Views
5 years ago

Activiteitenverslag 2005 - Favv

Activiteitenverslag 2005 - Favv

2.3. Federaal

2.3. Federaal Laboratorium voor de Voedselveiligheid in Luik Activiteiten van de laboratoria 189 Het laboratorium van Luik centraliseert sinds 2004 de analyses met betrekking tot de kwaliteitsparameters van dierenvoeders en meststo en. Het laboratorium in Luik heeft de analyse van a atoxine M1 in melk en zuivelproducten en de meeste bepalingen omtrent de aanwezigheid van dierenmeel in dierenvoeders overgenomen. In 2005 werd de screening van a atoxines M1 met behulp van ELISA en de bevestiging door middel van HPLC in het laboratorium ontwikkeld en in routine genomen. Een andere nieuwe analysetechniek die ingevoerd werd, was de opsporingsmethode voor bestraald voedsel door middel van gaschromatogra e in combinatie met massaspectrometrie in 2004, en door middel van thermoluminescentie in 2005. Het laboratorium ontwikkelde ook methoden voor het bepalen van bewaarmiddelen. In dit kader werd de bepaling van benzoëzuur en sorbinezuur in frisdranken en garnaal in 2005 in het laboratorium geïmplementeerd, evenals de bepaling van nitraten en sul eten in groenten, fruit en andere levensmiddelen. 2.4. Federaal Laboratorium voor de Voedselveiligheid in Tervuren Het laboratorium in Tervuren centraliseert sinds 2004 de bepaling van PCB’s, dioxines (kankerverwekkende verbindingen die vrijkomen bij bepaalde verbrandingsprocessen) en dioxineachtige PCB’s in voeders, vlees, melk, eieren, en sinds 2005 ook in vis. Het laboratorium is verder gespecialiseerd in de analyse van additieven en ongewenste verbindingen in voeders, levensmiddelen en andere producten van dierlijke oorsprong. De spectaculaire stijging van het aantal geanalyseerde monsters en het aantal uitgevoerde analyses die het laboratorium in Tervuren in 2004 kende, werd niet meer herhaald in 2005. Het belang van de analyses van vitamines, antibiotica, coccidiostatica (diergeneesmiddelen tegen parasieten) en PCB’s in voeders nam aanzienlijk af in 2005. Het aantal analyses op levensmiddelen en producten van dierlijke oorsprong steeg. Het aantal dioxinebepalingen kende een verdubbeling in 2005. Het aantal bepalingen van mycotoxines (kankerverwekkende verbindingen afgescheiden door schimmels), organochloorpesticiden en polycyclische aromatische koolwatersto en (kankerverwekkende producten die vruchtbaarheidsproblemen kunnen veroorzaken) nam ook in 2005 verder toe. De analyse van mycotoxines werd in 2005 verder uitgebreid met de bepaling van fumonisine B1 en B2 in granen en graanproducten, en van ochratoxine in dranken. Beide methoden zijn gebaseerd op HPLC- uorescentietechnieken.

Activiteitenverslag 190 3. Externe laboratoria Om met het FAVV te mogen samenwerken, moeten de laboratoria vooraf erkend zijn. Het FAVV werkte een Koninklijk Besluit uit voor de aanduiding van o ciële laboratoria en tot vaststelling van de erkenningsprocedure en –voorwaarden voor laboratoria die analyses of tegenanalyses uitvoeren in samenhang met de bevoegdheden van het FAVV. Vanaf 1 juni 2006 zal een laboratorium om door het Agentschap erkend te kunnen worden : ● moeten beschikken over een accreditatie verleend door een Belgische accreditatie-instelling of een instelling waarmee het Belgische accreditatiesysteem een akkoord tot wederzijdse erkenning heeft afgesloten met betrekking tot de analyses waarvoor de erkenning wordt aangevraagd ; ● het Agentschap in kennis moeten stellen van de eenheidsprijs van de analyses en/of van de prijs per reeks ; ● het Agentschap in kennis moeten stellen van de technische performanties dat het per analysesector kan halen ; ● de afgesproken analysetermijnen in acht moeten nemen ; ● moeten deelnemen aan interlaboratoriumtests die nationaal, internationaal of door het Agentschap worden opgezet, wanneer het Agentschap daarom vraagt ; ● geen band mogen hebben met activiteiten die zouden kunnen leiden tot belangenver- menging. 4. De referentielaboratoria De referentielaboratoria vormen de wetenschappelijke ondersteuning van het hele netwerk. Zij werden op nationaal en internationaal vlak aangeduid om de nationale laboratoria op wetenschappelijk en technisch vlak te ondersteunen. Deze expertisecentra staan in voor de ontwikkeling en standaardisatie van analysemethoden en de organisatie van ringonderzoeken als externe kwaliteitscontrole. Zij verzorgen technische en wetenschappelijke training en coördineren studies. Zij worden op hun beurt ondersteund door de Europese communautaire referentielaboratoria. De nationale referentielaboratoria hangen af van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, van het Waalse Gewest, van de Vlaamse Gemeenschap en van universitaire of publieke instellingen. Het CODA organiseerde in 2005 interlaboratoriumstudies in verband met de isolatie van ver-

Businessplan 2005-2008 - Favv
Beknopte versie - Favv
van de inspecteur en controleur - Favv
BEDERF JE KAMP NIET ! - Favv
Deel LNE-MI - Favv
Activiteitenverslag 2004 - Favv
Activiteitenverslag 2012 - Favv
Activiteitenverslag 2003 - Favv
ACTIVITEITENVERSLAG 2002 - Favv
Activiteitenverslag 2009 - Favv
Volledige versie - FAVV
Volledige versie - FAVV
Activiteitenverslag 2005