HET WttKÏ

bibliotheek.eyefilm.nl

HET WttKÏ

HET WttKÏ

1 ^ d * Hl

LAD

i

19 d • Jaargang

No. 6- 18 Fabr. 1939

CINEMAs.

THEATER

PIERRE BLANCHAR

IN

II DE SCHULDIGE"

(Pof Nt*rh*d)

jj


NIEUWS

Erich Engel ensceneert de film „Ein hoffnungs-

loser Fall". De medespelenden zijn Jenny Jugo,

Karl Ludwig Diehl, Hannes Stelzer, Leo Peukert,

Axel von Ambesser, Josefine Dora en Julia Serda.

Charles Bickford en Jean Parker zullen de

hoofdrollen uitbeelden in de Columbiafilm „Power

to burn". Michael Simmons heeft het scenario ge-

schreven.

James Craig en Betty Furness hebben de be-

langrijkste rollen in „North of Shanghai", een film

die door D. Ross Lederman in scène wordt gezet.

Key Luke, Dick Curtis en Honorable Wu spelen

hierin eveneens belangrijke rollen.

Het kantoorgebouw van de R.K.O.-Radio

Pictures te Hollywood.

Mathias Wieman speelt onder leiding van Karl

Ritter de hoofdrol in een nieuwe soldaten-film.

Gladys Lehman, Isabel Dawn en Boyce de Gaw

vervaardigen het scenario voor de film „Good girls

go to Paris".

Jaro Prohaska is als partner voor Zarah Leander

voor de Ufa-film „Es war eine rauschende Ball-

nacht" geëngageerd.

Rose Stradner, de Weensche film-actrice, werd

door de Columbia te Hollywood geëngageerd.

Haar eerste Amerikaansche film is getiteld „The

last gangster".

Hans Schweikart regisseert de Bavaria-film „Fa

sching", het draaiboek wordt ge-

schreven door Jochen Huth.

Heinz Helbig ensceneert de film

„Liebe streng verboten!" met Carola

Höhn, Wolf Albach-Retty en Hans

Moser in de hoofdrollen.

De Tobis te Berlijn vervaardigt een

film getiteld „Morgen werde ich ver-

haftet".

Vivian Leigh zal de hoofdrol uit-

beelden in de film „Gone with the

wind". Deze rol zou eerst vertolkt worden door

Jean Arthur, daarna door Miriam Hopkins, Norma

Shearer, Katherine Hepburn en Sylvia Sidney, uit-

eindelijk viel de keus echter op de jeugdige Vivian.

Thomas Mitchell werd voor de Columbia-film

„Plane No.-4" geëngageerd. Hij zal hierin naast

Jean Arthur en Cary Grant een belangrijke rol

krijgen.

Willy Birgel en Brigitte Horney vervullen de

hoofdrollen in de Terra-film „Die Fahne". Regis-

seur is Viktor Tourjansky, het draaiboek is van de

hand van Francke en Burri. Hannelore Schroth

werd eveneens voor deze rolprent aangezocht.

Een luchtfoto van de Pinewood-Studio's bi

Londen.

Helen Whitney In gedachten. ° '

; e '

T 1 Thitney Bourne heet eigenlijk Helen Whitney Bourne, maar om de

\/V een 0 ^ anciere rcdén had zij een hekel aan den naam Helen en

niemand van haar kameraadjes mocht haar als kind zoo noemen,

dus bleef de naam Whitney. Het grappige is, dat zij den naam Helen nu

graag weer zou gebruiken, maar zij weet daarvoor eigenlijk geen goede

aanleiding te vinden; in haar geheele carrière op het tooneel en ia de

twee films, die zij tot nu toe voor RKO Radio heeft gemaakt, werd zij

overal vermeld als Whitney Bourne.

Whitney Bourne wijt deze „jeugdzonde" aan haar zin voor individualiteit.

Daar de naam Whitney in Amerika ook een mannennaam is, acht ze het

van belang, dat'men haar spoedig als Helen Whitney Bourne zal leeren

kennen, ofschoon zij zakelijk genoeg is om te begrijpen, dat de films

„Flight from glory" en „Love in a basement", waarin zij voor RKO op-

trad, den naam Whitney Wj het publiek reeds gevestigd hebben.

Whitney Bourne aanschouwde den zesden Mei te New York City het

levenslicht Haar ouders, bekend in society-kringen, hadden nimmer iets

met het tooneel uitstaande gehad en toen Whitney eens stilletjes dans-

lessen nam, werd zij naar een kostschool gestuurd in Parijs. Haar ouders

stonden in het geheel niet sympathiek tegenover de wenscheh van de

kleine Whitney, die zoo graag aan het tooneel wilde, en meenden dat het

meisje in Europa haar rare ideeën wel zou laten varen.

Maai- zij hadden geen rekening gehouden met den zin voor individualiteit

van de jonge Whitney, want hun dochter liep van school weg en liet zich

inschrijven bij de Isidora Duncan-dansgroep in de Fransche hoofdstad.

Zij was toen zestien jaar en had haar schooltijd nog niet beëindigd.

Whitney's ouders begonnen nu in te zien, dat haar aspiraties als dan-

seres voortkwamen uit haar onverzettelijken wil, en zij stonden haar ten


Whitney Bourne, Bobart Fleming, onze landgenoot Louis Borel en

Jessie Matthews In „Head over heels".

WHITHEY

BOURtlE

BOUWT HAAR

ÉI.GEM CARRIÈRE OP

slotte toe zich verder te ontwikkelen aan

het Theatre d'Atelier te Parijs, terwijl zij

haar schoollessen verder privé ontving.

Terug in New York liep miss Bourne

de deur plat van Gilbert Millers kan-

toor, een producer, die bezig was acteurs

en actrices te engageeren voor het too-

neelstuk „The firebird". Miller wilde

nooit iets met onbekende actrices te

maken hebben, maar deze actrice was

zoo vasthoudend, dat hij haar ten slotte

een rolletje als dienstmeisje in het stuk

gaf.

Haar optreden op Broadway was voor

haar een referentie, die zij benutte en

gedurende de drie jaar die volgden op

haar New Yorksch debuut, speelde zij in

verscheidene Manhattan-voorstellingen

en in provinciale schouwburgen, zij het

dan ook in kleine, onbelangrijke rollen.

In dien tijd produceerden Ben Hecht

en Charles MacArthur voor eigen reke-

ning films in een leegstaanden studio te

New York. Zij zagen Whitney Bourne

op het tooneel en engageerden haar voor

een kleine rol in „Crime without pas-

sion", haar filmdebuut dus. De beide

kunstenaars waren zoo tevreden over

het resultaat, dat zij Whitney een groo-

tere rol in hun film „Once in a blue

moon" toebedeelden.

Whitney wist wat kleine winsten

waard waren en vertrok met de opge-

dane filmroutine in haar mars naar een

land, waar een jonge filmindustrie in op-

komst was. Zij arriveerde in Londen en

kreeg zonder veel moeite („Crime without

passion" en „Once in a blue moon"

waren haar al vooruit gereisd en Whit-

ney Bourne was in Engeland dus geen

onbekende meer) een engagement bij Gaumont British voor een hoofdrol in

„Head over heels" met Jessie Matthews en Louis Borel.

RKO zag de film in Amerika en noodigde Whitney uit een filmproef

af te leggen, die zeer zwaar was, omdat men haar naast Chester Morris

in „Flight from glory" („De vlucht der verlorenen") wilde laten spelen.

Zij kreeg de rol en bovendien een flink contract. Daarna trad zij naast

James Dunn op in „Love in a basement". Met Richard Dix speelt zij in

de onlangs voltooide film „Blind alibi", die RKO onder den titel „Be-

dekte oogen" hier te lande zal uitbrengen.


Islah Middlebrack (Bobert Barrat),

Ivy Preston.

Grootma Preston (May Bobton) en

TtflOHF

Ivy Preston Joan Benn

Kirk Jordan Randolph Sei

Grootma Preston May Robs

Chuckawalla Walter

cen '

terwijl verder niemand weg weet met

feijn kudden.

Brenn jVy wenscht echter geen zaken te doen met

Alan Sanford Robert Cummin|le Yankees en wijst het voorstel van de

Isiah Middlebrack Robert Ban land. Als echter commissaris Middlebrack,

Luitenant Nichols HarVey Stephe :en


PAMDRO i.BERMAN

Als jongste productieleider van Hollywood en een der jongste man-

nen onder het personeel, welke ooit door een groote filmmaat-

schappij op een der hoogste posten benoemd werd, neemt Pandro

S. Berman, vice-president der RK.O Radio Pictures en algeheel produc-

tie leider, een benijdenswaardige positie in de hedendaagsche filmin-

dustrie in. Hoewel pas drie en dertig jaar oüd heeft Berman meer

dan een dozijn films geproduceerd, die overal ter wereld een ongekend

succes verwierven. Hij is de man, die het publiek het befaamde filmteam

Fred Astaire en Ginger Rogers gebracht heeft en al de films van dit

danspaar zijn dan ook onder zijn productieleiding tot stand gekomen.

Berman is den 28sten Maart 1905 te Pittsburg, Penn., geboren. Hij

is de zoon van wijlen Harry M. Berman, een der pioniers op filmgc-

bied, die eerst als algeheel leider van Universal werkzaam was en later

de FBO- (tegenwoordig RKO Radio) studio's dirigeerde.

In zijn jongensjaren verhuisde de familie naar New York City, waar

Pandro het middelbaar onderwijs volgde. Na zijn eindexamen ging de

achttienjarige Berman naar Hollywood en werd assistent-regisseur bij

de FBO-studio's. Hier werk|e hij onder de toenmalige eerste regisseurs

van Hollywood, namelijk Ted Browning, Al Santell, Malcolm St.Clair

en Ralph Ince, hetgeen van essentieele beteekenis was voor de vorming

van zijn loopbaan.

Nog op het gebied der filmregie werkzaam, begon Berman een ander

belangrijk onderdeel van de productie te be-

studeeren — de filmmontage. Weldra was

hij assistent-filmcutter en hielp in deze func-

tie alle films van wijlen Fred Thompson, den

bekenden Western-ster, tot stand brengen.

Kort daarop werkte Berman als volleerd

filmcutter eenigen tijd bij Columbia, waar

hij tevens de bijschriften, die bij de zwijgen-

de-film van zoo groot belang waren, ver-

vaardigde. Daarna keerde hij terug naar den

studio, waar hij zijn opleiding genoteiTTïad

en welke inmiddels tot RKO Radio herdoopt

was.

In de overgangsperiode van de zwijgende-

naar de geluidsfilm trad Berman als leider

van de montage-afdeeling op en verwierf

een dusdanige vermaardheid, dat men hem

in 1929 aanstelde tot assistent van William

LeBaron, den algeheelen productieleider van

RKO, en later tot assistent van diens op-

volger David O. Selznick.

Einde 1930 nam Bermans carrière als

filmproductieleider een definitieven vorm

aan. In snel tempo kwamen onder zijn lei-

ding films tot stand als: „Symphony of six

million"; „What price Hollywood"; „The

naked truth" — de eerste Katharine Hep-

burn-film; „Christopher Strong"; „Swee-

pings; „The silver cord"; „Morning

glory" (welke Katharina Hepburn den Aca-

demy-prijs bracht); „Ann Vickers"; „Man

of two worlds" en „Transient love".

In 1934 produceerde Berman de eerste

Astaire-Rogers-film „Te gay divorce".

In de vier jaar, die hierop volgden, heeft

hij de productieleiding gehad over ruim der-

tig films, waaronder „Spitfire", „Age of

innocence", „Of human bondage", „The

little Minister", „The life of Vergie Win-

ters", „His greatest gamble", „Gridiron

flash", „The fountain", „By your leave",

„Roberta", „Laddie", „Break of hearts",

„Alice Adams", „Top Hat", „Freckles",

„In person", „I dream too much", „Sylvia

Scarlett", ,,Follow the fleet", „Mary of

Scotland", „Swing time", „The big game",

„A woman rebels", „Winterset", „That

girl from Paris", „Quality Street", „The

soldier and the lady", „Shall we dance",

„Stage door", „A damsel in distress",

„Having wonderful time", „Carefree" en

„Room service','.

Als erkenning voor zijn vruchtdragend werk als productieleider werd

Berman het vorig jaar door zijn maatschappij gekozen als vice-presidem,

belast met het oppertoezicht over de RKO Radio-productie.

In zijn nieuwe functie voerde Berman zoo ver mogelijk zijn ziens-

wijze door, namelijk het productiestelsel op hooger niveau te brengen

door het toepassen van betere artistieke en technische voorwaarden. De

toepassing van deze politiek heeft RKO Radio contracten doen afsluiten

met beroemde filmsterren als Gary Grant, Victor McLaglen, Irene Dunne,

Claudette Colbert, Douglas Fairbanks Jr., Charles Boyer, Henry Fonda,

Bob Burns, Carole Lombard, Eddie Cantor en vele andere bij het publiek

geziene persoonlijkheden. '

Bovendien is Bermans productie voor 1939 gebaseerd op betere scens-

rio's en zullen er films worden uitgebracht als „Gunga Din", de grootste

productie, welke RKO 'Radio ooit heeft vervaardigd; eenige Leo

McCarey-producties, waarvan de eerste is „Love affair" met Irene

Dunne en Charles Boyer in de hoofdrollen; „The Castles" een Fred

Astaire — Ginger Rogers-film naar het leven van Vernon en Irene

Castle; „The mad miss Montoh" met Barbara Stanwyck en Henry

Fonda.

Berman is getrouwd met Viola Newman, de dochter van den beken-

den theater-exploitant Frank Newman. Zij hebben een zoon, Harry

Michael, die in Juni 1936 het levenslicht aanschouwde.

'^''m DE TWEE

/ tm KL-EM

^■sl naar jgn gclijknamigen roman van Gina Kaus.

Ciaire Corinnc Luchaire

Catherine Lafont Anny Ducaux

/ ^^^^^H Michel Lafont Rolland Rouleau

/ i^^BB Robert Roger Duchesne

/ JH^^^M Victoria-Film.

/ ^I^^^B 'TTÄ 3 ^ 8 * ^ oor ^ e ^ eur van ^ e werkkamer van

^^^^" M' Michel Lafont klinken twee revolver-

^^^^^ ^ schoten. Een jong meisje zakt gewond op

^^^^B de trap ineen. Mevrouw Catherine Lafont had

het wapen op haar zuster Claire gericht. Het

gerechtelijk onderzoek begint.

■■■■^■■■■■■■i^« Tijdens het scherpe kruisverhoor van den

Anny

«

Ducaux.

-.

Bolland

« .1—^

Rouleau

BA..i.m. ...

on

nnHnn«

Connne

rechter van instructie,

«

Brissac,

j 11 . ■

blijft Catherine

n\ \

[^ia^ volhouden in een hardnekkig zwijgen. Ook

Claire wordt, in het ziekenhuis, door den rechter

ondervraagd. Vervolgens wordt Michel Lafont bij dezen ontboden. Niettemin slaagt de

rechter er niet in het motief van de daad te weten te komen. Niemand, die iets weet;

niemand, die iets zegt... . 1 r?

Overal in het land heeft de zaak Lafont diepen indruk op het publiek gemaakt. Een

zekere Marguerite Angel, uit een dorpje hoog in de Alpen, gaat zelfs naar Parijs om het

slachtoffer van den aanslag te bezoeken. Want zij herinnert zich nog den tijd, toen de

twee- zusters in haar pension logeerden. Dat was toen mevrouw Lafont haar kind verwachtte.

*

Claire herstelt langzaam maar zeker. Van Robert, haar verloofde, verneemt zij, dat

Marguerite Angel bij Brissac geweest is en daar verklaringen heeft afgelegd.* Tevens

vertelt hij haar, dat Michel besloten heeft zich van zijn vrouw te laten scheiden.

Als Claire dit hoort, snelt zij naar rechter Brissac en legt haar bekentenis af...

Een paar jaar geleden was zij het slachtoffer geworden van Gerard, een Don Juan,

dien ze gemeend had lief te hebben. Hij liet haar echter in den steek en toen zij een

kind verwachtte, zocht ze haar toevlucht bij haar getrouwde zuster in

Corinna Parijs. Zij kwam daar op het oogenblik, dat Catherine diep bedroefd was

Luchaire en over het aanstaande vertrek van haar man voor een langdurige studiereis,

Anny Ducaux. waaruit zij de conclusie had getrokken, dat hij zich in het huwelijk met

Boger haar niet gelukkig voelde. Voor haar gevoel kan nog slechts één ding het

Duchesne en huwelijk redden: een kind. Claires komst brengt haar op een gedachte. Een

Corinna gedachte, die werkelijkheid wordt, wanneer zij samen naar een klein

Luchaire. dorpje in de Alpen reizen, waar Claire zich laat inschrijven als mevrouw

Lafont. Daar brengt Claire haar kind ter wereld. Haar eer is gered en

Catherine kan Michel melden, dat „hun" zoon geboren is.

Doch het toeval wil, dat Claire, die zich inmiddels met Robert heeft verloofd,

opnieuw in aanraking komt met Gerard. Thans probeert haar verleider

chantage op haar te plegen; hij eischt vijftigduizend francs voor

zijn stilzwijgen. Catherine, hiervan op de hoogte gebracht, belooft een

kostbaren armband te verkoopen. »

De gedächte haar eigen kind niet bij zich te mogen hebben, wordt voor

Claire echter steeds ondraaglijker. En wanneer Catherine na veel moeite

den armband voor vijftigduizend francs heeft beleend, weigert Claire het

geld aan Gerard te overhandigen. Zij wil haar kind hebben, verder laat

alles haar onverschillig.

Catherine probeert haar te overreden, wijst haar op haar verloving

met Robert, van wien Claire beweert te houden. Maar ook voor

kt Catherine staat er veel op het spel: want voor haar staat of valt het

Bb. moeizaam verworven huwelijksgeluk met het kind. En wanneer zij.

^•^ haar zuster niet vermag te overtuigen, lost ze in haar wanhoop twee

schoten op Claire...'

' r ,;Dit is de waarheid." besluit Claire haar bekentenis tegenover

den rechter, en tot Michel zegt zij: „Catherine houdt van jou,

Michel." Catherine wordt vrijgesproken.'

Maar het probleem van het kind is nog onopgelost. Doch het kind,

onbewust van het conflict, waarvan het de oorzaak geweest is,

brengt op aangrijpende wijze zelf een oplossing... '


s5

PWMéMMé

>*

i è

^-M

***'"

*r*

. I ■

■g

i


GESPREKKEN MET MIJN

VRIEND PIETERSEN

W'

'eet jij, Pietersen, dat de film „Sneeuw-

witje" thans een jaar in roulatie is?"

„Neen, dat wist ik niet. En is men

tot op heden over de opbrengst van dit won-

der op filmgebied tevreden? Je hebt mij cenige

maanden geleden namelijk eens verteld, dat men

met deze film zulke enorme bedragen heeft

binnengekregen."

„Precies weet ik natuurlijk niet, wat men

met deze film heeft ontvangen, maar vast staat,

dat de bruto-opbrengst in de Amerikaansche

bioscopen $ 4.000.000 bedraagt; daarnaast

stroomt nog een tweede bedrag van $4.000.000

binnen van de buitenlandsche markten;

$ 1.750.000 uit Engeland, , $ 500.000 uit

Frankrijk en $ 1.750.000 uit de 43 andere

landen, waar Disney's „Sneeuwwitje" thans

vertoond wordt, in totaal een bruto huurop-

brengst van acht millioen dollar in een jaar

tijds, terwijl nog duizenden theaters het plan

hebben deze film te gaan vertoonen!"

„Hoeveel entree-geld zouden de bioscopen

nu wel met deze film ontvangen hebben?"

„Uit de huidige opbrengst van de totale

filmhuur, acht millioen, valt af te leiden, dat

de film waarschijnlijk circa $ 16.000.000 aan

entreegelden heeft opgebracht."

