BELOOND WORDEN MET EEN VERGEZICHT VAN 150 KILOMETER

academischereizen.nl

BELOOND WORDEN MET EEN VERGEZICHT VAN 150 KILOMETER

Rondreis

Reizen in onherbergzaam Armenië

BELOOND WORDEN MET EEN

VERGEZICHT VAN 150 KILOMETER

Dat Armenië bij Europa hoort, weten we dankzij het Eurovisiesongfestival.

Maar de voormalige Sovjetrepubliek in de Transkaukasus draagt littekens,

en maakt het de reiziger allerminst gemakkelijk. D O O R K A R E L O N W I J N

3 2 2 7 F E B R U A R I 2 0 1 3 K N A C K E X T R A

Over land kun je Armenië slechts vanuit

Georgië en Iran via een paar grensovergangen

binnenkomen. De grenzen

met de twee grootste buurlanden

– Turkije en Azerbeidzjan – zitten al

jaren op slot. De toegangswegen naar de vroegere

grensovergangen zijn nu allemaal doodlopend,

overal bevinden zich no-goarea’s.

Ook reizen binnen Armenië is geen vanzelfsprekendheid.

Het land is onherbergzaam en er

zijn weinig goede wegen. Negentig procent van

het landoppervlak ligt boven duizend meter. Meer

dan vijftien bergtoppen zijn hoger dan 3000 meter,

onderweg moet je regelmatig een flinke bergpas

over. Daardoor lijkt Armenië – even groot als

België – veel uitgestrekter dan het is.

Landkaarten zijn niet altijd even duidelijk.

Voor je het in de gaten hebt, begeef je je in een

no-goarea of in een mijnenveld. Bovendien zijn

vele geografische kaarten uitsluitend in de

Armeense of Russische taal. Dat geldt ook voor

veel wegwijzers op straat.

ARMENIË OP

ZIJN SMALST

Het Spendarjanmeer

met in de

verte de grens

met Nachitsjevan.

Niemandsland

Ons reisdoel is de verkenning van de grotendeels

gesloten buitengrenzen van het land. We

komen Armenië binnen via de grensovergang

bij het Georgische plaatsje Sadachlo. Voordat we

daadwerkelijk het Armeens grondgebied kunnen

betreden, moeten we eerst nog honderden meters

lopen door niemandsland dat afgeschermd is met

prikkeldraad.

Eenmaal in Armenië rijden we parallel met de

noordoostelijke landsgrens richting Nojemberjan

en Berd. Het lijkt wel alsof de tijd hier heeft stilgestaan.

We komen regelmatig keuterboertjes

met een paar koeien tegen en herders die op een

paard een kudde schapen begeleiden. Aan de

kant van de weg verkopen mensen groenten en

fruit uit de eigen moestuin en boomgaard. De

weinige auto’s onderweg zijn vaak nog van Sovjet -

makelij.

Na een tijdje verdwijnt de Georgische grens

uit het zicht en rijden we langs de gesloten grens

met Azerbeidzjan. Steeds vaker stuiten we op


uïnes van verlaten woonhuizen die vroeger toebehoorden

aan Azeri’s, mensen uit Azerbeidzjan.

In een aantal gevallen gaat het om geannexeerd

Azerbeidzjaans grondgebied. Het verklaart

waarom onze mobiele telefoons spontaan welkomst-sms’jes

ontvangen met prijs lijsten voor

bellen vanuit Azerbeidzjan.

Het wemelt in deze omgeving van de legerkazernes.

Wanneer ik een foto maak van een Armeense

kerk, word ik direct kort ondervraagd

door een paar Armeense militairen. Op een gegeven

moment zien we op Azerbeidzjaans grondgebied

een mysterieus meer liggen dat volgens

omwonenden ’s nachts regelmatig oplicht door

schietgevechten tussen Armeense en Azerbeidzjaanse

soldaten.

Armenië leeft in zware onmin met buurland

Azerbeidzjan vanwege het conflict over de

Armeense enclave Nagorno-Karabach. Die ligt op

Azerbeidzjaans grondgebied, maar verklaarde zich

begin jaren negentig van de vorige eeuw met Armeense

militaire steun eenzijdig onafhankelijk. De

oorlog kostte aan ruim 30.000 mensen het leven.

