Views
4 years ago

Activiteitenverslag 2012 - Favv

Activiteitenverslag 2012 - Favv

112 Sectorale

112 Sectorale bemonsteringsplannen: diervoeder-, zuivel- en aardappelsector, en maalderijen De Europese wetgeving voorziet dat de officiële controles rekening houden met de eigen controles van de operatoren voor zover zij de risico’s op besmetting in de voedselketen kunnen verlagen. In deze optiek past het FAVV haar analyseprogramma aan op basis van sectorale bemonsteringsplannen (SBP) die garanties bieden waarbij de voedselveiligheid op een hoog niveau kan blijven. Het SBP moet aan het wetenschappelijk comité van het FAVV worden voorgelegd. Er moet rekening worden gehouden met haar advies en er moet aan bepaalde bemonsterings- en analysevoorwaarden worden voldaan. De vermindering van het aantal officiële analyses berust op risicocriteria zoals de ernst van de gecontroleerde gevaren en de blootstelling van de consument. In geval van een non-conformiteit worden corrigerende maatregelen genomen, en indien nodig wordt de meldingsplicht naar het FAVV toegepast. Diervoeders Het SBP van de diervoeders werd uitgewerkt door OVOCOM, het Belgisch platform voor de schakels in de diervoederketen. Het omvat de analyse van contaminanten, gaande van de levering van de grondstoffen tot de aflevering van mengvoeders voor dieren. De Beroepsvereniging van de mengvoederfabrikanten (BEMEFA) heeft sedert 2003 de organisatie van het SBP bij de mengvoederfabrikanten en de fabrikanten van voormengsels op zich genomen. BEMEFA stuurt regelmatig een gedetailleerd SBP naar het FAVV en de analyseresultaten. Het FAVV heeft dan ook in 2012 haar programmering verminderd voor de analyses voor de opsporing van mycotoxines (-15 %), zware metalen (-15 %) en residuen van pesticiden (-14 %) in de grondstoffen die aan de mengvoederfabrikanten worden geleverd. In 2012 heeft BEMEFA 2.043 analyses laten uitvoeren op ongewenste stoffen, verspreid over 266 producerende eenheden. Het grootste deel van de analyses gebeurde op aflatoxine B1 (524), overige mycotoxines (462), Salmonella (280), residuen van pesticiden (273), dioxines en dioxineachtige PCB’s (218) en nietdioxineachtige PCB’s (117). De aanwezigheid van Salmonella werd aangetoond in drie stalen: cacaopellen, varkensdiermeel en melkveevoeder. In twee stalen werd een gehalte aan residuen van pesticiden teruggevonden die de MRL overschreed (pirimifos-methyl in getoaste sojabonen en chloorprofam in tarwe DDGS DDGS (Dried Distillers Grains with Solubles, een bijproduct bij de productie van bio-ethanol). Er werd één non-conformiteit op aflatoxine B1 in voedermiddelen (zonnebloempitten) gedetecteerd. Daarnaast werd de richtwaarde van deoxynivalenol in varkensvoer eenmaal overschreden. De actiedrempel van polyaromatische koolwaterstoffen (PAK’s) werd vijfmaal overschreden (palmpitvetzuren en -destillaten, citruspulp en luzerne zonder direct contact met drooggassen). De resultaten overschreden echter nooit de norm voor de PAK’s. Een laatste non-conformiteit was een overschrijding van de norm op blauwzuur in lijnzaad.