„Hoe kom je daaraan?"

„Dit bedrag verkreeg ik, door uit te, gaan

van de percentage-basis, waarop over het alge-

meen „Sneeuwwitje" werd afgesloten, variee-

rende tusschen de 40 en 50 %."

„Krijgen we binnenkort nog eens zoo'n

groote teekenfilm te zien?"

„Disney's tweede groote teekenfilm „Pinoc-

chio" zal eerst tegen den herfst gereed zijn,

maar dan zal er nog wel eenigen tijd-over heen-

gaan, voordat de Nederlandsche première plaats

vindt."

ONZE WEKELUKSCHE

PRIJSVRAAG

Vraag vijfhonderd en vier en twintig

Wat verstaat men onder kristallisatie?

Wij stellen een hoofdprijs van / 2.50 en

vijf troostprijzen beschikbaar om te verdeelen

onder hen, die vóór 6 Maart (abonné's uit

overzeesche gewesten vóór 6 April) goede op-

lossingen zenden aan ons redactie-adres: Noord-

einde 8, Leiden. Op de enveloppe of briefkaart

gelieve men duidelijk te vermelden: Vraag 524

' DE OPLOSSING

Vraag vijfhonderd en twintig

Erfgooiers noemt men de personen, die erfe-

lijke rechten kunnen doen gelden op de gemeene

heiden en weiden van het Gooi. Deze rechten

komen toe aan de afstammelingen in manne-

lijke lijn van degenen, aan wie in vroeger tijden

de qualiteit van Erfgooiers is verleend.

De hoofdprijs werd ditmaal toegekend aan

den heer H. H. Knijpers té Doorn; terwijl de

troostprijzen ten deel vielen aan Mej. P. van

Maaren te Nijmegen, Mej. M. Smits te Rot-

terdam, Mevr. Kramer te Heemstede, den heer

W. v. Hofwegen te Rotterdam, den heer A. v.

Schalk Jr. te Bussum.

WILLEM NOSKE

Onze jonge Nederlandsche vlolist Willem Noske werd In 1918 geboren. HIJ begon zijn studies bij Oscar Back en

woont thans te Londen. Hij Is uit de school van Carl Flesch, bij wien hij zijn studiën voortzette. Reeds op U-jarigen

leeftijd speelde hij het a mot concert van Bach met orkest. Drie jaar later nam hij deel aan het viool-concours 1932

der stad Weenen, waar hij onder ca. 300 violisten der geheele wereld In de zoogenaamde „engere Wahl" werd

gekozen en een onderscheiding behaalde. Daarna debuteerde hij met het Concertgebouw-Orkest onder Clemens Krauss,

het Residentie-Orkest en al de andere orkesten van Holland. In het buitenland behaalde hij reeds groote successen,

o.a. te Parijs met het orchestre Pasdeloup en Radio-Parijs en te Praag met het Philharmonisch Orkest, eerst met het

Tschaikowsky-concert, waarna In het seizoen 1938 een tweede engagement volgde, waarbij Noske de gelegenheid

aangreep het concertstuk van Henriette Bosmans In Praag te introduceeren.

FILM-ENTHOUSIASTEN

H. B. G. S. te Rotterdam. Wij hebben

u een foto gezonden van Paul Storm. De

geboortedatum van F. S. en L. B. zal de

directie van de Neerlandia-Film, Keizers-

gracht 794, Amsterdam, u gaarne mede-

deelen.

M. J. te Amsterdam. Dank voor uw

vriendelijk briefje. John Boles werd den

28sten October te Greenville in Texas

geboren. Hij, debuteerde in de film „The

loves of Sunya". Johns echtgenoote is

geen artiste.

W. N. V. te Rotterdam. Dergelijke vra-

gen beantwoorden wij alleen in deze tü-

briek, onnoodig dus postzegel voor ant-

woord in te sluiten. Het adres van Deanna

Durbin is Universal-Studio's, Universal-Ci-

ty, Californië.

T. N. 'te Rotterdam. Het adres van

Helen Parish is Universal-Studio's, Uni-

versal-City, Californië. Marcia Mae Jones

kunt u schrijven 1401 Western Avenue,

Los Angeles.

W. v. d. N. te Nijmegen. Het adres van

LM, Dagover is Arys Allee 4, Berlijn. De

gevraagde foto's zijn u gestuurd.

N. v. D. te Amsterdam. Douglas Fair-

banks Jr. werd den gden November te

New York City geboren. Zijn eerste groote

rol speelde hij in „Stephens steps out". Hij

is niet verloofd. Zijn adres is 780 Gower

Street, Hollywood, Californië. Voor foto

drie antwoordcoupons insluiten. U kunt

hem ook in het Nederlandsch schrijven.

A. P. C. te Rotterdam. De Tobis-film

„Circusreizigers" wordt reeds in ons land

vertoond. De Tobis is gevestigd Jan Luy-

kenstraat 2, Amsterdam.

*• 4 -

G. F. B .te 's-Gravenhage. Nelson Eddy

is den zgsten Juni te Providence geboren.

U moet hem in 't Engelsch .schrijven en

niet vergeten een antwoordcoupon in te

sluiten. U zult dan zeker antwoord ontvan-

gen, dit kan echter ongeveer zes maanden

duren.

W. O. M. te Breda. Magda Schneider is

den I7den Mei te Augsburg geboren. In

1937 is zij met Wolf Albach-Retty in 't

huwelijk getreden. Haar adres is Zährin-

gerstrasse 9, Berlijn. Doris Weston werd

den gden September geboren. Haar ware

naam is Doris Wester. U kunt haar schrij-

ven p.a. Warner Bros-Studio's, Burbank,

Californië.

E. G. te Rotterdam. Het adres var

Shirley Temple is 1401 Western Avenue,

Los Angeles. Zij is den 23sten Augustus

jarig. Deanna Durbin kunt u schrijven

p.a. Universal-Studio's, Universal-City, Ca-

lifornië. Zij is den 4den December jarig.

Het adres van Billy Bur rod is eveneen»

Universal-Studio's, Universal-City, Calif01-

nië. In het Engelsch schrijven.

H. I. te 's-Gravenhage. Het adres van

Claudette Colbert is 5451 Marathon Stree;,

Hollywood. Spencer Tracy is in Milwaukee

geboren. Hij debuteerde in de film „Up

the river". Lilian Harvey is niet getrouwd

De gevraagde foto is toegezonden.

J. H. te Steenwijk. U heeft de foto's

zeker al ontvangen ?

A. C. B. te Gouda. De' gevraagde foto

hebben wij niet in ons bezit. Wendt u tot

de Monopole-Film, Coolsingel 51, Rotter-

dam.

W. J. v. L. te Rotterdam. Dank voor uw

briefje Wij hebben u de twee gevraagde

foto's doen toekomen.

RAIN

llfekend uit „De Goede Aarde"/ »aide

ol vertolken in de weldra in

vertoonen M.G.M.-film

TERFELUKE WALS"


VAN LEZER TOT LEZER

Op daze pagina kunnen ome abonné's, onder da „Rullrubriak", gratia een adver.

ten tie plaatsen, waarin lij ieti aanbieden in ruil voor iets ander«. Deie plaatiing

it geheel gratia, maximaal 10 regels per advertentie. Advertentiea, waarin voor-

warpen te koop worden aangeboden of gevraagd, woningen te huur worden

gevraagd of te huur aangeboden, dienaten worden aangeboden, enzoovoort, enzoo-

voort, worden onder de rubrieken „Ta koop aangeboden", „Te koop gevraagd" en

„Diversen" geplaatat en berekend tegen 5 cts. per regel, minimum vijf regels.

TE KOOP

AANGEBODEN

Te koop aangeb. ; baan-

en wegfiets, wielen en

div. onderd., en klee-

ding. Te zamen ƒ60.—,

ook apart te koop.

's Avonds na 6 uur. J.

Nietveld, Postjesweg

16-111. A'dam (W.).

Te koop :rondbrelmach.

met toebeh. z.g.a.n.,

t.e.a.b. gekost hebbende

ƒ220.—. Na 5 uur.

Elfrlnk, Gr. Wittenbur-

gerstr. 146-III, A'dam.

Te koop : 18 fonkeln.

gramofoonpl. 40 et. p. st.

of allen voor f 6.50. Zend

dan postwfssel en u ontv.

ze ommeg. aan uw adres.

J. Wentinck, Hoogra-

venscheweg 106, Utrecht.

Te koop aangeb.: electr.

reisstrijkijzer in etui v.

elk volt. voor ƒ2.50 ; en

boek Otto Babendlch

van Gust. Frenssen, geh.

nieuw voor ƒ2.50, gek.

h. ƒ5.20, prachtb. Mej.

Schaffhausen, Paulusstr.

Weert.

Te koop : voor kampeer-

ders, een z.g.a.n. „Nezo"

shelter, compl. met

grondzeil enz. Absoluut

waterdicht, groot 2x2

x 1.10 hoog en bagage

punt van 90 cM. Uiter-

ste pr^ 15.—. T, Klyn,

Samar angstraat 31-11,

A'dam (O.).

Te koop radiotoest. ge-

lijkstr. z. b. hooren,

speelt prima ƒ4.50. Car-

teslusdwarsstr. 4, Den

Haag.

Te koop aangeb. eenlge

mooie avondjurken, m.

42/44, vanaf f4.—. Te

zien na 6 uur. Mej. De

Zwart, Spuistr. 334-1.

A'dam.

RUILRUBRIEK

In ruil aangeb. : Ameri-

kaansch orgel, g. onder-

h., tegen radiotoest., ook

te koop.Te zien 's avonds

na 7 u. Jacob-Lonkstr.

218, Scheveningen.

Wie ruilt mijn super

Teiefunken radiotoest.,

voor een hand- of trap-

naaimachlne ? Magha-

laensplein 23-1, A'dam

(W.).

Ik heb 600 p. De

Ooeyen's koffie, 4 p.

Suchafd, 8 p. Phoenix

glasb., 3 Sunlight en

60 Verk. en ben bereid

deze te ruilen tegen

Sneeuwwit (Klokz.) b.

S.v.p. postz. insl. J.

Louwen Jr., Stations-

weg 4, Zwolle.

Wie ruilt : compl. jaarg.

1938 van Unicum en

Panorama voor andere

bladen of Jamin-b. T.

Hoogeveen, Kepplerstr.

165c, 's-Oravenhage.

Wie ruilt een godin-

fornuis voor een wit,

ijzeren ledlk. m. spiraal.

Kinkerstr. 346-1, A'dam.

Wie ruilt : 2-pers. zeil-

cano m. toebeh. in uit-

muntenden st. voor een

heerenflets. Carlée, Or-

theliusstraat 265-111,

A'dam.

Wie wenscht te ruilen

een konijn VI. r. wit,

voor een windbuks of

bokshandschoenen. A.

v.Drunicks, v. d. Wate-

ringelaan 26, Voorburg.

Te rullen een • prima

gummi-voetb. als nieuw

en opwindb. vliegmach.,

i 400 versch. buitenl.

postz. tegen Sunlight-,

Lux-, Vim-b. enz. J.

Koopman, Langestr.

105, Alkmaar.

Gratis kunt u gangbare

bonnen die u niet spaart

ruilen voor wat u wél

spaart en tekort komt.

BIJ zending postzegel

Insluiten voor terugstu-

ren. Wed. S. v. Zanten,

Daniël Wlllinkplein 41,

A'dam.

Wie heeft voor mij een

2-pers. spiraalmatras

voor gaskachel, v. Wijn-

gaarden, Maaswijkstr.

118, Scheveningen.

Wie ruilt : z.g.a.n. 2-

pits groen gasstel voor

divan. Kramatweg 67-1,

A'dam (O.).

ABONNÉ'S OP DIT BLAD,

welke in onze registers zijn ingeschreven en in het be-

zit zijn van een door onze administratie afgegeven

polis, zijn gratis verzekerd volgens polisvoorwaarden:

f2000.— bij levenslange invaliditeit; f 600. — bij over-

lijden;, f 400.— bij verlies van een hand, voet of oog;

f 75. — bij verlies van duim of wijsvinger; f 30.— bij

verlies van een anderen vinger, een en ander ten ge-

volge van een ongeval.

Is het ongeval een gevolg van een aan een personen-

trein, tram of autobus enz. overkomen ongeval, waarin

verzekerde als gewoon betalend passagier reist, dan

wordt de uitkeering bij levenslange invaliditeit gesteld

op f3000.- en de uitkeering bij overlijden op f 1000.-

De uitkeering dezer bedragen geschiedt door de

NIEUWE HAVBANK N.V. te Schiedam.

Denk er om bij een eventueel ongeval binnen 3 x 24 uur

aan het kantoor der N.V. Nieuwe Havbank te Schie-

dam daarvan kennis te geven, ook al meent U, dat de

directe gevolgen niet ernstig kunnen zijn.

Anders vervalt het recht op uitbetaling.

L

- 2 -

%¥i*i

„Ze hebban vroeger op school naast elkaar gezeten, mijnheer."

„Verduiveld, je hebt mijn mor Filmregisseur: „Gary Taylorl

afgeschorenI" heeft vanmiddag vrij gevraagd om|

„Ah... dat is dan een kwartje zijn portret te laten maken."

extra, mijnheer."

R

S

T

B

O'/

-%

'^ r Z*.

AArmeMihö ^

VAh. %

„Schei maar uit met dien onzin, Ik ga toch blindvliegen I"

• V'

t*/**

^

* m

"\

m •"•(

/

il"' #?.,.. äS*--**

V AT-- -Ts**- ,■:;•;,

,.

j. -1\ migt^i

I

f'

•' • ■


1

JrVhtó-"-'^

: *^

■«.-.'

-t' ■ tï\ -

1 DE NATUUR VERTELT

fS^ EEN SPROOKJE

:^^


Een kijkje op een Mexicaansche markt.

Een jonge Indiaansche bij het lakken van zelf gemaakte houten voorwerpen.

QLG W€T

IN

moclca

Geen ander gebied van het dagelijksch leven in Mexico wordl

zóó geheel en al door den Indiaan*) beheerscht als de Tiarkt.

De bezoeker, die er eens rondloopt en zijn oogen den kost

weet te geven, kan er zonder een moeilijken en dikwijls niet ongc-

vaarlijken tocht In het binnenland, een menigte indrukken opdoen,

die veel beter den Mexicaanschen Indiaan, dien vertegenwoordiger

en vernieuwer van een oeroude, hooge cultuur doen kennen, dan

dit uit talrijke wetenschappelijke beschrijvingen mogelijk is. Want de

markt is als het ware de verzamelplaats der Indianen van Mexico.

Met groote handigheid en vlijt worden de koopwaren, die naar

de markt zullen worden gebracht in de hoop dat er een kooper

voor zal komen opdagen, thuis gemaakt. De Indiaan is een ware

kunstenaar in het vervaardigen van matten, speelgoed, manden en

andere voorwerpen van stroo, en de Indiaansche voortbrengselen

der Mexicaansche pottenbakkerskunst zijn tot ver over de grenzen

bekend! Ook het maken en verkoopen der zarapes, de sierlijke

omslagdoeken die geen Indiaan als onderdeel van zijn kleeding

missen kan, en die hem tegelijkertijd als mantel, deken' en zadeldek

dienen, brengt geld op, waarvan de behoeften van het' dagelijksch

leven bestreden kunnen worden.

Op marktdag wordt .de gansche familie, die gewoonlijk uit min-

stens tien leden bestaat, bij elkaar getrommeld. Vader en de vol-

wassen zoons dragen dan de zware lasten, zooals potten, zarapes

en matten naar de markt; moeder en de dochters brengen het fruit

en de groenten er heen. Wat men naar de markt brengt, moet tnen

er ook zélf trachten te verkoopen, en zoo komt het dan ook, dat

men de Indiaansche of een van haar dochters vaak achter een der

fruittentjes ziet zitten, die niet zelden uit slechts een stuk papier

bestaan, waarop een handvol aardnoten of chile liggen. De waarde

van een dergelijken „handel" bedraagt dikwijls nog niet eens een

peso, en toch beteekent zij een dag leven. . . Met groot geduld

wordt er dan ook op een klant gewacht.

Het volgende tafereeltje behoort niet tot de uitzonderingen: Eer

stuk papier op den grond. Daarop een hoopje chile, die duivel'

heete peper, die in Mexico blijkbaar in geen enkel gerecht mac

ontbreken. Indien de heele voorraad wordt verkocht, zal hij hoog

stens één toston, een halve peso, opbrengen. Dat is dan het looi

voor een dag arbeid en geduldig wachten. Daar nadert eer

dame den „winkel". Ze spreekt de Indiaansche, die achter dt

„toonbank" zit toe en zegt, dat zij een werkje voor haar heeft U

doen in haar huis, dat op eenige minuten afstand ligt. Het zal nie-

langer dan een paar uur duren, en ze is bereid er een peso voo

te betalen, De Indiaansche slaat het aanbod echter af. . .

„No, chula (schoone), dat gaat niet, want wie zou dan in diei

tusschentijd mijn chile moeten verkoopen?" - De tijd heeft zij;

waarde verloren — of nog niet gevonden; de vrouw is gewend

in een dag haar toston te verdienen — dat wil zeggen als ze gelui

heeft — en het overige is haar zaak niet. . .

Een ander tafereeltje:

De nachttrein Veracruz - Mexico City. De hoogvlakte is bereiki

Het is twee uur 's nachts en bitter koud. Op het perron van eer.

klein stationnetje zitten huiverend de kooplieden gehurkt, den neus

diep in de bontgekleurde .zarapes gedrukt. Zelfgevlochten mandje;,

die met ongeveer tien sinaasappelen zijn gevuld, worden schreeu-

wend en druk gesticuleerend voor één toston te koop aangeboden

Een dorstig reiziger biedt vijfentwintig centavos (een halven toston)

voor drie sinaasappelen. Hij krijgt ze niet. Alles of niets, schijnt het

parool van den verkooper. De trein rijdt weg, de Indianen keere'i

terug naar hun hutten — 'n tocht van verscheidene kilometers dooi-

den kouden en donkeren nacht. Maar ze trekken er zich niets vai

aan. Morgen komt er weer 'n dag - en weer 'n trein! Misschiet

*) De bevolking van Mexico bestaat uit Indianen, nakomelingen van de oorspronke-

lijke bewoners, die bijna nog op dezeKde plaatsen wonen als toen de Spanjaard^

voor het eerst in Mexico kwamen, en uit een steeds grootet woidend aantel ha ! ''

bloeden, alslammellngen van een Europeeschen vader en een Indiaansche moed'-'

gaat de handel dan

beter, en Is er wel

iemand van de rei-

zigers, die plezier

heeft in het aardige

mandje, dat hij zelf

heeft gemaakt. Si-

naasappelen kan men

overal krijgen —

maar het mandje. ..

Van concurrentie,

zooals men die op

de Europeesche

markten kan aantref-

fen, is hier geen

sprake. Een vrouw

koopt een of ander

kantwerkje aan een

standje. Een andere

vrouw kijkt loe, en

geeft dan te kennen

dat zij óók wel roo'n

kleedje of wat het

is, hebben wil. „Fa-

vor, senorita (de be-

leefdheid verbiedt

hier een onbekende

vrouw, ook al zou

ze met een heelen

stoet kleinkinderen

loopen, aan te spre-

ken als senora) „gaat

u maar naar mijn

buurman; die heeft

vandaag nog niets

verkocht en heeft

net zulke kleedjes

als Ik..."

Een oase van het

„den tijd hebben",

van „niet rijk willen

zijn" — dat is een

marktdag in Mexico.

En dit is dan ook

de reden, dat hel

levenspeil van de

■ fcv4i

ft

Het ten verkoop aanbieden

van zarapes, het gewichtigste

kleedingstuk van den Indiaan.

