<br />
Termijnrekening<br />
Als men zijn geld langer kan missen kan men het voor een bepaalde<br />
termijn beleggen (1 week tot 12 maanden)
5.6.3 Financiële documenten (1)<br />
Rekeningafschrift<br />
Houdt rekeninghouder op de hoogte van alle verrichtingen<br />
Overzicht van alle betalingen en inningen<br />
Geeft oude en nieuwe saldo weer<br />
Bewijsmiddel (voor boekhouding)<br />
Poststorting<br />
Gebruikt om speciën (cash) op de rekening van een begunstigde te<br />
plaatsen<br />
Overschrijving<br />
Document waarmee rekeninghouder aan zijn financiële instelling opdracht geeft<br />
om geld van zijn rekening op de rekening van de begunstigde te plaatsen
5.6.3. Financiële documenten (2)<br />
Overschrijving met gestructureerde mededeling<br />
xxx/xxxx/xxxxx<br />
Aan de hand van 12 cijfers kan het computersysteem van de schuldeiser<br />
de schuldvordering onmiddellijk herkennen<br />
Vergemakkelijkt het administratieve werk<br />
Vb. elektriciteitsrekening, verzekeringen, …<br />
Doorlopende opdracht<br />
Hiermee geeft men aan de financiële instelling de opdracht om op vaste<br />
tijdstippen een identiek bedrag over te schrijven aan een begunstigde<br />
Men moet niet telkens opnieuw overschrijving invullen<br />
Vb. huur, spaargeld, …
5.6.3 Financiële documenten (3)<br />
(Europese) domiciliëring<br />
Hiermee geeft de schuldenaar de toestemming aan zijn financiële<br />
instelling om rekeningen en facturen met wisselende bedragen te<br />
betalen aan de aangeduide schuldeiser<br />
Vb. abonnementen, verzekeringen, elektriciteit, telefoon, …<br />
Cheque<br />
Document waarmee een rekeninghouder opdracht geeft aan zijn<br />
financiële instelling om het bedrag (op de cheque) van de rekening te<br />
halen en uit te betalen aan de eigenaar van de cheque<br />
Er is geen bankwaarborg; de begunstigde neemt dus een risico als hij<br />
een cheque aanvaardt
5.6.3 Financiële documenten (4)<br />
Soorten cheques<br />
Aan toonder: naam van de begunstigde niet vermeld<br />
Op naam: naam van begunstigde wel vermeld (enkel bg kan innen)<br />
Gekruist: twee diagonale evenwijdige lijnen aanbrengen waardoor geld<br />
enkel op de rekening van de begunstigde kan worden geplaatst<br />
Gecertificeerd: de bankier blokkeert het bedrag tot wanneer de<br />
begunstigde de cheque heeft geïnd (vb. bij aankoop van een auto)<br />
Geëndosseerd: men noteert op de achterkant de orderclausule waardoor<br />
deze cheque door de begunstigde kan worden doorgegeven aan een nieuwe<br />
begunstigde
5.6.3 Financiële documenten (5)<br />
Debetkaart<br />
Betaalkaart waardoor het saldo op de rekening van de houder bij een<br />
betaling of geldafhaling uit de muur vrijwel onmiddellijk elektronisch<br />
vermindert<br />
Bevat magneetstrook met informatie<br />
Verbonden aan een geheim codenummer<br />
Vb. Bancontact<br />
Protonkaart<br />
Oplaadbare elektronische kaart (chip) waarop elektronisch geld is<br />
opgeslagen<br />
Voor kleine betalingen (€ 5 - € 125)
5.6.3 Financiële documenten (6)<br />
Maestro<br />
Laat toe wereldwijd elektronisch te betalen of geld uit de muur te halen<br />
Vervangt op termijn Bancontact<br />
Cirrus, Eufiserv<br />
Men kan overal ter wereld geld uit de muur halen indien deze logo’s op de<br />
automaat staan<br />
automaat staan<br />
Kredietkaart<br />
De houder krijgt uitstel van betaling en kan ook kiezen voor gespreide<br />
terugbetaling (in schijven) met intrest<br />
Wereldwijd gebruikt<br />
Vb. VISA, Eurocard, American Express, Diners Club<br />
Voorzien van chip en code van 4 cijfers
5.6.3 Financiële documenten (7)<br />
Klantenkaarten<br />
Gepersonifieerde debetkaarten die het de klant gemakkelijk maken om<br />
te betalen aan de kassa (vb. Carrefour, Colruyt, Delhaize, …)<br />
Zelfbankieren<br />
Automatisch kantoor (automaat) in de inkom van de financiële instelling<br />
waarmee de klant een aantal eenvoudige verrichtingen kan uitvoeren<br />
(overschrijven, documenten bestellen, beheer van domiciliëringen en<br />
doorlopende opdrachten, …)<br />
Thuisbankieren<br />
Via de computer (PC-bankieren)<br />
Via de telefoon (phonebanking)
5.6.3 Financiële documenten (8)<br />
Wap-bankieren<br />
Draadloos bankieren via de wap-gsm<br />
Banxafe<br />
Via Banxafe-lezer rechtstreeks verbonden met de computer<br />
Bankkaart in de lezer aanbrengen<br />