Momenteel geldt er een staakt-het-vuren, maar er

vallen nog regelmatig dodelijke slachtoffers, met

name aan de grens tussen Nagorno-Karabach en de

rest van Azerbeidzjan.

Ook de route die wij volgen, stond bekend als

gevaarlijk. De kunstmatige heuveltjes die we tegenkomen,

wijzen nog op de aanwezigheid van

VERKOOPSTER

De lokale bevolking probeert je op de meest

onverwachte plekken iets te verkopen.

sluipschutters. De laatste jaren is het rustiger geworden,

maar toch raden westerse ambassades de

route af. Her en der liggen nog landmijnen, met

name nabij Berd. Een Armeniër uit de omgeving

vertelt dat zijn zoontje van zes hier in de jaren negentig

werd doodgeschoten door een Azerbeidzjaanse

sluipschutter. Het jongetje logeerde

bij zijn opa en oma. Hij ging wandelen en werd

neergeschoten. De vader, Karen, vertelt dat hij als

wraak meerdere Azeri’s de grens heeft overgejaagd:

‘We zetten hen in een auto en droegen

hen op zo hard mogelijk weg te rijden en nooit

meer terug te komen!’

Spijkerschrift

Toch is deze omgeving vanuit toeristisch oogpunt

aantrekkelijk, dankzij de ongerepte natuur

en de prachtige vergezichten. Zo kun je nabij het

Makaravank-klooster in noordelijke richting maar

liefst 150 kilometer ver zien. We kijken vanaf

Armeense bodem over de Azerbeidzjaanse vlakte

naar de Georgische wijnstreek Kachetië, waarachter

we de besneeuwde bergtoppen van de

Hoge Kaukasus in de Russische deelrepubliek

Dagestan zien liggen.

Het tufstenen Makaravank-klooster uit de elfde

eeuw is de parel van de vele prachtige kloosters in

deze omgeving. We komen het echtpaar Stepan en

Lusine tegen, die op uitstap zijn met hun twee kinderen

en hen vertellen over de eeuwenoude

Armeense cultuur en geschiedenis. Hun focus is de

ark van Noach op de berg Ararat, die nu net buiten

Armenië op Turks grondgebied ligt. De

Armeniërs beschouwen zichzelf als directe nakomelingen

van Noachs achterkleinzoon Hajk, wat

ook de reden is waarom de Armeense landsnaam

Hajastan luidt.

Zichtbaar trots vertellen Stepan en Lusine ook

ons over het roemrijke Armeense verleden. ‘In de

eerste eeuw voor Christus waren zelfs het huidige

Turkije, Syrië, Libanon, Iran en Irak onderdeel

LANDBOUWLAND

Op de openbare rijweg

stuit je regelmatig op

loslopende koeien.

K N A C K E X T R A 2 7 F E B R U A R I 2 0 1 3 3 3


Rondreis

MAKARAVANK

Het tufstenen klooster

is de parel van de vele

prachtige kloosters in

deze omgeving.

MIJNENVELD

Voor je het in de gaten

hebt, begeef je je in

een no-goarea.

3 4 2 7 F E B R U A R I 2 0 1 3 K N A C K E X T R A

van ons land. Helaas maakten de Romeinen daar

een einde aan. Een paar eeuwen later waren we

de eerste christelijke staat in de wereld en kregen

we ons eigen Armeense alfabet, dat we nog

altijd gebruiken.’ We komen inderdaad overal

de op spijkerschrift lijkende Armeense letters tegen.

We nemen afscheid en rijden verder in

zuidelijke richting langs het mysterieuze Sevanmeer,

dat tachtig kilometer lang is. Het ligt 1900

meter boven de zeespiegel en is een van de hoogst

gelegen zoetwatermeren ter wereld. Lokale vissers

bieden aan de kant van de weg de inheemse

forelsoort ishkhan aan, waarbij ze met hun handen

de maat van de vissen aangeven.

Vervolgens nemen we de 2400 meter hoge

Selim-pas, die vroeger deel uitmaakte van de zijde -

route. We passeren er een goed geconserveerde

karavanserai uit de veertiende eeuw. Handels -

reizigers overnachtten er met hun kamelen. Kort

daarna stappen we over in een jeep en rijden

over een extreem steile weg zonder vangrails naar

het vijfde-eeuwse Smbataberd-fort. Onze lokale

chauffeur, Ara, is beeldend kunstenaar, maar zegt

zijn geld te verdienen als stukadoor in Moskou.