Indianen nog weinig ot niets hooger ligt dan eeuwen geleden

— ten spijt van alle pogingen tol verandering, die de opeenvol-

gende regeeringen hebben ondernomen.

De Indiaan gelooft hel echter wel. Als hij, zijn vrouw en

zijn kinderen te eten hebben, waar zal hij zich dan nog verder

druk over maken?

En of hij eigenlijk geen gelijk heeft, en of hij misschien

niet de diepe waarheid begrepen heefl van het feit, dal ieder

bezil hel verlangen naar meerder bezit in de hand werkl. .. ?

Men zou hel hem niet hoeven Ie vragen. Zelfs een dispuut

over geluk of bezil lijkt hem uil den booze. Hij moei immers

zijn chile of zijn zarapes verkoopen, en wat zal hij zich over

de resl druk maken?

Indianen brengen hun waren naar de markt.

1 Het maken van strooien poppen. In het vervaardigen van

i allerlei voorwerpen uit stroo zijn de Indianen ware meesters.

.•

■ r - ".v

- c

pi

■' &



PAUS PIUS XI

Op 81-jarigen leeftijd — in Mei a.s. zou hij twee

en tachtig jaar geworden zijn — is Paus

Pius XI, In het achttiende jaar van zijn ponti-

ficaat, overleden.

Pius XI was de twee honderd zestigste paus van

Rome.

Na een wetenschappelijke loopbaan, die reeds

sterk de aandacht op hem had gevestigd, evenals dit

trouwens het geval was met een diplomatieke func-

tie die hij na het beëindigen van den wereldoorlog

in Polen vervulde, werd hij in 1922, tijdens de veer-

tiende stemming, tot opvolger gekozen van Paus

Benedictus XV als opperbestuurder der Katholieke

Kerk. Hij nam toen den naam Pius aan — in de

wereld heette hij Ambrosius Damianus Achilles Ratti

— omdat hij zijn krachten wijden wilde aan de paci-

ficatie der wereld, en Pius, zooals hij zei, een naam

van vrede is.

Paus Pius XI moest zijn pontificaat uitoefenen in

PIU5 XI

geestelijk gebied allerlei omwentelingen

voltrokken, die lijnrecht tegen bestaande

overtuigingen ingingen en waartegenover

hij zijn standpunt openlijk diende te be-

palen, hetgeen dan ook vaak tot moeilijk-

heden en wrijvingen met wereldlijke re-

geeringen aanleiding gaf. Zijn Pausschap

is daarom wellicht een der meest bewo-

gene uit de geschiedenis geweest.

In 1929 herstelde hij den vrede met

Italië, waardoor aan de vrijwillige balling-

schap der Pausen, die in 1870 was be-

gonnen, een einde kwam, en de Paus

weer vorst werd van een wereldlijken

staat, die echter slechts in hoofdzaak het

Pauselijk Paleis en de St.-Pieterskerk

omvat. •

Pius XI was vijf en zestig jaar, toen hij

geroepen werd geestelijke leiding te geven

aan de Katholieken over de geheele

wereld.

In December 1936 openbaarde zich de

kwaal, die thans een einde heeft gemaakt

aan zijn leven.

De Paus in zijn werkkamer, bi] het uit-

spreken van een radio-rede.

Ütö

l ' :'■


EEN VUURZEE GETROTSEERD

Den dood te vinden in de vlammen, levend te

verbranden is waarschijnlijk wel het ver-

schrikkelijkste einde, dat een mensch bescho-

ren kan rijn. Deze dood is zóó afschuwelijk, dat

zelh zij, die gereede hun leven durven riskeeren

op een woeste zee ol temidden van een regen

van kogels, aarzelen wanneer zij voor het ver-

terend geweld der laaiende vlammen staan. De

moed, die er noodig is om iemand een brandend

huis te doen binnengaan om er een mede-mensch

te redden kan dan ook bezwaarlijk te hoog worden

aangeslagen, en iemand, die over een dergelijken

moed beschikt, verdient zeker als een held te

worden geëerd.

Tot hen, die op deze vereering aanspraak ma-

ken, kan men ook John Elliot rekenen, een een-

voudigen stalknecht, die met gevaar voor zijn eigen

leven, in Londen twee vrouwen uit een brandend

huis redde. Hij was van al de honderden aan-

wezigen de eenige, die het waagde naar binnen

te gaan, en onder al de toeschouwers was er

zeker niet één, die durfde gelooven, dat hij er

levend uil te voorschijn zou komenl

Op een avond, dat Elliot in Piccadilly liep te

wandelen, zag hij dat er op den hoek van een

deftige straat een menigte menschen stond te

kijken. Nieuwsgierig ging hij er heen en baande

zich een weg door de omstanders, om tot de ont-

dekking te komen dat er een eindje verder in de

straat een huis in lichterlaaie stond.

Elliot had nog nooit eerder van dichtbij een

brand gezien, en hij vond het schouwspel zóó

boeiend en fantastisch, dat hij er als gefascineerd

naar bleef kijken. De gedachte, dat er menschen

in gevaar konden verkeeren, kwam geen oogen-

blik bij hem op. Wel drong hij zich na eenigen

tijd nog meer naar voren, ten einde beter te

kunnen zien. Hij merkte toen, dat het gansche

huis in vlammen en rook was gehuld. De lager

gelegen verdiepingen leken één groole vuurzee,

terwijl van de hooger gelegen etages de plafonds

reeds gedeeltelijk waren neergevallen. Telkens

klonken er in het huis luide ploffen, wanneer er

weer een stuk van de muren instortte.

Door een gesprek, dat twee mannen naast hem

voerden, kwam Elliot te weten, dat het huis be-

woond werd door Lady Dover, en dat deze zich

met nog een andere dame in een der kamers van

de bovenste verdieping bevond. Dit feit gaf Elliot

een schok. . .

„Maar waarom probeeren ze hen dan niet te

redden?" vroeg hij verwonderd.

De man, aan wien hij dit vroeg, haalde de

schouders op. „Dat kan niet meer," zei hij dan.

„Het heele huis Is één vlammenzee. De brandweer

zegt, dat ze niets kan beginnen. . ."

„Maar ze moéten iets doen," merkte Elliot op.

De ander keek hem laatdunkend aan. „Dat is

gemakkelijk gezegd," beweerde hij, „maar als jij

denkt, dat die menschen gered kunnen worden,

waarom doe je het dan zelf niet?"

Elliot keek eens naar de brandweerlieden. Ze

wierpen nog steeds een massa water in de vlam-

men, maar uit hun heele manier van optreden

kon men afleiden, dat zij slechts weinig hoop koes-

terden daarmee eenig resultaat te behalen. Ze

hadc'en hun ladders weggenomen en schenen een-

voudig af te wachten tot het einde zou komen,

geen oogenblik meer hopend, dat zij nog iets

zouden kunnen doen om de beide vrouwen voor

een afschuwelijken dood in de vlammen te be-

hoeden.

Op dit oogenblik nam Elliot zijn besluit. Hij

was door nieuwsgierigheid naar het tooneel van

den brand gedreven — hij zou het verlaten als 'n

dapper en moedig redder. . .

Hij trad op den commandant van de brandweer

toe en vroeg naar de kansen die ef waren, om de

OP LEVEN EN DOOD

EEN REEKS SPANNENDE AV O N ^

TUREN, NAAR WAARHEID VERTELD

beide vrouwen te helpen, maar kreeg ten ant-

woord, dat drt volslagen onmogelijk was. „leder

stuk hout In het huis brandt als een toorts," zei

de man, „er kan niets worden gedaan!".

„Aan welk raam heeft men hen het laatst ge-

zien?" vroeg Elliot.

De commandant wees hem het raam aan. . .

Elliot snelde naar een groepje brandweerlieden.

„Zet een ladder tegen dat raam," beval hij, „en

richt er de stralen van dé slangen op, zoodat het

niet in brand kan vliegen. . ."

Hoewel verbaasd en ongeloovig, deden de man-

nen wat hun bevolen werd, en toen, nadat hij zijn

schoenen had uitgetrokken, klom Elliot de ladder

op, den vlammen en den rook tegemoet. ..

Toen zij hem zagen verdwijnen, slaakten de toe-

schouwers een kreet van verbazing en schrik. Ze

dachten niet anders, of zij zouden hern weldra

voor hun oogen levend zien verbranden. Maar

toen veranderde hun angst en schrik in hoop, want

plotseling ontdekten zij Elliot hoog boven hun

hoofden, terwijl hij het venster naderde, waarach-

ter men de beide vrouwen voor het laatst had

gezien.

Toen hij het kozijn had bereikt, keek Elliot naar

binnen. De kamer werd helder verlicht door het

schijnsel van de vlammen onder hem, en gehurkt

in een der hoeken, ontdekte hij de beide vrouwen.

-Een gedeelte van den vloer stond reeds in brand.

Hij sprong desondanks naar binnen en riep: „Wie

is lady Dover?" Een der vrouwen keek op bij deze

woorden, en ziend dat er iemand was gekomen

om hen te redden, sprong zij overeind en snelde

naar Elliot toe.

Terwijl hij haar om het middel greep, wierp

Elliot, die een, sterke, jonge kerel was, haar over

zijn schouder en stapte op het kozijn. Hij greep de

ladder en was op het punt er zijn voet op te zet-

ten, toen de vlammen van beneden dreigden zijn

kleeren in brand te steken. Lady Dover slaakte

een door merg en been dringenden kreet, en de

menschen beneden in de straat hielden den adem

in. Maar Elliot aarzelde geen oogenblik. Terwijl

hij de vrouw zooveel hij kon beschutte, wachtte

hij op zijn kans en toen, na zijn voet weer voor-

zichtig op de ladder te hebben geplaatst, begon

hij de afdaling.

Op dat oogenblik verscheen het hoofd van de

andere vrouw aan het raam. Ze strekte haar

hand uit en greep Elliot bij den schouder. Haar

lippen bewogen, doch ze slaagde er niet in,

eenig geluid voort te brengen. Maar haar oogen

verrieden zóó duidelijk den ontzettenden angst,

waarvan zij was bezeten, dat Elliot een oogenblik

aarzelde. „Als ik gespaard word, kom ik terug

om u te halen. . ." zei hij, en daarna klom hij

zoo snel hij kon naar beneden.

Het was een verschrikkelijke tocht. De vlam-

men die uit de ramen der benedenverdiepingen

naar buiten sloegen, dreigden telkens zijn eigen

kleeren of die van Lady Dover vlam te doen

vatten; verscheidene keeren slipte hij op de

gladde sporten van de ladder en telkens moest

hij even wachten wanneer de rook en vlammen

hem bijna deden stikken en de kans groot was,

dat hij met zijn last naar beneden zou vallen.

Kreten van de menigte onder hem bereikten

zijn oor. Wanneer men hem zag, juichte men

hem toe, wanneer hij In de vlammen en den

rook verdween, kon men een speld hooren

vallen. . . Zelden nog hadden de Londenaars

zóó'n dramatisch schouwspel in hun straten bij-

gewoond . . .

8

Eindelijk was Elliot beneden. Honderden be-

hulpzame handen strekten zich uit om zijn last

van hem over te nemen, en een luid gejuich

steeg op toen hij zoowel als Lady Dover be-

houden op den grond stonden. Maar nauwelijks

wist hij, dat Lady Dover in veiligheid was, of

hij wendde zich andermaal naar de ladder. De

menigte werd als met stomheid geslagen; dat hij

opnieuw zijn leven durfde wagen kón men een-

voudig niet gelooven , . . Maar Elliot was van

plan zijn woord te houden. Indien het mogelijk

was, zou hij ook de andere dame redden!

Weer bereikte hij veilig en wel den top van

de ladder, maar dit keer was zijn taak nog veel

moeilijker dan eerst. De vloer stond nu zoo goed

als heelemaal in brand en de vrouw zat dicht

tegen de vensterbank gedrukt van angst, niet in

staat zich te verroeren. Het gebrul der vlammen

overstemde Elliots woorden toen hij haar toeriep

om op te staan .. .

Al had ze hem kunnen verstaan, dan nóg zou

zij echter niet bij machte zijn geweest, aan zijn

bevel gevolg te geven. Elliot moest daarom weer

de kamer binnengaan en haar optillen, zooals hij

het Lady Dover had gedaan. Maar zij was veel

zwaarder, en hoe sterk Elliot ook was, hij zag

aanvankelijk geen kans haar op te tillen. Eindelijk

lukte het hem echter haar op zijn schouder te

hijschen, en toen begaf hij zich weer naar de

ladder. Gedurende één afschuwelijk moment

zwaaide hij gevaarlijk heen en weer toen hij op

de vensterbank stapte; gedurende ééo afschuwelijk

moment leek het alsof hij zijn evenwicht zou ver-

liezen, en met zijn last naar beneden zou storten.

Maar dank zij een wanhopige poging zich staande

te houden, slaagde hij er in zijn voeten op de

ladder te plaatsen, en terwijl hij de vrouw met

één hand vasthield, begon hij af te dalen.

Maar nu stond er niet veel meer van het huls

dan eenige muren, terwijl het inwendige als een

hel brandde, leder oogenblik zouden de muren

kunnen invallen, waardoor de ladder zijn steun-

punt zou verliezen. Terwijl zij als krankzinnigen

werkten, wierpen de brandweerlieden zooveel wa-

ter tegen de ladder als zij maar konden, ten einde

te voorkomen, dat deze in brand zou vliegen.

Trede voor trede kwam Elliot naar beneden. ..

Luider en luider brulde de menigte in haar en-

thousiasme voor den dapperen redder. De men-

schen gilden hun bewondering letterlijk uit, maar

toen, plotseling, viel er een diepe stilte. Elliot was

blijven staan. Terwijl hij zich op misschien vijftien

meter van den grond bevond, klonk er in het huis

een ontzettende slag en de ladder trilde als een

espenblad.

„De ladder breekt.. . Pas op! Loop voor je

leven. . ." brulden de menschen. Degenen, die

vooraan stonden, probeerden achteruit te wijken,

maar zij werden tegengehouden door hen, die

achter hen stonden. Gedurende eenige seconden

leek het alsof er een verschrikkelijke ramp zou

gaan plaats vinden. Toen kreeg de ladder zijn

normalen stand weer terug. Andermaal verander-

den de kreten van afschuw in kreten van bewon-

dering en aanmoediging, en toen duurde het niet|

-lang meer, of Elliot had den grond bereikt. . .

Zóó opgewonden waren toen'de omstanders, dat

zij als razenden op Elliot afsnelden, en hem in|

hun bewondering bijna aan stukken scheurden

Het regende goud- en zilverstukken op hem nee'

en zoo krankzinnig gedroegen zich de menschen

dat zij zelfs goudstukken in zijn mond stopten!

Toen klonk er plotseling een kreet, ledereenl

rende om zich te bergen, en op hetzelfde oogen-

blik viel wat er van de bovenverdieping nod

restte in den vlammenpoel er onder. Elliot had

den strijd tegen het vuur gewonnen met een voorj

sprong van misschien twintig seconden. . .

A. DESSENIS — AARDAPPELEN SCHIl

fv

BÓggjf ■

-*==-•

4^

'J^-JMPA


o*

VROUW

HET WEEKBLAD

voor u, Mevrouw,

met de populaire

m

BRENGT IN^ MAAND tf^ART

2 SPECIALE NUMMERS

i \

Het eerste bijzondere nummer, waarin ^lle

mode- en ander

komende seizoen zijn opgenomen, verschijnt

op 4 MAART or>der het motto 5

VOOrJAAR 1^39

Het t^ee d e speciale nummerT dat vóór

Pajdien op 18 MAART overal verkrijgbaar

_fal zijn, draagt den veelbedovenden tit(

'„DE GROOT E

S C H O O N|M A A K"

Vraagt in kiosken en boekhandels naar deze

^seide voor is zoo bijzonder interessante

immers. Of laat u ze van onze administratre

Prijs per nummer als steeds slechts

10 CTS.

Beter nog:

U abonneert zich di reet

op ons blad bij de

administratie:

Noordeinde 8, Leiden

10 cent per week

f 2.60 per half jaar

(26 nos. met BIJOU)

^

UIT DE WERELI/AN DE SPORT

■ .._._.

*iW*....

1—2. Te Amsterdai

werd de weds.trij

Ajax - D.O.S. gespet li

die door Ajax met 4

werd gewonnen.

1. De keeper van D.C i

In actie. 2. De dos

wachter van Ajax re

een netelige situa-

Zittend, links, DumortN

3. Een kiek, genomei

bij den korf van On!

Eibernest tijdens d

korfbalwedstrijd O

Ei barnest — Deetps, 1

's-Gravenhage gespeel

Z.K.H. Prins Bernhard heeft Zaterdag l.l. deelgenomen aan een

slipjacht achter de meute, georganiseerd door de Utrechtsche Jacht

vereeniging en te Zeist gehouden. — Het vertrek. Op den schimmel

Z.K.H. Prins Bernhard.

5 — 6. Een tweetal kieken uit den voetbalwedstrijcJ A.G.O.V.V.-Heracles,

die door Heracles met 5 — 1 werd gewonnen. — 5. Een moment voor

het doel van Heracles. De keeper doet een uitval, wil hij echter den

bal of het hoofd van een speler wegwerken? 6. Een duel voor het

doel der gastheeren.

Masseer Uw .uezielii, hals LH seh« m-

ders tweemaal daao, mei het ovir-

vl


CARSON NAPIERS

WONDERLIJKE AVONTUREN OPVENU5

DOOR EDGAR RICE BURROUGHS

iCWRIJVER DER TÄRZAN-VERMALEN

^AUTORISEERDE VERTALinG. lEDERLAMDSO

Carson Napier is met een vuurpijlvliegtuig naar de planeet Venus gevlogen.

Hij beleeft er de wonderlijkste en gevaarlijkste avonturen en wordt er verliefd op

de koningsdochter Duare, die door vijanden, is geschaakt en ver van haar vader'

land is gebracht.

Hij weet haar te bevrijden en wil haar nu in lijn vliegtuig naar haar vaderland

terugbrengen. Doch Duare wil niet, want geen man mag tegen een konings-

dochter over zijn liefde spreken. Overtreding van dit gebod kost hem zijn leven.

Carson vliegt juist boven een kudde dieren. Hij landt, doch als zij het luchtschip

verlaten, wordt Duare door een groep gewapende vrouwen weggevoerd en Carson

bewusteloos geslagen.

Den volgenden morgen weten ze door een list met het vliegtuig weer weg te

komen en zetten koers naar den oceaan.

Na een nacht vliegen komen ze aan Duare's geboortestad. Ze vliegen echter op

haar verzoek verder. Daarna bereiken ze een belegerde stad en van een eenzamen

wandelaar vernemen ze. dat ze in Anlap zijn. Hij is echter bang. dat Carson

een spion van de Zani zou zijn, hoewel Carson verklaart, dat hij zelfs niet weet,

wat een Zani is.

Deze wandelaar, Taman, gaat mee in de ,,anotar" naar de belegerde stad. Hij

wil graag landen, en nadat hij Duare en Catson verzekerd heeft, dat zij veilig

zullen zijn. maken ze hun plan bekend, door het uitgooien van briefjes. Ze dalen

op de racebaan en Carson wordt benoemd tot kapitein in het leger van den jong.

Hij bewijst dezen groöte diensten door met zijn anotar den vijand te bestoken.

Na een paar weken moet Carson voor Muso twee brieven overbrengen, één

aan een man in Amlot. en één aan een boer, Lodas. Hij begeeft zich op weg. en

vindt Lodas gemakkelijk. Deze helpt hem in de stad te komen.

Bij Lodas' broer. Horjan. zal Carson den nacht doorbrengen, maar hij moet

vluchten voor de Zani. In een restaurant hoort hij van een dame, dat er met

man en macht naar spionnen wordt gezocht, en inderdaad komen er al twee

mannen recht op zijn tafeltje af.

