The luck of the Irish - REIZEN Magazine

reizen.nl

The luck of the Irish - REIZEN Magazine

84 www.reizen.nl maart 2009

Donegal

The luck of the Irish

www.reizen.nl maart 2009 85


Foto vorige pagina:

Banba’s Crown bij

Malin Head, het

noordelijkste puntje

van het Ierse

vasteland.

Boven: schapenboer

Hugh Cunningham

met zijn collie Flash:

‘Ik heb een paar

honderd schapen,

puur als hobby’.

Rechts: waterval

langs de R254,

bij Lough Barra.

86 www.reizen.nl maart 2009

In Donegal, Noordwest-Ierland, vinden de mensen

het oprecht gezellig als je op adem komt op hun ruige

kliffen. Regen? Ach, als er een bui valt hebben ze

minstens 16 manieren om te zeggen dat het even niet

droog is: ‘The heavens are open’.

Autoroute door de natte, maar vooral ruige, kop van

Ierland.

tekst: anne Wesseling b FotograFie: Paul tolenaar

op het strand even voorbij Kincasslagh zit ik

op mijn knieën naast een rots en fotografeer

zandkorrels. Niet alleen zandkorrels, ook

mosselschelpen, zeepokken en zeewier, alles

wat ik tot een afstand van één centimeter kan benaderen,

want mijn nieuwe cameraatje heeft een macrostand

en als ik de opnamen terugkijk, ontvouwt zich een

compleet nieuwe wereld. Het zeewier wordt een grillig

woud met reikende tentakels, de zeepokken krijgen

gezichtjes.

Als ik opsta, ben ik duizelig. Golven komen aanrollen

en gaan schuimbekkend de rotsen te lijf. Het zijn brede

oceaangolven, zo groot dat ze in slow motion op de kust

af lijken te komen.

‘Is het niet indrukwekkend?’, vraagt een vrouw die net

langskomt met haar man en haar hondje.

‘Wonderful!’, zeg ik. ‘Wilt u wel geloven dat ik een paar

uur geleden nog in Nederland in de file stond?’

Och, zat ik soms in dat vliegtuig? Ach, wat leuk nou toch!

Zij en haar man, ze vroegen het zich al de hele tijd af.

‘So thát’s where the Saturday plane comes from! Rótterdam!’

Diep tevreden kruip ik even later achter het stuur van

de huurauto. Het is zaterdagmiddag, ik ben amper een

paar uur de Randstad uit en nu al fris en uitgewaaid.

Schampen langs muurtjes

Is dat links rijden niet lastig, wilt u ondertussen weten.

Nou, en of! Daarom heb ik ook direct de autosleutels

geconfisqueerd, want als ik niet meteen in het diepe

spring, durf ik helemaal niet meer. Links rijden is een

gruwel, in elk geval het eerste uur. Er staan in Donegal

geregeld muurtjes vlak langs de weg en ik denk steeds

dat ik met de linkerkant van de auto zo’n muurtje

schamp.

Het enorme voordeel van zelf rijden, in zo’n huurauto

zonder navigatie, is wel dat je dan geen kaart hoeft te

lezen. Dan merk je voor de verandering dat mannen

dat ook niet kunnen, en al helemaal niet in Donegal,

waar in adressen vaak een Engelse plaatsnaam wordt

aangegeven, terwijl de richtingborden stug de Gaelicbenaming

aanhouden. Die bestaat doorgaans uit drie

keer zoveel lettergrepen als de Engelse tegenhanger en

heeft een woordbeeld waar je compleet van ontregeld

raakt.

Ons hotel staat in Dunglow, maar we moeten blijkbaar

de borden volgen naar An Clochán Liath.

‘Had je dat niet kunnen zéggen?’, roept mijn bijrijder

wanhopig, terwijl hij steeds woester met verschillende

wegenkaarten in de weer is.


www.reizen.nl maart 2009 87


’s Middags verkennen we de omgeving en al regent het

af en toe een beetje, ik heb het enorm naar mijn zin.

Het ene klimaat ligt je beter dan het andere en ik hou

wel van nattigheid. De lucht is schoon en fris, de grond

is zacht en zompig en de pubs zitten vol met mannen

in warme truien. Als het mee zit, gaan ze melancholieke

liedjes zingen in een toonsoort waarbij zelfs ik

gemakkelijk kan invallen.