Hij werkt daar acht maanden per jaar, net als de

meesten van zijn dorpsgenoten. Gedurende die

periode moeten zijn vrouw en kinderen het dus

zonder hem stellen.

Boven genieten we van een fantastisch uitzicht,

waarna we onze weg in zuidelijke richting

vervolgen. Al snel steken we weer een bergpas

over – de 2344 meter hoge Vorotanpas – en rijden

we richting Goris. We bevinden ons opnieuw in

de buurt van de landsgrens, nu zelfs aan beide

kanten van de weg. De bergkammen die we in

het zuidwesten zien, vormen de grens met de

Azerbeidzjaanse enclave Nachitsjevan. En de

bergketen in het noordoosten hoort bij de enclave

Nagorno Karabach. Tussen beide grenzen

zit slechts 30 kilometer Armeens grond gebied: dit

is Armenië op zijn smalst.

Kalasjnikov

Na Goris rijden we richting Kapan. De weg

loopt nagenoeg op de grens met Azerbeidzjan.

We komen tal van bordjes tegen met een doodshoofd

en in het Russisch het opschrift ‘Stop,

mijnen!’. Achter de bordjes zien we een verlaten

vlakte met de ruïnes van voormalige woonhuizen.

Eerder stond dit gebied nog onder Azerbeidzjaanse

jurisdictie en werden voertuigen op

deze weg regelmatig beschoten door sluipschutters.

Inmiddels is het bezet door de

Armeniërs, die er een no-goarea van hebben

gemaakt: een verboden stuk niemandsland tussen

Armenië en Nagorno-Karabach.

Het is opvallend druk op de weg. Vanwege de

vele haarspeldbochten rijden lange rijen vrachten

tankwagens langzaam in colonne. Nagenoeg

allemaal Perzischtalige nummerplaten en ze komen

inderdaad uit Iran. De uithangborden en

menu’s van de eethuisjes aan de kant van de weg

zijn eveneens in het Perzisch opgesteld, en uit de

luidsprekers klinkt Iraanse muziek. We rijden

over de enige verbindingsweg naar de grens

met Iran. Armenië onderhoudt nauwe handelscontacten

met dat land. Zo stroomt door de pijpleiding

die parallel loopt met de weg Iraans gas

en zijn hier ’s zomers vele Iraanse toeristen te

vinden. Volgens plaatselijke bewoners doen die

alles wat Allah hen in eigen land verbiedt, zoals

varkensvlees eten en wodka drinken.

Nabij Kapan passeren we een verlaten vliegveld

en stuiten we op verscheidene verlaten

spoorbanen, die abrupt eindigen op de Azerbeidzjaanse

grens. Stepan, die ons in Kapan

rondrijdt, vertelt dat hier tijdens de oorlog in de

jaren negentig zwaar is gevochten. Hij brengt

ons naar een afgelegen kerkje in de bergen, waar

hij een kaarsje brandt: ‘Hun doel (van de Azeri’s,

nvdr) was Zuid-Armenië te annexeren, maar dat

is hen uiteraard niet gelukt.’ Plotseling stroopt

Stepan de mouwen op en toont ons grote lit -

tekens: ‘Ook ik vocht mee en ben gewond ge-


aakt. Mijn kalasjnikov staat nog thuis, je weet

maar nooit.’

We nemen afscheid en rijden de laatste kilometers

tot de Iraanse grens over de oostelijke rijroute

langs de Azerbeidzjaanse grens. Wanneer

we de top van de Gomaran-pas bereiken, hebben

we in zuidelijke richting een verbluffend uitzicht

op de nog veel hogere bergen van Iran. Aan

de voet ervan stroomt de rivier Araks, de natuurlijke

grens tussen Iran en Armenië.

De natuur verandert hier drastisch: ze is dor en

grijs, op een enkele granaatappelgaard na. Niemand

woont hier. We dalen voorzichtig af richting

de Araks. Tussen onze weg en de rivier staan

grote hekken met prikkeldraad. Ook staan overal

wachttorens, bemand door Russische grenswachters.

Aan de overkant van de Araks rijden

Iraanse auto’s, aan de rivieroever zien we picknickende

Iraanse gezinnen. Aan onze kant is het

echter akelig stil. Wel herinneren een zanderige

dijk en een vervallen tunnel ons eraan dat hier in

de Sovjettijd nog een spoorbaan liep van Nachitsjevan

naar Azerbeidzjan.