Nadat de dame verklaard heeft, dat Carson een kennis van haar is. laten ze

hem met rust. Carson vertelt haar dan. dat hij een vreemdeling is. en niets van

de toestanden weet. De dame geeft hem een ring. en brengt hem naar een hotel,

waar hij ondervraagd wordt door de Zani. De ring redt hem echter.

Hij leest den brief van Muso. en bemerkt, dat deze zijn eigen doodvonnis

inhoudt, 's Nachts wordt de brief gestolen. Den volgenden morgen krijgt Carson

van zijn beschermelinge Zerka een gids. Mantar. Mantar gaat met Carson naar

Spehon om hem voor te stellen.

Carson wordt opgenomen bij de Zani-garde. Hij denkt nog niet aan vluchten,

want hij wil eerst weten, wie de gevangen jong is. Zerka waarschuwt hem vooral

voorzichtig met zijn woorden te zijn. Met Mantar kan hij echter gerust vrij uit

spreken, want deze zal hem nooit verraden, omdat Carson onder haar bescherming

staat. Carson bezoekt met Zerka een troepenrevue en een theater. Den volgenden

dag krijgt hij opdracht met een detachement van elf man naar de Gab kum Rov te

gaan. De directeur leidt hem rond en zegt, dat hij toch zeker wel iemand moet

kennen, die goed met Mephis bekend is.

Als Torko, «Ie directeur, met verlof gaat, treedt Carson als plaatsvervanger op.

en ontvangt Mephis. die Kord, den gewezen jong van Korv*. ter dood brengt.

Carson neemt als gewoonte aan, gedurende zijn werk, steeds hetzelfde versje te

zingen, waarin hij een waarschuwing aan Mintep verwerkt heeft. Wanneer zijn

soldaten vragen wat het beteekent, verklaart hij echter den inhoud niet te kennen,

en het slechts om het wijsje te zingen.

Intusschen laat hij een looper maken van den sleutel der celdeuren en ontdekt

waar Mintep zit. Onder de nieuwe gevangenen bevindt zich Horjan. die wegens

het verbergen van een vreemdeling gevangen is gezet. Hij herkent Carson, maar

zegt niets. Den volgenden dag verricht Carson een arrestatie, n.1. van Narvon.

en ziet net Zerka vluchten. Torko zegt. dat hij te veel met Narvon heeft ge-

sproken: Carson vindt dit echter niet verkeerd.

jf oe minder iemand praat, hoe beter het is," zei Torko, en liet

mij toen gaan. Ik begreep echter, dat men nu achterdocht

" tegen mij koesterde. Bovendien was er nog de broer van

Lodas, Horjan, die mij herkend had. en van wien ik maar moest

afwachten, wat hij zou doen.

Het zag er niet mooi voor my uit, en als ik wat wilde doen,

onverschillig wat, dan diende ik hQt onder alle omstandigheden

zèèr vlug te doen. Er waren te veel handen bereid om zich naar

mij uit te strekken, en bovendien was er ook nog de brief van

Muso.

Den volgenden dag vroeg ik toestemming om te mogen gaan vis-

schen en daar Torko veel van versehe visch hield, stond hü my

direct verlof toe.

„Je kunt echter beter blyven tot Mephis is geweest," zei hij. „Het

zou kunnen zijn, dat we je hulp noodig hadden."

Den volgenden dag werd Narvon door Mephis een verhoor af-

genomen en ik was er bij tegenwoordig, omdat ik deel. uitmaakte

van de wacht. Deze diende echter alleen maar als ornament. We

stelden ons op aan lederen kant van de bank, waarin Mephis,

Spehon en Torko hadden plaats genomen. De banken links en rechts

in de zaal waren gevuld met andere kopstukken van de Zani. Toen

Narvon werd binnengebracht, stelde Mephis hem slechts één vraag:

„Wie waren je medeplichtigen?"

„Ik heb niets gedaan en ik heb geen medeplichtigen," zei Nar-

von. Hij zag er slecht uit en zijn stem klonk zwak. lederen keer

dat hij naar een der martelwerktuigen keek, knipperde hy zenuw-

achtig met zyn oogen. Ik zag dat by verschrikkelyk bang was, en

ik kon het hem niet kwalijk nemen.

Toen begonnen zij hem te martelen. Waar ik toen getuige van

was, zal ik hier niet beschrijven. Het tart iedere beschryving, en

ik heb bovendien reeds gezegd, dat de werktuigen welke er in de

zaal stonden, nooit door eemg menschelyk brein op aarde-zouden

kunnen zyn uitgevonden! Ze hoorden geheel en ai bij de planeet

waarop ik my bevond — ze.waren even luguber en verschrikkelijk

als alles wat ik er heb gezien en wat niet positief goed was. Het

leek wel, alsof er slechts twee kanten aan het bestaan óp Venus

waren: óf alles was goed, maar dan ook absoluut goed, óf alles was

slecht — en dan ook absoluut slecht, en goed en slecht liepen

soms op vreemde wyze door elkaar.

Eindelijk gaf Narvon toe....

„Ik zal bekennen.... Ik zal bekennen...." gilde hy.

„En?" vroeg Mephis, „Wie zijn het?"

„Er was er maar één," fluisterde Narvon, met een zóó zwakke

stem, dat ze nauwelijks verstaanbaar was.

„Luider," riep Mephis. „Draai de schroeven nog wat aan. Dan

praat hy misschien wat luider."

„Het was de Toganja Z...." Toen raakte Narvon bewusteloos

terwijl zy de schroeven juist nog meer aandraaiden. Ze probeerden

hem weer by te brengen, maar het was te laat.

Narvon was dood.

HOOFDSTUK XII.

Opgejaagd.

Ik ging visschen, ik ving aardig wat, maar ik kon niet vergeten

hoe Narvon was gestorven. Dat zal ik trouwens nooit vergeten.

Maar ik kon ook de woorden niet vergelen, die hy sprak toen hij

stierf. Door hetgeen ik had gezien in het huis van Narvon, wist ik

maar al te goed, welke de naam was die als het ware als een kaars

op zyn lippen was uitgegaan. Ik vroeg my af, of een van de Zani,

die er by tegenwoordig waren geweest, wisten wat ik wist.

Onder het visschen dacht ik heel veel na. Ik wist niet wat ik

doen moest met betrekking tot Zerka. Zou ik Minteps leven riskeeren

en haar waarschuwen, met het niet geringe gevaar, dat ik zelf

tegelijk met haar gearresteerd zou worden? Werkelijk, er was slechts

één antwoord. Ik moest haar waarschuwen, want zy had my vriend-

schap bewezen.

Ik zeilde dicht langs de gevangenis, want er waren bepaalde

dingen die ik van het extérieur weten moest. Van het inwendige

wist ik alles, wat my te pas zou kunnen komen.

Nadat ik alles aan den buitenkant in mij opgenomen had wai

ik weten wilde, voer ik weer naar de kust en keerde terug naar

myn kwartier in de kazerne. Daar vond ik een bevel, waardoor ik

van myn dienst in de gevangenis ontheven werd. Ik veronderstel,

dat Torko my te zachtzinnig heeft gevonden; of zat er iets anders

achter, wat veel gevaarlijker en onheilspellender was? Ik had het

gevoel, alsof er een net om my heen samengetrokken werd.

Terwijl ik op myn kamer zat met de meest onaangename ge

dachten als eenig gezelschap, kwam er een soldaat my mededeelen,

dat ik onmiddellijk bij den commandant moest komen. Dat is het

einde, dacht ik. Ik word beslist gearresteerd.... Ik dacht er over

te vluchten, maar wist hoe nutteloos een dergelijke pogirtg zou zyn,

en daarom ging ik naar het bureau van den commandant en meldde

mij.

„Er zijn een twaalftal gevangenen aangekomen, van het front te

Sanara," zei hy. „Ik zal twaalf officieren aanwijzen om hen te

ondervragen. We krijgen meer uit hen, wanneer wy hen ieder

afzonderlijk een verhoor afnemen. Wees zoo vriendelijk mogelijk

tegen den man dien je ondervraagt. Vertel hem, welk een prettij;

leven een soldaat kan hebben als hij in het leger van de Zani dient,

maar zorg er tevens voor, dat je zooveel van hem te weten komt,

als maar mogelyk is. Wanneer ze allemaal ondervraagd zyn, zullei

wy hen toevertrouwen aan een paar soldaten, die wat met hen

moeten uitgaan. Daarna zullen we twee van hen terugsturen naar

het front en hen laten ontvluchten opdat zij kunnen vertellen var

de uitstekende behandeling, die zij hier gehad hebben. Misschien

dat dit talryke deserties ten gevolge zal hebben. De andere tien

worden doodgeschoten!"

Ik haalde den man dien ik ondervragen moest en nam hem mee

naar myn karner. Ik liet hem brood en wyn geven, en stelde hem

terwyl allerlei vragen. Er waren een heeleboel dingen, die ik voor

myzelf omtrent Sanara weten wilde, maar ik liet hem niet merken

wat mij bekend was van de stad en de omstandigheden die er

heerschten. Ik moest hem uitpompen zonder dat hij verdenkini;

tegen ftiy kon koesteren. Ik veronderstelde, dat het een jonge offi

cier was — een aardige jongen, die

er uitstekende connecties op na

hield. Hij kende zoowat iedereen

en wist heel wat van hetgeen er

aan het hof .en onder de vooraan-

staande families omging.

Er waren bepaalde vragen, die

voor iederen Zani heel natuurlijk

waren om te stellen. Op hetgeen ik

hem vroeg over de stad en de mili-

taire toestanden antwoordde hij

vlot en zonder aarzelen — zoo vlot,

dat ik begreep dat hy loog! Toen

ik hem een en ander over Muso

vroeg, liet hij zich geheel gaan. Het

was duidelijk, dat hy Muso niet

mocht.

„Hy 'heeft zyn vrouw wegge-

stuurd," vertelde hij zonder dat ik

hem er naar vroeg. „Ze heet Illana.

Het is een uitstekende vrouw.

Iedereen spreekt er schande over,

maar wat kan men doen? Hy is

jong. De vrouw, die hij nu uitver-

koren heeft, wil haar plaats niet

innemen. Iedereen weet, dat zij

hem verafschuwt, maar hij is jong,

en als hy haar beveelt zijn vrouw

te worden, zal zij moeten gehoor-

zamen, want zy heeft geen man.

Die is hier in Amlot gedood. Muso

heeft hem op een gevaarlijke zen-

ding uitgestuurd. Iedereen is er

van overtuigd, dat hy hem opzet-

telijk in den dood heeft gestuurd."

Ik voelde hoe er een koude ril-

ling langs mijn rug liep. De vol-

gende vraag die ik hem stellen wil-

de kon ik met geen mogelijkheid over myn droge lippen krijgen.

Ik moest het twee keer probeeren alvorens ik er in slaagde, een

verstaanbaar Woord te uiten.

„Wie was die man?" vroeg ik.

„Het was de man, die telkens over uw linies vloog en bommen op

u liet vallen," antwoordde hy. „Hy heette Carson van Venus —

een gekke naam."

Ik had hem mijn laatste vraag gesteld, en ik bracht hem nu naar

de soldaten, die voor het amusement der gevangenen moesten zor-

gen. Toen begaf ik mij zoo snel mogelyk naar de kade.

Het was al donker, en de straten die ik koos waren gelukkig

niet erg goed verlicht. Toen ik bijna de kade had bereikt, ontmoette

ik een detachement van de Zani-garde onder bevel van een officier.

Deze riep mij aan van den tegenovergestelden kant der straat:

hierop kwam hij naar me toe, zyn soldaten staan latend.

„Ik dacht wel, dat ik je herkende," zei hij. Het was Mantar. „Ik

heb bevel je te arresteeren! Ze zoeken de heele stad naar je af."

„Ik ben in de kazerne geweest. Waarom hebben ze daar niet

gezocht?"

„Torko zei, dat je was gaan visschen!"

„Waarom moet ik gearresteerd worden?" vroeg ik.

„Ze denken, dat je een spion bent van de Sanariërs. Een gevan-

gene. Horjan geheeten, heeft je verraden. Hij zei, dat hij je in zijn

huis had ontdekt op den dag voordat je een aanstelling by de garde

v roeg."

„Maar Zerka?" vroeg ik. „Zouden ze haar niet verdenken? Zy

was het, die my heeft aanbevolen!"

„Daar heb ik ook al over gedacht," zei hij.

„Nu — wat ga je met mij doen?" vroeg ik.

„Ik wou, dat je mij de waarheid wilde zeggen," antwoordde hij.

,Ik ben je vriend, en als hetgeen Zerka en ik reeds sinds langen

tijd vermoeden, waar is, zal ik je helpen."

Ik herinnerde my, dat Zerka my had gezegd Mantar absoluut te

vertrouwen. Ik was in ieder geval verloren. Ze hadden voor veel

Hinder verdenkingen dan zy tegen my hadden, gevangenen gemar-

teld en gedood. Er was hier een mogelijkheid.... Een stroohalm,

v.'aaraan ik mij met beide handen vastgreep.

„Ik ben Carson v^in Venus," zei ik. „Ik ben hier gekomen met

ten mededeeling van Muso aan Spehon. Maar ze hebben mij den

Irief ontstolen."

„Waar wilde je heengaan toen ik je aanhield?" vroeg hij.

„Ik wilde teruggaan naar Sanara, waar myn vrouw en myn vrien-

den zyn," vertelde ik hem.

„Kun je daar komen?"

„Ik geloof het wel."

„Ga dan! Het is een geluk voor je, dat niemand van myn soldaten

Vodo van gezicht kent. Veel succes...." Hy keerde zich om en

stak de straat over, en ik vervolgde myn weg naar de kade. Ik

loorde, hoe hy tegen zijn kordogan zei: „Hy zegt, dat Vodo op zyn

earner in de kazerne is. We zullen daar heengaan."

Zonder eenig verder incident bereikte ik de kade, en vond er de

fwot die ik eerder op den dag reeds had gebruikt om te' visschen.

IK LIET HKM »ROOD EN WIJN GEVEN EN STELDE HEM TERWIJL

ALLERLEI VRAGEN.

Het was een kleine boot met een enkel zeil, eigenlijk weinig grooter

dan een kano. Toen ik wegvoer, hoorde ik het geluid van snelle

voetstappen op de kade, en toen zag ik hoe er eenige mannen

kwamen aanrennen.

Een stem riep: „Stop! Kom terug!" maar ik heesch mijn zeil en

voer door. Toen hoorde ik het staccato-geluid der r-stralen, en weer

een stem, die riep: „Kom hier terug, Vodo! Je kunt niet ontkomen!"

Als eenig antwoord trok ik mijn eigen pistool en schoot terug;

ik wist, dat het hun hierdoor moeilijker moest vallen om goed te

kunnen richten, zoodat ik iets meer kans zou hebben myn leven

te redden. Nog langen tfld nadat ik hen niet meer kon zien, stonden

zij daar nog steeds in den donkeren avond te schieten... .

Ik dacht met spijt aan Mintep, maar er stond iets veel kostbaar-

ders op het spel dan zijn leven of dat van eenigen anderen man.

Ik verwenschte Muso voor zijn dubbelhartigheid, en bad den hemel,

dat ik tijdig in Sanara mocht komen, om Duare tegen hem in be-

scherming te kunnen nemen.

Even later hoorde ik het geluid van een motorboot achter my

en wist dat ik achtervolgd werd. In de haven stond er slechts een

lichte bries. Indien ik de open zee niet zou kunnen bereiken eer

myn achtervolgers mij hadden ingehaald, dan was mijn eenige kans

op behoud dat ik hun in de duisternis zou weten te ontwijken.

Misschien dat dit mij lukte — maar misschien ook niet. Ik mocht niet

hopen, dat mijn bootje vlugger zou zyn dan hun motorboot, zelfs

niet al was de wind mij gunstig. Mijn eenige hoop op redding zag

ik in het feit, dat ik aan het geluid dat de motor maakte zou kunnen

afleiden in welke richting zij mij zochten, zoodat ik een anderen

kant uit zou kunnen gaan. Ik begreep, dat zy veronderstellen moes-

ten, dat ik probeeren zou in Noordoostelijke richting te ontkomen,

omdat dit de richting van Sanara was, terwijl ik echter naar het

Zuidwesten ging — naar het kleine eiland, waar ik myn anotar had

verborgen.

Ik vergiste my niet, want weldra hoorde ik het geluid van de

boot aan myn linkerhand, en ik wist, dat ik in de richting van de

open zee voer langs het oostelijke havenhoofd. Met een zucht van

verlichting bleef ik zóó dóórzeilen. Na eenigen tijd koerste ik naar

het Westen en bereikte de open zee. De wind, die in de richting van

de zee stond, was niet veel krachtiger dan ik in de haven had gehad,

maar ik bleef langs de kust varen omdat ik nog een laatsten plicht

te vervullen had in Amlot vóórdat ik het voorgoed den rug toekeerde.

Ik was veel aan Zerka verschuldigd, en ik kon niet vertrekken

zonder haar te waarschuwen voor het gevaar dat haar bedreigde.

Ik wist, waar haar paleis op de kust van den oceaan was gelegen,

en dat de tuinen tot aan den oever doorliepen. Het zou niet meer

dan eenige minuten oponthoud beteekenen om er even aan te leggen

en haar te waarschuwen. Ik voelde, dat ik niet minder kon doen.

De omstandigheden waren ideaal — eb, en een wind die uit land

kwam.

(Wordt vervolgd)


OPLOSSINGEN ZOEK EN VIND

8 FEBRUARI

OPLOSSING KRUISWOORDRAADSEL

HET IS ZALIGEKTE GEVEN, UAN TE ONTVANGEN

OPLOSSING

INVULRAADSEL

F R Q E n S

B E R G E n

M 1 E ß E n

B E D E P F

V E R D E ß

OPLOSSING

RUITENRAADSEL

OPLOSSING ONZE FILMPUZZLE

LETTERGREEPRAADSEL

actief

almacht

pardon

huislijl;

adelborst

vereend

staart

stilte

CLAUDETTE COLBERT

^itaitfUajiïi

KRUISWOORDRAADSEL

Horizontaal:

1. aardworm

3. stookgelegenheid

4. meisjesnaam

5. massa

7. vrucht

9. rentmeester

12. van huis gaan

15. nadeel toebrengen

17. voorbijgaand gebruik

18. voortreffelijk

Horizontaal:

1. gemeente in de provincie Noord-

Holland

Verticaal;

1. aan iemands bereik onttrekken

-1i-

19. aanbeveling om iets te

laten

20. deel van den dag

Verticaal:

1. pralen

HEKWERKRAADSEL

2. ploeteren door het water

3. handvat van een werktuig

4. overate van een klooster

5. krachtig

6. doen kleven

7. over ieta heen rijden

2. hertensoort

4. Snarenspeeltuig

6. onverschrokkenheid

7. in dit geval

8. mond

10. wezen

11. deel van een voet

13. gewicht

14. erg plagen

15. haasten

16. de stand der edelen


VERANDER-

RAADSEL

BOOM

BLAD

Het woord boom

moet door zes veran-

deringen, door iede-

ren keer één letter

door een andere te

vervangen, veranderd

worden in blad.


;

1. in een oven gaar doen worden

2. iets aan gevaar onttrekken

3. licht voorover buigen

4. doen liggen

5. dooreenmengen

6. iedereen

7. verlies

8. speelsch

9. pret na afloop van een feest

10. visch

11. boosaardige watergeest

12. insect

ONZE FILMPUZZLE

CIRKELRAADSEL

Van buiten naar binnen in ieder hokje één letter (iedere

(roep van twee woorden eindigt met dezelfde letter) in Ie

vullen.

In de bultenate vakjea ontslaan bij juiste invulling de

namen van twee filmsterren.