Je moet hier ook wel van water houden, want Ierland

is aan alle kanten nat. Geografisch gezien heeft het

eiland veel weg van een soepbord. Langs de rand zijn

er rotsen en kliffen, waar de oceaan diepe barsten in

heeft geslagen. Het binnenland ligt wat lager en de

bodem is van graniet. Daardoor blijft het regenwater

staan en in die drassige grond verteren plantenresten

moeizaam, zodat zich in de loop van duizenden jaren

een dikke laag veen heeft gevormd, dat als een zacht

verend tapijt over het landschap ligt.

Het duurt een tijd voor ik me realiseer wat de briketten

zijn die ik her en der op hoge bergen naast de huizen

zie liggen. Turf!

Een stuk verder het binnenland in liggen er grote plastic

zakken midden op het land, waar ze blijkbaar nog

bezig waren de turf te verzamelen. Ik loop voorzichtig

over de legakkers. Als je met je voet op de grond duwt,

welt er water omhoog. De turf ruikt nauwelijks en is

bros, je kunt er met je handen stukken van afbreken.

Verderop, langs de smalle weg naar de Derryveagh

Mountains, vinden we krotten van huizen: ze zijn

verlaten tussen 1846 en 1849, tijdens de grote Hongersnood

(The Great Famine) die volgde op het mislukken van

de aardappeloogst. Naar schatting anderhalf miljoen

Ieren overleden, een miljoen trokken weg, vooral naar

de Verenigde Staten. (In Iowa sprak ik ooit een vrouw

met Ierse voorouders die haar familiegeschiedenis had

onderzocht, ze zei: ‘Ze stuurden er één, en die werkte

om de volgende over te laten komen, samen werkten

ze als bezeten voor een derde ticket, get the next one out!

Red wie je redden kunt, voor ze allemaal omkomen

van de honger’).

Je ziet dat soort ruïnes trouwens vaak in dit gebied.

Soms is er niet meer dan een stapel stenen over, soms

staan er nog wat muren overeind, soms zit er nog een

stuk dak op. Een keer vind ik binnen een vermolmd

matras, alsof er af en toe nog een landloper of schaapherder

komt overnachten.

neolithische grafkamers

De volgende dag rijden we over de Glengesh-pas naar

Gleann Cholm Cille (Glencolumbkille), op een landtong

in het zuidwesten van Donegal. Daar is een aardig

openluchtmuseum, maar de grote aantrekkingskracht

van deze streek zit hem in de neolithische grafkamers

in de vallei van Malin More. Ze stammen uit de periode

rond 3500 voor onze jaartelling en de court cairn in

Cloghanmore is een van de mooiste van Ierland. We

lopen erheen over een houten plankier. Door de regen

krijgt het geheel een extra verlaten indruk. Deze

grafkamer is veel groter dan ik verwachtte. Tussen de

lage muren van losse steen probeer ik in gedachten

het oorspronkelijke bouwwerk te reconstrueren: na de

ingang een ommuurde cour, waarachter een overdekte

grafkamer. Af en toe zink ik zo diep weg in de drassige

grond dat mijn voeten nat worden.

Er is meer. In een paar weilanden niet ver van zee liggen

zes dolmen, op een rij van oost naar west. Er staat

geen bord bij en in het huis ernaast is geen teken van

leven te bekennen. We lopen tussen de rechtopstaande

stenen door en duwen ertegen, om te voelen hoe massief

ze zijn.

In de invallende duisternis merken we de steekvliegjes

pas op als het eigenlijk al te laat is. Tegen de ondergaande

zon in zie je ze: wolken kleine rotvliegjes, die

je pas voelt als ze steken en die verbeten meevliegen

de auto in als we op de vlucht slaan, zodat we tot aan

Killybegs om ons heen zitten te meppen. Een passende

aftocht. Dat krijg je, voor het zomaar rondbanjeren op

heilige grond.