De enige grensovergang met Iran ligt bij het

plaatsje Agarak, wij rijden verder naar Meghri. Dit

stadje is mooi gelegen in een diepe vallei, omgeven

door rotsachtige bergtoppen. De sfeer is er ontspannen

en doet zelfs Zuid-Italiaans aan. Maar

dat we ons in het Midden-Oosten bevinden, tonen

de fresco’s in de Sint-Sargiskerk, die nadrukkelijk

Arabische invloeden hebben.

Christelijk broedervolk

Voor de terugreis naar Kapan kiezen we voor de

westelijke rijroute langs de grens met Nachitsjevan.

Ook hier is het weer flink klimmen. Als we de 2359

meter hoge Tasjtoen-pas hebben overwonnen, dient

zich meteen de ruim 100 meter hogere Kadzjaranpas

aan. Ook na Kapan en Goris houden we zo veel

mogelijk de zuidwestgrens met Nachitsjevan aan.

Die loopt gedeeltelijk over de top van een enorme

bergketen, waar we zo nu en dan wachttorens en

militaire stellingen zien. Dichterbij zijn op sommige

plekken extra dijken opgeworpen en wegversperringen

aangebracht, als extra voorzorgsmaatregel.

Op een bepaald moment buigt onze weg scherp

af naar rechts. Recht voor ons begint de grens met

Turkije, die eveneens potdicht zit. Reden is de

Turkse steun aan broederland Azerbeidzjan en de

aanhoudende Turkse ontkenning van de Armeense

genocide. Daarbij verloren honderd jaar

geleden in het Ottomaanse Rijk meer dan een miljoen

Armeniërs het leven.

In de verte, op Turks grondgebied, zien we de

5165 meter hoge en met eeuwige sneeuw bedekte

Ararat. Op die berg zou Noachs ark zijn gestrand;

voor Armeniërs is de plek heilig. Inmiddels klinkt

uit de luidsprekers van onze auto vrolijke muziek

van de Turkse radio. Eerder hadden we geluisterd

naar de mysterieuze stemmen en muziek van de

Azerbeidzjaanse en de Iraanse radio. Buiten zien

we in de verte vooral veel prikkeldraad en wachttorens,

en vangen we zo nu en dan een glimp op

van een Turkse minaret.

We rijden langs Jerevan noordelijk richting

Gjoemri. Vanaf het plaatsje Anikajaran pal op de

Turkse grens zien we op Turks grondgebied de

nog redelijk gave ruïnes van de vroegere tiendeeeuwse

Armeense hoofdstad Ani liggen. Terwijl

we nu de Russische radio kunnen ontvangen,

komen we onderweg ook steeds vaker Russische

soldaten tegen. In Gjoemri bevindt zich een grote

Russische legerbasis: Russische soldaten zijn verantwoordelijk

voor de bewaking van de Armeens-Turkse

grens.

Onze chauffeur op dit traject heeft een Russische

naam – Joeri – maar heeft geen Russische familie.

‘Mijn vader vernoemde me naar een Russische

vriend, uit respect voor het Russische volk.

De Russen zijn immers ons christelijk broedervolk.

Ze hebben ons altijd geholpen met de verdediging

tegen onze moslimvijanden, die vrijwel

ons gehele land omringen. Zie maar, er staat

overal prikkeldraad aan onze grenzen!’

Inmiddels is de eerste open grensovergang

sinds vele honderden kilometers in zicht: we zijn

weer terug bij de Georgische grens. We nemen afscheid

van Joeri, stappen de auto uit en bereiden

ons voor op de tijdrovende grensoversteek naar

Georgië.

In mei verschijnt van Karel Onwijn een vernieuwde editie van zijn

reisgids Dominicus Georgië-Armenië, Gottmer Uitgevers Groep.

VERGEZICHT

Prachtig uitzicht vanaf

het vijfde-eeuwse

Smbataberd-fort.

De Iraanse

toeristen

komen

hier doen

wat Allah

hen in

eigen land

verbiedt,

zoals

varkens -

vlees eten

en wodka

drinken.

K N A C K E X T R A 2 7 F E B R U A R I 2 0 1 3 3 5

More magazines by this user
Similar magazines