1. met een kram vastmaken

2. sa'ar beneden gaan

3. Griekache ■•

4. op de iiets rijden

5. paard geschikt om bereden te worden

6. overeenkomst

7. ranggetal

£■ les aan een hoogeschool

'. binnenlaten

10. gladmaken

11. deel van een boom

12. plat vlak door elf zijden

ingealoten

13. dialect

14. deel van een bedrijf in

een tooneelstuk

15. zelfzucht

16. schenking

". van oogenblikkelijk be-

lang

''■ afscheidsgroet

". inpekelen

20 op de spoel winden

Wij stellen een hoofdprijs

v an ƒ 2.50 en tien filmfoto's

beschikbaar om te verdec-

'^ onder de goede oplos-

"''>. Antwoorden in te zen-

den vóór t Maart aan Dr.

Puzzelaar, Noordeinde 8,

j-^iden. Op enveloppe of

briefkaart a.u.b. duidelijk

vermelden: Filmpuztle 1

Maart.

Deze puzzle kan tegelijk

ni ' de andere ingezonden .

borden, doch liefst op een

'Part velletje papier.

HONINGRAATRAADSEL

1 PAARDENSPRONGRAADSEL

E 1 0

1 M

E E M n

E T D L

T R T R

G A B K

U T A K

/A A A P

W 1 n n

In deze paardensprongpuzzle ia een bekend

gezegde verborgen. Wie weet het te vinden?

Om den puzzelaars een weinig op streek te

helpen, vermelden wij nog, dat men bij H ge-

nummerd t, moet beginnen en dan verder gaan

met „paardensprongen", dat wil zeggen, 2 vak-

jea naar linka of rechts en 1 naar boven of

beneden, of 1 vakje naar links of rechts en 2

naar boven of beneden.

-15 -

DE PRIJSWINNAARS

De hoofdprijzen werden deze week gewonnen

door:

mejuffrouw C. Heuser, Rotterdam;

den heer J. Luten, Meppel;

den heer H. A. Albertema, Hoogkerk:

den heer C. v. d. Schoor, Brielle;

den heer L. Mikkelsen, Haarlem.

De troostprijzen vielen ten deel aan:

mevrouw J. Leermakers-v. Vielen, Esch;

mevrouw Hoogland, Arnhem;

mevrouw C. J. Kessen, Amsterdam;

mevrouw W. J. v. d. Laak-de Weger, Rotterdam;

mejuffrouw Chr. Smit, Bloemendaal;

mejuffrouw E. Mak, Zwolle;

mejuffrouw C. Cieraad, Alkmaar;

mejuffrouw A. Cahn, Valkenburg;

mejuffrouw Eibers, Nijmegen;

mejuffrouw I. Sonders, Wassenaar;

mejuffrouw T. Bennlnk, Zutphen;

den heer B. Schenkel, Schiedam;

den heer P. Luckenhoff, 's-Gravenhage;

den heer C. v. d. Wiel, Noordwljk;

den heer W. M. J. Kestens, Rotterdam;

den heer J. Vlasveld, Voorhout;

den heer M. C. van Bloppoel, Zullen;

den heer S. Krul, Amsterdam;

den heer H, Vloen, Hulst;

den heer J. Hey, Utrecht.

De hoofdprijs van de fllmpuzzle werd toege-

kend aan:

den heer M, de Groot, Renkum.

De troostprijzen werden verworven door:

mejuffrouw J. Stroomberg, Amsterdam;

mejuffrouw M. C. Meester, Arnhem;

den heer M. Meyll, Delft;

den heer M. v. Klaveren, 's-Gravenhage;

den heer J. Kroon, Amsterdam;

den heer A. v. Herk, 's-Gravenhage;

den heer P. L. v. d. Let, 's-Gravenhage;

den heer A. Keur, Katwijk;

den heer C. J. Grijn, Heerlen;

den heer J. Rosema, Groningen;

ONZE PRIJZEN.

Voor goede oplossingen op iedere

puzzle, rebus, probleem, enzoovoort,

stellen wij een prijs van ƒ2.50 be-

nevens vier troostprijzen beschik-

baar. In totaal dus deze week

5 prijzen van ƒ2.50 elk en

20 troostprijzen.

DE OPLOSSINGEN

op de in dit nummer voorkomende

puzzles, enzoovoort, gelieve men

vóór 1 Maart in te zenden aan Dr.

Puzzelaar, Noordeinde 8, Leiden.

Op enveloppe of briefkaart vermelde

men duidelijk:

Oplossingen Zoek en Vind 1 Maart


De Sterrenhemel wordt jefotografeen

Hemellichamen ontdekt van tien kilometer doorsnede

Direct nadat de ontdekkingen bekend waren

geworden, die Nièpce en Daguerre op het

gebied der fotografie hadden gedaan, stelde

de beroemde Fransche natuurkundige en astro-

noom Arago in 1839 de voordeelen in het licht,

die de sterrenkunde hiervan zou kunnen trekken.

Maar hoe stoutmoedig zijn voorspellingen en ver-

wachtingen op dit gebied ook waren, tóch bleven

zij nog verre beneden hetgeen er in werkelijkheid

door bereikt zou worden. Nooit heeft hij, bijvoor-

beeld, kunnen vermoeden, dat het mogelijk zou

zijn om met behulp van de fotografie ook de

zwakste; sterren, die zich in ons zonnestelsel be-

vinden, te bestudeeren, of, om een ander voor-

beeld te noemen, de ontzettende uitgebreidheid

en diepte te peilen van den Melkweg, waarvan

ook onze Aarde deel uitmaakt. Dat dit ten slotte

toch mogelijk is geworden, heeft men te danken

aan het feit, dat men thans veel gevoeliger films

en platen kan maken, dan in den eersten tijd der

fotografie, zoodat het nu mogelijk is, hemellicha-

men op de gevoelige plaat vast te leggen van

welker bestaan men toen zelfs nog geen idee hadl

Een groot aantal problemen, waarvan men dacht

dat de mensch ze nooit zou vermogen op te los-

sen, hebben hun geheimen hierdoor moeten prijs-

gevenl

Het meest belangrijke werk, dat men op het

gebied der sterrenkunde sinds de fotografie werd

uitgevonden, heeft ondernomen is ongetwijfeld het

samenstellen van een fotografische kaart van den

U '

- - s

.>^'

\iï -^

Een interetsante foto van den sterrenkijker van

het Observatorium Yerkcs, aan de Universiteit te

Chicago. Dit instrument ïs voorzien van een objec-

tief van ruim één meter middellijn. Er behooren

verschillende oculaires bij, die vergrootingen geven

van honderdvijftig tot vierduizend maal. Indien men

in werkelijkheid 384.000 K.M. van de aarde verwijderd

sterrenhemel. Het initiatief tot het maken van

deze kaart werd genomen tijdens een congres van

sterrenkundigen, dat in 1887 te Parijs werd gehou-

den. Zes en vijftig geleerden van zestien verschil-

lende landen werken sindsdien aan deze kaart

mede, en thans is er reeds een groot gedeelte

van gereed. Achttien sterrenwachten, over de

beide halfronden der wereld verspreid, arbeiden

eendrachtig samen om deze kaart, die men mis-

schien het meest grootsche werk zou kunnen

noemen dat ooit door den mensch ondernomen

werd, compleet te maken. De kaart moet alle ster-

ren bevatten tot de veertiende grootte, hetgeen

voor den ganschen sterrenhemel een totaal be-

teekent van meer dan tien millioen sterren.

Welke enorme beteekenis een dergelijke kaart

heeft, kan men het best beseffen indien men be-

denkt, dat men er in de vorige eeuw nauwelijks

aan durfde denken, ooit nog eens zóó ver te

komen, dat men den afstand der sterren zou

kunnen meten, want de basis die het zonnestelsel

ons daartoe geeft, is veel te klein. Door de

groote nauwkeurigheid waarmee men nu de ver-

schillende sterrenbeelden kan meten, kan men

thans ook den afstand bepalen van talrijke ster-

ren buiten deze sterrenbeelden.

Een der grootste successen, die men dank zij

het fotografisch onderzoek van den hemel in het

afgeloopen jaar heeft mogen behalen, is zonder

twijfel de ontdekking geweest van de ster, die het

dichtst bij ons staat, welke ontdekking te danken

3. De telescoop Hooker,

de grootste sterrenkijker

van de wereld. De spie-

gel heeft een diameter

van 1,50 M. Aangezien de

resultaten, die men met

dit instrument heeft be-

haald, zoo buitengewoon

zijn geweest, heeft men

besloten op den berg

Palomar, ten Zuiden van

Los Angeles, een nog

machtiger kijker te bou-

wen met een spiegel, die

een middellijn heeft van

vijf meter.

is aan het Observatorium Yerkes van de Univei

teit te Chicago. De bedoelde ster, die in den CJ

logus staat aangeteekend als Wolf 424, zou 2

volgens voorloopige berekeningen op een afsti

van 3,67 lichtjaren van onze aarde bevinden,

beteekent dus, dat het licht van deze ster, dat 1

op dit moment bereikt, drie jaar en acht maand

geleden van haar is ,,vertrokken".

Een andere sensatie in de wereld der stern

kundigen werd verleden jaar teweeggebracht de

de ontdekking van de tiende en elfde satelliet c

planeet Jupiter. De Amerikaansche astronoom Si

Nicholson ontdekte ze op de fotografische plat

die gemaakt waren met behulp van den groots!

telescoop der wereld, namelijk dien van het C

servatorium van den Mount Wilson in Califorr

waarvan de spiegel een middellijn heeft van tw

en een halven meter. Misschien dat de diame

van deze satellieten van Jupiter niet grooter is i

'n tiental kilometers. In twee uur tijds zou men

di]s gemakkelijk dwars doorheen kunnen loopi

Indien men nu nagaat, dat Jupiter tusschen

Ml en 964 millioen K.M. van de aarde is verwijde

kin men gemakkelijk nagaan wat de beteekenis

van een dergelijke fotografische opname! Zouc

wij niet in staat zijn den sterrenhemel te fotog

leeren zpoals wij dit thans doen, dan zou het !

staan Van deze beide manen voor eeuwig wa

schijnlijk voor ons verborgen zijn gebleven.

Behalve dat de fotografie geholpen heeft

het ontdekken van verschillende hemollichari

heeft zij het ook mogelijk gemaakt de banen «

te stellen, die beschreven worden door de kon-

ten en dwaalsterren. Op de fotografische plaat m

den deze duidelijk aangetoond, zoodat 't bij wij

van spreken slechts kinderwerk is ze verder uit

rekenen.

Indien de sterrenkundigen van onzen tijd

in slagen het heelal te peilen tot op een die;

van honderden millioenen lichtjaren — als ir

weet, dat één lichtjaar gelijk is aan een afsta

van 9.460.800.000.000 K.M. - begrijpt ir

eenigszins wat dit zeggen will — en indien

thans kans zien de samenstelling en de ged

gingen der sterren na te gaan, die zich op

standen van ons bevinden waarvan wij ons ge

voorstelling vermogen te maken, dan is dit:l

& ^ ml

mm.

-m*:

v3im(

'i

^mmmmmmm^mm

1

halve aan de verbeterde instrumenten waarover

zij nu beschikken ook, en dit wel in de aller-

eerste plaats, te danken aan die wonderbaarlijke,

gevoelige films, die men wel eens het netvlies

van den sterrenkundige heeft genoemd, en die

geheimen voor ons geopenbaard hebben, waar-

van men tot voor eenige tientallen jaren zelfs

het bestaan nog niet vermoeddel

4

■ÉéMHHMHB V-^

mm

WÊÊHÊÊÊ

paste, moest men voor het samenstellen van catalo-

gussen en kaarten van den sterrenhemel afgaan op

hetgeen men met het bloote oog kon waarnemen. De

stand van iedere ster werd geheel afzonderlijk van

de andere vastgesteld. — Zooals men weet, wordt de

positie van een plaats op de aarde aangeduid door

den breedte- en lengtegraad op te geven, waarop deze

zich bevindt. Ten opzichte van de lichamen aan den

sterrenhemel past men dezelfrfe methode toe, want

ook de sterrenhemel wordt vaak als 'n bol voorgesteld.

. Met behulp van dit instrument is

het mogelijk, de fotografische opnamen

van den sterrenhemel onderling te

vergelijken en de beweging der sterren

vast te stellen.

5. Een der toestellen, welke in

gebruik zijn om den sterrenhemel

te fotografeeren. Er kunnen nega-

tieven in worden geplaatst van

zestien bij zestien centimeter.

, ■*«Sl

-

ORIGINEtLIS

MOEILIJK TE LEZEN

ORIGINAL IS

DIFFICULT TO READ


WIE KAN ER GOED REKENEN?

Oom Jan is een aardige man, die altyd

iets anders heeft om zijn neefjes bezig

te houden.

Onlangs zei hij tegen zijn neefje Piet: „Zeg

Piet, kun jy goed rekenen?"

„Nou oom," antwoordde Piet, „ik denk het

wel, want ik heb op school al les in wis-

kunde!"

„Sjonges," zei oom, „ik wist niet dat je al

zóó knap was! Maar kun je ook al rekenen

met breuken?"

„Ja, natuurlijk oom," deed Piet verwon-

derd. „Dacht u, dat ze je op school wiskunde

gingen leeren, ^Is je nog niet eens met breu-

ken kon rekenen?"

„Ja, maar kun je er ook al mee optellen

en aftrekken?"

„Ja zeker, oom...."

„Nou," zei oom, „dan wil ik toch eens zien,

of dat werkelijk waar is. Vertel me dan

maar eens, maar een beetje snel, hoeveel is

een derde van honderd, plus de helft van

een derde van honderd?"

„O, dat is gemakkelijk genoeg," zei Piet.

„Een derde van honderd is 33 1 ls en de helft

van aSVa is W 1 ^ plus i/e, Dat is samen....

laat eens zien.... SSVs plus leVtplus i/e

is Even uitrekenen op een stukje pa-

pier "

„Neen vriendje," lachte oom, „dät mag

met! Als je zoo goed rekenen kunt en al

wiskunde leert, moet je het mij dadelyk, zóó

uit het hoofd, kunnen zeggen. Kijk, de op-

lossing is zeer eenvoudig "

En toen oom het uitlegde, zei Piet: „Hé ja,

oom, dat ik däär niet aan gedacht heb "

Wie onder jullie is zoo knap, om de op-

lossing zonder papier en potlood te kunnen

vinden?

•ï/l UBB

jftipS si 'o/g si 9/x gnjd 9/8 uaiuBzaj 'o/j snp

si s/x U8A jjiaq 9p ua '9/g UBB jjftiaS si «/,

JUBM. •SijjftA si 'paapuoq UBA jjiaq ap 'UBB

5[ftl38 si pjapuoq UBA apjap uaa UBA »jpq ap

snid 'pjapuoq UBA apjap uaa :pjooAL)uy

Om te overdenken.

Geduld is de sleutel tot succes.

Vergeet nooit, dat een echte jongen nim-

mer probeert zyn vrienden te overtroeven.

JU JTO JU lOi Cf JLj JiiL

JLI mj JU SJ R-iS -

Jan de Egel wordt wakker.

De eerste maaltijd van Jan den Egel, na

zijn langen winterslaap, bestaat vaak

uit een adder of een ander slangetje. De

eenige plaats waar een adder een egel kan

bijten, is aan zijn kop, en wanneer Jan daar-

om gedurende de lente ergens een adder ziet

liggen slapen, geeft hy een fermen beet in

den staart van het dier en rolt zichzelf dan

zoo spoedig mogelijk tot een balletje op.

De domme adder wil zich natuurlijk wre-

ken en probeert den egel te byten, maar

hy byt in niets anders dan de scherpe pen-

nen waarmee het gansche lichaam van het

dier — met uitzondering van den kop — be-

POPPEN-STAKING

Ki

.leine Ans had heel veel poppen,

Groote, kleine, biuln »n blondl

In de kamer waar zij speelde

Zaten ze allemaal in 't rond.

Ansje speelde om de beurten

Dan met Guus en dan met Lot,

Dan met Luus en dan met Leni,

Dan met Giee — déi was een dotl

Ja, Ans trok die kleine Gieetje

Meestal wel een beetje voor.

Fluisterde haar o, zoo dikwijls

Lieve woordjes zacht In 't oorl

Ging zij met haar poppen rijden.

Groetje was er altijd bij.

En Ans lei daarvoor dan dikwijls

Luus of Guus of Lot opzij 1

Maar op zekeren dag zei Lotje:

„Uit! Dat doen wij langer nletl

Waarom staan wij altijd achter

Bij die akelige Griet?"

En de poppen staken 's avonds

Stil hun hoofdjes bij elkaar,

ZIJ beraamden een stout plan toen:

„Staken" zouden zij dan maart

Ansje kwam den and'ren morgen

Bij haar poppen en riep blij:

„Kom, mijn klnd'ren, wij gaan rijden

WI® wil heerlijk uit met mij?"

- 18

WÈC

DAT wA4 Een

^0£0 IDEE VAH

Mb! E& Q&er

HIETé. SovEH EEH

NuTTiqE 8eu«iH£iO

IK ZAt BBHi KMceN

OF HertüMc AL.

^ÊMAAkiT IS .'

dekt is. De adder Iaat zich hierdoor echter

niet ontmoedigen en gaat met byten voort tot

hy eindelijk zóó uitgeput en moe is, dat Jan

hem gemakkelijk kan opeten, omdat de adder

niets kan terugdoen. En dat is dan de eerste

maaltijd van Jan sinds een maand of vier,

gedurende welken tijd hy niets anders heeft

gedaan dan slapen

En hier is nog een kunstje.

TSram een stuk vloeipapier in elkaar tot

-*" een „koord", en vraag je vriendje, of hy

het kapot kan trekken. Hij kan probeeren

wat hy wil en zoo hard rukken als hy maar

kan, doch hy zal er niet in slagen. Dan laat

jy zien, hoe je het gemakkelijk in tweeën

kunt trekken. Om dezen truc te doen, moet

je je wijsvinger ongemerkt flink nat maken

en hem dan even midden op het in elkaar

gedraaide vloeipapier laten rusten tot dit nat

wordt. Je kunt het dan zonder eenige moeite

kapot trekken.

Maar daar zaten al haar klnd'ren,

Heel bedrukt en stil terneer.

„Neen hoor, Ansje," sprak toen Lotje,

„Rijden dóen wij maar niet meerl"

„Neem Jij voortaan maar Je Groetje

Heel alleen meel" en... o hé.

Alle poppen gingen huilen.

Riepen: „Neen, wij gaan niet meel"

„O jaloersche, stoute poppen!"

Riep toen Ansje lachend uit,

„Voortaan mogen alle poppen

Om de beurten met me uit!"

oor '


lAïsoi POM mm. // , // /


VETWORMPJCS

voorgoed verdwenen

Als de vetwormpjes een-

maal weg zijn, bUJyen zy

weg — mits U slechts Radox

gebruikt om Uw teint te zui-

veren en zuiver te houden.

Geen pyniyke methoden — •

alleen een lepel Radox in een

kop flink warm water en met

deze oplossing het gezicht bet-

ten; dit waarborgt U een teint,

absoluut vry van vetwormpjes.

Lees het volgende eens: „Ik had

erge last van vetwormpjes. Spe-

ciaal op de kin en opzy van

neus en mond tot ik met Radox begon. Ik

deed een lepel in een kop flink warm water

en bette myn gezicht hiermede, 's morgens

direct en 's avonds voor het naar bed gaan.

Daarna afwasschen met koud water en

goed drogen met een zachten handdoek,

's Nachts gebruikte ik een beetje cold cream.

Het resultaat is een prachtige, zachte huid,

vrij van die afschuwelijke ontsierende vet-

wormpjes. Ik houd de behandeling steeds

nog yol." Mevr. C. F., L.