De weg vragen

Voorbij Donegal-stad (waar ik vergeefs zoek in de

boekenwinkel op The Diamond, het centrale plein,

naar een Donegal-gids, en in tweedwinkel Magee

naar iets dat me staat) gaan we op onderzoek in de

Blue Stack Mountains. We rijden door een mistwolk,

over een eenbaansweg, over stenen bruggen en langs

mannen met schapen en honden. Daarna volgen we

Bealach na Cruacha, de Blue Stack Drive en omdat we

Gekletter van hoeven

op de N56 bij

Dunfanaghy.

John Stuart:

‘Met deze kar, en

met hulp van de

kleinkinderen, gaan

we zaterdag maïs

oogsten. Zo deden

we het vroeger ook,

toen ik jong was.’

88 www.reizen.nl maart 2009 www.reizen.nl maart 2009 89


Boven: een kleine

kudde gemerkte

Scottish Mountain

sheep. Niet alleen

de kleur van de verf,

maar ook de plek,

geeft aan wie de

eigenaar is.

Rechts:

het katholicisme is

de belangrijkste

religie in Ierland.

Bijna 85% van de

Ieren is als kind

katholiek gedoopt.

90 www.reizen.nl maart 2009

af en toe een bord missen, vragen we op een kruising

de weg aan een man met een tweedpet.

Dat zijn de beste.

Die vinden het zo gezellig als je wat vraagt, die gaan

er eens even goed voor leunen op hun wandelstok.

‘Where’re you from yourselves? Holland? Ah, ik en moeder

de vrouw, wij waren daar een keer in een dorpje, wat

was de naam ook weer, níce little village it was… ik weet

het: Amsterdam! Haha! I like to laugh! Ik zat in de bouw

maar ik heb een half jaar geleden een openhartoperatie

gehad. Kijk maar!’

Hij knoopt zijn shirt open.

Wat een groot litteken!

‘Aye!’, zegt hij blij. ‘Ik probeer elke dag een half uur te

wandelen.’

De mannen van Donegal, ze vormen een attractie op

zichzelf.

They love to talk!’, grinnikt een vertegenwoordiger uit

Dublin, die ’s avonds in Ballybofey bij de Indiër aan het

tafeltje naast ons zit. ‘In Dublin zijn we al erg, maar

hier in Donegal weten ze helemaal van geen ophouden.

They néver shut up, do they?’

Hij is artsenbezoeker, maar hij wil niet vertellen waarméé

hij de artsen bezoekt.

‘Trust me, you don’t want to know!’, zegt hij met klem.

Ik laat het maar zo, want als een Ier zoiets zegt, dan

wil je het waarschijnlijk inderdaad niet uitgebeeld

krijgen, boven je dampende bordje Chicken Korma of

je Bombay Aloo.

Ballybofey is trouwens het prototype van een stadje

in Donegal: een hoofdstraat met een gokkantoor, een

pub, een bank, een Indiaas restaurant, nog een pub en

een paar leegstaande panden. Op één van de verweerde

puien is nog net het opschrift van weleer te lezen

‘AMUSEMENT’.

Fashion? nee, fishing!

De meest noordelijke regio van Ierland heet Inishowen,

er is een route van honderd kilometer die de contouren

van dit schiereiland volgt. Inishowen ligt tussen

twee enorme zeearmen: Lough Swilly in het westen en

Lough Foyle in het oosten. Ten noorden ligt de Atlantische

Oceaan en als je lang genoeg doorzwemt, kom je

in Groenland.

Dit is volgens de verhalen het gebied van Eoghain, een

van de zoons van Niall Mar Naoighiallach en langs

Lough Foyle liggen plaatsjes die herinneren aan de tijd

van koningen, barden en jonkvrouwen: Whitecastle,

Redcastle, Greencastle. Het laatste kasteel staat er nog,

al is het vervallen tot een ruïne en volledig overwoekerd

door braamstruiken, brandnetels en klimop.

Terwijl ik een handje bramen sta te eten, kijk ik uit

over Lough Foyle. Aan de overkant ligt Ulster, Noord-

Ierland, en aan weerszijden van het groene kasteel

staan rijtjes frisse, splinternieuwe woningen die zo te

zien nog geen van allen verkocht zijn.