Zuivelsector In het kader van de autocontrole voert de zuivelsector sinds 2006 een jaarlijkse monitoring (MONIMILK) uit, die georganiseerd wordt door de Belgische Confederatie van de Zuivelindustrie (BCZ). In 2012 werden 1.126 monsters van rauwe melk op de hoeve genomen en 497 in RMO-wagens. Hierop werden analyses uitgevoerd voor verschillende chemische gevaren (dioxines en PCB, zware metalen, ...), microbiologische gevaren (Salmonella, Staphylococcus aureus, ...) en op residuen van diergeneesmiddelen. In 5 monsters van rauwe melk die op de hoeve genomen werden, werd Listeria monocytogenes gevonden en er werden E. coli geteld in 3 monsters van rauwe melk die genomen werden op de hoeve en een besmettingsgraad hoger dan 50 kve/ml hadden. Melk van elke levering die betrekking had op deze niet-conforme resultaten heeft een warmtebehandeling ondergaan. Deze resultaten werden aan de betrokken melkveebedrijven meegedeeld met de vraag dat zij een grondige ontsmetting zouden uitvoeren zodat in de toekomst de aanwezigheid van deze bacteriën tot een minimum zou herleid worden. Een overschrijding m.b.t. de maximale residulimiet van benzylpenicilline werd vastgesteld in een monster van hoevemelk. De betrokken RMO-wagen werd naar Rendac gestuurd om de melk te vernietigen en de melkproducent werd geverbaliseerd. Aardappelsector Sinds 2005 voeren de leden van Belgapom (Belgische aardappelhandel en –verwerkende industrie) een sectoraal bemonsteringsplan uit. Dit plan schenkt zowel aandacht aan contaminanten als quarantaineorganismen en werd door het FAVV in 2011 officieel gevalideerd. De basis van dit plan is een risicoanalyse en een brede screening gedurende meerdere jaren. De resultaten van het SBP worden jaarlijks besproken met het FAVV. In 2012 werden 402 loten consumptieaardappelen geanalyseerd op CIPC (chloorprofaam) en Cd & Pb. Hiervan werden 33 stalen aan een multiresiduanalyse onderworpen, met bijzondere aandacht voor buitenlandse loten; 34 stalen van nevenstromen voor de voederindustrie (aardappelschillen, voorgebakken aardappelsnippers,…) werden eveneens op CIPC en Cd & Pb onderzocht. 3 van de onderzochte stalen consumptieaardappelen waren niet-conform voor CIPC. Alle overige resultaten waren conform. Er werden ook 169 stalen aardappelen (86 stalen consumptieaardappelen en 83 stalen pootgoed) op ring-en bruinrot geanalyseerd. In geen enkel monster werd een besmetting vastgesteld. CONTROLES OP PRODUCTEN 6 Maalderijen De Autocontrolegids voor de Maalderij (G-020) is een gezamenlijk initiatief van de Koninklijke Vereniging der Belgische Maalders (KVBM), de Maalderijvereniging en Molenaars 2000. In het kader van deze gids wordt jaarlijks een sectoraal bemonsteringsplan uitgevoerd onder de coördinatie van KVBM. Dit plan dekt zowel de ontvangen granen als de geproduceerde bloem en bijproducten en start telkens in de maand september – het moment van de ontvangst van de nieuwe graanoogst door de maalderijen – en loopt tot en met augustus van het volgende jaar. In het kader van het plan september 2011 – augustus 2012 waren er 35 deelnemende Belgische maalderijen. Van graan werden er 40 stalen genomen, van bloem 67 en van bijproducten 81. De stalen werden geanalyseerd op pesticiden, op mycotoxines, op zware metalen, op moederkoren (enkel in geval van graan), op gisten en schimmels en – in geval van bloem – op totaal kiemgetal en totale coliformen. Zowel bij granen, bloem als bijproducten waren de meest aangetroffen pesticiden chlorpyrifos-methyl, pirimifos-methyl en cypermethrin. Bij granen was er in één staal een MRL-overschrijding voor chlorpropham. Met betrekking tot mycotoxines, werd op graan, in bloem en in bijproducten enkele malen deoxynivalenol, zearalenon, en ochratoxine aangetroffen (< norm); in één staal bloem werd een MRL-overschrijding voor ochratoxine aangetoond. Voor zware metalen, werd cadmium teruggevonden in alle graanstalen en in alle stalen van bijproducten; ook in bloem werd in quasi alle stalen cadmium teruggevonden. De Cd-norm werd echter nergens overschreden. De andere zware metalen werden veel minder frequent en in lage gehalten waargenomen, zowel in granen, bloem als bijproducten. 113

Beknopte versie - Favv
Businessplan 2005-2008 - Favv
Businessplan 2012-2014 - Favv
Deel LNE-MI - Favv
Activiteitenverslag 2012 PDF - Cel voor Financiële ...
Activiteitenverslag Adoptie 2012 (1MB) - Kind en Gezin
Gewasbeschermingsmiddelen - Vade-mecum voor de ... - Favv
van de inspecteur en controleur - Favv
Activiteitenverslag 2012 (21 MB) - Vanhout
en risicoanalyse volgens de codex alimentarius - Favv
Voedselveiligheid: tot welke prijs - Favv
Activiteitenverslag 2012 (21 MB) - Vanhout
Activiteitenverslag 2012 - Buitenlandse Zaken - Belgium
Activiteitenverslag 2012 - Buitenlandse Zaken - Belgium
"FAVV activiteitenlijst"(2812 kb) (.pdf) - Favv-fin.be
BEDERF JE KAMP NIET ! - Favv
Toepassing van risico-evaluatie in de voedselketen - Favv
Milieu-inspectieplan 2012 - Lne.be
Activiteitenverslag 2009 - Favv
Activiteitenverslag 2004 - Favv
Activiteitenverslag 2005 - Favv
ACTIVITEITENVERSLAG 2002 - Favv
Activiteitenverslag 2003 - Favv