Doe om vetwormpjes te verwijderen een-

voudig een lepel Radox in een kop goed

warm water, bet het" gezicht hiermede

eenige minuten en droog af met een zach-

sten handdoek en de vetwormpjes zijn ver-

dwenen! Om Uw teint voor altijd zuiver te

houden behoeft ge slechts telkens wanneer

ge Uw gezicht wascht wat Radox in het

water te doen. Radox is verkrijgbaar by

alle apothekers en drogisten è ƒ 0.90 per

pak en. ƒ 0.15 per klein pakje.

deze verdediger echter de hopeloosheid van

zijn taak hebben gevoeld om den rechter en

de jury te overtuigen, dat de verdachte niet

schuldig was. Hy maakte wat hij kon van

Bridges' pogingen van den laatsten tijd om

een behoorlijk leven te leiden, en van 's mans

naïeve erkenning „dat hij het niet wist",

hetgeen, naar hij omstandig aantoonde, in

ieder geval een bewijs van zijn eerlijkheid

was. Hy slaagde er in, min of meer overtui-

gend aan te toonen dat Bridges als kind een

slag op zijn hoofd had gekregen waaruit zijn

geheugenverlies na het krijgen van een hef-

tigen schok, zeer goed te verklaren moest

zijn. Hy waarschuwde de jury toch vooral

niet te veel waarde te hechten aan feiten

en omstandigheden, die geen rechtstreek-

sche bewijzen vormden.

Er waren geen getuigen bij den moord

geweest. Bovendien kon niemand aantoo-

nen, dat Bridges een andere bedoeling had

gehad dan geld te lèènen. Moest iemand, die

van plan was een ander geld ter leen te

vragen, per se een moordenaar zijn? En in-

Nieuwe

schoonheid \ooT*

J/whaar

vooi uoCmaa&te KaahoehMxfapAq

dien dit eigenlijk absurde feit in dit geval

eens opging, dat wil zeggen indien Bridges

den ouden Duffers eens werkelijk had ver-

moord, welk bewijs was er dan dat er hier

sprake was van een moord met voorbedach-

ten rade? Zou het niet zeer goed mogelijk

kunnen zyn dat Duffers, de bedoelingen

van Bridges verkeerd begrijpend, dezen het

eerst had aangevallen? Was Bridges' ver-

klaring, dat hy zich niets herinneren kon

van hetgeen er was gebeurd, zoo moeilijk

te begrijpen indien hy den éérsten slag had

gekregen ?

Maar de jury bestond uit degelijke man-

nen, die over weinig verbeeldingskracht be-

schikten en die geheel en al onbekend wa-

ren met de subtiliteiten der menschelykc

psyche. Ze luisterden naar de onaanvecht-

bare verklaringen .van sergeant Lawson en

de feiten die deze ten behoeve der vervol-

ging by elkaar had gebracht. Ze keken naar

den man in de bank der beklaagden die ge-

durende den ganschen tyd met gebogen

hoofd en afhangende schouders, roerloos

naar den grond staarde, oogenschijnlijk

slechts weinig aandacht schenkend aan het-

geen er om hem heen plaats greep. De man

zag er schuldig uit. Hy scheen gebukt te

gaan onder het besef Van zyn daad. Maar

hoe konden zy weten, dat hetgeen hem het

meest kwelde, het besef was dat hy een

heilige belofte had geschonden, die hy had

afgelegd tegenover het meisje dat hem zyn

eerste werkelijke kans in het leven had ge-

geven? Dat de laatste woorden die hy tegen

haar had gesproken in woede over zyn

lippen waren gekomen; dat het de weten-

schap was, dat June Star op een der banken

in het zaaltje zat en hem den geheelen tyd

met zulke intenze blikken aankeek, die

maakte dat hy zyn oogen niet durfde op-

heffen?

De reehter somde de feiten op. De jury

trok zich terug. Binnen tien minuten keer-

den de mannen in de zaal terug met een

eenstemmige schuldigverklaring. En toen

het vonnis was uitgesproken, en de bewaar-

ders hun handen op de schouders van den

man legden om hem weg te voeren, toen

was iedere twyfel aan zijn schuld, indien

deze dan nog bestaan had, absoluut ver-

dwenen.

Want toen keek Bridges voor den eersten

keer naar June Star. Ze snikte hartverscheu-

rend, haar hoofd op den schouder van een

vriendin. En toen riep hy, dwars door het

zaaltje heen, zoodat iedereen hem hooren

kon met gebroken stem:

„June liefste ik heb er zoo'n spijt

van.... vergeef me wat ik heb gedaan...."

IV.

Laat op den avond van dien dag bevond

sergeant Lawson zich alleen in zyn zitkamer

van het politie-station. Hy had zyn tu-

niek en zyn laarzen uitgetrokken en hy zat

in een gemakkelyken stoel voor het open

raam, dat 'uitzag op den noordelijken rand

van de stad, waarachter zich het „veldt"

uitstrekte tot in de oneindigheid van den

donkeren avond.

Hy zag er vermoeid uit. De blik in zyn

strenge oogen had iets van zyn gewone hard-

heid verloren.

Hij dacht over de terechtzitting na. Den

hemel zy dank, dat het achter den rug was!

Het was een vervelende geschiedenis ge-

weest. Het was al erg genoeg om een man

ter dood te hooren veroordeelen, maar als

er nog een meisje bij betrokken is Het

was afschuwelijk geweest, de manier waar-

op zij had zitten snikken. Het arme kind!

Maar per slot van rekening: wat voor leven

22

zou zy tegemoet gegaan zyn met een man

als Bridges, die zóóiets had kunnen doen?

Zyn leven gebeterd? Zyn soort beterde hun

leven nooit. Waarschijnlijk mocht zij van ge-

luk spreken, dat zy net op het nippertje aan

haar ongeluk ontkomen was! Maar het was

een beroerde affaire geweest en hy had

zich eigenlijk nooit kunnen verzoenen met

de gedachte, een terdoodveroordeelde we-

kenlang op te sluiten in een cel, voordat

zijn vonnis voltrokken werd!

Toch stond het zoo in de wet, en de wet,

goed of verkeerd, diende te worden nage-

komen. Wat hem betrof, hy had zyn plicht

gedaan, en dat was alles wat er kon wor-

den gezegd!

De sergeant klopte de asch uit zyn pijp

en slaakte een zucht die veel weg had van

een geeuw, en toen keerde hy zich met een

ruk om in zyn stoel. Er had iemand aan de

deur geklopt.

„Binnen!" riep hy.

De deur werd geopend door een trooper.

De man droeg geen hoed en er stond een

ernstige trek op zijn gezicht.

„Ja, wat is er?" vroeg Lawson.

„Bridges, sergeant!" hijgde de man. „Hy

is ontvlucht...."

V.

Het officieel onderzoek dat er in de hoofd-

stad van het district werd ingesteld en dat

geleid werd door den officier van justitie

zelf, viel nogal gunstig uit voor den man

die eigenlijk verantwoordelijk was voor de

ontvluchting van den veroordeelde.

Er werd in het rapport naar voren ge-

bracht, hoewel dit totaal overbodig was, dat

sergeant Lawson zoo'n langen tijd eerlyk

en trouw in dienst was geweesi, en speciaal

werd er melding gemaakt van het bewon-

derenswaardige werk dat hy had verricht

in de zaak betreffende den moord op Duf-

fers. Kortom: het officieele rapport onthief

hem van lederen blaam. Het zou onjuist zyn,

zoo luidde de eindconclusie, om hem ver-

antwoordelijk te stellen voor de nalatigheid

van een zyner ondergeschikten.

Over het verzuim van den ondergeschik-

te zelf, een jongen trooper die Dickson

heette, had de rechtbank uitspraak moeten

doen. Er zouden de strengst-mogelyke disci-

plinaire maatregelen tegen hem genomen

worden. Dickson had ronduit bekend, dat

hy niet alleen de ontvluchting van Bridges

uit zyn cel had mogelijk gemaakt, maar bo-

vendien verklaarde hy, dat hy buiten de

gevangenis een paard voor hem had gereed

gehouden opdat hij er zoo snel mogelijk van-

door had kunnen gaan. Het eenige wat hij

ter verontschuldiging van zyn daad had

kunnen aanvoeren was, dat hy bevriend was

zoowel met Bridges als met June Star, en

dat haar smart zóó'n diepen indruk op hem

had gemaakt, dat hij de gedachte niet lan-

ger had kunnen verdragen dat Bridges zou

worden opgehangen.

Maar indien de rechtbank tot de conclusie

was gekomen, dat de sergeant het heele

complot voor de ontvluchling zélf in elkaar

KING VIDOR

maakt« het meesterwerk der litteratuur tot

het meesterwerk der filmkunst

VERWACHT: Metro - Goldwyn - Mayer's

DE CITADEL

ROBERT DONAT - ROSALIND RUSSELL

bad gezet, dan zou zy in de beoordeeling

van zyn gedrag niet minder onbarmhartig

hebben kunnen zyn. Hy was verantwoorde-

lijk volgens haar; zoowel voor het gedrag

van zyn ondergeschikten als voor dat van

zichzelf. Hy had zich moeten overtuigen, dat

Bridges behoorlijk werd bewaakt. Hy zou

in de gelegenheid moeten zyn geweest om,

toen de ontvluchting werd ontdekt, den ge-

vangene direct op doeltreffende wijze te

achtervolgen. Dit had nu echter niet kun-

nen gebeuren, omdat hij geheel en al op zyn

ondergeschikten had vertrouwd.

Ondanks het laakbare gedrag van trooper

Dickson bleef het feit bestaan, dat Bridges

was ontvlucht, dat hy zich nog op vrije

voeten bevond, dat de waardigheid van de

wet en van de politie tot een aanfluiting

was gemaakt en dat Lawson, als oudste aan-

wezige functionaris, daarvoor verantwoor-

delijk was.

Toch bleef sergeant Lawsons reactie op

dit alles aanvankelijk geheel onpersoonlijk.

Hy zag het opnieuw arresteeren van den

gevangene niet als een mogelijkheid om zich

in de oogen van zyn chefs of van het pu-

bliek te rehabiliteeren, maar als een een-

voudige plicht tot de vervulling waarvan

hy zich met denzelfden ijver zette als eerst

tot het bijeenbrengen van de bewijzen tegen

Bridges/

Dit keer bad hy echter niet zooveel succes.

Ofschoon trooper Dickson het absoluut ont-

kende, was Lawson toch overtuigd, dat June

Star een actief aandeel in de ontvluchting

had gehad. Den volgenden dag had zy weer

De A ma f e u f*

Defect ioe

Ja, wij geven toe, dat deze foto een zon-

derlingen Indruk maakt, en dat het niet ge-

makkelijk Is te raden, wat zij voorstelt,

maar ... daarom plaatsen wij haar dan ook

juist in deze rubriek!

Komaan, wie van onze amateur-detectives

ziet kans uit ie vlcschen wat zij weergeeft?

Wij zullen weer een prijs van f. 2.50 be-

nevens twee troostprijzen verdeelen onder

hen, die ons een goed antwoord zenden. De

verdeeling der prijzen geschiedt op een

manier, waarbij alle Inzenders van goede

oplossingen gelijke kansen hebben op het

verkrijgen van een der prijzen.

U gelieve uw antwoord In te zenden vóór

1 Maart aan Mr. Detective, NOORDEINDE 8,

Leiden. Op briefkaart of enveloppe duidelijk

vermelden: Amateur-Detective, 1 Maart.

De oplossing mag bij die der rubriek „Zoek

en Vind" worden Ingesloten, mits ze op een

afzonderlijk velletje papier wordt geschreven.

in den winkel van haar vader gestaan, bleek

en met een zorgelijke uitdrukking in haar

oogen, maar overigens beheerscht en weer

geheel zichzelf. Ze beantwoordde al zyn

vragen zonder eenige aarzeling; ze wist

nergens iets van I Maar toen hy verder vroeg,

zei ze, met een klank van óverduidelyken

haat in haar stem, dat als ze in zyn plaats

was, ze zich maar zou schamen om te pro-

beeren uit häär inlichtingen te krijgen. Het-

geen, in dat speciale kleine afdeelinkje van

haar hersens, volkomen juist was! Dit be-

lette echter niet, dat sergeant Lawson een

wacht voor den winkel van Star plaatste om

te zien wie er in- en uitgingen, want of-

schoon hij lederen vierkanten meter van de

stad had laten doorzoeken, was Lawson er

toch nog niet zoo heel stellig van overtuigd,

dat zyn prooi er reeds uit was verdwenen.

Intusschen had hij toch ook naar alle kan-

ten troopers, inheemsche politieagenten en

spionnen uitgezonden. Renboden met de-

tails betreffende de ontvluchting van Brid-

ges en met zyn signalement werden naar

lederen politiepost in de kolonie gestuurd.

Den hoofden van inheemsche dorpen en

nederzettingen werd medegedeeld, dat zij

een belooning zouden krijgen als zij inlich-

tingen konden verschaffen, die tot de ar-

restatie van den vluchteling leidden.

Maar zes weken waren er reeds voorbij-

gegaan voordat het eerste bericht kwam,

dat een man, die aan de beschrijving van

Bridges beantwoordde, geslapen had in een

dorp, een honderdvyftig mijl noordelijk van

den dichtstbijzynden post der Bereden

DE OPLOSSING VAN HET

ZEILWEDSTRIJD-PROBLEEM

Nu wij de foto thans in haar geheel

plaatsen, zal men gemakkelijk kunnen

zien, dat er bij de opgave slechts een

gedeelte van was gereproduceerd, en

dat zij een wedstrijd voorstelt van

kinder-vaartuigjes.

De bijzonderheid is natuurlijk, dat

bij geen der schepen' een bemanning

aan boord is.

De hoofdprijs van f. 2.50 werd deze

week gewonnen door:

den heer J. ter Braak, Hengelo.

De troostprijzen vielen ten deel aan:

mevrouw H. Lintjer-v. d. Bos, Nuland;

den heer M. P. Mak, Vlaardingen.

Altijd rheumatische rugpijn

Nu is zij beter en ziet er jaren

jonger uit

Deze dame werd hevig gekweld door rheu-

matische rugpijn. In onderstaanden brief

vertelt zy, hoe zij van haar lyden werd

verlost door Kruschen Salts. „Ik begon

eenige maanden geleden met Kruschen Salts

tegen myn rheumatiek. Mijn rechterarm

kon ik niet gebruiken en • de pijn in myn

rug hield geen oogenblik op. Ik las een

advertentie van Kruschen Salts en besloot

het ook te probeeren. Tot mijn blijdschap

voel ik mij nu niet alleen veel beter, maar

zie er ook jaren jonger uit." Mevr. N.N.

De oorzaak van rheumatische rugpijn ligt

meestal in de opgehoopte afvalstoffen, welke

in het organisme achterblijven. Hieruit ont-

staat o.a. het urinezuur. Kruschen Salts

spoort Uw afvoerorganen zacht maar zeker

aan tot regelmatige werking, waardoor alle

schadelijke stoffen worden verwijderd en

de oorzaak van Uw pijnen is verdwenen.

Kruschen Salts is uitsluitend verkrijgbaar bij

apothekers en erkende drogisten.

Politie. Het bericht behelsde tevens de me-

dedeeling, dat een patrouille direct de ach-

tervolging had ingezet. Er ging een week

voorbij. Toen kwam er een tweede bericht.

De patrouille was na een vergeefschen

tocht teruggekeerd....

Gedurende de volgende weken kwamen er

verschillende rapporten binnen. In het rap-

port van den Moamba-post stond, dat een

1 man, die zonder twyfel Bridges was ge-

weest, door het district was gegaan en dat

een patrouille hem om zoo te zeggen met

één uur had gemist! De beide andere rap-

porten waren niet zoo positief gesteld, maar

wél waren zij ook beiden negatief!

Er volgde nu een maand, waarin men niets

hoorde. Toen kwamen er berichten van pos-

ten, die veel verder naar het Westen lagen,

maar telkens wanneer de politie een ach-

tervolging inzette, was de voortvluchtige

reeds weer verdwenen als zij op de plaats

PINAUDÓI^DE IDEALE WIMPERCOSMETIC,

accentueert oogopslag op fraaie wijze. Door

haar speciale samenstelling doet zij de oog-

haren op natuurlijke wijze krullen. Zij veroor-

zaakt geen prikkeling, is den geheelen dag

houdbaar en volkomen bestand tegen vocht.

PINAUD 612, is verkrijgbaar in 4 verschillende

tinten, zwart - blauw - bruin en groen.

Voor een volmaakte oogen make-up brengt

PINAUD een complete set, bestaande uit:

Wimpercosmetic in tuben of vasten vorm.

Creamy Mascara, Cake Mascara, Eye-

Shadnw, etc.

PINVID

groot mod«l tube fl. 1.35

In vaftan

vorm of tub» fl. 0.35

612

Gen.-vertegenw. v, Nederland: S. Vlessing,

Carel Reinierszkade 17 — 's-Gravenhage.


WEEKMENU.

Maandag: Gehakt, aardappelen en prei ,,au jus";

tapiocaschoieltje.

Dinsdag: Stamppot van zuurkool met versehe

worst; sneeuweieren.

Woensdag: Varkensfilet, aardappelen en gestoof-

de knolraap: broodschotel met appel-

moes.

Donderdag: Kerrieschotel; sinaasappelvla.

Vrydag: Gestoofde visch, aardappelen en wor-

teltjes; rödgröd met vanillesaus.

Zaterdag: Stamppot van snijboonen uit het zout

en witte boonen; vruchtengruwel.

Zondag: Gevulde broodjes; gepaneerde kalfs-

oesters, tomaten gevuld met dop-

er wt en en ps. frites; appel pudding

met vanillesaus.

RECEPTEN UIT HET WEEKMENU

Hoeveelheid voor 4 personen.

Sneeuweieren.

Benoodigd: J^ L. melk; 14 stokje vanille; 2 ei-

dooiers; 150 gram suiker; 15 gram maizena; 2 eiwitten.

Bereiding: De melk met de vanille aan de kook

hroiK'en en laten trekken. De eiwitten zeer stijf klop-

wi hr TI Tä wi d dii mi"

JUJUJJJÜJtVJJk3k3JU*m

n FRAAIE BUSTE

BINNEN 2 a 3 WEKEN

Geheel nieuwe verbeterde methode

van Mevr. KOESMARILI WEDONA

GRATIS AANBOD De methode is uitsluitend uitwendig,

geheel onschadelijk en beslist doeltreffend.

U behoeft geen specialen leefregel te volgen, geen oefeningen te maken.

Deze methode wordt in Ned. Indië met volledig succes toegepast en is het

geheim van de Balineesche danseressen. Indien Uw buste niet voldoende

ontwikkeld is, vraagt dan onmiddellijk gratis inlichtingen omtrent

BUSTE-VERSTEVIGING en BUSTE-ONTWIKKELING

Gratis aanbieding voor lezeressen van dit blad. Schrijft per omgaande

voor volledige inlichtingen en U ontvangt een interessante brochure

met foto's, in blanco gesloten enveloppe toegezonden. (Postzegel voor

antwoord bijvoegen.) Het adres is:

Mevrouw KOESMARILI WEDONA

Postbox 47 - Afd. J3 M. - Den Haag

_M

2. Bekoorlijk nachthemd van lichtblauwe

rijde, sluitend met een patte van marine-

blauwe zijde, met lichtblauwe knoopjes. Plat-

stuk met vierkante halsuitsnijding. Ceintuur

van marine-blauwe zijde.

Benoodigd: 3.75 M. van 0.80 M. breed.

LINQEmE

3. Nachthemd van lichtgekleurd crêpe de

Chine, bewerkt met open naden. Opgewerkte

zakken. Mouwen met manchetten, sluitend

met knoopen van stof.

Benoodigd: 3.75 M. van 0.80 M. breed.

pen en er 100 gram suiker door heen kloppen. Meteen lepel stuk-

ken stijfgeslagen eiwit ter grootte vaneen ei door de melk wentelen,

tot ze stevig geworden zün en deze „sneeuweieren" in een vlaschaal

leggen.