‘Waar léven de mensen hier eigenlijk van?’, vraag ik

aan de man van The Cairn Center (dat centrum heeft

een tentoonstelling over Ierland-door-de-eeuwen-heen

en in de zomer kun je er leuke spelletjes doen, zoals


Boven: biljarten op

zaterdagmiddag, in

Dunglow.

Rechts van boven

naar beneden:

uitgebreide collectie

tweedhoedjes bij

Magee of Donegal

in Donegal-stad.

Met stenen je naam

leggen - symbolische

handeling op

Banba’s Crown.

Verlaten strand bij

Portsalon, aan Lough

Swilly (Inishowen).

92 www.reizen.nl maart 2009

hoefijzer-werpen) en de dialoog die volgt is een fijn

voorbeeld van de taalverwarring in Donegal. Zelfs als

mensen hier gewoon Engels spreken in plaats van

Gaelic, is het nog best een uitdaging om te volgen waar

het gesprek over gaat.

‘Oh, fashion’, zegt hij monter.

Dat versta ik tenminste, hoewel het me wel bevreemd

dat uitgerekend de mode-industrie hier blijkbaar voor

de inkomsten zorgt. ‘Wat interessant’, zeg ik dus.

‘En wat fijn voor de mensen dat de tweedstof weer

helemaal trendy is deze winter!’

De man kijkt me niet-begrijpend aan en wijst dan in de

verte. Daar ligt de kleine haven waar ik net nog stond

te praten met de scheepslassers, aan boord van de

Janna en de Johanna Cornelia, twee Nederlandse

mosselschepen die hun thuishaven vonden in Donegal.

‘Fashion!’, herhaalt hij met nadruk.

Pas nu breekt de zon door. ‘You mean físhing!’

‘Aye, that’s what I was sayin! Fáshion!’

keltische tijger

Een tijdlang was Ierland een optimistisch, welvarend

eiland. In de jaren tachtig werden de belastingen

verlaagd, investeerders stroomden toe, er werden call

centers geopend die flexwerkers van buiten het land

aantrokken, er was vraag naar huizen, de economie

groeide in recordtempo en er werd gesproken van

de Keltische tijger.

‘From famine to feast’, was de slogan.

‘Een paar jaar geleden had je een huis al verkocht voordat

je het gebouwd had’, vertelt een schapenhouder.

‘Maar die tijden zijn definitief voorbij. Veel bedrijven

leggen de bouw gewoon stil.’ Hebben wij ook crisis? Ja,

wij hebben ook crisis. Ach, het is overal crisis. Hij haalt

bijna onmerkbaar zijn schouders op. ‘Er zijn al

mensen die zeggen dat we nu weer feast to famine krijgen’,

zegt hij. Het klinkt als een grapje, maar er zit een ondertoon

in die ik denk te herkennen, die van ‘als je voor een

dubbeltje geboren bent, dan word je nooit een kwartje.’

(Schrikbeeld: dat ze hier over honderd jaar tussen de

ruïnes lopen van al die optimistische nieuwbouwprojecten.

‘Kijk, soms is er alleen een bergje cement over,

soms zit er nog een strook nepsteen op, soms is zelfs

een stukje van de portico blijven staan!’)

In het Maritime Museum in Greencastle kijk ik lang

naar de foto’s van landverhuizers, eind 19de eeuw. Ze

kwamen uit Buncrana, Culdaff, Burt, Muff en scheepten

zich in op de stoomschepen van Anchor Line,

die naar de Verenigde Staten vertrokken. Een van de

vrouwen op de achterplecht kan haar tranen niet binnenhouden.

Ze staat smartelijk te huilen, tussen haar

dapper zwaaiende zussen, en ze draagt verdorie precies

hetzelfde tweedjasje waarin ik gisteren voor de spiegel

stond op de eerste verdieping van Magee in Donegal,

naast het raam met uitzicht op The Diamond.

Als ik een uurtje later kiezels bij elkaar zoek op

Banba’s Crown, heb ik die vrouw nog steeds in mijn

hoofd. Zou zij als kind ook haar naam in stenen in het

gras gelegd hebben, zoals bezoekers nu doen, op het

meest noordelijke punt van Ierland?