Intikken van de geheime code<br />
Gegevens worden gecodeerd doorgestuurd
5.7 BTW-mechanisme (1)<br />
Administratieve verplichtingen<br />
BTW-aangifte<br />
Maandelijks indien jaaromzet (excl. BTW) > 1 miljoen euro<br />
Per kwartaal indien jaaromzet (excl. BTW) < 1 miljoen euro<br />
Forfaitair stelsel voor handelaars die in kleine hoeveelheden verkopen (vb.<br />
bakkers, boeken, …)<br />
Geen BTW-aangifte indien jaaromzet (excl. BTW) < 5580 euro<br />
Facturen intracommunautaire levering<br />
Prijs exclusief BTW aanduiden en BTW-tarief noteren<br />
Boekhouding voeren<br />
Het verschuldigde bedrag (zie BTW-aangifte) overmaken aan de BTWadministratie
5.7 BTW-mechanisme (2)<br />
Listing van intracommunautaire leveringen<br />
Per kwartaal<br />
BTW-listing<br />
Indienen voor 31 maart<br />
Lijst van alle klanten (met ondernemingsnummer) aan wie voor minstens € 250<br />
is verkocht in betreffende boekjaar (exclusief BTW)
5.7 BTW-mechanisme (3)<br />
BTW-aangifte<br />
Maandelijkse aangifte ten laatste binnensturen op de 20 e dag van de<br />
volgende maand<br />
Kwartaalaangiften binnensturen ten laatste de 20 e dag na het<br />
kwartaal; er worden voorschotten betaald voor de 20e dag van de 2e en 3e en 3 maand (2 maal 1/3 van het verschuldigde bedrag van het vorige<br />
e maand (2 maal 1/3 van het verschuldigde bedrag van het vorige<br />
kwartaal)<br />
De aangifte gebeurt online, via elektronische identiteitskaart; indien de<br />
boekhouder de aangifte opmaakt en verstuurt, wordt voor hem een<br />
digitaal certificaat aangeschaft
5.8 Fiscaal statuut (1)<br />
Belastingen<br />
Federale belastingen<br />
Directe belastingen (rechtstreeks geheven op inkomsten van natuurlijke<br />
personen en rechtspersonen)<br />
Personenbelasting (op inkomsten particulieren en eenmanszaken)<br />
Vennootschapsbelasting (op inkomsten vennootschappen)<br />
Verkeersbelasting en belasting inverkeerstelling<br />
Indirecte belastingen (geheven op verbruik van goederen en diensten)<br />
BTW<br />
Registratierechten (voor overdracht van grond of huis)<br />
Successierechten (op nalatenschap via erfenis)<br />
Accijnzen (op o.a. sigaretten, alcohol, koffie, aardolieproducten, …)<br />
Douanerechten (op levering van buiten de EU)
5.8 Fiscaal statuut (2)<br />
Gewestbelastingen<br />
Vb. milieutaks, belasting op leegstand, …<br />
Provinciale en gemeentelijke belastingen<br />
Vb. gemeentelijke opcentiemen, belasting op reclamepanelen, huisvuilzakken,<br />
…
5.8 Fiscaal statuut (3)<br />
Inkomstenbelastingen<br />
Personenbelasting<br />
Berekend op netto inkomen van natuurlijke personen<br />
Via voorafbetalingen (vb. bedrijfsvoorheffing op het loon = voorschot)<br />
Men werkt met verschillende schijven en tarieven (verminderingen wegens<br />
kinderlast en gezinssituatie)<br />
Geheven op verschillende inkomsten:<br />
Inkomen uit onroerende goederen (huizen, gronden) op basis van kadastraal<br />
inkomen (geschat netto-inkomen uit een onroerend goed, gekoppeld aan de<br />
index)<br />
Inkomen uit roerende goederen (15% op roerende vermogens zoals<br />
beleggingen, kasbons, spaarboekjes, …)<br />
Beroepsinkomen (bedrijfsvoorheffing op lonen, wedden, …)<br />
Diverse inkomsten (die niet tot de vorige behoren, zoals alimentatie, …)
5.8 Fiscaal statuut (4)<br />
Loon- en weddetrekkenden betalen bedrijfsvoorheffing (voorschot belasting)<br />
via de werkgever<br />
Zelfstandigen betalen hun belastingen ongeveer een jaar na het afsluiten van<br />
het boekjaar; men kan voorafbetalingen doen, waardoor men een<br />
belastingvermeerdering van 6,75% kan ontlopen (vervaldagen zijn 10 april,<br />
10 juli, 10 oktober en 20 december)<br />
Wie voorafbetalingen doet krijgt een bonificatie (korting) van 9% (april), 7,5%<br />
(juli), 6% (oktober) en 4,5% (december)<br />
Vennootschapsbelasting<br />
Berekend op inkomsten vennootschap (belastbare winst)
5.8 Fiscaal statuut (5)<br />
Aftrekbaarheid van kosten<br />
Elke werkende Belg (werknemer, zelfstandige, bedrijfsleider) heeft het<br />
recht beroepskosten in mindering te brengen van het bruto belastbare<br />
jaarsalaris<br />
Men kan kiezen tussen werkelijke en forfaitaire beroepskosten<br />
Forfaitaire: indien de beroepskosten binnen de perken blijven (geen<br />
bewijsmiddelen nodig)<br />
Werkelijke: bewijsmiddelen verplicht