Van de melk, 50 gram suiker, 2 eidooiers en maizena op de gewone

wijze vanillevla maken en deze voorzichtig over de sneeuweieren

schenken.

Kerricpchotel.

Benoodigd: 400 gnyn vleeschfesten; 5 d.L bruin van jus, verdund

met water; 50 gram jusvet; ongeveer J^ eetlepel kerrie; 1 groote ui;

000 gram gekookte ryst.

Bereiding: Den fijngesneden ui met de kerrie fruiten in het jusvet,

zonder dat de ui bruin wordt. Het vocht en het fijngesneden vleesch

toevoegen en dit ongeveer 15 minuten zachtjes laten stoven. De gaar-

gekookte rijst er door roeren. (De massa moet iets vochtig blijven).

De massa overdoen in een vuurvasten schotel, waarvan het oppervlak

bedekt wordt met paneemieel, waarop kleine klontjes jusvet worden

gajegd. Den schotel in den oven stoven en er een bruin korstje aan

geven.

kwam, waar men hem het laatst had gezien.

En toen begon Lawson te begrijpen, dat

wanneer hy Bridges gearresteerd wilde heb-

ben, hy het zélf diende te doen. Het was niet

omdat hij de mannen, die hem achtervolg-

den, niet vertrouwde, Hy stelde alleen zijn

eigen plichtsbetrachting boven die van hen.

Daarom besloot hy bij de aanwijzing, die

hy het laatst ontvangen had, zélf de zaak ter

hand te nemen. Hy vroeg een onbepaald ver-

lof aan zyn chef, dat hem direct gegeven

werd, en trok er toen op uit.

Hy nam twee inheemsche politie-boys mee

en een pakpaard, waarop een tent en de

noodige proviand geladen waren. Binnen vyf

dagen was hy in Kately, waar men Bridges

voor het laatst gezien zou hebben. Het was

een kleine nederzetting, met een politiepost,

welke uit een korporaal en twee troopers

bestond. Hun laatste inlichting over den

man, van wien zy veronderstelden dat het

Bridges was, kwam uit Katama. Hy zou daar

gezien zyn door een inheemsch hoofdman.

Lawson beval den korporaal en een troep

van zes politie-boys om naar het Westen

te trekken en daar op een aangewezen

plaats op nadere instructies te wachten.

Toen, na een uur gerust te hebben, trok hy

er zelf ook op uit. Hij kwam den volgenden

avond te Katama aan. Maar hy hoorde toen,

dat de plaats waar men den blanke had

gezien, Polweli was, drie dagen verder naar

het Noordwesten. Lawson trok er direct

heen. Toen hy er arriveerde, kreeg hy zyn

eerste definitieve inlichting omtrent de

identiteit van den blanke. Ze spraken van

een man met een baard, die vyf dagen ge-

leden, uitgeput en ziek, in de nederzetting

was aangekomen. Hij had om voedsel en

onderdak gevraagd. Na twee dagen gerust te

hebben, was hy weer vertrokken naar een

streek, die om dezen tijd van het jaar niet

veilig was om door te trekken, wegens de

groote schaarschte aan water.

Afgezien van den baard, klopten de be-

schrijvingen die de inheemschen gaven vol-

komen, zoodat Lawson er van overtuigd

was, op het goede spoor te zijn. De beide

politie-boys, die hem vergezelden, waren zoo

uitgeput, dat hij ze moest achterlaten, n§

hun te hebben medegedeeld dat, indien de

korporaal kwam, deze hem direct moest

volgen.

Hy sliep dien nacht op den barren grond

bij het laatste water, voordat de woestijn,

zoo gevreesd door de inheemschen, begon.

Hier vond hij de asch van een vuur, en

bepaalde teekenen die er op wezen, dat een

andere blanke de plek twee dagen tevoren

ook een geschikte plaats om te overnachten

had gevonden. Een gids uit de nederzetting

had hem tot zoo ver begeleid. Toen Lawson

wakker kwam, merkte hy evenwel, dat de

man was verdwenen. Hij merkte echter ook

nog iets anders: dat zijn hoofd verschrikke-

lijk pyn deed, en dat hij waarschijnlijk een

hevigen aanval van malaria zou krijgen. Met

behulp van een kroes koffie werkte hy de

noodige kinine-tabletten benevens twee be-

schuiten naar binnen. Den vorigen avond

had de inheemsche gids hem het pad ge-

wezen, dat naar het Westen leidde. Dertig

mijl verder weg was er, zoo had hy'in zyn

typisch dialect verklaard, een soort poel

tusschen twee ronde kopjes, en twintig mijl

nóg verder weg een andere poel, die de

Poel der Bevredigde Verlangens werd ge-

noemd. Het waren de twee eenige plaatsen

in de woestijn waar zich water bevond. Als

men hen niet vond, zou dit een zekere dood

beteekenen.

Laat in den namiddag bereikte Lawson

den eersten poel. Hij voelde zich toen ern-

stig ziek; zijn paard was kreupel, maar zyn

blikken waren nog helder en zyn oogen

zochten nog onafgebroken de vlakte af naar

sporen van een menschelyk wezen. Hij vond

echter niets dan wat uitgedoofde asch en

een plek in het gras, waar waarschijnlijk

een man geslapen had.

De waterpoel zelf was weinig meer dan

een viezige, natte plek in de dorre zand-

vlakte. Lawson liet er zyn paard drinken;

zette wat koffie, nam nog eenige kinine-

tabletten en legde zich toen in het weinige

gras dat er om den poel groeide. Hy had

geen trek in eten, evenmin als den volgen-

den ochtend, maar hy dwong zich toch een

paar beschuiten naar binnen te werken.

Daarop vulde hy zyn veldflesch en de beide

waterzakken van zijn paard.

Terwyl hij langs het schijnbaar eipde-

looze pad reed, onder de stralen van een

laaiende zon, die loodrecht boven zyn hoofd

stond, wist hij, dat hy ernstig ziek was.

Maar hy wist ook, dat twintig myl verder

naar het Westen de poel lag, welken de in-

heemsche gids den Poel der Bevredigde Ver-

langens had genoemd, en dat by dien poel,

of in ieder geval ergens in de buurt er van,

de man zich moest bevinden dien hy zocht

— een moordenaar, die door de wet ter dood

was veroordeeld, een vluchteling voor de

gerechtigheid! En geen oogenblik kwam er

in zijn koortsig brein de gedachte op, de

achtervolging te staken.

Kort na het middaguur viel zijn paard

dood onder hem. neer. Hij had geen over-

matige inspanning van het dier gevergd.

Klaarblijkelijk was het aan zonnesteek ge-

storven. Lawson klopte tegen den nog tril-

lenden nek, haakte zyn veldflesch en zijn

reserve-bandelier met patronen van het za-

del en vervolgde toen zijn tocht. De beide

waterzakken waren kapot gegaan tijdens

den val van het paard, en het kostbare vocht

was er uitgeloopen om direct weg te zinken

in het droge zand. Maar zyn eigen flesch

was nog gevuld en hij wist, dat hy meer

water zou kunnen krijgen aan den Poel der

Bevredigde Verlangens.

Een myl zoowat liep hy tamelijk flink

door, want zyn beenen waren door het rij-

den niet vermoeid, maar langzamerhand

was het alsof de pyn uit zyn schouders en

njaag naar zyn beenen en voeten zakte. Of-

schoon hij zich bewust was van het gevaar

dat dit meebracht, was hij verplicht na ver-

loop van een uur zijn dorst met het water

uit zijn veldflesch te stillen. Hij had vol-

doende zelfbeheersching om alleen maar te

spoelen en het kwalijk smakende, groenige

vocht uit te spuwen. Den volgenden keer

dronk hij echter, en toen voelde hij zich op

slag veel zieker worden.

Maar toch deed zijn vaste besluit den ont-

snapten gevangene te arresteeren hem ver-

der gaan, en tegen dat de schemering viel,

ontdekte hij op een myl afstand zoowat eeni-

ge boomen, die er op wezen, dat er dicht in

de buurt water moest zijn. Het was een

klein boschje donkere boomen, die scherp

afstaken tegen den nog lichten westelijken

hemel. De Poel der Bevredigde Verlangens!

Het zien van de boomen zette hem aan tot

een laatste bijna bovenmenschelijke krachts-

inspanning; hield de crisis van zijn ziekte

als het ware tegen. Toen hij den eersten der

boomen had bereikt, liep hy hoog opgericht,

was zijn geest volkomen helder en- hield hij

zich op alles voorbereid! Voorzichtig als

een luipaard sloop hy tusschen de boomen

door naar den poel. En toen snelde hy met

een zwakken kreet plotseling vooruit en

- 25-


wierp zich op de knieën naast een

man die in het midden lag van bet-

geen eens de Poel der Bevredigde

Verlangens was geweest, maar wat

nu niet meer was dan een ronde

plek gebarsten, droge aarde, zoo

droog als de woestijn zelf!

Hü drukte zyn oor tegen de

borst van den man. Met een korten

ruk draaide by hem om, en keek in

zijn gezicht. Het was Bridges.

Dood!

Neen; hij was niet doodIHij haalde

nog adem; bij leefde nog. Zijn oogen

waren nu half geopend; zijn lippen

bewogen. Er ontsnapte een nauwe-

lijks hoorbaar geluid aan....

„Water water "

Water. De band van den sergeant

ging naar zijn nog half gevulde veld-

flesch en op dat oogenblik redeneer-

de hij misschien voor den laatsten

keer normaal! De poel was droog.

Zijn ziekte werd ernstiger. Zijn eigen

dorst verschroeide hem de keel. De

veldflesch bevatte nauwelijks genoeg

water om hem zelf in bet leven te

houden tot de korporaal zou komen.

Indien bij het deelde met Bridges,

zou hij misschien diens leven red-

den, maar tevens zou zyn eigen

leven er zeer stellig door in de

waagschaal worden gesteld. Maar

tevens zou hij bet leven van Bridges

redden, opdat by gehangen kon

worden

En het was tóen dat zyn plichts-

gevoel, dat hem altijd als bet ware

tijdens zyn diensttijd had voortge-

stuwd, tot een soort emotioneelen

waanzin werd. Het laatste restje

normaal bewustzijn scheen hem te

hebben verlaten.

Zou Bridges, een moordenaar —

terdoodveroordeeld — stervend van

dorst — toch nog op het laatste

moment aan de wet ontkomen?

Neen — neen!

Hy greep zyn veldflesch en haalde

er den stop af. Hy boog zich over

de roerloos liggende gestalte. Hy

hief het hoofd op en bracht de

flesch naar de gebarsten, verdroog-

de lippen.

„Drink!" zei hy woest. „Drink!

Drink! Je kunt me niet ontkomen. Bridges!

Je zult je vonnis niet ontloopen. Je kunt de

politie niet ontkomen. De wet moet gehoor-

zaamd worden."

Bridges opende zijn mond. Hij probeerde

te drinken maar stikte bijna in den eersten

slok. Hy stak zijn droge tong uit, het water

liep er langs tot hy het eindelijk met diepe,

langzame teugen naar binnen wist te

werken.

„Ik zal je mee terugnemen. Bridges!" zei

Lawson toen de ander genoeg gedronken

bad. „De wet is de wet. Ik neem je levend

met me mee terug."

Maar Bridges was reeds te vpr weg om

hetgeen Lawson zei nog te kunnen begrij-

pen. Hy voelde niet dat Lawson hem aan zyn

eigen linkerpols boeide, en evenmin was by

zich bewust van de diepe stilte die er opeens

viel...."

Zoo lagen de beide mannen daar, roer-

loos en zwijgend, by den Poel der Bevre-

digde Verlangens

„Het was niet lang na bet aanbreken van

den dag dat wy u vonden," vertelde de kor-

'iPaar dat is goed gelukt!'

Dat I« >ooi» tic eer^lt' maal in vijfjaar,

dat ccn grootc vogel, die in den oven is gebraden,

zóó mooi is geworden.

Zij vroeg het Unilever Voorlichrings Instituut (U.V.I.)

om raad en volgde het gegeven advies trouw op.

Doe zooals zij en vraag bij voorkomende gelegen-

heden om raad in huishoudelijke zaken aan het U.V.I.

#W ij helpen gr a t i s, gauw en g o e d*

Schrijf aan. Mevrouw Lotgering Hillebrand

+ U.V.I 4-

UNILEVER VOORL1CHTINGS INSTITUUT, POSTBUS 1, ROTTERDAM

poraal. „Er hing een troep gieren in de

lucht. We dachten, dat u al dood was. Ge-

lukkig had ik er aan gedacht een draagbaar

en een paar extra boys mee te brengen.

Het was echter een heel karwei om die

handboeien af te krygen. Myn sleutel paste

er niet op. U moet den uwe hebben wegge-

worpen om er zeker van te zyn dat Bridges

u niet kon ontsnappen. We hebben jullie

beiden maar direct naar den eersten water-

poel teruggebracht."

De sergeant bewoog zich op zijn draag-

baar,

„Hoe is bet met Bridges?" vroeg Lawson

kalm. „Ik herinner me niet, dat ik hem ge-

boeid heb. Ik was erg ziek toen ik hem

vond. Ik dacht, dat hy dood was."

„Dood? Hy is niet dood! Hij is tamelijk

ziek, maar hy zal er best bovenop komen!

Hij is erg taai We hebben jullie beiden

gevonden...."

„Heb je hem geboeid? Wordt hij goed be-

waakt?" viel de sergeant hem in de rede.

De korporaal kuchte aarzelend.

„Wel, ik geloof niet, dat dit nog noodig is

— in aanmerking genomen wat er is ge-

beurd."

De sergeant bief zyn hoofd op.

27

*

„Wat is er dan gebeurd?" riep hy.

„Een renbode heeft ons ingehaald terwijl

wy hierheen op weg waren. Hij had twee

brieven bij zich; één voor Bridges zelf, en

één voor de politie. Er heeft zich iets eigen-

aardigs voorgedaan in Willemsdrift. Er

werd een of andere religieuze bijeenkomst

gehouden door de Negers van het district

en toen stond er een van hen op en bekende,

dat hy dien bewusten avond Duffers had

vermoord. Bridges was net binnengekomen,

toen bij de vlucht nam.... Er is geen twij-

fel aan of die Neger heeft het beslist ge-

daan. Al zyn verklaringen en alle aanwijzin-

gen kloppen. Bridges is van iedere rechts-

vervolging ontslagen. Het was wel op het

nippertje af, hè? U heeft zyn leven gered!"

Lawson liet zich achterovervallen.

„De brief voor Bridges was van een meis-

je van June Star. Ik denk dat ze zyn

verloofde of zyn vrouw is. We hebben hier

alle byzonderheden van het geval nooit zoo

precies gehoord. Ik veronderstel echter wel,

dat zy alle reden heeft om u dankbaar te

zyn, sergeant...."

„Daar ben ik nog niet zoo van overtuigd,"

zuchtte Lawson, terwyl bij vermoeid zijn

oogen sloot....


:o

Rp

't*

rtpï

".El

ÏASKET«

rwöSïT,

X.

HHftCMHff^n

■UHi^HnrA

s^ss |

sssai


« |—4—

iï^'i

■wt riet

Comdeeïche woud

PC \/lJFLIN6CM-ATT«ACTie

!g^V C ENifc

'■'"'•^IH •_!

■pB

i^j^^K'

9it~ : yn^\

N

In het warenhuis van vader Dionne ziet men bijna

niétt anders dan vijfliAgen in alle maten en alle

uitvoeringen uitgestald.

Diep verborgen in het Canadeesche woud

van de provincie Ontario, in een land-

streek, waar taaie Fransche kolonisten

wonen, die eeuwen lang ook in hun niéuwe

vaderland hun taal en gewoonten trouw be-

waard hebben, ligt het gehucht Callander, een

eenzaam dorpje. En een eindje buiten dal

dorpje, dieper nog in 't bosch, ligt met eenice

andere huizen de woonstee van den bo •

Oliva Dionne.

Wie heeft eenige jaren geleden geweten,

wie boer Oliva Dionne was? Wie kwam ar

ooit uit de groote, wijde wereld naar de^e

eenzaamheid? Geen mensch.. . Maar heden

ten dage parkeeren er lederen dag honderd«"

auto's, en op Zondagen vaak meer dan duizend

voor zijn huis. Aan hun herkomstbordjes is hel

te zien, dat zij duizenden mijlen hebben afge-

legd om den tocht naar de woning van mon-

sieur Dionne te maken. Want. . . hij is cie

vader van de Canadeesche vijding, het wereld-

wonder, waarop Canada zoo trotsch is, alsof

de kinderen het geheele land toebehooren

Maar dat is In zekeren zin dan ook het geval:

want volgens de wet staan de kleine meisje!!

die van hun wereldvermaardheid nog tot. ^

geen besef hebben, onder het toezicht van d'-'i

Canadeeseben staat, en behalve de gelegt T

heldsbezoeken, die men hun veroorlooft, ziä"

hun vader en moeder en overige familieled';"

nauwelijks meer van hen dan de geheel«

werejd, waaraan de vroolijke vijfling door lal'

rijke foto's en films overbekend is. Dat Is T\^

prettig voor de ouders, die In hun eerste blijd-

schap, dat de staat de zorg voor hun kinderen

Een der huizen, die in Callander als kramen »Pi

een kermis uit den grond schijnen te zijn opgerez " [

Ze zijn van onder tot boven met allerlei „red''!

mes" voor de vijfling bedekt, terwijl men er s ■"''

venirs te kust en te keur kan koopen.

REPLICAOFTHE

ORiGINALBASI£T'

TWEBABIESWERE

.V ^

Veel authèntieks hebben de talrijke „bakers" niet aan te bieden, maar de meeste

hebben een „origineele imitatie" van het mandje, waarin de vijfling na de ge-

boorte werd gelegd.

op zich zou nemen, alles onderteekend hebben

wat men hun voorlegde. De staat heeft intus-

schen zijn woord gehouden; voor het welzijn,

hun materieele veiligheid en toekomst wordt

op de beste manier gezorgd, maar dat kan den

ouders tóch niet het gevoel ontnemen, dat hun

vijf kinderen „eigenlijk" niet meer van hen

zijn, dat hun verpleegsters hen beter kennen

dan hun eigen ouders.

In dezen toestand vindt vader Dionne slechts

een schralen troost in het feit, dat zijn mate-

rieele omstandigheden zich met den dag ver-

beteren. Hij is namelijk eigenaar van een wa-

renhuis geworden, want een „handel in souve-

nirs" kan men den winkel werkelijk niet meer

noemen, dien hij tegenover het verblijf van de

kinderen heeft opgericht en waar men popjes,

steeds vijf bij elkaar, in de ongeloofelijkste vor-

men en uitvoeringen kan koopen: op de origi-

neele grootte; netjes naast elkaar liggend in

een wiegje; van zeer klein formaat, om op de

borst te dragen of op een wandelstok te prik-

ken; als mooie gekleurde plaatjes, of hoe men

ze anders maar wenschen kan. Daarbij kan

men nog vlaggetjes voor op den auto of de

fiets uitzoeken, koffer-etiketten en petten, waar-

Tweemaal per dag mag de vijfling in de „Nursery", het huisje waarin

zij verpleegd en verzorgd worden, bezichtigd worden. Reeds uren te

voren begeeft er zich een lange file nieuwsgierigen heen, die, als de tijd

eenmaal daar is waarop de toegang wordt verleend, zich zoo haastig

mogelijk door de nauwe deuren tracht te persen.

Bk " 41

.

op trots geschreven staat: „Ik heb de beroemde

vijfling gezien"! Kortom: de souvenir-industrie

viert er hoogtijl Bovendien kan men er (en dat

is voor de rasechte Amerikanen vooral zoo

verleidelijk!) echte Engelsche stoffen en porse-

lein koopen, terwijl vader Dionne als hij in de

vereischte stemming is, ook handteekeningen

geeft. . .