Op de terugweg naar Letterkenny denk ik dat ik in de

velden kleine keien zie liggen, maar het zijn meeuwen,

die opvliegen als we langsrijden.

zestien woorden voor regen

Laatste dag in Donegal. Het hoost en mijn vraag van

de dag luidt: als de Inuit talloze woorden hebben voor

sneeuw (een broodje aap-verhaal, maar wel tot de

verbeelding sprekend) hebben ze in Donegal dan misschien

ook veel manieren om uit te drukken dat het

regent?

Het rare is: de mannen van Donegal weten geen synoniemen

voor regen (die zijn zo lekker aan het kletsen

dat ze niet eens doorhebben wat voor weer het is),

maar de vrouwen gaan helemaal los. Behalve de standaardwoorden

rain, drizzle en mist, zijn er nog de shower

(lichte regen), en de downpour, een wat zwaardere regenbui.

Het wordt pas echt leuk bij de uitdrukkingen.

‘It’s coming down in buckets’, ‘It’s raining cats and dogs’ en

‘It’s not taking time to fall’.

Ik noteer: ‘You’d hardly know you’re getting wet!’

The heavens are open’.

‘It’s coming down like the hammers of hell’.

De barvrouw die de koffie brengt in de Beachcomber

Bar in Portsalon, begint te giechelen. Ze heeft nog wel

een uitdrukking, maar dat is slang, dat is niet zo netjes.


Autoroute Donegal

Spectaculaire kliFFen

De spectaculairste zeekliffen van Donegal zijn te vinden

aan Donegal Bay: Slieve League (Sliabh Liag). De rotsen

zijn 601 meter hoog – alleen op het eiland Achill in

County Mayo (voor de westkust) zijn nóg hogere kliffen

te vinden. Een uitkijkpunt is goed bereikbaar aan het

eind van een smal weggetje vanuit Teelin. Wie verder

wil, kan het smalle voetpad over de kim volgen, het

one man’s path. Op winderige dagen wordt deze

wandeling om veiligheidsredenen afgeraden.


in Ballyshannon

(in de kelder van

Donegal) werd op

2 maart 1948 een

jongetje geboren.

24 Jaar later was

dit wonderkind

volgens het blad

melody maker de

beste gitarist ter

wereld.

Weet u zijn naam?

Ga naar reizen.nl

en maak kans op

een Wensbon.

(www.wensbon.nl)

‘My name is Paddy

and his name is

Paddy!’ Mannen aan

de bar, altijd in voor

een praatje.

94 www.reizen.nl maart 2009

‘Leuk juist’, zeg ik, ‘kom op.’

‘Nou vooruit dan: ‘pissing the rain’. Dat is echt zware

regen die de hele tijd doorgaat.’

Het is half september en vandaag krijgen we alle

soorten regen op één dag. Af en toe breekt de zon door,

zoals bij Mouldy Hill. Een heuvel met vierkantjes van

verschillende kleuren groen, met dunne strepen van

heggen en hekken, een zonnig tweedhoedje in het

oranjebruine landschap.

Mijn bijrijder wil eindelijk wel weer eens achter het

stuur en dat komt goed uit, dan kan ik intussen oefenen

op mijn nieuwe tin whistle – een blikken fluit waar

een vrolijk schel geluid uit komt dat het erg goed doet

in de klassiekers uit het bijgeleverde instructieboekje,

zoals The Wild Rover en Whiskey in the Jar. Na een kwartier

lijkt het Paul toch beter dat ik weer ga rijden.

We volgen de Atlantic Drive – ik wilde het rondje

compleet maken en zoveel mogelijk kust meepakken

– naar het noorden, tot Fanad Head en dan weer

zuidwaarts, zigzaggend langs de zeearmen. Het blijft

maar regenen. Het druppelt, het hoost, het klettert,

het komt met bakken uit de hemel en daarna druppelt

het na.

‘It’s wild bad weather, aye!’, verzuchten ze in Dumhach.

‘You need a peddle and a boat to get to Gweedore!’, beaamt

de vrouw die de sandwiches maakt bij McBride’s in

Milford.

In Gweedore, dat in een gebied ligt waar Gaelic gesproken

wordt (een Gaeltaecht), leer ik de uitdrukking ‘ta sé

ag Baiste’. Maar daarover moet druk overlegd worden.