Hij dient echter ook op zijn qui vive te zijn,

want de concurrentie is groot! De omgeving

van Callander moet namelijk, zoo lijkt het den

naïeven vreemdeling althans, omstreeks den

tijd dat de vijfling het levenslicht aanschouwde,

hoofdzakelijk door „bakers" bewoond zijn ge-

weest, want hoeveel van hen stellen niet in de

huizen, die als kramen op een kermis rond de

„Nursery", de woning der kinderen, zijn op-

geschoten, „nauwkeurige imitaties van het eer-

ste origineele luiermandje" ten toon, verkoo-

pen er geen souvenirs en briefkaarten en geven

er geen handteekeningen aan ieder, die er een

kleinigheid voor over heeft! Voor hen was de

vijfling inderdaad een geschenk van den hemel,

en men kan niet zeggen, dat zij het niet exploi-

teeren. Heel Callander staat door hen als het

ware in het teeken van de vijfling!

~JmWm tt é-ivm

\&éi

&>&* l

Een der bakers, die autogrammen uitdeelen, prentbriefkaarten verkoopen en

op deze manier iets van den stroom der welvaart, die plotseling over Callande

is gekomen, in hun zak weten te doen verdwijnen.

Van heinde en verre komen de

auto's naar Callander om het

oord, waar de vijfling is geboren,

te bezoeken. Er zijn er bij, die

daarvoor duizenden mijlen heb-

ben afgelegd!

t y

O ^

^AWAIllS^i

66-0 hfeta

^


. Peter had de doos bjjna bereikt, toen Dot hem

toeriep, dat er een krokodil aan kwam zwemmen.

Peter kwam dadelijk naar den kant toe, en de doos

dreeft zachtjes verder met den stroom mee. Terwijl

de jongen zich aan het gras opheesch, tuurde mijnheer

Benn scherp naar den krokodil.

♦. Hij zette een zeer vastbesloten gezicht, toen hij

den motor aanzette en het toestel de lucht inging.

Daarna vloog hij de rivier op in de richting, die de

doos had genomen. Het was een stoutmoedig plan,

dat hij wilde uitvoeren, maar er was een kleine kans,

dat het succes zou hebben.

7. Plotseling begreep Dot wat haar broertje wilde

doen. Ze liet „De Zilveren Ster" zoo ver zakken, dat

de wielen het water raakten. Terwijl hij over den rand

van den vleugel hing, kon Peter de doos zien, die nu

vlak bij den val was. Hij strekte voorzichtig .maar snel

zijn arm uit.. .

P^WVtREN STêQ

DE VLIEGAVONTUREN VAN PETER EN DOTVervoi^E^? C*f c^ ^i

2. Het beest dreef nu ook naar den oever. Mijnheer

Benn nam een langen stok en raakte daarmee zijn rug

aan. „Het is geen krokodil," zei hij. „Het is maar een

stuk hout." Peter en Dot keken elkaar teleurgesteld

aan. Nu waren ze de doos kwijt en het was niet noodig

geweest.

5. De doos dreef snel naar een waterval, toen ze haar

eindelijk in het oog kregen. Toen wendde de kleine

piloot zich tot zijn zusje. „Vlug, geef mij het net," zei

hij bijna ademloos. Verbaasd haalde Dot het vlschnet

te voorschijn, dat in een kastje in het toestel was op-

geborgen.

*■ ...en slaakte een zucht van verlichting, tuen de

doos keurig in het net terechtkwam. Dot liet het toe-

stel snel omhooggaan. Peter klauterde toen behoed-

zaam de cabine binnen. Gelukkig, dat was gebeurd

Dot was even blij als haar broertje en ze zette de doos'

roeteen op een veilige plaats.

S. Da kaart, die de ligging aangaf van het eiland

waar hun vader gedwongen was geweest té landen

was nu ook verdwenen en er was geen kans haar nog

terug te krijgen. Maar Peter gaf den moed niet op.

Hij nam zHn zusje bij den arm en voerde haar zwijgend

mee naar hun vliegmachine.

6. Peter zei haar de stuurinrichting over te nemen en

zoo laag mogelijk over het water te vliegen. Het kleine

meisje schrok geweldig, toen ze zag, hoe Peter het

cabine-deurtje opendeed en voorzichtig naar buiten

stapte om plaats te nemen op den vleugel van het

dalende vliegtuig.

9. Nu de kaart weer in veiligheid was, besloten :■:■ ■ ■ .■'•':'.'■: ■•:

..-. :.^-,v.v.v.-.-.-,v.-.-.-.-. •,■.•.-.■ ..•■•

Onopgeloste zeep

vernielt ïijjne weelac

Lux houdt de kleuren fris e

helder en maakt Uw goed

weer als nieuw, want

mtSYBN ' Y

■ ^:> : :''

lEDAM

VOOR SLECHTS l'A CENT

noodig om deze annonce uitgeknipt in open enveloppe ais drukwerk

aan ons op'te zenden, ontvangt U uitvoerige brochures over het

HERSTEL VAN uw HAARGROEI

Vermeldt uw naam en adres op de achterzijde der enveloppe en

R.d.Vr. adresseert aan :

Dr. H. MANNING'S Pharm. Fabriek N.V., DEN H4AG

Lux lost 5 maal zo dug op ah

gewoiu vernnmlers en zeepvlokken.

Ze is zelfs oplosbaar in koud water! Met

Lux hoeft U niet bang te zijn, dat er scha-

delijke, onopgeloste zeepdeeltjes in hel

goed achterblijven, die het weefsel aantas-

ten en vernielen of de stof doen krimpen.

Wat heeft U b.v. aan een jumper met frisse

kleuren en een aardig model, als ze niet

mooi blijft in de was? Was daarom al Uw

fijn goed in Lux, dan kan U er zeker van

zijn, dat het weer als nieuw wordt.

Lux is uiterst zuinig! Het gewone pak kost

slechts 12 1 . et. en U kan er^BPBC zijden

kousen mee wassen! Het reuzenpak kost

25 ct., terwijl elk pak nog een bon 'voor

geschenken bevat.

Bovendien bevat het gewone pak Lux een

breipatroon, het reuzenpak 2 breipatronen!

Lux wordt nooit los verkocht

Losse zeepvlokkeii^ngeenLux_

Verliest haar dikte

20 pond... in 10 dagen.

Nieuwe, veilige vermageringskuur in vloeibaren vorm.

Eet flink - Neemt toch snel of !

„Ik icon zóó bmiii om teleiirgmteld te

worden, dat ik mijn flesch BonKoni de

eerste drie dayen niet durfde te yebrniken.

Ik woog mij toen de eerste flesch leeg was

en zag. dat ik wel 20 pond lichter was ge-

worden. Van 117 op 157 pond in 10 dagen.

Over de buste was ik 10 cM smaller ge-

worden en over de heupen 9 cM. Ik droeg

4 maten kleinere japonnen. Mijn consti-

patie en indigestie verdwenen en mijn huid,

die geel was, is lichter geworden. Ik ge-

voel mi) best". D. HESS.

Er is geen excuus tipót cvertolllge dikte. Ve'c

menschen beproefden endere midde'.en zon-

der één pond at te nelmen. Toen zij BonKora

- de nieuwe, prettige vermagerlnfjakuur in

vloeibaren vorm - gebruikten namen zij snel

in gewicht af. Een dame verloof 37 pond in

5 weken.

Neemt of door de

„3 graden" kuur

Drievoudige werking, drievoudige .snelheid.

Neem lederen dag een weinig BonKora om

vetaanzettingen en vocht uit Uw weefsels te

verdrijven. Eet smake'Uk zooals ook in de

brochure bij elke flesch Bon Kora wordt aan-

geraden. Wanneer U Uw normale, gezonde

gewicht terug hebt, neem dan niet verder af

en behoud Uw nieuwe slanke figuur. Geen

gevaarlijke bestanddee'en in BonKora. Bon-

Kora bouwt gezondheid, terwijl het overtollig

vet verwijdert. Begin direct met BonKora,

de nieuwe, snelle en prettige vermagerings-

kuur in vloeibaren vorm. — Let op de

verbazingwekkende resultaten. Verkrijgbaar

bij alle apothekers en erkende drogisten

ü f. 2.26 per flacon.


H U M O R

„Ga je opzij, kerel I Anders mis ik mijn trein I

i, , \"k

„Nou, en ik zeg je, dat het taai is - en de klant heeft altijd gelijk I"

.aa^z^teVZ ^Ü"/" 90 °' , ; aar . verl8 ",9 d om -Neen, vrouwtje, er zit geen zaag bij de ge- , Hé, mijnheer, u hebt den verkeerde meege-

naar zee te gaan en de w^eld te zien... reedschappen in den autol nomen 1"

.Slop! Stopl Je bent er al DE VERSTROOIDE BEELDHOUWER ,,En hoe heet dat dier nou met al dlestruisveeren?"

Woorden van Annie de Hoog-Nooy

Zeer vroolijk

•f %

EEN LIEDEKE * © e

Muziek van Charlénry

pi p m P ^ P IP ^ I >)+^ ^ P M r ^ p I p p ^P P ;) ^ ^) i

■thz

Kom zing met mij een lie-de-ke Een lie-de-ke van 't Ie - ven Een lie-de - ke dat vroo-lijk klinkt Doch

zing met mij een lie-de-ke Een lie-de-ke voor't he-den,Dat in der mcn-schen har-ten dringt... Een


t

* 4 •

^^

ê

M ê

EINDE.

ê i

T

Crescendo

$ j, | h p^=t^| p ^A^vh p|pi^ P P IP? i \

PE

troost en kracht kan ge-ven. Kom zing met mij een lie-de -ke, Een lie-de - ke vol blij-heid Een lie-de - ke uit

lie- de- ke van vre-de!

T3f

ï^

T T

//

t

EINDE,

^ p ^ j) ^ i Ji /< j) p ?

W 3^5 f

ê

s

Crescendc

8

II

a^ ^^

^^

I, piP^PplM ^^^p J)|r'p pj

tot het

teeken^

volle borst Van vreug-de en vah vrij-heid Een lie-de-ke uit vol-Ie borst Van vreugde en van vrede. Kom BC

M

S ê

^^

t....t

EEEÉ

//st RamBlars Dans (SrAcsé-:

S P^

i

JfZÏJMlie fUOVen en tyrn/ct/tnaa/TlMim

Zij ZOnOXOO mooi dt tweede iStsm

■fyOa dochter vandenfl*rMaiU.3ff


0*., i

*-

• 1

^ * ; '' J

L

gf

^r

k ^

^ |

Tl

bk , 1 Anita «a d«

^" ■»•»Pt.

m i *

/-

BL ^1 / 5

^5 i

^k' ^B Sb

I II u

■trotM

apllchteil

f

^.-

„ > !

DE FAT

Retour a I'Aube.

Naar een novelle van Vicky Ba

Regle: Henry Decoin.

Rolverdeeling

Anita I D

Karl Ammer

(Sociétaire de la Co:

Na de begrafenis en de formaliteiten bij den

lotaris, gaat Anita naar de bank om de cheque,

Europa-fil-iie de notaris haar gegeven heeft, te innen. Met

iet geld op zak, begeeft zij zich weer slenterend

. loor de winkelstraten naar het station. De lok-

Pi n! :ende winkclramen fcrljflcn haar weldra In hun

«erre ui )an Ten ^^ bj.{t ^ als betooverd voor de

p.. ^«cu.uc uc 1B ^.««e Francais, !tal van e^T^emagaïita staan. Een

J?" • '■ bS^ M. '«chöfle japon heeft haar aandacht getrokken.


iHet huwaiqk van Karl

1 Ammer, d»n »tatlon«-

|ch«l. >B Anita.

I^.^■.:;Ä;;■ f-' «S^ P^fit'an dit juweel. Men verlangt er echter een

fe^rt. " ^«lÄ dein kapitaal voor en ontzet verlaat Anita den

Commissaris Marcel Delalt ^^j ^ ^ de ^^^3 te k^en, dat zij

Heel Thaya, een klein plaatsje in Hongarije, heeft zich opg »a «lechts enkele minuten heeft voor haar trein

maakt om het huwelijk van Karl Ammer, stationschef ««rtrekt. Zij neemt een taxi, doch mist den trein,

dus een notabele van het plaatsje, met Anita té vieren. E< ^ keert zij terug naar het modemagazijn en

jaar lang zijn zij gelukkig tot de groote exprestreln „no. 475" zi «*>Pt «T de japon, die haar zoo bekoorde. Maar

infrede doet In het rustige dorp. Tot dan toe had geen epke '"de Weeren laat zij inpakken, de nieuwe houdt

exprestreln zich verwaardigd om in dit dorp te stoppen, ««dj aan.

tot verdriet van de beeren Osten, die een kasteel In de nabijhei Gekleed als voor een feest loopt zij door

bewonen en die tevens de eigenaars zijn van een groote paple Boedapest, totdat «oeheld en honger haar over-

fabriek. Ten slotte zijn echter de spoorwegautoriteiten voor h< mannen en zij een apotheek binnengaat wn wat y .

aandringen van de beeren Osten Jezwich? en hebben zij er i»P haar verhaal te komen. Daar schle haar ^ btaen dat zij Osto ^ kw b^ w^

toegestemd, dat tweemaal per dag een groote sneltrein tan e nu zij een nacht in^Boedapest moet bÜJven, weet zij niet wat zij moet beginnen. O.ten kan

naar Boedapest In Thaya zal stoppen. haar mlsschie^ met raad en daad bijstaan. u 1 1 A^M^ —,

Deze expres brengt een vleug van het groote-stadsfeven i Inderdaad komt^ Osten haar halen neemt haar mee ^J"af»^ «" «f 1 ^«' ^

het dorp. De weinige minuten, dat de trein er stopt, kunnen dspeelzaal. De groote stad heeft Anita opgenomen en zij le ^ a ^ «" ^^X«.

wachtenden op he? perron zich vergapen aan de beeren e^lenver uit haar gedachten, is «lechts een kleine stip aan d " ^f^' ^°a de . y* 6 '

dames. die met een verveeld gezlch? St de coupes bange.tafel wint zij een bedrag, dat haast gelijk Is aan de erflnls, ** ^ *^ dd »8 h ^ ° n *;

zich afvragend, waarom de trein In dit gehucht stilhoudt. A^it; vangen. Bewonderaars heeft zij te over. Doch plotseling wordt ^ f J^erd door een

die (want dat hoort nu eenmaal bij een ..belangrijk" station gezicht, dat haar zeer bekend voorkomt. Ook de «^^J« 1 b"' * he'ke^n ï^tomt

met dagbladen, fruit en bonbons langs den trein vent. kan nta op haar toe. spreekt haar aan. Dan herkent zij hem. Zij heeft hem ^ r «et .eerst fl«*tttt

mer genoeg krijgen van al de luxe. die zij daarbij te zien krijg Thaya..Hli stond voor het coupé-venster en zij op bet perron enjdj w^s gefasdtaeerd

Een vrouw in een modieus toUet brengt haar In den zevende door het knappe uiterlijk van dezen man, die in alles een genüepian was. Toen h^ tegen 1

hemel en de mannen zijn heel wat knapper dem de mannen va lachte en haar een kushand toewierp, wist zij dat zij dit gezicht nimmer meer zou kunn

haar dorp, haar Karl Inbegrepen

vergeten. Bn nu zijn zij samen, sluiten vriendschap en spreken af, dat Anita hem dien?

Zij heeft lust om ook eens naar Boedapest te gaan. doe avond In het Grand Hotel zal ontmoeten. Nu bestaat er voor Anita to het geheel

Karl Is een man met een ..verantwoordelijke positie" en kan nimmer op rei! ^geen Thaya en geen Karl Ammer meer. Zij spreken over de verre reizen die zij

Doch op een goeden dag krijgt Anita bericht, dat haar tante Is overleden e samen zullen maken naar vreemde landen, met expres-treinen, die het behaar

een erfenis van 8000 francs heeft nagelaten. Nu moet zij wel naar Boe neden hun waardigheid achten om In zulke kleine dorpjes als Thaya

dapest om tante de laatste eer te bewijzen en de erfenis In ontvangst te nemer te stoppen.

Daar Karl niet mee kan, moet Anita ..de groote reis" alleen 'ondernemen. Kai Plotseling wordt er zwaar op de deur geklopt De vreemde

geeft haar duizenden raadgevingen mee. bezweert haar, dat haar niets ka schrikt De politie komt hem arresteeren. En ook Anita wordt

overkomen, dat zij slechts zes uur in Boedapest hoeft te blijven en dat zij da gevankelljk meegevoerd. Men heeft Immers In haar handtaschje

weer met den expres naar Thaya terug kan keeren, doch Anita voelt zie een kostbaar diamanten halssnoer gevonden. Zij weet niet

toch niet op haar gemak.

dat de vreemde dit daarin heeft gestopt om het zoodoende

In alle vroegte komt zij in Boedapest aan. Op het perron ontmoet zij d op een veilige wijze uit de speelzaal te smokkelen. Zij

heer Osten Jr., die haar een plaatsje In zijn taxi aanbiedt. Hij belooft haa weet ook niet, dat hij het plan had om er heimelijk met

zelfs de stad te laten zien, wanneer zij tot 's avonds kan blijven. Anita mee het collier en haar geld vandoor te gaan.

echter 's middags al weer terug, dus kan zij zijn aanbod niet aannemen. De politie onderwerpt haar aan een streng verhoor.

Men beschouwt haar als een geraffineerde medeplichtlge

van den lang gezocht en hoteldief. Men lacht om.

haar antwoorden, wanneer zij beweert de vrbuw

te zijn van den stationschef van Thaya. Als men •

.-.w

echter naar Thaya wil opbellen, bezweert Anita

Anita wordt door den

den commissaris dit niet te doen, daar zij haar man

commissaris verhoord.

geen verdriet wil aandoen. De commissaris zal niet

elefoneeren, op voorwaarde, dat Anita Alles bekent.

En dan bekent zij, alles wat men van

haar verlangt. Dat zij het collier gestolen heeft,

■ /,.

dat zij een medeplichtige van den hoteldief la, al-

r%

les als men maar niet opbelt naar Thaya.

Plotseling schiet haar echter den naam Osten

te binnen. Osten kan haar helpen. Osten kent

haar, Osten kan getuigen, dat zij Inderdaad

de vrouw van Karl Ammer Is. En inderdaad

brengt de getuigenis van Osten haar onschuld

aan het licht. —, --A

Anita Is weer vrij en kan naar Thay«^

terugkeeren. De gebeurtenissen van dien fa- -

talen nacht hebben haar echter

te zeer aangegrepen. Karl begrijpt

haar toestand niet. Met angst en

(9

beven heeft bij op haar terugkeer

gewacht Anita kan echter geen

verklaring geven. Dan denkt Karl,

de nuchtere dlenstman, dat zij

:3|

%

^ *

w 5 «!

SiVÄlfc

^%è # v

'

y

w mm

' tronken geweest

1 imllie hair dien nacht .

I e« hetft flfhoudeo. dat: .

t «In to step tft gevalko

«Ik* wat zl) ou vertelt, .

ets #00» moe« fcA*>en

■fd. «Had me »Heen «»ar (

>gebdd)" to 00« het eenige

ijl «bO#4iiMr maken kan.]

Ittä

'——.

iiy 'lÉki

|«Ufc

ORIGINEtL IS

MOEILIJK TE LEZEN

ORIGINAL IS

DIFFICULT TO READ


KATHARINE

ÏPBURN IN DE

lOLUMBIA-FILM

HOLIDAY"

HET WEEKBLAD

CIMEMA5.

THEATER

VIMCHIfNT WKKILIIK» - Haß «« KWAHTAia ». IJ» - MB. ■»•

ASM. NOOMMINOI «. LMMN. TIL. TM. rO«TW«B

More magazines by this user
Similar magazines