‘Gaelic spreken is geen probleem, maar spellen is zo

moeilijk! Je schrijft het heel anders dan dat je het

uitspreekt’, legt het meisje achter de bar uit, voordat

ze in de keuken gaat vragen wat ‘het hoost’ nou ook alweer

is in het Gaelic. Ta se ag baiste go tray tim se ag creig

feirin, schrijft ze daarna in mijn notitieboekje, ‘maar ik

weet het niet helemaal zeker!’ Dan is ze snel weer weg,

want er moet bier getapt.

Ik had me eigenlijk verheugd op een avond met vioolmuziek

en weemoedige liedjes, maar er is vanavond

voetbal en iedereen zit met zijn neus naar de televisie

– ik geloof niet dat dit het moment is om mijn nieuwe

fluit te voorschijn te halen.

The Wild Rover neurie ik dan maar in gedachten,

terwijl ik achter een half pint of Smithwick een lijstje

hoogtepunten van Donegal opstel. Mooiste geluid:

het geklepper van paardenhoeven op de weg. Geheim

genoegen: in een supermarkt vragen waar de zonnebrandolie

staat. Fijn gevoel: een droge turfbriket met je

handen verkruimelen. Lekkerste geur: het veengebied

in de Derryveagh Mountains, als het motregent. Verrassing

langs de weg: de metershoge fuchsiastruiken.

In bloei!

Over mijn favoriete plek hoef ik ook niet lang na te

denken, dat is Fanad Head, waar ik vanochtend was. De

zwartgrijze vulkaansteen op de uiterste punt van het

schiereiland. Het was alsof ik er op de hand van een

reus liep die zijn arm naar voren had gestrekt, zodat

ik over de zee kon uitkijken. Een grote vriendelijke

reus die je zou willen toefluisteren: ‘Slán leat, Go Raibh

Maith Agat!’ – Goodbye and thank you. b

Hoe kom je er?

Auto en ferry: vanaf utrecht is de afstand

naar Donegal 683 km als je de oversteek

rotterdam-Hull en Holyhead-Dublin neemt.

Prijsvoorbeelden in mei 2009 voor een auto

met twee personen: rotterdam-Hull (www.

poferries.com) v.a. € 152, daarna met irish

Ferries van Holyhead naar Dublin (www.

irishferries.com), v.a. £ 109 (€ 111). Je kunt

ook via Hoek van Holland-Harwich (www.

stenaline.com) of iJmuiden-newcastle

(www.dfdsseaways.nl) naar engeland.

Vliegen: easyJet (www.easyjet.com) v.a.

€ 63 in mei van amsterdam schiphol naar

Belfast international airport.

Huurauto ter plaatse vanaf € 177 per week

(vanaf Dublin of shannon) of € 195 (vanaf

Belfast), www.holidayautos.nl. REIZEN

Magazine-abonnees krijgen 10% korting,

via www.reizen.nl.

Georganiseerde reizen

Buro Britain heeft van eind april tot half

september wekelijks op zaterdag een eigen

Vlm-charter van rotterdam airport naar

Donegal airport, en 8-daagse hotelrondreizen,

zie hieronder. De Jong intra (www.

8 dagen Donegal

Speciaal voor de lezers van REIZEN

Magazine heeft de Buro Britain een

unieke 8-daagse hotelrondreis samengesteld.

Met de chartervlucht naar

Donegal is het nu mogelijk om in één

week kennis te maken met de diverse

bezienswaardigheden van de Ierse

noordkust.

Prijs per persoon / vertrek op zaterdag

25/4 en 5/9 € 778

2-29/5 € 798

30/5-19/6, 8/8-4/9 € 819

20 en 27/6 € 855

4/7-7/8 € 888

Inclusief

b Vlm-retourvlucht rotterdam - Donegal

b luchthavenbelasting, brandstoftoeslag en

ecotax ca. € 80 p.p. (o.v. wijzigingen)

b 7 overnachtingen in een 2-pk met bad

dejongintra.com) biedt een 8-daagse

individuele wandelreis naar Donegal aan (v.a.

€ 519 p.p. o.b.v. eigen vervoer). snP (www.

snp.nl) heeft een 9-daagse cultuurrondreis

over heiligen en legenden, langs de ierse

westkust (v.a. € 1215 p.p.).

Accommodatie

Huisjes, hotels, bed & breakfast, alles kan.

Prijsindicatie: 8-persoonshuis in de zomer

rond € 800. een overnachting in een B&B

ongeveer € 30 p.p.p.n. in een 2-pk, in een

hotel rond €100. een accommodatiegids

voor Donegal is te downloaden via

www.donegaldirect.ie.

Wij sliepen o.m. in The Bay View Hotel in

killybegs, aan de haven. 2-pk v.a. € 110,

www.bayviewhotel.ie., en in het statige An

Chuirt Hotel in gweedore, vlakbij glenveagh

nat. Park, ook handig als laatste halte voor

de luchthaven.

Beste Budget optie: McGrory’s in Culdaff,

2-pk v.a. € 99, www.mcgrorys.ie. (Zie ‘eten

en drinken’)

www.reizen.nl

meer beschrijvingingen van de hotels waar

wij logeerden vindt u op www.reizen.nl.

Eten en drinken

lekkere kost zonder al te veel poespas eet je

in de pub. een maaltijd komt dan op ongeveer

€ 15. tip: met stip de lekkerste koffie

dronken we in the Front Bar bij hotel-restaurant

McGrory’s in Culdaff. anne mcgrory

runt de zaak met haar twee broers die musici

zijn en in het seizoen wekelijks concerten en

en/of douche en toilet o.b.v. logies en

ontbijt

b 7x 24 uur autohuur cat. a (vraag naar de

voorwaarden)

b An evening of Music and Craic* in the

Donegal gaeltacht, incl. 3-gangendiner.

op vrijdag of zaterdagavond in leo’s

tavern. inclusief een 3-gangen diner (excl.

drankjes) gevolgd door muziek in de bar

en uitleg over de Brennan Family en Clannad/enya

b speciaal Saoire Fáilte-welkomstpakket en

uitgebreide reisbeschrijving

b anWB extra reisgids ierland en wegen

kaart ierland

Niet inbegrepen: evt. toeslagen, toeslag 1

persoon op aanvraag, anWB adm. kosten

€10 en bijdrage Calamiteitenfonds € 2,50

per boeking. Bij boeking binnen 14 dagen

voor vertrek €10 last-minutekosten.

Donegal Praktisch

muzieksessies organiseren (ook hotelkamers,

vanaf € 99, www.mcgrorys.ie).

Reisgidsen, kaarten & boeken

speciale reisgidsen over Donegal vonden

we niet. informatie is wel te vinden in algemenere

gidsen, zoals de Capitool-reisgids

Ierland (al uit 2003, unieboek, € 6,90) en

de recente heruitgave van de Rough Guide

Ireland (9de druk 2008, € 10).

De prettigste kaarten vond ik de Collings

Northern Ireland Road Map en de iets

gedetailleerdere Ordnance Survey Ireland

North (1 cm is 2,5 km). er is ook een

gedetailleerdere Ordnance Survey Donegal,

in de Discovery serie (1:50.000).

aanbevolen literatuur: Mijn Ierland van

gerrit Jan Zwier (uitg. atlas, 2007,

€18,90) en The Outer Edge of Ulster,

de heruitgave van het boek van Hugh

Dorian, die de grote hongersnood

overleefde - over het leven in Donegal in

de 19de eeuw (the lilliput Press, isbn10

190186670X, € 8,99).

Informatie en websites

informatie en brochures via de website van

het verkeersbureau Discover Ireland,

www.discoverireland.com of telefonisch

via tel. 020-50 40 689. op de officiële

County-website www.donegaldirect.ie is

veel toeristische informatie te vinden.

vanaf € 778 p.p.

Boeking en informatie

Bij de anWB Winkels, tel. 0900-9008070

(lokaal tarief) of www.anwb.nl. op alle

arrangementen zijn de anVr-reisvoorwaarden

van toepassing. kijk voor het uitgebreide

dag-tot-dagprogramma op www.

reizen.nl.

www.reizen.nl maart 2009 95

More magazines by this user
Similar magazines